CConstaterende datMidden-Delfland
Koppel je AI →
Document · PDF

BE verslag hoorzitting 14 mei 2021.pdf

Gemeenteraad 25 mei 2021, gemeente Midden-DelflandBij agendapunt: Voorstel instemmen met RES 1.040.419 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

WarmtelinQ en WarmtelinQ plus is geheel verweven met de leveringsverplichtingen die het Warmtebedrijf Rotterdam en daarmee de provincie en Rotterdam als aandeelhouders zijn aangegaan met Vattenfall. Deze afhankelijkheid van de belangen van één marktpartij is echt onwenselijk. Het is niet duidelijk, dat is ook een probleem, of en in hoeverre de besluitvorming over het regionale warmtenet hierdoor beïnvloed is. Maar besluitvorming kan alleen op basis van een transparante en degelijke maatschappelijke kosten-batenanalyse plaatsvinden. Een tweede punt. Het is hier al eerder vandaag gezegd. De inwoners worden niet of veel te weinig betrokken bij de besluitvorming. Inwoners van Leiden wonen in wijken die mogelijk worden aangesloten op het warmtenet, dat wordt dus uitgebreid hoogstwaarschijnlijk, of dat al zijn. Aansluiting op een warmtenet heeft gevolgen achter de voordeur van hun eigen huis. Zij zijn het die het contract hebben met de warmteleverancier, de inwoners, en zij zijn daarmee direct belanghebbende. Het ligt dus voor de hand dat zij ook betrokken worden bij de besluitvorming. Dat is nu niet het geval. Dat geldt eveneens voor de regio. Ten derde. Restwarmte drukt ook andere oplossingen uit de markt. We hebben het dan over een ongelijk speelveld. De warmtevraag in onze regio is heel groot.

Het is dan ook wenselijk om zoveel mogelijk soorten bronnen van warmte te ontwikkelen, groot en klein. In een aantal wijken werken bewoners al aan lokale plannen. Deze lokale warmtebronnen moeten dan straks concurreren op kostprijs en duurzaamheid met relatief goedkope restwarmte uit Rotterdam. Op deze manier is geen project meer rendabel of financierbaar. De VOORZITTER: Mevrouw Mook, u heeft nog één minuut. Mevrouw MOOK: Prima. En verliezen we bronnen die hard nodig zijn. De aanbevelingen. Zorg dat de wijkdistributienetten open staan voor invoeding door lokale lagetemperatuurbronnen. Eis van de warmteleverancier dat hij warmte van lokale bronnen ook echt afneemt. Geef afnemers de vrijheid om alternatieve nietcollectieve warmteoplossingen te ontwikkelen, ook in gebieden waar een collectief warmtenet wordt ontwikkeld. Geef ruimte voor innovatie van de eigendomssituatie in de warmtemarkt, zodat het mogelijk is om lokale warmtebronnen en -netten in eigen beheer te ontwikkelen zonder winstoogmerk. Zorg dat het besluitvormingsproces zorgvuldiger is. En ten slotte: ontsluit de kennis en besluitvormingsstukken over de energietransitie beter. Wij moeten soms echt zeuren om stukken die er wel zijn, maar die wij niet in te zien krijgen. Dank u wel, voorzitter. De VOORZITTER: Dank u voor uw bijdrage, mevrouw Mook. Ik kijk naar de Staten. Mevrouw Hijink, gaat uw gang.

Mevrouw HIJINK (PvdA): Dank u wel, mevrouw Mook, voor uw inbreng. Ik heb wel de volgende vragen over uw zorgen over WarmtelinQ en ook het gebrek dat u constateert om de afnemers in voldoende mate te betrekken bij de besluitvorming. Ik wil allereerst zeggen: er is wel ook vanuit de provincie een motie aangenomen dat het publieke belang in de netten, in de warmtenetten, altijd een meerderheid moet hebben. Dus het mag zo zijn dat private partijen het grootste aandeel bezitten. Dus het moet in publieke handen blijven. Dus dat is wel een uitgangspunt 21

Notulen provincie Zuid-Holland

Inspraakbijeenkomst van 14 mei 2021

Inspraakbijeenkomst RES

ook vanuit de provincie. Maar kunt u wat meer vertellen over de mogelijkheden die lokale opwek en de volumes van lokale warmte-opwek zou kunnen betekenen voor de invoeding van het warmtenet? Mevrouw MOOK: Ja. Het is zo dat bekend is dat we al die lokale warmtenetten ook echt nodig zullen hebben in de toekomst. Dus die kan je eigenlijk niet overslaan. Daarnaast hebben we de zes mogelijke geothermiebronnen ten westen van Leiden en een mondeling verslag van een rapport waarin wordt gezegd dat restwarmte mogelijk niet nodig is als we die geothermiebronnen ook werkelijk krijgen. Nu zijn die geothermiebronnen niet altijd in lokaal eigendom in de zin van eigendom van warmte-initiatieven. Maar die zouden samen allemaal moeten in kunnen voeden. Over de technische kant van lage temperatuur, midden temperatuur en hoge temperatuur kan ik u verder niet helpen. Dat is een zaak die zo ingewikkeld is. Maar daar kunnen we u, als u daar meer over wilt weten, absoluut wel aan helpen. De VOORZITTER: Dank u wel. De heer Özkaya, GroenLinks. De heer ÖZKAYA (GroenLinks): Dank u wel, voorzitter. Dank ook aan Tineke Groot. Uw inbreng sluit heel erg – De VOORZITTER: Mook. De heer ÖZKAYA (GroenLinks): Ja, dat zei ik geloof ik. Excuus. De VOORZITTER: Even voor de helderheid: je zei Groot. Het is Mook. De heer ÖZKAYA (GroenLinks): Excuus. Ik bedoelde inderdaad mevrouw Mook.

Uw inbreng sluit enigszins aan bij de eerdere inbreng van de heer Oudshoorn die zich ook zorgen maakte over de ontwikkeling van lokale warmtenetten indien WarmtelinQ straks werkelijkheid wordt. Die zei ook: doe dat niet. Wat zou u de provincie nu eigenlijk willen meegeven? Dat is mijn vraag. Zegt u van: pas dit aan? Of hoor ik u ook zeggen: haal het helemaal van tafel? Of is er nog wel een manier om wel een grotere warmteleiding in het hele gebied te trekken waarbij ook warmtenetten op lokaal niveau toepasbaar blijven? De VOORZITTER: Mevrouw Mook. Mevrouw MOOK: Dank u wel, voorzitter. Doe het niet voordat, is eigenlijk de lijn van ons verhaal, het helemaal goed doorgerekend is totdat bijvoorbeeld de Algemene Rekenkamer dat echt prima, ook een maatschappelijke kosten-batenanalyse heeft gemaakt. Die concurrentiepositie, dat ongelijke speelveld waar we bang voor zijn, van de warmte-initiatieven, goed bekeken wordt. De gemeente Leiden is er echt voor om lokale initiatieven te steunen. Maar ik denk dat zij en ook misschien de provincie vreselijk onderschat wat voor fait accompli, dat is dan meervoud, er met de restwarmteleiding ontstaat. Dan zou die wel twee jaar later – of misschien vier jaar, je weet hoe het met dat soort projecten gaat – deze kant opkomen dan naar de Haagse regio. Maar er zijn veel te veel onbekende grootheden en de participatie is absoluut niet op orde.

Graag geef ik nog meer informatie schriftelijk.

De VOORZITTER: Dank u wel. Als u dat wilt toezenden, kan het uiteraard langs de griffie en dan zorgen wij dat dat in ieder geval bij de Staten terecht komt. Dank voor uw bijdrage. U kunt ons verder volgen via de webcast. We gaan naar de heer Van Zuylen, wethouder gemeente Alpen aan den Rijn, een bekend gezicht voor de Statenleden in ieder geval. De heer Van Zuylen, u heeft ook vijf minuten. Gaat uw gang. De heer VAN ZUYLEN: Dank u wel, voorzitter. Ik spreek graag met u als wethouder Duurzaamheid van de gemeente Alphen aan den Rijn en als lid van de stuurgroep van de RES Holland Rijnland. Onze regio bestaat uit dertien gemeenten, hoogheemraadschap Rijnland en netbeheerder Liander. De energietransitie draait in essentie om solidariteit. De wereldwijde solidariteit van het klimaatakkoord van Parijs, de solidariteit met de komende generaties die de gevolgen ondervinden van de opwarming van de aarde en een nationale solidariteit van het klimaatakkoord van 2019. Dit akkoord is door de Rijksoverheid, provincies, gemeenten, waterschappen en maatschappelijke partners ondertekend. De provincie Zuid-Holland is gelukkig ook onderdeel van deze solidariteit. Dit werd in 2017 ook bevestigd door haar ondertekening van het energieakkoord met de regio Holland Rijnland. Als RES-regio Holland Rijnland hebben wij in de afgelopen 1,5 jaar een zorgvuldig proces doorlopen.

We hebben een breed gedragen plan ontwikkeld om de in 2017 en 2019 vastgelegde doelen te behalen en daarmee invulling te geven aan de zo nodige solidariteit om klimaatverandering te stoppen. Met ambitieuze doelen als het gaat om energiebesparing, zon op dak en verduurzaming van de mobiliteit. Met grote inzet om te komen tot betere benutting van restwarmte uit Rotterdam, geothermie en aquathermie. En met voldoende ruimte voor de grootschalige opwek van energie door middel van windmolens en zonneweides. Uiteraard speelt bij dat laatste thema solidariteit een extra grote rol. Windmolens en zonneweides hebben een landschappelijke impact en kunnen voor overlast zorgen. Uitgangspunt is daarom dat de lusten en de lasten eerlijk over de regio worden verdeeld. Door te kiezen voor opwek langs grootschalige infrastructuur wordt zo goed mogelijk rekening gehouden met het landschap. Daarnaast zorgt een goede balans tussen wind en zon voor haalbaarheid voor het energienet en betaalbaarheid voor de netbeheerder en daarmee voor de belastingbetaler. Door vast te houden aan te stringente afspraken uit het Zuid-Hollandse coalitieakkoord, die windmolens en zonneweides in het Groene Hart zo goed als uitsluiten, komt de solidariteit in de regio Holland Rijnland ernstig onder druk te staan.

Wij vinden het niet acceptabel dat opwek eenzijdig zou worden geconcentreerd in de overige delen van onze regio met bijvoorbeeld de waardevolle bollenvelden of het prachtige kustlandschap. Wij roepen de Staten daarom op niet het hele grondgebied van het Groene Hart uit te sluiten, maar juist samen te zoeken naar mogelijkheden, waarbij de ruimtelijke kwaliteit zo goed mogelijk wordt gewaarborgd. De provinciale adviseurs ruimtelijke kwaliteit, de PARK’s, hebben daarvoor met hun advies over grootschalige opwek in het Groene Hart al een goede aanzet gedaan. Het aan u toegestuurde concept van de RES voldoet naar onze mening ook goed aan dit uitgangspunt. Op die manier voeren we een kwalitatieve dialoog 22

Notulen provincie Zuid-Holland

Inspraakbijeenkomst van 14 mei 2021

Inspraakbijeenkomst RES

in plaats van een door u provincie gehanteerde botte bijl. Concluderend, voorzitter, het stoppen van klimaatverandering vraagt om solidariteit en geven en nemen. Help ons deze gezamenlijke uitdaging tot een goed einde te brengen met een open en constructieve houding. Dank u wel, voorzitter. De VOORZITTER: Dank u wel voor uw bijdrage. Ik zie een vraag van mevrouw Nelisse. Mevrouw Nelisse, gaat uw gang, VVD. Mevrouw NELISSE (VVD): Dank u wel, voorzitter. De heer Van Zuylen, bent u het met mij eens dat de landelijke doelstelling 35 TWh opwekken is en dat er aan de regio’s is gevraagd wat wij kunnen opwekken? Dus dat betekent niet dat het ene gebied per se mee moet doen, omdat het andere gebied ook wat doet en vice versa. Bent u dat met mij eens? De VOORZITTER: De heer Van Zuylen. De heer VAN ZUYLEN: Dank u wel, voorzitter. Ik ben het in zoverre ermee eens dat die landelijke doelstelling er is. Maar het uitgangspunt binnen onze regio, ook vanuit het akkoord dat in 2017 is gesloten, is wel dat ook in onze regio voldoende bijgedragen wordt aan die doelstelling. En ik denk dat er ook heel veel goede argumenten voor zijn. Bijvoorbeeld dat de opwek van energie en het verbruik van energie ook zo dicht mogelijk bij elkaar moeten liggen en ook de netefficiëntie. Dus wat ons betreft is het daarom ook heel erg van belang dat ook in onze regio voldoende opwek plaatsvindt.

Mevrouw NELISSE (VVD): Voorzitter, graag een vervolgvraag. De VOORZITTER: Dank u wel. Een aanvullende tweede vraag. Gaat uw gang. Mevrouw NELISSE (VVD): Ik ben in de veronderstelling dat het akkoord van 2017 een inspanningsverplichting is en niet een resultaatsverplichting. Ik kan me zomaar voorstellen dat met nieuwe inzichten daar nog eens naar gekeken zou kunnen worden. U geeft aan dat een uitgangspunt is dat daar waar het gebruik plaatsvindt, idealiter ook de opwek plaatsvindt. Maar dat is natuurlijk eigenlijk een onmogelijke exercitie in een heel dichtbevolkt gebied waar ook grote uitdagingen zijn op het gebied van wonen, werken en verkeer en vervoer. Bent u dat met mij eens? De VOORZITTER: De heer Van Zuylen, gaat uw gang. De heer VAN ZUYLEN: Dank u wel, voorzitter. Met dat laatste ben ik het sowieso niet eens. Want het gaat er daarbij juist heel erg om welke keuzes je maakt. En wat de provincie Zuid-Holland doet, is voor het gebied het Groene Hart, waar natuurlijk juist relatief veel ruimte is, eigenlijk categoriaal te zeggen: daar mag geen opwek plaatsvinden. Daardoor creëer je juist je eigen probleem. Dat is eigenlijk onze stelling. De VOORZITTER: De heer Van de Breevaart, ChristenUnie-SGP. De heer De Haan, mag ik u verzoeken uw camera nog even uit te zetten? Dank u wel. De heer Van de Breevaart, gaat uw gang.

De heer VAN DE BREEVAART (ChristenUnie-SGP): Dank u. Ik was even benieuwd. Ik hoor best wel ook in Holland Rijnland dat in gemeenten er onvoldoende inspraak is geweest, dat gemeenten onderling het nog niet met elkaar eens zijn. Maar u noemde net dat er een zorgvuldig proces is gelopen met een soort eenduidige visie. Hoe kunt u dat met elkaar in verhouding aangeven? De VOORZITTER: De heer Van Zuylen. De heer VAN ZUYLEN: Dank u wel, voorzitter. Ik denk dat in geen enkele regio er 100 procent overeenstemming is over de energietransitie. Maar er is uitgebreid natuurlijk gesproken tussen de gemeenten. Wat er voorligt, is ook duidelijk een compromis wat dat betreft. Er is ook een uitgebreid participatieproces geweest. Het is natuurlijk wel duidelijk dat dit ook nog maar het begin is als het gaat om de Regionale Energiestrategie en ook om het participatietraject en ook het gesprek dat we met elkaar moeten voeren. Maar er is een heel zorgvuldig proces met elkaar geweest dat tot dit voorstel heeft geleid. De VOORZITTER: Dank u wel voor uw bijdrage. Er zijn verder geen vragen meer vanuit de Staten. U kunt ons blijven volgen via de webcast. Ik wens u alvast een heel prettig weekend. We gaan nu naar de heer Kindt. De heer Kindt spreekt namens de belangenvereniging Zwammerdam. De heer Kindt, u heeft ook vijf minuten. Gaat uw gang.

De heer KINDT: Goedemiddag, voorzitter, Statenleden en toeschouwers. De kleine kern Zwammerdam maakt onderdeel uit van de gemeente Alphen aan den Rijn. Dus in die zin sluit mijn verhaal in de tijd gezien althans aan op dat van onze wethouder, de heer Van Zuylen. Maar qua inhoud staat het er diagonaal tegenover. Inwoners van Zwammerdam worden genaamd Dammenaren. Als Dammenaren komen we vaak mensen tegen die geen idee hebben waar ons dorp ligt of van bekend is. Waar kent u Zwammerdam van? Het antwoord op de vraag ‘waar kent u Zwammerdam van?’ wekt steevast een glimlach op. Waarom? Zwammerdam is bekend van de Jostiband. En dat is niet heel vreemd, als je bedenkt dat in Zwammerdam veel mensen met een beperking wonen bij de instelling Ipse de Bruggen. Het zijn mensen met bijzondere kwaliteiten, zoals ook wel duidelijk is als je een keer een concert van de Jostiband bijwoont. Het zijn ook mensen die kwetsbaar zijn, die soms begeleiding en bescherming nodig hebben om te kunnen floreren. De meeste cliënten van Ipse de Bruggen in Zwammerdam wonen daarom op de Hooge Burch, een landgoed dat die bescherming en rust biedt. De Hooge Burch ligt direct ten noorden van de N11. Recentelijk is daar een workhome-complex bijgekomen in een open gebied op de grens tussen Alphen en Bodegraven. Maar we zijn hier vandaag natuurlijk niet om te praten over de Jostiband.

We zijn hier om te praten over de keuzes die gemaakt zijn door twee regio’s: Midden Holland en Holland Rijnland in hun energiestrategie. Regio’s die aan elkaar grenzen bij Zwammerdam en die beide het gebied direct ten zuiden van de N11 kansrijk zien voor windmolens, kolossen, ik hoef het u niet te vertellen, van meer dan 200 meter, en zonnevelden. Een gebied waar ter compensatie van de N11 23

Notulen provincie Zuid-Holland

Inspraakbijeenkomst van 14 mei 2021

Inspraakbijeenkomst RES

een natuurgebied is aangelegd van Bodegraven tot aan Zoeterwoude, de Elfenbaan, en waar nu veel vogels hun plek hebben gevonden. Een gebied waar een hogedrukgasleiding doorheen loopt die ter hoogte van Zwammerdam half boven de grond ligt en waarvan de dodelijke zone half Zwammerdam bestrijkt. Een gebied waar dankzij de loop van de Rijn sinds de tijd van de Romeinen veel kleinschalige bedrijvigheid is. Een rijke geschiedenis, zichtbaar in het landschap, in de oude kern van ons dorp Zwammerdam en in de omgeving. Een gebied op slechts 1 á 2 kilometer van kroonjuweel Aarlanderveen en op nog kortere afstand van het Natura 2000-gebied de Nieuwkoopse Plassen. Als we praten over kansrijk voor windmolens en zonnevelden, zijn dan al deze unieke eigenschappen van dit gebied en haar inwoners meegenomen? Is dan het risico van het samenkomen van een hogedrukgasleiding en het extra risico van windmolens meegeteld in de risicoanalyse, zeker als je bedenkt dat 25 procent van de inwoners van Zwammerdam niet zelfredzaam is? Is meegenomen wat de gezondheidsrisico’s zijn voor deze kwetsbare groep en andere inwoners van het gebied? Is dan meegeteld dat natuurgebieden verbindingen vormen voor dieren en dat met name vogels gebieden mijden met windmolens? De VOORZITTER: U bent klaar met uw betoog, de heer Kindt? De heer KINDT: Nee.

Zijn dan cultuurhistorische waarden meegeteld van dit gebied? Passen grootschalige industriële installaties en de bijgaande investeringen in een gebied dat gekenmerkt wordt door kleinschalige bedrijven? De VOORZITTER: U heeft nog één minuut. De heer KINDT: Wat heeft dat voor effect op economische verhoudingen, de onderliggende energie-infrastructuur? En waarom zoveel energie opwekken in een gebied dat die behoefte niet heeft? Wij missen al deze aspecten in de afwegingen die beide energieregio’s maken. Waarom bent u niet vroeg in het proces de echte dialoog aangegaan met burgers in dit gebied en via welke democratische mechanismen kunnen wij nu nog invloed hebben? De digitale enquête die in Holland Rijnland maar 3.000 respondenten heeft opgeleverd, en in onze eigen gemeente Alphen aan den Rijn een schamele vijf, kende een verbijsterend zwakke en gestuurde opzet en dus een zeer gekleurde uitkomst die naar onze mening op geen enkele wijze de opvatting van de inwoners laat zien. Wij gaan onze inwoners nu zelf deur voor deur langs om te vragen wat zij vinden van deze ontwikkeling. Wat ons betreft maken we een pas op de plaats om met een breder perspectief te kijken naar deze ontwikkeling waarin burgers vroeg in het proces meegenomen worden. Maak van het Groene Hart geen lappendeken.

Met de toenemende verstedelijking is het juist belangrijk om plekken te hebben die open zijn, die ruimte bieden voor natuur, specifieke bevolkingsgroepen, recreatie en kleinschaligheid. Ik dank u voor de mogelijkheid hier te hebben ingesproken. De VOORZITTER: Graag gedaan. Ik kijk even naar de Statenleden of zij nog een aanvullende vraag voor u hebben. Zij hebben zich nu nog niet gemeld. Dat is niet het geval. Dank voor

uw bijdrage. U weet het, u kunt ons blijven volgen via de webcast van deze provincie. Dank u wel nogmaals. De heer De Haan van Engie, u heeft ook vijf minuten. De heer De Haan, gaat uw gang. De heer DE HAAN: Goedemiddag. Ludo de Haan van Engie. Ik heb voor de structuur even een paar sheets op Powerpoint. Die deel ik even met mijn scherm als dat mogelijk is. Als het goed is, kunnen jullie mijn scherm zien. De VOORZITTER: Zeker. De heer DE HAAN: Ik ben hier namens Engie om het belang van lokale duurzame opwek landelijk, maar meer specifiek even vanuit de gebiedsopgave van Alphen, onder de aandacht te brengen. Wat wij vanuit Engie steeds meer zien als energiebedrijf, installatiebedrijf, is dat netcongestie en de uitbreiding van diverse ontwikkelingen toch wel last krijgen vanuit netcongestie. Wat we terugpakken vanuit die duurzaamheid, is dat we een klimaatakkoord hebben en vanuit het klimaatakkoord worden allemaal RES’en ontworpen. Die monden uiteindelijk uit in allerlei omgevingsplannen per gemeente. Wat je ziet, is toch wel de worsteling die wij ook ervaren vanuit diverse gemeenten over de grootschalige zonPV-opwek en wind. Al deze termen zijn denk ik jullie allen wel bekend.

Nogmaals, wat even van belang is, wat wij dus zien, en ook vanuit Netbeheer Nederland is daar aandacht voor gegeven, is dat er in Nederland en op diverse plekken, hotspots in Nederland, toch wel echt problemen zijn. Zelf ben ik ook betrokken in de regio Amsterdam. Maar nu ook in Alphen, waarin je gewoon ziet dat ontwikkelaars en ondernemers toch graag willen uitbreiden. Nu ook vanuit de economie, dus dat die mogelijkheden worden geboden. Alleen, dat stagneert. Waarom stagneert het? Omdat er gewoon geen netcapaciteit is vanuit de netbeheerder om die ontwikkeling te gaan verspoedigen, te kunnen aansluiten. Dat resultaat in uiteindelijk een stagnatie van die ontwikkelingen en dus geen economische doorgroei voor dat soort ondernemers en/of ontwikkelaars. Binnen Engie zijn we ook bezig om daar echt vanuit visieniveau oplossingen voor te bedenken. Die zijn er. Alleen dan is het toch wel heel erg van belang om het lokaal op te lossen. Wat we nu zien, we hebben nu dus een probleem op een aantal plekken in Nederland, maar dat wordt alsmaar meer en meer en groter en groter. Wat we dus merken, als je dus zoveel mogelijk lokaal duurzaam opwekt, dat kan dus zijn vanuit zonPV op de daken of op het land, of wind, wat ook een hele mooie oplossing is, parallel daaraan om de inzetbaarheid van een accu, wat je ziet bij zonnepanelen als bij wind.

Als je die kan combineren, heb je een enorm goed profiel wat aansluit op de behoefte. Als je dat ook nog kan combineren met een stukje storage, dus een stukje batterij waarin je energiemanagement kan gaan doen, dus echt vraag en aanbod meer gaan sturen, dan kan je redelijk autonoom opereren, los van de problemen vanuit de netbeheerder. Wij hebben dat nu op een paar plekken gedaan. We zijn dat aan het onderzoeken en we zien ook echt dat het kan gaan werken. Alleen is nogmaals die lokale duurzame opwek gewoon heel erg nodig. Wat we specifiek in Alphen zien, is dat wij – zogenaamd heet dat LEC Alphen, Local Energy Community. Daar zijn wij met een best groot aantal ondernemers in gesprek om te gaan kijken hoe we lokaal 24

Notulen provincie Zuid-Holland

Inspraakbijeenkomst van 14 mei 2021

Inspraakbijeenkomst RES

opwekking met een stukje batterij kunnen verzorgen, dus dat wij wel kunnen uitbreiden. Dan gaat het met name over het bedrijventerrein ITC/PCT. Zoals je ook al ziet in het Netbeheerders Nederland-plaatje is er best een probleem rondom dat gebied. We zijn al een tijdje in gesprek met die ondernemers en ook met de gemeente om hier een oplossing voor te bieden. Die is er. Echter is het nogmaals van belang dus dat die lokale opwekking er is. Met name ook voor wind. Wij hebben destijds ook een verzameling gemaakt en een brief verstuurd naar de provincie.

de uitbreiding van bedrijven, dus meer panden, meer bedrijfsloodsen, meer productiehallen om het even plat te zeggen. Die hebben een extra energievraag en dat kan niet aangesloten worden op de lokale energie-infrastructuur, omdat daar gewoon simpelweg geen capaciteit is vanuit Liander. Dat stagneert dus de verdere ontwikkeling voor bedrijven en voor ontwikkelaars. Het zijn gebiedsontwikkelingen ook. Daarom is juist die lokale opwek en het lokaal consumeren daarvan essentieel om alsnog te gaan uitbreiden en opnieuw te ontwikkelen. De VOORZITTER: Dank u wel.

De VOORZITTER: De heer De Haan, u heeft nog één minuut. De heer DE HAAN: Ja, dan ga ik mooi afronden. We hebben een brief verstuurd naar de provincie. Dat is medio januari geweest met ook een ondertekening van een aantal ondernemers dat het belang van lokale opwek voor deze ondernemers voor verdere uitbreiding echt nodig is. We merken ook een behoorlijke bereidwilligheid bij de ondernemers. Dus nogmaals, het belang specifiek hier in Alphen, maar we zien het ook landelijk, over die lokale opwek, dat het echt van belang is voor de economische groei voor de ondernemers en de ontwikkelaars. Dat was mijn verhaal. De VOORZITTER: Dank u wel, de heer De Haan. Mijn vraag is wel of u deze presentatie die u net in beeld heeft gebracht, misschien even door kunt sturen naar de griffie, zodat we hem ook kunnen verspreiden onder de Statenleden. Zijn er Statenleden die een vraag hebben? Ik denk dat uw bijdrage helder was. Toch nog een vraag. Mevrouw Hijink, gaat uw gang. Mevrouw HIJINK (PvdA): Dank u wel, voorzitter. Ik moet snel zijn, anders is mijn beurt voorbij.

Wat verwacht u nu dat de provincie doet? Als ik uw verhaal hoor, kunt u wat duidelijker aangeven wat u exact aan de provincie vraagt hiermee? De heer DE HAAN: Ik zie met name als het gaat over windopwekking, zie ik dat het in de RES’en de ene keer er wel in zit, de andere keer zit het er niet in en wordt het niet lokaal opgelost, maar wordt meer gesproken over wind op zee. Dus ik denk dat daar duidelijkheid vanuit de provincie moet komen dat in ieder geval wind lokaal in dit geval dus bij Alphen dat dit zou gaan helpen. Dus zet het alsjeblieft in de Regionale Energiestrategie. De VOORZITTER: De heer Van de Breevaart, ChristenUnie-SGP en mevrouw Hijink was van de PvdA. De heer Van de Breevaart, gaat uw gang. De heer VAN DE BREEVAART (ChristenUnie-SGP): Dank u. Even voor mijn beeldvorming een verduidelijkingsvraag. Volgens mij koppelt u nu de lokale opwek van energie aan positieve effecten voor het bedrijfsleven. Kunt u dat iets nader uitleggen, hoe dat verband dan zit en waarom dat zo zou zijn? De VOORZITTER: De heer De Haan. De heer DE HAAN: Ja, dat kan ik. Wat je ziet bij ondernemers, bedrijven, ontwikkelaars ook die vastgoed willen uitbreiden of bij

De heer VAN DE BREEVAART (ChristenUnie-SGP): Mag ik nog een vraag stellen, voorzitter? De VOORZITTER: U heeft nog een aanvullende vraag? Een korte aanvullende vraag. Gaat uw gang. De heer VAN DE BREEVAART (ChristenUnie-SGP): Zeker. Dank. Ik snap dan nog even het verband niet tussen waarom dan wel bij wijze van spreken een windmolen waar dan ook een nieuw net voor moet komen en bij wijze van spreken niet een ringleiding op zo’n bedrijventerrein, zodat zij onderling de opties kunnen benutten, want volgens mij zijn die daar in die regio ook zeker. De VOORZITTER: De heer De Haan. De heer DE HAAN: Ja, maar alleen dat is onvoldoende. Dat is onvoldoende als je kijkt naar de energievraag. Dus er is wel wat bekend en mogelijk als je het hebt over bijvoorbeeld lokale opwekking vanuit de ondernemers zelf en het eventueel over te dragen met een ringleiding, maar dat is verreweg onvoldoende om echt autonoom door te ontwikkelen. Dus heb je extra opwekking nodig. Dat kan je zoeken met zonPV. Maar dat blijkt ook nog onvoldoende te zijn. Wil je echt verder gaan ontwikkelen, heb je echt nog een windmolen nodig en dat is gewoon energetisch maar ook qua ruimtebeslag, is dat zeer interessant zeg maar. De VOORZITTER: We gaan naar de heer Kastelein van het CDA. De heer KASTELEIN (CDA): De heer De Haan, u triggert mij een beetje door die stelling. Want ik woon ook in dit gebied.

Wij hebben op dit moment veel meer problemen om onze duurzaam opgewekte energie weg te krijgen. Dat heeft natuurlijk ook met de capaciteit van het net te maken. Alleen, u vliegt hem aan vanuit: er zijn ontwikkelingen die energie gaan vragen en het net kan het niet aan. Wij constateren dat we energie willen leveren en we kunnen het niet kwijt. De VOORZITTER: De heer De Haan. De heer DE HAAN: Dat is precies hetzelfde euvel. Want met teruglevering als levering ga je gebruikmaken van het net. Alleen de truc of in ieder geval de kunst is dat je de lokale opwekking ook direct lokaal consumeert, dan heb je geen afhankelijkheid met de netinfrastructuur van in dit geval Liander. En als jij inderdaad een zonnepaneel of een windmolen alleen laat terugleveren over het net, dan heb je dezelfde gevraagde transportcapaciteit nodig als 25

Notulen provincie Zuid-Holland

Inspraakbijeenkomst van 14 mei 2021

Inspraakbijeenkomst RES

wanneer je het van het net trekt. Nu omzeil je eigenlijk het net door lokaal met een ringleiding te distribueren. Dat is het wezenlijke verschil. De heer KASTELEIN (CDA): Maar het legt dan toch niet de opdracht veel meer het net te verbeteren? De heer DE HAAN: Ook. Alleen, als je kijkt naar Liander zowel landelijk als lokaal, dan zie je dat zij in ieder geval voor de komende vijf tot acht jaar dit probleem niet hebben opgelost. Sterker nog, Netbeheer Nederland landelijk voorziet dat dit veel erger gaat worden. En dus zien wij ook in participaties dat Liander heel erg enthousiast wordt van dit soort initiatieven. Omdat dit bijdraagt aan het netprobleem. Dus enerzijds hebben ze dit soort oplossingen nodig en anderzijds moeten zij, en dat doen zij ook, verder weg gaan investeren in het uitbreiden of het updaten van het net. Alleen, dat is niet tussen nu en drie jaar geregeld. Daar gaat echt jaren overheen. De VOORZITTER: Dank u wel voor uw bijdrage. Misschien kunt u uw camera even terugzetten, want uw presentatie staat nog steeds in beeld. Dat had ik eerder kunnen vragen trouwens. De heer Özkaya, gaat uw gang, GroenLinks. De heer ÖZKAYA (GroenLinks): Ja, het is toch wel even een nieuw inzicht voor mij. Dank, voorzitter, overigens. De inbreng van de heer De Haan op deze manier. Als ik het goed begrijp, dan gaat het dus eigenlijk over het samenbrengen van vraag en aanbod.

U zegt eigenkijk: heb daar oog voor, provincie, binnen de kaders van deze RES, voor zover dat mogelijk is. Maar als ik het goed begrijp, stipt u dus eigenlijk het belang van warmtenetten aan voor een bredere aansluiting van vraag en aanbod in een bepaald gebied. Dat is eigenlijk ook wat ik uit deze discussie leer. Snap ik het zo goed of is dat niet precies wat u brengt? De VOORZITTER: De heer De Haan, gaat uw gang. De heer DE HAAN: Het gaat hier specifiek niet over warmte, maar over elektriciteit. De heer ÖZKAYA (GroenLinks): Sorry, elektriciteit bedoel ik. Nee, elektriciteit, daar gaat het om. De heer DE HAAN: Ja. Het gaat hier inderdaad over vraag en aanbod, om zaken nauw op elkaar af te stemmen. Dat doe je door lokaal op te wekken met een batterij, balanceren en daarmee ontlast je eigenlijk de netinfrastructuur. Dat zien we op meerdere plekken, dat dat gewoon een probleem geeft. Maar ook dat er heel veel bedrijven waaronder Engie zich bemoeien met een soort oplossing daarvoor. De heer ÖZKAYA (GroenLinks): Ik vraag dit en daar zou ik dan ook graag een antwoord van u willen hebben, want u bent toch een beetje deskundig op dit gebied denk ik zo maar even. We hebben het al vaker in politiek verband over die landelijke ambitie van 35 TWh en die is er in elektriciteitsopwek. Maar dan is het ook belangrijk om daar regionaal je bijdrage aan te leveren.

Maar het is dus niet zo makkelijk dat we kunnen zeggen: ja, doe dat maar

allemaal ergens anders en het maakt niet uit waar het allemaal gebeurt. Het maakt juist wel uit en als ik het goed begrijp, is het van belang om dat op regionaal niveau op elkaar te laten aansluiten. De VOORZITTER: Omwille van de tijd, de heer Özkaya, was dit uw laatste vraag. De heer De Haan, gaat uw gang. De heer ÖZKAYA (GroenLinks): Mijn vraag is: klopt deze redenatie? De heer DE HAAN: Wat wij dus inderdaad zien, is landelijk. Kijk, het kaartje van Netbeheer Nederland geeft uitstekend weer waar het eventueel wel mogelijk zou kunnen zijn. Dus dan kun je zeggen: we gaan daar vanuit de provincie gebieden in bestempelen als zijnde daar kunnen we maximaal terugleveren aan het net en daar kunnen inderdaad windmolens ontstaan. Maar kijk je naar de roodgekleurde gebieden, dan moet je daar eigenlijk zeggen: we gaan het daar ook oplossen. Dus daar moet je eigenlijk die opwekking en niet zozeer die teruglevering, want dat kan dus niet, maar het terugconsumeren in het gebied moet je gaan pretenderen. De VOORZITTER: Dank u wel voor uw bijdrage. Ook de heer Özkaya voor zijn vraag. De heer De Haan, dank. En nogmaals graag uw presentatie even doorsturen naar de griffie, dan zorgen wij dat het bij de Staten terechtkomt. Dank u wel voor uw bijdrage en u kunt ons blijven volgen via de webcast. De heer Beekhuizen, namens de vereniging open landschap.

De heer Beekhuizen, u heeft uiteraard ook vijf minuten. U zit heel dicht op het scherm als ik het goed zie. Ik hoop dat het goed gaat. Gaat uw gang, we gaan het proberen. De heer BEEKHUIZEN: Goedemiddag. Mijn naam is Willem Beekhuizen. Ik spreek namens een groep verontruste bewoners van het dorp Langeraar in de gemeente Nieuwkoop in het Groene Hart en namens de vereniging tot behoud van het open landschap van Kaag en Braassem en omstreken. Wij vinden de stuurgroep RES Holland Rijnland een ondemocratisch orgaan, want niet gekozen. Ambtenaren en bestuurders hebben plannen gesmeed waar wij als inwoners van het Groene Hart geen invloed op hadden, maar die wel een enorme impact op onze leefomgeving hebben. Ik vraag vijf minuten van uw aandacht voor twee van deze plannen, een over windturbines en een over zonnevelden. Er zijn nog steeds plannen voor de windturbines langs de N207 in het Kaag en Braassemse deel van de Vierambachtspolder, zoals we net gehoord hebben. De voorstanders willen de N207 tot grote infra bombarderen om zodoende plaatsing van grote windturbines te rechtvaardigen. Maar de N207 is geen grote infra. Het is geen snelweg. Het is een tweebaansweg met een busstrook, door het Groene Hart, met aan weerszijden prachtig uitzicht over de polders.

U, de provincie Zuid-Holland, heeft de Vierambachtspolder, een oude polder uit 1768, zelf aangemeld voor de Canon van het Nederlandse landschap. Achttien jaar geleden heeft onze vereniging met uw voorgangers gesproken over windturbines op dezelfde locatie. Op 3 oktober 2003 hebben Provinciale Staten bij amendement de N207 als zoeklocatie geschrapt. Dat standpunt heeft u sindsdien vastgehouden. Wij 26

Notulen provincie Zuid-Holland

Inspraakbijeenkomst van 14 mei 2021

Inspraakbijeenkomst RES

hopen dat u als provincie blijft volharden in uw standpunt dat windturbines niet in het Groene Hart thuishoren. Uit veel nieuw medisch onderzoek, dat ik als gepensioneerd arts nauwkeurig volg, blijkt overigens dat er wel degelijk gezondheidsschade optreedt als windturbines te dicht bij woningen geplaatst worden. Internationaal wordt als minimale afstand tien maal de tiphoogte aangehouden. In de toekomst zal ook die afstand verruimd worden. De locatie N207 is ook daarom dus onmogelijk. Het tweede punt is het feit dat de gemeente Nieuwkoop haar deel van de Vierambachtspolder als een kansrijk zoekgebied heeft aangemerkt voor aanleg van grootschalige zonnevelden. Dit gebied G, pal op de grens met de buurgemeente Kaag en Braassem staat niet als zodanig in de concept-RES en evenmin in het PARK-advies voor het Groene Hart, maar is blijkbaar door de gemeente Nieuwkoop zelf vanuit het participatieproces ingebracht, en dat neemt u over in uw Statenvoorstel van 20 april. Maar hoewel de gemeente Nieuwkoop haar best heeft gedaan om burgerparticipatie van de grond te krijgen, heeft deze volledig gefaald. Corona speelt een rol natuurlijk, maar mag geen excuus zijn voor het ontbreken van draagvlak. Ook de argumenten voor de keuze van de Vierambachtspolder zijn gezocht en onjuist. Het is kleigrond en er is geen synergie met andere opgaven, zoals bodemdaling en stikstofemissie.

Ook zonder zonnecollectoren neemt de biodiversiteit in de weides al onrustbarend af. De Vierambachtspolder is een mooie, weidse polder met vruchtbaar akkerland dat ook intensief gebruikt wordt. Er is ook veel natuur met wandel- en wielrenroutes en een vaarroute over de Leidse Vaart die uitkijkt over deze polder. Bewoners in en rondom deze polder hebben op 23 februari een petitie aangeboden aan twee wethouders van Nieuwkoop waarin zij aangeven geen zonnevelden in deze Groene Hartpolder te willen. 237 mensen plus de dorpsraad Rondom de Plassen hebben deze petitie binnen een week getekend. Het viel op dat bijna niemand van deze 237 mensen wist van enige RES of dat hun polder als kansrijk voor grootschalige zonnevelden zou worden aangemerkt. Men voelde zich overvallen. De VOORZITTER: De heer Beekhuizen, u heeft nog één minuut. De heer BEEKHUIZEN: Ja, dat moet lukken. Een bewijs te meer dat de burgerparticipatie in Nieuwkoop volledig heeft gefaald. In de petitie en ook in vele brieven van burgers en de dorpsraad werd in januari al de gemeente gevraagd het PARK-advies te volgen om verrommeling van het landschap tegen te gaan. Onder meer van een wethouder hoorden we dat het PARK-advies te laat was gekomen om in het RES-proces mee te nemen. Ook uit andere gemeenten kwamen dit soort geluiden. Alsof men niet inzag dat het PARK-advies er niet eerder kon zijn.

De opstellers moesten immers wachten tot de verschillende niet-samenhangende en rommelige RES’en bekend waren geworden. Wij hebben de gemeente herhaaldelijk gevraagd om voor de online participatiebijeenkomsten het PARK-advies op de gemeentesite te zetten, zodat burgers er kennis van konden nemen. Dat is niet gebeurd helaas. Pas onlangs is als mosterd na de maaltijd het PARK-advies online gezet. Tot onze stomme verbazing werd bij de terugkoppeling van deze gebrekkige participatie op de website gesteld dat er een voorzichtige acceptatie van zonnevelden is en dat de Vierambachtspolder een zoekgebied blijft voor

grootschalige zonnevelden. En dat terwijl er, kort daarvoor, een petitie met 237 handtekeningen tegen, met steun van de dorpsraad is aangeboden. Onbegrijpelijk. Ik rond af. Wij vragen de provincie kaders te stellen en haar bovengemeentelijke en bovenregionale verantwoordelijkheid te nemen om de regie terug te pakken en de inwoners van het Groene Hart te beschermen tegen colleges en ambtenaren die in hun ijver de eigen puzzeltjes op te lossen het Groene Hart verkwanselen. Wij vragen de provincie de zonneladder aan te houden en erop toe te zien dat het PARK-advies wordt gevolgd, waarmee op verstandige wijze evenveel energie kan worden opgewekt maar dan met respect voor en behoud van het unieke en beschermwaardige karakter van het Groene Hart. Dank u wel. De VOORZITTER: Dank u wel voor uw bijdrage. U heeft een vraag van mevrouw Nelisse van de VVD. Mevrouw Nelisse, gaat uw gang. Mevrouw NELISSE (VVD): Dank u wel, voorzitter. Ik heb het misschien niet helemaal begrepen, maar beluisterde ik goed dat u spreekt over een initiatief dat niet in de RES 1.0 is opgenomen? De VOORZITTER: De heer Beekhuizen, gaat uw gang. De heer BEEKHUIZEN: Nee, het was niet in een concept-RES opgenomen. De concept-RES. Het is later door de gemeente Nieuwkoop zelf in de RES 1.0 geplaatst. Nieuwkoop heeft een beetje een eigen koers gevaren daarin. Dat staat dus ook helemaal niet in het PARK-advies.

Mevrouw NELISSE (VVD): Dank u wel, Duidelijk. Dank u wel voor uw toelichting. De VOORZITTER: Dank voor uw vraag. Zijn er nog andere vragen van de zijde van de Staten? Dat is niet het geval. De heer Beekhuizen, dank voor uw bijdrage. U heeft het al een paar keer gevolgd denk ik. U kunt ons blijven volgen via onze webcast en alvast een goed weekend toegewenst. De heer Pieterse, namens de dorpsraad Rondom de Plassen. De heer Pieterse, u heeft het woord. En uiteraard, ook voor u geldt: u heeft vijf minuten. De heer PIETERSE: Ik ben duidelijk te verstaan? Prima. Mijn naam is Michel Pieterse. Ik ben secretaris van dorpsraad Rondom de Plassen. Onze dorpsraad vertegenwoordigt 202 gezinnen uit de dorpskernen Papenveer en Langeraar van de gemeente Nieuwkoop. Alvast bedankt voor de gelegenheid om het woord tot u te mogen richten over de RES 1.0, een heel belangrijk thema wat betreft de toekomst van ons en onze kinderen. Vanuit de dorpsraad hebben wij op 14 februari 2021 een brief gestuurd naar het college van B&W van de gemeente Nieuwkoop waarin wij onze bedenkingen hebben uitgesproken over de manier waarop de RES 1.0 tot stand is gekomen en vooral op de manier waarop er vorm aan gegeven wordt. Graag wil ik u hier deelgenoot van maken.

Bij de eerste presentatie van de RES werden al direct kanskaarten gepresenteerd voor windturbines en zonnevelden wat veel weerstand opriep bij diverse groepen burgers. Hierdoor is een constructief overleg niet meer mogelijk. De vraag of burgers 27

Notulen provincie Zuid-Holland

Inspraakbijeenkomst van 14 mei 2021

Inspraakbijeenkomst RES

soms alternatieven zouden weten voor zonnevelden en windturbines heeft tot gevolg gehad dat er locaties werden genoemd steeds bij iemand anders in de achtertuin. Dit heeft tot gevolg dat er grote verdeeldheid wordt gezaaid onder de burgers en verschillende buurten tegen elkaar werden opgezet. Het is niet voor niets dat er diverse petities en protestbrieven bij de gemeente Nieuwkoop zijn ingediend. Bovendien werd er tijdens de diverse digitale bijeenkomsten steeds gedreigd dat als wij er met elkaar niet uit zouden komen, de provincie locaties aan zou gaan wijzen voor zonnevelden en windturbines. Dan zouden we er helemaal geen invloed meer op hebben. De enquête die digitaal ingevuld kon worden, was heel sturend opgezet. Er werd alleen keuze gegeven tussen zonnevelden en windturbines. Je kon niet eens tegen stemmen, terwijl er op dit moment toch heel veel andere vormen van alternatieve energieopwekking voor handen zijn. Dat is niet wat je noemt participatie. Bovendien is de enquête door slechts 2 procent van de burgerbevolking ingevuld. Dat noem ik ook niet representatief. Het blijkt dat de digitale snelweg toch nog lang niet door iedereen wordt bewandeld. Natuurlijk moet ik wel zeggen, heeft de gemeente Nieuwkoop haar best gedaan om burgers op te roepen om de enquête in te vullen en deel te nemen aan de digitale bijeenkomst, maar helaas met beperkte belangstelling.

In november 2020 is er al een rapport verschenen van de samenwerkende PARK’s van de provincies Zuid-Holland, Utrecht en Noord-Holland, u ongetwijfeld bekend. Deze informatie werd niet vooraf gedeeld, maar is ons toevallig onder ogen gekomen. Ook na herhaaldelijk aandringen is deze informatie niet gedeeld, maar pas bij het verschijnen van de eerste concept-RES. Gevolg is dat iedere gemeente nu apart een plan gaat uitwerken, terwijl het natuurlijk veel verstandiger is om het Groene Hart als één geheel te zien. Het is onbegrijpelijk en niet te verkroppen dat dit rapport in zijn geheel buiten beschouwing lijkt te zijn gebleven. Het lijkt wel alsof de gemeenten de provincies op deze manier buiten spel wil zetten. Vooral de natuur en gezondheid van de burgers van de gemeente Nieuwkoop staan al onder druk, omdat we onder de rook van Schiphol liggen wat al voor heel wat geluidshinder en andere gezondheidsrisico’s zorgt. Zeker nu er ook nog mogelijk windturbines bijkomen. In de omgevingsvisie, welke onlangs is gepresenteerd door de gemeente, staan natuur en recreatie als een van de belangrijkste items vermeld, waarbij alternatieven van warmteopwekking en energie onderzocht moeten worden. Ook hierin staat vermeld dat er geen windturbines mogen komen langs N-wegen, iets waar de provincies en de gemeente Nieuwkoop volledig mee instemmen.

We maken ons ernstige zorgen over het lokaal eigenaarschap. Slechts een klein deel van de bevolking kan hier van meeprofiteren, waardoor je weer scheve verhoudingen tussen bewoners krijgt. Wij horen steeds meer berichten dat agrarische bedrijven worden benaderd –

postzegels krijgt van zonnevelden. Er zijn volgens ons nog voldoende andere alternatieven te bedenken voor het plaatsen van zonnepanelen. Te denken valt aan daken van industriebedrijven, parkeerplaatsen bij winkelcentra van zonnepanelen voorzien en het stimuleren van burgers. Wij hopen van harte dat de provincie haar verantwoordelijkheid neemt en het Groene Hart als één geheel gaat zien. Door de adviezen welke in het PARK-rapport staan serieus te nemen, kan voorkomen worden dat het Groene Hart een versnipperd geheel gaat worden van zonnevelden en windturbines. Dit zal de natuur en de gezondheid van de burgers zeer zeker ten goede komen. Bedankt voor uw belangstelling. De VOORZITTER: De heer Pieterse, complimenten voor uw bijdrage. Het was precies binnen de tijd. Dank u wel voor uw bijdrage. Zijn er vragen vanuit de zijde van de Statenleden? Dat is denk ik niet het geval. Meestal melden zij zich gelijk tijdens uw toespraak. Ja, toch. De heer Özkaya, gaat uw gang. De heer Özkaya, GroenLinks. De heer ÖZKAYA (GroenLinks): Dank u wel, voorzitter. Ook dank aan de heer Pieterse. Een bijdehante vraag, de heer Pieterse, aan u: vraagt u nu eigenlijk aan de provincie ook om het hele proces van de RES opnieuw te gaan doen voor dat gebied? Dat is een beetje wat ik proef uit uw woorden. De heer PIETERSE: Nou, dat is wel heel erg veel gevraagd. Kijk, wij maken ons gewoon enorm veel zorgen.

Het is natuurlijk een lastige tijd geweest, ook door corona. We zien als dorpsraad zelf dat we best heel veel moeite hebben om onze leden ook te bereiken. Werkgroepen draaien moeizamer. Het is natuurlijk ook voor bestuurders moeilijker om de burgers te bereiken. Alleen wordt er wel heel vaak genoemd van: we hebben participatie, met medeweten van de bevolking zijn die processen gevoerd. Je ziet dat eigenlijk maar een heel klein deeltje van de bevolking echt op de hoogte is van wat er speelt. Dat blijkt wel uit de enquête die ingevuld is. Dat is maar een paar procent geweest. Dan worden er kanskaarten neergelegd en dan ga je eens praten met mensen in de omgeving en in de buurt. Het zijn mensen, die zijn allemaal voor duurzaamheid, voor zonnepanelen, voor windturbines, maar op het moment dat je dan echt gaat vertellen: ja, maar, kijk eens goed op zo’n kanskaart, dan worden er mogelijkheden bekeken om daar een zonneveld te plaatsen of om daar windturbines te plaatsen en dan pas valt het kwartje. Alleen, dat kwartje is pas gaan vallen in een veel later stadium en niet aan het begin van dat hele proces. De plannen worden nu gepresenteerd en dan heeft de gemeente ook haar mond vol van participatie en de burgers weten ervan en iedereen heeft mee kunnen praten en meegesproken.

Dat lijkt aan de ene kant wel zo, maar als je echt terug gaat kijken, is dat slechts een heel klein deel van de burgers.

De VOORZITTER: U heeft nog één minuut. De heer PIETERSE: Dank u. Wij horen steeds meer berichten dat agrarische bedrijven worden benaderd om hun land te verkopen voor het realiseren van zonnevelden. Steeds vaker gaat het om buitenlandse investeerders. Hoe lang kunnen vergunningsaanvragen tegengehouden worden? Bovendien betekent dit dat je door de hele gemeente in onze polders

De VOORZITTER: Dank u wel voor uw bijdrage. Dat was ook de vraag van de heer Özkaya. We gaan naar de volgende inspreker. Mevrouw Van Vliet van de RES Holland Rijnland. Mevrouw Van Vliet, u heeft uiteraard ook vijf minuten. Gaat uw gang. Mevrouw Van Vliet, u heeft een mooi scherm op de achtergrond, maar we willen u ook graag horen.

28

Notulen provincie Zuid-Holland

Inspraakbijeenkomst van 14 mei 2021

Inspraakbijeenkomst RES

Mevrouw VAN VLIET: Ja. Goedendag, voorzitter. Ik zat even te puzzelen met de knoppen. Mijn naam is Esmeralde van Vliet. Ik ben gevraagd om samen met Erik van Zuylen, die eerder sprak namens de stuurgroep Holland Rijnland, dus de dertien gemeenten, het hoogheemraadschap van Rijnland en ook mijn eigen organisatie, netwerkbeheer Liander, nader in te gaan op het systeem. Liander beheert de elektriciteit in de gasnetten in Holland Rijnland. Dat is een wettelijke taak. Stedin heeft die wettelijke taak in het overige deel van de provincie. Voor een haalbare en betaalbare energietransitie is het van belang om de bovengrondse ruimtelijke impact zo beperkt mogelijk te houden. Uitbreiding van ons netwerk betekent vaak ook dat wij stations moeten bouwen. Onze stations staan boven de grond. Het heeft al snel een oppervlakte van een of twee voetbalvelden. Vanuit het energiesysteem gezien is het dan ook een toch spijtig advies van de Gedeputeerde Staten om de stringente ruimtelijke restricties mee te geven voor wind. Want als de windmogelijkheden wegvallen in deze RES, dan kan er minder duurzame opwek in het netwerk worden getransporteerd. Zonder dat we dit allemaal door hebben kunnen rekenen, schatten we in dat het advies van GS dus zeker effect heeft op het totale bod dat deze regio aan duurzame opwek kan doen richting het Rijk.

Waarom zeg ik dit? Aankomende jaren zal het huidige netwerk van Liander in deze regio, dus dat we in veertig jaar hebben opgebouwd, zal met de helft gaan toenemen. Deze investeringen en werkzaamheden zijn hoe dan ook nodig om aan de toekomstige vraag naar elektriciteit te voldoen. Denk aan de aardgasloze nieuwbouwopgaven, elektrificatie van vervoer, maar ook van bedrijfsprocessen. Wij gaan dus enorm bouwen en we zijn ook al aan de slag. Daarmee worden direct ook de toekomstige soort stopcontacten gecreëerd om lokale wind- of zonneprojecten die straks worden ontwikkeld aan te sluiten. Dus zodra er nieuwe stations gereed zijn, ontstaat er in deze regio dus ook voldoende transportcapaciteit opgesteld om de RES-ambitie aan te kunnen sluiten. Maar daarbij is randvoorwaardelijk voor de uitvoerbaarheid dat die verhouding tussen zon- en windenergie niet uit balans raakt. Met ‘uit balans’ bedoelen we op het niveau van de onderstations. Die staan verspreid over de hele regio. Dat geldt niet alleen voor de RES in Holland Rijnland, maar ook voor die van Midden Holland als ik namens netbeheerder Stedin spreek, die niet kan inspreken, maar wel vroeg om dit nog mee te geven. Zonne-energie vraagt relatief veel meer netwerkcapaciteit en ruimte per geleverde hoeveelheid stroom. Wanneer de zon en wind op een onderstation gecombineerd wordt, kan er 1,5 keer meer opwek aangesloten worden.

Die verhouding van zon en wind is opgenomen in de zorgvuldige analyses voor de zoekgebiedenkaart van deze RES. Dus door die samenwerking die we hebben binnen de RES, hebben we kunnen voorkomen dat er nog eens extra elektriciteitsstations moeten worden bijgebouwd met verder oplopende maatschappelijke kosten, kabels en ruimte tot gevolg. Bovendien, en dat moeten we niet vergeten: het is ook niet heel realistisch om te denken dat er voor 2030 heel veel extra netwerkcapaciteit bovenop die immense bouwopgave die we dus nu al voor ons hebben liggen, dat dat bij gemaakt kan worden. Dat heeft weer te maken met een tekort aan mensen die het werk in deze sector kunnen maken. Ik doe u namens Liander en Stedin het aanbod om –

De VOORZITTER: Mevrouw Van Vliet, u heeft nog één minuut. Mevrouw VAN VLIET: Ik ga afronden. Om het onderwerp systeemefficiëntie vervolg te gaan geven in de topclass die we in december met elkaar voor de Statenleden hadden georganiseerd. Dan kunnen we meer uitleg en informatie geven over onze investeringen, maar ook over warmte, mobiliteit en waterstof. Ik zal afronden. Vanuit de stuurgroep verzoeken wij u dus om in de RES de gestelde ambities nadrukkelijk te onderschrijven en daarnaast dat er niet vast wordt gehouden aan het bestaande beleid en de restricties, maar dat we als partners kijken naar de voorliggende opgave en gezamenlijk werken aan de oplossingen en deze ook gaan uitwerken samen. We hopen dat u de RES Holland Rijnland in de huidige vorm vaststelt en zien uit naar een verdere gezamenlijke uitwerking en uitvoering van de RES 1.0 in de komende periode. De VOORZITTER: Dank u wel voor uw bijdrage. Het levert overigens drie vragen voor u op. We beginnen met mevrouw Nelisse van de VVD. Gaat uw gang, mevrouw Nelisse. Mevrouw NELISSE (VVD): Dank u wel, voorzitter. Twee vragen. De eerste. U zei: ik ben gevraagd om in te spreken. Ik ben benieuwd door wie. De tweede vraag. U geeft aan dat de balans tussen zon en wind heel belangrijk is. Mijn vraag is dan: wat zijn dan de consequenties als die balans niet wordt gerespecteerd? Ik vermoed dat dat in de vorm van kosten is.

Kunt u ook iets zeggen wat dat betekent bijvoorbeeld per hoofd van de bevolking in de regio? De VOORZITTER: Mevrouw Van Vliet. Mevrouw VAN VLIET: Dank u wel, voorzitter. Ja, ik doe dit dus namens de hele stuurgroep van Holland Rijnland. Daar hebben we met elkaar afgesproken, omdat het onderwerp systeemefficiëntie zo zorgvuldig aan bod is geweest in de RES en ook een onderdeel in de RES is, dat ik dat namens de netbeheerders hier nog met u zou bespreken. Uw tweede vraag gaat over wat dan die verhouding zon en wind voor consequenties heeft. Ik hoorde u zeggen dat u vermoedt dat dat met de kosten te maken heeft. Ik probeerde juist uit te leggen: het gaat alleen niet over de kosten, het gaat eigenlijk nog veel meer over de uitvoerbaarheid van die RES. Omdat je dus met alleen zon op het moment dat het donker is en de wind waait vaker dan dat de zon schijnt, dat je dus gemiddeld genomen 1,5 keer meer duurzaam opgewekte energie kan transporteren in je energiesysteem. Dus het gaat over de uitvoerbaarheid en daarbij noemde ik, en dat wil ik graag nog even benadrukken, dat er vooral in dit deel van Nederland echt een enorm tekort is aan mensen die opgeleid zijn om het te kunnen uitvoeren. Dat is echt een groot probleem.

Ik zou deze gelegenheid dan ook willen gebruiken om nog een oproep te doen om te kijken of u daar samen ook meer, misschien wel ouders enthousiast kunt krijgen dat hun kinderen in de sector gaan werken. Want daar liggen een heleboel mooie en misschien ook wel goedbetaalde banen voor heel veel jongens en meisjes de aankomende periode.

29

Notulen provincie Zuid-Holland

Inspraakbijeenkomst van 14 mei 2021

Inspraakbijeenkomst RES

De VOORZITTER: Dank u wel. Dan gaan we naar de heer Kastelein van het CDA. Mevrouw NELISSE (VVD): Voorzitter, mag ik een vervolgvraag stellen? De VOORZITTER: Een korte vervolgvraag. Mevrouw Nelisse, gaat uw gang. Mevrouw NELISSE (VVD): Ja. U heeft trouwens een goede aan uw oproep, want ik ben zelf ook technisch opgeleid. Nee, ik vroeg nog concreet of u iets kon zeggen over de kosten. Die miste ik nog even in uw beantwoording. Uiteraard de uitvoerbaarheid had ik meegekregen vanuit uw verhaal. Mevrouw VAN VLIET: Ja, dus ik wil ook echt [onverstaanbaar door echo, 3:24:30]. Het heeft zeker consequenties op het energiesysteem en de totale kosten. Dat moet je dan uitrekenen en dat kan je ook niet zo specifiek voor één locatie nu zeggen. Maar jullie weten misschien dat die kosten van de netbeheerders over heel Nederland verder – uitgesmeerd is een beetje een raar woord – verdeeld worden. De VOORZITTER: Dank u wel. De heer Kastelein van het CDA. De heer KASTELEIN (CDA): Ja. Esmeralde.

Eigenlijk kom ik tot de conclusie na jouw betoog dat de oproep die wij als Nederland BV naar onze inwoners doen, leg zonnepanelen op je dak, naar het bedrijfsleven, ook naar ketenorganisaties, werk energieneutraal, dat het eigenlijk enorm tegen ons gaat werken omdat dat met zonnepanelen makkelijk voor die bedrijven en die bewoners in te vullen is, maar dat het net er volstrekt niet aan toe is om dat te doen en dat we daardoor grootschalige windturbines moeten gaan plaatsen om dat evenwicht te gaan plaatsen. Klopt deze conclusie of zie ik het een beetje te zwart-wit? De VOORZITTER: Mevrouw Van Vliet. Mevrouw VAN VLIET: Dank u wel, voorzitter. Het is natuurlijk heel mooi om het heel scherp te kunnen zeggen. Maar het is toch wel een kwestie van de nuance. Maar het is zeker waar dat het huidige netwerk natuurlijk is neergelegd in een tijd dat je van centraal opgewekte energie naar decentraal nu gaat. Dus dat het netwerk aangepast moet worden, dat is eigenlijk een gegeven. Het gaat dan in wat ik u vertelde ook over de vraag: hoe kan je dat zoveel mogelijk beperken en hoe kan je dat slim doen? Dat noemen we dan systeemefficiëntie. Slim is altijd om vraag in de buurt van aanbod te plaatsen. Dat is ook al eerder genoemd in deze middag.

Bij zonnepanelen, als er maar heel veel zonnepanelen op daken worden gelegd waar er verder geen vraag is, dan is het bijna ook altijd zo dat het netwerk daar natuurlijk ook niet toereikend voor is, het netwerk hoe het ooit gemaakt is. En dan moet je ook daar gaan verzwaren. En dat kost gewoon heel veel tijd, ruimte en ook geld natuurlijk. Maar vooral mensen ook om het te kunnen maken. De heer KASTELEIN (CDA): Ja. Mijn conclusie is dus juist.

Mevrouw VAN VLIET: Dat het helpt om wind en zin in onderstations te combineren, dan kun je in totaliteit duurzame opwek realiseren, uitvoeren. De VOORZITTER: De heer Van de Breevaart, ChristenUnie-SGP. De heer VAN DE BREEVAART (ChristenUnie-SGP): Dank u, voorzitter. We hebben het nu elke keer over een verzwaring van het net. Maar stel dat de duurzame opwek in een andere regio opgewekt wordt. Wat heeft dat dan voor impact op het net? De VOORZITTER: Mevrouw Van Vliet. Mevrouw VAN VLIET: Dank u wel. Ja, dat is dus elke keer per regio en per locatie verschillend. Dus als je duurzame opwek plaatst op een locatie waar het ook gelijk afgenomen kan gaan worden, bijvoorbeeld bij bedrijventerreinen, dan is dat een iets efficiëntere manier om het energiesysteem vorm te geven. De heer VAN DE BREEVAART (ChristenUnie-SGP): Mag ik nog een vervolgvraag stellen? Ik bedoel daarmee: we hebben het nu over het feit dat er bij wijze van spreken ergens windmolens worden geplaatst. Daar moet het net verzwaard worden. Maar stel nu dat er buiten die regio, buiten een regio waar je het over hebt, zou je die windmolens plaatsen en je wil dan wel die groene stroom importeren in die regio, wat heeft dat dan voor impact op het net? Van die regio waar je niet die duurzame opwek doet, maar waar je ze wel graag wil afnemen? Mevrouw VAN VLIET: Dank u wel, voorzitter.

Ja, daarom wilden wij graag nog wat meer tijd met u hebben om dat uit te leggen. Want het is dus niet zo simpel, omdat je verschillende netvlakken hebt. Als je heel grote windparken neerzet op een bepaalde locatie, dan gaat het via het hoogspanningsnetwerk en komt het daarna via de distributie naar een andere regio. Maar dat vraagt ook vaak aanpassing aan het hoogspanningsnetwerk. En elke keer is het de vraag, en daarom is het dus ook weer niet zo simpel, het is echt ook een gepuzzel, dan is het echt de vraag: waar zet je het neer en wat is daar dan het effect op het netwerk? Dan kijk je weer naar vraag en aanbod. Daar zijn netarchitecten en onze netplanners elke dag echt heel hard mee aan de slag om die puzzel helpen te vormen. Maar ik wil nog benadrukken dat specifiek in deze regio we dus al aan het uitbreiden zijn voor de woningplannen, los van aardgas, en verduurzaming van mobiliteit. Daarmee creëren we al zoveel extra ruimte op het netwerk, dat je in ieder geval de opwekambitie dan netjes in het netwerk ingepast kan krijgen. Mits zon en wind in verhouding zitten. De VOORZITTER: De heer Özkaya, GroenLinks, gaat uw gang. De heer ÖZKAYA (GroenLinks): Dank u wel, voorzitter. De heer Van de Breevaart maait een beetje het gras voor mijn voeten weg, want dat is ook een beetje wat ik wilde vragen. Maar dan zou ik hem toch een slag concreter willen maken.

Ook dank u, mevrouw Van Vliet, voor uw bijdrage. Dat is heel verhelderend. Ik merk dat ik dit ook wel nodig heb om ook het geheel in een wat andere context te kunnen plaatsen. Dus ik zou misschien straks ook nog even willen oproepen via de griffie om gebruik te maken van de 30

Notulen provincie Zuid-Holland

Inspraakbijeenkomst van 14 mei 2021

Inspraakbijeenkomst RES

mogelijkheid die u zo net heeft aangeboden om hier iets meer over te vertellen. Maar ik zou het voor nu even wat concreter willen maken door te kijken naar de RES die daadwerkelijk voorligt. De heer De Haan had net ook een daadwerkelijke casus vanuit de RES natuurlijk benoemd vanuit Engie, de inspreker van daarnet. Als we kijken naar dat gebied, is het dan inderdaad ook zo dat daar die vraag en aanbod – laat ik hem wat opener stellen. Hoe zit het daar precies met vraag en aanbod? Is het zo dat we van elders, vanuit op zee geproduceerde energie daar kunnen krijgen? Is dat in de komende jaren een realistisch scenario bijvoorbeeld? De VOORZITTER: Dank voor uw vraag. Uw tussenvraag om er nog dieper op in te gaan, om nog een sessie te hebben, dat is agendatechnisch niet mogelijk. De heer Özkaya, u stelde die vraag net. Als u nog verder met mevrouw Van Vliet er dieper op in wilt gaan, dan zou ik haast zeggen: neemt u even rechtstreeks contact op met mevrouw Van Vliet. Ik neem aan dat ze dat akkoord vindt. Misschien dat andere Statenleden ook wel tot de mogelijkheid behoren. Maar het past niet meer – ik heb even snel nagevraagd bij de griffie. Dat past niet meer in onze agenda. Maar gaat uw gang, mevrouw Van Vliet. Mevrouw VAN VLIET: Ja. Dus ik zal wel de vraag proberen te beantwoorden over dat specifieke deel in Boskoop. Dat is wel zeer complex.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=middendelfland&id=09bebcb8-62ab-4e78-b18f-579304693fd0