CConstaterende datMidden-Groningen
Koppel je AI →
Document · PDF

06. Buitengebied Midden-Groningen Regels

Raadsvergadering 3 februari 2022, gemeente Midden-GroningenBij agendapunt: Gewijzigde vaststelling Bestemmingsplan Buitengebied30.637 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

3.3.3

Opslag buiten bouwvlak Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 48.2, een omgevingsvergunning verlenen om af te wijken van het bepaalde onder 3.2.4 en toestaan dat het bouwen van een voorziening ten behoeve van opslag buiten het bouwvlak mogelijk wordt gemaakt, onder voorwaarden dat: a. het gaat om de opslag in de vorm van veevoer en mest; b. er op grond van mileuhygiënische en/of ruimtelijke beperkingen geen mogelijkheden zijn voor plaatsing binnen of direct aansluitend op het bouwvlak, en; c. alle bouwwerken worden opgericht binnen een afstand van 25 meter vanaf het bouwvlak; en d. andere ruimtelijk relevante belangen niet onevenredig worden geschaad; en e. over de landschappelijke aanvaardbaarheid en de wijze van inpassing van de voorzieningen voor mestopslag en voor opslag van veevoer advies wordt ingewonnen bij een onafhankelijke of een bij de gemeente werkzame deskundige op het gebied van stedenbouw en landschapsarchitectuur; en f. de nakoming van eventueel te stellen voorwaarden aan de landschappelijke inpassing van de voorzieningen voor mestopslag en voor opslag van veevoer aansluitend op het agrarisch bouwperceel, wordt geborgd in de vorm van een voorwaardelijke verplichting of voorwaarde bij de omgevingsvergunning; en g. de maatvoering voldoet aan de eisen die in volgende bouwschema zijn gesteld: type bouwwerk

maximale bouwhoogte in meters

maximale oppervlakte in meters

mestbassin, foliebassin of mestsilo's

2,5

750 m2 of 3.000 m3

sleufsilo's en kuilvoerplaten 2,5

3.3.4

Tweede bedrijfswoning Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 48.2, een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in 3.2.2 onder a in die zin dat daar waar ten hoogste één bedrijfswoning aanwezig is, een tweede c.q. extra bedrijfswoning wordt gebouwd, mits: a. met een bedrijfsplan wordt aangetoond dat; 1. het bedrijf beschikt over een toekomstperspectief van ten minste tien jaar; 2. op basis van economische omvang van het bedrijf sprake is van een volwaardig bedrijf voor minimaal twee volwaardige arbeidskrachten, conform de definities van het Landbouw Economisch Instituut / LEI (onderdeel WUR), en de noodzaak van de bedrijfswoning voor een verantwoorde bedrijfsvoering aannemelijk is gemaakt; b. met een erfinrichtingsplan wordt aangetoond dat de ontwikkeling op een zorgvuldige wijze landschappelijk wordt ingepast; c. de tweede c.q. extra bedrijfswoning niet wordt gebouwd binnen 250 m vanaf het dichtstbijzijnde emissiepunt van een agrarisch bedrijf met een in hoofdzaak niet-grondgebonden agrarische bedrijfsvoering, ter plaatse van de aanduiding 'intensieve veehouderij'; d. de tweede c.q. extra bedrijfswoning aan de wegzijde binnen het bouwvlak in de directe omgeving van de bedrijfsgebouwen wordt gesitueerd; e.

geen sprake is van onevenredige schade voor de aangrenzende bedrijven, in die zin dat de bedrijven in hun ontwikkelingsmogelijkheden worden beperkt;

28

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

f. nog niet eerder bij het agrarisch bedrijf een tweede c.q. extra bedrijfswoning is gebouwd; g. de geluidsbelasting niet hoger zal zijn dan de daarvoor geldende voorkeursgrenswaarde of een vastgestelde hogere waarde; h. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de milieusituatie, de woonsituatie en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. 3.3.5

Intensieve veehouderij Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 48.2, een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in 3.2.3 onder a en b voor het oprichten van nieuwe agrarische bedrijfsgebouwen of het aanwenden van bestaande agrarische bedrijfsgebouwen of het uitbreiden van bestaande gebouwen wat leidt tot een grotere stalvloeroppervlakte dan de bestaande stalvloeroppervlakte, indien; 1. dit noodzakelijk is om tegemoet te komen aan aangescherpte wettelijke eisen op het gebied van het milieu, of 2. dit ertoe strekt om het welzijn van de te houden dieren te vergroten door de netto voor het dier beschikbare leefruimte te vergroten; 3. het aantal te houden dieren zoals vergund op 1 januari 2019, niet toeneemt.

3.4

Gebruiksregels

3.4.1

Toegestaan gebruik Tot een toegestaan gebruik van de gronden en bouwwerken met deze bestemming wordt gerekend: a. het opslaan van mest ten behoeve van het eigen agrarisch bedrijf; b. het gebruik van gronden ten behoeve van ondergeschikte bosbouw, sierteelt, fruitteelt, boomteelt of overige opgaande meerjarige teeltvormen, mits: 1. de teelt niet wordt toegepast ter plaatse van de dubbelbestemming 'Waarde Landschap'; 2. zoveel mogelijk aansluiting wordt gevonden bij bestaande opgaande elementen, zoals bosgebieden, dorpskernen, bebouwingslinten, bestaande gronden met opgaande meerjarige teeltvormen en naar de aard daarmee gelijk te stellen gebieden; 3. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden, de woonsituatie en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden; c. het gebruiken van gronden en bouwwerken voor kleinschalige horeca of kleinschalige nevenactiviteiten zoals genoemd onder 3.1 onder l, mits voldaan wordt aan het toetsingskader uit de beleidsnota kleinschalige bedrijvigheid zoals opgenomen in de bij deze regels behorende Bijlage 8; d. het gebruiken van de gronden en bouwwerken voor een mini-camping zoals genoemd in 3.1 onder m, mits voldaan wordt aan de voorwaarden uit de beleidsnotitie kamperen zoals opgenomen in de bij deze regels behorende Bijlage 11; e.

het gebruiken van de bedrijfswoning, bijbehorende bouwwerken en overkappingen voor een vrij beroep of overige aan-huis-verbonden beroep of bedrijf zoals genoemd in 3.1 onder n, mits voldaan wordt aan de voorwaarden uit de beleidsnota aan-huis-verbonden beroepen en bedrijven zoals opgenomen in de bij deze regels behorende Bijlage 13. f. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van mantelzorg.

3.4.2

Strijdig gebruik Tot een strijdig gebruik van de gronden en bouwwerken met deze bestemming wordt gerekend: a. het gebruiken van meer dan één bouwlaag voor het houden van dieren; b. het gebruiken van gronden en bouwwerken voor bewoning ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning uitgesloten'; c. het gebruiken van gronden en bouwwerken voor meer dan één bedrijfswoning;

29

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

d. het gebruiken van vrijstaande bijbehorende bouwwerken bij de bedrijfswoning voor bewoning; e. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van de plaatsing van een mestvergistingsinstallatie of een daarmee gelijk te stellen bouwwerk; f. het gebruik van assimilatiebelichting in kassen. Tenzij de kas is voorzien van voorzieningen die de lichtuitstraling met 90% reduceert;

3.5

Afwijken van de gebruiksregels

3.5.1

Mestvergisting Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 48.2, een omgevingsvergunning verlenen voor afwijken van het bepaalde in 3.4.2 sub e ten behoeve van het uitoefenen van een agrarisch bedrijf dat wordt gecombineerd met het vergisten van mest en verhandelen van de daarbij vrijkomende energie met de daarbij behorende bebouwing indien sprake is van de volgende methodes van mestvergisting en wordt voldaan aan de onderstaande criteria: a. het bedrijf verwerkt in hoofdzaak eigen geproduceerde mest en voegt eigen en/of van derden afkomstige co-substraten toe; b. de co-vergiste mest wordt op de tot het bedrijf behorende gronden gebruikt en naar derden afgevoerd; c. het bedrijf verwerkt aangevoerde mest geproduceerd door derden en voegt eigen en/of van derden afkomstige co-substraten toe; d. de installatie wordt opgericht binnen een bouwvlak; e. de capaciteit van de vergisting bedraagt ten hoogste 65 ton per dag; f. de bouwhoogte van een mest- en/of biomassavergistingsinstallatie ten hoogste 8 meter bedraagt mits deze afwijking in combinatie met 3.3.2 sub b wordt toegepast; g. de infrastructurele ontsluiting van het bouwperceel is toereikend; h. afstand tot burgerwoning bedraagt minimaal 100 meter; i. deze afwijking is toegestaan voor ten hoogste 10 bedrijven in het buitengebied van Midden-Groningen;

3.5.2

Niet-agrarische bedrijvigheid Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in 3.1 onder a in die zin dat gronden en bouwwerken gebruikt worden voor een niet-agrarische bedrijvigheid beperkt tot milieucategorie 1 en 2 zoals opgenomen in Bijlage 8, en voldaan wordt aan de voorwaarden zoals opgenomen in Bijlage 8:

3.6

Wijzigingsbevoegdheid

3.6.1

Wijzigen oppervlak te bouwvlak Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 49.2, de bestemming 'Agrarisch - Bedrijf' wijzigen in die zin dat een bouwvlak kan worden vergroot, mits: a. de oppervlakte van het nieuwe bouwperceel niet meer bedraagt dan 2 ha; b. er zicht is op een langdurige vergroting van de productieomvang als gevolg van schaalvergroting of extensivering/verbreding van de bedrijfsactiviteiten en de noodzaak van de bedrijfsuitbreiding is aangetoond; c. de maatwerkmethode is toegepast onder begeleiding van een onafhankelijke of een bij de gemeente werkzame deskundige op het gebied van stedenbouw en landschapsarchitectuur; d. een erfinrichtingsplan is opgesteld waarbij in ieder geval rekening is gehouden met: 1. de historisch gegroeide landschapsstructuur; 2. de afstand tot andere ruimtelijke elementen; 3. de infrastructurele ontsluiting toereikend is voor de bedrijfsontwikkeling;

30

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

4. een evenwichtige ordening en in de omgeving passende maatvoering en vormgeving van de bedrijfsgebouwen; 5. het uitgangspunt dat voor de bedrijfsvoering niet meer in gebruik zijnde opstallen, met uitzondering van monumentale of karakteristieke gebouwen op het bouwperceel; 6. het woon- en leefklimaat van direct omwonenden; 7. het aspect nachtelijke lichtuitstraling. e. de uitvoering en instandhouding van het onder d genoemde erfinrichtingsplan middels voorschrift in de regels wordt opgenomen.

3.6.2

Wijzigen situering bouwvlak Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 49.2, de bestemming Agrarisch - Bedrijf wijzigen in die zin dat een bouwvlak bij gelijkblijvende oppervlakte, qua situering wordt gewijzigd, mits: a. er een bedrijfstechnische noodzaak is om ten behoeve van de bouw van bedrijfsgebouwen of het opslaan van mest, hooibalen en of andere agrarische producten de situering van het bouwvlak te wijzigen; b. met een erfinrichtingsplan wordt aangetoond dat de ontwikkeling op een zorgvuldige wijze landschappelijk wordt ingepast; c. de uitvoering en instandhouding van het onder b genoemde erfinrichtingsplan middels voorschrift in de regels wordt opgenomen.

3.6.3

Bouwvlak verwijderen Het bevoegd gezag kan de bestemming Agrarisch - Bedrijf wijzigen in die zin dat bouwvlakken kunnen worden verwijderd, mits het agrarisch bedrijf ter plaatse is beëindigd.

3.6.4

Wijzigen ten behoeve van functieverandering Het bevoegd gezag kan met inachtneming van 49.2, voor zover het vrijgekomen agrarische bedrijfsgebouwen met bijbehorende erven betreft, de bestemming 'Agrarisch - Bedrijf' wijzigen in de bestemming 'Agrarisch - Cultuurgrond', 'Agrarisch - Paardenhouderij', 'Gemengd', 'Recreatie', 'Wonen', en 'Wonen - VAB', mits: a. na toepassing van deze wijzigingsbevoegdheid respectievelijk de regels uit Artikel 4, Artikel 6, Artikel 17, Artikel 23, Artikel 29, Artikel 30 van overeenkomstige toepassing zijn; b. de agrarische functie ter plaatse is beëindigd; c. de functie ondergebracht wordt in de bestaande gebouwen; d. wonen alleen in het hoofdgebouw is toegestaan en in een bij het hoofdgebouw behorend karakteristiek gebouw; e. bedrijfsmatige activiteiten uitsluitend zijn toegestaan in combinatie met een woonfunctie en beperkt blijven tot bedrijvigheid in milieucategorie 1 en 2 conform de VNG handreiking Bedrijven en Milieuzonering; f. niet meer in gebruik zijnde opstallen worden gesaneerd; g. ten hoogste 1 bedrijfswoning mag worden omgezet in 1 niet-bedrijfswoning.

3.6.5

Karakteristieke bebouwing Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 49.2, het plan wijzigen en op percelen voorzien van de dubbelbestemming Waarde - Cultuurhistorie - Karakteristiek één extra woning toestaan in de bestaande karakteristieke bebouwing, met dien verstande dat een omgevingsvergunning slechts kan worden verleend als: a. het toevoegen van een nieuwe woning past in de woonvisie en in de nieuwbouwruimte die beschikbaar is; b. de agrarische functie ter plaatse is beeindigd; c. de bestaande ruimtelijke kwaliteit van de bebouwing en het bijbehorende erf wordt

31

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

behouden en/of versterkt en d. advies wordt gevraagd van een onafhankelijke of een bij de gemeente werkzame deskundige op het gebied van cultuurhistorie. 3.6.6

Ruimte-voor-Ruimte Het bevoegd gezag kan met inachtneming van 49.2, bij bedrijfsbeëindiging van het agrarisch bedrijf het plan wijzigen ten behoeve van de bouw van een woning ter compensatie van de afbraak van minimaal 750 m2 voor hergebruik van niet geschikte of geschikt te maken niet karakteristieke of beeldbepalende bebouwing, waarbij de bestemming wordt gewijzigd naar Gemengd, Wonen of Wonen - VAB, met dien verstande dat de volgende overwegingen in acht worden genomen; a. het toevoegen van nieuwe woning past in de woonvisie en in de nieuwbouwruimte die beschikbaar is; b. ten hoogste één nieuwe woning is toegestaan; c. de bestaande voormalige bedrijfswoning eveneens wordt voorzien van bestemming Gemengd, Wonen, of Wonen - VAB; d. bij toepassing van de wijzigingsbevoegdheid voor het adres Tripscompagnie 16 te Sappemeer dient de aanduiding 'specifieke vorm van agrarisch - bekisting' ter plaatse van het aldaar aanwezige betonbekistingsbedrijf te worden gewijzigd naar de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - bekisting', onder voorwaarde dat: 1. de oppervlakte en ligging van de bedrijvigheid niet wordt gewijzigd; 2. alleen het bestaande betonbekistingbedrijf is toegestaan; 3. de bedrijfsactiviteiten ten behoeve van het bestaande betonbekistingsbedrijf niet zijn beëindigd. e.

de nieuw te bouwen woning wordt gebouwd op het perceel waar de bebouwing wordt gesloopt, tenzij gemotiveerd wordt dat het bouwen van een woning op een nabijgelegen perceel uit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening wenselijk is; f. er geen karakteristieke gebouwen worden gesloopt; g. de ruimtelijke kwaliteit door de sloop en vervangende nieuwbouw verbetert; h. de ruimtelijk relevante kenmerken van de nieuwe bebouwing en de erfinrichting passen in het landschapsbeeld; i. de gezamenlijke oppervlakte van een woning en de bijbehorende bouwwerken niet meer bedraagt dan 300 m2, tenzij voor de ruimtelijke inpassing van de nieuwe bebouwing een grotere oppervlakte noodzakelijk is, in welk geval deze oppervlakte niet meer bedraagt dan die van de te slopen bebouwing als bedoeld in de aanhef; j. de maatwerkmethode is toegepast onder begeleiding van een onafhankelijke of een bij de gemeente werkzame deskundige op het gebied van stedenbouw en landschapsarchitectuur; k. de betreffende gronden niet zijn gelegen binnen de op de kaart van de provinciale omgevingsverordening aangegeven 'NNN-beheergebieden', 'NNN-natuurgebieden'; 'NNN-beheer aanpassingsgebied', 'NNN-natuuraanpassingsgebied'; het 'zoekgebied robuuste verbindingszone' of de 'bos- en natuurgebieden buiten het Natuurnetwerk Nederland'. l.

na toepassing van deze wijzigingsbevoegdheid respectievelijk de regels uit Artikel 17, Artikel 29 of Artikel 30 van overeenkomstige toepassing zijn;

32

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

Artikel 4 4.1

Agrarisch - Cultuurgrond

Bestemmingsomschrijving De voor 'Agrarisch - Cultuurgrond' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e. f.

cultuurgrond met bijbehorende paden, sloten en werken; bos- en/natuurelementen met een oppervlakte van ten hoogste 1 ha; hout- en windsingels ter flankering van agrarische bouwpercelen; natuurvriendelijke overzones van 5 m breed aan weerszijden van een watergang; behoud, herstel en ontwikkeling van de cultuurhistorische, landschappelijke en natuurwetenschappelijke waarden zoals die ter plaatse voorkomen; bestaande gaslocaties ter plaatse van de 'overige zone - gaslocatie'

met daaraan ondergeschikt: a. groen- en nutsvoorzieningen; b. voorzieningen ten behoeve van het vasthouden, bergen, aan- en afvoeren van water; c. voorzieningen ten behoeve van extensieve dagrecreatie en educatief medegebruik zoals wandel-, fiets- en ruiterpaden en parkeervoorzieningen ten behoeve van toeristische opstappunten. d. bestaande landbouwontsluitingswegen e. bijbehorende additionele voorzieningen. en tevens voor: f.

bestaande veldschuur, ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van agrarisch – veldschuur'; g. bestaande mestbassins en mestsilo's, ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van agrarisch – mestbassin/mestsilo'; h. het gebruik van de gronden voor een kwekerij, een boomkwekerij of fruitteelt, ter plaatse van de aanduiding 'tuinbouw' i. bedrijfsmatige opslag ter plaatse van de aanduiding 'opslag'. j. een voedselbos, ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van agrarisch - voedselbos'. k. een bestaand gronddepot, ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van agrarisch gronddepot'; l. een bestaande paardenrenbaan, ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van agrarisch - paardenrenbaan'; m. een paardrijbak, mits voldaan wordt aan 4.4.1 sub a;

4.2

Bouwregels Bouwwerken ten dienste van deze bestemming worden gebouwd met inachtneming van de volgende bepalingen, waarbij bestaand is toegestaan:

4.2.1

Bouwwerken algemeen Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen geldt de volgende regel: a. binnen deze bestemming mogen geen gebouwen en overkappingen worden opgericht, met uitzondering van verbouw of vervangende nieuwbouw van bestaande bouwwerken, waarbij de bestaande maatvoering moet worden gehanteerd;

4.2.2

Bouwwerken geen gebouwen en geen overkappingen zijnde Voor het bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, geldende volgende regels: a. het bouwen van lichtmasten en omheiningen ten behoeve van een paardenbak voldoet aan de beleidsregels Paardenhouderij zoals opgenomen in Bijlage 12;

33

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

b. de maatvoering van bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, voldoet aan de eisen die in het volgende bouwschema zijn bepaald;

type bouwwerk

maximale bouwhoogte in meters

erf- en terreinafscheiding

2

lichtmasten ten behoeve van een paardenbak

6

overige bouwwerken, geen gebouw een geen overkapping, zijnde

1,5

4.3

Afwijken van de bouwregels

4.3.1

Opslag op veldkavels Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 48.2, een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van: a. het bepaalde in 4.2.1 voor het aanleggen van foliemestbassins, mestsilo's of mestzakken op veldkavels, mits de afwijking zoals bedoeld in 4.4.3 kan worden verleend.

4.3.2

Schuilstallen Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 48.2, een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van: a. het bepaalde in 4.2.1 voor het bouwen van schuilstallen, onder de volgende voorwaarden: 1. De oppervlakte van een gebouw ten hoogste 25 m2 bedraagt; 2. De bouwhoogte ten hoogste 3 m bedraagt; 3. Het aantal schuilstallen per hobbymatige dierenhouderij bedraagt ten hoogste 1, waarbij cumulatie niet is toegestaan; 4. het betreft een schuilstal uitsluitend ten behoeve van hobbymatig vee.

4.4

Gebruiksregels

4.4.1

Toegestaan gebruik Tot een toegestaan gebruik van de gronden en bouwwerken met deze bestemming wordt gerekend; a. het gebruiken van gronden voor een paardrijbak ten behoeve van een op een aangrenzend woonperceel aanwezige hobbymatige paardenhouderij, mits voldaan wordt aan de voorwaarden uit de beleidsregels voor paardenhouderijen zoals opgenomen in de bij deze regels behorende Bijlage 12; b. het gebruik van gronden ten behoeve van houtteelt, boomteelt, fruitteelt, kwekerijen en de aanleg van nieuw bos met een oppervlakte kleiner dan 1 hectare; c. het gebruiken van bestaande veldschuren voor opslag;

4.4.2

Strijdig gebruik Tot een strijdig gebruik van de gronden en bouwwerken met deze bestemming wordt gerekend: a. het gebruik van bouwwerken voor bewoning; b. het uitoefenen van detailhandel; c. de opslag van aan hun gebruik onttrokken voer- en vaartuigen, werktuigen of machines of onderdelen daarvan, verpakkingsmaterialen, bagger en grondspecie, afval, puin, grind of brandstoffen, anders dan in verband met normaal onderhoud of ter verwezenlijking van de bestemming.

34

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

4.4.3

Afwijken van de gebruiksregels Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 48.2, een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van: a. het bepaalde in 4.1 voor het aanleggen van foliemestbassins, mestsilo's of mestzakken op veldkavels, mits voldaan wordt aan de voorwaarden uit de beleidsvisie voor mestopslag zoals opgenomen in de bij deze regels behorende Bijlage 10; b. het bepaalde in 4.4.1 voor de aanleg (of uitbreiding) van een voedselbos mits: 1. Er geen landschappelijke bezwaren bestaan tegen de aanleg, inclusief beperkingen die voortkomen uit de dubbelbestemming Waarde - Landschap en 2. De oppervlakte ten hoogste 5 hectare bedraagt, indien sprake is van uitbreiding van een bestaand voedselbos geldt 10 hectare als maximale oppervlakte voor het totale plan.

4.5

Wijzigingsbevoegdheid

4.5.1

Wijzigen ten behoeve van bouwvlak wijziging Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 49.2, in combinatie met 3.6.1, 3.6.2, 5.6.1, 6.4.1 of 25.5.1 de bestemming wijzigen in de bestemming Agrarisch - Bedrijf, Agrarisch Glastuinbouw, Agrarisch - Paardenhouderij, Sport - Manege en ter plaatse (gedeeltelijk) een bouwvlak toekennen ten behoeve van vergroting of wijziging van het bouwperceel van een bestaand agrarisch (paarden) bedrijf of manege, onder de volgende voorwaarden: a. de gronden grenzen aan de bestemming Agrarisch - Bedrijf, Agrarisch - Glastuinbouw, Agrarisch - Paardenhouderij of Sport - Manege; b. aannemelijk is gemaakt dat de wijziging uit bedrijfseconomisch oogpunt gewenst is; c. aangetoond wordt dat er binnen het huidige bouwperceel geen ruimte meer is of uitbreiding op het bestaande perceel vanwege zwaarwegende bedrijfseconomische redenen of logistieke redenen niet haalbaar is. d. na toepassing van de wijzigingsbevoegdheid respectievelijk de regels uit Artikel 3, Artikel 5, Artikel 6 of Artikel 25 van overeenkomstige toepassing zijn; e. met betrekking tot de bestemmingen Agrarisch - Glastuinbouw, Agrarisch Paardenhouderij of Sport - Manege het uitsluitend een vormwijziging van het bestaande bouwvlak betreft.

4.5.2

Functiewijziging Natuur Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 49.2, de bestemming wijzigen in de bestemming 'Natuur' ten behoeve van de ontwikkeling van natuurgebieden, onder de volgende voorwaarden: a. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud, het herstel en de ontwikkeling van landschappelijke en/of natuurwetenschappelijke waarden van de gronden; b. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de waterhuishouding van het gebied en de omliggende percelen, c.q. de gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden daarvan. c. na toepassing van de wijzigingsbevoegdheid de regels uit Artikel 22 van overeenkomstige toepassing zijn.

4.5.3

Functiewijziging Recreatie Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 49.2, ter plaatse van de aanduiding 'wetgevingzone – wijzigingsgebied recreatie' de bestemming wijzigen in 'Recreatie' en/of 'Groen', mits: a. het agrarisch gebruik ter plaatse is beëindigd; b. de ter plaatse gelegen gronden door de exploitant van het aangrenzende terrein met een recreatieve bestemming zijn verworven; c. met een erfinrichtingsplan wordt aangetoond dat de ontwikkeling op een zorgvuldige wijze landschappelijk wordt ingepast; d. de uitvoering en instandhouding van het onder c genoemde erfinrichtingsplan middels

35

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

voorschrift in de regels wordt opgenomen e. ter plaatse geen plaatsgebonden kampeermiddelen zijn toegestaan; f. aan de gronden die worden gewijzigd geen bouwvlak wordt toegekend; g. na toepassing van deze wijzigingsbevoegdheid respectievelijk de regels uit Artikel 18 en Artikel 23 van overeenkomstige toepassing zijn; 4.5.4

Toevoegen aanduiding veldschuur Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 49.2, de bestemming wijzigen in die zin dat de aanduiding 'specifieke vorm van agrarisch - veldschuur' wordt opgenomen als het gaat om een bestaande veldschuur.

36

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

Artikel 5 5.1

Agrarisch - Glastuinbouw

Bestemmingsomschrijving De voor 'Agrarisch - Glastuinbouw' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d.

een bestaand glastuinbouwbedrijf; een tuinbouwbedrijf; een hoveniersbedrijf, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'hovenier'; bedrijfswoningen met bijbehorende bouwwerken en overkappingen, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning'; e. agrarische cultuurgrond; Met daaraan ondergeschikt: f. groen- en nutsvoorzieningen; g. voorzieningen ten behoeve van het vasthouden, bergen, aan- en afvoeren van water; h. bijbehorende verhardingen, tuinen, erven en additionele voorzieningen. en tevens voor: i. kleinschalige duurzame energieopwekking; j. teeltondersteunende voorzieningen mits voldaan aan 5.4.1 onder e; k. een waterbassin, mits voldaan aan 5.4.1onder f; l. ondergeschikte productiegebonden detailhandel, mits voldaan wordt aan 5.4.1 onder c; m. vrij beroep of overige aan-huis-verbonden beroep of bedrijf, mits voldaan wordt aan 5.4.1 onder a; 5.2

Bouwregels Bouwwerken ten dienste van deze bestemming worden gebouwd met inachtneming van de volgende bepalingen, waarbij bestaand is toegestaan.

5.2.1

Bedrijfsgebouwen Voor het bouwen van bedrijfsgebouwen, bijbehorende bouwwerken en overkappingen gelden de volgende regels: a. bedrijfsgebouwen (waaronder bijbehorende bouwwerken en overkappingen) zoals aanwezig op 17 juni 2009 ten behoeve van het ter plaatse gevestigde bedrijf zijn uitsluitend binnen een bouwvlak toegestaan; b. de maatvoering van een gebouw, bijbehorende bouwwerk of een overkapping voldoet voorts aan de eisen die in het volgende bouwschema zijn gesteld:

type bouwwerk

maximale goothoogte in meters

maximale dakhelling bouwhoogte in meters

Bedrijfsgebouwen

6

14

min. 20o max. 60o

n.v.t.

9

n.v.t.

(geen kassen zijnde)

Kassen

c. ter plaatse van de functieaanduiding 'hovenier' is ten hoogste 1.300 m² aan bedrijfsgebouwen, bijbehorende bouwwerken en overkappingen (inclusief kassen) toegestaan. 5.2.2

Bedrijfswoningen Voor het bouwen van bedrijfswoningen, bijbehorende bouwwerken en overkappingen gelden de volgende regels: a. een bedrijfswoning, bijbehorende bouwwerken en overkappingen zijn uitsluitend ter plaatse

37

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

van een aanduiding 'bedrijfswoning' toegestaan; b. de afstand van bedrijfswoningen ten opzichte van de weg bedraagt tenminste de bestaande afstand; c. de maatvoering van een bedrijfswoning, bijbehorende bouwwerken en overkappingen voldoet voorts aan de eisen die in het volgende bouwschema zijn gesteld:

type bouwwerk maximale oppervlakte

5.2.3

maximale goothoogte in meters

maximale bouwhoogte in meters

dakhelling in graden

Bedrijfswoning

300 m2

4,5

10

min. 20o max. 60o

Bijbehorende bouwwerken en overkappingen

300 m2

3

5,5

plat of meerzijdig max. 60o

(incl. bijbehorende bouwwerken en ov erkappingen)

(incl. bedrijf swoning)

Opslag binnen bouwvlak Voor het bouwen van opslag binnen het bouwvlak gelden de volgende regels: a. gebouwen en silo's ten beheove van opslag zijn uitsluitend binnen een bouwvlak toegestaan;

5.2.4

Kleinschalige windturbines Voor het bouwen van kleinschalige windturbines gelden de volgende regels: a. het bouwen van een kleinschalige windturbine is binnen een bouwvlak toegestaan. b. de bouwhoogte van een kleinschalige windturbine bedraagt ten hoogste 15 m; c. voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: 1. maximaal 3 windturbines voor eigen behoefte worden geplaatst; 2. voldaan wordt aan het Toetsingscriteria kleinschalige windturbines zoals opgenomen in Bijlage 9;

5.2.5

Bouwwerken geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met uitzondering van overkappingen, gelden de volgende regels: a. de maatvoering voldoet voorts aan de eisen die in het volgende bouwschema zijn gesteld; type bouwwerk

maximale bouwhoogte in meters voorerf

achtererf binnen bouwvlak buiten bouwvlak

erf- en terreinafscheidingen

1

2

2

palen en masten (niet zijnde reclamemasten)

8

12

8

overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde

niet toegestaan 5

2

5.3

Afwijken van de bouwregels

5.3.1

Oppervlakte bedrijfsgebouwen Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 48.2, een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van:

38

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

a. het bepaalde in 5.2.1 onder a voor: 1. Het vergroten van de bedrijfsbebouwing binnen het bouwvlak met een percentage van maximaal 20% van de bestaande totale oppervlakte van de bedrijfsbebouwing zoals aanwezig op 17 juni 2009; 2. In afwijking van het eerste lid kan de oppervlakte van de bedrijfsbebouwing binnen het bouwvlak worden vergroot met 50% van de bestaande totale oppervlakte van de bedrijfsbebouwing zoals aanwezig op 17 juni 2009 mits de maatwerkmethode wordt toegepast onder begeleiding van een onafhankelijke of een bij de gemeente werkzame deskundige op het gebied van stedenbouw en landschapsarchitectuur. 5.4

Gebruiksregels

5.4.1

Toegestaan gebruik Tot een toegestaan gebruik van de gronden en bouwwerken met deze bestemming wordt gerekend: a. het gebruiken van de bedrijfswoning, bijbehorende bouwwerken en overkappingen voor een vrij beroep of overige aan-huis-verbonden beroep of bedrijf zoals genoemd in 5.1 onder m, mits voldaan wordt aan de voorwaarden uit de beleidsnota aan-huis-verbonden beroepen en bedrijven zoals opgenomen in de bij deze regels behorende Bijlage 13; b. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van mantelzorg; c. het gebruiken van bedrijfsgebouwen waaronder kassen voor ondergeschikte productiegebonden detailhandel zoals genoemd in 5.1 onder l; d. het gebruiken van de gronden ten behoeve van de opslag van water in de vorm van een waterbassin, mits: 1. binnen het bouwvlak, dan wel buiten het bouwvlak uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van agrarisch - waterbassin; 2. de oppervlakte van een waterbassin ten hoogste 3.000 m2 bedraagt, gemeten vanaf de binnenkant van het bassin 20 cm onder de opstaande rand, tenzij de bestaande oppervlakte groter is; 3. de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 2,5 m. e. het gebruiken van gronden voor teeltonersteunende voorzieningen, mits; 1. binnen een bouwvlak, dan wel buiten het bouwvlak uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van agrarisch - containerveld;

5.4.2

Strijdig gebruik Tot een strijdig gebruik van de gronden en bouwwerken met deze bestemming wordt gerekend: a. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van de plaatsing van een mestvergistingsinstallatie of een daarmee gelijk te stellen bouwwerk; b. het gebruik van gronden, niet zijnde bedrijfsgebouwen en kassen, voor ondergeschikte productiegebonden detailhandel; c. het gebruik van assimilatiebelichting in kassen. Tenzij de lichtsterkte niet meer dan 150 lux bedraagt, met uitzondering van kassen die tussen 20.00 uur en 6.00 uur zijn voorzien van voorzieningen die de lichtuitstraling met tenminste 90% reduceert; d. het gebruik van gronden buiten het bouwvlak voor teeltondersteunende voorzieningen; e. het gebruiken van gronden en bouwwerken ten behoeve van opslag van water;

5.5

Afwijken van de gebruiksregels Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 48.2, een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van: a. het bepaalde in 5.4.2 onder d voor de aanleg van teeltondersteunende voorzieningen buiten het bouwvlak; b. het bepaalde in 5.4.2 onder e voor de aanleg van een waterbassin buiten het bouwvlak ten behoeve van de opslag van water, mits;

39

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

1. bij een situering buiten het bouwvlak, er op grond van milieuhygiënische en/of ruimtelijke beperkingen geen mogelijkheden zijn voor plaatsing binnen het bouwvlak; 2. het waterbassin uitsluitend wordt gebruikt ten behoeve van het eigen agrarisch gebruik; 3. er geen landschappelijke bezwaren bestaan tegen de aanleg van het waterbassin; 4. de oppervlakte van een waterbassin ten hoogste 3.000 m2 bedraagt, gemeten vanaf de binnenkant van het bassin 20 cm onder de opstaande rand; 5. de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 2,5 m. 5.6

Wijzigingsbevoegdheid

5.6.1

Wijzigen situering bouwvlak Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 49.2, de bestemming 'Agrarisch Glastuinbouw' wijzigen in die zin dat een bouwvlak bij gelijkblijvende oppervlakte, qua situering wordt gewijzigd, mits: a. er een bedrijfstechnische noodzaak is om ten behoeve van de bouw van bedrijfsgebouwen of het opslaan van agrarische producten de situering van het bouwvlak te wijzigen; b. met een erfinrichtingsplan wordt aangetoond dat de ontwikkeling op een zorgvuldige wijze landschappelijk wordt ingepast.

5.6.2

Bouwvlak verwijderen Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 49.2, de bestemming Agrarisch - Glastuinbouw wijzigen in die zin dat bouwvlakken kunnen worden verwijderd, mits het glastuinbouwbedrijf ter plaatse is beëindigd.

5.6.3

Wijzigen ten behoeve van functieverandering Het bevoegd gezag kan,met inachtneming van 49.2, voor zover het vrijgekomen bedrijfsgebouwen met bijbehorende erven betreft, de bestemming Agrarisch - Glastuinbouw wijzigen in de bestemming 'Agrarisch - Cultuurgrond', 'Wonen' mits: a. na toepassing van deze wijzigingsbevoegdheid respectievelijk de regels uit Artikel 4, Artikel 29 van overeenkomstige toepassing zijn; b. de agrarische tuinbouwfunctie ter plaatse is beëindigd; c. aangrenzende (agrarische) bedrijven niet in ontwikkelingsmogelijkheden worden beperkt; d. niet meer in gebruik zijnde opstallen worden gesaneerd; e. ten hoogste 1 bedrijfswoning mag worden omgezet in 1 reguliere woning.

40

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

Artikel 6 6.1

Agrarisch - Paardenhouderij

Bestemmingsomschrijving De voor 'Agrarisch - Paardenhouderij' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. gebruiksgerichte paardenhouderijen; b. een bedrijfswoning met bijbehorende bouwwerken en overkappingen; met daaaraan ondergeschikt: c. groen-, nuts-, parkeer- en speelvoorzieningen'; d. voorzieningen ten behoeve van het vasthouden, bergen, aan- en afvoeren van water; e. bijbehorende verhardingen, tuinen, erven en additionele voorzieningen. en tevens voor: f. g. h. i.

6.2

kleinschalige duurzame energieopwekking; kleinschalige horeca of kleinschalige nevenactiviteiten, mits voldaan wordt aan 6.3.1 sub b; mini-camping, mits voldaan wordt aan 6.3.1 sub c; vrij beroep en overige aan-huis-verbonden beroep of bedrijf, mits voldaan wordt aan 6.3.1 sub d;

Bouwregels Bouwwerken ten dienste van deze bestemming worden gebouwd met inachtneming van de volgende bepalingen, waarbij bestaand is toegestaan

6.2.1

Bedrijfsgebouwen en overk appingen Voor het bouwen van bedrijfsgebouwen, bijbehorende bouwwerken en overkappingen gelden de volgende regels: a. gebouwen ten behoeve van het ter plaatse gevestigde paardenhouderijbedrijf zijn uitsluitend binnen een bouwvlak toegestaan; b. de afstand van de gebouwen tot de zijdelingse perceelsgrens bedraagt ten minste 3 m, tenzij op de naastgelegen percelen geen burgerwoningen aanwezig zijn; c. de maatvoering van een gebouw, bijbehorend bouwwerk of een overkapping voldoet voorts aan de eisen die in het volgende bouwschema zijn gesteld:

6.2.2

type bouwwerk

maximale oppervlakte

maximale maximale dakhelling goothoogte bouwhoogte in graden in meters in meters

Bedrijfsgebouwen bijbehorende bouwwerken en overkappingen

120% van de bestaande gezamenlijke oppervlakte van bedrijfsgebouwen, bijbehorende bouwwerken en overkappingen

5

10

min. 20o max. 60o

Bedrijfswoningen Voor het bouwen van bedrijfswoningen, bijbehorende bouwwerken en overkappingen gelden de volgende regels: a. per agrarisch paardenhouderij bouwvlak is één bedrijfswoning toegelaten, of een groter aantal waar dat is aangeduid; b. de afstand van bedrijfswoningen ten opzichte van de weg bedraagt ten minste de bestaande afstand; c. de maatvoering van een bedrijfswoning, bijbehorend bouwwerk of een overkapping voldoet voorts aan de eisen die in het volgende bouwschema zijn gesteld:

41

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

6.2.3

type bouwwerk

maximale oppervlakte

maximale goothoogte in meters

maximale dakhelling in bouwhoogte in graden meters

Bedrijfswoning

300 m2

4,5

10

min. 30o max. 60o

Bijbehorende bouwwerken en overkappingen

300 m2

3

5,5

plat of meerzijdig max. 60o

(incl. bijbehorende bouwwerken en ov erkappingen)

(incl. bedrijf swoning)

Opslag binnen bouwvlak Voor het bouwen van opslag binnen het bouwvlak gelden de volgende regels: a. voorzieningen ten behoeve van de opslag van mest zijn uitsluitend binnen een bouwvlak toegestaan; b. de maatvoering van een bouwwerk voldoet voorts aan de eisen die in het volgende bouwschema zijn gesteld:

6.2.4

type bouwwerk

maximale bouwhoogte in meters

voedersilo's

15

voorzieningen van opslag van mest

2,5

Kleinschalige windturbines Voor het bouwen van kleinschalige windturbines gelden de volgende regels: a. het bouwen van een kleinschalige windturbine is binnen een bouwvlak toegestaan. b. de bouwhoogte van een kleinschalige windturbine bedraagt ten hoogste 15 m; c. voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: 1. maximaal 3 windturbines voor eigen behoefte worden geplaatst; 2. voldaan wordt aan het Toetsingscriteria kleinschalige windturbines zoals opgenomen in Bijlage 9;

6.2.5

Bouwwerken geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met uitzondering van overkappingen, gelden de volgende regels: a. de maatvoering van bouwwerken, geen gebouwen zijnde voldoet voorts aan de eisen die in het volgende bouwschema zijn bepaald;

type bouwwerk

42

maximale bouwhoogte in meters voorerf

binnen bouwvlak

buiten bouwvlak

erf- en terreinafscheidingen

1

2

2

palen en masten (niet zijnde reclamemasten)

8

12

8

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

overige bouwwerken, geen gebouw niet toegestaan zijnde

6.3

Gebruiksregels

6.3.1

Toegestaan gebruik

5

2

Tot een toegestaan gebruik van de gronden en bouwwerken met deze bestemming wordt gerekend: a. het gebruiken van de gronden en bouwwerken voor het uitoefenen van een paardenhouderij zoals genoemd in 6.1, mits voldaan wordt aan de voorwaarden uit de beleidsnota paardenhouderijen zoals opgenomen in de bij deze regels behorende Beleidsnotitie Paardenhouderijen b. het gebruiken van gronden en bouwwerken voor het uitoefenen van ondergeschikte kleinschalige horeca of kleinschalige nevenactiviteiten zoals genoemd in 6.1 onder g, mits voldaan wordt aan de voorwaarden uit de beleidsnota kleinschalige bedrijvigheid zoals opgenomen in de bij deze regels behorende Bijlage 8; c. het gebruiken van de gronden en bouwwerken voor een mini-camping zoals genoemd in 6.1 onder h, mits voldaan wordt aan de voorwaarden uit de beleidsnotitie kamperen zoals opgenomen in de bij deze regels behorende Bijlage 11; d. het gebruiken van de bedrijfswoning, bijbehorende bouwwerken en overkappingen voor een vrij beroep of overige aan-huis-verbonden beroep of bedrijf zoals genoemd in 6.1 onder i, mits voldaan wordt aan de voorwaarden uit de beleidsnota aan-huis-verbonden beroepen en bedrijven zoals opgenomen in de bij deze regels behorende Bijlage 13; 6.3.2

Strijdig gebruik Tot een strijdig gebruik van de gronden en bouwwerken met deze bestemming wordt gerekend: a. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van de plaatsing van een mestvergistingsinstallatie of een daarmee gelijk te stellen bouwwerk; b. het gebruiken van gronden en bouwwerken voor meer dan één bedrijfswoning; c. het gebruiken van vrijstaande bijbehorende bouwwerken bij de bedrijfswoning voor bewoning;

6.4

Wijzigingsbevoegdheid

6.4.1

Wijzigen situering bouwvlak Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 49.2, de bestemming 'Agrarisch Paardenhouderij' wijzigen in die zin dat een bouwvlak bij gelijkblijvende oppervlakte, qua situering wordt gewijzigd, mits: a. er een bedrijfstechnische noodzaak is om ten behoeve van de bouw van bedrijfsgebouwen of het opslaan van mest, hooibalen en of andere agrarische producten de situering van het bouwvlak te wijzigen; b. met een erfinrichtingsplan wordt aangetoond dat de ontwikkeling op een zorgvuldige wijze landschappelijk wordt ingepast.

6.4.2

Wijzigen ten behoeve van functieverandering a. Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 49.2, voor zover het vrijgekomen agrarische bedrijfsgebouwen met bijbehorende erven betreft, de bestemmingen wijzigen in 'Agrarisch Cultuurgrond', 'Gemengd', 'Wonen', of 'Wonen - VAB', mits: 1. na toepassing van deze wijzigingsbevoegdheid respectievelijk de regels uit Artikel 4, Artikel 17, Artikel 29, Artikel 30, van overeenkomstige toepassing zijn; 2. de agrarische functie ter plaatse is beëindigd; 3. aangrenzende (agrarische) bedrijven niet in ontwikkelingsmogelijkheden worden beperkt; 4. de functie ondergebracht wordt in de bestaande gebouwen; 5. bedrijfsmatige activiteiten uitsluitend zijn toegestaan in combinatie met een

43

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

woonfunctie en beperkt blijven tot bedrijvigheid in milieucategorie 1 en 2 conform de VNG handreiking Bedrijven en Milieuzonering; 6. gestreefd wordt om niet meer in gebruik zijnde opstallen te saneren; 7. ten hoogste 1 bedrijfswoning mag worden omgezet in 1 reguliere woning; b. het bevoegd gezag kan met inachtneming van 49.2 de bestemming wijzigen in 'Sport Manege' indien de bedrijfsmatige activiteiten daar aanleiding toe geven, mits; 1. de activiteiten in overeenstemming zijn met Bijlage 12 Beleidsnotitie Paardenhouderijen.

6.4.3

Ruimte-voor-Ruimte-regeling Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 49.2, bij bedrijfsbeëindiging van het agrarisch bedrijf het plan wijzigen ten behoeve van de bouw van een woning ter compensatie van de afbraak van minimaal 750 m2 voor hergebruik van niet geschikte of geschikt te maken niet karakteristieke of beeldbepalende bebouwing, waarbij de bestemming wordt gewijzigd naar Gemengd, Wonen of Wonen - VAB, met dien verstande dat een omgevingsvergunning slechts kan worden verleend als: a. het toevoegen van nieuwe woning past in de woonvisie en in de nieuwbouwruimte die beschikbaar is; b. ten hoogste één nieuwe woning is toegestaan; c. de nieuw te bouwen woning of woningen wordt/worden gebouwd op het perceel waar de bebouwing wordt gesloopt, tenzij gemotiveerd wordt dat het bouwen van (een) woning(en) op deze locatie uit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening niet aanvaardbaar is in welk geval op een andere locatie (een)woning(en) mag/mogen worden gebouwd; d. er geen karakteristieke gebouwen worden gesloopt; e. de ruimtelijke kwaliteit door de sloop en vervangende nieuwbouw verbetert; f. de ruimtelijk relevante kenmerken van de nieuwe bebouwing en de erfinrichting passen in het landschapsbeeld; g.

de gezamenlijke oppervlakte van een woning en de bijbehorende bouwwerken niet meer bedraagt dan 300 m2, tenzij voor de ruimtelijke inpassing van de nieuwe bebouwing een grotere oppervlakte noodzakelijk is in welk geval deze oppervlakte niet meer bedraagt dan die van de te slopen bebouwing als bedoeld in de aanhef; h. de maatwerkmethode is toegepast onder begeleiding van een onafhankelijke of een bij de gemeente werkzame deskundige op het gebied van stedenbouw en landschapsarchitectuur; i. de betreffende gronden niet zijn gelegen binnen de in de de provinciale omgevingsverordening aangegeven 'NNN-beheergebieden', 'NNN-natuurgebieden'; 'NNN-beheer aanpassingsgebied', 'NNN-natuuraanpassingsgebied'; het 'zoekgebied robuuste verbindingszone' of de 'bos- en natuurgebieden buiten het Natuurnetwerk Nederland'; j. na toepassing van deze wijzigingsbevoegdheid respectievelijk de regels uit Artikel 17, Artikel 29 of Artikel 30 van overeenkomstige toepassing zijn.

44

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

Artikel 7 7.1

Bedrijf

Bestemmingsomschrijving De voor Bedrijf aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. bedrijfsgebouwen en overkappingen ten behoeve van bedrijven, die zijn genoemd in Bijlage 3 onder categorie 1 en 2, alsmede bedrijven die per adres zijn genoemd in Bijlage 2, niet zijnde geluidzoneringsplichtige inrichtingen, risicovolle inrichtingen en vuurwerkbedrijven; b. uitsluitend bedrijfsmatige opslag, ter plaatse van de aanduiding 'opslag'; c. bedrijfsmatige molen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - molen'. d. biomassavergisting ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf biomassavergisting'. e. een bedrijfswoning, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning'; met daaraan ondergeschikt; f. groen-, nuts- en parkeervoorzieningen; g. voorzieningen ten behoeve van het vasthouden, bergen, aan- en afvoeren van water; h. bijbehorende tuinen, erven en additionele voorzieningen en tevens voor: i. j.

kleinschalige duurzame energieopwekking vrij beroep of overige aan-huis-verbonden beroep of bedrijf in de bedrijfswoning, mits voldaan wordt aan 7.4.1 sub a; k. productiegebonden detailhandel;

7.2

Bouwregels Bouwwerken ten dienste van deze bestemming worden gebouwd met inachtneming van de volgende bepalingen, waarbij bestaand is toegestaan.

7.2.1

Bedrijfsgebouwen en overk appingen Voor het bouwen van bedrijfsgebouwen, bijbehorende bouwwerken en overkappingen gelden de volgende regels: a. bedrijfsgebouwen, bijbehorende bouwwerken en overkappingen ten behoeve van het gevestigde bedrijf mogen uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd; b. de oppervlakte van bedrijfsgebouwen, bijbehorende bouwwerken en overkappingen bedraagt ten hoogste de bestaande oppervlakte; c. de maatvoering van een bedrijfsgebouw, bijbehorende bouwwerken of een overkapping zal voorts voldoen aan de eisen die in het volgende bouwschema zijn gesteld:

7.2.2

type bouwwerk

maximale goothoogte in meters

maximale dakhelling in bouwhoogte graden in meters

Bedrijfsgebouwen, bijbehorende bouwwerken en overkappingen

5

10

min. 20o max. 60o

Bedrijfswoningen Voor het bouwen van bedrijfswoningen, bijhorende bouwwerken en overkappingen gelden de volgende regels: a. per bouwvlak is ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning' een of één bedrijfswoning toegestaan; b. de afstand van bedrijfswoningen ten opzichte van de weg bedraagt ten minste de

45

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

bestaande afstand; c. de maatvoering van een bedrijfswoning, bijbehorende bouwwerken of overkapping voldoet voorts aan de eisen die in het volgende bouwschema zijn gesteld:

type bouwwerk maximale oppervlakte

7.2.3

maximale goothoogte in meters

maximale dakhelling in bouwhoogte in graden meters

Bedrijfswoning

300 m2

4,5

10

min. 20o max. 60o

bijbehorende bouwwerken en overkappingen

300 m2

3

6

plat of meerzijdige kap van ten hoogste 60o

(incl. bijbehorende bouwwerken en ov erkappingen)

(incl. bedrijf swoning)

Biomassavergisting Voor het bouwen van gebouwen, bouwwerken en overkappingen ten behoeve van biomassavergisting ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf biomassavergisting' gelden de volgende regels: a. gebouwen, overkappingen, overige bouwwerken en (folie)bassins zijn uitsluitend binnen een bouwvlak toegestaan. b. de maatvoering van gebouwen, bouwwerken en overkappingen voldoet voorts aan de eisen die in het volgende bouwschema zijn gesteld: type bouwwerk

maximale goothoogte in meters

maximale dakhelling bouwhoogte in meters

gebouw en overkappingen (technische ruimten/kantoor/opslag)

3,5

8,5

min. 30o

silo´s ten behoeve van de biomassavergisting

-

10

-

overige bouwwerken (niet zijnde silo)

-

5

-

c. uitsluitend erf- en terreinafscheidingen met een maximale hoogte van 2 meter zijn buiten het bouwvlak toegestaan. 7.2.4

Kleinschalige windturbines Voor het bouwen van kleinschalige windturbines gelden de volgende regels: a. het bouwen van een kleinschalige windturbine is binnen een bouwvlak toegestaan. b. de bouwhoogte van een kleinschalige windturbine bedraagt ten hoogste 15 m; c. voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: 1. maximaal 3 windturbines worden geplaatst; 2. voldaan wordt aan het Toetsingscriteria kleinschalige windturbines zoals opgenomen in Bijlage 9;

7.2.5

Bouwwerken geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met uitzondering van overkappingen, gelden de volgende regels: a. de maatvoering van een bouwwerk, geen gebouw zijnde voldoet voorts aan de eisen die in het volgende bouwschema zijn gesteld;

46

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

type bouwwerk

maximale bouwhoogte in meters voorerf

binnen bouwvlak

erf- en terreinafscheidingen

2

2

palen en masten (niet zijnde reclamemasten)

8

8

reclamemasten

6

6

overige bouwwerken, geen gebouw 1 zijnde

5

overige bouwwerken ter plaatse van 10 de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - observatielocatie'

10

zend-/ en ontvangstinstallaties

20

niet toegestaan

7.3

Afwijken van de bouwregels

7.3.1

Vergroten oppervlak te bedrijfsgebouwen en overkappingen Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 48.2, afwijken van: a. het bepaalde in 7.2.1 onder b in die zin dat de bestaande gezamenlijke oppervlakte van de bedrijfsgebouwen en overkappingen binnen het bouwvlak met ten hoogste 20% wordt vergroot; b. het bepaalde in 7.2.1 onder b in die zin dat het bouwvlak met ten hoogste 20% wordt vergroot, mits rekening wordt gehouden met 1. de historisch gegroeide landschaps- en bebouwingsstructuur; 2. de ruimtelijk relevante kenmerken van de bestaande bebouwing; 3. een evenwichtige ordening en in de omgeving passende maatvoering en vormgeving van de bedrijfsgebouwen; 4. het woon- en leefklimaat van direct omwonenden; en 5. het aspect nachtelijke lichtuitstraling; c. het bepaalde in 7.2.1 onder b in die zin dat de oppervlakte van de bedrijfsgebouwen en overkappingen of een bouwvlak met meer dan 20% wordt uitgebreid, mits: 1. redelijkerwijs niet op een andere locatie dan waar het bedrijf is gevestigd in de ruimtebehoefte kan worden voorzien; en 2.

aan het plan een erfinrichtingsplan ten grondslag ligt dat met toepassing van de maatwerkmethode is opgesteld onder begeleiding van een onafhankelijke bij de gemeente werkzame deskundige op het gebied van stedenbouw en landschaparchitectuur, indien de omvang van het bouwperceel niet groter wordt dan 0,5 ha of een deskundige bij de provincie als de omvang groter wordt dan 0,5 ha; en 3. rekening is gehouden met: de historisch gegroeide landschaps- en bebouwingsstructuur; de ruimtelijk relevante kenmerken van de bestaande bebouwing; een evenwichtige ordening en in de omgeving passende maatvoering en vormgeving van de bedrijfsgebouwen; het woon- en leefklimaat van direct omwonenden; en het aspect nachtelijke lichtuitstraling.

7.3.2

Maatvoering bedrijfsgebouwen Het bevoegd gezag kan met inachtneming van 48.2, een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van: a. het bepaalde in 7.2.1 onder c voor een goothoogte van een bedrijfsgebouw tot ten hoogste 7 m en de bouwhoogte tot ten hoogste 14 m;

47

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

7.3.3

Bedrijfswoning Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 48.2, een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van: a. het bepaalde in 7.2.2 onder a voor een vergroten van een bestaande bedrijfswoning buiten de aanduiding 'bedrijfswoning' mits voldaan wordt aan de maatvoering zoals opgenomen in 7.2.2 onder d; b. het bepaalde in 7.2.2 onder a en een nieuwe bedrijfswoning toestaan, mits; 1. binnen het bouwvlak nog geen bedrijfswoning aanwezig is; 2. er geen sprake is van de functieaanduiding 'opslag'; 3. de noodzaak voor een bedrijfswoning is aangetoond. Hierbij moet worden voldaan aan de criteria zoals opgenomen in Bijlage 6; 4. het toevoegen van nieuwe woning past in de woonvisie en in de nieuwbouwruimte die beschikbaar is; 5. de bedrijfswoning en bijbehorende bouwwerken voldoen aan de bouwregels genoemd in 7.2.2; 6. de geluidbelasting van geluidsgevoelige gebouwen niet hoger is dan de daarvoor genoemde voorkeursgrenswaarde volgens de Wet geluidhinder, of waar nodig aan de voorafgaand aan de ontheffing vastgestelde hogere grenswaarde.

7.4

Gebruiksregels

7.4.1

Toegestaan gebruik Tot een toegestaan gebruik van de gronden en bouwwerken met deze bestemming wordt gerekend: a. het gebruiken van de bedrijfswoning, bijbehorende bouwwerken en overkappingen voor een vrij beroep of overige aan-huis-verbonden beroep of bedrijf zoals genoemd in 7.1 onder j, mits voldaan wordt aan de voorwaarden uit de beleidsnota aan-huis-verbonden beroepen en bedrijven zoals opgenomen in de bij deze regels behorende Bijlage 13;

7.4.2

Strijdig gebruik Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken met deze bestemming wordt gerekend: a. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van bedrijven, anders dan die zijn genoemd in 7.1; b. het uitoefenen van detailhandel, met uitzondering van het gestelde in artikel 7.1 onder k; c. het gebruiken van vrijstaande bijbehorende bouwwerken bij de bedrijfswoning voor bewoning;

7.5

Afwijken van de gebruiksregels

7.5.1

Andere bedrijvigheid Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 48.2, een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in 7.1 onder a voor het gebruiken van gronden en bouwwerken ten behoeve van bedrijven die niet zijn genoemd in Bijlage 3 of Bijlage 5 waarmee; a. bedrijven worden toegestaan die in Bijlage 3 zijn genoemd en één categorie hoger zijn dan ter plaatse is toegestaan, als en zover het betrokken bedrijf qua milieueffecten gelijk te stellen is met de milieueffecten van de ter plaatse toegestane bedrijven b. bedrijven worden toegestaan die niet in Bijlage 3 zijn genoemd, maar die wat betreft aard en effecten op het leefmilieu vergelijkbaar zijn met genoemde bedrijven.

48

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

7.6

Wijzigingsbevoegdheid

7.6.1

Wijzigen situering bouwvlak Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 49.2, de bestemming 'Bedrijf' wijzigen in die zin dat een bouwvlak bij gelijkblijvende oppervlakte, qua situering wordt gewijzigd, mits: a. er een bedrijfstechnische noodzaak is om ten behoeve van de bouw van bedrijfsgebouwen of opslag de situering van het bouwvlak te wijzigen; b. met een erfinrichtingsplan wordt aangetoond dat de ontwikkeling op een zorgvuldige wijze landschappelijk wordt ingepast.

7.6.2

Wijzigen ten behoeve van functieverandering Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 49.2, de bestemming wijzigen in 'Gemengd' of 'Wonen' onder voorwaarden dat: a. na toepassing van deze wijzigingsbevoegdheid respectievelijk de regels uit Artikel 17 en Artikel 29 van overeenkomstige toepassing zijn; b. aangrenzende (agrarische) bedrijven niet in ontwikkelingsmogelijkheden worden beperkt; c. de functie ondergebracht wordt in de bestaande gebouwen; d. gestreefd wordt om niet meer in gebruik zijnde opstallen te saneren; e. voor het wijzigen naar Wonen de bedrijfsfunctie ter plaatse is beëindigd; f. ten hoogste 1 bestaande bedrijfswoning omgezet wordt in 1 reguliere woning; g. voor het wijzigen naar Gemengd de bedrijfsmatige activiteiten uitsluitend zijn toegestaan in combinatie met een woonfunctie en beperkt blijven tot bedrijvigheid in milieucategorie 1 en 2 conform de VNG handreiking Bedrijven en Milieuzonering. h. bij het wijzingen naar Gemengd het bebouwingspercentage zoveel mogelijk wordt afgestemd op de bestaande bebouwing.

49

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

Artikel 8

Bedrijf - Afvalstoffenterrein

Vervallen.

50

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

Artikel 9

9.1

Bedrijf - Gaslocatie

Bestemmingsomschrijving De voor 'Bedrijf - Gaslocatie' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. terreinen ten behoeve van gastransport; b. de aanleg en instandhouding van afsluitervoorzieningen ten behoeve van aardgastransportleidingen; c. uitsluitend de opsporing van delfstoffen en het meten en inspecteren van observatieputten met bijbehorende bouwwerken en andere werken; d. ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - observatielocatie' uitsluitend de opsporing van delfstoffen en het meten en inspecteren van observatieputten met bijbehorende bouwwerken en andere werken.

met daaraan ondergeschikt e. groenvoorzieningen; f. voorzieningen ten behoeve van het vasthouden, bergen, aan- en afvoeren van water; g. bijbehorende verhardingen en additionele voorzieningen: 9.2

Bouwregels Ter plaatse zijn alleen bestaande gebouwen toegestaan.

9.3

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van terreinafscheidingen bedraaagt ten hoogste 3,5 m; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouw zijnde, niet zijnde een reclamemast bedraagt niet meer dan 10 m.

9.4

Wijzigingsbevoegdheid

9.4.1

Wijzigen naar Agrarisch - Cultuurgrond Het bevoegd gezag kan met inachtneming van 49.2 het plan wijzigen in die zin dat de bestemming Bedrijf - Gaslocatie wordt gewijzigd in de bestemming Agrarisch - Cultuurgrond, mits; a. na toepassing van de wijzigingsbevoegdheid de regels van Artikel 4 van overeenkomstige toepassing zijn; b. de gaswinning is beëindigd en de gronden aan de exploitatie zullen worden onttrokken.

51

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

Artikel 10 10.1

Bedrijf - Nutsvoorziening

Bestemmingsomschrijving De voor 'Bedrijf - Nutsvoorziening' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. nutsvoorzieningen, niet zijnde een geluidzoneringsplichtige inrichtingen of risicovolle inrichtingen; b. ter plaatse van de aanduiding 'luchtverkeer' uitsluitend voor de aanleg en instandhouding van (navigatie)voorzieningen ten dienste van het luchtverkeer;

met daaraan ondergeschikt: c. groenvoorzieningen; d. voorzieningen ten behoeve van het vasthouden, bergen, aan- en afvoeren van water; e. bijbehorende verhardingen en additionele voorzieningen:

10.2

Bouwregels Bouwwerken ten dienste van deze bestemming worden gebouwd met inachtneming van de volgende bepalingen, waarbij de bestaand is toegestaan.

10.2.1 Bouwwerken algemeen Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: a. gebouwen en overkappingen zijn uitsluitend binnen een bouwvlak toegestaan; b. de bouwhoogte van een gebouwen en overkappingen bedraagt ten hoogste 5 meter.

10.2.2 Bouwwerken geen gebouwen zijnde Voor bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde gelden de volgende regels: a. andere bouwwerken ten behoeve van de opwekking van windenergie en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwwerken zijn niet toegestaan; b. de maatvoering van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, voldoet voorts aan de eisen die in het volgende bouwschema zijn gesteld:

10.3

type bouwwerk

maximale bouwhoogte in meters

terreinafscheiding

3

overige bouwwerken

5

Afwijken van de bouwregels

10.3.1 Bouwen buiten bouwvlak Het bevoegd gezag kan, met inachtneming van 48.2, een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van: a. het bepaalde onder 10.2.1 sub a en toestaan dat buiten het bouwvlak wordt gebouwd tot ten hoogste 30 m2; b. de hoogte van de gebouwen buiten het bouwvlak tot ten hoogste dan 4 m; c. op het bepaalde in sub a en b zijn de volgende voorwaarde van toepassing: 1. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de milieusituatie, de woonsituatie en de gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van de aangrenzende gronden.

52

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

10.4

Gebruiksregels

10.4.1 Strijdig gebruik Tot een strijdig gebruik van de gronden en bouwwerken met deze bestemming wordt gerekend: a. de opslag van aan hun gebruik onttrokken voer- of vaartuigen, werktuigen of machines of onderdelen daarvan, verpakkingsmaterialen, bouwmaterialen, bagger en grondspecie, afval, puin, grind of brandstoffen, anders dan in verband met normaal onderhoud of ter verwezenlijking van de bestemming.

53

Buitengebied, Midden-Groningen (vastgesteld)

Artikel 11 11.1

Bedrijf - Rioolwaterzuivering

Bestemmingsomschrijving De voor 'Bedrijf - Rioolwaterzuivering' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. gebouwen en overkappingen ten behoeve van een rioolwaterzuiveringsinstallatie, niet zijnde een risicovolle inrichting en/of een vuurwerkbedrijf; met daaraan ondergeschikt: a. groenvoorzieningen; b. bijbehorende verhardingen en additionele voorzieningen.

11.2

Bouwregels Bouwwerken ten dienste van deze bestemming worden gebouwd met inachtneming van de volgende bepalingen, waarbij bestaand is toegestaan.

11.2.1 Bouwwerken algemeen Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: a. de gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen en overkappingen bedraagt ten hoogste 30% van de oppervlakte van het bouwvlak; b. de bouwhoogte van een gebouw of overkapping bedraagt ten hoogste 10 m. 11.2.2 Bouwwerken geen gebouwen zijnde a. het bouwen van reclamemasten en overige bouwwerken ten behoeve van de opwekking van windenergie zijn niet toegestaan; b. de maatvoering van bouwwerken geen gebouwen zijnde, voldoet voorts aan de eisen die in het volgende bouwschema zijn gesteld:

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12803929/1