Veghels Buiten Erpseweg Zuid 1e herziening V2
Tekst van het document
de ontwikkeling mag niet leiden tot een nadelige beïnvloeding van de normale afwikkeling van het verkeer dan wel tot een onevenredige parkeerdruk op de openbare ruimten; 4.6 Wijzigingsbevoegdheid Burgemeester en wethouders kunnen het plan wijzigen door de aanduiding 'wonen uitgesloten' te verkleinen of te verwijderen, indien: a. de geurhinderveroorzakende activiteit is beëindigd; of b. verwijderen van de aanduiding niet in strijd is met geurverordening of de Wet geurhinder en veehouderij; c. er vanuit het oogpunt van geurhinder er een goed woon- en leefklimaat kan worden gegarandeerd; d. geen andere milieu-technische belemmeringen zijn.
NL.IMRO.1948.VHL004BP0022023P-VG02
Pagina: 22 van 30
Datum:2 mei 2025
Hoofdstuk 3
Algemene regels
Artikel 5 Anti-dubbeltelregel Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
NL.IMRO.1948.VHL004BP0022023P-VG02
Pagina: 23 van 30
Datum:2 mei 2025
Artikel 6
Algemene bouwregels
6.1 Overschrijding bouwgrenzen De bouwgrenzen, niet zijnde bestemmingsgrenzen, mogen in afwijking van aanduidingsgrenzen, aanduidingen en bestemmingsregels worden overschreden door: a. tot gebouwen behorende stoepen, stoeptreden, trappen(huizen), galerijen, hellingbanen, funderingen, balkons, entreeportalen, veranda's en afdaken, mits de overschrijding ten hoogste 2,5 meter bedraagt; b. andere ondergeschikte onderdelen van gebouwen, mits de overschrijding ten hoogste 1,5 meter bedraagt. 6.2
Algemene bepaling m.b.t. ondergronds bouwen
6.2.1 Ondergrondse werken Voor het uitvoeren van ondergrondse werken, geen bouwwerken zijnde en werkzaamheden zijnde, gelden behoudens in deze regels opgenomen afwijkingen, geen beperkingen. 6.2.2 Ondergrondse bouwwerken Voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken gelden, behoudens in deze regels opgenomen afwijkingen, de volgende regels: a. voor delen van bouwwerken behorende bij ondergrondse bouwwerken gesitueerd boven peil gelden de bebouwingsregels als opgenomen bij de bestemmingen in hoofdstuk 2; b. de maximale ondergrondse bouwdiepte van ondergrondse bouwwerken bedraagt 3 meter onder peil; c. bij het berekenen van het in deze regels maximaal te bebouwen oppervlak, wordt de oppervlakte van ondergrondse gebouwen niet in aanmerking genomen. 6.3
Algemene bepaling over bestaande afstanden en andere maten
6.3.1 Maximale maatvoering Indien afstanden tot, en bouwhoogten, inhoud, aantallen en/of oppervlakten van bestaande bouwwerken die gebouwd zijn met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens de Woningwet, op het tijdstip van de terinzagelegging van het ontwerp van het plan meer bedragen dan ingevolge hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen deze maten en hoeveelheden als maximaal toelaatbaar worden aangehouden. 6.3.2 Minimale maatvoering In die gevallen dat afstanden tot, en bouwhoogten, inhoud, aantallen en/of oppervlakten van bestaande bouwwerken, die gebouwd zijn met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens de Woningwet, op het tijdstip van de terinzagelegging van het ontwerp van het plan minder bedragen dan ingevolge hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen deze maten en hoeveelheden als minimaal toelaatbaar worden aangehouden. 6.3.3 Heroprichting In het geval van (her)oprichting van gebouwen is het bepaalde in 6.3.1 en 6.3.2 uitsluitend van toepassing indien het geschiedt op dezelfde plaats.
NL.IMRO.1948.VHL004BP0022023P-VG02
Pagina: 24 van 30
Datum:2 mei 2025
6.4
Parkeernormen
6.4.1 Voorwaardelijke verplichting parkeren a. Een omgevingsvergunning voor het bouwen wordt uitsluitend verleend, indien voldoende parkeergelegenheid op eigen terrein of op openbaar gebied aanwezig is of wordt gerealiseerd. b. Voor de in lid a genoemde voldoende parkeergelegenheid dienen de normen zoals bedoeld in de beleidsregel 'Nota Parkeernormen Meierijstad 2018' als vastgesteld op 18 december 2018, in acht genomen te worden. c. Indien deze beleidsregels en/of de bijlagen gedurende worden gewijzigd door het bevoegd gezag, dient rekening gehouden te worden met deze wijziging. De parkeernormen uit de beleidsregels en/of bijlagen zoals die gelden ten tijde van de ontvangst van de aanvraag worden toegepast. 6.4.2 Afwijkingsbevoegdheid parkeren Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 6.4.1 indien: a. er in voldoende parkeer- of stallingsruimte wordt voorzien op een andere wijze, of; b. het ruimteljk gezien niet wenselijk is de nodige parkeer- of stallingsruimte op eigen terrein te voorzien en er voldoende openbare parkeerplaatsen binnen een acceptabele afstand aanwezig zijn, en; 1. er een parkeertelling aanwezig is die aantoont dat er voldoende parkeerplaatsen in de openbare ruimte aanwezig zijn die benut kunnen worden, of; 2. aangetoond kan worden dat volstaan kan worden met minder parkeerplaatsen dan de norm.
NL.IMRO.1948.VHL004BP0022023P-VG02
Pagina: 25 van 30
Datum:2 mei 2025
Artikel 7
Algemene gebruiksregels
7.1 Strijdig gebruik onbebouwde gronden Onder met dit plan een strijdig gebruik wordt in ieder geval verstaan een gebruik van de onbebouwde gronden als: a. opslagplaats voor vaten, kisten, al dan niet voor gebruik geschikte werktuigen en machines of onderdelen daarvan, oude en nieuwe bouwmaterialen, afval, puin, grind en brandstoffen; b. uitstallings- of opslagplaats voor al dan niet voor gebruik geschikte voer- of vaartuigen of onderdelen daarvan; c. uitstallings- of opslagplaats dan wel staan- of ligplaats voor onderkomens. 7.2 Strijdig gebruik Onder een strijdig gebruik strijdig met het plan wordt in ieder geval verstaan (een): a. gebruik van woningen voor enige vorm van detailhandel en/of horeca; b. gebruik van gronden en/of bouwwerken ten behoeve van seksinrichtingen; c. prostitutie; d. het gebruik van een woning in strijd met het begrip 'woning', met uitzondering van het in de bestemmingsomschrijvingen genoemde gebruik; e. het niet-instandhouden van de verplichte parkeervoorzieningen als bedoeld in artikel 6.4. 7.3 Waterberging a. Alvorens de gronden in gebruik genomen worden voor de doeleinden als bedoeld in de bestemming 'Woongebied - Erf', dient voldaan te worden aan de volgende voorwaarden: 1.
dient te zijn aangetoond dat de toename van de afvoer van afstromend regenwater ten gevolge van een toename van verhard oppervlak gecompenseerd wordt conform de eisen van het waterschap en de gemeente en voorzien is een waterberging met voldoende capaciteit; 2. de compensatie dient ten minste naar evenredigheid van de realisatie van toename van verhardingen gerealiseerd te worden; 3. de compensatie bedraagt ten minste de conform de Verordening fysieke leefomgeving van de gemeente Meierijstad vereiste omvang. b. Ongeacht het bepaalde onder a., dient bij het toevoegen of vervangen van verhard oppervlak te allen tijden te worden voldaan aan de Verordening fysieke leefomgeving van de gemeente Meierijstad. Indien deze beleidsregels en/of de bijlagen gedurende worden gewijzigd door het bevoegd gezag, dient rekening gehouden te worden met deze wijziging.
NL.IMRO.1948.VHL004BP0022023P-VG02
Pagina: 26 van 30
Datum:2 mei 2025
Artikel 8
Algemene aanduidingsregels
8.1 Overige zone - aanpassing woningaantallen a. Ter plaatse van de aanduiding 'Overige zone - aanpassing woningaantallen', met uitzondering van de gronden met de bestemmingen 'Agrarisch' en 'Woongebied - Erf' en de op de betreffende gronden tevens van toepassing zijnde gebiedsaanduidingen, zijn de regels, bestemmingen en aanduidingen van de navolgende plannen van overeenkomstige toepassing: 1. Bestemmingsplan 'Veghels Buiten - Erpseweg Zuid 2016' met kenmerk NL.IMRO.1948.VHL004BP0012017M-VG01; 2. Bestemmingsplan 'Parapluplan parkeren' met kenmerk NL.IMRO.1948.PAR000BP0012018-VG02; 3. Bestemmingsplan 'Harmonisatie van diverse regelingen - laaghangend fruit' met kenmerk NL.IMRO.1948.PAR000BP0012020-VG01. b. Aanvullend op het bepaalde onder a. worden artikelen 9.1 sub b, 10.1 sub b, 11.1 sub b van het bestemmingsplan 'Veghels Buiten - Erpseweg Zuid 2016' met kenmerk NL.IMRO.1948.VHL004BP0012017M-VG01 als volgt aangepast: 1. Het maximum aantal woningen dat gebouwd mag worden in de gezamenlijke bestemmingen, Wonen-2, Woongebied - Erf, Woongebied - Gehofte en Woongebied Klooster bedraagt 765. 8.2 Milieuzone - boringsvrije zone De gronden ter plaatse van de aanduiding 'milieuzone - boringsvrije zone' zijn behalve voor de daar voorkomende bestemming(en), mede bedoeld voor het behoud van de beschermende kleilaag in de bodem.
Voor deze gronden gelden de regels zoals opgenomen in de Interim omgevingsverordening van de provincie Noord-Brabant, dan wel de opvolger van de betreffende verordening.
NL.IMRO.1948.VHL004BP0022023P-VG02
Pagina: 27 van 30
Datum:2 mei 2025
Artikel 9
Algemene afwijkingsregels
9.1 Algemeen a. Het bevoegd gezag kan – tenzij op grond van hoofdstuk 2 reeds afgeweken kan worden – bij omgevingsvergunning afwijken van de regels voor overschrijding van bouwgrenzen, niet zijnde bestemmingsgrenzen, voor zover zulks van belang is voor een technisch betere realisering van bouwwerken dan wel voor zover zulks noodzakelijk is in verband met de werkelijke toestand van het terrein; de overschrijdingen mogen echter ten hoogste 3 m bedragen en het bouwvlak mag met ten hoogste 10% worden vergroot. b. Een omgevingsvergunning, zoals bedoeld onder a., wordt niet verleend, indien daardoor onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de ingevolge de bestemming gegeven gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken.
NL.IMRO.1948.VHL004BP0022023P-VG02
Pagina: 28 van 30
Datum:2 mei 2025
Hoofdstuk 4 Artikel 10
Overgangs- en slotregels
Overgangsrecht
10.1 Overgangsrecht bouwwerken Voor bouwwerken luidt het overgangsrecht als volgt: a. een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het tenietgaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is tenietgegaan; b. het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van dit lid onder a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in dit lid onder a met maximaal 10%; c. dit lid onder a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 10.2 Overgangsrecht gebruik Voor gebruik luidt het overgangsrecht als volgt: a. het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet; b.
het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in dit lid onder a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind; c. indien het gebruik, bedoeld in dit lid onder a, na het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten; d. dit lid onder a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
NL.IMRO.1948.VHL004BP0022023P-VG02
Pagina: 29 van 30
Datum:2 mei 2025
Artikel 11 Slotregel Deze regels worden aangehaald onder de naam 'Regels van het bestemmingsplan Veghels Buiten, deelgebied Erpseweg-Zuid, 1e herziening'.
NL.IMRO.1948.VHL004BP0022023P-VG02
Pagina: 30 van 30
Datum:2 mei 2025
Amsterdam Nachtwachtlaan 20 1058 EA Amsterdam +31 (0)20 506 19 99
‘s-Hertogenbosch Willemsplein 2 5211 AK ’s-Hertogenbosch +31 (0)73 208 91 55
Venlo Industriestraat 94 5931 PK Tegelen +31 (0)77 373 06 01 info@bro.nl www.bro.nl