24-071 Bijlage 1. Jaarrekening Orionis Walcheren
Tekst van het document
De overschrijding bij Overhead betreft voor € 128.000 loonkosten waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren. Verder een overschrijding van € 89.000 lasten, maar passend binnen het door het AB uitgezette beleid. In 2023 is een start gemaakt met het opzetten van inkoop en aanbestedingsbeleid en het inrichten daarvan. Begin 2024 is het vernieuwde inkoop- en aanbestedingsbeleid vastgesteld. Ook het inkoopproces is daarvoor ingericht, inclusief vaste formats en vastlegging van aanbestedingen. Op deze manier wordt een juiste werkwijze geborgd en vanuit het systeem tijdig melding gedaan m.b.t. aflopende contracten. Dit moet onrechtmatigheid, met name m.b.t. Europese aanbesteding, voorkomen. Getrouwheid Binnen de Rooo-regeling (opvang ontheemden Oekraïne) constateren we een toegenomen complexiteit. Dit als gevolg van constructies die worden toegepast door aanbieders van particuliere opvang of door werkgevers. Over 2023 is dan ook relatief een groot aandeel van de verstrekkingen m.b.t. particuliere opvang onrechtmatig. In 2024 willen we daarom iedereen in PO
- 32 -
oproepen voor een hercontrole. Dit in samenwerking met gemeenten vanwege het gezamenlijk belang omdat ook in de BRP van gemeenten regelmatig onjuistheden worden geconstateerd. Informatievoorziening De planning&control cyclus voorziet in periodieke rapportages met betrekking tot de financiële en beleidsmatige voortgang. Tweemaandelijks wordt een dashboard verstrekt aan de Raden van de deelnemende gemeenten waarin de voortgang zichtbaar is en wordt toegelicht. Hieruit kunnen eventueel begrotingswijzigingen voortkomen. Begrotingswijzigingen worden ter zienswijze voorgelegd aan de Raden. Externe informatieverstrekking vindt plaats via de website en het jaarverslag. Informatiebeveiliging Orionis Walcheren beschikt over informatiebeveiligingsbeleid en een informatiebeveiligingsplan 2023. Beide zijn gebaseerd op de richtlijn Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO). In 2023 zijn er 34 signalen van datalekken geweest. Er waren geen datalekken met een hoog risico op aantasting van de persoonlijke levenssfeer. Daarom hoefde in 2023 geen melding aan de Autoriteit Persoonsgegevens te worden gedaan. In 2023 zijn door een onafhankelijke auditor audits uitgevoerd op de webomgeving van de DigiDaansluiting 1003829 (TripleEforms) en de DigiD-aansluiting Orionis Walcheren Schuldhulpverlening.
De assurance-rapporten van deze audits tonen aan dat Orionis Walcheren de interne beheersingsmaatregelen die verband houden met de beveiligingsrichtlijnen effectief heeft opgezet en geïmplementeerd. Het interne controleplan Suwinet is uitgevoerd in 2023 en er zijn geen onrechtmatigheden geconstateerd. In 2023 is door een onafhankelijke auditor een assurancerapport (TPM) afgegeven. Met dit assurancerapport toont Orionis Walcheren aan dat de vertrouwelijkheid van de verwerkte Suwinet gegevens wordt gewaarborgd en dat daarmee wordt voldaan aan de gerelateerde Suwinet norm-items voor wat betreft de aan GR Orionis Walcheren uitbestede Suwitaken. Dienstverlening Klantenparticipatie vindt plaats door de Sociale Cliëntenraad Walcheren. Met de cliëntenraad is periodiek overleg gevoerd. Voor klachtenafhandeling is een klachtencoördinator aangesteld. Orionis heeft een eigen bezwarencommissie ten behoeve van de Participatiewet, die conform de vastgestelde verordening opereert. Orionis is aangesloten bij de nationale Ombudsman. Bezwaar en beroep In 2023 hebben we 191 bezwaarschriften ontvangen van 137 individuele klanten. 12% van de bezwaren was afkomstig van slechts 5 klanten. Het aantal bezwaren is 25% gedaald t.o.v. 2022. Dit komt grotendeels door het aantal bezwaren tegen niet toekennen van energietoeslag dat van 62 in 2022 is gedaald naar 29 in 2023.
Het aantal bezwaren daalt al langer, van 397 in 2020 is het in 2023 bijna gehalveerd Dit hangt waarschijnlijk samen met verbeterde dienstverlening en betere communicatie bij afgewezen aanvragen. Aanvragen voor een uitkering levensonderhoud en bijzondere bijstand waren met 65 de grootste bron van bezwaren. 22 bezwaren gingen over een opgelegde maatregel, boete of intrekking. Van alle ingediende bezwaren is in 2023 19 % (gedeeltelijk) gegrond verklaard, Er zijn 25 bezwaarschriften weer ingetrokken, vaak na minnelijke schikking. Nagenoeg alle bezwaarschriften (99.8%) zijn binnen de wettelijke termijn afgehandeld. In 2023 is er 13 keer beroep aangetekend tegen een besluit op bezwaar. In 5 gevallen is hoger beroep bij de centrale
- 33 -
raad van beroep (CRvB) ingesteld. Ook is 6 maal een voorlopige voorziening aan de rechtbank gevraagd, waarvan 2 toegewezen Niet in alle (hoger) beroepszaken is al uitspraak gedaan door oplopende doorlooptijden bij de rechtbank en CRvB. Doorlooptijden van anderhalf tot 2 jaar bij de rechtbank en de CRvB zijn niet uitzonderlijk. In 2023 is uitspraak gedaan in 37 zaken die in 2021, 2022 en 2023 voor de rechter zijn gebracht. In totaal is Orionis Walcheren 26 maal in het gelijk gesteld, in 6 gevallen de klant en 5 zaken zijn ingetrokken. Het lage aantal gegronde bezwaren, beroepen en hoger beroepen is een indicatie dat de kwaliteit van de primaire besluiten van medewerkers hoog is. In 2023 heeft juridische zaken 458 adviezen gegeven aan medewerkers. Ook op die manier wordt de kwaliteit van de besluitvorming vergroot. Klachten Oordeel niet behandeld/ geen verplichte behandeling
# 6
melding
4
doorzenden
3
intrekken door klant Geen oordeel
2 2
Minnelijk
6
Adequaat/ ongegrond Niet onbehoorlijk Niet behoorlijk
3 2 2
Totaal
15
Toelichting Bijv. klacht over besluit op aanvraag waarvan bezwaartermijn is verlopen. Klacht over te lage norm bijstand. Meestal een onderwerp wat doorgezonden had gemoeten maar geen bezwaarmogelijkheden zijn. Bijv. formulier niet verstrekt, bsn niet goed zichtbaar op klantportaal of antwoordapparaat niet aangezet. Valt niet onder klachten. Klachtbehandelaar ondersteunt wel in het oplossen van het probleem, zodat de klant niet “van het kastje naar de muur” wordt gestuurd. Klacht bleek qua inhoud bezwaar te zijn en is doorgezonden als bezwaar. Verkeerde link op website gekozen. Niet kunnen beoordelen. Bijv. geen hoor en wederhoor doordat de klant onbereikbaar was. De klacht is al opgelost voordat de klant een afhandelingsbrief ontvangt. De klant wenst geen afhandelingsbrief. De klant is tevreden. Orionis valt niets te verwijten. Niet netjes, maar ook niet onjuist niet naar behoren: Orionis heeft niet goed gehandeld. Bijvoorbeeld onjuiste informatie verstrekt door medewerker. Van die 30 vielen 15 uitingen niet onder klachten. Oftewel feitelijk kunnen wij slechts over 15 klachten spreken.
Van die 15 klachten hebben wij er 2 niet kunnen beoordelen. In drie gevallen is gebleken dat Orionis niets te verwijten viel. In 6 gevallen is de situatie snel rechtgezet met de klant. In vier gevallen heeft Orionis echt een fout gemaakt. Er heeft 1 klacht via de nationale ombudsman gelopen. Hierbij is geen foutief handelen door Orionis vastgesteld. De klacht is niet inhoudelijk beoordeeld door de ombudsman. Het geschil is middels mediation opgelost. Juridische procedures Er zijn geen lopende juridische procedures ultimo 2023. Paragraaf Wet open overheid (Woo) Orionis Walcheren is gestart met het implementeren van de Woo. Orionis Walcheren heeft als publicatie kanaal de eigen website aangepast en daar informatie geplaatst. We zorgen hierbij
- 34 -
dat informatie en het indienen van een Woo verzoek goed vindbaar is. Een register van vragen en gegeven antwoorden maakt daar deel van uit. Orionis Walcheren neemt deel aan een provinciaal overleg om kennis en ervaring uit te wisselen. In 2023 zijn 6 Woo verzoeken verwerkt.
- 35 -
Beleidsindicatoren bestuur en organisatie Indicator
Eenheid
Realisatie 2023
Formatie
Fte per 1.000 inwoners
2,14
Bezetting
Fte per 1.000 inwoners
2,14
Apparaatskosten Kosten per inwoner
€ 184
Externe inhuur
Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur derden
Overhead
Kosten als % van totale lasten
- 36 -
4,4% € 0,87 miljoen 60%
JAARREKENING
jaarrekeningJAARREKENING
- 37 -
Waarderingsgrondslagen Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Het door het Algemeen Bestuur op 14 september 2023 vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving is van toepassing bij de beoordeling van de rechtmatigheid. Vaste activa Waardering van (im)materiële activa en financiële activa vindt plaats tegen verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Met uitzondering van grond vindt afschrijving plaats op basis van de verkrijgings- of vervaardigingsprijs volgens een stelsel dat is afgestemd op de verwachte toekomstige gebruiksduur. Bij de waardering wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere vermindering van de waarde, indien deze naar verwachting duurzaam is.
Op het moment dat een desinvestering (verkoop van het actief) plaats vindt wordt de boekwinst c.q. het verlies ten gunste/laste van het resultaat van het betreffende jaar gebracht. Onder de Financiële activa worden deelnemingen opgenomen die zijn gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs. Bij een negatieve vermogenswaarde wordt een voorziening gevormd. De materiële vaste activa met economisch nut, zoals bedoeld in artikel 35 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten, worden afhankelijk van technische cq economische afwegingen lineair (of annuïtair) afgeschreven in: • 20 tot 40 jaar: nieuwbouw bedrijfsgebouwen; • 10 tot 25 jaar: renovatie, restauratie en aankoop bedrijfsgebouwen; • 10 tot 15 jaar: technische installaties in bedrijfsgebouwen; • 4 tot 10 jaar: veiligheidsvoorzieningen bedrijfsgebouwen, telefooninstallaties, kantoormeubilair, nieuwbouw tijdelijke gebouwen, groot onderhoud bedrijfsgebouwen, machines; • 5 tot 7 jaar: vervoermiddelen; • 3 tot 5 jaar: automatiseringsapparatuur; ICT-componenten • niet: gronden en terreinen. Voorraden De grond- en hulpstoffen worden gewaardeerd tegen verrekenprijzen, gebaseerd op de gemiddelde betaalde inkoopprijs. Waarderingsverschillen tussen standaard verrekenprijs en betaalde inkoopprijs worden als bedrijfsresultaat verantwoord. Voor het risico van incourante voorraden wordt een voorziening in mindering gebracht.
De onderhanden werken worden gewaardeerd tegen de vervaardigingsprijs, verminderd met op de balansdatum reeds voorzienbare verliezen. De vervaardigingsprijs omvat de verrekenprijzen van de gronden hulpstoffen, de loon- en machinekosten en de overige kosten die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend alsmede een opslag voor de indirecte kosten. Het gereed product wordt gewaardeerd tegen fabricagekostprijs of tegen de marktwaarde indien de marktwaarde lager is dan de fabricagekostprijs. De fabricagekostprijs bestaat uit de verrekenprijzen van grond- en hulpstoffen, de loon- en machinekosten en de indirecte kosten die aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. Voor het risico van incourante voorraden wordt een voorziening in mindering gebracht. Debiteuren Vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor het risico dat vorderingen niet invorderbaar zijn wordt een voorziening in mindering gebracht. Met betrekking tot de Rijksregelingen BBZ t/m 2019 waar nog met een gebudgetteerde vergoeding van 75% wordt gewerkt en voor Tozo-kredieten is een correctie voor verrekening met het Rijk opgenomen. Met betrekking tot de uitkeringsvorderingen op klanten wordt een voorziening voor oninbaarheid gevormd. Deze wordt in mindering gebracht op de balanspost debiteuren.
De voorziening wordt jaarlijks statisch bepaald aan de hand van ervaringen van de afgelopen jaren. De waardering van de vordering is
gebaseerd op de meest recente betaaldatum. Hierbij is een minimum percentage gehanteerd van 40% voor vorderingen waarop het afgelopen jaar nog betaald is, oplopend tot 100% voor vorderingen waarvan de laatste betaaldatum meer dan 5 jaar geleden is. Als uitzondering zijn vorderingen krediethypotheek alle gesteld op 20% oninbaar. Liquide middelen, overlopende activa Deze worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Eigen vermogen De algemene reserve dient als buffer voor calamiteiten en het opvangen van tegenvallers in de exploitatie, de programmakosten en de Rijksvergoedingen daarvoor. Deze reserve mag volgens de GR maximaal 5% van de directe en indirecte kosten bedragen. Het nog te bestemmen resultaat betreft het nog niet bestemde saldo van het afgesloten boekjaar. Aan het eigen vermogen wordt geen rente toegerekend. Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd tegen het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. Aan voorzieningen wordt geen rente toegerekend. Vaste schulden Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde verminderd met gedane aflossingen. Deze vaste schulden hebben een rentetypische looptijd van een jaar of langer. Vlottende schulden, overlopende passiva Deze schulden worden tegen nominale waarde gewaardeerd. Resultaatsbepaling De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben.
Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Netto-omzet Netto-omzet is de opbrengst van aan derden geleverde goederen en diensten exclusief de over omzet geheven belastingen en onder aftrek van kortingen. Grond- en hulpstoffenverbruik en uitbesteed werk De kosten van grond- en hulpstoffen worden berekend op basis van standaard verrekenprijzen. In voorkomende gevallen wordt de werkelijk betaalde prijs t.l.v. de exploitatie geboekt. Overige posten Al de overige posten zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Diversen Voor jaarlijks terugkerende, aan arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume wordt in de balans geen verplichting opgenomen. Pensioenen Orionis Walcheren heeft een pensioenregeling. Deze regeling wordt gefinancierd door afdrachten aan een pensioenuitvoerder, het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP). De pensioenverplichtingen worden gewaardeerd volgens de ‘verplichting aan de pensioenuitvoerder’ benadering. In deze benadering wordt de aan de pensioenuitvoerder te betalen premie als last in het overzicht van baten en lasten verantwoord. De dekkingsgraad van het ABP bedraagt ultimo 2023 volgens opgave van het fonds 110,5%.
Op basis van het uitvoeringsreglement heeft de GR bij een tekort in het fonds geen verplichting tot het voldoen van aanvullende bijdragen anders dan door hogere toekomstige premies. De dekkingsgraad van het pensioenfonds PWRI waaronder de Wsw-ers en Beschut Werkers vallen bedraagt 126,3% per ultimo 2023 volgens opgave van het fonds.
- 39 -
Balans ACTIVA (bedragen * € 1.000) Vaste activa Materiële vaste activa Investeringen met economisch nut Financiële vaste activa Overige langlopende leningen verstrekt Totaal vaste activa
31-12-2023
31-12-2022
17.059
17.820 17.059
672
17.820 581
672 17.731
Vlottende activa Voorraden 135 Grond- en hulpstoffen Onderhanden werk Gereed product en handelsgoederen Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar 6.388 Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overige vorderingen Liquide middelen 457 Kas Bank Overlopende activa 1.238 Overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen Totaal vlottende activa 8.218 Totaal generaal 25.949 PASSIVA (bedragen * € 1.000) Vaste passiva Eigen vermogen Algemene reserve Bestemmingsreserves Gerealiseerde resultaat Voorzieningen Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's Voorzieningen ter egalisering van kosten Vaste schulden met een renteypische looptijd van één jaar of langer onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen Totaal vaste passiva
249 -38 5 9.252
1.845
6.295
1.090 3.453
0 2.957 368
19 438
15 353 1.545
1.238
1.545 11.381 29.782 31-12-2022
1.062
-1.287 0 174 888
1.359
0 234 -1.521 1.192
723 636 15.059
683 509 15.941
15.059 17.480
Van overige Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren
- 40 -
216 110 19 6
31-12-2023
Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar 560 Overige schulden Overlopende passiva 7.909 Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen
Overige vooruitontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen Totaal vlottende passiva Totaal generaal
581 18.401
15.941 15.846
5.466 560
5.466 8.470
7.909
8.468
0
2
0 8.469 25.949
0 13.936 29.782
Toelichting op de balans Materiële vaste activa Het verloop van de materiële vaste activa is als volgt:
BW 01-01 Soort activum Grond en terreinen Gebouwen Vervoermiddelen Machines Apparaten en installaties Installaties Inventarissen
Investeringen DesAfAfBW 31-12 investeringen schrijvingen waarderingen
2.503.935 11.917.385 30.825 293.450
0 22.126 29.711 132.155
0 0 0 0
0 486.329 9.276 129.521
0 2.503.935 0 11.453.181 0 51.260 0 296.048
143.839 2.460.603 299.714
166.433 0 30.407
0 0 0
109.982 323.182 66.478
0 0 0
Subtotaal In uitvoering
17.649.751 170.175
380.831 -17.180
0
1.124.769
0 16.905.814 152.995
Materiele vaste activa
17.819.926
363.651
0
1.124.769
0 17.058.809
200.289 2.137.421 263.643
De materiële vaste activa betreft uitsluitend investeringen met economisch nut. De investeringen in uitvoering begin 2023 zijn afgewerkt. Nieuwe investeringen in uitvoering eind 2023 zijn € 152.995. Financiële vaste activa Deze bestaat uit verstrekte geldleningen en kredieten aan sociale minima. Hiervoor wordt een voorziening Risicofonds aangehouden omdat aan het verstrekken van geldleningen en kredieten onzekere verplichtingen zijn verbonden. Voor leningen wordt als norm gesteld dat 8% van het uitgezette bedrag in een fonds wordt aangehouden om evt. tegenvallers op te vangen. Dit percentage is verlaagd van 9% naar 8% vanwege het updaten van het debiteurenbestand. Conform het BBV is de voorziening in mindering gebracht op de overige langlopende leningen u/g. Uitstaande leningen per 31-12-2022 € 639.000 Nieuwe leningen en afgeboekte/afgeloste leningen € 91.000 Uitstaande leningen per 31-12-2023 € 730.000 Beginstand voorziening Onttrekkingen Dotatie Stand ultimo 2023
- /-
€ € € €
58.000 24.000 24.000 58.000
Voorraden De op de balans opgenomen grond- en hulpstoffen zijn gecorrigeerd met een voorziening voor incourante voorraden. De specificatie is als volgt: • Grond- en hulpstoffenstoffen € 127.000 • Voorziening incourant -/- € 17.000 Saldo grond- en hulpstoffen € 110.000
- 41 -
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Deze post bestaat uit: • Vorderingen op openbare lichamen. Dit betreft nog te ontvangen bedragen van de gemeenten: AIV/Kinderopvang € 325.000 en afrekening BTW € 1.347.000 en overige vorderingen € 173.000. • Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar. Conform de regeling Schatkistbankieren worden liquiditeiten boven het drempelbedrag uitgezet bij het Rijk. Uitzettingen ultimo 2023 bedragen € 1.090.000. • Overige vorderingen. Dit betreft de terugvorderingen van uitkeringen en Tozo-kredieten. Hierop worden de terugbetalingsverplichtingen aan het Rijk èn een voorziening wegens oninbaarheid in mindering. De specificatie van dit onderdeel is als volgt: Vorderingen klanten € 6.611.000 Verplichtingen Rijk -/- € 1.698.000 Voorziening oninbaarheid -/- € 2.304.000 Overige debiteuren € 844.000 Totaal € 3.453.000 Schatkistbankieren Schatkistbankieren betekent dat alle overtollige geldmiddelen boven een bepaalde drempel verplicht bij het Rijk moeten worden uitgezet. Dit wordt dagelijks getoetst. De drempel is voor Orionis € 1.897.000. Deze drempel is in 2023 niet overschreden. Het onderstaande overzicht laat het verloop per kwartaal in 2023 zien: Drempelbedrag Bedragen * € 1.000
Kwartaal 1
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag
Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4
24
14
52
180
1.874
1.883
1.845
1.717
Overlopende activa De specificatie van de overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen is als volgt: · Vooruitbetaalde kosten
€
115.100
· Nog te ontvangen subsidies
€
433.100
· Nog te ontvangen bedragen o.a. omzetten
€
629.200
· Vorderingen op personeel
€
30.500
· Te verwerken facturen
€
30.500
€
1.238.400
Totaal
Bestemmingsreserves Het in 2020 vooruitontvangen deel Tozo-uitvoeringskosten van € 447.0002 is toegevoegd aan een bestemmingsreserve “uitvoering Tozo”. Er is € 60.000 vrijgevallen in 2023. Deze bestemmingsreserve loopt door t/m 2026. Eigen vermogen: Gerealiseerde resultaat Het resultaat over 2023 bedraagt € 888.000 voordelig. Het nadelig resultaat over het voorgaande jaar ad. € 1.521.000 is conform het bestuursbesluit ontvangen van de Walcherse gemeenten.
2 Omdat de vergoeding die in 2020 ontvangen is ook betrekking heeft op werkzaamheden in de komende
jaren, is door ons een bedrag geschat voor toekomstige werkzaaamheden.
- 42 -
Voorzieningen Onder voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's zijn opgenomen: • Een voorziening Reorganisatie ad € 67.000 met betrekking tot de kosten van de reorganisatie 2013. Deze is bestemd voor toekomstige bovenwettelijke WW-uitkeringen met de daarbij komende kosten. De in 2023 gemaakte kosten zijn onttrokken aan de voorziening. Op basis van de berekening van de toekomstige verplichtingen ultimo 2023 en de aanvullende dotatie is de voorziening op peil. • Een voorziening voor personele verplichtingen ad € 558.000. Deze voorziening betreft opgebouwde rechten spaarverlof ambtenaren en Wsw. Onder voorzieningen ter egalisering van kosten is opgenomen: • Een voorziening voor groot onderhoud ad € 656.000. Hier ligt een meerjarenonderhoudsplan aan ten grondslag, waar de jaarlijkse dotatie op gebaseerd is. Het verloop van de voorzieningen is als volgt: 2023 Soort Voorziening
Beginstand
Dotatie
Onttrekking
Vrijval
Eindstand
Voorziening Reorganisatie/personeel
125.000
25.000
Voorziening Personele verplichtingen
558.000
98.000
83.000 0
0 0
656.000
Voorziening Groot onderhoud
509.000
127.000
0
0
636.000
1.192.000
250.000
83.000
0
1.359.000
Totaal
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Dit betreffen leningen bij de BNG/NWB. De specificatie is als volgt: 2023 Looptijd Rente Beginstand Nieuw
67.000
Aflossingen
Ultimo stand
in jaren % € € € Huisvestingsleningen 20-30 1,85% - 4,85% 15.346.000 0 716.000 Reguliere leningen 10-20 0,53% - 3,51% 595.000 0 165.000 Totaal 15.941.000 0 881.000 De aflossingstermijn die binnen 1 jaar vervalt bedraagt € 896.000 voor de leningen.
€ 14.629.000 430.000 15.059.000
Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De specificatie van de post Overige schulden is als volgt: • Persoonlijke rekeningen van klanten € • Reserveringen van klanten € Totaal € Overlopende Passiva Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen: · · · · · · · · · · ·
Loonheffing/pensioenpremie personeel december Loonheffing uitkeringen december Crediteuren (leveranciers) Te betalen rentelasten langlopende leningen Nog te betalen gemeenten AIV/Kinderopvang Nog te betalen diverse bedrijfsvoeringskosten (o.a. ICT, huisvesting ed.) Te betalen BTW 4e kwartaal Crediteuren (klanten) Nog te betalen personeelskosten Nog te ontvangen facturen Diversen
Totaal
- 43 -
77.000 483.000 560.000
€ € € € € € € € € € €
2.012.300 1.197.100 602.600 344.800 2.118.300 373.000 198.800 792.300 203.500 37.700 28.000
€
7.908.400
Niet uit de balans blijkende rechten en verplichtingen In onderstaande tabel zijn verplichtingen opgenomen die • Een looptijd hebben die eindigt op of na 31 december 2023 en een contractwaarde omvatten van minimaal € 50.000 over de resterende looptijd. • Een looptijd hebben die eindigt in 2024 en een contractwaarde omvatten van minimaal € 250.000 over de resterende looptijd. Bij het bepalen van de resterende looptijd is rekening gehouden met eventuele automatische verlenging bij het niet opzeggen voor 31 december 2023. De contractwaarde per jaar is vermeld op prijspeil 2023. Deze verplichtingen zijn gedekt binnen de meerjarenbegroting. Resterende looptijd ultimo 2023
Waarde per jaar
Exploitatieverplichtingen ICT Leaseverplichting wagenpark
1,0 jaar 4,9 jaar
€ 2.418.000 € 520.000
Beveiliging
1,0 jaar
€ 125.000
Accountantsdiensten
2,0 jaar
€ 68.000
Onderhoudscontract installaties
2,0 jaar
€ 95.000
Onderwerp
De overeenkomst m.b.t. dienstverlening I&A Vlissingen is een contract voor onbepaalde tijd met een opzegtermijn van 12 maanden. Voor de verplichting 2024 is de verwachte waarde opgenomen. In 2020 is een meerjarige leaseovereenkomst gesloten met Hiltermann Lease B.V. m.b.t. de lease van 56 voertuigen. De overeenkomst heeft een looptijd van 8 jaar en een totale waarde van € 4.311.000. Gedurende de looptijd is het aantal auto’s verminderd. De kosten van boventalligheid worden hier niet opgenomen, omdat voor deze kosten een voorziening is opgebouwd. Garantie 2024 In 2009 is de groenloods (Schenge 6-8) te Middelburg verkocht aan de gemeente Middelburg; in 2014 is het pand Grevelingenstraat 16 verkocht aan de gemeente Middelburg. In beide transacties is overeengekomen dat de gemeente Middelburg de grondexploitatie van het verkochte uiterlijk per 1 januari 2024 volgens de daarvoor bij de gemeente Middelburg gebruikelijke methodiek (tussentijds) zal afsluiten. Voor Orionis zal de grondexploitatie volledig inzichtelijk worden gemaakt. Indien de afsluiting een positief saldo oplevert zal dit saldo ten gunste komen van Orionis, bij een negatief saldo vindt er geen verrekening plaats. Deze afsluiting wordt door Middelburg opgemaakt, bekend is al dat deze een negatief saldo vertoond. Er vindt dus geen verrekening plaats en hiermee is de garantie afgewikkeld.
- 44 -
Gebeurtenissen na balansdatum Na balansdatum hebben zich geen gebeurtenissen voorgedaan die van invloed zijn op de financiële positie van de GR per balansdatum.
- 45 -
TOTAALOVERZICHT VAN LASTEN EN BATEN met toelichting Totaal
realisatie 2022
begroting 2023
begroting 2023-2
realisatie 2023
(bedragen * € 1.000)
lasten
baten
lasten
baten
lasten
baten
lasten
baten
Re-integratie
7.294
6.730
7.117
6.177
7.952
6.917
7.568
6.623
Werkleerbedrijf
21.093
18.612
20.040
19.391
22.150
20.221
21.717
20.191
Inkomen
66.746
63.273
56.049
52.895
71.570
68.093
69.439
66.431
Schuldhulpverlening
1.215
44
1.230
94
1.230
44
1.415
242
Overhead
11.237
1.986
10.434
985
12.504
1.908
12.720
2.036
Heffing VPB
0
Onvoorzien Alg.dekkingsmiddelen
0 0
0
0
0
15.390
0 0
15.268
0 0
Totaal
107.585 106.034
94.870
94.810
115.406 115.346
112.859 113.686
Saldo
-1.551
-60
-60
828
Reserveringen Saldo na reservering
0
30
0
-1.521
60
18.163
0
0
60
0 0
0
0
Het resultaat over 2023 (na mutaties reserves) is € 888.000 voordelig (begroot nihil). Een verschillenanalyse heeft plaatsgevonden ten opzichte van de begroting na wijzigingen. Dit saldo geeft nog geen compleet beeld van het werkelijke resultaat van Orionis. De definitieve vaststelling van de Rijksvergoeding Buig eind september komt € 370.000 hoger uit. Dit kon niet meer in een begrotingswijziging worden meegenomen. Deze verhoging komt dus rechtstreeks tot uiting in de gemeentelijke jaarrekeningen. De belangrijkste afwijkingen ten opzichte van de begroting zijn: Programma Arbeidsmarkt: • Plaatsingsvergoedingen / overige instrumenten • Personele lasten i.r.t. subsidies Programma Werkleerbedrijf • Werkinfrastructuur • Netto-omzet • Wsw-saldo loonkosten / Rijksvergoeding Programma Inkomen: • Vrijval voorziening oninbare debiteuren • Overige: minder onderzoeken reguliere BBZ-aanvragen Programma Overhead: • Personeelslasten • Huisvestingskosten • ICT / I&A Samenwerking • Overige lasten en opbrengsten
€ 127.000 V € 47.000 N € 242.000 V € 263.000 N € 436.000 V € 375.000 V € 65.000 V € 224.000 N € 102.000 V € 48.000 N € 86.000 V
De verschillen worden bij het desbetreffende programmaonderdeel verder toegelicht. In de jaarrekening is geen last inzake de vennootschapsbelasting opgenomen. Er is geen sprake van winstgevendheid van activiteiten en er is geen vennootschapsbelastingplicht.
- 46 -
18.163
60 888
Programma Arbeidsmarkt Re-integratie
realisatie 2022
begroting 2023
begroting 2023-2
realisatie 2023
(bedragen * € 1.000)
lasten
lasten
lasten
lasten
Doorbelast pers. en werkinfra
4.262
extra personele inzet
968
712
511
Loonkosten WiW/BsW
390
144
490
46
37
Plaatsingsvergoedingen
220
465
300
124
Overige instrumenten
524
411
443
87
499
94
5.891
407
5.891
407
5.891
Bijdrage gemeenten Subtotaal Directe apparaatskosten Totaal product Saldo
baten
baten
4.300
57 5.817
baten
4.423 287
1.392
baten
4.423 939
1.138
638
6.363
6.730
6.177
6.177
7.012
6.917
6.628
6.623
932
0
940
0
940
0
940
0
7.294
6.730
7.117
6.177
7.952
6.917
7.568
6.623
-565
-940
-1.035
Het saldo van dit programma komt € 90.000 voordeliger uit dan begroot (€ 384.000 voordeel lasten en € 294.000 nadeel baten). Dit bestaat uit de volgende onderdelen: • Extra personele inzet in relatie tot subsidies € 47.000 nadelig • Loonkosten WiW € 9.000 voordelig • Plaatsingsvergoedingen € 176.000 voordelig • Overige instrumenten € 49.000 nadelig • Bijdrage gemeenten € 0 Extra personele inzet i.r.t. subsidies (€ 47.000 N) Onder de inkomsten waren ook verwachtingen opgenomen voor extra gelden vanuit het vorig jaar gesloten regeerakkoord, en ruimere middelen vanuit de Arbeidsmarktregio dan daadwerkelijk zijn toegekend. De extra personele inzet is ook grotendeels op deze lagere opbrengsten aangepast. Loonkosten Wiw/BsW (€ 9.000 V) In 2023 zijn de loonkosten Beschut Werk verschoven naar programma Werkleerbedrijf, omdat ze daar werkzaam zijn. Loonkosten Wiw zijn in de loop van 2023 beëindigd wegens uitdiensttreding. Plaatsingsvergoedingen / Overige instrumenten (€ 127.000 V) Door een lager aantal plaatsingen vallen ook de plaatsingsvergoedingen aan werkgevers lager uit. De werkelijke kosten van overige instrumenten zijn mede afhankelijk van de kandidaten in trajecten en de specifiek benodigde instrumenten daarvoor. Bijdrage gemeenten (€ 0) Opgenomen is de bijdrage zoals deze al is opgenomen in de primaire begroting. Dit is niet meer gebaseerd op een Rijksvergoeding.
In afwijking met voorgaande jaren is ingaande 2023 de Rijksvergoeding aan gemeenten voor re-integratie niet meer apart zichtbaar, maar is onderdeel van het Cluster Werk en Inkomen in het gemeentefonds.
- 47 -
-945
Programma Werkleerbedrijf Werkleerbedrijf
realisatie 2022
begroting 2023
begroting 2023-2
realisatie 2023
(bedragen * € 1.000)
lasten
lasten
lasten
lasten
baten
baten
baten
Personeelslasten
3.709
3.558
4.078
4.065
Huisvesting
1.077
1.042
1.356
1.268
Productiemiddelen
1.097
1.095
1.028
882
Overig
508
Netto omzet Wsw-doelgroep
12
680
4.999 15.788
13.600 *
11
570
6.202 14.759
13.177
Bsw-doelgroep
10
563
5.193 15.972
14.610
242
407
15.620
14.694
413
566
-1.123
-1.133
-1.133
-1.133
Doorbel. Re-int. Wsw
-421
-425
-425
-425
Directe apparaatskst. Totaal product Saldo
0 4.931
Doorbel. re-int. WI Subtotaal
baten
20.635
18.612
19.577
19.391
21.688
20.221
21.254
20.191
459
0
463
0
463
0
463
0
21.093
18.612
20.040
19.391
22.150
20.221
21.717
20.191
-2.481
-649
-1.930
Het saldo van dit programma komt € 404.000 voordeliger uit dan begroot (€ 433.000 voordeel lasten en € 30.000 nadeel baten). Dit bestaat uit de volgende onderdelen: • Personeelslasten € 12.000 voordelig • Huisvesting € 87.000 voordelig • Productiemiddelen € 146.000 voordelig • Overig € 3.000 nadelig • Netto-omzet € 263.000 nadelig • Wsw-doelgroep € 436.000 voordelig • BsW-doelgroep € 12.000 nadelig Huisvesting (€ 87.000 V) Ondanks de hoge energieprijzen, die in de begroting zijn opgenomen, treedt hier een voordeel op. Dit is te danken aan een meevallend verbruik door meevallende temperaturen in de koude maanden. De kosten van het werkelijk verbruik komen € 43.000 lager uit. Verder treedt een voordeel op van € 13.000 op afschrijvingen, met vervanging gaan we terughoudend om. Ook treedt een voordeel op van € 13.000 bij het opleveren van een afgestoten huurpand met betrekking tot de (geschatte) kosten van het herstel in oorspronkelijke staat. Productiemiddelen (€ 146.000 V) Op vervoer is bespaard door het aantal voertuigen te verminderen. Dit levert een voordeel op van € 41.000. Ook is bespaard op onderhoud machines, een post die altijd lastig in te schatten is. Werkelijke kosten zijn immers ook afhankelijk van storingen of schades die zich in de praktijk voordoen. Ten opzichte van het begrote bedrag is € 48.000 minder uitgegeven (19% van de begrotingspost).
Aan brandstof machines is € 17.000 en aan brandstof vervoersmiddelen is € 7.000 minder
- 48 -
-1.526
uitgegeven. Deze uitgaven zijn mede afhankelijk van het werkelijk gebruik en de werkelijke brandstofprijzen. Netto-omzet (€ 263.000 N) De productie- en detacheringsopbrengsten zijn in de tussentijdse begrotingswijziging 2023 flink verlaagd. Dit betreft de doorwerking van de economische ontwikkelingen 2022 als gevolg van de oorlog in Oekraïne, inflatie en energiecrisis. Voor 2023 is slechts een beperkte omzetstijging begroot ten opzichte van 2022 (€ 194.000). De netto omzet komt in 2023 uiteindelijk € 68.000 lager uit dan in 2022. Hierin zit nog een incidenteel nadeel van € 138.000 m.b.t. voorgaand jaar verwerkt. Dit laat zien dat de omzetdip in 2022 als gevolg van de externe ontwikkelingen de bodem heeft bereikt, vanaf 2023 gaat de lijn weer omhoog. Dit komt ook terug in de begroting 2024 waarin flinke verbeteringen t.o.v. 2023 zijn opgenomen. De netto omzet is weliswaar dus € 263.000 lager dan begroot, maar samen met de gerealiseerde kostenbesparingen op personeelslasten, huisvesting en productiemiddelen is het saldo van het Werkleerbedrijf € 21.000 nadeliger dan de (bijgestelde) begroting. WSW-doelgroep (€ 436.000 V) Het Wsw-saldo is in de 2e begrotingswijziging aangepast op basis van de definitieve Rijksvergoeding. Deze was in september positief bijgesteld. De jaarprognose liet toen een voordeel zien van een paar ton. Cao-onderhandelingen waren toen al lange tijd lopende.
Daarom werd dit voordeel in de begroting gereserveerd voor verwachte meerkosten uit de af te sluiten Cao. Inmiddels is er een Cao vastgesteld, de meerkosten voor 2023 zijn een stuk lager dan het gereserveerde bedrag. Dit verklaart het voordeel op de personeelskosten van de Wsw doelgroep.
Programma Inkomen Bijstandsverstrekking
realisatie 2022
begroting 2023
begroting 2023-2
realisatie 2023
(bedragen * € 1.000)
lasten
baten
lasten
baten
lasten
baten
lasten
baten
Inkomensvoorziening Buig
46.525
907
46.408
882
50.979
873
50.658
942
Rijksvergoeding Buig
45.527 *
45.839
40
0
Tozo-regeling
428
428
350
350
498
498
Energietoeslag
9.271
9.271
9.400
9.400
7.859
7.859
Leefgeld Oekraïne
1.245
1.245
1.200
1.200
1.113
1.113
Bijzondere bijstand
3.791
109
3.695
133
3.895
133
3.744
134
Minimabeleid Bijdr. gemeenten bb/min
2.103
40
2.469
81
2.269
40
2.168
29
5.745
0
100
50.106 *
Onderzoekskosten BBZ
Overig
100
50.106
5.951
35
5.991
5.750
24
0
29
9
29
0
16
Subtotaal
63.427
63.273
52.701
52.895
68.222
68.093
66.091
66.431
Directe apparaatskosten
3.318
0
3.348
0
3.348
0
3.348
0
Totaal product
66.746
63.273
56.049
52.895
71.570
68.093
69.439
66.431
Saldo
-3.473
-3.155
- 49 -
-3.477
-3.008
Het saldo van dit programma komt € 469.000 voordeliger uit dan begroot (€ 2.131.000 voordeel lasten en € 1.662.000 nadeel baten). Dit bestaat uit de volgende onderdelen: • Inkomensvoorziening BUIG € 390.000 voordelig • Onderzoekskosten BBZ € 65.000 voordelig • Tozo / Energietoeslag / leefgeld € 0 • Bijzondere bijstand/minimabeleid / € 0 • Overig € 13.000 voordelig Inkomensvoorziening en Rijksvergoeding Buig (€ 390.000 V) Ten opzichte van 2022 en de primaire begroting 2023 zijn zowel de lasten als de Rijksvergoeding fors hoger. Dit heeft te maken met de doorwerking van de extra verhoging minimumloon van ruim 10%. Het voordelig verschil ontstaat vooral op de vorderingen. Voor de voorziening oninbare debiteuren wordt jaarlijks een dotatie van € 100.000 begroot. Achteraf wordt de werkelijk benodigde mutatie bepaald. Hierop van invloed zijn: Werkelijke afboekingen oninbaar gedurende het jaar Werkelijke ontvangsten gedurende het jaar Het laatste jaar waarop een betaling op een vordering is ontvangen (hoe recenter, hoe lager het percentage voor oninbaar wordt gesteld) Voor 2023 komt dit uit op een onttrekking aan de voorziening van € 275.000. Ten opzichte van een begrote toevoeging is dit een voordelig verschil van € 375.000 (op een vorderingentotaal van € 6,5 miljoen en een voorzieningentotaal van € 4,0 miljoen).
De Rijksvergoeding is opgenomen conform de door de gemeenten doorbetaalde bedragen gebaseerd op de meest recente begrotingswijziging. De werkelijke Rijksvergoeding komt bij de gemeenten € 370.000 hoger uit. Om het werkelijke BUIG-saldo te bepalen dient hiermee rekening gehouden te worden. De gemeenten hebben de volgende bedragen meer ontvangen van het Rijk: • Middelburg € 152.604 • Veere € 22.766 • Vlissingen € 194.318 • Totaal € 369.688 Als we hiermee rekening houden komt het BUIG-saldo voor 2023 uit op € 760.000 voordelig (waarvan dus € 390.000 in de jaarrekening van Orionis valt en € 370.000 in de jaarrekening van gemeenten). Onderzoekskosten BBZ (€ 65.000 V) Vooraf is lastig in te schatten hoeveel onderzoeken naar startende ondernemers nodig zijn. De begrotingspost is gebaseerd op wat hiervoor aan normbedrag in het gemeentefonds is opgenomen. Tozo-regeling (€ 0) De terugbetalingsplicht is gestart op 1 juli 2022 en loopt 6 jaar. In 2023 zijn meer bedragen ontvangen dan vooraf verwacht. Deze worden volledig doorbetaald aan de gemeenten, die deze weer moeten vergoeden aan het Rijk. De destijds verleende kosten/leningen zijn immers volledig door het Rijk vergoed geweest. De Tozo-regeling is daarmee budgettair neutraal. Energietoeslag (€ 0) De energietoeslag is pas in het laatste kwartaal van 2023 opgestart omdat regelgeving vanuit het Rijk lang op zich liet wachten.
Een deel van de verwachte toekenningen valt dan ook in 2024 in
- 50 -
plaats van in 2023; tot april 2024 kunnen nog aanvragen worden ingediend. Dit verklaart dan ook de lagere toekenningen dan begroot. Deze bedragen worden volledig doorbelast aan de gemeenten. Zij ontvangen een Rijksvergoeding hiervoor. Voor Orionis is dit budgettair neutraal. Leefgeld Oekraïne (€ 0) Dit betreft de betaalde bedragen voor leefgeld, de wooncomponent en eventuele bijzondere kosten. Deze bedragen worden volledig doorbelast aan de gemeenten. Zij ontvangen een Rijksvergoeding hiervoor. Voor Orionis is dit budgettair neutraal. De kosten per gemeente en de aantallen van de particuliere opvang zijn alsvolgt: Gemeentelijke Particuliere Aantallen PO t.b.v. opvang opvang uitvoeringskosten Middelburg Veere Vlissingen
€ 231.689 € 231.360 € 245.314
€ 77.263 € 143.319 € 144.317
256 345 421
Bijzondere bijstand / minimabeleid (€ 0) Dit betreft open-einde regelingen, waarvan de werkelijke uitgaven bepaald worden door ingediende aanvragen. De uitgaven 2023 liggen nagenoeg gelijk aan 2022, een verwachte stijging heeft zich niet voorgedaan. De kosten worden in rekening gebracht bij de deelnemende gemeenten op grond van de werkelijke betalingen op toegekende aanvragen. Lagere uitgaven dan verwacht betekent voor de gemeenten dus ook een lagere bijdrage aan Orionis. Voor gemeenten € 241.000 voordelig, voor Orionis budgettair neutraal.
Programma Schuldhulpverlening Schuldhulpverlening
realisatie 2022
begroting 2023
begroting 2023-2
realisatie 2023
(bedragen * € 1.000)
lasten
lasten
lasten
lasten
Advieskosten
baten
11
baten
15
baten
15
baten
5
Bijdragen klanten
17
41
17
14
Bijdragen derden
27
53
27
33
KOT-affaire toekenningen Subtotaal
195
195
11
44
15
94
15
44
200
242
Directe apparaatskosten
1.204
0
1.215
0
1.215
0
1.215
0
Totaal product
1.215
44
1.230
94
1.230
44
1.415
242
Saldo
-1.171
-1.136
-1.186
-1.173
Het saldo van dit programma komt € 13.000 voordeliger uit dan begroot (€ 185.000 nadeel lasten en € 198.000 voordeel baten). De bedragen die betaald zijn als tegemoetkoming aan gedupeerden van de kinderopvangtoeslag affaire waren oorspronkelijk niet begroot. In de loop van het jaar is de doelgroep én de ruimte voor toekenningen toegenomen. Deze kosten worden volledig door de gemeenten Middelburg (€ 192.774) en Veere (€ 2.547) vergoed.
- 51 -
Programma Overhead Overhead
realisatie 2022
begroting 2023
begroting 2023-2
realisatie 2023
(bedragen * € 1.000)
lasten
lasten
lasten
lasten
baten
Personeelskosten
14.801
14.151
15.736
15.994
34
Huisvesting
1.680
1.707
1.935
1.833
ICT
2.618
2.655
2.877
2.928
Inventaris en vervoer
100
43
125
125
Overig
669
Onvoorzien Doorbel. re-integr.
baten
1.166
baten
586
642
baten
662
0
0
0
-2.718
-2.743
-2.866
Steun/herstelpakket
820
343
1.565
670
1.659
-2.866 343
343
Subtotaal
17.150
1.986
16.399
985
18.469
1.908
18.686
2.036
Directe apparaatskst.
-5.913
0
-5.966
0
-5.966
0
-5.966
0
Totaal product
11.237
1.986
10.434
985
12.504
1.908
12.720
2.036
Saldo Reserveringen Saldo na reservering
0
-9.251
-9.448
-10.595
-10.684
30
60
60
60
-9.221
-9.388
-10.535
-10.624
Het saldo van dit programma komt € 89.000 hoger uit dan begroot (€ 216.000 nadeel lasten en € 128.000 voordeel baten). Dit bestaat uit de volgende onderdelen: • Personeelskosten / reserveringen € 224.000 nadelig • Huisvestingskosten € 102.000 voordelig • ICT € 51.000 nadelig • Inventaris en vervoer € 1.000 nadelig • Overig € 86.000 voordelig Personeelskosten en reserveringen (€ 224.000 N) Onderdeel van de personeelskosten is de voorziening voor reorganisatiekosten. Daarop is in 2023 een groter beroep gedaan dan verwacht. Er is dan ook een aanvullende dotatie nodig van € 25.000. Ook bij verlof hebben we te maken met extra kosten. Er is door medewerkers meer spaarverlof gespaard (aanvulling voorziening € 59.000) en minder verlof opgenomen dan op jaarbasis wordt toegekend (€ 73.000 meerkosten). Daarnaast is er vanwege het relatief hoge ziekteverzuim ook meer inzet nodig geweest. Verder is er meer uitgegeven voor de uitvoering van de KOT-affaire regeling en de regeling busabonnement, beide voor Middelburg, totaal € 76.000. Hier staat ook een extra opbrengst tegenover van hetzelfde bedrag, deze is opgenomen onder “Overige baten”. Huisvestingskosten (€ 102.000 V) Ondanks de hoge energieprijzen, die in de begroting zijn opgenomen, treedt hier een voordeel op. Dit is te danken aan een meevallend verbruik door meevallende temperaturen in de koude maanden.
De kosten van het werkelijk verbruik komen € 43.000 lager uit. Verder treedt een voordeel op van € 74.000 op afschrijvingen, met vervanging gaan we terughoudend om. Desondanks houden we de begrotingspost op het niveau, passend bij de
- 52 -
reguliere afschrijvingstermijnen. Investeringen die langer meegaan leiden dan aan het einde van de levensduur tot een voordeel in de jaarrekening. ICT (€ 51.000 N) Er zijn door I&A Samenwerking kosten doorgeschoven naar 2024, door verschuiving in het project Office365. Desondanks komen de kosten vanuit het I&A Samenwerkingsverband hoger uit dan begroot bij Orionis. Overige baten (€ 86.000 V) Hieronder is een aanvullende vergoeding opgenomen van de gemeente Middelburg ten behoeve van extra afgesproken taken (KOT-affaire en busabonnementen) van € 76.000. Ook opbrengsten vanuit het UWV (i.v.m. zwangerschapsverlof en langdurig ziekteverlof) komen hoger uit.
Algemene Dekkingsmiddelen Alg. dekkingsmiddelen
realisatie 2022
begroting 2023
begroting 2023-2
realisatie 2023
(bedragen * € 1.000)
lasten
lasten
lasten
lasten
Exploitatiebijdrage gemeenten (Reductie) gemeentelijke bijdrage Totaal algemene dekkingsmiddelen
0
baten
baten
baten
baten
15.597
16.267
17.570
17.570
-207
-999
593
594
18.163
0 18.163
15.390
0
15.268
0
Exploitatiebijdrage gemeenten (€ 0) De exploitatiebijdrage dient ter dekking van de netto bedrijfsvoeringkosten. De bijdrage is opgenomen conform het begrote bedrag. Een eventueel afwijkend saldo komt als saldo in de jaarrekening en wordt via de resultaatsbestemming verwerkt. (Reductie) gemeentelijke bijdrage (€ 0) De extra bijdrage is o.a. het gevolg van de negatief afwijkende rendementsverbeteringen. De bijdrage is opgenomen conform het begrote bedrag. Een eventueel afwijkend saldo komt als saldo in de jaarrekening en wordt via de resultaatsbestemming verwerkt.
Analyse begrotingsafwijkingen en begrotingsrechtmatigheid Totaal (bedragen * € 1.000)
begroting 2023-2 lasten baten saldo
realisatie 2023 lasten baten saldo
begrotingsafwijking lasten baten saldo
Re-integratie Werkleerbedrijf Inkomen Schuldhulpverlening Overhead Alg.dekkingsmiddelen Reserveringen
7.952 22.150 71.570 1.230 12.504 0 0 115.406
7.568 21.717 69.439 1.415 12.720 0 0
-384 -433 -2.131 185 217 0 0 -2.547
Totaal
6.917 1.035 20.221 1.930 68.093 3.477 44 1.186 1.908 10.595 18.163 -18.163 60 -60 115.406 0
- 53 -
112.859
6.623 20.191 66.431 242 2.036 18.163 60
945 1.526 3.008 1.173 10.684 -18.163 -60 -888 113.746
-294 -30 -1.662 198 128 0 0 -1.659
-90 -404 -469 -13 89 0 0 -888
Eerder is ook reeds per programma ingegaan op de verschillen tussen de realisatie en de begrotingscijfers na wijziging. De overschrijdingen konden niet gedurende het jaar gesignaleerd worden of middels een begrotingswijziging verwerkt worden. Alle overschrijdingen passen binnen het door het Algemeen Bestuur uitgezette beleid. Alle onderschrijdingen in uitgaven hebben er niet toe geleid dat taken van Orionis niet zijn uitgevoerd. Begrotingsafwijking
Re-integratie lasten -/-€ 384.000 Re-integratie baten -/- € 294.000 WLB lasten -/- € 433.000 Inkomen lasten -/- € 2.131.000 Inkomen baten -/- € 1.662.000 SHV lasten € 185.000 SHV baten € 198.000 Overhead lasten € 217.000
Conclusie: onrechtmatig, maar telt niet mee voor het oordeel € 384.000
Conclusie: Onrechtmatig, maar acceptabel
Onderschrijding lasten, tijdig gemeld
€ 294.000
Onderschrijding baten, tijdig gemeld
€ 433.000
Onderschrijding lasten, tijdig gemeld
€ 2.131.000
Onderschrijding lasten, tijdig gemeld
€ 1.662.000
Onderschrijding baten, tijdig gemeld € 185.000
Overschrijding lasten waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren Overschrijding baten, tijdig gemeld
€ 89.000
Overschrijding lasten, maar passend binnen het door het AB uitgezette beleid. Overschrijding lasten waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren Overschrijding baten, tijdig gemeld
€ 198.000
€ 128.000
Overhead baten € 128.000
Motivering conclusie
€ 128.000
- 54 -
Overzicht van incidentele baten en lasten / Onvoorzien Lasten Programma Arbeidsmarkt Inkomen
Schuldhulpverlening Overhead
Omschrijving
begroting
realisatie
Flexinzet t.l.v. subsidies afwikkeling tozo-leningen leefgeld Oekraïne energietoeslag toekenningen KOT-affaire extra inzet afwikkeling Tozo leningen extra inzet uit steun en herstelpakket extra inzet e-toeslag, leefgeld, KO en OV-pas
439.000 350.000 1.200.000 9.400.000 0 60.000 343.000 690.000
138.000 498.000 1.113.000 7.859.000 195.000 60.000 343.000 766.000
12.482.000
10.972.000
439.000 350.000 1.200.000 9.400.000 0 343.000 690.000 60.000
138.000 498.000 1.113.000 7.859.000 195.000 343.000 766.000 60.000
12.482.000
10.972.000
Baten Arbeidsmarkt Inkomen
Schuldhulpverlening Overhead Reservemutaties
Diverse subsidies afwikkeling tozo-leningen leefgeld Oekraïne energietoeslag vergoeding toekenningen KOT-affaire Steun en herstelpakket Verg. e-toeslag, leefgeld, KOT en OV-pas Onttrekkingen reserves
Er is geen begrote post voor Onvoorzien.
Taakvelden Bedragen in € 1.000 Taakveld
realisatie 2023
Verdelingsprincipe
lasten
baten
saldo
21.300
-10.867
10.433
0.5 Treasury Algemene uitkeringen en 0.7 overige uitkeringen
251
0
251
Rentelasten op algemene leningen en leningen t.b.v. huisvesting kantoor
0
-18.163
-18.163
Gemeentelijke exploitatiebijdrage en extra bijdrage
0,9 Vennootschapsbelasting
0
0
0
0.10 Mutaties reserves
0
-60
-60
Resultaat van de rekening 0.11 van baten en lasten
0
888
888
6.3 Inkomensregelingen
70.854
-66.673
4.181
Progr. Inkomen en SHV incl. doorbelasting directe apparaatskosten
6.4 WsW en Beschut Werk
21.717
-20.191
1.526
Progr. Werkleerbedrijf incl. doorbelasting directe apparaatskosten
6.5 Arbeidsparticipatie
7.568
-6.623
945
Progr. Arbeidsmarkt incl. doorbelasting directe apparaatskosten
0 Bestuur en ondersteuning 0.4 Overhead
Progr. Overhead incl. doorbelasting directe apparaatskosten naar overige programma's
Reserve Tozo uitvoeringslasten
6 Sociaal Domein
0
- 55 -
Rechtmatigheidsverantwoording van het Dagelijks Bestuur De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het Dagelijks Bestuur toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door het Algemeen Bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het Algemeen Bestuur op 14 september 2023 vastgestelde normenkader van de relevante weten regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door het Algemeen Bestuur bepaald en bedraagt 1% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € 1.128.000.
Bevinding Het Dagelijks Bestuur is van mening dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor gestelde grens. In de paragraaf Bedrijfsvoering is op basis van de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV en op basis van de afspraken met het Algemeen Bestuur aanvullende informatie opgenomen over de financiële rechtmatigheid. In deze paragraaf heeft het Dagelijks Bestuur ook beschreven welke actie zij onderneemt om vermelde afwijkingen in de toekomst te voorkomen.
- 56 -
Gegevens Wet normering topinkomens (WNT) Gegevens 2023 bedragen x € 1
H.M.A. Guise
Functiegegevens
Directeur
Aanvang en einde functievervulling in 2023
01/01 - 31/12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1,0
Dienstbetrekking?
ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
€ 152.865
Beloningen betaalbaar op termijn
€ 22.417
Subtotaal
€ 175.283
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€ 223.000
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Bezoldiging
n.v.t. € 175.283
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
n.v.t. / n.v.t. n.v.t.
Gegevens 2022 bedragen x € 1
H.M.A. Guise
Functiegegevens
Directeur
Aanvang en einde functievervulling in 2022
01/01 - 31/12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1,0
Dienstbetrekking?
ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
€ 141.773
Beloningen betaalbaar op termijn
€ 18.565
Subtotaal
€ 160.338
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€ 216.000
Bezoldiging
€ 160.338
De "beloningen betaalbaar op termijn 2022” zijn aangepast t.o.v. de in de jaarstukken 2022 opgenomen bijlage. De bij de werknemer ingehouden pensioenpremie was ten onrechte bij de bezoldiging opgeteld. De beloning betaalbaar op termijn in de jaarrekening bedroeg € 26.750. Deze correctie leidt niet tot een onverschuldigde betaling.
- 57 -
Ook de leden van het Algemeen Bestuur en het Dagelijks Bestuur van Orionis Walcheren vallen onder het begrip Topfunctionaris. De bezoldiging en alle overige vergoedingen binnen de GR van de onderstaande personen bedraagt nihil in 2023 (evenals in 2022). Gegevens 2023 NAAM TOPFUNCTIONARIS
FUNCTIE
Dhr. J.S. Louws
voorzitter AB en DB namens Middelburg
Dhr. A. Vader
lid AB en DB namens Vlissingen
Dhr. G.A. Sips
lid AB namens Vlissingen
Dhr. J. Portier
lid AB namens Vlissingen
Mevr. W. Treurniet
lid AB namens Middelburg
Dhr. E. Tuk
lid AB en DB namens Veere
Dhr. L.A. de Visser
lid AB namens Veere
- 58 -
SISA Regeling G2B Gebundelde uitkering op grond van artikel 69 Participatiewet_deel openbaar lichaam 2023
Hieronder per regel één gemeente(code) selecteren en in de kolommen ernaast de verantwoordingsinformatie voor die gemeente invullen
Besteding (jaar T) algemene bijstand
Baten (jaar T) algemene bijstand (exclusief Rijk)
Besteding (jaar T) IOAW
Baten (jaar T) IOAW (exclusief Rijk)
Besteding (jaar T) IOAZ
Openbaar lichaam o.g.v. Wgr (SiSa tussen medeoverheden)
Deel openbaar lichaam
Deel openbaar lichaam
Deel openbaar lichaam
Deel openbaar lichaam
Deel openbaar lichaam
Het openbaar lichaam verantwoordt hier per gemeente over het deel van de regeling dat in (jaar T) door het openbaar lichaam is uitgevoerd
I.1 Participatiewet (PW)
I.1 Participatiewet (PW)
Deel openbaar lichaam
Deel openbaar lichaam
I.2 Wet inkomensvoorziening I.2 Wet inkomensvoorziening I.3 Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk oudere en gedeeltelijk oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze arbeidsongeschikte werkloze arbeidsongeschikte gewezen werknemers (IOAW) werknemers (IOAW) zelfstandigen (IOAZ) Aard controle n.v.t. Aard controle R Aard controle R Aard controle R Aard controle R Aard controle R Indicator: G2B/01 Indicator: G2B/02 Indicator: G2B/03 Indicator: G2B/04 Indicator: G2B/05 Indicator: G2B/06 1 060687 Gemeente Middelburg € 19.710.455 € 323.297 € 557.359 € 2.883 € 40.564 2 060717 Gemeente Veere € 2.398.256 € 82.525 € 166.107 € 334 € 36.557 100 060718 Gemeente Vlissingen € 25.300.737 € 445.171 € 781.370 € 5.620 € 103.472 Hieronder verschijnt de Baten (jaar T) IOAZ (exclusief Besteding (jaar T) Bbz 2004 Baten (jaar T) Bbz 2004 Baten (jaar T) WWIK (exclusief gemeente(code) conform de Rijk) levensonderhoud levensonderhoud (exclusief Rijk) Rijk) keuzes gemaakt bij G2B/01 In de kolommen hiernaast de verantwoordingsinformatie voor die gemeente invullen
Deel openbaar lichaam
Deel openbaar lichaam
I.3 Wet inkomensvoorziening I.4 Besluit bijstandverlening I.4 Besluit bijstandverlening I.6 Wet werk en inkomen oudere en gedeeltelijk zelfstandigen 2004 zelfstandigen 2004 kunstenaars (WWIK) arbeidsongeschikte gewezen (levensonderhoud) (Bbz 2004) (levensonderhoud) (Bbz 2004) zelfstandigen (IOAZ) Aard controle n.v.t. Aard controle R Aard controle R Aard controle R Aard controle R Indicator: G2B/07 Indicator: G2B/08 Indicator: G2B/09 Indicator: G2B/10 Indicator: G2B/11 1 060687 Gemeente Middelburg € 65 € 147.570 € 74.588 € 5.020 2 060717 Gemeente Veere €0 € 18.809 € 2.489 €0 100 060718 Gemeente Vlissingen €0 € 132.212 € 45.273 €0 Hieronder verschijnt de Besteding (jaar T) Baten (jaar T) Gederfde baten die voortvloeien Mutaties (dotaties en vrijval) gemeente(code) conform de Loonkostensubsidie o.g.v. art. Loonkostensubsidie o.g.v. art. uit kwijtschelden schulden voorziening dubieuze debiteuren keuzes gemaakt bij G2B/01 10d Participatiewet 10d Participatiewet (exclusief gebundelde uitkering als gevolg van kwijt te schelden Rijk) Participatiewet (in jaar T) i.v.m. schulden gebundelde uitkering de hersteloperatie Participatiewet (jaar T) i.v.m. de kinderopvangtoeslagaffaire hersteloperatie kinderopvangtoeslagaffaire In de kolommen hiernaast de verantwoordingsinformatie voor die gemeente invullen
Deel openbaar lichaam
Deel openbaar lichaam
Deel openbaar lichaam
Deel openbaar lichaam
I.7 Participatiewet (PW) I.7 Participatiewet (PW) Participatiewet (PW) Participatiewet (PW) Aard controle n.v.t. Aard controle R Aard controle R Aard controle R Aard controle D2 Indicator: G2B/12 Indicator: G2B/13 Indicator: G2B/14 Indicator: G2B/15 Indicator: G2B/16 1 060687 Gemeente Middelburg € 719.750 €0 €0 €0 2 060717 Gemeente Veere € 164.607 €0 €0 €0 100 060718 Gemeente Vlissingen € 658.960 €0 €0 €0
Regeling G3B Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (uitsluitend kapitaalverstrekking)_deel openbaar lichaam 2023
Hieronder per regel één gemeente(code) selecteren en in de kolommen ernaast de verantwoordingsinformatie voor die gemeente invullen
Besluit bijstandverlening zelfstandigen (Bbz) 2004 Openbaar lichaam o.g.v. Wgr (SiSa tussen medeoverheden)
Besteding (jaar T) kapitaalverstrekking
Baten (jaar T) vanwege vanaf 1 januari 2020 verstrekt kapitaal (exclusief Rijk)
Baten vanwege vóór 1 januari 2020 verstrekt kapitaal (exclusief Rijk)
Besteding (jaar T) Bob
Baten (jaar T) Bob (exclusief Rijk)
Deel openbaar lichaam
Deel openbaar lichaam
Deel openbaar lichaam
Deel openbaar lichaam
Deel openbaar lichaam
Het openbaar lichaam verantwoordt hier per gemeente over het deel van de regeling dat in (jaar T) door het openbaar lichaam is uitgevoerd. Aard controle n.v.t. Aard controle R Aard controle R Aard controle R Aard controle R Aard controle R Indicator: G3B/01 Indicator: G3B/02 Indicator: G3B/03 Indicator: G3B/04 Indicator: G3B/05 Indicator: G3B/06 1 060687 Gemeente Middelburg € 94.500 € 9.684 € 29.757 €0 €0 2 060717 Gemeente Veere €0 € 11.141 € 2.694 €0 €0 100 060718 Gemeente Vlissingen € 13.812 € 5.443 € 8.509 €0 €0 Hieronder verschijnt de Besteding (jaar T) BBZ vóór 2020 – BBZ vóór 2020 – BBZ vóór 2020 – BBZ vanaf 2020 – gemeente(code) conform de onderzoekskosten levensonderhoud (exclusief kapitaalverstrekking (exclusief levensonderhoud en kapitaalverstrekking keuzes gemaakt bij G3B/01 artikel 52, eerste lid, onderdeel BOB) BOB) kapitaalverstrekkingen (BOB) b, Bbz 2004 (Bob) In de kolommen hiernaast de Deel openbaar lichaam Gederfde baten die voortvloeien Gederfde baten die voortvloeien Gederfde baten die voortvloeien Gederfde baten die voortvloeien verantwoordingsinformatie voor uit kwijtschelden schulden uit kwijtschelden van uit kwijtschelden schulden uit kwijtschelden van die gemeente invullen levensonderhoud BBZ in (jaar T) achterstallige betalingen levensonderhoud BBZ en achterstallige betalingen (exclusief BOB) i.v.m.
de kapitaalverstrekkingen BBZ in achterstallige betalingen kapitaalverstrekkingen BBZ in hersteloperatie (jaar T) (exclusief BOB) i.v.m. kapitaalverstrekkingen BOB in( (jaar T) i.v.m. de hersteloperatie kinderopvangtoeslagaffaire de hersteloperatie jaar T) i.v.m. de hersteloperatie kinderopvangtoeslagaffaire kinderopvangtoeslagaffaire kinderopvangtoeslagaffaire Deel openbaar lichaam Deel openbaar lichaam Deel openbaar lichaam Deel openbaar lichaam Deel openbaar lichaam Aard controle n.v.t. Aard controle R Aard controle R Aard controle R Aard controle R Aard controle R Indicator: G3B/07 Indicator: G3B/08 Indicator: G3B/09 Indicator: G3B/10 Indicator: G3B/11 Indicator: G3B/12 1 060687 Gemeente Middelburg €0 €0 €0 €0 €0 2 060717 Gemeente Veere €0 €0 €0 €0 €0 100 060718 Gemeente Vlissingen €0 €0 €0 €0 €0
Regeling G4B Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo)_ deel openbaar lichaam 2023
Hieronder per regel één gemeente(code) selecteren en in de kolommen ernaast de verantwoordingsinformatie voor die gemeente invullen
Welke regeling betreft het? Vul in Tozo 1, 2, 3, 4 of 5
Besteding (jaar T) levensonderhoud
Besteding (jaar T) kapitaalverstrekking
Baten (jaar T) levensonderhoud
Baten (jaar T) kapitaalverstrekking (aflossing)
Deel openbaar lichaam
Deel openbaar lichaam
Deel openbaar lichaam
Deel openbaar lichaam
Openbaar lichaam o.g.v. Wgr (SiSa tussen medeoverheden) Het openbaar lichaam verantwoordt hier per gemeente over het deel van de regeling dat in (jaar T) door het openbaar lichaam is uitgevoerd.
Aard controle n.v.t. Aard controle n.v.t. Aard controle R Aard controle R Aard controle R Indicator: G4B/01 Indicator: G4B/02 Indicator: G4B/03 Indicator: G4B/04 Indicator: G4B/05 1 060687 Gemeente Middelburg Tozo1 € 6.234 € 130.626 2 060687 Gemeente Middelburg Tozo2 € 4.404 € 20.178 3 060687 Gemeente Middelburg Tozo3 € 4.199 € 42.515 4 060687 Gemeente Middelburg Tozo4 € 1.007 € 3.051 5 060687 Gemeente Middelburg Tozo5 €0 € 1.286 6 060717 Gemeente Veere Tozo1 € 8.985 € 66.539 7 060717 Gemeente Veere Tozo2 € 1.087 € 1.754 8 060717 Gemeente Veere Tozo3 € 1.293 € 13.691 9 060717 Gemeente Veere Tozo4 € 1.198 €0 10 060717 Gemeente Veere Tozo5 €0 €0 11 060718 Gemeente Vlissingen Tozo1 € 4.303 € 121.391 12 060718 Gemeente Vlissingen Tozo2 € 1.045 € 23.082 13 060718 Gemeente Vlissingen Tozo3 € 3.626 € 28.089 14 060718 Gemeente Vlissingen Tozo4 € 2.373 € 4.751 15 060718 Gemeente Vlissingen Tozo5 € 1.441 € 1.843 100 Hieronder verschijnt de Hieronder verschijnt de keuze Baten (jaar T) Aantal besluiten Aantal besluiten gemeente(code) conform de regeling (Tozo 1,2, 3, 4 of 5) kapitaalverstrekking (overig) levensonderhoud (jaar T) kapitaalverstrekking (jaar T) keuzes gemaakt bij G4B/01 conform de keuzes gemaakt bij G4B/02 In de kolommen hiernaast de Deel openbaar lichaam Deel openbaar lichaam Deel openbaar lichaam verantwoordingsinformatie voor die gemeente invullen