24-169 Bijlage 1. Notitie beleidskaders beheer en onderhoud civieltechnische kunstwerken 2025-2034
Tekst van het document
Notitie beleidskaders beheer en onderhoud civieltechnische kunstwerken 2025-2034
Verwerkt: - RE MJ “cpt 20240619”. - RE MJ “cpt 20240614”..
12 november 2024
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
12-11-2024 12-11-2024
12-11-2024
12-11-2024
Pagina 2 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
Samenvatting Deze notitie gaat over beleidskaders van beheer en onderhoud van civieltechnische kunstwerken van de gemeente Middelburg. In de notitie staat informatie die helpt bij het vaststellen van de beleidskaders over dit onderwerp. De beleidskaders gaan over de periode 2025-2034. De gemeenteraad wil weten wat de kwaliteit van het areaal civieltechnische kunstwerken is. De raad wil een voorstel van beleidskaders voor beheer en meerjarig planmatig- en vervangingsonderhoud. De redenen daarvoor zijn een aantal grote vervangings- en restauratiewerken aan bruggen en kademuren. De laatste jaren ontstond er noodzaak om sommige werken uit te voeren. In een aantal gevallen bleek dat we het werk moesten uitvoeren door bezwijken van (onderdelen van) constructies. Dit kwam door achterstallig (vervangings-) onderhoud en het gehanteerde beleid. Door dat beleid werd beheer, onderhoud en vervanging voor lange tijd uitgesteld. Het beheer en onderhoud van de civieltechnische kunstwerken is nu nog onderdeel van het gebouwenbeheerplan. In 2017 heeft de gemeenteraad het gebouwenbeheerplan vastgesteld. Het plan is geldig tot 2026. De civieltechnische kunstwerken zijn belangrijke onderdelen van de infrastructuur. Het zijn wegverbindingen, waterwegen en overgangen van land en water. Ze zijn belangrijk voor mobiliteit en verkeersveiligheid, waterafvoer en waterveiligheid en economische functies.
Ook zijn de civieletechnische kunstwerken in het centrum een belangrijk onderdeel van onze historische binnenstad. Ze bepalen het beeld. De gemeente Middelburg heeft 223 grotere en kleinere civieltechnische kunstwerken in beheer. Bij elkaar hebben ze een vervangingswaarde van €77 miljoen. Drieëntwinting van deze kunstwerken zijn binnen 10 jaar aan vervanging of renovatie toe.
Seisbuitenbrug Proces De gemeente raad heeft gevraagd om meer inzicht in de civieltechnische kunstwerken. Daarvoor hebben we het areaal in kaart gebracht en constructiegegevens in een nieuw beheersysteem gezet. De belangrijkste gegevens zijn: constructieberekeningen en tekeningen, aanlegjaren, afmetingen, functie etc. Van een behoorlijk aantal constructies ontbreken om verschillende redenen essentiele beheergegevens, zoals constructietekeningen en belastbaarheidserekeningen. Belastbaarheidsberekingen geven aan wat de verkeersbelasting mag zijn.
Pagina 3 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
Daarnaast hebben we de onderhoudsmaatregelen en de kwaliteit vastgesteld met behulp van visuele- en technische inspecties. Een onafhankelijk deskundig adviesbureau heeft de inspecties uitgevoerd. We hebben een globale risicoscan uitgevoerd. Dat hebben we gedaan om prioriteiten te kunnen stellen voor de noodzakelijke aanvullende beheerinformatie en het(vervangings-) onderhoud. Bij de globale risicoscan hebben we de constructies gecategoriseerd en getoetst op een aantal criteria. Criteria zoals; functie, gebruik/belasting, beschikbare ontwerpbelastingen en gevolgschade bij bezwijken. Als laatste deel van de voorbereidingen hebben we gesprekken gevoerd met collega’s van verschillende taakvelden. Zowel binnen gemeente Middelburg als het Waterschap Scheldestromen. Na de gesprekken brachten we voor de verschillende functies de belangrijkste ontwikkelingen en maatschappelijke opgaven in kaart. Het gaat hierbij over functies zoals verkeer, waterafvoer en waterveiligheid, cultuurhistorie en ontwikkelingen zoals klimaat, duurzaamheid en biodiversiteit). In een werksessie met vertegenwoordigers van de de raadsfracties, hebben we een aantal civieltechnische kunstwerken bezocht. Dat was op 4 april dit jaar. De voorlopige bevindingen over de inventarisatie hebben we die avond gepresenteerd.
We bespraken in een open dialoog een aantal keuzes en dilemma’s die bepalend zijn voor de komende beleidskaders. Voor zowel het beheer als voor het onderhoud. Na de werksessie verwerkten we alle verzamelde en ingebrachte informatie naar opties. Opties met een keuze in kwaliteitsniveau (conditiescore), systematieken, beheer en onderhoudsstrategieën en ambitieniveaus voor natuur en duurzaamheid. Alle verzamelde informatie hebben we verwerkt tot drie meerjarige plannen. Deze plannen vormen de komende 10 jaar de basis voor het beheer en onderhoud van de civieltechnische kunstwerken: - Meerjaren beheerplan (MJBP) - Meerjaren onderhoudsplan (MJOP) - Meerjaren investeringsplan (MJIP) (vervanging en renovatie). We hebben ook een aantal ambities en strategieën uitgewerkt. Na de besluitvorming in de raad vormen die samen de beleidskaders vormen voor een toekomstbestendig onderhoud. Definitieve beleidskaders na besluit gemeenteraad We passen de onderliggende notitie later aan naar een definitieve versie. Dat doen we zodra de gemeenteraad een besluit heeft genomen over dit onderwerp. De beleidskaders voor het beheer en onderhoud van de civieltechnische kunstwerken.
Pagina 4 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
Inhoudsopgave Samenvatting ............................................................................................................................. 3 Inhoudsopgave .......................................................................................................................... 5 1
2
3
4
5
Inleiding ............................................................................................................................... 6 1.1
Omschrijving van het areaal ......................................................................................... 6
1.2
Afbakening areaal ......................................................................................................... 7
1.3
Aanpak, uitgangspunten en gevolgd proces ................................................................ 7
1.4
Wettelijke kaders en regelgeving.................................................................................. 9
Huidige beleidskaders beheer en onderhoud en ontwikkelingen ..................................... 11 2.1
Inleiding ...................................................................................................................... 11
2.2
Huidige beleidskaders beheer en onderhoud ............................................................. 11
2.3
Beheer ........................................................................................................................ 11
2.4
Onderhoud .................................................................................................................. 13
2.5
Investeringen .............................................................................................................. 14
2.6
Overige gemeentelijk beleid ....................................................................................... 14
2.7
Trends en ontwikkelingen ........................................................................................... 16
Huidige kwaliteit en conditie van de kunstwerken ............................................................ 17 3.1
Inleiding ...................................................................................................................... 17
3.2
Beheer ........................................................................................................................ 17
3.3
Kwaliteit en conditie van de kunstwerken ................................................................... 18
Nieuwe beleidskaders ....................................................................................................... 22 4.1
Inleiding ...................................................................................................................... 22
4.2
Wettelijke kaders beheer en onderhoud kapitaalgoederen ........................................ 22
4.3
Input uit werksessie raadsvertegenwoordigers 4 april 2024 ...................................... 26
4.4
Overzicht ambitieniveaus ........................................................................................... 26
Financieel.......................................................................................................................... 28 5.1
Inleiding ...................................................................................................................... 28
5.2
Vervangingswaarde areaal ......................................................................................... 28
5.3
Voorziening en investeringskredieten ........................................................................ 28
5.4
Subsidies .................................................................................................................... 29
5.5
Benodigd budget 2025-2034 ...................................................................................... 29
Bijlagen .................................................................................................................................... 30 Bijlage 1 Wettelijke kaders, normen en richtlijnen ............................................................... 30 Bijlage 2 Areaalbeschrijving ................................................................................................. 30 Bijlage 3 Toelichting NEN 2767-4 conditiemeting ................................................................ 30 Bijlage 4 Meerjarenbeheerplanning (MJBP) ........................................................................ 30 Bijlage 5 Meerjarenonderhoudsplanning (MJOP) ................................................................ 30 Bijlage 6 Meerjareninvesteringsplanning (MJIP) .................................................................. 30 Bijlage 7 Samenvatting werksessie...................................................................................... 30 Bijlage 8 Beschrijving cultuurhistorische waarden ............................................................... 30 Bijlage 9 Globale risicoscan areaal ...................................................................................... 30 Pagina 5 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
1 Inleiding Deze “notitie beleidskaders beheer en onderhoud civieltechnische kunstwerken” gaat voor de eerste keer alleen over civieltechnische kunstwerken. Tot nu toe hebben we de beleidskaders beschreven in het “gebouwenbeheerplan”. Dat plan gaat ook over gebouwen van gemeente Middelburg. De gemeenteraad heeft het college verzocht nieuwe beleidskaders voor te bereiden voor de civieltechnische kunstwerken. De reden hiervoor is de staat van onderhoud van met name de kademuren en een aantal bruggen. Door langdurig uitgesteld onderhoud vertoonden die ernstige gebreken. Volgens het huidige beleid moesten we steeds reactief (vervangings-) onderhoud uitvoeren. Leeswijzer In deze notitie beschrijven we verschillende onderdelen die belangrijk zijn voor beheer en onderhoud. Ook beschrijven we de keuzes voor de raad die horen bij het vaststellen van de beleidskaders. In het eerste en tweede hoofdstuk staat de belangrijkste achtergrond voor het beheer en onderhoud. Dit zijn: de functies van de kunstwerken, wet- en regelgeving, afbakening van het areaal, raakvlakken met andere beleidsvelden en ontwikkelingen die invloed hebben op het beheer en onderhoud. In hoofdstuk 3 staat de huidige kwaliteit van het areaal. In hoofdstuk 4 staan meerjarenplannen voor het beheer-, onderhoud en vervanging. Op het gebied van onderhoud dient de gemeente raad keuzes te maken.
Tot slot staan in hoofdstuk 5 de financiële middelen voor de nieuwe beleidsperiode. We hebben een notitie opgesteld voor de komende 10 jaar, van 2025 tot en met 2034. In de volgende paragrafen beschrijven we welke kunstwerken in beheer en onderhoud zijn van de gemeente Middelburg.
1.1
Omschrijving van het areaal
Een “Civieltechnisch kunstwerk” beschrijven we in deze notitie met verschillende woorden. Civieltechnisch kunstwerk, civiel kunstwerk, object, constructie of kortweg kunstwerk. In alle gevallen gaat het hierbij over hetzelfde onderwerp. De gemeente Middelburg heeft de volgende soorten kunstwerken in eigendom en beheer: - Bruggen en duikers, - Tunnels en viaducten, - Coupures (onderbreking in een waterkering), - Steigers, - Kadeconstructies, glooiingen, houten damwanden, - Keermuren, geluidschermen - Specifieke objecten aangeduid als overige objecten. Dit zijn: getijdemolen, spui- en schutsluis, fietsoverkapping, overkapping busstation, een aantal pergola’s (met groenfunctie), aanvaarbeveiliging (stadskantoor) en schanskorven (voor verkeergeleiding). In totaal gaat het om 223 objecten. In bijlage 2 hebben we per categorie kunstwerken een beschrijving opgenomen.
Pagina 6 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
1.2
12-nov-24
Afbakening areaal
Binnen de gemeentegrenzen van Middelburg zijn er kunstwerken die geen eigendom zijn van gemeente Middelburg. Die zijn bijvoorbeeld in het bezit en onderhoud bij andere overheden zoals Waterschap Scheldestromen, Provincie Zeeland of Rijkswaterstaat. Er zijn ook situaties waarbij een kunstwerk eigendom is van een bedrijf, vereniging, stichting of een particulier. Objecten die eigendom zijn van derden laten we buiten beschouwing. Vuistregel voor beheer De gemeente beheert en onderhoudt civieltechnische kunstwerken die: 1. gelegen zijn binnen de bebouwde kom; 2. gelegen zijn op een perceel in eigendom van gemeente Middelburg. 3. gelegen zijn in, op, aan, of onder een weg of watergang in beheer bij de gemeente Middelburg.
Uitzondering op de vuistregel Gemeente Middelburg beheert glooiingen die situeren aan het Arnezijkanaal. Deze zijn gelegen buiten de bebouwde kom. De glooiingen hebben we toegevoegd aan ons areaal vanwege een ruil voor een brug met Provincie Zeeland. De ruil betrof voetgangersbrug “de loper”, de brug naast de Schroebrug. Niet in beheer bij de gemeente zijn onder andere: De bruggen over het kanaal door Walcheren: Stationsbrug en Schroebrug, De Loper en Arnebrug. Deze bruggen zijn eigendom van Provincie Zeeland. Rijkswaterstaat beheert de kunstwerken in de N57. Dit zijn de viaducten bij Arnestein, Dampoort aquaduct en de fietstunnels in de Veerse- en Prooijenseweg). Artistieke- of beeldende kunstwerken maken geen onderdeel uit van het civieltechnische kunstwerken areaal.
1.3
Aanpak, uitgangspunten en gevolgd proces
In paragraaf 1.1 hebben we beschreven dat er veel verschillende soorten civieltechnische kunstwerken zijn. Ze zijn verschillend van aard en functie en daardoor onderworpen aan verschillende beleidsvelden en wet- en regelgevingen. Aanpak In de voorbereidingen hebben we daarom eerst alle objecten geïnventariseerd, gecategoriseerd en opgenomen in een nieuw beheersysteem. In dit systeem slaan we alle beschikbare gegevens van de objecten op. Niet van alle objecten is echter alle benodigde informatie direct en volledig beschikbaar. Dit komt doordat civieltechnische kunstwerken over het algemeen een zeer lange technische levensduur hebben. Ze zijn decennia en soms zelfs eeuwen gebouwd en of verbouwd. We hebben gekozen voor een pragmatische aanpak. Aan de ene kant vanwege de urgentie om achterstallig onderhoud en de bijbehorende gebreken en risico’s te verhelpen. Aan de andere kant vanwege de tijdrovende klus om de noodzakelijke gegevens te verzamelen. Met deze aanpak geven we invulling aan de opdracht om nieuwe beleidskaders en meerjarenplanningen op te stellen. We hebben het compleet (gehele areaal) en grondig (de kwaliteit en conditie van de objecten) aangepakt. We hebben een eerste globale scan gemaakt van de risico’s om prioriteiten te kunnen stellen. Ook hebben we breed gekeken naar toekomstige ontwikkelingen en raakvlakken met maatschappelijke opgaven.
Opgaven zoals duurzaamheidsaspecten (circulariteit toekomstig materiaalgebruik, biodiversiteit, klimaat). Deze analyse en afwegingen hebben we echter niet uitputtend gedaan. Maar meer gericht op risico’s en kansen en de combinatie met noodzakelijke werkzaamheden in de eerste tien jaar.
Pagina 7 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
Uitgangspunten De volgende uitgangspunten hebben we gehanteerd: - Gehele areaal (alle objecten). - Conditie van objecten in beeld (Visuele inspectie van alle objecten door een extern en deskundig bureau). - Scope voor een periode van 10 jaar. - Toekomstgericht, maar vervanging in de huidige vorm. - Aanzet voor integrale afweging maatschappelijke opgaven. - Vervangingskosten gebaseerd op vervanging in de huidige vorm en norm. - We hebben geen rekening gehouden met kosten die veroorzaakt worden door veranderingen in het ontwerp. Bijvoorbeeld door grotere waterafvoercapaciteit, waterveiligheid of verkeersbelastingen. Proces Tijdens het proces hebben we binnen en buiten de gemeentelijke organisatie afgestemd. Buiten de organisatie met het Waterschap Scheldestromen. Binnen de gemeente organisatie met de beleidsvelden: verkeer, cultuurhistorisch erfgoed, duurzaamheid, ecologie en economie. We hebben een globale risicoscan uitgevoerd. Dat hebben we gedaan om prioriteiten te kunnen stellen voor de noodzakelijke aanvullende beheerinformatie en het(vervangings-) onderhoud. Bij de globale risicoscan hebben we de constructies gecategoriseerd en getoetst op een aantal criteria. Criteria zoals; functie, gebruik/belasting, beschikbare ontwerpbelastingen en gevolgschade bij bezwijken.
Als laatste deel van de voorbereidingen hebben we gesprekken gevoerd met collega’s van verschillende taakvelden. Zowel binnen gemeente Middelburg als het Waterschap Scheldestromen. Na de gesprekken brachten we voor de verschillende functies de belangrijkste ontwikkelingen en maatschappelijke opgaven in kaart. Het gaat hierbij over functies zoals verkeer, waterafvoer en waterveiligheid, cultuurhistorie en ontwikkelingen zoals klimaat, duurzaamheid en biodiversiteit). In een werksessie met vertegenwoordigers van de raadsfracties, hebben we een aantal civieltechnische kunstwerken bezocht. Dat was op 4 april dit jaar. De voorlopige bevindingen over de inventarisatie hebben we die avond gepresenteerd. We bespraken in een open dialoog een aantal keuzes en dilemma’s die bepalend zijn voor de komende beleidskaders. Voor zowel het beheer als voor het onderhoud. Na de werksessie verwerkten we alle verzamelde en ingebrachte informatie naar opties. Opties met een keuze in kwaliteitsniveau (conditiescore), systematieken, beheer en onderhoudsstrategieën en ambitieniveaus voor natuur en duurzaamheid. Alle verzamelde informatie hebben we verwerkt tot drie meerjarige plannen.
Deze plannen vormen de komende 10 jaar de basis voor het beheer en onderhoud van de civieltechnische kunstwerken: - Meerjaren beheerplan (MJBP) - Meerjaren onderhoudsplan (MJOP) - Meerjaren investeringsplan (MJIP) (vervanging en renovatie).
Pagina 8 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
1.4
12-nov-24
Wettelijke kaders en regelgeving
In deze paragraaf gaan we in op de belangrijkste wettelijke kaders en richtlijnen op het gemeentelijk beleid. Samen vormen ze belangrijke uitgangspunten voor de beleidskaders van het beheer en onderhoud. Een meer uitgewerkte beschrijving per wet/ richtlijn staat in bijlage 1.
Het Burgerlijk Wetboek (BW) is relevant voor het beheer en onderhoud van civiele kunstwerken, vooral vanwege de aansprakelijkheidsaspecten. Relevante aspecten zijn: de onrechtmatige daad, de schuldaansprakelijkheid, risicoaansprakelijkheid voor opstallen, gedegen onderhoudsbeleid. Regelmatige inspecties en een goed beheersysteem zijn belangrijk om aan de zorgplicht te voldoen en aansprakelijkheid te beperken. De Wegenverkeerswet 1994 regelt het verkeer, de inrichting van de weg en de veiligheid van de weggebruiker. De weg omvat ook de inrichting van civiele kunstwerken zoals bruggen, tunnels en viaducten. De Omgevingswet regelt alles wat te maken heeft met de fysieke leefomgeving. Het doel ervan is zorgen voor- én in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving. Ook regelt de wet het doelmatig beheren en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving voor maatschappelijke functies. De belangrijkste aspecten komen uit voormalige wetten. Wetten zoals: woningwet, wegen wet, wet milieubeheer, waterwet, wet natuurbescherming en de wet geluidhinder. De Erfgoedwet vormt per 1 januari 2024 met de nieuwe Omgevingswet het fundament voor de bescherming van rijksmonumenten. Verschillende civieltechnische kunstwerken binnen de gemeente Middelburg zijn aangewezen als rijksmonument en opgenomen in het rijksmonumentenregister.
Voor deze rijksmonumenten geldt een wettelijke instandhoudingsplicht. De bescherming van gemeentelijke monumenten is geregeld in het omgevingsplan en de erfgoedverordening. Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is relevant voor het beheer en onderhoud van civiele kunstwerken. In de BBV staan eisen voor de financiële verantwoording, afschrijvingstermijnen en het inzicht in het beheer van kapitaalgoederen. Onder kapitaalgoederen vallen civiele kunstwerken. Met de BBV houdt het Rijk toezicht. Daarmee controleert het Rijk dat gemeenten hun kapitaalgoederen adequaat onderhouden en de daarvoor benodigde budgetten reserveren.
Onderzoek rekenkamer In 2018 heeft de rekenkamer aangegeven dat we integraal beleidskaders op moeten stellen. De rekenkamer adviseert de omgang met kapitaalgoederen en raakvlakken met anderen beleidsvelden vast te leggen. Het meest voor de hand liggende moment is bij actualisatie van beleid. We moeten zorgen voor een bouwwerk van beleidsdocumenten. Daarbij hoort het in beeld brengen van een heldere koppeling tussen de verschillende niveaus. Er is nu een gat tussen de visie beleid, beheer en uitvoering. De voorliggende beleidskaders voor civieltechnische kunstwerken dragen samen met andere beheerplannen bij aan de overbrugging van dit gat. Normen en Richtlijnen Eurocode 1 - EN 1991-2 Deel 2 reguleert de belastingen op constructies, met specifieke focus op verkeersbelasting op bruggen. NEN 8700 en 8701 zijn van toepassing op de herberekening van bestaande bruggen. De veiligheidsfactoren zijn daarin afgestemd op de restlevensduur. Bij verbouwingen gelden NEN 8700-normen voor constructieve veiligheid van bestaande bouwwerken.
Pagina 9 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
Bestaande situatie en nieuwbouw Bij verbouwing of renovatie van een bouwwerk zijn in beginsel de nieuwbouwvoorschriften van toepassing. Dit is echter niet altijd mogelijk. Financieel gezien staat het ook niet altijd in redelijke verhouding tot het resultaat daarvan. In de NEN 8700 zijn veiligheidsfactoren afgestemd op de beoogde restlevensduur van een constructie. Constructies met een korte restlevensduur, beoordeelt de norm minder streng dan nieuwe constructies. In de bestaande situatie is geen expliciete wetgeving voor het beheer en onderhoud aan civiele kunstwerken van toepassing. Er zijn wel algemeen geldende eisen voor het beheren en uitvoeren van werk aan civiele kunstwerken. Bijvoorbeeld op het gebied van arbeidsomstandigheden en milieu. Constructieve veiligheid bestaande bruggen Voor bestaande bruggen is de waarde in de norm (erg) hoog. Bij een herberekening van bestaande bruggen zijn dan aanvullende normen van toepassing, zoals de NEN 8700 en 8701. Daarmee worden lagere vereisten bepaald. Bij een herberekening zijn ontwerpdocumenten noodzakelijk. Bij het ontbreken van ontwerpdocumenten is niet na te gaan of het huidige civiele kunstwerk voldoet. Maatregelen worden dan bepaald op basis van de inschatting van het risico. Een constructeur schat dat in op basis van de beschikbare informatie, de ontwerpdocumenten en inspectieresultaten.
Hij kan dan geen vergelijking maken tussen het huidige gebruik (gebruiksbelasting) en de ontwerpsituatie (ontwerpbelasting) van een constructie. Machinerichtlijn Kunstwerken met bewegende onderdelen dienen te voldoen aan de machinerichtlijn, een richtlijn uit het Warenbesluit Machines. De machinerichtlijn geeft de veiligheids- en gezondheidsvoorschriften, inclusief de minimale eisen, aan machines, hijs- en hefgereedschappen, kabels enzovoort. Deze richtlijn is nodig om CE-markering1 toe te passen op dergelijk apparaten en bestaat uit een aantal onderdelen. Welke van toepassing zijn kan per kunstwerk verschillen. NEN 2767-4 “Conditiemeting” De NEN 2767-4 is een norm die we gebruiken voor de conditiemeting van civiele kunstwerken. Deze norm biedt een methodiek om de technische staat van infrastructuur op een objectieve en eenduidige manier vast te stellen en vast te leggen. De norm helpt om inzicht te krijgen in de aanwezige gebreken en de risico’s die deze gebreken met zich meebrengen. Dit maakt het mogelijk om prestatie-eisen te sturen en prioriteiten te stellen voor beheer en onderhoud. De NEN 2767-4 is een belangrijk hulpmiddel voor het ontwikkelen van meerjarenplannen en het beheren van kosten. In bijlage 3 hebben we een uitgebreidere toelichting opgenomen over de conditiemeting.
NEN 1010 “Veiligheidsbepalingen voor laagspanningsinstallaties” Aanleggen, uitbreiden en aanpassen van elektronische installaties moeten we conform de NEN 1010 uitvoeren. Dit geldt zowel voor nieuwe installaties in bestaande kunstwerken als bij nieuw te bouwen kunstwerken. NEN 3140 “Bedrijfsvoering van elektrische installaties- laagspanning” De NEN 3140 is de Nederlandse norm voor veilig werken aan- en met elektrotechnische installaties. Een NEN 3140 keuring is niet verplicht volgens de wet. De norm geeft wel een praktische invulling aan de wettelijke eisen. De norm helpt ook bij het aantonen dat we zorgplicht nakomen en veilige apparatuur faciliteren.
Pagina 10 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
2 Huidige beleidskaders beheer en onderhoud en ontwikkelingen 2.1
Inleiding
In dit hoofdstuk beschrijven we de huidige beleidskaders voor het beheer en onderhoud van de civieltechnische kunstwerken. Daarnaast leggen we kort uit, uit wat voor onderdelen beheer en onderhoud bestaan. Bijvoorbeeld wanneer zwaardere maatregelen als renovatie en of vervanging nodig is. In de paragrafen 2.6 en 2.7 benoemen we wat de raakvlakken zijn met andere gemeentelijke beleidsvelden. Als laatste delen we welke trends en ontwikkelingen belangrijk zijn.
2.2
Huidige beleidskaders beheer en onderhoud
Het huidige beleidsplan “Onderhoud gebouwen, civieltechnische kunstwerken, kademuren en glooiingen” heeft de gemeenteraad vastgesteld op 20 maart 2017. De beleidsperiode is van 2018 tot en met 2027. De raad heeft toen vastgesteld dat we gebouwen, civieltechnische kunstwerken, kademuren en glooiingen in een redelijke conditie houden. Dat is conditieniveau 3 volgens de NEN2767. Voor vervangings- en renovatiewerkzaamheden hanteren we het zogenaamde “piepsysteem” (zo lang mogelijk uitstellen, tot er gebreken op doen). Beheertaken en inspecties hebben we lange tijd minimaal uitgevoerd. De gedachte daarachter was om voldoende middelen voor uitvoering van onderhoud beschikbaar te houden. Organisatie In 2019 heeft gemeente Middelburg werk herverdeeld tussen afdelingen. Het areaal (van het Gebouwen Beheer Plan) hebben we toen gesplitst. De gebouwen hebben we ondergebracht bij het cluster vastgoed van afdeling Facilitaire Zaken. De civieltechnische kunstwerken hebben we ondergebracht bij het cluster beheer leefomgeving van de afdeling Leefomgeving. We hebben nieuwe beleidskaders voor civieltechnische kunstwerken, zodra de raad een besluit hierover heeft genomen. Voor de gebouwen blijft het beleidsplan tot en met 2027 van kracht. Gebouwen en civieltechnische kunstwerken hebben we na vaststelling van deze beleidsnotitie van elkaar gescheiden in beleid- en beheer.
Er is beperkte (1,0 fte) ambtelijke capaciteit voor het realiseren van beheer en onderhoud beschikbaar. Een groot deel van het beheer- , voorbereidingswerk en alle onderhouds- en vervangingswerken besteden we uit aan gespecialiseerde marktpartijen.
2.3
Beheer
Inleiding Beheertaken zijn alle inspanningen die we verrichten om de kwaliteit, conditie en het gebruik van het areaal inzichtelijk te houden. Met inzicht in die informatie, plannen we gefundeerd het onderhoud en de vervangingen in. Beheersysteem De informatie over onze civieltechnische kunstwerken hebben we geregistreerd in een beheersysteem. Hiervoor hebben we een licentie bij een externe leverancier. In het beheersysteem registreren en genereren we informatie. Gegevens die we opgenomen hebben zijn: Kaart (met locatie van de objecten); Paspoort (met basisgegevens van het betreffende object); Decompositie van objecten; Inspectiegegevens (gebreken en conditiescores); Beheer- en onderhoudsmaatregelen (kosten, onderhoud cyclussen); Meldingen (storingsregistratie); Foto’s en archiefgegevens. Pagina 11 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
Schermafbeelding uit het beheersysteem voor civieltechnische kunstwerken (iASSET). Kwaliteit en conditiebepaling. Voor het bepalen van de kwaliteit van objecten en de conditie van het object zijn verschillende methodieken beschikbaar. Om de conditie van een object te bepalen, gebruiken we een gestandaardiseerde conditiemeting volgens de NEN 2767-4. Dat is een visuele inspectie. De resultaten zijn nodig om vervolgacties voor het beheer en onderhoud te bepalen. Regelmatig is nader onderzoek nodig en laten we aanvullende technische inspecties uitvoeren. Met een technische inspectie willen we inzicht krijgen in specifieke schades van objectonderdelen. Ook de omvang laten we in kaart brengen. Dit doen we bijvoorbeeld door monstername en beproeving van materialen en onderdelen. Om (acute) bedreigingen voor de gebruiksveiligheid te signaleren voeren we een schouw uit. Dat is een visuele beoordeling, puur gericht op de veiligheid. Een schouw moeten we minimaal jaarlijks uitvoeren (verplichting uit de zorgplicht). Bij een melding over een gebrek voeren we ook een schouw uit. Monitoring heeft als doel inzicht te krijgen in de ontwikkeling van schades of gebreken. Wanneer er bijvoorbeeld scheurvormingen zijn hoeft dat niet directe negatieve gevolgen te hebben voor de constructie. Het kan het nodig zijn om het gedrag van een scheur te monitoren.
Dat doen we om in de gaten te houden of de situatie constant blijft of veranderd. Monitoren zorgt voor een grotere hoeveelheid aan informatie dan bij momentopnames zoals een schouw en inspecties. Analyseren van deze informatie is specialistisch werk. Wanneer objecten gebreken hebben die een gevaar kunnen worden voor de veiligheid inspecteren we vaker. Bij kadeconstructies verzamelen we informatie over de deformatie en staaldikte van de damwanden.
Pagina 12 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
Instandhoudingsvisie Er zijn verschillende factoren waarom een kunstwerk vervangen moet worden. Een kunstwerk kan bijvoorbeeld aan het einde van zijn technische levensduur zijn en daardoor niet meer geschikt zijn waarvoor hij bedoeld is. Bijvoorbeeld wanneer het merendeel van de onderdelen niet meer te repareren is. Het kan ook zijn dat we een kunstwerk niet meer nodig hebben. Bijvoorbeeld omdat we het gebied anders gaan inrichten of het anders gebruiken. Soms voldoet een kunstwerk niet meer, omdat we er andere eisen aan stellen (veiliger, duurzamer, groter et cetera). De visie vanuit het beheer is: in stand houden van het object tot het einde van de technische levensduur. Bij vervanging zorgen we ervoor dat het object weer voldoet aan de huidige stand van techniek. Over de vervanging van een kunstwerk dient de gemeenteraad te besluiten.
Inspectie- en reinigingswerk door beroepsduikers
2.4
Onderhoud
Onderhoud voeren we uit in het kader van veiligheid, functionaliteit, duurzaamheid en/of toonbaarheid. Om civiele kunstwerken in stand te houden moeten we onderhoud uitvoeren. Onderhoud moet ervoor zorgen dat we een object in de gewenste staat houden of -brengen. We kennen onderhoud in verschillende vormen. Hieronder volgt een uitleg van de onderhoudsvormen. Dagelijks onderhoud In de openbare ruimte voeren we vanuit verschillende disciplines dagelijks onderhoud uit. Het grootste deel voert Stadsbeheer uit. De volgende soorten dagelijks onderhoud initiëren we niet vanuit de discipline civieltechnische kunstwerken. Ze dragen wel bij aan de instandhouding van een object: - Reinigingsdienst: opruimen van zwerf- en bladvuil bij objecten; - Groenbeheer: tegengaan van overgroeien bij objectenonderdelen en reinigen van weghardingen; - Openbare verlichting: (functioneren van verlichting in tunnels of op bruggen; - Rioolbeheer: functioneren van waterafvoer bij tunnels en bruggen; - Wegbeheer: kwaliteit van wegverhardingen in tunnels of op bruggen; - Cultuurtechniek: kwaliteit van beschoeiing ter plaatse van een brug of duiker. (Beschoeiing beschermt een talud bij een object). Planmatig onderhoud Onder planmatig onderhoud vallen maatregelen die we plannen en voorbereiden. Vaak zijn ze periodiek terugkerend zoals reinigen, conserveren en smeren van onderdelen.
Regelmatig gaat het planmatig onderhoud ook over repareren en vervangen van onderdelen. Voorbeelden daarvan zijn vervanging van een houten brugdek, betonreparaties en vervangingen van voegen. Ook vervanging en renovatie voeren we planmatig uit. Pagina 13 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
Calamiteiten onderhoud/ niet-planmatig onderhoud Niet al het onderhoud is te voorspellen. Soms ontstaan er namelijk schades aan objecten door onjuist gebruik, ongelukken of vandalisme. Voorbeelden hiervan zijn aanrijschades, brand of kladgraffiti.
2.5
Investeringen
Vervanging en renovatie Met het uitvoeren van onderhoud stellen we vervanging en renovatie zo lang mogelijk uit. We ontkomen er niet aan dat op een gegeven moment een object het einde van de levensduur bereikt. Renovatie of vervanging is dan de enige mogelijkheid om de functie die het object heeft te behouden. In dat geval nemen we een object op in het Meerjareninvesteringsplan (MJIP), zie bijlage 6. Bij een investering waarderen we de technische staat op. We moeten op dat moment ook vaak weer voldoen aan de laatste normen en eisen voor het gebruik.
2.6
Overige gemeentelijk beleid
Naast de wettelijke kaders is ook gemeentelijk beleid van invloed op de beleidskaders van het beheer en onderhoud. Hieronder hebben we per beleidsveld de belangrijkste raakvlakken vermeld: Omgevingsvisie Middelburg 2050 De omgevingsvisie is de leidraad voor alles wat de stad, de dorpen en haar omgeving raakt. Het is een belangrijk fundament voor de toekomst die we samen bouwen. Gezonde groei en duurzaamheid vormen de kern van de omgevingsvisie. Verkeer Veel civieltechnische kunstwerken hebben een belangrijke functie in de mobiliteit. Bruggen, duikers en tunnels zijn onderdeel van onze wegen- en waterlopenstructuur. Veranderingen in verkeersbeleid en -gebruik kunnen grote gevolgen hebben voor de kunstwerken. Erfgoed Middelburg heeft een naam hoog te houden op het gebied van erfgoed. Verschillende civieltechnische kunstwerken zijn rijksmonumenten en beeldbepalend voor Middelburg. Het is belangrijk dat de objecten met cultuurhistorische waarde in een goede staat verkeren. Economie Kunstwerken hebben een belangrijke economische functie voor bedrijven. Onder meer voor werkgelegenheid, bereikbaarheid, bevoorrading. Maar de gemeente Middelburg heeft ook overslagkades in eigendom die onderdeel uitmaken van haar bedrijventerreinen. Veranderingen in het gewenste economische profiel kunnen van invloed zijn voor het beheer en onderhoud van kunstwerken.
De gevolgen hebben we niet meegenomen in deze notitie. Lichtplan Middelburg bruggen Als onderdeel van het masterplan verlichting hebben we in 2009 het lichtplan Middelburg bruggen gerealiseerd. Wanneer het donker is verlichten lampen onder bruggen het water in de binnenstad van Middelburg. Het doel achter het plan is de oriëntatie in de stad te versterken en de toegankelijkheid van het centrum te verhogen. In de omgevingsvisie hebben we het document “lichtplan Middelburg bruggen” opgenomen als beleid. Het lichtpan blijft geldig totdat we eventueel actualiseren. De verlichtingsarmaturen zijn inmiddels aan het einde van hun levensduur. Of actualisatie van het plan nodig is gaan we nader bekijken in de komende beleidsperiode.
Pagina 14 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
Brug Langevielesingel- Domburgsewatergang Beleid duurzaamheid en circulariteit Circulariteit is het uitgangspunt bij ontwikkelingen en in- en aankopen. Plannen wegen we af op noodzakelijkheid en op welke manier de minste milieu-impact ontstaat. Ook bij het beheer en onderhoud van onze civieltechnische kunstwerken heeft dit impact op onze keuzes. Materiaalkeuze en vormgeving spelen hierin een grote rol. Biodiversiteit en klimaatadaptatie Het integreren van biodiversiteit in civiele kunstwerken biedt zowel ecologische als functionele voordelen. Door bijvoorbeeld natuurvriendelijke oevers, groene bruggen en tunnels te ontwerpen, bevorderen we de biodiversiteit. Tegelijkertijd versterken we de infrastructuur. Sommige civiele kunstwerken zorgen voor fragmentatie van ecologische zones. Het creëren van faunaverbindingen helpt bij het behoud van diersoorten en het verbeteren van de biodiversiteit. Op het gebied van klimaatadaptatie kiezen we per object en/of project op wat voor wijze we anticiperen. We anticiperen op zeespiegelstijging, bodemdaling, regenwateroverlast, droogte en hittestress. Een voorbeeld is het maken van natuurvriendelijke oevers of het aanplanten van in de buurt van een civiel kunstwerk. Participatie- en inspraakverordening Bij het voorbereiden van deze notitie hebben we geen inspraak of participatie van bewoners en bedrijven toegepast.
De beleidskaders gaan over het conditieniveau waarop we de kunstwerken gaan onderhouden en over strategieën en methodieken. Bij het uitvoeren van onderhoud en vervangingen wegen we participatie steeds opnieuw af. We kiezen dan op wat voor wijze en niveau we eventuele participatie toepassen. Water afvoer en waterveiligheid Een deel van onze civieltechnische kunstwerken heeft raakvlak met kerntaken van Waterschap Scheldestromen. Dat is op het gebied van waterbeheer en waterkeringen (waterveiligheid). Onze duikers zijn onderdeel van watergangen en beïnvloeden de afvoercapaciteit van het water. Hierdoor is er raakvlak met de afdeling watersystemen van het waterschap. Een aantal van onze objecten heeft hier raakvlak mee. Dit zijn objecten zoals coupures, kademuren, glooiingen, een keersluis, een aanvaarbeveiligingen en afsluiters in het gemeentelijke riool. Sommige van deze objecten maken onderdeel uit van de regionale waterkering (binnendijken)of hebben er raakvlak mee. De focus van het waterschap ligt momenteel op de Pagina 15 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
waterveiligheid van primaire waterkering (buitendijken en duinen). Daarna volgt het toetsen van de regionale waterkeringen (binnendijken). Het waterschap zal daarna vanuit hun zorgplicht beleid opstellen. Hiermee beheersen ze nog beter risico's vanuit objecten van derden, die raakvlak hebben met Waterveiligheid. Het kan zijn dat het beleid van het waterschap gevolgen heeft voor onze kunstwerken. We verwachten dat dit duidelijk wordt in 2025 of 2026.
2.7
Trends en ontwikkelingen
In deze paragraaf hebben we kort een aantal trends en ontwikkelingen opgenomen. Ze zijn van invloed op het beheer en onderhoud van onze civiele kunstwerken. Door de grote diversiteit aan kunstwerken zijn er veel raakvlakken. Voor de onderwerpen hebben we ook aandacht wanneer we bijvoorbeeld beheer- onderhoud of vervanging- en renovatiemaatregelen uitvoeren. Trends en ontwikkelingen Mobiliteit en energietransitie: Meer- en zwaardere voertuigen op de weg (belastbaarheid); Circulariteit: Gestandaardiseerd-, demontabel-, materiaalgebruik; Biodiversiteit: Natuur inclusief bouwen (efficiëntie en milieu), obstakelvrije verbindingen; Klimaatadaptatie: Hevige regenbuien meer wateroverlast, (water in tunnels); Duurzaamheid1: Uitstoot reduceren van CO2, NOx en stikstof. Overstappen naar emissie loos materieel en gebruik van biobased materialen; Duurzaamheid2: Gebruik van materialen die zo lang mogelijk mee gaan (sturen op levenscyclus); Aantreffen van schadelijke stoffen in verf, zoals Chroom-VI en zware metalen (milieu/ gezondheid); Toegankelijkheid voor mindervaliden; Veiligheid van mensen die onbedoeld in het water belanden (drenkelingenveiligheid); Landelijke vervanging- en renovatieopgave door veroudering van het areaal en intensivering van het gebruik (capaciteit). Duurzaamheid1 = milieuvriendelijkheid Duurzaamheid2 = levensduur
Pagina 16 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
3 Huidige kwaliteit en conditie van de kunstwerken 3.1
Inleiding
In de vorige hoofdstukken hebben we het areaal aan kunstwerken beschreven en een overzicht van de wettelijke en gemeentelijke kaders genoemd. In dit hoofdstuk gaan we in op de huidige kwaliteit en de conditie van de kunstwerken. In paragraaf 3.2 beschrijven we een aantal relevante beheerfactoren en geven we een beeld van de staat van het beheer. Vervolgens gaan we in paragraaf 3.3 verder in op de kwaliteit en onderhoudsconditie van de kunstwerken. In paragraaf 3.4 lichten we de objecten toe die een ingrijpende renovatie nodig hebben of aan vervanging toe zijn.
3.2
Beheer
Inleiding Beheertaken zijn alle inspanningen die we verrichten om de kwaliteit, conditie en het gebruik van het areaal inzichtelijk te houden. We moeten voldoen aan onze zorgplicht. Met inzicht in die informatie, plannen we gefundeerd het onderhoud en de vervangingen in. In de loop der jaren is er een kennis- en informatiekloof ontstaan. Van een aantal met name oudere civieltechnische kunstwerken ontbreken essentiële gegevens, zoals: aanleggegevens, technische levensduur, gebruiksdata. Hierdoor zijn de belastbaarheid en restlevensduur niet voldoende in beeld. We merken de gevolgen van werken met “het piepsysteem”. Het ontbreekt aan een strategie voor het beheer van de objecten en er is een tekort aan capaciteit. De mogelijke consequenties van deze uitdagingen lopen uiteen. Stand van zaken basisinformatie De basisinformatie in het beheersysteem is niet compleet. Van een aantal objecten ontbreken tekeningen, berekeningen, materiaalgegevens of onderhoudsgegevens. Het beheersysteem actueel houden is een continue doorlopend proces. We moeten een inhaalslag maken om inzicht te krijgen in de belastbaarheid van onze constructies en de restlevensduur. Van 68 kunstwerken moeten we de belastbaarheid van de constructie achterhalen. Stand van zaken visuele inspecties De afgelopen periode hebben we alle kunstwerken visueel laten inspecteren door een extern adviesbureau.
De resultaten hebben we verwerkt in het beheersysteem. De conditie van de kunstwerken is hierdoor goed in beeld. Afhankelijk van de constateringen hebben we de beheersmaatregelen en onderhoudsmaatregelen opgenomen in de meerjarenplannen.
Stand van zaken technische inspecties Aan de hand van aanbevelingen en conclusies uit visuele inspecties hebben we de afgelopen periode bij 15 objecten technische inspecties en nadere onderzoeken uitgevoerd. Hierdoor kwamen er onderhouds- en vervanging en renovatie behoeften nauwkeuriger in beeld. Nog niet alle technische inspecties/ nader onderzoeken hebben we uitgevoerd. Bij 16 objecten moeten we dat nog doen.
Stand van zaken schouw Regelmatig komen er meldingen binnen over civiele kunstwerken. Meldingen komen binnen via verschillende kanalen. Bijvoorbeeld mondeling, telefonisch of digitaal via Melding Openbare Ruimte of Buiten Beter. Ze gaan meestal over gebreken. Bij een melding schouwen we het object / gebrek en bepalen dan de vervolgactie. Buiten om de meldingen voeren we een schouw nu vooral uit op ad hoc basis.
Pagina 17 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
3.3
12-nov-24
Kwaliteit en conditie van de kunstwerken
Om kapitaalgoederen in stand te houden moeten we onderhoud uitvoeren. Met onderhoud zorgen we ervoor dat we een bouwonderdeel in de gewenste staat houden of terugbrengen. Om de conditie van het areaal te bewaken, inspecteren we 1 keer per 4 jaar de civiele kunstwerken. Dit doen we met behulp van de NEN 2767-4 conditiemeting. De schouw voeren we jaarlijks uit. We moeten daarnaast ook vooruit kijken hoe lang de kunstwerken (nog zullen) voldoen aan de eisen die we er aan stellen. Hiervoor kijken we op verschillende momenten naar de levensduur. Levensduur Kunstwerken hebben we voor verschillende doelen aangelegd. Afhankelijk van de functie en locatie moeten ze vaak decennia lang mee gaan. Kunstwerken hebben een bepaalde levensduur (circa 25 tot 100 jaar). Dit noemen we de ontwerplevensduur. Afhankelijk van het gebruik, de belasting, bijv. de weersomstandigheden en het onderhoud, verandert de levensduur. De periode dat het kunstwerk de functie kan uitoefenen is de technische levensduur. Het kan zijn dat we een kunstwerk eerder of later vervangen dan de ontwerplevensduur. We voeren onderhoud uit om te zorgen dat het kunstwerk ook daadwerkelijk de ontwerplevensduur mee gaat (het liefst nog langer). Er komt echter altijd een moment dat een kunstwerk het einde van de technische levensduur bereikt. Materialen voldoen dan niet meer aan de gestelde eisen.
Dit moment willen we tijdig aan zien komen en voor zijn. Wanneer het (theoretische) einde van de ontwerplevensduur nadert en/of we kritieke gebreken signaleren, moeten we beoordelen hoe lang het kunstwerk nog kan voldoen aan zijn functie. De resterende periode dat een kunstwerk nog mee gaat, noemen we de restlevensduur. Door de restlevensduur tijdig te bepalen staan we beter gesteld voor vervanging en renovatieopgaven. Dit helpt de veiligheid en beschikbaarheid voor de gebruiker te borgen.
Houten brugdek voorzien van een nieuwe slijtlaag (antislip)
Pagina 18 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
De betonwapening bloot tijdens herstel van de Poelendaelebrug
conditiescore (c)
Conditieverloop Om de conditiescores uit de Nen-norm op juiste wijze te interpreteren, heeft men enige achtergrondinformatie nodig over de conditieverloop. Materiaal ondergaat van nature een verouderingsproces waardoor de conditie van een element steeds verder afneemt. Hiervoor hebben we in de grafiek hieronder een verouderingskromme opgenomen. De grafiek geeft inzicht in het verloop van de conditie. De conditie is uitgezet ten opzichte van de technische levensduur van een element. De conditieverloop van een element volgt geen rechte lijn, maar een logaritmische schaal. Afhankelijk van de verstreken technische levensduur (tijd) neemt de lijn steeds sneller af. Door onderhoud uit te voeren aan onderdelen, tillen we deze weer naar een hogere conditiescore. Soms is onderhoud echter niet meer mogelijk en blijft alleen nog vervangen over.
technische levensduur (t) Grafiek met conditieverloop als functie van de tijd
Pagina 19 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
Conditie van het areaal De technische staat bepalen we aan de hand van de NEN 2767 conditiemeting. Voor meer informatie over deze conditiemeting hebben we bijlage 2 opgenomen. De afgelopen periode hebben we alle civiele kunstwerken visueel laten inspecteren door een extern onafhankelijk adviesbureau. Bij de inspectie hebben inspecteurs de conditiescores bepaald. De belangrijkste resultaten hebben we hieronder weergeven. Belangrijk om weten is dat een bouwonderdeel kan variëren van de verf tot een fundering van een kunstwerk. De functie van deze onderdelen en het soort gebrek, bepalen de urgentie van het herstel. Door periodiek conditiemetingen uit te voeren krijgen we de ontwikkelingen van het areaal inzichtelijk. Stand van zaken conditiemeting - Bij 88 kunstwerken zijn alle bouwonderdelen in uitstekende of goede staat (conditiescore 1 of 2). Voldoet - Bij 48 kunstwerken zijn er één of meerdere bouwonderdelen in redelijke staat (conditiescore 3) Voldoet nog net (op de ondergrens) - Bij 87 kunstwerken zijn er één of meerdere bouwonderdelen in matige, slechte of zeer slechte staat (conditiescore 4,5 en 6). Voldoet niet Toelichting op bovenstaande inzet: Van de 87 kunstwerken waarbij één of meerdere bouwdelen niet voldoen, gaat het in circa 60-65% procent van de gevallen om constateringen met een laag risico. Hierbij hebben bijvoorbeeld gebreken aangetroffen m.b.t.
de conservering van leuningen, kleine schades aan de hoofdraagconstructies, vervuiling of aangetaste (dilatatie)voegen. In circa 35-40% van de gevallen gaat het om constatering(en) die een middel risico hebben. Hierbij zijn bijvoorbeeld gebreken aangetroffen m.b.t. het rijdek, leuningen, wegverharding, beton of metselwerk onderdelen. Gebreken met hoge risico’s verhelpen we direct, of -wanneer dat niet kan- zetten we ze af voor de veiligheid. Leeftijd areaal Anno 2024 hebben we 223 kunstwerken in ons civieltechnische kunstwerken areaal. Het areaal is in der loop der jaren gestaag gegroeid. Na de Tweede Wereldoorlog en watersnood ramp zijn er behoorlijk wat kunstwerken gebouwd en vernieuwd. We hebben bij uitbreidingen van wijken en dorpen ook kunstwerken bijgebouwd. De bouwjaren van onze civieltechnische kunstwerken variëren behoorlijk. In de cirkeldiagram hieronder hebben we de leeftijdsverhouding van het areaal afgebeeld. Het grootste deel (43%) van de objecten is tussen de 1 en 20 jaar oud. Het betreft een mix van kunstwerken op een nieuwe locatie en van vervangen kunstwerken die al bestonden. Het bestanddeel met objecten die ouder zijn dan 100 jaar, betreft vooral de historische kademuren.
Leeftijdsverhouding van het areaal Pagina 20 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
De leeftijd van een object zegt weinig over de staat van een object. Daarvoor moeten we de conditie vaststellen. De leeftijd geeft wel een inschatting hoe lang een object nog mee gaat (de restlevensduur). Wanneer je de huidige leeftijd van de ontwerplevensduur aftrekt, is dat theoretisch de restlevensduur. Het bouwjaar en de ontwerplevensduur zijn echter niet van alle objecten bekend en/of vastgelegd. Met behulp van afschrijvingsrichtlijnen en inspectieresultaten gaan we de restlevensduur voor de objecten ‘op leeftijd’ inschatten. Daardoor krijgen we een beter inzicht in de toekomstige vervanging en renovatie-opgave. Vervanging en renovatie opgave In bijlage 6 is de Meerjareninvesteringsplanning opgenomen voor de komende 10 jaar. Op deze planning hebben we vervangingen en renovaties van 23 civiele kunstwerken opgenomen. Regulier onderhoud is bij deze objecten niet meer toereikend. We moeten investeren om ze op de gewenste conditiescore te krijgen en aan hun functie te laten voldoen. De planning hebben we opgesteld met informatie uit visuele- en of technische inspecties / nadere onderzoeken. De gevolgen van de constructieve beoordeling van het areaal zijn in dit stadium nog niet bekend. We hebben daarvoor een pro memorie post opgenomen. Toekomstige vervangingsopgave We hebben inzicht gecreëerd in de investeringsopgave voor de komende 10 jaar.
We willen ook weten hoe het areaal zich ontwikkelt op de langere termijn. Hieronder hebben we een vervangingsoverzicht (grafiek) opgenomen voor de periode 2035-2045. Het overzicht is opgesteld aan de hand van einde ontwerplevensduur. Het geeft een indicatie van de vervanging- en renovatieopgave na de komende beleidsperiode (2025-2034). In de periode 2035 tot 2045 bereiken 35 kunstwerken het einde van de levensduur. Met deze grafiek en de Meerjareninvesteringsplanning hebben we (van redelijk nauwkeurig naar indicatief) inzichtelijk wat voor opgave er de komende 20 jaar op ons wacht bij civiele kunstwerken. De uitdaging voor nu en ook in de toekomst is om de pieken voor het beheer, onderhoud en vervanging en renovatie zo vlak mogelijk te maken, zodat we de opgave geleidelijk kunnen aanpakken.
Theoretisch vervangingsoverzicht 2035-2044. Stand van zaken vervanging en renovatie De afgelopen periode (2017-2024) zijn er verschillende objecten vervangen en gerenoveerd. Voorbeelden daarvan zijn de houten bruggen bij de Elzenlaan en Westmede, de Poelendaelebrug en de oeverconstructies Beiaard-Spinhuisweg. De kademuur aan de Korendijk-Kinderdijk wordt momenteel gerestaureerd. We zijn momenteel bezig met de aanbesteding van het werk “Renovatie kademuur Nieuwe Haven -Turfkaai”.
Pagina 21 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
4 Nieuwe beleidskaders 4.1
Inleiding
Het beheer en onderhoud van de civieltechnische kunstwerken op orde houden is een doorlopende opgave. Het vraagt een lange termijnvisie. De preventieve aanpak en de inzet van middelen houden we idealiter zo constant mogelijk. De gemeenteraad heeft gevraagd om inzicht in de kwaliteit van het areaal en wil een voorstel voor nieuwe beleidskaders van de civieltechnische kunstwerken. Het gaat daarbij over het meerjarig en planmatig vervangingsonderhoud en beheer. In voorgaande hoofdstukken hebben we vanuit verschillende kaders een uiteenzetting gegeven van de belangrijke aspecten voor het beheer en onderhoud van civieltechnische kunstwerken. In dit hoofdstuk verzamelen we aan de hand van deze verschillende kaders de uitgangspunten voor de komende beleidsperiode. In paragraaf 4.4 is een overzicht is opgesteld. De raad kan hiermee -afhankelijk van ambitie - een keuze voor de nieuwe beleidskaders maken. De belangrijkste kaders zijn: -
De wettelijke kaders De gemeentelijke beleidskaders (cultuurhistorie, duurzaamheid en biodiversiteit) De kaders voor beheer en onderhoud kapitaalgoederen De kwaliteit en conditie van de kunstwerken De input uit de werksessie met de vertegenwoordiging van de gemeenteraad.
4.2
Wettelijke kaders beheer en onderhoud kapitaalgoederen
Een goed beheer- en onderhoudsbeleid is van essentieel belang om de levensduur en prestaties van de civieltechnische kunstwerken te waarborgen. Vanuit wet- en regelgeving zijn we verantwoordelijk voor de zorgplicht en een veilige en gezonde leefomgeving. Hieronder staan op hoofdlijnen de speerpunten opgenomen die bij een goed beheer en onderhoudsbeleid horen: Beheer In paragraaf 3.2 is toegelicht hoe goed beheer eruit zou moeten zien. Ook is eerder toegelicht hoe de huidige situatie eruit ziet bij het beheer van de civiele kunstwerken. Onderstaand scenario is het advies voor beheer. Uitgangspunten en advies voor beheer Om meer grip te krijgen op het areaal is het advies om: - preventief beheerbeleid toe te passen (schouwen, inspecteren, te monitoren, te plannen en financiële middelen te reserveren); - de constructieve belastbaarheid met één grootschalige inspanning inzichtelijk maken door toetsen- en her-berekenen van civiele kunstwerken; - informatievoorziening in het beheersysteem verder op orde te brengen, door cruciale informatie te vergaren en te registeren; - voldoende financiële middelen beschikbaar te stellen. Pagina 22 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
Onderhoud , vervanging en renovatie In paragraaf 3.3 is toegelicht hoe de huidige situatie eruit ziet bij het onderhoud van civiele kunstwerken. De stap om het achterstallig onderhoud weg te werken neemt behoorlijk wat tijd in beslag. Een deel van de achterstand werken we weg met renovatie- en vervangingsprojecten(investeringen) en een deel met onderhoud. Om het onderhoud efficiënt uit te voeren hanteren we zoveel mogelijk een portfolio aanpak (clustering projecten). De factoren veiligheid, inzetbaarheid en de uitvoerbaarheid wegen we daarbij af. Onderstaand scenario is het advies voor onderhoud. Uitgangspunten en advies scenario onderhoud - Het conditieniveau 3 te hanteren als ondergrens (een redelijke staat, waarbij functievervulling niet in gevaar is) - Voor objecten met cultuurhistorische waarde conditieniveau 2 te hanteren. - Onderhoud planmatig en preventief uit te voeren - Integraal benaderen van de vervanging en renovatieopgave, door belanghebbende thema’s (zie kader hieronder) mee te nemen in de afbakening van de projectscope, - Onderscheid maken in onderhoud en investeringen - Meerjarige onderhoudsplannen op te stellen - Meerjarige investeringsplannen op te stellen Erfgoed In de erfgoedwet (paragraaf 1.5) is vastgelegd hoe we met rijksmonumenten om horen te gaan.
De gemeente heeft ook civieltechnische kunstwerken in eigendom die niet zijn aangewezen als rijks- of gemeentelijk monument. Er zijn kunstwerken bij die wel een belangrijke cultuurhistorische waarde hebben, omdat ze van bijzondere betekenis zijn. Bijvoorbeeld door: de situering, verbondenheid met de ontwikkeling van de stad, de historisch-ruimtelijke relatie met de omgeving of belangrijk bijdragen aan de historische entourage en beleving van de omgeving. Aan de hand van een inventarisatie van de kunstwerken hebben we tijdens het opstellen van deze notitie een uitgebreide beschrijving van deze kunstwerken gemaakt (bijlage 8 beschrijving cultuurhistorische waarden civieltechnische kunstwerken). In de Omgevingsvisie Middelburg 2020 heeft de gemeente vastgelegd dat we erfgoed en cultuurhistorie van grote waarde vinden. We willen beleid uitwerken om het erfgoed te beschermen, te benutten en te beleven. Het onderhoudsniveau is in grote mate van invloed op de kwaliteit van deze cultuurhistorische waarde. Vervanging of ingrijpend herstellen van erfgoedonderdelen is achteruitgang op het gebied van cultuurhistorische waarde. We adviseren om alle rijks monumentale civieltechnische kunstwerken en civieltechnische kunstwerken die van cultuurhistorisch belang in goede staat te onderhouden (conditieniveau 2).
Dat is een hoger onderhoudsniveau dan bij de reguliere kunstwerken (conditieniveau 3). Uitgangspunt en advies erfgoed - Conditieniveau 2 hanteren voor rijks monumentale- en civieltechnische kunstwerken met cultuurhistorische waarde.
Gat in metselwerk van kademuur aan de Kinderdijk. Pagina 23 van 30
Notitie Beleidskaders beheer en onderhoud Civieltechnische kunstwerken 2025-2034
12-nov-24
Biodiversiteit Het is belangrijk dat we bij civiele kunstwerken, zoals bruggen, duikers, tunnels en viaducten rekening houden met biodiversiteit. Deze infrastructuren vormen vaak barrières voor grondgebonden fauna, zoals kleine zoogdieren, insecten en amfibieën, waardoor kunstwerken hun natuurlijke verplaatsing beperken. Hierdoor kunnen populaties geïsoleerd raken, wat leidt tot een afname van genetische diversiteit en een verhoogd risico op (regionaal) uitsterven. Bovendien kunnen leef- en foerageergebieden ontoegankelijk worden, wat de overlevingskansen van deze dieren verder verkleint. Het behouden van ecologische verbindingen is van groot belang om de negatieve effecten op de biodiversiteit te minimaliseren. Door bijvoorbeeld ecologische passages of groene corridors te integreren, faciliteren we de natuurlijke migratie van dieren en kunnen populaties zich beter herstellen. Dit draagt bij aan de instandhouding van lokale biodiversiteit en versterkt de veerkracht van ecosystemen. Het behoud van biodiversiteit is niet alleen van ecologisch belang. Het speelt ook een cruciale rol in de kwaliteit van de leefomgeving voor onze inwoners. Het is van belang dat we bij onderhouden vervangingswerk maatregelen nemen die rekening houden met de lokale biodiversiteit.
De ambities omtrent biodiversiteit hebben we in 3 ambitieniveaus ingedeeld: “Basis op orde”, “Vooruitstrevend” en “Vooruitstrevender”. Bij “Basis op orde” ligt de focus op het instandhouden van bestaande verbindingen, verblijf- en groeiplaatsen. Bij de opvolgende ambitieniveaus nemen we ook budget op voor het ontwikkelen van nieuwe verbindingen, ontwikkeling en stimulatie van muurvegetatie op locaties waar deze nu niet of nauwelijks aanwezig zijn bij civiele kunstwerken. Uitgangspunten en advies biodiversiteit - Anticiperen op de kansenkaart biodiversiteit uit 2023. - Bij bestaande kunstwerken barrières voor biodiversiteit opheffen - Muurvegetatie draagt ook bij aan de biodiversiteit. Het advies is om bijzondere muurvegetatie te stimuleren. Ambitieniveau 2 ”vooruitstrevend” is de eerste stap naar herstel en versterking van de biodiversiteit.