CConstaterende datMidden-Delfland
Koppel je AI →
Document · PDF

15 Voorjaarsbrief GR GGD en VT 2022 (tbv begr. 2023).pdf

Gemeenteraad 24 mei 2022, gemeente Midden-DelflandBij agendapunt: Voorstel inzake financiële stukken GR GGD en Veilig Thuis Haaglanden19.650 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

GGD-7: Areaaluitbreiding Om te zorgen voor duidelijkheid over hoe rekening te houden met bijgestelde inwoneraantallen in de begroting, heeft het AB besloten een jaarlijkse correctie toe te passen voor de inwoneraantallen op basis van 75% van de inwonerbijdrage voor het basispakket. Deze systematiek wordt na 2 jaar geëvalueerd en kan dan herzien worden.

2.5.2a Correctie aantallen (productie) en tarieven Toezicht kinderopvang

De GGD begroot jaarlijks de taak Toezicht Kinderopvang aan de hand van de vastgestelde opgave Toezicht Kinderopvang over het voorgaande jaar. De begroting over het jaar 2023 baseert de GGD op de opgave die de gemeenten in 2022 geven. De taak Toezicht Kinderopvang wordt afgerekend op basis van afname. Hierdoor lopen de gemeenten geen risico dat ze meer moeten betalen dan dat ze in aantallen afnemen. Voor de inschatting van de bijdrage van de gemeenten kan het echter wenselijk zijn om de begroting 2022 te wijzigingen aan de hand van het nieuwe aanbod. In de Voorjaarsbrief 2022 (paragraaf 2.4.3b Impuls kwaliteit Toezicht kinderopvang) is het verzoek ingediend om de kwaliteit beter te borgen door de capaciteit senior toezichthouder uit te breiden van 0,7 fte naar 1,2 fte. Op 10 januari 2022 hebben de verantwoordelijke beleidsambtenaren van de gemeenten hier akkoord voor gegeven. De extra kosten die dit met zich meebrengt zijn volgens afspraak verwerkt in de tarieven. GGD-8: Correctie aantallen en tarieven TOKIN Door het vaststellen van het aanbod Toezicht Kinderopvang 2023 is het onontkoombaar dat de GGD de programmabegroting 2023 uitwerkt op basis van dit aanbod. Daarnaast is het wenselijk om dit aanbod door te voeren bij een gewijzigde begroting 2022. De tarieven zijn volgens afspraak opgehoogd om de kosten van 0,5 fte senior toezichthouder te dekken.

2.5.2b Correctie aantallen (productie) en tarieven Lijkschouw

De taak Lijkschouw wordt, net als de taak Toezicht Kinderopvang, afgerekend op basis van afname. Ook hier betalen de gemeenten niet meer dan het aantal activiteiten dat de GGD binnen deze taak uitvoert. Het aantal lijkschouwen, uitstellen begrafenis en lijkenpassen stijgt de afgelopen jaren. Twee jaar geleden heeft de GGD naar aanleiding van de toenmalige stijging een voorstel gedaan de geprognosticeerde aantallen voor de begroting aan te passen. Deze aantallen zijn voor de begroting 2021 en 2022 gebruikt. De AAC heeft verzocht om te analyseren of de toen geprognosticeerde aantallen nog accuraat zijn. In bijlage 2 is deze analyse opgenomen. Uit de analyse blijkt dat de gemiddelde aantallen in 2020 en 2021 voor vrijwel alle producten iets hoger zijn en vooral voor de producten lijkenpas en uitstel begrafenissen. Dit kan echter niet los worden gezien van de uitbraak van het Coronavirus (zie ook eerdere bestuursrapportages). Naast een correctie van de aantallen zal voor 2022 e.v. een beperkte correctie in de tarieven plaatsvinden door (niet eerder opgenomen) pensioenverplichtingen voor nul-uren contracten van (reeds voor de GGD werkzame) FG-artsen.

18

GGD-9: Correctie aantallen en tarieven Lijkschouw Voor de inschatting van de bijdrage van de regiogemeenten kan het wenselijk zijn om de begroting 2023 op te stellen en de begroting 2022 te wijzigen aan de hand van een nieuwe prognose. Aangezien de verrichtingen jaarlijks fluctueren wordt de helft van de gemiddelde stijging in 2020 en 2021 meegenomen bij een nieuwe prognose van aantallen voor 2022 en 2023. Deze prognose is in bijlage 2 in het geel opgenomen. Het is voor de kostendekkendheid noodzakelijk de tarieven aan te passen voor niet eerder voorziene pensioenverplichtingen voor FG-artsen.

2.5.3 Overige ontwikkelingen Financiering regeling Aanvullende Seksuele Gezondheidszorg (ASG) Het Ministerie van VWS heeft de intentie om de taken uit de ASG-regeling per 1 januari 2023 over te laten gaan naar de herziene Wet publieke gezondheid (Wpg). Hierbij gaat de gehele regeling over naar de Wpg, dus naast de huidige taken blijven ook de huidige regio’s en budgetverdeling intact. In de huidige situatie ontvangt GGD Haaglanden een instellingsubsidie voor de financiering van ASG. De verwachting is dat het Ministerie van VWS deze van een instellingssubsidie naar een specifieke uitkering zal omzetten. De middelen zijn specifiek geoormerkt t.b.v. het CSG. De feitelijke uitwerking van de nieuwe regeling is nog niet bekend en daarom is een precies voorstel niet mogelijk.

GGD-10: Regeling Aanvullende Seksuele Gezondheidszorg Het algemeen bestuur heeft de intentie uitgesproken dat het wijzigen van de financieringsvorm in principe geen effect heeft op het uitvoeren van de taak seksuele gezondheid.

19

2.5 Inschatting budgettaire consequenties Voorgaande ontwikkelingen hebben budgettaire consequenties voor 2022 en de jaren daarna. De inschatting van de budgettaire consequenties wordt in onderstaande tabel getoond: 2022

2023 I/S Dekking S Deelnemersbijdrage stabiliseren

Incidentele uitbreiding AIB/MMK 2021/2022

€

-350.000

€ -350.000

Structureel maken incidentele uitbreiding AIB/MMK Inzet ten behoeve van de gezondheidsgevolgen van Corona 4 fte Epi+GB

€

350.000

€ 350.000

S

Deelnemersbijdrage stabiliseren

€

488.000

PM

S

Deelnemersbijdrage/Rijksmiddelen

PM

PM

S

Binnen begroting GGD

Herijking infectieziektepreventie en -bestrijding Gezonde leefomgeving 0,8 fte MMK

€

98.000

€

98.000

S

Binnen begroting GGD

Gezonde leefomgeving luchtkwaliteit

€

49.000

€

49.000

S

Forensische geneeskunde (kwartiermaker)

€

70.000

€

-

I

Binnen begroting GGD Ten laste van resultaat 2021 (via reserve GR)

Forensische geneeskunde (actualisatie aantallen)

€

9.000

€

11.000

S

Tarieven FG

Forensische geneeskunde (tarieven)

€

40.000

€

40.000

S

Tarieven FG

Forensische geneeskunde ( aantallen+tarieven)

€

49.000

€

51.000

S

PM

€

-

S

Aanpassing Tarieven FG (verhoging) Ten laste van resultaat 2021 (via reserve GR)

Toezicht kinderopvang (pilot) Toezicht kinderopvang (actualisatie aantallen en tarieven regulier)

€

-111.000

€

-96.000

S

Tarieven Tokin

Toezicht kinderopvang (kwaliteitsmedewerker via tarief)

€

55.000

€

55.000

S

Tarieven Tokin

Toezicht kinderopvang (actualisatie aantallen + nieuwe tarieven)

€

-56.000

€

-41.000

S

Aanpassing Tarieven Tokin (verlaging)

Areaal-uitbreiding

€

-

€

75.000

S

Deelnemersbijdrage

Binnen begroting GGD

€

147.000

Tarieven

€

-7.000

€

10.000

Reserve GR

€

70.000

€

-

Deelnemersbijdragen (gedekt uit rijksmiddelen)

€

488.000

Deelnemersbijdragen (tbv areaal)

€

-

€

75.000

dekking: € 147.000

PM

Het AB heeft besloten om de eerdere incidentele uitbreidingen voor AIB en MMK structureel te maken. Dit betekent dat de inzet en de daaraan verbonden deelnemersbijdrage voor deze onderdelen gelijk blijft na 2022 en niet afneemt. Daarnaast kent de GGD een aantal incidentele en structurele activiteiten waarvan de kosten binnen de begroting zullen worden opgevangen. Het betreft de herijking van de formatie van AIB, adviseur Leefomgeving, kwartiermaker Forensische Geneeskunde en (mogelijk) een pilot voor TOKIN. Wegens corona is het op dit moment lastig te bepalen waar binnen de GGD-begroting precies ruimte zit om dekking voor deze kosten te vinden. Immers, veel van de werkzaamheden vinden op dit moment anders plaats dan voorheen. De GGD acht het verantwoord deze activiteiten uit te voeren zonder extra budget. De afspraak daarbij is dat het gedeelte van het positieve resultaat GGD 2021 dat door de opdrachtnemer zal worden teruggegeven aan de GR aan de GR-reserve wordt toegevoegd. Zodat in 2022 hieruit de incidentele kosten van de kwartiermaker FG en de pilot voor TOKIN gedekt kan worden. Het effect van de beschreven ontwikkelingen op de bijdrage per gemeente wordt in onderstaande tabellen voor 2022 en 2023 samengevat weergegeven. Uit de tabellen blijkt dat de deelnemersbijdrage stabiel blijft.

In hoofdstuk 5 is een verdere uitsplitsing opgenomen van de ontwikkelingen die van invloed zijn op de deelnemersbijdrage per gemeente. Deelnemersbijdrage 2022 (incl. TBC)

Totaal

Delft

D-H

L-V

M-D

P-N

Rsw

Wa

We

Ztm

Oorspronkelijke bijdrage 2022

11.198

979

5.779

722

183

526

521

254

1.051

1.183

Gewijzigde bijdrage 2022

11.686

1.021

6.031

754

191

548

543

265

1.097

1.235

488

43

252

31

8

23

23

11

46

52

Bijstelling 2022 Deelnemersbijdrage 2023 (incl. TBC)

Totaal

Delft

D-H

L-V

M-D

P-N

Rsw

Wa

We

Ztm

Oorspronkelijke bijdrage 2023

11.198

979

5.779

722

183

526

521

254

1.051

1.183

Gewijzigde bijdrage 2023

11.198

979

5.779

722

183

526

521

254

1.051

1.183

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

Bijstelling 2023

20

Bijlage 1 Uitwerking compensatie stijgend aantal inwoners In deze bijlage wordt de systematiek waarmee compensatie van een stijgend aantal inwoners plaats gaat vinden toegelicht. Inwoneraantal is de belangrijkste variabele voor de hoeveelheid werk De belangrijkste variabele die van invloed is op de hoeveelheid werk van de GGD, is het aantal inwoners in het gebied.1 Een deskstudy bij enkele GGD’en2 wijst uit dat kosten van een GGD vaak gerelateerd worden aan het aantal inwoners. In een enkel geval worden bepaalde kosten gerelateerd aan het aantal jeugdigen. Maar andere variabelen, zoals bijvoorbeeld oppervlakte of bedrijvenbestanden, zien we niet terugkomen. Het aantal inwoners in de regio Haaglanden groeit gestaag De afgelopen jaren stijgt het inwoneraantal in de regio Haaglanden gestaag. Onderstaande tabel toont deze cumulatieve stijging: Jaar* 2019 2020 2021 2022

Den Haag 7.679 13.106 20.281 22.875

H8 5.499 10.390 16.019 18.705

Totaal 13.178 23.496 36.300 41.580

Stijging t.o.v. t-1 1,22% 0,94% 1,16% 0,47%

Stijging t.o.v. 2018 1,22% 2,18% 3,36% 3,85%3

* Het weergegeven jaartal betreft het begrotingsjaar; de peildatum van het aantal inwoners is T-1 (bijvoorbeeld voor de begroting 2019 is de peildatum 01/01/2018)

Compensatie van inwoneraantallen zou hebben geleid tot een hogere bijdrage In de situatie voor 2018 zou GGD Haaglanden automatisch gecompenseerd zijn voor deze stijging op basis van het aantal extra inwoners X de inwonerbijdrage. De inwonerbijdrage was in 2018 respectievelijk € 9,19 voor Den Haag en € 8,13 voor de overige gemeenten. Om te bepalen welke extra inkomsten GGD Haaglanden zou hebben ontvangen bij compensatie van deze stijgende inwoneraantallen, is deze inwonerbijdrage van 2018 jaarlijks geïndexeerd en vermenigvuldigd met de toename van het aantal inwoners. Onderstaande tabel toont deze berekening. Jaar 2018 2019 2020 2021 2022 Totaal

Inwonerbijdrage Den Haag H8 € 9,19 € 8,13 € 9,36 € 8,28 € 9,72 € 8,60 € 9,95 € 8,81 € 10,19 € 9,02

Indexatie* (gewogen) 1,84% 3,84% 2,42% 2,40%

# extra inwoners X inwonerbijdrage Den Haag H8 Totaal € 71.868 € 127.370 € 201.870 € 233.155 € 634.264

€ 45.529 € 89.328 € 141.057 € 168.662 € 444.576

€ 117.398 € 216.699 € 342.927 € 401.816 € 1.078.840

* De jaarlijkse verhouding personele/materiële kosten bedraagt ca. 80/20; de betreffende jaarlijkse indexaties zijn in die verhouding gewogen berekend

Via de Voorjaarsbrief heeft compensatie plaatsgevonden GGD Haaglanden heeft vanaf 2018 dus ruim € 1 miljoen niet automatisch gecompenseerd gekregen. Echter, sinds die tijd wordt wel ieder jaar een Voorjaarsbrief opgesteld, waarin aanvragen voor aanvullende middelen kunnen worden gedaan. In de Voorjaarsbrieven 2021 en 2022 zijn, naast intensiveringsvoorstellen, ook specifieke aanvragen gedaan voor noodzakelijke aanvullende middelen voor MMK en AIB om de reguliere werkzaamheden te kunnen uitvoeren.

1

Zie ook het rapport ‘Nu investeren in de GGD; rapport over de toekomst van GGD’en in Nederland, SP, november 2020, waarin wordt aangegeven dat de kosten van GGD’en worden uitgedrukt in de bijdrage per inwoner 2 GGD Amsterdam, GGD Rotterdam-Rijnmond, GGD Regio Utrecht en GGD Hollands Midden

21

Onderstaande tabel laat zien wat de toegekende middelen langs deze weg zijn geweest. Jaar 2019 2020 2021

MMK € 138.000

AIB € 190.000

Totaal € 328.000

2022 Totaal

€ 146.000 € 284.000

€ 202.000 € 392.000

€ 348.000 € 676.000

Compensatie zal nodig blijven Het volume van de reguliere werkzaamheden van de GGD zal, met name door stijgende inwoneraantallen, waarschijnlijk blijven toenemen. Er is immers een duidelijke relatie tussen bijvoorbeeld infectieziekten en het aantal inwoners. Het is daarom wenselijk dat de GGD hier een compensatie voor ontvangt. Onderzoek compensatie systematiek Door GGD Haaglanden zijn verschillende varianten onderzocht hoe om kan worden gegaan met de financiering hiervan. Daarbij is ook gekeken naar andere GGD’en en GR’en, zoals de Veiligheidsregio en Omgevingsdiensten. We concluderen dat het compenseren van toegenomen werk door stijgende aantallen bij GGD’en en Veiligheidsregio’s gemeengoed is. Dat gebeurt door jaarlijkse correctie op basis van aantal inwoners (en soms ook in combinatie met het aantal jongeren) of door jaarlijks aanvragen te doen. Vanwege de rust en stabiliteit heeft het AB besloten om een jaarlijkse correctie op basis van het aantal inwoners te gaan toepassen. Niet alle taken bewegen in dezelfde mate mee met een stijging of daling van het aantal inwoners. Op basis van een analyse van de verschillende taken en een inschatting van de mate waarin de inzet hiervoor meebeweegt door een wijziging van het aantal inwoners, is besloten om voor de correctie een percentage van 75% van de inwonerbijdrage te hanteren.

22

Bijlage 2 Correctie aantallen (productie) Lijkschouw Aantallen begroting 2022

Delft D-H

L-V

M-D P-N Rsw Was Wes Ztm Totaal

Collegiaal overleg / adviezen forensische zorg

34

165

13

2

15

3

13

17

262

Euthanasie

32

194

57

4

18

27

18

35

49

434

Lijkschouw

76

470

38

4

12

34

19

40

68

762

-

1

1

22

9

11

170

Melding dood minderjarige

6

14

-

-

-

1

Uitstellen begrafenis, lijkenpas

21

112

13

-

-

4

Realisatie 2020

Delft D-H

L-V

1

M-D P-N Rsw Was Wes Ztm Totaal

Collegiaal overleg / adviezen forensische zorg

32

191

25

8

4

6

13

19

43

341

Euthanasie

33

178

53

4

13

31

19

41

38

410

Lijkschouw

87

493

39

15

21

27

24

46

72

824

Melding dood minderjarige

6

12

1

-

-

1

-

1

1

22

Uitstellen begrafenis, lijkenpas

40

296

17

9

31

419

Prognose realisatie 2021

Delft D-H

L-V

Collegiaal overleg / adviezen forensische zorg

39

168

29

Euthanasie

34

190

48

Lijkschouw

82

466

45

Melding dood minderjarige

3

14

-

Uitstellen begrafenis, lijkenpas

48

350

33

Gemiddelde 2020 & 2021

Delft D-H

1

16

5

M-D P-N Rsw Was Wes Ztm Totaal -

3

17

5

19

34

315

5

19

24

19

34

48

422

5

17

33

26

55

57

785

-

-

-

-

-

17

26

38

528

-

L-V

4

2

5

26

2

M-D P-N Rsw Was Wes Ztm Totaal

Collegiaal overleg / adviezen forensische zorg

36

180

27

4

4

12

9

19

39

328

Euthanasie

34

184

51

5

16

28

19

38

43

416

Lijkschouw

85

480

42

10

19

30

25

50

64

805

Melding dood minderjarige

5

13

1

-

-

1

-

1

1

20

Uitstellen begrafenis, lijkenpas

44

323

25

17

34

474

Verschil begroting 2022 en gemiddelde

1

5

21

3

Delft D-H

L-V

Collegiaal overleg / adviezen forensische zorg

2

14

14

4

2

-3

6

6

22

67

Euthanasie

2

-10

-7

1

-2

1

1

3

-6

-18

7

-4

6

10

-4

43

-0

-1

-2

9

24

303

Lijkschouw

8

9

4

Melding dood minderjarige

-1

-1

1

Uitstellen begrafenis, lijkenpas

23

210

12

Voorstel begroting 2022

Delft D-H

L-V

M-D P-N Rsw Was Wes Ztm Totaal

6 -

1

-1 5

-

17

2

M-D P-N Rsw Was Wes Ztm Totaal

Collegiaal overleg / adviezen forensische zorg

35

172

20

2

3

13

6

16

28

295

Euthanasie

33

189

54

4

17

27

18

36

46

425

Lijkschouw

80

475

40

7

16

32

22

45

66

783

1

-

Melding dood minderjarige

5

13

0

Uitstellen begrafenis, lijkenpas

33

218

19

1

2

12

2

1

1

21

13

23

322

Verschil begroting 2022 en nieuw voorstel

Delft D-H

Collegiaal overleg / adviezen forensische zorg

1

7

7

2

1

-2

3

3

11

Euthanasie

1

-5

-3

0

-1

0

0

2

-3

-9

Lijkschouw

4

5

2

3

4

-2

3

5

-2

21

Melding dood minderjarige

-1

-0

0

-0

-0

-1

Uitstellen begrafenis, lijkenpas

11

105

6

4

12

152

23

L-V

-

M-D P-N Rsw Was Wes Ztm Totaal

-

1

-0 2

8

1

33

3. Ontwikkelingen en begrotingsuitgangspunten Veilig Thuis 3.1 Introductie

In de Voorjaarsbrief worden de bedrijfsmatige- en beleidsmatige ontwikkelingen opgenomen die een mogelijk effect hebben op de ontwerpbegroting van 2023. De bedrijfsmatige ontwikkelingen worden behandeld in paragraaf 3.2 en hebben met name betrekking op technische zaken, zoals de instroom van meldingen, adviezen en de ontwikkeling van de wachtlijst. Paragraaf 3.2 geeft een technische analyse van de ontwikkelingen en prognosticeert de aantallen voor aankomend begrotingsjaar. Aansluitend is een voorstel opgenomen voor de productmix van aankomend begrotingsjaar. De beleidsmatige ontwikkelingen zijn in te delen naar vier hoofdthema’s, die relevant zijn voor de verdere ontwikkeling van Veilig Thuis Haaglanden. De vier hoofdthema’s worden behandeld in de volgende paragrafen: 3.3 Regiovisie ketensamenwerking 3.4 Kwaliteitsimpuls VTH 3.5 Werving en behoud personeel 3.6 Informatievoorziening en ICT Terugblik 2021 en vooruitblik 2022 en 2023 In 2021 lag het aantal meldingen 11% lager dan in de gewijzigde begroting. Het aantal adviezen bleek 10% hoger dan begroot. Er zijn geen indicaties dat het aantal meldingen in 2022 lager, of hoger zal uitvallen dan in 2021. De afgelopen twee jaar heeft de instroom van meldingen en adviezen gefluctueerd binnen een bandbreedte, waarbij de instroom van kwartaal tot kwartaal verschilde, maar geen piekwaarden vertoonde buiten deze bandbreedte.

In paragraaf 3.2 wordt nader ingegaan op de ontwikkeling van meldingen, adviezen en de wachtlijst aan de hand hiervan wordt een actuele raming opgesteld voor de begroting 2022 en 2023. Gedurende het jaar worden de werkelijke aantallen nauwgezet gevolgd waardoor tijdig zicht ontstaat op de benodigde bijstellingsmaatregelen voor 2022 en voor 2023. Aan de hand van de 4- en 8-maands bestuursrapportages zal op basis van het ontstane beeld worden bezien of een bijstelling van het begrotingsbesluit noodzakelijk is. De toekomstige verwachting van de aantallen meldingen en adviezen is onzeker, alhoewel er geen indicaties zijn dat het aantal meldingen en adviezen buiten de bandbreedte zal komen. De coronapandemie lijkt vooralsnog weinig effect te hebben op de cijfers, huiselijk geweld en kindermishandeling blijft ten alle tijden een belangrijk punt van aandacht. Met het operationeel worden van het dashboard en de Ketenmonitor in 2022, is de verwachting dat betrokkenen ook vanuit de lokale teams bij de gemeente een betrouwbaar en gedetailleerd beeld krijgen van de ontwikkelingen in de aantallen per gemeente. In de hierna volgende paragrafen volgt een uitwerking van de financiële impact voor de ontwikkelingen met betrekking tot de begrotingscycli 2022 en 2023.

3.2 Bedrijfsmatige ontwikkelingen

Deze paragraaf analyseert de ontwikkeling van meldingen, adviezen en wachtlijst in 2021, geeft aansluitend een prognose van aantallen meldingen en adviezen en schetst de omvang flexibele schil van maatschappelijk werkers.

24

De ontwikkelingen van het aantal adviezen en meldingen en de werkvoorraad in de afgelopen 2 jaar zijn in onderstaande grafiek per kwartaal weergegeven.

Samengevat zijn de aantallen per jaar:

2021 2021 2020 2019

begroot werkelijk werkelijk werkelijk

Instroom adviezen 8.550 9.411 9.540 8.187

Instroom meldingen 10.500 9.338 10.266 10.392

Werkvoorraad per 31-12 458 323 681

De begroting van Veilig Thuis wordt opgebouwd op basis van het zogenaamde Q-consultmodel. In dit model volgt uit de verwachte aantallen op basis van vastgestelde normtijden een benodigde formatie. Op basis van vastgestelde salarisbedragen per schaal wordt vervolgens de financiële begroting bepaald. Eén van de begrotingsuitgangspunten van Veilig Thuis is dat voor de raming van de verwachte instroom in de initiële begroting van het jaar T (2023) het jaar T-2 (de werkelijke instroom in 2021) als uitgangspunt wordt genomen. Op basis van de actuele aantallen vindt indien nodig bijstelling plaats. Voor de begroting 2022 wordt voorgesteld de aantallen aan te passen naar de actuele cijfers van 2021. Komende periode zal een herijking van het rekenmodel worden uitgevoerd, dat gebruikt wordt voor de begrotingsramingen. Dit is van belang om een goede aansluiting te houden tussen de werkelijke werkzaamheden die worden uitgevoerd en de normtijden die daarbij gehanteerd worden. De (financiële) impact van de herijking zal onderdeel uitmaken van de Voorjaarsbrief 2023.

25

Actualisatie prognose verwachte aantallen adviezen. Voorgesteld wordt daarom om voor het aantal verwachte adviezen uit te gaan van 9.411 adviezen. Dit betekent voor de benodigde formatie en het benodigde budget het volgende: Verwacht aantal

Benodigde formatie

Huidige begroting 2022/2023 Voorstel bijgesteld begroting 2022/2023 o.b.v. actuele aantallen

8.556

13,87

Benodigd budget (incl. BVtoeslag) € 1.342.000

9.411

14,91

€

1.460.000

Aanpassing

855

1,04

€

119.000

Adviezen (incl. ZSM en chatfunctie)

VT-1: Actualisatie aantal adviezen Het aantal verwachte adviezen in de huidige begroting 2022 worden geactualiseerd en zowel in 2022 als 2023 wordt uitgegaan van een verwacht aantal adviezen van 9.411 per jaar. De extra personele inzet die hiervoor nodig is kan binnen de begroting van VHT worden opgevangen (zie volgende alinea over meldingen).

Actualisatie prognose verwachte aantallen meldingen Voor de prognose van het aantal te verwerken meldingen dient rekening gehouden te worden met de werkvoorraad. Deze is per ultimo 2021 458. Hoewel er in 2020 een inhaalslag is geweest in het wegwerken van de wachtlijst, is deze in 2021 door personeelsgebrek weer opgelopen. Dit heeft ook tot gevolg gehad dat het (deels incidenteel) toegevoegde budget niet geheel is besteed in 2021. Het niet bestede budget zal conform de geldende spelregels worden teruggegeven aan de GR. Gezien de personele krapte is het niet te verwachten dat de hele werkvoorraad in 2022 alsnog wordt weggewerkt. Verwacht wordt (en wenselijk is) dat in ieder geval 50% van de huidige werkvoorraad zal worden weggewerkt. Voor het aantal te behandelen meldingen betekent dit dan dat deze bestaat uit de verwachte instroom + 50% van de huidige werkvoorraad, dus 9.338 + 50% x 458 = 9.567 meldingen. Bij de taak meldingen wordt een onderscheid gemaakt tussen meldingen die na ontvangst direct doorgezet kunnen worden naar het lokale veld, meldingen waarvan eerst onderzocht moet worden of er nader onderzoek nodig is (voorwaarden & vervolg) en meldingen waarbij sowieso een nader onderzoek door Veilig Thuis nodig is. De verhouding tussen deze 3 verschillende soorten meldingen wordt de productmix genoemd.

Bij de verschillende soorten meldingen zijn verschillende normtijden vastgesteld. Een melding die direct doorgezet kan worden naar het lokale veld kost minder tijd dan een melding waarbij eerst nader onderzoek nodig is. In de huidige begroting is uitgegaan van de productmix zoals deze in 2019 werkelijk was. In 2021 bleek de verhouding tussen de verschillende soorten meldingen anders dan begroot. Voorgesteld wordt om de productmix bij te stellen op basis van de actuele verhouding in 2021, zodat de begroting wordt aangepast naar de actuele situatie. Productmix Meldingen Direct naar lokale veld Interventie zonder onderzoek (V&V) Onderzoek

oud 48,8% 39,0% 12,2%

nieuw 56,2% 17,8% 26,0%

Verhouding vast-flexibel Actualisatie omvang flexibele schil maatschappelijk werkers Vanwege de onzekerheid over de volumeontwikkeling is eerder gekozen voor een mix van structurele en flexibele inzet van de benodigde capaciteit. De benodigde capaciteit hangt mede af van de vervolgstappen die Veilig Thuis na veiligheidsbeoordeling inzet (“productmix”). Eventuele ruimte die ontstaat door een gunstiger productmix dan voorzien wordt benut om openstaande werkvoorraad te verkleinen, zodat wachtlijsten en doorlooptijden korter worden. Uit bovenstaande grafiek is af te leiden dat de afgelopen 2 jaar de instroom fluctueerde in een bandbreedte tussen de 753 en 932 per maand (kwartaalinstroom omgerekend naar gemiddelden per maand).

26

In het tweede kwartaal van 2020 en 2021 kende de instroom een verloop aan de bovenkant van de bandbreedte, terwijl voor de overige kwartalen het verloop zich aan de onderkant begaf van de bandbreedte. Op basis van de ontwikkeling van het aantal meldingen in de afgelopen 2 jaar is vast te stellen dat het aantal gemiddeld op 836 per maand ligt binnen een bandbreedte tussen de 753 en 932 per maand (kwartaalinstroom omgerekend naar gemiddelden per maand). De afwijking ten opzichte van het gemiddelde is dus maximaal ca. 10%. Hoewel de toekomst altijd onzeker is, lijkt het erop dat de instroom van meldingen dus relatief stabiel is. Dit leidt ertoe dat wordt voorgesteld om de huidige verhouding tussen vast en flexibel personeel (2/3 vast, 1/3 flexibel) te herzien en deze verhouding bij te stellen naar 85%/15%. VTH geeft onder de huidige omstandigheden de voorkeur aan een groter bestand vaste medewerkers, zodat kennis en ervaring behouden blijft binnen de organisatie en VTH in staat zal zijn om door te bouwen aan de interne kwaliteitsimpuls, waarover gesproken is in paragraaf 3.4. Het verschil in kosten tussen een externe en een interne medewerkt is relatief klein. Voor extern personeel wordt gerekend met een uurtarief dat naar hoger ligt dan bij intern personeel. Daarentegen wordt bij extern personeel gerekend met een lagere BV-toeslag.

VT-2: Verhouding vast-flexibel In de begroting wordt de verhouding tussen vast en flexibel personeel herijkt naar 85:15. VT-3: Actualisatie aantal Meldingen In de begroting 2022 en 2023 wordt uitgegaan van een bijgesteld aantal meldingen van in totaal 9.567 per jaar. Dit op basis van de werkelijke aantallen in 2021 die conform de systematiek van het rekenmodel als uitgangspunt worden gebruikt. De aanpassing van aantallen en omvang flexibele schil betekent voor de benodigde formatie en het benodigde budget het volgende:

Meldingen (incl. BBH-diensten) Huidige begroting 2022/2023 Direct naar lokale veld Voorwaarden en Vervolg Vervolgtraject met onderzoek Bijgesteld o.b.v. actuele aantallen Direct naar lokale veld Voorwaarden en Vervolg Vervolgtraject met onderzoek Aanpassing

Verwacht aantal 10.501 5.129 4.093 1.279 9.567 5.373 1.702 2.492 -934

Mix

Benodigde formatie 139,01

Benodigd budget (incl. BVtoeslag) € 13.889.000

49% 39% 12% 134,64

€

13.601.000

-4,37

€

-288.000

56% 18% 26%

Per saldo betekenen de bijstelling van de aantallen adviezen en meldingen, de productmix en de verhouding vast/flexibel personeel een verlaging van de formatie van 3,3 fte en een verlaging van de begroting van €169.000,- structureel. Dit is een optelsom van de actualisatie van het aantal meldingen (verlaging benodigd budget van € 288.000) en de actualisatie van het aantal adviezen (een verhoging van het benodigd budget van € 119.000). Tijdigheid: veiligheidsbeoordelingen en levering diensten binnen wettelijke termijnen Hoewel VTH streeft naar een zo hoog mogelijk percentage casussen tijdig af te ronden lukt het op dit moment onvoldoende om aan de wettelijke termijnen te voldoen. Daarbij is het van belang op te merken dat er een grote afhankelijkheid is van variabelen, zoals: personeelsontwikkeling, aantal meldingen en samenwerking in de keten. VT-4: Bijstellen productmix Meldingen In de begroting wordt de productmix bijgesteld op basis van de actuele verhouding in 2021. Daarnaast is het van belang te beseffen dat het niet altijd haalbaar is om binnen de wettelijke termijn van 5 werkdagen alle taken uit te voeren die met de veiligheidsbeoordeling samenhangen.

27

Met name het bereiken van melder, directbetrokkenen en eventueel betrokken hulpverlening kost veel tijd. VTH vindt het belangrijk om informatie van deze partijen mee te nemen in de beoordeling, zodat er sneller passende ondersteuning ingezet kan worden en de directbetrokkenen niet onnodig op de wachtlijst belanden. Ook bij de andere VT-organisaties in het land blijkt het lastig om de wettelijke termijnen te halen. De oorzaak bij VTH is vooral de wachtlijst. Doordat de bezetting van de organisatie nog achterblijft op de formatie moeten er keuzes worden gemaakt in wat er als eerst opgepakt kan worden. VTH heeft ervoor gekozen om de prioriteit te leggen bij het aannemen van de meldingen/ adviesvragen en het doen van veiligheidsbeoordelingen. Hierdoor en door wachtlijstbeheer houden we zicht op de meldingen die acute aandacht nodig hebben. Deze zaken worden direct opgepakt. Het gevolg is wel dat casuïstiek met een meer structureel karakter een langere wachttijd heeft, de wettelijke termijn van 10 weken wordt dan niet gehaald. Zoals aangegeven is het behalen van de wettelijke doorlooptijden in de Veiligheidsbeoordelingen, de diensten V&V en Onderzoek voor iedere Veilig Thuis organisatie een uitdaging. De wachtlijst betreft de meldingen ná de fase van veiligheidsbeoordeling door VTH, maar het is de fase vóór dat een onderzoeker van VTH de zaak op zich neemt en start met de dienst.

Signalen of meldingen van huiselijk geweld en kindermishandeling, waarbij acute onveiligheid bestaat, krijgen in de veiligheidsbeoordeling altijd voorrang. Ook voor de aanpak van de wachtlijst geldt dat de zwaarste casussen altijd met voorrang worden behandeld. Om de tijdigheid van de wettelijke termijnen te bevorderen zet VTH sterk in op ketensamenwerking en ze neemt maatregelen, die gericht zijn op het werven en behouden van personeel, zodat zoveel mogelijk casussen tijdig opgepakt en afgerond kunnen worden. Chatfunctie De landelijke politiek besloot in 2020 dat een chatfunctie moest worden ontwikkeld om de betrokkenen van huiselijk geweld een extra mogelijkheid te geven contact te leggen met Veilig Thuis, en kreeg hiermee een wettelijk (bedrijfsmatig) karakter. Sindsdien is VTH tijdens kantooruren regionaal bereikbaar via de chatfunctie. Tijdens de harde lockdown was Veilig Thuis ook in de avonden en weekenden bereikbaar via de chat. VWS verwacht dat de Veilig Thuis organisaties samen de technische ondersteuning van de chat bekostigen (die door ‘Serviant’ wordt ondersteunt en vanaf 2020 nog werd bekostigd door VWS). Ook zullen de VT’s naar verwachting zorgdragen voor een e-learning voor de medewerkers, die met de chatfunctie werken. In de begroting van 2022 heeft VTH 1,5 FTE gereserveerd voor de inzet van medewerkers op de chat.

In 2021 heeft VTH de samenwerking gezocht met VT Hollands Midden. Sinds de zomer bemensen de beide VT-organisaties de chat gezamenlijk. De huidige inzet op de chat door VTH is 1 FTE. Het effect van de chatfunctie bij Veilig Thuis wordt (landelijk) nog nader onderzocht. Zodra de uitkomsten van dit onderzoek bekend zijn, zal een advies worden voorgelegd aan het AB om de chatfunctie wel of niet te continueren. De chatfunctie is opgenomen als begrotingspost in 2022, waardoor continuering van de pilot niet tot een claim hoeft te leiden.

3.3 Regiovisie en ketensamenwerking Geweldscirkel doorbreken met nieuwe aanpak geweld De aanpak huiselijk geweld is een zogenaamde ‘ketenaanpak’, met VTH en de lokale teams als ‘twee spinnen in het web’, en daaromheen verschillende uitvoerende hulp- en ondersteuningsorganisaties die meehelpen (de gevolgen van) huiselijk geweld te bestrijden. VTH’s rol in die ketenaanpak wordt beschreven in het uitvoeringsprogramma van de Regiovisie Aanpak Huiselijk geweld Haaglanden 2019-2022 ‘Geweldscirkel doorbreken met nieuwe aanpak geweld’ (hierna ‘regiovisie’). In de regiovisie benoemden gemeenten en ketenpartners gezamenlijke resultaten die ze de komende vier jaren wilden bereiken en ontwikkelopgaven in de ketenaanpakpreventie, vroeg-signalering, advies en melding, interventie, monitoring – en ketensamenwerking.

28

Het programma loopt van 2019 tot 2022 en zal daarna worden geëvalueerd. In juli 2021 is de Tussentijdse rapportage verschenen.4 Doelen van de regiovisie en tussentijdse resultaten In juli 2021 zijn voorlopige resultaten van de regiovisie Haaglanden gepubliceerd in een tussentijdse rapportage, met daarin ook de resultaten van de ketensamenwerking. Ketensamenwerking is (samen) werken aan het bereiken van een gezamenlijk doel: het duurzaam stoppen van huiselijk geweld. Elke organisatie in de keten huiselijk geweld vormt een belangrijke schakel, waarbij VTH vanuit haar advies- en meldfunctie, een spin in het web is. Er zijn verschillende ketensamenwerkingen afhankelijk van de problematiek, zoals werken in de keten van ouderenmishandeling, meisjesbesnijdenis of kindermishandeling. De regiovisie heeft t.a.v. de ketensamenwerking drie concrete doelen opgesteld, die in juli 2021 zijn beoordeeld met een ‘gematigd positieve’ tot ‘positieve’ uitkomst.5 Gematigd positief wil zeggen dat de actie en inzet voldoende is, maar dat aandachtspunten te benoemen zijn. En een positief resultaat betekent een voorspoedige voortgang, met een prestatieniveau dat zal worden doorgezet in de komende jaren. Doel 1. Veilig Thuis Haaglanden is een erkend en goed toegerust expertisecentrum voor de aanpak van huiselijk geweld.

Andere organisaties in de keten maken gebruik van de expertise van Veilig Thuis Haaglanden. Resultaat medio 2021: VTH heeft afgelopen jaren stevig geïnvesteerd hierin, gesteund door de extra middelen, met een positief resultaat (voor een nadere toelichting zie hieronder de alinea: toelichting van de Regiovisie op de huidige ketensamenwerking). Doel 2. Het is duidelijk aan welke basisvoorwaarden (rollen, taken en verantwoordelijkheden) de lokale teams moeten voldoen in de samenwerking met Veilig Thuis Haaglanden. De basis is op orde, zowel lokaal als regionaal. Daarbij gaat het specifiek om de verantwoordelijkheidsverdeling. Resultaat medio 2021: Er is afgelopen jaren, na de wetswijziging van de meldcode HGKM, veel gebeurd. De regio is er nog niet, verder werken volgens dit (hoge) prestatieniveau is noodzakelijk. Dan kan de regio zich voorbereiden op toekomstige uitdagingen, zoals het nieuwe Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming. Doel 3. De ketensamenwerking tussen zorg en veiligheid is zodanig gerealiseerd dat zo dicht mogelijk op een incident én zo kort mogelijk nadat het incident heeft plaatsgevonden, geïntervenieerd kan worden. Resultaat medio 2021: De regio heeft de afgelopen periode via allerlei pilots al werkenderwijs veel geleerd. Deze kennis moet soms nog beter samengebracht en breder gedeeld worden.

Door krapte op de arbeidsmarkt en een capaciteitstekort bij zowel zorg- als strafpartners is het soms moeilijk om extra inzet te creëren. Toelichting van de regiovisie op de huidige ketensamenwerking Afgelopen jaren heeft de regio stevig geïnvesteerd om de basis op orde te krijgen bij VTH, zoals het geven van trainingen aan aandachtsfunctionarissen voor ouderenmishandeling, stalking, eer gerelateerd geweld en seksueel geweld. Daarnaast is ingezet op het verlagen van het ziekteverzuim, het in dienst nemen van (financieel) deskundige medewerkers en het verbeteren van interne processen en – systemen. VTH zal deze ontwikkelingen doorzetten, dat geldt ook voor het versterken van de kennis en positie van VTH als expertisecentrum in de regio Haaglanden. Door de extra middelen vanuit het rijk -na lobby VNG en G4- is verdere investering in VTH in de toekomst mogelijk. De wetswijziging van de Wet meldcode (aangescherpte meldcode) in 2019 zorgde ervoor dat professionals uit sectoren die verplicht zijn de meldcode te gebruiken anders moesten gaan werken (‘Meldcode Haaglanden’). Daarvoor heeft VTH samen met de GGD tal van bijeenkomsten georganiseerd voor en met deze professionals.

4 5

Regiovisie Aanpak huiselijk geweld Haaglanden (2019-2022), Tussentijdse Rapportage juli 2021 Regiovisie Aanpak huiselijk geweld Haaglanden (2019-2022), Tussentijdse Rapportage juli 2021, p.12

29

Door de wetswijziging moest VTH ook allerlei samenwerkingsafspraken herijken. Zo kwamen er bijvoorbeeld nieuwe regionale samenwerkingsafspraken van VTH met het lokale veld in 2020. Er is dus hard gewerkt om aan alle professionals duidelijk te maken bij wie en hoe ze advies kunnen vragen, en wanneer ze moeten melden bij Veilig Thuis. Door alle gezamenlijke inzet hierop hebben de ketenpartners elkaar ook beter leren kennen en zijn er kortere lijntjes om mogelijke slachtoffers zo snel mogelijk te helpen. Geweld Hoort Nergens Thuis (GHNT) ontwikkelde voor die wetswijziging in 2019 ook een kwaliteitskader voor de lokale teams van gemeenten. Het lokale veld is niet alleen nu, maar ook in de toekomst een belangrijke speler in de aanpak. De regio ondersteunt het lokale veld om te komen tot de gestelde (landelijke) kwaliteitsstandaard in de aanpak van huiselijk geweld. Dit doet de keten ook met het oog op de toekomstige kind en gezinsbescherming. Ze faciliteren het lokale veld onder andere met (meldcode)trainingen en creëren een lerende regio, om zo de netwerksamenwerking te versterken. Hierbij verbinden ze de gemeenten in Haaglanden aan elkaar als lerende organisaties. Binnen het toekomstscenario kind- en gezinsbescherming is het voorstel dat gezinnen/huishoudens (0-100 jaar) een vast aanspreekpunt vanuit het lokale team voor alle gezinsleden krijgen.

Deze professional blijft gedurende de hele periode van hulpverlening bij het gezin betrokken en voegt waar nodig expertise toe. Gezinnen hoeven dus niet opnieuw hun verhaal te doen en er vindt geen onnodig tijdverlies plaats. Het lokale team trekt indien nodig samen op met een professional uit het op te richten regionale veiligheidsteam. In het Regionaal Veiligheidsteam zijn functies van de Gecertificeerde Instellingen, Veilig Thuis en de Raad voor de Kinderbescherming samengebracht. Dit team heeft de expertise op veiligheidsvraagstukken. Afgelopen jaren hebben de professionals uit de regio via pilots zoals ‘Beter samenspel’, ‘Veiligheid voorop’ of ‘MDA++’ in de praktijkervaring opgedaan met wat wel en wat niet werkt voor een betere samenwerking. Dit alles met het doel samen kwetsbare gezinnen beter te kunnen ondersteunen en helpen. Bij deze pilots werken professionals van lokale teams, Veilig Thuis, politie, Openbaar Ministerie, Raad voor de Kinderbescherming, Jeugdbeschermingsorganisaties/ gecertificeerde instellingen, en Reclassering samen. Door te focussen op wat in de praktijk nodig blijkt om beter en soms eerder samen te werk(en) leren ze van elkaar. Via de pilots leren ze waar ze elkaar kunnen versterken en leren ze te reflecteren op de eigen en gezamenlijke werkwijzen en aanpakken.

Door werkenderwijs in de praktijk door de bril van de ander en ook de bril van cliënten te bekijken en samen naar oplossingen te zoeken. Toelichting op de pilot MDA++ Vanuit het ministerie VWS is het landelijke programma ‘Geweld hoort nergens thuis’ geïnitieerd, met als opdracht om huiselijk geweld en kindermishandeling terug te dringen via een multidisciplinaire aanpak. Voor de ketensamenwerking Haaglanden heeft dit programma vorm gekregen in het project MDA++. In het najaar van 2021 is besloten dat MDA++ structureel wordt ingebed als reguliere werkwijze binnen de ketensamenwerking: een specialistische multidisciplinaire aanpak voor de meest complexe casuïstiek, waarin specialistische straf, zorg en medische professionals met het gezin samenwerken. Door het landelijk programma ‘Geweld hoort nergens thuis’ is de aanpak voorgeschreven als effectieve ketenaanpak voor de meest complexe problematiek. Samen met het Zorg & Veiligheidshuis (ZVHH) vervult VTH een belangrijke rol in die aanpak. Vooruitlopend op de bestuurlijke besluitvorming heeft VTH verkend op welke wijze MDA++ wordt opgenomen in de begroting van VTH. Bij de overgang van pilotinzet naar structurele inzet wordt de financiering onderdeel wordt van de reguliere begroting van alle ketenpartners. Tot en met 2026 hebben de centrumgemeenten voor de totale MDA++ aanpak DUVO-middelen gereserveerd.

Voor Veilig Thuis Haaglanden is er voor 2022 een bedrag van € 92.173 gereserveerd. Vanuit de eigen begroting van VTH is daarnaast naar verwachting een aanvullend een bedrag nodig van circa €50.000 om de stijgende aantallen MDA++ cases op te kunnen vangen, en een verbetering van de regionale poortwachter- en adviesfunctie te kunnen realiseren. Voorstel is om dit deel van de kosten in 2022 ten laste te laten komen van het budget Meldingen. Tevens wordt dit jaar bekeken of deze extra investering in de MDA++ aanpak een structureel karakter heeft en of er mogelijkheden zijn om de inzet vanuit VTH aan te passen op het beschikbaar gestelde budget vanuit de centrumgemeenten. Besluitvorming hierover door het AB zal in het najaar plaatsvinden.

30

VT-5: MDA++ aanpak Tot en met 2026 hebben de centrumgemeenten voor de totale MDA++ aanpak DUVOmiddelen gereserveerd. Voor Veilig Thuis Haaglanden is er voor 2022 een bedrag van € 92.173 gereserveerd. Naar verwachting is aanvullend een bedrag nodig van circa €50.000 om de stijgende aantallen MDA++ cases op te kunnen vangen en een verbetering van de regionale poortwachter- en adviesfunctie te kunnen realiseren. In 2022 zal dit deel van de kosten ten laste te laten komen van het budget Meldingen van de VTH-begroting. Dit jaar wordt bekeken hoeveel budget structureel nodig is en of er mogelijkheden zijn om de inzet vanuit VTH aan te passen op het beschikbaar gestelde budget vanuit de centrumgemeenten.

Toelichting op de lokale teams Binnen de ketensamenwerking zijn de lokale teams van de deelnemende gemeenten onmisbaar. In de regiovisie is afgesproken dat de komende jaren de lokale teams verstevigd worden. Dit is hoofdzakelijk bedoeld om als regio maatwerk te leveren ten behoeve van de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling, waarmee wordt voldaan aan het kwaliteitskader ‘Veiligheid voor lokale teams’. Gemeenten hebben zich in 2019 gecommitteerd aan het Kwaliteitskader ‘Werken aan Veiligheid voor lokale (wijk) teams en gemeenten’ (zie hiervoor de website: https://vng.nl/nieuws/kwaliteitskader-werken-aan-veiligheid-voor-lokale-teams). Dit kader maakt duidelijk wat een gemeente lokaal nodig heeft in relatie tot het nieuwe handelingsprotocol van het netwerk Veilig Thuis. Op deze manier kan de regio anticiperen op ontwikkelingen rondom de kinden gezinsbescherming. Goed toegeruste lokale teams vormen een randvoorwaarde voor VTH haar doelen te behalen. Als geen tijdige overdracht plaatsvindt, kan dit ertoe leiden dat VTH de wettelijke termijnen niet haalt of dat de wachtlijst oploopt. Ketenmonitor Teneinde de sturingsinformatie voor de ketenaanpak te verbeteren, is de ‘ketenmonitor’ ontwikkelt. Deze management-rapportagetool komt naar verwachting begin 2022 gereed voor betrokkenen en professionals in de keten.

De ketenmonitor geeft inzage in de effectiviteit van de keten per gemeente en helpt VTH en de lokale teams van de verschillende gemeenten om het gesprek te voeren over de knelpunten en verbetermogelijkheden. Een van de belangrijke doelen van de ketenmonitor is het in kaart brengen van het aantal ‘hermeldingen’ binnen de keten. Er is sprake van een her-melding als de betrokkenen van een melding reeds bij Veilig Thuis bekend zijn, maar waarvan het dossier is afgesloten (daarbij wordt nog onderscheid gemaakt tussen dossiers die na directe overdracht opnieuw wordt gemeld, en de dossiers die na het hele monitoringstraject van de client opnieuw worden gemeld). Her-meldingen leggen een grote belasting op de keten (en VTH). De verwachting is dat de ketenmonitor de gehele keten beter zal helpen in te zien waar de grootste belasting in de regio optreedt, waardoor gerichtere maatregelen kunnen worden genomen. Toekomstscenario ‘Kind- en gezinsbescherming’ Op 30 maart 2021 werd het ‘toekomstscenario kind- en gezinsbescherming’ naar de Tweede Kamer gestuurd. Het toekomstscenario biedt perspectief hoe de jeugdbeschermingsketen er op de middellange termijn slimmer en effectiever uit kan zien (2026-2031), waarbij het belang van kind en gezin centraal staat. Het toekomstscenario wordt in samenwerking met betrokken partijen opgesteld, in opdracht van de ministeries van VWS en J&V en de VNG.

De kind- en gezinsbescherming zijn daarbij onderdeel van een brede en gezinsgerichte aanpak. De basisprincipes van het scenario zijn ‘gezinsgericht’, ‘rechtsbeschermend en transparant’, ‘eenvoudig’ en ‘lerend’. Belangrijk uitgangspunt is dat er voor kind en gezin één vast gezicht is. Rondom het kind is er een Lokaal Team met een vast contactpersoon. Deze werkt nauw samen met een Regionaal Veiligheidsteam waarin functies van de Gecertificeerde Instellingen, Veilig Thuis en de Raad voor de Kinderbescherming zijn samengebracht.6

6

Rijksoverheid, “Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming” (30-3-2021)

31

Op dit moment is een stuurgroep gevormd van regiopartners die verkennen hoe invulling gegeven kan worden aan het toekomstscenario, zoals het definiëren van pilots, en de randvoorwaarden om te starten. Leden van de stuurgroep zijn de directie van VTH, Jeugdbescherming West, de William Schikkergroep, de Raad van de Kinderbescherming, Perspektief (Vrouwenopvang) en een vertegenwoordiging van de lokale teams van de deelnemende gemeenten. Zorg en Veiligheidshuis Haaglanden Per 1 februari 2022 zullen drie VTH-professionals de samenwerking aangaan met het Zorg en Veiligheidshuis Haaglanden (ZVHH). Deze professional treden op als materiedeskundige op gebied van huisverbod casuïstiek, en zullen voor 4 uur per week aansluiten bij weeg- en focusoverleg. Ook zullen zij de partnercollega’s van ZVHH gemiddeld 4 uur per week ondersteunen en adviseren op basis van hun ervaring en deskundigheid. De totale werkbelasting voor VTH komt hiermee op 0,67 FTE. De samenwerking tussen VTH en het ZVHH is een voorbeeld van hoe VTH de geïntegreerde ketenaanpak vormgeeft. Deze aanpak leidt voor VTH jaarlijks tot € 65.000 hogere personeelskosten (inclusief bedrijfsvoeringstoeslag).

3.4 Kwaliteitsimpuls VTH

Paragraaf 3.4 behandelt de inhoudelijke kwaliteitsverbeteringen die VTH beoogd te maken in 2022 en 2023. Een aantal speerpunten zijn de verbetering van het feitenonderzoek, aanhaken bij een VT-6: Samenwerking Zorg en Veiligheidshuis Haaglanden In de begroting wordt structureel een budget opgenomen van €65.000 voor samenwerking met het Zorg en Veiligheidshuis Haaglanden. Deze kosten kunnen binnen de begroting van VT opgevangen worden door de budgettaire ruimte die ontstaat door de actualisatie van het aantal meldingen en adviezen. NB: De financiering is structureel en noodzakelijk voor een goede samenwerking in de keten. Bij de herijking van het rekenmodel zal de inzet voor de samenwerking meegenomen worden. cliëntentevredenheidsonderzoek en de opzet van een klachtencommissie en calamiteitencommissie. Deze speerpunten hebben als doel VTH als lerende organisatie op de kaart te zetten en een algehele kwaliteitsimpuls te geven. Verbetering feitenonderzoek Het feitenonderzoek is een wettelijke taak en het is van belang om de kwaliteit hiervan (nog) verder te ontwikkelen. Werknemers van VTH krijgen hiervoor verplichte trainingen om hun onderzoeksvaardigheden bij te houden (en waar nodig te verbeteren). Na interne evaluatie is gebleken dat de kosten hiervoor in het reguliere scholingsbudget vallen, waardoor VTH geen extra kosten verwacht te maken voor het feitenonderzoek.

Cliënttevredenheidsonderzoek Vanuit het Landelijk Netwerk Veilig Thuis (LNVT) is in 2020 jaar een start gemaakt met een clienttevredenheidonderzoek. LNVT heeft hiervoor een projectleider ingehuurd, die de verschillende organisaties uit het netwerk helpt met het opzetten van een onderzoeksmethode. Het doel van het project is om van VT’s lerende organisaties te maken, die op zorgvuldige wijze feedback weten te verkrijgen van hun cliënten, en deze informatie op juiste wijze te verwerken. Waarmee betere sturingsinformatie ontstaat voor beleidsmakers uit het netwerk. Het is de ambitie van VTH om in 2022 aan te sluiten bij dit project. Pilot: ‘iets voor jou’ In samenwerking met Augeo en de Kinderpostzegels heeft VTH in 2021 gewerkt aan de pilot ‘Iets voor jou’. Tijdens de pilot kregen kinderen en jongeren die een gesprek hebben gehad met een medewerker van VTH na afloop van het gesprek een presentje met een kaartje met een verwijzing naar de website www.ietsvoorjou.com. Een website waarop de kinderen en jongeren onder andere ervaringsverhalen kunnen lezen. De evaluatie was dusdanig positief dat VTH de pilot in 2022 en 2023 voort wil zetten.

32

Klachtencommissie en calamiteitencommissie Klachtencommissie VTH kent vanaf 2021 een interne- en externe klachtenafhandeling. Cliënten hebben het recht om een onafhankelijke (externe) klachtenfunctionaris te raadplegen, wanneer zij daar behoefte aan hebben. Hiervoor maakt VTH gebruik van het externe bureau U.S. Legal, die voor deze diensten ca. €10.000,- per jaar in rekening brengt. In sommige gevallen vinden cliënten het geen probleem om hun klacht intern te laten behandelen. Soms is een klacht eerder gericht op de functie van ‘een luisterend oor’ of bedoeld als opbouwende kritiek. Deze klachten worden afgehandeld door VTH’s klachtencoördinatoren (deze werknemers worden bekostigd binnen de begroting van VTH). Calamiteitencommissie Calamiteiten moeten altijd worden gemeld aan de inspectie jeugd en gezondheidzorg, waarbij specialistische hulpverlening opgang komt. Die hulpverlening moest in het verleden (extern) worden ingehuurd door VTH. Het doel is dat VTH op termijn zelfstandig calamiteiten af kan handelen om zodoende de deskundigheid van de organisatie als geheel te verhogen, hiertoe worden momenteel medewerkers opgeleid. Het is de verwachting dat de calamiteitencommissie medio 2022 kan worden ingezet. De calamiteitencommissie opereert gemiddeld 1 x per jaar (ook in jaren waarin geen calamiteiten zijn, want in dat geval wordt een calamiteit geoefend).

De commissie bestaat uit 9 leden, de opdrachtgever, voorzitter, penvoerders, interviewers en een beleidsmedewerker. De totale kosten van de commissie bedragen naar verwachting € 20.000 per jaar. VT-7: Klachtencommissie en calamiteitencommissie In de begroting wordt structureel een budget opgenomen van € 30.000 voor de klachten die extern worden afgehandeld en de calamiteitencommissie. Deze kosten worden binnen de begroting van VT opgevangen worden door de budgettaire ruimte die ontstaat door de actualisatie van het aantal meldingen en adviezen.

3.5 Werving en behoud personeel

De krapte op de arbeidsmarkt en de ontwikkeling van het formatiebestand geven aanleiding om de verhouding tussen het vaste en flexibele personeel nader te bezien. De uitkomst van de verkenning naar een mogelijke nieuwe verhouding vast en flexibel wordt meegenomen in deze paragraaf en zal naar verwachting per saldo budgettair neutraal zijn. Indien noodzakelijk volgt op onderdelen een voorstel ter besluitvorming voor het algemeen bestuur. Verder bespreekt deze paragraaf de ontwikkelingen en maatregelen die VTH neemt om nieuwe medewerkers te werven en personeel te behouden. Aanbesteding extern personeel De contracten met BMC en de huidige detacheerders lopen tot en met 31 oktober 2022. VTH heeft besloten om een nieuwe aanbestedingsprocedure te starten voor zowel de detacheerders als het adviesbureau BMC. Het aanbestedingstraject wordt begeleid vanuit de gemeente Den Haag. Deze dienstverlening maakt onderdeel uit van de bedrijfsvoeringstoeslag. Er zijn derhalve geen extra kosten te verwachten.

Inzet op behoud medewerkers Werving en behouden van nieuwe vaste medewerkers: ‘binden & boeien’ Ondanks de grote inspanningen die de VTH-professionals dagelijks verrichten, blijven de wachtlijsten aanwezig. VTH heeft nog steeds een tekort aan capaciteit in haar formatie, met verhoogde werkdruk tot gevolg. Dit is een landelijk probleem waarmee meerdere organisaties in het netwerk worstelen, zoals de jeugdbescherming. VTH heeft het aannemen en opleiden van nieuwe collega’s tot een topprioriteit gemaakt en verwacht meerdere nieuwe collega’s aan te nemen. Ook detacheringsbureaus zetten mensen in voor VTH. VTH heeft haar aannamebeleid opnieuw geëvalueerd. Voorheen werden alleen medewerkers aangenomen met een directe SKJ-registratie, omdat deze registratie noodzakelijk is voor alle zaken waar kinderen bij betrokken zijn.

33

Momenteel worden ook medewerkers aangenomen met een ontwikkeltraject, op weg naar de SKJregistratie. VTH stippelt hiervoor per medewerker het beste traject uit, waarbij de medewerker zo snel mogelijk ingezet kan worden in het werkveld. VTH ontwikkelt doorlopend initiatieven om de medewerkers te behouden en te motiveren. Zo heeft VTH de nieuwe werkgroep ‘Binden & Boeien’ opgericht, die onderwerpen behandeld op gebied van communicatie en personeelszaken (zoals arbeidsvoorwaarden, opleiding e.d.) en een brug slaat tussen management en de medewerkers. De werkgroep bestaat uit een regiomanager, een HRmanager, een communicatieadviseur en een beleidsmedewerker. Daarnaast houdt VTH een periodiek ‘brand event’. Dit is een bijeenkomst waarin VTH haar expertise deelt met geïnteresseerden uit het werkveld (zoals ketenpartners en maatschappelijke instanties). Naast het geven van voorlichting is dit event bedoeld om potentiële nieuwe medewerkers te werven voor VTH. Het event kon in 2020 niet doorgaan in verband met de Corona pandemie, maar staat inmiddels gepland voor het voorjaar van 2022. Ook loopt een verkenning bij de GI’s (Jeugd Bescherming West en William Schikker Groep), de RvdK en VTH om een gezamenlijk traineeship aan te bieden aan professionals die interesse hebben in het werken in de jeugdbeschermingsketen. In 2019 is VTH verhuisd van de Waldeck Pyrmontkade naar het Westeinde.

Destijds is niet geïnvesteerd in de aankleding van de locatie, waardoor de wachtruimte ‘steriel’ aandoet voor de beleving van het kind, ook de locaties van Zoetermeer en Delft zijn qua inrichting en aankleding verouderd. VTH stelt voor om jaarlijks een budget van € 10.000 op te nemen voor de aankleding, inrichting en materialen voor de locaties Westeinde, Zoetermeer en Delft. Voorts heeft VTH het project ‘Veerkracht’ opgezet, wat zich erop richt om kinderen na een moeilijk kindgesprek een klein presentje te geven, zoals een knuffeltje. In de begroting van VTH wordt hiervoor jaarlijks € 1.000 opgenomen. VT-8: Inzet op behoud medewerkers In de begroting wordt een structurele begrotingspost opgenomen van €11.000,- t.b.v. de locaties en het project ‘Veerkracht’. Deze kosten worden binnen de begroting van VT opgevangen worden door de budgettaire ruimte die ontstaat door de actualisatie van het aantal meldingen en adviezen.

3.6 Informatievoorzienig en ICT ICT-migratie Sinds 1 januari 2018 maakt VTH deel uit van de gemeente Den Haag. De ICT-voorzieningen zijn echter nog gefragmenteerd geregeld, en het deel dat bij externe leveranciers ligt zal aanbesteed moeten worden. In 2021 is daarom de mogelijke migratie van ICT van diverse externe leveranciers naar de dienstverlening van gemeente Den Haag onderzocht. Belangrijke motivatie is het opheffen van dubbele kosten en synergie met de digitale werkomgeving van de gemeente. Er is een onderzoek uitgevoerd, om te bekijken wat er nodig is om de ICT-migratie uit te voeren. Het project moet ervoor zorgen dat VTH beschikking krijgt over IT-basisdiensten: laptops, kantoorautomatisering (inclusief SharePoint en Teams), bijbehorende infrastructuur, telefonievoorzieningen, toegang voor Clavis en migratie van zowel documenten (netwerkschijven) als mailboxen. Uit het onderzoek blijkt dat er een eenmalige investering nodig is. Tegenover de eenmalige investering staan echter ook structurele besparingen op de exploitatielasten, aangezien er momenteel dubbel wordt betaald voor bepaalde onderdelen (bijvoorbeeld de licenties voor Microsoft Office). Na de migratie kunnen diverse diensten die nu worden afgenomen bij externe leveranciers worden stopgezet.

Aangezien het migratieproject nog uitgevoerd moet worden is het ingewikkeld om de financiële consequenties volledig te overzien en daarom wordt voorlopig voorzichtigheidshalve rekening gehouden met een structurele besparing van € 87.000. Indien na afloop blijkt dat de structurele besparing groter is dan wordt dit voordeel op dat moment alsnog verwerkt.

34

Samengevat zijn de financiële consequenties in 2022 naar verwachting als volgt: Eenmalige kosten migratie

€150.000

Vervallen kosten licenties en telefonie DH

€

-175.000

Bijstelling standaardtarief dienstverlening Den Haag

€

100.000

Stopzetten dienstverlening externe leveranciers

€

-162.000

Inschatting totale structurele besparing

€

87.000

Dit betekent dat de eenmalige projectkosten kunnen worden gedekt uit de besparing op de beheerlasten. VT-9: ICT-migratie In de begroting 2022 wordt een structurele besparing van €87.000,- verwerkt t.b.v. de ICTmigratie. De eenmalige projectkosten in 2022 worden gedekt door de besparing op de beheerlasten in dit jaar.

Kwaliteitsimpuls website Veilig Thuis Haaglanden heeft de wens om de huidige website te professionaliseren. Bij elke website komt beheer kijken. Dit betreffen redactionele werkzaamheden (het maken en onderhouden van content), maar ook functioneel beheer (bijv. het inrichten van het systeem of gebruikersbeheer). Voor de website van Veilig Thuis Haaglanden is het beheer nu onvoldoende georganiseerd. Daarom is het voorstel het functioneel beheer van de website een vaste plek te geven binnen VTH, zodat de website blijvend actueel is en voldoet aan de webrichtlijnen voor overheidsorganisaties. De werkzaamheden vragen structureel om een extra inzet van circa 4 uur per week. Aanvankelijk zal daarnaast extra inzet nodig zijn, vanwege de professionaliseringsslag die gemaakt moet worden. Hier is gedurende vier maanden 20 uur per week voor nodig. In totaal leidt dit in 2022 naar verwachting tot een totaal benodigd bedrag van € 27.000 en structureel tot een extra last in verband met het beheer van € 12.000 per jaar. VT-10: Kwaliteitsimpuls website In de begroting 2022 wordt een budget van €27.000,- en vanaf 2023 een budget van €12.000 voor de structurele beheerskosten opgenomen. Deze kosten kunnen binnen de begroting van VT opgevangen worden door de budgettaire ruimte die ontstaat door de actualisatie van het aantal meldingen en adviezen.

Aanvulling budget algemene kosten De begroting van VT bestaat vooral uit budget voor personele kosten (salarislasten, opleidingsbudget en overige personele kosten). Daarnaast is jaarlijks € 400.000 beschikbaar voor materiële kosten. Dit budget is vooral bedoeld voor kosten met betrekking tot ICT, tolken, beveiliging en leaseauto’s. De afgelopen jaren is gebleken dat er naast deze kosten ook kosten gemaakt worden in het kader van de doorontwikkeling van Veilig Thuis op het vlak van organisatieadvies, bijeenkomsten en lidmaatschappen aan landelijke organisaties en deelname aan netwerken. Om bovenstaande zaken structureel mogelijk te maken stelt VT voor € 18.000 van de ruimte die ontstaat door het actualiseren van de aantallen meldingen en adviezen hiervoor in te zetten.

35

Aanbesteding clientvolgsysteem Het contract van het huidige clientvolgsysteem ‘Clavis’ loopt af op 31 december 2022. Vanuit wettelijk oogpunt moet voor het vernieuwen van het contract een aanbestedingstraject worden gestart. Het voorstel leidt tot het volgende begrotingsvoorstel: VT-11: Aanvulling budget algemene kosten Vanaf 2022 wordt jaarlijks een budget van € 18.000 toegevoegd aan de begroting om algemene kosten binnen VTH te dekken. Dit kan door een verschuiving van budget binnen de begroting van VTH door de budgettaire ruimte die ontstaat door de actualisatie van het aantal meldingen en adviezen. Aanbesteding clientvolgsysteem Indicatie kosten initiatiefase

€

2022 4.000

Indicatie projectkosten (Uren projectleider beide fases, opstellen PvE, kosten aanbesteding)

€ 100.000

Indicatie investeringskosten (implementatie systeem; ontwerpen, inrichting, testen, opleiden)

€ 150.000

Indicatie exploitatiekosten applicatie (o.b.v. huidige kosten Clavis bij 250 gebruikers – licenties, beheer en technisch onderhoud)

€

Totaal kosten

€ 345.000

91.000

VT-12: Aanbesteding cliëntvolgsysteem In de begroting van 2022 wordt een incidentele begrotingspost opgenomen van €345.000,t.b.v. de aanbesteding cliëntvolgsysteem. Een deel van de kosten (€ 240.000) kan gedekt worden uit de reserve die onder andere voor dit doel gevormd is bij de jaarrekening 2021 bij de GR. Het overige deel van de kosten kan opgevangen worden binnen de begroting van VT door de budgettaire ruimte die ontstaat door de actualisatie van de aantallen meldingen en adviezen.

36

3.5. Totaaloverzicht budgettaire consequenties In onderstaande tabel is een totaaloverzicht opgenomen van de voorstellen van VTH met financiële consequenties in 2022, 2023 en verder. Voorstellen met een structureel effect zijn voorzien van de letter S (=structureel) in de laatste kolom van de tabel. Uit de tabel blijkt dat de voorstellen binnen de begroting opgevangen kunnen worden. 2022

2023 I/S

Actualisatie prognose verwachte aantallen adviezen/meldingen

€ -169.000

€ -169.000

S

Zorg en Veiligheidshuis Haaglanden

€

65.000

€

65.000

S

Inzet op behoud medewerkers

€

11.000

€

11.000

S

Klachtencommissie & Calamiteitencommissie

€

30.000

€

30.000

S

ICT-migratie

€

-87.000

€

-87.000

S

Kwaliteitsimpuls website

€

27.000

€

12.000

S

Aanvulling budget algemene kosten VTH

€

18.000

€

18.000

S

Aanbesteding cliëntvolgsysteem

€

345.000

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=middendelfland&id=be4b9b64-7607-4876-a3e9-1b9fc6820d7a