CConstaterende datMeierijstad
Koppel je AI →
Document · PDF

Toelichting De Leijerweg 6 Sint-Oedenrode vaststelling

Raadsvergadering 29 september 2022, gemeente MeierijstadBij agendapunt: Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan 'De Leijerweg 6-6a, Sint-Oedenrode'20.698 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

TOELICHTING

Bestemmingsplan De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode Gemeente Meierijstad

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

Gemeente Meierijstad

Gemeente Meierijstad

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’ TOELICHTING

Projectlocatie Adres: Postcode: Plaats:

De Leijerweg 6-6A 5491 TK Sint-Oedenrode

Gegevens adviesbureau Naam: Contactpersoon: Adres: Postcode: Plaats: Telefoon: e-mail:

Kastelijn Ruimtelijk Advies D.F.H. Kastelijn Bieslook 21 5491 KE Sint-Oedenrode 06 – 22786032 kastelijn@ruimtelijk-advies.nl

Naam document

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, SintOedenrode’.

IMRO Code

NL.IMRO.1948.BGO000BP0032021P-VG01

Versie

Vaststelling: augustus 2022

Auteur

drs. D.F.H. Kastelijn

-2-

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

Gemeente Meierijstad

Inhoud 1.

INLEIDING

5

1.1 1.2 1.3 1.4 1.5

Aanleiding Ligging plangebied Vigerend bestemmingsplan Doel van het plan Leeswijzer

5 5 5 7 7

2.

PLANBESCHRIJVING

8

2.1 2.2 2.3 2.4

Huidige situatie Voorgenomen ontwikkeling Kwaliteitsverbetering van het landschap Omgevingsdialoog

8 9 12 14

3.

BELEIDSKADER

15

3.1 Provinciaal beleid 3.1.1 Omgevingsvisie Noord-Brabant 3.1.2 Structuurvisie Ruimtelijk Ordening 2010 – Partiële herziening 2014 3.1.3 Interim omgevingsverordening Noord-Brabant 3.2 Gemeentelijk beleid 3.2.1 Bestemmingsplan Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening 4 3.2.2 Kansen voor Kwaliteit 3.2.3 Regeling kwaliteitsverbetering Landschap Meierijstad

15 15 16 16 22 22 22 23

4.

RUIMTELIJKE EN MILIEUHYGIËNISCHE EFFECTEN

25

4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10 4.11 4.12 4.13 4.14 4.15

M.e.r.-beoordeling Archeologie en cultuurhistorie Flora en fauna Water Bodem Kabels en leidingen Bedrijven en milieuzonering Geur Gezondheid in relatie tot veehouderijen Geluid Luchtkwaliteit Externe veiligheid Infrastructuur en parkeren Spuitzones Hoogspanningslijnen

25 26 28 33 38 38 39 43 46 50 54 56 60 61 61

5.

JURIDISCHE PLANOPZET

63

5.1 5.2 5.3

Plansystematiek Opbouw van de regels Bestemmingen

63 63 66 -3-

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

Gemeente Meierijstad

6.

HAALBAARHEID EN PROCEDURE

68

6.1 6.2

Financieel Maatschappelijk en procedure

68 68

BIJLAGE 1: BIJLAGE 2: BIJLAGE 3: BIJLAGE 4: BIJLAGE 5: BIJLAGE 6: BIJLAGE 7 :

LANDSCHAPPELIJK INPASSINGSPLAN – H8 ONTWERP VERSLAG OMGEVINGSDIALOOG AERIUS BEREKENING GEBRUIKSFASE TOTAAL AERIUS BEREKENING GEBRUIKSFASE WEGVERKEER VERKENNEND BODEMONDERZOEK – MILON B.V. QUICKSCAN FLORA EN FAUNA – EXLAN B.V. ADVIES VEILIGHEIDSREGIO

-4-

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

1.

Inleiding

1.1

Aanleiding

Gemeente Meierijstad

Initiatiefnemer is recent eigenaar geworden van het perceel De Leijerweg 6-6A te Sint-Oedenrode. De locatie betreft een agrarisch bedrijfsperceel waar tot op heden een hoveniersbedrijf met boomkwekerij gevestigd is geweest. Initiatiefnemer is voornemens zich met zijn bedrijf TopGrass te vestigen op deze locatie. TopGrass betreft een hoveniersbedrijf dat gespecialiseerd is in de aanleg en het onderhoud van sportvelden en openbaar groen. Door de gemeente Meierijstad is kenbaar gemaakt dat dit bedrijf op basis van haar activiteiten wordt aangemerkt als een ‘agrarisch verwant bedrijf’. Als gevolg hiervan is het noodzakelijk de bestemming van het bedrijfsperceel te wijzigen van ‘Agrarisch’ naar ‘Bedrijf’ ten behoeve van een agrarisch verwant bedrijf. De voorgenomen bestemmingswijziging van ‘Agrarisch’ naar ‘Bedrijf’ ten behoeve van een agrarisch verwant bedrijf past niet binnen de regels van het voor het plangebied vigerende bestemmingsplan ‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening 4’. Daar er binnen het bestemmingsplan Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening 4 geen afwijkings- dan wel wijzigingsbevoegdheden zijn opgenomen die voorgenoemde ontwikkeling mogelijk maken, is voor onderhavig initiatief een herziening van het bestemmingsplan noodzakelijk. Het college van B&W van de gemeente Meierijstad heeft middels haar principebesluit d.d.

23 maart 2021 (kenmerk: PRO-2020-153) kenbaar gemaakt medewerking te verlenen aan de door initiatiefnemer voorgenomen ontwikkeling. Voorliggend bestemmingsplan voorziet in een passende juridische en planologische regeling om genoemde bestemmingswijziging van ‘Agrarisch’ naar ‘Bedrijf’ ten behoeve van een agrarisch verwant bedrijf mogelijk te maken.

1.2

Ligging plangebied Het plangebied is gelegen binnen de gemeente Meierijstad, ten noorden van de kern Sint-Oedenrode. Het plangebied bestaat uit een drietal kadastrale percelen en staat bekend als gemeente SINT-OEDENRODE - sectie S - nummers 213, 1276 en 1278. De drie percelen hebben een gezamenlijke oppervlakte van 15.380 m2. In figuur 1.1 is de ligging van het plangebied rood omkaderd weergegeven.

1.3

Vigerend bestemmingsplan De planlocatie is gelegen binnen de bestemmingsplannen Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening 4 (v.w.b. de regels) en Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening 2 (v.w.b. de plankaart) van de voormalige gemeente Sint-Oedenrode en heeft hierin de bestemming ‘Agrarisch’. Naast deze enkelbestemming zijn op de planlocatie tevens de functieaanduidingen ‘specifieke vorm van agrarisch -5-

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

Gemeente Meierijstad

hoveniersbedrijf’ en ‘specifieke vorm van agrarisch - hoveniersatelier’ gelegen. Daarnaast is in de regels van het bestemmingsplan vastgelegd dat ter plaatse van de planlocatie tevens 150 m2 aan detailhandel is toegestaan. Tot slot zijn op de planlocatie de gebiedsaanduidingen ‘overige zone - beperking veehouderij’ en ‘overige zone - cultuurhistorisch waardevol gebied’ gelegen. Figuur 1.2 geeft een uitsnede van de plankaart behorende bij het bestemmingsplan Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening 2 met daarop de planlocatie rood omkaderd.

Figuur 1.1: Ligging plangebied (bron: www.kadastralekaart.nl).

Figuur 1.2: Uitsnede plankaart bestemmingsplan Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening 2.

-6-

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

Gemeente Meierijstad

Aanvullend vigeert voor het plangebied nog het ‘Paraplubestemmingsplan Parkeren‘, waarin nadere voorwaarden m.b.t. de parkeernormen binnen Meierijstad zijn opgenomen. Tot slot is op 27 januari 2021 voor het gehele grondgebied van Meierijstad het bestemmingsplan ‘Harmonisatie van diverse regelingen laaghangend fruit’ vastgesteld. Dit plan heeft tot doel om een aantal regelingen, die tot op heden in de drie voormalige gemeenten Veghel, Schijndel en SintOedenrode een verschillende opzet kenden, gelijk te trekken voor de gemeente Meierijstad.

1.4

Doel van het plan Door middel van onderhavige partiële herziening van het bestemmingsplan Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening 4 wordt de bestemming van de locatie De Leijerweg 6-6A te Sint-Oedenrode gewijzigd van Agrarisch naar Bedrijf ten behoeve van een agrarisch verwant bedrijf in de vorm van een hoveniersbedrijf in de aanleg en het onderhoud van sportvelden en openbaar groen.

1.5

Leeswijzer In hoofdstuk 2 van deze toelichting worden de bestaande situatie van het plangebied en de planbeschrijving nader weergegeven. Het beleidskader dat van toepassing is op het plangebied en haar directe omgeving wordt in hoofdstuk 3 geschetst. Met name het beleid op provinciaal en gemeentelijk niveau komt aan de orde. Vervolgens komen in hoofdstuk 4 de betreffende milieuhygiënische en planologische aspecten van het initiatief aan bod. In hoofdstuk 5 wordt de juridische opzet van het plan nader toegelicht. Hoofdstuk 6 tot slot bespreekt de haalbaarheid van het plan en de te doorlopen procedure.

-7-

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

2.

Planbeschrijving

2.1

Huidige situatie

Gemeente Meierijstad

Het plangebied aan De Leijerweg 6-6A te Sint-Oedenrode betreft een agrarisch bedrijfsperceel waar tot op heden Hoveniersbedrijf Leermakers gevestigd is geweest. Naast de opslag en stalling van materiaal en materieel in de bedrijfsloodsen en het uitvoeren van hovenierswerkzaamheden bij de klant op locatie, werden op de nabij gelegen kwekerij tevens bomen gekweekt die door het bedrijf werden toegepast bij de aanleg van tuinen. Vanwege het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd en de hiermee aanstaande beëindiging van de bedrijfsactiviteiten, hebben de eigenaren van het bedrijf onlangs besloten het bedrijfsperceel te verkopen aan TopGrass. In de huidige situatie zijn binnen het plangebied een tweetal agrarische bedrijfsgebouwen aanwezig. Dit betreffen een loods van 970 m2 en een loods van 390 m2. Daarnaast beschikt het bedrijf nog over een omgevingsvergunning voor het bouwen van een hoveniersatelier van 860 m2 met een afwijkende goot- en bouwhoogte en de aanleg van een tweede bedrijfsinrit aan het Sterrebos. Deze vergunning is door de gemeente Meierijstad verleend d.d. 27 augustus 2018 (OV-2017-0248). Tot slot is op het perceel een bedrijfswoning aanwezig met een tweetal bijgebouwen van respectievelijk 32 m2 en 10 m2. Onderstaand is in figuur 2.1 een luchtfoto van de huidige situatie van het plangebied opgenomen.

Figuur 2.1: Luchtfoto huidige situatie plangebied. -8-

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

2.2

Gemeente Meierijstad

Voorgenomen ontwikkeling Aanleiding TopGrass betreft een hoveniersbedrijf dat gespecialiseerd is in de aanleg en het onderhoud van sportvelden en openbaar groen. Voor diverse sportclubs in de regio heeft het bedrijf de laatste jaren de sportvelden aangelegd en vernieuwd, waarbij combinaties zijn gemaakt tussen natuurgrasvelden en kunstgrasvelden. Vanaf haar oprichting in 2013 is TopGrass gevestigd in Sint-Oedenrode. De laatste jaren heeft het bedrijf een gestage groei doorgemaakt, met als gevolg dat op de huidige locatie sprake is van een fors gebrek aan (opslag)ruimte. Om de continuïteit en de toekomstbestendigheid van het bedrijf voor de komende jaren te waarborgen heeft TopGrass onlangs besloten het bedrijfsperceel aan De Leijerweg 6-6A te Sint-Oedenrode aan te kopen. Initiatief TopGrass is voornemens zich met haar bedrijfsactiviteiten te vestigen op de planlocatie. De twee bestaande loodsen van respectievelijk 970 m2 en 390 m2 worden hierbij in gebruik genomen ten behoeve van de opslag van zowel materieel (bussen, aanhangwagens, minigravers etc.) als materiaal dat benodigd is bij de aanleg en het onderhoud van de sportvelden en het openbaar groen. Daarnaast wordt uitvoering geven aan de verleende omgevingsvergunning bouwen om de van recht verkregen 860 m2 bouwmeters te realiseren.

Dit biedt het bedrijf de mogelijkheid om een personeelskantine, een vergaderruimte, een aantal werkplekken voor de binnendienst en extra opslagruimte voor materiaal in één bedrijfsgebouw te realiseren. Tevens blijft de nu voor het perceel reeds bestaande mogelijkheid tot 150 m2 aan detailhandel behouden. Aanvullend hebben de eigenaren van Hoveniersbedrijf Leermakers aan de verkoop van het bedrijfsperceel aan TopGrass de voorwaarde verbonden dat zij nog 10 jaar in de aanwezige bedrijfswoning kunnen blijven wonen. Dit verschaft de eigenaren de tijd om in alle rust een geschikte alternatieve (burger)woning te vinden. Aan deze voorwaarde wil TopGrass graag tegemoet gekomen. Planologisch kader Een hoveniersbedrijf wordt in de begripsbepalingen van het vigerende bestemmingsplan aangemerkt als een ‘agrarisch-verwant bedrijf’. In de huidige situatie is op het agrarisch bedrijfsperceel met Hoveniersbedrijf Leermakers reeds een hoveniersbedrijf gevestigd. Daar dit hoveniersbedrijf echter ook nog grondgebonden agrarische activiteiten uitvoerde (boomkwekerij), heeft dit bedrijf tot op heden binnen de agrarische bestemming geopereerd, met daarbij een functieaanduiding ‘hoveniersbedrijf’ opgenomen.

Nu echter sprake is van een nieuwe eigenaar, heeft de gemeente Meierijstad kenbaar gemaakt het wenselijk te achten dat de planologische situatie in overeenstemming wordt gebracht met het feitelijke gebruik door TopGrass. Als gevolg hiervan wordt middels voorliggend bestemmingsplan de bestemming van het perceel gewijzigd van ‘Agrarisch’ naar ‘Bedrijf’ ten behoeve van een agrarisch verwant bedrijf.

-9-

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

Gemeente Meierijstad

Nadere invulling voorgenomen ontwikkeling Met de gemeente Meierijstad heeft in de principeverzoek-fase afstemming plaatsgevonden over de nadere invulling van de voorgenomen ontwikkeling. De gemeente Meierijstad heeft hierbij onder meer aangegeven in haar buitengebied te streven naar een compactheid van bebouwing. Daarnaast is het vereist dat nieuwe initiatieven op een goede wijze landschappelijk worden ingepast. Na afstemming met de gemeente Meierijstad is besloten de reeds vergunde derde bedrijfsloods te situeren aan de voorzijde van de twee bestaande bedrijfsloodsen. Hiermee vindt een clustering van de bedrijfsbebouwing op het bedrijfsperceel plaats, wat leidt tot de door de gemeente gewenste compactheid van bebouwing. Aansluitend worden een bestemmingsvlak en bouwvlak op maat gerealiseerd. Het voormalig agrarisch bouwvlak van 14.350 m2 wordt hierbij teruggebracht tot een oppervlakte van 7.500 m2. Daarnaast wordt aan de oostzijde van het perceel ca. 1.000 m2 aan bestaande erfverharding verwijderd. Om zeker te stellen dat er in de toekomst op deze plaats geen uitbreiding van bebouwing en/of verharding meer mogelijk is, wordt tevens een derde van het perceel omgezet naar de bestemming ‘Groen’. Dit gedeelte wordt aangewend voor de vereiste kwaliteitsverbetering van het landschap alsmede voor de erfinrichting van het perceel.

Figuur 2.2: Voorgenomen ontwikkeling plangebied.

Onderdeel van het plan vormt de aanplant van een hoogstamfruitboomgaard, omzoomd door een beukenhaag van 1,0 meter hoog. Naast een goede landschappelijke inpassing wordt hiermee tevens op de hoek De Leijerweg- 10 -

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

Gemeente Meierijstad

Sterrebos het open zicht hersteld. In de huidige situatie is op deze hoek vanuit het oogpunt van verkeersveiligheid sprake van een onoverzichtelijke situatie. Tijdens de omgevingsdialoog hebben omwonenden aangegeven deze ontwikkeling erg op prijs te stellen. In samenspraak met de directe buren wordt daarnaast gekozen om aan de westzijde en delen van de noord- en zuidzijde van het perceel een erfafscheiding in de vorm van draadhekwerk met een maximale hoogte van 2,0 meter te plaatsen. Zowel vanuit het oogpunt van privacy voor omwonenden als vanuit het oogpunt van beveiliging van het bedrijfsperceel biedt dit draadhekwerk een wenselijke oplossing. De openheid van de hoek De Leijerweg-Sterrebos en van de boomgaard aan de oostzijde van het perceel komt hiermee niet in het gedrang. Figuur 2.2 geeft een situatieschets van de voorgenomen ontwikkeling van het plangebied weer. Principebesluit Genoemde afstemming heeft ertoe geleid dat het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Meierijstad bij vergadering van 23 maart 2021 heeft besloten in principe medewerking te verlenen aan bovengenoemd plan voor De Leijerweg 6-6a te Sint-Oedenrode. Aan dit besluit heeft het college nadere voorwaarden verbonden. Het college heeft besloten om principemedewerking te verlenen aan de volgende ontwikkeling: I.

Het wijzigen van de huidige agrarische bestemming naar bestemming bedrijf ten dienste van een hoveniersbedrijf gericht op beheer en onderhoud van sportvelden en het beheer van openbaar groen, bestaande uit de volgende aspecten: ▪ ▪ ▪ ▪

II.

Het realiseren van een bestemmingsvlak met een grootte van circa 10.000 m2 en een bouwvlak van 7.500 m2 ten behoeve van het bedrijf. Het in gebruik nemen van de bestaande loodsen (1.360 m2) ten behoeve van stalling van materiaal en materieel van het bedrijf. Het realiseren van een nieuwe loods van 860 m2 ten behoeve van een personeelskantine, vergaderruimte, een aantal werkplekken voor de binnendienst en extra opslagruimte voor het bedrijf. Het realiseren van 5.100 m2 aan groen/landschap.

De bedrijfswoning een aanduiding persoonsgebondenovergangsrecht geven voor de duur van 10 jaar.

Voorliggend bestemmingsplan is opgesteld in overeenstemming met bovengenoemd collegebesluit, waarbij de aan dit besluit verbonden voorwaarden in acht worden genomen.

- 11 -

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

2.3

Gemeente Meierijstad

Kwaliteitsverbetering van het landschap Bij de voorgenomen ontwikkeling dient voldaan te worden aan de vereisten van de versterking van de landschappelijke kwaliteit (tegenprestatie) ex artikel 3.9 van de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant. In haar regeling ‘Kwaliteitsverbetering landschap Sint-Oedenrode’ geeft de gemeente Meierijstad nadere invulling aan de inspanningen die voor niet-planmatige ontwikkelingen (afzonderlijke initiatieven in het buitengebied) van toepassing zijn. Hierbij wordt een onderscheid gemaakt in de volgende drie categorieën: a. categorie 1: b. categorie 2:

c. categorie 3:

geen inspanning; een goede landschappelijke inpassing op basis van een goedgekeurd landschapsplan en borging van uitvoering en beheer; toepassing van de forfaitaire methode, waarbij uitgegaan wordt van 20 % van de grondwaardevermeerdering in primair agrarisch gebied en 25% in agrarisch gebied met waarden.

In de regeling is de wijziging van de bestemming Agrarisch bedrijf naar Bedrijf ten behoeve van een agrarisch verwant bedrijf, zonder vergroting van het bouwvlak, aangemerkt als een ontwikkeling in categorie 3. Dit betekent dat voor onderhavig initiatief een kwaliteitsverbetering van het landschap vereist is op basis van de forfaitaire methode. Zoals aangegeven in hoofdstuk 1 is het plangebied gelegen binnen primair agrarisch gebied, waardoor dient te worden uitgegaan van 20% van de grondwaardevermeerdering. Om de vereiste tegenprestatie te bepalen is een berekening uitgevoerd van de grondwaarde van het perceel in de bestaande situatie en in de toekomstige situatie. Deze berekening is opgenomen in figuur 2.3. In haar regeling Kwaliteitsverbetering Meierijstad heeft de gemeente Meierijstad de grondwaarde voor agrarische verwante bedrijvigheid (onbebouwd) vastgesteld op €40,-- per m2. De toe te voegen bouwmeters worden à €80,-- per m2 gewaardeerd. In onderhavig geval is de bedrijfsbebouwing dan wel reeds aanwezig dan wel reeds vergund. Er worden middels voorliggend plan dan ook géén extra bouwmeters toegevoegd ten opzichte van de reeds vergunde situatie. Als gevolg van voorliggend initiatief wijzigt daarmee enkel de grondwaarde binnen het plangebied (van ‘agrarisch’ naar ‘bedrijf – agrarisch verwant’).

In eerste instantie volgt uit de berekening dat er sprake is van een grondwaardevermeerdering van ruim € 66.000,--. Van dit bedrag dient 20% te worden geïnvesteerd in de kwaliteitsverbetering van het landschap. Dit kan onder meer door een fysieke tegenprestatie op de projectlocatie en/of de directe projectomgeving. Voor onderhavig initiatief wordt gekozen om een derde van het perceel om te zetten in de bestemming ‘Groen’. Daarnaast worden diverse inheemse beplanting aangeplant, waaronder houtsingels en beukenhaag. De in het plan opgenomen hoogstamfruitboomgaard dient als erfinrichting en wordt dan ook niet meegenomen in de berekening van de te leveren kwaliteitsverbetering. - 12 -

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

Gemeente Meierijstad

Door initiatiefnemer is aan H8 Ontwerp opdracht verstrekt voor het opstellen van een landschappelijk inpassingsplan voor het plangebied. Dit landschappelijk inpassingsplan is als bijlage toegevoegd aan voorliggende toelichting bij het bestemmingsplan. Middels de uitvoering van het landschappelijk inpassingsplan wordt voldaan aan de vereisten uit de Interim omgevingsverordening NoordBrabant en de regeling Kwaliteitsverbetering landschap Sint-Oedenrode van de gemeente Meierijstad. In de planregels (voorwaardelijke verplichting) en de te sluiten anterieure overeenkomst tussen initiatiefnemer en de gemeente Meierijstad wordt de uitvoering van het landschappelijk inpassingsplan geborgd. In figuur 2.4 is een uitsnede van het landschappelijk inpassingsplan opgenomen. Berekening Kwaliteitsverbetering Landschap Bestaande situatie Agrarisch met bouwvlak Agrarisch Totale oppervlakte perceel

Opp. 13.465 m² 1.915 m² 15.380 m²

Prijs per m2 € 25,00 € 7,00

Toekomstige situatie Bedrijf agrarisch verwant Groen Totale oppervlakte perceel

Opp. 10.280 m² 5.100 m² 15.380 m²

Prijs per m2 € 40,00 € 1,00

Grondwaardevermeerdering Gelegen in primair agrarisch gebied Vereiste investering kwaliteitsverbetering

€ € €

Totaal 336.625 013.405 350.030

€ € €

Totaal 411.200 005.100 416.300

€ €

66.270 20% 13.254

Figuur 2.3: Berekening Kwaliteitsverbetering landschap De Leijerweg 6-6A Sint-Oedenrode.

Figuur 2.4: Uitsnede landschappelijk inpassingsplan (bron: H8 Ontwerp). - 13 -

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

2.4

Gemeente Meierijstad

Omgevingsdialoog Ten behoeve van voorliggend initiatief heeft een omgevingsdialoog plaatsgevonden met omwonenden. Door initiatiefnemer zijn omwonenden uitgenodigd voor een bijeenkomst op de locatie De Leijerweg 6-6A. Tijdens deze bijeenkomst heeft initiatiefnemer, samen met de heer Leermakers, de voorgenomen ontwikkeling toegelicht aan de eigenaren van de volgende omliggende percelen: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

De Leijerweg 5 De Leijerweg 9 De Leijerweg 4 Sterrebos 1 Sterrebos 4 en 4a

De omwonenden hebben allen aangegeven positief te staan tegenover het voorgenomen plan, waarbij niemand zich heeft uitgesproken tegen het plan. Van de omgevingsdialoog is een verslag gemaakt dat in concept is gedeeld met de omwonenden. Hierbij is aan omwonenden de kans geboden eventuele opof aanmerkingen op het conceptverslag door te geven, zodat deze verwerkt konden worden in de definitieve versie van het verslag. Hiervan is door omwonenden geen gebruik gemaakt. Het verslag van de omgevingsdialoog is als bijlage toegevoegd aan voorliggende toelichting.

- 14 -

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

3.

Gemeente Meierijstad

Beleidskader

De voorgenomen ontwikkeling van het plangebied moet passen binnen het vigerend beleid op zowel nationaal, provinciaal, als gemeentelijk niveau. Het gaat hier om een kleinschalige wijziging waardoor rijksbelangen niet in het geding zijn. Het Rijk gaat er vanuit dat het beleid dat provincie en gemeenten opstellen past binnen het Rijksbeleid. Een toets aan het rijksbeleid kan dan ook achterwege blijven. Het plan wordt wel getoetst aan het provinciaal en gemeentelijk beleid. De belangrijkste bevindingen uit dit beleid worden hieronder beschreven en aangegeven wordt hoe de ontwikkeling van het plangebied past binnen de bestaande regelgeving. Per 1 oktober 2012 is in artikel 3.1.6 Bro een lid 2 ingevoegd waarin een motiveringsplicht is opgenomen voor nieuwe stedelijke ontwikkelingen in bestemmingsplannen. In de toelichting van het bestemmingsplan moet hiervoor een verantwoording plaatsvinden aan de hand van een drietal opeenvolgende treden (de zogenaamde “ladder voor duurzame verstedelijking”). Op 1 juli 2017 is het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) gewijzigd, waarbij een nieuwe Laddersystematiek geldt. Onderhavig initiatief betreft de omzetting van een bestaand agrarisch bedrijf naar een agrarisch verwant bedrijf, waarbij de oppervlakte aan bedrijfsbebouwing niet wordt opgebreid ten opzichte van de reeds vergunde situatie.

Jurisprudentie (ABRvS 23 april 2014; ECLI:NL:RVS:2014:1442) heeft uitgewezen dat de uitbreiding van een bedrijfsgebouw met 400 m² niet wordt aangemerkt als een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Er is hiermee bij voorliggend initiatief dan ook geen sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Een verantwoording is in dit geval niet aan de orde.

3.1

Provinciaal beleid

3.1.1

Omgevingsvisie Noord-Brabant In voorbereiding op de inwerkingtreding van de Omgevingswet heeft de provincie de Omgevingsvisie Noord-Brabant vastgesteld (14 december 2018). Deze omgevingsvisie bevat de visie van het provinciaal bestuur op de Brabantse leefomgeving van de toekomst (2050). Naar de uitgangspunten van de Omgevingswet zijn daarbij geen routes naar de gestelde doelen vastgelegd, omdat daarmee een beter samenspel en draagvlak kunnen ontstaan. De Omgevingsvisie zal onder meer de Structuurvisie Ruimtelijke Ordening gaan vervangen. De Omgevingsvisie kent één basisopgave: ‘’werken aan veiligheid, gezondheid en omgevingskwaliteit’’. Elke ruimtelijke ontwikkeling moet – ongeacht de omvang – hieraan bijdragen. In vier hoofdopgaven worden nadere accenten gelegd:

- 15 -

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

▪ ▪ ▪ ▪

Gemeente Meierijstad

werken aan de Brabantse energietransitie; werken aan een klimaatproof Brabant; werken aan een slimme netwerkstad; werken aan een concurrerende, duurzame economie.

De voorgenomen ontwikkeling sluit aan op de Omgevingsvisie Noord-Brabant. Middels de bestemmingswijziging wordt invulling gegeven aan een (voormalige) agrarische bedrijfslocatie. De nieuw te vestigen functie van hoveniersbedrijf is een functie die bij passend is in het buitengebied. Daarnaast wordt een flink gedeelte van het perceel aangewend voor landschappelijke inpassing wat de omgevingskwaliteit ten goede komt. 3.1.2

Structuurvisie Ruimtelijk Ordening 2010 – Partiële herziening 2014 Op 7 februari 2014 hebben Provinciale Staten de Structuurvisie ruimtelijke ordening (SVRO) voor de provincie Noord-Brabant vastgesteld. De visie is op 19 maart 2014 in werking getreden. De provincie geeft in de SVRO de hoofdlijnen van het ruimtelijk beleid tot 2025 (met een doorkijk naar 2040) weer. De structuurvisie is bindend voor het ruimtelijk handelen van de provincie Noord-Brabant en vormt de basis voor de wijze waarop de provincie de instrumenten inzet die de Wet ruimtelijke ordening biedt. De Interim omgevingsverordening is één van deze uitvoeringsinstrumenten voor de provincie om haar doelen te realiseren. In de verordening vertaalt de provincie de kaderstellende elementen uit de SVRO in regels die van toepassing zijn op (gemeentelijke) bestemmingsplannen. Voor het onderhavige plan is met name de verordening van belang omdat deze gedetailleerde regels bevat waaraan getoetst dient te worden.

3.1.3

Interim omgevingsverordening Noord-Brabant Vooruitlopend op de Omgevingswet heeft de provincie Noord-Brabant als eerste stap een Interim omgevingsverordening vastgesteld waarin de bestaande regels uit de verschillende verordeningen zijn samengevoegd. Deze Interim omgevingsverordening Noord-Brabant is op 25 oktober 2019 vastgesteld. De Interim omgevingsverordening vervangt een aantal provinciale verordeningen, waaronder de Verordening Ruimte. Voordat de Omgevingswet in werking treedt, wordt de definitieve omgevingsverordening vastgesteld. In tegenstelling tot de nu van kracht zijnde interim verordening worden in de definitieve omgevingsverordening ook beleidswijzigingen verwerkt. De gemeenteraad moet bij het vaststellen van een bestemmingplan de regels uit de Interim omgevingsverordening respecteren. Concreet betekent dat de Verordening de maximale speelruimte bepaalt die een gemeente heeft bij het vaststellen van een bestemmingsplan of het verlenen van een vergunning voor initiatieven (de afwegingsruimte). De Verordening start met het centraal stellen van de kwaliteitsopgave in Brabant. Voor elke ontwikkeling geldt dat niet alleen onderbouwd moet worden hoe het plan bijdraagt aan de zorg voor behoud en bevordering van de ruimtelijke kwaliteit, maar dat zelfs elke ontwikkeling - 16 -

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

Gemeente Meierijstad

gepaard gaat met een fysieke verbetering van de aanwezige of potentiële kwaliteiten van bodem, water, natuur, landschap, cultuurhistorie of van de extensieve recreatieve mogelijkheden van het gebied of de omgeving. Ongeacht de ontwikkeling, dient in ieder geval zorgvuldig ruimtegebruik als uitgangspunt te worden gehanteerd én het bijdragen aan de ruimtelijke kwaliteit in brede zin. In de Interim omgevingsverordening zijn twee typen regels opgenomen. De zogenaamde rechtstreeks werkende regels voor activiteiten gelden voor burgers en bedrijven. Deze regels bevatten voorwaarden om zo’n activiteit te verrichten en geven ook aan of bijvoorbeeld eerst een melding gedaan moet worden voordat gestart mag worden met het uitvoeren van deze activiteit. De zogenaamde instructieregels gelden voor bestuursorganen van de overheid. Met deze regels kan de provincie een opdracht geven aan gemeenten over onderwerpen die zij in het bestemmingsplan moeten opnemen of aan het waterschap over de manier waarop ze hun taken uitvoeren. In figuur 3.1 is een uitsnede weergegeven van de integrale plankaart van de Interim omgevingsverordening met daarop het plangebied rood omkaderd.

Figuur 3.1: Uitsnede integrale plankaart Interim omgevingsverordening Noord-Brabant (bron: Provincie Noord-Brabant).

Uit figuur 3.1 blijkt dat het plangebied is gelegen binnen het Landelijk Gebied en meer specifiek het Gemengd landelijk gebied. Binnen het Gemengd Landelijk Gebied stimuleert de provincie het mengen van functies voor een sterke plattelandseconomie. Hierbij zijn, naast de ontwikkeling van de landbouw, tevens andere vormen van bedrijvigheid, natuur, landschap, recreatie en wonen van belang. Belangrijke randvoorwaarde voor het toelaten van dergelijke functies is dat de ontwikkeling past binnen de ontwikkelingsrichting van het gebied waar de locatie ligt. Om de afweging te kunnen maken in een concreet geval is het nodig dat een gemeente beleid uitwerkt waarin een ontwikkelingsrichting voor de verschillende typen gebied is opgenomen. Dat voorkomt gelegenheids- 17 -

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

Gemeente Meierijstad

planologie en biedt duidelijkheid naar zowel initiatiefnemers als omwonenden. Voor zover zo'n ontwikkelingsrichting al niet is opgenomen in bestaande plannen of daaruit afgeleid kan worden, kan zo'n ontwikkelingsrichting redelijk snel en eenvoudig samen met betrokkenen gemaakt worden. Het gaat om een globale denkrichting welke functies passen in de te onderscheiden gebieden met een globale bepaling van een omvang. Vervolgens biedt dit houvast bij de ontwikkeling van concrete initiatieven en kan dit als basis dienen voor de toepassing van het verlenen van een omgevingsvergunning voor afwijking van het bestemmingsplan of een wijzigingsbesluit. Voorliggend initiatief betreft de vestiging van een niet-agrarisch bedrijf, zijnde een hoveniersbedrijf, op een bestaand agrarisch bedrijfsperceel. In Artikel 3.73 van de Interim omgevingsverordening heeft de provincie Noord-Brabant de kaders vastgelegd voor niet-agrarische functies in het Landelijk Gebied. Dit artikel luidt als volgt: Artikel 3.73 vestiging niet-agrarische functie in landelijk gebied Lid 1. Een bestemmingsplan van toepassing op Landelijk gebied kan voorzien in de vestiging van een niet-agrarische functie op een bestaand bouwperceel als aan de volgende voorwaarden is voldaan: a. de vestiging past binnen de ontwikkelingsrichting van het gebied waarbij de volgende aspecten zijn betrokken: 1.

een gebiedsgerichte benadering welke activiteiten en functies passen in de omgeving; Op de planlocatie is in de huidige situatie binnen de agrarische bestemming reeds een hoveniersbedrijf met boomkwekerij gevestigd. Het plangebied is gelegen in een gebied dat door de gemeente Meierijstad in het kader van haar Omgevingsvisie is aangemerkt als ‘Gebiedstypologie iii. Landelijk gebied, verweving van functies (LGVF)’. De gebiedstypologie iii. LGVF laat een veelheid aan functies toe zonder het landschap teniet te doen. Thema’s die benoemd zijn voor dit gebiedstype zijn: Landschap, Niet-agrarische bedrijven, Wonen, Openbaar gebied en Energie. De vestiging van een hoveniersbedrijf op een bestaand bouwperceel en de hiermee gepaard gaande bestemmingswijziging van ‘Agrarisch’ naar ‘Bedrijf - agrarisch verwant’ is dan ook een ontwikkeling die past binnen de door de gemeente Meierijstad vastgestelde ontwikkelingsrichting voor het plangebied en haar omgeving. Een hoveniersbedrijf wordt, mede gelet op de beperkte milieu-impact van deze activiteit, gezien als een functie die bij uitstek passend is binnen het gemengd landelijk gebied. 2. welke effecten de mogelijke ontwikkeling heeft op andere aspecten, waaronder mobiliteit, agrarische ontwikkeling, leefbaarheid en leegstand elders; In voorliggende toelichting wordt uitgebreid ingegaan op deze aspecten.

Hieruit blijkt dat de voorgenomen ontwikkeling aansluit op - 18 -

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

Gemeente Meierijstad

de voorwaarden zoals door de gemeente Meierijstad gesteld en geen afbreuk doet aan de genoemde aspecten. 3. hoe de vestiging bijdraagt aan het versterken van de omgevingskwaliteit, waaronder een bijdrage aan de sloop van overtollig en leegstaand vastgoed in het Landelijk gebied. Als gevolg van voorliggende ontwikkeling wordt ca. 1.000 m2 aan bestaande erfverharding verwijderd. Op de plek waar deze erfverharding momenteel gesitueerd is wordt de bestemming gewijzigd naar ‘Groen’ en aangewend voor een landschappelijke inpassing. Het betreft een oppervlakte van 5.100 m2 (één derde van het bedrijfsperceel) die onder meer benut wordt voor de aanplant van diverse houtsingels en circa 150 meter beukenhaag. Hiermee draagt de ontwikkeling bij aan het versterken van de omgevingskwaliteit. Daarnaast is in de huidige situatie op het bedrijfsperceel sprake van de buitenopslag van diverse goederen. In voorliggend bestemmingsplan is vastgelegd dat buitenopslag expliciet niet is toegestaan. De twee op de planlocatie aanwezige bedrijfsloodsen worden hiertoe in gebruik genomen ten behoeve van de binnenopslag van het aanwezige materieel en materiaal. De aanwezige bebouwing wordt hiermee benut voor de nieuwe functie, waarmee er geen sprake van (sloop van) overtollige leegstaande bebouwing. b.

er vindt geen splitsing plaats van het bouwperceel; Het bouwperceel wordt niet gesplitst als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling. c. overtollige bebouwing wordt gesloopt; Op het bedrijfsperceel zijn twee loodsen aanwezig. Beide loodsen verkeren nog in een goede staat en worden in gebruik genomen ten behoeve van de opslag van materieel en materiaal van het hoveniersbedrijf. Er is hiermee geen sprake van overtollige bebouwing die gesloopt wordt. d. de vestiging heeft geen betrekking op: 1. een kantoor met baliefunctie; 2. lawaaisport; 3. mestbewerking Bij de voorgenomen ontwikkeling is geen sprake van de bovengenoemde activiteiten. Lid 2. Het bestemmingsplan dat de vestiging mogelijk maakt, borgt dat de functie, ook op langere termijn, past binnen de ontwikkelingsrichting en stelt daartoe regels: a. over een bij de omgeving passende omvang en publieksaantrekkende werking; De omvang van de totale oppervlakte aan bedrijfsbebouwing ten behoeve van het hoveniersbedrijf is in de regels van voorliggend bestemmingsplan begrensd op 2.220 m2. De omvang is hiermee beperkt en passend in haar omgeving.

- 19 -

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

Gemeente Meierijstad

b. welke specifieke gebruiksactiviteit is toegestaan; In de regels van voorliggend bestemmingsplan is nader gespecificeerd dat op het bedrijfsperceel enkel de vestiging van een hoveniersbedrijf in de aanleg en het onderhoud van sportvelden en openbaar groen mogelijk is. c. dat opslag en stalling plaatsvindt in gebouwen; Buitenopslag is niet toegestaan. Dit is expliciet vastgelegd in de regels van voorliggend bestemmingsplan. d. dat de ontwikkeling verplaatst naar een passende locatie als deze niet langer past binnen de maximaal toegestane omvang. De omvang van het hoveniersbedrijf is in voorliggend bestemmingsplan begrensd op maximaal 2.220 m2. Dit betreft de totale oppervlakte van de reeds aanwezige en reeds vergunde bedrijfsbebouwing. Hiermee wordt gewaarborgd dat de ontwikkeling ten alle tijden passend blijft binnen haar omgeving. Lid 3. Als een binnen de omgeving passende omvang geldt voor: a. bedrijvigheid, dat deze kleinschalig is en past binnen een gemengde omgeving waardoor het niet doelmatig is om deze te vestigen op een bedrijventerrein; In de huidige situatie is op het bedrijfsperceel reeds een hoveniersbedrijf gevestigd. Een hoveniersbedrijf wordt aangemerkt als een agrarisch-verwant bedrijf en is vanwege de aard van haar activiteiten bij uitstek een functie die passend is binnen het gemengde landelijke omgeving i.p.v. op een bedrijventerrein. b.

een detailhandelsvoorziening, een omvang van het verkoopvloeroppervlak van ten hoogste 200 m²; In de huidige situatie is, zoals aangegeven in hoofdstuk 1.3 van voorliggende toelichting, binnen het plangebied 150 m2 aan detailhandel toegestaan. Deze mogelijkheid blijft behouden. Er wordt hiermee voldaan aan de maximaal toegestane omvang van 200 m2 verkoopvloeroppervlakte. c. een voorziening ten dienste van vrije-tijd en zorg, een omvang van de bebouwing van ten hoogste 1 hectare. Niet van toepassing. De voorgenomen bestemmingswijziging van Agrarisch naar Bedrijf ten behoeve van een agrarisch-verwant bedrijf (hoveniersbedrijf) voldoet aan bovenstaande voorwaarden uit de Interim Omgevingsverordening. Hiermee past de ontwikkeling binnen de regels uit de Interim omgevingsverordening voor niet-agrarische functies in het landelijk gebied.

- 20 -

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

Gemeente Meierijstad

Artikel 3.29 Cultuurhistorische waarden Een bestemmingsplan van toepassing op Cultuurhistorisch waardevol gebied: a. is mede gericht op behoud, herstel of de duurzame ontwikkeling van de cultuurhistorische waarden en kenmerken zoals beschreven in de Cultuurhistorische Waardenkaart; Er worden middels het plan geen extra bouwmeters mogelijk gemaakt ten opzichte van de reeds vergunde situatie. Op de Cultuurhistorische Waardenkaart is het plangebied gelegen binnen de regio Meierij en meer specifiek binnen het cultuurhistorische landschap het Groene Woud. Binnen het Groene Woud is het plangebied gelegen binnen het cultuurhistorisch vlak Schijndelse en Rooijsche Heide. Voorliggende ontwikkeling is dermate kleinschalig van aard, dat er geen afbreuk wordt gedaan aan de cultuurhistorische waarden van het Groene Woud en/of de Schijndelse en Rooijsche Heide in (de omgeving van) het plangebied. De bestaande rationele verkavelingsstructuur wijzigt als gevolg van voorliggende ontwikkeling niet. Het gebruik van het bestaande agrarische bedrijfsperceel ten behoeve van een hoveniersbedrijf heeft daarnaast geen nadelige invloed op de aanwezige waarden van het op voldoende afstand gelegen cultuurhistorische kloostercomplex Damiaancollege. b. stelt regels ter bescherming van de cultuurhistorische waarden en kenmerken van de onderscheiden gebieden.

De bescherming is via een aanduiding op de plankaart en in de regels geborgd. Overige aanduidingen Uit figuur 3.1 blijkt tevens dat het plangebied is gelegen binnen het ‘stalderingsgebied’ en dat daarnaast de aanduiding ‘verbod uitbreiding veehouderij’ op het plangebied gelegen is. Binnen het stalderingsgebied heeft de provincie NoordBrabant strengere regels opgesteld voor de vestiging van of de omschakeling naar een hokdierhouderij. Binnen gebieden met de aanduiding ‘verbod uitbreiding veehouderij’ is de toename van bestaande gebouwen of bestaande bouwwerken bij een veehouderij niet toegestaan. Voor onderhavig initiatief is geen sprake van de vestiging van een hokdierhouderij of de uitbreiding van een veehouderij. Beide aanduidingen vormen dan ook geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling. Daarnaast blijkt uit figuur 3.1 dat de aanduiding ‘norm wateroverlast buiten Stedelijk gebied’ op het plangebied is gelegen. Deze norm betreft een instructieregel voor het waterschap en bakent de zorgplicht af die de waterbeheerder heeft op het vlak van het voorkomen dan wel beperken van ontoelaatbare wateroverlast door inundatie vanuit oppervlaktewater ten gevolge van neerslag. Voor het plangebied is waterschap De Dommel de waterbeheerder. Waterschap De Dommel heeft in haar beleid nadere invulling aan deze normen.

Zoals nader toegelicht in hoofdstuk 4.7 van voorliggende toelichting neemt het verhard oppervlak als gevolg van voorliggend initiatief niet toe en wordt hiermee voldaan aan het beleid van waterschap De Dommel. - 21 -

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

Gemeente Meierijstad

Uit figuur 3.1 is ook op te maken dat het plangebied is gelegen binnen het ‘cultuurhistorisch waardevol gebied’. In hoofdstuk 4.2 van voorliggende toelichting is een uitsnede van de Cultuurhistorische Waardenkaart van de provincie Noord-Brabant opgenomen. Uit de nadere toelichting in hoofdstuk 4.2 blijkt dat er als gevolg van voorliggende ontwikkeling geen afbreuk wordt gedaan aan de aanwezige cultuurhistorische waarden in (de omgeving van) het plangebied. Tot slot is in Interim omgevingsverordening in Artikel 3.9 vastgelegd dat wanneer een bestemmingsplan een ruimtelijke ontwikkeling buiten bestaand stedelijk gebied mogelijk maakt, deze ruimtelijke ontwikkeling gepaard dient te gaan met een fysieke verbetering van de aanwezige of potentiële kwaliteiten van bodem, water, natuur, landschap, cultuurhistorie of van de extensieve recreatieve mogelijkheden van het gebied of de omgeving. Voor onderhavig initiatief wordt voldaan aan deze kwaliteitsverbetering van het landschap. In hoofdstuk 2.3 van voorliggende toelichting alsmede in bijlage 1 is de gevraagde landschappelijke inpassing nader uitgewerkt. De voorgenomen ontwikkeling past hiermee binnen de door de provincie Noord-Brabant vastgestelde kaders in de Interim omgevingsverordening.

3.2

Gemeentelijk beleid

3.2.1

Bestemmingsplan Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening 4 Het plangebied is (v.w.b. de regels) gelegen binnen het bestemmingsplan Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening 4. Het bestemmingsplan Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening 4 is op 29 maart 2018 vastgesteld door de gemeenteraad van Sint-Oedenrode. Het bestemmingsplan Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening 4 biedt geen mogelijkheid om het voorgenomen initiatief aan De Leijerweg 6-6A mogelijk te maken. Gekozen wordt dan ook om de ontwikkeling mogelijk te maken middels een partiële herziening van het bestemmingsplan zoals bedoeld in artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening.

3.2.2

Kansen voor Kwaliteit Gemeente Meierijstad is qua oppervlakte de op één na grootste gemeente van Noord-Brabant en bestaat uit 13 kernen en een groot buitengebied. Een buitengebied dat van oorsprong hoofdzakelijk een agrarische functie heeft. Veel agrarische bedrijven hebben zich verspreid in het buitengebied van Meierijstad gevestigd en ontwikkeld. In de afgelopen jaren zijn veel van deze agrarische bedrijven gestopt en ook de komende jaren zullen naar verwachting nog veel bedrijven gaan stoppen. Dit zorgt voor steeds meer vrijkomende agrarische bebouwing. Volgens een onderzoek van Wageningen Environ-mental Research (WENR) is Meierijstad in Brabant met afstand de nummer één als het gaat om het verwachte aantal vierkante meters vrijkomende agrarische bebouwing de - 22 -

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

Gemeente Meierijstad

komende 10 jaar. Leegstand van deze vrijkomende bebouwing kan grote gevolgen hebben voor de kwaliteit van het buitengebied, maar biedt ook kansen om het buitengebied leefbaar en vitaal te houden. In het rapport 'Kansen voor Kwaliteit' is gekomen tot een afwegingskader voor de herontwikkeling van vrijkomende (agrarische) bebouwing, waarbij de (directe) omgeving leidend is, een verbetering van de kwaliteit vereist is en de direct omwonenden en andere belanghebbenden worden betrokken. De gemeente Meierijstad staat open voor nieuwe initiatieven ('nodigt uit'), maar stelt tegelijk eisen aan (het behoud en de versterking van) de omgevingskwaliteit. Hierbij is de uitdaging om een goede balans te vinden tussen (duurzame) economische functies en een veilige en kwalitatieve leefomgeving. De gemeente wil hergebruik faciliteren, daar waar dit passend is, en sloop stimuleren. De aanpak sluit aan bij de ambitie zoals geformuleerd in de Mijlpalen van Meierijstad. Hierin is opgenomen dat gemeente Meierijstad een aantrekkelijke, duurzame en gezonde omgeving is om te wonen, te werken en te recreëren. Een ruimtelijke balans tussen wonen, werken en leven. De gemeente Meierijstad geeft behalve aan de agrarische sector als belangrijke economische drager, ruimte aan andere vormen van economie in het buitengebied, passend bij de aard, schaal en gewenste kwaliteit van het landelijk gebied.

Voorliggende ontwikkeling sluit aan op bovengenoemde kaders uit het rapport ‘Kansen voor Kwaliteit. Middels de ontwikkeling wordt invulling gegeven aan de vrijkomende agrarische bedrijfsbebouwing op de bedrijfslocatie. Een hoveniersbedrijf is een functie die qua aard en omvang passend is binnen de omgeving waarin het plangebied gelegen is. De ontwikkeling leidt daarnaast tot een verbetering van de omgevingskwaliteit door middel van de verwijdering van erfverharding en een robuuste landschappelijke inpassing aan het Sterrebos. Tot slot zijn middels een uitgebreide omgevingsdialoog omwonenden betrokken bij het plan. 3.2.3

Regeling kwaliteitsverbetering Landschap Meierijstad De Gemeente Meierijstad is bezig met het opstellen van de rapportage 'Richtlijnen landschappelijke inpassing en regeling kwaliteitsverbetering Landschap Meierijstad'. De kaders uit deze rapportage zullen de afzonderlijke regelingen voor kwaliteitsverbetering van de voormalige gemeenten Schijndel, Sint-Oedenrode en Veghel gaan vervangen. De gemeente Meierijstad vindt het belangrijk dat een initiatief bijdraagt aan het versterken van de ruimtelijke kwaliteit van het buitengebied. Daarmee wordt voortgeborduurd op het beleid van de provincie Noord-Brabant, die een belangrijke rol speelt bij de (her)ontwikkeling van het Brabantse buitengebied. Een belangrijk regelinstrument hiervoor is de interim omgevingsverordening. Tegelijkertijd heeft de gemeente Meierijstad recent het afwegingskader ‘Kansen voor Kwaliteit’ opgesteld om invulling te kunnen geven aan specifiek de binnen de gemeente vrijvallende Agrarische bebouwing (VAB). Nadere uitwerking van deze rapportage dient nog plaats te vinden

- 23 -

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

Gemeente Meierijstad

Bij voorliggend initiatief wordt, zoals nader uitgewerkt in hoofdstuk 2.3 van voorliggende toelichting, aangesloten bij de richtlijnen voor landschappelijk inpassing en de door de gemeente Meierijstad gehanteerde systematiek uit de Regeling Kwaliteitsverbetering Landschap Meierijstad.

- 24 -

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

4.

Gemeente Meierijstad

Ruimtelijke en milieuhygiënische effecten

Bij het opstellen van een bestemmingsplan is het verplicht om inzicht te bieden in de relevante ruimtelijke en milieuhygiënische aspecten van het project. Aangetoond dient te worden dat de realisatie van het project er niet toe leidt dat andere functies in de omgeving worden beperkt in hun mogelijkheden en dat sprake is van een goed woon- en leefklimaat.

4.1

M.e.r.-beoordeling Op grond van hoofdstuk 7 van de Wet milieubeheer en het Besluit milieu-effectrapportage (Besluit m.e.r.) is het noodzakelijk om ten behoeve van een bestemmingsplan dat kader stellend is voor projecten met grote milieugevolgen een plan-m.e.r. op te stellen. Het Besluit m.e.r. bevat hiertoe bijlagen, waarbij vooral de onderdelen C en D van belang zijn. Onderdeel C bevat activiteiten, plannen en besluiten waarvoor het maken van een m.e.r. verplicht is. Activiteiten, plannen en besluiten waarvoor een m.e.r.-beoordeling benodigd is, staan in onderdeel D. Voor beide onderdelen worden per activiteit de drempelwaarden beschreven. Hierbij geldt sinds de aanpassing van het Besluit m.e.r. per 1 april 2011, de omvang als richtwaarde en niet als absolute drempelwaarde. De voorgenomen ontwikkeling komt het meest overeen met de in onderdeel D van de bijlage bij het Besluit m.e.r. opgenomen activiteit: ‘aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen’. De beoogde bestemmingswijziging naar Bedrijf ten behoeve van de uitoefening van een hoveniersbedrijf met een maximale oppervlakte van 2.220 m2 aan bedrijfsbebouwing betreft een activiteit die onder de grenswaarde ligt zoals opgenomen in onderdeel D van de bijlage bij het Besluit m.e.r. onder categorie 11.2.

De drempelwaarden in onderdeel D van het Besluit m.e.r. zijn zoals aangegeven echter indicatieve waarden. Uit jurisprudentie blijkt dat het oordeel of een ruimtelijke ontwikkeling wel of niet aangemerkt kan worden als een stedelijk ontwikkelingsproject onder andere afhangt van de aard en omvang van het plan/voornemen en de vraag of er per saldo aanzienlijke negatieve gevolgen voor het milieu kunnen ontstaan. Uit rechtbankuitspraken zijn hiertoe de volgende algemeen geformuleerde criteria af te leiden: •

Plaats van het project/activiteit: Het projectgebied ligt in het buitengebied van Sint-Oedenrode. Voor de beoogde ontwikkeling zijn in voorliggende toelichting meerdere omgevingsaspecten nader beoordeeld en/of onderzocht. Het projectgebied is gelegen in

- 25 -

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

•

•

•

Gemeente Meierijstad

een gemengd (landelijk) gebied waarin sprake van een verscheidenheid aan bestemmingen zoals burgerwoningen, reguliere bedrijvigheid en agrarische bedrijvigheid. Wijkt de branche waarbinnen het project valt, qua ruimtelijke impact af van de branches die zijn toegestaan: In de huidige situatie is binnen het projectgebied reeds een hoveniersbedrijf met bijbehorend hoveniersatelier toegestaan. Daarnaast biedt het agrarisch bouwvlak in de huidige situatie de mogelijkheid tot het exploiteren van een (grondgebonden) agrarisch bedrijf. De mogelijkheid tot het exploiteren van een agrarisch bedrijf komt als gevolg van de voorgenomen bestemmingswijziging van het projectgebied te vervallen. Aantal vierkante meters dat wordt beoogd voor het project in relatie tot het aantal vierkante meters dat op grond van het bestemmingsplan is toegestaan: In de huidige situatie zijn binnen het plangebied een tweetal vergunde agrarische bedrijfsgebouwen aanwezig van respectievelijk 970 m2 en 390 m2. Daarnaast beschikt het bedrijf nog over een verleende omgevingsvergunning voor het bouwen van een bedrijfspand van 860 m2. De totaal vergunde vierkante meters aan bedrijfsbebouwing in de huidige situatie bedraagt hiermee 2.220 m2.

Het project ziet in de nieuwe situatie toe op een begrenzing van het aantal toegestane vierkante meters aan bedrijfsbebouwing binnen het projectgebied op deze reeds vergunde 2.220 m2, waarmee het beoogde aantal vierkante meters niet toeneemt. Kenmerken van de (mogelijke) nadelige milieueffecten: Uit voorliggende toelichting blijkt dat de beoogde ontwikkeling niet leidt tot belangrijke milieugevolgen. De effecten die als gevolg van het project optreden zijn lokaal van aard en hebben geen grensoverschrijdend karakter. Er is daarom geen sprake van onomkeerbare effecten.

Bovenstaande toetsing aan de uit jurisprudentie af te leiden criteria maakt duidelijk dat er bij voorliggend intiatief geen sprake is van “D11.2 De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen.” Omdat er geen sprake is van een stedelijk ontwikkelingsproject is het Besluit milieueffectrapportage dan ook niet van toepassing.

4.2

Archeologie en cultuurhistorie Archeologie Per 1 juli 2016 is de Erfgoedwet van kracht. Deze wet bundelt bestaande weten regelgeving voor behoud en beheer van het cultureel erfgoed en archeologie in Nederland. Bovendien zijn aan de Erfgoedwet een aantal nieuwe bepalingen toegevoegd. In een bestemmingsplan dient een beschrijving te worden opgenomen hoe met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening is gehouden. - 26 -

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

Gemeente Meierijstad

In het bestemmingsplan zijn aan het plangebied géén archeologische dubbelbestemmingen toegekend, zoals blijkt uit figuur 1.2 van voorliggende toelichting. Er zijn hiermee dan ook geen belemmeringen voor onderhavig initiatief vanuit het aspect archeologie. Cultuurhistorie Volgens de Erfgoedwet dient bij nieuwe ontwikkelingen rekening gehouden te worden met het aanwezige culturele erfgoed. Samen met de nieuwe Omgevingswet maakt de Erfgoedwet een integrale bescherming van ons cultureel erfgoed mogelijk. Zoals aangegeven in hoofdstuk 3.1.3 van voorliggende toelichting is het plangebied is getoetst aan de Cultuurhistorische Waardenkaart van de provincie Noord-Brabant. Onderstaand is in figuur 4.1 een uitsnede van de Cultuurhistorische Waardenkaart (CHW) opgenomen, met daarop het plangebied rood omkaderd.

Figuur 4.1: Uitsnede CHW-kaart (bron: Provincie Noord-Brabant).

Op de Cultuurhistorische Waardenkaart is het plangebied gelegen binnen de regio Meierij en meer specifiek binnen het cultuurhistorische landschap het Groene Woud. Binnen het Groene Woud is het plangebied gelegen binnen het cultuurhistorisch vlak Schijndelse en Rooijsche Heide. Dit gebied bestaat uit grootschalige heideontginningen met een rationeel patroon van wegen en waterlopen. Het bodemgebruik is bouwland en grasland. Waarden en kenmerken van dit gebied zijn de rastervormige structuur van wegen en waterlopen, het open landschap en de onverharde paden. Op circa 150 meter van het plangebied is het kloostercomplex Damiaancollege gelegen. Dit betreft een complex van cultuurhistorisch belang. Binnen het plangebied zelf zijn geen cultuurhistorische waardevolle objecten aanwezig.

- 27 -

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

Gemeente Meierijstad

Voorliggende ontwikkeling is dermate kleinschalig van aard, dat er geen afbreuk wordt gedaan aan de cultuurhistorische waarden van het Groene Woud en/of de Schijndelse en Rooijsche Heide in (de omgeving van) het plangebied. De bestaande rationele verkavelingsstructuur wijzigt als gevolg van voorliggende ontwikkeling niet. Het gebruik van het bestaande agrarische bedrijfsperceel ten behoeve van een hoveniersbedrijf heeft daarnaast geen nadelige invloed op de aanwezige waarden van het op voldoende afstand gelegen cultuurhistorische kloostercomplex Damiaancollege. Tot slot vindt er als gevolg voor voorliggende ontwikkeling eveneens géén sloop van cultuurhistorisch waardevolle bebouwing plaats. Er zijn hiermee geen belemmeringen vanuit het aspect cultuurhistorie voor onderhavig initiatief.

4.3

Flora en fauna In Nederland zijn flora en fauna beschermd via gebiedsbescherming en via soortenbescherming. Vanaf 1 januari 2017 is de nieuwe Wet natuurbescherming ingegaan. Deze wet vervangt drie wetten, namelijk de Natuurbeschermingswet 1998, Boswet en de Flora- en faunawet. Er treden verschuivingen op in de tabellen voor soortenbescherming. Sommige soorten worden beter beschermd, sommige soorten komen in een lager beschermingsregime of worden nieuw toegevoegd. De algemene zorgplicht blijft daarbij bestaan voor alle inheemse flora en fauna. Soortenbescherming Als gevolg van de voorgenomen ontwikkeling vindt geen sloop van bebouwing plaats waarin beschermde soorten gehuisvest kunnen zijn. De activiteiten binnen het plangebied kunnen echter wel van invloed zijn op mogelijk aldaar aanwezige beschermde soorten. In dit kader wordt door het bevoegde gezag een toets aan de soortenbescherming noodzakelijk geacht. Bij de uitvoering van de voorgenomen ingrepen moet rekening worden gehouden met het huidige voorkomen van de, op grond van de Wet natuurbescherming, beschermde soorten. Als de voorgenomen ingreep leidt tot het overtreden van verbodsbepalingen betreffende beschermde soorten, moet vrijstelling of ontheffing worden verkregen. Door initiatiefnemer is opdracht verleend aan Exlan B.V. voor het uitvoeren van genoemde quickscan Flora en Fauna.

Hierbij is op verzoek van het bevoegd gezag extra aandacht besteed aan het eventuele gebruik van de hedera helix als verblijfplaats voor uilen. De conclusies van deze quickscan zijn hieronder opgenomen: Conclusie Voor de bepaling van de effecten en voor de beantwoording van de vraag of men in strijd komt met de Wet natuurbescherming, wordt de relatie gelegd tussen het initiatief met deze wet door waar mogelijk antwoord te geven op de volgende vragen:

- 28 -

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

Gemeente Meierijstad

1. Welke wettelijk beschermde soorten komen in het plangebied voor? Welke status hebben deze soorten? 2. Welke invloed heeft de geplande ingreep in het betreffende gebied op de beschermde soorten en de staat van instandhouding? 3. Hoe dient omgegaan te worden met eventuele negatieve effecten van het plan op wettelijk beschermde planten- en diersoorten, en welke vervolgstappen zijn nodig? Het voornemen zoals opgenomen in de inleiding en de daarbij behorende werkzaamheden, zal naar verwachting geen negatief effect hebben op de staat van instandhouding van beschermde soorten. Binnen het plangebied zijn geen (verblijfplaatsen van) strikt beschermde soorten aangetroffen die door de werkzaamheden worden beïnvloed. Uit de effectenbeschrijving blijkt dat er geen onevenredige directe of indirecte gevolgen zijn van de voorgenomen activiteiten op de voortplanting en instandhouding van beschermde dieren/of plantsoorten. Lokaal zullen mogelijk algemene soorten uit het plangebied trekken op zoek naar een vervangende biotoop. Voor aanvang van de werkzaamheden dient derhalve geen aanvullend onderzoek plaats te vinden. Een ontheffing met betrekking tot aantasting van beschermde soorten is niet nodig. De werkzaamheden kunnen leiden tot een beschadiging of vernietiging van mogelijke verblijfplaatsen en/of verstoring van eventueel aanwezige algemene soorten.

Een algehele vrijstelling op basis van de Verordening natuurbescherming voor ruimtelijke ontwikkelingen is hierop van toepassing. De algemene zorgplicht blijft onverminderd van toepassing. Gebiedsbescherming Er zijn geen Natura 2000-gebieden in de directe omgeving van het plangebied aanwezig. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied is ‘Kampina en Oisterwijkse Vennen´. Dit gebied ligt op een afstand van ca. 11,5 kilometer van het plangebied. Daarnaast maakt het plangebied ook geen onderdeel uit van de Ecologische Hoofdstructuur (EHS). De effecten die voortvloeien uit het plan (zoals onder andere verstoring door licht, geluid en optische verstoring) zorgen, gezien de afstand tot het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied, niet voor significante gevolgen voor Natura 2000-gebieden. Stikstofdepositie Bij het opstellen van een bestemmingsplan dient de gemeenteraad in de zogenaamde ‘voortoets’ te bezien of een passende beoordeling van het plan moet worden gemaakt. Dit is het geval indien het risico bestaat dat het plan – al dan niet in combinatie met andere plannen of projecten – significante gevolgen heeft voor één of andere meerdere Natura 2000-gebieden. Er is geen sprake van significante effecten op Natura 2000-gebieden als de stikstofdepositie niet

- 29 -

Bestemmingsplan ‘De Leijerweg 6-6A, Sint-Oedenrode’

Gemeente Meierijstad

meer bedraagt dan 0,00 mol/ha/jaar. Dit kan worden aangetoond middels een AERIUS-berekening. De ontwikkeling betreft het omzetten van een agrarische bestemming naar een bedrijfsbestemming ten behoeve van een (reeds bestaand) hoveniersbedrijf. Voor wat betreft de aanlegfase is als onderdeel van het plan sprake van de bouw van een door de gemeente Meierijstad reeds vergunde bedrijfsloods (OV-20170248). Op 1 juli 2021 is de Wet en het Besluit stikstofreductie en natuurverbetering (Stikstofwet) in werking getreden. Belangrijk onderdeel van het Besluit is de bouwvrijstelling. Kort gezegd houdt deze vrijstelling in dat de aanlegfase van ontwikkelingen vrijgesteld is van de vergunningplicht Wet natuurbescherming en dat voor deze fase geen stikstofberekening meer nodig is. Hiermee kan voor onderhavig plan voor wat betreft de aanlegfase een stikstofberekening achterwege blijven. Voor wat betreft de gebruiksfase dient als gevolg van de toename van het aantal verkeersbewegingen wel een stikstofberekening te worden uitgevoerd. Gebruiksfase De relevante emissies van stikstofoxiden (NOx) en ammoniak (NH3) afkomstig van het plangebied vinden in de gebruiksfase plaats door een tweetal type bronnen namelijk: - verkeersbewegingen van en naar het plangebied; - de stookinstallaties binnen het plangebied.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meierijstad&id=034a43af-cf8d-45a3-8df1-54bd65d550e8