Bijlagenboek BP Veghelsedijk 10a Erp
Tekst van het document
Bestemmingsplan
Veghelsedijk 10a te Erp
Bezoekadres Stadhuisplein 1 5461 KN Veghel Postadres Postbus 10.001 5460 DA Veghel T: 14 0413 E: info@meierijstad.nl W: www.meierijstad.nl IBANnr: NL31 RABO 0171 5811 48
Bijlagenboek Betreffende
Veghelsedijk 10a te Erp
Planstatus
Ontwerp
Projectnummer
NL.IMRO.1948.BGV000BP0072022P-ON01
Datum
23 september 2022
,QKRXGVRSJDYH %LMODJHQWRHOLFKWLQJ
%LMODJH
/DQGVFKDSSHOLMNHLQSDVVLQJ
%LMODJH
%HHOGNZDOLWHLWSODQ
%LMODJH
$DQPHOGLQJVQRWLWLH
%LMODJH
4XLFNVFDQIORUDHQIDXQD
%LMODJH
:DWHUSDUDJUDDI
%LMODJH
9HUNHQQHQGERGHPRQGHU]RHN
%LMODJH
*HXURQGHU]RHN
%LMODJH
$NRHVWLVFKRQGHU]RHNZHJYHUNHHUVODZDDL
%LMODJH
6WLNVWRIRQGHU]RHN
%LMODJH
2PJHYLQJVGLDORRJ
%LMODJH
5Y5%RXZWLWHOV JHDQRQLPLVHHUG
%LMODJH
%HOHLGVNDGHURQWZLNNHOLQJVULFKWLQJ(US
%LMODJH
$GYLHVYHLOLJKHLGVUHJLR
NL.IMRO.1948.BGV000BP0072022P-ON01
Pagina: 3 van 328
Datum:23-09-2022
NL.IMRO.1948.BGV000BP0072022P-ON01
Pagina: 4 van 328
Datum:23-09-2022
%LMODJHQWRHOLFKWLQJ
NL.IMRO.1948.BGV000BP0072022P-ON01
Pagina: 5 van 328
Datum:23-09-2022
%LMODJH /DQGVFKDSSHOLMNH LQSDVVLQJ
NL.IMRO.1948.BGV000BP0072022P-ON01
Pagina: 6 van 328
Datum:23-09-2022
Landschappelijke inpassing Veghelsedijk 10a te Erp, gemeente Meierijstad
colofon
projectnaam Landschappelijke inpassing Veghelsedijk 10A datum Maandag 11 juli 2022 projectnummer P03876 opdrachtgever Van Doorn Varkensbedrijven BRO projectleider JR projectteam IB bron kaft BRO
BRO Bosscheweg 107 5282 WV Boxtel T +31 (0)411 850 400 E info@bro.nl www.bro.nl
Inhoudsopgave 1
inleiding 1.1 Aanleiding en initiatief 1.2 Kaders en uitgangspunten 1.3 Kenschets (historisch) landschap 1.4 huidige situatie
2. Inpassingsplan 2.1 Inrichtingsmaatregelen 2.2 Beplantingsindicatie
Maandag 11 juli 2022
4 4 4 5 7 8 9 10
3
Inleiding
Landschappelijke inpassing
1
Inleiding
1.1
Aanleiding en initiatief
De initiatiefnemer heeft het voornemen om zeven ruimte-voor-ruimte woningen te realiseren aan de Veghelsedijk 10a te Erp. Op de locatie aan de Veghelsedijk 10a worden de aldaar gesitueerde varkensbedrijven gesaneerd. Deze sanering vindt plaats in het kader van de SRV. Mede als gevolg van deelname aan deze regeling, maar ook op verzoek van de gemeente, zal de bestemming op deze locatie worden aangepast. BRO heeft een inpassingsvoorstel gedaan welke op hoofdlijnen door de gemeente zijn geaccordeerd.
opgesteld. Als aan deze voorwaarden worden voldaan kan de beoogde ontwikkeling op een natuurlijke en verzorgde wijze worden ingepast en aansluiten op de aanwezige landschapsstructuren. Onderhavig advies geeft inzicht in welke inrichtingsmaatregelen er genomen moeten worden, zodat de beoogde ontwikkeling kan worden gerealiseerd.
1.2
Kaders en uitgangspunten
Het plan voldoet in beginsel aan de kaders vanuit het vigerende beleid dat relevant is voor de landschappelijke inpassing en aan de eisen/wensen vanuit het planvoornemen.
Op 4 februari 2021 heeft een gesprek met de gemeente plaatsgevonden waarbij de keuze is gemaakt om een separaat bestemmingsplantraject te starten in plaats van mee te liften op het gemeentelijke veegplan. Deze keuze is o.a. gemaakt vanuit overwegingen omtrent de tijdsduur en aanlevertermijnen van beide trajecten.
Plangebied Het plangebied is gelegen in de gemeente Meierijstad. Het betreft een perceel gelegen aan de Veghelsedijk 10a te Erp. Kadastraal staat dit perceel bekend als Gemeente Erp, Sectie R, Perceelnummer 1575, met een oppervlakte van 23.855 m2.
De initiatiefnemer heeft BRO gevraagd te helpen bij het opstellen en het begeleiden van dit bestemmingsplan alsmede het uitvoeren van diverse noodzakelijke omgevingsonderzoeken. Een onderdeel (onderzoek) is de landschappelijke inpassing. Om het initiatief juridisch-planologisch mogelijk te maken is een afwijking van het vigerende bestemmingsplan noodzakelijk. Voor deze afwijking dient te worden aangetoond dat er sprake is van een goede ruimtelijke inpassing die aansluit op het behoud en bevordering van de ruimtelijke kwaliteit van de omgeving.
Planvoornemen Het voornemen bestaat om aan het adres Veghelsedijk 10a te Erp het aldaar gesitueerde varkensbedrijf te saneren en in het kader van de SVR regeling op deze locatie zeven ruimte-voor-ruimtewoningen te realiseren. Op basis van het vigerend bestemmingpslan ‘Buitengebied’ is deze ontwikkeling niet mogelijk. Momenteel rust er een agrarische bestemming op de gronden.
Bij het toestaan van een ruimtelijke ontwikkeling is het van belang dat alle ruimtelijke waarden worden meegewogen. De landschappelijke inpassing bestudeert de omgeving en aan de hand daarvan worden ruimtelijke randvoorwaarden
Bestemmingsplan Voor het plangebied is het bestemmingsplan ‘Buitengebied’ vigerend. Dit bestemmingsplan is op 22 oktober 2015 vastgesteld door de voormalige gemeente Veghel. Op de locatie
Maandag 11 juli 2022
ligt een bouwvlak en rust de bestemming ‘Agrarisch’ met de functieaanduiding ‘intensieve veehouderij’. Daarnaast geldt de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 4’. Voorts zijn er enkele gebiedsaanduidingen van toepassing op de locatie: de gebiedsaanduiding ‘boringsvrije zone’, ‘dagrecreatie’, ‘dorpslandschap’, ‘reconstructiewet-zone – wervingsgebied 2’ en ‘vrijwaringszone – radar’. Op basis van de bestemming ‘Agrarisch’ is het niet mogelijk om zes woningen te realiseren. Om de ontwikkeling mogelijk te maken is een partiële herziening van het bestemmingsplan noodzakelijk. Zie figuur 1 voor het vigerend bestemmingsplan.
Beleidskaders Figuur 1: Vigerend bestemmingsplan, bron: Ruimtelijke plannen
4
Inleiding
Landschappelijke inpassing Veghelsedijk 10a te Erp
1.3
Kenschets (historisch) landschap
Gebiedsindeling landschap Het plangebied is gelegen in het landschap van de oude zandontginningen. De ontstaansgeschiedenis van dit landschap gaat ver terug. Bepalend was de intrede van de landbouw en veeteelt. De hooggelegen gronden waren het meest geschikt voor de agrarische bedrijfsvoering. Hierdoor kunnen er globaal drie zones met oude ontginningen in Meierijstad worden onderscheiden. Dit is de zone aan weerszijden van de Dommel, de zone aan weerszijden van de Aa en de zone rondom Schijndel/Eerde. Het landschap van de oude zandontginningen is een halfopen, kleinschalig landschap met een onregelmatig, organisch gevormd wegen- en verkavelingspatroon. Er is een grote diversiteit aan landschapselementen zoals lanen, houtwallen, bomenrijen, solitaire bomen, droge en natte boscomplexen en kleinere hakboutbosjes. Door deze landschapselementen zijn ook de open ruimten gevarieerd in omvang en vorm. Er komen besloten landschapsdelen (b.v. boscomplexen) voor alsook open gebieden (b.v. bolle akkers en graslanden).
•
•
• • •
• •
• • •
Grote structuren en scherpe begrenzingen ontbreken. Wel zijn er lokale verschillen in openheid, hoeveelheid aanwezige bebouwing of bosschages, verkaveling en grondgebruik. De overgangen zijn echter frequent en subtiel. In dit deelgebied vertonen wegen een redelijk tot sterk bochtig patroon met relatief veel zijvertakkingen. Dit in tegenstelling tot de latere heide- en broekontginningen. Kwaliteiten/ kenmerken die bij dit landschap horen zijn: • Het oude agrarisch kampenlandschap met oude graslanden kent een kleinschalig afwisselend beeld met een kamerstructuur; Maandag 11 juli 2022
De onregelmatige blokvormige percelen worden vaak omsloten door hagen en heggen en kunnen in gebruik zijn als zowel grasland als bouwland; De ondergrond van dit landschap is licht golvend van karakter en bestaat uit zandgronden met een humusrijk dek waarbij de grondwaterstand relatief diep ligt. In de oude ontginningen is het wegenpatroon kronkelig en loopt om de oude essen heen; Enkele wegen zijn beplant met eik, beuk; Karakteristiek zijn de kavelgrensbeplantingen van houtsingels en wallen en de vele diverse erfbeplantingen, met esdoorn, beuken en haagbeukenhagen; Verschillende oude veldwegen zijn nog van zand en zijn al dan niet begeleid door bomen; De oude bouwlanden en oude boerderijen staan op de hogere plekken in het landschap,vaak in de buurt of aan de rand van beken en in de nabijheid van voormalige woeste gronden als heide, velden en broeklanden; De verkaveling is kleinschalig en onregelmatig organisch gegroeid; Half open tot besloten van karakter door opgaande kleine landschapselementen (coulisselandschap); Duidelijk contrast met de jonge ontginningen die veel opener van karakter zijn, grootschaliger en met rechte lijnen in plaats van kromme gebogen lijnen;
en de jaren daarna werden vele gronden ontgonnen. Door deze ontwikkeling verdween voor een groot deel de kleinschaligheid en werden de kavels groter ingericht. Bebouwingsconcentraties waren in die tijd nog summier. Omstreeks 1950 werd de bebouwingsstructuur zichtbaarder en vormde zich voornamelijk bebouwing langs wegen. De jaren daarna kwam het cultuurlandschap snel op en kregen ook andere gebruiken een plaats binnen het landschap. Omstreeks 2000 werd de boomteelt een onderdeel van het landgebruik, wat tot op heden nog altijd een karakteristiek element vormt binnen het landschap. Ook het wegennetwerk heeft zich door de jaren van een fijnmazig netwerk uitgebreid tot grote infrastructurele knooppunten in het gebied. Zie ter verduidelijking op de volgende pagina enkele historischekaarten.
(Landschapsanalyse Meierijstad, juli1 2019) Geschiedenis Het plangebied bestond tot omstreeks 1900 uit woeste gronden. Door de intrede van de landbouw en veeteelt is dit nagenoeg volledig verdwenen. Door deze ontwikkeling is er een kleinschalig besloten en half open landschap teruggekomen, dat werd getypeerd door een kleinschalige strokenverkaveling en lijnvormige elementen. Rond 1980
Figuur 2: Landschapstypenkaart Meierijstad, (Bron: Landschapsanalyse Meierijstad, juli 2019)
5
Inleiding
Landschappelijke inpassing Veghelsedijk 10a te Erp
Figuur 3: Globale ligging plangebied (Bron: google maps)
Figuur 5: 1950 (Bron: topotijdreis)
Figuur 7: 2000 (Bron: topotijdreis)
Figuur 4: 1900 (Bron: topotijdreis)
Figuur 6: 1980 (Bron: topotijdreis)
Figuur 8: 2020 (Bron: topotijdreis)
Maandag 11 juli 2022
6
Inleiding
Landschappelijke inpassing Veghelsedijk 10a te Erp
1.4
Huidige situatie
Het plangebied bevindt zich in overgangszone van de oude zandontginningen naar de jonge heideontginningen. De jonge heideontginningen zijn gebieden die lang onontgonnen en onbebouwd zijn gebleven. Het waren niet-gecultiveerde terreinen, die werden gebruikt voor het weiden van schapen en het steken van heideplaggen. Pas aan het eind van 19de eeuw en in de 20ste zijn deze heidegronden ontgonnen. De jonge heideontginningen worden gekenmerkt door een rationele verkavelingsstructuur. Rechthoekige percelen evenwijdig of dwars op de ontsluitingswegen met laanbeplantingen en verspreid liggende erven. Het is een open agrarisch productielandschap. Slechts plaatselijk komen verdichtingen voor in de vorm van houtsingels, bosstroken en bebouwing. Het plangebied zelf ligt in het oude zandontginningen landschap, waar een meer besloten kamerstructuur en het contrast tussen open- en geslotenheid zichtbaar wordt. Het plangebied ligt in het buitengebied van de gemeente Meierijstad, ten westen van de kern van Erp en staat kadastraal bekend als gemeente Erp, sectie R, nummer 1575. Het plangebied heeft een oppervlak van 23.855 m2. De directe omgeving van het plangebied wordt gekenmerkt door hoofdzakelijk agrarische percelen in combinatie met enkele burgerwoningen. De agrarische functie is echter dominant in het gebied.
Figuur 9: straatprofiel veghelsedijk me aan weerszijden bomen, (Bron: google maps)
Figuur 11: Zicht vanaf de Veghelsedijk op het bestaande woonhuis, met aan de voorzijde een lage haag, (Bron: google maps)
Figuur 10: Zicht vanaf de Veghelsedijk op de aanwezige stallen en naastgelegen gronden, (Bron: google maps)
Figuur 12: Begrenzing van de naastgelegen paardenweide (oostzijde) met op de erfgrens enkele bomen, (Bron: google maps)
Het plangebied heeft momenteel ook een agrarische functie, en is in gebruik als varkenshouderij. Het grootste gedeelte van de bebouwing betreft dan ook stallen.
Maandag 11 juli 2022
7
Inpassingsplan
Landschappelijke inpassing Veghelsedijk 10a te Erp
2
Inpassingsplan
Om de planontwikkeling mogelijk te maken zijn een aantal inrichtingsmaatregelen voorgesteld die op basis van het planvoornemen, de beleidskaders en kennis van het landschap en locatie zijn vormgegeven. Nevenstaande schets illustreert de voorgestelde maatregelen, gevolgd door een argumentatie. Concreet zijn de volgende ingrepen voorgesteld: 1. Aanleggen wadi i.c.m. bosje(s); 2. Aanleggen bomenrij en struweel; 3. Aanleggen knip- en scheerhagen als erfafscheidingen ruimte- voor - ruimte woningen; 4. Behoud bestaande bomen aan de oostzijde; 5. Aanplanten fruitgaard aan straatzijde; 6. Aanplanten erfbomen.
1
2
6
5
3
2
4
Figuur 13: Landschappelijke inpassing, zie bijlage 1 voor het inpassingsplan op schaal.
Maandag 11 juli 2022
8
Inpassingsplan
Landschappelijke inpassing Veghelsedijk 10a te Erp
2.1
Inrichtingsmaatregelen
1. Aanleggen wadi i.c.m. bosjes Aan de noordzijde van het plangebied wordt een waterberging gerealiseerd in de vorm van een wadi. De wadi heeft een oppervlak van ca. 420 m2 en een bufffercapaciteit van 210 m3. Door de aanplant van bosjes wordt de wadi naatuurlijk aangekleed en wordt het zicht op de aangrenzende gronden beperkt. 2. Aanleggen houtsingel van minimaal 6 meter breed met bomenrij (noord en oostzijde) Ter inpassing van de nieuwe ruimte- voor- ruimte woningen wordt er aan de noord-, oost- en westzijde een houtsingel aangeplant. Dit zorgt enerzijds voor een gepaste overgang naar het agrarische landschap m.b.t. de te hanteren afstand t.b.v. de spuitzone. Daarnaast versterkt de houtsingel het kleinschalige karakter van het coulisselandschap en wordt de privacy van de nieuwe woningen gewaarborgd.
5. Aanleggen boomgaard aan de voorzijde van het perceel Aan de voorzijde van het perceel wordt als erfafscheiding van de nieuw te bouwen woningen een boomgaard aangeplant. Een boomgaard is van oudsher een passend en voorkomend landschapselement. Door de aanplant van deze boomgaard wordt tevens het kleinschalige karakter vergroot. Bij de toepassing van verschillende soorten hoogstamfruitbomen wordt er bijgedragen aan de versterking van de biodiversiteit. Daarnaast biedt de boomgaard een transparante buffer richting de naastgelegen koeienweide. 6. Aanplanten erfbomen Om de beeldkwaliteit op de erfjes te vergroten worden er diverse erfbomen aangeplant. Dit zorgt niet alleen voor een groene uitstraling, maar draagt ook bij aan de klimaatadaptatie/ waterafvoer van het erf.
3. Aanleggen knip- en scheerhagen als erfafscheidingen ruimte- voor - ruimte woningen Voor de inrichting van het terrein en het bepalen van de erfafscheidingen worden er knip- en scheerhagen aangeplant. Tot aan de voorgevelrooilijn, van de nieuw te bouwen woningen, hebben de hagen een hoogte van ca. 0,8 meter. Verder naar de achterzijde van het perceel mogen deze hagen oplopen tot een maximale hoogte van 2 meter. 4. Behoud bestaande bomen aan de oostzijde Op de perceelsgrens (oostzijde) staan enkele bomen en vormen hiermee in combinatie met een haag een mooie overgang naar de naast gelegen paardenweide. Deze bomen dienen dan ook met oog op de toekomstige ontwikkeling te worden behouden.
Maandag 11 juli 2022
9
Inpassingsplan
Landschappelijke inpassing Veghelsedijk 10a te Erp
2.2
Beplantingsindicatie
De soortensamenstelling voor de toe te voegen beplanting is toegespitst op inheemse soorten die passen bij het karakter van het gebied en de bodemgesteldheid. In onderstaande tabel zijn de verschillende vakken, maatvoering, voorgesteld sortiment, plantverband en het aantal aan te schaffen stuks opgenomen.
Maatregel
Omvang/ stuks
Voorgesteld sortiment
Verband
1. Aanplanten houtsingel
ca. 1800 m2
Inheems bosplantsoen, bijvoorbeeld: • Viburnum opulus - Gelderse roos • Acer campestre - Spaanse aak • Sorbus aucuparia - Lijsterbes • Frangula alnus - Vuilboom • Ilex aquifolium - Hulst • Corylus avellana - Hazelaar • Amelanchier lamarckii- Krentboompje Plantmaat: 60-80, eindhoogte: 4 - 5 m.
Driehoeksverband 1 x 1m, aanplant in groepen van 5 tot 7 stuks van dezelfde soort. Aanplant 60-80 cm hoogte, eindhoogte 4-5 m.
ca.20 - 25 st.
Boomvormers: bijvoorbeeld Quercus robur, Carpinus betulus, Fagus sylvatica of Betula pendula
Plantafstand tussen de 10 en 12 meter. Aanplantmaat: minimale stamdiameter 14/16 cm
2. Aanleggen hoogstamboomgaard
ca. 18 st.
Bijvoorbeeld: • gewone appel • wilde peer • mispel
Aanplanten in wildverband. Exacte locatie nader te bepalen. Aanplantmaat: minimale stamdiameter 14/16 cm.
3. Aanplanten knip- en scheerhagen
ca. 350 m1/2450 st.
Bijvoorbeeld: • Fagus sylvatica - Beukenhaag • Acer campestre - Veldesdoorn • Carpinus betulus - Haagbeuk Ligustrum vulgare - Liguster •
Dubbele rij in driehoeksverband 7 stuks per m1. Aanplant 60-80 cm hoogte, eindhoogte voorzijde 0,8 meter, achterzijde max. 2 meter.
Aanplanten erfbomen
ca. 13 st.
Bijvoorbeeld: (Tamme) kastanje, Zomereik, Linde, Berk of Walnoot
Exacte locatie nader te bepalen. Aanplantmaat: minimale stamdiameter 14/16 cm.
Aanleggen bosjes bij wadi
320 m2
Zie sortiment houtsingel, bomen en struikvormers
Driehoeksverband 1 x 1m, aanplant in groepen van 5 tot 7 stuks van dezelfde soort. Aanplant 60-80 cm hoogte, eindhoogte 4-5 m. Plantafstand tussen de 10 en 12 meter. Aanplantmaat: minimale stamdiameter 14/16 cm
Maandag 11 juli 2022
10
Bijlage 1
Landschappelijke inpassing
Hoofdvestiging Boxtel Bosscheweg 107 5282 WV Boxtel T +31 (0)411 850 400 Vestiging Amsterdam Rhijnspoorplein 38 1018 TX Amsterdam T +31 (0)20 506 19 99 Vestiging Venlo Industriestraat 94
www.bro.nl | info@bro.nl
5931 PK Tegelen T +31 (0)77 373 06 01
%LMODJH %HHOGNZDOLWHLWSODQ
NL.IMRO.1948.BGV000BP0072022P-ON01
Pagina: 20 van 328
Datum:23-09-2022
Beeldkwaliteitplan Veghelsedijk 10a, Erp Gemeente Meierijstad
colofon
projectnaam Beeldkwaliteitplan Veghelsedijk 10a, Erp datum juli 2022 projectnummer P03876 opdrachtgever Van Doorn Varkensbedrijven BRO projectleider JR projectteam RT TvG BC bron kaft BRO
BRO Bosscheweg 107 5282 WV Boxtel T +31 (0)411 850 400 E info@bro.nl www.bro.nl
“Succes komt als je het lef hebt ergens aan te beginnen.” Mansal
Inhoudsopgave 1
Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Doel beeldkwaliteitplan 1.3 Juridische uitvoerbaarheid 1.4 Leeswijzer
4 4 4 4 4
2
Inrichtingsplan 2.1 Omgeving en woonsfeer 2.2 Woningtypologie 2.3 Toelichting ontwerp
5 5 5 5
3
Richtlijnen bebouwing 3.1 Ruimtelijke compositie van het erf 3.2 Hoofdmassa en oriëntatie 3.3 Detaillering 3.4 Materiaal en kleur 3.5 Overgang privé-openbaar en erfgrens 3.6 Parkeren
6 6 7 9 11 12 13
4
Richtlijnen gezamenlijke erf 4.1 Ruimtelijke opzet 4.2 Bestrating en materialen 4.3 Parkeerstrook 4.4 Houtsingel 4.5 Boomgaard 4.6 Koeienweide 4.7 Waterberging en wandelpad 4.8 Overige zones
14 14 14 15 15 15 15 15 15
5
Beeldkwaliteitcriteria bebouwing
16
6
Beeldkwaliteitcriteria erf
17
7
Bronnen 7.1 Internetbronnen 7.2 Literatuur
18 18 19
3
Inleiding Beeldkwaliteitplan Veghelsedijk 10a, Erp
1 1.1
Inleiding Aanleiding
Initiatiefnemer is voornemens om ruimte-voor-ruimtewoningen te realiseren aan de Veghelsedijk 10a te Erp. Voor dit plangebied zijn een aantal inrichtingsvarianten opgesteld. Om een gewenste beeldkwaliteit te beogen is hiervoor dit beeldkwaliteitsplan opgesteld.
1.2
Doel beeldkwaliteitplan
Voorliggend beeldkwaliteitsplan vormt het kwalitatieve beeldvormend kader voor de locatieontwikkeling. Aan de orde komen stedenbouwkundige aspecten zoals rooilijnen, massa’s en hoekoplossingen en architectonische aspecten zoals materiaaltoepassing, kleurgebruik, kapvormen, morfologie en plastiek van bouwvolumes. Daarnaast komt de openbare ruimte (gezamenlijke erf) aan de orde. Hierbij wordt aandacht besteed aan onder andere de overgangen tussen openbaar en privé (bijvoorbeeld erfafscheidingen) en de inrichting van het openbaar gebied. Concreet dient het beeldkwaliteitsplan als: • inspiratiebron en richtinggevend kader voor de architect(en) van de nieuwe bebouwing en de ontwerper(s) van de openbare ruimte; • toetsingskader voor de welstandscommissie bij de beoordeling van de bouwplannen op redelijke eisen van welstand in het kader van de omgevingsvergunning.
1.3
Juridische uitvoerbaarheid
In het beeldkwaliteitsplan worden diverse criteria met betrekking tot de beeldkwaliteit vastgelegd. In deze paragraaf wordt globaal inzicht gegeven in de juridische uitvoerbaarheid van het beeldkwaliteitsplan. Het beeldkwaliteitsplan kan juridische status krijgen door het als onderdeel van de welstandsnota vast te stellen. Bij wet is geregeld dat de welstandscommissie alleen kan toetsen aan de welstandsnota (en dus niet aan een beeldkwaliteitsplan). Als het beeldkwaliteitsplan als onderdeel van de welstandsnota wordt vastgesteld kan de welstandscommissie wèl aan de eisen uit het beeldkwaliteitsplan toetsen. Het gaat dan uitsluitend om de architectonische eisen. Het beleid dat in het beeldkwaliteitsplan is weergegeven en dat niet onder de welstandstoets valt, kan door vertaald worden in inzetbare juridische instrumenten. De stedenbouwkundige criteria en criteria met betrekking tot de openbare ruimte kunnen respectievelijk worden vastgelegd in het bestemmingsplan en het exploitatieplan. Een bouwplan moet voldoen aan de voorwaarden, zoals die zijn vastgelegd in het bestemmingsplan. Een bouwplan moet ook voldoen aan de redelijke eisen van welstand. Wat deze eisen zijn, legt een gemeente vast in haar welstandsnota. Van een welstandsadvies kan wel afgeweken worden, mits goed gemotiveerd. Hierna wordt nader ingegaan op de criteria uit het beeldkwaliteitsplan.
1.4
Leeswijzer
Het beeldkwaliteitplan bestaat uit een beschrijving van het beoogde plan op het plangebied in kwestie. Per onderdeel is eerst de gedachtegang toegelicht en vervolgens zijn de bijbehorende principes opgesomd. De beeldkwaliteitcriteria geven een kwalitatieve invulling aan het beoogde beeld, deze criteria kunnen tevens gebruikt worden als toetsingscriteria. De criteria gaan in op de bebouwing en de buitenruimte. De referentiebeelden zijn ter referentie én inspiratie. Het zijn echter geen letterlijke verwijzingen. Tot slot is op basis van het beeldkwaliteitsplan een nieuwe suggestie voor het inrichtingsplan van het gehele boerenerf.
N61
6
Vegh e
lsed
ijk
Figuur 1: Aanduiding plangebied op luchtfoto
4
Gezamenlijk erf Groen op gezamenlijk erf
Inrichtingsplan
Locatie woning }(indicatief)
Beeldkwaliteitplan Veghelsedijk 10a, Erp
Locatie parkeerplaatsen (indicatief) Locatie huidige brandkraan
2
Inrichtingsplan
2.1
Omgeving en woonsfeer
De beoogde ontwikkeling ligt aan de Veghelsedijk 10a te Erp. Deze weg betreft de provinciale weg N616 en is een belangrijke route tussen Veghel en Erp. De ontwikkeling ligt in de nabijheid van de woningbouwontwikkeling ‘Veghels Buiten’ te Veghel. Deze woningbouwontwikkeling bestaat uit een
Knip/ scheerhaag Legenda Landschapsboom/ Gezamenlijk erf bomenrij Boomgaard Groen op gezamenlijk erf Koeienweide Locatie woning }(indicatief)
Knip/ scheerhaag
Wandelpad
Landschapsboom/ bomenrij
Waterberging
Boomgaard
en passen in het boerenervenverhaal van het Brabantse landschap. Voor de
Koeienweide
ontwikkeling aan de Veghelsedijk 10a ligt de opgave om aan te sluiten bij de
Houtsingel
beeldkwaliteit van Veghels Buiten en het Brabantse landschap, en tegelijker-
Bosschage
tijd een eigen identiteit te vormen als ‘boerenhof’. Ook sluit de ontwikkeling
Wandelpad
grens voormalig bouwvlak
Woningtypologie
waterberging icm met bosje (indicatief)
Waterberging
mogelijke verbinding Bosstraat
koeienweide
Initiatiefnemer is voornemens acht kavels (waarvan 1 bestaand) te ontwikkeca. ca. 1.075m2 1.100m2
treegebouw aan de weg. Het kavel voor eigen gebruik van de initiatiefnemer koeienweide
ca. 1.000m2
woningen hebben een perceelsgrootte van ca. 950m² tot 1300m².
ca. 1.065m2
2.3
aanleg bomenrij en struweel
ca. 1.065m2 ca. 1.280m2
len, waaronder één kavel voor eigen gebruik. De bestaande woning is het en-
wordt als voorste woning het hoofdgebouw van het ‘boerenhofje’. De andere
mogelijke verbinding Bosstraat
ca. 1.280m2 ca. 1.100m2
afgewisseld met openheid als samenhangend inrichtingsconcept.
2.2
waterberging icm met bosje (indicatief)
Locatie huidige brandkraan Bosschage
ontwikkeling van boerenerven. Deze boerenerven werken als buurtschappen
aan bij de gebiedsvisie Erp Noordwest dat uitgaat van landschapskamers
grens voormalig bouwvlak
Locatie parkeerplaatsen (indicatief) Houtsingel
Toelichting ontwerp
ca. 1.075m2
Het ontwerp komt tot ontwikkeling als een boerenhof dat qua beeldkwaliteit
ca. 1.140m2
aansluit op het boerenerf. Op het erf staat een entreewoning aan de weg
ca.1.000m2 955m2 ca.
aanleg bomenrij en struweel
aanleg lage knip- en scheerhaag rondom percelen
georiënteerd (het bestaande gebouw) met 7 nieuw te ontwikkelen vrijstaande woningen waarvan ‘de voorste woning’ functioneert als hoofdgebouw van het hof. Deze woningen zijn gelegen rondom de centrale ontmoetingsruimte ca. 1.140m2
en zijn hieraan sterk georiënteerd om het collectieve karakter van het erf te
ca. 955m2
benadrukken. Per woning worden 2 parkeerplaatsen gerealiseerd op eigen
ca. 1.320m2
terrein, plus ca. 8 (bezoekers)parkeerplaatsen op het erf. Het plan bestaat
versterkt. Het erf wordt aan de noord- en westzijde omzoomd door een houtwal. Langs de entreewoning komt een boomgaard. Het perceel tussen 10a en
ca. 1.320m2
12 wordt koeienweide. Aan de achterzijde komt een besloten natuurlijke over-
rondom percelen
handhaven bestaande bomen
ruimte voor vergund bijgebouw en carport (locatie indicatief)
deels uit landschapsontwikkeling dat het Brabantse landschapskarakteristiek
gang met waterberging en een mogelijke wandelverbinding met Bosstraat.
ruimte voor vergund bijgebouw en carport aanleg lage knip-(locatie en scheerhaag indicatief)
handhaven bestaande bomen
Figuur 2: Landschappelijk inrichtingsplan oppervlaktenstaat (indicatief) plangebied: 23.941m2 totaal uitgeefbaar: 7.615m2 bestaand woonperceel: 1.320m2 oppervlaktenstaat (indicatief)2.065m2 openbaar (erf):
5
Richtlijnen bebouwing Beeldkwaliteitplan Veghelsedijk 10a, Erp
3
Richtlijnen bebouwing
3.1
Ruimtelijke compositie van het erf
In de omgeving van de ontwikkeling zijn meerdere bestaande boererven gelegen, beoogd wordt om het erf qua beeldkwaliteit aan te laten sluiten op de reeds aanwezige boerenerven. De boerenerven in de omgeving bestaan doorgaans uit één hoofdgebouw met diverse schuurwoningen als nevengebouwen, welke orthogonaal aan het erf zijn gepositioneerd. In deze ontwikkeling betreffen de nevengebouwen op het erf vrijstaande woningen of twee-ondereen-kap-woningen. Dat betekent dat de strikte ruimtelijke compositie van het reguliere boerenerf met bijhorende principes van
Compositie van de (Brabantse) boerenerven
De boerenerven hebben een sterke relatie met het landschap
de nevengebouwen op dit erf niet mogelijk is. Tegelijkertijd staat
1
1
op het erf één entreewoning (bestaande woning) aan weg en één hoofdgebouw (voorste woning aan het hofje) van het hofje. Deze voorste woning doet dienst als hoofdgebouw van het boerenhof. De bestaande entreewoning is te ondergeschikt qua volume als hoofdwoning van het gehele erf. Ook draagt deze onderscheidende compositie bij aan de eigen identiteit van het boerenhof. Om zo goed mogelijk op de beeldkwaliteit van de boerenerven in de omgeving aan te sluiten worden de ruimtelijke en esthetische principes van het boerenerf met schuurwoningen zo veel mogelijk vertaald op de woningen aan het boerenhof.
Het reguliere Brabantse boerenerf bestaat uit één hoofdgebouw met nevengebouwen rondom het erf
Veghels Buiten als inspiratie voor het moderne boerenerf 2
Het Brabantse boerenerf wordt omkaderd door langgerekte schuren waardoor een samenhangende gezamenlijke ruimte op het erf ontstaat. In deze ontwikkeling wordt deze gezamenlijke ruimte vertaald in een centrale ontmoetingsruimte (pleintje) waaraan de woningen zijn georiënteerd. Hierdoor ontstaat een sterke relatie tussen de woningen en de centrale ontmoetingsruimte aan het hofje. Daarbij geldt dat het erf niet op een reguliere straat lijkt. De langgerekte schuurwoningen rondom de centrale ruimte zijn vergelijkbaar met de nevengebouwen en sluiten qua beeldkwaliteit aan bij de schuurwoningen uit de Brabantse omgeving.
Veghels Buiten als inspiratie voor het moderne boerenerf
Sterke oriëntatie van de woningen aan het gezamenlijke erf
2
3
6
Richtlijnen bebouwing Beeldkwaliteitplan Veghelsedijk 10a, Erp
•
Het erf bestaat uit 1 entreewoning (het bestaande gebouw)
Situering
aan de weg, 1 hoofdgebouw (de voorste woning in het plan)
•
De rooilijn grenst direct aan het collectieve erf
van het boerenhofje met nieuwe langgerekte woningen (ver-
•
Oriëntatie van de voorgevel is op het collectieve erf/ openba-
gelijkbaar met nevengebouwen) aan het erf •
Het boerenhofje bestaat uit een centrale ontmoetingsruimte
•
aan het erf grenzen •
Hoofdmassa en oriëntatie
grens dient minimaal 5 meter te zijn (m.u.v. ‘voorste woning’
Inhoud van de bouwmassa bedraagt maximaal 750m3 (m.u.v. ‘voorste woning’)
De afstand tussen het hoofdvolume en zijdelingse perceels•
en twee-onder-een-kap-woningen binnen één massa)
De vrijstaande en twee-onder-een-kap-woningen op het erf zijn
Indien een bouwmassa met de kopse kant aan het erf grenst moeten naastgelegen bouwmassa’s met de langgerekte zijde
De gevel aan de erfzijde heeft in ieder geval een voordeur en minimaal een tweede gevelopening
Bij voorkeur staat de bouwmassa met de langsrichting evenwijdig aan het erf
•
re ruimte •
waaraan deze woningen zijn gelegen
3.2
•
Nokhoogte van de bouwmassa is maximaal 9m en goothoogte is maximaal 3m (gedeeltelijk opgetilde goot tot max 4,5m met overhangende kap die doorloopt)
ondergeschikt aan, maar wel in samenhang met het hoofdgebouw vormgegeven. Ook zijn de woningen in samenhang met de entree-
Hoofdvorm
woning vormgegeven. In de hiërarchie van het erf zijn ze verge-
•
De bouwmassa bestaat uit één laag met kap
lijkbaar met de nevengebouwen. In de ontwikkeling van Veghels
•
De bouwmassa heeft een langgerekte volume (het langgevel-
Buiten zijn de nevengebouwen vormgegeven als schuurwoningen.
•
Zadeldak en schildak behoren tot de mogelijke daken (een asymmetrische variant is ook mogelijk)
•
type hoort in de Brabantse omgeving)
De minimale dakhelling is 12 graden en de maximale dakhelling is 60 graden (bij een symmetrisch zadel- of schilddak).
De beeldkwaliteit van de schuurwoning is zo veel mogelijk doorvertaald in de woningen van deze ontwikkeling. Dat houdt in dat deze woningen een eenvoudige hoofdmassa hebben bestaande uit 1 bouwlaag met kap. Het centrale pleintje van het wordt hoofdzakelijk begeleid door de langgerekte volumes van de woningen. Met enige afwisseling staat een woning met de kopse kant aan het erf. Om deze oriëntatie te verbijzonderen vindt bij deze kopgevel(s) een architectonische verbijzondering plaats die de esthetiek van de boerenschuur benadrukt, zoals houten spanten of spekranden. De kap kan uit één of twee lagen bestaan. Hierdoor worden ze gekarakteriseerd door een groot dakoppervlak, dit past bij de
4Situering van de woningen rondom een gezamenlijke centrale ruimte
Brabantse landelijke architectuur. Om het eenvoudige karakter van de hoofdmassa te beogen is het gewenst om aan de voorzijde dakkappellen, bijgebouwen en aanbouwen te vermijden. Om de relatie en samenhang tussen de woningen met het centrale pleintje te versterken zijn de hoofdmassa’s direct grenzend en georiënteerd aan de pleintjes. Ook draagt dit bij aan het benadrukken van het gezamenlijke karakter van het erf. Dat mag direct met de voordeur zijn maar ook met een smalle ‘intermediaire zone’. Onder het kopje overgang privé-openbaar staat hierover meer toegelicht. Iedereen woont samen rondom het erf en ontmoet elkaar daar.
Situering van de woningen rondom een gezamenlijke centrale ruimte 5
7
Richtlijnen bebouwing Beeldkwaliteitplan Veghelsedijk 10a, Erp
De bestaande entreewoning van het erf Veghelsedijk 10A
Overkappingen van buitenruimtes zijn geïntegreerd in de hoofdmassa 6
1
Voorbeeld van de Brabantse boerenschuur als inspiratie voor de beeldkwaliteit van de vrijstaande woningen 6
Voorbeeld van de Brabantse boerenschuur als inspiratie voor de beeldkwaliteit van de vrijstaande woningen
Hoofdvorm van de woning bestaat veelal uit een eenvoudige hoofdmassa met een langgerekte vorm bestaande uit één laag met kap 5
onbekend
8
Richtlijnen bebouwing Beeldkwaliteitplan Veghelsedijk 10a, Erp
3.3
Detaillering
Het is gewenst dat de gebouwen op een erf samenhang vertonen. De samenhang wordt enerzijds gecreëerd door de ruimtelijke compositie aan het erf, anderzijds is het ook van belang dat er architectonische samenhang na wordt gestreefd. Dit kan gezocht worden in de kapvorm, gelijke materialen, kleurgebruik, raamvormen, etc. Dit zorgt voor samenhorigheid van het erf en het geeft een sterke identiteit en herkenbaarheid aan het buurtschap. Op planniveau is er juist wel sprake van diversiteit in architectonische vormgeving om de individuele expressie binnen het buurtschap uit te drukken. De woningen zijn sober doch zorgvuldig vormgegeven. De gevels van de woningen zijn eveneens eenvoudig doch zorgvuldig vormgegeven en gedetailleerd. De detaillering ondersteunt de vormkarakteristiek als referentie naar de schuurwoning. Binnen het hoofdvolume zijn verspringingen in de gevel mogelijk mits de eenvoud van het hoofdvolume niet wordt aangetast. Eventuele aan-/uitbouwen en dakkapellen dienen qua uiterlijk (materialisering en detaillering) mee ontworpen worden in de architectuur van het hoofdgebouw. Bij voorkeur aan de achterkant situeren. Eventuele aanbouwen of andere constructies zijn een uitvloeisel van de hoofdmassa. Ook overdekte buitenruimtes en bijkeukens worden geïntegreerd in het hoofdvolume.
en de lokale karakteristiek versterken. • De bouwmassa heeft een eenvoudige hoofdvorm • Eventuele bijgebouwen/aanbouwen worden geïntegreerd in het hoofdvolume en de kap • Eventuele aan-/uitbouwen, bijgebouwen en dakkapellen passen bij de architectuur, stijl, materialisering en detaillering van de hoofdmassa • Eventuele losse bijgebouwen (zoals schuur/berging en carport) worden mee ontworpen in dezelfde architectuur, stijl, materialisering en detaillering als het hoofdvolume • Eventuele dakkapellen zijn integraal onderdeel van het dak met dezelfde nok van de kap en worden versleept uit het dakvlak, ze zijn ondergeschikt aan het dakvlak • Eventuele aan-/uitbouwen, bijgebouwen en dakkapellen bij voorkeur aan de achterzijde situeren • Indien een bouwmassa met de kopse kant aan het erf grenst of de hoek van de bouwmassa aan de openbare ruimte is georiënteerd dan is een architectonische verbijzondering gewenst, zoals houten spanten, spekranden of verbijzondering/patroon in metselwerk • Het vlak van beide kopgevels is symmetrisch opgebouwd
Aan-/uitbouwen zijn geïntegreerd in hoofdvolume 7
Overdekte ruimtes passen bij de architectuur van hoofdmassa 8
Losse bijgebouwen (zoals schuren en carports) worden mee ontworpen in dezelfde architectuur, stijl, materialisering en detaillering als het hoofdvolume. Een specifiek detail dat aandacht dient te krijgen is het ‘gebint’. De oorspronkelijk Brabantse boerderij is herkenbaar aan zijn constructieve structuur, het gebint. Het gebint is een belangrijke inspiratiebron in de architectuur van de woningen. De beleving van deze constructie kan zowel binnen als buiten een belangrijke toegevoegde waarde hebben in de beeldkwaliteit
Overdekte buitenruimtes zijn geïntegreerd in hoofdvolume
Bijkeukens zijn geïntegreerd in hoofdvolume
1
6
9
Richtlijnen bebouwing Beeldkwaliteitplan Veghelsedijk 10a, Erp
Het gebint
Losse bijgebouwen passen bij de stijl van hoofdvolume
De kopgevels zijn symmetrisch opgebouwd
9
11
10
Het gebint is typisch voor de Brabantse (schuur)woning 12
Losse bijgebouwen passen bij de stijl van hoofdvolume
Met de kopse kant georiënteerde woningen hebben een architectonische verbijzondering zoals houten spanten
9
11
13
10
Richtlijnen bebouwing Beeldkwaliteitplan Veghelsedijk 10a, Erp
3.4
Materiaal en kleur
Het kleur- en materiaalgebruik is gedekt en ingetogen, bestaande uit donkere aardse tinten en/of houttinten, passend bij de architectonische uitwerking van de Brabantse landelijke architectuur. Als basismateriaal voor de gevels wordt gekozen voor warme natuurlijke materialen zoals baksteen, hout of vergelijkbare duurzame materialen zoals zink. Gedacht wordt aan toepassing van genuanceerde kleur, textuur en diverse verbanden. Er is steeds één dominant materiaal als basis, eventueel aangevuld met een ondergeschikt, duurzaam en natuurlijk materiaal zoals hout, zink, natuursteen of cortenstaal. De materialen refereren in principe aan de Brabantse langgeveltype en agrarische schuur in het bijzonder. De (constructieve) structuur is bij voorkeur afleesbaar in het ontwerp.
•
Het kleur- en materiaalgebruik is gedekt en ingetogen, bestaande uit donkere aardse tinten Als basismateriaal voor de gevels wordt gekozen voor warme natuurlijke materialen zoals baksteen, hout of vergelijkbare duurzame materialen Bij voorkeur materiaaleigen kleuren gebruiken zoals baksteen en hout De (constructieve) structuur is bij voorkeur afleesbaar in het ontwerp Er worden hoofdzakelijk maximaal 2 materialen gebruikt in de gevels
•
• • •
Daken zijn uitgerust met dakpannen, hout, riet of een ander duurzaam materiaal zoals zink Materiaalkeuze worden op elkaar afgestemd Kleur- en materiaalgebruik van eventuele aan- en uitbouwen is afgestemd op de hoofdmassa Witte en gele bakstenen zijn uitgesloten Kunststoffen zijn uitgesloten Geglazuurde dakpannen zijn uitgesloten Zandkleur is uitgesloten Hoogglanzende en/of spiegelende materialen zijn uitgesloten Felle en/of fluorescerende tinten zijn uitgesloten
• • • • • • • •
Het dak is bekleed met dakpannen, hout, riet of een ander duurzaam materiaal zoals zink. Ook gemêleerde daken zijn een optie (lichtere en donkere dakpannen mengen) om een ‘oud’ effect te creëren. Materiaalkeuze worden op elkaar afgestemd.
•
De constructie is afleesbaar in binnen en buitenruimte 15
16
Kleur- en materiaalgebruik is ingetogen met donkere aardse tinten en past bij de Brabantse landelijke architectuur
Dak is bekleed met (gemêleerde) dakpannen, hout, riet of ander duurzaam materiaal zoals zink (zie voorbeelden)
Basismateriaal voor de gevel is baksteen, hout of ander duurzaam materiaal zoals zink (zie voorbeelden)
14
5
17
11
11
Richtlijnen bebouwing Beeldkwaliteitplan Veghelsedijk 10a, Erp
3.5
Overgang privé-openbaar en erfgrens
De gevel grenst aan het gezamenlijke erf. De kap (met ondersteunende constructie) kan doorlopen over het gezamenlijke erf of op het kavel zodat er een ‘intermediaire ruimte’ ontstaat tussen de woning en het erf. Deze intermediaire ruimte bevindt zich onder de kap waardoor semi-privé buitenruimtes ontstaan. De intermediaire zone vormt een smalle ruimte met een informele sfeer en bevindt zich tussen het gezamenlijke erf en de woningen. De overbouwde buitenruimten die zo ontstaan overbruggen de binnen ruimte met de publieke ruimte en dragen bij aan de informele sfeer. Qua functie is het vergelijkbaar met de (Oudhollandse) stoep. Het is de zone die de overgang vormt tussen privé en openbaar. Vanuit hier ontstaat sociale interactie vanuit de semi-privé ruimte met het collectieve domein. Bewoners komen hier in contact met elkaar, vanuit de semi-privéruimte, en tegelijkertijd in de buitenruimte. Ook komt hier de individuele expressie vanuit de privé zone naar de buitenruimte tot uiting. Het heeft vaak een uitnodigend karakter, zoals een stoepje in gebakken klinkers, deurmat, plantenbakken, verticale groengevel, luiken, bankje, veranda, etc. In deze strook kunnen deze elementen (geïntegreerd in de gevel) mee worden ontworpen als onderdeel van de architectuur. De woning is gericht op het erf, dus moet er een binnen-buiten relatie mogelijk zijn.
Met deze intermediaire zone wordt dat versterkt.
•
• •
•
•
• •
Eventuele intermediaire zone is maximaal 1,5 meter diep en bevind zich in de op het erf (mits verkeerkundig passend) of op het kavel Eventuele intermediaire zone bevindt zich bij voorkeur onder de hoofdkap (met ondersteunende constructie) Eventuele overgangsstrook in de bestrating is maximaal 1,5 meter diep en wordt uitgevoerd in één type natuurlijk materialen zoals gebakken klinkers of natuursteen (kinderkopjes) De erfgrens tussen percelen in bestaat uit een haag van maximaal 2 meter hoog, met uitzondering van de eerste 5 meter achter de rooilijn De erfgrens grenzend aan de openbare ruimte (collectieve erf en boomgaard) en de eerste 5 meter achter de rooilijn bestaat uit een haag van maximaal 0,8 meter hoog Aan de voorzijde van de woning geen erfafscheiding om relatie met het collectieve erf te versterken Terreinafscheidingen van het plangebied naar omringende omgeving is in onopvalend gaas en open gaaswerk
18
Overgangsstrook in bestrating met bloempotten
Een andere optie om een overgang te maken tussen de woningen en het gezamenlijke erf is door middel van een ‘overgangsstrook’ in de bestrating tussen de woning en het erf. Deze strook kan bestaan uit een ander type bestrating dan het erf of bijvoorbeeld een ander patroon/verband in gebakken klinkers. Hagen worden gebruikt als erfafscheiding. Dit draagt bij de natuurlijke uitstraling en versterkt het verhaal van het Brabantse landelijk gebied.
Landelijke veranda als intermediaire zone
19
Overgangsstrook in bestrating met bankje, luiken en bloempot
Hagen als erfgrens versterken het Brabantse landschap
12
Richtlijnen bebouwing Beeldkwaliteitplan Veghelsedijk 10a, Erp
3.6
Parkeren
Op de percelen zijn 2 parkeerplaatsen aanwezig. Dit is inclusief inpandige parkeervoorzieningen/ carport, mits het gebruik en behoud hiervan gegarandeerd is. Bij voorkeur kan dit met een overkapte extensie vanuit de hoofdmassa- en kap. Op deze manier kan een auto op het perceel in een overkapte buitenruimte geparkeerd worden. Deze overkapping is onderdeel of een uitvloeisel van de hoofdmassa- en kap en dient mee ontwerpen te worden in de architectuur van het hoofdgebouw. Bij voorkeur geen deur voor de parkeervoorzieningen. Een eventuele deur dient qua stijl, materialisering en detaillering te passen bij het hoofdvolume (bijvoorbeeld Intermediaire zone onder de hoofdkap 4
een houten deur) of een verwijzing maken naar de Brabantse staldeur.
Carport als onderdeel van de architectuur van hoofdvolume 21
Het gezamenlijke erf blijft vrij van geparkeerde auto’s. Het erf is gericht op sociale interactie van het buurtschap. Geparkeerde auto’s dragen hier niet aan bij. Op het gezamenlijke erf is in één collectieve parkeerstrook ruimte voor extra (bezoekers)parkeerplaatsen. Toelichting hierover volgt onder ‘richtlijnen gezamenlijke erf’. •
Voor een inpandig parkeervoorziening/ carport gelden dezelfde regels die zijn opgenomen onder ‘detaillering’
Intermediaire zone onder de hoofdkap
•
Aanvullend hierop geldt dat de inpandige/ carport parkeervoorziening onder het dakvlak ligt van de hoofdmassa- en kap
12
(platte aanbouw is uitgesloten) •
Bij voorkeur geen deur voor de parkeervoorziening (indien onderdeel van het hoofdvolume), indien wel voor deur wordt gekozen past deze bij de stijl, materialisering en detaillering
Carport als onderdeel van de architectuur van hoofdvolume 13
van de hoofdmassa (in natuurlijke materialen) of bij de Brabantse staldeur •
Bestrating van de inpandige/ carport parkeervoorziening sluit aan bij de bestrating van het gezamenlijke erf
Landelijke veranda als intermediaire zone
Brabantse staldeuren
Inpandige parkeervoorziening als onderdeel van hoofdvolume
20
10
22
13
Richtlijnen gezamenlijke erf Beeldkwaliteitplan Veghelsedijk 10a, Erp
4
Richtlijnen gezamenlijke erf
• •
4.1
Ruimtelijke opzet
4.2
Het gezamenlijke erf met het centrale pleintje is dé ontmoetingsruimte van het boerenhof. De inrichting stimuleert de sociale interactie onder bewoners. Het pleintje is flexibel en eenvoudig van opzet, kwalitatief hoogwaardig en sluit aan bij de sfeer van de bebouwing. Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen rijbaan en verblijfsruimte. Naast (manoeuvreer-)ruimte voor de auto biedt het erf voldoende ruimte om te verblijven en te spelen. Door de overruimte ontstaat bewegingsvrijheid voor de bewoners. Het erf is nadrukkelijk een verblijfsruimte en geen verkeersruimte. De inrichting van het erf zorgt ervoor dat het geen traditionele straat wordt. De ruimte mag niet te langwerpig zijn waardoor het te veel op een traditionele straat gaat lijken. Ook is de ruimte stoer en eenvoudig, daarom bestaan de grenzen van het pleintje uit rechte lijnen en zijn de woningen er direct aan begrensd. De ruimtelijke opzet met de centrale ontmoetingsruimte als pleintje versterkt de ruimtelijke en sociale samenhang aan het totale erf, het bindt de woningen. Op het pleintje is ruimte voor een solitaire boom of een groep bomen, eventueel aanvullend met centraal groenoppervlak. Ook is het mogelijk om een collectieve voorziening en zitplekken te maken.
Langs de randen kan een informele strook van maximaal 1,5 meter worden toegewezen als overgangszone tussen woningen en het erf waarin bankjes, potten, etc. kunnen worden opgenomen door bewoners. Deze ruimte langs de gevel, de intermediaire zone, draagt bij aan het informele gebruik van het erf. Dit is beschreven onder ‘overgang privé-openbaar en erfgrens’.
De ruimtelijke opzet van het erf is vertaald in het ontwerp Regels voor de intermediaire zone zijn opgenomen onder ‘overgang privé-openbaar en erfgrens’
Bestrating en materialen
Hoogwaardige materialen moeten worden toegepast in een verhard of halfverhard vlak, zoals gebakken klinkers of grind, om de Brabantse landelijke stijl te versterken. De inrichting bestaat uit erfverharding dat bestaat uit één type materiaal. Bij gebakken klinkerbestrating wordt één type verband toegepast
op het totale oppervlak. Dit om de onderlinge relatie van het totale erf en het pleintje te versterken. De kleur van de klinker sluit aan bij de gebruikte baksteen kleur in de bebouwing. •
Het erf is primair een verblijfsruimte; er is geen onderscheid tussen verblijfsruimte en verkeersruimte Het erf bestaat uit één type hoogwaardig materiaal: gebakken klinkers, grind of ander soort halfverharding Beton en asfalt zijn uitgesloten (m.u.v. grasbeton) Wegmarkeringen zijn uitgesloten
• • •
Het gezamenlijke erf is de verblijfsruimte en bestaat uit hoogwaardige materiaal (bijv. grind) 3
Boom op het gezamenlijke erf 24
Het gezamenlijke erf is de verblijfsruimte en bestaat uit hoogwaardige materiaal (bijv. gebakken klinkers) 2
Collectieve voorziening en zitplekken op het gezamenlijke erf
Boom op het gezamenlijke erf
23
4
14
Richtlijnen gezamenlijke erf Beeldkwaliteitplan Veghelsedijk 10a, Erp
4.3
Parkeerstrook
Buiten de 2 parkeerplaatsen op de percelen is in één collectieve parkeerstrook ruimte voor extra (bezoekers)parkeerplaatsen. De collectieve parkeervoorziening ligt zo dicht mogelijk bij de autoentree om onnodige verkeersbewegingen op het gezamenlijke erf te voorkomen. Ook bezoekers parkeren in de parkeerstrook. • Locatie van de parkeerstrook is vertaald in het ontwerp • De parkeerstrook wordt ingepast door hagen • Verharding van de parkeerstrook is een voortzetting van de aangrenzende erfverharding, eventueel met subtiele belijning (belijnen in ander verband of in kinderkopjes)
4.4
Houtsingel
De robuuste houtsingel/ houtwal creëert een besloten karakter rondom het erf. Het plan is grotendeels ingepast binnen deze houtsingel. Hierdoor is het aanzicht vanuit het achterliggende landschap groen en natuurlijk. Dit zorgt voor meer bewegings-
vrijheid van de beeldkwaliteit van woningen aan de achterzijde en de achtertuinen.
4.5
Boomgaard
Aan de voorzijde van het erf, naast de erfontsluiting, ligt een boomgaard. De boomgaard draagt bij aan het landelijke karakter van de omgeving. De boomgaard bestaat uit hoogstambomen met inheemse soorten zoals Mispel, Gewone appel en Wilde peer.
4.6
25
Parkeerstrook ingepast in haag (parkeerkoffer)
4.8
28
Boomgaard
Boomgaard
29
30
Koeienweide
Koeienweide
31
32
Collectieve brievenbussen
Landelijke brievenbus
33
34
Waterberging en wandelpad
Aan de achterzijde van het boerenhof ligt een besloten natuurlijke overgang met waterberging. Deze natuurlijke zone heeft een verbinding met het erf. Daarbij wordt een mogelijke wandelroute gemaakt dat aansluit bij Bosstraat om zo de aansluiting met Erp en het omliggende landschap te versterken. Parkeerstrook ingepast in haag (parkeerkoffer)
Houtsingel
27
Koeienweide
De Koeienweide naast het boerenerf draagt bij aan het landelijke karakter van de omgeving. Het zorgt voor wat openheid en zichtlijnen naar het omliggende land. Op de grens van de Koeienweide en de aanangrenzende percelen kan een bomenrij zorgen voor een passende erfafscheiding. • Houtsingel, boomgaard en koeienweide zijn vertaald in het ontwerp
4.7
Houtsingel
Overige zones
Aan de voorzijde van het erf is een collectieve zone in de hoek van de boomgaard aangewezen als zone voor de brievenbussen en de opstelplaats voor containers. • Bestrating past bij de bestrating van het erf, zoals gebakken klinkers, kinderkopjes of halfverharding • De brievenbussen worden uitgevoerd in één stijl, passend bij het Brabantse boerenerf en bestaan uit een natuurlijk materiaal (kunststof is uitgesloten)
26
15
Beeldkwaliteitcriteria bebouwing Beeldkwaliteitplan Veghelsedijk 10a, Erp
Hoofdvorm
Gevelaanzicht
Detaillering
Rooilijn
•
De rooilijn grenst aan de openbare weg
Oriëntatie
• • •
Oriëntatie van de voorgevel is op het collectieve erf/ openbare ruimte De gevel aan de erfzijde heeft in ieder geval een voordeur en minimaal een tweede gevelopening De bouwmassa heeft een langgerekte volume (het langgeveltype hoort in de Brabantse omgeving)
Zijdelingse afstand
•
De afstand tussen het hoofdvolume en de zijdelingse perceelsgrens dient minimaal 5m te zijn (m.u.v. twee-onder-een-kap-woningen binnen één massa)
Bouwmassa
• •
Eenvoudige hoofdvorm bestaande uit één bouwlaag met kap Inhoud van de bouwmasse bedraagt maximaal 750mᵌ (m.u.v. ‘voorste woning’ van het boerenhof)
Bouwhoogte
•
Bouwhoogte hoofdvorm maximaal 9 m en goothoogte maximaal 3 m (gedeeltelijk opgetilde goot tot max 4,5m met overhangende kap die doorloopt)
Kapvorm
• •
Zadeldak en schildak behoren tot de mogelijke daken (een asymmetrische variant is ook mogelijk) De minimale dakhelling is 12 graden en de maximale dakhelling is 60 graden (bij een symmetrisch zadel- of schilddak)
Kaprichting
• •
In de langsrichting evenwijdig met de straat is gewenst Indien de langsrichting loodrecht op de straat is georiënteerd of de hoek van de woning aan de openbare ruimte grenst dan is een architectonische verbijzondering gewenst, zoals houtspant, spekrand of verbijzondering/patroon in metselwerk
Geveloriëntatie
• •
Bij voorkeur staat de bouwmassa met de langsrichting evenwijdig aan het erf Indien een bouwmassa met de kopse kant aan het erf grenst moeten naastgelegen bouwmassa’s met de langgerekte zijde aan het erf grenzen
Verbijzondering
• •
Indien een bouwmassa met de kopse kant aan het erf grenst of de hoek van de bouwmassa aan de openbare ruimte is georiënteerd dan is een architectonische verbijzondering gewenst, zoals houten spanten, spekranden of verbijzondering/patroon in metselwerk Het vlak van beide kopgevels is symmetrisch opgebouwd
• • •
Het kleur- en materiaalgebruik is gedekt en ingetogen, bestaande uit donkere aardse tinten Gevel: warme natuurlijke materialen zoals baksteen, hout of vergelijkbaar duurzaam materiaal (hoofdzakelijk worden maximaal 2 materialen gebruikt in gevels) Dak: gebakken pannen, hout, riet of een ander natuurlijke duurzaam materiaal
•
Witte en gele bakstenen, geglazuurde dakpannen, kunststoffen en hoogglanzende en/of spiegelende materialen zijn uitgesloten
Materiaalkleur
• • •
Materiaaleigen kleuren gebruiken zoals baksteen of hout Het kleur- en materiaalgebruik is gedekt en ingetogen, bestaande uit donkere aardse tinten Zandkleur en felle en/of flurorescerende tinten zijn uitgesloten
Overgang privé-openbaar en erfgrenzen
•
Eventuele intermediaire zone is maximaal 1,5 meter diep en bevind zich op het erf (mits verkeerskundig passend) of op het kavel onder de hoofdkap
•
Eventuele overgangsstrook in de bestrating is maximaal 1,5 meter diep en bevind zich op het erf (mits verkeerskundig passend) of op het kavel en wordt uitgevoerd in
Materiaalkeuze
5
Beeldkwaliteitcriteria bebouwing
Situering
Detaillering en aan-/uitbouwen, bijgebouwen en dakkapellen
één type natuurlijk materialen zoals gebakken klinkers of natuursteen (kinderkopjes) •
De erfgrens tussen percelen in bestaat uit een haag van maximaal 2 meter hoog, met uitzondering van de eerste 5 meter achter de rooilijn
•
De erfgrens grenzend aan de openbare ruimte (collectieve erf en boomgaard) en de eerste 5 meter achter de rooilijn bestaat uit een haag van maximaal 0,8 meter hoog
•
Aan de voorzijde van de woning geen erfafscheiding om relatie met het collectieve erf te versterken
•
Terreinafscheidingen tussen het plangebied naar de omgeving bestaat uit onopvallend en open gaaswerk. Gesloten schuttingen of tuinmuren zijn niet gewenst.
•
De (constructieve) structuur is bij voorkeur afleesbaar in het ontwerp
•
Eventele (losse) bijgebouwen, aan-/uitbouwen (incl. carport), dakkapellen passen bij de architectuur, stijl, materialisering en detaillering van de hoofdmassa
•
Eventuele aan-/uitbouwen (incl. carport) en dakkapellen worden geïntegreerd in het hoofdvolume en de kap, bij voorkeur aan de achterzijde situeren
•
Eventuele dakkapellen zijn integraal onderdeel van het dak met dezelfde nok van de kap en worden versleept uit het dakvlak, ze zijn ondergeschikt aan het dakvlak
•
Eventuele deur voor de parkeervoorziening past deze bij de stijl, materialisering en detaillering van de hoofdmassa (in natuurlijke materialen) of bij de Brabantse staldeur
16
Beeldkwaliteitcriteria erf
Compositie
•
Het erf bestaat uit 1 entreewoning (het bestaande gebouw), 1 hoofdgebouw (de voorste woning van het hofje) en vrijstaande of twee-ondereen-kap-woningen (vergelijkbaar met nevengebouwen) op het erf
Bestrating en materialen
Parkeerstrook
•
Het boerenhof bestaat uit een centrale ontmoetingsruimte waaraan de woningen en het hoofdgebouw zijn gelegen
•
Het erf bestaat uit één type hoogwaardig materiaal: gebakken klinkers, grind of ander soort halfverharding
•
Beton en asfalt zijn uitgesloten (m.u.v. grasbeton)
•
Het erf is primair verblijfsruimte; er is geen onderscheid tussen verblijfsruimte en verkeersruimte
•
Wegmarkeringen zijn uitgesloten
•
Verharding van de parkeerstrook is een voortzetting van de aangrenzende erfverharding, eventueel met subtiele belijning (belijnen in ander verband of in kinderkopjes)
Overige zones
•
De parkeerstrook wordt ingepast door hagen
•
Bestrating van de brievenbuszone/ opstelplaats containers past bij de bestrating van het erf, zoals gebakken klinkers, kinderkopjes of halfverharding
•
De brievenbussen worden uitgevoerd in één stijl, passend bij het Brabantse boerenerf
•
Brievenbussen en bestaan uit een natuurlijk materiaal (kunststof is uitgesloten)
6
Beeldkwaliteitcriteria erf
Beeldkwaliteitplan Veghelsedijk 10a, Erp
17
Bronnen Beeldkwaliteitplan Veghelsedijk 10a, Erp
7
Bronnen
7.1
Internetbronnen
1. z.n. (2012). Duurzame schuurwoning. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://architectenweb.nl/projecten/project. aspx?ID=21747 2. z.n. (z.d.). VEGHEL – VEGHELS BUITEN. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://www.architectuurguide.nl/bouwlocatie/veghel-veghels-buiten/ 3. z.n. (2018). SCHUURWONING SNELLENBURG. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://www.nextstepprogram.nl/ deelnemers/schuurwoning-snellenburg/ 4. z.n. (2020). 8 DAGEN VERBLIJF OP BOERDERIJ. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://www.vakantiedealz. nl/appartement-in-overijssel-zomervakantie-2020-deal-nu-slechts-e245/ 5. z.n. (2019). Schuurwoning IJhorst. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://vestus.nl/referenties/woningbouw/schuurwoning-ijhorst 6. z.n. (z.d.). Wonen in Veghels Buiten. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://la-architecten.nl/project/wonen-veghels-buiten/
7. z.n. (z.d.). Schuurwoning. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://vh-a.nl/portfolio/3294.html 8. z.n. (z.d.). Duurzaam bouwen met hout. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://www.schuurwoning-bouwen.nl/duurzaam-bouwen/ 9. z.n. (z.d.). Houten kapschuur. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://www.landelijkebouwstijl.nl/houtbouw/houten-kapschuur 11. z.n. (z.d.). Schuurwoning in Veghel. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://vh-a.nl/portfolio/3328.html 12. z.n. (2017). DÉ TREND VAN 2017: DE SCHUURWONING. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://www.huisbouwen. nl/schuurwoning/ 13. z.n. (z.d.). De Buitengaerd Veghels Buiten. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://www.funda.nl/nieuwbouw/veghel/project-41103550-de-buitengaerd-veghels-buiten/ 14. z.n. (z.d.). Nieuwbouw moderne schuurwoning Heuvel, Veghel. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://la-architecten. nl/project/nieuwbouw-moderne-schuurwoning-heuvel-veghel/
15. z.n. (z.d.). Schuurwoning Eelderwolde II. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://www.foreco.nl/nl/projecten/schuurwoning-eelderwolde-ii-waxedwood 16. z.n. (z.d.). Schuurwoning. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://vh-a.nl/portfolio/3318.html 17. z.n. (z.d.). woning 1430 Veghel. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://www.vanhoutumarchitecten.nl/projecten/289 18. z.n. (z.d.). Boerderij in stijl verbouwd. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://www.architektenburo-bikker.nl/projecten/ boerderij-verbouwen-stijl/ 19. z.n. (z.d.). Boerenerf en plaveisel. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://erfgoedhoveniers.nl/boerenerf-en-plaveisel/ 20. z.n. (z.d.). 14 boerderij en veranda. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van http://www.bouwbedrijfwbouw.nl/portfolio/boerderij-en-veranda/ 21. z.n. (z.d.). Schuurwoning. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://vh-a.nl/portfolio/3256.html 22. z.n. (2012). 201213 SCHUURWONING FRIESLAND. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van http://www.studioska.nl/projecten/ 201213-schuurwoning/
18
Bronnen Beeldkwaliteitplan Veghelsedijk 10a, Erp
23. z.n. (z.d.). Boerderij Breedam, Rijswijk, Een tweede leven voor een rijksmonument. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://willemijnvandewetering.nl/portfolio-item/boerderij-breedam-rijswijk/ 24. z.n. (z.d.). Een erf inrichten, hoe doe je dat? Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://www.debosboom.nl/index.php/erfbeplanting/ 25. z.n. (2018). entreecie. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://www.warmoestuin.nl/wp-content/uploads/2018/01/entreecie-statusupdate-8-1-2018.pdf 26. z.n. (2018). Landschappelijke inpassing parkeerkoffers. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://www.planviewer.nl/ imro/files/NL.IMRO.1924.ODHPadOosterweg-BP30/b_NL.IMRO.1924.ODHPadOosterweg-BP30_rb2.pdf 27. z.n. (z.d.). Erfbeplanting, akkerbouwbedrijf Huizinge. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://hetnoordererf.nl/portfolio-item/erfbeplanting-akkerbouwbedrijf-huizinge/ 28. z.n. (z.d.). Erfbeplanting, woonboerderij Middelstum. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://hetnoordererf.nl/portfolio-item/erfbeplanting-woonboerderij-middelstum/
30. z.n. (2019). Stadsboerderij de Korenmaat. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://www.arnhemklimaatbestendig.nl/ project/stadsboerderij-de-korenmaat/ 31. z.n. (z.d.). Vakantiehoeve ‘t Hof Rozendael. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van http://www.rozendael.be/boerderij.html 32. z.n. (2020). Koeien in de wei blijft definitief vergunningsvrij. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://limburg24.nl/koeien-in-de-wei-blijft-definitief-vergunningsvrij/ 33. z.n. (z.d.). Melkbrievenbussen bij een woonpark. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van https://www.brievenbuswebshop. nl/brievenbussen-bij-een-woonpark 34. z.n. (z.d.). Photos - Surprises - Mailboxes and Letterboxes. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van http://www.walksydneystreets.net/surprises_mailboxes09.htm
7.2
Literatuur
10. Stuurgroep Veghels Buiten (2015). Veghels Buiten, Kwaliteitshandboek, Oude Ontginning. Veghel.
29. z.n. (z.d.). Hoogstam boomgaarden. Geraadpleegd op 28 juni 2021, van http://www.hoogstamboomgaard.nl/deze-site
19
Hoofdvestiging Boxtel Bosscheweg 107 5282 WV Boxtel T +31 (0)411 850 400 Vestiging Amsterdam Rhijnspoorplein 38 1018 TX Amsterdam T +31 (0)20 506 19 99 Vestiging Venlo Industriestraat 94
www.bro.nl | info@bro.nl
5931 PK Tegelen T +31 (0)77 373 06 01
%LMODJH $DQPHOGLQJVQRWLWLH
NL.IMRO.1948.BGV000BP0072022P-ON01
Pagina: 41 van 328