CConstaterende datMidden-Groningen
Koppel je AI →
Document · PDF

RB 342 1 Bijlage Ruimtelijk perspectief A7 corridor

Raadsvergadering 3 februari 2022, gemeente Midden-GroningenBij agendapunt: Ingekomen stukken en mededelingen/Lange Termijn Agenda raad/Toezeggingen22.872 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Bijdrage aan woonklimaat Meerstad

bruggen.

Hogere landschappelijke kwaliteit en recreatieve waarde op korte afstand van de woonomgeving is gunstig voor de vestigingsvoorwaarde.

Passend bij ambities (van lokaal naar regionaal)

Investeringen in natuur, landschap en vaarverbinding hebben een

Het realiseren van de vaarverbinding past binnen de provinciale ambitie

positief effect op het woonklimaat en de uniciteit van dit woonklimaat

om het bestaande recreatieve BRTN-vaarnetwerk in de provincie

in Meerstad, waardoor de kwalitatieve toegevoegde waarde van de

Groningen uit te breiden (zie ‘Omgevingsvisie 2016-2020’). Om de

locatie vergroot.

volledige potentie van de vaarweginfrastructuur met de diverse meren in de provincie te benutten, moet het netwerk van de recreatieve vaarwegen worden verdicht en verbeterd. 37

woongebied, landschapskwaliteit, verbetering natuur en

Dit biedt kansen voor landschappelijke en recreatieve ontwikkeling

biodiversiteit. De verbinding dient zo meerdere doelen. Dus

rondom het (nieuwe) vaarnetwerk.

niet alleen een verbinding om te varen van A naar B, maar ook

Verder past de vaarverbinding bij de ontwikkeling van Meerstad met het

interessante aanlegplekken met kansen voor horeca, een goede

Woldmeer, dat de komende jaren in oostelijke richting wordt uitgebreid

koppeling met de fiets én het dienen van natuurdoelen;

tot een robuust (zeil)meer. Binnen Meerstad wordt de komende jaren veel nieuwbouw (wonen aan het water) gerealiseerd waardoor de

•

vaarrecreatie hier nog verder zal toenemen.

leiden tot een kwaliteitsimpuls voor de directe omgeving: woongebied, landschapskwaliteit, verbetering natuur en biodiversiteit;

Last but not least brengt de vaarverbinding het varen van het ‘Rondje

•

zo weinig mogelijk peilverschillen hebben. Dat voorkomt

Provincie Groningen’ (zie kaart op pagina 36) een stap dichterbij.

‘drempels’ en leidt bovendien tot vernatting – en dat biedt weer

Voor vele betrokkenen van de vaarrecreatie gaat daarmee een lang

kansen voor natuur, klimaatadaptatie en recreatie.

gekoesterde wens in vervulling! Het varen krijgt hiermee een versterkt regionaal karakter dat toeristische en recreatieve faciliteiten in een

Met de komst van de sluis Woldmeerverlaat, die het Woldmeer met

heel ander daglicht kan zetten. Omdat veel waterlopen in het gebied

het Slochterdiep verbindt, is in 2015 een vaarverbinding tussen het

een belangrijk onderdeel vormen van het landschappelijk erfgoed,

Woldmeer en het Schildmeer tot stand gekomen. Deze aantrekkelijke

kan de ontwikkeling van ‘Rondje Provincie Groningen’ bijdragen aan

route met welliswaar een aantal handbediende bruggen, maakt

hoogwaardige erfgoedlinten met een regionale toeristisch-recreatieve

onderdeel uit van het BRTN-vaarnetwerk (classificatie DM). De route

betekenis.

leidt de vaarrecreant door het Slochterdiep via het afwateringskanaal

Uitgangspunten voor de vaarroute Ruimtelijke uitgangspunten

Een vaarverbinding tussen het Zuidlaardermeer, het Woldmeer en het

van Duurswold (door natuurgebied ’t Roegwold) richting het Schildmeer. Om de drie bovengenoemde meren met elkaar te verbinden, is de realisatie van een vaarweg tussen het Woldmeer en het het Winschoterdiep de laatste stap.

Schildmeer vergt een aanzienlijke investering waarop we later terug zullen komen. Om de investering van die vaarverbinding optimaal te

Uitgangspunten vanuit omgeving en varen

benutten, moet deze:

Bij het bepalen van mogelijke opties voor het nieuwe tracé is ook

•

aantrekkelijk zijn voor vaarrecreanten, en afwisselen met de

rekening gehouden met het volgende:

mogelijkheden voor het varen van rondje(s);

•

•

•

ontworpen is DM met een vaarwegbreedte van 15m, een

je zoveel mogelijk dóór natuur en fraai landschap kan varen, in

waterdiepte van 1,5m en een doorvaarthoogte van 2,75m

combinatie met andere vormen recreatie;

(doorvaarthoogte is de Europese norm die op advies van het

leiden tot een kwaliteitsimpuls voor de directe omgeving:

watersportverbond wordt aangehouden);

Aangehouden standaardprofiel 38

De minimale vaarklasse waarvoor de verbinding moet worden

onderdeel worden van een divers en fijnmazig vaarnetwerk, waar

•

•

•

Het tracé moet qua vorm passend zijn bij de structuur van het

Afhankelijk van de keuzes ontstaat een vaarverbinding tussen het

huidige slotenpatroon en de verkavelingspatronen, en waar

Zuidlaardermeer en het Woldmeer met een afstand van minimaal 12

mogelijk huidige en historische waterlopen benutten (niet

kilometer (opties Westerboek-Borgmeren Noord) tot maximaal 22

meanderen waar geen meanders waren, maar zoveel mogelijk

kilometer (opties Roodehaan-Woudbloem). Dit met een bijbehorende

rechte lijnen);

vaartijd van 3 respectievelijk 5,5 uur. De vaarverbinding tussen

Een vaarverbinding voor de vaarrecreant over het Winschoterdiep

het Zuidlaardermeer en het Schildmeer wordt 22 kilometer (opties

en het Eemskanaal is om veiligheids- en verkeerstechnische

Westerboek-Woudbloem) met een bijbehorende vaartijd van 5,5 uur.

redenen (aanwezigheid beroepsvaart) uitgesloten;

De investering voor de realisatie van het nieuwe tracé, en daarmee

Een vaarverbinding vanuit het Drentse Diep via het

het tot stand komen van de gewenste vaarverbinding tussen het

Foxholstermeer naar het Winschoterdiep is uitgesloten vanwege

Zuidlaardermeer, het Woldmeer, Borgmeren en het Schildmeer,

de aanwezigheid van een lage spoorbrug en diverse kunstwerken

bedraagt tussen de € 40.000.000,- en € 63.000.000,- (exclusief BTW).

die moeten worden aangepast en ook vanwege het industriële • •

•

• • •

karakter;

Voorkeurstracé

De aanleg van bruggen in het gebied moet passend zijn bij de

Op de kaart op de volgende pagina is het voorkeursscenario te

lintbebouwing;

zien dat ook is opgenomen in de inspiratiekaart (hoofdstuk 8). De

De ecologische verbindingszone Westerbroek moet zoveel

hoofdvaarroute is de meest voor de hand liggende route die tot stand

mogelijk worden vermeden. Daar waar samenloop optreedt moet

is gekomen door af te wegen op: afstand, aantrekkelijkheid van en

een inrichting gekozen worden die een plus geeft op deze zone;

impact op de omgeving, financiële consequenties en technische

Het tracé kan niet dwars door het Hesselinksbos lopen. Langs de

uitvoerbaarheid. Het is een combinatie van de route Westerbroek en

randen hiervan is wel mogelijk om een plus te zijn op de natuur in

route Borgmeren-zuid. Voor de onderdoorgang van de A7 zien wij de

het gebied;

grootste meerwaarde bij optie 3: het verbreden van de huidige tunnel

De reductie van landbouwareaal wordt zoveel mogelijk beperkt en

naast de bestaande weg. Dit, vanwege de toegevoegde waarde voor de

de landbouwkavels dienen efficiënt bewerkbaar te blijven;

natuur (extra faunapassage bij A7), afgezet tegen de grote impact op

Het aantal particulieren (met name woonkavels) waar grond van

de omgeving die de opties 1 en 2 met zich meebrengen.

dient te worden aangekocht wordt beperkt;

Dit voorkeursscenario biedt bovendien voldoende aanknopingspunten

Zo weinig mogelijk doorgaande wegen worden doorkruist;

voor de verdere ontwikkelingen van Meerstad en specifiek MeerstadZuid waardoor er allerlei kansen ontstaan voor nieuwe kano- en

Voor de aan te leggen tracés is op dit moment uitgegaan van

sloepenroutes en mogelijkheden voor wonen aan (vaar)water. Wij

een standaardprofiel die in het figuur op de volgende pagina

adviseren om bij de verdere uitwerking van het aan te leggen tracé

is weergegeven: een hoofdwatergang met aan weerszijden een

voor de vaarverbinding de vaarrecreatie in dit gebied mee te nemen in

natuurvriendelijke oever, en waar nodig kwelsloten aan beide zijdes.

een integraal inrichtingsplan.

Conclusies

Aangevuld op de hoofdroute zijn ook stippellijnen op de kaart

Uit het onderzoek komt naar voren dat het technisch haalbaar is om

opgenomen die wij – op korte termijn –als kansrijk zien voor een

een nieuwe (directe) vaarverbinding tussen het Zuidlaardermeer en

kanoroute. Kanoërs hebben minder ruimte nodig, en kunnen

het Woldmeer, de Borgmeren en het Schildmeer te realiseren. De

makkelijk even hun kano over het droge verplaatsen om aan de andere

opties voor dit nieuwe tracé zijn in de bijlage opgenomen waarbij

kant van de weg verder te varen. Deze routes zijn daarom ook op korte

ook de geraamde kosten zijn vermeld. Om het definitieve tracé te

termijn makkelijker te realiseren. Op lange termijn kunnen enkele

bepalen moet een keuze worden gemaakt tussen deze verschillende

worden geüpgraded naar een bredere vaarroute.

opties. Uitgebreide uitwerkingen en kaartbeelden van de verschillende tracéopties zijn opgenomen in de bijlage.

39

Een verbindend recreatief vaarnetwerk

Legenda Bestaande vaarverbinding Voorstel vaarverbinding Voorstel kano/sub verbinding Rondje Groningen Bestaande bestemming Voorstel nieuwe bestemming Meer

40

1km

41

Bouwstenen voor een aantrekkelijke vaarverbinding

Optie voor de onderdoorgang van de A7 voor fiets, auto, voetganger, boot, en dier

42

Referenties voor opvaarten en voorzieningen langs de vaarroute

Water systeem - Haventjes in Middelbert en Engelbert?

Haventje in Noordlaren

Aanlegplek voor huizen aan vaarroute

Opvaart tot aan het dorpscentrum

Haventje in Slochteren

Restaurant aan vaarroute

Restaurant aan vaarroute in Delfstrahuizen 43

6

Handreiking werklocaties

In dit hoofdstuk wordt de lijn uitgezet naar een aanpak voor toekomstbestendige werklocaties in het studiegebied. Binnen dit deel van de A7 corridor is een nieuwe ruimtelijk economische koers wenselijk om gericht te kunnen investeren en de juiste

A

(toekomstbestendige) randvoorwaarden op te stellen, zodat (a) de ruimte en locatiekwaliteiten goed worden gebruikt, (b) ondernemers hier op lange termijn goed kunnen ondernemen en groeien en (c) de economisch- en sociaal-maatschappelijke meerwaarde van de gebieden voor de regio wordt gemaximeerd.

B

Het hoofdstuk behandelt in eerste instantie de voorgestelde inhoudelijke visie op hoofdlijnen, waarna een leidraad volgt voor verdere verfijning. Het kan gelezen worden als een handreiking voor een ruimtelijke economische aanpak die de gemeentelijke

C

grenzen overstijgt. Hierbij worden drie schaalniveaus gehanteerd die hieronder als eerste worden geïntroduceerd. Daarop volgt een set van leidende ruimtelijk-economische principes. Vervolgens wordt een instrument nader toegelicht voor een gebiedsgerichte aanpak: het profileringskompas. Tot slot wordt per gemeente een toelichting gegeven op de visie met betrekking tot de desbetreffende afzonderlijke werklocaties. Drie schaalniveaus Voor de strategie ruimtelijke economie zijn drie schaalniveaus van belang, te weten: A. het studiegebied A7 corridor B. de gebieden binnen het studiegebied behorend tot de twee afzonderlijke gemeenten C. de verschillende werklocaties (en evt. uitbreidingslocaties).

44

Drie schaalniveaus. A. het studiegebied A7 corridor B. de gebieden binnen het studiegebied behorend tot de twee afzonderlijke gemeenten C. de verschillende werklocaties (en evt. uitbreidingslocaties).

Waterhuizen aan het Winschoterdiep 45

Kaart ruimtelijke economie

Legenda Stedelijk gemengd werkmilieu Dorps gemengd werkmilieu Toekomstbestendig hoogwaardig (intensief) werkmilieu Toekomstbestendig functioneel (extensief) werkmilieu

Potentiele uitbreidings locatie voor een toekomstbestendig hoogwaardig (intensief) werkmilieu* Potentiele uitbreidings locatie voor een toekomstbestendig hoogwaardig (extensief) werkmilieu*

46

*Uitbreiden enkel waar nodig.

47

Leidende ruimtelijk-economische principes

Zij worden hier behandeld in volgorde van het schaalniveau waarop

1. Verbind de economische opgaven van beide gemeenten binnen één ruimtelijk kader

zij van toepassing zijn. Beginnend vanuit een overkoepelende blik

Hoewel de beide gemeenten in het visiegebied voor wat betreft

wordt steeds verder ingezoomd.

historische ontwikkeling en opgaven van elkaar verschillen, kunnen

Er worden vijf leidende ruimtelijk-economische principes gehanteerd.

en moeten zij mede de oplossing worden van elkaars opgaven. De toekomstige ruimtelijk-economische dynamiek beperkt zich niet tot de gemeentegrenzen, maar overstijgt deze in het gebied van de A7 corridor. Zo kunnen bijvoorbeeld op het vlak van watergebonden

Leidend principe

Schaal

Verbind de economische opgaven van beide gemeenten binnen één ruimtelijk kader

A

Stem werklocatie en ruimtelijke condities af binnen robuust en adaptief ruimtelijk raamwerk

A+B

Verdichten waar mogelijk, uitbreiden waar nodig

A+B

van zorgvuldig ruimtegebruik en landschappelijke waarden. De

Industrie x Ruimte x Ecosysteem = Innovatie + Spin-off

A+B+C

gebieden wordt als kwaliteit omarmd. Er wordt voorkomen dat er een

Profileer en segmenteer per werklocatie

C

bedrijvigheid, bedrijven met een grotere logistieke component en zwaardere industrie, gemeente overstijgende oplossingen bieden die kansrijk zijn. Bovendien faciliteert de corridor nu vooral arbeidspendel, maar slechts beperkt bedrijvendynamiek. De reeds aanwezige spoorverbinding kan een leidende as worden in het verzilveren van de economische ambities met inachtneming onbebouwde en landschappelijke openheid tussen de verstedelijkte aaneengesloten bandstad ontstaat, waarbij verstedelijkte gebieden naar elkaar toegroeien. 2. Stem werklocatie en ruimtelijke condities af binnen robuust en adaptief ruimtelijk raamwerk Geconstateerd is al dat er momenteel geen optimale samenhang is tussen werklocaties en ruimtelijke condities. Zowel vanuit het oogpunt van ruimtelijke druk, als vanuit het economisch potentieel van locaties, is het essentieel dat bestaande kwaliteiten en potentiele kansen op ruimtelijk en economisch vlak worden samengebracht. Dat bevordert zorgvuldig ruimtegebruik en draagt bij aan een onderscheidend vestigingsklimaat. Om hierop te kunnen gaan sturen, is het advies om een robuust en adaptief ruimtelijk raamwerk te gaan hanteren. De beide gemeenten kunnen dit in belangrijke mate binnen hun eigen gemeentegrenzen opstellen en als sturingsinstrument gaan toepassen, waarbij inhoudelijke intergemeentelijke afstemming het proces en de resultaten ten goede zal komen.

Doel is de optimalisering van de onderlinge relaties tussen ‘de aard van de plek’ en ‘de aard van de (economische) activiteiten’. Enerzijds gaat dit over het zorgvuldig opstellen van voorwaarden voor de gewenste karakteristieke ruimtelijke en economische kenmerken van een plek – mede op basis van een analyse van de huidige kwaliteiten

48

VAN:

.

en doelgroepen Anderzijds opent het de mogelijkheid voor een contextuele (her)oriëntatie in de relatie tussen een werklocatie en .

aangrenzende dragende ruimtelijke structuren in het raamwerk Zoals de meerwaarde die de Hunze-zone kan bieden als groen doorwaadbare omgeving voor ontspanning en recreatie aan

werknemers, of het verdichtingspotentieel dat de transformatie van

Functionele ontsluiting

de Europaweg biedt wanneer de invalsweg tot een stadsstraat kan

Gelijkaardige terreinen

NAAR:

worden omgevormd met gemengd programma dat zich in plaats van .

‘van de weg af ’ juist ‘naar de straat toe’ kan gaan oriënteren Tevens .

volgt hieruit een argumentatie voor een sterkere sturing op modaliteit

Alleen watergebonden bedrijvigheid aan het water en alleen bedrijven waarvoor dit een levensvoorwaarde is, op multimodaal ontsloten .

locaties, aangezien die schaars zijn

Ruimtelijk raamwerk

Onderscheidende milieus

Levendig eco systeem

Schema van functionele onsluiting en gelijkaardige terreinen naar ruimtelijk raamwerk met onderscheidende milieus en levendig ecosysteem.

Structuur van het raamwerk 49

3. Verdichten waar mogelijk, uitbreiden enkel waar nodig

Oog voor slim en dubbel ruimtegebruik is hierbij nodig. In het

Het uitgangspunt is het zo efficiënt mogelijk gebruik maken van de bestaande ruimte.

kader van toekomstbestendigheid valt de denken aan daken met

In uitvoering is er een verschil tussen bestaande en nieuwe

Daarnaast kan met scherpe analyses nieuwe inzichten worden

gebieden. Bij bestaande gebieden is het van belang om de juiste

verworven welke doelgroepen welke faciliteiten kunnen en willen

randvoorwaarden te scheppen, te regulieren en zullen privaat-

delen, of ruimtes die voor meerdere doeleinden gebruikt kunnen

publieke coalities moeten worden gesmeed; bij nieuwe gebieden kun

worden. Denk aan overleg- en bijeenkomstenruimtes, ruimtes

je aan de voorkant eisen stellen. NB. Voor dat laatste geven we in deze

waar gedeeld materiaal en/of materieel kan worden gesitueerd,

visie de nodige kaders mee.

slimme parkeeroplossingen, eet-, drink en kantinegelegenheden,

meervoudige functie, zoals groen, wateropvang en energieopwekking.

etc. Hiermee kan zowel efficiënt met ruimte worden omgegaan, We wijzen in deze visie verschillende potentiële ontwikkellocaties aan

als ontmoeting en interactie worden gestimuleerd. Daarmee

voor uitbreiding, waarbij het belangrijk is om focus aan te brengen.

wordt tevens het economische ecosysteem versterkt met potentiele

Richt je pijlen op één of maximaal twee plekken tegelijkertijd, waar

samenwerkingsverbanden en kennisoverdracht.

wordt ingezet op ontwikkeling. Werk in ieder geval niet op meerdere plekken tegelijkertijd die zich op dezelfde doelgroep richten. Zelf

Waar dat om kwantitatieve en kwalitatieve redenen aanvullend nodig

gecreëerde concurrentie doet af aan het realiseren van de gestelde

is, wordt het ontwikkelen van nieuwe werklocaties een mogelijkheid,

ambities.

maar altijd op een duurzame manier, die de lange termijnwaarde van het terrein waarborgt. Door de drempel voor nieuwbouw en

Op relatief extensief bebouwde bedrijventerreinen is potentieel veel

uitbreiding hoog (doch realistisch) te leggen, blijft investeren in

winst te behalen door middel van ruimtelijke verdichtingsstrategieën.

bestaande bedrijventerreinen relatief aantrekkelijker en wordt er

Uiteraard is het daarbij belangrijk om oog te hebben voor de

zorgvuldig omgegaan met de ruimte.

doelgroep. Een terrein voor grotere logistiek zal bijvoorbeeld altijd

Dit aan de hand van de landschappelijke visie wat hierbij dient als

extensiever zijn dan een locatie voor stedelijke economie, maar

‘kader’. Het gaat daarbij enerzijds over geschikte locatiekeuze in relatie

het gaat er juist om dat binnen deze kaders de intensiteit van het

tot de impact op het landschap, en anderzijds over het opstellen

ruimtegebruik wordt geoptimaliseerd.

van randvoorwaarden voor ontwikkeling, inclusief vormgeving aan landschappelijke inbedding van werklocaties.

50

4. Industrie x Ruimte x Ecosysteem = Innovatie + Spin-off

5. Profileer en segmenteer per werklocatie

Waar industrie is gevestigd, bestaat een belangrijke voedingsbodem

We herdefiniëren de doelgroepen van de werklocaties, zodat

voor innovaties en kennisontwikkeling. De industriële clusters

ieder beschikbaar vestigingsmilieu optimaal benut kan worden.

in Midden-Groningen en Groningen, aangevuld met de

Sterkere profilering van locaties draagt bij aan beter gebruik en

kennisinstellingen en dienstverlening die met name in de stad

het benutten van koppelkansen (bijv. energie, gedeelde faciliteiten,

aanwezig zijn, kunnen in het onderzoeksgebied een vruchtbaar

infrastructuur, functiemenging, etc.). Het belangrijkste advies voor

en toekomstbestendig industrieel ecosysteem tot stand brengen.

slimmer ruimtegebruik luidt: multifunctionaliteit waar dat kan,

Daarvoor is niet alleen fysieke ruimte nodig, maar ook inzet op een

monofunctionaliteit waar dat moet. Beide typen van ruimtelijke

aanvullend (niet-fysiek) programma dat een dergelijke ontwikkeling

milieus zijn belangrijk om een goed ruimtelijk ecosysteem te creëren.

stimuleert en faciliteert. Dit zal bijdragen aan de transitie die

Sommige bedrijven passen qua activiteiten op een gemengde locatie,

bedrijven in de regio moeten maken om de markt bij- en voor te

maar lang niet allemaal. Dat, terwijl dergelijke niet-mengbare

blijven. Daarnaast levert dit een economische impuls en spin-off

bedrijven wel belangrijk zijn voor de regionale economie, een

op. Daarom kiezen we ervoor om industrie te koesteren en op

belangrijke werkgelegenheidsfunctie vervullen en/of bijvoorbeeld

enkele aangewezen locaties te werken aan een toekomstbestendige

centraal staan in de transitie naar de circulaire economie. We zetten

industriële omgeving. Een sterk industrieel ecosysteem met

daarom in op een scherper onderscheid tussen verschillende typen

gerichte geprofileerde locaties voor zware industrie, lichte industrie,

van werklocaties, opdat ze ten opzichte van elkaar een grotere

innovatie en kennisontwikkeling draagt bij aan de economische

onderscheidende kwaliteit en daarmee kwalitatieve meerwaarde

structuurversterking van de regio en kan beide gemeenten meer van

hebben. Door de hogere mate van homogeniteit van gebruikers die

elkaar laten profiteren.

dat op termijn oplevert, wordt het gemakkelijker om collectieve draagkracht te vinden voor functiemenging, intensivering, duurzaamheidsmaatregelen en/of investeringen in bereikbaarheid en openbare ruimte, en worden de kansen op onderlinge synergie tussen bedrijven (innovaties, slimmere logistieke oplossingen, slimmere energieoplossingen, etc.) vergroot.

51

Profileringskompas en vier typen ruimtelijke economische milieus Voortbouwend op de leidende principes ligt er de uitdaging om tot

•

een operationele werkwijze te komen voor beide gemeenten. Met deze handreiking wordt getracht een passende vorm te vinden waarmee

•

tot een gebiedsgerichte aanpak gekomen kan worden. Hier kan voor de gemeente Groningen tevens verwezen worden naar de Strategie Werklocaties.

het economisch profiel: bijv. type bedrijvigheid, doelgroep, type economische activiteiten het ruimtelijk profiel: bijv. ligging, bereikbaarheid, korrelgrootte bebouwing en uitstralingsniveau

•

eisenpakket met betrekking tot het realiseren van een toekomstbestendige werklocatie: denk daarbij aan voorwaarden ten aanzien van bijvoorbeelde digitalisering en klimaatadaptatie.

Zonder op dit moment een volledige uitwerking te maken met uitspraken tot op het uiteindelijke benodigde detailniveau, wordt hier

De vier ruimtelijk economische milieus die we hanteren worden

voorgesteld gebruik te maken van een profileringskompas. Dit is als

hier beknopt toegelicht aan de hand van de onderdelen uit het

methodisch kader opgesteld, maar vereist in de toepassing en praktijk

profileringskompas. De profileringsaspecten zijn in feite niet

uiteraard altijd maatwerk per werklocatie.

limitatief. In de toepassing is het de kunst om een zo goed mogelijk uitgebalanceerd profileringskompas op te stellen voor de (her)

Het hier getoonde profileringskompas berust op vier samenhangende

ontwikkeling van een werklocatie. Bij wijze van inspiratie is hier een

termen die centraal staan in een gebiedsgerichte aanpak voor de

set opgenomen. Het kan tevens beschouwd worden als een aanzet

afzonderlijke werklocaties. Het gaat hierbij om: het overkoepelende

tot een overzicht van de wenselijke en/of mogelijke aspecten op basis

type ruimtelijk economische milieu, het specifieke economische

waarvan bepaalde eisen en randvoorwaarden gesteld kunnen worden

profiel van de werklocatie, het van toepassing zijnde ruimtelijke

voor (her)ontwikkeling van locaties.

profiel van de werklocatie, en tot slot het eisenpakket voor de ontwikkeling van een toekomstbestendige werklocatie. We onderscheiden vier typen ruimtelijk economische milieus, waarmee op hoofdlijnen uiteen kan worden gezet waarin profileringsaspecten van elkaar kunnen verschillen. De vier milieus worden ook gehanteerd in de visiekaart ruimtelijke economie A7 corridor. Per milieu wordt getoond dat op basis van drie niveaus een omschrijving kan worden gehanteerd die sturend is voor de profilering van een werklocatie. Dat is op het vlak van:

52

Profileringskompas naar een ruimtelijk economisch milieu.

voorbeeld stedelijk gemengd werkmilieu

voorbeeld dorps gemengd werkmilieu

Referentieproject Caxton works,Londen

Referentieproject Randstadrail Station Berkel Westpolder

voorbeeld toekomstbestendig hoogwaardig (intensief) werkmilieu

voorbeeld toekomstbestendig functioneel (extensief) werkmilieu

IPKW, Arnhem

Flight Forum, Eindhoven, MVDRV

Tabel met typering Ruimtelijk-Economisch milieu Type ruimtelijk economisch milieu

Stedelijk gemengd werkmilieu

Dorps gemengd werkmilieu Toekomstbestendig hoogwaardig (intensief) werkmilieu

Economisch profiel

Stedelijke economie Doelgroepen: • Zakelijke dienstverlening • Consumentendiensten • Zorgverlening en publieksfuncties • Ondergeschikte horeca (bij enige schaalniveau) • Voorzieningen • Kleinschalige handel • Kleinschalige ‘ambachtelijke’ industrie

Dorpse economie Doelgroepen: • Consumentendiensten • Zorgverlening en publieksfuncties • Voorzieningen • Kleinschalige handel • Woon-werkunits

•

•

Ruimtelijk profiel

• • • •

•

• •

•

nabij stedelijk centrum/of stationslocatie kansrijke locaties voor binnenstedelijke verdichting nadruk op voetganger en fietser, auto te gast bebouwingsdichtheid hoogst op best bereikbare plekken meng functies op zodanige wijze (horizontaal en/of verticaal) ten gunste van synergie en ter voorkoming van hinder hanteer ruimtelijke opzet met aandacht voor karakteristieken op basis van sferen: reuring, ruis en rust sturen op levendigheid op straatniveau en actief programma in de plinten om interactie tussen binnen en buiten te optimaliseren en menselijke ontmoeting te stimuleren beeldkwaliteitseisen opstellen ten behoeve van borging ruimtelijke kwaliteit

• • • •

•

•

nabij dorpskern en/of stationslocatie kansrijke locaties voor binnendorpelijke verdichting nadruk op voetganger en fietser, auto ondergeschikt bebouwingsdichtheid hoogst op best bereikbare plekken meng functies op zodanige wijze (horizontaal en/of verticaal) ten gunste van synergie en ter voorkoming van hinder sturen op levendigheid op straatniveau en actief programma in de plinten om interactie tussen binnen en buiten te optimaliseren en menselijke ontmoeting te stimuleren beeldkwaliteitseisen opstellen ten behoeve van borging ruimtelijke kwaliteit

Toekomstbestendig functioneel (extensief) werkmilieu

Kennis en innovatie (R&D) • Diverse MKBbedrijven (bouw, handel, reparatie, kleinschalige maakindustrie, etc.) • Watergebonden bedrijven binnen bovenstaand profiel (recreatievaart, vrijetijdseconomie)

•

•

•

• •

•

•

goed bereikbaar voor werknemers (fiets/ ov-ontsloten) relatief kleine percelen en bouwkorrels relatief intensief bebouwd, met mogelijkheden voor gestapeld (werk) programma hoogwaardige uitstraling van bebouwing en openbare ruimte (denk ook aan opstellen beeldkwaliteitsplan) goede landschappelijke inpassing, waarbij groen ook als vestigingsvoorwaarde kan worden gezien met mogelijkheid tot recreëren.

• • •

• •

•

•

Bedrijven met een grotere logistieke component (logistiek, groothandel, grotere bouwbedrijven, etc.) Industrie met een hogere mate van omgevingshinder Bedrijven met een relatief grote individuele omvang Watergebonden bedrijven binnen bovenstaand profiel (recycling, grondstoffen, scheepsbouw/reparatie, etc.) goede logistieke ontsluiting is cruciaal (weg, water en/of spoor), relatief grotere percelen en bouwkorrels relatief extensief bebouwd, maar sturing op efficiënt ruimtegebruik (zoals maximaliseren van footprints en waar mogelijk gestapeld) en kansen voor dubbelruimtegebruik (daken gebruiken voor groen, energieopwek, ontmoeting, etc.) eisen ten aanzien van uitstraling en beeldkwaliteit zijn wenselijk en kunnen bijdragen aan efficiënt ruimtegebruik goede landschappelijke inpassing. Hier ligt nadruk op borgen van ruimtelijke kwaliteit vanuit omgeving gezien, dan vanuit functioneren van de werklocatie zelf

Toekomstbestendige Per werklocatie zijn in meer of mindere mate eisen op te stellen op vlak van: ontwikkeling - Parkmanagement - Digitale ontsluiting om digitalisering van bedrijven te kunnen faciliteren - Duurzame mobiliteit (fietsvoorzieningen, elektrische laadpalen, deelfaciliteiten, etc) - Energie (groen/neutraal/opwekkend) - Circulair materiaalgebruik - Klimaatadaptatie in de openbare ruimte, om hittestress en wateroverlast tegen te gaan - Meervoudig en gedeeld ruimtegebruik - Een gezonde werkomgeving, met ruimte voor een ommetje, recreatief groen en/of logische openingen om gebruik te maken van de recreatieve waarde van het omliggende landschap. 53

Gemeente Groningen en Midden-Groningen Hieronder volgt een toelichting per gemeente, waarbij eerst bestaande terreinen worden behandeld en vervolgens eventuele uitbreidingslocaties worden besproken. Tot slot zijn enkele afsluitende overwegingen opgenomen. Gemeente Groningen Binnen de scope van de A7 corridor wordt binnen de gemeente Groningen gekeken naar het bestaande zuidoostelijke bedrijventerreinen cluster en aan de andere zijde van de A7 naar een mogelijke uitbreidingslocatie in samenhang met de ontwikkeling van

veel sterker stedelijk karakter kan krijgen dan de huidige situatie toont. Wanneer zij in termen van radiale stadsstraten worden beschouwd, die het centrum van Groningen verbinden in de richting van Meerstad, wordt duidelijk dat zij ook goed dienst kunnen doen als fietsroute vanuit nabijgelegen woningen van werknemers. Bovendien lenen de stratenprofielen zich voor een herinrichting die ruimte biedt aan veelzijdig gebruik en verblijf, waarbij (nieuwe) bebouwing adressen aan de straat krijgen. Deze stadsstraten bieden daarmee ook kans voor intensivering. Daarnaast ontstaan hiermee nieuwe toegangsroutes en zichtlocaties voor de achterliggende werklocaties, die daarmee een andere uitstraling krijgen.

Meerstad. Kansen bestaande terreinen:

De groene wiggen en de Hunzeloop bieden groenblauwe kwaliteiten die als kwalitatieve omgevingsfactoren kunnen bijdragen aan

De cluster werklocaties in het zuidoosten van de stad vormt het

de herprofilering van de bestaande werklocaties. Heroriëntatie

grootste aaneengesloten oppervlakte van bedrijventerreinen binnen

van werklocaties op deze ruimtelijke condities is interessant op

de gemeente Groningen. Het cluster strekt zich uit van de binnenstad

verschillende niveaus. Zowel in het kader van een prettige en

tot het buitengebied en wordt ontsloten via spoor, weg en water.

gezonde werkomgeving met de nabijheid van groen en recreatieve

Daarmee liggen er diverse kansen voor een aanpak, waarbij de huidige

mogelijkheden, als qua aard van de werkzaamheden passend en

terreinen optimaler kunnen gaan functioneren, deels geïntensiveerd

aansluitend bij een dergelijke omgeving. Daarmee wordt tevens de

kunnen worden en toekomstbestendig worden gemaakt.

uitstraling van de bebouwing en inrichting van de openbare ruimte een aandachtspunt, waarop sturing wenslijk is.

De voornaamste boodschap is dat er in dit deel van de stad enorm veel potentie ligt voor een efficiënter gebruik van ruimte en sterkere

Voor verschillende werklocaties voorzien we daarmee mogelijkheden

ruimtelijke samenhang tussen de werklocaties onderling. Op basis

om te transformeren naar een werklocatie aangeduid als type

van de bestaande situatie kan een strategie worden ingezet waarbij

ruimtelijk economisch milieu: ‘toekomstbestendig hoogwaardige

op schaal van het cluster kansen kunnen worden verzilverd door

werklocatie’. Tegelijkertijd worden verschillende locaties gezien

ruimtelijke en programmatische vraagstukken met elkaar te verbinden

als ‘toekomstbestendige functionele werklocaties’. Voor de locaties

en daarmee het economische ecosysteem te versterken.

behorend tot deze laatste categorie, geldt dat daar ten opzichte van de huidige situatie ook aandacht nodig is om daadwerkelijk

Wanneer de potentie van de reeds aanwezige ruimtelijke structuren

toekomstbestendig te worden. Het betreft dan met name de locaties

wordt onderkend, kan een robuust en coherent ruimtelijk raamwerk

ten zuiden van de Europaweg langs het Winschoterdiep met

worden geoperationaliseerd. Binnen dit ruimtelijke raamwerk kunnen

watergebonden mogelijkheden en de gedeeltes in de nabijheid van de

bestaande werklocaties worden versterkt door middel van strategische

A7 en N7 met goed logistieke ontsluiting.

profileringsafwegingen. Uitbreidingsvraagstuk: Op de werklocaties die dichter tegen het (centrum)stedelijk gebied

Het vraagstuk met betrekking tot een eventuele uitbreiding kent

gelegen zijn, kan actief worden gestuurd op intensiever gebruik, en op

verschillende aspecten die om afbakening vragen, waaronder de

strategische locaties ook op functiemenging. Dit geldt bijvoorbeeld

locatiekeuze en de doelgroep. Voorop staat dat de afweging om een

voor de Scandinavische havens en tevens voor Europapark, dat

nieuwe werklocatie te gaan ontwikkelen, beschouwd dient te worden

bovendien onderscheidend is vanwege de aanwezigheid van het

in de context van een integrale ruimtelijke economische strategie, die

station.

ook over de grenzen kijkt van de gemeente Groningen. Er wordt hier overigens al rekening gehouden met een ontwikkeling op de locatie

Van belang is om op te merken en te beseffen dat er voor

Eemskanaalzone 4.

ontsluitingswegen als de Europaweg, Sontweg en Sint Petersburgweg

54

een historische kans ligt om de potentie van deze structuren

Met betrekking tot de doelgroep van een eventuele uitbreidingslocatie

te herwaarderen in het licht van een stedelijke economie en

in Meerstad kan de volgende redeneerlijn worden gehanteerd.

toekomstbestendige werklocaties. Vanwege de aanleg van de A7 en

Momenteel zijn op de bedrijventerreinen in de zuidoostelijke cluster

N7, vervullen zij inmiddels een rol in het mobiliteitsnetwerk die

kleinere en grotere bedrijven gevestigd, vaak door elkaar heen.

sterker lokaal van waarde is en waarbij het gebruik en inrichting een

Echter, voor kleinere bedrijven die groeien en voor grotere bedrijven

wordt de ruimte in die gebieden steeds schaarser en zal de druk op

Referenties voor transformeren huidige terreinen in gemeente Groningen

de ruimte toenemen als gevolg van de wens om te intensiveren én als gevolg van de ambities om de Hunzeloop en stadsstraten in het bedrijvenlandschap terug te laten komen (waardoor de gewenste korrelgrootte in het direct aanliggende gebieden kleiner wordt). Tegelijkertijd draagt de ontwikkeling van de bestaande bedrijven bij aan de bredere stedelijke ambities.

Specifiek voor deze doelgroep zou de nieuw te ontwikkelen locatie daarmee een goede oplossing bieden. Hier kan een vestigingsmilieu worden gecreëerd waar deze middelgrote, doorgroeiende bedrijven op lange termijn een goede plek krijgen. Uiteraard is het daarbij van belang dat het terrein op een toekomstbestendige manier wordt ingericht en goed wordt ingepast in het landschap.

KADE 11, Amsterdam

Het gaat om een milieu dat omschreven wordt als ‘toekomstbestendige functionele werklocatie’. Dit zou ruimte moeten bieden aan bedrijven met een perceelomvang van 0,5 tot 2,0 hectare, vaak met een zekere logistieke component en/of hinder, waardoor mengen met wonen geen optie is. Dat is de doelgroep die het steeds moeilijker gaat krijgen op de bestaande, steeds intensiever gebruikte werklocaties. Het realiseren van een terrein voor deze doelgroep, zou daarmee ook kunnen bijdragen aan het realiseren van de beoogde intensivering op de bestaande werklocaties. Voor kleinere bedrijven bieden de bestaande terreinen in de regel voldoende soelaas; voor grotere bedrijven ontwikkelt de gemeente Groningen ruimte aan de westzijde

High Tech Campus, Eindhoven

van de stad en kan een ontwikkeling in Midden-Groningen onderdeel zijn van de oplossing. Met betrekking tot de locatiekeuze wordt het in het geval van uitbreiding van belang dat de situering past binnen de landschappelijke ambities en aansluit op het stelsel van de dragende ruimtelijke structuren. In dit geval wordt daarom gedacht aan een locatie gesitueerd aan beide zijdes van de verlengde Europaweg, gelegen in de nabijheid van de A7, en tegelijkertijd landschappelijk opgenomen in de bebossingsstrategie voor Meerstad. Zodoende wordt de route als uitloper van de geambieerde stadsstraat Europaweg programmatisch geladen, waarbij bedrijvigheid met actieve programma’s zoveel mogelijk richting de straat/weg worden gesitueerd. Logistieke activiteiten (laden/lossen) worden bij voorkeur

Karel Doorman, Rotterdam

uit het zicht opgelost. Bijvoorbeeld aan de achterzijde van de bebouwing gesitueerd of door architectonische oplossingen, denk aan een logistiek hof of achter een doorgang in een façade. Een kaderstelling op vlak van beeldkwaliteit is aan te raden, om daarmee ook op de uitstraling van de bedrijfsbebouwing te kunnen sturen.

Cornelis Douwesweg Amsterdam 55

Tabel met Uitbreidingslocaties in Groningen/Meerstad Uitbreidingslocatie

Groningen/Meerstad

Type ruimtelijk economisch milieu:

Toekomstbestendig functioneel (extensief) werkmilieu

Economisch profiel

• • • • •

Ruimtelijk profiel

• • • • • •

Toekomstbestendige ontwikkeling

• • • • • • • •

56

Kleinere bedrijven die groeien en grotere bedrijven Bedrijven met een grotere logistieke component (logistiek, groothandel, grotere bouwbedrijven, etc.) Industrie met een hogere mate van omgevingshinder Bedrijven met een relatief grote individuele omvang Niet mengen met wonen Perceelomvang van 0,5 tot 2,0 hectare Goed ontsloten via A7 Gelegen aan en oriëntatie/adressering richting verlengde Europaweg (als uitloper van voorgestelde stadsstraat ontwikkeling en verbinding tussen A7 en Meerstad) Hoogwaardige uitstraling van bebouwing en openbare inrichting Hoge mate van duurzaamheid van vastgoed Landschappelijke inpassing: hanteer type harde overgang (grens), of tussenzone (verweven) (zie hiervoor handvatten zoals aangereikt onder ambitie: Aantrekkelijke en toekomstbestendige woon- en/of werkomgeving (pagina 33). Verplicht parkmanagement Goede digitale ontsluiting, teneinde digitalisering van bedrijven te kunnen faciliteren Groene energie neutraal/opwekkend Circulair materiaalgebruik Klimaatadaptatie in de openbare ruimte, om hittestress en wateroverlast tegen te gaan Meervoudig ruimtegebruik, bijvoorbeeld daken te gebruiken voor zonnepanelen en/of het realiseren van groene daken Gezamenlijke faciliteiten (bijv.

vergaderruimte, horeca en parkeerruimte), om ontmoeting te stimuleren en de beschikbare ruimte zo efficiënt mogelijk te benutten Een gezonde werkomgeving, met ruimte voor een ommetje, recreatief groen en/of logische openingen om gebruik te maken van de recreatieve waarde van het omliggende landschap.

Tabel met visie op bedrijventerreinen in Groningen Naam terrein Gemeente Groningen

Type ruimtelijk economisch milieu

Contextuele oriëntatie

Doelgroep bedrijvigheid

Eemskanaal

Toekomstbestendig hoogwaardig (intensief) werkmilieu

Lintgebonden

MKB (met publiekstrekkende functie, bijvoorbeeld een showroom of speciaalzaak), stadslogistiek, commerciële dienstverlening. Hoogwaardige uitstraling

Driebond

Noordzijde stedelijk gemengd werkmilieu. Zuidzijde intensief werkmilieu

Noordzijde lintgebonden, in dit geval stadsstraat gebonden. Zuidzijde snelweg gebonden.

MKB, eventueel ondergeschikte horeca, stadslogistiek. Recreatie (alleen aan de randen van het terrein). Moderne en overzichtelijke uitstraling

Europapark

Stedelijk gemengd werkmilieu

Spoorweggebonden

Grootschalige kantoren en recreatieve functies met een hoogwaardige uitstraling, Gericht op de stad.

Eemspoort

Stedelijk gemengd werkmilieu

Snelweggebonden

MKB, eventueel ondergeschikte horeca. Moderne en overzichtelijke uitstraling

Euvelgunne

Intensief werkmilieu

Landschap gebonden

MKB, eventueel ondergeschikte horeca. Uitstralingsniveau is hoofdzakelijk functioneel.

Winschoterdiep

Noorzijde gemengd toekomstbestendig hoogwaardig en functioneel (intensief en extensief) werkmilieu. Midden hoogwaardig (intensief) en zuidzijde functioneel (extensief)

Watergebonden en lintgebonden (stadsstraat gebonden)

MKB, eventueel ondergeschikte horeca. Uitstralingsniveau is hoofdzakelijk functioneel.

Milieuboulevard

Intensief werkmilieu

Lintgebonden (c.q. stadsstraatgebonden) en watergebonden.

Grootschalige industrie en andere functies met een hoge milieucategorie. Uitstralingsniveau is hoofdzakelijk functioneel.

Roode haan

Toekomstbestendig hoogwaardig (intensief) werkmilieu

Landschap gebonden

Grootschalige industrie en andere functies met een hoge milieucategorie. Energie gericht. Regionale oriëntatie en het uitstralingsniveau is hoofdzakelijk functioneel.

Uitbreidingslocatie St. Petersburgweg

Toekomstbestendig hoogwaardig (intensief) werkmilieu

Lintgebonden (stadsstraat gebonden)

MKB, eventueel ondergeschikte horeca. Moderne en overzichtelijke uitstraling

Uitbreidingslocatie Europaweg

Toekomstbestendig functioneel (extensief) werkmilieu

Lintgebonden (stadsstraat gebonden)

Grootschalige industrie en andere functies met een hoge milieucategorie. Regionale oriëntatie en het uitstralingsniveau is hoofdzakelijk functioneel.

57

Gemeente Midden-Groningen

optimale benutting. Hiermee heeft de locatie goede kaarten

Binnen de context van de A7 corridor worden de werklocaties in de

om een voorbeeld te kunnen worden voor een daadwerkelijk

gemeente Midden-Groningen bekeken die gelegen zijn aan en tussen

toekomstbestendig functioneel werkmilieu. En in het verlengde

de A7, het Winschoterdiep en het spoor. Naast herstructurering van

van Westerbroek ligt er voor Foxhol een opgave om de ruimte voor

bestaande terreinen speelt voor Midden-Groningen ook de vraag of

industrie hier ook verder te ontwikkelen met een toekomstbestendig

en waar een uitbreidingslocatie voor economische activiteiten kan

karakter.

plaatsvinden.

Tot slot kan nog worden opgemerkt dat de vrijkomende NAM-locaties en aanwezige infrastructuur kans bieden voor een nieuwe invulling

Kansen bestaande terreinen:

en afhankelijk van hun ligging en ontsluiting voor verschillende typen

Eén van de voornaamste uitdagingen ligt besloten in het verzachten

van gebruik aangewend zouden kunnen worden.

van de harde schaalbotsingen tussen wonen, werken en het landschap, zonder dat daarmee effectief ruimte voor economie verloren zal gaan.

Uitbreidingsvraagstuk:

De voorgestelde visie tracht vanuit die achtergrond mogelijkheden in

Focus en gerichte aandacht zijn, zoals ook al eerder benoemd, cruciaal

beeld te brengen voor een schuifruimteoperatie.

met betrekking tot een eventuele uitbreidingslocatie. Bovendien alleen wanneer het meerwaarde biedt als onderdeel van een bredere strategie

Verschillende bestaande bedrijventerreinen die ‘binnendorpelijk’

en op een duurzame wijze wordt gedaan. Daarbij geldt tevens dat in

gelegen zijn, bieden kansen voor verdichting in het kader van

lijn met de omarmde landschappelijke waarde van de openheid ten

de verstedelijkings-/woningbouwopgave, waarbij tegelijkertijd

noorden van de A7, er binnen deze visie geen mogelijkheid wordt

moet worden gestreefd naar behoud van ruimte voor (lichtere)

gezien om hier een uitbreidingsvraag te laten landen.

economische functies. Dit biedt bijvoorbeeld een nieuw perspectief voor een locatie als Martenshoek en Foxham, gesitueerd in de

Een aantal andere locaties komt mogelijk wel in beeld, waarbij

nabijheid en tussen twee stations: Kropswolde en Martenshoek.

zorgvuldige afweging nodig is om tot de selectie te komen van een

Ook voor de locatie Sappemeer-Oost geldt dat er potentie ligt voor

plek die de beste condities biedt om bij te kunnen dragen aan de

ontwikkelingen. Op het huidige monofunctionele gedeelte is nog veel

gewenste schuifruimteoperatie. Locaties die we hier aanduiden

te winnen, kijkend naar de huidige ruimtelijke opzet. Er is nog uitgifte

als opties voor uitbreiding zullen in dat licht nooit tegelijkertijd in

mogelijk en naast intensivering van werkprogramma, zou menging

ontwikkeling gebracht moeten worden. Zoals hierboven vermeld

met wonen nader onderzocht moeten worden. In dat kader is tevens

worden bovendien ook op bestaande terreinen kansen gezien om (een

heractivering van het station een interessante overweging. Hiermee

deel van) deze operatie te laten plaatsvinden.

ontstaan op de as Winschoten – Groningen diverse stationsknopen met verdichtingspotentieel en onderscheidend vermogen binnen de gemeente Midden-Groningen.

Een mogelijke locatie voor uitbreiding wordt gezien aan de westzijde van het huidige Rengers terrein, waar momenteel nog ruimte voor ontwikkeling en intensivering is. De locatie Rengers West

Voor verplaatsing van bedrijven is een locatie in de relatieve nabijheid

zou goed ontsloten zijn via de A7 en sluit aan op het bestaande

van de huidige situering veelal gewenst. Een aantal bestaande

bedrijventerrein, maar grenst ook aan het lintbebouwing van de

terreinen zou hiervoor ten dele kunnen worden aangewend. Voor

Rengerslaan. Bovendien ligt de locatie in de nabijheid van de linten

de Gouden Driehoek geldt dat er nog ruimte aanwezig is voor

van Borgweg en Westerbroek. Deze omgeving maakt ook deel uit

doorontwikkeling binnen de huidige opzet. En net als voor Rengers

van het landschappelijk kader, waarmee direct wordt gewezen op de

geldt dat er conform huidige invulling ruimte is voor industrie,

noodzakelijkheid van een zorgvuldige aansluiting op de schaal van

logistiek en grote bedrijven. Desalniettemin is er vanuit het oogpunt

de linten (bijvoorbeeld gepaste afstand aanhouden) en kwalitatieve

van toekomstbestendigheid en uitstralingsniveau winst te behalen.

overgang op het landschap. Nader te beschouwen valt op welke wijze

Hoewel dit mogelijk als drempel kan werken, is zowel bij nieuwe

dit ingevuld kan worden: harde overgang, verweven of gradiënt.

vestigingen als bij verplaatsing zorgvuldigheid nodig bij deze thema’s.

Qua doelgroep komen logistieke en grotere bedrijven in beeld

Vooral omdat we nu al weten dat de harde botsingen die we nu al

waarvoor elders geen ruimte blijkt. Potentieel zou deze locatie

kennen op sommige plekken, gevolgen hebben voor de leefbaarheid

daarmee ruimte kunnen bieden aan XL ontwikkelingen tot boven de 2

in het gebied.

hectare per perceel.

Op Westerbroek worden kansen voorzien voor circulaire industrie

Het bestaande bedrijvenpark De Gouden Driehoek is tevens goed

en onderlinge synergie, daar waar de werklocatie ruimte biedt

bereikbaar en heeft nog ruimte om geïntensiveerd te worden met

voor industrie en watergebonden bedrijvigheid. Besef van de

bedrijvigheid. Oostelijk hiervan is er ruimte voor een potentiele

locatiekwaliteiten met de ligging aan het water is essentieel voor

uitbreiding. Randvoorwaardelijk is dat pas bij volledige benutting van het huidige terrein overgegaan zou kunnen worden op nieuwe

58

uitbreiding. Qua profiel en ontsluitingsmogelijkheden ligt het minder

haalbaarheid en wenselijk van vestiging van grote ruimtevragers moet

voor de hand hier in te zetten op XL ontwikkelingen.

plaatsvinden in een gebiedsproces.

Ten zuiden hiervan is er in de Tussenklappenpolder eventueel ruimte

Hiermee wordt duidelijk dat er voor de gemeente Midden-Groningen

voor grote ruimtevragers, bedrijvigheid in de categorieën XL en

meerdere opties zijn en daarmee dat er diverse paden te bewandelen

XXL. Ook hiervoor speelt de ontsluitingskwestie en zal hoog ingezet

zijn, maar er geen makkelijke route is. Het vereist strategische

moeten worden op zorgvuldige aansluiting op het landschap. Zoals

afweging en durf om te kiezen, waarbij dus ook opties komen te

vermeld in het Ruimtelijk-economisch perspectief A7/N33 geldt voor

vervallen om te komen tot een strategie met brede maatschappelijke

de Tussenklappenpolder nadrukkelijk dat een onderzoek naar de

relevantie.

Referenties voor transformeren huidige terreinen voor beide gemeentes

Arbon en Zenith in Rhenen

Diviande in Veenendaal

Grozette in Woerden

ViaVac in Lopik 59

Tabel met Uitbreidingslocaties in Midden-Groningen Uitbreidingslocatie

Rengers West

Type ruimtelijk economisch milieu:

Toekomstbestendig functioneel (extensief) werkmilieu

Economisch profiel

• • •

Ruimtelijk profiel

• • • • • •

Toekomstbestendige ontwikkeling

• • • • • • • •

60

Bedrijven met een grotere logistieke component (logistiek, groothandel, grotere bouwbedrijven, etc.) Industrie met een hogere mate van omgevingshinder Bedrijven met een relatief grote individuele omvang Perceelomvang XL, biedt ook ruimte boven 2 hectare Goed ontsloten via A7 Hoogwaardige uitstraling van bebouwing en openbare inrichting Hoge mate van duurzaamheid van vastgoed Zorgvuldige aansluiting op schaal en maat van nabijgelegen lintbebouwing, bijvoorbeeld door gepaste afstand en kwalitatieve impuls in te behouden open gebied Landschappelijke inpassing: hanteer type tussenzone (verweven) of graduele overgang (overloop) (zie hiervoor handvatten zoals aangereikt onder ambitie: Aantrekkelijke en toekomstbestendige woon- en/of werkomgeving (pagina 33).

Verplicht parkmanagement Goede digitale ontsluiting, teneinde digitalisering van bedrijven te kunnen faciliteren Groene energie neutraal/opwekkend Circulair materiaalgebruik Klimaatadaptatie in de openbare ruimte, om hittestress en wateroverlast tegen te gaan Meervoudig ruimtegebruik, bijvoorbeeld daken te gebruiken voor zonnepanelen en/of het realiseren van groene daken; Gezamenlijke faciliteiten (bijv. vergaderruimte, horeca en parkeerruimte), om ontmoeting te stimuleren en de beschikbare ruimte zo efficiënt mogelijk te benutten Een gezonde werkomgeving, met ruimte voor een ommetje, recreatief groen en/of logische openingen om gebruik te maken van de recreatieve waarde van het omliggende landschap.

Tabel met visie op bedrijventerreinen in Midden-Groningen Naam terrein Gemeente Midden Groningen

Type ruimtelijk economisch milieu

Contextuele oriëntatie

Doelgroep bedrijvigheid

Westerbroek

Toekomstbestendig functioneel (extensief) werkmilieu

Watergebonden

Grootschalige (zware) industrie met een circulaire component. Regionale oriëntatie. Bijvoorbeeld een circulaire hub, asfalt/betoncentrale. Functionele uitstraling.

Foxhol

Toekomstbestendig functioneel (extensief) werkmilieu

Watergebonden

Grootschalige industrie met een circulaire component. Regionale oriëntatie. Bijvoorbeeld een circulaire hub, asfalt/beton centrale. Functionele uitstraling.

Rengers

Toekomstbestendig hoogwaardig (intensief) werkmilieu

Snelweggebonden

Grootschalige logistiek. Regionale oriëntatie. Hoogwaardige uitstraling.

Martenshoek-Zuid

Dorps gemengd werkmilieu

Lintgebonden

MKB met lagere milieuhinder (met publiekstrekkende functie, bijvoorbeeld een showroom of speciaalzaak). Commerciële dienstverlening. Lokale oriëntatie. Moderne en overzichtelijke uitstraling.

MartenshoekFoxham

Dorps gemengd werkmilieu

Lintgebonden

MKB met lagere milieuhinder (met publiekstrekkende functie, bijvoorbeeld een showroom of speciaalzaak). Commerciële dienstverlening. Lokale oriëntatie. Moderne en overzichtelijke uitstraling.

Hoogezand-Noord

Dorps gemengd werkmilieu

Watergebonden

MKB met lagere milieuhinder (met publiekstrekkende functie, bijvoorbeeld een showroom of speciaalzaak). Commerciële dienstverlening. Lokale oriëntatie. Moderne en overzichtelijke uitstraling.

Sappemeer-Oost

Dorps gemengd werkmilieu gemengd met intensief werkmilieu

Spoorgebonden

Grootschalige industrie en andere functies met een hoge milieucategorie. Uitstralingsniveau is hoofdzakelijk functioneel.

Het bedrijvenpark De Gouden Driehoek

Toekomstbestendig functioneel (extensief) werkmilieu

Snelweggebonden

MKB en (grootschalige) logistiek. Moderne en overzichtelijke uitstraling.

IndustriewegZuidbroek

Dorps gemengd werkmilieu gemengd met extensief werkmilieu

Watergebonden

Grootschalige industrie en andere functies met een hoge milieucategorie en een circulaire component. Uitstralingsniveau is hoofdzakelijk functioneel. Er is een goede overgang gewenst tussen dorp en bedrijvigheid ten zuiden van het Winschoterdiep.

Uitbreidingslocatie Rengers West

Toekomstbestendig hoogwaardig (intensief) werkmilieu

Snelweggebonden

Grootschalige logistiek. Regionale oriëntatie. Hoogwaardige uitstraling.

Uitbreidingslocatie Gouden driehoek

Toekomstbestendig functioneel (extensief) werkmilieu

Snelweggebonden

Grootschalige industrie en andere functies met een hoge milieucategorie en een circulaire component. Uitstralingsniveau is hoofdzakelijk functioneel.

Uitbreidingslocatie Tussenklappenpolder

Toekomstbestendig functioneel (extensief) werkmilieu

Snelweggebonden

Grootschalige industrie en andere functies met een hoge milieucategorie en een circulaire component. Uitstralingsniveau is hoofdzakelijk functioneel.

61

Slotoverwegingen Ter afsluiting van het ruimtelijk-economische deel van de visie delen

Ten derde: de locaties waar in deze visie mogelijkheid tot uitbreiding

we hieronder nog enkele overwegingen die voor een goed begrip van

van bedrijventerrein wordt voorzien, hebben allemaal inherent

het document nog expliciet verdienen te worden benoemd.

dezelfde locatiekwaliteiten. De locaties zijn bijvoorbeeld allemaal goed ontsloten aan de A7, nabij de stad Groningen en er is potentieel

Ten eerste: we vinden het nuttig om voor de watergebonden

ruimte voor bedrijven van een grootschaligere omvang. Voor een

bedrijvigheid in te zetten op een gemeente-overstijgende blik.

zorgvuldige ontwikkeling – zowel vanuit perspectief van economie

Watergebonden kavels zijn schaars, maar van groot belang voor het

als vanuit het perspectief van landschap – is het niet wenselijk om

functioneren van de bestaande bedrijvigheid, het kunnen faciliteren

meerdere terreinen met dezelfde propositie in de markt te zetten, ook

van nieuwe, circulaire industrie en voor het realiseren van een

al is er in beide gemeenten een vraag naar bouwgrond. Onderlinge

modal shift van logistieke ladingstromen. Dat tekent het belang van

concurrentie is onnodig en draagt niet bij aan betere harmonie

het zorgvuldig benutten van de kades aan het Winschoterdiep in

tussen economie en landschap. Het is dus wenselijk om de nieuwe

beide gemeenten. Het bedrijventerrein Westerbroek, in de gemeente

terreinen op deze as sterker ten opzichte van elkaar te profileren en/

Midden-Groningen, heeft daarin een bijzondere positie, omdat hier

of zelfs gefaseerd ten opzichte van elkaar te ontwikkelen. Daarbij

bij uitstek ook ruimte is voor extensievere watergebonden functies

zijn verschillende opties denkbaar. Bijvoorbeeld een onderscheid

met een zekere mate van omgevingshinder. Dat zijn kwaliteiten

in grootteklasse: Meerstad leent zich qua omgeving minder voor

die met name voor de nieuwe, circulaire industrie van belang zijn,

XL-bedrijven (> 3 ha) dan Rengers-West en De Gouden Driehoek.

bijvoorbeeld industrie, gericht op het verwerken van bouw- en

Dat geldt in het bijzonder voor het deel dat aan de Driebondsweg is

sloopafval. Daar kunnen beide gemeenten in gezamenlijkheid een

ingetekend. Daarnaast stellen we ons voor dat Rengers-West en ook

sterke propositie in de markt zetten. We adviseren om zuinig te

De Gouden Driehoek zich voor een slag zwaardere bedrijven (in

zijn op deze plekken en bij planvorming of toetsing van initiatieven

mate van omgevingshinder) lenen dan Meerstad en daarmee beter

helder af te wegen waar watergebonden bedrijven wel of niet

geëquipeerd zijn voor grootschalige industrie. De plekken moeten

toekomstbestendig gefaciliteerd kunnen worden.

zich niet van elkaar onderscheiden waar het gaat om ambities voor intensiteit, duurzaamheid, klimaatadaptatie en verblijfsklimaat.

Ten tweede: we voorzien dat de spoorverbinding tussen beide gemeenten een grotere potentie heeft dan dat nu verzilverd wordt. De

Daarvoor moet voor iedere ‘greenfield-ontwikkeling’ een hoog niveau nagestreefd worden.

as heeft een diversiteit aan stationslocaties, waaronder vier stations in Midden-Groningen. In het kader van het huisvesten van economische

Het draagt bij aan het beoogde resultaat – niet onderling concurreren

functies, het faciliteren van arbeidspendel tussen beide gemeenten en

en als gehele regio een sterke propositie in de markt zetten – als

wellicht ook de woning- en verstedelijkingsopgave kan hier potentieel

leads en acquisitie onderling afgestemd worden, bijvoorbeeld in één

meer winst en onderlinge interactie tussen beide gemeenten

gezamenlijk bedrijvenloket. Uiteindelijk kiezen bedrijven, binnen de

gerealiseerd worden. Wees daarbij wel beducht op maakbaarheid: niet

kaders die worden geboden (zie vorige alinea), hun eigen weg. Maar

alle functies en doelgroepen lenen zich hiertoe. De stationsgebieden

aanvullend kunnen de ‘eigen’ terreinen als eerste worden aangeboden

op deze lijn hebben nog weinig plaatswaarde (place-to-be), dus een

aan bedrijven die binnen de gemeente op hun bestaande locatie uit

dergelijke inzet op onderlinge interactie tussen beide gemeenten zal

hun jasje groeien en/of bedrijven die beter op een andere plek passen

altijd gepaard moeten gaan met het creëren hiervan. Bijvoorbeeld

om zo de ambities op bestaande locaties te realiseren.

door een uniek programma te realiseren, dat de initiële perifere ligging van de stations compenseert en als vliegwiel kan dienen voor verdere ontwikkelingen.

62

Boven de Bieleveldslaan kijkend richting de Hoofdweg 63

7

Inspiratiekaart met acht sleutelplekken

5 1 4 2

3

Inspiratiekaart

6

De in de voorgaande hoofdstukken besproken voorstellen en principes op het gebied van economie, vaarverbinding, natuur en .

landschap komen samen op deze kaart Dit is geen blauwdruk, maar een perspectief voor hoe, door integraal naar opgaven te kijken, .

kansen kunnen ontstaan voor een aantrekkelijker landschap Een landschap waar het goed toeven is voor mens en dier, en ruimte is .

voor ecologie en economie Op de volgende pagina’s lichten we de .

inspiratiekaart verder toe aan de hand van acht sleutelplekken

Legenda Bewoond gebied

64

Mogelijkheid voor wonen in bosrijke omgeving

Bedrijventerrein

Zoekgebied wonen/water

Voorstel voor uitleglocaties bedrijventerrein, uitbreiden enkel waar nodig.

NNN en/of N2000 gebied

Zoekgebied vergroting Woldmeer

Stedelijk gemengd werkmilieu

Bebost gebied

Gepland zonneveld

Dorps gemengd werkmilieu

Water

Geplande windmolens

Toekomstbestendig hoogwaardig (intensief)

Zonneveld

Voorstel nieuwe natuur

Toekomstbestendig functioneel (extensief)

Hoofdweg

Voorstel nieuwe bosgebieden

Voorstel stadsstraat: Europaweg en Driebondsweg

A7

Voorstel nieuw bosgebied indicatief

Paarse lijn langs Hunze: bedrijven oriënteren met de Hunze als voorkant

Plannen voor nieuw woongebied

7 8

Behoud en versterking van

Bestaande vaarverbinding

historische woonlinten

Voorstel vaarverbinding Winschoterdiep - Woldmeer

Voorstel stadsentree/groene wig

Voorstel kanoroute en beek/vaartherstel

Bestaand fietsnetwerk

Doorlopende lijn: bestaande delen van de Hunze

Voorstel nieuw fietspad

Voorstel kanoroute, en op lange termijn mogelijk vaarroute

Voorstel hoofdfietsnetwerk

Gemeentegrens Groningen met omliggende gemeenten

Treinverbinding

Voorstel: transformatie NAM-locaties tot groene hoogwaardige ‘landgoederen’ met wisselende functies

Treinstation

1km

65

1

Hunze – Euvelgunne

De groenzone langs de Hunze ligt nog altijd als een prachtig reservaat, .

beschermd tussen de werkterreinen Maar deze bescherming was .

niet overal op tijd Pak de Hunze als projectoverstijgende opgave aan en breng de Hunze weer terug van uitmonding in het Eemskanaal .

tot aan het Winschoterdiep bij Waterhuizen Hiermee ontstaat een hoogwaardige entree van de stad, die de huidige barrière van .

bedrijventerreinen aan de oostkant van de stad volledig doorkruist

Daarnaast wordt de Hunze als vestigingsvoorwaarde nog onvoldoende .

benut Hier liggen kansen! Trek de groensfeer door tot in Euvelgunne en Oosterparkwijk en zorg dat mensen in hun pauze een aangenaam .

rondje kunnen lopen Het is een ontwerpopgave om de kracht van het voor meer verbinding met het omliggende werkterrein te zorgen

.

gebied als oase van historisch landschap te behouden, en tegelijkertijd

In de huidige situatie zijn bedrijven afgekeerd van de Hunze

In de voorgestelde situatie wordt de Hunzezone benut als voorkant

66

Zoom op visiekaart - Hunze – Euvelgunne

Nesciobrug als referentie voor mogelijke fietsbrug over Eemskanaal om via de Hunze direct de stad in/uit te kunnen fietsen

High Tech Campus Eindhoven als voorbeeld van vestigingsvoorwaarde: aantrekkelijke groen blauwe omgeving werkmilieu. 67

2

Stainkoeln en groene entree Euroborg

In de door ons benoemde ‘Euroborgentree’ komen verschillende opgaven bij elkaar: het is een zoekgebied voor windturbines, er zijn bestaande en geplande zonnevelden, bedrijfskavels die in de verkoop staan, en er is de Stainkoeln die ook op termijn een andere invulling .

moet krijgen Door dit als één project en één ontwerpopgave aan te pakken, kan dit een aantrekkelijke groene entree worden voor de stad Groningen waarbinnen alle functies hun plaats krijgen, en waar ook .

plaats is voor natuur en recreatie

Zoom op visiekaart - Stainkoeln en groene entree Euroborg

Strijp-S Eindhoven. Multifunctioneel gebied met bedrijfs-, recreatie-, natuur- en entreefunctie voor de stad. De Euroborgentree staat hier nog ver van, maar heeft ook deze potentie 68

VAM-berg in Drenthe als referentie voor Stainkoeln. De afvalbergen kunnen in de toekomst een recreatieve functie krijgen

Door Strijp S loopt de Groene Corridor die Eindhoven op een aantrekkelijke manier verbindt met Oirschot 69

Vaarverbinding en Hunze rondom Winschoterdiep

3

De kruising met het Winschoterdiep is niet eenvoudig te maken voor de nieuwe vaarverbinding, zoals in hoofdstuk 5 verder wordt .

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13547377/1