Ontwikkelplan Buitengebied Meierijstad - Bijlagen bij de regels (oa beplantingsplannen)
Tekst van het document
Bosscheweg 107
Hoofdvestiging Boxtel
Bijlage 6 Landschappelijke inpassing Heikampenweg 12
NL.IMRO.1948.MEI001BP0012020P-VG01
Pagina: 65 van 307
Datum:
Landschappelijk inpassingsplan
Heikampenweg 12 Sint-Oedenrode
Colofon
Opdrachtgever: Kapteijns Partyverhuur Jos v Rooij Heikampenweg 12a 5491 TP SintOedenrode
Opdrachtnemer: h8 ontwerpbureau t.n.v. H van Acht Boskantseweg 74 5492 VB St-Oedenrode T 0652008951 E info@h8ontwerp.nl
29 – september - 2021
Pagina 2
Inhoudsopgave:
p
Locatie Bestaande situatie Beleid Landschappelijk inpassingsplan (nieuwe situatie ) Beheer
3 4/6 7/8 9 / 10 11
Locatie
Locatie aangegeven op luchtfoto (bron google earth)
Pagina 3
Bestaande situatie
Bovenstaande tekening geeft schematisch de bestaande situatie weer. Op het perceel staat een woning en een schuur/garage en twee aan elkaar gebouwde loodsen. Rondom de woning is het perceel ingericht als tuin en rondom de loods als erf met erfverharding. Rondom grenst het perceel aan een weide welke momenteel is ingevuld met jonge coniferen als kwekerij. Aan de zuidzijde van een deel van de loods en de schuur is reeds bosplantsoen aanwezig. Aan de noordzijde langs de Heikampenweg is voor de loods een singelbeplanting aanwezig. Pagina 4
Bestaande situatie Deze beelden geven een indruk van de bestaande situatie vanaf de openbare weg: De loods vanaf de oost- en westzijde met de beplanting aan de Heikampenweg en de tuin voor de woning. ( bron google streetview )
Pagina 5
Bestaande situatie Deze beelden geven een indruk van de bestaande situatie op het perceel: De loods met coniferenveld aan de west en zuidzijde. De bestaande beplanting aan de achterzijde is op de foto’s afgezet voor beheer.
Pagina 6
Beleid
Bovenstaande kaart geeft de gebiedstypologie van de gemeente Meijerijstad weer: Het projectgebied valt binnen de Gebiedstypologie: Landelijk gebied, verweving van functies: Deze gebiedstypologie behandelt gebieden buiten de bebouwde kom met een mix van agrarische activiteiten, water, natuur, wonen, recreatie en toerisme.
Pagina 7
Beleid
Bovenstaande kaart geeft een weergave van de Groene kaart van Meijerijstad waar de meest waardevolle landschappelijke structuren op staan aangegeven. Duidelijk zichtbaar zijn de laanbeplantingen langs de diverse wegen, zandpaden en kavelstructuren. Ook zijn diverse omkaderingen van agrarische percelen duidelijk herkenbaar.
Deze kaart geeft een ingezoomde weergave van de Groene kaart. Rondom het perceel zijn waardevolle groenstructuren aanwezig. De noordelijke structuur is zelfs onderdeel van het historisch wegenpatroon (<1850) van de Heikampenweg
Pagina 8
Landschappelijke inpassingsplan (nieuwe situatie)
Bovenstaande tekening is het voorstel voor de landschappelijke inpassing van het perceel. De met rood omcirkelde delen zijn de nieuw aan te leggen landschapselementen. Het overige groen op het perceel blijft behouden.
De randen van het perceel worden parallel aan de hoofdstructuren van de Groene kaart aangevuld en versterkt. Aan de noordzijde van het plan betekend dit het versterken van het historisch wegenpatroon van de Heikampenweg en aan de zuidzijde wordt de bovenlokale infrastructuur versterkt door het aanleggen van een struweelbeplanting aangevuld met bomen. Aan de oostzijde van de loods/schuur wordt een robuuste zone ingeplant met inheemse heesters en bomen zodat het zicht op de schuur vanaf naastgelegen perceel wordt ontnomen. T.b.v. het beheer van de bebouwing wordt een onderhoudspad voorgesteld van gras. De hele zone is 7m breed.
Pagina 9
Landschappelijke inpassingsplan (nieuwe situatie)
Acer campestre
Amelanchier lamarckii
De beplanting van de singel zal bestaan uit inheemse soorten bomen en heester De soorten die worden voorgesteld zijn: Struweel: -Corylus avellana 20 % -Crataegus monogyna 30 % -Rhamnus frangula 20 % -Amelanchier lamarckii 20 % Bomen: -Acer campestre -Betula pubescens -Quercus robur
10 % 10 % 10 %
De beplanting van de singel zal aangeplant worden in 3 rijen in driehoeks verband. De soorten worden groepsgewijs gemengd in groepen van 3 en 5 stuks bij elkaar. Pagina 10
Beheer Met betrekking tot het beheer van voorgaand omschreven bosplantsoen, moet worden uitgegaan van normale omstandigheden. De eerste twee jaar zal er onkruidbestrijding nodig zijn om het bosplantsoen voldoende ruimte te geven. Het geven van voldoende water en het bestrijden van eventueel ongedierte is verder vanzelfsprekend om vooral in de beginfase te zorgen voor een goede groei. Voor het bosplantsoen zijn er twee gevallen, eventuele boomvormers en de stuikvormers. Als de boomvormers uiteindelijk uit mogen groeien tot bomen, is het belangrijk dat ze begeleid groeien (recht omhoog) en verder geldt er dan een normale onderhoud snoei. De struikvormers kunnen afwisselend van elkaar teruggezet worden tot 0,50-1,00 meter zodat de beplanting voldoende licht en ruimte houdt. Het onderhouds pad zal extensief gemaaid worden om de toegankelijkheid te kunnen garanderen.
Pagina 11
Landschappelijk inpassingsplan
september - 2021
Bijlage 7 Landschappelijke inpassing Hoeves 3
NL.IMRO.1948.MEI001BP0012020P-VG01
Pagina: 78 van 307
Datum:
Landschappelijk inpassingsplan & Kwaliteitsverbetering Projectlocatie: Hoeves 3 Schijndel
Landschappelijk inpassingsplan & Kwaliteitsverbetering
Initiatiefnemer:
Hout-Art de heer J. Leenders Hoeves 3
Projectlocatie:
Hoeves 3 Schijndel 5482 NL Schijndel
Opdrachtnemer:
GV Advies Middelweg 4 3281 KH Numansdorp
Contactpersoon:
de heer G. Vink 0627-119742 info@gvadvies.nl
Datum:
9 juli 2021
Titel
Plangebied Tekeningnummer
Getekend door
Datum
1/6
G. Vink
9-7-2021
Bestandsnaam
Hoeves 3 Schijndel
Handleiding landschappelijke inpassing Gemeente Schijndel L. Kreule, november 2011
Landschapsanalyse Meierijstad - juli 2019 Royal HaskoningDHV
Plangebied Plangebied
Titel
Beleid, omgeving en landschap Tekeningnummer
Getekend door
Datum
2/6
G. Vink
9-7-2021
Bestandsnaam
Hoeves 3 Schijndel
C.
6. B.
B.
C.
B.
2.
B.
B.
4.
2.
5.
Legenda 1. Woning 2. Bedrijfsbebouwing (functiewijziging naar dubbelbestemming) 3. Afname bebouwd oppervlak (56 m2) 4. Erf 5. Grasland 6. Parkeren (eigen terrein)
3.
Maatregelen landschappelijke inpassing A. Leibomen B. Geschoren haag (beuk - Fagus sylvatica) C. Vitalisering en versterking bestaande houtsingel (gemengd sortiment zoals hazelaar, veldesdoorn, liguster) en laanbomen (zoals berk, els, eik en es). D. Fruitbomen
D. 1.
A.
B.
5. C. C.
schaal 1:1000 Plangebied
Landschappelijke visie en maatregelen Landschappelijke versterking van plangebied, dat valt in de oude ontginning. Hierbij wordt gekozen voor omzoming als bevordering van de kleinschalige verkaveling en open kamerstructuur. Bestaande beplantingstructuur (omzoming plangebied) wordt gehandhaafd, versterkt en waar nodig aangevuld. Overige maatregelen richten zich op verdere kleinschalige erfinrichting van het traditionele boerenerf met gebruik van hagen en fruitbomen.
Titel
Maatregelen landschappelijke inpassing Tekeningnummer
Getekend door
Datum
3/6
G. Vink
9-7-2021
Bestandsnaam
Hoeves 3 Schijndel
Relatie nieuwe bebouwing en landschappelijke doorzichten A. Kleinschalig eversterking van plangebied (aankleding kleinschalig boerenerf).
E. A.
A.
B. Het aanzicht op plangebied en specifiek de bestaande schuur wordt onderbroken door de realisatie van een massieve geschoren haag (beuken) ter hoogte van de bestaande schuur.
A.
A.
E.
C. Doorzicht vanaf de Eerdsebaan over plangebied en aangrenzende landschap is door de bestaande beplantingstructuur beperkt. Het karakter wordt door de voorgenomen landschappelijke maatregelen behouden.
A. D.
E.
C.
D. Plangebied zal haar open aanzicht behouden vanaf de straatzijde (Hoeves). Hierbij wordt invulling gegeven aan het traditionele agrarisch gebruik. E. Accentuering van de kavelgrens met gebruik van bestaande beplanting rondom perceel. Hiermee wordt het landschappelijke karakter van het gebied en de relatie met de omgeving versterkt (tuinkamer). De perceelgrens krijgt een accentuering en ter hoogte van de opstallen komt er een extra buffer. Laatstgenoemde is mogelijk omdat hier geen doorzicht mogelijk is op basis van de aanwezige bebouwing.
E. C.
E.
Titel
Plangebied in beeld - motivatie maatregelen Tekeningnummer
Getekend door
Datum
4/6
G. Vink
9-7-2021
Bestandsnaam
Hoeves 3 Schijndel
Fagus sylvatica
Quercus robur
Hulst - solitair geplant
Amelanchier lamarckii
Viburnum opulus
Acer campestre
Peer - conference
Titel
Landschappelijke versterking - detailleringen Tekeningnummer
Getekend door
Datum
5/6
G. Vink
9-7-2021
Bestandsnaam
Hoeves 3 Schijndel
Algemeen
Heesters
(Fruit-) bomen
Keuze Beplanting in onderhavig inpassingsplan is geselecteerd op basis van inheemse soorten. Deze soorten komen van oorsprong in de regio voor waarmee er enerzijds een bijdrage wordt gegeven aan de oorspronkelijke uitstraling van de regio en anderzijds betreft dit plantmateriaal wat past bij de aanwezige groeiomstandigheden.
Aanplant Zorg voor een ruim plantgat en grond waar de wortels goed in kunnen doordringen. Als je in lichte grond (zandgrond) plant is het goed dat te verbeteren door organisch materiaal (compost/vochtige potgrond) door de uitgegraven grond te mengen. Door zware kleigrond kun je fijn grind of grof zand mengen. Dat bevordert de drainage.
Aanplant
Keurmerk Bij de keuze van beplanting is het mogelijk om de keuze te maken voor autochtoon plantmateriaal. Deze keuze wordt aanbevolen omdat hiermee meer duurzaam plantmateriaal wordt aangeschaft. Het is mogelijk dat de beplanting in onderhavig plan niet met autochtoon keurmerk leverbaar is, er kan dan worden gekozen voor regulier plantmateriaal.
Beheer Zorg de eerste drie jaar na aanplant dat er geen concurrentie komt door de groei van onkruid. Hiervoor wordt geadviseerd om handmatig de beplantingstrook te schoffelen.
Ontvangst Beplanting moet altijd weer zo snel mogelijk na ontvangst geplant worden. Mocht dit niet mogelijk zijn dan is het raadzaam beplanting tijdelijk met de wortels in zand te planten. Dit mag waar mogelijk gebundeld, doel is dat de wortels geen kans lopen uit te drogen. Bescherming tegen vraat Bescherm bomen, vruchtbomen, hagen en singels goed door op ruime afstand van beplanting gaas te spannen of een hekwerk te plaatsen.
Aanplant algemeen
De voorkeur van aanplant gaat uit naar de rustperiode van beplanting (november-februari) waarbij het van belang is dat aanplant in een vorstvrije periode plaatsvind. Zorg voor aankoop dat betreffende plantlocatie vrij is van beplanting en plantklaar is. Hierbij gaat het erom dat de plantlocatie is gespit/gefreesd. Dit bevordert het gemak tijdens de aanplant. Volg bij de aanplant de plantafstand en het plantverband zoals opgenomen in onderhavig plan om te komen tot een evenwichtig en gezond eindbeeld van de beplantingstrook. Maak een royaal plantgat dat ook onderin goed wordt losgemaakt. Planten met een kale wortel zet je net zo diep als ze bij de kweker gestaan hebben. Dit kun je zien aan de verkleuring op de bast. Vaak is de stam groenachtig en de wortel roodbruinig. De overgang hiertussen is de wortelhals. Dat is de diepte die de beplanting moet krijgen. Na het planten moet de grond aangetrapt worden en moet de plant iets omhoog getrokken worden zodat het zand goed tussen de wortels komt. Niet te hard de grond aanstampen want dat zorgt ervoor dat de kieming van de wortels vertraagt.
Beheer algemeen Na aanplant (gedurende het eerste jaar) is het noodzakelijk de beplanting voldoende water te geven. Dit is geheel afhankelijk van weertype en voorkomt sterfte van beplanting. Bij water geven moet je rekening houden met de verdamping. Een plant zonder blad verdampt bijna geen water en ook met donker en regenachtig weer verliest uw plant nauwelijks vocht. Bij hogere temperaturen en niet te vergeten schrale (oosten)wind verdampt uw plant veel meer en droogt dan snel uit. Het is dus belangrijk om dan goed water te geven. Let wel: overmatig water geven is ook niet goed. Het gevaar bestaat dan dat de plant aan de wortels gaat rotten.
De periode waarin gesnoeid wordt hangt af van de doelstelling van de beplanting. Gangbare perioden zijn 5-10 jaar of 10-15 jaar (afhankelijk van de soort). Wilg kan na 5 jaar worden afgezet. De beste tijd voor het afzetten is januari tot maart. Stobben moeten voldoende licht hebben om weer uit te kunnen lopen. De beste afzethoogte is ongeveer 15 cm boven de grens tussen wortel en stam. Het hout moet enigszins schuin worden afgezaagd om inrotten te voorkomen. In het hakhout kunnen naar behoefte aanzichtbepalende bomen gespaard worden.
Hagen Aanplant Een gemengde haag heeft meerdere voordelen ten opzichte van beukenhagen of coniferenhagen: ·Een gemengde haag draagt optimaal bij aan de biodiversiteit. ·Een gemengde haag geeft een meer gevarieerd beeld in het landschap. ·Een haag welke bestaat uit één soort is extra gevoelig voor plagen en ziekten. In een gemengde haag kan een plaag of ziekte zich minder makkelijk uitbreiden.
Graaf een plantgat van ongeveer 50 x 50 x 50 cm. De bomen verankeren zich namelijk beter in losgemaakte grond. Voer de graskluiten of andere begroeiing af of verwerk dit in kleine stukken onder in het plantgat. Niet in de buurt van de wortels, want tijdens het verteren is zuurstof nodig en zuurstof hebben de wortels ook nodig. Het is altijd aan te raden een boompaal te zetten. Deze moet niet in de bodem van het plantgat worden geslagen als de boom daar al staat. Dan beschadig je de wortels. Dus bij voorkeur wordt eerst het gat gegraven, en daarna wordt de boompaal in de bodem geslagen, daarna zet je de boom erbij. Spreid de boomwortels er omheen uit. Gebruik een paal van onbehandeld hout. De boompaal moet minimaal 75 cm in de grond komen te staan. Let hierbij op voor kabels en leidingen. De boompalen altijd plaatsen aan noordwest- en zuidoostzijde van de boom. De boom zal zo bij de meest voorkomende windrichtingen in de boomband hangen, wat voorkomt dat de bast langs de boompaal kapot schuurt. Als de boompaal stevig staat strooit u een deel van de grond, eventueel vermengd met compost, in het plantgat (gebruik een beperkte hoeveelheid compost in verband met verbranding van de jonge wortels. Maximaal 1 emmer per boom en deze goed mengen met de grond). Plaatst de kant van de boom waaraan de minst ontwikkelde takken zitten op het zuiden.
Beheer Belangrijk is dat de boom zolang hij jong is geen last van onkruidgroei bij zijn wortels heeft. Houd een ruime cirkel grond (een zogenaamde boomspiegel) rond de stam vrij van onkruid door het eerst goed te wieden en daarna de grond af te dekken met een bijvoorbeeld boombastsnippers.
Zorg de eerste drie jaar na aanplant dat er geen concurrentie komt door de groei van onkruid. Hiervoor wordt geadviseerd om handmatig de beplantingstrook te schoffelen. Een haag kan als enkele rij of dubbele rij worden geplant. De plantafstand in de rij bedraagt 20 centimeter bij een enkele rij. Bij een dubbele rij worden er acht stuks per strekkende meter geplant in driehoeksverband. Verdeel eerst het plantmateriaal over de gehele lengte. Bevochtig de wortels, zet het plantsoen in de sleuf met de wortels goed uitgespreid. Schud tijdens het vullen het plantsoen iets om de aarde goed om de wortels te laten sluiten. Snoei vervolgens na het planten direct 1/3 van de hoogte van de hagen terug (dus 2/3 laten staan). Door in de beginjaren een haag regelmatig te knippen ontstaat een dicht vertakte haag. Wordt met het knippen te laat begonnen dan ontstaat er een brede slappe haag die kaal van onderen is. Door hagen van boven iets smaller te houden dan onderin komt er lager in de hagen ook voldoende licht bij, dit voorkomt kaal worden. Beheer Afhankelijk van het type haag wordt het beheer bepaald. Een beukenhaag moet bij voorkeur jaarlijks gesnoeid worden en bij een knip- en scheerheg mag dit eenmaal per twee jaar.
Titel
Aanleg- en beheeradvies Tekeningnummer
Getekend door
Datum
6/6
G. Vink
9-7-2021
Bestandsnaam
Hoeves 3 Schijndel
Bijlage 8 Landschappelijke inpassing Hoogstraat 27
NL.IMRO.1948.MEI001BP0012020P-VG01
Pagina: 87 van 307
Datum:
Landschappelijk inpassingsplan Hoogstraat 27, Sint-Oedenrode Gemeente Meierijstad
Gegevens adviesbureau Naam: Contactpersoon: Adres: Postcode: Plaats: Telefoon: e-mail: datum:
Kastelijn Ruimtelijk Advies D.F.H. Kastelijn Bieslook 21 5491 KE Sint-Oedenrode 06 – 22786032 kastelijn@ruimtelijk-advies.nl 02 - 05 - 2022
1.1
Aanleiding
omgevingsvergunning voor de (her)bouw van dit bedrijfsgebouw niet voor problemen komt te staan.
Initiatiefnemer is met zijn timmerwerkbedrijf gevestigd op het perceel Hoogstraat 27 te Sint-Oedenrode en is met zijn gezin woonachtig in de aanwezige bedrijfswoning. Voorheen was op de planlocatie jarenlang een varkenshouderij gevestigd. Vóór aankoop van het perceel door initiatiefnemer in 2017 heeft voor de planlocatie een bestemmingsplanherziening plaatsgevonden, waarbij de ter plaatse vigerende bestemming ‘Agrarisch’ met aanduiding ‘intensieve veehouderij’ is omgezet naar de bestemming ‘Bedrijf’ ten behoeve van een ‘timmerwerkbedrijf’. Hierbij is vastgelegd dat op de planlocatie in totaal 600 m2 aan bedrijfsbebouwing ten behoeve van het timmerwerkbedrijf is toegestaan.
1.2
Vigerend bestemmingsplan
De planlocatie is gelegen binnen het bestemmingsplan ‘Hoogstraat 27, Sint-Oedenrode’ en heeft hierin de enkelbestemmingen ‘Bedrijf’, ‘Agrarisch’ en ‘Groen’. Daarnaast zijn op de planlocatie de dubbelbestemmingen ‘Waarde - Archeologie 1’ en ‘Waarde - Archeologie 2’ gelegen. Figuur 1 geeft een uitsnede van de plankaart behorende bij het bestemmingsplan ‘Hoogstraat 27, Sint-Oedenrode’ met daarop het aanwezige bedrijfsmatige bouwvlak op de planlocatie uitgelicht.
In 2017 was door initiatiefnemer nog geen besluit genomen over het feit of hij 600 m2 aan (voormalige) varkenstallen zou handhaven als bedrijfsgebouw voor het timmerwerkbedrijf óf dat hij zou kiezen voor de herbouw van een (nieuw) bedrijfsgebouw van 600 m2. Inmiddels heeft initiatiefnemer de keuze gemaakt graag over te gaan tot de herbouw van het bedrijfsgebouw, gelet op de slechte staat waarin de voormalige varkenstallen verkeren. De huidige in 2017 vastgelegde vorm van het bedrijfsmatige bouwvlak en bestemmingsvlak zorgen er echter voor dat er onvoldoende ruimte geboden wordt voor het kunnen herbouwen van dit bedrijfsgebouw van 600 m2. In overleg met de gemeente Meierijstad is besloten deze omissie te repareren in het ‘Ontwikkelplan Buitengebied Meierijstad’, waarmee initiatiefnemer bij het aanvragen van een Figuur 1: Plankaart bestemmingsplan ‘Hoogstraat 27, Sint-Oedenrode’. 2
1.3
Initiatief
De aangepaste vorm van het bouwvlak en het bestemmingsvlak zorgen ervoor dat voldoende ruimte ontstaat voor het in de toekomst kunnen herbouwen van een bedrijfsgebouw voor het timmerwerkbedrijf van 600 m2. In figuur 2 is de nieuwe vorm van zowel het bedrijfsmatige bouwvlak als bestemmingsvlak ter plaatse van de planlocatie weergegeven.
Bij de voorgenomen ontwikkeling wordt een deel van het huidige bedrijfsmatige bouwvlak dat aan de voorzijde van het perceel is gelegen ‘verplaatst’ naar de achterzijde. Daarnaast wordt een deel van het bestemmingsvlak dat aan de zijkant van het perceel gelegen is ‘verplaatst’ naar de achterzijde. Zowel het bouwvlak als het bestemmingsvlak veranderen hiermee van vorm. Het bouwvlak wordt hierbij niet vergroot. Het bestemmingsvlak neemt licht in oppervlakte toe met 175 m2.
2.1
Historische situatie
Landschapstype De locatie aan de Hoogstraat is gelegen in het oude ontginningen landschap. Het ontstaan van het landschap van de oude zandontginningen gaat ver terug. Bepalend was de intrede van de landbouw en veeteelt. De hooggelegen en droge gronden waren het meest geschikt voor de agrarische activiteiten en zijn hierdoor eerder ontgonnen. Deze lange geschiedenis heeft gezorgd voor met name enkeerdgronden bestaande uit een sterk lemig fijn zand met plaatselijk (kei)leem. In figuur 3 is een uitsnede opgenomen van de landschapstypen van de gemeente Meierijstad, met daarop de planlocatie rood omcirkeld. Wanneer daarnaast de historische kaarten van de omgeving, zoals opgenomen in figuur 5 tot en met 8, worden bestudeerd is te zien dat op de kaarten van 1900 en 1950 een lijnvormig groenelement aan de straatzijde (Hoogstraat) aanwezig was. Dit element is de afgelopen decennia verdwenen, zoals zichtbaar op de kaart uit 2000 (figuur 7). In voorliggend landschappelijk inpassingsplan wordt deze historische structuur hersteld/teruggebracht in de vorm van een haag.
Figuur 2: Situatietekening voorgenomen ontwikkeling planlocatie. 3
houtsingels. De planlocatie zelf wordt gekenmerkt door een reeds gedeeltelijke groene invulling van het perceel. In de huidige situatie zijn er enkele groen/landschappelijke elementen aanwezig in de vorm van hoogstamfruitbomen en een beukenhaag. De hoogstamfruitbomen maken onderdeel uit van de erfinrichting van het perceel en worden dan ook niet meegenomen in het kader van de kwaliteitsverbetering. Ook (het beheer en onderhoud van) de reeds bestaande beukenhaag wordt niet als maatregel meegenomen bij voorliggend plan.
Figuur 3: Landschapstypenkaart Meierijstad.
2.2
Bestaande situatie
De planlocatie is gelegen binnen de gemeente Meierijstad, ten zuiden van de kern Sint-Oedenrode en ten westen van de kern Nijnsel. De planlocatie staat kadastraal bekend als gemeente SINT-OEDENRODE, sectie N, perceelnummers 565 en 566. In figuur 4 is een luchtfoto van de planlocatie weergegeven. De kenmerken van het omliggende landschap aan en rondom de Hoogstraat worden veelal bepaald door het semi open agrarische karakter, waarbij de openheid wordt afgebakend door lijnvormige groenelementen zoals bomenrijen en
Figuur 4: Luchtfoto huidige situatie planlocatie. 4
Figuur 5: 1900 (bron: Topotijdreis).
Figuur 6: 1950 (bron: Topotijdreis).
Figuur7: 2000 (bron: Topotijdreis).
Figuur 8: 2020 (bron: Topotijdreis). 5
3.
Kwaliteitsverbetering van het landschap
methode. De planlocatie is gelegen binnen primair agrarisch gebied, waardoor dient te worden uitgegaan van 20% van de grondwaardevermeerdering.
Bij de voorgenomen ontwikkeling dient voldaan te worden aan de vereisten van de versterking van de landschappelijke kwaliteit (tegenprestatie) ex artikel 3.9 van de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant. Hiervoor wordt aansluiting gezocht bij de regeling ‘Kwaliteitsverbetering landschap SintOedenrode’ van de gemeente Meierijstad. In deze regeling wordt in nadere invulling gegeven aan de inspanningen die voor niet-planmatige ontwikkelingen (afzonderlijke initiatieven in het buitengebied) van toepassing zijn. Hierbij wordt een onderscheid gemaakt in de volgende drie categorieën: - Categorie 1: - Categorie 2:
- Categorie 3:
Om de vereiste tegenprestatie te bepalen is een berekening uitgevoerd van de grondwaarde van het perceel in de bestaande situatie en in de toekomstige situatie. Deze berekening is opgenomen in figuur 9. In eerste instantie volgt uit deze berekening dat er sprake is van een grondwaardevermeerdering van ruim €11.025,--. Van dit bedrag dient 20% te worden geïnvesteerd in de kwaliteitsverbetering van het landschap, te weten €2.205,--. Dit kan onder meer door een fysieke tegenprestatie op de projectlocatie en/of de directe projectomgeving.
geen inspanning; een goede landschappelijke inpassing op basis van een goedgekeurd landschapsplan en borging van uitvoering en beheer; toepassing van de forfaitaire methode, waarbij uitgegaan wordt van 20 % van de grondwaardevermeerdering in primair agrarisch gebied en 25% in agrarisch gebied met waarden.
Berekening Kwaliteitsverbetering Landschap
In de regeling is de voorgenomen ontwikkeling aangemerkt als een ontwikkeling in categorie 3. De ontwikkeling betreft: -
Uitbreiding bestemmingsvlak Bedrijf.
Bestaande situatie Agrarisch zonder bouwvlak
Opp. 175 m²
Prijs/m2 € 7,00 62,50
Toekomstige situatie Bedrijf zonder bebouwing
Opp. 175 m²
Prijs/m2 € 70,00
€
Totaal 1.225
€
Totaal 12.250
Grondwaardevermeerdering Gelegen in primair agrarisch gebied
€
11.025 20%
Vereiste investering kwaliteitsverbetering
€
2.205
Figuur 9: Berekening vereiste investering kwaliteitsverbetering.
Dit betekent dat voor onderhavig initiatief, naast een landschappelijke basisinpassing, tevens een kwaliteitsverbetering van het landschap vereist is op basis van de forfaitaire 6
4.1
Inpassingsplan
In de huidige situatie is er geen sprake van een afscheiding tussen het perceel en de openbare weg. Door de aanplant van een beukenhaag (fagus sylvatica) wordt deze ´overgang´ op een landschappelijke manier ingepast. Geschoren heggen zijn al eeuwen te vinden in het Nederlandse cultuurlandschap. In Brabant vooral op en rond erven. Ze dienden als veekering en eigendomsmarkering. Heggen zijn geliefd bij mussen, een ooit algemene soort die nog steeds in aantal achteruit gaat. Daarnaast heeft de Beukenhaag het voordeel dat deze het gehele jaar een dichte afscheiding vormt. De haag zal aan de voorzijde (parallel met de Hoogstraat) niet hoger worden dan maximaal 80 centimeter.
Met de landschappelijke inpassing wordt aangesloten op de bestaande situatie en de potentiele waarden en kwaliteiten in en rondom het plangebied. In voorliggend rapport wordt verantwoord hoe de gewenste ontwikkeling op een duurzame en landschappelijke manier in de bestaande situatie kan worden geïntegreerd. Om de planontwikkeling mogelijk te maken zijn een aantal inrichtingsmaatregelen voorgesteld die op basis van het planvoornemen, de beleidskaders en kennis van het landschap en locatie zijn geselecteerd. Een en ander is onderstaand weergegeven in figuur 10, gevolgd door een nadere motivering van de gekozen inpassingsmaatregelen.
2. 1.
Aanplant van beukenhaag
1.
1.
2.
3.
1.
7
Aanplant laanbomen en landschappelijke bomenrij
Langs de bestaande bedrijfsinrit worden aan weerszijden een aantal laanbomen aangeplant. Hiervoor wordt de streekeigen soort beuk (fagus sylvatica) toegepast. De stamdiameter bedraagt minimaal 12 tot 15 cm. Aan de bomen worden boomkorven rund geplaatst ter bescherming van de bomen tegen vee.
gemeente Meierijstad wordt de uitvoering van het landschappelijk inpassingsplan geborgd.
1.
Daarnaast wordt op de overgang van het bedrijfsperceel naar de open weide, parallel aan de bestrating, een bomenrij van zomereiken (quercus robur) aangeplant. Bomenrijen komen in Brabant in een grote verscheidenheid aan vormen voor en zijn vaak zeer bepalende elementen in het landschap. Op de zandgronden komen ze voor langs perceelsgrenzen en paden. Bomenrijen hebben een landschappelijke waarde en waarde als ecologische corridor, bijvoorbeeld voor vleermuizen.
4.2
1. 2.
Onderbouwing investering kwaliteitsverbetering 2.
In de tabel in figuur 12 is inzichtelijk gemaakt op welke wijze er wordt geinvesteeerd in de kwaliteitsverbetering van het landschap. Hierbij is gebruik gemaakt van de normbedragen uit de STILA regeling voor aanleg en onderhoud van landschapselementen.
1.
Middels uitvoering van het landschappelijk inpassingsplan wordt voldaan aan de vereisten uit de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant en de regeling Kwaliteitsverbetering landschap Sint-Oedenrode van de gemeente Meierijstad. In de planregels (voorwaardelijke verplichting) en de te sluiten anterieure overeenkomst tussen initiatiefnemer en de
Figuur 10: Landschappelijk inpassingsplan d.d. 02-05-’22
8
BEREKENING KWALITEITSVERBETERING – HOOGSTRAAT 27 SINT-OEDENRODE Inrichtingselement
Nederlandse naam
Latijnse naam
Maat [cm]
Lengte [m]
Aantal
Kosten per eenheid
Kosten totaal aanplant
Kosten totaal beheer 10 jaar
Totale kosten kwaliteitsverbetering
Landschapspakketten L7
Knip- en scheerheg
Beuk
Fagus sylvatica
Enkele rij
90
405
€
1,66 €
672,30
€
526,50
€
1.198,80
L8B Landschapsboom in laan
Beuk
Fagus sylvatica
12-15
-
8
€
60,62 €
484,96
€
233,60
€
718,56
L8B Landschapsboom in bomenrij
Zomereik
Quercus robur
14-16
-
3
€
64,90 €
194,70
€
291,00
€
485,70
€
300,00
€
2.703,60
Overige elementen Plankosten
maximaal 20% van uitvoeringskosten Totaal
9
LANDSCHAPPELIJKE INPASSING Hoogstraat 27 Sint-Oedenrode d.d. 02-05-2022
1.
1. 2.
2.
1.
1. Aanplant beukenhaag 2. Aanplant landschapsbomen
Bijlage 9 Landschappelijke inpassing Hulst 1
NL.IMRO.1948.MEI001BP0012020P-VG01
Pagina: 98 van 307
Datum:
Landschappelijke inpassing Hulst 1, Sint-Oedenrode Gemeente Meierijstad
Gegevens adviesbureau Naam: Contactpersoon: Adres: Postcode: Plaats: Telefoon: e-mail: datum:
Kastelijn Ruimtelijk Advies D.F.H. Kastelijn Bieslook 21 5491 KE Sint-Oedenrode 06 – 22786032 kastelijn@ruimtelijk-advies.nl 04 -08 - 2022
1.1 Aanleiding
1.2
Initiatiefnemer is met zijn boomkwekerij gevestigd op het perceel Hulst 1 te Sint-Oedenrode en is met zijn gezin woonachtig in de aanwezige agrarische bedrijfswoning. Het bedrijf is voornemens het aanwezige agrarische bouwvlak van 0,65 ha te vergroten met 0,85 ha naar in totaal 1,5 ha. Daarnaast wordt aangrenzend aan het bouwvlak een differentiatievlak voor teeltondersteunende voorzieningen opgenomen.
De planlocatie is v.w.b. de plankaart gelegen binnen het bestemmingsplan ‘Buitengebied Sint-Oedenrode’ en heeft hierin de enkelbestemming ‘Agrarisch met waarden - Landschapswaarden’. Daarnaast zijn op de planlocatie de dubbelbestemmingen ‘Waarde - Archeologie 1’ en ‘Waterstaat - Attentiegebied EHS’ en de gebiedsaanduidingen ‘reconstructiewetzone - verwevingsgebied’, ‘groenblauwe mantel’ en (gedeeltelijk) ‘cultuurhistorisch waardevol gebied’ gelegen. Figuur 1 geeft een uitsnede van de plankaart behorende bij het bestemmingsplan ‘Buitengebied Sint-Oedenrode’ met daarop de planlocatie rood omkaderd en het huidige bouwvlak uitgelicht.
In overleg met de gemeente Meierijstad is besloten deze ontwikkeling op te nemen in het ‘Ontwikkelplan Buitengebied Meierijstad’.
1.3
Figuur 1: Uitsnede plankaart bestemmingsplan ‘Buitengebied Sint-Oedenrode’.
Vigerend bestemmingsplan
Initiatief
De ruimte binnen het bouwvlak voor de bedrijfsactiviteiten van boomkwekerij Vullings is de laatste jaren steeds verder in het gedrang gekomen. Om de continuïteit en de toekomstbestendigheid van het bedrijf te waarborgen is het daarom noodzakelijk het agrarisch bouwvlak te vergroten. Middels de voorgenomen ontwikkeling wordt het bouwvlak vergroot met 0,85 ha naar in totaal 1,5 ha. De plek waar de uitbreiding van het bouwvlak is voorzien, is in de huidige situatie in gebruik voor de bomenkweek. Omdat een gedeelte van de bomenkweek een permanent karakter heeft, wordt aangrenzend aan het bouwvlak een differentiatievlak voor teeltondersteunende voorzieningen opgenomen. Middels de aanduiding ‘differentiatievlak’ wordt gewaarborgd dat ter plaatse jaarrond teeltondersteunende voorzieningen kunnen worden geplaatst. De nieuwe vorm van het bouwvlak, na vergroting, en het differentiatievlak zijn weergegeven in figuur 2. De vergroting van het bouwvlak zal benut worden voor het in de toekomst kunnen realiseren van een aantal voor het bedrijf noodzakelijke voorzieningen.