24-169 Bijlage 1. Notitie beleidskaders beheer en onderhoud civieltechnische kunstwerken 2025-2034
Tekst van het document
Verduurzaming Het civiele kunstwerken areaal bestaat uit kunstwerken met verschillende leeftijden. Vroeger bouwde men vaak met de intentie om een object zo lang mogelijk mee te laten gaan. In dat opzicht waren ze al robuust van opzet. Om ervoor te zorgen dat het kunstwerk daadwerkelijk de beoogde levensduur haalt, is het belangrijk dat we circulair beheren en onderhouden. De uitdaging is om bestaande kunstwerken circulair te ontwerpen en te onderhouden.
Pagina 24 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
In het conceptbeleidsplan Zeeland Circulair worden drie kernprincipes gehanteerd in de openbare ruimte en infrastructuur: 1) Preventie - Nadruk ligt op het voorkomen van onnodige bouwprojecten. 2)
Waardebehoud - Verleng de levensduur van bestaande objecten of componenten. - Maak gebruik van wat er al is.
3)
Waardecreatie - Ontwerp voor meerdere levenscycli. - Ontwerp toekomstbestendig. - Ontwerp voor optimaal beheer en onderhoud. - Ontwerp voor duurzaam materiaalgebruik. - Ontwerp voor minimaal grondstof- en energiegebruik in aanleg en gebruiksfase.
Bij nieuwe kunstwerken is het belangrijk om vanaf de ontwerpfase circulariteit in het gehele proces mee te nemen. De uitdaging bij bestaande kunstwerken is om deze circulair te onderhouden. Bijvoorbeeld door een leuningstijl van een brug te repareren met tweede hands materiaal of materiaal dat een lagere milieubelasting heeft. Door middel van de MilieuKostenIndicator (MKI-berekening) kunnen we de milieubelasting uitrekenen. Een materialenpaspoort geeft inzicht in de soort, omvang en herkomst van materialen die zijn toegepast bij een civiel kunstwerk. Deze informatie maakt het makkelijker om bij beheer, onderhoud en sloop te hergebruiken. De R-ladder vertaald de kernprincipes naar concrete acties. De R-ladder heeft zes treden die de verschillende mate van circulariteit weergeven. Trede 1 van de R-ladder is de hoogste mate van circulariteit. Uitgangspunten en advies duurzaamheid - Aansluiten bij de kernprincipes van het concept circulair beleid. - Levensduur verlengende maatregelen uitvoeren. - Milieubelasting reduceren. - Duurzame materialen toepassen. Ambitieniveau 2 ”vooruitstrevend” is de eerste stap in het groeimodel van verduurzaming.
Pagina 25 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
4.3
12-nov-24
Input uit werksessie raadsvertegenwoordigers 4 april 2024
Op 4 april 2024 hebben we een werksessie over civieltechnische kunstwerken gehouden met vertegenwoordigers van de gemeenteraad. In bijlage 7 is een samenvatting van deze werksessie opgenomen. Op hoofdlijnen kwam tijdens de sessie naar voren dat de aanwezige raads- en fractieleden het belangrijk vinden om het beheer en onderhoud van civiele kunstwerken op orde te brengen. Daarbij hebben ze een preventieve, integrale en toekomstbestendige aanpak voor ogen. Met aandacht voor duurzaamheid, biodiversiteit en cultuurhistorie. Uitgangspunten en advies vanuit de werksessie met vertegenwoordigers van de raad -
4.4
Voldoen aan zorgplicht en veiligheid borgen Beheer en onderhoud op orde Verschillen in conditieniveau inzichtelijk maken (basis op orde, cultuurhistorisch belangrijk) Preventief beheer en onderhoud in plaats van reactief piepsysteem Meerjarig (10 jaar) plannen Integraal aanleggen beheren en onderhouden met aandacht voor verschillende beleidsvelden (cultuurhistorie, biodiversiteit en duurzaamheid) Bij ingewikkelde keuzes en of tegenstrijdige belangen, dilemma’s inzichtelijk maken Benodigde financiële middelen beschikbaar Voorstel met keuzemogelijkheid in ambities
Overzicht ambitieniveaus
Aan de hand van de kaders hebben we verschillende ambitieniveaus ontwikkeld. Op de volgende bladzijde is een tabel opgenomen, waar deze in beeld zijn gebracht. De raad kan hiermee -afhankelijk van haar ambitie - een keuze voor de nieuwe beleidsperiode maken. De financiële gevolgen van ambitieniveau 2 zijn toegelicht in hoofdstuk 5. Tabel ambitieniveaus beheer, onderhoud, verduurzaming en biodiversiteit.
Pagina 26 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
Pagina 27 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
5 Financieel 5.1
Inleiding
Het vorige hoofdstuk hebben we afgesloten met een inzicht over de kosten in de nieuwe beleidsperiode. In dit hoofdstuk geven we inzicht in de financiële waarde dat ons areaal heeft. De vervangingswaarde. Als laatste lichten we kort toe hoe we omgaan met de financiën bij beheer, onderhoud en investeringen.
5.2
Vervangingswaarde areaal
We hebben de vervangingswaarde geraamd van het civieltechnische kunstwerken areaal. De vervangingswaarde gaat over wat het kost om het areaal opnieuw te bouwen. De herbouwkosten. Door deze kosten uit te rekenen hebben we zicht op de financiële waarde van het areaal. De kosten hebben we op de volgende manier bepaald. De omvang (lengte of oppervlak) keer een eenheidsprijs, plus de indirecte kosten. We hebben daarbij het prijspeil van 2024 gehanteerd. De waarde is echter beïnvloedbaar door economische omstandigheden, zoals inflatie en materiaalprijzen. De afgelopen jaren zijn bijvoorbeeld de bouwkosten vooral gestegen. Anno 2024 hebben we 223 kunstwerken in ons areaal. De vervangingswaarde daarvan hebben we geraamd op circa € 77 miljoen. Dat is een vrij grove berekening, die niet exact aan de specifieke kunstwerken gebonden is. De waarde geeft echter voldoende inzicht in, wat onze kunstwerken in financiële zin waard zijn.
5.3
Voorziening en investeringskredieten
Beheer, aanleg, instandhouding en sloop van civieltechnische kunstwerken kost geld. De uitgaven bekostigen we op verschillende manieren. Voor instandhouding hebben we een (exploitatie)voorziening beschikbaar. Voor vervanging en renovatie wenden we investeringskredieten aan. Voorziening civieltechnische kunstwerken De voorziening is vanuit financieel oogpunt gewenst voor een gelijkmatig verloop van de kosten. We zetten in de voorziening een bedrag opzij om toekomstige verplichten of verliezen te dekken. De meerjarenbeheer- en onderhoudsplanning dienen als grondslag voor de dotatie (jaarbudget) aan de voorziening. Deze plannen muteren we jaarlijks. De bedragen indexeren we dan ook. Om de vier jaar actualiseren we grootschalig de maatregelen aan de hand van nieuwe inspectiegegevens. Wanneer we een object nieuwbouwen, onderhouden of slopen heeft dat gevolgen voor het budget. Die gevolgen verwerken we in de meerjarenplanningen voor het opvolgende jaar. Hierdoor ontstaat een begroting voor het beheer en onderhoud die steeds aansluit op de stand van zaken. Stand van zaken voorziening civieltechnische kunstwerken Door vaststelling van de voorgaande beleidskaders zijn er financiële middelen beschikbaar gesteld voor het beheer en onderhoud. De afgelopen periode is jaarlijks een gemiddeld budget beschikbaar gesteld van € 481.000,-.
Het saldo van de voorziening was eind vorig jaar (2023) circa € 1,86 miljoen. Investeringskredieten Voor vervanging en renovatie van civieltechnische kunstwerken lenen we investeringskrediet. Op de meerjareninvesteringplanning staat wat voor opgaven er qua vervanging en renovatie op ons wachten. Dit zijn investeringsprojecten. Voor deze projecten dienen we aanvragen in via de kadernota. In de kadernota nemen we kapitaallasten op van investeringen voor de komende 5 jaar. Voorafgaand aan een investeringsproject vragen we de gemeenteraad het krediet beschikbaar te stellen. Dat doen we door middel van een raadsvoorstel.
Pagina 28 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
Stand van zaken investeringskredieten Voor vervanging en renovatie hebben we bij de kadernota van 2022-2025 een vijftal investeringswensen ingediend. Deze heeft de gemeenteraad alle vijf gehonoreerd. Twee kredieten heeft de gemeenteraad vrijgegeven. Dat zijn de kredieten voor de projecten “Restauratie kademuur Korendijk-Kinderdijk” en “Renovatie kademuur Nieuwe HavenTurfkaai.” De vrijgave van de volgende projecten gaan we voorstellen aan de gemeenteraad: - Restauratie van de kademuur aan de Londensekaai; - Restauratie van twee kademuren aan de Buitenhaven (flanken Dokbrug); - Vervanging betonnen voetgangersbrug Asserlaan-Hammarksjöldlaan. Voor de rest van de projecten op de meerjareninvesteringsplanning gaan we aanvragen indienen bij de gemeenteraad. Krediet voor Houten en stalen bruggen komt te vervallen Voor vervanging van houten- en stalen bruggen is tot nu toe 5-jaarlijks een krediet beschikbaar van € 50.000,- . Dit krediet hebben we ingezet om kleinschalige (deel)vervangingen uit te voeren. Het budget bestaat al enige tijd (al voor 2010). Het ging hierbij om kleinere fiets- en voetgangersbruggen. Voor de komst van het krediet hadden we geen budget voor (deel)vervangingen in de meerjarenplanning opgenomen. Bij de nieuwe beleidskaders hebben we de (deel)vervangingen opgenomen in de meerjarenplanningen. Het krediet “stalen en houten bruggen” komt hiermee te vervallen.
5.4
Subsidies
Wanneer het kan, koppelen we subsidies aan beheer-, onderhoud- en investeringsprojecten. Mooie voorbeelden hiervan zijn de projecten: - “Natuur-inbouw van Interreg Vlaanderen-Nederland” voor stimuleren van flora & fauna bij de kademuur Korendijk-Kinderdijk. - “Jongeren kleuren Middelburg”, waarbij jongeren onder begeleiding twee tunnels voorzien hebben van kunstgraffiti. We willen meer van dit soort kansen benutten. Op het gebied van monumentale kunstwerken zien we bijvoorbeeld kansen. Daarvoor zijn subsidies beschikbaar voor de instandhouding van Monumenten (SIM-regeling) en restauratie van rijksmonumenten. Binnen de nieuwe beleidsperiode zoeken we uit of we hiervoor in aanmerking komen.
5.5
Benodigd budget 2025-2034
Met de uitwerking van de beleidskaders voor Civiel Technische Kunstwerken hebben we ook de kosten voor beheer en onderhoud geactualiseerd. De kosten gerelateerd aan Ambitieniveau 2 “vooruitstrevend” liggen op een hoger niveau dan het regulier beschikbare beheer- en onderhoudsbudget binnen de gemeentelijke begroting. In de tabel hieronder treft u een overzicht waarin de kosten in de periode 2025-2034 zijn afgezet tegen de beschikbare middelen. Beschikbare middelen in de begroting bestaan uit de reeds in de voorziening beschikbare middelen met bijbehorende jaarlijkse dotatie civiele kunstwerken. Aanvullend is vanuit de beschikbare middelen voor klimaat en verduurzaming een bedrag van € 50.000 vrijgemaakt. Uitgaande van Ambitieniveau 2 “vooruitstrevend” komen we ten opzichte van de beschikbare dekking een bedrag van € 213.000 per jaar tekort. Dit tekort zal voor de jaarschijven 2026 en verder als onvermijdelijke post moeten worden meegenomen in de Kadernota 2026-2029 en voor 2025 als incidenteel nadeel worden verwerkt in de bestuurlijke tussenrapportage 2025.
Pagina 29 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
Bijlagen Bijlage 1 Wettelijke kaders, normen en richtlijnen Bijlage 2 Areaalbeschrijving Bijlage 3 Toelichting NEN 2767-4 conditiemeting Bijlage 4 Meerjarenbeheerplanning (MJBP) Bijlage 5 Meerjarenonderhoudsplanning (MJOP) Bijlage 6 Meerjareninvesteringsplanning (MJIP) Bijlage 7 Samenvatting werksessie Bijlage 8 Beschrijving cultuurhistorische waarden Bijlage 9 Globale risicoscan areaal
Pagina 30 van 30
Bijlage 1 Wettelijke kaders, normen en richtlijnen In deze bijlage gaan we dieper in op de wettelijke kaders en richtlijnen. Samen vormen ze belangrijke uitgangspunten voor de beleidskaders van het beheer en onderhoud. Wettelijke kaders Voldoen aan de geldende wet- en regelgeving is onderdeel van de beleidskaders voor het beheer en onderhoud van de civieltechnische kunstwerken. De onderstaande wet- en regelgeving vormt het kader waarbinnen we opereren. Burgerlijk Wetboek Het Burgerlijk Wetboek (BW) is relevant voor het beheer en onderhoud van civiele kunstwerken, met name vanwege de aansprakelijkheidsaspecten. Enkele relevante artikelen hiervoor uit het Burgerlijk Wetboek zijn:
Artikel 6:162 - Onrechtmatige daad Dit artikel behandelt de schuldaansprakelijkheid. Als er schade ontstaat als gevolg van onrechtmatig handelen, kan de gemeente aansprakelijk worden gesteld. Bijvoorbeeld, als nalatig onderhoud leidt tot gevaarlijke situaties op een civiel kunstwerk en dit tot schade leidt, is artikel 6:162 BW van toepassing.
Artikel 6:174 - Risicoaansprakelijkheid voor opstallen Dit artikel behandelt de risicoaansprakelijkheid voor gebreken aan opstallen, waaronder civiele kunstwerken. Als een gebrek aan een civiel kunstwerk gevaar oplevert voor personen, is de gemeente als eigenaar/beheerder risicoaansprakelijk. Het is belangrijk ervoor te zorgen dat civiele kunstwerken voldoen aan de geldende veiligheidseisen.
Gedegen onderhoudsbeleid Het BW legt niet gedetailleerde voorschriften op voor het beheer en onderhoud van civiele kunstwerken. Op basis van de algemene principes in het BW is het wel van belang dat de gemeente een gedegen onderhoudsbeleid hanteert. Regelmatige inspecties volgens bijvoorbeeld CROW-richtlijnen en een goed beheersysteem zijn belangrijk om aan de zorgplicht te voldoen en aansprakelijkheid te beperken.
Wegenverkeerswet 1994 De Wegenverkeerswet 1994 regelt het verkeer op de weg, en hoewel het zich voornamelijk richt op verkeersregels en verkeersveiligheid, zijn er enkele aspecten die relevant zijn voor het beheer en onderhoud van civiele kunstwerken door de gemeente:
Inrichting van de weg De Wegenverkeerswet geeft voorschriften met betrekking tot de inrichting van de weg. Dit omvat ook de inrichting van civiele kunstwerken zoals bruggen, tunnels en viaducten. Bij het beheer en onderhoud moeten deze civiele kunstwerken voldoen aan de in de wet gestelde eisen voor een veilige en doelmatige inrichting.
Veiligheid van de weggebruiker De wet stelt dat de wegbeheerder (in dit geval de gemeente) verantwoordelijk is voor een veilige inrichting van de weg. Bij het beheer en onderhoud van civiele kunstwerken moeten maatregelen worden genomen om de veiligheid van weggebruikers te waarborgen. Dit kan onder andere betrekking hebben op verkeerssignalering, verlichting en andere veiligheidsvoorzieningen op of rond civiele kunstwerken. Onderhoudsplicht
De wegbeheerder heeft een algemene plicht tot onderhoud van de weg. Deze plicht omvat ook het onderhoud van civiele kunstwerken die deel uitmaken van de weg. Gebreken aan civiele kunstwerken die de verkeersveiligheid kunnen beïnvloeden, dienen tijdig te worden verholpen.
Verkeersbesluiten De Wegenverkeerswet vereist dat bepaalde verkeersmaatregelen op of rond civiele kunstwerken worden vastgelegd in verkeersbesluiten. Dit omvat bijvoorbeeld het regelen van verkeersstromen, snelheidsbeperkingen en eventuele tijdelijke verkeersmaatregelen welke nodig zijn tijdens onderhoud of reconstructies van civiele kunstwerken.
Toegankelijkheid en bruikbaarheid Civiele kunstwerken moeten toegankelijk en bruikbaar zijn voor alle weggebruikers. Bij beheer en onderhoud moet rekening worden gehouden met de toegankelijkheid en gebruiksvriendelijkheid van civiele kunstwerken, bijvoorbeeld door te voldoen aan de eisen voor trottoirs, fietspaden en oversteekplaatsen.
De Omgevingswet Per 1 januari 2024 is de omgevingswet in werking getreden. De Omgevingswet regelt alles wat te maken heeft met de fysieke leefomgeving. Het doel ervan is zorgen voor én het in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving én het doelmatig beheren en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving voor de maatschappelijke functies. De Omgevingswet integreert en bundelt verschillende bestaande wetten op het gebied van de fysieke leefomgeving. In totaal zijn 26 wetten samengevoegd tot de Omgevingswet. De belangrijkste wetten die relevant zijn voor het beheer en onderhoud van civiele kunstwerken en zijn opgegaan in de Omgevingswet, zijn genoemd in tabel 1. De lijst is onuitputtelijk. Voorheen (voor 1-12024) Woningwet (o.a. bouwbesluit 2012)
Wegenwet
Wet Geluidhinder
Wet Milieubeheer
Raakvlakken De Woningwet is met name gericht op het bouwen en gebruiken van bouwwerken, en is minder direct van toepassing op civiele kunstwerken. Wel zijn aspecten in de Woningwet en het daaraan gerelateerde Besluit bouwwerken leefomgeving (BBL) die relevant kunnen zijn voor het beheer en onderhoud van civiele kunstwerken: - Technische voorschriften; - Veiligheidsvoorschriften; - Renovatie en aanpassingen; - Technische levensduur. De Wegenwet is relevant voor het beheer en onderhoud van civiele kunstwerken door de gemeente, omdat het bepalingen bevat met betrekking tot de verplichtingen van de wegbeheerder. Hier zijn enkele relevante aspecten: - Onderhoudsverplichting; - Veiligheid en bruikbaarheid; - Aanleg en wijziging van wegen; - Onderhoud en inspecties. De Wet geluidhinder heeft betrekking op het voorkomen en beperken van geluidhinder, en het bevorderen van een goed leefklimaat. Met betrekking tot het beheer en onderhoud van civiele kunstwerken zijn enkele relevante aspecten uit de Wet geluidhinder: - Geluidsbelasting bij aanleg en reconstructie, - Geluidsmaatregelen. De Wet milieubeheer regelt diverse aspecten met betrekking tot het milieu en heeft betrekking op uiteenlopende activiteiten, waaronder beheer en onderhoud van civiele kunstwerken zoals:
Voorheen (voor 1-12024)
Waterwet
Wet Natuurbescherming
Raakvlakken - Afvalstoffenbeheer; - Geluidhinder; - Conservering van materialen; - Energiebesparing. De Waterwet reguleert het beheer en gebruik van water in Nederland en heeft betrekking op verschillende aspecten van waterbeheer, waterkwaliteit en waterveiligheid. In relatie tot het beheer en onderhoud van civiele kunstwerken door de gemeente zijn er enkele relevante aspecten uit de Waterwet: - Watervergunning; - Waterbeheer; - Waterkwaliteit; - Waterberging - Waterveiligheid - Samenwerking met waterschappen. De Wet natuurbescherming bevat bepalingen die relevant kunnen zijn voor het beheer en onderhoud van civiele kunstwerken door de gemeente, vooral in relatie tot natuuraspecten. Hier zijn enkele relevante punten: - Beschermde planten en dieren; - Gebiedsbescherming; - Vergunningen; - Mitigatie en compensatie. Aanvraag vergunning bouwwerkzaamheden.
Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht Tabel 1: Overzicht voornaamste wet- en regelgeving gerelateerd aan civiele kunstwerken
Erfgoedwet De Erfgoedwet vormt per 1 januari 2024 met de nieuwe Omgevingswet het fundament voor de bescherming van rijksmonumenten. Verschillende civieltechnische kunstwerken binnen de gemeente Middelburg zijn aangewezen als rijksmonument en opgenomen in het rijksmonumentenregister. Voor deze rijksmonumenten geldt een wettelijke instandhoudingsplicht. De aanwijzing van ruimtelijk cultureel erfgoed (stads- en dorpsgezichten en cultuurlandschappen) en omgang met het cultureel erfgoed in de fysieke leefomgeving is opgenomen in de Omgevingswet. Voorheen was de bescherming van rijksmonumenten geregeld via het overgangsrecht van de Erfgoedwet. Met het inwerking treden van de Omgevingswet per 1 januari 2024 geldt via het daardoor aangestuurde Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) artikel 13.12: “Het is verboden: a. een rijksmonument of een voorbeschermd rijksmonument te beschadigen of te vernielen; of b. aan rijksmonumenten, voor zover het monumenten betreft, onderhoud te onthouden dat voor de instandhouding daarvan noodzakelijk is.” De bescherming van gemeentelijke monumenten wordt geregeld in het omgevingsplan en de erfgoedverordening.
Besluit Begroting en Verantwoording Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is relevant voor het beheer en onderhoud van civiele kunstwerken door de gemeente vanwege de eisen die het stelt aan de financiële verantwoording en het inzicht in het beheer van kapitaalgoederen, waaronder civiele kunstwerken. Een aantal relevante aspecten zijn:
Inzicht in kapitaalgoederen Artikel 12 van het BBV schrijft voor dat de gemeente inzicht moet geven in hoe zij omgaat met haar kapitaalgoederen, waaronder civiele kunstwerken. Dit betekent dat de gemeenteinformatie moet verstrekken over het beheer en onderhoud van deze civiele kunstwerken in haar begroting en jaarstukken.
Kapitaallasten Het BBV vereist dat de kapitaallasten van investeringen, waaronder de aanleg en het onderhoud van civiele kunstwerken, worden opgenomen in de begroting en de jaarstukken. Hierdoor wordt inzicht verkregen in de kosten die gepaard gaan met het beheer en onderhoud van deze kapitaalgoederen.
Afschrijvingstermijnen Het BBV stelt regels met betrekking tot de afschrijvingstermijnen van kapitaalgoederen. Dit is relevant bij de beoordeling van de financiële planning voor het onderhoud van civiele kunstwerken op de lange termijn.
Toezicht door het Rijk Het BBV legt niet alleen verantwoordingsregels vast, maar het heeft ook betrekking op het toezicht door het Rijk. Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BiZa) houdt toezicht om ervoor te zorgen dat gemeenten hun kapitaalgoederen adequaat onderhouden en de daarvoor benodigde budgetten reserveren.
Normen en richtlijnen Eurocode 1 - EN 1991-2 Deel 2 reguleert de belastingen op constructies, met specifieke focus op verkeersbelasting op bruggen. NEN 8700 en 8701 zijn van toepassing op de herberekening van bestaande bruggen, waarbij veiligheidsfactoren zijn afgestemd op de restlevensduur. Bij verbouwingen gelden NEN 8700-normen voor constructieve veiligheid van bestaande bouwwerken. Bestaande situatie en nieuwbouw Bij verbouwing of renovatie van een bouwwerk zijn in beginsel de nieuwbouwvoorschriften van toepassing. Dit is echter niet altijd mogelijk en staat financieel gezien niet altijd in redelijke verhouding tot het resultaat daarvan. In de NEN 8700 worden veiligheidsfactoren afgestemd op de beoogde restlevensduur van een constructie. Bestaande constructies die nog enkele jaren mee moeten worden op deze manier minder streng beoordeeld dan nieuwe constructies. In de bestaande situatie is doorgaans geen expliciete wetgeving voor het beheer en onderhoud aan civiele kunstwerken van toepassing, naast de algemeen geldende vereisten voor het beheren van objecten en het uitvoeren van werken daaraan (Arbo, lozingen en dergelijke). Constructieve veiligheid bestaande bruggen Voor bestaande bruggen is de waarde in deze norm (erg) hoog.
Bij een herberekening van bestaande bruggen zijn dan ook aanvullende normen van toepassing, NEN 8700 en 8701, waardoor lagere vereisten worden bepaald. Bij een herberekening zijn ontwerpdocumenten noodzakelijk. Bij het ontbreken van ontwerpdocumenten is niet na te gaan of het huidige civiele kunstwerk voldoet. Maatregelen worden dan bepaald op basis van de inschatting van het risico. Dit risico wordt ingeschat door de constructeur op basis van de beschikbare informatie, de ontwerpdocumenten en inspectieresultaten. Er is dan namelijk geen vergelijking te maken tussen het huidige gebruik (gebruiksbelasting) van een civiel kunstwerk en de ontwerpsituatie (ontwerpbelasting).
Machinerichtlijn Kunstwerken met bewegende onderdelen dienen te voldoen aan de machinerichtlijn, een richtlijn uit het Warenbesluit Machines. De machinerichtlijn geeft de veiligheids- en gezondheidsvoorschriften, inclusief de minimale eisen, aan machines, hijs- en hefgereedschappen, kabels enzovoort. Deze richtlijn is nodig om CE-markering1 toe te passen op dergelijk apparaten en bestaat uit een aantal onderdelen. Welke van toepassing zijn kan per kunstwerk verschillen. Bij de voorbereiding moet worden uitgezocht welke onderdelen van toepassing zijn. De eisen zijn dus niet vrijblijvend maar wettelijk vastgelegd. NEN 2767-4 “Conditiemeting” De NEN 2767-4 is een norm die we gebruiken voor de conditiemeting van civiele kunstwerken. Deze norm biedt een methodiek om de technische staat van infrastructuur op een objectieve en eenduidige manier vast te stellen en vast te leggen. De norm helpt om inzicht te krijgen in de aanwezige gebreken en de risico’s die deze gebreken met zich meebrengen. Dit maakt het mogelijk om prestatie-eisen te sturen en prioriteiten te stellen voor beheer en onderhoud. De NEN 2767-4 is een belangrijk hulpmiddel voor het ontwikkelen van meerjarenplannen en het beheren van kosten. In bijlage 3 hebben we een uitgebreidere toelichting opgenomen over de conditiemeting.
NEN 1010 “Veiligheidsbepalingen voor laagspanningsinstallaties” Aanleggen, uitbreiden en aanpassen van elektronische installaties moeten we conform de NEN 1010 uitvoeren. Dit geldt zowel voor nieuwe installaties in bestaande kunstwerken als bij nieuw te bouwen kunstwerken. NEN 3140 “Bedrijfsvoering van elektrische installaties- laagspanning” De NEN 3140 is de Nederlandse norm voor veilig werken aan- en met elektrotechnische installaties. Een NEN 3140 keuring is niet wettelijk verplicht. De norm geeft wel een praktische invulling aan de wettelijke eisen en helpt bij het aantonen dat we zorgplicht nakomen en veilige apparatuur faciliteren.
Bijlage 2 Areaalbeschrijving Middelburg heeft verschillende types civiele kunstwerken in eigendom. In deze bijlage is opgenomen: • Omvang van het areaal (type en aantal) • Type omschrijving (met definitie en korte uitleg). • Areaallijst (met omschrijving van de objecten).
Omvang van het areaal Hieronder is een tabel opgenomen met de types en de omvang van civiele kunstwerken.
Type omschrijving Bruggen en Duikers Een brug of duiker is een bouwwerk dat een oversteek creëert voor verkeer van een waterloop. Een brug kan als vaste of beweegbare constructie gemaakt worden. De bruggen in ons areaal zijn hoofdzakelijk uitgevoerd als vaste constructies. We hebben drie beweegbare bruggen in ons areaal. Duikers bestaan er in verschillende groottes en vormen. De duikers in het civieltechnische kunstwerken areaal zijn uitsluitend vierkante kokers met een opening groter dan 1 m¹.
Duiker Westerscheldestraat.
Dokbrug.
Koepoortbrug.
Brug Elzenlaan.
Tunnels / viaducten Een tunnel is een bouwwerk dat een onderdoorgang van een waterloop, weg of spoor creëert. Een viaduct is een bouwwerk dat de oversteek van een lager gelegen terrein of weg creëert.
Tunnel onder de Kanaalweg.
Viaduct Groenewoud.
Kadeconstructies Een kadeconstructie is een wandconstructie tussen water en land. Kades hebben in basis een grond- en waterkerende functie. De kades van de gemeente worden ingezet om: • een overslagfunctie te faciliteren voor bedrijven. • afmeren van beroepsscheep- en pleziervaart te faciliteren. • cultuurhistorie van gemeente Middelburg te bewaren. • te beschermen tegen overstroming (wanneer ze onderdeel zijn van de secundaire waterkering). • een hoogte verschil tussen land en water op te vangen.
Kademuur Rouaansekaai.
Kleverskerksejaagpadkade
Steigers Een steiger is een constructie in het water waaraan vaartuigen kunnen afmeren of een voorziening die gebruikt wordt om vanaf te vissen of te zwemmen. Steigers die in eigendom zijn van gemeente Middelburg hebben bijna allemaal een functie als vissteiger. De meeste steigers binnen de gemeente grenzen zijn hoofdzakelijk in het bezit van watersportverenigingen, bedrijven of particulieren.
Steiger Oude Havenstraat.
Steiger zuidkant Jazzboog.
Keermuren Onder keermuren verstaan we muren en wanden die uitsluitend een grond kerende functie hebben (dus niet gelegen zijn aan een waterpartij). Keermuren zijn gebouwd om: • een hoogte verschil tussen twee terrein op te vangen wanneer er ruimte te kort is om dit op te lossen door middel van een aflopend grondtalud. • een terrein af te bakenen. • cultuurhistorie in stand te houden.
Keermuur Punt Havendijk.
Tuinmuur Isabellagang.
Coupures Een coupure is een bouwwerk in de onderbreking van een waterkering (in bijvoorbeeld een binnendijk). Een coupure dient bij noodsituaties als barrière tegen overstroming. Waterschap Scheldestromen houdt toezicht op het functioneren van onze coupures. Zowel bij de discipline civieltechnische kunstwerken als riolen komen coupures voor.
Coupure (roldeur) aan de Torenweg.
Glooiingen Onder glooiingen verstaan we een constructie die een talud of oever beschermt tegen afkalven/ erosie. Glooiingen zijn gebouwd om: • een grondlichaam te beschermen tegen afkalven/ erosie. • te beschermen tegen overstroming (wanneer ze onderdeel zijn van de regionale waterkering).
Glooiing Uijterschootweg.
Glooiingen Arnekanaal.
Een andere vorm van talud bescherming is een beschoeiing (bestaand uit bijvoorbeeld palen met doek of planken). Beschoeiingen zijn in gemeente Middelburg bij cultuurtechniek ondergebracht. Houten damwanden Een houten damwand is een wand met verticaal in de grond geplaatste hardhouten planken. De wand heeft een grond/ en of waterkerende functie. De houten damwand moet voorkomen dat een talud afkalft. Het is een robuuster alternatief op een beschoeiing, maar minder zwaar uitgevoerd dan de glooiing. De damwanden in ons areaal zijn vooral aan waterlopen met veel doorstroom capaciteit gesitueerd, waar de kans op afkalven groot is.
Houten damwand Vlissingsevest.
Damwand Langevielevest.
Geluidschermen Geluidschermen zijn wanden die verkeersgeluid geleiden en absorberen. Wanneer er woningen gebouwd worden binnen een geluidszone van een weg (of andersom) zijn er in de wet grenswaarden opgenomen voor de geluidsbelasting op woningen. Wanneer we niet aan de grenswaarden voldoen, moeten er maatregelen worden getroffen. Bijvoorbeeld een geluidscherm of geluidswal.
Geluidscherm Torenweg.
Geluidscherm President Rooseveltlaan
Overige objecten Een aantal objecten in het areaal zijn uniek in hun soort. Hieronder een overzicht van objecten die buiten de bovenstaande categorieën vallen. -
Getijdemolen, Spui- en schutsluis stadsschuur (cultuurhistorische en functie als coupure). Fietsoverkapping Segeerssingel (verkeer & mobiliteitsfunctie). Overkapping busstation (verkeer & mobiliteitsfunctie). Aanvaarbeveiliging langs de Kanaalweg (geleidende functie scheepvaart). Diverse pergola’s (groenfunctie). Diverse schanskorven (verkeer geleidende functie).
Fietsoverkapping Segeerssingel..
Schanskorf Torenweg.
Aanvaarbeveiliging langs Kanaalweg.
Areaallijst D- BRUGGEN EN DUIKERS D-010 - Langevielebuitenbrug D-010 A - Langevielebuitenduiker D-020 - Seisbuitenbrug D-030 - Noordbrug D-040 - Koepoortbrug D-050 - Vlissingsebrug D-060 - Geerebrug D-070 - Langevielebinnenbrug D-080 - Seisbinnenbrug D-090 - Herengrachtbrug D-100 - Koningsbrug D-110 - Bellinkbrug D-120 - Spijkerbrug D-130 - Dokbrug D-140 - Beatrixbrug D-150 - Brug watergang Veerseweg D-180 - Poelendaelebrug D-190 - Brug Langevielesingel-Domburgsewatergang D-200 - Houten brug Domburgse watergang (Elzenlaan) D-210 - Brug Domburgsewatergang-Laan der Ver.Naties D-220 - Brug in Laurens Stommespad D-230 - Brug Meiveld-J.G.
Schorrerstraat D-240 - Brug in Spanjaardstraat D-250 - Brug Asserlaan-Hammarksjöldlaan D-260 - Houten brug Prooy.sprink N D-261 - Houten brug Prooy.sprink Z D-270 - Houten brug Beiaard/Spinhuisweg D-280 - Brug Stromenweg/Vlissingse watergang D-290 - Brug Meiveld-Rentmeesterlaan D-291 - Brug Meiveld-Schoutstraat D-300 - Brug Turfkaai-Koust.dijk (Sint Jansbrug) D-310 - Brug Pottenb.singel-Beenhouwerssingel D-320 - Voetbrug Oostmedebrug D-321 - Voetbrug Westmedebrug D-322 - Voetbrug hout Buitenruststraaat D-330 - Brug Toorenvliedt-Vogelasiel D-331 - Brug Toorenvliedt-Arnelaan D-332 - Brug Toorenvliedt-Merwedestraat D-333 - Brug Toorenvliedtpark Noord D-334 - Brug Toorenvliedt-Toorenvliedtwegje D-335 - Brug Toorenvliedt zuid D-336 - Brug Toorenvliedtpark-sloot D-350 - Duiker Seissingel-St.Laurenswg. D-360 - Duiker Pres. Rooseveldlaan D-370 - Duiker Oostersch-D.Rijkerstraat
D-380 - Duiker Westerscheldestraat D-390 - Oude duiker Bolwerk Looierssingel D-440 - Getijdemolen, spui en schutsluis Stadsschuur D-450 - Brug Meanderhof-Buitenhove D-460 - Trekvlot Erasmuspark D-480 - Brug bij sluis Stadsschuur (Spinhuisbrug) D-490 - Duiker Stromenpad-Grevelingenstraat D-510 - Brug Kousteensedijk tussen P.garage en Bib. D-520 - Brug Pinksterbloemlaan - Singel Arnemuiden D-530 - Brug Gerstakker - Singel Arnemuiden D-540 - Duiker Veersesingel Middelburg D-550 - Brug Veldzicht-Oude Vlissingseweg D-560 - Brug Singel-Klaverakker Arnemuiden D-570 - Brug Prooyensepark Oost (Veersepoort) D-571 - Brug Prooyensepark West (Veersepoort) D-580 - Brug Akkerlaan (1) Arnemuiden D-581 - Brug Akkerlaan (2) Arnemuiden D-582 - Brug Akkerlaan (3) Arnemuiden D-583 - Brug Akkerlaan (4) Arnemuiden D-590 - Houten brug Buizerdpad (Veersepoort) D-600 - Brug Zwanenhof-Watersniphof D-610 - Houten brug Fazantenhof-Scholeksterstr.
D-620 - Houten brug Amaliapark D-630 - Houten brug Piet Heinstraat - Roompotpad D-640 - Verkeersbrug Fagotweg-Tromboneweg Mortiere D-650 - Fiets-voetbrug Fagotweg-Tromboneweg Mortiere D-660 - Verkeersbrug Klarinetweg-Paukenweg Mortiere D-670 - Verkeersbrug Bluesroute Mortiere D-680 - Fiets-voetbrug Little Walterpad-H.Wolfstraat Mortiere D-690 - Fiets-voetbrug Eendrachtsweg Mortiere D-700 - Voetgangersbrug park Mortiere D11 D-701 - Voetgangersbrug park Mortiere D12 D-702 - Voetgangersbrug park Mortiere D13 D-703 - Voetgangersbrug park Mortiere D14 D-704 - Voetgangersbrug park Mortiere D15 D-705 - Voetgangersbrug park Mortiere D16 D-710 - Voetgangers-fietsbrug park Mortiere C1 D-720 - Voetgangers-fietsbrug park Mortiere C2 D-730 - Voetgangers-fietsbrug L.Armstrongstraat Mortiere C3 D-740 - Stalen fietsbrug Mortiereboulevard D-750 - Stalen brug Arnelaan-Toorenvliedt Oost D-751 - Stalen brug Arnelaan-Toorenvliedt West D-760 - Houtenbrug Rittenburg-Toorenvliedt Oost D-770 - Hout- en stalenbrug Rittenburg-Toorenvliedt West D-780 - Stalen Brug Vinkenhof D-790 - Fiets-voetbrug Hazenburg Arnemuiden D-800 - Verkeersbrug Poproute - Jazzroute (Jazzbrug)
D-810 - Duiker Essenvelt - Torenweg D-820 - Duiker Krooneveldweg D-830 - Duiker Schietbaan D-840 - Viaduct Schroeweg rotonde - Noordelijk D-850 - Viaduct Schroeweg rotonde - Zuidelijk D-860 - Verkeersbrug Schroeweg - Noordelijk D-870 - Verkeersbrug Schroeweg - Zuidelijk D-880 - Duiker Nieuwe Vlissingseweg D-890 - Duiker Grevelingenstraat E- MUREN, SCHERMEN, STEIGERS EN DIVERSEN E-020 - Noordpoortmuur E-040 - Muur Segeersweg E-060 - Geluidsscherm Torenweg E-070 - Geluidsscherm Stromenweg E-150 - Hekwerk Torenvliet E-230 - Overkapping busstation E-240 - Fietsoverkapping Segeerssingel E-260 - Tuinmuur Isabellagang E-270 - Aanvaarbeveiliging Kanaal nabij Stadskantoor E-280 - Pergola Kanaalweg E-310 A - Pergola Veersepoort E-310 B - Pergola Veersepoort E-330 A - Tuinmuur Kerk v. Cittersstr. St.laurens deel A E-330 B - muur Van Cittersstraat St.
Laurens E-350 - Steiger haventje Arnemuiden E-370 - Keermuur Punt Havendijk E-380 A - Keermuren Goudplevierhof Veersepoort E-390 A - Geluidsscherm President Rooseveltlaan (type Canor) E-390 B - Geluidsscherm President Rooseveltlaan (type Canor) E-390 C - Geluidsscherm President Rooseveltlaan (type Rau) E-390 D - Geluidsscherm President Rooseveltlaan (type Rau) E-400 - Glazen windscherm Veerse Poort E-420 - Keermuren Dok- Fittinghaven E-430 - Keermuren Zeeuwse Bibliotheek E-440 - Steiger Strandplevierhof E-450 - Muurrestant VOC-pakhuis Kraanstraatje E-460 - Steiger Botter Arnemuiden E-470 - Steiger Oude Havenstraat Arnemuiden E-480 - Steiger Dokter van der Moerstraat Arnemuiden E-490 - Steiger Noordkant Jazzboog Mortiere E-491 - Steiger Zuidkant Jazzboog Mortiere E-500 - Schanskorven Klarinetweg - fietspad E-510 A - Schanskorven Schroeweg rotonde E-510 B - Schanskorven Schroeweg middenberm rotonde E-520 - Schanskorven Schroeweg - Westmedetunnel E-530 A - Schanskorven Torenweg
E-530 B - Schanskorven Torenweg E-540 A - Schanskorven President Rooseveltlaan E-540 B - Schanskorven President Rooseveltlaan E-550 - Geluidsscherm Havendijk (type Durison) E-560 - Schanskorven fietspad Mortiereboulevard E-570 - Keermuur Oude Werfstraat E-580 - Keermuren Bodenplaats E-590 - Keermuur Seisplein E-600 - Keermuur Molenwaterpark O - TUNNELS, COUPURES, VIADUCTEN O-010 - Tunnel Schroeweg Meiveld O-010 A - Viaduct fietspad Schroeweg Meiveld O-020 N - Tunnel Statenlaan noord O-020 Z - Tunnel Statenlaan Zuid O-030 - Tunnel Groenewoud O-040 - Tunnel Poelendaelesingel O-050 - Tunnel Laan der Verenigde Naties O-070 - Tunnel Pres. Rooseveldlaan O-080 - Tunnel Stromenweg-Koudekerkseweg O-090 - Tunnel Baanstraat-Hof van Tange O-100 - Coupure Schroeweg. O-110 - Coupure terrein ingang N.S. O-120 - Coupure Kleverskerkseweg O-130 - Coupure Torenweg O-140 - Viaduct Groenewoud O-150 - Tunnel en Coupure Kanaalweg O-160 - Viaduct kanaalweg O-170 - Tunnel Braakmanstraat - N.Vlissingseweg O-180 - Fietstunnel rotonde Mortiere O-190 - Tunnel Noordweg St.
Laurens T- KADECONSTRUCTIES, GLOOIINGEN, DAMWANDEN T-010 - Prins Hendrikdok T-020 A - Buitenhaven kade A T-020 B - Buitenhaven kade B T-020 C - Buitenhaven kade C T-020 D - Buitenhaven kade D T-030 A - Rouaansekaai kade T-030 B - Hout- Londense- Bierkaai kade T-040 A - Korendijk- Kinderdijk kade deel A T-040 B - Kademuur Korendijk deel B T-040 C - Kademuur Korendijk deel C T-050 - Nieuwe Haven- Turfkaai kade T-060 A - Kousteensedijk kade deel A T-060 B - Kousteensedijk kade deel B T-070 - Beenhouwerssingel kade
T-080 - Molenberg kade T-090 A - Kademuur Pottenbakkerssingel - Het groene woud T-090 B - Kademuur Pottenbakkerssingel T-090 C - Kademuur Achter de Houttuinen deel 1 T-090 D - Kademuur Achter de Houttuinen deel 2 T-100 - Dokhaven kade T-110 - Fittinghaven kade T-120 - Loskade / Maisbaai kade T-140 - Kleverskerksejaagpad kade T-150 - Kanaalweg kade T-160 - Arnesteinkade T-180 A - Kademuur Sluis Stadsschuur T-180 B - Kademuur Sluis Stadsschuur T-190 - Zuidwal kade Arnemuiden T-200 - Maisbaai glooiing T-210 - Uijterschootweg glooiing T-230 - Glooiing Arnekanaal zijde Keetweg tot splitsing T-240 - Glooiing Arnekanaal zijde Waldammeweg tot splitsing T-250 A - Glooiingen Arnekanaal zijtak Arnemuiden Noordelijk T-250 B - Glooiingen Arnekanaal zijtak Arnemuiden Zuidelijk T-250C - Glooiingen Arnekanaal zijtak Arnemuiden haven T-260 A - Glooiing Arnekanaal zijtak Nieuwland Westelijk T-260 B - Glooiingen Arnekanaal zijtak Nieuwland Oostenlijk T-260C - Glooiing Arnekanaal eiland T-270 A - Kademuren Fase 1 Mortiere Deel A T-270 B - Kademuren Fase 1 Mortiere Deel B T-270 C - Kademuren Fase 1 Mortiere Deel C T-280 - Damwand Fazantenhof-Scholeksterstraat T-290 - Kademuur Louis Armstrongstraat Mortiere (Jazzboog) T-300 A - Betontrappen oevers Veerse Poort T-300 B - Betontrappen oevers Veerse Poort T-310 - Damwand haven Zaagmolenpolder Nieuwland T-320A - Glooiingen mannezeesche watergang
Mortiere T-320B - Glooiingen mannezeesche watergang Mortiere T-330 - Damwand Poelendaelevest T-340 - Damwand Vlissingsevest T-350A - Glooiing Vlissingsevest deel A T-350B - Glooiing Vlissingsevest deel B T-350C - Glooiing Vlissingsevest deel C T-360 - Damwand Langeviele Vest T-370 - Damwand Veersevest T-380 - Damwanden Herculesweg T-390 - Glooiing Parelduikerhof
BIJLAGE 3 Toelichting NEN 2767-4 conditiemeting 1. ALGEMEEN De NEN-2767-4 is de norm waarmee we de technische conditie bepalen van onze civieltechnische kunstwerken. Door middel van een uniforme conditiemeting wordt een score per bouwdeel bepaald. Deze conditiescore is een praktisch hulpmiddel om te sturen op onderhoudsbehoefte. Conditiescores maken het beheer en onderhoud inzichtelijk. Er wordt aan de scores getoetst of we voldoen aan het vereiste technische niveau. We gebruiken de conditiescores ook om het meerjaren- onderhoudsplan (MJOP) te actualiseren. De conditiemeting (ook wel NEN-2767 inspectie genoemd) betreft een visuele inspectie. Hierbij dient zowel de conditiescore als de verzorgingsscore opgenomen te worden. Het doel van deze inspectie is het bepalen van de huidige staat per bouwdeel. De conditiemeting is bij gemeente Middelburg onderdeel van de visuele inspectie. 2. DEFINITIE CONDITIE- EN VERZORGINGSSCORE In de NEN 2767 zijn de in de norm vermelde termen en begrippen gedefinieerd. De belangrijkste zijn hieronder genoemd: Gebrek: de omstandigheid van een bouw- of installatiedeel waarbij de (technische) toestand op een lager niveau ligt dan de (technische) toestand die bij oplevering van het bouw- of installatiedeel werd beoogd.
Conditie: de (technische) toestand of staat waarin een bouw- of installatiedeel verkeert; Conditiescore: de objectieve waarde van de conditie op basis van een zespuntsschaal. De conditiescore is de resultante van de gebrekenparameters omvang, intensiteit en ernst van het gebrek. Verzorgingskwaliteit/score: de verzorgingskwaliteit van infrastructurele werken drukt uit in welke mate de bouw- en installatiedelen hiervan heel en schoon zijn. De wijze waarop deze kwaliteit in verzorgingsscores wordt vastgesteld is identiek aan de wijze bij de conditie van de bouw- en installatiedelen. De conditiescores zijn in de norm verkort als volgt omschreven:
Omschrijving conditiescores NEN 2767 3 juni 2024 Pagina 1 van 3
3. BEPALEN VAN CONDITIESCORE De inspectie begint met het opstellen, controleren en aanpassen van de decompositie. In de decompositie wordt elk onderdeel van het object benoemd (element, bouwdeel en materiaalsoort). Per bouwdeel wordt (middels een gebrekenlijst per materiaalsoort) bepaald wat de gebreken zijn. Hier worden tevens de intensiteit (beginstadium, gevorderd stadium en eindstadium) en omvang (incidenteel, plaatselijk, regelmatig, aanzienlijk en algemeen) van het gebrek vastgelegd. Door middel van de ernst, intensiteit en omvang worden de conditiescores en verzorgingsscores automatisch uit het beheersysteem gegenereerd. Voor een uitgebreidere omschrijving van de conditiescores verwijzen wij naar de norm. De bepaling van de conditie van een bouwdeel is gebaseerd op het kwantificeren van drie kenmerken van de aanwezige gebreken aan het bouwdeel, te weten: 1. Ernst van een gebrek; 2. Intensiteit van een gebrek; 3. Omvang van een gebrek. "Ernst" van een gebrek Een gebrek dat zich richt op aantasting van het materiaal wordt in het algemeen zwaarder beoordeeld dan een gebrek dat zich richt op het uiterlijk van het materiaal. Om deze reden zijn de gebreken vooraf gecategoriseerd naar ernst. Om praktische redenen is bij de opzet van de NEN2767 gekozen voor een driedeling: Ernstige gebreken; Serieuze gebreken; Geringe gebreken.
Binnen dit kader richten ernstige gebreken zich op: 1. De primaire functie van het bouwdeel waaronder wind-, waterdichtheid, veiligheidsborging, e.d.; 2. De constructieve aspecten gericht op de plaatsvastheid van een bouwdeel. Dit betreft zaken als sterkte, hechting, verankering, e.d. Met nadruk wordt erop gewezen dat dit niet enkel betrekking heeft op elementen van de draagconstructie van een gebouw; Voorbeeld: Een onthecht/loszittend verfsysteem impliceert een constructief defect aan dat verfsysteem. 3. De feitelijke en/of door en door aantasting van het materiaal. Dit richt zich op verschijnselen als houtrot, corrosie bij staal, delaminatie, verpulveren, e.d.; 4. Fouten in ontwerp en uitvoering welke direct raken aan voorgenoemde aspecten. Binnen dit kader richten serieuze gebreken zich op: 1. Aantasting van het materiaaloppervlak waaronder verwering, erosie, krijten, oppervlakkige haar-/craquelévorming/afschilfering, e.d.; 2. Constructieve aspecten gericht op vormvastheid, e.d.; 3. Materiaaldefecten aan onderdelen; ontbrekende onderdelen, e.d.; 4. Gebreken ten gevolge van een minder vakmatige uitvoering welke afbreuk doen aan een normaal functioneren.
Omschrijving conditiescores NEN 2767 3 juni 2024 Pagina 2 van 3
Binnen dit kader richten geringe gebreken zich op: 1. Esthetische defecten zoals verkleuring, vervuiling, e.d.; 2. Defecten aan onderdelen zich niet richten op materiaalaantasting; 3. Gebreken ten gevolge van een minder fraaie/vakmatige uitvoering welke geen afbreuk hoeven te doen aan het functioneren van het bouwdeel. "Intensiteit" van een gebrek Dit kenmerk wordt gekwantificeerd via het stadium van ontwikkeling van het gebrek. Er worden drie klassen onderscheiden: Beginstadium; Gevorderd stadium; Eindstadium. "Omvang" van een gebrek Dit kenmerk wordt naar mate van omvang van voorkomen als volgt gekwantificeerd: incidenteel : < 2% van het totale oppervlak; plaatselijk : 2 - 10% van het totale oppervlak; regelmatig : 10 - 30%van het totale oppervlak; aanzienlijk : 30 - 70% van het totale oppervlak; algemeen : >70%van het totale oppervlak.
INCIDENTEEL
PLAATSELIJK
REGELMATIG
AANZIENLIJK
ALGEMEEN
(<2%)
(2 -10%)
(10 - 30%)
(30 - 70%)
(>70%)
BEGIN
1
1
1
1
2
GEVORDERD
1
1
1
2
3
EIND
1
1
2
3
4
SERIEUS
BEGIN
1
1
1
2
3
GEVORDERD
1
1
2
3
4
EIND
1
2
3
4
5
ERNSTIG
4. CONDITIEMATRIX Voor de uiteindelijke bepaling van de conditiescore wordt gebruik gemaakt van de conditiematrix, zie onderstaande tabel. Het getal in de matrix (1 t/m 6) is de conditiescore. OMVANG
BEGIN
1
1
2
3
4
GEVORDERD
1
2
3
4
5
EIND
2
2
4
5
6
GERING
INTENSITEIT
Omschrijving conditiescores NEN 2767 3 juni 2024 Pagina 3 van 3
BIJLAGE 4 MEERJARENBEHEERPLANNING (MJBP) 2025-2034 Civieltechnische kunstwerken 2025
2026
2027
2028
2029
2030
2031
2032
2033
2034
Jaargemiddelde
9.000 700 7.300 16.000 4.500 5.000 4.000
9.000 2.575 7.300 6.000 4.500 5.000 0
9.000 4.425 10.425 2.000 5.250 5.000 0
9.000 34.342 7.300 78.925 3.750 4.500 0
9.000 525 7.300 58.000 3.750 4.500 0
9.000 4.725 10.425 246.000 3.750 4.500 0
9.000 2.975 7.300 14.000 3.750 4.500 0
9.000 34.342 7.300 16.000 3.750 4.500 0
9.000 2.150 10.425 58.000 3.750 4.500 0
9.000 3.275 7.300 32.000 3.750 4.000 0
9.000 9.003 8.238 52.693 4.050 4.600 400
Subtotaal beheermaatregelen BIJKOMENDE KOSTEN Algemene post (10%) Onvoorzien (10%)
€ 46.500
€ 34.375
€ 36.100
€ 137.817 € 83.075
€ 278.400
€ 41.525
€ 74.892
€ 87.825
€ 59.325
€ 87.983
4.650 4.650
3.438 3.438
3.610 3.610
13.782 13.782
8.308 8.308
27.840 27.840
4.153 4.153
7.489 7.489
8.783 8.783
5.933 5.933
8.798 9.117
Subtotaal bijkomende kosten
€ 9.300
€ 6.875
€ 7.220
€ 27.563
€ 16.615
€ 55.680
€ 8.305
€ 14.978
€ 17.565
€ 11.865
€ 17.597
TOTAAL
€ 55.800
€ 41.250
€ 43.320
€ 165.380 € 99.690
€ 334.080
€ 49.830
€ 89.870
€ 105.390 € 71.190
€ 105.580
KOSTEN BEHEERMAATREGELEN Schouw Inspectie visueel Inspectie elektronisch & mechanisch Inspectie technisch / nader onderzoek Deformatiemeting Conserveringsonderzoek Scheurwijdtemeting
Uitgangspunten * Gebaseerd op prijspeil 2024 (GWW-kosten en ervaringscijfers) * Exclusief kosten toezicht. * Exclusief B.T.W.
Pagina 1 van 1 Versie: 1 Datum: 18-09-2024 Status: Definitief
BIJLAGE 5 MEERJARENONDERHOUDSPLANNING (MJOP) 2025-2034 Civieltechnische kunstwerken 2025
2026
2027
2028
2029
2030
2031
2032
2033
2034
Jaargemiddelde
KOSTEN ONDERHOUDSMAATREGELEN Reinigen
29.850
30.950
96.450
31.750
37.450
97.450
30.750
31.400
96.450
39.250
52.175
Conserveren
77.253
28.650
99.690
284.345
237.100
51.460
15.150
15.000
108.000
4.420
92.107
Betonreparatie
17.950
8.075
0
0
0
0
0
0
0
0
2.603
Slijtlaag/asfaltherstel
24.450
54.540
6.750
60.825
31.718
37.770
0
28.350
13.500
18.878
27.678
Vervangen houten onderdelen
60.625
16.650
9.000
142.875
9.360
68.225
15.975
0
14.225
235.775
57.271
Vervangen stalen onderdelen
0
0
0
5.700
0
77.650
0
0
8500
0
9.185
Vervangen diverse onderdelen
10.825
74.560
153.000
62.700
25.605
136.555
32.670
21.375
155.370
3.000
67.566
Eenmalige acties divers
21.750
10.000
2.800
4.500
0
142.500
0
0
0
0
18.155
Calamiteiten onderhoud
29.800
29.800
29.800
29.800
29.800
29.800
29.800
29.800
29.800
29.800
29.800
Subtotaal onderhoudsmaatregelen BIJKOMENDE KOSTEN
€ 272.503 € 253.225 € 397.490 € 622.495
€ 371.033 € 641.410
€ 124.345 € 125.925 € 425.845 € 331.123 € 356.539
Algemene post (10%) Staartkosten UK, AK, W&R (20%) Percentage onvoorzien (10%) Uren stadsbeheer
€ 27.250 € 54.501 € 32.700 € 15.500
€ 37.103 € 74.207 € 44.524 € 15.500
€ 64.141 € 128.282 € 76.969 € 15.500
€ 12.435 € 24.869 € 14.921 € 15.500
€ 12.593 € 25.185 € 15.111 € 15.500
€ 42.585 € 85.169 € 51.101 € 15.500
Subtotaal bijkomende kosten Onderhoudskosten t.b.v. instandhouding volgens ambitieniveau 2 "vooruitstrevend"
€ 129.951 € 121.855 € 182.446 € 276.948
€ 171.334 € 284.892
€ 67.725
€ 68.389
€ 194.355 € 154.572 € 165.247
€ 266.362 € 266.362 € 266.362 € 266.362
€ 266.362 € 266.362
€ 266.362 € 266.362 € 266.362 € 266.361 € 266.362
TOTAAL
Uitgangspunten
€ 25.323 € 50.645 € 30.387 € 15.500
€ 39.749 € 79.498 € 47.699 € 15.500
€ 62.250 € 124.499 € 74.699 € 15.500
€ 668.816 € 641.442 € 846.298 € 1.165.805 € 808.729 € 1.192.664
€ 35.654 € 71.308 € 42.785 € 15.500
€ 458.432 € 460.676 € 886.562 € 752.056 € 748.663
* Gebaseerd op prijspeil 2024 (GWW-kosten en ervaringscijfers). * Exclusief kosten toezicht. * Exclusief B.T.W. * Gebaseerd op uitvoeren van meerdere onderhoudsprojecten tegelijkertijd. * Conditieniveau reguliere kunstwerken niet lager dan 3 cnf NEN2767-4 (redelijke staat). * Conditieniveau rijksmonumentale- en cultuurhistorisch waardevolle kunstwerken niet lager dan 2 cnf NEN2767-4 (goede staat).
Pagina 1 van 1 Versie: 1 Datum: 18-09-2024 Status: Definitief
€ 33.112 € 66.225 € 39.735 € 15.500
BIJLAGE 6 MEERJARENINVESTERINGSPLANNING (MJIP) 2025-2034 Civieltechnische kunstwerken Objectkenmerk - objectnaam T-020 B + D - Buitenhaven kade B en D T-030 B - Hout- Londense- Bierkaai kade T-160 - Arnesteinkade D-250 - Brug Asserlaan-Hammarksjöldlaan D-260 - Houten brug Prooy.sprink N D-261 - Houten brug Prooy.sprink Z D-333 - Brug Toorenvliedtpark Noord D-450 - Brug Meanderhof-Buitenhove E-460 - Steiger Botter Arnemuiden E-470 - Steiger Oude Havenstraat Arnemuiden E-480 - Steiger Dokter van der Moerstraat Arnemuiden T-340 - Damwand Vlissingsevest T-350 A - Glooiing Vlissingsevest deel A T-350 B - Glooiing Vlissingsevest deel B T-350 C - Glooiing Vlissingsevest deel C T-360 - Damwand Langeviele Vest T-370 - Damwand Veersevest D-120 - Spijkerbrug T-260 A - Glooiingen Arnekanaal zijtak Nieuwland Westelijk
Type project Restauratie kademuur Restauratie kademuur Vervangen object Vervangen object Vervangen houten brug Vervangen houten brug Vervangen houten brug Vervangen houten brug Vervangen object Vervangen object Vervangen object Vervangen object/ beschoeiingsconstructie Vervangen object Vervangen object Vervangen object Vervangen object Vervangen object Renovatie vallen en installaties Vervangen object
Reden investering ≤ conditieniveau 3 ≤ conditieniveau 3 Vergroten belastbaarheid ≤ conditieniveau 3 ≤ conditieniveau 3 ≤ conditieniveau 3 ≤ conditieniveau 3 ≤ conditieniveau 3 ≤ conditieniveau 3 ≤ conditieniveau 3 ≤ conditieniveau 3 ≤ conditieniveau 3 ≤ conditieniveau 3 ≤ conditieniveau 3 op conditieniveau 2 ≤ conditieniveau 3 ≤ conditieniveau 3 Duurzaamheid monument ≤ conditieniveau 3, waterkering waterschap ≤ conditieniveau 3 Theoretisch afgeschreven, instandhouding n.t.b.
T-250 A - Glooiingen Arnekanaal zijtak Arnemuiden Noordelijk D-350 - Duiker Seissingel-St.Laurenswg.
Vervangen betonnen damwand Vervangen betonnen duiker
D-090 - Herengrachtbrug
Vervangen object
Theoretisch afgeschreven, instandhouding n.t.b.
PM-post: afhankelijk van resultaten constructieve beoordeling areaal
Vervangen/ versterken object
Vergroten belastbaarheid Totaal kosten per jaar
tijdsvenster 1
tijdsvenster 2
2025
2026
2027
2028
2029
2030
2031
2032
2033
2034
PM
PM
PM
PM
PM
PM
PM
PM
PM
PM
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
€
-
Totaal kosten per tijdsvenster 1 / 2
€
-
€
-
Gemiddelde kosten per tijdsvenster 1 / 2
€
-
€
-
TOTAAL KOSTEN 2025 t/m 2034 : GEMIDDELDE KOSTEN 2025 t/m 2034 :
Uitgangspunten * Gebaseerd op prijspeil 2024 (GWW-kosten en ervaringscijfers). * Exclusief B.T.W. * Op deze meerjareninvesteringsplanning zijn vervangingen en renovaties van objecten in de gemeente Middelbug, voor de periode van 2025 tot 2035 opgenomen. * Voor de uitvoering van de investeringsprojecten wordt een portfolieaanpak gehanteerd (clustering van gelijksoortige projecten). * De reden van de investering is in het overzicht gemotiveerd. * De investeringsprojecten zijn geraamd aan de hand van kentallen, waarbij de totale projectkosten inclusief een percentage (20%) onvoorziene kosten zijn opgenomen. * De projecten in tijdvenster 1 (2025-2029) worden in 2025 nauwkeuriger (bedrijfseconomisch) geraamd. * De gevolgen van de constructieve beoordeling van het areaal zijn in dit statium nog niet bekend, hiervoor is een pro memoire post opgenomen.
Pagina 1 van 1 Versie: 1 Datum: 18-09-2024 Status: Definitief
€
€ €
-
€
-
7.109.766 710.977
Bijlage 7 Samenvatting werksessie civieltechnische kunstwerken Op donderdagavond 4 april heeft een werksessie over civieltechnische kunstwerken plaats gevonden. Tijdens deze werksessie zijn de aanwezigen geïnformeerd door ambtenaren van gemeente Middelburg over de opgave rondom civieltechnische kunstwerken. Bij de sessie waren raadsleden en-of fractie-assistenten van D66, SGP, CDA en LPM en de verantwoordelijk portefeuillehouder (wethouder Smits) aanwezig. Er waren geen vertegenwoordigers aanwezig bij de werksessie van PVDA, Groen Links, en VVD. De werksessie bestond onder andere uit een fietstocht langs civieltechnische kunstwerken. Bij een drietal kunstwerken is op locatie uitleg gegeven over de civiele kunstwerken. Daarnaast zijn vanuit de thema’s cultuurhistorie (erfgoed), verkeer en biodiversiteit de belangen en raakvlakken toegelicht. Na de fietstocht is in het stadskantoor een presentatie gegeven door de beheerder van de civieltechnische kunstwerken en vanuit het thema verduurzaming. Na de presentatie vond er een plenair gesprek plaats. De raadsleden en fractieassistenten gaven hierbij aan wat ze belangrijk vinden voor het beheer en onderhoud van civiele kunstwerken. Hieruit zijn de volgende opmerkingen en conclusies samengevat:
• • • • • • • • • • • • • • •
We moeten het beheer op orde brengen en de middelen ervoor reserveren. Kapitaalgoederen zijn in de begroting opgenomen maar er is nog geen overkoepelende nota voor de kapitaalgoederen. We moeten financieel vooruitkijken en preventief aan de slag. De raad wil niet voor financiële verassingen komen te staan. De raad ziet graag een programma voor de komende 10 jaar. Het is belangrijk dat we een goed beheersysteem hebben We moeten inzicht krijgen wat de huidige belastbaarheid van onze kunstwerken over 10 a 20 jaar betekent, de gemeente moet preventief aan de slag en inzicht daarin krijgen. Qua uitstraling van civiele kunstwerken verwachten de raadsleden een redelijk verzorgd uitstraling, het moet vooral heel zijn, geen technische schade, geen plassen. Behouden van cultuurhistorische waarde vinden de leden belangrijk. Voor beheer en onderhoud zou ook budgetruimte moeten zijn voor duurzaamheid en circulariteit. Op termijn is dat goedkoper. Biodiversiteit is belangrijk. Bij verstoring daarvan kunnen we maatregelen voorstellen/nemen. Integrale benadering vinden de raadsleden belangrijk, ze willen goed geïnformeerd worden over een betreffende situatie. De afweging maken tussen verschillende (strijdige) belanghebbenden thema’s is politiek, dat geldt niet alleen voor civiele kunstwerken maar voor meerdere disciplines. Het gaat bij integraal afwegen om balans.
Voors en tegens moeten goed afgewogen worden. Er wordt altijd wat opgeofferd. Een belangrijke vraag is of we voldoende capaciteit hebben voor de uitvoering, wanneer capaciteit ontbreekt is waarmaken een uitdaging. Aan technisch personeel komen is een uitdaging. Vacatures worden lastig opgevuld. Het is belangrijk dat de specialistische ambtenaren de ruimte hebben om hun werk uit te kunnen voeren.
Tot slot is er bij het afsluiten van de werksessie vertrouwen uitgesproken door de raadsleden over de aanpak en aangegeven dat er geen behoefte was aan een extra werksessie. Vervolgens is het opstellen van de “Notitie beleidskaders beheer en onderhoud civieltechnische kunstwerken” gestart.
Bijlage 8 Beschrijving cultuurhistorische waarden civieltechnische kunstwerken Erfgoed Middelburg Onderwerp : Civieltechnische Kunstwerken Locatie : gemeente Middelburg Datum : 17-06-2024 Steller : Henk de Kunder _________________________________________________________________________________________ Beschrijving cultuurhistorische waarden van de civieltechnische kunstwerken in eigendom van de gemeente Middelburg. Overzicht
1
D-010 Gehele object Langevielebuitenbrug Langevielebuitenbrug, gelegen tussen de Langevieleveste en Vlissingse veste is de voorgelegen brug van de voormalige Langevielepoort in de as van de Zandstraat-Langevieleweg. Het betreft een gemetselde dubbele boogbrug uit 1870. In dat jaar werd de toenmalige brug vernieuwd. Met de in 1931 uitgevoerde verbreding van het brugdek, waarop de historische leuningen zijn herplaatst, heeft de brug zijn huidige verschijningsvorm gekregen. De gemetselde boogconstructie uit 1870 is nog aanwezig. De brug is weliswaar niet opgenomen in de begrenzing van het rijksmonument vesting Middelburg maar wordt in de beschrijving wel benoemd als een voor de vesting van belang zijnde, thans nog herkenbare historische toegang. Onderstaand een afbeelding uit ca. 1900.
2
D-020 Gehele object Seisbuitenbrug De Seisbuitenbrug is de voorgelegen brug van de voormalige Seispoort in de as Seisplein-Seissingel en is voor het rijksmonument vesting Middelburg van belang als thans nog herkenbare historische toegang. Voor oorsprong uitgevoerd als houten balkbrug. De huidige liggerbrug is in 1940 verbreed. Onderstaande afbeelding geeft de brug weer in ca. 1930
D-030 Leuning Noordbrug De Noordbrug is de voorgelegen brug van de voormalige Noordpoort in de as NoordpoortpleinNoordpoortsingel. Voor de rijksbeschermde vesting vormt deze een van belang zijnde, thans nog herkenbare historische toegang. Op de bouwhistorische verwachtingskaart is aan de brug met landhoofden een hoge verwachtingswaarde toegekend. In 1871 was er sprake van ‘ophooging van het terrein achter de Noordbrug met slooping van deze’. De Noordbrug is echter begin jaren ’70 van de vorige eeuw geheel vernieuwd waarbij de historische leuningen zijn herplaatst. Aan deze leuningen is dan ook een hoge cultuurhistorische waarde toe te kennen. Speciale aandacht verdient het landhoofd aan de stadszijde daar dit de fundering betreft van de voormalige Noordpoort. Onderstaand een afbeelding uit ca 1925 waarop de leuningen te zien zijn.
3
D-050 Leuning Vlissingsebrug De Vlissingse brug werd in 1954 ‘gerestaureerd’ en was naar verluidt de eerste brug in het Zuiden van het land die uitgevoerd werd in spanbeton. Ook hier werden de eind 19e eeuwse leuningen teruggeplaatst en zijn daarmee een tastbare verwijzing naar de oude brug en vormen een belangrijk element voor de beleveing van de historische vestingwerken en binnenstad. Onderstaande een afbeelding uit 1900 van de oude Vlissingsebrug.
D-060 Leuning Geerebrug De Geerebrug is een in de jaren ’70 van de vorige eeuw nieuw aangelegde brug over de historische en rijksbeschermde binnengracht. Door de toegepaste historische leuning is een consistent beeld met de overige bruggen gecreëerd waardoor het van belang is dat aan deze leuningen een zelfde onderhoudsniveau wordt toegekend.
4
D-070 Gehele object Langevielebinnenbrug De huidige Langeviele binnenbrug dateert uit 1956 waarover tijdens de bouw wel vermeld ‘Het blijkt een zeer fraaie brug te worden welke niet alleen een belangrijke verbetering zal blijken zijn voor het verkeer, doch ook het estetisch aanzien ter plaatse belangrijk zal verbeteren’ De 12 meter brede brug bestaat uit een betonconstructie, rustend op paalfunderingen met een overspanning, evenals de oude brug van 8 meter. De buitenzijden zijn bekleed met Beiers graniet. Aan de zijde van de Langeviele zijn op de beide hoekpunten van het landhoofd granieten pilaren van 1 meter hoog aangebracht als voetstuk voor een beeldhouwwerk waarvoor in 1956 twee kunstenaars zijn benaderd. Liesbeth Messer-Heijbroek heeft de opdracht destijds verkregen. Door het belang van de locatie is in de jaren vijftig van de vorige eeuw veel aandacht besteed aan ontwerp en uitvoering van de brug. In tegenstelling tot de andere bruggen zijn bij de Langeviele binnenbrug in 1956 geen historische leuningen teruggeplaatst/gebruikt maar is een eigentijds ontwerp toegepast. Als geheelontwerp is deze brug dan ook van hoge cultuur historische waarde. Onderstaand een afbeelding van de oude Langevielebinnenbrug uit ca 1930
5
D-080 Gehele object Seisbinnenbrug De Seisbinnenbrug was voor de aanleg de stadswallen eind 16e eeuw de voorgelegen brug van de Seispoort, een van de poorten die toegang gaf tot de toen nog ommuurde stad. In 1973 is de brug vernieuwd en het oude brughoofd gesloopt. De nieuwe landhoofden vormen een waterkerend element binnen het rijksmonument ‘vesting Middelburg’. Op de in 1973 gereconstrueerde brug zijn de eind negentiende-eeuwse leuningen teruggeplaatst. De materialisering van de brug zelf is van indifferente waarde, de leuningen vertegenwoordigen een hoge cultuurhistorische waarde en als ensemble is het een waardevol object binnen de ‘vesting Middelburg’. Onderstaand een afbeeld van de brug uit ca. 1900