CConstaterende datMidden-Groningen
Koppel je AI →
Document · PDF

RB 342 1 Bijlage Ruimtelijk perspectief A7 corridor

Raadsvergadering 3 februari 2022, gemeente Midden-GroningenBij agendapunt: Ingekomen stukken en mededelingen/Lange Termijn Agenda raad/Toezeggingen22.872 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Ruimtelijk perspectief A7-corridor

Bouwstenen voor de ruimtelijke opgaven en gemeentelijke samenwerking voor het gebied oostflank Groningen en Midden-Groningen

Kijkend tussen het lint van Middelbert, met uitzicht op Groningen Foto cover: Borgsloot en A7 (2021)

Ruimtelijk perspectief A7-corridor

Bouwstenen voor de ruimtelijke opgaven en gemeentelijke samenwerking voor het gebied oostflank Groningen en Midden-Groningen

De Hunze middenin bedrijventerrein Euvelgunne

Inhoud

1 2 3 4 5 6 7

Inleiding . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6

Kenschets van het gebied . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8

Trends en opgaven . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 16

Ruimtelijke visie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 24

Vaarverbinding . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 36

Handreiking werklocaties . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 44

Inspiratiekaart met acht sleutelplekken . . . . . . . . . . . 64

Bijlagen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 82

Colofon . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 104

1

Inleiding

Aanleiding

Toelichting document

Het landschap tussen de steden Groningen en Hoogezand-Sappemeer

Dit advies is opgesteld door Strootman Landschapsarchitecten in

is een dynamisch gebied met verschillende en veranderende

samenwerking met BURA Urbanism, Stec Groep, en InVra plus,

functies en kwaliteiten. Dwars door dit afwisselende landschap

in opdracht van de gemeenten Groningen en Midden-Groningen.

van meren, beekdalen en lintdorpen loopt de A7 als economische

Gedurende het proces is regelmatig afgestemd met elkaar en is

corridor, en vindt grootschalige woningbouw plaats in Meerstad.

gezamenlijk de koers bepaald. Daarnaast hebben we onder andere

Ontwikkelingen in stad en ommeland zorgen voor nieuwe behoeftes,

gesproken met Groninger Landschap, Natuurmonumenten,

zoals vestigingsplaatsen voor bedrijven, duurzame energieopwekking

MEERdorpen, Atelier stadsbouwmeester Groningen, projectbureau

en een recreatief (vaar)netwerk dat verschillende meren met

Meerstad, en de supervisor ruimtelijke kwaliteit van Midden-

elkaar verbindt. De uitdaging is om de verschillende economische,

Groningen. Voor het advies is ook gebruik gemaakt van het resultaat

recreatieve, en ecologische belangen in het landschap naast en met

van eerdere onderzoeken naar (delen van) dit projectgebied, zoals

elkaar te laten bestaan. Nu en in de toekomst. Om dat te kunnen

het Ruimtelijk economisch perspectief A7/N33-regio van Buck

realiseren hebben de gemeenten Groningen en Midden-Groningen

Consultants en H+N+S, en de cultuurhistorische analyse van de

ons opdracht gegeven een integraal ruimtelijke perspectief voor dit

MEERdorpen door SteenhuisMeurs.

gebied te maken. Hierin wordt een aantal ontwikkelingen en ambities

Dit document biedt inspiratie voor de ruimtelijke ontwikkeling

met elkaar in verband gebracht.

voor de regio Groningen-oostkant en Midden-Groningen. Binnen dit gebied ligt ook Meerstad dat zich nu sterk aan het ontwikkelen

Opgave en gebied Dit integraal ruimtelijk perspectief heeft zowel een ruimtelijkeconomische als een landschappelijke component. Daarin geven we antwoord op de volgende vragen: •

Wat zijn de mogelijkheden voor de economische ontwikkeling van de A7-corridor West (tussen P+R Meerstad en Zuidbroek)?

•

Wat zijn de mogelijkheden voor (een) vaarverbinding(en) voor de recreatievaart tussen Zuidlaardermeer-Woldmeer-

is, en waar ook de planvorming nog in ontwikkeling is. Dit document biedt ook voor de ontwikkelingen in Meerstad inspiratie, maar de kaartbeelden zijn geen voorsortering op toekomstige ontwerpvoorstellen en hier kunnen dan ook geen rechten aan worden ontleend.

Leeswijzer •

Schildmeer?

ontstaansgeschiedenis en huidige staat van het projectgebied toegelicht.

Op het kaartje hiernaast is te zien waar de twee opgaven zich concentreren. De roze lijn is het zoekgebied voor de economische

In hoofdstuk 2 (Kenschets van het gebied) wordt de

•

In hoofdstuk 3 (Trends en opgaven) wordt besproken wat er aan

opgave, globaal het gebied tussen de werkterreinen aan de oostzijde

ontwikkelingen op het projectgebied afkomt, en welke opgaven

van Groningen en Zuidbroek in het zuidwesten. De blauwe lijn is het

daarbij ontstaan.

kernzoekgebied voor de vaarverbinding; de groene lijn is de brede

•

landschappelijke context waarbinnen we beide opgaven plaatsen.

In hoofdstuk 4 (Ruimtelijke visie) wordt aan de hand van vijf ambities besproken hoe het projectgebied zich op een duurzame, kwalitatieve, en integrale manier kan ontwikkelen.

•

In hoofdstuk 5 (Vaarverbinding) worden de meerwaarde en mogelijkheden voor het uitbreiden van het vaarnetwerk besproken.

•

In hoofdstuk 6 (Handreiking werklocaties) worden opties gegeven voor ruimtelijke economische ontwikkeling.

•

Hoofdstuk 7 (Inspiratiekaart met acht sleutelplekken) vat al het voorgaande samen in één kaartbeeld. Acht sleutelplekken worden verder toegelicht.

6

Plek waar de opgaven bij elkaar komen: natuur, (vaar)recreatie, landschap en economie. Het Drentsche Diep mondt uit in het Winschoterdiep bij de watergebonden industrie van Waterhuizen

De drie opgaven bij elkaar. Roze: verkenning ruimtelijke economie. Blauw: verkenning vaarverbinding. Groen: landschappelijk raamwerk

7

2

Kenschets van het gebied

Het Landschap Landschap van wijken en diepen De stad Groningen was tot in de 19e eeuw een laatste post op het eind van de Hondsrug te midden van een laag landschap van klei en veen. Vanuit de stad en vanuit hogere ruggen – zoals Hoogezand – werd het landschap in cultuur gebracht. Reizen, ontginnen en handel: tot ver in de 19e eeuw was dit een vaarlandschap waar bijna alles over het water gebeurde. Eerst ging dit nog via natuurlijke stromen zoals de Hunze en de Slochter Ae. Maar al snel kwamen daar wijken en diepen zoals het Winschoterdiep en de Borgsloot bij. In de 20e eeuw komt hier langzaam een einde aan en wordt de auto, en daarmee ook de (snel)weg als verkeersader, het belangrijkste vervoermiddel. Het Winschoterdiep liep voor 1960 nog door het centrum van Hoogezand en Sappemeer

Wat er nu nog resteert van het vaarnetwerk zijn voornamelijk de grote kanalen Winschoterdiep en Eemskanaal, inmiddels geoptimaliseerd voor de industrie: kanalen die niet aantrekkelijk – soms zelfs gevaarlijk zijn – voor recreanten. Reden temeer om te zoeken naar alternatieve routes. Veen, veenstromen en veenontginning Tussen de Hondsrug en het lint van Slochteren ontstond tijdens het holoceen een uitgestrekt veenmoeras waar riviertjes als de Hunze in uitmondden en het water moeilijk weg kon stromen. Door ontginningen is het dikke veenpakket deels verdwenen. Heden ten dage ligt het gebied soms wel 2 meter lager dan zijn omgeving. Om het land begaanbaar en droog te houden wordt het nu sterk ontwaterd, waardoor het veen oxideert en er veel CO2 vrijkomt. Om deze uitstoot te reduceren hebben verschillende partijen samen

Het Winschoterdiep werd verlegd, gedempt in het centrum en getransformeerd tot Hoofdstraat

het project Groeningen opgezet, een initiatief voor het maken van de eerste klimaatpositieve regio van Nederland. Hier ligt een kans om projecten, zoals de verkenning voor de vaarverbinding, een klimaatpositieve invulling te geven (waarover later meer). Linten bepalen structuur landschap Het typische open Groningse landschap wordt ontsloten via dorpslinten, die zoals Middelbert, Engelbert, Harkstede en Kolham nog vrij in het landschap liggen. Rondom Hoogezand-Sappemeer, dat is ontstaan vanuit verschillende bouwlinten dicht op elkaar, is de ruimte tussen de linten vaker opgevuld met woningen of bedrijvigheid. Hier is het zaak in de toekomst zuinig te zijn op de waardevolle open ruimte binnen de kern en om de historisch

Het Winschoterdiep nu

8

en ruimtelijk waardevolle lintdorpen zoveel mogelijk vrij in het landschap te laten liggen.

Cultuurhistorisch landschap

Legenda Moerige zandgrond (ontgonnen veen) Veengrond Zeeklei Hoger gelegen zandgrond Bebouwd gebied Water Hoofdweg

Historische woonlinten. In het wit huizen uit 1930 of ouder. Historische weg Indicatie van historische loop van de Hunze en de middeleeuwse Fivel Waterloop met een hoge landschappelijke en natuurwaarde Delen van de Hunze in het projectgebied die nog zichtbaar zijn in het slotenpatroon 9

Groeningen (groene lijn)

Engelbert (boven de Woldjerspoorweg) - een van de dragers van het langzame landschap

Het gehucht Euvelgunne vlak voordat het industrieterrein Euvelgunne en de Europaweg werd aangelegd

Thies Dijkhuis, de laatste boer van Euvelgunne

Snel vs langzaam landschap De diepen en kanalen hebben gemaakt dat de regio al vroeg aantrekkingskracht had op handel en industrie; denk aan bedrijven als Eska en Essity, ontstaan uit de strokartonindustrie. Deze industriële ontwikkeling, zoals de scheepsvaartindustrie, heeft ook aan erfgoed en lokale cultuur bijgedragen. Deze sfeer en bijzondere woon-werk verdeling is vooral in Midden-Groningen voelbaar. Keerzijde van de industriële ontwikkeling is dat op plekken zoals Euvelgunne en Foxhol-Martenshoek, van de vroegere polderstructuur en het open landschap weinig meer over is. SteenhuisMeurs noemt dit het ‘snelle landschap’, dat zich vanaf 1850, met de komst van de grote kanalen, afsplitst van het ‘langzame landschap’. Het ‘snelle landschap’ wordt 10

gedreven door economische ontwikkeling, en staat tegenwoordig vaak los van lokale identiteit en cultuur, terwijl het ‘langzame landschap’ deze identiteit en cultuur juist weerspiegelt. Dit ‘langzame landschap’ van linten en open agrarisch gebied is kwetsbaar en kan snel worden aangetast door bijvoorbeeld het plaatsen van industriële bebouwing. Hiervoor kenmerkend is het gehucht Euvelgunne dat de afgelopen 40 jaar langzaam is ingesloten door werkterreinen, en waar Thies Dijkhuis, de laatste boer van Euvelgunne, ervoor heeft gezorgd dat de Hunzezone als reservaat en groene enclave is behouden.

Werkterreinen

Legenda Werkterrein

Ruimtelijke economie Botsende werelden Langs de A7 corridor is in de loop van de tijd het ‘snelle landschap’

Hier is duidelijk te zien dat de fijnmazige (historische) linten en de

steeds dominanter aanwezig in het gebruik en de ervaring van de

meer grofkorrelige (moderne) infrabundels typologisch sterk van

ruimte. Het ‘langzame landschap’ is aan de verliezende hand. Het

elkaar verschillen, zowel in ruimtelijk als programmatisch opzicht. In

ooit open en agrarische landschap, met de kenmerkende dorpslinten,

de ruimte echter, komen deze verschillende typen verrassend dicht

wordt inmiddels doorkruist door bundels van infrastructuur.

bij elkaar. Soms liggen ze pal tegen elkaar aan, en soms raken zij

Aan en tussen de waterwegen, spoorlijnen en (snel)wegen liggen

plaatselijk ook ruimtelijk met elkaar verweven. Dit levert onwenselijke

grotendeels (mono)functioneel ingerichte gebieden. Hoewel hier

situaties op: rommelige overgangen tussen bebouwd en landelijk

sprake is van grootschalige bebouwing, gaat het toch om lage

gebied, vervreemdende schaalconfrontaties qua bebouwing en/of

bebouwingsdichtheden. De hoofdinfrastructuur van snelweg en

infrastructuur en tevens omgevingshinder (o.a. verkeer, geluid, lucht).

kanalen zorgt voor een goede oost-west verbinding, maar tegelijkertijd voor ruimtelijke (en visuele) barrières in noord-zuid richting. De

Het ‘snelle’ en het ‘langzame landschap’ staan met elkaar op

ligging van deze infrastructuur is niet geënt op een onderliggende

gespannen voet en bestaande kwaliteiten zijn onder druk komen

landschapsstructuur, in tegenstelling tot de lintstructuren die zich

te staan. Hiermee raakt de ruimtelijk economische context direct

onderscheiden door hun relatieve kleinschaligheid en een diversiteit

aan bredere maatschappelijke kwesties zoals het behouden en

van functies met een mix van wonen, werken en voorzieningen.

versterken van landschappelijke waarden, de woningbouwopgave,

Ruimtelijk zijn deze op kenmerkende lineaire wijze georganiseerd.

energietransitie, leefbaarheidskwesties, klimaat en duurzaamheid, en de ruimtelijke kwaliteit van de leefomgeving. De combinatie van

Dit beeld is herkenbaar in de mate van functiemenging en

vraagstukken vraagt om een nieuwe ruimtelijk economische visie.

bebouwingsdichtheid - zie respectievelijk de MXI en FSI kaartbeelden op pagina 13.

11

Twee gemeenten, twee profielen De gemeenten Groningen en Midden-Groningen hebben elk een eigen profiel, dynamiek en opgaven. De gemeente Groningen als regionaal economisch centrum met: •

regionale werkgelegenheidsfunctie

•

positief arbeidspendelsaldo

•

bewezen aantrekkingskracht voor (boven)regionaal

Wat opvalt is dat een groot deel van de kavels aan het kanaal wordt gebruikt door niet-watergebonden bedrijven; in de Scandinavische havens bijvoorbeeld ook door de vrijetijdseconomie. Het Eemskanaal wordt binnen het onderzoeksgebied zelfs in het geheel niet benut door watergebonden bedrijven. In het gebied rond het Oude Winschoterdiep zien we daarnaast veel oudere bedrijvigheid met een laagwaardige of zelfs rommelige uitstraling.

georiënteerde bedrijven •

aanwezigheid van brede, gediversifieerde economie met grote

De gebieden tussen het Winschoterdiep en de A7/N7 huisvesten

kenniscomponent.

primair midden- en kleinbedrijf uit een grote diversiteit aan sectoren. Afzet- en arbeidsmarkt maken dat zij veelal op de stad zijn

De gemeente Midden-Groningen met:

georiënteerd. Voor deze bedrijven is de locatie interessant vanwege

•

een gunstige ligging ten opzichte van stad en ommeland, ontsloten

grote industriële component (ongeveer de helft van alle arbeidsplaatsen in de gemeente)

via de Europaweg, Sint Pietersburgweg en Driebondsweg. Daarnaast

•

belangrijk aandeel lokaal midden- en kleinbedrijf

draagt de aanwezigheid van zichtlocaties bij aan de locatiekwaliteit.

•

veel aanwezige industriële bedrijven en nieuwere, grote logistiek

Voor een groot deel van deze bedrijven zijn de aansluiting op

richten zich primair op de A7

de A7 - die een bovenregionale logistieke functie heeft - en de

Een oriëntatie op nieuwe economische impulsen van buiten,

waterverbinding - waar ook enkele kavels aan gelegen zijn - van

om aanvullend op de autonome ontwikkeling van de gemeente,

minder belang.

•

te voorzien in werkgelegenheidsgroei voor de op dit moment vooral praktisch geschoolde beroepsbevolking.

Midden-Groningen De gemeente Midden-Groningen beschikt binnen het

Groningen

onderzoeksgebied over diverse bedrijventerreinen. Deze werklocaties

In de gemeente Groningen manifesteert zich het grootste deel van

liggen ten zuiden van de A7, waarbij het verstedelijkte gebied tot

de economische toegevoegde waarde. In de stad zijn meer dan 30

aan de snelweg A7 is gegroeid. Ten noorden is nog een grotendeels

‘werklocaties’ te onderscheiden die verspreid zijn over de binnenstad

open landschap aanwezig, waarbij de A7 een fysieke scheidingslijn

en de campussen, kantoorlocaties en bedrijventerreinen. Binnen de

is geworden. De bedrijventerreinen zijn opgespannen in oost-

scope van deze visie valt het zuidoostelijke bedrijventerreinencluster

westelijke richting en liggen binnen een langgerekte ruimtelijke

van de stad: het gebied van het Sontplein, de Stadshavens en het

hoofdstructuur, gevormd door de min of meer parallelle lijnen:

Europapark richting enerzijds het Eemskanaal en Meerstad en

snelweg A7, Winschoterdiep, de lintbebouwing in het verlengde van

anderzijds het gebied langs het (Oude) Winschoterdiep richting

de Hoofdstraat/Noorderstraat en spoorweg.

Hoogezand-Sappemeer. Dit zeer diverse bedrijventerreinencluster is het grootste aaneengesloten werkgebied van de stad. Aan de

Opvallend zijn de linten waar economie en wonen zich van oudsher

westelijke zijde van dit cluster ontwikkelt zich een stedelijke

al afwisselen op gebouwniveau, tevens kenmerkend en passend bij het

economie in de Stadshavens. Sontplein biedt vooral ruimte aan

dorpse karakter. Daartussen hebben zich echter in de loop van de tijd

grootschalige detailhandel. Het daarnaast gelegen Europapark,

andere gebieden ontwikkeld: locaties met hoofdzakelijk een woon- of

voorzien van een treinstation, wordt gekenmerkt door een

werkbestemming op gebiedsniveau. Opmerkelijk is dat op diverse

combinatie van dienstverlening, onderwijs en vrijetijdseconomie.

plekken een verandering in schaalgrootte zichtbaar is geworden

Aan het (Oude) Winschoterdiep bevinden zich enkele grotere,

gedurende de ontwikkeling van een bedrijventerrein. Als gevolg

watergebonden bedrijven in de bouwmaterialen-, grondstoffen- en/of

hiervan zien we op een aantal terreinen delen waar op kavelniveau

recyclingbranche.

een woning en bedrijf zijn gevestigd, maar waar even verderop grotere bedrijfsgebouwen en industriële hallen het beeld domineren.

12

Functiemix (MXI=Mixed Use Index) - de linten springen eruit

Bebouwingsdichtheid (FSI=Floor Space Index) - de linten lijken hier weer te verdwijnen

13

bedrijventerrein Martenshoek met een diversiteit aan bedrijvigheid:

Geen optimale samenhang tussen werklocaties en ruimtelijke condities

van kringloopwinkel tot autohandel, bouwbedrijf, logistiek en

Er bevindt zich een omvangrijk aantal werklocaties binnen het

industrie. Het gebied wordt ingeklemd tussen linten en water. We

projectgebied. Toch zien we ondanks kleine onderlinge verschillen,

zien dat de economische activiteiten en woonkwaliteit van het

dat werklocaties een weinig écht onderscheidend profiel en karakter

naastgelegen lint steeds vaker met elkaar botsen. Verder naar het

ten opzichte van elkaar hebben. Het zijn veel monofunctionele en

oosten ligt het bedrijventerrein Sappemeer-Oost, dat qua doelgroep

extensief gebruikte gebieden die op gebiedsniveau vaak ruimte bieden

en opgaven vergelijkbaar is met Martenshoek.

aan zeer uiteenlopende economische activiteiten. Ze zijn vooral

Achter de oude linten van Hoogezand bevindt zich het heterogene

functioneel ingericht als verharde terreinen met weinig ruimtelijke Aan de noordzijde van Hoogezand ligt, aan het water, het

kwaliteit.

bedrijventerrein Hoogezand-Noord, waar enkele van oudsher

Kijkend naar de ontstaanswijze - waarbij locaties zijn ontsloten vanuit

aanwezige watergebonden bedrijven zijn gevestigd. Dit terrein heeft

een weg- water- en spoorwegstructuur en onderdeel zijn van hun

een functionele uitstraling en ligt eveneens dicht tegen de woonkern

omgeving (stedelijk, landschappelijk of dorps) - liggen hier kansen

aan.

voor betere profilering.

In het gebied aan het Winschoterdiep in Westerbroek is primair

Breder gezien constateren we dat op tal van werklocaties in de A7

(watergebonden) industrie en watergebonden bedrijvigheid gevestigd,

corridor momenteel geen optimale afstemming en wisselwerking

zoals scheepsbouw. Het gebied ligt relatief perifeer van de kern en

bestaat tussen het type bedrijf dat ergens is gevestigd (of zich kan/

ontsluiting op de A7, heeft een zeer functionele uitstraling en beschikt

mag vestigen) en de ruimtelijke condities van een specifieke locatie.

nog over ontwikkelruimte.

Ook het extensieve grond- en ruimtegebruik van de werklocaties is

Aan de A7 ligt het relatief nieuwe bovenregionale bedrijventerrein

een aandachtspunt. Hier liggen mogelijkheden om vanuit intensiever

Rengers dat naast lokaal midden- en kleinbedrijf ook grootschalige

en slimmer ruimtegebruik, de toekomstbestendigheid van de

logistiek aantrekt die baat heeft bij de directe snelwegontsluiting.

werklocaties te verbeteren.

Helemaal in het oosten van het visiegebied, bij de kern Zuidbroek, ligt het bedrijventerrein De Gouden Driehoek dat primair lokaal middenen kleinbedrijf huisvest, maar over een exceptionele ligging aan het knooppunt A7/N33-beschikt en daarmee in potentie interessant is voor grotere, regionaal opererende bedrijven. Ten zuiden van De Gouden Driehoek ligt het bedrijventerrein Industrieweg West, waar zowel watergebonden bedrijvigheid als lokaal MKB gevestigd is. De stationsgebieden in Midden-Groningen, met vier stations tussen Kropswolde en Zuidbroek, hebben op dit moment nog geen van alle een noemenswaardige economische betekenis.

14

Oude lint van Hoogezand de bedrijventerreinen Martenshoek

Achterkant van het oude lint van Hoogezand de bedrijventerreinen Martenshoek

Bedrijventerrein Foxhol: Watergebonden bedrijvigheid

De Gouden Driehoek met lokaal midden- en kleinbedrijven

Bedrijventerrein Rengers

Stationsgebied Zuidbroek

Hoogezand-Noord, van oudsher watergebonden bedrijven

Bedrijventerrein Industrieweg West 15

3

Trends en opgaven

Driebondsbos

Zonneveld Roodehaan

Landschap - leeg is niet onbestemd

richten dat het ook plek biedt aan natuur en recreatie. Ook de aanleg

Op het kaartje hiernaast zijn de grote opgaven te zien die spelen

van een vaarverbinding biedt kans voor meekoppeling; grote boten

in het projectgebied. In dit hoofdstuk lopen we deze opgaven

en natuur zijn moeilijk te combineren, maar als een waterloop breed

thematisch langs. We kijken naar de ruimtelijke gevolgen en de

genoeg is voor een kano, kan er ook een otter doorheen.

trends. Het kaartje toont aan dat het soms nu nog ‘lege’ landschap zeker niet onbestemd is. En dat bijvoorbeeld industrie, wonen, en energie grote ruimtevragers zijn waardoor het ‘langzame landschap’ in de verdrukking komt. In hoofdstuk 4 krijgen deze opgaven in de integrale visie een plek.

Natuur en groen – ruimte voor bos en natte natuur

Beide gemeenten voelen een grote verantwoordelijkheid voor het leveren van een bijdrage aan de energietransitie De gemeente Groningen heeft de ambitie om al in 2035 energieneutraal te zijn. De gemeente zoekt naast het volleggen van daken met zonnepanelen, ruimte voor de productie van zonne-energie via (tijdelijke) veldopstellingen, en ruimte voor windmolens. De gemeente Midden-

De druk op het buitengebied tussen Groningen en Hoogezand-

Groningen biedt geen ruimte voor extra windmolens, en kiest

Sappemeer is groot. Honderden huizen zijn in aanbouw of staan

uitsluitend voor opwekking van zonne-energie. Het is in het belang

op de planning; er is ruimte nodig voor nieuwe werkterreinen en

van het waardevolle buitengebied om de energieopgave te blijven zien

tegelijkertijd willen mensen ook nog graag recreëren in het gebied.

als onderdeel van de opgave om de uitstoot van CO2 terug te brengen.

Al deze opgaven met elkaar combineren is een complexe puzzel en

Aan de reductie van uitstoot van CO2 kan ook worden bijgedragen

vraagt om een integrale aanpak, en - voortbouwend op het Groenplan

door het tegengaan van bodemdaling van de veengebieden, en het

Groningen (Vitamine G, 2020) - om ‘meer, beter, en bereikbaarder

aanleggen van nieuw bos. In het Groenplan Groningen (Vitamine

groen’. Groen waar de mens van kan genieten, maar dat ook

G, 2020) wordt gepleit voor een integrale benadering, waarbij de

essentieel is voor planten en dieren in het gebied. Dat vraagt om het

ontwikkeling van een energielandschap hand in hand gaat met

respecteren van waardevolle natuurwaarden, en het beschermen van

de versterking van groenblauwe kwaliteiten, die uitnodigen tot

groengebieden in de planontwikkeling.

multifunctioneel gebruik.

Groene opgaven kunnen ook verbonden en gestapeld worden: bijvoorbeeld door de wens van de bewoners van de MEERdorpen voor een ‘geluidsbos’, ook in zetten voor de CO2-opgave, en zo in te 16

Energietransitie en de CO2-opgave

Huidige ontwikkelingen

Legenda Zoekgebied woningbouw (planfase varieert)

2x een vierkant van 40 hectare als indicatie voor netto oppervlakte

Woningbouwontwikkeling Midden Groningen

van nieuwe uitleglocaties. Locatie van vierkanten is willekeurig

<10 woningen, 10-20 woningen, 20< woningen

gekozen.

Geplande zonnevelden (planfase varieert)

Indicatie voor de oppervlakte van een woonwijk met 600 woningen

Initiatief geluidsbos van bewoners

in Meerstad zuid. Locatie willekeurig gekozen.

Vaarverbinding Zuidlaardermeer-Woldmeer

Doorlopende natuur in veengordel

Plannen voor nieuwe fietsverbindingen

Gepland windpark

Plannen voor nieuwe ontsluitingswegen 17

Project de Waterbatterij, onderdeel van Sponsland (B+B, 2021)

Wegen en paden

18

Om het groeiende Meerstad goed te kunnen ontsluiten, zijn nieuwe

Groningse deel zijn in ‘Next City’ en in het Groenplan nieuwe routes

wegen nodig. De centrale ontsluiting in Eemkanaalzone 4 is in

voorgesteld. Deze moeten de verbinding tussen stad en ommeland

voorbereiding. Aanvullend hierop zijn nog meerdere opties mogelijk

verbeteren. Ook wordt in het Groenplan de wens voor dorpsrondjes

zoals een weg parallel aan de A7 die Meerstad vanuit het zuiden

benoemd. Deze wens voor een toegankelijk landschap speelt ook in

moet ontsluiten, of een weg in het verlengde van de Europaweg in

Midden-Groningen, waar onder andere in 2017 een plan is gemaakt

de richting van Klein Harkstede. Voor welke optie(s) uiteindelijk

voor Foxhol en omgeving door Buro Harro. Doel: oude dijken

ook wordt gekozen, deze nieuwe wegen zullen het buitengebied

rondom het Zuidlaardermeer toegankelijk maken voor recreanten.

doorkruisen en moeten daarom op een zorgvuldige manier worden

Ook is in 2021 door bureau B+B een plan gemaakt voor het gebied als

ingepast.

‘waterbatterij’, waarin wordt voorgesteld om het gebied ten oosten van

Naast wegen voor gemotoriseerd verkeer is er ook een grote wens

de Hondsrug weer te transformeren tot een moerasgebied, waarmee

voor de recreatieve ontsluiting van het buitengebied. Voor het

kansen ontstaan voor waterberging, biodiversiteit en recreatie.

Referentiebeeld combinatie van vaarverbinding, fietsverbinding, en natuurvriendelijke oevers

Varen De provincie Groningen heeft een uitgebreide

Sloepvaren wordt populair. In diverse regio’s zijn sloepnetwerken

vaarwegeninfrastructuur voor zowel beroepsvaart als de

ontwikkeld of in ontwikkeling. Dit blijkt een interessante vorm van

recreatievaart. Die bestaat uit verschillende kanalen die het nu

varen te zijn om het stedelijke en landelijk gebied te verbinden. Er

al mogelijk maken om te varen van het Schildmeer naar het

is ook een groeiende belangstelling voor elektrisch varen, en voor

Zuidlaardermeer. Niet alleen Groningers bevaren met een boot de

nog lichtere vormen van waterrecreatie als kanoën en suppen.

eigen vaarwegen (intern vaartoerisme). Het zijn vooral vaarrecreanten

Deze vormen van varen zijn vaak mogelijk op plekken die vanwege

van elders die hier gebruik van maken.

natuurdoelstellingen beperkt toegankelijk zijn. De vaarrecreant vraagt een gedifferentieerd aanbod. Enerzijds is er de

Vaarrecreatie is een sector van toenemend economisch belang.

behoefte aan rust en stilte in de natuur. Anderzijds wordt het varen

De vaarrecreant vaart niet alleen belevingsvol van a naar b, maar

steeds meer gecombineerd met andere activiteiten, zoals wandelen,

gedraagt zich, eenmaal aangemeerd, als elke andere verblijfstoerist.

fietsen, stedelijk bezoek, cultuur en winkelen. En al wordt er wel

Vaarrecreatie draagt daarmee bij aan de vrijetijdseconomie, en kan

meer het hele jaar doorgevaren, toch is er nog steeds sprake van een

ook bijdragen aan de leefbaarheid van een gebied en de kwaliteit van

watersportseizoen.

de woonomgeving. Na een aantal jaren waarin de economische crisis

De vaarwegbeheerders moeten inspelen op deze trends en

ook merkbaar is geweest in de watersportsector, schaffen steeds meer

ontwikkelingen door de vaarwegeninfrastructuur te onderhouden en

mensen een sloep of een jacht aan. De boten worden steeds groter

uit te breiden of, waar nodig, aan te passen. Verder dient er aandacht

en comfortabeler. Dit betekent bredere scheepsrompen, stahoogte

te zijn voor de toenemende beroepsvaart in de provincie Groningen

en meer ruimte in de kajuit met meer voorzieningen aan boord. De

die niet samengaat met de recreatievaart.

COVID-pandemie heeft ervoor gezorgd dat veel meer Nederlanders in eigen land zijn gaan varen en daarmee ook de waterrijke provincie Groningen hebben ontdekt. Bovendien zal met de groei van Meerstad ook het aantal botenbezitters toenemen. Vaarrecreatie zit sterk in de lift en de drukte op de vaarwegen neemt toe. Dit leidt op vaarwegen die ook dienen voor de beroepsvaart zoals het Eemskanaal, tot meer ongewenste en onveilige situaties.

19

Wonen

Werken

mensen komen wonen: de plannen voor Eemskanaalzone 4 (EKZ4) en

komende jaren aan verandering onderhevig. Hieronder een overzicht

Meerstad-Zuid zijn in ontwikkeling, en ook Meerstad-Oost staat op

van de belangrijkste opgaven voor de economie als geheel en specifiek

de planning. Tevens zullen de Scandinavische havens in de gemeente

voor het projectgebied:

Binnen het projectgebied zullen de komende jaren veel nieuwe

De economie en de ruimtelijke kanten hiervan (werklocaties) zijn de

Groningen worden getransformeerd met ruimte voor wonen en werken en zal in Europapark programma worden toegevoegd. Ook binnen de gemeente Midden-Groningen wordt in het kader van de

•

Behoefte aan zowel gemengde als monotone bedrijfslocaties

verstedelijkingsopgave gekeken naar locaties voor het ontwikkelen

Het visiegebied kenmerkt zich door primair monofunctionele

van woningen. In een huizenmarkt die onder hoge druk staat, zijn er

werklocaties zonder onderscheidende profilering ten opzichte

kansen om onderscheidende leefomgevingen te ontwikkelen.

van elkaar. Dit, terwijl de vraag naar ruimte voor ‘werken’

Goed bereikbare multimodaal ontsloten locaties lenen zich bij

de komende jaren verandert en steeds meer afwijkt van het

uitstek voor het ontwikkelen van hogere bebouwingsdichtheden

ouderwetse stramien van strenge scheiding van functies en het

en mix van functies. Binnen Nederland is er een groot arsenaal van

ontwikkelen van monofunctionele gebieden. Multifunctionele,

eengezinswoningen, maar die sluiten steeds minder vaak aan bij

intensiever gebruikte gebieden brengen dynamiek, verkleinen de

de vraag door de veranderende bevolking. Mensen wonen steeds

woon-werkafstand, bevorderen OV- en fietsgebruik, vergroten

vaker alleen, met zijn tweeën, of leven in samengestelde gezinnen

de sociale veiligheid en zijn daarmee over het geheel vaak

die gedurende de week wisselen van grootte. Daar komt bij dat door

‘duurzamer’. Als gevolg van de opkomst van multifunctionele

COVID het besef is gegroeid dat een fraai landschap en aantrekkelijk

plekken ontstaat er in de markt voor bedrijfsruimte een

groen op fiets- of loopafstand broodnodig zijn.

tweekoppigheid. Aan de ene kant kan een steeds groter deel van de bedrijven zich in een multifunctioneel gebied vestigen, mits de randvoorwaarden – zoals ontsluiting, type vastgoed en betaalbaarheid – goed zijn. Aan de andere kant blijft er een groep van bedrijven die echt op monofunctionele bedrijventerreinen aangewezen zijn, zoals (circulaire) industrie, (stads)logistiek en andere bedrijven met een grote verkeersaantrekkende functie of hoge mate van omgevingshinder. Voor beide vormen zal een behoefte blijven bestaan. •

Kennis en productie bedienden kansen voor duurzame toekomst

De transitie naar een circulaire, duurzame economie is door het Rijk van nationaal belang verklaard in de NOVI. Dat vraagt om economische vernieuwing en innovatie en levert nieuwe businesscases op: nieuwe (internationale) markten, meer samenwerking in productketens en minder primair grondstoffengebruik. De zwaardere bedrijven uit de circulaire economie, zoals recyclers, vragen om multimodaal ontsloten bedrijfskavels, bijvoorbeeld aan een van de havens. Volumineuze grondstoffenstromen kunnen namelijk gemakkelijker worden Meerstad vol in ontwikkeling

20

vervoerd over spoor of over water. Dat is met name relevant

Gedeelde voorzieningen: eventspaces en horeca, Strip High Tech Campus Eindhoven

Gedeelde maakplaatsen

Gedeelde mobiliteit

Gedeelde werkruimtes en materieel, RDM Campus Rotterdam

21

voor grote bouwmaterialen-, grondstoffen-, recycling- en overige

•

Schuifopgave: verplaatsings- en vervangingsvraag

industriële bedrijven aan het (Oude) Winschoterdiep, alsmede

De economische activiteit op meerdere bedrijventerreinen in met

voor het gebied zelf. Daarnaast wordt de noodzaak steeds groter

name Midden-Groningen is door de jaren heen voor een deel

om productie en kennis met elkaar te verbinden, ook fysiek-

steeds minder verenigbaar geworden met de woonomgevingen

ruimtelijk. Innovatie is te complex om onder één dak plaats

nabij, vanwege omgevingshinder en verkeerintensiteit. Dat

te vinden, dus bedrijven en kennisinstellingen, of abstracter:

levert een zogenaamde ‘verplaatsingsvraag’ op, waarbij hinder

productie en kennis, moeten elkaar in toenemende mate

veroorzakende economische functies bij voorkeur moeten

opzoeken om de transitie te kunnen maken.

worden herplaatst ten faveure van een prettig woon- en leefklimaat in de nabijgelegen linten.

•

Kansen voor watergebonden bedrijvigheid Het (Oude) Winschoterdiep, een van oudsher kenmerkende

•

Ruimtelijke opgave

as waaraan industrie zich heeft gevestigd, beschikt over een

Daarnaast zorgt de verstedelijkings- en woningbouwopgave voor

Vaarklasse IV en is daarmee slechts beperkt geëquipeerd

een ruimtelijke opgave. In beide gemeenten wordt gezocht naar

voor de relatief steeds vaker gebruikte, grote(re) vaarklasse

locaties om de woningbouwambities voor de komende jaren

Va/b voor bulk- en containerschepen in de hedendaagse

te realiseren, bij voorkeur binnenstedelijk en/of aansluitend

binnenvaart. Om efficiënter te kunnen vervoeren zullen de

op de bestaande kern. Daardoor komt ook transformatie van

komende jaren binnenvaartschepen steeds groter van omvang

de bestaande bedrijventerreinen in beeld. Vanuit economisch

(in lengte en breedte) worden. Dat stelt steeds hogere eisen

perspectief levert dat een ruimtelijke opgave op: de benodigde

aan de Nederlandse binnenvaartwegen en binnenhavens.

ruimtevraag van bedrijven neemt de komende jaren eerder toe

Onderzoek laat zien hoe de schaalvergroting de afgelopen jaren

dan af, dus onttrekking van het aanbod leidt tot een zogenaamde

heeft doorgezet. De verwachting is dat deze trend doorzet. De

‘vervangingsvraag’ die elders zou moeten worden gefaciliteerd.

omvang van de tonnage aan droge bulkgoederen en aantallen containers is toegenomen in ‘grote’ (vaarklasse Va en Vbo) en ‘bovenmaatse’ (vaarklasse ≥ VI) schepen en afgenomen in ‘kleine’ en ‘middelgrote’ schepen. Dat leidt tot een behoefte aan langere kades, meer manoeuvreerruimte en meer diepgang in de havenmonden voor toekomstbestendige watergebonden terreinen.

•

Uitbreiding en/of herontwikkeling Tot slot wordt voor de komende jaren nog een uitbreidingsvraag voorzien, die met name in Groningen afkomstig is vanuit autonome groei van de economie en daarnaast (vooral in Midden-Groningen) van impulsen van buitenaf, zoals grootschalige logistiek of industrie. Daar tegenover staat dat er in beide gemeenten in het projectgebied vrijwel geen bedrijfsgrond meer beschikbaar is om de uitbreidingsvraag of de verplaatsingsen vervangingsvraag te faciliteren. Wil men de economische potentie van het gebied verzilveren, dan vraagt dit, zeker in combinatie met de landschappelijke en stedelijke ambities, om schuifruimte, en om slimme ruimtelijke oplossingen.

22

Werkterrein Euvelgunne

Scandinavische Havens aan het Winschoterdiep

Bedrijventerrein Martenshoek-Foxhol dicht op het lint van Martenshoek

Werkterrein Foxhol langs het Winschoterdiep

23

4

Ruimtelijke visie

Het gebied tussen Groningen en Hoogezand-Sappemeer staat op een

rendement op geïnvesteerd gemeenschapsgeld met het oog op de

belangrijk kruispunt in zijn ontwikkeling. Op dit moment zijn en

lange termijn, duurzaamheid en ruimtelijke kwaliteit.

worden er door verschillende initiatiefnemers en partijen plannen

Daarbij volgen we twee sporen:

voor delen van het gebied gemaakt. Soms overlappen deze elkaar, zoals we in hoofdstuk 3 zagen. Veel van die plannen leggen claims

•

Het verbeteren van de kwaliteiten van het landschap, de bijzonderheden ervan beter tot expressie brengen

op het open landschap. Zonder goede afstemming van die plannen

en het landschap beter toegankelijk maken.

op elkaar en op de bestaande landschappelijke kwaliteiten, en zonder goede regie, zal het gebied onder de voet worden gelopen en zullen

In het ruimtelijk perspectief voegen wij daarom structuren

veel van de bestaande kwaliteiten verdwijnen. Dat is niet in het

toe die het landschap versterken en sturing geven aan nieuwe

algemeen belang. Daarom schetsen wij in dit ruimtelijk perspectief

ontwikkelingen. Daarnaast maken we nieuwe verbindingen

hoe de plannen gezamenlijk kunnen leiden tot een aantrekkelijk

zodat de stedeling het gebied goed in kan, de dorpeling

gebied.

makkelijk op een aangename manier de stad in kan, en er ook nieuwe kleine rondjes ontstaan. Door dit te doen, wordt het

Het projectgebied is een landschap voor fijnproevers, geen

gebied aantrekkelijker, beter leesbaar en zo ook meer geliefd.

allemansvriend. Vergeleken met bijvoorbeeld de Hondsrug heeft

Dat is natuurlijk in het voordeel van de inwoners in het gebied,

het minder natuurlijke charme en de vele gaswinningslocaties die

voor de mensen rondom, de biodiversiteit, maar ook voor het

vanaf de jaren ’50 zijn aangelegd hebben geen positieve bijdrage aan

vestigingsklimaat voor bedrijven, hetgeen de studie Blind Spot

de beeldvorming van het gebied geleverd. Dit imago zegt overigens

onderschrijft (vereniging Deltametropool, 2016).

niets over de daadwerkelijke kwaliteit van het landschap, want met een geduldige blik zie je een landschap met een zeer interessante geschiedenis, hoge natuurwaarden en bijzondere structuren. De moeilijk zichtbare of niet erkende kwaliteiten, hebben ervoor gezorgd dat de weerstand tegen grote ontwikkelingen minder groot is dan elders in de regio, met als gevolg dat niet elke in het gebied terechtgekomen functie of ontwikkeling hier goed past, of ruimtelijk

•

De nieuwe ontwikkelingen kritisch bezien, waar

mogelijk met elkaar combineren, verdichten van

de bestaande stad en nieuwe programma’s zo veel mogelijk inzetten als instrument om de bestaande kwaliteiten te verbeteren.

Zoek geen ruimte voor programma, maar zoek naar kansen

even duurzaam is. In de gemeente Groningen kenmerkt het gebied

om met nieuw programma te bouwen aan een aantrekkelijke

zich bijvoorbeeld door een niet erg fraaie stadsrand waar bedrijven

stad, aantrekkelijke dorpen en een aantrekkelijk landschap. Dit

een plek vinden die elders in de stad niet welkom zijn. Denk aan

ruimtelijke perspectief is daarmee geen groenblauw maatpak

de vuilstort, zonnevelden en windmolens. Ook vanuit Midden-

voor het buitengebied waarbinnen allerlei opgaven kunnen

Groningen ontstaat een vergelijkbare beweging: aan de randen

landen, maar koerst bijvoorbeeld juist op het transformeren van

wordt nagedacht over nieuwe werkterreinen en is recent een groot

bestaande werkterreinen om zo de druk op het buitengebied

zonnepark geopend.

te verlichten. Op een leeg veld beginnen, lijkt makkelijker en goedkoper dan het transformeren van het bestaande,. Dat is

De combinatie van veel ruimte, veel opgaven/ontwikkelingen, en weinig maatschappelijke aandacht, heeft ervoor gezorgd dat de druk op het gebied verder heeft kunnen toenemen. Dat terwijl het gebied hoge waarden bezit en er veel is om te beschermen. Nietsdoen is geen optie. Er zijn stappen nodig om dit bijzondere en diverse cultuurlandschap te beschermen en verder te ontwikkelen. Hierbij moet altijd gestreefd worden naar maximaal maatschappelijk

24

echter schijn. Op de lange termijn spaar je juist veel geld uit door te kiezen voor transformatie van bijvoorbeeld verouderde bedrijventerreinen, omdat deze over 10 jaar nog ouder zijn, en dan alsnog aan herstructurering toe zijn, terwijl de weilanden dan inmiddels volliggen. In het hoofdstuk Ruimtelijke economie komen we hierop terug.

Vijf ambities voor verdere ontwikkeling leidraad dienen voor een duurzame, kwalitatieve, en

verder toe aan de hand van vijf ambities die als

integrale ontwikkeling van het projectgebied

.

Op de volgende pagina’s lichten we de ruimtelijke visie

5. Een samenbindend recreatief netwerk

4. Een aantrekkelijke woon- en werkomgeving

3. Een klimaatpositieve laagveengordel

2. Zachte overgang tussen stad en ommeland met sterke entrees

1. Een sterk en groen cultuurlandschap 25

1. Een sterk en groen cultuurlandschap Structureer ruimtelijke ontwikkelingen aan de hand van het

watergangen, singels en bos, lopen door tot over de snelweg. De

cultuurlandschap. Het kenmerkende lintenlandschap geeft hier meer

snelweg is tegelijkertijd ook geen kapstok voor werkterreinen. Zij

dan genoeg aanleiding voor. Houd de linten stevig en zet ze in als

staan los van elkaar. Zo voorkom je dat er een dichte ‘grijze’ wand

structurerend element. Vanwege de openheid van het landschap

ontstaat van bedrijfspanden. Een landschap zoals de Agriport

betekent bouwen ook altijd dat je moet bouwen aan het landschap. Zet

langs de A7 in de Wieringermeer is niet gewenst. Nieuwe

dus stevige landschapselementen in om nieuwe ontwikkelingen goed

bedrijfspanden zouden daarom landschappelijk moeten worden

in te passen.

ingepast en zich niet rechtstreeks oriënteren op de snelweg. Tegelijkertijd is het ook niet bedoeling dat er overal brede singels

•

langs de weg komen die het zicht ontnemen. Dit is een weids

Houd, los van uitbreiding en inbreiding, een ruime zone

landschap, en die kwaliteit moet waar mogelijk behouden blijven.

rondom linten vrij van gebouwde ontwikkelingen

De linten zijn het hart van het projectgebied, de dragers van levendigheid en van de cultuurhistorie. Om deze linten ook in de

•

versterken en nieuw programma te structureren

toekomst goed tot hun recht te laten komen is ruimte nodig zodat

De MEERdorpen willen graag een ‘gordijn’ dat hen het zicht

de linten ‘los’ blijven liggen. Martenshoek is een goed voorbeeld

ontneemt op de A7, Stainkoeln, en de te plaatsen windmolens.

van hoe dit mis kan gaan. In het Ruimtelijk economisch

Om toch de openheid van het landschap te behouden en niet de

perspectief A7/N33-regio (H+N+S, 2021) wordt een ruime maat

snelweg, maar de linten als structurerend element te gebruiken

voorgesteld: “dan blijft een dergelijke ruimtelijke ‘buffer’ ook

stellen wij een ‘vitrage’ van bosstroken voor. Haaks op de linten,

levensvatbaar voor de landbouw”. •

Voeg stevige structuren toe om het lintenlandschap te

en stevig genoeg om andere functies in zich op te nemen als wonen, werken, recreatie, en natuur. Deze stroken kunnen

Snelweg is ‘te gast’ in lintenlandschap

echt een verrijking zijn voor het landschap en passen hier

De linten moeten meer op de voorgrond treden en ordenend

ook goed: rondom de MEERdorpen hebben productiebossen

zijn voor nieuwe ontwikkelingen, de snelweg heeft een dienende

gestaan, het past in een grotere lijn van bosstroken langs het lint

rol en loopt door het landschap, zonder hier onderdeel van te

Noorddijk – Harkstede – Slochteren met bossen als Kardinge,

zijn. Het landschap, en daarmee ook landschapselementen als

het Bevrijdingsbos, en de Fraeylemaborg. Bovendien zorgt het aanplanten van bos voor het vastleggen van CO2. Deze bosstroken kunnen bovendien sterk van karakter verschillen: van moerasbos tot voedselbos of speelbos. •

Behoud ruimte in de linten als ‘ademruimte’. Zowel voor doorzicht vanuit het landschap, als vanuit het lint. Waar de bosstroken zorgen voor het opnemen van functies als wonen en werken, is het zaak de open ruimtes tussen de bosstroken vrij te houden van dergelijke functies. Deze gebieden zijn cruciaal om het landschap zowel vanuit de linten als buitengebied te blijven ervaren. De open gebieden kunnen een kwaliteitsimpuls krijgen door in te zetten op kleinschalige en lokale landbouwinitiatieven, zoals stadslandbouw of ‘herenboeren’. Op deze manier krijgen de open gebieden voor

Plan voor lint van Slochteren van Yttje Feddes (toen H+N+S)

meer mensen een betekenis. Door nabijheid van de stad liggen er in Meerstad-zuid kansen voor dergelijke initiatieven. Het behouden van een duidelijke structuur van open en gesloten gebieden is uiteindelijk ook een politieke verantwoordelijkheid. •

Behoud grote open ruimten De grote open agrarische landschappen ten noorden van de A7, tussen Hoogezand en Groningen, en rondom Sappemeer, zorgen ervoor dat de steden en dorpen los van elkaar blijven liggen en zijn van structurele betekenis op provinciaal niveau. Bundeling en concentratie van economische ontwikkeling in en aan de bestaande economische complexen aan de zuidzijde van de A7 is

Behoud ruimte in de linten als ‘ademruimte’ 26

als ruimtelijk principe belangrijk.

Een sterk en groen cultuurlandschap

Legenda Historische woonlinten behouden en verstevigen

Benadrukking lintstructuur met haakse bosstroken Benadrukking lintstructuur met haakse bosstroken (indicatief) Beschermen van open ruimte

27

2. Zachte overgang stad en ommeland met sterke entrees Maak een helder, groen, robuust netwerk van groenblauwe ‘entrees’

•

zachter door aandacht te geven aan het groen

en groene lobben, zodat de stedeling op een aangename manier

vormgeven van de wijk- of dorpsrand.

naar buiten kan en natuur naar binnen, en geef die planologische bescherming. •

Geef voldoende ruimte aan groenblauwe verbindingen

Maak overgangen van stad/dorp-landelijk gebied

•

Maak van groenblauwe entrees projectoverstijgende opgaven

Cruciaal is dat verbindingen voldoende maat krijgen en robuust

De stad Groningen en Hoogezand-Sappemeer kennen diverse

genoeg zijn, zodat dieren niet worden verstoord door recreanten.

groene en groenblauwe entrees die nu al kwaliteit hebben,

Bij de nieuwe vaarverbinding is dit een aandachtspunt zodat

maar ook onder druk staan. Dat geldt voor de Hunze-entree,

varen en natuur hand in hand kunnen gaan. De nieuw aan te

de Driebondsentree, de Kropswolde-entree, die elk op hun

leggen Hunze-zone door de zonneweide bij Roodehaan is een

eigen manier een menging zijn van recreatie, natuur en andere

aandachtsgebied.

functies. Wij zien deze groene entrees als geleidelijke overgangen van stad naar landschap, die erg kansrijk zijn, maar door hun relatieve openheid ook onder druk staan vanuit verschillende kanten. Een projectoverstijgende aanpak is noodzakelijk om de geleidelijke overgang voor mens en dier in stand te houden en te verbeteren. •

Zoek naar nieuwe mogelijkheden voor groenblauwe entrees

Aan de oostkant van Groningen is de stadsrand teveel ‘dichtgesmeerd’ met beperkte oost-west verbindingen. De Euroborgentree biedt kansen om een nieuwe verbinding te creëren tussen het centrum van Groningen en het buitengebied. •

Behoud waardevol groen als brongebied Wees zuinig op de natuurkwaliteit die al aanwezig is in het gebied. Natura2000- en NNN-gebieden zijn al beschermd, maar ook gebieden als het Driebondsbos, de Hunze, en bossen rondom Hoogezand-Sappemeer, zijn belangrijke natuurkernen en ‘natuurbronnen’ voor de omgeving van waaruit bijvoorbeeld

Zachte overgang tussen stad en ommeland

vogels zich verder verspreiden. Het kan jaren duren voordat de kwaliteit van bodemleven of het vogelbestand zich elders heeft gevormd. •

Maak van tijdelijke grijze functies op termijn weer groen landschap

Zonnepanelen in veldopstelling zijn tijdelijke invullingen die 20-25 jaar blijven staan. Zie deze tijdelijkheid als een kans om op termijn weer natuur of landbouwgrond van deze gebieden te maken als de zonnepanelen niet meer nodig zijn. Om dezelfde reden zou het interessant zijn om van Stainkoeln een park te maken als de stort ‘af ’ is. • De Amstelscheg, een groenblauwe ingang naar het centrum van de stad Amsterdam 28

Pak infrastructuur aan als onderdeel van een integrale opgave

Zachte overgang stad en ommeland

1km

Legenda Groenblauwe ‘slagaders’ en groene lobben Voorstel voor hoofdfietsnetwerk dat stad en ommeland op een aantrekkelijke manier met elkaar verbindt. Bedrijventerrein Bewoond gebied

29

Water - peilvakken kaart

3. Een klimaatpositieve laagveengordel Koppel opgaven aan elkaar en maak de laagveengordel klimaatpositief. •

Zet programma in als instrument Het plangebied is grotendeels onderdeel van de laagveengordel die rondom de stad Groningen loopt, en is daarmee ook onderdeel van Groeningen: het initiatief om dit gebied de eerste klimaatpositieve regio van Nederland te maken. Gebruik opgaven en programma als instrument om aan Groeningen te bouwen, bijvoorbeeld de vaarverbinding. Een vaarverbinding is een grote investering (meer hierover in hoofdstuk 5). Maar door de verbinding als middel te zien om bijvoorbeeld het peil op te zetten, kan de CO2 uitstoot van het veen flink omlaag. Zo

Vaarverbinding is een kans om het grondwaterpeil omhoog te brengen en zo het peil gelijk te trekken

kan er een ander landschap ontstaan dat vraagt om een ander gebruik. De waterbatterij van B+B (onderdeel van Sponsstad, 2021) toont aan dat een integraal voorstel op meerdere vlakken meerwaarde kan bieden door bij te dragen aan de C02 -opgave, de watervoorziening, het recreatieve netwerk en ecologische biodiversiteit. •

Pak historische lijnen op als basis voor nieuwe ontwikkelingen

De laagveengordel is het restant van een uitgestrekt veenmoeras waar riviertjes als de Hunze en de Fivel in uitmondden en weer ontsprongen. Zie de Fivel en de Hunze niet als lijn, maar als een zone, waar het peil omhoog kan voor recreatieve en natuurlijke Lokale landbouwinitiatieven als Herenboeren. Kleinschalige landbouw met een sterke relatie met de stad als nieuwe invulling van de veengordel

Project de Waterbatterij, onderdeel van Sponsland (B+B, 2021) 30

waarde, om zo ook minder CO2 uit te stoten.

Een klimaatpositieve laagveengordel

Legenda Veengrond NNN en/of N2000 gebied Water Bestaande vaarverbinding Beekherstel Hunze en Fivel en kanoverbinding Combinatie natuur- en kanoverbinding Nieuwe vaarroute en natuurverbinding Natuurontwikkeling Rengers-west 31

4. Een aantrekkelijke en toekomstbestendige werk- en/of woonomgeving Draag zorg voor een aantrekkelijke leefomgeving die adaptief is voor toekomstige ontwikkelingen. •

Intensiveer bestaande werklocaties Het extensieve grond- en ruimtegebruik van veel bedrijventerreinen biedt potentie voor een intensiever en slimmer ruimtegebruik. De bebouwing is veelal beperkt in bouwhoogte en er is veel ruimte tussen bestaande bebouwing. Het relatief grote oppervlak onbebouwd terrein wordt verklaard vanuit logistiek, parkeren, en opslag. Inzetten op het maximaliseren van de bebouwingsfootprint en het stapelen van

Dakpark, Rotterdam

programma’s behoort tot de mogelijkheden. Ook valt winst te behalen in het gebruik door personen in relatie tot het vloeroppervlak. Strategische locaties zouden ingezet kunnen worden voor intensiever gebruik, meer of minder arbeidsplekken per vloeroppervlakte en de mogelijkheid om menging met wonen wel of niet wenselijk te laten zijn. •

Verdicht en mix functies rond stationslocaties Zowel in de gemeente Groningen als Midden-Groningen zijn er stationslocaties binnen de A7-zone die zowel in het kader van de verstedelijkings/woningbouwopgave als de ruimtelijk economische opgave interessant zijn voor doorontwikkeling. Goed bereikbare OV- en multimodale locaties zijn schaars, maar waardevol. Dit zijn de bronpunten waar gemengde levendige gebieden kunnen ontstaan met een prettige balans tussen

Voorbeeld van een groene kade in een bedrijventerrein

werken, wonen en voorzieningen. Door voort te bouwen op bestaande kwaliteiten kunnen onderscheidende ruimtelijke milieus worden gerealiseerd, passend bij een dorps of sterker stedelijk karakter. •

Transformeer achterkanten naar voorkanten Wanneer vanuit de (stedenbouwkundige) ruimtelijke structuur naar de lange lijnen wordt gekeken, zie je de waarde van verschillende (identiteits)dragende elementen: waterwegen, dorpslinten, ontsluitingswegen. Deze kunnen ook een andere betekenis krijgen en daarmee een aanjager voor ontwikkeling worden. Het zou een kwaliteitsprong zijn als verschillende gebieden die nu feitelijk met hun achterkant naar zo’n structuur zijn georiënteerd, qua adressering kunnen worden omgekeerd. Zo’n contextuele heroriëntatie biedt de kans veel betekenisvollere

IPKW, Arnhem

ruimtelijke relaties te leggen tussen programma’s en hun omgeving. We zien verschillende mogelijkheden: functionele

32

ontsluitingswegen die levendige stads- op dorpsstraten kunnen worden, rafelranden waar landschappelijke structuren met groenblauwe kwaliteiten een recreatieve en ecologische meerwaarde bieden in samenhang met bebouwd gebied. •

Creëer zorgvuldige overgangen tussen bebouwd en onbebouwd gebied

Het versterken van stad-landrelaties is op alle schaalniveaus van belang. Op diverse plekken zijn werklocaties aan groengebieden gelegen, waarbij vanuit een strategisch oogpunt de kwaliteiten en potenties integraal benaderd moeten worden. Het type overgang is specifiek per afzonderlijke locatie. Maar hoewel elke locatie verschillend is, kan voor de vormgeving van de overgang worden teruggevallen op drie kwalitatieve basisconcepten. We onderscheiden de volgende concepten voor de manier waarop werklocatie en landschap elkaar ruimtelijk ontmoeten: Harde overgang (grens): Hierbij zijn groengebied en werklocatie direct tegen elkaar gelegen. Er is een heldere aanwijsbare grensovergang. De domeinen raken elkaar waarbij het contrast tussen beide omgevingen wordt opgezocht, en bijvoorbeeld waardevolle natuur niet mengt met bedrijvigheid. Graduele overgang (overloop): Een zachte overgang waarbij groen en werkgebied subtiel in elkaar over gaan. Het groen loopt overal door het werkgebied in, en functies vanuit het werkgebied staan losjes in een landschappelijke setting. Tussenzone (verwerven): Dit concept kan op verschillende wijzen uitwerking krijgen. De tussenzone is in die zin ook een tussenvorm ten opzichte van de vorige twee. Het kan een buffer zijn, maar ook als ‘vingerlas’ werken. Daarmee wordt het contactoppervlak gemaximaliseerd.

Aan de randen van het werkgebied wisselen groen en werkgebied elkaar af. Door dit principe reiken groene routes ver in het werkgebied.

Schematisch voorbeeld van drie soorten overgangen tussen bebouwd en groengebied. 1. Hard. 2. Verweven. 3. Gradient

33

5. Een samenbindend recreatief netwerk

Verstevig het recreatief netwerk en daarmee de connectie tussen stad en ommeland. •

Ontsluit het buitengebied Focus op de groene entrees die de relatie stad-landelijk gebieddorp versterken. Deze kunnen als landschappelijke parkzones voor multifunctioneel gebruik worden ingezet (voedsel, recreatie, natuur, water etc). Soms is het enkel aanleggen van nieuwe paden voldoende voor een goede ontsluiting van bijzondere plekken waar een fietser of wandelaar moeilijk kan komen. De recreant moet echter niet overal kunnen komen. Vooral in het Natura 2000-gebied rondom het Zuidlaardermeer is veel kwetsbare

Historische inspiratie voor nieuwe fietsverbinding. Een doorlopend pad langs de Hunze. In rood de ‘missing links’

natuur. Mogelijk zijn er wel kansen voor nieuwe paden die langs de gebieden gaan. Bijvoorbeeld over huidige dijkjes die de natuurpolders van elkaar scheiden. •

Leg doorgaande fietsverbindingen aan vanuit de groene entrees van de stad

Naast de entreefunctie A7 zorgt de snelweg, en aanverwante bedrijvigheid, ook voor een barrière tussen stad en het groene buitengebied. Maak daarom groene aantrekkelijke fiets- en wandelverbindingen langs cultuurhistorisch waardevolle lijnen om dorp, stad en landelijk gebied met elkaar te verbinden. Zet onder andere in op een aantrekkelijke fietsverbinding van Groningen naar Hoogezand door de voorgestelde entreegebieden. In het Groenplan van Groningen wordt voorgesteld om deze routes aan te planten met bomen en kruidenrijke vegetaties, passend bij het landschapstype:

Dorpsrondjes rondom woonkernen zorgen voor een gezonde omgeving en binding met het landschap

“De routes naar het landelijk gebied worden zo niet alleen aantrekkelijker, maar creëren ook een koeltenetwerk dat frisse lucht de stad in brengt.” •

Zorg voor lokale dorpsrondjes Voor de bewoners van de dorpen in de gemeente is het hebben van voldoende aantrekkelijk groen voor dagelijks gebruik, het dagelijkse ommetje, van belang. Uit de diverse dorpsvisies, van onder andere Engelbert en Middelbert blijkt dat de behoefte aan dorpsommetjes groot is. Hierdoor kunnen dorpsbewoners eenvoudig genieten van het groene landelijk gebied. Gedeeltelijke openstelling van landbouwgronden kunnen bijdragen aan het ontsluiten van het landschap door er hier en daar dorpsommetjes aan te leggen. Bij het realiseren van dorpsommetjes moet er oog zijn voor natuur- en landschapswaarden, en kan er onderzocht worden of een combinatie met realisatie ‘bos & hout’ kansrijk is.

• Vaarverbindingen bieden mogelijkheden om het recreatief netwerk te versterken, ook voor wandelaars en fietsers (meer hierover in hoofdstuk 5)

Pas nieuwe wegen en paden landschappelijk in De wegen in dit buitengebied – die geen bouwlinten zijn – zijn doorgaans niet beplant, maar wegen als de Hesselinklaan en de Meesterlaan rondom Westerbroek tonen aan welke kwaliteit dit kan opleveren. Biedt daarom voldoende ruimte voor natuurlijke bermen en wegbeplanting zodat ook de route zelf aantrekkelijk wordt om overheen te reizen.

34

Een samenbindend recreatief fiets- en wandelnetwerk

1km

Legenda Bestaande fietsverbinding Voorstel nieuwe fietsverbinding Voorstel hoofdfietsnetwerk Voorstel voor dorpsrondjes

35

5

Vaarverbinding

Indicatief ingetekend

Legenda

Bestaande vaarverbinding Voorstel vaarverbinding Winschoterdiep-Woldmeer Mogelijke vaarverbinding Meedhuizen-Hondhalstermeer Rondje Groningen Voorstel kano/sub netwerk Meren Overige waterlopen

Globaal overzicht vaarverbindingen ‘Rondje Provincie Groningen’

Waarom de vaarverbinding Bijdrage aan een brede welvaart

Vermindering CO2-uitstoot en waterbuffering

De gemeenten Groningen en Midden-Groningen zien de nieuwe

Bij de investering in deze (ecologische) vaarverbinding worden

vaarverbinding als een vliegwiel om andere opgaven aan te pakken.

(historische) waterlopen, maren en wierden in ere hersteld

De nieuwe vaarverbinding heeft meerwaarde voor opgaven zoals

of aangelegd. Dit zorgt voor waterbuffering en een verhoging

klimaatadaptatie en natuurontwikkeling; zij maakt het landschap

van de waterstand rondom de vaarverbinding, met als gevolg

toegankelijker, is potentieel bevorderlijk voor de biodiversiteit,

minder veenoxidatie (waarbij CO2 wordt uitgestoten) en

verbetert de ruimtelijke kwaliteit en de economische en recreatieve

meer opvangcapaciteit van zoet water (sponslandschap). Dit

mogelijkheden van stad en regio en zorgt voor brede welvaart.

sponslandschap kan bijdragen aan oplossing voor een dubbelzijdig probleem. Waar waterbeschikbaarheid en wateraanvoer in de

Bijdrage vrijetijdseconomie

36

zomers wordt bemoeilijkt door verdroging, wordt waterafvoer door

Het aantal botenbezitters zal met de ontwikkeling van Meerstad

zeespiegelstijging in groeiende mate bemoeilijkt in de winter. Door

toenemen en de realisatie van de vaarverbinding levert

aanleg en verbetering van vaarverbindingen in dit bredere perspectief

daaropvolgend kansen op voor ontwikkeling van vrijetijdseconomie,

te plaatsen, kan worden bijgedragen aan zowel recreatie-, natuur- als

met name op enkele knooppunten aan de vaarverbinding waar

klimaatdoelen. Zeker het laaggelegen gebied rondom het Schildmeer

potentieel aangemeerd kan worden zoals rond het Woldmeer, het

is heel geschikt om tot sponslandschap te transformeren. Voor verdere

Zuidlaardermeer en het Schildmeer maar daarnaast ook indirect

inspiratie voor het bergen en vasthouden van water: zie ook de

als gevolg van spin-off activiteiten zoals wandelen, fietsen, stedelijk

verkenning ‘Sponsland, Reis door het landschap van de toekomst’.

bezoek, cultuur en winkelen.

Water systeem - Opvaarten maken

Referentiebeeld combinatie kanoverbinding en wandelroute

Water systeem - Haventjes in Middelbert en Engelbert?

Referentiebeeld vertakkend vaarnetwerk, Kromme Rijn in Utrecht

Woldmeer

Borgmeren

Zuidlaardermeer

Kansen voor een vertakkend vaarnetwerk met aanleggen en opvaarten voor wonen aan het water en haventjes langs de MEERdorpen

Referentiebeeld kans voor kleine haventjes zoals hier in Noordlaren

Aansluiting vergelijkbare initiatieven

Een betere en veiligere route

De vaarverbinding past goed bij vergelijkbare initiatieven,

De huidige route tussen Woldmeer en Zuidlaardermeer, via het

ontstaan vanuit NextCity, Groeningen en Toukomst. Het verblijf

Eemskanaal en Winschoterdiep, is eentonig, weinig aantrekkelijk, en

van de eendaagse of meerdaagse vaarrecreant wordt dankzij de

bovendien niet zonder gevaar vanwege de grote boten. Met de nieuwe

vaarverbinding verrijkt, en wanneer deze recreanten gaan aanleggen,

vaarverbinding wordt een betere en veiligere route gerealiseerd. De

zijn het ook de ondernemers aan de wal die meeprofiteren. Een

druk op de beweegbare bruggen ter plaatse van het Winschoterdiep

welkome spin-off!

en het Eemskanaal, met veel verkeersintensiteit, neemt bovendien af. Hierdoor ontstaat een veiligere verkeersafhandeling ter plaatse van deze

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13547377/1