07 bijlage 1 Lijst A - overzicht voor te stellen maatregelen
Tekst van het document
Uitgaande van 5% indexering, bij gelijkblijvende rijksfinanciering. NB: in de tabel is deze prijsontwikkeling voor nu buitenbeschouwing gelaten, vanuit de veronderstelling dat stijgend prijspeil uiteindelijk ook in een hogere rijksbijdrage tot uiting komt. Dit is echter nog een onzekerheid. 1
Kolom1 2024 autonome lijn Huidige begroting Huidig verwacht tekort
4.020.000
2025 2026 2027 2028 2029 2030 4.200.000 4.200.000 4.200.000 4.200.000 4.200.000 4.200.000 3.930.372 3.930.372 3.930.372 3.930.372 3.930.372 3.930.372 269.628 269.628 269.628 269.628 269.628 269.628
effect maatregelen effect regionale nieuwe inkoop maatregelen beleidskader effect extra handhaving effect toets ED effect huisartsproject Beoogde besparing
60.000 15.000 30.000 105.000
200.000 70.000 20.000 100.000 390.000
226.000 250.000 100.000 120.000 100.000 796.000
296.000 200.000 100.000 120.000 100.000 816.000
430.000 100.000 120.000 100.000 750.000
480.000 100.000 120.000 100.000 800.000
11.427 7.500 40.000 58.927
34.280 15.000 25.000 80.000 154.280
15.000 10.000 80.000 105.000
15.000 10.000
15.000 10.000
15.000 10.000
25.000
25.000
25.000
4.153.927 223.555
3.964.280 33.908
3.509.000 -421.372
3.409.000 -521.372
3.475.000 -455.372
3.425.000 -505.372
benodigde investeringen regionale nieuwe inkoop extra inzet handhaving dyslexie huisartsenproject/bestandsreductie
Beoogde begroting Benodigde bijraming/ mogelijke aframing
Autonome kostenontwikkeling De kostenontwikkeling jeugdhulp is al jarenlang een zorgenkind. Huidige kostenniveau zit op ruim 4 miljoen euro. Gezien onzekerheden over ontwikkeling rijskfinanciering (in hoeverre neemt het rijk de aanbevelingen van de cie Van Ark over, en in hoeverre houdt het rijk in de financiering van gemeenten rekening met prijsontwikkelingen in de sector?), houden we als het basisuitgavenniveau voor de komende jaren de reële uitgaven over 2024 aan. Dit is echter een onzekerheid. Indien prijsontwikkelingen doorzetten en rijksfinanciering wordt de urgentie voor aanvullende maatregelen alleen maar groter. Ter illustratie: kosten kunnen dan – alleen al bij een stijging van 5% aan prijspeil – bij ongewijzigd beleid oplopen tot 5 miljoen euro in 2029. Effect Nieuwe inkoop Per 2027 zal de nieuwe inkoopronde ingaan. Regionaal wordt deze inkoopronde momenteel voorbereid. Door een gesegmenteerde inkoop (meer maatwerk in de contractafspraken met aanbieders per zorgsegment) verwachten we effectiever en dus goedkoper in te gaan kopen. De beoogde opbrengsten (zoals berekend in de hervormingsagenda) zijn in de tabel meerjarig verwerkt. Effecten Beleidskader jeugd Aan het door de raad vastgestelde beleidskader jeugd is een concreet uitvoeringsprogramma verbonden, met een groot aantal maatregelen.
Op twee manieren dragen deze maatregelen bij aan het terugbrengen van de kosten voor jeugdhulp: enerzijds door versterken van preventie, waardoor er minder vraagstukken bij het lokaal team terecht komen. Anderzijds door de ‘poortfunctie’ van het lokaal team te versterken (via aanscherping verordening, werkprocessen, extra controles bij indicaties en verlengingen). Het verwachtte effect van de maatregelen uit het beleidskader hebben we meerjarig verwerkt. Effecten aanvullende maatregelen Om meer en sneller te kunnen sturen op de afname van kosten, stellen wij een drietal aanvullende maatregelen voor. -
Maatregel extra handhaving: Sinds medio 2024 heeft de gemeente beschikking over een aantal uren onderzoekscapaciteit om oneigenlijke inzet van zorggelden op te sporen. Op basis van de bevindingen en lopende onderzoeken, verwachten we dat extra inzet hierop bijdraagt aan besparing op de kosten (door terugvordering, beëindiging en preventie).
-
Maatregel Poortfunctie dyslectie Indicaties voor enkelvoudige dyslectie verlopen via scholen. Het beeld in den lande is dat er hierbij in een aantal gevallen te snel tot jeugdhulp wordt overgegaan. Er zijn gemeenten
die aanzienlijke besparingen hebben weten te realiseren door het invoering van een toets op deze indicaties. Geadviseerd wordt deze toetsing in Midden-Delfland in te voeren. -
Maatregel huisartsenproject en bestandsreductie De afgelopen twee jaar zien we een verschuiving in de afgifte van indicaties vanuit de gemeente naar de huisartsen en vrije verwijzers. Mogelijk is dit een effect van het strengere indiceren door de gemeente. Om de verwijzingen vanuit huisartsen terug te brengen, adviseren wij gedurende twee jaar een huisartsenproject te starten waarbij zorgvragen die bij huisartsen terecht in meer gevallen worden doorgeleid naar het lokale team ter beoordeling. Gekoppeld hieraan stellen we voor een medewerker tijdelijk vrij te maken voor een bestandsdoorlichting/herbeoordeling van de meest kostbare clienten/gezinnen in behandeling. De veronderstelling daarbij is dat de zorgvraag van de betreffende gezinnen reeel is, maar dat de ingezette zorg in een aantal gevallen effectiever en er daarmee goedkoper kan worden georganiseerd.
Beleidsmatige projectleiders capaciteit Het domein jeugdhulp is beleidsmatig een van de meest complexe beleidsterreinen. Door de samenloop van grote projecten (regionale kostenbeheersing, uitvoering beleidskader, lokale aanpak kostenbeheersing), is de beschikbare beleidsmatige capaciteit (1 fte voor het gehele jeugdbeleid) te kwetsbaar om met voldoende urgentie uitvoering te geven aan kostenbeheersing. Om die reden wordt geadviseerd om voor een periode van twee jaar een tweede beleidsmedewerker jeugd (projectleider kostenbeheersing) aan te stellen. Hiermee is een bedrag gemoeid van tussen de 60.000 en 85.000 euro. NB: Deze tijdelijke capaciteit is nog niet in de tabel opgenomen, omdat dit ook zou kunnen via een herschikking van beleidscapaciteit indien bezuinigingsmaatregelen ertoe leiden dat op andere terreinen substantieel werk verdwijnt.
Fiche 34 medische keuringen Thema en taakveld in de begroting: 669100 WMO medische keuringen (gebeurt 3 tot 4 keer per jaar. Vooral bij twijfel over ingezette zorg) Maatregel: Geraamde budget is gebaseerd op reeel gebruik. Overwogen kan worden het geraamde bedrag bij te stellen bijvoorbeeld naar 3500 euro Wat is het financiële effect van de maatregel: 2025: 2026: 1200 2027: idem 2028ev: idem Welke concrete activiteiten of diensten komen te vervallen agv deze maatregel, of worden beperkt? Er komen geen activiteiten te vervallen. De kans op een overschrijding wordt alleen groter, wanneer er in een jaar onverhoopt meer keuringen nodig blijken Maatschappelijk effect (beïnvloedt de voorgestelde bezuiniging het algemene welzijn en de levenskwaliteit van onze inwoners) / denk tevens hierbij aan impact op leefomgeving. (zoals bijvoorbeeld veiligheid). Geen Efficiëntie en effectiviteit (kunnen maatregelen worden genomen zonder dat het direct de kwaliteit van de dienstverlening raakt) Niet anders dan wat hierboven is geschreven Toekomstige impact (heeft de bezuinigingsmaatregel op de lange termijn impact) Mogelijk dat op enig moment moet worden bijgeraamd Uitvoering collegeprogramma/coalitieakkoord (raakt dit de uitvoering van het collegeprogramma/coalitieakkoord) danwel amendementen / moties / of welk beleid wordt geraakt. Nvt
Fiche 35 WMO PGB Thema en taakveld in de begroting: 667911 PGB WMO Huishoudelijke hulp 667912 PGB WMO Begeleiding WMO PGB Maatregel: Gegeven de aflopende trend over de afgelopen jaren in het gebruik van PGB’s kan overwogen worden het geraamde bedrag te verlagen, met maximaal 20%. Daarbij moet wel de kanttekening worden gemaakt dat het geraamde budget bij het opstellen van de begroting 2025 ev al naar beneden is bijgesteld op basis van reëel gebruik. Daarmee verwachten we geen ruimte voor extra aframingen, tenzij het aantal rechtmatige aanvragen om een PGB afneemt. Wat is het financiële effect van de maatregel: 2026: 20.000 2027: idem 2028ev: idem Welke concrete activiteiten of diensten komen te vervallen agv deze maatregel, of worden beperkt? Er komen geen activiteiten te vervallen. De kans op een overschrijding wordt alleen groter, wanneer er in een jaar overhoopt meer PGB’s verstrekt worden Maatschappelijk effect (beïnvloedt de voorgestelde bezuiniging het algemene welzijn en de levenskwaliteit van onze inwoners) / denk tevens hierbij aan impact op leefomgeving. (zoals bijvoorbeeld veiligheid). Geen. Ongeacht het te ramen bedrag, dienen PGB’s waarop volgens de wettelijke eisen aanspraak kan worden gemaakt, te worden verleend.
Efficiëntie en effectiviteit (kunnen maatregelen worden genomen zonder dat het direct de kwaliteit van de dienstverlening raakt) Niet anders dan wat hierboven is geschreven Toekomstige impact (heeft de bezuinigingsmaatregel op de lange termijn impact) Zie hierboven Uitvoering collegeprogramma/coalitieakkoord (raakt dit de uitvoering van het collegeprogramma/coalitieakkoord) danwel amendementen / moties / of welk beleid wordt geraakt. Het coalitieakkoord stelt: “De Wmo wordt naar behoren uitgevoerd. Wij vragen aandacht van het college voor de toegankelijkheid voor alle inwoners, mede op basis van ondersteuning bij aanvragen en gebruik van formulieren.” Het collegeprogramma stelt: “Voor inwoners die zijn aangewezen op ondersteuning, bieden we afhankelijk van de behoefte - passende vormen van maatschappelijke ondersteuning en zorg.”
Fiche 36 WMO ZIN Thema en taakveld in de begroting: 666002 666003 666004 667114 667120 667130 667914 WMO Zorg in natura . Betreft alle individuele maatschappelijke ondersteuning waaronder: Woonvoorzieningen, Rolstoelvoorzieningen, Vervoersvoorzieningen, Huishoudelijke hulp, Begeleiding, Dagbesteding, PGB Vervoersvoorziening Maatregel: Betreft alle individuele verstrekking voortvloeiend uit de wet, en de hieronder liggende landelijke en lokale wet en regelgeving. Belangrijk maatregel die in voorbereiding is betreft de nieuwe inkoop per januari 2027. Afhankelijkheden die aan de orde zijn op dit terrein zijn onder meer: kostprijsontwikkeling/CAO’s, schaarste arbeidsmarkt, voorgenomen afschaffen abonnementstarief. Ook de inspanningen die momenteel in voorbereiding en uitvoering zijn vanuit de middelen IZA en GALA kunnen mogelijk leiden tot een afname aan maatwerkvoorzieningen wmo. Op dit moment is het moeilijk een goede inschatting te maken over een eventuele af of bijraming. Jaarrekeningcijfers over 2024 kunnen hierin helpen. Vooralsnog adviseren we 1 concrete maatregel: uitbreiden uren voor onderzoek handhaving met 15.000 per jaar structureel ingaand met 2025. Vanaf 2026 verwachten we daarmee 70.000 per jaar te besparen. Hierdoor kan op de beschikbare middelen vanaf 2026 een bedrag worden ingeboekt van 55.000 per jaar.
Wat is het financiële effect van de maatregel: 2025: 15.000 bijramen 2026: 55.000 aframen 2027: idem 2028ev: idem Welke concrete activiteiten of diensten komen te vervallen agv deze maatregel, of worden beperkt?
Maatschappelijk effect (beïnvloedt de voorgestelde bezuiniging het algemene welzijn en de levenskwaliteit van onze inwoners) / denk tevens hierbij aan impact op leefomgeving. (zoals bijvoorbeeld veiligheid).
Efficiëntie en effectiviteit (kunnen maatregelen worden genomen zonder dat het direct de kwaliteit van de dienstverlening raakt)
Toekomstige impact (heeft de bezuinigingsmaatregel op de lange termijn impact)
Uitvoering collegeprogramma/coalitieakkoord (raakt dit de uitvoering van het collegeprogramma/coalitieakkoord) danwel amendementen / moties / of welk beleid wordt geraakt. Het coalitieakkoord stelt: “De Wmo wordt naar behoren uitgevoerd. Wij vragen aandacht van het college voor de toegankelijkheid voor alle inwoners, mede op basis van ondersteuning bij aanvragen en gebruik van formulieren.” Het collegeprogramma stelt: “Voor inwoners die zijn aangewezen op ondersteuning, bieden we afhankelijk van de behoefte - passende vormen van maatschappelijke ondersteuning en zorg.”
Fiche 37 Antidiscriminatie-voorziening Thema en taakveld in de begroting: Antidiscriminatie Thema:
Algemene dekkingsmiddelen
Taakveld: Antidiscriminatie-voorziening Maatregel: €1.000 bezuinigen Wat is het financiële effect van de maatregel: 2025: € 10.600 beschikbaar in begroting i.p.v. €11.600 2026: € 10.600 beschikbaar in begroting i.p.v. €11.600 2027ev: € 10.600 beschikbaar in begroting i.p.v. €11.600 Uit deze post financieren wij de wettelijk verplichte anti-discriminatie voorziening. Vanaf 2027 geldt er naar verwachting nieuwe wet en regelgeving rondom om antidiscriminatiebeleid. Hierdoor krijgen we minder inkomsten vanuit het gemeentefonds. Dit ligt nu op €0,77 per inwoner (dus ongeveer €15.000, waarvan we dus slechts een beperkt bedrag hebben opgenomen op onze begroting) en wordt dan naar verwachting €0,26 (dus ongeveer €5.050). Welke concrete activiteiten of diensten komen te vervallen agv deze maatregel, of worden beperkt? Met deze maatregel is er minder speelruimte mogelijk voor andere initiatieven op dit gebied. Er komen geen activiteiten of diensten te vervallen. Door minder inkomsten vanuit gemeentefonds vanaf 2027, lijkt meer bezuinigen op deze post onverstandig. Bij een nog zwaardere bezuiniging dan €1.000 op deze post is het niet mogelijk om op nieuwe lokale ontwikkelingen in te spelen, zoals op de komst van het AZC. Op dit moment zijn we bezig met het opstellen van een lokale inclusie agenda, mogelijk zijn aan de uitvoering hiervan kosten verbonden.
Ook bestellen we vanuit dit budget bijvoorbeeld vlaggen voor organisaties die net als de gemeente op belangrijke dagen voor de LHBTI-gemeenschap willen vlaggen om hun te laten zien dat ze achter deze groep staan. Maatschappelijk effect (beïnvloedt de voorgestelde bezuiniging het algemene welzijn en de levenskwaliteit van onze inwoners) / denk tevens hierbij aan impact op leefomgeving. (zoals bijvoorbeeld veiligheid). Door te besparen kunnen we als gemeente minder (extra) aandacht besteden aan de minderheden in onze samenleving, denk aan personen met een beperking of personen die behoren tot de LHBTIQ-gemeenschap. Dit kan een direct effect hebben op hun welzijn. Bij de voorgestelde besparing, blijft er vooralsnog voldoende budget over om activiteiten uit te voeren. Efficiëntie en effectiviteit (kunnen maatregelen worden genomen zonder dat het direct de kwaliteit van de dienstverlening raakt)
De voorgestelde maatregelen hebben geen effect op de huidige dienstverlening, wel hebben we minder ruimte om dienstverlening aan te bieden aan mensen met een beperking of die behoren aan de LHBTIQ gemeenschap. Toekomstige impact (heeft de bezuinigingsmaatregel op de lange termijn impact) Een minder inclusieve samenleving. Uitvoering collegeprogramma/coalitieakkoord (raakt dit de uitvoering van het collegeprogramma/coalitieakkoord) danwel amendementen / moties / of welk beleid wordt geraakt. In het collegewerkprogramma 2024 -2026 is opgenomen dat het college inclusiviteit en (acceptatie van) diversiteit cruciaal vindt. Het doel van het college is om dit te bevorderen door gelijke kansen te bieden en discriminatie op basis van etniciteit, cultuur, geslacht, seksuele geaardheid en religie uit te bannen. Initiatieven die gelijke kansen bevorderen, discriminatie bestrijden worden gestimuleerd, net als initiatieven en ontwikkelingen die het gevoel van verbondenheid en solidariteit versterken. Ook in het coalitieakkoord op hoofdlijnen 2022 – 2026 is opgenomen dat Midden-Delfland een inclusieve gemeente wil zijn en dat het hiervoor van belang is dat hier permanente aandacht voor is op alle beleidsterreinen en dat bewustwording in de samenleving wordt gestimuleerd. Door te bezuinigen op deze post is het niet goed mogelijk bovenstaande een gewenste impuls te geven.
Hier is meer voor nodig dan het nu beschikbare budget. Het beschikbare bedrag maakt het wel mogelijk om enkele kleine initiatieven te ontplooien die mogelijk voortkomen uit de Lokale Inculsie Agenda waar we aan werken en een verplichting is voortkomend uit de ratificatie van het VN-verdrag handicap.
Fiche 38 – Onderwijs Algemeen Onderwerp / FCL overzicht: 643001 – Onderwijs Algemeen Weging: Groen voor Anne Frankkrant Maatregel:
Niet langer betalen van Anne Frankkrant voor de scholen (dit kost circa € 700). Krapper begroten subsidie nieuwkomers (voor regulier onderwijs), uitgaan van 1 volledige aanvraag per jaar (dit is € 4500). Andere werkwijze speltherapie (is al ingegaan, geen besparing maar van ander budget). Wat is het financiële effect van de maatregel: Totale verwachte besparing: € 700 door keuze (en bekostiging) voor Anne Frankkrant aan de scholen over te laten. Deze post bestaat uit verschillende onderdelen:
Anne Frankkrant Gezamenlijke kosten voor samenwerkingsverbanden en overig/algemeen. Subsidie nieuwkomers in regulier onderwijs en subsidie mentorprogramma Schools Cool ter vermindering van schooluitval, aanpak achterstanden en vergroten zelfvertrouwen.
Vanwege gezamenlijke verantwoordelijkheid in de samenwerkingsverbanden stellen we geen bezuiniging voor op dit onderdeel. Evenals voor het onderdeel subsidie nieuwkomers: Het is onzeker hoeveel aanvragen voor subsidie nieuwkomers er binnen komen. Daarom is het onverstandig om op dit onderdeel te besparen. Welke concrete activiteiten of diensten komen te vervallen agv deze maatregel, of worden beperkt? Het aanbieden van de Anne Frankkranten voor de basisscholen (de scholen kunnen dit uiteraard zelf wel bestellen indien ze dat willen). Maatschappelijk effect (beïnvloedt de voorgestelde bezuiniging het algemene welzijn en de levenskwaliteit van onze inwoners) / denk tevens hierbij aan impact op leefomgeving. (zoals bijvoorbeeld veiligheid). Niet of nauwelijks. Efficiëntie en effectiviteit (kunnen maatregelen worden genomen zonder dat het direct de kwaliteit van de dienstverlening raakt) Indien de scholen de Anne Frankkrant willen behouden voor hun leerlingen, kunnen ze deze zelf bestellen. Toekomstige impact (heeft de bezuinigingsmaatregel op de lange termijn impact) Beperkt. Uitvoering collegeprogramma/coalitieakkoord (raakt dit de uitvoering van het collegeprogramma/coalitieakkoord) danwel amendementen / moties / of welk beleid wordt geraakt. N.v.t.
Fiche 39 onderwijshuisvesting Thema en taakveld in de begroting: Thema: Onderwijshuisvesting Taakveld: Gemeentelijke verantwoordelijkheid voor nieuwbouw, vernieuwbouw en onderhoud van schoolgebouwen. Maatregel: Om binnen het beschikbare budget te blijven en efficiënt om te gaan met onderwijshuisvesting, worden de volgende maatregelen voorgesteld:
Multifunctioneel ruimtegebruik: Het combineren van onderwijsruimtes met andere maatschappelijke functies, zoals kinderopvang of sportfaciliteiten, om exploitatiekosten te delen. Dit sluit aan bij de strategieën uit het IHP. Optimalisatie van bestaande capaciteit: Efficiënter gebruik maken van beschikbare lokalen en schoolgebouwen, inclusief het herverdelen van ruimte tussen scholen indien mogelijk. Dit is met name relevant voor locaties waar tijdelijke tekorten spelen. Uitbreiding met semipermanente huisvesting in plaats van permanente nieuwbouw: Dit voorkomt lange termijn leegstand bij toekomstige leerlingendaling en biedt flexibiliteit. Dit past binnen de strategie die in het IHP is genoemd voor groeiende gebieden. Prioritering van renovatie boven nieuwbouw, mits haalbaar: Waar mogelijk wordt eerst gekeken naar renovatie en verduurzaming in plaats van volledige vervangende nieuwbouw, tenzij de technische staat van een gebouw dit niet toelaat (zoals bij de Mariaschool in Den Hoorn). Uitstel van niet-noodzakelijke investeringen: Investeringen in gebouwen met al een hoge duurzaamheid en goede functionaliteit worden uitgesteld, tenzij dit de basiskwaliteit van het onderwijs raakt. Herbestemmen van overtollige ruimte op lange termijn: In gebieden waar leerlingenaantallen op termijn afnemen, wordt onderzocht of bepaalde schoollocaties anders benut kunnen worden.
Echter, dit is niet op korte termijn toepasbaar gezien de huidige tekorten op enkele locaties.
Wat is het financiële effect van de maatregel:
Kostenbesparing op exploitatie door minder energieverbruik en efficiënter ruimtegebruik. Lagere kapitaallasten door uitstel of beperking van investeringen in nieuwbouw. Mogelijke inkomsten uit verhuur of verkoop van onderbenutte onderwijslocaties, maar alleen op lange termijn waar dit haalbaar is. Efficiëntere inzet van middelen door prioritering van renovatie boven vervangende nieuwbouw.
Welke concrete activiteiten of diensten komen te vervallen agv deze maatregel, of worden beperkt?
Vermindering van flexibiliteit in huisvesting als gevolg van clustering en herbestemming van ruimtes. Minder fysieke uitbreidingen van schoolgebouwen, waardoor groeiende scholen creatiever met ruimte moeten omgaan. Mogelijk langere reistijden voor leerlingen indien scholen moeten worden samengevoegd of voorzieningen worden geconcentreerd.
Maatschappelijk effect (beïnvloedt de voorgestelde bezuiniging het algemene welzijn en de levenskwaliteit van onze inwoners) / denk tevens hierbij aan impact op leefomgeving. (zoals bijvoorbeeld veiligheid).
Positief: Besparingen kunnen worden hergebruikt voor andere maatschappelijke
investeringen. Negatief: Mogelijk minder spreiding van onderwijsvoorzieningen, waardoor sommige leerlingen verder moeten reizen. Leefomgeving: Mogelijke toename van verkeersstromen rondom overgebleven schoollocaties en afname van maatschappelijke voorzieningen in buurten waar locaties worden afgestoten.
Efficiëntie en effectiviteit (kunnen maatregelen worden genomen zonder dat het direct de kwaliteit van de dienstverlening raakt)
De uitvoering van deze maatregelen vraagt om een intensieve samenwerking met schoolbesturen, die verantwoordelijk worden voor een efficiëntere inzet van ruimtes, planning en middelen. Dit kan leiden tot extra administratieve en organisatorische lasten, en het risico dat schoolbesturen hun onderwijskwaliteit niet optimaal kunnen waarborgen door extra druk op personeel en middelen. Door multifunctioneel gebruik van schoolgebouwen kan bespaard worden zonder direct in te boeten op onderwijskwaliteit. Slimmer ruimtegebruik en semipermanente uitbreiding biedt de benodigde flexibiliteit zonder direct grote investeringen te vergen. Scholen blijven functioneel en voldoen aan de minimale wettelijke normen, ondanks beperkingen in uitbreidingsmogelijkheden.
Toekomstige impact (heeft de bezuinigingsmaatregel op de lange termijn impact)
Hoewel deze maatregelen financiële voordelen opleveren, kunnen ze op lange termijn ook risico’s met zich meebrengen. Het uitstellen van investeringen kan bijvoorbeeld resulteren in oplopende onderhoudskosten en verouderde schoolgebouwen, wat uiteindelijk juist hogere kosten kan veroorzaken. De focus op efficiënter ruimtegebruik en clustering kan de veerkracht van het onderwijssysteem verminderen. Als de leerlingenaantallen onverwacht stijgen, kan er onvoldoende flexibiliteit zijn om hierop in te spelen zonder extra investeringen.
Uitvoering collegeprogramma/coalitieakkoord (raakt dit de uitvoering van het collegeprogramma/coalitieakkoord) danwel amendementen / moties / of welk beleid wordt geraakt.
Bezuinigingen kunnen gevolgen hebben voor afspraken over inclusiviteit, passend onderwijs en duurzaamheid. Door ruimte strategisch in te zetten en samenwerkingen aan te gaan met maatschappelijke partners, kan de gemeente alsnog voldoen aan haar ambities voor kwalitatief goede onderwijshuisvesting.
Fiche 40 – Onderwijsachterstandenbeleid Onderwerp / FCL overzicht: 643001 – Onderwijsachterstandenbeleid (OAB) Maatregel: Krapper gaan begroten, waarmee de gemeentelijke bijdrage voor OAB lager wordt begroot. De rijksbijdrage OAB is een SPUK, die onvoldoende is voor ons gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid. Wat is het financiële effect van de maatregel: Toelichting: In Key-2-Fin is voor de jaren 2021 t/m 2025 bekeken wat is toegekend m.b.t. onderwijsachterstandenbeleid, wat de rijksbijdrage was en welke gemeentelijke (extra) bijdrage nodig bleek. Ook is gekeken wat het verschil was in totaal begroot en totaal toegekend. De OAB-gelden worden besteed aan: voorschoolse educatie voor peuters (VE, overgrote deel en wettelijk verplicht) en Kopklas (klein deel). Voor 2025 is anders toegekend, o.b.v. de nieuwe regeling; het kan zijn dat er nog aanvullende aanvragen komen en die passen nog in het begrotingsplafond. Voor 2025 is rekening gehouden met max € 15.000 aan eventuele extra aanvragen (raming voor de “rekensom”). Uit de check in Key-2-Fin blijkt:
Gemiddelde gemeentelijke bijdrage 2021-2025: € 54.000 (dus bovenop SPUK) Toegekend subsidie gemiddeld aan OAB 2021-2025: € 125.375 Inschatting komende jaren nodig, met kleine marge en rekening met prijsstijging (urentarief): € 140.000 In Key-2-Fin staat in de begroting voor de komende jaren een hoger bedrag, zo rond de € 180.000. Wanneer de rijksbijdrage rond de € 85.000 blijft, zou dit een jaarlijkse gemeentelijke bijdrage OAB betekenen van ongeveer € 55.000.
Financieel effect: 2026
: besparing van € 38.700
2027
: besparing van € 42.800
2028
: besparing van € 47.000
2029
: besparing van € 47.000
Welke concrete activiteiten of diensten komen te vervallen agv deze maatregel, of worden beperkt? Hopelijk geen, we gaan krapper begroten. Risico: mochten er meer doelgroeppeuters komen met indicatie voor VE, dan kan het budget onvoldoende blijken. Als het begrotingsplafond wordt overschreden, en het college besluit niet om alsnog aanvullende subsidie toe te kennen, dan kan het gevolg zijn dat peuters op een wachtlijst komen en kunnen wij niet meer goed voldoen aan onze wettelijke verplichting. Maatschappelijk effect (beïnvloedt de voorgestelde bezuiniging het algemene welzijn en de levenskwaliteit van onze inwoners) / denk tevens hierbij aan impact op
leefomgeving. (zoals bijvoorbeeld veiligheid). Voorschoolse educatie van goede kwaliteit voor peuters is een heel belangrijk middel om onderwijsachterstanden tegen te gaan (dat blijkt ook uit onderzoek, e.e.a. is beschreven in ons beleidskader VVE). Mocht de krappere begroting onvoldoende blijken voor OAB, dan nemen kansenongelijkheid en onderwijsachterstanden toe in plaats van af. Efficiëntie en effectiviteit (kunnen maatregelen worden genomen zonder dat het direct de kwaliteit van de dienstverlening raakt) Ja, vermoedelijk wel (maar hier zit enige onzekerheid in, zie hierboven). Toekomstige impact (heeft de bezuinigingsmaatregel op de lange termijn impact) Ja (zie rijtje bij financieel effect). Uitvoering collegeprogramma/coalitieakkoord (raakt dit de uitvoering van het collegeprogramma/coalitieakkoord) danwel amendementen / moties / of welk beleid wordt geraakt. Coalitieakkoord: “De basis voor goed onderwijs is lezen, rekenen en schrijven. Daarnaast hoort ook aandacht voor gezonde voeding, streekproducten, signaleren laaggeletterdheid en het bieden van kansengelijkheid aan alle kinderen.” Collegewerkprogramma: “Ons gemeentelijk beleid richt zich op de gehele ontwikkeling van kinderen in het onderwijs, en die ontwikkeling begint al in de voorschoolse periode.
Door goede voorschoolse voorzieningen als voorschoolse educatie, opvoedingsondersteuning en jeugdgezondheidszorg versterken we de kracht van gezinnen en daarmee de toegang tot onderwijs.”
Fiche 41 Lokaal Onderwijsbeleid Bijlage 1: Q&A LOB (voor onderbouwing handhaving LOB) onderin dit document Onderwerp / FCL overzicht: 643011 / Lokaal Onderwijsbeleid Maatregel: €12.000 bezuinigen op het budget Lokaal Onderwijsbeleid. Het gaat om een begroting van in totaal € 195.000 per jaar. In 2024 is het beleid opnieuw door de raad vastgesteld; in de raadscommissievergadering bleek dat hier breed draagvlak voor is. Gezien de relatie met andere lokale, regionale en landelijke visies/trends (zoals van curatief naar preventief, van individueel naar collectief, hulp/zorg zoveel mogelijk in de directe leefomgeving van het kind, etc.) is volledig wegbezuinigen niet voorgesteld. Wel een bezuiniging van het gangbare percentage 6.2%. Wat is het financiële effect van de maatregel: € 12.000 per jaar (ongeveer 6,2% van het totaalbedrag). Welke concrete activiteiten of diensten komen te vervallen agv deze maatregel, of worden beperkt? Zie voor een uitgebreide beschrijving de toelichting van het lokaal onderwijsbeleid onderin dit document. Bij een vermindering kunnen de activiteiten bij de scholen minder goed of minder vaak worden uitgevoerd. Maatschappelijk effect (beïnvloedt de voorgestelde bezuiniging het algemene welzijn en de levenskwaliteit van onze inwoners) / denk tevens hierbij aan impact op leefomgeving. (zoals bijvoorbeeld veiligheid). Zie onderin.
Efficiëntie en effectiviteit (kunnen maatregelen worden genomen zonder dat het direct de kwaliteit van de dienstverlening raakt) Zie onderin. Toekomstige impact (heeft de bezuinigingsmaatregel op de lange termijn impact) Ja. Uitvoering collegeprogramma/coalitieakkoord (raakt dit de uitvoering van het collegeprogramma/coalitieakkoord) danwel amendementen / moties / of welk beleid wordt geraakt. In het collegewerkprogramma staat: “Goed onderwijs voor onze jeugd, dat streven wij na. Met ons lokaal onderwijsbeleid steunen wij scholen In Midden-Delfland hierbij”. In het coalitieakkoord wordt aandacht gevraagd voor optimalisatie van netwerken aan de voorkant, zoals op scholen, het centraal stellen van de dagelijkse sociale omgeving (zoals de school) in het kader van normaliseren i.t.t. problematiseren. Ook wordt het doel genoemd dat kinderen in de eigen leefomgeving zoveel mogelijk ondersteuning krijgen. Het LOB draagt direct bij aan al deze doelen.
Bijlage bij fiche 643011 – Lokaal Onderwijsbeleid Verdiepende informatie Algemeen Meerdere scholen geven aan dat de middelen vanuit het rijk en/of samenwerkingsverband onvoldoende zijn voor het geven van goed passend en inclusief onderwijs. De LOB-gelden worden bijvoorbeeld ingezet voor kinderen die tussen wal en schip dreigen te raken, maar waarvan de school wel ziet dat zij extra hulp en/of ondersteuning nodig hebben om allerlei uiteenlopende redenen. Scholen willen zoveel mogelijk inzetten op preventie, (extra) hulp/ondersteuning waar wel nodig, maar waar dit niet op een andere manier bekostigd/georganiseerd kan worden. Maatwerk, in de directe omgeving van het kind, namelijk de eigen school. Het gaat hierbij om bijvoorbeeld extra inzet van intern begeleider, onderwijsassistent, gespecialiseerde leerkracht, maar ook extern specialisten, die anders niet bekostigd zou kunnen worden. Scholen werken goed samen met onder andere het samenwerkingsverband en het Maatschappelijk Team van de gemeente. Waar worden LOB-gelden in de praktijk aan besteed door de scholen? Wat zijn voorbeelden? Onderstaande voorbeelden komen van de LOB-aanvragen voor 2024.
Extra inzet intern begeleider, gespecialiseerde leerkracht of extern deskundigen bij opvoed- en/of gedragsproblematiek (Extra) inzet van intern begeleider, gespecialiseerd leerkracht of extern deskundigen bij opvoed en/of gedragsproblematiek in een zo vroeg mogelijk stadium (waar nodig). Door verschillende scholen wordt een toename gezien van het aantal leerlingen met opvoed- en/of gedragsproblematiek.
Remedial teaching (Extra) individuele begeleiding door remedial teachers aan kinderen die leermoeilijkheden of andere problemen (zoals faalangst) hebben.
NT2 Extra begeleiding voor NT2-leerlingen in kleine groepjes en individueel; inzet van een tolk, inzet van gespecialiseerd ondersteuner, extra inzet onderwijsassistent, eventueel logopedist en inzet van gespecialiseerde programma’s voor NT2-leerlingen. NT2-leerlingen: kinderen voor wie Nederlands de tweede taal is, en die extra hulp nodig hebben bij het leren beheersen van de Nederlandse taal. Naast extra begeleiding in taalvaardigheid, wordt bij NT2-leerlingen ook extra aandacht gegeven aan bijvoorbeeld het zich veilig voelen op school en, waar nodig, begeleiding bij sociaal-emotionele problematiek.
Kindercoaches Inzet van kindercoaches voor individuele begeleiding van kinderen met uiteenlopende problematiek zoals bijvoorbeeld leerbelemmerend gedrag, trauma’s, een laag zelfbeeld, subassertiviteit. Kindercoaches maken bijvoorbeeld gebruik van Progressive Mental Alignment (PMA). PMA is een op breinwetenschap gebaseerde vraagtechniek die op zoek gaat naar de (onbewuste) bron van het leerbelemmerend gedrag. (Hierin zijn deze specifieke kindercoaches opgeleid).
Onderzoeken Het laten uitvoeren van individuele onderzoeken
Meer- en hoogbegaafdheid Extra begeleiding voor meer- en hoogbegaafde kinderen: o inzet van (een) gespecialiseerde begeleider(s) voor groepsgewijze begeleiding van hoog- en/of meerbegaafde kinderen (zoals Plusklas, Minimasters, Vooruitgroep).
o o o
inzet van gespecialiseerde programma’s inzet van externe specialist op school, waardoor kinderen niet meer tijdens schooltijd naar een andere gemeente hoeven verbetering kennis/expertise van leerkrachten
Extra ondersteuning binnen de basisondersteuning (Extra) inzet van onderwijsassistent/leraarondersteuner, of pre teaching voor kinderen die niet in aanmerking komen voor een arrangement van het samenwerkingsverband, maar extra ondersteuning buiten de groep nodig hebben. De kinderen hebben extra instructie nodig om de einddoelen van de basisschool te halen.
Extra begeleiding voor kinderen die tussen wal en schip dreigen te raken Extra inzet van intern begeleider, gespecialiseerde leerkracht en/of extern deskundigen voor kinderen waarvoor (nog) geen ontwikkelingsperspectief is opgesteld: kinderen die tussen wal en schip lijken te raken, maar waarbij de school ziet dat ze wel extra hulp/ondersteuning nodig hebben.
Preventieve groepstrainingen Het inzetten van preventieve groepstrainingen aan kinderen door externe professionals, waarbij ook leerkrachten tools ontwikkelen. Een voorbeeld is een preventieve training waarbij kinderen leren dat het groepsproces positief te beïnvloeden is door gedrags- en houdingsverandering bij zichzelf. Leerkrachten krijgen ook tools om samen met de kinderen het groepsproces en het welbevinden van individuele kinderen positief te beïnvloeden waardoor het welbevinden van de kinderen verbetert, en de kinderen tot betere prestaties komen. Ook ouderbetrokkenheid speelt hier een rol.
Waarom is de LOB-subsidie nodig? Het betreft een bestuurlijke keuze. Wanneer het LOB geschrapt zou worden, zou dit voor scholen betekenen dat de extra zorg/ondersteuning zoals bovenstaande voorbeelden niet meer door kan gaan. Dit heeft hoogstwaarschijnlijk ook weer (direct of indirect) impact op (extra) inzet van jeugdhulp en/of (extra) inzet van bijvoorbeeld maatschappelijk werk, die ook vanuit de gemeente wordt gefinancierd. De vraag is dus, of de bezuiniging in de praktijk ook echt zou uitpakken als bezuiniging. Andere gemeenten hebben vaak een dergelijk budget, dit heet bijvoorbeeld “LEA-budget” of anders. Er worden dan aparte aanvragen gedaan bij de gemeente door scholen, of gemeenten maken plannen voor separate projecten/plannen op dit gebied. Het is dus niet per se zo dat andere gemeenten geen budget hebben voor aanvullende zaken, maar het is per gemeente weer anders ingeregeld. Voordelen van het LOB zijn onder andere:
Het is regelluw: geen aparte geldstromen/regelwerk voor de gemeente voor verschillende projecten/plannen, maar 1 centraal LOB-budget waar scholen zelf e.e.a. van organiseren. Eén centrale regeling schept duidelijkheid voor zowel gemeente als scholen: er is vastgelegd (en scholen weten) dat scholen geen beroep kunnen doen op extra financiering vanuit de gemeente voor LOB-gerelateerde zaken. We laten de inschatting wat nodig is aan de expertise van degenen die het dichtst bij de praktijk staan: de scholen. Er is onderling vertrouwen dat dit op een goede manier gebeurt. Inzet van het LOB gebeurt al jarenlang met succes; gemeente en scholen zijn goed bekend met de werkwijze en hebben hier goede ervaringen mee. Door op een zo vroeg mogelijk moment ingrijpen, kunnen we (misschien niet in alle, maar wel in een aantal gevallen) duurdere ondersteuning op later moment voorkomen. Door zo goed mogelijk aanvullende zorg/ondersteuning in de nabije omgeving van het kind te regelen, kunnen we bijvoorbeeld kostbaar leerlingenvervoer (deels) voorkomen. We voorkomen zoveel mogelijk dat hulp/ondersteuning buiten de gemeente gezocht moet worden.
Waarom volstaan andere geldstromen niet, zoals financiering door samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs?
Passend/inclusief onderwijs is inderdaad de verantwoordelijkheid voor samenwerkingsverbanden. De samenwerkingsverbanden organiseren en financieren zaken als basisondersteuning, extra ondersteuning en zware ondersteuning. Uitgangspunt hierbij is, dat kinderen zoveel mogelijk terecht kunnen in het reguliere onderwijs. Echter, scholen geven aan dat deze financiering en de financiering vanuit het rijk, gewoonweg onvoldoende is om goed passend en inclusief onderwijs te bieden. (Overigens geldt dit voor meer zaken, zoals ook bijvoorbeeld onderwijshuisvesting, dat rijksgelden ontoereikend blijken in de praktijk; dit is landelijk onderwerp van discussie maar de verwachting is niet dat dit op korte termijn wordt bijgesteld.) LOB-gelden worden juist voor het “grijze gebied” ingezet: kinderen waarbij de scholen zien dat ze extra begeleiding/zorg/ondersteuning nodig hebben, maar waar geen andere bekostiging voor is. De begeleiding/zorg/ondersteuning kan op allerlei gebieden zijn (zie voorbeelden). Maatregelen mogelijk gemaakt door LOB kunnen juist het verschil maken: bijvoorbeeld om een kind de einddoelen van de basisschool te laten halen. Het gaat vaak om kinderen die tussen wal en schip dreigen te raken. Door schrappen van het LOB dreigen deze kinderen de dupe worden.
Waar is het bedrag van € 195.000 per jaar op gebaseerd? Dit bedrag is in het verleden ooit berekend doordat er een gat in financiering dreigde te ontstaan voor scholen, i.v.m. een overgangsperiode m.b.t. middelen voor passend onderwijs vanuit het rijk. Inmiddels wordt al jarenlang het jaarbudget LOB van € 195.000 in de begroting opgenomen, via een verdeelsleutel uitgekeerd aan de scholen en volledig besteed (dit blijkt uit de verantwoordingen die scholen jaarlijks indienen). Tijdelijk hadden scholen meer te besteden in verband met NPO-gelden vanuit het rijk (deels direct aan scholen en deels via de gemeente), maar deze gelden waren specifiek voor het inhalen van onderwijsachterstanden in relatie tot de Coronapandemie. Inmiddels zijn ook de NPO-gelden door bijna alle scholen volledig ingezet. Maatregelen/plannen die door de scholen met de tijdelijke NPOgelden zijn gefinancierd, moeten helaas in veel gevallen eindigen.
Fiche 42 Subsidie Jeugdsport Thema en taakveld in de begroting: Thema: Subsidies sociaal domein Taakveld: Subsidie Jeugdsport FCL 651001/43803 Maatregel: €2.000 besparen op jeugdsubsidie, bijvoorbeeld door het aanscherpen van de voorwaarden i.r.t. jeugdige sporters van buiten Midden-Delfland of door een algehele taakstelling. De hoogte van de subsidie bedraagt momenteel 11,- per jeugdlid per jaar ongeacht de woonplaats van de jeugdige sporter. Deze subsidie betreft een jaarsubsidie. Voor jaarsubsidies geldt conform Awb, dat deze niet zomaar stopgezet kunnen worden maar hiervoor moet een meerjarige afbouwregeling worden opgesteld. Wat is het financiële effect van de maatregel: De begroting voor de komende jaren zie er als volgt uit; 2025: € 30.300,2026: : € 31.000,2027: : € 31.700,2028ev: : € 32.400,Bij bezuiniging van €2.000 wordt dit: 2025: € 28.300,2026: : € 29.000,2027: : € 29.700,2028ev: : € 30.400,Welke concrete activiteiten of diensten komen te vervallen agv deze maatregel, of worden beperkt? Onbekend. Indien gekozen wordt voor invulling van de bezuiniging door een beperking tot leden woonachtig in Midden-Delfland, kan dit voor een aantal verenigingen relatief grote gevolgen hebben. Sommige verenigingen hebben veel jeugdleden uit buurgemeenten.
Maatschappelijk effect (beïnvloedt de voorgestelde bezuiniging het algemene welzijn en de levenskwaliteit van onze inwoners) / denk tevens hierbij aan impact op leefomgeving. (zoals bijvoorbeeld veiligheid). Het doel van deze subsidieregeling is om door middel van subsidieverstrekking sportverenigingen te stimuleren om jongeren actief aan het sporten te krijgen, te houden of anderszins te betrekken bij sportverenigingen in de gemeente. Dit draagt bij aan de verbinding en hechte gemeenschap in Midden- Delfland en aan de mentale en fysieke gezondheid van jeugdigen.
Het verminderen van deze jaarsubsidie kan ervoor zorgen dat sportverenigingen hun lesgeld/ contributie moeten verhogen of activiteiten moeten stoppen. Mogelijk kunnen niet alle jeugdigen kunnen blijven sporten bij een vereniging als de maatregel tot hogere contributie leidt. Ouders die het lesgeld/ contributie niet meer kunnen betalen, kunnen zich in sommige gevallen wenden tot het jeugdfonds sport en cultuur. Als jongeren moeten stoppen met sporten betekent dit minder onderlinge verbinding, gevolgen voor gezondheid en mogelijk meer aanmeldingen bij het jeugdfonds sport en cultuur. Niet alle gezinnen komen overigens voor dit fonds in aanmerking.
Efficiëntie en effectiviteit (kunnen maatregelen worden genomen zonder dat het direct de kwaliteit van de dienstverlening raakt) n.v.t. Toekomstige impact (heeft de bezuinigingsmaatregel op de lange termijn impact) De overheid probeert inwoners te stimuleren om gezond te leven. Als jongeren minder gaan sporten, kan dat op de langere termijn gevolgen hebben voor hun motorische en sociale ontwikkeling evenals de mentale gezondheid. Mogelijk indirect hogere zorgkosten door verminderd sporten jongeren. Uitvoering collegeprogramma/coalitieakkoord (raakt dit de uitvoering van het collegeprogramma/coalitieakkoord) danwel amendementen / moties / of welk beleid wordt geraakt. In het college werkprogramma wordt gesproken over het bevorderen van verbinding via sport, ontspanning, evenementen, cultuur en openbare voorzieningen. Gastvrijheid en toegankelijkheid zijn daarbij uitgangspunt. Dit draagt bij aan een hechtere gemeenschap en een betere kwaliteit van leven voor onze inwoners, ondernemers en bezoekers. Dit doen we door: Voortzetten bestaande financiële ondersteuning aan lokaal welzijnswerk voor onder andere vrijwilligersondersteuning, verenigingen, ouderenwerk en participatie.
Fiche 43 – Subsidie Muziek & Zang - Kunst Onderwerp / FCL overzicht: 653001 – Subsidie Muziek & Zang - Kunst Maatregel: Een bedrag besparen / lager toekennen van in totaal €2.000. Toelichting: De afgelopen jaren (21 t/m 25) is gemiddeld toegekend aan de zang- en muziekverenigingen: € 26.130,60. Budget voor 2025 na wijziging € 27.020 Verenigingen kunnen een subsidie aanvragen van €1.000 per concert met een maximum van 5. Beide muziekverenigingen vragen deze concertsubsidies aan. Overwogen kan worden om een lagere vergoeding per concert toe te kennen of een lager aantal concerten. Wat is het financiële effect van de maatregel: De begroting verlagen van € 27.020 naar €25.020. Welke concrete activiteiten of diensten komen te vervallen agv deze maatregel, of worden beperkt? Geen, al heeft bijvoorbeeld Masalant al vaker gevraagd om een extra bijdrage van de gemeente in verband met hogere huurkosten. In verband met de bezuinigingen lijkt hier geen ruimte voor en komt de exploitatie van deze vereniging mogelijk in gevaar. We hopen dat alle verenigingen binnen de huidige subsidieregeling hun activiteiten voor MiddenDelfland (waaronder ook bijvoorbeeld medewerking aan evenementen zoals Koningsdag, Dodenherdenking en dergelijken) kunnen blijven continueren voor onze gemeente.
Maatschappelijk effect (beïnvloedt de voorgestelde bezuiniging het algemene welzijn en de levenskwaliteit van onze inwoners) / denk tevens hierbij aan impact op leefomgeving. (zoals bijvoorbeeld veiligheid). De verschillende verenigingen zijn erg belangrijk voor onze dorpen en betrokken vrijwilligers; hebben vaak een grote invloed op het welzijn van mensen (en daarmee ook preventieve werking). Voor muziekverenigingen geldt specifiek dat zij bijdragen aan het lokale cultuurmenu voor kinderen van basscholen en ook muziekles bieden aan leerlingen, een duidelijke meerwaarde omdat Midden-Delfland geen muziekschool heeft. (En muziekles heeft een belangrijke positieve invloed op de ontwikkeling van kinderen op diverse vlakken, zie ook eventueel De positieve effecten van muziek op de ontwikkeling van je kind). Verenigingen geven ook aan dat hun kosten stijgen (bv. huurkosten van Masalant). Wanneer wordt gekozen voor korten van de subsidie zou bovenstaande waarschijnlijk (deels) verdwijnen voor Midden-Delfland, zouden deze vrijwilligers hun vrijwilligerswerk wellicht niet meer uit kunnen voeren en zouden onze inwoners niet meer op dezelfde wijze kunnen deelnemen aan het verenigingsleven en/of muziekles voor kinderen.
Efficiëntie en effectiviteit (kunnen maatregelen worden genomen zonder dat het direct de kwaliteit van de dienstverlening raakt) Voor het toepassen van deze maatregel is wijziging van de subsidieregel nodig. Toekomstige impact (heeft de bezuinigingsmaatregel op de lange termijn impact)
De kans bestaat dat niet alle verenigingen het hoofd boven water kunnen houden en op termijn zullen stoppen. We kennen nu al de gevraagde subsidies niet volledig toe vanwege het beschikbare bedrag in de begroting, met name bij de zangverenigingen (meer zangverenigingen dan voorheen vragen subsidies aan). Uitvoering collegeprogramma/coalitieakkoord (raakt dit de uitvoering van het collegeprogramma/coalitieakkoord) danwel amendementen / moties / of welk beleid wordt geraakt. Coalitieakkoord: “Het hart van de sociale samenleving van dorpen en buurtschappen wordt gevormd door vrijwilligers uit het verenigingsleven. Met elkaar zorgen zij voor een vitale samenleving. Wij koesteren en beschermen het brede pallet aan voorzieningen dat aanwezig is.” “Cultuur is ondersteunend aan de identiteit van de dorpen en het landschap. Collegewerkprogramma: “We bevorderen verbinding via sport, ontspanning, evenementen, cultuur en openbare voorzieningen. Gastvrijheid en toegankelijkheid zijn daarbij uitgangspunt. Dit draagt bij aan een hechtere gemeenschap en een betere kwaliteit van leven voor onze inwoners, ondernemers en bezoekers. Dit doen we door: Voortzetten van de (vernieuwde) regeling Kunst, Cultuur en Sociale Samenhang, waarmee we verbindende initiatieven vanuit de samenleving ondersteunen.
Voortzetten bestaande financiële ondersteuning aan lokaal welzijnswerk voor onder andere vrijwilligersondersteuning, verenigingen, ouderenwerk en participatie.”
Fiche 44 Subsidie Volksfeesten Thema en taakveld in de begroting: Thema: Subsidies sociaal domein, taakveld: Subsidie Volksfeesten FCL 653002/43803 Maatregel: -€1.000 Het budget Volksfeest is bedoeld voor activiteiten tijdens nationale feestdagen zoals Koningsdag en de Sinterklaasintochten in alle 3 de dorpskernen. Activiteiten op deze dagen zorgen voor verbinding onder onze inwoners. Daarom stellen we voor om de besparing van €1.000 niet in mindering te brengen bij de (oranje)verenigingen die de feestdagen voor inwoners organiseren, maar de overige kosten zoals restaurantbezoek weg te bezuinigen. Wat is het financiële effect van de maatregel: Dat wordt bij invoering van deze maatregel: 2026: : € 13.500,2027: : € 13.800,2028ev: : € 13,800,Welke concrete activiteiten of diensten komen te vervallen agv deze maatregel, of worden beperkt? geen Maatschappelijk effect (beïnvloedt de voorgestelde bezuiniging het algemene welzijn en de levenskwaliteit van onze inwoners) / denk tevens hierbij aan impact op leefomgeving. (zoals bijvoorbeeld veiligheid). Juist tijdens nationale feestdagen is verbinding onder inwoners extra belangrijk. Als subsidie voor activiteiten wegvalt of lager wordt dan kunnen er geen activiteiten meer gepland worden. Dit heeft gevolgen voor de verbinding onder inwoners, kwaliteit van leven en de hechte gemeenschap.
Daarom stellen we voor de besparing te laten vallen op overige kosten. Efficiëntie en effectiviteit (kunnen maatregelen worden genomen zonder dat het direct de kwaliteit van de dienstverlening raakt) De maatregel moet nog worden afgestemd met collega’s van communicatie, die het onderdeel representatie organiseren waar de besparing op wordt voorgesteld. Toekomstige impact (heeft de bezuinigingsmaatregel op de lange termijn impact) Verminderd enthousiasme voor dodenherdenking en viering van 5 mei. Uitvoering collegeprogramma/coalitieakkoord (raakt dit de uitvoering van het collegeprogramma/coalitieakkoord) danwel amendementen / moties / of welk beleid wordt geraakt. In het college werkprogramma wordt gesproken over het bevorderen van verbinding via sport, ontspanning, evenementen, cultuur en openbare voorzieningen. Gastvrijheid en toegankelijkheid zijn daarbij uitgangspunt. Dit draagt bij aan een hechtere gemeenschap en een betere kwaliteit van leven voor onze inwoners, ondernemers en bezoekers.
Fiche 45 Subsidie KCSV Thema en taakveld in de begroting: Thema: Subsidies sociaal domein Taakveld: Subsidie KCSV FCL 653004/43803 Maatregel: Bezuinigen op het structureel beschikbare budget van € 15.000,- per jaar. De regeling behouden voor incidenteel budget dat door de raad beschikbaar wordt gesteld. Het doel van de subsidieregeling Kunst, Cultuur en sociale verbinding is door middel van incidentele subsidieverstrekking Kunsten Cultuuractiviteiten te stimuleren en hiermee sociale verbinding en lokale identiteit te behouden en/ofte versterken, bij te dragen aan kwalitatieve versterking op het gebied van Kunst en Cultuur en ruimte te geven aan nieuwe initiatieven op het gebied van Kunst en Cultuur. Wat is het financiële effect van de maatregel: 2025: subsidies reeds verstrekt a € 35.000,- (incidenteel €20.000 meer budget beschikbaar vanwege 80 jr bevrijding.) 2026: : € 0,- versus 15.000,2027: : € 0,- versus 15.000,2028ev: : € 0,- versus 15.000,Welke concrete activiteiten of diensten komen te vervallen agv deze maatregel, of worden beperkt? Afname van het aantal initiatieven/ activiteiten op het gebied van Kunst, Cultuur en sociale verbinding binnen de gemeente. Maatschappelijk effect (beïnvloedt de voorgestelde bezuiniging het algemene welzijn en de levenskwaliteit van onze inwoners) / denk tevens hierbij aan impact op leefomgeving. (zoals bijvoorbeeld veiligheid).
Deze bezuiniging heeft impact op de hechte gemeenschap en kwaliteit van leven voor onze inwoners, ondernemers en bezoekers. Efficiëntie en effectiviteit (kunnen maatregelen worden genomen zonder dat het direct de kwaliteit van de dienstverlening raakt) n.v.t. Toekomstige impact (heeft de bezuinigingsmaatregel op de lange termijn impact) Dit heeft gevolgen voor de hechte gemeenschap en kwaliteit van leven voor onze inwoners, ondernemers en bezoekers. Uitvoering collegeprogramma/coalitieakkoord (raakt dit de uitvoering van het collegeprogramma/coalitieakkoord) danwel amendementen / moties / of welk beleid wordt geraakt.
In het collegewerkprogramma 2024-2026 is opgenomen dat we verbinding bevorderen o.a. op het gebied van cultuur door; Voortzetten van de (vernieuwde) regeling Kunst, Cultuur en Sociale Samenhang, waarmee we verbindende initiatieven vanuit de samenleving ondersteunen.
Fiche 46 – zie tweemaal fiches bibliotheek (50 en 50A, deze zijn achter elkaar gevoegd)
Fiche 47 adviesraad sociaal domein Thema en taakveld in de begroting: Thema:
Algemene dekkingsmiddelen
Taakveld: TL Beleid Adviesraad sociaal domein Maatregel: De adviesraad sociaal domein is volgens de wmo, de participatiewet en de jeugdwet een verplichting voor gemeenten cliënten cq inwoners te betrekken bij beleid en uitvoering van maatregelen en plannen binnen het sociaal domein. In de wetgeving wordt dit een cliëntenraad genoemd. De leden, voorzitter en secretaris van de adviesraad zijn inwoners van MiddenDelfland en benoemd na voordracht door het college. De adviesraad dient jaarlijks een begroting in en ontvangt op basis van deze begroting een subsidie. Uit deze begroting worden de vrijwilligersvergoedingen betaald van de leden en diverse kosten als kantoorkosten. Daarnaast ontvangen de voorzitter en de secretaris een vacatievergoeding op declaratiebasis. De adviesraad sociaal domein kan niet opgeheven worden, want is een wettelijke verplichting. Besparing is mogelijk door het opzeggen van het lidmaatschap op de Koepel Adviesraden ten bedrage van €600,-. Verder bezuinigingen zijn belemmerend voor het functioneren van de adviesraad.
Wat is het financiële effect van de maatregel: 2026: €600,2027: €600,2028ev: €600,Welke concrete activiteiten of diensten komen te vervallen agv deze maatregel, of worden beperkt? Geen landelijke kennisuitwisseling tussen adviesraden Maatschappelijk effect (beïnvloedt de voorgestelde bezuiniging het algemene welzijn en de levenskwaliteit van onze inwoners) / denk tevens hierbij aan impact op leefomgeving. (zoals bijvoorbeeld veiligheid). Geen Efficiëntie en effectiviteit (kunnen maatregelen worden genomen zonder dat het direct de kwaliteit van de dienstverlening raakt) n.v.t. Toekomstige impact (heeft de bezuinigingsmaatregel op de lange termijn impact) Geen Uitvoering collegeprogramma/coalitieakkoord (raakt dit de uitvoering van het collegeprogramma/coalitieakkoord) danwel amendementen / moties / of welk beleid wordt geraakt. Geen
Fiche 48 maatschappelijk werk subsidie Thema en taakveld in de begroting: Thema:
Subsidie Kwadraad
Taakveld: Jeugd (MT) en Wmo Toegang en 1 ste lijns ( 662300) Maatregel: Verminderen van de jaarlijkse subsidie aan Kwadraad met €16.000. (ongeveer 6,2% Kwadraad voert voor de gemeente Midden-Delfland maatschappelijk werk uit. Inwoners kunnen laagdrempelig ondersteuning vragen bij Kwadraad. Kwadraad maakt geen onderdeel meer uit van het Maatschappelijk Team, maar is wel ‘verbonden’ met het MT. Casussen kunnen worden op dan wel afgeschaald worden van en naar Kwadraad en vice versa. Wat is het financiële effect van de maatregel: Zie hierboven Welke concrete activiteiten of diensten komen te vervallen a.g.v. deze maatregel, of worden beperkt? Ondersteuning aan inwoners met een hulpvraag Maatschappelijk effect (beïnvloedt de voorgestelde bezuiniging het algemene welzijn en de levenskwaliteit van onze inwoners) / denk tevens hierbij aan impact op leefomgeving. (zoals bijvoorbeeld veiligheid). Door verminderen van de inzet van Kwadraad kunnen inwoners niet tijdig worden geholpen met hun vraag. Hierdoor meer druk op het Maatschappelijk Team, Toegang Wmo, Participatie en Werk & Inkomen. Ook toenemende druk op het Welzijn.
Efficiëntie en effectiviteit (kunnen maatregelen worden genomen zonder dat het direct de kwaliteit van de dienstverlening raakt) Nee, er zijn geen andere voorliggende alternatieven Toekomstige impact (heeft de bezuinigingsmaatregel op de lange termijn impact) Ja, op de gemeentelijke dienstverlening en wettelijke taken. Uitvoering collegeprogramma/coalitieakkoord (raakt dit de uitvoering van het collegeprogramma/coalitieakkoord) danwel amendementen / moties / of welk beleid wordt geraakt. In het collegewerkprogramma 2024-2026 de hoofdstukken 1, 3 en 4.
Fiche 49 Subsidie Stichting Welzijn Midden-Delfland (SWMD) Thema en taakveld in de begroting: Thema:
Subsidie Stichting Welzijn Midden-Delfland (SWMD)
Taakveld: Welzijn SWMD ( 661101) Maatregel: €15.000 bezuinigen. Context Dit bedrag is minder dan de elders gehanteerde 6,2% omdat in een eerdere bezuinigingsronde SWMD voor een aanzienlijk bedrag (€80.000) is gekort. De eerdere bezuiniging had veel invloed op SWMD en de taken die zij namens de gemeente uitvoert. Daarom is besloten tot een tijdelijke compensatie van €50.000 (raadsbesluit) die duurt tot en met 2026. Een zwaardere bezuiniging dan €15.000 achten we onwenselijk voor de bedrijfsvoering van SWMD, omdat ook de tijdelijke compensatie eind 2026 stopt. De maatregel kan op diverse onderwerpen invloed hebben -
verminderen van mantelzorgwaardering Minder aanbod beweeg- en ontmoetingsactiviteiten voor ouderen Minder inzetten van onafhankelijke clientondersteuning (OCO)
Algemene informatie i.r.t. SWMD Stichting Welzijn Midden-Delfland voert namens de gemeente de welzijnstaken uit conform de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015. Te denken valt aan: -
Informatie en advies en ondersteuning Het bieden van sport- en beweegactiviteiten en ontmoeting, aanpak eenzaamheid Mantelzorgondersteuning (jongeren, volwassenen en ouderen) Begeleiden van statushouders Vrijwilligerswerk
Voor het uitvoeren van bovengenoemde taken en de Mantelzorgwaardering, kennen we SWMD jaarlijks een subsidie toe. Daarnaast is de onafhankelijke clientondersteuning Wmo (OCO) ook belegd bij SWMD. Ook neemt SWMD deel aan lokale- en regionale netwerkoverleggen, zoals in het IZARIGA overleggen. Wat is het financiële effect van de maatregel: 2026: besparing van €15.000 Welke concrete activiteiten of diensten komen te vervallen agv deze maatregel, of worden beperkt? Zie hierboven. De concrete invulling van de bezuiniging wordt onderwerp van gesprek met SWMD. Maatschappelijk effect (beïnvloedt de voorgestelde bezuiniging het algemene welzijn en de levenskwaliteit van onze inwoners) / denk tevens hierbij aan impact op leefomgeving. (zoals bijvoorbeeld veiligheid). Het verminderen van welzijnstaken kan gevolgen hebben op het kwaliteit van leven, sociale samenhang en meedoen in de maatschappij. Efficiëntie en effectiviteit (kunnen maatregelen worden genomen zonder dat het
direct de kwaliteit van de dienstverlening raakt) Elke maatregel die wordt genomen, raakt de uitvoering van welzijnstaken. Toekomstige impact (heeft de bezuinigingsmaatregel op de lange termijn impact) Door het wegvallen van welzijnstaken, zal mogelijk meer vraag naar zorg en ondersteuning zijn meer gebruik worden gemaakt van maatwerkvoorzieningen op Wmo en Jeugd. Uitvoering collegeprogramma/coalitieakkoord (raakt dit de uitvoering van het collegeprogramma/coalitieakkoord) danwel amendementen / moties / of welk beleid wordt geraakt. In het collegewerkprogramma 2023-2026 wordt in hoofdstuk 3 ‘mensen maken de samenleving’ het sociaal domein en welzijnswerk expliciet genoemd. Ook de taken die door SWMD wordt uitgevoerd. Het schrappen van welzijnstaken past ook niet in de Toekomstvisie 2050 in relatie tot vitale dorpen.
Fiche 50 bibliotheek Thema en taakveld in de begroting: Thema:
Algemene dekkingsmiddelen, taakveld: Algemeen bibliotheekwerk fiche 1
FCL 656001 Maatregel: Maatregelen rondom de bibliotheek zijn uit te splitsen in drie fiches* : 1. Algemeen bibliotheekwerk 2. Specifieke dienstverlening 3. Dienstverlening WIJ De onderdelen van het algemeen bibliotheekwerk zijn wettelijke taken, vastgelegd in de WSOB. Bibliotheek op school evenzo, hier te behandelen. De bibliotheek heeft eind 2025 de scholen geïnformeerd de dienstverlening tegen de kostprijs aan te moeten gaan bieden. De financiering vanuit het Rijk is niet beschikbaar vanwege het ontbreken van onderwijsachterstand. De scholen in Schipluiden en Maasland zeggen de kosten niet op te kunnen brengen. In Den Hoorn bezoeken de scholen, als alternatief, de nabij gelegen bibliotheeklocatie. Het voorstel is de specifieke uitkering die aangewend dient te worden aan het versterken van het netwerk in te zetten voor de realisatie van WIJ en deels voor de bibliotheek op school in Schipluiden en Maasland. Dit zolang de uitkering geoormerkt is. In 2027 zijn bibliotheeklocaties in Schipluiden en Maasland gerealiseerd en kan door de scholen bezocht worden, hierbij kan een deel van het regiegeld bezuinigd worden. Wat is het financiële effect van de maatregel: 2026: € 0 2027 ev: bezuiniging € 30.000 Welke concrete activiteiten of diensten komen te vervallen agv deze maatregel, of worden beperkt? De bibliotheek op school vervalt.
Scholen kunnen de nabijgelegen nieuwe bibliotheekvestigingen bezoeken. Maatschappelijk effect (beïnvloedt de voorgestelde bezuiniging het algemene welzijn en de levenskwaliteit van onze inwoners) / denk tevens hierbij aan impact op leefomgeving. (zoals bijvoorbeeld veiligheid). Geen Efficiëntie en effectiviteit (kunnen maatregelen worden genomen zonder dat het direct de kwaliteit van de dienstverlening raakt) n.v.t Toekomstige impact (heeft de bezuinigingsmaatregel op de lange termijn impact) Geen Uitvoering collegeprogramma/coalitieakkoord (raakt dit de uitvoering van het collegeprogramma/coalitieakkoord) danwel amendementen / moties / of welk beleid wordt geraakt. Geen