03. Ruimtelijke onderbouwing incl Bijlagen Zandwerf 2 Hellum
Tekst van het document
Dit besluit schrijft voor hoe overheden dienen om te gaan met risico’s als gevolg van transportassen zoals wegen en spoorwegen. Het basisnet bevat een netwerk van alle relevante routes van gevaarlijke stoffen, zowel via het spoor als
1 JULI 2022
21
Ruimtelijke onderbouwing Zandwerf 2 in Hellum
over de weg en het water. In het basisnet worden de maximale toelaatbare risico’s langs die gevaarlijke routes in zones en tabellen vastgelegd. Het besluitgebied is op de Atlas leefomgeving (www.risicokaart.nl) niet aangewezen als gelegen in (de nabijheid van) een risicogebied van een bedrijf met betrekking tot de externe veiligheid. Figuur 4.1 geeft een uitsnede van de Atlas leefomgeving weer. Op een afstand van circa 1.770 meter ten oosten van het besluitgebied ligt het dichtstbijzijnde risico. Dit betreft een buisleiding langs de N33. De locatie van initiatiefnemer is op voldoende afstand van deze risicolocatie gelegen. Met het voorgenomen initiatief worden er geen kwetsbare objecten binnen de risicocontour gerealiseerd.
Figuur 4.1 Risicokaart externe veiligheid (bron: www.risicokaart.nl)
Het transport van gevaarlijke stoffen moet primair via het hoofdwegennet plaatsvinden. Woonkernen moeten hierbij vermeden worden. Doorgaande wegen in de nabijheid van het besluitgebied, waarover dergelijke transporten zullen plaatsvinden, zijn de provinciale wegen N33 en N387. Aangezien er geen sprake is van een toename van de personendichtheid, is er geen sprake van een stijging van het groepsrisico. Spoortracés in de omgeving, welke gebruikt worden voor het vervoer van gevaarlijke stoffen, evenals ondergrondse buisleidingen zijn op een zodanige afstand gelegen dat beïnvloeding normaliter niet plaats zal vinden. Het aspect externe veiligheid vormt dan ook geen belemmering voor de uitbreiding van het bedrijf aan de Zandwerf 2 in Hellum.
1 JULI 2022
22
Ruimtelijke onderbouwing Zandwerf 2 in Hellum
ECOLOGIE Per 1 januari 2017 is de Wet natuurbescherming (Wnb) in werking getreden. De ruimtelijke ontwikkelingen zijn getoetst aan deze wetgeving. De Wet natuurbescherming is gericht op: het beschermen en ontwikkelen van de natuur, mede vanwege de intrinsieke waarde en het behouden en herstellen van de biologische diversiteit; het doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de natuur ter vervulling van maatschappelijke functies; het verzekeren van een samenhangend beleid gericht op het behoud en beheer van waardevolle landschappen, vanwege hun bijdrage aan de biologische diversiteit en hun cultuurhistorische betekenis, mede ter vervulling van maatschappelijke functies. De bevoegdheid voor het verlenen van ontheffingen en vrijstellingen bij soortenbescherming ligt grotendeels bij de provincies. De provincie is bevoegd gezag voor de toetsing van handelingen met mogelijke gevolgen voor beschermde dier- en plantensoorten (de soortenbeschermingsbepalingen) én voor Natura 2000-gebieden (de gebiedenbeschermingsbepalingen). Alleen bij ruimtelijke ingrepen waarmee grote nationale belangen zijn gemoeid, blijft het Rijk bevoegd gezag. Het eerste artikel in de Wet natuurbescherming heeft betrekking op de zorgplicht en heeft betrekking op het voorkomen of beperken van schade aan soorten en gebieden, voor zover deze niet middels overige verbodsbepalingen zijn gereguleerd.
Het gaat daarbij in de praktijk vooral om minder streng beschermde soorten, waarbij het onnodig doden, verwonden of beschadigen dient te worden vermeden. 4.9.1
Gebiedsbescherming Indien een besluitgebied in of nabij een beschermd gebied is gelegen, dan dient te worden bepaald of er een (extern) effect valt te verwachten. Het gaat daarbij om natuurgebieden, behorend tot het Natuurnetwerk Nederland, Natura 2000-gebieden en de voor verzuring gevoelige gebieden in het kader van de Wet ammoniak en veehouderij.
NATIONAAL NATUUR NETWERK De Ecologische Hoofdstructuur (EHS) is in 1990 in het leven geroepen om de achteruitgang van de natuur in Nederland een halt toe te roepen. De EHS wordt gedefinieerd als ‘het samenhangend netwerk van in (inter)nationaal opzicht belangrijke, duurzaam te behouden ecosystemen’. Uit deze definitie wordt duidelijk welk doel de EHS moet dienen, namelijk: het duurzaam behouden van ecosystemen die in nationaal of zelfs internationaal opzicht belangrijk zijn. Het middel om dat doel te bereiken is het tot stand brengen van een samenhangend netwerk van natuurgebieden met daartussen ecologische verbindingen. In juni 2013 kondigde staatssecretaris Dijksma aan dat de overheid de naam Nationaal Natuur Netwerk gaat gebruiken in plaats van Ecologische Hoofdstructuur. In de Geconsolideerde Omgevingsverordening juni 2022 van de provincie Groningen is het NNN begrensd. In Groningen is sprake van in totaal ongeveer 20.000 hectare aan natuurnetwerk. Tot en met 2027 gaat de provincie nog ongeveer 1.550 hectare verwerven en ruim 3.000 hectare inrichten en beheren als natuur. NNN-gebieden worden beschermd wanneer zij tevens zijn aangewezen op grond van natuurbeschermende regelgeving of wanneer in het gebied een activiteit wordt opgericht
1 JULI 2022
23
Ruimtelijke onderbouwing Zandwerf 2 in Hellum
of uitgebreid. Ten aanzien van nieuwe ontwikkelingen geldt binnen het NNN het ‘nee, tenzij’-principe. Ook wanneer een activiteit of ontwikkeling plaatsvindt buiten het netwerk kan dit aantasting geven van de ecologische waarden binnen het NNN. Dit is in ieder geval aan de orde als een ontwikkeling een negatief effect heeft op de waarden van het NNN vanwege geluid, licht of betreding. Deze opsomming is niet uitputtend bedoeld, ook schaduwwerking, windturbulentie of het oprichten van een afscheiding langs een natuurgebied – waardoor migratie niet langer mogelijk is – kan negatieve effecten hebben op de aanwezige waarden. Zoals blijkt uit figuur 4.2 vindt onderhavige ontwikkeling plaats op voldoende afstand van deze gebieden en zones, waardoor er geen versnippering ontstaat van het samenhangende netwerk en de ecologische functie niet wordt aangetast. In de omgeving van het bedrijf zijn wel enkele natuurgebieden gelegen, die niet behoren tot het NNN.
Figuur 4.2 Fragment kaart 6: Natuur (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)
Gezien de afstand tot de aanwezige natuurgebieden zullen de effecten van het bedrijf – waaronder geluid, licht, geur en fijn stof – geen schade toebrengen aan deze gebieden. Het aantal dieren neemt niet toe, waardoor er geen sprake is van een toename van de ammoniakemissie. Dit komt in het vervolg van deze paragraaf nader aan de orde. Het besluitgebied ligt ook niet in het leefgebied voor
1 JULI 2022
24
Ruimtelijke onderbouwing Zandwerf 2 in Hellum
akkervogels. Geconcludeerd kan worden dat de ecologische functie van de omliggende natuurgebieden niet wordt aangetast.
WAV-GEBIEDEN Kwetsbare gebieden zijn gebieden welke, in het kader van de Wet ammoniak en veehouderij (Wav), zijn aangewezen als voor verzuring gevoelig. Met de Wav wordt een aanvullend zoneringsbeleid gevoerd, ter bescherming van voor verzuring gevoelige natuur. Deze wet geldt sinds 8 mei 2002 en is op 1 mei 2007 aangepast. De wet schrijft voor dat binnen zeer kwetsbare gebieden en in een zone van 250 meter daaromheen, in aanvulling op de generieke eisen, de volgende maatregelen gelden: vestiging van nieuwe intensieve veehouderijen is niet mogelijk; bestaande veehouderijen hebben beperkte uitbreidingsmogelijkheden, namelijk tot een voor deze veehouderijen vastgelegd emissieplafond. Zeer kwetsbare gebieden worden aangewezen bij besluit van Provinciale Staten. Bij dit besluit hoort een kaart waarop de begrenzing van de gebieden nauwkeurig wordt aangegeven. Bij de aanwijzing dient rekening te worden gehouden met een aantal aspecten, zoals de natuurwaarden, de grootte van het gebied en de gevolgen van de aanwijzing voor bestaande veehouderijen. Binnen de provincie Groningen zijn verschillende Wav-gebieden aangewezen. In onderstaande figuur 4.3 is de ligging van de Wav-gebieden ten opzichte van de locatie inzichtelijk gemaakt. De locatie aan de Zandwerf 2 is niet gelegen binnen (de 250-meter zone van) een Wav-gebied.
De wijziging van de bedrijfssituatie behoeft dan ook niet aan de Wet ammoniak en veehouderij getoetst te worden.
Figuur 4.3 Fragment kaart 3: Veiligheid en milieu (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)
1 JULI 2022
25
Ruimtelijke onderbouwing Zandwerf 2 in Hellum
NATURA 2000-GEBIEDEN Natura 2000 is een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden op het grondgebied van de lidstaten van de Europese Unie. Dit netwerk vormt de hoeksteen van het beleid van de EU voor behoud en herstel van biodiversiteit. De staatssecretaris van Economische Zaken heeft voor Nederland ruim 160 Natura 2000-gebieden aangewezen. Gezamenlijk hebben ze een oppervlakte van meer dan 1,1 miljoen hectare. Ze maken deel uit van een samenhangend netwerk van natuurgebieden in de Europese Unie die zijn aangewezen op grond van de Vogel- en Habitatrichtlijn. Binnen een gebied kan spanning optreden tussen economie en ecologie. In een zogenaamd beheerplan leggen Rijk en provincies vast welke activiteiten, op welke wijze mogelijk zijn. Uitgangspunt is steeds het realiseren van ecologische doelen met respect voor en in een zorgvuldige balans met wat particulieren en ondernemers willen. Het opstellen gebeurt daarom in overleg met alle direct betrokkenen, zoals beheerders, gebruikers, omwonenden, gemeenten, natuurorganisaties en waterschappen. Samen geven ze invulling aan beleven, gebruiken en beschermen.
Het is krachtens de Wet natuurbescherming verboden zonder vergunning van Gedeputeerde Staten een project te realiseren dat niet direct verband houdt met of nodig is voor het beheer van een Natura 2000-gebied, maar afzonderlijk of in combinatie met andere plannen of projecten significante gevolgen kan hebben voor een Natura 2000-gebied (artikel 2.7, lid 2). Handelingen die een negatieve invloed hebben op Natura 2000-gebieden worden slechts onder strikte voorwaarden toegestaan. Ten noordoosten van het bedrijf, op circa 11.730 meter afstand, is Natura 2000-gebied ‘Waddenzee’ gelegen. Dit gebied is aangewezen als habitat- en vogelrichtlijngebied (HR + VR). De Waddenzee bestaat uit een complex van diepe geulen en ondiep water met zand- en slibbanken waarvan grote delen bij eb droogvallen. Deze banken worden doorsneden door een fijn vertakt stelsel van geulen. Langs het vasteland en de eilanden liggen verspreid kweldergebieden, die door grote verschillen in vocht- en zoutgehalte bijdragen aan een zeer diverse flora en vegetatie. Enkele voorbeelden hiervan zijn de Boschplaat op Terschelling en Neerlands Reid op Ameland, waar op de overgang naar het duingebied bijzondere kweldervegetaties aanwezig zijn.
Er is een nagenoeg ongestoorde hydrodynamiek en geomorfologie aanwezig, waarin natuurlijke processen zorgen voor instandhouding en ontwikkeling van karakteristieke ecotopen en habitats en de grenzen van land en water voortdurend wijzigen. Het gebied is in 2007 in het estuarium van de Eems-Dollard met 4.153 hectare uitgebreid. Er is voor het bedrijf geen Wnb-vergunning verleend. Dat betekent dat voor de beoordeling van effecten op natuur moet worden gekeken naar de milieu-vergunde situatie op 10 juni 1994 en alle opvolgende vergunningen voor het bedrijf. Daarbij is de laagst-vergunde situatie de referentie waarmee de beoogde situatie moet worden vergeleken. De referentie-situatie is dus de vergunde situatie op 19 september 2018. De beoogde situatie is daaraan gelijk omdat het stalsysteem, het aantal te houden dieren of de stalventilatie gelijk is aan de vergunde situatie in 2018. Er zijn dan ook geen significant negatieve effecten op natuur. 4.9.2
Soortenbescherming De Wet natuurbescherming onderscheidt beschermingsregimes voor soorten op grond van internationale verdragen, aangevuld met soorten die vanuit een nationaal oogpunt beschermd worden. Hierdoor zijn er in de Wet natuurbescherming drie verschillende verbodsartikelen per categorie soorten:
1 JULI 2022
26
Ruimtelijke onderbouwing Zandwerf 2 in Hellum
soorten van de Vogelrichtlijn (artikel 3.1); soorten van de Habitatrichtlijn en de verdragen van Bern en Bonn (artikel 3.5); andere soorten (artikel 3.10). Voor alle activiteiten met een mogelijk effect op beschermde dier- en plantensoorten is toetsing aan deze wet noodzakelijk. Beschermde soorten kunnen overal voorkomen. Bij de totstandkoming van een nieuw ruimtelijk plan, moet worden voorkomen dat conflicten met de soortenbescherming ontstaan en dient dus vooraf een beoordeling in het kader van de Wet natuurbescherming plaats te vinden. Om de hiervoor genoemde reden is voor onderhavig plan een Natuurtoets en voortoets uitgevoerd door Fopma NatuurAdvies (datum 13 juni 2022, rapport 2022-564, versie 1.0). Dit onderzoek is als bijlage opgenomen bij deze toelichting. Uit het onderzoek komen de volgende bevindingen naar voren. Vogels Er zijn geen effecten op soorten met jaarrond beschermde nesten en op soorten met jaarrond beschermd functioneel leefgebied te verwachten. Effecten op jaarrond beschermde soorten (Cat. 1 t/m 5) zijn uitgesloten. De aanleg van de uitloopruimte wordt op het grasland en akker naast de bestaande stal (A) gecreëerd. De kans op verstoring van broedende vogels kan derhalve op voorhand worden uitgesloten, omdat de pluimveestal vogelwerend is gemaakt met het doel om interactie tussen pluimvee en wilde vogels te voorkomen.
Periode werkzaamheden (voorzorgsbeginsel) Omdat geen ontheffingen worden verleend voor het verstoren van vogels en/of het vernielen van nesten wordt geadviseerd om het bouwrijp maken voor het broedseizoen (globale richtlijn2 15 maart - 15 juli) uit te voeren of te beginnen na 15 juli. Op deze wijze zijn effecten op vogels met zekerheid uitgesloten. Vleermuizen Er zijn geen verblijfplaatsen in het plangebied. Door de ingreep verandert er niets in de omgeving, zodat er ook geen vliegroutes of foerageergebieden verloren gaan. Effecten op vleermuizen zijn uitgesloten. Overige grondgebonden zoogdieren Er zijn geen waarnemingen van grondgebonden zoogdieren. Er is ook geen geschikt habitat aanwezig voor strikt beschermde soorten. Effecten op zoogdieren zijn uitgesloten. Reptielen, amfibieën en vissen Er zijn geen reptielen, amfibieën en vissen waargenomen in de directe nabijheid van het plangebied en het habitat is er ook niet optimaal voor. Effecten kunnen op voorhand worden uitgesloten. Vlinders, libellen en juffers Effecten op beschermde dagvlinders, libellen en juffers zijn vanwege het ontbreken van geschikt habitat in het gebied uitgesloten.
1 JULI 2022
27
Ruimtelijke onderbouwing Zandwerf 2 in Hellum
Vaatplanten In het gebied is geen geschikt habitat aanwezig voor beschermde soorten. Effecten op beschermde soorten kunnen op voorhand worden uitgesloten. Overige diersoorten In het gebied zijn geen andere beschermde diersoorten aangetroffen. De Wet natuurbescherming vormt geen belemmering voor de voorgenomen ingreep, mits de in de QuickScan genoemde voorwaarden in acht worden genomen. Bij de aanplant van de nieuwe beplanting wordt bovendien gebruik gemaakt van voor bijen en vogels gunstige soorten. ARCHEOLOGIE EN CULTUURHISTORIE Uitgangspunt voor het bestemmingsplan met betrekking tot archeologie is het veiligstellen van de aanwezige (en aangetoonde) en de te verwachten archeologische waarden. Conform het Verdrag van Malta dient gestreefd te worden naar het behoud van archeologische resten in de archeologische verwachtingszones. Waar dit niet mogelijk is, dient het bodemarchief met zorg ontsloten te worden. Sinds 2007 kent Nederland de Wet op de archeologische monumentenzorg (Wamz, gewijzigde Monumentenwet 1988). Op basis van deze wet zijn gemeenten verplicht een archeologisch beleid te voeren. Daarbij hoort ook dat de archeologische waarden en verwachtingen binnen de gemeente inzichtelijk gemaakt moeten worden. Verder stelt de Wamz 2007 dat gemeenten archeologieparagrafen moeten opnemen in ruimtelijke plannen.
Het doel hiervan is om het ‘bodemarchief’ zoveel mogelijk te beschermen. De archeologische resten in de bodem vormen een belangrijke bron van informatie over het verleden. In het bijzonder voor die perioden of aspecten van het verleden waarvan geen of weinig schriftelijke bronnen bewaard zijn gebleven of waarover niet of nauwelijks is geschreven. De Monumentenwet 1988 is op 1 juli 2016 overgegaan in de Erfgoedwet. De Erfgoedwet bundelt bestaande wet- en regelgeving voor behoud en beheer van het cultureel erfgoed in Nederland. Bovendien zijn aan de Erfgoedwet een aantal nieuwe bepalingen toegevoegd. Het beschermingsniveau, zoals die in de oude wetten en regelingen gold, blijft gehandhaafd. Onderdelen van de Monumentenwet die de fysieke leefomgeving betreffen, worden overgeheveld naar de Omgevingswet, waarvan 1 januari 2023 de beoogde datum is dat deze wet in werking treedt. Voor deze onderdelen is een overgangsregeling in de Erfgoedwet opgenomen voor de periode 20162023. Het betreft dan: vergunningen tot wijziging, sloop of verwijdering van rijksmonumenten; verordeningen, bestemmingsplannen, vergunningen en ontheffingen op gebied van archeologie; bescherming van stads- en dorpsgezichten. De archeologische waarden zijn in beeld gebracht op de AMK (Archeologische monumentenkaart in de provincie Groningen, Rijksdienst voor het Oudheidkundig Bodemonderzoek, 2001).
Binnen het besluitgebied komen blijkens de Archeologische Monumentenkaart geen archeologische monumenten of anderszins terreinen met een (hoge) archeologische waarde voor. De gemeenteraad van de gemeente Midden-Groningen heeft in 2021 de gemeentelijke archeologische verwachtingskaart met bijbehorend beleid herzien en vastgesteld. De
1 JULI 2022
28
Ruimtelijke onderbouwing Zandwerf 2 in Hellum
archeologische verwachtingskaart maakt voor het grondgebied van de gemeente Midden-Groningen duidelijk waar zich (mogelijke) archeologische resten kunnen bevinden. De kaart is hiervoor opgedeeld in zones met een hoge en een lage archeologische verwachting. Ter plaatse van onderhavig bedrijf is volgens de archeologische verwachtingskaart grotendeels sprake van een lage archeologische verwachting (zie figuur 4.4). In het vigerende bestemmingsplan is geen dubbelbestemming opgenomen die beoogd de (verwachte) archeologische waarden te beschermen. Door de huidige inrichting van het terrein heeft bovendien reeds roering van de ondergrond plaatsgevonden. Derhalve zijn naar verwachting geen waarden meer in de ondergrond aanwezig en wordt archeologisch onderzoek niet noodzakelijk geacht. Het aspect archeologie vormt dan ook geen belemmering voor de uitvoerbaarheid van de voorgenomen ontwikkelingen. Mochten tijdens de bodemingrepen toch archeologische resten worden aangetroffen, dan geldt een meldingsplicht.
Figuur 4.4 Fragment archeologische verwachtingskaart gemeente Midden-Groningen (bron: www.midden-groningen.nl)
Per 1 januari 2012 is de Modernisering Monumentenwet doorgevoerd via een wijziging van artikel 3.6 lid 2 van het Besluit ruimtelijke ordening. In de toelichting van een bestemmingsplan of een ruimtelijke onderbouwing moet voortaan het volgende worden opgenomen: een beschrijving van de wijze waarop met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening is gehouden. Hierdoor dienen cultuurhistorische waarden dus uitdrukkelijk te worden meegewogen bij het vaststellen van ruimtelijke plannen. In het besluitgebied zijn geen cultuurhistorisch waardevolle elementen aanwezig. Dit aspect heeft dan ook geen consequenties voor het besluitgebied. Met het vigerende bestemmingsplan is aan het besluitgebied geen dubbelbestemming toegekend waarmee wordt beoogd cultuurhistorische waarden te beschermen. Uit kaart 7 bij de Omgevingsverordening Groningen blijkt dat het
1 JULI 2022
29
Ruimtelijke onderbouwing Zandwerf 2 in Hellum
besluitgebied ligt in een gebied dat is aangeduid als grootschalig open landschap. Dit heeft tot gevolg dat een ruimtelijk plan regels bevat die gericht zijn op de bescherming van de landschappelijke openheid. Het is in ieder geval verboden om hout te telen of een nieuw bos of een boomgaard aan te leggen. Het initiatief omvat dergelijken plannen niet. De overdekte uitloop wordt aansluitend aan de bestaande bebouwing gerealiseerd en de landschappelijke inpassing vindt ook plaats in de nabijheid van het initiatief en de bestaande bebouwing. De landschappelijke openheid blijft behouden. Ook wordt hiermee aangesloten bij de bestaande karakteristiek van het landschap. Ten aanzien van het aspect cultuurhistorie zijn er geen belemmeringen voor de gewenste uitbreiding.
1 JULI 2022
30
Ruimtelijke onderbouwing Zandwerf 2 in Hellum
WATERPARAGRAAF Het waterbeleid van Rijk en provincie is gericht op een veilig en goed bewoonbaar land met gezonde, duurzame watersystemen. Om de problemen van wateroverlast en verdroging het hoofd te bieden is een ingrijpende herinrichting van het watersysteem nodig. De Commissie Waterbeheer voor de 21e eeuw pleit voor de toepassing van een drietrapsstrategie voor het waterbeheer: eerst vasthouden van het regenwater in het gebied waar het valt; vervolgens het bergen van wateroverschotten in speciaal daarvoor aangelegde voorzieningen of aangewezen gebieden; pas dan het water afvoeren via waterlopen en gemalen. Sinds 1 november 2003 is voor alle ruimtelijke plannen de watertoets verplicht. De watertoets moet ervoor zorgen dat bij ruimtelijke plannen rekening wordt gehouden met ruimte voor water en watervoorzieningen. Dit verkleint de kans op problemen zoals overstroming door onvoldoende veilige dijken, wateroverlast door onvoldoende bergingsmogelijkheden voor hemelwater of een slechte waterkwaliteit. Het resultaat is een ruimtelijk plan dat waterbestendig is. Maar het gaat niet alleen om het voorkomen van problemen. Ruimte voor water kan ook de ruimtelijke kwaliteit en de leefomgeving van mens en dier verbeteren. Onderhavig bedrijf is gelegen binnen het beheersgebied van het Waterschap Hunze en Aa’s (hierna: het waterschap).
Het waterschap is geïnformeerd over het plan door gebruik te maken van de digitale watertoets (zie bijlage). De beantwoording van de vragen heeft ertoe geleid dat de ‘korte procedure’ gevolgd moet worden. Dit houdt in dat het waterschap in principe geen reactie zal geven op het plan in de verdere planprocedure. In uitzonderlijke gevallen kan uit een controle blijken dat er toch sprake is van een waterbelang. Het waterschap kan dan een aanvullende reactie geven op het plan. 4.11.1
Waterrelevant beleid
DELTAPROGRAMMA RIJKSOVERHEID De overheid wil Nederland nu en in de toekomst beschermen tegen hoogwater en zorgen voor voldoende zoetwater. Ook wil de overheid ons land zo inrichten dat het klimaatbestendig en waterrobuust wordt. Het doel van het “Deltaprogramma” is dat de waterveiligheid, de zoetwatervoorziening en de ruimtelijke inrichting in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust zijn, zodat ons land de grotere extremen van het klimaat veerkrachtig kan blijven opvangen. Het kabinet heeft besloten alle maatregelen en projecten van het “Deltaprogramma” te bundelen in zogenaamde ‘deltaplannen’: het “Deltaplan Waterveiligheid”, het “Deltaplan Zoetwater” en (sinds 2018) het “Deltaplan Ruimtelijke adaptatie”. De maatregelen kunnen aanpassingen van het fysieke systeem betreffen, zoals dijkversterkingen of pompen, maar ook ruimtelijke reserveringen voor toekomstige maatregelen of instrumenten om gewenst gedrag te stimuleren. Ook regionale maatregelen kunnen een plaats krijgen in de deltaplannen. Het “Deltaplan Ruimtelijke adaptatie” omvat de maatregelen om Nederland klimaatbestendig en waterrobuust in te richten. In het plan staat hoe gemeenten, waterschappen, provincies en het Rijk het proces van ruimtelijke adaptatie willen versnellen en intensiveren. Daarvoor zijn in dit deltaplan zeven ambities opgenomen.
Het deltaplan geeft aan welke doelen de partijen nastreven, hoe ze daaraan gaan werken en hoe ze de resultaten in beeld brengen. Bij het “Deltaplan Ruimtelijke adaptatie” hoort een actieplan met concrete acties en maatregelen.
1 JULI 2022
31
Ruimtelijke onderbouwing Zandwerf 2 in Hellum
WATERBEHEERPPROGRAMMA 2022-2027 Waterschap Hunze en Aa’s staat voor veilig, voldoende en schoon water. In het Waterbeheerprogramma heeft het waterschap de hoofdlijnen voor het beleid vastgelegd. Aangegeven is met welke ambities het waterschap de ontwikkelingen en opgaven op het gebied van veiligheid, voldoende water en schoon en ecologisch gezond water in hoofdlijnen willen oppakken. Ook is in het waterbeheerprogramma aangegeven hoe externe regelgeving en beleid doorwerken in het beleid en beheer van het waterschap. Het beleid van het Waterschap Hunze en Aa’s staat op hoofdlijnen beschreven in het “Waterbeheerprogramma 2022-2027”. Belangrijk uitgangspunt van het “Waterbeheerprogramma 2022-2027” is dat de veiligheid voor de mens altijd voorop staat. Er mogen geen levensbedreigende situaties plaatsvinden. Voor dieren probeert het waterschap dat zoveel mogelijk te voorkomen. Daarnaast probeert het waterschap materiele schade zoveel mogelijk te voorkomen. Daarnaast is het de taak van het waterschap om te zorgen voor schoon en gezond water in sloten, beken, meren en kanalen. Dit is een ambitie van het waterschap zelf maar dit vloeit ook voort uit Europese regelgeving. Verder is het handelen van het waterschap gericht op duurzaam denken en handelen. Dat betekent dat het beheer goed moet zijn voor nu, maar ook voor later. De keuzes die het waterschap maakt zijn bovenal functioneel.
Maar het waterschap heeft daarbij ook oog voor de omgeving. Het watersysteem is breed inzetbaar. Het waterschap zoekt actief de samenwerking met verschillende partijen. Daarmee wil het waterschap bereiken dat partijen elkaar inspireren en de kosten zo laag mogelijk blijven. Door middel van vergunningverlening, toezicht en handhaving beoogt het waterschap te voorkomen dat activiteiten van derden een negatief effect kunnen hebben op de kwaliteit en het functioneren van het watersysteem. Uit de watertoets blijkt in dit geval dat het waterschap geen advies uit zal brengen over het plan. Watercompensatie is ook niet nodig gelet op de geringe toename van het verharde oppervlak. Het “Waterbeheerprogramma 2022-2027” vormt geen belemmering voor het initiatief.
KEUR WATERSCHAP Voor waterhuishoudkundige ingrepen binnen het besluitgebied is de Keur van het Waterschap Hunze en Aa’s van toepassing. De Keur is een waterschapsverordening die gebods- en verbodsbepalingen bevat met betrekking tot ingrepen die consequenties hebben voor de waterhuishouding en het waterbeheer. Op grond van de Keur is het onder andere verboden om, zonder een ontheffing van het waterschap, handelingen te verrichten waardoor het onderhoud, aanvoer, afvoer en/of berging van water kan worden belemmerd. Het initiatief heeft hier geen invloed op. De Keur van het waterschap vormt dan ook geen belemmering voor het initiatief. 4.11.2
Watertoets De digitale watertoets is uitgevoerd. Hieruit blijkt dat de korte procedure van toepassing is en dat het waterschap geen reactie zal geven op het plan gedurende de procedure. Het resultaat van het uitvoeren van de digitale watertoets is als bijlage bijgevoegd. Uit de digitale watertoets zijn geen belemmeringen voor het initiatief naar voren gekomen.
1 JULI 2022
32
Ruimtelijke onderbouwing Zandwerf 2 in Hellum
DIER- EN VOLKSGEZONDHEID Naar de risico’s van veehouderijen voor de gezondheid van mensen die in de omgeving van veehouderijen verblijven is recent veel onderzoek gedaan. In een uitgebreid onderzoek Veehouderij en Gezondheid Omwonenden (VGO) in plattelandsgemeenten met veel veehouderijen wordt een verhoogd aantal luchtwegklachten en gevallen van longontsteking gerapporteerd, vooral op locaties waar meerdere veehouderijen in de directe omgeving aanwezig zijn. Naar de oorzaak hiervan wordt nader onderzoek gedaan. Er wordt geen relatie gevonden met bepaalde diercategorieën, met uitzondering van geitenhouderijen. In de VGO-onderzoeken wordt aangegeven dat er sinds 2014 geen verhoogde kans op longontsteking gevonden wordt bij omwonenden van pluimveebedrijven. Naast eventuele negatieve effecten zijn er positieve effecten gevonden: wonen in de buurt van een veehouderij blijkt een beschermend effect te hebben op het ontwikkelen van atopie, vooral op heel korte afstand van een veehouderij. Dicht bij veehouderijen wonen minder mensen met COPD, een chronische ziekte aan de longen. Daar staat tegenover dat de mensen in de omgeving die wel COPD hebben, daar vaker en/of ernstigere complicaties van kunnen hebben. Het bedrijf aan de Zandwerf 2 ligt niet in een veedicht gebied. Er liggen minder dan 15 veehouderijen binnen een straal van 1 kilometer.
In de VGO-onderzoeken wordt bij deze dichtheid geen verhoogd risico gevonden. Door de grote afstand tot andere veehouderijen is er ook geen risico op onderlinge beïnvloeding wat betreft ziektedruk. De risico’s voor de gezondheid van omwonenden worden op grond van de resultaten uit de VGO-onderzoeken als zeer gering beoordeeld. De “GGD-richtlijn medische milieukunde: Veehouderij en gezondheid” beschrijft de huidige kennis over dit onderwerp. De richtlijn is door de GGD ’en ontwikkeld, zodat ze op basis van dezelfde kennis over veehouderij en gezondheid kunnen adviseren. Deze informatie kan een gemeente gebruiken om de gezondheid van omwonenden mee te wegen bij beleidskeuzes voor de ontwikkeling van veehouderijen. De coördinatie van de richtlijn ligt bij het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). De GGD heeft twee uitgangspunten bij haar adviezen. De eerste is voorzorg: wees terughoudend met het plaatsen van gevoelige bestemmingen en veehouderijen binnen 250 meter van elkaar (bij geitenhouderijen binnen 2 kilometer). Gevoelige bestemmingen zijn bijvoorbeeld woningen, scholen, en ziekenhuizen. Het tweede uitgangspunt is het streven om de uitstoot van geur, stof, endotoxinen (kleine stukjes bacteriën) en ammoniak van veehouderijen te verminderen.
Binnen een straal van 250 meter van het besluitgebied zijn gevoelige objecten aanwezig, namelijk woningen aan de Oestlaan. In het plangebied wordt geen nieuwe woning beoogd. In paragraaf 4.3 is in het kader van een goede ruimtelijke ordening reeds onderbouwd dat er ter plaatse van omliggende gevoelige objecten sprake is van een goed woon- en leefklimaat in relatie tot fijnstof (PM10 en PM2,5). De uitbreiding van onderhavig bedrijf betreft het realiseren van een overdekte uitloop aan de bestaande stal, waardoor de dieren meer ruimte krijgen. Er is geen sprake van een toename van het aantal dieren. Dit betekent dat de emissies van fijnstof, ammoniak en geur niet toenemen. De dieren hebben geen buitenuitloop, zodat contact met in het wild levende dieren wordt voorkomen. Binnen het bedrijf worden de nodige voorzorgsmaatregelen getroffen om de insleep van dierziekten
1 JULI 2022
33
Ruimtelijke onderbouwing Zandwerf 2 in Hellum
te voorkomen. Toegang tot de dierenverblijven is uitsluitend toegestaan met bedrijfskleding. Op het bedrijf is een kleedruimte met douches voor mensen die in de stallen moeten werken. Toegang tot de stallen is alleen toegestaan, nadat de hygiënesluis is doorlopen. Het gebruik van antibiotica in de veehouderij is de laatste jaren belangrijk verminderd. In de vleeskuikenhouderij is het gebruik in de periode 2009-2019 met 83% gedaald. Antibioticaresistentie heeft geen directe invloed op omwonenden, maar wel mogelijk invloed op consumenten. Doordat er op het bedrijf nagenoeg geen antibiotica zal worden gebruikt is een verdergaand positief effect te verwachten in antibioticaresistentie bij mensen. Het aspect (volks)gezondheid is betrokken in de ruimtelijke afweging van dit planvoornemen. Door de gelijkblijvende dieraantallen, managementmaatregelen en het feit dat er slechts weinig veehouderijen in de omgeving zijn gelegen, is de inschatting dat er geen effecten op de volksgezondheid zijn te verwachten. Deze inschatting is gemaakt op basis van meest recente wetenschappelijke inzichten omtrent de effecten van veehouderij op de omliggende omgeving.
1 JULI 2022
34
Ruimtelijke onderbouwing Zandwerf 2 in Hellum
UITVOERBAARHEID ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID De grond waarop de gewenste ontwikkelingen plaatsvinden, is in eigendom van initiatiefnemer. Omdat de nieuwbouw van de overdekte uitloop een particuliere ontwikkeling betreft, zijn hier voor de gemeente geen financiële consequenties aan verbonden. De ontwikkelingskosten worden geheel door de initiatiefnemer gedragen. De kosten welke verbonden zijn aan het doorlopen van de noodzakelijke procedures worden verrekend in de leges. Het is niet de verwachting dat planschade optreedt. De uitbreiding van het bedrijf aan de Zandwerf 2 in Hellum zorgt namelijk niet voor een beperking van de activiteiten uitgevoerd door (agrarische) bedrijven in de omgeving. Bovendien is het aantal omwonenden beperkt. Op basis van bovenstaande kan geconcludeerd worden dat het plan economisch uitvoerbaar is. MAATSCHAPPELIJKE UITVOERBAARHEID In het kader van artikel 3.1.1 Besluit ruimtelijke ordening (Bro) wordt deze ruimtelijke onderbouwing voor overleg toegezonden aan het betrokken waterschap en die diensten van provincie en rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. De reacties die uit het wettelijk vooroverleg binnenkomen worden als bijlage bij deze ruimtelijke onderbouwing gevoegd.
De plannen worden afgewikkeld middels een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.12, lid 1, sub a, onder 3 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), de zogenaamde ‘buitenplanse afwijking’. Op deze vergunningsaanvraag is de uitgebreide voorbereidingsprocedure (artikel 3.10 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht) van toepassing. De uitgebreide procedure duurt 26 weken (soms verlengd met zes weken), waarna het college de omgevingsvergunning voor het afwijken van het bestemmingsplan kan vaststellen. Het ontwerpbesluit tot het verlenen van de omgevingsvergunning wordt vervolgens ter inzage gelegd voor de duur van 6 weken. De bekendmaking hiervan gebeurt in de Staatscourant en de gebruikelijke lokale media. Eenieder kan gedurende deze periode een zienswijze kenbaar maken. De reacties zullen worden samengevat en beantwoord. Tegen het uiteindelijke besluit kunnen belanghebbenden beroep instellen. De voornoemde procedure toont de maatschappelijke uitvoerbaarheid van het plan aan.
1 JULI 2022
35
Ruimtelijke onderbouwing Zandwerf 2 in Hellum
CONCLUSIE Aan de Zandwerf 2 te Hellum exploiteert initiatiefnemer een akkerbouwbedrijf in combinatie met een pluimveehouderij en loonbedrijf. Op het bedrijf zijn, naast de bedrijfswoning, de pluimveestal voor het houden van vleeskuikens, een aardappelopslag en werktuigenbergingen aanwezig. De pluimveestal is voorzien van een warmtewisselaar. Aan de pluimveestal is een ruimte aanwezig die is voorzien van een kantoor, een douche en toilet. Ook zijn voersilo’s aanwezig. Conform de vigerende omgevingsvergunning milieu mogen in deze stal 27.500 vleeskuikens worden gehouden. De initiatiefnemer wenst duurzamer te gaan produceren, door de vleeskuikens op het bedrijf meer leefruimte te geven; een maatschappelijk gewenste ontwikkeling. Daartoe wil het bedrijf – in het kader van dierenwelzijn – de vleeskuikenstal voorzien van een overdekte uitloop, waarbij rekening is gehouden met het aanwezige bebouwingspatroon en de landschappelijke kenmerken. Hierdoor blijft de ruimtelijke impact beperkt. De beoogde herontwikkeling is niet geheel mogelijk binnen het huidige bouwvlak. In artikel 2.12, lid 1, sub a, onder 3 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) is bepaald dat voor het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan een omgevingsvergunning kan worden verleend, indien de activiteit niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening.
Dit is aangetoond in onderhavige ruimtelijke onderbouwing. Naast de stedenbouwkundige en landschappelijke toets en het ruimtelijk-planologische beleid zijn alle ruimtelijke en milieu hygiënische deelaspecten onderzocht. In deze ruimtelijke onderbouwing is nadrukkelijk gemotiveerd dat de gewenste uitbreiding zich verhoudt, zowel in negatieve als positieve zin, tot de aanwezige functies en waarden binnen het besluitgebied en in de directe omgeving ervan.
1 JULI 2022
36
Ruimtelijke onderbouwing Zandwerf 2 in Hellum
BIJLAGEN
1 JULI 2022
37
Ruimtelijke onderbouwing Zandwerf 2 in Hellum
BIJLAGE 1 Diertabel
1 JULI 2022
Diertabel Datum :
1-6-2022
Naam aanvrager
Schepel Pluimvee
Adres
Zandwerf 2
Postcode en plaats
9627 TE Hellum
Tel.
: 0318-675400
: info@agra-matic.nl : Jan Bouwman
Adres bedrijf
Zandwerf 2
Adviseur
Postcode en plaats
9627 TE Hellum
Specialist
Vergund
Hw
Ammoniakemissie
8-12-1992 RAV
Diercategorie
Stal
code
Vleeskuikens
A
E 5.100
-
-
Huisvestingssysteem
BWL/GL-nummer
overige huisvestingssystemen
traditioneel
-
-
Toetsing Beh ammoniak
Geuremissie
Fijnstof
Fijn stofemissie PM2,5 *
Fijn stofemissie PM10 Toetsing Beh fijn stof PM10
Versie
Aantal
Kg NH3
kg NH3
Kolomindeling
Kg NH3
Kg NH3
Geuremissie-
Geuremissie
reductie%
Fijnstof PM2,5
Fijnstof PM2,5
Fijnstof PM2,5
Fijnstof PM10
Fijnstof PM10
Fijnstof PM10
Fijnstof PM10
nummer
dieren
p.pl.p.j.
totaal
keuze A/B/C
Besl Hv
Besl Hv
factor/dier
totaal in OU/s
tbv pluimvee**
in gr/dier/jr
totaal in gr/jr
totaal in gr/s
in gr/dier/jr
totaal in gr/jr
in gr/dier/jr
totaal in gr/jr
27500
0,068
1870,00
0
0,00
0,33
9075,00
0%
1,6
44.000
0,00140
22
605.000
0
0
0
0,00
0
0,00
0
0,00
31%
0,0
-13.640
-0,00043
0
-187.550
0
0
9075,00
0%
30360
0
TOTAAL
1870,00
0,00
* Op basis van het Wur Rapport 496: Emissiefactoren methaan, lachgas en PM2,5 voor stalsystemen, inclusief toelichting
voldoet niet aan Beh NH3
Wabo
Ammoniakemissie
19-9-2018 Wnb geen vvgb nodig RAV
Fijnstof
Fijn stofemissie PM2,5 *
#VERW!
Fijn stofemissie PM10 Toetsing Beh fijn stof PM10
Versie nr
Aantal
Kg NH3
kg NH3
Kolomindeling
Kg NH3
Kg NH3
Geuremissie-
Geuremissie
reductie%
Fijnstof PM2,5
Fijnstof PM2,5
Fijnstof PM2,5
Fijnstof PM10
Fijnstof PM10
Fijnstof PM10
Fijnstof PM10
nummer
dieren
p.pl.p.j.
totaal
keuze A/B/C
Besl Hv
Besl Hv
factor/dier
totaal in OU/s
tbv pluimvee**
in gr/dier/jr
totaal in gr/jr
totaal in gr/s
in gr/dier/jr
totaal in gr/jr
in gr/dier/jr
totaal in gr/jr
Stal
code
Vleeskuikens
A
E 5.11
stal met luchtmengsysteem icm warmtewisselaar
BWL 2010.13.
V6
27500
0,021
577,50
0
0,00
0,33
9075,00
0%
1,6
44.000
0,00140
22
605.000
0
0
Nageschakelde techniek
A
E 7.6
warmtewisselaar; 31% emissiereductie fijn stof
BWL 2011.02.
V3
27500
0
0,00
0
0,00
0
0,00
31%
0,0
-13.640
-0,00043
0
-187.550
0
0
-
-
0,00
0
0,00
0
0,00
0%
0,0
0
0,00000
0
0
0
0
9075,00
0%
30360
0
-
BWL/GL-nummer
Geuremissie
#VERW!
Diercategorie
-
Huisvestingssysteem
Toetsing Beh ammoniak
0 voldoet niet aan Beh PM10
** Bij meerdere nageschakelde technieken is het reductiepercentage berekend middels Veecombistof. Het berekende reductiepercentage is weergegeven bij de eerste nageschakelde techniek van de betreffende stal Vergund
417.450
0
TOTAAL
577,50
0,00
* Op basis van het Wur Rapport 496: Emissiefactoren methaan, lachgas en PM2,5 voor stalsystemen, inclusief toelichting
voldoet niet aan Beh NH3
** Bij meerdere nageschakelde technieken is het reductiepercentage berekend middels Veecombistof. Het berekende reductiepercentage is weergegeven bij de eerste nageschakelde techniek van de betreffende stal Beoogd
Wabo
Ammoniakemissie
2022 RAV
Fijnstof
Fijn stofemissie PM2,5 *
voldoet niet aan Beh PM10
#VERW!
#VERW!
Fijn stofemissie PM10 Toetsing Beh fijn stof PM10
Versie nr
Aantal
Kg NH3
kg NH3
Kolomindeling
Kg NH3
Kg NH3
Geuremissie-
Geuremissie
reductie%
Fijnstof PM2,5
Fijnstof PM2,5
Fijnstof PM2,5
Fijnstof PM10
Fijnstof PM10
Fijnstof PM10
Fijnstof PM10
nummer
dieren
p.pl.p.j.
totaal
keuze A/B/C
Besl Hv
Besl Hv
factor/dier
totaal in OU/s
tbv pluimvee**
in gr/dier/jr
totaal in gr/jr
totaal in gr/s
in gr/dier/jr
totaal in gr/jr
in gr/dier/jr
totaal in gr/jr 605.000
Stal
code
Vleeskuikens
A
E 5.11
stal met luchtmengsysteem icm warmtewisselaar
BWL 2010.13.
V6
27500
0,021
577,50
A
0,045
1237,50
0,33
9075,00
0%
1,6
44.000
0,00140
22
605.000
22
Nageschakelde techniek
A
E 7.6
warmtewisselaar; 31% emissiereductie fijn stof
BWL 2011.02.
V3
27500
0
0,00
A
0
0,00
0
0,00
31%
0,0
-13.640
-0,00043
0
-187.550
0
0
-
-
0
0,00
0
0,00
0
0,00
0%
0,0
0
0,00000
0
0
0
0
9075,00
0%
30360
0
-
BWL/GL-nummer
Geuremissie
0
#VERW!
Diercategorie
-
Huisvestingssysteem
Toetsing Beh ammoniak
417.450
TOTAAL
577,50
* Op basis van het Wur Rapport 496: Emissiefactoren methaan, lachgas en PM2,5 voor stalsystemen, inclusief toelichting
1237,50
417.450
voldoet aan Beh NH3
** Bij meerdere nageschakelde technieken is het reductiepercentage berekend middels Veecombistof. Het berekende reductiepercentage is weergegeven bij de eerste nageschakelde techniek van de betreffende stal
605.000 voldoet aan Beh PM10
#VERW!
#VERW!
Ruimtelijke onderbouwing Zandwerf 2 in Hellum
BIJLAGE 2 Milieutekening bedrijf Zandwerf 2 in Hellum
1 JULI 2022
RENVOOI ALGEMEEN natuurlijke ventilatie natuurlijke ventilatie 9850+ geïsoleerde stalen sandwich panelen
Staldoorsneden zijn genomen op de plaats
1
combine
1
80 kW
en in de richting van de stalletter
2
mobiele mesttank
1
50 kW
3
cirkelzaag
1
2 kW
4
kolomboormachine
1
1 kW
5
voerweger
1
0 kW
deuropening
6
regelkast
1
0 kW
raamopening
7
beregeningsinstallatie
1
2 kW
8
ontijzeringsinstallatie
1
0 kW
9122+
GEVELOPENINGEN
geïsoleerde stalen sandwich panelen 6166+
6000+
900
vc golfplaten 4419+ isolatie
A
2600+ windbreekgaas windzeil
4000 ep 4314+
mechanische ventilatie ventilatoren in eindgevel 1650 ep
overdekte uitloop
DIVERSEN
B
1000
4500+
C
MATERIALEN
1800+ metselwerk spouwmuur
9
warmtewisselaar
1
15 kW
10
aandrijving luchtinlaat
3
1,05 kW
11
aandrijving schuiven uitloopopeningen
1
0,5 kW
metselwerk binnenwand
doorloop openingen
TOTALEN
prefab gevelelement (140 mm) stalen profielplaat
27.500
VLEESKUIKENS RAV E 5.11 RAV E 7.6
WERKTUIGENBERGING / AARDAPPELOPSLAG
WERKTUIGENBERGING
LEIDINGEN
Elektromotorisch vermogen
55,05 kW
Verbrandingsmotorisch vermogen
1830 kW
spoelwaterafvoer met schrobputje
SITUATIE VENTILATOREN
101400
4,00 ø900
kadastrale gemeente:
Slochteren
ventilator verticale luchtstroom
1
1 kW
sectie:
R
49, 482, 581
ventilator horizontale luchtstroom
8
11 kW
schaal:
1 : 2000
ELEKTROMOTOREN
perceel
AG 30 kW
graansilo
nr:
bouwvlak vigerend HD
750 m³
1,54
hogedrukreiniger waarin aangegeven het vermogen
1
5 kW
gebouw bestaand
aandrijving voerlijn
4
4 kW
gebouw nieuw
lasapparaat waarin aangegeven het vermogen
1
4 kW
bedrijfswoning
compressor waarin aangegeven het vermogen
2
8 kW
omliggende bebouwing
ha
grens van de inrichting
VERBRANDINGSMOTOREN
25400
25400
C
AG
werktuigenberging
erfverharding
noodaggregaat (nsa) waarin aangegeven vermogen
1
30 kW
tractor waarin aangegeven het vermogen
12
1620 kW
mobiele kraan waarin aangegeven het vermogen
1
50 kW
TANKS - VATEN - OPSLAG - SILO'S P 12
175 kW
175 kW
175 kW
175 kW
175 kW
115 kW
115 kW
115 kW
75 kW
75 kW
1 lekbak
2 175 kW
75 kW kraan
1200 l
P 12
dieselolietank volgens PGS 30
1
1200 L
opslag motorolie in vat in lekbak
5
1000 L
opslag afgewerkte olie in vat in lekbak
2
400 L
mk
medicijnenkast
1
5 kg
rk
reinigings- ontsmettingsmiddelenkast
2
125 L
bk
bestrijdingsmiddelenkast
1
0 kg
opslag zuur in IBC
1
25 L
veevoedersilo waarin aangegeven tonnage
3
48 ton
droge grondstoffensilo aangegeven inhoud in m³
1
0 m³
8
96 kg
BRANDVEILIGHEID
5070
3850
50 kW
767
handbrandblusser
121
19310
B
opslag aardappelen
11
P 12
werktuigenberging
200 l
200 l
200 l
200 l
200 l
200 l
an stla Oe
20216
P 12
8
P 12
200 l
mk
werkplaats
rk rk
25 l
bk
4
4
3
6720
767
4 kW
C
2
7700
555
warmtewisselaar
16 opslag
8
7
16
16
6
5
4269
5500
10 waterlijn
spoelwater opslagput 15 m3
654
P 12
3
A
2200
9
2000
B 1,00 ø900
5
voerlijn 2
1,00 ø1500
woonhuis 13080
1,00 ø1500
eg enw Ve
8000
A
1,00 ø1500
voerlijn
1,00 ø1500
10500
erf dw Zan
waterlijn
1,00 ø1500
waterlijn
1012
1,00 ø1500
voerlijn
1,00 ø1500
P 12 waterlijn
P 12 5958
aan de Zandwerf 2 te Hellum 5958
voerlijn
4269
PROJECT
Melding Activiteitenbesluit (Barim) voor het bedrijf
kantoor
douche 10
wc
2200
watertank 3.000 liter
11
4100
overdekte uitloop
J. Bouwman
GETEKEND :
MK
SCHAAL:
ONDERWERP
FORMAAT:
Plattegrond, doorsneden en situatieschets
4 kW
ADVISEUR :
CONTROLE :
HD 5 kW
waterlijn
6300
TEKENING NIET GESCHIKT VOOR UITVOERING
DATUM :
OPDRACHTGEVER
WIJZ. A :
Schepel vastgoed BV
WIJZ. B :
Zandwerf 2
WIJZ. C :
9627 TE Hellum
WIJZ. D :
1 : 200 594 x 950 24 januari 2022
PROJECTNR.
656601 TEKENINGNR.
Ma-22
WIJZ. E :
10
21024
3500
72600
3400
1000
7500
7030
3500
12500
Postbus 396 6710 BJ Ede
Tel. 0318 - 675 400
E. info@agra-matic.nl 20220124_656601_Schepel_Ma-22.vwx
© 2022 alle rechten voorbehouden
Ruimtelijke onderbouwing Zandwerf 2 in Hellum
BIJLAGE 3 Landschappelijk inpassingsplan
1 JULI 2022
Landschappelijke inpassing ‘Bouwplan uitloop pluimveestal Zandwerf 2' Zandwerf 2, 9627 TE Hellum - PNR 9627TE2-170622
(print op A3)
LIGGING , Het plangebied is gelegen ten zuidoosten van de kern Hellum. Zie de markeringen in de uitsnede van de topografische kaart hieronder en de luchtfoto rechts.
plangebied
plangebied Ir Guido W.F.M. Paumen, Tuin- & landschapsarchitect Bnt Haarenerstrasse 38, 52525 Waldfeucht Duitsland T +31-475-430684 M +31-6-51852937 +49-2455-398401 www.guidopaumen.com guido@guidopaumen.com
1
Landschappelijke inpassing ‘Bouwplan uitloop pluimveestal Zandwerf 2' Zandwerf 2, 9627 TE Hellum - PNR 9627TE2-170622 in 1908 al sterk verdichte lintbebouwing
HISTORIE - 1908
(print op A3)
enkele kleinere bebouwingen
In 1908 werden ter hoogte van het plangebied een aantal smalle, langgerekte percelen met bouwland aangetroffen. Ten noordwesten hiervan bevonden zich enkele kleinere bebouwingen. Ten noordwesten hiervan bevond zich destijds al een sterk verdicht deel van de lintbebouwing Hellum. Hellum is ontstaan op een zuidwest-noordoostgerichte, door het ijs opgestuwde zandrug. Vanaf de rug werden de lager gelegen gronden ontgonnen en in gebruik genomen als akkerland. De hoger gelegen gronden bestonden hoofdzakelijk uit lemig zand. In de lager gelegen delen werden veen- en kleilagen aangetroffen. Ten zuidwesten van het plangebied werd in 1908 de boomkwekerij Zandwerf aangetroffen. karakteristiek De landschappelijke context is te kenschetsen als de rand van een zandrug in een oudere ontginning. Kenmerkend voor de erven in deze context is het voorkomen van; a) hagen, boomgaardjes, bomengroepen of solitaire bomen nabij de bebouwing, b) groensingels, bomenrijen of restbosjes aan de veldkanten. Zie de uitsnedes van de topkaart uit 1908 hieronder en de projectie in de luchtfoto rechts.
uitsnede topkaart 1908
Uitsnede topkaart 1908; smalle percelen akkerland Ir Guido W.F.M. Paumen, Tuin- & landschapsarchitect Bnt Haarenerstrasse 38, 52525 Waldfeucht Duitsland T +31-475-430684 M +31-6-51852937 +49-2455-398401 www.guidopaumen.com guido@guidopaumen.com
2
Landschappelijke inpassing ‘Bouwplan uitloop pluimveestal Zandwerf 2' Zandwerf 2, 9627 TE Hellum - PNR 9627TE2-170622
(print op A3)
HISTORISCHE ONTWIKKELING 1 In de eerste decennia van de 20ste eeuw wordt de spoorlijn Delfzijl-Groningen ten noordwesten van het plangebied gerealiseerd. In de periode rond de Tweede Wereldoorlog raakt deze in onbruik. Na de oorlog wordt het traject in gebruik genomen als normale verkeersweg. In 1962 worden ter hoogte van het plangebied een zevental kleinere gebouwen aan de zuidoostkant van de weg in de kaarten aangetroffen. Waarschijnlijk betreft dit schuren voor de opslag van aardappelen en machinebergingen. Zie karteringen uit 1935 en 1962 rechtsboven. In de zeventiger jaren wordt een ruilverkaveling ten zuidoosten van de huidige N387 doorgevoerd. Ten zuidoosten van het plangebied maken de smalle percelen plaats voor een grootschalige blokverkaveling. De wegenstructuur wordt herzien. Ten zuidoosten van het plangebied wordt de huidige weg Zandwerf aangelegd. In 1982 wordt het plangebied ontsloten via een op de Zandwerf aantakkend pad. In de navolgende jaren worden groenstroken en bomenrijen langs de provinciale weg gerealiseerd. Zie de uitsnedes van de topografische kaarten uit 1982 en 1995 rechtsonder.
1935 spoordijk
1962 ontsluitingsweg, opslag en bergingen
1982 ruilverkaveling, ontsluiting op Zandwerf, bos
1995 beplanting langs de N387
Ir Guido W.F.M. Paumen, Tuin- & landschapsarchitect Bnt Haarenerstrasse 38, 52525 Waldfeucht Duitsland T +31-475-430684 M +31-6-51852937 +49-2455-398401 www.guidopaumen.com guido@guidopaumen.com
3
Landschappelijke inpassing ‘Bouwplan uitloop pluimveestal Zandwerf 2' Zandwerf 2, 9627 TE Hellum - PNR 9627TE2-170622
(print op A3)
HISTORISCHE ONTWIKKELING 2 Rond de eeuwwisseling wordt een stal, een berging en een bedrijfswoning aan de zuidoostkant van het plangebied gerealiseerd. Vervolgens wordt een berging aan de noordoostkant bijgebouwd. Zie de karteringen uit 2005 en 2011 rechtsboven. In de loop van de navolgende jaren worden de bergingen in noordwestelijke richting uitgebreid. Zie de uitsnedes van de topografische kaarten uit 2014 en 2017 rechtsonder.
2005 stal, berging en woning
2011 berging bijgebouwd
2014 berging aan de noordoostkant verlengd
2017 in het midden gelegen berging verlengd
Conclusie Het plangebied te kenschetsen als bouwland in een oudere ontginning, bestaande uit langgerekte smalle, noordwest-zuidoostgerichte percelen. Het werd oorspronkelijk ontsloten via de ter hoogte van het voormalig spoor gelegen Hoofdweg, de huidige N387. In de zeventiger jaren werd een ruilverkaveling doorgevoerd; de smalle percelen maakten plaats voor een grootschalige open blokverkaveling. Ten noordoosten en oosten van het plangebied werd bos aangeplant. Het plangebied werd ontsloten via de Zandwerf. Na de eeuwwisselingen werd een stal, een berging en een bedrijfswoning aan de Zandwerf gerealiseerd. Nadien werd nog een berging bijgebouwd. De bergingen werden vervolgens verlengd. Ir Guido W.F.M. Paumen, Tuin- & landschapsarchitect Bnt Haarenerstrasse 38, 52525 Waldfeucht Duitsland T +31-475-430684 M +31-6-51852937 +49-2455-398401 www.guidopaumen.com guido@guidopaumen.com
4
Landschappelijke inpassing ‘Bouwplan uitloop pluimveestal Zandwerf 2' Zandwerf 2, 9627 TE Hellum - PNR 9627TE2-170622 HUIDIG RUIMTELIJK KADER
a) bomenrijen en groensingels
(print op A3)
b) ten oosten gelegen bossen
Het plangebied is sinds de ruilverkaveling gesitueerd aan de rand van een door openheid getekend agrarisch landschap. Het huidige ruimtelijk kader wordt gevormd door navolgende elementen; a) de bomenrijen en groensingels langs de N387, b) de ten oosten gelegen bossen, c) de opgang naar de brug over de N387, ten westen van het plangebied, d) de bebouwing en beplanting op de omliggende bebouwde erven. Zie de markeringen in de luchtfoto rechts.
c) opgang over de brug
d) bebouwing en beplanting op bebouwde erven
Ir Guido W.F.M. Paumen, Tuin- & landschapsarchitect Bnt Haarenerstrasse 38, 52525 Waldfeucht Duitsland T +31-475-430684 M +31-6-51852937 +49-2455-398401 www.guidopaumen.com guido@guidopaumen.com
5
Landschappelijke inpassing ‘Bouwplan uitloop pluimveestal Zandwerf 2' Zandwerf 2, 9627 TE Hellum - PNR 9627TE2-170622 BELEVING
a) vanaf de Zandwerf
(print op A3)
b) vanaf de Provinciale weg, de N387
Betreffende de ruimtelijke beleving is een onderscheid te maken in de beleving vanaf; a) de nabij de bossen in een zandweg overgaande en vervolgens doodlopende weg, Zandwerf, b) de provinciale weg, N387, c) de in zuidoostelijke richting voerende Veenweg. Zie de markeringen in de luchtfoto rechts en de fotos op de navolgende pagina.
c) vanaf de Veenweg Ir Guido W.F.M. Paumen, Tuin- & landschapsarchitect Bnt Haarenerstrasse 38, 52525 Waldfeucht Duitsland T +31-475-430684 M +31-6-51852937 +49-2455-398401 www.guidopaumen.com guido@guidopaumen.com
6
Landschappelijke inpassing ‘Bouwplan uitloop pluimveestal Zandwerf 2' Zandwerf 2, 9627 TE Hellum - PNR 9627TE2-170622
(print op A3)
3D BEELDEN ZANDWEG 1+2) Komend uit het zuidwesten toont zich de stal aan de westkant aanvankelijk open aan de passant; nabij het plangebied wordt het beeld bepaald door de sierbeplanting in de tuin, rond de woning. De beplanting rond de woning toont in de benadering een nogal gesloten beeld, de woning wordt in hoge mate afgeschermd. 3+4) Komend uit het noordoosten is gedurende langere tijd een zicht op de bergingen aan de noordoostkant van het plangebied mogelijk. De maat en schaal van de gebouwen is vrij fors maar sluit aan bij de diepte van het doorzicht en de 'oneindigheid' van de langgerekte begrenzing en structuurdrager; de bomenrijen langs de N387. Ter hoogte van het plangebied wordt het beeld bepaald door de dynamiek op het voorerf. Zie de foto’s rechts en de markeringen in de luchtfoto hieronder.
1+2) uit het zuidwesten; de stal toont zich open aan de passant, de woning wordt in hoge mate afgeschermd..
…door de sierbeplanting in de tuin rond de woning.
standplaats fotograaf
3+4) uit het noordoosten; zicht op de bergingen. Maat en schaal zijn vrij fors, maar sluiten aan bij de diepte en ..
…structuurdrager. Ter hoogte van het plangebied wordt het beeld bepaalt door dynamiek op het voorerf. Ir Guido W.F.M. Paumen, Tuin- & landschapsarchitect Bnt Haarenerstrasse 38, 52525 Waldfeucht Duitsland T +31-475-430684 M +31-6-51852937 +49-2455-398401 www.guidopaumen.com guido@guidopaumen.com
7
Landschappelijke inpassing ‘Bouwplan uitloop pluimveestal Zandwerf 2' Zandwerf 2, 9627 TE Hellum - PNR 9627TE2-170622
(print op A3)
3D N387 EN VEENWEG 1+2) Vanaf de N387 is gedurende langere tijd een zicht op de flanken en de achterkant van het plangebied mogelijk. De gebouwen tonen zich kaal aan de passanten. Maat en schaal verlenende beplantingselementen ontbreken. 3) Vanaf de Veenweg ten zuidwesten van het plangebied zijn doorzichten over grotere afstand op de zuidoostkant mogelijk; de beplanting rond de woning verbindt het plangebied met de groene horizon. 4) Vanaf de Veenweg op de opgang naar de brug, zijn doorzichten op de zuidwestkant mogelijk. De gebouwen tonen zich kaal aan de passant. Enkele beplantingselementen zouden maat en schaal verlenen, het plangebied sterker in het maaiveld verankeren . Zie de foto’s rechts en de markeringen in de luchtfoto hieronder.
1+2) Vanaf de N387 is gedurende langere tijd een zicht op de flanken en de achterkant. De gebouwen tonen..
… zich kaal aan de passant. Maat- en schaal verlenende beplantingselementen ontbreken.
standplaats fotograaf
3) Zicht op de zuidoostkant; de beplanting bij de woning verbind het plangebied met de groene horizon.
conclusie Het plangebied is gesitueerd aan de rand van een door openheid gekleurd landschap. De aanwezige beplanting is geconcentreerd rond de woning. De bedrijfsgebouwen sluiten qua maat en schaal aan bij de open context. De gebouwen tonen zich echter overwegend kaal. Maat- en schaal verlenende, het plangebied met de groene horizon verbindende beplantingselementen ontbreken.
4) Doorkijk zuidwestkant; enkele bomen zouden maat en schaal toevoegen, de bebouwing sterker verankeren. Ir Guido W.F.M. Paumen, Tuin- & landschapsarchitect Bnt Haarenerstrasse 38, 52525 Waldfeucht Duitsland
T +31-475-430684 M +31-6-51852937 +49-2455-398401 www.guidopaumen.com guido@guidopaumen.com
8
Landschappelijke inpassing ‘Bouwplan uitloop pluimveestal Zandwerf 2' Zandwerf 2, 9627 TE Hellum - PNR 9627TE2-170622
(print op A3)
PLANGEBIED 1:1000 Het plangebied omvat het kadastraal perceel 482, 581 en delen van 49, gelegen in de kadastrale sectie R van de kadastrale gemeente Slochteren. Zie de aanduiding in de luchtfoto rechts.
plangebied Ir Guido W.F.M. Paumen, Tuin- & landschapsarchitect Bnt Haarenerstrasse 38, 52525 Waldfeucht Duitsland T +31-475-430684 M +31-6-51852937 +49-2455-398401 www.guidopaumen.com guido@guidopaumen.com
9
Landschappelijke inpassing ‘Bouwplan uitloop pluimveestal Zandwerf 2' Zandwerf 2, 9627 TE Hellum - PNR 9627TE2-170622 SITUATIE - BEBOUWING
(print op A3)
aardappelopslag, materiaal en machinebergingen
De aanwezige bebouwing bestaat uit navolgende elementen; een pluimveestal, een bedrijfswoning, twee loodsen met een aardappelopslag, materiaal- en machinebergingen. Zie de vogelvlucht hieronder en de markeringen in de luchtfoto rechts.
vogelvlucht situatie
pluimveestal
bedrijfswoning
Ir Guido W.F.M. Paumen, Tuin- & landschapsarchitect Bnt Haarenerstrasse 38, 52525 Waldfeucht Duitsland T +31-475-430684 M +31-6-51852937 +49-2455-398401 www.guidopaumen.com guido@guidopaumen.com
10
Landschappelijke inpassing ‘Bouwplan uitloop pluimveestal Zandwerf 2' Zandwerf 2, 9627 TE Hellum - PNR 9627TE2-170622
(print op A3) achtererf en voorerf
ZONERING EN ONTSLUITING Het plangebied wordt ontsloten via twee inriteen aan de Zandwerf. De ruimte tussen de gebouwen en ten zuidoosten van de bedrijfsgebouwen is verhard. Het gebied rond de woning is in gebruik als tuin. De overige delen betreffen stukjes grasland en akkerland. voorerf en achtererf Het plangebied onder te verdelen in het voorerf met de woning, tuin en verhardingen en het achtererf met de bedrijfsgebouwen. Voor- en achterkant De zuidoostkant en zuidwestkant presenteren het erf aan de passanten. De noordwestkant is te beschouwen als de achterkant, de noordoostkant als de ontwikkelingskant; eventuele uitbreidingen zullen aan deze zijde worden vormgegeven. Zie de markeringen in de luchtfoto rechts.
tuin
inritten en verhardingen
Ir Guido W.F.M. Paumen, Tuin- & landschapsarchitect Bnt Haarenerstrasse 38, 52525 Waldfeucht Duitsland T +31-475-430684 M +31-6-51852937 +49-2455-398401 www.guidopaumen.com guido@guidopaumen.com
11
Landschappelijke inpassing ‘Bouwplan uitloop pluimveestal Zandwerf 2' Zandwerf 2, 9627 TE Hellum - PNR 9627TE2-170622
(print op A3)
AANWEZIGE BEPLANTING De aanwezige beplanting is geconcentreerd in de tuin en bestaat uit de navolgende elementen; a) een strook met overwegend uit siersortiment bestaande struiken en bomen (coniferen, sierpruim) aan de zuidwestkant. In deze strook bevinden zich enkele berken en boomvormers die als landschappelijk sortiment zijn te rangschikken. b) siergroen en als landschappelijk sortiment te rangschikken hagen bestaande uit liguster, enkele leibomen (lindes),een groep bolesdoornen aan de zuidoostkant van de woning twee forse bomen (siersortiment) in 'het eiland' tussen de inritten. Conditie en waardering De aanwezige beplanting verkeert in het algemeen in redelijke tot goede conditie. De bomen in het eiland tussen de oprit verkeren in minder goede conditie, zullen op termijn moeten worden vervangen. De berken en ligusterhagen sluiten goed aan bij de kenmerken van de landschappelijke context.
a) siersortiment, enkele berken
b) ligusterhagen, linde, bolesdoorn, siersortiment
Ir Guido W.F.M. Paumen, Tuin- & landschapsarchitect Bnt Haarenerstrasse 38, 52525 Waldfeucht Duitsland T +31-475-430684 M +31-6-51852937 +49-2455-398401 www.guidopaumen.com guido@guidopaumen.com
12
Landschappelijke inpassing ‘Bouwplan uitloop pluimveestal Zandwerf 2' Zandwerf 2, 9627 TE Hellum - PNR 9627TE2-170622
(print op A3)
ONTWIKKELING In het kader van dierenwelzijn zal de pluimveestal aan de zuidwestkant worden uitgebreid met een overdekte uitloopruimte. Zie de markeringen in de luchtfoto rechts en de uitsnede van de door Agra-Matic opgestelde situatietekening hieronder.
situatietekening Agra-Matic
een overdekte uitloopruimte Ir Guido W.F.M. Paumen, Tuin- & landschapsarchitect Bnt Haarenerstrasse 38, 52525 Waldfeucht Duitsland T +31-475-430684 M +31-6-51852937 +49-2455-398401 www.guidopaumen.com guido@guidopaumen.com
13
Landschappelijke inpassing ‘Bouwplan uitloop pluimveestal Zandwerf 2' Zandwerf 2, 9627 TE Hellum - PNR 9627TE2-170622
(print op A3)
ONTSLUITING & INFILTRATIE Ten behoeve van het bouwplan hoeft geen beplanting te worden gerooid. Het wordt ontsloten via de aanwezige verharding, er hoeft geen nieuwe verharding te worden gerealiseerd. Het van het dak vrijkomende hemelwater zal worden opgevangen en infiltreren in een greppel ten zuidwesten van de uitloop.
infiltratiegreppel Ir Guido W.F.M. Paumen, Tuin- & landschapsarchitect Bnt Haarenerstrasse 38, 52525 Waldfeucht Duitsland T +31-475-430684 M +31-6-51852937 +49-2455-398401 www.guidopaumen.com guido@guidopaumen.com
14
Landschappelijke inpassing ‘Bouwplan uitloop pluimveestal Zandwerf 2' Zandwerf 2, 9627 TE Hellum - PNR 9627TE2-170622
(print op A3)
CONCLUSIES In het voorafgaande kwam het navolgende naar voren: De landschappelijke context is te kenschetsen als de rand van een zandrug in een oudere ontginning. Kenmerkend voor erven in deze context; hagen, boomgaardjes, bomengroepen of solitaire bomen nabij de woning, groensingels, bomenrijen of restbosjes aan de veldkanten. Het plangebied bestond uit langgerekte smalle, noordwest-zuidoostgerichte percelen, werd ontsloten via de ter hoogte van het voormalig spoor gelegen Hoofdweg. In de zeventiger jaren werd een ruilverkaveling doorgevoerd; de smalle percelen maakten plaats voor een grootschalige open blokverkaveling. Ten noordoosten en oosten van het plangebied werd bos aangeplant. Het plangebied werd ontsloten via de Zandwerf. Na de eeuwwisseling werd een stal, een berging en een bedrijfswoning aan de Zandwerf gerealiseerd. Nadien werd nog een berging bijgebouwd. De bergingen werden verlengd. Het plangebied is gesitueerd aan de rand van een open landschap. De aanwezige beplanting is geconcentreerd rond de woning. De bedrijfsgebouwen sluiten qua maat en schaal aan bij de open context, tonen zich echter overwegend kaal. Maat- en schaal verlenende beplantingselementen ontbreken. Het plangebied is onder te verdelen in een voorerf en een achtererf. De zuidoostkant en zuidwestkant presenteren het erf aan de passanten.