03. Jaarstukken 2025
Tekst van het document
We hebben maatregelen genomen om deze middelen alsnog in te zetten. Zoals extra coördinatie op de uitvoering van afspraken over voorschoolse educatie en afspraken met de GGD om doelgroep-ouders actiever te benaderen.
We versterken de kwaliteit van de voorschoolse educatie We hebben in een werkgroep met scholen en kinderopvang de resultaatafspraken over voorschoolse educatie geëvalueerd en aanscherpt. Zo zijn we gaan werken met een gezamenlijke kijkwijzer voor het volgen van de pedagogische kwaliteit en werken we met een vast format voor een plan van aanpak voorschoolse educatie per aanbieder. Het onderwijs voert deze afspraken uit binnen de bestaande kwaliteitsafspraken die de scholen al hebben. Een 49
goede overdracht van peuteropvang naar de basisschool is hier onderdeel van. We volgen voortgang in een vastgestelde kwaliteitscyclus. In september 2025 hebben we deze afspraken met bestuurders vastgelegd.
Doelstelling c. Kinderen krijgen onderwijs in een stimulerend, veilig en toekomstbestendig schoolgebouw Wij hebben een wettelijke zorgplicht voor huisvesting van het primair en voortgezet onderwijs. Dit gaat over nieuwbouw van een school, uitbreiding van een school, renovatie van een school, herstel van constructiefouten en herstel en vervanging in verband met schade.
Acties Opstellen van een Integraal Huisvestingsplan Het scholenprogramma nadert afronding. Bijna alle scholen in onze gemeente zijn hierbij toekomstbestendig gemaakt. De volgende stap is het ontwikkelen van een Integraal Huisvestingsplan (IHP). Gemeente, schoolbesturen en de kinderopvangaanbieders leggen samen in gelijkwaardigheid het onderwijshuisvestingsbeleid vast voor een periode van vier jaar, met een doorkijk van 20 jaar. Eind 2025 is het ambitieniveau nieuwbouwkwaliteit onderwijshuisvesting vastgesteld, dat nodig is voor de financiële uitwerking van het IHP. In 2026 zal het IHP opgeleverd worden.
Uitvoeren van het Programma en Overzicht Het Programma en Overzicht Onderwijshuisvesting bevat de jaarlijkse, door schoolbesturen ingediende aanvragen voor onder andere eerste onderwijsleermiddelen, huur, capaciteitsuitbreiding of nieuwbouw van onderwijshuisvesting. De aanvragen, die voor 1 februari ingeleverd moeten worden, zijn bedoeld voor kosten die gemaakt worden in het kalenderjaar erna. De ingediende aanvragen zijn getoetst aan de criteria zoals genoemd in de Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Midden-Groningen. Vijf van de zes aanvragen kwamen in aanmerking voor vergoeding. De toegekende voorzieningen zijn in 2025 uitgevoerd door de schoolbesturen.
Doelstelling d. Volwassenen kunnen meedoen in onze samenleving doordat ze voldoende geletterd zijn In 2025 is binnen de aanpak laaggeletterdheid gewerkt aan het versterken van basisvaardigheden van volwassenen, in samenhang met andere beleidsterreinen zoals bibliotheekwerk, onderwijs, participatie en werk. Daarbij is de samenwerking met lokale en regionale partners verder versterkt en is ingezet op het borgen en verder ontwikkelen van de kwaliteit binnen de aanpak.
Acties We bieden volwasseneneducatie aan In 2025 konden inwoners via het Taalhuis terecht voor ondersteuning bij basisvaardigheden en begeleiding naar passend (vervolg)aanbod. Voor inwoners met Nederlands als moedertaal was NT1-aanbod beschikbaar via het Alfa-college. Voor inwoners met een andere moedertaal zijn via Stichting ITOM Taal REP-lessen aangeboden. De inzet op volwasseneneducatie maakte deel uit 50
van de regionale aanpak binnen de Arbeidsmarktregio Groningen en werd (mede) mogelijk gemaakt vanuit WEB-middelen. Het Taalhuis fungeerde hierbij als laagdrempelige schakel tussen informele ondersteuning, vrijwilligersinzet en doorverwijzing naar formeel onderwijs.
We investeren in de leesbevordering van kinderen en hun ouders In 2025 is vanuit het onderwijskansenbeleid in samenwerking met de bibliotheek en onderwijsen kinderopvangpartners ingezet op leesbevordering bij kinderen en hun ouders. De bibliotheek organiseert activiteiten gericht op het stimuleren van lezen en taalontwikkeling op scholen en in de kinderopvang. Er is uitvoering gegeven aan Boekstart, Boekenpret en de Bibliotheek op school ook is er een leesconsulent ingezet op het consultatiebureau. Voor volwassenen die moeite hebben met lezen en schrijven werd via het Taalhuis ondersteuning geboden om hun leesvaardigheid te verbeteren, waarmee ook de taalomgeving binnen gezinnen werd versterkt.
We bevorderen de betrokkenheid en inzet van werkgevers In 2025 is de inzet op basisvaardigheden in relatie tot werk en participatie verder verkend. Binnen BWRI is ervaring opgedaan met de pilot ‘Taal op de Werkvloer’. Deze pilot heeft belangrijke leerpunten opgeleverd over randvoorwaarden, zoals de aansluiting van lesmateriaal op de praktijk, de leerbehoefte van deelnemers en passende docentmatching. De opgedane inzichten vormen de basis voor een hernieuwde inventarisatie in 2026 naar de behoefte aan een vervolg en de voorwaarden waaronder een nieuwe groep kansrijk is. Daarnaast is binnen de Arbeidsmarktregio Groningen gewerkt aan het versterken van de samenwerking met werkgevers rond basisvaardigheden.
We vergroten de bewustwording en herkenning van laaggeletterdheid In 2025 is binnen de aanpak laaggeletterdheid ingezet op het vergroten van bewustwording, herkenning en doorverwijzing. Dit is gedaan in samenwerking met Biblionet Groningen (uitvoerder van het Taalhuis Midden-Groningen), BWRI, GGD, Humanitas, Kielzog en Stichting Lezen en Schrijven. Door aan te sluiten bij vindplaatsen en professionals in het sociaal domein werd gewerkt aan een doorgaande lijn in basisvaardigheden: van (jonge) gezinnen en ouders tot volwassenen die extra ondersteuning nodig hebben. Via het Taalnetwerk is in 2025 gewerkt aan het verder versterken van de samenwerking en afstemming tussen partners. Daarbij zijn activiteiten op elkaar afgestemd en is verkend hoe de ondersteuning en doorverwijzing rondom basisvaardigheden beter op elkaar kunnen aansluiten. Onderdeel hiervan waren bijeenkomsten gericht op bewustwording, zoals een filmvertoning met nagesprek in samenwerking met Stichting Beeldlijn. In 2024 zijn de Taalhuizen gecertificeerd. In 2025 is ingezet op het opvolgen van aanbevelingen en het verder borgen van kwaliteit in aanloop naar hercertificering.
51
Indicatoren Jeugd
Veiligheid
2021
2022
2023
2024
2025
Aantal medewerkers sociaal team die getraind zijn in traumasensitief werken
n.v.t.
n.v.t.
8
12
15
Meldingen Veilig Thuis
392
385
352
357
402*
Aantal betrokken kinderen bij hg/km
506
267
244
245
132*
Overdracht van Veilig Thuis naar sociaal team
251
280
253
28
232*
2021
2022
2023
2024
2025
- Prenataal
8
10
7
- Regulier
12
10
11
8
1
2
2
* aantal t/m Q3 Preventie Aantal deelnemers diensten GGD: Stevig Ouderschap (gezinnen)
- Gezin Groter
3** 3**
Nu niet zwanger
9
25
20
13**
- waarvan Anticonceptie
7
11
20
13
6**
2
3
3
6
4**
9
8**
Voorzorg - gestart - lopend
4
** aantal t/m Q2 Verbeteren jeugdhulp Aantal uniek cliënten met minimaal 1 jeugdhulpindicatie (bron PowerBI) Gemiddelde rapportcijfer hulp
2021
2022
2023
2024
2025
1.988
1.991
1.996
1.975
1.908
7,3
7,5
7
7,3
n.n.b.
Aantal uithuisplaatsingen (cijfers van JB Noord)
8
11
4
***
***
- verlengingen
10
8
20
***
***
*** geen rapportage beschikbaar
2.2.5 Participatiewet Algemeen BWRI (Bedrijf voor Werk, Re-integratie en Inkomen) is verantwoordelijk voor de uitvoering van de Participatiewet. Ons doel is om inwoners, waar nodig, te ondersteunen zodat zij (weer) volwaardig kunnen deelnemen aan de samenleving. Daarbij richten wij ons bij voorkeur op uitstroom naar betaald werk door het inzetten en ontwikkelen van ieders talenten. Wanneer betaald werk (nog) niet mogelijk is, stimuleren wij bredere persoonlijke ontwikkeling, vrijwilligerswerk en maatschappelijke en sociale activering. Vanuit het Doorstroompunt vervullen wij een verbindende rol binnen de arbeidsmarktregio. In samenwerking met partners begeleiden wij jongeren van 18 tot 23 jaar die zonder startkwalificatie uitvallen van school, met als doel hen weer perspectief en richting te bieden. De transformatie van het voormalige SWbedrijf naar een werkontwikkelbedrijf heeft ertoe geleid dat niet alleen inwoners met een kwetsbare positie, maar ook inwoners uit een bredere doelgroep, bij ons terechtkunnen voor ontwikkeling en begeleiding. Inwoners die (tijdelijk) niet zelfstandig in hun inkomen kunnen voorzien, ontvangen inkomensondersteuning. Aanvullend bieden wij, waar nodig, financiële ondersteuning aan inwoners met een inkomen op het sociaal minimum.
Daarbij staat meedoen in de samenleving centraal, met extra aandacht voor kinderen om de vicieuze cirkel van armoede te doorbreken. 52
De inwerkingtreding van de Participatiewet in balans is uitgesteld en wordt nu gefaseerd ingevoerd vanaf 1 januari 2026. Het afgelopen jaar zijn de voorbereidingen voor fase 1 getroffen. In de aanloop hiernaartoe is al nadrukkelijker ingezet op maatwerk en de omgekeerde toets, met meer aandacht voor de menselijke maat en de persoonlijke situatie van inwoners.
Doelstelling a. De financiële hulp past goed bij wat onze inwoners met een laag inkomen nodig hebben. In het afgelopen jaar is financiële ondersteuning ingezet om inwoners rust en stabiliteit te bieden en volwaardig te laten deelnemen aan de samenleving. Dit gebeurde via onder andere bijzondere bijstand, de individuele inkomenstoeslag en de collectieve aanvullende zorgverzekering. Op 31 december 2025 hadden 1551 huishoudens een bijstandsuitkering, waren 1487 aanvragen bijzondere bijstand en 1163 toegekende aanvragen individuele inkomenstoeslag toegekend. Daarnaast namen 1637 inwoners (stand oktober 2025) deel aan de CAZ en hadden 3.808 inwoners (inclusief partners) toegang tot het Meedoenfonds, waarvan 1.378 kinderen. Ten opzichte van 2024 is een daling zichtbaar in het aantal huishoudens met een bijstandsuitkering, mede door de inzet van het werkgeversteam, overbrugbanen, gerichte bemiddeling en effectieve inzet van aanvullende instrumenten. Ook het gebruik van aanvullende ondersteuning nam af, vooral zichtbaar bij het Meedoenfonds. Dit hangt waarschijnlijk samen met het wegvallen van de energietoeslag vanaf september 2024. Daarnaast blijkt dat niet alle inwoners die toegang hadden tot het Meedoenfonds hiervan (volledig) gebruik hebben gemaakt. Hierdoor vielen de uitgaven binnen het Meedoenfonds lager uit dan begroot.
In 2026 wordt bekeken hoe het bereik en gebruik van minimaregelingen in het algemeen, en specifiek onder de doelgroep die voorheen gebruikmaakte van de energietoeslag, kan worden versterkt. Daarnaast zijn subsidies verstrekt aan maatschappelijke organisaties die armoede tegengaan, zoals Kledingbank Maxima, Voedselbank, Stichting Urgente Noden, Jeugdfonds Sport en Cultuur, Stichting Leergeld en Humanitas Midden-Groningen. Voor inwoners met geldzorgen bood de Kredietbank Midden-Groningen gratis ondersteuning, met doorverwijzing via BWRI en inzet van budgetcoaching. Ook kregen inwoners via de Voorzieningenwijzer, in samenwerking met woningbouwverenigingen en Kwartier Zorg & Welzijn, inzicht in beschikbare regelingen en advies over toeslagen, zorgverzekering en energie, wat bijdraagt aan financiële rust en overzicht.
Acties We voeren de aanbevelingen uit van het minimabeleid Een belangrijke eerste stap hierin was de ontwikkeling van het informatieboekje Wegwijs met weinig. Dit boekje biedt inwoners van de gemeente Midden-Groningen met een laag inkomen overzichtelijke en toegankelijke informatie over de minimaregelingen. Vanuit de samenwerking met BWRI, Lefier en het Groninger Huis is een contentkalender opgesteld, waarbij maandelijks één onderwerp uit het boekje gezamenlijk onder de aandacht wordt gebracht. De onderwerpen worden bepaald binnen de inhoudelijke overleggroep. Daarnaast is de website gebruiksvriendelijker ingericht om het bereik onder inwoners te vergroten. Daarnaast zijn voorbereidingen getroffen voor de verdere uitwerking van de aanbevelingen, die in de komende jaren gefaseerd worden opgepakt. De focus ligt daarbij op het verminderen van drempels, het vereenvoudigen van aanvraagprocedures en de herijking van het aanbod, zodat dit beter aansluit bij de doelgroep. De aanbevelingen zijn ook onderdeel van de Kadernota 53
Aanpak armoede Midden-Groningen 2026-2030, die in het eerste kwartaal van 2026 is vastgesteld.
Doelstelling b. Inwoners hebben een betaalde baan. Als dat (nog) niet lukt, dan blijven inwoners hun talenten en mogelijkheden gebruiken Naast de financiële ondersteuning is in de uitvoering ingezet op het benutten van de mogelijkheden van inwoners. Inwoners hebben daarbij stappen gezet richting betaald werk en door begeleiding en ontwikkelactiviteiten is gewerkt aan het vergroten van hun arbeidsmarktkansen. Deelname aan betaald werk draagt bij aan welzijn en gezondheid en heeft positieve effecten op gezinnen en kinderen. Wanneer dit (nog) niet mogelijk was, is ingezet op persoonlijke ontwikkeling, vrijwilligerswerk en maatschappelijke en sociale activering. Deze inzet was gericht op volwaardige deelname aan de samenleving. Per 1 januari 2026 treedt de Wet van school naar duurzaam werk in werking, waarmee de regierol van gemeenten in de begeleiding van jongeren richting onderwijs en werk wordt versterkt. Via het regionale Doorstroompunt wordt ingezet op vroegsignalering, begeleiding en nazorg voor jongeren tot 27 jaar met (een risico op) afstand tot de arbeidsmarkt. Het sociaal ontwikkelbedrijf loopt hierop vooruit, waarbij de samenwerking tussen jobcoaches, werkcoaches en doorstroompuntcoaches al is ingericht en geborgd. Vanuit het Doorstroompunt is in 2025 een verbindende rol vervuld in de arbeidsmarktregio voor jongeren die zonder startkwalificatie uitvallen van school.
Acties We geven uitvoering aan het in 2024 vastgestelde re-integratiebeleid In 2025 zijn via de bemiddeling van het werkgeversteam 158 inwoners geplaatst op werk. Daarvan zijn 94 inwoners gestart bij een reguliere werkgever en volledig uitgestroomd uit de bijstand. Daarnaast zijn 34 inwoners geplaatst op een afspraakbaan, werkervaringsplek of detachering, of gestart met een BBL-opleiding. De overige 30 plaatsingen betreffen parttime werk en/of deelnemers vanuit het UWV, het onderwijs en niet-uitkeringsontvangers (NUO). Deze inzet, samen met de start van de overbrugbanen binnen het werkontwikkelbedrijf, heeft bijgedragen aan de daling van het aantal bijstandsgerechtigden in 2025. Landelijk neemt het aantal werkzoekenden onder jongeren tot 27 jaar toe en zijn met name kwetsbare doelgroepen gevoeliger voor verslechtering van de arbeidsmarkt. Toch laten de resultaten zien dat inzet op gerichte bemiddeling en aanvullende instrumenten bijdraagt aan uitstroom uit de bijstand. Wel is ten opzichte van 2024 een daling zichtbaar in het aantal plaatsingen op afspraakbanen en detacheringen bij reguliere werkgevers. Dit betreft inwoners uit het doelgroepregister, behorend tot de kwetsbare doelgroepen die minder profiteren van de krapte op de arbeidsmarkt. De huidige caseload is in beeld en waar mogelijk bemiddeld. Voor verdere plaatsingen is de gemeente afhankelijk van nieuwe instroom.
Werk in Zicht (WIZ) is het samenwerkingsverband in de arbeidsmarktregio Groningen en NoordDrenthe waarin gemeenten, UWV, sociaal ontwikkelbedrijven en partners samenwerken aan het versterken van de arbeidsmarktpositie van inwoners. Met het Programmaplan 2023-2027 ligt de focus op het bereiken, ontwikkelen en duurzaam inzetten van inwoners, waarbij ook het onbenut arbeids- en ontwikkelpotentieel beter wordt benut. De inzet van overbrugbanen vormt een aanvullend instrument binnen deze aanpak. Vanuit WIZ is hiervoor de JTF-subsidie Waardewerk verkregen. Hiermee worden in de periode september 2025 tot oktober 2028 binnen het werkontwikkelbedrijf 35 overbrugbanen gerealiseerd. Daarmee wordt 54
werkgelegenheid gecreëerd voor inwoners die (nog) geen aansluiting vinden op de reguliere arbeidsmarkt. Het doel is uitstroom naar regulier werk en, waar dit niet haalbaar blijkt, doorstroom naar beschut werk of een afspraakbaan om terugval in de bijstand te voorkomen. Inmiddels zijn de eerste 7 overbrugbanen gerealiseerd. Hiermee sluit de uitvoering aan bij de doelstellingen van WIZ en de sociale agenda van Nij Begun.
Doelstelling c. Inwoners met een arbeidsbeperking kunnen een eigen inkomen verdienen Inwoners met een arbeidsbeperking ondervinden vaak belemmeringen bij het vinden en behouden van betaald werk, bijvoorbeeld door een lagere productiviteit, de behoefte aan extra begeleiding of de noodzaak van een beschermde werkomgeving. Om deze belemmeringen te verminderen is in het afgelopen jaar actief ingezet op duurzame plaatsingen, zowel binnen het werkontwikkelbedrijf als bij reguliere werkgevers. De ondersteuning richtte zich daarbij op het creëren van passend werk en het ontzorgen van werkgevers, onder meer via jobcoaching, nazorg en werkgeversdienstverlening. Het Rijk stelt jaarlijks het aantal te realiseren beschutte werkplekken per gemeente vast.
Acties We nemen initiatief bij het matchen van inwoners Sinds 1 januari 2015 is instroom in de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) niet meer mogelijk. Daardoor neemt het aantal inwoners met een Wsw-indicatie, werkzaam binnen werkontwikkelbedrijven, al enkele jaren af. In 2025 waren 231 inwoners binnen het eigen werkontwikkelbedrijf werkzaam, wat een daling van 19 medewerkers is ten opzichte van 2024. Van deze groep waren 5 medewerkers werkzaam bij een reguliere werkgever, via begeleid werken. Om deze afname intern op te vangen is afgesproken het aantal beschutte werkplekken en afspraakbanen binnen het werkontwikkelbedrijf jaarlijks met maximaal 20 fte uit te breiden. Vanuit de Gemeenschappelijke Regeling was Wedeka eind 2025 de werkgever voor 63 inwoners met een Wsw-indicatie. Ten opzichte van 2024 is dit een daling van 8 medewerkers. Voor gemeente Midden-Groningen is de door het ministerie van SZW vastgestelde taakstelling voor beschutte werkplekken in 2025 bepaald op 51 plekken. Binnen het werkontwikkelbedrijf zijn inmiddels in totaal 108 medewerkers geplaatst op een beschutte werkplek, waarmee de gemeente ruimschoots boven de taakstelling presteert. Ten opzichte van 2024 betekent dit een toename van 14 medewerkers, in lijn met de landelijke trend van een groeiend aantal indicaties voor beschut werk.
In 2025 is daarnaast een bijzondere mijlpaal bereikt: de plaatsing van de 100ste medewerker op een beschutte werkplek. Een resultaat dat de inzet en ontwikkeling van beschut werk binnen de gemeente onderstreept. Inwoners met een arbeidsbeperking die niet zonder ondersteuning kunnen werken, zijn begeleid naar regulier werk via een afspraakbaan. Werkgevers ontvangen hiervoor een subsidie en, waar nodig, een vergoeding voor werkplekaanpassingen. In 2025 waren binnen het werkontwikkelbedrijf 30 medewerkers geplaatst op een afspraakbaan onder de Cao Aan de Slag. Ten opzichte van 2024 betreft dit een stijging van 11 medewerkers. De totale toename van het aantal medewerkers beschut werk en afspraakbaan bedraagt daarmee 25 personen. Deze toename blijft binnen de afgesproken maximale jaarlijkse uitbreiding van 20 fte. Dit komt doordat de instroom over het jaar is gespreid en een deel van de medewerkers in deeltijd is geplaatst, waardoor het aantal personen hoger ligt dan het aantal fte.
55
Doelstelling d. Ondernemers met financiële problemen worden snel geholpen. Ondernemers met (dreigende) financiële problemen kunnen in de gemeente Midden-Groningen laagdrempelig en kosteloos terecht bij het Loket Zelfstandigen. Het loket biedt advies en begeleiding aan zowel startende als gevestigde ondernemers. Daarbij wordt onder meer beoordeeld of startende ondernemers in aanmerking komen voor de Bbz-regelingen of een renteloze lening. Ook ondersteunt het loket bij het opstellen van een ondernemers- en financieel plan. Daarnaast biedt het Loket Zelfstandigen begeleiding bij schuldenproblematiek. Indien nodig worden ondernemers doorverwezen naar de Kredietbank Midden-Groningen voor een schuldhulptraject. De ondersteuning kan zich ook richten op het verkennen van mogelijkheden om (tijdelijk) arbeid in loondienst te combineren met het ondernemerschap, het beëindigen van de onderneming en het begeleiden naar passend werk. Door de stijgende kosten voor ondernemers lag de focus in het afgelopen jaar nadrukkelijk op financiële ondersteuning.
Acties We investeren in de ondersteuning van zelfstandige ondernemers In 2025 heeft het Loket Zelfstandigen in totaal 161 ondernemers gesproken. Van deze groep gaven 59 ondernemers aan schulden te hebben. Eind 2025 maakten 34 ondernemers gebruik van een schuldhulptraject via de Kredietbank Midden-Groningen. Hiervan zijn 26 ondernemers in 2025 nieuw ingestroomd. Het resterende aantal betreft trajecten die zijn voortgezet vanuit 2024. Van de ondernemers die gebruik hebben gemaakt van het schuldhulptraject hebben 4 ondernemers in 2025 hun traject succesvol afgerond en zijn zij schuldenvrij. Daarnaast fungeerde het Loket Zelfstandigen voor 49 inwoners met een bijstandsuitkering als sparringpartner bij het verkennen van het starten van een onderneming. Uiteindelijk zijn 3 inwoners daadwerkelijk gestart met een bedrijf. Voor 6 inwoners bleek het ondernemerschap (voorlopig) niet haalbaar en zij zijn vervolgens uitgestroomd naar regulier werk in loondienst. In november 2024 is gestart met een proactieve communicatiecampagne voor het Loket Zelfstandigen, waarbij bijna 5.500 lokale ondernemers zijn benaderd. Dit leidde in de eerste helft van 2025 tot een duidelijke toename van het aantal aanmeldingen. Het uitblijven van communicatie leidt aantoonbaar tot een daling van het bereik.
Om het bereikte effect te behouden is het voornemen de campagne periodiek, bijvoorbeeld om het jaar, in te zetten. Het Loket Zelfstandigen is ook verantwoordelijk voor de terugvordering van de tijdens de coronaperiode verstrekte TOZO-kredieten. Van de in totaal 77 verstrekte kredieten staan er momenteel nog 59 open. Over deze openstaande bedragen worden renteberekeningen gemaakt. Ondernemers die moeite hebben met de terugbetaling ontvangen begeleiding vanuit het loket.
Doelstelling e. Inwoners die nieuw zijn in Nederland voelen zich hier thuis en kunnen snel meedoen, het liefst via betaald werk Veel nieuwkomers die zich vanuit niet-Europese landen in onze gemeente vestigen, zijn verplicht om in te burgeren. Het gaat hierbij veelal om vluchtelingen. Inburgering houdt in, dat zij de Nederlandse taal leren en wegwijs worden in de Nederlandse samenleving en cultuur. Sinds 1 januari 2021 is de gemeente verantwoordelijk voor de uitvoering van de inburgering.
56
Acties We helpen nieuwkomers tijdens het inburgeringstraject In 2025 is ingezet op een goede start voor nieuwkomers in onze gemeente. De Kredietbank Midden-Groningen biedt in de eerste zes maanden financiële ondersteuning, Humanitas Midden-Groningen verzorgt de maatschappelijke begeleiding en BWRI voert maatwerk inburgeringstrajecten uit, waarbij huisvesting de eerste stap is. Samen met woningbouwcorporaties en de afdeling Inkomen & Voorzieningen (BWRI) zijn op deze manier 136 statushouders gehuisvest. Daarmee voldoet de gemeente, mede door een voorsprong uit eerdere jaren, ruimschoots aan de wettelijke taakstelling huisvesten statushouders van 95 bij een daadwerkelijke opgave van 61. De hogere realisatie hangt samen met de instroom van nareizigers en alleenstaande minderjarige vreemdelingen, waarvan een deel bij gezinsleden kon worden ondergebracht. Dit zorgde voor extra werkzaamheden bij de afdelingen Inkomen & Voorzieningen en Inburgering, waaronder het omzetten van uitkeringen naar gezinsverband en het afhandelen van uitkeringsaanvragen van meerderjarige kinderen. De Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) heeft het afgelopen jaar aan 83 personen een inburgeringsplicht opgelegd (wettelijke termijn drie jaar). Voor 70 personen is het inburgeringstraject gestart.
Het verschil wordt verklaard doordat een traject pas kan beginnen zodra huisvesting is geregeld, wat in veel gevallen relatief snel gebeurt. De samenwerking met taalscholen is verder versterkt, waarbij de nieuwe aanbieder Stavoor als positief wordt ervaren door korte lijnen en snelle afstemming. Een andere positieve ontwikkeling is de investering in extra taalondersteuning samen met het werkontwikkelbedrijf. Hiervoor is het team Inburgering van BWRI versterkt met een taalondersteuner nieuwkomers, die de verbinding legt tussen inburgering, participatieplekken en het werkontwikkelbedrijf. Verder zijn er 3 inburgeraars geplaatst in de eerdergenoemde overbrugbaan en zijn 6 statushouders met een vluchtelingenachtergrond gestart in het Grotius-project, een voorbereidend traject van de Hanze voor deelname aan het hoger onderwijs.
Doelstelling f. Vluchtelingen uit Oekraïne worden goed opgevangen. Sinds 2022 vangt de gemeente vluchtelingen uit Oekraïne op en ondersteunt hen bij het hervatten van hun dagelijks leven. De inzet is gericht op passende opvang, financiële ondersteuning die aansluit bij reguliere regelingen en begeleiding richting participatie en werk, waarbij veel vluchtelingen zelfstandig betaald werk hebben gevonden.
Acties We geven financiële hulp aan vluchtelingen uit Oekraïne In 2025 is aan vluchtelingen uit Oekraïne leefgeld verstrekt als vorm van financiële ondersteuning. Bij de vaststelling hiervan is de gezinssamenstelling leidend geweest, zodat de regeling aansluit bij reguliere inkomensvoorzieningen zoals de bijstandsuitkering. Op basis van de Regeling Oekraïners ontvingen 66 huishoudens leefgeld. Het aantal huishoudens is daarbij afgenomen, doordat de verstrekking per gezin plaatsvindt en het leefgeld voor het gehele gezin wordt beëindigd zodra sprake is van ander inkomen. Dit was voorheen niet het geval en werd dit per persoon beoordeeld.
57
Indicatoren Aantal huishoudens met een bijstandsuitkering Algemene bijstand
2022 1.593
Bereik minimavoorziening
2022
2023
2024
2025
1.587
1.615
2023
2024
1.551
2025
Bijzondere bijstand (aantal huishoudens)
1.644
1.457
1.530
1.487
Individuele Inkomenstoeslag (aantal huishoudens)
1.250
1.199
1.231
1.163
Webwinkel Meedoenfonds (aantal personen)
3.891
3.875
3.866
3.808
Maatwerkbudget (aantal huishoudens)
Onbekend
9
5
3
437
ca. 310
241
n.n.b.*
1.888
2.639
1.869
n.n.b.*
173
288
338
n.n.b.*
Voedselbank (aantal huishouden) Kledingbank Maxima (aantal personen) Jeugdfonds Sport en Cultuur (aantal kinderen) Voorzieningenwijzer (aantal huishoudens)
220
137
152
n.n.b.*
Gemiddelde besparing per huishouden
€ 375
€ 436
495
n.n.b.*
* De aantallen van de subsidiepartners zijn nog niet bekend (n.n.b.) en worden in de loop van Q1 2026 verwacht. Dit zal worden meegenomen in de indicatorentabel opgenomen in de Programmabegroting 2027. Aantal inwoners die vanuit de uitkering een betaalde baan hebben gevonden
2022
2023
2024
2025
Reguliere werkgever
132
111
99
94
Reguliere werkgever met een arbeidsbeperking (afspraakbaan + detachering}
33
38
27
14
Ondernemers die zijn geholpen door het Zelfstandigenloket
2022
2023
2024
2025
Aantal ondernemers gesproken
189
110
170
161
Hulp bij problematische schulden
49
16
17
34
Begeleid naar baan of bijbaan
48
9
9
11
Begeleiding startende ondernemers
29
18
43
49
Hulp bij beëindiging onderneming
13
4
21
18
Uitstroom uit de bijstand (geheel of gedeeltelijk)
11
4
7
8
Aantal inwoners met een baan in de beschermde omgeving van het ontwikkelbedrijf BWRI
2022
2023
2024
2025
Opdracht van het Rijk
41
44
44
51
Aantal ingevulde plekken (peildatum 31 december)
79
87
94
108
Aantal inburgeringstrajecten WI2021
2022
2023
2024
2025
Aantal gestart
82
123
87
Aantal lopend (peildatum 31 december)
0
147
82
70
Aantal afgerond (peildatum 31 december)
0
71
5
n.n.b.
Vluchtelingen uit Oekraïne worden goed opgevangen Aantal vluchtelingen geholpen met leefgeld
2022
2023 347
255
2024 174
83
2025 66
Vanuit de evaluatie minimabeleid is gekeken hoe we het bereik van de minimavoorzieningen naar de toekomst beter kunnen monitoren. Dit willen we ook doorvoeren in de opmaak van de indicatoren. Hiervoor gaan we een eigen dashboard vormgeven. De ingebruikname hiervan wordt in de loop van 2026 verwacht.
58
2.2.6 Schuldhulpverlening Algemeen De Kredietbank Midden-Groningen voert de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) uit. Ons beleidsplan 2022-2026 met de titel: ‘samen zorgen voor rust in je geldzaken’ helpt ons hierbij. Belangrijke onderwerpen voor 2025 waren: •
Het aantal inwoners met geregistreerde problematische schulden is gelijk aan of lager dan het landelijk gemiddelde;
•
Inwoners blijven zoveel mogelijk zelf de baas over hun eigen financiën.
Landelijke ontwikkelingen In maart 2024 hebben het kabinet, de Vereniging Nederlandse Gemeenten, NVVK en Divosa (vereniging van leidinggevenden in het sociaal domein) afspraken gemaakt rondom de ‘basisdienstverlening schuldhulpverlening'. Het doel van deze afspraken is om ervoor te zorgen dat de hulp aan inwoners met schulden in iedere gemeente makkelijk bereikbaar is en uit dezelfde onderdelen bestaat. In deze ‘basisdienstverlening’ spelen financiële begeleiding en nazorg een grote rol. Veel van de onderdelen uit de basisdienstverlening maken al deel uit van onze dienstverlening. Waar wij nog niet voldoen zetten wij ons in om dit zo snel mogelijk te bereiken. Zo zal het onderdeel 'begeleiding' uit de basisdienstverlening verder worden uitgewerkt binnen Nij Begun (zie regionale ontwikkelingen) en is de gemeente in 2025 aangesloten bij het 'Convenant lokale overheid.' In het 'Convenant lokale overheid' laten wij als gemeente onze verantwoordelijkheid als schuldeiser zien. Inwoners wijzen wij actief op de mogelijkheid tot hulp bij de Kredietbank. Daarnaast werkt de gemeente actief mee aan een schuldhulptraject als een inwoner zich bij de Kredietbank meldt. In 2025 is het team ‘belastingen’ aangesloten op het schuldenknooppunt. Dit onderdeel uit de basisdienstverlening is een portaal voor gestandaardiseerde gegevensuitwisseling tussen schuldhulpverleners en schuldeisers.
Door te werken via het schuldenknooppunt verloopt de informatie-uitwisseling tussen schuldhulpverleners en schuldeisers sneller en efficiënter. In 2026 zullen de teams 'financiën' en 'Midwerk' aansluiten. Daardoor krijgen inwoners sneller duidelijkheid over hun schuldenregeling. Regionale ontwikkelingen De sociale agenda van Nij Begun brengt voor de Kredietbank belangrijke ontwikkelingen mee. Hierin is de maatregel: ‘versterken financiële weerbaarheid’ opgenomen. Deze maatregel wil een effectievere aanpak van schuldenproblematiek in onze regio, door het inzetten van financiële begeleiding. Daarbij is het belangrijk dat wij goed kijken naar de persoonlijke situatie van de inwoner en ook aandacht hebben voor de niet-financiële leefgebieden. Naast financiële begeleiding is er in deze maatregel ook aandacht voor financiële educatie en een (doorbraak)fonds. De Kredietbank was in 2025 actief betrokken bij de ontwikkeling van deze maatregel. Ook in 2026 zijn wij onderdeel van de werkgroep die deze maatregel vormgeeft.
Doelstelling a. Het percentage inwoners met geregistreerde problematische schulden is gelijk aan of lager dan het landelijk gemiddelde. Het Centraal Bureau voor de Statistiek (hierna, CBS) publiceert ieder jaar het percentage inwoners met geregistreerde problematische schulden per gemeente. Ons doel is dat dit percentage gelijk aan of lager dan het landelijk gemiddelde wordt. Het percentage inwoners met problematische schulden in Midden-Groningen was in 2025 9.7%. Dit ten opzichte van 8.6% landelijk. Het percentage in Midden-Groningen is gedaald ten opzichte van 2024, toen was het aantal inwoners met problematische schulden 10.7%. 59
Acties Wij vergroten ons bereik en onze bekendheid onder onze inwoners. Dit doen wij door het inzetten van de volgende, meetbare, instrumenten: Preventief •
Kinderen en jongeren bereiden wij voor op hun financiële toekomst door ze te leren over geldzaken. Alle jongeren die 18 jaar zijn geworden hebben een verjaardagskaart ontvangen. De informatie achter de QR-code informeert ze over wat er verandert als ze 18 jaar worden.
•
Wij zijn zichtbaar geweest op het Aletta Jacobs College. Wij houden hier iedere week een financieel spreekuur. Tijdens de week van het geld gaven wij gastlessen en was er een Mobile Media lab. Dit deden wij in samenwerking met de politie, de afdeling Openbare Orde en Veiligheid (OOV) en Verslavingszorg Noord Nederland (VNN). Op de 'economen dag' hebben wij gastlessen gegeven aan havo en vwo-leerlingen uit het 4e en 5e jaar. Wij hebben een voorlichting gegeven aan ouders van leerlingen in het 3e en 4e jaar. Hier hebben in totaal 300 ouders en leerlingen bereikt. Tijdens de preventiemaand hebben wij voorlichtingen gegeven aan alle eerste klassen. Het doel van deze activiteiten is om jongeren financieel weerbaar te maken en geldzorgen te voorkomen.
•
Alle basisscholen hebben in 2025 2 keer een nieuwsbrief ontvangen. Hierin stond een overzicht van het landelijke en lokale aanbod van financiële educatie. Alle klassen van basisschool 'de Zonnewijzer' hebben gastlessen gehad tijdens de week van het geld.
•
Wij hebben 3 keer een budgetcursus georganiseerd. Hier hebben in totaal 31 mensen aan deelgenomen.
•
Wij hebben inwoners actief gewezen op de geldplannen ‘beter rondkomen’, ‘bijna 18’ ‘scheiden’ en ‘werkloosheid’. In totaal is hier 33 keer gebruik van gemaakt.
•
Onze netwerkpartners spreken inwoners met geldproblemen. Daarom hebben wij hun op de hoogte gehouden van de dienstverlening van de Kredietbank. Wij hebben twee keer een nieuwsbrief verzonden. Daarnaast hebben wij voorlichtingen gegeven bij Startfest, Kansrijk Talent, de bibliotheek en BWRI-werkbedrijf.
Schulden klein houden In 2024 hebben 299 inwoners onze hulp geaccepteerd, in 2025 428. Hiermee is het aantal inwoners dat hulp geaccepteerd heeft gestegen. Deze hulp kan bestaan uit een doorverwijzing naar andere hulpverlening (zoals verslavingszorg of de kredietbank) of een 'quick fix' (bijvoorbeeld een betalingsregeling). Problematische schulden Team Eropaf benadert naast de doelgroep vanuit vroegsignalering ook inwoners die te maken hebben met een langdurige achterstand bij hun zorgverzekeraar. Om deze doelgroep te bereiken waren zij in 2025 wekelijks aanwezig bij de sociale teams. Zij benaderden inwoners per SMS, door de inzet van een externe telefonische beldienst en door diverse spreekuren in de wijk. Team Eropaf werkt samen met het team gebiedsregie in het kader van de dorps- en wijkplannen. Een voorbeeld hiervan is de samenwerking met de dorpsraad van Foxhol. Hier is het idee voor een flyeractie uitgewerkt. Deze zal in het eerste kwartaal van 2026 plaatsvinden.
60
Doelstelling b. Onze inwoners blijven zoveel mogelijk zelf de baas over hun eigen financiële situatie Inwoners uit Midden-Groningen en klanten van de Kredietbank Midden-Groningen maken gebruik van financiële hulp die het beste past bij hun persoonlijke situatie. Hierbij hebben we gekozen voor de vorm van hulp die het minst ingrijpend is en waarbij de inwoner zo onafhankelijk mogelijk blijft. De hulp die wij bieden is zo kort als kan, maar zo langs als nodig. Zo hebben wij gewerkt aan de veerkracht van onze inwoners.
Acties Statushouders die het traject financiële ontzorging bij de Kredietbank volgen stromen na één jaar uit. Statushouders die in Midden-Groningen komen wonen worden financieel ontzorgd. Dit wordt gedaan door de budgetcoach statushouders in samenwerking met BWRI en Humanitas. Vaak houdt dit in dat wij de belangrijkste vaste lasten doorbetalen. Daarnaast bieden wij alle nieuwe statushouders financiële begeleiding. Deze financiële begeleiding bestaat uit individuele coaching en een budgetcursus. Dit jaar hebben we 4 keer een budgetcursus aan statushouders gegeven. Zo werken wij samen aan financiële zelfredzaamheid en het voorkomen van financiële problemen. Een deel van de statushouders valt nog onder de oude Inburgeringswet. Ook deze statushouders wordt financiële begeleiding geboden door middel van coaching en groepslessen. In 2025 stroomde 86% van de statushouders binnen één jaar uit.
In ons hulpaanbod houden wij rekening met verschillende doelgroepen. Niet iedere inwoner in Midden-Groningen heeft dezelfde vorm van hulp nodig. Daarom hebben we voor verschillende groepen inwoners een speciaal hulpaanbod. Bijvoorbeeld voor statushouders, ondernemers en jongeren. Wij werken samen met beschermingsbewindvoerders, Humanitas en Schuldhulpmaatje. De Kredietbank biedt, naast schuldhulpverlening en budgetbeheer, ook lichtere vormen van hulp. Bijvoorbeeld het adviesgesprek of budgetcoaching. Zo ontvangt iedere inwoner met geldzorgen een passend hulpaanbod. Het aantal ondernemers wat hulp zoekt bij geldzorgen is in 2025 gestegen. In 2024 hebben wij 17 ondernemers doorverwezen voor financiële hulp. In 2025 waren dit 26 ondernemers. Het aantal jongeren dat hulp zoekt bij de gemeente is gestegen. In 2024 hadden wij 59 nieuwe aanmeldingen. In 2025 waren dit er 65.
Inwoners met beschermingsbewind worden binnen één jaar doorgeleid naar hulp bij schulden. In 2025 hebben we deze actie aangepast naar: Alle inwoners met schuldenproblematiek die onder bewind staan bij de aangesloten convenantpartners worden in 2025 besproken. Deze actie hebben we aangepast omdat we zien dat de complexiteit van de dossiers toeneemt. Dit maakt dat een snelle aanmelding voor schuldhulpverlening niet altijd haalbaar is. Meer afstemming en maatwerk zijn noodzakelijk om goed aan te sluiten bij de situatie van de inwoner. Soms is daarbij meer tijd nodig om financiële stabiliteit te bereiken, of om de noodzakelijke gedragsverandering op gang te brengen die nodig is voor een duurzaam traject. In 2025 zijn de inhoudelijke dossiers van alle inwoners met schuldenproblematiek die onder bewind staan bij onze vier convenantpartners besproken. Tijdens deze dossierbesprekingen zagen we dat bij een groot deel van de inwoners de schuldensituatie inmiddels was opgelost of dat er al een passende oplossing in gang is gezet. Deze oplossing kan liggen in een aanmelding bij de Kredietbank. Sommige bewindvoerders kiezen voor een rechtstreekse aanvraag van een WSNP bij een externe partij. Hierin hebben bewindvoerders keuzevrijheid. 61
Door samen te werken blijven we monitoren en signaleren. Hierdoor hebben we meer inzicht in de voortgang van trajecten en kunnen we waar nodig sneller schakelen om inwoners passende hulp te bieden.
Wij werken met onze klanten aan financiële zelfredzaamheid. Het aantal klanten met budgetbeheer daalt met 30% ten opzichte van 2022. Samen met onze klanten werken we aan het verbeteren van financiële vaardigheden. Dit bereiken wij door vanaf het eerste contact met onze klanten te starten met financiële begeleiding. Onze klanten maken niet langer gebruik van onze hulp dan nodig (zo kort als kan, zo lang als nodig) en stromen blijvend uit. Hierbij hebben wij bijzondere aandacht voor de klanten die langer dan 6 jaar budgetbeheer hebben. Zo laten we bijvoorbeeld de betalingen van de vaste lasten stap voor stap weer over aan de inwoner. Dit traject heet 'duurzame uitstroom'. Zo zorgen we ervoor dat onze inwoners niet opnieuw financiële problemen krijgen. Het aantal klanten dat langdurig gebruik maakt van budgetbeheer is gedaald ten opzichte van 2022.
Indicatoren Aantal aanmeldingen en adviesgesprekken In 2025 hebben wij 148 adviesgesprekken gevoerd. Wij hebben 309 nieuwe aanmeldingen gehad.
62
2.2.7 Sociale teams Algemeen De sociale teams hebben een centrale rol in het sociaal domein. Zij zijn vaak het eerste aanspreekpunt voor inwoners die een vraag tot ondersteuning hebben. De sociale teams bieden de toegang tot zorg en ondersteuning. Ook geven ze zelf lichte ondersteuning aan inwoners op alle levensdomeinen. Dit werk van de sociale teams gebeurt vanuit de drie sociale wetten die we moeten uitvoeren: de Jeugdwet, de Wmo en de Participatiewet. De sociale teams zijn ondergebracht bij Kwartier Zorg en Welzijn. Het welzijnswerk wordt steeds meer geïntegreerd binnen de teams. Samen met inwoners kijken ze naar wat wél goed gaat, wat mensen zelf kunnen en wat zij samen met de mensen om hen heen kunnen doen om problemen en moeilijkheden aan te pakken. Zodat er met de inwoners betere oplossingen worden gevonden. We zijn in 2025 gestart met een transformatieproces om de organisatie Kwartier om te buigen naar een gemeentelijke stichting. Zo hebben we als gemeente meer sturing en kunnen we het strategische opdrachtgeverschap beter invullen. De verwachting is dat we met deze omvorming sneller de juiste stappen kunnen gaan zetten, ook in de uitwerking van de Hervormingsagenda Jeugd en de het Toekomstscenario Jeugdbescherming. Ook hebben we de basishulp jeugd in te richten. Daarvoor zijn sterke sociale teams een belangrijke voorwaarde.
Uiterlijk per1 januari 2028 willen we de uitvoering van de sociale teams op een nieuwe manier hebben ingericht.
Doelstelling a. De sociale teams begeleiden inwoners naar de juiste zorg en ondersteuning We wilden de werkwijze en inrichting van de sociale teams verder ontwikkelen, zodat zij onze inwoners nog beter naar de juiste zorg en ondersteuning konden begeleiden, vanuit de visie sociale veerkracht. Ingezette ondersteuning heeft alleen zin als deze leidt tot een verhoging van het welbevinden van de inwoner en zijn of haar omgeving. We wilden in 2025 meer sturen op het resultaat van de geboden ondersteuning. Onderdeel van het sturen op resultaat is het monitoren en verbeteren van de kwaliteit van zorg en ondersteuning van jeugdhulp. Dit gebeurde via een periodieke controle op de aanwezigheid en kwaliteit van een plan.
Acties We implementeren en gaan verder met het ontwikkelen van Bevorderen Sociale Veerkracht De ervaringen en leerpunten uit het NPG-project Bevordering sociale veerkracht (2021-2024) zijn in 2025 opgenomen in de pilot Integrale aanpak voor inwoners met gestapelde problematiek (bestuursopdracht). Ook is de visie sociale veerkracht met de leerervaringen uit het project geborgd in de planvorming voor de nieuwe stichting sociale teams.
We voeren het NPG-project Inzet Ervaringsdeskundigen Armoede en Sociale Uitsluiting uit Dit NPG-project richt zich op de versterking van sociale veerkracht en het tegengaan van sociale uitsluiting van inwoners in armoede en/of schulden. De NPG-projecten worden verder toegelicht in programma 2.5. Gevolgen gas -en zoutwinning en lokaal programma NPG.
We voeren vroegsignalering van armoede en schulden integraal uit binnen de sociale teams De Sociale Teams kunnen in voorkomende casussen snel de weg vinden naar de Kredietbank en de BWRI. De nieuwe participatiewet In Balans, het zelfstandigen loket en Team Erop Af dragen 63
sterk bij aan de integraliteit van de samenwerking. De wens deze integrale samenwerking nog verder vorm te geven nemen we mee naar 2026. Voor meer informatie zie 2.2.5.
Doelstelling b. De sociale teams werken meer samen met de welzijnsdiensten Ondersteuningsvragen van inwoners pakten we zo laagdrempelig mogelijk op. Door aansluiting van het welzijnswerk binnen de teams maakten we meer voorliggende ondersteuning mogelijk, liefst in groepsverband. Dit zorgde ervoor dat er minder vaak een beroep hoeft te worden gedaan op professionele zorg en ondersteuning.
Acties We investeren in de samenwerking tussen sociale teams en welzijnsdiensten Vanaf 2023 wordt invulling gegeven aan integrale gebiedsteams. In deze teams worden nieuwe aanmeldingen besproken. Vanuit alle disciplines is een vertegenwoordiger betrokken. Het gaat om toegang jeugdzorg, Wmo, welzijnstaken en de kredietbank. De nadruk ligt op de transformatie van geïndiceerde zorg naar laagdrempelige snelle ondersteuning.
We versterken de samenwerking tussen de sociale teams en jongerenwerk. Vanuit de sociale teams zetten we het voorliggend veld steeds meer in. Casemanagers jeugd en jongerenwerkers werken vanaf 2023 samen in de sociale teams. Op deze manier worden jongeren, waar mogelijk, laagdrempelig ondersteund door een jongerenwerker. Daarna kan, indien nodig, opgeschaald worden naar de toegang tot jeugdzorg.
Doelstelling c. Inwoners ontvangen de benodigde hulp en ondersteuning binnen de wettelijke termijnen We zetten in op het verkleinen van de wachtlijsten binnen de sociale teams en het beperken van de wachttijden tot de wettelijke termijnen.
Acties We geven uitvoering aan de beheersmaatregelen en eventuele opvolging daarvan We hebben meerdere beheersmaatregelen ingezet om de jeugdhulp beter en goedkoper te maken. De inhoudelijke en financiële voortgang is gemonitord met het dashboard Sociaal domein. Daarnaast hebben Team050 en Solidzorg de opdracht om de wachtlijsten weg te werken.
We zetten in op het voorkomen van wachtlijsten We zijn gestart met het werken in gebiedsteams. Hierdoor wordt de samenwerking tussen de sociale teams en welzijnswerk versterkt met het doel meer voorliggend op te pakken en onnodige verwijzing naar zorg te voorkomen.
64
Doelstelling d. De sociale teams hebben een goed beeld van de lokale ondersteuningsbehoefte en maatschappelijke uitdagingen Goed zicht op de lokale ondersteuningsbehoefte en maatschappelijk uitdagingen zorgt ervoor dat we beter kunnen inschatten of de sociale teams de goede dingen doen, en of ze de goede dingen goed doen. De sociale teams kunnen zich met de juiste informatie en gegevens ook beter en sneller aanpassen aan ontwikkelingen in de lokale samenleving.
Acties We geven periodiek samen met de sociale teams duiding aan de cijfers en ontwikkelingen in de indicatoren We verzamelen periodiek gegevens over zorggebruik voor managementrapportages en voor verbetering van kwaliteit en efficiëntie van zorggebruik. We signaleren trends, kostenontwikkeling en opvallende afwijkingen. In 2025 werken we aan de systematisering van de verzameling van gegevens, de analyse ervan en de vervolgstappen in de vorm van verbetering van werkwijzen.
We werken in 2026 aan het implementeren van de gebiedsanalyses In 2025 hebben we in samenwerking met gebiedsregie en Kwartier zorg en welzijn een inventarisatie gedaan naar de invulling van de gebiedsanalyses. Deze analyses worden in 2026 definitief gemaakt en geïmplementeerd in de sociale teams en het welzijnswerk.
65
2.2.8 Verplichte beleidsindicatoren (BBV) Naam Indicator
Eenheid
Absoluut verzuim
Aantal per 1.000 leerlingen
Relatief verzuim
Vroegtijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie (vsv-ers)
Banen
Jongeren met een delict voor de rechter
Kinderen in uitkeringsgezin
Netto arbeidsparticipatie
Werkloze jongeren
Personen met een bijstandsuitkering
Lopende re-integratievoorzieningen
Jongeren met jeugdhulp
66
Aantal per 1.000 leerlingen
% deelnemers aan het VO en MBO onderwijs
Aantal per 1.000 inwoners in de leeftijd 15 – 64 jaar
% 12 t/m 21 jarigen
% kinderen tot 18 jaar
% van de werkzame beroepsbev. t.o.v. van de beroepsbev.
% 16 t/m 22 jarigen
Aantal per 10.000 inwoners
Aantal per 10.000 inwoners van 15 – 64 jaar
% van alle jongeren tot 18 jaar
Peiljaar MG Nederland 2024
12,2
6,7
2023
12,8
6,3
2022
10,5
4,2
2021
1,5
2,7
2024
31
28
2023
29
27
2022
24
24
2021
27
20
2024
3,2
2,3
2023
2,5
2,3
2022
2,7
2,4
2021
2,3
1,9
2024
608,4
850,2
2023
606,4
839,9
2022
603,7
827,6
2021
590,4
807,6
2024
1,0%
1,0%
2023
1,0%
1,0%
2022
1,0%
1,0%
2021
1,0%
1,0%
2024
7,0%
6,0%
2023
7,0%
6,0%
2022
7,0%
6,0%
2021
8,0%
6,0%
2024
70,5
73,2
2023
70,1
73,1
2022
69,3
72,2
2021
67,2
70,4
2024
3,0%
2,0%
2023
3,0%
2,0%
2022
3,0%
1,0%
2021
2,0%
2,0%
2025
256,3
297,9
2024
344,4
280,7
2023
332,1
280,4
2022
329
281,2
2024
502,4
203,1
2023
452,3
191,5
2022
469,6
197,7
2021
495,7
197,7
2024
16,4%
13,2%
2023
17,0%
13,5%
2022
17,1%
13,9%
2021
16,8%
14,0%
Jongeren met jeugdbescherming
Jongeren met jeugdreclassering
Cliënten met een maatwerkarrangement WMO
Demografische druk
% van alle jongeren tot 18 jaar
% van alle jongeren van 12 tot 23 jaar
Aantal per 10.000 inwoners
%
2024
1,3%
1,0%
2023
1,4%
1,1%
2022
1,6%
1,2%
2021
1,6%
1,2%
2024
0,6%
0,4%
2023
0,5%
0,3%
2022
0,4%
0,3%
2021
0,4%
0,3%
2025
820
660
2024
890
720
2023
880
700
2022
860
710
2025
77,2%
70,7%
Toelichting: Het aantal personen van 0 tot 20 jaar én 65 jaar of
2024
76,0%
70,4%
ouder per honderd personen van 20 tot 65 jaar.
2023
75,4%
70,3%
2022
75,6%
70,3%
De gegevens kunnen onderhevig zijn aan verandering en zijn overgenomen van waarstaatjemgemeente.nl op peildatum 18-02-2026
67
2.2.9 Financieel overzicht Sociaal Bedragen x €1.000 Omschrijving
Realisatie 2024
Primitief begroot 2025
Begroting 2025 na wijzigingen
Realisatie 2025
Verschil 2025
Lasten Inkomensregelingen
42.568
43.145
44.074
44.033
42
(Werk)Participatie
24.229
21.152
22.175
22.753
-579
Burgerparticipatie
13.224
6.492
13.655
13.223
432
WMO (oude taken)
12.948
32.061
29.899
29.528
371
WMO Sociaal domein (nieuwe taken)
16.129
0
0
0
0
Accommodaties
2.082
1.453
1.812
1.736
76
Jeugd
42.564
43.561
44.360
44.900
-540
Onderwijs
10.810
10.637
12.477
11.948
528
Totaal Lasten
164.555
158.501
168.451
168.122
329
Inkomensregelingen
34.882
34.076
38.253
38.014
239
(Werk)Participatie
5.547
2.631
2.805
3.321
-516
Burgerparticipatie
9.119
2.055
9.850
9.306
545
WMO (oude taken)
833
7.173
7.480
7.739
-259
WMO Sociaal domein (nieuwe taken)
7.354
0
0
0
0
118
138
474
467
7
1.366
820
854
1.275
-421
Baten
Accommodaties Jeugd Onderwijs
4.049
3.583
4.966
4.708
258
Totaal Baten
63.266
50.474
64.683
64.830
-147
-101.289
-108.027
-103.769
-103.292
-477
Saldo van baten en lasten voor bestemming Stortingen Inkomensregelingen
63
1
245
245
0
(Werk)Participatie
1.509
121
221
221
0
Burgerparticipatie
84
0
800
800
0
WMO Sociaal domein (nieuwe taken)
14
0
0
0
0
Accommodaties
0
0
800
800
0
Jeugd
95
0
3.164
3.164
0
Onderwijs
130
130
205
205
0
1.894
252
5.435
5.435
0
Inkomensregelingen
1.267
0
101
101
0
(Werk)Participatie
1.282
594
1.035
847
188
Burgerparticipatie
750
0
425
230
195
WMO (oude taken)
0
0
94
94
0
WMO Sociaal domein (nieuwe taken)
90
0
0
0
0
Accommodaties
4
4
4
4
0
Totaal Stortingen Onttrekkingen
68
Omschrijving Jeugd
Realisatie 2024
Primitief begroot 2025
Begroting 2025 na wijzigingen
Realisatie 2025
Verschil 2025
1.358
0
95
95
0
478
120
421
421
0
Totaal Onttrekkingen
5.230
718
2.176
1.793
383
Totaal mutatie reserves
3.336
466
-3.259
-3.642
383
-97.953
-107.561
-107.028
-106.934
-93
Onderwijs
Saldo van baten en lasten na bestemming
Toelichting Het saldo na bestemming op het programma sociaal is € 227.000 nadelig. De lasten zijn € 9.000 hoger en de baten zijn € 147.000 hoger. De mutatie reserve zorgt voor een nadeel van € 383.000 We lichten hieronder per onderdeel de belangrijkste wijzigingen toe. Inkomensregelingen Lasten (€ 42.000 voordelig): De lasten voor de Loonkostensubsidie zijn € 205.000 hoger dan begroot door toename van het aantal inwoners dat werkt met loonkostensubsidie o.a. de overbrugbanen. In 2026 ontvangen we deze hogere lasten weer van het Rijk in de definitieve bijstelling van de BUIG. Het gemiddelde bijstandsuitkering bedrag was hoger dan vooraf ingeschat waardoor er een nadeel is van € 832.000. In 2025 was er een daling in het gebruik van de bijzondere bijstand het voordeel is € 363.000. De risicodragende vorderingen zijn in 2025 afgenomen, hierdoor was er een lagere storting in de voorziening nodig dan begroot. Het voordeel is € 122.000. De declaraties van inwoners vanwege de Hersteloperatie Kinderopvangtoeslag zijn lager dan vooraf ingeschat het voordeel is € 96.000 hierdoor zijn de baten uit de specifieke uitkering van het Rijk ook lager. De salarislasten zijn € 372.000 lager dan begroot vanwege functies die nog niet ingevuld zijn en personeelsmutaties. Van de decentralisatie uitkering van het Rijk uit de meicirculaire 2025 voor inzet vroeg signalering (het Team Vroeg erop af) ad.
€ 82.000 is € 22.000 ingezet, de overgebleven middelen van € 60.000 wordt in 2026 besteed. Overige plussen en minnen tellen op tot een voordeel van € 76.000. Baten (€ 239.000 nadelig): De onttrekking aan de voorziening dubieuze debiteuren, voor oninbare vorderingen, is € 80.000 lager dan begroot. Dit leidt tot een nadeel. Vanwege de lagere lasten voor de Hersteloperatie Kinderopvangtoeslag zijn de baten uit de specifieke uitkering € 96.000 lager dan begroot. Overige plussen en minnen tellen op tot een nadeel van € 63.000. Werkparticipatie Lasten (€ 579.000 nadelig): De omzet voor het werkbedrijf was in 2025 hoger dan begroot waardoor de directe kosten ook hoger zijn. Dit leidt tot een nadeel van € 95.000. Hier staan ook hogere baten tegenover. De lasten voor het leasen van het wagenpark waren te laag ingeschat waardoor er een nadeel is van € 216.000. Onze gemeente realiseert een hoger aantal plaatsingen voor beschut werk dan de taakstelling van het Rijk. Waardoor de salarislasten en de lasten voor de ontwikkeling van deze inwoners hoger zijn. Daarnaast zijn er 8 overbrugbanen gerealiseerd die gefinancierd worden uit de JTF-subsidie Waardewerkt. Het totale nadeel is € 345.000. De lasten voor de tijdelijke huisvesting BWRI waren € 105.000 lager door minder uitgaven aan onderhoud, algemene kosten en energielasten.
Daarnaast is de onttrekking aan de reserve Tijdelijke Huisvesting BWRI ook lager. Overige plussen en minnen tellen op tot een nadeel van € 28.000.
69
Baten (€ 516.000 voordelig): De omzet van het werkbedrijf laat een positief resultaat zien door een goede orderportefeuille. Het voordeel is € 343.000. Wedeka heeft het jaar 2024 positief afgesloten waardoor onze gemeente een bijdrage heeft ontvangen van € 246.000. In 2025 zijn de subsidies van het JTF niet ontvangen waardoor er een nadeel is van € 218.000. We verwachten deze in 2026 wel te ontvangen. Uit de voorziening RVU en verlofsparen SWmedewerkers is € 56.000 aangewend, dit is een voordeel in de baten. De subsidie van MDIEU was hoger dan begroot het voordeel is € 30.000. Overige plussen en minnen laten een voordeel zien € 59.000 Mutatie reserve: (€ 188.000 nadelig): Door de lagere lasten voor de Tijdelijke Huisvesting BWRI is de onttrekking aan deze reserve lager dan begroot, het nadeel is € 190.000. Overige plussen en minnen tellen op tot een voordeel van € 2.000. Burgerparticipatie Lasten (€ 432.000 voordelig): Het aantal inburgeringstrajecten neemt toe. Vanwege afboekingen van een aantal balansposten (opgenomen verplichtingen voorgaande jaren) zien we voor 2025 een voordeel in de lasten van € 831.000. Daar staat de lagere bijdrage van de specifieke uitkering tegenover. Per saldo een neutraal effect. De uitgaven voor domein overstijgend samenwerken waren € 86.000. Grotendeels wordt dit gedekt door de specifieke uitkering die hiervoor beschikbaar is.
De vluchtelingen uit Oekraïne zijn opgevangen in Hoogezand, Muntendam en Slochteren. De lasten zijn € 335.000 hoger dan begroot. Dit komt met name door hogere kosten voor beveiliging, energie en schoonmaak. Hier staan ook hogere baten tegenover. Overige plussen en minnen tellen op tot een voordeel van € 11.000. Baten (€ 545.000 nadelig): De baten van de specifieke uitkering Inburgering zijn € 831.000 lager. Hier staan de lagere lasten tegenover, per saldo een neutraal effect. De uitkering van de specifieke uitkering domein overstijgend samenwerken is € 69.000. Vanwege cofinanciering is dit € 17.000 lager dan de gemaakte kosten hiervoor. Het Rijk heeft een specifieke uitkering ter beschikking gesteld voor de opvang van vluchtelingen uit Oekraïne. Deze baten zijn € 166.000 hoger dan begroot. Overige baten en lasten tellen op tot een voordeel van € 51.000. Mutatie reserve (€ 195.000 nadelig): Voor de bestuursopdracht integrale gestapelde problematiek is er minder onttrokken uit de reserve, deze worden in 2026 besteed. Het nadeel is € 195.000. WMO Lasten (€ 371.000 voordelig): De lasten voor huishoudelijk hulp zijn ten opzichte van 2024 gestegen doordat er meer inwoners hiervan gebruik maken. De lasten voor 2025 zijn lager dan begroot omdat de groei lager is dan verwacht. Het voordeel is € 189.000. Aan verstrekking woonvoorzieningen is er € 54.000 meer besteed.
Voor beschermd wonen zijn de lasten € 162.000 hoger, hiertegenover staan ook hogere baten. We zien een daling van het aantal mensen met dagbesteding, de lasten zijn daarom ook lager. Het voordeel is € 355.000. De toegerekende salarislasten aan dit product waren € 109.000 lager. Overige plussen en minnen tellen op tot een nadeel van €66.000. Baten (€ 259.000 voordelig): Voor beschermd wonen waren de baten € 234.000 hoger, de lasten waren ook hoger over 2025. De overige plussen en minnen tellen op tot een voordeel van € 25.000. Accommodaties Lasten (€ 76.000 voordelig): Deze afwijking wordt niet toegelicht. Baten (€ 7.000 nadelig): Deze afwijking wordt niet toegelicht.
70
Jeugd Lasten (€ 540.000 nadelig): De lasten van Jeugd ZIN zijn € 380.000 hoger. Eind 2025 is de indicatiewaarde voor Q3 en Q4 2025 nog fors toegenomen. Daarnaast is de verzilvering, percentage van de indicatiewaarde dat leidt tot een declaratie van een zorgaanbieder, meer gestegen dan verwacht. Dit heeft geleid tot een toename van de lasten in met name de 2e helft van 2025. Voor uitvoering van Gezond en actief leven akkoord (GALA), het integraal zorgakkoord (IZA) en Welzijn op recept zijn de lasten in totaal € 259.000 hoger dan begroot. Hier staan echter ook hogere baten tegenover. Dit is saldo neutraal. Overige verschillen tellen op tot een voordeel van € 99.000. Baten (€ 421.000 voordelig). Dit voordeel wordt veroorzaakt door hogere baten voor GALA, IZA en Welzijn op recept (€ 398.000). Overige verschillen tellen op tot een voordeel van € 26.000.
Onderwijs Lasten (€ 528.000 voordelig): De uitgaven van onderwijsachterstanden beleid zijn lager dan begroot. Het voordeel is € 237.000. We ontvangen van het Rijk een specifieke uitkering hiervoor. De baten zijn dan ook lager, per saldo heeft dit een neutraal effect. Voor nieuwkomers onderwijs zijn de middelen provinciaal beschikbaar gesteld en zijn niet volledig besteed in 2025 het voordeel is € 94.000. Deze zullen in 2026 besteed gaan worden. Daartegenover staan ook lagere baten waardoor het geen effect heeft op het saldo. In 2025 waren de lasten voor leerlingenvervoer lager dan begroot door een lager aantal leerlingen dat gebruik maakte van leerlingenvervoer, het voordeel is € 206.000. Er is een subsidie van €140.000 verleend aan 4 scholen voor gezonde schoolpleinen. Hiervoor heeft de gemeente een subsidie ontvangen van de Stichting Nationaal Jeugdfonds en Jantje Beton. Per saldo geen effect. De verwarmingsinstallatie van het schoolgebouw aan de Mars is voor het einde van de levensduur vervangen. De restwaarde van de oude installatie is afgeschreven het nadeel is € 230.000. Voor het scholenprogramma zijn de sloopkosten opgenomen in de grondexploitatie vrijkomende locaties waardoor de lasten € 87.000 lager zijn. Daardoor zijn er ook lagere baten. De salarislasten zijn € 234.000 lager dan begroot vanwege personeelsmutaties en toerekening van salarislasten.
De overige plussen en minnen tellen op tot een voordeel van € 40.000. Baten (€ 258.000 nadelig): Door de lagere lasten van onderwijsachterstanden beleid en Onderwijs nieuwkomers is er een nadeel in de baten van € 237.000 en € 94.000. De gemeente heeft € 140.000 ontvangen van Jantje Beton, hiervoor hebben 4 scholen een subsidie ontvangen voor gezonde schoolpleinen. Er zijn € 87.000 lagere baten voor het scholenprogramma doordat de lasten zijn opgenomen in de grondexploitatie vrijkomende locaties. Overige plussen en minnen tellen op tot een voordeel van € 20.000. 71
2.3 Programma Fysieke leefomgeving In deze paragraaf beschrijven we hoe we in 2025 hebben gewerkt aan de ruimtelijke en economische ontwikkeling van onze gemeente. We voeren verschillende beleidstaken tegelijk en in samenhang uit. Die hebben direct invloed op de leefomgeving van onze inwoners. Het gaat bijvoorbeeld over wonen, werken, verkeer en duurzaamheid. Wij willen dat ook volgende generaties fijn kunnen wonen, werken en ontspannen in onze mooie gemeente. Daarom houden we in onze beslissingen rekening met de gevolgen op de omgeving. Het programma Fysieke leefomgeving bestaat uit de volgende onderdelen: 2.3.1 Ruimtelijke ontwikkeling en kwaliteit 2.3.2 Wonen 2.3.3 Werken 2.3.4 Energie en Duurzaamheid
2.3.1 Ruimtelijke ontwikkeling en kwaliteit Algemeen Wij vinden het belangrijk dat onze leefomgeving van goede kwaliteit is. Wij willen dat onze inwoners goed kunnen wonen, leven en werken. In deze paragraaf beschrijven we de activiteiten en projecten die een bijdrage leveren aan de het op orde brengen en houden van de ruimtelijke kwaliteit van onze leefomgeving.
72
Doelstelling a. Het stedelijk gebied van Hoogezand en Sappemeer versterken We willen dat Hoogezand en Sappemeer fijne plekken zijn om te wonen, te werken en te leven. We willen plekken verbeteren waar de leefbaarheid niet goed is.
Acties Masterplan Regiocentra Het Masterplan voor Hoogezand en Sappemeer is op 5 juni vastgesteld. Het Masterplan is een integrale visie voor het stedelijk gebied van Hoogezand en Sappemeer en geeft een ontwikkelperspectief voor de komende 10-15 jaar.