1.17 NRK- Eindrapport Bollenteelt NRK
Tekst van het document
De ambtelijke vertegenwoordiger van de provincie coördineert dit onderdeel van het programma.
117 Stuurgroep Duurzame Bollenteelt Drenthe, Verslag van het overleg dd 22 juni 2022, 22 juni 2022. 118 Stuurgroep Duurzame Bollenteelt Drenthe, Besluiten Stuurgroep DBD 22 september 2022, 22 september 2022. 119 Stuurgroep Duurzame Bollenteelt Drenthe, Besluiten Stuurgroep DBD 17 november 2022, 17 november 2022. 120 Gebaseerd op een interview met een adviserend lid van de stuurgroep Duurzame Bollenteelt Drenthe, op 31 augustus 2023. 121
Stuurgroep Duurzame Bollenteelt Drenthe, Besluiten Stuurgroep DBD 23 maart 2023 digitaal, 23 maart 2023.
122 Programmavoorstel duurzame bollenteelt in Drenthe, 29 maart 2021, p. 8.
42
Zorgen voor morgen - Bollenteelt in Drenthe
5.2.2 Niet-deelnemers Natuur- en milieuorganisaties In het programmavoorstel staat dat “het streven van de betrokken partijen is dat er in 2030 weerbare planten en teeltsystemen en een sterke verbinding tussen land- en tuinbouw en natuur zijn”. 123 Natuur- en milieuorganisaties zijn niet betrokken bij het programma. De motivering hiervoor is niet bekend. Inwoners van de gemeente Westerveld Spoor 2 van het programma heeft als doel “het bevorderen van de dialoog tussen de telers en omwonenden, zodat een open gesprek ontstaat en begrip voor elkaars situatie”. 124 Voor het stimuleren van dergelijke gesprekken ligt het voor de hand om de gesprekspartners te betrekken bij het ontstaan van het programma. Omwonenden zijn te verdelen in ongeorganiseerde omwonenden en georganiseerde omwonenden. De provincie heeft geen van beide groepen benaderd om deel te nemen. Volgens de Gedeputeerde was ten tijde van de ontwikkeling van het programma de polarisatie al dusdanig ver gevorderd dat het volgens hem verstandiger was om omwonenden buiten het programma te houden.125 Tijdens een Statencommissievergadering is Gedeputeerde Staten door een insprekend lid van de stuurgroep opgeroepen georganiseerde omwonenden toe te laten in de stuurgroep.126 De inhoud van het programma stond toen al vast en het programma was al van start gegaan. Gedeputeerde Staten hebben geen gehoor gegeven aan deze oproep.
Meten=Weten geeft aan niet te zijn gevraagd om deel te nemen aan de stuurgroep en hiertoe ook niet bereid te zijn.127 Dit standpunt komt overeen met een brief die Meten=Weten op 3 juni 2021 stuurde naar het Drents Parlement, de gemeenteraad van Westerveld en de Vaste commissie voor LNV van de Tweede Kamer.128 De belangrijkste conclusies die Meten=Weten in de brief aan het programma verbinden, geven we in het onderstaande kader weer. Kader 10: samengevat standpunt van Meten=Weten over het programma Duurzame Bollenteelt Drenthe “Het programma Duurzame Bollenteelt Drenthe voldoet niet aan de opdracht om de knelpunten van de omwonenden op te lossen, wakkert de sluimerende polarisatie tussen politiek/bestuur en (georganiseerde) omwonenden en natuurvertegenwoordigers aan, brengt de problematiek terug tot uitsluitend ‘iets doen met teelten’ en brengt maatschappelijke dialoog terug tot ‘uitleggen wat telers en industrie doen’.” 129
123 Programmavoorstel duurzame bollenteelt in Drenthe, 29 maart 2021, p. 1. 124 Programmavoorstel duurzame bollenteelt in Drenthe, 29 maart 2021, p. 3. 125 Trouw, Bewoners Westerveld boos over proefproject duurzame bollenteelt. ‘Er wordt gewoon doorgespoten’, 8 mei 2021. 126 Statencommissievergadering van 7 juli 2021, p. 24 en 27 van het transcript. 127 Gebaseerd op schriftelijke communicatie met Meten=Weten op 30 oktober 2023. 128 Meten=Weten, Brief aan Provinciale Staten Drenthe, gemeenteraad Westerveld en Vaste commissie voor LNV van de Tweede
Kamer, Onderwerp: Analyse door Meten=weten van het Programma Duurzame Bollenteelt Drenthe, 3 juni 2021. 129 Meten=Weten, Brief aan Provinciale Staten Drenthe, gemeenteraad Westerveld en Vaste commissie voor LNV van de Tweede Kamer, Onderwerp: Analyse door Meten=weten van het Programma Duurzame Bollenteelt Drenthe, 3 juni 2021.
43
Zorgen voor morgen - Bollenteelt in Drenthe
5.3
Spoor 1: Het ontwikkelen van kennis
5.3.1 Doelstelling Het concrete doel van spoor 1 is ‘kennis ontwikkelen die moet leiden tot een fundamentele verbetering in de verduurzaming van de lelieteelt’.130 Telers geven aan dat er meer kennis moet komen over welke factoren een rol spelen bij het wel of niet voorkomen van ziektes en plagen in het gewas en het effectief vormen van alternatieve onkruidbestrijding. HLB, met input van de KAVB en de telers, voert deze onderzoeken uit. Het is de bedoeling dat deze onderzoeken aansluiten op bestaande programma’s van Stichting ROL, WUR en de KAVB. HLB stemt de omvang en locaties van de experimenten af met de telers, op wiens akkers deze plaatsvinden.131
5.3.2 Uitvoering In 2021 voerden de telers 22 experimenten uit. Een groot deel van deze experimenten richtte zich op het verhogen van de weerbaarheid van lelies tegen luizen. Ook voerden telers experimenten uit op het gebied van schimmelbestrijding, onkruidbeheersing, bodemverbeterende maatregelen en biostimulanten. Tot slot stond akkerrandenbeheer en het aanleggen van bloemenranden centraal.132 In 2022 richtten de experimenten zich op drie onderdelen. Ten eerste gewasdiversiteit in tijd, waaronder tussenzaai met granen en akkerrandenbeheer vallen. Het tweede onderdeel richtte zich op raskeuze, zaaiplant-dichtheid en een goede bolontsmetting. Tot slot het bodembeheer, waarbij onder andere nachtberegening en biostimulanten onderzocht zijn.133
5.3.3 Voorlopig resultaat In hoeverre de experimenten de gewenste lagere milieubelasting bereiken, en wat de impact ervan is op de kwaliteit van de gewassen, is nog niet in kaart gebracht. Voor de meest kansrijke teeltsystemen gaat het programmateam deze berekeningen aan het eind van het programma uitvoeren.134
5.4
Spoor 2: De dialoog
5.4.1 Doelstelling Het concrete doel van spoor 2 is het ‘bevorderen van de dialoog tussen de telers en omwonenden, zodat een open gesprek ontstaat en begrip voor elkaars situatie’.135 Het programma vormt volgens de deelnemers een goed aanknopingspunt om het contact tussen telers en omwonenden te herstellen. Het programma onderscheidt drie lijnen. Ten eerste is het de bedoeling dat telers direct omwonenden laten meekijken bij hun inspanningen de bollenteelt te verduurzamen. Ten
130 Duurzame Bollenteelt Drenthe, Rapportage pilot duurzame bollenteelt Drenthe LNV en provincie Drenthe DEF, juli 2022. 131 Programmavoorstel duurzame bollenteelt in Drenthe, 29 maart 2021, p. 4. 132 Stuurgroep Duurzame Bollenteelt Drenthe, Tweede pilot rapportage juli 2022, juli 2022. 133 Stuurgroep Duurzame Bollenteelt Drenthe, Tweede pilot rapportage juli 2023, juli 2023. 134
Stuurgroep Duurzame Bollenteelt Drenthe, Tweede pilot rapportage juli 2023, juli 2023.
135 Duurzame Bollenteelt Drenthe, Rapportage pilot duurzame bollenteelt Drenthe LNV en provincie Drenthe DEF, juli 2022.
44
Zorgen voor morgen - Bollenteelt in Drenthe
tweede is het de bedoeling dat telers periodiek met omwonenden in gesprek gaan, om gezamenlijk tot geschikte oplossingen te komen die tegemoet komen aan de bezwaren van de omwonenden en tegelijkertijd voldoen aan de eisen van de teler. Ten derde willen de deelnemers de bewoners van Westerveld informeren over de voortgang van de drie sporen van het programma. De opstellers benadrukken dat van alle deelnemers een open en respectvolle houding nodig is om dit spoor tot een succes te maken.136 Gedeputeerde Staten verzochten de Commissaris van de Koning om te helpen met het op gang brengen van de dialoog. De Commissaris ging hierop in en organiseerde gesprekstafels. Aanvankelijk waren deze gesprekstafels ondergebracht bij spoor 2, maar later koos de stuurgroep ervoor deze van het programma los te koppelen. De gesprekstafels, en de verhouding met het programma, beschrijven we in hoofdstuk 6.
5.4.2 Uitvoering Om uitvoering te geven aan spoor 2 is in opdracht van de stuurgroep een communicatieplan opgesteld. 137 Op basis van dit communicatieplan heeft de projectgroep communicatie een uitvoeringsplan geschreven. De acties in dat uitvoeringsplan zijn gericht op een breed publiek, of op Drentse belangstellenden in de breedste zin van het woord..138 De projectgroep communicatie verzorgt de inhoud voor sociale media. Daarnaast schrijft ze persen nieuwsberichten voor de website, lokale kranten en de mailinglist van het programma. Tot slot organiseert de projectgroep velddagen, bedrijfsbezoeken, presentaties en informatiebijeenkomsten. Om voldoende bezoekers te trekken, organiseert de projectgroep een beperkt aantal evenementen per jaar. Er zijn bijvoorbeeld maximaal twee informatiebijeenkomsten per jaar.139 De communicatie is sterk gericht op het verstrekken van informatie over de teelt en veel minder op het ophalen van wensen en informatie van omwonenden.
5.4.3 Voorlopig resultaat Om de resultaten van spoor 2 te bepalen, laten de leden een onderzoek uitvoeren. Dit onderzoek moet antwoord geven op de vraag: “Wat is de invloed van de communicatie van de DBD over de bollenteelt op de kwaliteit van leven (welzijn) van inwoners van de gemeente Westerveld?” De vraag wordt beantwoord aan de hand van een anonieme kwantitatieve peiling. Deze is uitgezet bij 3.500 huishoudens in de gemeente Westerveld. 140 De resultaten van deze peiling waren in december 2023 of januari 2024 voorzien. Bij het vaststellen van dit rapport op 28 februari 2024 waren de resultaten nog niet bekend.
136 Programmavoorstel duurzame bollenteelt in Drenthe, 29 maart 2021, pp. 5 & 6. 137 Buro Wija, Programma Duurzame Bollenteelt Drenthe, 15 november 2021 138 Projectgroep communicatie Duurzame Bollenteelt Drenthe, Uitvoeringsplan bij het Communicatieplan DBD van Buro Wija. z.d. 139
Projectgroep communicatie Duurzame Bollenteelt Drenthe, Uitvoeringsplan bij het Communicatieplan DBD van Buro Wija. z.d.
140 Trendbureau Drenthe, Offerte Communicatie Duurzame Bollenteelt Drenthe, 11 juli 2023, p. 6.
45
Zorgen voor morgen - Bollenteelt in Drenthe
5.5
Spoor 3: Toelating nieuwe middelen
5.5.1 Doelstelling Het doel van spoor 3 is het ‘toelaten van een middelenpakket dat een lagere milieubelasting heeft dan de huidige toegestane middelen bij de teelt van lelies’.141 Er zijn gewasbeschermingsmiddelen met een lagere milieubelasting die niet zijn toegestaan voor de teelt van lelies beschikbaar. Volgens telers zouden deze prima toegepast kunnen worden. De deelnemers van het programma willen er met de betrokken instanties en met middelenleveranciers voor zorgen dat deze middelen een proefvrijstelling krijgen. Op deze manier kunnen telers experimenteren met het gebruik van deze middelen en zo toewerken naar een nieuw geïntegreerd middelenpakket.142
5.5.2 Uitvoering Voor het beschikbaar maken van gewasbeschermingsmiddelen heeft het Ctgb de Nationale uitbreiding kleine toepassingen (KUG) in het leven geroepen. 143 Een KUG-toelating is een uitbreiding op reeds bestaande toelatingen en is bedoeld om middelen in kleine teelten, en voor kleine toepassingen, sneller toe te staan. 144 Het programmateam probeert via deze procedure invulling te geven aan spoor 3.
5.5.3 Voorlopig resultaat De eerste tussenrapportage van de stuurgroep die HLB heeft toegezonden aan alle projectpartners , beschrijven de deelnemers dat aan de hand van deskresearch een lijst met middelen is opgesteld en dat die lijst gedeeld is met het ministerie. 145 In de tweede tussenrapportage benadrukken de deelnemers het belang van een snellere toelating van alternatieve middelen. De deelnemers beschrijven de stand van zaken, of de voortgang ervan, niet.146 In maart 2023 is naar aanleiding van spoor 3 één middel toegelaten via de KUG-regeling. Ook zaten op dat moment twee middelen in een traject om een KUG-toelating te krijgen.147 In hoeverre deze worden toegelaten, is in december 2023 nog niet bekend.
141
Duurzame Bollenteelt Drenthe, Rapportage pilot duurzame bollenteelt Drenthe LNV en provincie Drenthe DEF, juli 2022.
142 Programmavoorstel duurzame bollenteelt in Drenthe, 29 maart 2021, p. 6. 143 Ctgb: https://www.ctgb.nl/gewasbeschermingsmiddelen/aanvraagtypen-middelen/uitbreiding-met-kleine-toepassingen,
benaderd op 3 november 2023. 144 Royal Brinkman: https://royalbrinkman.nl/kennisbank-gewasbescherming/wat-is-eenkug#:~:text=KUG%20staat%20voor%20Kleine%20Uitbreiding,waarbij%20NL%20staat%20voor%20Nederland, benaderd op 3 november 2023. 145 Stuurgroep Duurzame Bollenteelt Drenthe, Eerste pilot rapportage juli 2022, juli 2022. 146 Stuurgroep Duurzame Bollenteelt Drenthe, Tweede pilot rapportage juli 2023. 147 Programmateam Duurzame Bollenteelt Drenthe, Afspraken Programmateam DBD dinsdag 7 maart 2023, 7 maart 2023
46
Zorgen voor morgen - Bollenteelt in Drenthe
5.6
Borging van resultaten en de toekomst van het programma
Over het toepassen van de resultaten van het programma zijn geen afspraken gemaakt. Het is aan de telers om zelf de afweging te maken welke resultaten ze in hun bedrijfsvoering willen opnemen en welke resultaten ze erbuiten houden. De stuurgroep van de pilot stuurt de resultaten van de pilot aan alle projectpartners. Deze organisaties stellen de resultaten ter beschikking van de telers die er gebruik van willen maken.148 Het programma is gepland voor een periode van drie jaar, lopende van 9 maart 2021 tot 1 april 2025. 149 Het is de bedoeling dat de deelnemende partijen het programma evalueren om te beslissen in hoeverre verlenging nodig is.150
5.7
Samenvatting
Om een oplossing te zoeken voor de knelpunten van omwonenden bij het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen, zette de provincie Drenthe het programma Duurzame Bollenteelt Drenthe op. De provincie organiseert dit programma samen met overheden, telers en actoren uit de landbouwsector. Natuur- en milieuorganisaties en omwonenden zijn niet betrokken bij het programma. Met het programma willen de deelnemers de lelieteelt verduurzamen, de dialoog tussen telers en omwonenden bevorderen en lobbyen voor een nieuwe gewasbeschermingsmiddelen die een lagere milieubelasting hebben. Dit programma loopt eind 2023 af. De deelnemende partijen zijn eind 2023 in gesprek over het verlengen van het programma. De resultaten van het programma zijn nog niet bekend. Over het toepassen van de resultaten zijn geen afspraken gemaakt.
148 Gebaseerd op een interview met de voorzitter van de KAVB op 9 augustus 2023, een interview met een lid van het Dagelijks
Bestuur van Waterschap Drents Overijsselse Delta op 13 september 2023 en een gesprek met de voorzitter van HLB op 23 oktober 2023. 149 Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, Brief van Ministerie van LNV aan HLB BV, Onderwerp: Subsidiebeschikking Programma Duurzame Bollenteelt Drenthe, 15 december 2021, p. 3 150 Programmavoorstel duurzame bollenteelt in Drenthe, 29 maart 2021, p. 8.
47
Zorgen voor morgen - Bollenteelt in Drenthe
6. Gesprekstafels van de Commissaris van de Koning 6.1
Inleiding
Op 11 oktober 2019 publiceerden Buitenkamp en Kool het rapport Uitgesproken. Hierin beschrijven ze dat omwonenden en telers met elkaar zijn uitgesproken en dat de zorgen die zijn ontstaan niet overwaaien. De overheid was aan zet om de impasse te doorbreken. 151 De verantwoordelijk gedeputeerde heeft de Commissaris van de Koning gevraagd in gesprek te gaan met de betrokkenen. Dit leidde tot meerdere gesprekstafels.152 Deze gesprekstafels staan los van het programma Duurzame Bollenteelt Drenthe. 153 Met de informatie in dit hoofdstuk beantwoorden we deels de volgende onderzoeksvraag: Wat doet de provincie om de schade aan mens en milieu rondom bollenteelt te verminderen en hoe effectief is dit? In dit hoofdstuk analyseren we deze gesprekstafels. In paragraaf 6.2 beschrijven we het ontstaan van de tafels. In paragraaf 6.3 schetsen we de gesprekken zelf. De resultaten van de gesprekken, en de bestuurlijke reacties van Gedeputeerde Staten en van de stuurgroep Duurzame Bollenteelt Drenthe, komen in paragraaf 6.4 aan de orde. Het hoofdstuk vatten we in paragraaf 6.5 samen.
6.2
Ontstaan van de gesprekstafels
In 2021 startte, onder leiding van de provincie, het programma Duurzame Bollenteelt Drenthe. Dit programma bestaat uit drie sporen, waarvan spoor 2 het ‘bevorderen van de dialoog tussen de telers en omwonenden’ omvat. Om invulling te geven aan dit tweede spoor, hebben Gedeputeerde Staten de Commissaris van de Koning gevraagd om “de dialoog tussen de verschillende partijen te stimuleren”. 154 Dit heeft ze gedaan door in gesprek te gaan met
151 Kool, M. en Buitenkamp, M. (2019). Uitgesproken, weergave uitkomsten verkennende gesprekken telers, omwonenden en
organisaties. Anantis. 152 Commissaris van de Koning in de provincie Drenthe, Brief aan Gedeputeerde Staten. Onderwerp: Voorstellen aan overheden, 17 maart 2023. 153 Gebaseerd op een interview met de voorzitter van de KAVB op 9 augustus 2023, een groepsinterview met een wethouder en een communicatieadviseur van de gemeente Westerveld op 19 september 2023 en Stuurgroep Duurzame Bollenteelt Drenthe, Verslag van extra vergadering Stuurgroep DBD dd 28 april 2022. 154 Commissaris van de Koning van Drenthe, Brief van de Commissaris van de Koning van Drenthe aan Gedeputeerde Staten. Onderwerp: Tussenrapportage, geen datum.
48
Zorgen voor morgen - Bollenteelt in Drenthe
inwoners uit Westerveld, telers, vertegenwoordigers van de landbouwsector, natuurorganisaties en overheden.155 Tijdens de verkennende gesprekken gaven bezorgde bewoners aan dat de wettelijke kaders, toelatingsprocedures en de mate van toezicht en handhaving op het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen huns inziens ontoereikend zijn. Natuurorganisaties en georganiseerde belangengroeperingen vroegen destijds randvoorwaarden te stellen aan plekken waar de provincie intensieve bollenteelt wil toelaten. Telers stelden binnen wettelijke kaders te werken.156 Deze verkennende gesprekken vonden plaats voor 1 oktober 2021. Deze verkennende gesprekken waren nog onderdeel van het programma Duurzame Bollenteelt Drenthe. 157 De verkennende gesprekken hebben ertoe geleid dat tussen 1 oktober 2021 en 17 maart 2023 meerdere gesprekstafels door de Commissaris van de Koning zijn georganiseerd.158 De verhouding tussen de gesprekstafels en het programma Duurzame Bollenteelt Drenthe is gedurende het proces veranderd. Toen daarna de gesprekstafels van start gingen, bestond er binnen het programma onduidelijkheid over wat de impact ervan zou zijn op spoor 2 van dat programma. 159 Op 28 april 2022 besloot de stuurgroep dat de gesprekstafels geen onderdeel uitmaken van het programma.
Het programma financiert de gesprekstafels niet en de deelnemers willen geen nieuwe opgaven aan het programma toevoegen.160
6.3
Uitvoering van de gesprekstafels
Op 6 april 2022 zijn de gesprekstafels van start gegaan. Op basis van de verkennende gesprekken zijn acht gespreksthema’s toegelicht.161 Binnen de thema’s organiseerde de Commissaris afzonderlijke gesprekstafels. De thema’s die aan de orde zijn geweest, zijn: ▪ bollenteelt en ruimtelijke ordening; ▪ verduurzaming van gewasbescherming; ▪ effecten van onttrekking grondwater en de kwaliteit van grondwater; ▪ kansen en belemmeringen m.b.t. biologisch telen; ▪ de bollenteelt in relatie tot de duurzame volksgezondheid; ▪ de bollenteelt in relatie tot natuur en essen;
155
Commissaris van de Koning van Drenthe, Brief van de Commissaris van de Koning van Drenthe aan Gedeputeerde Staten. Onderwerp: Tussenrapportage, geen datum. 156 Commissaris van de Koning van Drenthe, Brief van de Commissaris van de Koning van Drenthe aan Gedeputeerde Staten. Onderwerp: Tussenrapportage, geen datum. 157 Commissaris van de Koning van Drenthe, Brief van de Commissaris van de Koning van Drenthe aan Gedeputeerde Staten. Onderwerp: Tussenrapportage, geen datum 158 Commissaris van de Koning van Drenthe, Brief van de Commissaris van de Koning van Drenthe aan Gedeputeerde Staten. Onderwerp: Tussenrapportage, geen datum en Commissaris van de Koning in de provincie Drenthe, Brief aan Gedeputeerde Staten. Onderwerp: Voorstellen aan overheden, 17 maart 2023. 159 Projectgroep Communicatie Duurzame Bollenteelt Drenthe, notulen 12 april 2022. 160 Stuurgroep Duurzame Bollenteelt Drenthe, notulen 28 april 2022, 28 april 2022 161 Provincie Drenthe, beknopt verslag startbijeenkomst ‘bollen’ 6 april 2022, 6 april 2022.
49
Zorgen voor morgen - Bollenteelt in Drenthe
▪ ▪
de werkwijze van de toezichthouders; maken van praktische communicatieafspraken over wat er wordt gespoten en wanneer.
Er is gekozen ‘Verduurzaming van gewasbescherming’ niet als afzonderlijk thema te organiseren, ondanks dat dit tijdens de plenaire verkennende gesprekken wel als belangrijk onderdeel is genoemd. ‘Verduurzaming van gewasbescherming’ zou namelijk onderdeel uitmaken van het programma Duurzame Bollenteelt Drenthe. Andere onderwerpen die binnen het programma zouden kunnen vallen, zoals de praktische communicatieafspraken bij spoor 2 of de kansen en belemmeringen bij sporen 1 en 3, zijn wel bespreekbaar binnen de gesprekstafels. Wie of welke instantie deze keuzes maakte, is de Rekenkamer niet duidelijk geworden. Tijdens de separate gesprekstafels hebben de deelnemers onder andere gesproken over mogelijke afspraken tussen bewoners en telers, het delen van kennis en ervaring en leveren van bouwstenen aan overheden, zodat deze hun beleid en regelgeving zouden kunnen aanpassen. Tekstkader 11: de taken van de Commissaris van de Koning De commissaris vervult diverse functies. In de eerste plaats is zij een provinciaal orgaan. Zij heeft op grond van artikel 175 Provinciewet een algemene taak om toe te zien op goed provinciaal beleid en samenwerking tussen overheden. Bovendien is zij voorzitter van Provinciale Staten en voorzitter en lid van Gedeputeerde Staten. In deze functies ziet zij onder meer toe op de kwaliteit van het provinciale beleidsproces en besluitvormingsproces.
In de tweede plaats is zij een rijksorgaan. Zij heeft vanuit die functie onder meer als taak het stimuleren van de samenwerking tussen instellingen en organisaties in de provincie en zij heeft taken in het proces van benoeming of herbenoeming van burgemeesters. In de derde plaats is zij naast rijksorgaan ook nog rijksheer. Rijksheren zijn gedeconcentreerde rijksambtenaren, die voor hun werk in de provincie hiërarchisch ondergeschikt zijn aan het Rijk en die aanwijzingen van het Rijk hebben op te volgen. De commissaris heeft uitsluitend een rol als rijksheer wanneer het staatsnoodrecht wordt toegepast. De commissaris is voor haar reguliere (provinciale) taken verantwoording verschuldigd aan Provinciale Staten (artikel 179 Provinciewet). Voor de Rijkstaken legt zij verantwoording af aan de regering.
De Commissaris van de Koning voerde de gesprekstafels over de bollenteelt vanuit haar algemene provinciale taak. 162 De commissaris is hierover verantwoording verschuldigd aan Provinciale Staten (zie tekstkader 11).
6.4
Adviezen en bestuurlijke reacties
Op 17 maart 2023 stuurde de Commissaris van de Koning een brief aan het college van Gedeputeerde Staten Drenthe en aan het Ministerie van LNV. In deze brief informeerde ze hen over de resultaten van de gesprekken en stelt ze enkele vervolgstappen voor. In deze paragraaf beschrijven we deze adviezen, inclusief de bestuurlijke reactie van Gedeputeerde Staten. In een algemene reactie geven Gedeputeerde Staten aan dat ze ‘vanuit de provincie geen extra regels stellen aan de landbouwsector bovenop de landelijke en Europese wetgeving’. In tabel 3
162 Gesprekken Commissaris van de Koning, 12 oktober 2023 en 7 december 2023.
50
Zorgen voor morgen - Bollenteelt in Drenthe
geven we de adviezen van de Commissaris van de Koning en de reacties van Gedeputeerde Staten beknopt weer.163 Tabel 3: adviezen Commissaris van de Koning en bestuurlijke reactie Gedeputeerde Staten
Nummer
Advies van de Commissaris van de Koning164
Reactie van Gedeputeerde Staten165
1
Ontwikkel een ruimtelijke visie op duurzame landbouw, samen met inwoners, ondernemers, relevante ketenpartners en overheden
Volgens Gedeputeerde Staten krijgt de implementatie van deze aanbeveling een plek in de totstandkoming van het Drents Programma Landelijk Gebied en de Omgevingsvisie. Het begeleiden van alle stakeholders is erop gericht om op vrijwillige basis te verkennen of je in ruimtelijke zin de teelten zo kunt organiseren dat er meer rekening wordt gehouden met ieders belangen. In hun reactie noemen Gedeputeerde Staten dat zij ondernemers, relevante ketenpartners en overheden zullen betrekken bij de ontwikkeling van hun ruimtelijke visie. Inwoners worden niet genoemd.
2
Verken de mogelijkheid om de ruimtelijke aspecten van bollenteelt te verankeren in het Drents Programma Landelijk Gebied.
Gedeputeerde Staten geven aan dat dit al onderdeel is van het proces om te komen tot de nieuwe Omgevingsvisie.
3
Stel een lijst samen van gewasbeschermingsmiddelen die verdampen of verwaaien en dring er bij het ministerie op aan dat deze met prioriteit worden verboden.
Op het advies een lijst op te stellen, reageren Gedeputeerde Staten niet.
Faciliteer kennisuitwisseling tussen belangenvertegenwoordigers en medewerkers van het Ctgb.
Gedeputeerde Staten organiseren een kennisbijeenkomst om kennis en expertise uit te wisselen.
Stel een programma samen om voor alle teelten een duurzame teeltstrategie te ontwikkelen.
Gedeputeerde Staten hebben een onderzoeksinstelling gevraagd om vanuit het programma Toekomstgerichte Landbouw een programmavoorstel uit te werken voor een integrale duurzame gewas- en teeltstrategie voor alle teelten op bedrijfsniveau.
Stel procesbegeleiders aan, zodat omwonenden en telers zo weinig mogelijk last ervaren.
Gedeputeerde Staten stellen geen procesbegeleider aan omdat zij in 2024 vanuit het DPLG gebiedsprocessen starten waar de genoemde vraagstukken aan de orde komen. Mochten zich grondeigenaren melden, dan zal de provincie deze faciliteren met een procesbegeleider van Prolander.
5
Ontvouw een informatieportaal, waar inwoners terecht kunnen met vragen en zorgen.
Gedeputeerde Staten hebben een ‘positieve grondhouding’ en geven een extern bureau opdracht de ‘opzet en inrichting’ te ‘verkennen’.
6
Ontwikkel een blauwdruk voor gemeentelijke convenanten.
Gedeputeerde Staten hebben een ‘positieve grondhouding’ en onderzoeken de wenselijkheid ervan onder gemeenten.
4
163 Provincie Drenthe, Brief van Gedeputeerde Staten aan de Commissaris van de Koning, Onderwerp: in reactie op uw brief, 17
oktober 2023 en Commissaris van de Koning in de provincie Drenthe, Brief aan Gedeputeerde Staten. Onderwerp: Voorstellen aan overheden, 17 maart 2023. 164 Commissaris van de Koning in de provincie Drenthe, Brief aan Gedeputeerde Staten. Onderwerp: Voorstellen aan overheden, 17 maart 2023. 165 Provincie Drenthe, Brief van Gedeputeerde Staten aan de Commissaris van de Koning, Onderwerp: in reactie op uw brief, 17 oktober 2023.
51
Zorgen voor morgen - Bollenteelt in Drenthe
7
Organiseer jaarlijks bijeenkomsten om kennis over duurzame landbouw te delen.
Gedeputeerde Staten geven aan dat op dit moment binnen het programma Duurzame Bollenteelt Drenthe jaarlijks twee informatiebijeenkomsten worden georganiseerd. Deze bijeenkomsten kunnen ook worden benut voor onderwerpen die breder zijn dan alleen de bollenteelt.
8
Stel een lijst op met gewasbeschermingsmiddelen Volgens Gedeputeerde Staten geeft spoor 3 van die minder belastend zijn, maar niet zijn het programma Duurzame Bollenteelt Drenthe toegestaan in bollenteelt. hier al invulling aan.
9
Minister, ondersteun telers met onafhankelijke kennis en advies over duurzaam telen.
Dit advies is niet gericht aan de provincie. Gedeputeerde Staten reageerden niet op dit advies.
In gesprekken met de Rekenkamer gaven enkele leden van de Stuurgroep Duurzame Bollenteelt Drenthe aan dat ze verwachten dat de resultaten van de gesprekstafels worden opgenomen in het programma.166 De stuurgroep heeft niet inhoudelijk op de resultaten gereageerd, waardoor het onduidelijk is hoe de stuurgroep tegen de adviezen aankijkt en in hoeverre de adviezen van de Commissaris doorwerken in het programma.167 Het ministerie heeft ook niet gereageerd.
6.5
Samenvatting
De gedeputeerde vroeg de Commissaris van de Koning om de dialoog tussen telers en omwonenden te bevorderen. De Commissaris gaf hier gehoor aan, in de vorm van meerdere gesprekstafels. Naar aanleiding van deze gesprekken stelde de Commissaris negen adviezen op voor Gedeputeerde Staten en het Ministerie van LNV. Acht van deze adviezen zijn specifiek gericht aan Gedeputeerde Staten. Gedeputeerde Staten pakken het advies om een ruimtelijke visie te ontwikkelen op samen met diverse stakeholders in het kader van Drents Programma Landelijk Gebied en de Omgevingsvisie. In tegenstelling tot andere betrokkenen en belanghebbenden noemen zij daarbij de omwonenden niet. Gedeputeerde Staten geven aan reeds aan drie adviezen te voldoen.168 Bij twee adviezen stellen zij nader onderzoek nodig te hebben, voordat ze deze concreet kunnen invullen. Bij één advies geven ze een alternatieve invulling aan het advies, zonder te reageren op het origineel. Bij het laatste advies stellen ze een mogelijke invulling voor, zonder deze concreet te maken.
166 Gebaseerd op een interview met een wethouder en een communicatieadviseur van de gemeente Westerveld op 19 september
2023 en een interview met een Gedeputeerde, een bestuursadviseur en een ambtenaar van de provincie Drenthe op 26 september 2023. 167 Stuurgroep Duurzame Bollenteelt Drenthe, Besluiten stuurgroep DBD vrijdag 7 juli 2023. 168 Waarvan één uit de vorige categorie.
52
Zorgen voor morgen - Bollenteelt in Drenthe
7. De rol van gemeenten en waterschappen 7.1
Inleiding
Meerdere bestuurslagen zijn betrokken bij het dossier over de impact van bollenteelt op mens en milieu. Wanneer sprake is van polarisatie tussen telers en omwonenden is de gemeente de eerste bestuurslaag die daarop wordt aangesproken. Waterschappen zijn wellicht minder direct in beeld bij omwonenden, maar zij vervullen (wettelijke) taken op het gebied van bescherming en monitoring van de waterkwaliteit en -kwantiteit. In dit hoofdstuk kijken we welke bijdrage gemeenten en waterschappen aan dit dossier leveren. Wij beantwoorden de volgende deelvraag: Welke bijdrage leveren bijdragen van gemeenten en waterschappen aan het oplossen van de schade aan mens en milieu? Wij geven antwoord op deze deelvraag door in paragraaf 7.2 te kijken hoe gemeenten hun ruimtelijk instrumentarium inzetten om de bollenteelt te reguleren. Daarna brengen we in paragraaf 7.3 in kaart hoe de gemeenten hun bemiddelende rol invullen. Vervolgens gaan we in paragraaf 7.4 in op de inzet van gemeentelijke convenanten. De rol van de waterschappen beschrijven we in paragraaf 7.5. Ten slotte vat paragraaf 7.6 dit hoofdstuk samen. In dit onderzoek lag geen nadruk op de handelingen van deze lagere overheden, waardoor het beeld in dit hoofdstuk niet compleet is.
7.2
Gemeentelijk gebruik ruimtelijk instrumentarium
Net als bij de provincie biedt het gemeentelijke ruimtelijke instrumentarium van gemeenten geen mogelijkheden om een algemeen verbod op het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen op te nemen. Gemeenten hebben beperkte mogelijkheden voor het vaststellen van spuitvrije zones. Deze mogelijkheden hebben betrekking op nieuwe situaties en zijn vooral gericht op het creëren en waarborgen van afstand tussen de bron en de ontvangers of op ruimtelijke afscherming. De
53
Zorgen voor morgen - Bollenteelt in Drenthe
motivatie om dit te doen, volgt uit het belang van de goede ruimtelijke ordening. 169 Uit jurisprudentie blijkt een vuistregel te zijn ontstaan waaruit volgt dat een afstand van 50 meter redelijk is.170 In bestaande situaties is het instellen van een spuitvrije zone lastig.171 Zoals paragraaf 4.3 ook al noemde, verdwijnt onder de Omgevingswet een aantal obstakels. Voor maatwerk in nieuwe situaties is het voor gemeenten al mogelijk om te werken met een aanlegvergunningenstelsel in het bestemmingsplan. Zij kunnen dan een vergunningplicht opnemen voor de aanplant van een nieuwe teelt, maar ook voor de uitbreiding van bestaande teelt. Eventueel kan een gemeente ook toetsingskaders in beleidsregels vastleggen. Deze beleidsregels kunnen alleen nader invulling geven van wat al in een bestemmingsplan is geregeld.172 De Noordelijke Rekenkamer kwam in Drenthe geen gevallen tegen waarin een gemeente via haar ruimtelijk beleid de bollenteelt heeft trachten te reguleren.
7.3
De gemeente als bemiddelaar
De gemeente is de bestuurslaag die direct te maken krijgt met de maatschappelijke polarisatie die de bollenteelt veroorzaakt. Kritische omwonenden benaderen de gemeente om hen te beschermen tegen blootstelling aan gewasbeschermingsmiddelen. De gemeente Westerveld zegt gesprekken met omwonenden te voeren, met als doel de positie van de gemeente toe te lichten.173 De gemeente geeft aan dat zij nauwelijks mogelijkheden heeft om op dit dossier invloed uit te oefenen. Omwonenden lijken te vinden dat de gemeente die mogelijkheden wel heeft. Zij geven aan dat de gemeente Westerveld een gesprek met omwonenden uit de weg gaat en hun grieven niet serieus neemt.174 De gemeente Westerveld speelt geen rol als bemiddelaar in de patstelling tussen bewoners en telers. De Noordelijke Rekenkamer heeft geen beeld hoe de opstelling van de andere Drentse gemeenten in dit dossier is. De gemeente Westerveld heeft wel een convenant met bollentelers getekend. Convenanten komen in paragraaf 7.4 aan de orde.
169 Arcadis. (zonder datum). ‘Nabuurschap’ bij het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. Ministerie van Landbouw, Natuur en
Voedselkwaliteit. 170 Onder andere de uitspraak van 23 september 2009 in zaak nr. 200900750/1/R2 171 Arcadis. (zonder datum). ‘Nabuurschap’ bij het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. 172 Arcadis. (zonder datum). ‘Nabuurschap’ bij het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. 173 Gebaseerd op een interview met een wethouder van de gemeente Westerveld op 19 september 2023. 174 Gebaseerd op interviews met omwonenden op 18 juni 2023 en 1 september 2023.
54
Zorgen voor morgen - Bollenteelt in Drenthe
7.4
Gemeentelijke convenanten
De gemeenten Aa en Hunze, Coevorden en Westerveld hebben een convenant getekend met bollentelers over het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen.175 In hoeverre een convenant juridisch afdwingbaar is, is afhankelijk van de inhoud.176 Hieronder komt de inhoud en strekking van de convenanten van de drie gemeenten aan bod. Convenant bollenteelt gemeente Aa en Hunze De teelt van bolgewassen in de gemeente Aa en Hunze is beperkt. De gemeente vindt het belangrijk om afspraken te maken over de wijze waarop partijen omgaan met gewasbeschermingsmiddelen in relatie tot omwonenden. In 2015 is een convenant afgesloten. De afspraken zijn gemaakt tussen producenten van bolgewassen in Aa en Hunze, de gemeente Aa en Hunze, de KAVB en LTO Noord afdeling ‘Aa en Hunze’. Het convenant had een geldigheidsduur van twee jaar. De partijen zijn overeengekomen de gedragsregels die de KAVB heeft opgesteld te respecteren, zich te houden aan de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Wgb), het Besluit gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Bgb) en de Regeling gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Rgb).
Daarnaast zullen zij toepassing geven aan de spuitvrije zones van de waterschappen Aa en Hunze en Reest en Wieden, een spuitvrije zone van 5 meter hanteren (gerekend vanaf de kadastrale grens van het beteelde perceel) en het initiatief te nemen om omwonenden te informeren over het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en biociden. De partijen hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid om het convenant na te leven. De primaire verantwoordelijkheid ligt bij de bollenproducent. 177 In 2017 is het convenant niet verlengd. Volgens het college had het te weinig opgeleverd.178 Convenant bollenteelt gemeente Coevorden De teelt van bolgewassen in de gemeente Coevorden is beperkt. De gemeente Coevorden acht het gewenst om afspraken te maken over de wijze waarop partijen omgaan met gewasbeschermingsmiddelen in relatie tot omwonenden. De afspraken zijn gemaakt tussen producenten van bolgewassen in de gemeente Coevorden, de gemeente Coevorden, de KAVB en LTO Noord afdeling “Coevorden/Emmen-west”. De partijen hebben de afspraken in 2016 in een convenant vastgelegd.
175 De gemeenten Noordenveld, Tynaarlo, Assen, Midden-Drenthe, Borger-Odoorn, Emmen, Hoogeveen, De Wolden en Meppel
hebben geen convenant. 176 Kenniscentrum voor beleid en regelgeving: https://www.kcbr.nl/beleid-en-regelgeving-ontwikkelen/beleidskompas/3-wat-zijnopties-om-het-doel-te-realiseren/31beleidsinstrumenten/juridisch/convenant#:~:text=Een%20convenant%20is%20een%20afspraak,andere%20partijen%20een%20probl eem%20aangepakt, benaderd op 21 november 2023. Kenniscentrum voor beleid en regelgeving ‘Convenant’. 177 Convenant bollenteelt gemeente Aa en Hunze, vastgesteld op 26 juni 2015. 178 De Schakel: https://www.schakel.info/nieuws/algemeen/31127/zorgen-over-bollenteelt-in-aa-en-hunze, benaderd op 9-11-2023.
55
Zorgen voor morgen - Bollenteelt in Drenthe
Het convenant van de gemeente Coevorden lijkt inhoudelijk sterk op dat van de gemeente Aa en Hunze. De partijen zijn overeengekomen de gedragsregels van de KAVB te respecteren en de Wgb, het Bgb en de Rgb na te leven. Daarnaast zullen zij toepassing geven aan de spuitvrije zones zoals door de waterschappen Vechtstromen, Aa en Hunze en Reest en Wieden zijn vastgesteld, een spuitvrije zone van 5 meter te hanteren en het initiatief te nemen om omwonenden te informeren over het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en biociden. Het convenant geldt voor onbepaalde tijd. Twee jaar na ondertekening wordt gekeken of aanpassing van het convenant nodig is. De partijen hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid om het convenant na te leven. De primaire verantwoordelijkheid ligt bij de bollenproducent.179 Op 28 februari 2022 heeft een gesprek plaatsgevonden tussen de wethouder en de vier bollentelers die nog actief zijn binnen de gemeente Coevorden. Bij dit gesprek waren ook vertegenwoordigers van LTO en KAVB aanwezig. In het gesprek is afgesproken dat het bestaande convenant op een aantal punten zou worden geactualiseerd en dat de telers het convenant zouden aanvullen met de duurzaamheidsmaatregelen die zij inmiddels in de teelt hebben doorgevoerd.
Convenant gebruik gewasbeschermingsmiddelen gemeente Westerveld In de gemeente Westerveld is de bollenteelt een belangrijk onderdeel van de agrarische sector geworden. In 2020 zijn afspraken vastgelegd in een convenant dat een geldigheidsduur heeft van vijf jaar. Het convenant is in overleg met een aantal direct omwonenden tot stand gekomen. De omwonenden willen, vooralsnog, niet in gesprek gaan met de telers. De omwonenden vinden dat de overheid aan zet is. De afspraken zijn gemaakt tussen de gemeente Westerveld, de LTO, de KAVB en de toeleveranciers van gewasbeschermingsmiddelen en andere producten (Agrifirm, WPA-Robertus en CAV-Agrotheek). Later is de overeenkomst alsnog door ruim honderd omwonenden ondertekend. De telers die deelnemen aan het programma Duurzame Bollenteelt Drenthe zijn allen ondertekenaar van het convenant. De ondertekenaars hebben afgesproken om zich te houden aan de volgende punten: respect, integriteit, professionaliteit, veiligheid, openheid en innovatie. Daarnaast zijn in het convenant regels over het gedrag van de agrariër gemaakt. Ook hebben zij afgesproken dat wanneer er vragen of klachten zijn, omwonenden in eerste instantie naar de betreffende agrariër gaat. Opvallend is dat in het convenant een spuitvrije zone van 20 meter vanaf de gevel van een woning, kinderdagverblijf, verzorgingshuis en scholen en recreatieterreinen is afgesproken.
Het convenant heeft een geldigheidsduur van vijf jaar. Na elk jaar kan een evaluatie plaatsvinden tussen de ondertekenaars en een aantal omwonenden op het gemeentehuis in Westerveld. Inwoners van gemeente Westerveld en actoren die in de gemeente Westerveld met gewasbeschermingsmiddelen werken, worden uitgenodigd om het convenant ook te ondertekenen. De partijen hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid om het convenant na te leven.180
179
Convenant bollenteelt gemeente Coevorden, vastgesteld op 29 maart 2016.
180 Overeenkomst gebruik gewasbeschermingsmiddelen, vastgesteld in februari 2020.
56
Zorgen voor morgen - Bollenteelt in Drenthe
Begin 2021 is er een evaluatie van deze overeenkomst gehouden onder alle betrokken partijen. Op 20 februari 2023 vond weer een evaluatie plaats. De belangrijkste conclusie van de evaluaties was dat het convenant positief heeft bijgedragen aan het tot stand komen van overleg tussen telers en omwonenden.
7.5
Waterschappen
Waterschappen zijn verantwoordelijk voor de waterkwaliteit in de kleinere wateren. De kwaliteit van het oppervlaktewater in Nederland moet aan normen voldoen die zijn vastgelegd in de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW). Waterschappen nemen maatregelen om verontreiniging van het water te voorkomen. Zij stellen regels in een keur, onder meer over het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen in de buurt van waterlopen. Ook monitoren zij de waterkwaliteit. Waterschappen kunnen (voor zover nodig, geschikt en evenredig) aanvullende maatwerkregels opnemen over lozingen van gewasbeschermingsmiddelen vanuit agrarische milieubelastende activiteiten, zoals spuitvrije zones en regulering lozingen vanuit drainages. 181 Ook kunnen zij inzetten op maatwerkvoorschriften voor individuele lozingen van gewasbeschermingsmiddelen.182 De belangrijkste probleemstoffen zijn nutriënten (voedingsstoffen), zware metalen en gewasbeschermingsmiddelen. Op de helft van de meetlocaties in Nederland treffen waterschappen te hoge concentraties gewasbeschermingsmiddelen in het oppervlaktewater aan.183 Als de concentratie verontreinigende stoffen in het water verhoogd is, trachten zij in te grijpen.
Een probleem is dat de chemische middelen dan vaak al zo verdund zijn dat het lastig is om aan te tonen wie de middelen heeft geloosd.184 Naast hun wettelijke taken, zijn waterschappen veelal betrokken bij vrijwillige programma’s waarin waterkwaliteit aan de orde is. Zo ondersteunen de waterschappen de agrarische sector bij het Deltaplan Agrarisch Waterbeheer (DAW). 185 Het Deltaplan Agrarisch Waterbeheer is een bovenwettelijk programma waarin de land- en tuinbouw met hulp van allerlei betrokken partijen aan schoner en voldoende water en een betere bodem werken.186 Het waterschap treedt vanuit het Deltaplan in gesprek met boeren en belangenorganisaties.187 Binnen het programma voeren agrariërs diverse projecten uit om tot minder emissies van gewasbeschermingsmiddelen te komen. Het waterschap Aa en Hunze was betrokken bij de pilot verduurzaming bollenteelt
181 Afdeling 3.6 Besluit activiteiten leefomgeving. 182
Adviescommissie vervolg UPDA. (2023). Wie Aa zegt, Aanbevelingen voor duurzame verbetering van de waterkwaliteit van de Drentsche Aa ten behoeve van de openbare drinkwatervoorziening. Adviescommissie vervolg UPDA. 183 Unie van Waterschappen: https://unievanwaterschappen.nl/waterkwaliteit/, benaderd op 9 november 2023. 184 Gebaseerd op een interview met een lid van het Dagelijks Bestuur van het Waterschap Drents Overijsselse Delta 13 september 2023. 185 Deltaplan Agrarisch Waterbeheer: https://agrarischwaterbeheer.nl/, benaderd op 13 september 2023. 186 Unie van Waterschappen: https://unievanwaterschappen.nl/waterkwaliteit/gewasbeschermingsmiddelen/, benaderd op 9 november 2023. 187 Gebaseerd op een interview met een lid van het Dagelijks Bestuur van het Waterschap Drents Overijsselse Delta 13 september 2023.
57
Zorgen voor morgen - Bollenteelt in Drenthe
Drentsche Aa (zie paragraaf 3.6). Het waterschap Drents Overijsselse Delta neemt deel aan het programma Duurzame Bollenteelt Drenthe (zie hoofdstuk 5).
7.6
Samenvatting
Gemeenten en waterschappen kunnen een bijdrage leveren aan de oplossing van milieuschade door de bollenteelt. Net als bij de provincie, hebben gemeenten geen mogelijkheid om een algemeen verbod op het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen op te leggen. Zij hebben beperkte mogelijkheden om via het bestemmingsplan of aanlegvergunningen regels aan het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen op te leggen. Het is ons niet gebleken dat Drentse gemeenten dat hebben gedaan. Gemeenten krijgen direct te maken met de maatschappelijke polarisatie die is ontstaan. Enkele gemeenten hebben convenanten afgesloten met telers. In deze convenanten zijn gedragsregels opgenomen. Het succes van deze convenanten is wisselend. Het convenant in Westerveld heeft enige relevantie door overleg tussen omwonenden en telers, het opnemen van spuitvrije zones en periodieke evaluatie. Waterschappen hebben wettelijke taken op het gebied van waterkwaliteit. Vanuit dat inhoudelijke belang zijn zij betrokken bij diverse projecten die tot doel hebben de belasting van gewasbeschermingsmiddelen op het water te verminderen.
58
Zorgen voor morgen - Bollenteelt in Drenthe
8. Lessen uit andere provincies 8.1
Inleiding
In dit onderzoek is het bollenbeleid van Noord-Holland, Flevoland en Overijssel bestudeerd. Hieruit kunnen we opmaken of er mogelijkheden zijn die de provincie Drenthe kan overwegen om de regie te nemen. De redenen voor selectie van deze drie provincies is dat in Noord-Holland en Flevoland veel bollenteelt plaatsvindt en in Overijssel relatief weinig. Tevens had het rapport ‘uitgesproken’ ook betrekking op Overijssel. Dit hoofdstuk geeft antwoord op deelvraag 6: Welke bestuurlijke afwegingen maken andere provincies waarin bollenteelt plaatsvindt en hoe voeren zij de regie? Welke lessen kan de provincie Drenthe hieruit trekken? In paragraaf 8.2 laten we zien hoeveel bollen- en sierteelt in de drie onderzochte provincies plaatsvindt. Vervolgens bespreken we in paragraaf 8.3 welke beleidsdoelen provincies met betrekking tot bollenteelt nastreven. Daarna kijken we in paragraaf 8.4 in hoeverre andere provincies beleid hebben vastgesteld om ruimtelijke kaders te stellen aan de bollenteelt. Ten slotte vatten we het hoofdstuk samen in paragraaf 8.5.
8.2
Aanwezigheid van bollen- en sierteelt
In dit hoofdstuk bespreken we de omvang van de bollenteelt in de drie provincies die in dit vergelijkende hoofdstuk worden besproken. De helft van het Nederlandse areaal bloembollen, ruim 13 duizend hectare, ligt in de provincie Noord-Holland. In Noord-Holland worden veel tulpen gekweekt. Noord-Hollands Kroon staat op plek twee in het lijstje ‘Waar staan de meeste tulpen’.188 In absolute aantallen is Flevoland de tweede teeltprovincie van Nederland. 189 In de Noordoostpolder worden de meeste tulpen
188 Boerenbusiness: https://www.boerenbusiness.nl/top5/artikel/10863215/waar-groeien-eigenlijk-de-meeste-tulpenbollen,
benaderd op 9 november 2023. 189 Stentor: https://www.destentor.nl/flevoland/bollenteelt-neemt-flevolandover~a36f9470/#:~:text=In%20absolute%20aantallen%20is%20Flevoland,het%20landelijke%20beeld%20laat%20zien., benaderd op 9 november 2023.
59
Zorgen voor morgen - Bollenteelt in Drenthe
geteeld. 190 In tegenstelling tot de twee vorige beschreven provincies worden in de provincie Overijssel relatief weinig bollen geteeld. We vinden in deze provincie wel veel zandgronden. Deze grond is erg geschikt voor de teelt van lelies. Op steeds meer plaatsen in Overijssel worden daarom bollen geteeld, met name lelies. Dit gebeurt vooral in de regio Hardenberg.
8.3
Beleid over bollenteelt
In deze paragraaf brengen we het beleid over de bollenteelt van Noord-Holland, Flevoland en Overijssel in kaart. We hebben de omgevingsvisie, de omgevingsverordeningen en eventueel specifiek bloembollenbeleid in deze analyse betrokken. Uit de Omgevingsvisie NH2050 blijkt dat de provincie Noord-Holland wil inzetten op natuurinclusieve landbouw teneinde de druk op het milieu te verminderen en de biodiversiteit te vergroten. Natuurinclusieve landbouw is onder andere gericht op het minder gebruiken van gewasbeschermingsmiddelen.191 De provincie Noord-Holland zet ook in de bloembollensector in op de transitie naar kringlooplandbouw. Voor verduurzaming is ruimte nodig, dus wil de provincie het begrensde areaal voor bloembollenteelt op zand behouden. Zij zet in het Provinciaal Programma Landelijk Gebied (PPLG) in bepaalde gevallen in op een herschikking van functies of verplaatsing waar percelen of bedrijven door hun ligging tot een onoplosbare milieuopgave leiden.192 Zo kocht de provincie Noord-Holland 13 hectare grond in Egmond-Binnen die geschikt is voor bloembollen- en groenteteelt. De percelen kunnen worden gebruikt als ruilgrond voor tuinders die nu binnen het Natuurnetwerk Nederland ondernemen en daaruit willen.
LTO Noord denkt dat door het omruilen van bollengronden, de tuinders onderaan de streep toch ruimte inleveren.193 De provincie Flevoland wil vernieuwingen in de landbouw stimuleren. De provincie helpt en ondersteunt het testen van nieuwe ontwikkelingen in de praktijk. Dat gebeurt in proeftuinen. Op de Akker van de Toekomst in Ens worden nieuwe akkerbouwtechnieken- en methodieken ontwikkeld. Het streven is om 90% minder gewasbeschermingsmiddelen te gebruiken. In de proeftuin ‘Boerderij van de Toekomst’ werkt de Wageningen Universiteit aan het stimuleren van biodiversiteit. Het doel is om het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen tot een minimum te beperken. 194 De provincie Flevoland subsidieerde een praktijkonderzoek naar oppervlakkige afspoeling van gewasbeschermingsmiddelen naar sloten. In 2023 en 2024 wordt dit onderzoek voortgezet. 195 Daarnaast is in 2022 een studieclub in Flevoland opgezet. Het doel van de
190 Boerenbusiness: https://www.boerenbusiness.nl/top5/artikel/10863215/waar-groeien-eigenlijk-de-meeste-tulpenbollen,
benaderd op 9 november 2023. 191 Provincie Noord-Holland, Omgevingsvisie NH2050, Provincie Noord-Holland. 192 Provincie Noord-Holland. (2023). Buitengewoon Noord-Holland, startversie Provinciaal Programma Landelijk Gebied. NoordHolland. 193 Nieuwe oogst: https://www.nieuweoogst.nl/nieuws/2022/02/04/noord-holland-koopt-bollengrond-om-te-ruilen, benaderd op 9 november 2023. 194 Provincie Flevoland: https://www.flevoland.nl/wat-doen-we/omgevingsvisie-flevoland/opgaven/landbouw-meerderesmaken/proeftuinen, benaderd op 9 november 2023. 195 CLM: https://www.clm.nl/nieuws/praktijkproeven-perceelafspoeling-flevoland-gaan-door-in-2023-en-2024/, benaderd op 9 november 2023.
60
Zorgen voor morgen - Bollenteelt in Drenthe
opgerichte studieclub is dat onderzoekers, leveranciers en agrariërs elkaar vinden en daarmee de ontwikkeling richting duurzame teelt versnellen. Van 1 tot 29 september 2023 konden Flevolandse boeren subsidie voor geïntegreerde gewasbescherming aanvragen. Het doel van de subsidie is om minder gewasbeschermingsmiddelen te gebruiken tegen ziekten, plagen en onkruiden. In Overijssel vinden discussies plaats over de teelt van bloembollen. De provincie heeft in het Fundament voor de Omgevingsvisie de ambitie het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen te beperken. 196 Ook staat hierin dat de provincie aanstuurt op kringlooplandbouw. De provincie heeft verder geen specifiek bollenbeleid vastgesteld. Sommige Overijsselse gemeenten worstelen met de teelt van bloembollen, andere gemeenten (zoals Ommen) kozen voor een verbod op bollenteelt in grondwaterbeschermingsgebieden. De Raad van State vernietigde dit bestemmingsplan echter.197 De gemeenten Hardenberg en Tubbergen kozen voor het maken van vrijwillige afspraken in een convenant. In die gemeenten is het convenant ondertekend door telers, de gemeente en enkele andere partijen, zoals de LTO, de KAVB (in Tubbergen) en Stichting bollenteelt Hardenberg (in Hardenberg). In de gemeente Raalte boden vier bloembollentelers een intentieverklaring aan de gemeente aan. Verder waren er geen ondertekenaars.
De inhoud van deze intentieverklaring was vergelijkbaar met dat van de convenanten.
8.4
Ruimtelijke kaders voor bollenteelt
In dit onderzoek hebben we specifieke aandacht voor de vraag of – en zo ja hoe – provincies ruimtelijke kaders hebben gesteld aan de bollenteelt. We willen hiermee in beeld brengen of het mogelijk is om de bollenteelt via het ruimtelijke spoor te reguleren, bijvoorbeeld door het aanwijzen van gebieden waar wel/geen bollenteelt mag plaatsvinden. De provincie Noord-Holland heeft van oudsher ervaring met bollenteelt. Zij wil dat de landbouw meer rekening houdt met natuurwaarden. Specifiek voor permanente bollenteelt heeft de provincie ruimtelijke beperkingen opgelegd. 198 Permanente bollenteelt vindt plaats op zandgronden. Provinciale Staten hebben willen voorkomen dat de permanente bollenteelt zich naar andere gebieden zou uitbreiden. Voor permanente bollenteelt moeten grootschalige ingrepen plaatsvinden om de zandgronden voor bollenteelt geschikt te maken.199 Zij hebben de teelt gereguleerd door, buiten de gebieden waar permanente bollenteelt nu al plaatsvindt, dergelijke ingrepen te verbieden. In haar Omgevingsverordening Noord-Holland 2020 heeft zij het volgende opgenomen over permanente bollenteelt: “Een ruimtelijk plan kan uitsluitend ter plaatse van het werkingsgebied permanente bollenteelt voorzien in het toestaan van
196 Provincie Overijssel. (2022). Overijssel voor elkaar!, fundament voor de nieuwe omgevingsvisie. Provincie Overijssel. 197 In Ommen is in 2021, met de kleinst mogelijke meerderheid, ingestemd met een drie jaar durende proef met bollenteelt in twee
grondwaterbeschermingsgebieden. Tijdens de vergadering werden grote zorgen door de insprekers geuit. Eerder, in 2013, verbood de gemeente de bollenteelt in grondwaterbeschermingsgebieden. In 2015 vocht de LTO die beslissing aan bij de rechter. De Raad van State stelde de LTO in het gelijk. De reden daarvoor is dat de Raad van State een onderbouwing van een specifieke situatie wil. De gemeenteraad stond daarmee voor een dilemma: als er niet met de proef werd ingesteld, konden er geen concrete bewijzen voor de specifieke situatie worden verzameld. 198 Permanente bollenteelt komt in Drenthe niet voor. In Drenthe is enkel wisselteelt aanwezig. 199 Gebaseerd op een interview met twee medewerkers van de provincie Noord-Holland op 14 november 2023.
61
Zorgen voor morgen - Bollenteelt in Drenthe
grondbewerkingen ten behoeve van de permanente bollenteelt, zoals bezanden, omzetten en opspuiten.” Daarnaast is het volgende opgenomen: “Vanwege het effect op de bodem en de waterkwaliteit is het van belang dat het bewerken van de grond, zoals opspuiten, bezanden en omzetten van permanente bollenteelt niet overal wordt toegestaan en enkel in het werkingsgebied permanente bollenteelt plaatsvindt.” 200,201 Momenteel vigeert de Omgevingsverordening NoordHolland 2020. Wanneer de Omgevingswet in werking treedt, treedt ook de Omgevingsverordening NoordHolland 2022 in werking. In de Omgevingsverordening Noord-Holland 2022 is over de bollenteelt opgenomen: “Voor zover een omgevingsplan van toepassing is op het werkingsgebied Grondbewerkingen voor permanente bollenteelt toegestaan kan het grondbewerkingen zoals bezanden, omzetten en opspuiten ten behoeve van de permanente bollenteelt toestaan.” 202 Verder: “Voor zover een omgevingsplan van toepassing is op het werkingsgebied Grondbewerkingen voor permanente bollenteelt uitgesloten, sluit het grondbewerkingen zoals Figuur 8: Geel = toegestaan, oranje = uitgesloten bezanden, omzetten en opspuiten ten behoeve van de permanente bollenteelt uit.”203 Voor de wisselteelt van bloembollen hebben Provinciale Staten van Noord-Holland geen bepalingen opgenomen in de omgevingsverordening.
Flevoland heeft in haar omgevingsverordening uitsluitend artikelen opgenomen over het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen in grondwaterbeschermings- en waterwingebieden. In de provincie Drenthe zijn dergelijke artikelen ook al opgenomen in de omgevingsverordening. De provincie Overijssel heeft geen regels over bollenteelt opgenomen in haar omgevingsverordening.
8.5
Samenvatting
Andere provincies hebben wellicht ervaring opgedaan in regievoering over de bollenteelt. Wij keken naar de provincies Noord-Holland, Flevoland en Overijssel.
200 Provincie Noord-Holland, Omgevingsverordening 2020, artikel 6.36, Provincie Noord-Holland. 201 Permanente bollenteelt is het telen van bloembollen of -knollen gedurende twee of meer achtereenvolgende teeltseizoenen op
hetzelfde gewasperceel. Bij de reizende bollenkraam wordt een perceel van een akkerbouwer in een vruchtwisselingsschema gedurende één teeltseizoen gebruikt voor bollenteelt. Daarbij is er sprake van een zwaardere grondsoort waarbij door het eenmalige gebruik van het perceel de inzet van meststoffen en bestrijdingsmiddelen lager ligt. Zie: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stb2007-143.html 202 Provincie Noord-Holland, Omgevingsverordening 2022, artikel 6.45, Provincie Noord-Holland. 203 Provincie Noord-Holland, Omgevingsverordening 2022, artikel 6.46, Provincie Noord-Holland.
62
Zorgen voor morgen - Bollenteelt in Drenthe
Al deze provincies streven een reductie van het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen na. In Noord-Holland gebeurt dat ook specifiek voor de bollensector. Noord-Holland heeft in haar omgevingsverordening gebieden aangewezen waarin permanente bollenteelt is toegestaan en andere gebieden waar dat niet het geval is. Zij zet in op een verplaatsing van bedrijven die door hun ligging tot onoplosbare milieuschade leiden. Flevoland subsidieert vooral onderzoek en voorbeeldprojecten. In Overijssel is geen specifiek bollenbeleid vastgesteld.
63
Zorgen voor morgen - Bollenteelt in Drenthe
Bronnenlijst Literatuur: ▪ Adviescommissie vervolg UPDA. (2023). Wie Aa zegt, Aanbevelingen voor duurzame verbetering van de waterkwaliteit van de Drentsche Aa ten behoeve van de openbare drinkwatervoorziening. Adviescommissie vervolg UPDA. ▪ Arcadis. (zonder datum). ‘Nabuurschap’ bij het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. ▪ Bestuurlijk Omgevingsberaad. (2022). Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO). Bestuurlijk Omgevingsberaad. ▪ Buijs, J. en Mantingh, M. (2022). Onderzoek verspreiding bestrijdingsmiddelen in Drenthe en omstreken. Evaluatie van 3 jaar onderzoek van bodem, vegetatie, mest en lucht. Vereniging Meten = Weten. ▪ Buro Wija, Programma Duurzame Bollenteelt Drenthe, 15 november 2021 ▪ Convenant bollenteelt gemeente Aa en Hunze, vastgesteld op 26 juni 2015. ▪ Convenant bollenteelt gemeente Coevorden, vastgesteld op 29 maart 2016 ▪ Duurzame Bollenteelt Drenthe, Rapportage pilot duurzame bollenteelt Drenthe LNV en provincie Drenthe DEF, juli 2022. ▪ Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 10-07-2023, ECLI:NL:GHARL:2023:6083. ▪ Gezondheidsraad. (2014). Gewasbescherming en omwonenden. Gezondheidsraad. ▪ Gezondheidsraad. (2020). Vervolgadvies gewasbescherming en omwonenden. Gezondheidsraad. ▪ Kool, M. en Buitenkamp, M. (2019).
Uitgesproken, weergave uitkomsten verkennende gesprekken telers, omwonenden en organisaties. Anantis. ▪ Latour Advies, Waterbedrijf Groningen, Provincie Drenthe en Waterschap Hunze en Aa’s. (2022). Eindrapport Uitvoeringsprogramma Oppervlaktewaterwinning Drentsche Aa 2022, Ons water uit de Drentsche Aa. Waterbedrijf Groningen, Provincie Drenthe en Waterschap Hunze en Aa’s. ▪ Meskers, K. (2017). De teelt van lelies. Bollenacademie. ▪ Meten=Weten, Brief aan Provinciale Staten Drenthe, gemeenteraad Westerveld en Vaste commissie voor LNV van de Tweede Kamer, Onderwerp: Analyse door Meten=weten van het Programma Duurzame Bollenteelt Drenthe, 3 juni 2021. ▪ Ministerie van Economische Zaken. (2004). Duurzame gewasbescherming, beleid voor gewasbescherming tot 2010. Rijksoverheid. ▪ Ministerie van Economische Zaken. (2013). Gezonde Groei, Duurzame Oogst, Tweede nota duurzame gewasbescherming periode 2013 tot 2023. Ministerie van Economische Zaken, p. 11. ▪ Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij. (1991). Meerjarenplan Gewasbescherming. Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij.
64
Zorgen voor morgen - Bollenteelt in Drenthe
▪
▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
▪ ▪ ▪
▪
▪ ▪ ▪
65
Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. (2019). Toekomstvisie gewasbescherming 2030, naar weerbare planten en teeltsystemen. Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. Overeenkomst gebruik gewasbeschermingsmiddelen, vastgesteld in februari 2020. Programma Duurzame Bollenteelt Drenthe. (2023). Tweede pilot rapportage, juli 2023. Programmateam Duurzame Bollenteelt Drenthe, Afspraken Programmateam DBD dinsdag 7 maart 2023, 7 maart 2023. Projectgroep Communicatie Duurzame Bollenteelt Drenthe, notulen 12 april 2022. Programmavoorstel duurzame bollenteelt in Drenthe, 29 maart 2019. Projectgroep communicatie Duurzame Bollenteelt Drenthe, Uitvoeringsplan bij het Communicatieplan DBD van Buro Wija. z.d. Provincie Noord-Holland, Omgevingsverordening 2020, Provincie Noord-Holland. Provincie Noord-Holland, Omgevingsverordening 2022, Provincie Noord-Holland. Provincie Noord-Holland, Omgevingsvisie NH2050, Provincie Noord-Holland. Provincie Noord-Holland. (2023). Buitengewoon Noord-Holland, startversie Provinciaal Programma Landelijk Gebied. Noord-Holland. Provincie Overijssel. (2022). Overijssel voor elkaar!, fundament voor de nieuwe omgevingsvisie. Provincie Overijssel. Rechtbank Noord-Nederland 18 juni 2021, ECLI:NL:RBNNE:2021:2483, r.o. 3.4.3. Rechtbank Noord-Nederland, 12 juni 2023, ECLI:NL:RBNNE:2023:2333. RIVM. (2019).