CConstaterende datMeppel
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 - Ontwerpbestemmingsplan Eendrachtstraat 28 Toelichting

1 - RAADSVERGADERING 30 mei 2024, gemeente MeppelBij agendapunt: Gewijzigd vaststellen ontwerpbestemmingsplan 'Meppel - Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28'18.605 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 37 -

Hoofdstuk 4 4.1

Planologische randvoorwaarden

Bodem Wettelijk kader Bij de ontwikkeling van een ruimtelijk plan en/of bestemmingsplan dient rekening te worden gehouden met de bodemkwaliteit ter plaatse. De reden hiervoor is dat eventueel aanwezige bodemverontreiniging van groot belang kan zijn voor de keuze van bepaalde bestemmingen en/of voor de uitvoerbaarheid van een bestemmingsplan. Voor een bestemming zoals wonen, gelden andere normen dan voor bijvoorbeeld de bestemming bedrijven. Uitgangspunt is dat de bodemkwaliteit als gevolg van aanwezige bodemverontreiniging geen onaanvaardbaar risico oplevert voor de gebruikers van de bodem. Bovendien mag de bodemkwaliteit niet verslechteren door grondverzet (bijvoorbeeld graafwerkzaamheden). Dit is het zogenaamde stand still-beginsel. Onderzoek VERKENNEND BODEMONDERZOEK In het kader van voorliggend bestemmingsplan heeft gezien de milieugevoelige functie een verkennend bodemonderzoek conform NEN 5740 plaatsgevonden. Op basis van resultaten uit het historisch vooronderzoek is het onderzoek met de hypothese heterogeen verdacht uitgevoerd. Uit de resultaten van het bodemonderzoek blijkt het volgende: De huidige bebouwing op de locatie dateert van 1977. In de periode daar voorafgaand, vanaf 1934, zijn mogelijk bebouwing en/of wegen aanwezig geweest op de locatie (op basis van gegevens van historische kaarten).

Het onderzoeksgebied wordt daarom beschouwd als heterogeen verdacht gebied, met name in een brede strook langs de watergang; Bij het uitvoeren van de veldwerkzaamheden zijn op het maaiveld en in de opgeboorde grond geen asbestverdachte materialen aangetroffen. Wel zijn ter plaatse van diverse boorpunten baksteenresten waargenomen; In de mengmonsters MM01 en MM03 zijn analytisch lichte verontreinigingen met koper, kwik, lood en zink aangetoond. In mengmonster MM02 zijn geen verontreinigingen aangetoond; In het grondwater is analytisch een lichte verontreiniging met naftaleen aangetoond; Het bodemonderzoek is verricht conform de daartoe gestelde normen en uitgevoerd door daartoe erkende personen. Bij het onderzoek zijn maximaal lichte verontreinigingen aangetoond. De resultaten van dit onderzoek vormen daarom geen aanleiding tot het uitvoeren van een nader bodemonderzoek. Wel gelden de volgende opmerkingen: Bij het onderzoek is met name het buitenterrein onderzocht. Er is nog geen bodemonderzoek verricht ter plaatse van de nog te slopen bebouwing. Ten behoeve

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 38 -

van de aanvraag omgevingsvergunning voor de nieuwbouw van de appartementen is daarom nog aanvullend bodemonderzoek noodzakelijk. Uit de resultaten van het bodemonderzoek blijkt dat de bodemkwaliteit van de grond op deze locatie minder goed is dan de bodemkwaliteit die in deze omgeving is vastgelegd in de gemeentelijke Bodemkwaliteitskaart. Dit betekent dat de Bodemkwaliteitskaart bij grondverzet niet kan dienen als bewijsmiddel van de bodemkwaliteit. Er zal nog een partijkeuring moeten worden verricht voorafgaand aan het afvoeren van de vrijkomende grond van de locatie. Geadviseerd wordt om daarbij de schonere bovengrond gescheiden te houden van de minder schone boven- en ondergrond op de locatie. Er worden op de onderzoekslocatie in de ondergrond gehalten aan lood gemeten boven de 90 mg/kg. Bij deze gehalten kunnen gezondheidsrisico's voor jonge kinderen optreden, wanneer zij in contact komen met deze grond. Bij gehalten aan lood in de bodem tussen de 90 en 370 mg/kg kan een verlies van 1-3 IQ-punten optreden. Gelet hierop moet worden voorkomen dat de minder schone ondergrond wordt vermengd met de schonere bovengrond, waardoor de toekomstige bewoners van de locatie niet in contact kunnen komen met de met lood verontreinigde ondergrond. Voor meer informatie wordt verwezen naar de notitie ‘Lood in bodem en gezondheid’ van Landelijke GGD-werkgroep bodem.

Conclusie Door middel van het uitgevoerde bodemonderzoek is inzicht verkregen in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse van de onderzoekslocatie. Gezien de resultaten van het verkennend bodemonderzoek op basis van de NEN 5740 wordt geconcludeerd dat de opgestelde hypothese 'verdachte locatie', strikt genomen juist is gebleken. Op grond van het bodemonderzoek kan het plan echter uitvoerbaar worden geacht met inachtneming van de bovenstaande opmerkingen. Het verkennend bodemonderzoek is als Bijlage 2 opgenomen.

4.2

Geluid Kader Geluidsoverlast kan worden veroorzaakt door industrielawaai, railverkeerslawaai, wegverkeerslawaai en luchtverkeerslawaai. De Wet geluidhinder en de Luchtvaartwet kennen grenswaarden voor geluid. Bepaalde geluidgevoelige objecten mogen alleen worden toegelaten als zij geen ontoelaatbare geluidsbelasting ondervinden. Daartoe moeten op grond van artikel 3.3.1 Besluit ruimtelijke ordening zones in het bestemmingsplan worden opgenomen rond geluidbronnen. Het bestemmingsplan moet de ligging en de afmetingen van woningen en andere geluidsgevoelige gebouwen en van geluidgevoelige terreinen gelegen binnen de zone van een weg, spoorweg of industrieterrein als bedoeld in de Wet geluidhinder aangeven. Als een bepaalde bestemming en/of een bepaalde geluidsbron niet in de Wet geluidhinder of Luchtvaartwet is geregeld, moet in het kader van de goede ruimtelijke ordening toch een akoestische afweging gemaakt worden. Onderzoek

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 39 -

Het plan ligt binnen de geluidzone van het industrieterrein Oevers en binnen het invloedsgebied van diverse wegen. Het plan is gelegen tussen de wegen Ceintuurbaan (noordzijde) en Eendrachtstraat (westzijde). Vanwege deze plannen dient een akoestisch onderzoek te worden uitgevoerd naar de invloed van het geluid op het bouwplan afkomstig van het gezoneerde industrieterrein Oevers. De geluidbelasting op het plan ten gevolge van de industrie is berekend en aangeleverd door de zonebeheerder, voor de gemeente Meppel is dat de Regionale Uitvoeringsdienst Drenthe (RUD). Het plan ligt tevens binnen de geluidzone van de Ceintuurbaan. In het kader van de Wgh dient een akoestisch onderzoek naar wegverkeerslawaai te worden uitgevoerd. In het kader van goede ruimtelijk ordening is tevens het geluid van het wegverkeer op de Eendrachtstraat en Heinsiusstraat beoordeeld. Het geluidsonderzoek is opgenomen als Bijlage 4. Te hanteren geluidsgrenswaarde De voorkeursgrenswaarde voor wegverkeerslawaai bedraagt 48 dB en de maximale ontheffingsgrenswaarde voor een stedelijk gebied ten hoogste 63 dB. Hierbij dient de geluidbelasting per weg te worden beoordeeld. Voor industriegeluid is als voorkeursgrenswaarde een geluidbelasting van 50 dB(A) aangehouden. De maximale ontheffingsgrenswaarde is 55 dB(A) voor nieuw te bouwen woningen gelegen binnen de geluidzone van een industrieterrein.

Berekende geluidbelasting op plangebied ten gevolge van wegverkeerslawaai Ten gevolge van wegverkeer op de Ceintuurbaan wordt de voorkeursgrenswaarde van 48 dB op appartementen overschreden. De maximale geluidbelasting op de woningen bedraagt 62 dB (67 dB zonder aftrek artikel 110g Wgh). Hiermee kan wel worden voldaan aan de maximale ontheffingsgrenswaarde van 63 dB voor stedelijk gebied. Voor de appartementen dient een hogere waarde van maximaal 62 dB te worden aangevraagd. In het kader van goede ruimtelijke ordening wordt ten gevolge van wegverkeer op de Eendrachtstraat op een aantal immissiepunten, west- en zuidzijde van het appartementencomplex, niet voldaan aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB. De maximale geluidbelasting op de appartementen bedraagt 57 dB (62 dB zonder aftrek art. 110g Wgh). Hiermee kan wel worden voldaan aan de maximale ontheffingsgrenswaarde van 63 dB voor stedelijk gebied. Hogere waarden kunnen niet worden vastgelegd aangezien het hierbij gaat om een niet-zoneringsplichtige 30 km/uur weg. Aangezien bron- en overdrachtsmaatregelen hier niet reëel en wenselijk zijn, zal nader gekeken dienen te worden naar de karakteristieke geluidwering van de gevels. Bij het onderzoek naar de karakteristieke geluidwering van de gevels dient rekening te worden gehouden met de cumulatieve geluidsniveaus (totalen zonder aftrek).

Berekende geluidbelasting op plangebied ten gevolge van industrie Uit het vigerende bestemmingsplan blijkt dat het gehele plan is gelegen binnen de 50 dB(A) geluidzone van industrieterrein Oevers. De hoogste geluidbelasting op het bouwplan ten gevolge van de gezoneerde inrichting bedraagt 51 dB(A). Hiermee kan niet voldaan worden aan de voorkeursgrenswaarde maar wel aan de maximale ontheffingsgrenswaarde

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 40 -

van 55 dB(A). In overleg met de zonebeheerder wordt voorgesteld om voor de west- en zuidgevel van het appartementencomplex een hogere waarde van 55 dB(A) aan te vragen voor industriegeluid. Installatiegeluid en warmtepompen Bij de eventuele plaatsing van een installatie met buitenunits op het dak zal de installatie zodanig ontworpen worden dat cumulatief voldaan wordt aan de eis van 40 dB voor installatiegeluid. Cumulatie van geluid Conform het RMG 2012 is er alleen sprake van cumulatie indien de voorkeursgrenswaarde vanwege meer dan één bron wordt overschreden. Op een aantal woningen/appartementen wordt de voorkeursgrenswaarde door meerdere wegen of door een weg en de industrie overschreden. Formeel is er echter geen sprake van cumulatie als de voorkeursgrenswaarde door meerdere wegen wordt overschreden omdat alleen de Ceintuurbaan een gezoneerde weg is. In het kader van een goede ruimtelijk ordening zijn alle relevante wegen bij de beoordeling betrokken. De hoogste gecumuleerde geluidbelasting bedraagt, beoordeeld conform de voornoemde regels, maximaal 65 dB (westgevel appartementen). In hoeverre de berekende geluidsniveaus toelaatbaar zijn, is aan het bevoegd gezag.

Indien de berekende geluidsniveaus, van alle wegen (exclusief aftrek artikel 110g Wgh) en het berekende industriegeluid (per waarneempunt) worden opgeteld bedraagt de maximale waarde 67 dB (noordgevel appartementen). Deze totale waarde is even hoog als de berekende geluidsniveaus t.g.v. wegverkeer op de Ceintuurbaan (exclusief aftrek). Indien voor de bijdrage van het industrielawaai wordt uitgegaan van de voorgestelde hogere waarden van 55 dB(A) voor de west- en zuidgevel blijft de maximale waarde 67 dB op de noordgevel. De realisatie van de woonbestemmingen hier geven hoge geluidsniveaus maar zijn om andere redenen wenselijk op deze locatie nabij het centrum. Eindconclusie Woningbouw is mogelijk mits aan een aantal voorwaarden wordt voldaan. Zo zullen er hogere waarden ten gevolge van verkeerslawaai benodigd zijn van maximaal 62 dB (alleen voor de Ceintuurbaan), in combinatie met een aanvullend onderzoek naar de karakteristieke geluidwering van de gevels van de woningen. Bovendien zal er tevens voor industrielawaai een hogere waarde moeten worden aangevraagd (55 dB voor de west- en zuidgevel van het appartementencomplex). Bij het onderzoek naar de karakteristieke geluidwering van de gevels dient rekening te worden gehouden met de cumulatieve geluidsniveaus (totaal van alle relevante wegen en de industrie).

Dit onderzoek wordt ten tijde van de aanvraag omgevingsvergunning voor het bouwen uitgevoerd. Op voorhand worden geen onevenredig grote belemmeringen ten aanzien van de uitvoerbaarheid van het planvoornemen verwacht.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 41 -

Maatregelen in de bron en overdracht worden als niet reëel en wenselijk geacht. In hoeverre de berekende waarden toelaatbaar zijn in het kader van een goede ruimtelijke ordening is aan het bevoegd gezag.

4.3

Archeologie en cultuurhistorie

4.3.1 Archeologie Kader In de Erfgoedwet stellen Rijk en provincie dat in het ruimtelijk beleid zorgvuldig met het archeologische erfgoed moet worden omgegaan. Voor gebieden waar archeologische waarden voorkomen of waar reële verwachtingen bestaan dat ter plaatse archeologische waarden aanwezig zijn, dient voorafgaand aan bodemingrepen archeologisch onderzoek te worden uitgevoerd. De uitkomsten van het archeologisch onderzoek dienen vervolgens volwaardig in de belangenafweging te worden betrokken. Daarnaast dient aangetoond te worden dat het voorziene plan geen afbreuk doet aan bestaande cultuurhistorische waarden. Analyse De gemeente Meppel beschikt over een archeologische verwachtings- en beleidsadvieskaart. Daarmee heeft de gemeente Meppel een instrument in handen op basis waarvan zij op een verantwoorde manier met haar bodemarchief kan omgaan. Het beleid geeft een indicatie van de trefkans voor archeologische waarden. Op hoofdlijnen worden drie verwachtingszones onderscheiden: lage verwachting, middelhoge verwachting en hoge verwachting. Deze verwachtingszones zijn in bestemmingsplannen door vertaald naar archeologische dubbelbestemmingen. In onderliggend plangebied is een archeologische dubbelbestemming opgenomen in het geldende bestemmingsplan.

Dit betreft de bestemming Waarde-Archeologie-3, waarbij is aangegeven dat archeologisch onderzoek nodig is bij bouwwerken met een oppervlakte groter dan 1.000 m2.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 42 -

Door onderzoeksbureau De Steekproef is daarom op 20 september 2023 een inventariserend archeologisch veldonderzoek uitgevoerd. De volledige onderzoeksrapportage is als bijlage aan het plan toegevoegd. In het grootste deel van het plangebied ligt in de ondergrond dekzand dat doorgaans nat lijkt te zijn geweest. Plaatselijk is het redelijk bewaard gebleven, maar er zijn ook diepe verstoringen aanwezig met name bij de onderkelderde westelijke vleugel van de bestaande bebouwing. In de zuidoostelijke zone van het gebied bevinden zich beekafzettingen met plaatselijk daarop een pakket ongeroerd veen. Bij drie van de zes boringen is een bouwvoor vastgesteld van voor de bouw van het politiebureau. Het onderzoek heeft geen archeologische vondsten opgeleverd. Diepere delen van eventuele archeologische grondsporen kunnen plaatselijk bewaard gebleven zijn. Maar aangezien het plangebied geen geschikte vestigingsplek lijkt te zijn geweest voor mensen tijdens met name de prehistorie, kan de archeologische verwachting voor het grootste deel van het plangebied naar beneden worden bijgesteld. Voor de zuidoostelijke zone langs het Wold Aa blijft de archeologische verwachting wel van kracht. In de beekafzettingen en het daarop gelegen veen kunnen resten aanwezig zijn van onder meer veenwegen, visvangst en rituele dumps.

Aangezien het plangebied geen geschikte vestigingsplek lijkt te zijn geweest tijdens met name de prehistorie en aangezien resten van eventuele veenwegen, visvangst en rituele dumps niet of nauwelijks worden bedreigd door de plannen, is geen nader archeologisch onderzoek nodig en kan het terrein vrij worden gegeven voor de geplande bouw van een appartementencomplex. Conclusie Uit het archeologisch onderzoek blijkt dat in het plangebied geen archeologische waarden aanwezig zijn en vervolgonderzoek niet nodig is. Het plan is ten aanzien van het aspect

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 43 -

uitvoerbaar. Indien tijdens het graafwerk archeologische waarden worden aangetroffen en/of vondsten worden gedaan, dan dient daarvan direct melding dient te worden gemaakt bij de gemeente Meppel conform de Erfgoedwet 2015, artikel 5.10.

4.3.2 Cultuurhistorie Kader In de toelichting van ruimtelijke plannen moet naast een toets aan archeologie ook een beschrijving worden opgenomen van de wijze waarop met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en/of monumenten rekening is gehouden. Analyse In het plangebied zijn geen rijksmonumenten en gemeentelijke monumenten aanwezig. Het terrein is op dit moment bebouwd met een kantoorbebouwing, die nu geen functie meer heeft. Op grond van de kernkwaliteit Cultuurhistorie uit de provinciale omgevingsverordening behoort het plangebied niet tot de cultuurhistorische hoofdstructuur. Geconcludeerd wordt dat het omgevingsaspect cultuurhistorie geen belemmering vormt voor dit bestemmingsplan. Conclusie In het plangebied zijn geen rijksmonumenten en gemeentelijke monumenten aanwezig. Er is dan ook geen onderzoek noodzakelijk om eventuele cultuurhistorische waarden veilig te stellen of in beeld te brengen. Er wordt geen afbreuk gedaan aan cultuurhistorische waarden.

4.4

Zon en schaduw Toetsing Ten tijde van het ontwerptraject is een zonnestudie verricht (bijlage 3). Deze studie heeft betrekking op de situatie voorafgaand aan de nieuwbouw (de bestaande bebouwing) en na realisatie van de nieuwbouw. Op basis van de studie blijkt dat de schaduwwerking van de nieuwbouw op de woningen aan de Ceintuurbaan voornamelijk in de winter voor enkele uren per dag merkbaar is. De beschreven effecten zijn echter normaal voor buurpercelen in verstedelijkt gebied. Er is geen sprake van onaanvaardbare beperking van zonlicht op de nabijgelegen woningen ten opzichte van de bestaande situatie. Normering Er bestaat geen wettelijke normering voor bezonning van woningen. Wel zijn er TNO-normen. Volgens de strengste TNO-norm moet ten minste tien maanden per jaar sprake zijn van drie mogelijke bezonningsuren per dag, op gevels die zon kunnen ontvangen. Uit de studieresultaten blijkt dat aan de TNO-norm ook in de nieuwe situatie ruimschoots wordt voldaan bij de woningen in de directe omgeving. Deze norm is derhalve niet in het geding.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 44 -

Conclusie Op basis van bovenstaande resultaten is het plan uitvoerbaar gebleken.

4.5

Water Toetsingskader Op grond van artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening moet bij ruimtelijke plannen een waterparagraaf worden opgenomen. Bij ruimtelijke ontwikkelingen, waaronder verbouw- en nieuwbouwplannen, wordt getoetst welke consequenties deze plannen hebben voor de waterhuishouding en hoe in de plannen wordt omgegaan met aspecten van water. Voor het plan is een watertoets uitgevoerd Bijlage 5. Op basis van deze toets kan de korte procedure worden gevolgd. Concreet betekent dit dat direct door kan worden gegaan met de planvorming onder de voorwaarde dat de standaard waterparagraaf wordt toegepast. Deze tekst is hieronder weergegeven. Relevant beleid Het beleid van het Waterschap Drents Overijsselse Delta staat beschreven in het waterbeheerplan 2022-2027. Dit waterbeheerplan is een uitwerking van de ambities uit de Watervisie "Meer dan water". Het waterbeheerprogramma geeft voor de periode 2022 tot en met 2027 aan wat de maatregelen zijn om het watersysteem, de waterketen en de waterkeringen op orde te brengen. Ook zijn de maatschappelijke doelen voor duurzaamheid, circulaire bedrijfsvoering, klimaatadaptatie, educatie en voorlichting uitgewerkt. Per gebied is een gebiedsuitwerking opgesteld. Voor het plangebied betreft dit de gebiedsuitwerking Meppelerdiep.

Daarnaast is de Keur een belangrijk regelstellend instrument waarmee in ruimtelijke plannen rekening moet worden gehouden. Invloed op de waterhuishouding Het plan heeft geen schadelijke gevolgen voor de waterkwaliteit en ecologie. Binnen het bestemmingsplan bedraagt de toename van het verharde oppervlak niet meer dan 1500 m2. Binnen het plangebied is geen sprake van (grond)wateroverlast. Voor de aanleg hoogte wordt een ontwateringsdiepte geadviseerd van minimaal 80 centimeter. Dit is de afstand tussen de gemiddelde hoogste grondwaterstand (GHG) en onderzijde bouw vloer. Bij het bouwen zonder kruipruimte kan worden volstaan met een kleinere ontwateringsdiepte. Om wateroverlast binnen woningen en bedrijven te voorkomen adviseert het waterschap om een drempel hoogte van 30 centimeter boven het straatpeil te hanteren (as van de weg). Voor lager gelegen ruimtes, zoals kelders en parkeergarages, wordt aandacht besteed aan het voorkomen van wateroverlast door bijvoorbeeld instromend hemelwater. Met voorgaande adviezen wordt rekening gehouden bij de uitwerking van het bouwplan. Voorkeursbeleid hemelwater In het plan wordt er naar gestreefd het voorkeursbeleid van het waterschap op te volgen. Als de hemelwaterafvoer:

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 45 -

niet wordt aangesloten op een gescheiden rioolstelsel; of niet wordt afgekoppeld van het bestaande rioolstelsel; is oppervlakkige afvoer en infiltratie in de bodem uitgangspunt. Als infiltratie in de bodem niet mogelijk is, is lozing op het oppervlaktewater via een bodempassage gewenst. Speciale aandacht wordt besteed aan duurzaam bouwen en een duurzaam gebruik van de openbare ruimte om een goede kwaliteit van het afgekoppelde hemelwater te garanderen. Watergangen Binnen het plangebied ligt (een beschermingszone van) een A-watergang en/of een B-watergang van WDODelta. Het is noodzakelijk dat de functie van deze watergang(en) altijd is gegarandeerd, rekening houdend met de beschermingszone van deze watergangen zoals in de Keur beschreven en gevisualiseerd in de Legger. Criteria watergangen Het waterschap is verantwoordelijk voor de waterkwaliteit bij alle typen watergangen. A-watergangen (>25 L/s afvoer gedurende gemiddeld 1 tot 2 dagen per jaar). Dit zijn watergangen waar wij verantwoordelijk zijn voor de inrichting en het beheer en onderhoud. Riolering Het waterschap heeft als doel de waterkwaliteit te beschermen door onder andere een doelmatige werking van de rioolwaterzuivering na te streven en de vuillast vanuit riolering naar oppervlaktewater te beperken.

Hiervoor is een goede afstemming over aanvoer naar de rioolwaterzuivering en een juiste werking van de riolering noodzakelijk. Dit wil het waterschap bereiken door aandacht te hebben voor een aantal specifieke onderwerpen. Deze onderwerpen worden in Bijlage 5 nader uitgewerkt. De capaciteit van het huidige rioolstelsel kan een aandachtspunt vormen. Bij uitbreiding van het rioolstelsel dient er rekening gehouden te worden met de capaciteit van het bestaande stelsel en de rioolzuiveringsinstallatie. Beleidsinformatie hieromtrent is te vinden in het Riolering en Water Programma 2023-2028. Hierin wordt duidelijk hoe er invulling wordt gegeven aan de wettelijke gemeentelijke watertaken op het gebied van afvalwater,hemelwater en grondwater, zie hiervoor ook 3.3.8. Watertoetsproces De bestemming en de grootte van het plan hebben een geringe invloed op de waterhuishouding in ruimtelijke zin. Het proces van de watertoets is goed doorlopen. Het Waterschap Drents Overijsselse Delta gaat akkoord met het plan.

4.6

Ecologie Toetsingskader Bij ruimtelijke ontwikkelingen moet rekening worden gehouden met de natuurwaarden ter plaatse. De Wet natuurbescherming (Wnb) is op 1 januari 2017 in werking getreden en betreft zowel soortenbescherming als bescherming van (Europese) natuurgebieden.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 46 -

Gebiedsbescherming kan volgen uit de aanwijzing van een gebied in het kader van bijvoorbeeld de Natura 2000-gebieden. Gebiedsgericht beleid vindt onder meer plaats op basis van het Natuurnetwerk Nederland. Wat betreft soortenbescherming wordt onder andere de bescherming van dier- en plantensoorten geregeld. De wet gaat uit van het "nee-tenzij"-principe, waarbij de mogelijkheid wordt geboden bepaalde ingrepen toe te staan door middel van ontheffing of vrijstelling. Daarnaast kent de wet een zorgplichtbepaling voor de in het wild levende dieren en planten, alsmede voor hun directe leefomgeving. In die bepaling staat: "Een ieder neemt voldoende zorg in acht voor de in het wild levende dieren en planten, alsmede voor hun directe leefomgeving". Handelingen die nadelige gevolgen voor flora en fauna kunnen veroorzaken, moeten achterwege gelaten worden of zoveel mogelijk worden beperkt of ongedaan gemaakt. Ecologisch onderzoek Om de uitvoerbaarheid van het planvoornemen te toetsen is een beknopte natuurtoets uitgevoerd naar de effecten op eventuele beschermde waarden in het plangebied en in de omgeving daarvan. De rapportage van de ecologische beoordeling is als Bijlage 6 bij deze toelichting gevoegd. Hieronder volgen kort de conclusies.

BESCHERMDE SOORTEN Op basis van de quickscan zijn met betrekking tot de aanwezigheid van beschermde flora en fauna de volgende conclusies te trekken: Vogels Het plangebied is ongeschikt voor jaarrond beschermde broedvogels en hun nesten; In en rondom het plangebied kunnen algemene broedvogels tot broeden komen; Vleermuizen In het pand verblijft de gewone dwergvleermuis. Ook bevat het pand meerdere andere geschikte locaties voor verblijfplaatsen voor dwergvleermuizen, laatvliegers en meervleermuizen; Het pand en het perceel rondom zijn geen essentieel onderdeel van vliegroutes of foerageergebied. Overige soorten In en rond het plangebied komen een aantal nationaal beschermde soorten voor, namelijk de steenmarter, boommarter, bunzing, wezel, eekhoorn en egel, maar negatieve effecten op mogelijke verblijfsplaatsen zijn uitgesloten. De algemene zorgplicht is wel van kracht. Indien andere werkzaamheden dan die zijn genoemd in Hoofdstuk 1 gaan plaatsvinden, dienen ook deze ingrepen getoetst te worden aan de Wet natuurbescherming. De conclusies kunnen dan afwijken van de bovenstaande conclusies. Vervolgstappen

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 47 -

Er is nader onderzoek nodig naar vleermuizen. Dit onderzoek bestaat uit: Minimaal 5 onderzoeksronden in de periode 15 mei tot 1 oktober; Effecten op broedende vogels kunnen in zijn geheel worden uitgesloten als de werkzaamheden buiten het broedseizoen worden uitgevoerd. Het broedseizoen omvat globaal de periode van maart tot september; Voor het groen dat tussen het pand en het kanaal ligt geldt dat hier tijdens de schemer geen licht op mag schijnen; Voor alle soorten geldt de zorgplicht. NADER ONDERZOEK VLEERMUIZEN Het betreffende onderzoek naar vleermuizen heeft plaatsgevonden tussen mei en oktober 2023. Tijdens dit onderzoek zijn meerdere verblijfplaatsen van de dwergvleermuis vastgesteld. De afgelopen periode zijn daarom ruime alternatieve verblijfsplekken (vleermuiskasten) gerealiseerd. Dit is -conform het ecologisch protocol- minimaal zes maanden voorafgaand aan sloop gedaan. Na afronding van het vleermuisonderzoek is de aanvraag voor een ontheffing bij de provincie neergelegd. ACTIVITEITENPLAN (ONTHEFFING) Zowel uit de quick scan als uit het nader onderzoek is gebleken dat er verblijfplaatsen van de gewone dwergvleermuis aanwezig zijn. De verblijfplaatsen kunnen door de voorgenomen werkzaamheden worden aangetast. Er is daarom bij de provincie ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming aangevraagd voor uitvoering van de werkzaamheden.

Deze ontheffingsaanvraag wordt aangevuld met het activiteitenplan, dat als Bijlage 7 en Bijlage 8 is toegevoegd. De ontheffing wordt aangevraagd voor de periode 1 maart 2024 tot 1 maart 2029. Natura 2000-gebieden Op circa 6 km afstand van het plangebied ligt het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied Bakkeveense Duinen. Dit is op voldoende afstand dat directe negatieve effecten (zoals trillingen en lichtverstoring) zijn uitgesloten. Stikstof De depositie van stikstof in stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden ten gevolge van de emissie van NOx en NH3 ten gevolge van de sloop van de bestaande bebouwing, de bouw en het gebruik van de appartementen aan de Eendrachtstraat is berekend met het programmapakket AERIUS. De berekening met AERIUS genereert een rekenresultaat waarin wordt geconstateerd dat er geen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden zijn met een overschrijding van een planbijdrage van meer dan 0,00 mol N/ha/jaar. De volledige AERIUS-berekening is als Bijlage 9 aan het plan toegevoegd. Conclusie Uit de beknopte natuurtoets volgt dat er een vervolgonderzoek naar vleermuizen noodzakelijk is. Het vervolgonderzoek dient nog plaats te vinden en daardoor kan er op dit moment geen conclusie worden getrokken. Wanneer de onderzoeken en de resultaten

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 48 -

bekend zijn dan zal dit vervolgonderzoek worden toegevoegd aan dit bestemmingsplan. Er treedt door de stikstofdepositie geen negatief effect op in het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb) beschermde Natura 2000-gebieden. Het aspect stikstof staat nadere besluitvorming niet in de weg.

4.7

Luchtkwaliteit Toetsingskader Met betrekking tot de luchtkwaliteit moet rekening worden gehouden met het gestelde in de Wet milieubeheer (Wm), hoofdstuk 5, titel 5.2 Luchtkwaliteitseisen en de bijbehorende bijlagen. In deze wet en de daarop gebaseerde regelingen - Besluit NIBM (luchtkwaliteitseisen) en Regeling NIBM (luchtkwaliteitseisen) - is getalsmatig vastgelegd dat bepaalde projecten 'niet in betekenende mate' (NIBM) bijdragen aan de luchtverontreiniging. Het begrip 'niet in betekenende mate' is gedefinieerd als 3% van de grenswaarde voor stikstof (NO2), fijnstof (PM10) en zeer fijn stof (PM2,5). In de Regeling NIBM is een lijst met categorieën van gevallen (inrichtingen, kantoor- en woningbouwlocaties) opgenomen die niet in betekenende mate bijdragen aan de luchtverontreiniging. Deze gevallen kunnen zonder toetsing aan de grenswaarden voor het aspect luchtkwaliteit uitgevoerd worden. Luchtkwaliteitseisen vormen onder de Wet milieubeheer geen belemmering voor ruimtelijke ontwikkeling als: er geen sprake is van een feitelijke of dreigende overschrijding van een grenswaarde; een project, al dan niet per saldo, niet tot een verslechtering van de luchtkwaliteit leidt; een project is opgenomen in een regionaal programma van maatregelen of in het NSL; een project 'niet in betekenende mate' bijdraagt aan de luchtverontreiniging.

Analyse Het plan betreft de ontwikkeling van 55 appartementen. Het betreft hier een plan categorie 3A.2 overeenkomstig bijlage 3a van de Regeling niet in betekenende mate bijdragen (milieukwaliteitseisen). Het blijft daarmee ruimschoots onder de nibm-grens en kan als 'niet in betekenende mate' van invloed op de luchtkwaliteit worden beschouwd. Hoewel geconstateerd is dat het plan een zogenaamd nibm-project betreft, moet ook worden bekeken of de luchtkwaliteit in het plangebied niet zodanig is dat de normen voor een goed woonklimaat worden overschreden. Hiervoor kan gebruik worden gemaakt van de Grootschalige Concentratiekaarten Nederland 2011. De meest relevante luchtkwaliteitseisen voor ruimtelijke plannen zijn stikstofdioxide (NO2) en fijn stof (PM10 en PM2,5). Getoetst dient te worden aan de norm voor NO2 per 1 januari 2015. Vanaf die datum moet blijvend aan de norm van NO2 worden voldaan. Per 21 juni 2011 moet aan de grenswaarden voor fijn stof worden voldaan. Uit de Grootschalige Concentratiekaarten blijkt dat in het plangebied de achtergrondniveaus voor NO2, PM10 en PM2,5 in zowel 2011, 2015 als 2022 onder de grenswaarden liggen.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 49 -

Per ontsluitingsweg worden minder dan 1.500 woningen en/of minder dan 100.000 m2 bvo kantoor gerealiseerd. Volgens bijlage 3B van de Regeling draagt het plan hierdoor 'niet in betekenende mate' bij. Er hoeft daarom niet getoetst te worden aan de grenswaarden voor stikstofdioxide en fijn stof PM10 /PM2,5 . Conclusie Het project moet worden beschouwd als een nibm-project. Uit de achtergrondniveaus blijkt dat deze ruim onder de wettelijke normen blijven. Nader onderzoek naar luchtkwaliteit kan achterwege blijven.

4.8

Externe veiligheid Kader Uitgangspunt bij het externe veiligheidsbeleid is een risicobenadering op basis van risicoberekeningen, met daarbij een wettelijke norm voor het plaatsgebonden risico (een basisbeschermingsniveau voor elk individu) en een afwegingsruimte voor het bevoegd gezag om te bepalen welke risico's voor grotere groepen mensen aanvaard worden (de verantwoordingsplicht van het groepsrisico). De doelstelling van het externe veiligheidsbeleid luidt: 'Het uitvoeren van een veiligheids- en risicobeleid om mens en milieu te beschermen tegen maatschappelijk onaanvaardbaar geachte gezondheids- en milieurisico's. De overheid garandeert een zogenaamd 'basisbeschermingsniveau' voor externe veiligheid. Om voldoende ruimte te scheppen tussen de risicobron en de personen of objecten die risico lopen (kwetsbare of beperkt kwetsbare objecten), moeten vaak afstanden in acht worden genomen. Ook ontwikkelingsmogelijkheden die ingrijpen in de personendichtheid kunnen om onderzoek vragen. Bij externe veiligheid wordt onderscheid gemaakt in het plaatsgebonden risico (PR) en het groepsrisico (GR). Het PR is de kans dat een persoon die (onafgebroken aanwezig en onbeschermd) op een bepaalde plaats overlijdt als gevolg van een calamiteit met een inrichting of een transportmodaliteit.

Het GR bestaat uit de cumulatieve kans per jaar dat een groep van een bepaalde omvang overlijdt als gevolg van een calamiteit met een inrichting of een transportmodaliteit. Onderzoek BUISLEIDINGEN Uit een inventarisatie van de risicokaart (risicokaart.nl) blijkt dat zich in de omgeving van het plangebied geen buisleidingen bevinden die relevant zijn in het kader van externe veiligheid. De dichtstbijzijnde leidingen liggen op een afstand van minimaal 1.300 meter van het plangebied. Het plangebied ligt niet in het invloedsgebied van risicovolle leidingen. INRICHTINGEN Ten noordwesten van het plangebied bevindt zich een risicovolle inrichting: Esso tankstation Het betreft een tankstation met lpg. De planlocatie aan de Eendrachtstraat 28 ligt buiten het PR10-6 van het in noordwestelijke richting gelegen Esso LPG-tankstation. Zie de

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 50 -

blauwe contouren in onderstaande afbeelding.

Figuur 4.1. Situering planlocatie ten opzichte v an de v eiligheidscontouren v an het LPG-tankstation (bron: RUD)

De planlocatie ligt eveneens buiten het brandaandachtsgebied van 60 meter vanaf het LPG-vulpunt en LPG-reservoir. Het invloedsgebied bedraagt 150 meter vanaf het LPG-vulpunt en het LPG-reservoir. Het bouwvlak van de nieuwe ontwikkeling wonen ligt buiten het invloedsgebied. Hierdoor is een verantwoording groepsrisico niet nodig. De planlocatie ligt daarentegen wel binnen het zogenaamde explosie-aandachtsgebied van het LPG-vulpunt. Echter het explosie-aandachtsgebied heeft alleen gevolgen voor zeer kwetsbare gebouwen. De ontwikkellocatie betreft geen zeer kwetsbaar gebouw maar wordt aangemerkt als een kwetsbaar gebouw en is daardoor het explosie-aandachtsgebied niet relevant. (WATER)WEGEN en SPOOR In of nabij het plangebied bevinden zich geen wegen,waterwegen of spoorwegen waarover gevaarlijke stoffen worden vervoerd. Het plangebied ligt buiten het invloedsgebied van deze transportroutes. VERANTWOORDING GROEPSRISICO In het plangebied worden kwetsbare objecten in de vorm van woningen gerealiseerd. Het groepsrisico moet berekend worden voor de realisatie van nieuwe ontwikkelingen binnen 200 meter van een Basisnetroute. Dat is niet het geval. In het geldende bestemmingsplan voor het plangebied (Meppel-Centrumschil) heeft het

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 51 -

gebied een maatschappelijke bestemming waarbinnen een politiebureau aanwezig was. Het huidige plan wijkt af van de geldende planologische mogelijkheden (zie paragraaf 1.3). Het planvoornemen leidt tot een hogere personendichtheid ten opzichte van de huidige situatie. Het project voorziet in de realisatie van hoogbouw Vluchten uit hoge gebouwen vergt tijd. Dit betekent dat de personen een groter risico lopen om het gebied in geval van een incident met gevaarlijke stoffen veilig te verlaten. In de uitwerking van het project wordt rekening gehouden met de vluchtroutes van de woningen. Dit wordt in het project ingepast en ter beoordeling voorgelegd bij de Veiligheidsregio bij de bouwaanvraag. Bereikbaarheid Om de hulpdiensten een goede toegankelijkheid tot de woningen te bieden, moeten brandweervoertuigen zich nabij de woningen te kunnen opstellen. Bij een incident is het appartementengebouw bereikbaar via de straten Ceintuurbaan en Eendrachtstraat. Voor dit project is dit geen risico. Bluswatervoorzieningen Om te bepalen of voldoende bluswater beschikbaar is, zijn zowel primaire (brandkranen) als secundaire (open water) bluswatervoorzieningen van belang. Daarnaast wordt de hoogbouw voorzien van een droogblusleiding in afstemming met de Veiligheidsregio.

Giftige stoffen Het transport van toxische stoffen kan bij een incident op het spoor of water leiden tot letale effecten binnen het projectgebied. Om een veilig verblijf in de woningen te bewerkstelligen is het van belang dat de luchttoevoer van buiten kan worden beperkt of voorkomen, zodat veilig verblijf gedurende enige uren in het gebouw mogelijk is. Door het gesloten houden van ramen en deuren wordt toetreding van lucht van buiten in voorkomende gevallen zoveel mogelijk beperkt. De woningen beschikken over een ventilatiesysteem dat door de bewoners zelf is uit te schakelen bij een calamiteit. Voor dit project is dit geen risico. Organisatorische mogelijkheden De bewoners worden middels een schriftelijke instructie op de hoogte worden gebracht van de aanwezige risico's en hoe te handelen bij een incident. Hierbij wordt aandacht besteed aan de ontruiming (het ontvluchten) van het gebouw alsmede het eventueel sluiten van ramen en deuren. Verder wordt aan toekomstige bewoners uitgelegd hoe men de ventilatie van de woning direct en eenvoudig kan uitschakelen (risicocommunicatie richting bewoners). Voor dit project is dit geen risico. Voor zover er al sprake is van een verhoging van het groepsrisico dan is deze naar verwachting niet zodanig dat de oriëntatiewaarde wordt overschreden. In de omgeving zijn verder geen risicobronnen aanwezig.

Externe veiligheid levert geen belemmering op voor deze ruimtelijke ontwikkeling.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 52 -

Conclusie Het bestemmingsplan is op basis van het aspect externe veiligheid uitvoerbaar.

4.9

Bedrijven en milieuzonering Toetsingskader In het kader van een goede ruimtelijke ordening moet worden beoordeeld of bedrijven in de omgeving van een beoogde ontwikkeling worden belemmerd door de ontwikkeling en of ter plaatse van gevoelige functies, zoals woningen, sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Het gaat hierbij om interne en externe werking. Voor de beoordeling is gebruik gemaakt van de Handreiking Bedrijven en milieuzonering (VNG, editie 2009). Per milieucategorie geldt een minimaal gewenste afstand, de richtafstand. Deze richtafstand geldt tussen enerzijds de grens van de bestemming die bedrijven (of andere milieubelastende functies) toelaat en anderzijds als uiterste situering van de gevel van een woning die volgens het bestemmingsplan of via vergunning vrij bouwen mogelijk is. De in de handreiking opgenomen afstanden zijn indicatief en kunnen per gebiedstype, waarin de ontwikkeling zal plaatsvinden, verschillen. Hierbij is het uitgangspunt dat deze afstanden gemotiveerd worden toegepast. Wanneer het plangebied en omgeving getypeerd kunnen worden als 'gemengd gebied' bedragen de hindercontouren minder. De VNG-publicatie omschrijft een gemengd gebied als: 'Een gemengd gebied is een gebied met een matige tot sterke functiemenging.

Direct naast woningen komen andere functies voor zoals winkels horeca en kleine bedrijven.' Onderzoek Het plangebied ligt in de centrumschil van Meppel. In de omgeving van het plangebied bevindt zich een mengeling van maatschappelijke, bedrijf, dienstverlenende en woonfuncties. Gezien deze functiemenging is er sprake van een gemengd gebied en kunnen de richtafstanden met één stap terug worden gebracht. Ten noorden van het plangebied bevinden zich voornamelijk woningen. Ten noordwesten van het plangebied bevindt zich een tankstation, een brandweerkazerne en een machinefabrikant. Ten westen van het plangebied bevindt zich een middelbare school. Ten oosten van het plangebied zijn voornamelijk woningen gelegen en een aantal dienstverlenende praktijken zoals een spiermassage praktijk en een lifecoach praktijk. Ook bevindt zich hier een kinderopvang. Een tankstation met LPG <1.000 m3/jr is ingedeeld in milieucategorie 3.1, hetgeen in een gemengd gebied een maximale richtafstand van 30 meter betekent. Voor een tankstation zonder LPG geldt een milieucategorie van 2 en een maximale richtafstand van 10 meter. Het tankstation is gelegen op 90 meter van het plangebied en vormt daarmee geen belemmering voor de ontwikkeling van het plangebied. Een machinefabrikant is niet als zodanig opgenomen als specifieke functie in de VNG -brochure 'Bedrijven en milieuzonering'.

Voor enigszins vergelijkbare functie is er de 'machine- en apparatenfabrieken incl. reparatie: p.p. <2.000 m2' Voor deze functie geldt

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 53 -

milieucategorie 3.2 en een maximale richtafstand van 50, omdat er sprake is van een gemengd gebied kan er één stap terug worden gedaan. Het plangebied is op circa 250 meter van machinefabrikant gelegen en vormt daarmee ook geen belemmering. Het plan voorziet in het realiseren van een woonbestemming. Dit is een bestemming die geen milieugevoelige activiteiten mogelijk maakt, maar wel gevoelig is voor omliggende gevoelige activiteiten en bestemmingen. Zoals hiervoor is opgemerkt bevinden zich in het plangebied diverse bestemmingen, waardoor er gesproken kan worden van een gemengd gebied. Het voorziene plan vormt waar het om de woonbestemmingen gaat geen potentiële milieuhinder. Conclusie Het aspect bedrijven en milieuzonering vormt geen belemmering voor het plan.

4.10 Verkeer en parkeren Kader Voor een ruimtelijk plan geldt dat de verkeerseffecten die optreden als gevolg van een voornemen in het kader van een goede ruimtelijke ordening moeten worden onderbouwd. De nadruk ligt daarbij op de effecten van de ontwikkeling op de verkeersafwikkeling en parkeren (bereikbaarheid), de verkeersveiligheid en de verkeershinder (leefbaarheid). In publicatie nr. 381 'Toekomstbestendig parkeren, Van parkeerkencijfers naar parkeernormen' (2018) van het CROW (het nationale kennisplatform voor infrastructuur, verkeer, vervoer en openbare ruimte) zijn vuistregels en kengetallen aangereikt om verkeerseffecten bij ontwikkelingen te bepalen. De richtlijnen van het CROW gaan uit van een bandbreedte van minimale en maximale parkeerkencijfers. Verkeersafwikkeling De realisatie van de woningen leidt tot een toename van de verkeersaantrekkende werking van en naar het plangebied. Op basis van de kengetallen van het CROW kan er voor de huidige situatie geen precieze aansluiting worden gevonden, maar er is gekozen voor een functie die er zo dicht mogelijk in de buurt komt, te weten: bedrijfsverzamelgebouw. Huidige functie Bedrijfsverzamelgebou w - matig stedelijk Totaal Toekomstige functie Huur, appartement, midden/goedkoop (incl. sociale huur) - matig stedelijk

Verkeersgeneratie per 100 m2 bvo 6,5

Verkeersgeneratie totale bvo 1200 m2 78 78

Aantal Verkeersgeneratie Totale appartementen per appartement verkeersgeneratie 55 3,4 187

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 54 -

Bezoekersdeel Totaal

55

0,3

16,5 203,5

De hiervoor weergegeven tabellen zijn aan de hand van de kengetallen van het CROW vastgesteld. Voor het plangebied geldt een maximale toename van 125,5 verkeersbewegingen per etmaal. De wegen (Ceintuurbaan en Eendrachtsstraat) zijn gebiedsontsluitingswegen. Deze wegen hebben voldoende capaciteit om de verkeerstoename door de planontwikkeling aan te kunnen. Gelet op de geschatte verkeersaantrekkende werking van het plangebied hoeven voor het planvoornemen geen aanpassingen in de verkeersontsluiting te worden getroffen. Parkeren Voor de parkeerberekening is het aantal, type en de omvang van de appartementen relevant. Het gaat om 55 appartementen, alle in de sociale huur sector. De vloeroppervlak varieert van ca. 55 m2 tot ca. 70 m2.De gemeente Meppel hanteert voor de berekening de landelijke gehanteerde richtlijn van de CROW publicatie 182, 'De parkeerkencijfers- Basis voor parkeernormering'. De locatie ligt in de schil van het centrum, derhalve is de parkeereis 1,4 per woning. Het aandeel bezoekers hiervan is 0,3. functie [eenheid]

woning duur [per woning] woning midden [per woning] woning goedkoop [per woning] serviceflat/aanleunwoning [per woning] kamerverhuur/eenpersoonswoning [per woning]

Norm centrum

schil

1,6 1,4 1,25 0,5 0,4

1,7 1,6 1,4 0,5 0,4

rest bebouwde bezoekers kom aandeel 2,0 0,3 1,8 0,3 1,6 0,3 0,5 0,3 0,4 0,2

Het aantal benodigde parkeerplaatsen conform beleid kan dan als volgt worden berekend: locatie: schil centrum aantal woning goedkoop 55

norm 1,4

bezoek 0,3

bewoners 61

bezoek 17

Het college van B&W mag gefundeerd afwijken van de vastgestelde parkeernormen. De motivatie is gebaseerd op het autobezit bij vergelijkbare woningcomplexen in Assen, opgevraagd bij het RDW. Het bezit blijkt hier te liggen op maximaal 0.7 voertuigen per adres en voor appartementen op 0,4 per adres. Voor Meppel is dezelfde exercitie gedaan voor de adressen Grote Oever 106 t/m 158, Kraton 15 t/m 53 en Oosteinde 5-01 t/m 5-27. Het autobezit schommelt hier tussen de 0,5 en 0,7 per woning. De hierboven genoemde appartementen zijn wat betreft oppervlak vergelijkbaar met de nieuw te bouwen appartementen op de Eendrachtsstraat. Dit in overweging nemende wordt de parkeernorm 0.7 parkeerplaats bewoners per woning plus 0.3 parkeerplaats bezoekers per woning op eigen terrein. aantal

norm

bezoek

bewoners

bezoek

totaal

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 55 -

55

0,7

0,3

plaatsen p-garage plaatsen buiten

38

17

55

11 -6

51 -4

40 2

Voor de ontwikkeling wordt uitgegaan van 0,7 parkeerplekken in de parkeerkelder. Hier is ruimte voor 40 auto's. Voor bezoekersparkeren is op eigen terrein ruimte voor 7 auto's. Langs de Eendrachtstraat zijn momenteel 4 langsparkeerplaatsen (betaald) die weinig gebruikt worden. Bezoekersparkeren zal verder plaatsvinden op de parkeerplaatsen aan de Schoolstraat. Deze worden deels gebruikt door onderwijsinstelling Greydanus. Onderstaande tabel laat zien dat de werkdagmiddag bepalend is (100 % aanwezigheid school, 60% bezoekers woningen) . Indien 60% bezoek aanwezig is - 10 auto's - dan is hier ruimte voor op eigen terrein. Op voor de woningen drukkere perioden dan kan de ruimte aan de Schoolstraat benut worden. Functie Woningen Detailhandel Kantoor Bedrijven Sociaal Cultureel Sociaal medisch Ziekenhuis Dagonderwijs Avondonderwij s Bibliotheek Museum Restaurant Café Bioscoop, theater Sport

Werkdag Werkdag overdag middag 50 60 30 70 100 100 100 100 10 40

Werkdag avond 100 20 5 5 100

Koop-a vond 90 100 10 10 100

Zaterdag- Zaterdagmiddag avond 60 60 100 0 5 0 5 0 60 90

Zondagmiddag 70 0 0 0 25

100

100

30

15

15

5

5

85 100 0

100 100 0

40 0 100

50 0 100

25 0 0

40 0 0

40 0 0

30 20 30 30 15

70 45 40 40 30

100 0 90 90 90

70 0 95 85 90

75 100 70 75 60

0 0 100 100 100

0 90 40 45 60

30

50

100

90

100

90

85

Voor bezoekers liggen ook de parkeerfaciliteiten Keyserstroom en Koekoekstraat binnen de 200 meter. De beoogde inrichting van het terrein is weergegeven op de tekening in hoofdstuk 2, zo ook hieronder:

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 56 -

Op basis van deze tekening is nog een aantal aandachtspunten geformuleerd: De toegang tot de parkeergarage is zoveel mogelijk richting het water de Mallegat verschoven met als doel de helling langer en daarmee comfortabeler te maken. Dat is positief om twee redenen. Ten eerste zorgt dit ervoor dat bewoners makkelijker in en uitrijden en minder de neiging hebben de auto buiten te laten staan. Daarnaast geeft een langere helling meer ontwerpmogelijkheden om het deel aansluitend op de Eendrachtstraat zo vlak mogelijk aan te leggen, waardoor dit een verkeersveilligere inen uitrit is. Zorg ervoor dat groen of muurtjes niet het zicht belemmeren op het verkeer en/of voetpad. Creëer een opstelvak voor een auto direct rechts vooraan de toerit van de

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 57 -

parkeergarage. Op deze wijze kan voorkomen worden dat een auto op de Eendrachtstraat moet wachten omdat de toerit in 1 richting tegelijk gebruikt kan worden. Conclusie Het planvoornemen van dit bestemmingsplan leidt niet tot een onaanvaardbare verkeerstoename over de aanvoerende wegen naar het plangebied. Het planvoornemen zal bovendien niet tot negatieve invloeden op de verkeersafwikkeling in de directe omgeving van het gebied leiden. Daarnaast zal ten behoeve van het planvoornemen een voldoende parkeeroplossing worden geboden. Uit oogpunt van verkeerseffecten mag voorliggend bestemmingsplan dan ook aanvaardbaar worden geacht.

4.11 Vormvrije m.e.r.-beoordeling Kader Op 7 juli 2017 is het gewijzigde Besluit m.e.r. in werking getreden. De wijziging van het Besluit m.e.r. volgt uit de implementatie van artikel 1, vierde lid, onder a en b, van Richtlijn 2014/52/EU van de Europese Unie. De artikelen 7.16 tot en met 7.20a van de Wet milieubeheer (Wm) zijn in de nieuwe wetgeving voor alle in het Besluit m.e.r. genoemde activiteiten van de D-lijst van toepassing, waarbij het niet uitmaakt of het een activiteit betreft boven of onder de D-drempel. In het gewijzigde Besluit m.e.r. is de procedure voor de vormvrije m.e.r.-beoordeling beschreven. Voor elke aanvraag, waarbij een vormvrije m.e.r.-beoordeling aan de orde is, dienen de volgende stappen genomen te worden: 1. De initiatiefnemer stelt een aanmeldingsnotitie op. 2. Het bevoegd gezag neemt binnen 6 weken een m.e.r.-beoordelingsbesluit. 3. De initiatiefnemer voegt het (vormvrije) m.e.r.-beoordelingsbesluit bij de vergunningaanvraag (artikel 7.28 Wet milieubeheer) Vormvrije m.e.r-beoordeling De gronden in het projectgebied waren in gebruik ten behoeve van een maatschappelijke functie. Het project maakt een functiewijziging naar een woongebied met in totaal 55 woningen mogelijk. Voor stedelijke ontwikkelingsprojecten (D11.2) geldt een grenswaarde van een oppervlakte van 100 hectare, 2.000 woningen of een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2.

Het project blijft met de genoemde aantallen en oppervlakte ruimschoots onder de drempelwaarde, zoals die is opgenomen op de D-lijst van het Besluit m.e.r. In en nabij het projectgebied zijn geen andere activiteiten bekend of te verwachten waardoor er cumulatie van negatieve effecten optreedt. De oppervlakte van de voorgenomen activiteit blijft onder de drempelwaarden van 100 hectare en het bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m². De voorgenomen activiteit voorziet niet in het bouwen van 2.000 of meer woningen. Conclusie

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 58 -

De voorgenomen activiteit blijft onder de genoemde drempelwaarden voor stedelijke ontwikkelingsprojecten die voorkomen op de D-lijst van het Besluit m.e.r. Er zijn geen belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu en daarom hoeft geen milieueffectrapport te worden opgesteld. Ten behoeve van deze onderbouwing is in het kader van dit bestemmingsplan een aanmeldnotitie MER opgenomen. In de aanmeldnotitie zijn de voorgenomen activiteiten en de waarschijnlijke gevolgen van de activiteit voor het milieu beschreven. Het college heeft los van voorliggend bestemmingsplan een besluit over de aanmeldnotitie genomen. De aanmeldnotitie is opgenomen als Bijlage 10 Aanmeldnotitie

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 59 -

Hoofdstuk 5

Juridische aspecten

In dit hoofdstuk staat een toelichting op de juridische regeling van dit bestemmingsplan. In paragraaf 5.1 staat een algemene toelichting op de betekenis en opbouw van het bestemmingsplan en de achtergronden daarvan. In paragraaf 5.2 wordt de bestemmingsregeling van dit bestemmingsplan toegelicht.

5.1

Algemeen

5.1.1 Wat is een bestemmingsplan Het gemeentelijke bestemmingsplan is een middel waarmee functies aan gronden worden toegekend. Het gaat dus om het toekennen van gebruiksmogelijkheden. Vanuit de Wet ruimtelijke ordening volgt een belangrijk principe: het gaat om toelatingsplanologie. De grondgebruiker (eigenaar, huurder et cetera) mag de functie uitoefenen die het bestemmingsplan toestaat. Een afgeleide van de gebruiksregels in het bestemmingsplan zijn regels voor bebouwing (omgevingsvergunning voor het bouwen) en regels voor het verrichten van 'werken' (omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden). Een bestemmingsplan regelt daarom: het toegestane gebruik van gronden (en de bouwwerken en gebouwen); het bebouwen van de gronden; het verrichten van werken (aanleggen).

5.1.2 Over bestemmen, dubbelbestemmen en aanduiden Op de verbeelding wordt aangegeven welke bestemming gronden hebben. Dit gebeurt via een (enkel)bestemming. De gronden met een bepaalde bestemming zijn begrensd door het bestemmingsvlak. Voor het op de verbeelding aangegeven bestemmingsvlak gelden de gebruiksmogelijkheden zoals die in de bijbehorende regels worden gegeven. Aanvullend daarop kunnen de toegekende gebruiksmogelijkheden op twee manieren verder worden ingevuld: Via een dubbelbestemming. Een dubbelbestemming is, zoals de naam al zegt, een bestemming die óók aan de gronden wordt toegekend. Voor gronden kunnen dus meerdere bestemmingen gelden. Er geldt altijd één 'enkel' bestemming (dat is dé bestemming) en daarnaast soms een dubbelbestemming (soms zelfs meerdere). In de regels van de dubbelbestemming wordt omschreven wat voor de onderliggende gronden geldt aan extra bepalingen in aanvulling, of ter beperking, van de mogelijkheden van de onderliggende bestemmingen. Via een aanduiding. Een aanduiding is een vlak of een teken op de ruimtelijke verbeelding van het plan. Bij het vlak kan het gaan om een functieaanduiding. Het teken kan bestaan uit een lijn, een figuur, of een lettercode et cetera. Via een aanduiding wordt in de regels 'iets' geregeld. Dat 'iets' kan betrekking hebben op extra mogelijkheden en/of beperkingen voor het gebruik en/of de bebouwing.

De (on)mogelijkheden van aangeduide gebieden kunnen zijn geregeld in een bestemmingsregel, in meerdere bestemmingsregels, maar ook in een eigen regel in

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 60 -

de Algemene aanduidingsregels. Een toelichting op de in dit bestemmingsplan opgenomen enkel- en dubbelbestemmingen en opgenomen aanduidingen staat in paragraaf 5.2.

5.1.3 Hoofdstukindeling van de regels De regels zijn verdeeld over vier hoofdstukken: Inleidende regels. In dit hoofdstuk worden begrippen verklaard die in de regels worden gebruikt (artikel 1). Dit gebeurt om een eenduidige uitleg en toepassing van de regels te waarborgen. Ook is de manier waarop gemeten moet worden bij het toepassen van de regels (artikel 2) bepaald. De inhoudelijke opzet van deze regels wordt deels voorgeschreven in de SVBP2012. Bestemmingsregels. In dit tweede hoofdstuk zijn de regels van de bestemmingen opgenomen. Hierbij is een landelijk een hiërarchie afgesproken, waarbij eerst de enkelbestemmingen (alfabetisch) aan de orde komen en vervolgens de dubbelbestemmingen (ook alfabetisch). Per bestemming geven de bestemmingsomschrijving en de (specifieke) gebruiksregels aanwijzingen voor het gebruik. De bouwregels geven per bestemming aanwijzingen voor het bouwen van gebouwen, bijgebouwen, aan- en uitbouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde. Eventueel zijn hierbij flexibiliteitsbepalingen - mogelijkheden voor afwijken met een omgevingsvergunning en/of wijzigingsbevoegdheden - opgenomen. Daarnaast kan het voorkomen dat een bestemming voorzien is van een omgevingsvergunningstelsel. Dit bepaalt bijvoorbeeld welke werken en/of werkzaamheden alleen mogelijk zijn na verlening van een omgevingsvergunning.

Vaak zijn de flexibiliteitsbepalingen en het omgevingsvergunningstelsel gekoppeld aan randvoorwaarden en/of eisen waaraan voldaan moet worden. Algemene regels. In dit hoofdstuk zijn regels opgenomen met een algemeen karakter. Deze gelden in principe voor het hele plangebied. Het zijn achtereenvolgens een anti-dubbeltelbepaling, algemene bouwregels, algemene gebruiksregels, algemene aanduidingsregels en algemene afwijkingsregels. Overgangs- en slotregels. In het laatste hoofdstuk zijn het overgangsrecht en de slotregel opgenomen. Hoewel het hier in feite algemene regels betreft, zijn deze vanwege hun meer bijzondere karakter in een apart hoofdstuk opgenomen. De inhoudelijke opzet van deze regels wordt deels voorgeschreven in het Besluit ruimtelijke ordening en de geldende SVBP.

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

- 61 -

5.2

Dit bestemmingsplan Dit bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, regels en een toelichting (met bijbehorende bijlagen). De verbeelding en de regels vormen tezamen het juridisch bindende gedeelte van het bestemmingsplan. Beide plandelen worden in onderlinge samenhang bezien en toegepast. Op de verbeelding zijn de bestemmingen aangewezen. Aan deze bestemmingen zijn bouwregels en regels betreffende het gebruik gekoppeld. De toelichting heeft geen rechtskracht, maar vormt een belangrijk onderdeel van het plan. De toelichting van dit bestemmingsplan geeft een weergave van de beweegredenen, de onderzoeksresultaten en de beleidsuitgangspunten die aan het bestemmingsplan ten grondslag liggen. Tot slot is de toelichting van wezenlijk belang voor een juiste interpretatie en toepassing van het bestemmingsplan. Inhoudelijke opzet Door de gemeente Meppel is een handboek opgesteld. Dit handboek vormt de basis voor de inhoudelijke opzet van de regels en verbeelding van dit bestemmingsplan. Dit met dien verstande dat de uitgangspunten van de (voorheen) geldende bestemmingsplannen zoveel mogelijk gehandhaafd zijn. Dit komt de vergelijkbaarheid ten goede met de regelgeving in de omgeving van het voorliggende plangebied.

Regels De opbouw van de regels van de verschillende bestemmingen is overal hetzelfde, deze is als volgt: Bestemmingsomschrijving: In dit onderdeel worden de toegestane doeleinden en het toegestane gebruik omschreven. Bouwregels: Hierin worden de regels voor wat betreft het bouwen uitgewerkt. Nadere eisen: In deze bepaling is opgenomen dat Burgemeester en Wethouders nadere eisen kunnen stellen inzake de plaats en afmeting van gebouwen, bijvoorbeeld in het kader van een goede woonsituatie, de verkeersveiligheid, de sociale veiligheid of de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. Deze bepaling maakt het mogelijk voor het gemeentebestuur om waar nodig sturing te geven aan de ruimtelijke ontwikkeling. Afwijking bouwregels: In dit onderdeel kan bij omgevingsvergunning worden afgeweken van de bouwregels, waarmee ruimere bouwmogelijkheden kunnen worden gegeven. Specifieke gebruiksregels: In dit onderdeel kunnen enkele specifieke ongewenste gebruiksmogelijkheden uitgesloten, zoals zelfstandige bewoning van bijgebouwen en stortplaatsen. Afwijking van de gebruiksregels: In dit onderdeel zijn mogelijkheden voor het bij omgevingsvergunning afwijken van de gebruiksregels opgenomen, bijvoorbeeld voor het toestaan van aan huis gebonden bedrijven. Wijzigingsbevoegdheid: In dit onderdeel kunnen mogelijkheden op worden genomen voor het wijzigen van de bestemming.

In dit bestemmingsplan is geen wijzigingsbevoegdheid opgenomen. Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde en

vastgesteld gemeente Meppel - bestemmingsplan Meppel Centrumschil, herziening Eendrachtstraat 28

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meppel&id=acc06b34-c6cd-4d95-a601-d081add200fe