notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Ontwikkelplan sanering varkenshouderij
Tekst van het document
NOTITIE BEANTWOORDING ZIENSWIJZEN EN AMBTELIJKE WIJZIGINGEN bestemmingsplan Ontwikkelplan sanering varkenshouderij
College B&W 26 juli 2022 Gemeenteraad 29 september 2022
Inhoud 1.
Inleiding ..........................................................................................................................................................2
2.
De procedure .................................................................................................................................................4
3.
Zienswijzen ....................................................................................................................................................4
4.
De ontvankelijkheid .......................................................................................................................................4
5.
Leeswijzer ......................................................................................................................................................4
6.
Reactie op de zienswijzen ............................................................................................................................5
7.
Ambtelijke wijzigingen ................................................................................................................................24
Notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Bestemmingsplan “Ontwikkelplan sanering varkenshouderij”
1
1. Inleiding Het ontwikkelplan sanering varkenshouderij betreft de herziening van het bestemmingsplan voor 13 locaties in de gemeente Meierijstad. Voor deze locaties is een herziening van het bestemmingsplan noodzakelijk in verband met de deelname aan de saneringsregeling voor varkenshouderijen. De bedrijfsbeëindiging wordt in het merendeel van de gevallen gecombineerd met het veranderen van de bestemming van het perceel. In het onderstaande overzicht is aangegeven om welke locaties het gaat en welke aanpassingen het betreft.
1
Adres Boterpad 1 Veghel
Aanvraag 15-02-2021
2
Krijtenburg 9 Erp
16-02-2021
3
Pater Visserslaan 15 Veghel
15-02-2021
4
Trentweg 24 Erp
17-02-2021
5
Kraanmeer 28 Erp
11-02-2021
6
Erpsesteeg 6 Zijtaart
19-01-2021
7
De Kuilen 12a/13
17-02-2021
Beschrijving Behoud van bedrijfswoning en omschakeling naar bedrijfsbestemming (stalling voor akkerbouw/ statische opslag / bedrijfsverzamelgebouw) (maximaal 1190 m2 bedrijfsbebouwing) Bedrijfswoning wordt burgerwoning. Een cultuurhistorisch waardevol gebouw krijgt ook een woonfunctie. Wonen met nevenfunctie statische opslag (totale oppervlakte bijgebouwen 411 m2) Bedrijfswoning wordt burgerwoning (311 m2 bijgebouwen) Bedrijfswoning wordt woning bij een horecabedrijf / evenementenverhuurbedrijf. (oppervlakte bedrijfsbebouwing max. 1200 m2 / horecagedeelte max. 420 m2) Agrarische bestemming blijft behouden voor een vollegrondsgroenteteeltbedrijf, met directe mogelijkheid voor 1400 m2 tunnelkassen binnen bouwvlak. Bedrijfswoning wordt burgerwoning, vervangende
Sloop stallen 1000 m2
1500 m2
1400 m2
3650 m2
3600 m2
4000 m2
2100 m2 (saneringsregeling)
Notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Bestemmingsplan “Ontwikkelplan sanering varkenshouderij”
2
8
Liempdseweg 19 21 Sint-Oedenrode
9-02-2021
9
Weverspad 1 SintOedenrode
27-01-2021
10
Espendonk 15 Sint-Oedenrode
18-01-2021
11
Hoogstraat 65 Sint-Oedenrode
16-02-2021
12
Zijtaartseweg 12 Sint-Oedenrode
23-02-2021
13
Donte 9 SintOedenrode
11-02-2021
nieuwbouw met grotere inhoud 1000 m3 / extra bijgebouwen (300 m2). Drie ruimte-voor-ruimte-woningen worden toegevoegd. Bedrijfswoning (plattelandswoning) wordt burgerwoning. Toevoeging van 1 ruimte-voor-ruimtewoning. Bedrijfswoning wordt burgerwoning, behoud van 580 m2 bijgebouwen. Bedrijfswoning wordt burgerwoning, met stalling/opslag ten behoeve van kleinschalige akkerbouwactiviteiten (max 400 m2) Bedrijfswoning wordt bedrijfswoning bij hoveniersbedrijf (612 m2 bedrijfsbebouwing) Agrarische bedrijfsvoering wordt voortgezet in de vorm van een plantenkwekerij (sierheesters en coniferen) (behoud 240 m2 / nieuwbouw 700 m2) Voortzetten agrarisch bedrijf (akkerbouw, houden van zoogkoeien en schapen), met nevenactiviteiten: dagbesteding (zorgboerderij) en pensionstalling. (behoud/nieuwbouw ca. 1316 m2)
1000 m2 (aanvullend)
2100 m2
3000 m2
3200 m2
1750 m2
4550 m2
4200 m2
Totaal sloop: 37.050 m2
Notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Bestemmingsplan “Ontwikkelplan sanering varkenshouderij”
3
2. De procedure Het ontwerpbestemmingsplan is op 6 april 2022 gepubliceerd in het gemeenteblad Meierijstad. In de periode van 7 april tot en met 18 mei 2022 heeft het ontwerpbestemmingsplan ter voldoening aan artikel 3.8 van de Wet op de ruimtelijke ordening voor een ieder ter inzage gelegen. Daarnaast was het ontwerpbestemmingsplan digitaal raadpleegbaar via www.ruimtelijkeplannen.nl. Gedurende de genoemde termijn van zes weken kon een ieder naar keuze schriftelijk of mondeling een zienswijze op het ontwerpbestemmingsplan kenbaar maken aan de gemeenteraad van Meierijstad.
3. Zienswijzen Er zijn op het ontwerpbestemmingsplan 3 schriftelijke zienswijzen ingediend. Deze hebben betrekking op de volgende locaties: -
Liempdseweg 19 en 21 (namens initiatiefnemer) (brief d.d. 26 april 2022 / ontvangen 2 mei 2022) De Kuilen 12a en 13 (namens initiatiefnemer) (brief d.d 17 mei 2022 / ontvangen 18 mei 2022) Krijtenburg 9 Erp, Pater Visserslaan 15 Veghel, Kraanmeer 28 Erp, Erpsesteeg 6 Zijtaart, De Kuilen 12a en 13 Veghel, Liempdseweg 19 -21 Sint-Oedenrode, Weverspad 1 Sint-Oedenrode , Espendonk 15 Sint-Oedenrode, Hoogstraat 65 Sint-Oedenrode, Zijtaartseweg 12 Sint-Oedenrode ( Gedeputeerde Staten) (brief d.d. 18 mei 2022 / ontvangen 18 mei 2022)
Ter bescherming van de persoonsgegevens van de reclamanten is deze notitie van zienswijzen en ambtelijke wijzigingen geanonimiseerd.
4. De ontvankelijkheid Een zienswijze is ontvankelijk als deze uiterlijk de laatste dag van de periode van ter inzage legging is verzonden en binnen één week na deze dag is ingekomen (artikel 6:9 lid 2 Awb). Alle zienswijzen zijn binnen de gestelde termijn ingediend en dienen bij de besluitvorming worden betrokken.
5. Leeswijzer In onderdeel 6 van deze notitie wordt inhoudelijk ingegaan op de zienswijzen. Indien deze leidt tot aanpassing van het bestemmingsplan zullen de wijzigingen worden aangegeven en zal voorgesteld worden het ontwerp bestemmingsplan overeenkomstig gewijzigd vast te stellen. In hoofdstuk 7 worden de ambtshalve wijzingen benoemd, deze leiden eveneens tot gewijzigde vaststelling van het plan.
Notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Bestemmingsplan “Ontwikkelplan sanering varkenshouderij”
4
6. Reactie op de zienswijzen Algemeen Van de provincie (Gedeputeerde Staten) is een uitgebreide zienswijze ontvangen, welke zich richt op 10 van de 13 locaties die in het bestemmingsplan zijn opgenomen. Aangezien deze zienswijze zich ook richt op de locaties waarop de twee andere ingekomen zienswijzen betrekking hebben, wordt in het onderstaande eerst ingegaan op de zienswijze van de provincie (paragraaf 6.1 t/m 6.10). In paragraaf 6.11 en 6.12 komen de overige zienswijzen aan bod.
6.1. Zienswijze provincie locatie Krijtenburg 9 De Krijtenburg 9 te Erp betreft een langgevelboerderij met als bestemming Bedrijf. Op basis van art 3.69 lid c van de gewijzigde IOV( geconsolideerd 15 april 2022) is het mogelijk om de vestiging van of de splitsing in meerdere woonfuncties in cultuurhistorisch waardevolle bebouwing als dat bijdraagt aan het behoud of herstel van deze bebouwing. Daarnaast opent lid b de mogelijkheid van splitsing van een beeldbepalende woonboerderij. Wij constateren op deze locatie het volgende. De boerderij aan Krijtenburg 9 zien wij eerder als beeldbepalende bebouwing dan cultuurhistorische waardevolle bebouwing op basis van art. 3.69 IOV. De boerderij staat niet op de gemeentelijke welstandskaart of op de provinciale cultuurhistorische waardenkaart. Door bouwtechnisch bureau Schamp is een bouwhistorische verkenning gemaakt, waarbij het bureau de boerderij cultuurhistorische waarde toekent. De toelichting van art. 3.69 zegt hierover: ”In een voorkomend geval kan de cultuurhistorische waarde ook worden aangetoond met een deskundigenrapport, te beoordelen door een provinciale deskundige. Het gebouw wordt gelet op de in zo'n rapport aangetoonde cultuurhistorische waarden vervolgens ook door de gemeente als zodanig aangewezen en beschermd”. De aanwijzing en bescherming kan plaatsvinden door het pand op te nemen op een gemeentelijke erfgoedlijst.
Indien de bebouwing aan Krijtenburg 9 te Erp in aanmerking wil komen voor de regeling opgenomen in artikel 3.69 sub c van de IOV dan krijgen wij graag van uw gemeente de bevestiging dat dit pand opgenomen zal worden op de gemeentelijke erfgoedlijst en dus als zodanig aangewezen en beschermd zal worden. Als dat heeft plaatsgevonden willen wij het verzoek tot vestiging van een woonfunctie verder bezien nemen, en ontvangen wij graag de bouwtekeningen van de huidige, historische en toekomstige situatie, zodat wij kunnen beoordelen of de verbouwing bijdraagt tot behoud of herstel van de cultuurhistorische waarden. Wij constateren op basis van ons huidig inzicht daarom vooralsnog dat het plan in strijd is met artikel 3.69 van de IOV. Beantwoording Cultuurhistorisch waardevolle bebouwing Opgemerkt wordt dat in de eerder ontvangen vooroverlegreactie (22 december 2021) van de provincie geen kanttekeningen zijn geplaatst ten aanzien van de cultuurhistorische waarde van de aanwezige langgevelboerderij op de locatie Krijtenburg 9. De recente aanpassingen van de IOV van 15 april 2022 ten aanzien van artikel 3.69 rechtvaardigen ons inziens geen gewijzigd standpunt op dit punt. In het bestemmingsplan Buitengebied (vastgesteld 22 oktober 2015) is voor het perceel Krijtenburg 9 de bouwaanduiding ‘karakteristiek’ opgenomen. Uit de regels en toelichting van het plan volgt dat het hier wel
Notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Bestemmingsplan “Ontwikkelplan sanering varkenshouderij”
5
degelijk gaat om cultuurhistorisch waardevolle bebouwing gaat die behouden dient te blijven. In artikel 4.7 is een verbod opgenomen voor het slopen zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning. De toelichting van het bestemmingsplan geeft in paragraaf 4.2.1. Historische bouwkunst, het volgende aan:
Welstandsnota Het is niet duidelijk waarom dit object vervolgens later niet is opgenomen in bijlage 4 bij de Welstandsnota Meierijstad 2018, vermoedelijk omdat de lijsten van eerdere welstandsnota’s van gemeenten Sint-Oedenrode, Veghel en Schijndel zijn toegepast. Opvallend daarbij is dat voor de panden in de voormalige gemeenten SintOedenrode en Veghel de benaming ‘beeldbepalende panden’ wordt gebruikt terwijl in de voormalige gemeente Schijndel, de term ‘cultuurhistorisch waardevol’ is toegepast. Uit de toelichting van de welstandsnota kan echter worden opgemaakt dat het in beide gevallen gaat om panden die ook cultuurhistorisch van belang zijn. 4.2.3 Beeldbepalende en cultuurhistorisch waardevolle panden In de eerdere welstandsnota’s van Schijndel, Sint-Oedenrode en Veghel zijn beeldbepalende panden benoemd die een hoge belevingswaarde waarde hebben en cultuurhistorisch van belang zijn. In het buitengebied zijn dit vooral de traditionele boerderijen. Uitgangspunt van het welstandsbeleid is het behouden van deze cultuurhistorisch waardevolle panden en behoud van de karakteristieke architectonische en bouwkundige kenmerken. Voor veel van dergelijke panden is deze waardering in bestemmingsplannen vastgelegd in de dubbelwaarde bestemming met bijbehorende regels voor behoud.
(Ver)bouwplannen aan beeldbepalende panden worden voor de welstandsbeoordeling getoetst aan de criteria ‘Historische waarden’. Bij een vergunningplichtige bouwactiviteit aan een beeldbepalend en/of cultuurhistorisch waardevol pand wordt het gehele object beoordeeld.
Binnen de gemeente Meierijstad wordt op dit moment nog geen onderscheid gemaakt tussen beeldbepalende panden of cultuurhistorisch waardevolle panden. Een dergelijk onderscheid zou gelet op de redactie van artikel
Notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Bestemmingsplan “Ontwikkelplan sanering varkenshouderij”
6
3.69 IOV immers noodzakelijk zijn. Aangezien de beoogde ontwikkeling ziet op het realiseren van een woning in een vervallen woonboerderij (er is geen sprake van splitsing) bied alleen artikel 3.69 lid c van de IOV de mogelijkheid voor de realisatie van een nieuwe woning in dit pand. Ontwikkeling is dus alleen mogelijk als sprake is van een gebouw met cultuurhistorische waarden. Cultuurhistorisch waarde Het gebouw heeft, zoals ook wordt bevestigd in de door Schamp opgestelde bouwhistorische verkenning, wel degelijk cultuurhistorische waarde. Dit betreft zowel het exterieur als het interieur van het gebouw, waarbij in de detaillering van het gebouw nog veel historische elementen behouden zijn gebleven. De sloop van de varkenstallen (saneringsregeling varkenshouderij) verhoogd bovendien de situationele waarde aanmerkelijk. De aanwijzing en bescherming van het pand vindt in eerste instantie plaats met de regeling zoals opgenomen in het bestemmingsplan. De reeds bestaande bescherming van het pand wordt daarmee voorgezet. In het bestemmingsplan is het verbod op sloop opgenomen en is de ingebruikname van het pand als woning gekoppeld aan de verplichting tot renovatie. Wel zal de aanduiding ‘karakteristiek’ worden vervangen door de aanduiding ‘cultuurhistorisch waardevolle bebouwing’ aangezien dat de historische waarde van het pand beter weergeeft.
Deze waarde is meeromvattend dan de waarde van een beeldbepalend pand, waarbij met name de situering en bouwmassa voor het straatbeeld belangrijk zijn. Een dergelijk pand zou in beginsel ook vervangen kunnen worden door gebouwen met een vergelijkbare omvang en uitstraling. Gelet op de waarde die aan het pand is/wordt toegekend ligt het voor de hand om de woonboerderij op de locatie Krijtenburg 9 op termijn ook toe te voegen aan een erfgoedlijst. De actualisatie van deze lijst zal de komende jaren worden opgepakt, waarin deze locatie zal worden meegenomen. De invoering van de Omgevingswet en de beleidsmatige keuzes die daarin gemaakt moeten worden spelen hierbij ook nog een rol. Uitwerking bouwtekeningen De bouwtekeningen voor renovatie zijn door Schamp, Bouwkundig advies uitgewerkt. In deze uitwerking zijn twee alternatieven opgenomen: Alternatief 1. Ontwerpuitgangspunt: het behoud van het in de jaren ’60 verbouwde bedrijfsgedeelte met stalen balken en kolommen en nieuwe gevels met betonnen stalramen. Alternatief 2. Ontwerpuitgangspunt: de verschijningsvorm zoals deze bij de bouw van de boerderij of net daarna geweest moet zijn. Voor beide alternatieven geldt het bouwkundige uitgangspunt dat alles wat in de waarderingstekening van de boerderij als “hoog monumentaal” (in de kleur blauw) is aangegeven, fysiek behouden kan en zal blijven, en gerestaureerd worden.
In de tekening is alles wat behouden kan en zal blijven met rood aangegeven, wat mogelijk behouden kan blijven in de kleur groen en de onderdelen die geamoveerd worden in de kleur grijs. De tekeningen worden toegevoegd aan de bijlagen bij de toelichting. Conclusie Via de voorwaardelijke verplichting die is opgenomen in de planregels, is geborgd dat de aanbevelingen zoals opgenomen uit de bouwhistorische verkenning bij de renovatie in acht worden genomen. Advisering door de monumentencommissie maakt bovendien nadrukkelijk deel uit van de besluitvorming over de te verlenen vergunning voor de renovatie van het pand. Behoudens de wijziging ten aanzien van de aanduiding
Notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Bestemmingsplan “Ontwikkelplan sanering varkenshouderij”
7
‘cultuurhistorische waardevolle bebouwing’ ipv ‘karakteristiek’ en het toevoegen van de uitgewerkte tekeningen aan de toelichting van het plan vinden geen aanpassingen plaats in het plan.
6.2 Zienswijze provincie locatie Pater Visserslaan 15 De ontwikkeling op de locatie Pater Visserslaan 15 betreft de beëindiging van een intensieve veehouderij. Eén gebouw blijft behouden ten behoeve van statische opslag en het hobbymatig houden van dieren. Daarnaast wordt een bijgebouw bij de woning toegevoegd. De provinciale opmerkingen uit het vooroverleg lijken niet tot wijzigingen in het plan te hebben geleid. De inrichting van het bestemmingsvlak is niet veranderd. Zorgvuldig ruimtegebruik is geen uitgangspunt voor dit plan. Bij deze ontwikkeling constateren wij dat het bouwvlak en de bebouwing niet echt geconcentreerd is. Hiermee ontstaat geen compact bouwvlak en wordt ook niet voldaan aan zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik. Ook ontstaan twee op zichzelf staande functies door deze inrichting. Doordat inpassing nu tussen de percelen plaatsvindt, is dit erfinrichting en geen inpassing. Bovendien is gekozen voor hoogstamfruit wat typerend is als erfinrichting. Wij dringen bij u aan het plan aan te passen een en ander aan te passen. Wij constateren dan ook dat het plan in strijd is met artikel 3.6 en 3.9 van de IOV. Wij willen de suggestie meegeven om een persoonlijk overgangsrecht te vestigen voor de overblijvende rundveeloods, zodat uiteindelijk een compact bouwvlak ontstaat rondom de overblijvende burgerwoning.
Beantwoording Deelname aan de saneringsregeling ziet op deze locatie in het slopen 1411 m2 bebouwing. Daarnaast is ook erfharding en enkele voersilo’s verwijderd. Een bestaande loods die niet onder de saneringsregeling valt blijft behouden (oppervlakte 350 m2). Deze wordt gebruikt voor statische opslag (max. 260 m2) en het hobbymatig houden van dieren (ca. 90m). Bij de woning wordt een nieuw bijgebouw opgericht met een oppervlakte van max. 60 m2, dit betreft een huishoudelijke berging voor de stalling van fietsen e.d. Op 13 oktober 2020 is door het college van burgemeester en wethouders in beginsel ingestemd met deze ontwikkeling. De overweging van de initiatiefnemer om deel te nemen aan de saneringsregeling Varkenshouderij is mede gebaseerd op het ingenomen standpunt ten aanzien van de toekomstige bestemming van deze locatie. De bedrijfsbeëindiging op deze locatie wordt als zodanig waardevol beschouwd dat een afwijking van het in de gemeente gebruikelijke ruimtelijke beleid in deze situatie aanvaardbaar wordt geacht. In het onderstaande wordt dit standpunt nader toegelicht. Wonen De omschakeling naar de bestemming ‘Wonen’ is een logische keuze, gelet op de beëindiging van het agrarisch bedrijf op deze locatie. De te behouden loods zal deels worden gebruikt voor bedrijfsmatige activiteiten (statische opslag) met een maximum van 260 m2.
Dit heeft een dusdanig beperkte omvang dat dit binnen de woonbestemming als passend kan worden beschouwd. Opgemerkt wordt dat op grond van het gemeentelijk beleid tot 400 m2 aan statische opslag bij een burgerwoning kan worden toegestaan (zie artikel 7.13 bestemmingsplan Harmonisatie van diverse regelingenLaaghangend fruit). Het te behouden gebouw bevindt zich nog in een goede bouwkundige staat en is ook geschikt voor het beoogde doel. (statische opslag / houden van hobbydieren). De bedrijfsmatige nevenactiviteit
Notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Bestemmingsplan “Ontwikkelplan sanering varkenshouderij”
8
levert geen hinder op voor de omgeving. Het behoud van de loods wordt in deze situatie daarom als passend gezien te worden, het betreft hier geen overtollige bebouwing die verwijderd zou moeten worden. Oppervlakte bestemmingsvlak De oppervlakte van het bestemmingsvlak Wonen, zoals opgenomen in het ontwerpbestemmingsplan bedraagt 3449 m2. Het oude bestemmingsvlak bedrijf had een omvang van ca. 8600 m2. In het licht van de gemaakte opmerkingen (zorgvuldig ruimtegebruik), is de begrenzing van het bestemmingsvlak nader bezien. Mede op basis van de terreininrichting die inmiddels heeft plaatsgevonden kan het tuin/erfgedeelte bij de woning worden verkleind. Ook achter de loods kan een deel van het bestemmingsvlak ‘Wonen’ komen te vervallen. Het bestemmingsvlak wordt hierdoor ca. 600- 650 m2 kleiner. Oppervlakte / situering bijgebouwen Naast het te behouden voormalige bedrijfsgebouw wordt medewerking verleend aan het plaatsen van een nieuw bijgebouw bij de woning. Dit gebouwtje heeft een omvang van 60 m2, deze is reeds naast de woning opgericht. De totale oppervlakte aan bijgebouwen komt daarmee uit op 410 m2. De onderlinge afstand tussen de woning en het te behouden gebouw is fors. Aangezien het een bestaand gebouw betreft, waarvoor een passend hergebruik is voorzien, kan dit niet worden aangepast.
Door de landschappelijke inpassing/ terreininrichting ontstaat toch een samenhangend geheel. Landschappelijke inpassing De landschappelijke inpassing vindt plaats op de randen van het bestemmingsvlak Wonen. In verband de aanpassing van het bestemmingsvlak en de gemaakte opmerkingen is ook het beplantingsplan aangepast. Uit dit plan volgt duidelijk dat sprake is van landschappelijke inpassing en niet van terreininrichting. De situering van een haag is aangepast en de fruitbomen worden vervangen door knotwilgen. Op zichzelf staande functies Alle gebouwen zijn gelegen binnen het bestemmingsvlak ‘Wonen’. De bijgebouwen bij de woning moeten ten dienste staan van het hoofdgebouw. In regels is ten overvloede opgenomen dat de bedrijfsmatige activiteiten moeten worden uitgeoefend door een hoofdbewoner van de woning. Zelfstandig gebruik van de loods is derhalve niet toegestaan. Via de regels van het plan is voldoende geborgd, dat geen twee op zichzelf staande functies kunnen ontstaan. Persoonsgebonden overgangsrecht Het voorstel voor het opnemen van een persoonsgebonden overgangsrecht is voor de initiatiefnemer niet aanvaardbaar, gelet op de praktische en financiële bezwaren die daaraan verbonden zijn en de verwachting die met het eerder genomen principebesluit is gewekt. Conclusie De omvang van het bestemmingsvlak ‘Wonen’ wordt verkleind.
Het plan voor de landschappelijke inpassing is hierop aangepast, hierbij zijn ook de andere bezwaren t.a.v. de soort beplanting weggenomen..
Notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Bestemmingsplan “Ontwikkelplan sanering varkenshouderij”
9
6.3 Zienswijze provincie locatie Kraanmeer 28 De ontwikkeling op de locatie Kraanmeer 28 omvat de beëindiging van een intensieve veehouderij. De bedrijfswoning blijft behouden maar wordt gekoppeld aan de nieuwe functie voor het bedrijf. De nieuwe functie is gericht op groepsbijeenkomsten en dergelijke zaken. In het kader van omgevingskwaliteit is geen analyse van het gebied opgenomen en is niet onderbouwd waarom de gekozen beplanting passend is in het gebied. Bovendien is groen meegenomen dat gelegen is binnen het bouwvlak. Dat zien wij als inrichting en niet als inpassing van het plangebied. De inrichting van de ecologische verbindingszone zou ook meegenomen kunnen worden als tegenprestatie voor de kwaliteitsverbetering. Wij constateren dan ook dat het plan in strijd is met artikel 3.9 van de IOV.
Beantwoording Gelet op de gemaakte opmerkingen dient de onderbouwing van het plan op enkele onderdelen aangepast te worden. De onderstaande motivering wordt aan de opgestelde ruimtelijke onderbouwing toegevoegd. Omgevingskwaliteit Gebiedsanalyse De locatie Kraanmeer 28 is gelegen tussen de gehuchten Morschehoef en Kraanmeer. De weg was van oudsher de verbindingsroute tussen de grotere plaatsen Erp en Uden. Na de ontginning van het gebied en de ruilverkaveling (1947-1986) is een intensief gebruikt agrarisch productielandschap ontstaan. Voor de teelt van planten wordt op veel locaties gebruik gemaakt van teeltondersteunende voorzieningen. Langs een gedeelte van het perceel loopt een bomenrij (eiken). Deze volgt het tracé van een oud zandpand. In het bestemmingsplan is deze strook, opgenomen als landschapselement. Aan de zuidzijde van het terrein loopt een waterloop. Deze waterloop vormt een verbinding tussen de Goorsche Bosschen ten oosten van de locatie en het Blankens Kerkhof, ook een bosgebied. Het is een wens om deze ecologische verbindingsroute te verbeteren. Op de omliggende agrarische percelen ten oosten en westen van de locatie, is de gebiedsaanduiding ‘Struweel’ van toepassing. Het beleid is erop gericht om de bij dit landschapstype behorende leefgemeenschappen te behouden, te herstellen of te ontwikkelen. Beplanting Het perceel heeft een omvang van ruim 2 hectare.
Dit lijkt fors maar is alleszins passend gelet op de schaal en het intensieve gebruik van de omliggende kavels. De gekozen beplanting is passend in het gebied qua grondsoort / waterstanden. Het perceel wordt al deels omzoomd met een boomsingel van eiken. Dit bestaande landschapselement wordt gebruikt als achtergrond voor het inrichtingsplan. Deze bomenrij blijft als afzonderlijk element in het landschap waarneembaar.
Notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Bestemmingsplan “Ontwikkelplan sanering varkenshouderij”
10
Het plan voorziet in de aanplant van verschillende inheemse bomen, struiken en een kruidlaag. Deze invulling sluit goed aan op de gebiedsaanduiding ‘struweel’ zoals op de omliggende percelen met de bestemming ‘Agrarisch met waarden’ is opgenomen . Het beleid is gericht op het behoud, herstel en/of duurzame ontwikkeling van de ecologische waarden in het algemene en het bijzonder voor de levensgemeenschappen van struweel. Het landschapsplan/ terreininrichtingsplan ziet op de realisatie van een soort struweellandschap. Dit zorgt niet alleen voor een fraaie aanblik van het terrein het levert ook een bijdrage aan het versterken van de biodiversiteit. De aan te planten soorten, leveren voedsel- , nest- en schuilgelegenheid op voor een grote verscheidenheid aan soorten. Het beheer/gebruik van het terrein wordt hierop afgestemd. Bedrijfsmatige activiteiten, in het bijzonder de horeca-activiteiten vinden hoofdzakelijk plaats in de op te richten ‘tuinkas’. Het omliggende terrein vormt het landschappelijke kader waarbinnen deze activiteiten plaatsvinden en wordt niet heel intensief gebruikt. Ecologische verbindingszone Door het waterschap is aangegeven dat zij nog een opgave heeft op grond van de Kaderrichtlijn water, om langs de watergang de Beekgraaf een natuurvriendelijke oever te realiseren.
Een natuurlijke oever heeft een flauwe oever met een geleidelijke overgang van water naar land. Het gebied waar bepaalde types water- en oeverplanten groeien wordt daarmee vergroot. Dergelijke maatregelen leveren een positieve bijdrage aan het versterken van de biodiversiteit. Onderstaande afbeelding betreft voorbeeld van een watergang met natuurvriendelijke oevers.
Initiatiefnemer is bereid hieraan medewerking te verlenen. Met het waterschap zijn inmiddels nadere afspraken gemaakt om hieraan invulling te geven, dit wordt geïntegreerd in het plan voor de landschappelijke inpassing. Conclusie Toelichting wordt aangevuld met de bovenstaande motivatie en de landschappelijke inpassing wordt aangevuld met de aanleg van een natuurvriendelijke oever. De verbeelding van het plan is hierop aangepast.
Notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Bestemmingsplan “Ontwikkelplan sanering varkenshouderij”
11
6.4 Zienswijze provincie locatie Erpsesteeg 6 De ontwikkeling op de locatie Erpsesteeg 6 omvat de beëindiging van een intensieve veehouderij en het voortzetten van het akkerbouwbedrijf (vollegrondsteeltbedrijf). Zorgvuldig ruimtegebruik Het bouwvlak is niet verkleind. U geeft aan dat: “Om in de toekomst de mogelijkheid te behouden om ter plaatse de benodigde voorzieningen en uitbreidingen te kunnen faciliteren is het niet gewenst om het huidige bouwvlak met een omvang van ruim 1 hectare (circa 10.525 m²) te verkleinen. Hierdoor zou onvoldoende ruimte overblijven voor de verdere ontwikkeling van het bedrijf.” Dit past niet in de het basisprincipe van zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik. De ruimte is immers niet noodzakelijk, noch wordt zij gebruikt voor de uitoefening van het bedrijf. De ontwikkeling is daarmee in strijd met artikel 3.6 van de IOV. In het verlengde hiervan vragen wij ons nadrukkelijk af of hier sprake is van hobbymatige activiteiten of dat sprake is van een bedrijfsmatige agrarische activiteiten. Indien sprake is van hobbymatige activiteiten ligt onzes inziens de verkeerde bestemming op deze locatie. Beantwoording Gelet op de ontvangen zienswijze en de eerdere vooroverlegreactie van 22 december 2021 is besloten om een advies in te winnen bij de Adviescommissie Agrarische Bouwaanvragen.
In het op 22 juni 2022 ontvangen advies is aangegeven dat er voldoende basis is om uit te gaan van de ontwikkeling van het bedrijf als vollegrondsteelt-bedrijf met een omvang van een reëel agrarisch bedrijf zoals omschreven in het bestemmingsplan. Ten aanzien van de omvang van het bouwvlak is aangegeven dat dit passend is in relatie tot de aard en omvang van het te ontwikkelen agrarisch bedrijf. Het door de AAB uitgebrachte advies bevestigt ons eerder ingenomen standpunt. Er is in deze casus geen sprake van hobbymatige activiteiten, de agrarische bestemming en de omvang van het bouwvlak dienen dan ook als passend beschouwd te worden in het kader van een evenwichtige toewijzing van functies en een zorgvuldig ruimtegebruik zoals aangegeven in de IOV. De zienswijze vormt geen aanleiding om het bestemmingsplan aan te passen. Conclusie Behoudens het toevoegen van het AAB-advies aan de toelichting van het bestemmingsplan vinden voor deze locatie geen aanpassingen in het bestemmingsplan plaats op basis van de ingekomen zienswijze.
6.5 Zienswijze provincie locatie De Kuilen 12a en 13 Veghel De ontwikkeling op de locatie De Kuilen 12a en 13 omvat de beëindiging van een varkenshouderij en de sloop van bestaande stallen en bijgebouwen. De bedrijfswoning wordt omgezet naar een reguliere woning en er worden ruimte-voor-ruimte woningen gerealiseerd.
Ruimte-voor-ruimte
Notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Bestemmingsplan “Ontwikkelplan sanering varkenshouderij”
12
Wij constateren dat ter hoogte van het bouwperceel aan de Kuilen 12a en 13 sprake is van een bebouwingslint en daarmee een bebouwingsconcentratie. Een kenmerk van een bebouwingslint is dat dit gestructureerd langs een weg loopt, aan één of beide zijden van de weg. In het plan worden drie ruimte-voor-ruimtekavels geprojecteerd. Twee aan de voorzijde met de verschijningsvorm van een woonboerderij. De derde ruimte-voorruimtekavel wordt aan de achterzijde van het bestaande bouwperceel geprojecteerd. De ruimte-voorruimtekavel wordt gepresenteerd alsof deze aan het Loo wordt geplaatst, echter gezien de stankcirkel van de buurman wordt deze 50 meter naar het oosten verplaatst waardoor deze woning in feite niets met de bebouwingsconcentratie te maken heeft. Bovendien maakt de weg het Loo geen deel uit van het aangehaalde bebouwingslint. Wij constateren dan ook dat dit geen aanvaardbare locatie in een bebouwingsconcentratie is en dat de ontwikkeling in strijd is met artikel 3.79 lid 2 van de IOV. Kwaliteitsverbetering landschap Verder is de voorgestelde inpassing van het plangebied vooral inrichting op het perceel. De nadere onderbouwing waarom gekozen wordt voor deze inpassing en hoe deze passend is in het gebied ontbreekt in zijn geheel. Het plan is daarmee ook strijdig met artikel 3.9 van de IOV.
Beantwoording Ruimte-voor-ruimtewoning ’t Loo De woning wordt gesitueerd binnen de bebouwingsconcentratie zoals opgenomen in de gebiedsvisie Buitengebied in ontwikkeling. Voor de sloop van de stallen (De Kuilen 12a) was reeds aan twee zijden van deze weg bebouwing aanwezig. De veehouderij op de locatie De Kuilen 12 is nog prominent aanwezig waarbij de bedrijfsgebouwen (de hoofdgebouwen binnen dit bouwvlak) bovendien vanuit ’t Loo worden ontsloten. Dit gedeelte van het ’t Loo maakt derhalve deel uit van de bebouwingsconcentratie. Kenmerk van een bebouwingslint is ook dat dit organisch is ontstaan waarbij er veel variatie aanwezig is bebouwing, wat betreft perceelsgrootte, de omvang, situering, bouwstijl, ouderdom. De woning op het perceel De Kuilen 15 ligt bijvoorbeeld ook op een afstand van 60 meter van de weg (zelfs grotendeels achter een andere woning). De afstand van 50 meter wordt gemeten vanaf de grens van het agrarische bouwvlak. De afstand tot de voorste perceelsgrens bedraagt ca. 42 m. Deze afstand is nodig om een goed woon- en leefklimaat te kunnen garanderen. De voorgevel van deze woning komt min of meer gelijk te liggen met de zijgevel van de te herbouwen woning (voormalige bedrijfswoning). De nieuw te realiseren bebouwing wordt zoveel mogelijk geconcentreerd waardoor een samenhangend beeld ontstaat.
De woning aan ’t Loo is met de voorgevel gericht op deze weg en ook de ontsluiting vindt aan deze zijde plaats. Van een onaanvaardbare locatie is ons inziens geen sprake. Het opgestelde landschapsplan zorg verder voor een samenhangende herontwikkeling van deze saneringslocatie. Kwaliteitsverbetering Het landelijke karakter van dit bebouwingslint blijft behouden en wordt versterkt met dit plan. Dit uit zich onder andere in de landelijke bouwstijl die wordt nagestreefd. De landschappelijke inpassing zorgt niet alleen voor een groene aankleding van de te bouwen woningen, het moet er ook voor zorgen dat eventuele bijgebouwen niet op de perceelsgrenzen worden gebouwd. Ook dit komt ten goede aan het ruimtelijke karakter van dit gebied. Ter plaatse van de op te richten tweekapper (stijl langgevelboerderij) verdwijnt een open ruimte in dit bebouwingslint. Op de hoek het plangebied ontstaat echter een nieuw onbebouwd gebied door de sloop van de bedrijfsbebouwing. Dit gebied behoudt de agrarische bestemming en zal worden gebruikt als dierenweide en als hoogstamboomgaard. Dit zijn functies die goed passen binnen het kleinschalige en gemengde karakter van een bebouwingslint. Dit gedeelte van het plan betreft de inrichting van een agrarisch cultuurlandschap en behoort
Notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Bestemmingsplan “Ontwikkelplan sanering varkenshouderij”
13
niet tot de erfinrichting. Hoogstamboomgaarden hebben een hoge ecologische waarde en verfraaien het landschap, hetgeen de belevingswaarde van het gebied ten goede komt. Op de randen van de verschillende bestemmingsvlakken is voorzien in een robuuste landschappelijke inpassing waarbij wordt gekozen voor gebiedseigen inheemse soorten. Meerwaardecreatie De sanering van deze varkenshouderij op deze locatie heeft maatschappelijk gezien een grote meerwaarde zowel in milieuopzicht (verdwijnen schadelijke uitstoot) en in landschappelijk opzicht door de sloop van veel bebouwing. -
Sloop van ca. 2100 m2 bebouwing (deelname saneringsregeling) Sloop van ca. 1000 m2 (voormalige bedrijfsgebouwen bij de bedrijfswoning)
Met de aankoop van de drie titels voor de drie ruimte-voor-ruimtetitels wordt nog een extra bijdrage geleverd aan de kwaliteitsverbetering van het landelijk gebied. Eén titel staat gelijk aan de sloop van 1000 m2 stalruimte en het inleveren van 3500 kg fosfaatrechten. Landschappelijke inpassing Ten opzichte van de omliggende percelen is sprake van een forse investering in de landschappelijke inpassing van deze ontwikkeling. Financiële overwegingen Initiatiefnemer heeft zijn beslissing om deel te nemen aan de saneringsregeling vooral gebaseerd op de principemedewerking van de gemeente voor het realiseren van 3 ruimte-voor-ruimte-woningen op deze locatie. De bedrijfsbeëindiging was enkel met de vergoeding van het rijk niet haalbaar. Met de ontwikkeling van de drie woningen bleek bedrijfsbeëindiging wel mogelijk. De derde woning is daarbij noodzakelijk mede gelet op de eerdere eigendomssituatie en de onmogelijkheid om een woning binnen de hindercirkel van het nabij gelegen bedrijf te kunnen realiseren. Conclusie Het geheel overwegende draagt het plan in hoge mate bij aan de verbetering van de ruimtelijke kwaliteit van dit gebied. De locatie van de woning aan ’t Loo is, in combinatie met het landschapsplan en de situering van de overige woningen/ omliggende bebouwing, zeker passend te noemen.
Behoudens de bovenstaande aanvullingen ten aanzien van de motivering vormt de zienswijze geen aanleiding om het bestemmingsplan op dit punt aan te passen. (opmerking; zie paragraaf 6.12 De Kuilen ==> correctie situering bouwvlak)
6.6 Zienswijze provincie locatie Liempdseweg 19 en 21 Sint-Oedenrode De ontwikkeling op de locatie Liempdseweg 19 en 21 omvat de beëindiging van een varkenshouderij, waarbij de bestaande stallen worden gesloopt. De bedrijfswoning wordt omgezet naar een reguliere woning en er wordt één ruimte-voor-ruimte woning gerealiseerd.
Notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Bestemmingsplan “Ontwikkelplan sanering varkenshouderij”
14
Voor wat deze locatie betreft is sprake van een bebouwingsconcentratie. Maar kijkend naar een planologisch aanvaardbare locatie is een oriëntatie van de woning aan de straat passend maar is de ligging achter op het erf geen aanvaardbare plek. Wij constateren dat de locatie van de woning niet is aangepast. Daarnaast betreft ook in dit geval de landschappelijke inpassing vooral de inrichting van het plangebied. Het plan is in strijd met artikel 3.79 van de IOV. Beantwoording Situering woning Op deze locatie is een bestaand hoofdgebouw gesloopt, de varkensstal was immers het belangrijkste gebouw binnen dit bouwvlak. (definitie bestemmingsplan: hoofdgebouw: een gebouw, of gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer gebouwen op het perceelaanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is.) De voorgevel van de te realiseren woning (bouwvlakgrens) is gesitueerd op dezelfde plaats als de voorgevel van een gesloopt bedrijfsgebouw. De mogelijkheid om de woning dichter bij de weg te plaatsen is wel onderzocht maar was niet haalbaar vanwege de breedte van het perceel. Aankoop van extra gronden was niet mogelijk (eigenaar wilde niet verkopen) of dermate duur dat het plan economisch niet meer haalbaar was.
Situering van de woning op de naastgelegen akker is vanuit een landschappelijk oogpunt bovendien niet gewenst vanwege het gewenste behoud van het open karakter van dit deel van deze bebouwingsconcentratie. Gelet op het ontbreken van haalbare alternatieven is ingestemd met het oprichten van de woning op deze locatie. De impact op het landschap is te verwaarlozen, zeker in relatie tot de bebouwing die is afgebroken. De nieuwbouw wordt bovendien voorzien van een goede landschappelijke inpassing. Landschappelijke inpassing De landschappelijke inpassing wordt aangebracht op de randen van het bestemmingsvlak ‘Wonen’. Dit zorgt voor een duidelijke afbakening van het woonerf en maakt het onderscheid met de omliggende agrarische gronden duidelijk. Het bestemmingsvlak ‘wonen’ is daarbij zo compact mogelijk gehouden. Bestaande bomen onttrekken de bouwlocatie al grotendeels aan het oog, deze bestaande groenelementen worden aangevuld met (scheer)hagen en ter hoogte van de zijgevel van de woning een meer robuuste struweelhaag. Gelet op de terugliggende positie van de woning is dit een toereikende inpassing. Financiële overwegingen Initiatiefnemer heeft zijn beslissing om deel te nemen aan de saneringsregeling mede gebaseerd op de principemedewerking van de gemeente (besluit voor het realiseren van een ruimte-voor-ruimte-woning op deze locatie.
De bedrijfsbeëindiging was enkel met de vergoeding van het rijk niet haalbaar. Conclusie Het geheel overwegende draagt deze ontwikkeling in hoge mate bij aan de verbetering van de ruimtelijke kwaliteit van dit gebied, gelet op de milieuwinst en de sloop van ca. 2100 m2 bedrijfsbebouwing. Voor de op ter richten woning wordt bovendien een bouwtitel aangekocht. De woning vervangt het hoofdgebouw wat eerder op deze locatie aanwezig was waardoor geen sprake is van een grote ruimtelijke impact op dit gebied. Gezien deze meerwaarde en de beperkte ruimtelijke impact zijn wij van mening dat sprake is van een aanvaardbare situering van deze woning. De zienswijze vormt, behoudens bovenstaande aanvullingen ten aanzien van de motivering, geen aanleiding om het ontwerpbestemmingsplan op dit punt aan te passen.
Notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Bestemmingsplan “Ontwikkelplan sanering varkenshouderij”
15
(opmerking zie paragraaf 6.11: zienswijze initiatiefnemer)
6.7 Zienswijze provincie locatie Weverspad 1 Sint-Oedenrode De ontwikkeling op de locatie Weverspad 1 omvat de beëindiging van een varkens- en rundveehouderij, waarbij een bestaande stal van 450 m² wordt behouden. De bedrijfswoning wordt omgezet naar een reguliere woning, waarbij in totaal 580 m² aan bijgebouwen blijven staan. Kwaliteitsverbetering landschap In het kader van kwaliteitsverbetering van het landschap is in het regionale afsprakenkader vastgelegd dat meer dan 500 m² bij woningen valt onder een categorie 3-ontwikkeling. In het bestemmingsplan is aangegeven dat sprake is van een categorie 2. Dit is niet juist. Verder ontbreekt een nadere onderbouwing dat deze inpassing passend is in het gebied. Wij dringen bij u aan dat u het plan aanpast. Zorgvuldig ruimtegebruik In het kader van zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik vragen wij ons af of 580 m² passend is bij een burgerwoning. De nadere onderbouwing waarom gevraagd is in het vooroverleg ontbreekt nog altijd. Graag zien wij hiervoor een nadere onderbouwing, onder meer met betrekking tot het gebruik van deze bebouwing in de toelichting. Vooralsnog – gelet op de ontbrekende onderbouwing – zien wij deze bebouwing als overtollig. Wij constateren dan ook dat het plan in strijd is met artikel 3.6 van de IOV.
Beantwoording Kwaliteitsverbetering landschap Aan de toelichting van het plan is de onderstaande kwaliteitsberekening toegevoegd.
Notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Bestemmingsplan “Ontwikkelplan sanering varkenshouderij”
16
Het resterende bedrag dient te worden gestort in het Fonds Kwaliteitsverbetering Buitengebied. Hiervoor wordt aan artikel 9.4 een voorwaardelijke verplichting toegevoegd. Landschappelijke inpassing Voor deze ontwikkeling is een landschappelijke inpassing opgesteld. Gelet op de gemaakte opmerkingen is de motivering van het plan aangepast en worden ook meer bomen aangeplant om tot een goede inpassing van dit bestemmingsvlak te komen. Zorgvuldig ruimtegebruik Een bestaande bedrijfsruimte (rundveestal oppervlakte 450 m2), welke niet onder de saneringsregeling viel, blijft behouden en verder ook twee bestaande bijgebouwen bij de bedrijfswoning. De te behouden loods zal worden gebruikt voor hobbymatige agrarische activiteiten (stallen van paarden) / stalling van landbouwmachines voor het beheer/onderhoud van de omliggende agrarische gronden. Voor het houden van de paarden wordt ook een buitenrijbak aangelegd. Verder zal het gebouw worden gebruikt ten behoeve van een beroep of bedrijf aan huis. De kleinere bijgebouwen bij de woning zijn in gebruik als tuinhuis en garage/berging. Het beoogde gebruik van deze ruimten is op verschillende plaatsen in de toelichting opgenomen.
Notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Bestemmingsplan “Ontwikkelplan sanering varkenshouderij”
17
Financiële overwegingen De overweging van initiatiefnemer om deel te nemen aan de saneringsregeling is mede gebaseerd op het principebesluit inzake het behoud van de voormalige rundveestal (13 oktober 2020). Het belang van deelname aan de saneringsregeling dient ook deze casus in ogenschouw genomen te worden. Gelet op de meerwaarde van deze ontwikkeling op het gebied van milieu en landschap, wordt een woonbestemming met het behoud van 580 m2 aan bijgebouwen in deze situatie als een passende ontwikkeling gezien. Bijgebouwen worden gebruikt voor huishoudelijke doeleinden (berging/stalling), hobbymatige agrarische activiteiten (paarden) /stalling landbouwmachines en voor de uitoefening van een beroep/bedrijf aan huis. Conclusie De aanvullende motivering is verwerkt in de toelichting en regels van het plan. Het aangepaste plan voor de landschappelijke inpassing is opgenomen in de bijlagen bij de regels.
6.8 locatie Espendonk 15 Sint-Oedenrode De ontwikkeling op de locatie Espendonk 1 omvat de omschakeling van een varkenshouderij naar wonen. De bestaande bedrijfswoning wordt omgezet naar een reguliere woning, waarbij 400 m² aan bijbehorende bouwwerken zijn toegestaan. Deze bijgebouwen worden gebruikt voor een kleinschalig akkerbouwbedrijf als nevenactiviteit. Kwaliteitsverbetering landschap Voor de ontwikkeling is een landschappelijke inpassing opgesteld. Bij deze landschappelijke inpassing wordt de analyse van het gebied en waarom deze inpassing passend is bij het gebied gemist. Dit is ook al aangegeven in het vooroverleg, maar daar is helaas geen gevolg aan gegeven. Daarnaast wordt in de inpassing een deel van de erfinrichting meegenomen wat uitgesloten is in het regionale afsprakenkader voor kwaliteitsverbetering landschap. Wij dringen bij u aan het plan aan te passen en constateren dat het plan in strijd is met artikel 3.9 van de IOV. Beantwoording In de ontwerpbestemmingsplan (separate toelichting Espendonk 15 d.d. ) is in paragraaf 2.2.4 wel degelijk ingegaan op het omliggende landschap. Provincie is daarom om een nadere toelichting op deze zienswijze gevraagd.
In de op 30 mei 2022 ontvangen uitleg is aangegeven dat een in de tekst beschreven afbeelding niet is opgenomen in het stuk en dat niet duidelijk is waarom is gekozen voor de in het plan voorgestelde inpassingsmaatregelen. Op basis van de gemaakte opmerkingen dient het plan te worden aangepast. De betreffende afbeelding wordt opgenomen in het document. In de toelichting is een nadere motivering opgenomen met betrekking tot het landschappelijke inpassingsplan ten aanzien van de locatie, invulling en plantenkeuze en de relatie met het omliggende gebied. Onderstaande overwegingen met een nadere motivatie zijn verwerkt in de toelichting van het plan: •
Het landschapsplan is gericht op de inpassing van het bestemmingsvlak en de beoogde nieuwbouw van de loods in het landschap.
Notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Bestemmingsplan “Ontwikkelplan sanering varkenshouderij”
18
•
• •
•
De grenzen van het bestemmingsvlak ‘wonen’ zijn leidend voor de aan te brengen nieuwe beplanting. Hierdoor ontstaat een duidelijke afbakening van het bestemmingsvlak ‘Wonen’ en de omliggende agrarische gronden. Het woonhuis met de omliggende siertuin blijft ongewijzigd dit deel heeft een wat formeler karakter. Aan de noordzijde komt tegen de nieuwe bestemmingsgrens een meer robuustere, natuurlijke houtsingel die het erf aan de noordzijde afbakent. Populieren zijn de opgaande elementen zoals in dit gebied op veel plaatsen zijn toegepast. De ondergroei betreft in het gebied passende inheemse soorten, die bovendien schuil, voedsel- en nestgelegenheid bieden voor een grote verscheidenheid aan zoogdieren, vogels en insecten. Ook aan straatzijde worden nog twee populieren aangeplant. Aangezien het een smal weggetje betreft, is het vanuit het oogpunt van het verkeersveiligheid niet gewenst om aan de straatzijde, dichte beplanting aan te brengen. Zeker gezien de beperkte akkerbouwactiviteiten die vanuit deze locatie worden voortgezet. Aan de westzijde van het plangebied (overzijde weg), ligt een bosgebied dat onderdeel is van het Natuur Netwerk Brabant. Hier wordt vochtig bos nagestreefd, ook in dat opzicht zijn de populieren en de ondergroei met onder ander Gelderse roos. meidoorn en vuilboom een passende keuze.
Conclusie Aanvullende motivering is opgenomen in de toelichting van het plan.
6.9 locatie Hoogstraat 65 Sint-Oedenrode zienswijze provincie De ontwikkeling op de locatie Hoogstraat 65 omvat de beëindiging van een varkenshouderij en het starten van een hoveniersbedrijf. 1700 m² aan agrarische opstallen worden gesloopt. Een loods van 200 m² blijft staan. Een nieuw bedrijfsgebouw van 400 m² ten behoeve van de opslag van materiaal wordt opgericht. Kwaliteitsverbetering landschap In het inpassingsplan zijn fruitbomen opgenomen. Wij zien deze fruitbomen als (sier)erfinrichting en dat is uitgesloten in het regionale afsprakenkader. Wij constateren dat hierop in het plan in strijd is met artikel 3.9 van de IOV. De ontwikkeling is gelegen in een gebied waar het werkingsgebied Boringsvrije zone is opgenomen. Een bestemmingsplan van toepassing op Boringsvrije zone strekt mede tot het behoud van de weerstandbiedende bodemlagen. Daarnaast stelt een dergelijk bestemmingsplan regels die het risico op schade aan de bodem en het zich daarin bevindende grondwater voorkomen. Wij constateren dat deze ontwikkeling daar geen aandacht voor heeft en dat het plan in strijd is met artikel 3.12 van de IOV. Beantwoording Kwaliteitsverbetering landschap In het inpassingsplan zoals opgenomen in het ontwerpbestemmingsplan voor de locatie Hoogstraat 65 zijn geen fruitbomen opgenomen. De provincie is daarom per mail verzocht om deze zienswijze te verduidelijken.
In de op 30 mei 2022 ontvangen reactie is aangegeven dat de ‘fruitbomen’ een verschrijving betreffen maar dat een siertuin valt onder erfinrichting en niet kan worden ingebracht voor kwaliteitsverbetering landschap.
Notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Bestemmingsplan “Ontwikkelplan sanering varkenshouderij”
19
Het omzetten van de agrarische bedrijfsbestemming naar de bestemming ‘Bedrijf’, om de vestiging van een hoveniersbedrijf mogelijk te maken, betreft een categorie 3 ontwikkeling. Door het verkleinen van het bestemmingsvlak en de beperkte bouwmogelijkheden is echter geen sprake van een waardevermeerdering. Hiervoor is in het plan een berekening opgenomen. Het nieuwe bestemmingsvlak/beoogde nieuwbouw dient wel te worden voorzien van een goede landschappelijke inpassing. Voor deze basisinspanning geldt een gemeentelijke richtlijn van 10 % van de omvang van het bestemmingsvlak. In door FG-bedrijfsontwikkeling opgestelde toelichting wordt een oppervlakte van 1570 m2 genoemd als oppervlakte van de landschappelijke inpassing. Hierin is ook een bestaande bomenrij (oppervlakte 300 m2) opgenomen die aangemerkt moet worden als erfinrichting. Ook als deze oppervlakte in mindering wordt gebracht is nog steeds sprake van een goede inpassing. Het bestemmingsvlak ‘bedrijf’ krijgt een omvang van 5150 m2. Het landschapsplan voorziet in het toevoegen van voldoende bomen en struiken (inheemse soorten) om te zorgen voor een goede landschappelijke inpassing van het bestemmingsvlak ‘Bedrijf’ en het containerveld dat mogelijk wordt gemaakt. Met name op de randen van het terrein wordt immers nieuwe beplanting aangebracht.
De tekening van het landschapsplan wordt aangepast om het onderscheid tussen de erfinrichting en de landschappelijke inpassing te verduidelijken. Ook de toelichting, in het bijzonder de berekening van de oppervlakte van de landschappelijke inpassing, is op dit punt gecorrigeerd. Boringsvrije zone De opmerking over het werkingsgebied boringsvrije zone is correct, deze is ten onrechte niet opgenomen in het bestemmingsplan. Toelichting en verbeelding van het bestemmingsplan worden hierop aangepast. Het werkingsgebied boringsvrije zone geldt ook voor de locatie Kraanmeer 28, het ontwerpbestemmingsplan bevat daarom al voorschriften ter bescherming van de kwaliteit van grondwater (zie artikel 19.4). Aanvulling van de regels is daarom niet nodig. De ligging binnen dit werkingsgebied heeft verder geen consequenties voor het verlenen van medewerking aan deze ontwikkeling. Conclusie Motivering met betrekking tot landschappelijke inpassing wordt toegevoegd aan de toelichting van het plan. Op de verbeelding wordt de gebiedsaanduiding ‘overige zone – boringsvrije zone’ toegevoegd aan deze locatie.
6.10
Zienswijze provincie locatie Zijtaartseweg 12 Sint-Oedenrode
Opmerkingen provincie De ontwikkeling op de Zijtaartseweg 12 ziet op het beëindigen van de intensieve veehouderij en het starten van een plantenkwekerij. De agrarische bestemming blijft gehandhaafd. 4550 m2 aan varkensstallen zullen worden gesloopt. Een bestaande veldschuur van 250 m2 wordt hergebruikt. Daarnaast wordt een nieuwe loods opgericht van 700 m2. Het bestaande bouwvlak wordt bovendien verkleind. Zorgplicht voor een goede omgevingskwaliteit In het plan ontbreekt nog altijd de beschrijving aan de basisprincipes. Hiermee is het voor ons onduidelijk welke afwegingen zijn gemaakt inzake zorgvuldig ruimtegebruik, de lagenbenadering, en meerwaardecreatie. Wij constateren dan ook dat het plan in strijd is met artikel 3.5 van de IOV. Kwaliteitsverbetering landschap
Notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Bestemmingsplan “Ontwikkelplan sanering varkenshouderij”
20
Naast dat de basisprincipes niet zijn benoemd is kwaliteitsverbetering landschap ook niet expliciet benoemd. Wij constateren wel dat de landschappelijke inpassing naar aanleiding van de vooroverlegreactie is aangepast. In het plan zit nu een analyse van het gebied en ook van de typen beplanting en plantafstand. In het plan ontbreekt wat de struweelhaag toevoegt als landschapselement. Daarnaast is het toevoegen van een struweelhaag als enige landschappelijke element wel erg mager en te beperkt. De inpassing is daarmee niet toereikend en daarmee is het plan ook in strijd met artikel 3.9 van de IOV. Beantwoording De toelichting van het plan gaat onvoldoende in op de genoemde onderwerpen ten aanzien van de zorgplicht voor goede omgevingskwaliteit. De onderbouwing wordt met onderstaande punten aangevuld Zorgplicht voor goede omgevingskwaliteit Zorgvuldig ruimtegebruik Aanpassing van het bestemmingsplan voor de locatie Zijtaartseweg 12 is nodig in verband met deelname aan de saneringsregeling voor beëindiging van varkenshouderijen. Voorwaarde aan deelname is dat de mogelijkheid voor vestiging van intensieve veehouderijen op deze locatie in de toekomst moet worden uitgesloten. Naast het houden van varkens gaat het daarbij ook om het houden van kippen, kalkoenen, eenden, konijnen, vleeskalveren, vleesstieren, geiten en nertsen.
Het vigerende bestemmingsplan Buitengebied Sint-Oedenrode staat de vestiging van de grondgebonden plantenkwekerij al toe, hiervoor is geen bestemmingsplanherziening nodig. Nieuwe bebouwing kan worden toegevoegd als sprake is van een reëel agrarisch bedrijf. Het bedrijf heeft de beschikking over ca. 9 hectare grond welke gebruikt zal worden voor de teelt van sierheesters en sierconiferen. Een globale berekening via de rekenmodule van de Wageningen university & research, wijst uit dat het bedrijf kan voorziet in een arbeidsbehoefte en inkomen van tenminste één halve arbeidskracht.
Notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Bestemmingsplan “Ontwikkelplan sanering varkenshouderij”
21
Aangezien sprake is van een grondgebonden reëel agrarisch bedrijf is een agrarische bestemming de best passende bestemming in deze situatie. In het licht van een evenwichtige toewijzing van functies en een zorgvuldig ruimtegebruik is ook de omvang van het bouwvlak in ogenschouw genomen. Voor het teeltbedrijf voor coniferen is aanzienlijk minder bedrijfsruimte nodig dan voor de varkenshouderij het geval was. Hierdoor kan ook worden volstaan met een kleiner bouwvlak. Het bouwvlak is in het bestemmingsplan ‘ontwikkelplan sanering varkenshouderij’ dan ook fors verkleind (bestaand ca. 1,3 hectare, nieuw 4315 m2). Bij de begrenzing van het bouwvlak is rekening gehouden met de te behouden bebouwing; de bedrijfswoning en een schuur van ca. 250m2 en de gewenste nieuwbouw van ca. 700 m2. Ten behoeve van het teeltbedrijf zal een nieuwe loods worden opgericht. Deze loods wordt gebruikt voor de opslag en stalling van materialen en werktuigen en verkoopklare heesters en coniferen. Hergebruik van de stallen van het varkensbedrijf is niet mogelijk aangezien deze op grond van deelname aan de saneringsregeling afgebroken moeten worden. De omvang van bouwvlak biedt voldoende ruimte voor benodigde bedrijfsruimte en buitenruimte (manoeuvreren/ laden en lossen). Het bouwvlak wordt verder voorzien van een landschappelijke inpassing.
Lagenbenadering Op deze locatie was al een agrarisch bouwvlak aanwezig waar een intensieve veehouderij mocht worden gevestigd. De saneringsregeling varkenshouderij is vooral in het leven geroepen om geuroverlast te verminderen. Voor het houden van vee (anders dan intensieve veehouderij) is deze locatie dan ook minder geschikt, nog afgezien daarvan beschikt initiatiefnemer over onvoldoende grond voor het grondgebonden houden van dieren. Melkveebedrijven en paardenhouderijen worden in het nieuwe plan eveneens uitgesloten. Het telen van planten is een passend gebruik van de landbouwgronden die in het bezit zijn van de initiatiefnemer. De bodem is hiervoor ook geschikt. Er zijn verder geen bijzondere landschappelijke waarden of
Notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Bestemmingsplan “Ontwikkelplan sanering varkenshouderij”
22
cultuurhistorische waarden die zich verzetten tegen dit voorgenomen gebruik. Hiervoor zijn ook geen ingrepen in het landschap vereist, zoals de aanleg van drainage of andere voorzieningen. In het vigerende plan is wel de gebiedsaanduiding ‘overige zone – leefgebied struweelvogels’ opgenomen. Dergelijke vogelsoorten, zoals grasmussen, fitissen, zwartkoppen en vinkachtigen, zijn voor hun leefgebied afhankelijk van een afwisselende begroeiing met struiken en verspreide bomen. De teeltvelden met coniferen en heesters met hun relatief lage hoogte sluiten beter aan bij het gewenste biotoop van deze vogelsoorten, dan de meer open akker- of weidegebieden. Netwerklaag Het perceel is goed bereikbaar via de Zijtaartseweg, welke hoofdzakelijk wordt gebruikt voor bestemmingsverkeer. Opgemerkt kan worden dat de plantenkwekerij minder verkeersbewegingen met zich mee zal brengen. Meerwaardecreatie De meerwaarde van deze ontwikkeling zit vooral in het beperken van de huidige gebruiksmogelijkheden ten aanzien van intensieve veehouderij en andere vormen van het houden van dieren (melkvee / paarden). Deze vormen van agrarische bedrijvigheid worden geheel uitgesloten. Ook de bouwmogelijkheden worden door het verkleinen van het bouwvlak beperkt.
Het verminderen van de bouw- en gebruiksmogelijkheden heeft ook op milieugebied positieve effecten, doordat de uitstoot van schadelijke stoffen en geurhinder verdwijnt. Het uit de markt nemen van de dierrechten als gevolg van deelname aan de saneringsregeling, draagt ook bij aan het terugdringen van het mestoverschot. Kwaliteitsverbetering landschap Gelet op de gemaakte opmerkingen is de landschappelijke inpassing van deze ontwikkeling aangepast. De struweelhaag aan de achterzijde vormt een duidelijke afbakening van de nieuwe bouwvlakgrens. De aanblik van de bebouwing vanaf de Bikkelkampen (zuidkant) wordt daarmee verzacht. De gemengde beplanting levert bovendien broed-, schuil- en voedselgelegenheid voor de in het gebied voorkomende struweelvogels. Aan de oostzijde van het perceel (grens huidig bouwvlak) loopt een bomenrij in zuidelijke richting (naar Bikkelkampen). Het toevoegen van beplanting aan deze zijde van het bouwvlak heeft landschappelijk gezien weinig meerwaarde, de aanwezige bomenrij zal de nieuwbouw al grotendeels aan het zicht onttrekken. Aan de westzijde staat het woonhuis relatief dicht op de grens van het bouwvlak. De grens van het bouwvlak wordt aan deze zijde nu gemarkeerd door een eenvoudig hekwerk. In het aangepaste beplantingsplan wordt hier nu een beukenhaag voorzien, langs het meer formele tuingedeelte aan voorzijde en zijkant van het perceel.
De struweelhaag aan de achterzijde wordt doorgetrokken langs de zijkant van de te behouden loods. Gezamenlijke oppervlakte van de landschappelijke inpassing beslaat ca. 10 % van het bouwvlak.
Notitie beantwoording zienswijzen en ambtelijke wijzigingen Bestemmingsplan “Ontwikkelplan sanering varkenshouderij”
23
Conclusie De verbeterde toelichting is opgenomen in de toelichting van het bestemmingsplan. Het aangepaste beplantingsplan is opgenomen in de bijlage bij de regels.
6.11 zienswijze namens initiatiefnemer locatie Liempdseweg 21 Bij de voormalige bedrijfswoning op de locatie Liempdseweg 21 is een grotere oppervlakte aan bijgebouwen aanwezig, dan in de regels is opgenomen. Verzocht wordt om het opgenomen maximum oppervlakte van 205 m2 veranderen in 230 m2.