Bijlagen bij toelichting
Tekst van het document
Blad 13
6. Kruispuntberekening Zoals beschreven in het voorgaande hoofdstuk is de afwikkeling op het kruispunt Europalaan / Spoorlaan deels bepalend voor de afwikkeling van verkeer van en naar het nieuwe woongebied. In dat kader wordt een indicatieve kruispuntberekening uitgevoerd, waarbij wordt beoordeeld of het kruispunt het verwachte verkeer in zijn huidige vormgeving naar behoren kan verwerken. Methodiek De toekomstige verkeersafwikkeling op het kruispunt wordt beoordeeld met behulp van de verkeerskundige rekentool Kruispuntwijzer (Goudappel Coffeng). Met deze tool kunnen onder andere I/C-waardes, verliestijden en wachttijden voor ongeregelde kruispunten worden berekend. De berekeningen worden uitgevoerd voor het spitsuur. Aan de hand van de resultaten wordt getoetst in hoeverre het kruispunt het verwachte verkeer in de huidige vormgeving naar behoren kan afwikkelen. Uitgangspunten Als invoergegevens van de kruispuntberekening worden de verkeersintensiteiten uit de uitgevoerde tellingen gebruikt, gecorrigeerd naar een verkeerssituatie buiten de COVID-19 pandemie (Figuur 3). De verkeersintensiteiten zijn doorgerekend naar het planjaar 2032 met een autonoom groeipercentage van 1,5% per jaar. Daarnaast is rekening gehouden met fietsbewegingen per kruispunttak in het spitsuur (200 fietsbewegingen per uur per oversteek).
Er is in de achterliggende dataset gekeken naar het aantal verkeersbewegingen (auto en vrachtauto) in het drukste uur van de ochtend- en avondspits. In de ochtendspits is dit tussen 8:00 en 9:00 uur en in de avondspits tussen 17:00 en 18:00 uur. Het aantal voertuigbewegingen van personenauto’s en vrachtauto’s is omgerekend naar PAE’s (personenauto-equivalent) door voor het middelzware vrachtverkeer de factor 1,5 en voor het zware vrachtverkeer de factor 2,3 toe te passen. Omdat er geen verdeling van de intensiteiten over de verschillende kruispuntrichtingen bekend is, zijn de aantallen gelijkmatig verdeeld over de verschillende richtingen van het kruispunt. Dit is gedaan met behulp van het softwarepakket Kalibrero. Ten aanzien van de woningbouwontwikkeling Grote Braak is als uitgangspunt gehanteerd dat in het drukste uur 10% van de berekende etmaalwaarde wordt afgewikkeld. Qua verdeling van het verkeer zijn de percentages uit Figuur 2 toegepast, met het worst-case uitgangspunt dat al het verkeer dat van en naar de Europalaan rijdt afwikkelt over dit kruispunt. In de ochtendspits is wordt aangehouden dat 70% van het extra verkeer van de projectlocatie af rijdt (van huis naar werk) en het restant (30%) naar de projectlocatie toe. En in de avondspits omgekeerd, namelijk 70% naar de projectlocatie toe (van werk naar huis) en het restant (30%) van de projectlocatie af.
In Bijlage 3 zijn de invoergegevens van de kruispuntberekening opgenomen. Beoordelingskader Bij de beoordeling van de verkeersafwikkeling op kruispunten wordt gekeken naar de I/C-ratio per kruispunttak (verhouding tussen de intensiteit en capaciteit). Daarbij worden de volgende standaard grenswaarden gehanteerd. Bij ongeregelde kruispunten geldt dat indien de I/C-ratio hoger is dan 0,8, dit een potentieel afwikkelingsknelpunt is. Resultaat In Tabel 3 is het resultaat van de kruispuntberekening weergegeven. Daarbij is per spitsperiode en kruispunttak de gemiddelde I/C-waarde weergegeven. De huidige situatie betreft de kruispuntafwikkeling met de bestaande verkeersintensiteiten, bij de toekomstige situatie is het verkeer van en naar de woningbouwontwikkeling Grote Braak opgeteld.
Blad 14
Tabel 3 Resultaat kruispuntberekening Gemiddelde
Gemiddelde
I/C-waarde
I/C-waarde
Drukste uur OS
Drukste uur AS
Europalaan zuid
0,27
0,44
Spoorlaan
0,12
0,2
Europalaan noord
0,30
0,48
Europalaan zuid
0,35
0,6
Spoorlaan
0,28
0,33
Europalaan noord
0,39
0,67
Huidige situatie
Toekomstige situatie
Uit het resultaat van de indicatieve kruispuntberekening blijkt dat zich in zowel de huidige als de toekomstige situatie geen knelpunten voordoen. De I/C-waarde blijft in alle gevallen onder de 0,8. De verkeerstoename ten behoeve van de woningbouwontwikkeling kan in de spitsperiodes merkbaar zijn in de vorm van langere wachttijden (enkele seconden), maar leidt niet tot een onacceptabele verkeerssituatie. Daarmee worden in de toekomstige situatie geen afwikkelingsproblemen verwacht.
7. Conclusies en aanbevelingen De woningbouwontwikkeling Grote Braak zorgt voor een toename van het aantal verkeersbewegingen op het omliggend wegennet. Over de relevante wegen en kruispunten kan het volgende geconcludeerd worden: Europalaan De Europalaan is reeds een drukke weg die qua gebruik en inrichting niet past bij zijn categorisering als erftoegangsweg (30 km/uur). De ontwikkeling Grote Braak zorgt voor een verdere toename van de verkeersintensiteit. Hoewel de toename in vergelijking tot de huidige intensiteit relatief beperkt is, wordt aanbevolen om in bredere context dan de woningbouwontwikkeling te onderzoeken in hoeverre de relatief hoge verkeersintensiteit én gereden snelheid tot overlast leidt en welke maatregelen getroffen kunnen worden om de verkeersdruk en snelheid te reduceren. Spoorlaan Op de Spoorlaan zorgt de ontwikkeling Grote Braak voor een relatief forse toename ten opzichte van de huidige verkeersintensiteit. Gezien de wegcategorisering en inrichting van de weg worden echter geen knelpunten verwacht met betrekking tot de verwerking van het verkeer. Snelheidsverlagende maatregelen zijn niet noodzakelijk. Plein Voor het functioneren van de fietsstraat is het wenselijk dat het aantal fietsers op de fietsstraat toeneemt en het aantal (doorgaande) gemotoriseerde verkeersbewegingen afneemt.
Zo krijgt de fiets een nog dominantere rol dan nu al het geval is en wordt de verkeersveiligheid van (schoolgaande) fietsers gewaarborgd. Ook dient de snelheid van het gemotoriseerde verkeer omlaag te worden gebracht. Aanbevolen wordt om een knip voor gemotoriseerd verkeer aan te brengen op de fietsstraat.
Blad 15
Langstraat De Langstraat is een erftoegangsweg met een beperkte wegbreedte (4,5 meter incl. bermstroken). Op het wegvak tussen de nieuwe ontsluitingsweg van de projectlocatie en de Spoorlaan, neemt de verkeersintensiteit met de ontwikkeling fors toe. Met de toekomstige verkeersintensiteit wordt gezien de beperkte wegbreedte bermschade verwacht, het is daarom wenselijk dit wegvak te verbreden tot ten minste 5,5 meter. Daarnaast wordt aanbevolen de komgrens te verleggen tot voorbij de aansluitingen van het nieuwe woongebied op de Langstraat. Daarmee zal de maximum snelheid op dit gedeelte van de Langstraat omlaag worden gebracht tot 30 km/uur, wat ondersteund kan worden met toepassing van open verharding op de rijbaan en de inpassing van kruispuntplateaus op de aansluitingen van het woningbouwplan op de Langstraat. Op het gedeelte van de Langstraat ten westen van de meest westelijk gelegen ontsluitingsweg van de projectlocatie, zijn deze maatregelen niet noodzakelijk. De intensiteit ligt hier immers naar verwachting lager, omdat het merendeel van het verkeer van en naar de ontwikkeling georiënteerd is op de Europalaan. Venushoek en Bremweg Venushoek en Bremweg zullen sporadisch gebruikt gaan worden door bewoners van het nieuwe woongebied. De huidige verkeersintensiteit is er laag en ten behoeve van de ontwikkeling Grote Braak is de verwachte toename zeer beperkt.
Als gevolg van het woningbouwplan Grote Braak worden er op deze wegen geen knelpunten verwacht. Kruispunt Europalaan / Spoorlaan Uit een indicatieve kruispuntberekening blijkt dat het kruispunt Europalaan / Spoorlaan het verkeer in de huidige situatie zonder problemen kan verwerken. De verkeerstoename ten behoeve van de woningbouwontwikkeling kan in de spitsperiodes merkbaar zijn in de vorm van langere wachttijden (enkele seconden), maar leidt niet tot een onacceptabele verkeerssituatie.
Bijlagen
Bijlage 1. Memo geactualiseerde verkeersgegevens Bijlage 2. Overzicht verkeersintensiteiten Bijlage 3. Invoergegevens kruispuntberekening
Blad 16
Bijlage 1 Memo geactualiseerde verkeersgegevens
M emo Aan
Ruimte voor Ruimte II CV
Van
Betreft
G eactualiseerde verkeersgegevens Verkeerstoets G rote Braak te Schijndel (v2 .0 )
Datum
1 8 januari 2 0 2 4
Voorliggende memo gaat in op de meest actuele verkeerstellingen (mei 2 0 2 3 ) en het nieuwe verkeersmodel (BBM A 2 0 2 2 ). Beoordeeld wordt in hoeverre deze nieuwe gegevens aanleiding geven om de beoordeling en conclusies uit de verkeerstoets (RVR-0 0 1 -TO E-VKR, 2 8 juni 2 0 2 2 ) en het akoestisch onderzoek (RVR0 0 1 AKO -VL 3 .0 , 2 8 juni 2 0 2 2 ) te wijzigen. Intensiteit gemotoriseerd verkeer telling 2 0 2 1 & 2 0 2 3 M eetperiode 2 0 2 1 : zie verkeerstoets (RVR-0 0 1 -TO E-VKR, 2 8 juni 2 0 2 2 ) M eetperiode 2 0 2 3 : 4 mei t/ m 2 2 mei 2 0 2 3
Tabel 1 Basis weekdagintensiteiten (2 0 2 1 ) akoestisch onderzoek vs. verkeerstelling 2 0 2 3 Telpunt Intensiteit gemiddelde w eekdag 2 0 2 1 (+ factor C O VID) 1 . Plein
2023
3 7 8 mvt/ etm
N iet geteld
2 . Spoorlaan
1 .5 7 7 mvt/ etm
1 .4 8 5 mvt/ etm
3 . Langstraat
1 .0 6 5 mvt/ etm
9 3 5 mvt/ etm
4 . Langstraat
9 5 4 mvt/ etm
8 4 1 mvt/ etm
5 . Bremweg
1 .0 2 7 mvt/ etm
9 5 8 mvt/ etm
6 . Venushoek
6 7 8 mvt/ etm
6 2 9 mvt/ etm
Tabel 2 G ehanteerde werkdagintensiteiten (2 0 2 1 ) verkeerstoets vs. verkeerstelling 2 0 2 3 Telpunt Intensiteit gemiddelde w erkdag 2 0 2 1 (+ factor C O VID)
2023
A. Europalaan
8 .5 8 5 mvt/ etm
8 .2 0 5 mvt/ etm
B. Europalaan
8 .3 7 5 mvt/ etm
8 .5 2 1 mvt/ etm
1 . Plein
4 6 0 mvt/ etm
N iet geteld
2 . Spoorlaan
1 .9 0 6 mvt/ etm
1 .7 2 9 mvt/ etm
3 . Langstraat
1 .2 8 0 mvt/ etm
1 .0 7 5 mvt/ etm
4 . Langstraat
1 .0 7 7 mvt/ etm
9 1 5 mvt/ etm
5 . Bremweg
1 .1 8 7 mvt/ etm
1 .0 2 8 mvt/ etm
6 . Venushoek
7 8 0 mvt/ etm
6 8 5 mvt/ etm
O p alle telpunten is de getelde gemiddelde etmaalintensiteit (gemiddelde weekdag en gemiddelde werkdag) lager dan het uitgangspunt voor de verkeerstoets (RVR-0 0 1 -TO E-VKR, 2 8 juni 2 0 2 2 , figuur 2 0 2 1 ) en het akoestisch onderzoek (RVR0 0 1 -AKO -VL 3 .0 , 2 8 juni 2 0 2 2 ), met uitzondering van telpunt B. Europalaan. Aldaar ligt de in 2 0 2 3 getelde etmaalintensiteit +1 4 6 mvt/ etmaal hoger dan het uitgangspunt van de verkeerstoets.
Blad 2
-
-
Dit resultaat geeft geen aanleiding om de verkeerstoets te actualiseren. Voor de verschillende wegvakken, evenals de Europalaan waar op telpunt B een hogere verkeersintensiteit is gemeten, houden de gegevens de conclusies en aanbevelingen uit de verkeerstoets d.d. 2 8 -0 6 -2 0 2 2 stand. Dit geldt eveneens voor het resultaat van de kruispuntberekening Europalaan Spoorlaan. W anneer deze wordt uitgevoerd met de in 2 0 2 3 gemeten verkeersintensiteiten (opgehoogd naar planjaar 2 0 3 3 + verkeerstoename ontwikkeling), houden de conclusies stand. De wachttijd op de maatgevende richting blijft acceptabel in zowel de ochtend- als de avondspits.
Intensiteit fietsverkeer telling 2 0 2 1 & 2 0 2 3 M eetperiode 2 0 2 3 : 4 mei t/ m 2 2 mei 2 0 2 3 Telpunt
Intensiteit w erkdag 2021
2023
A. Europalaan
N iet bekend
N iet bekend
B. Europalaan
N iet bekend
N iet bekend
1 . Plein
5 1 2 fts/ etm
N iet geteld
2 . Spoorlaan
4 3 8 fts/ etm
4 4 9 fts/ etm
3 . Langstraat
3 4 3 fts/ etm
3 2 7 fts/ etm
4 . Langstraat
1 6 7 fts/ etm
1 3 7 fts/ etm
5 . Bremweg
2 7 2 fts/ etm
2 8 6 fts/ etm
6 . Venushoek
6 9 fts/ etm
1 0 6 s/ etm
Het aantal getelde fietsers per etmaal is op de getelde locaties ongeveer vergelijkbaar met de aantallen die in 2 0 2 1 zijn geteld. Er zijn geen grote verschillen waarneembaar die van invloed zijn op de conclusies uit de verkeerstoets (RVR-0 0 1 -TO E-VKR, 2 8 juni 2 0 2 2 ). Intensiteit verkeersmodel BBM A 2 0 2 2 (intensiteiten in motorvoertuigen per etmaal)
W egvak A. Europalaan B. Europalaan 1 . Plein 2 . Spoorlaan 3 . Langstraat 4 . Langstraat 5 . Bremweg 6 . Venushoek
Etmaalintensiteit 2 0 3 0 (oud verkeersmodel) 5 .2 0 0 6 .9 0 0 Zit niet in verkeermodel 1 .9 0 0 1 .9 0 0 Zit niet in verkeermodel 600 Zit niet in verkeermodel
BBM A2 0 2 2 (2 0 1 9 ) 4 .8 2 0 6 .0 7 0 Zit niet in verkeermodel 1 .7 8 0 1 .7 8 0 1 .2 1 0 1 .7 7 0 2 .9 7 0
BBM A2 0 2 2 (2 0 3 0 ) 4 .9 9 0 6 .1 9 0 Zit niet in verkeermodel 1 .6 8 0 1 .6 8 0 1 .2 1 0 1 .6 8 0 2 .8 0 0
BBM A2 0 2 2 (2 0 4 0 ) 5 .1 4 0 6 .3 9 0 Zit niet in verkeermodel 1 .7 2 0 1 .7 2 0 1 .2 3 0 1 .7 3 0 2 .9 0 0
O p de verschillende wegvakken zijn afwijkingen zichtbaar ten opzichte van intensiteiten uit het oude verkeersmodel. Enkel op de Bremweg is deze afw ijking significant, van Venushoek gaf het oude verkeersmodel geen etmaalwaarde. De waarde uit het verkeersmodel (BBM A 2 0 2 2 basisjaar 2 0 1 9 ) is op telpunt 5 en 6 dermate veel hoger dan hetgeen is geteld in 2 0 2 1 en 2 0 2 3 , dat de verkeersmodelwaarden op deze wegvakken niet als zijnde representatief worden geacht.
Blad 3
Een mogelijke verklaring voor de hogere modelwaarden is dat daarbij wordt uitgegaan van meer doorgaand verkeer tussen Schijndel (zuid)/ Sint-O edenrode en Boxtel, waar dit verkeer in de praktijk gebruik maakt van een route via de Europalaan. O p de Europalaan liggen de getelde waarden namelijk een stuk hoger dan de waardes uit het verkeersmodel. Voor een accurate weergave van de huidige situatie wordt uitgegaan van de getelde waarden in 2 0 2 1 en 2 0 2 3 . Daarmee houden de conclusies uit de verkeerstoets (RVR-0 0 1 -TO E-VKR, 2 8 juni 2 0 2 2 ) en het akoestisch onderzoek (RVR0 0 1 -AKO -VL 3 .0 , 2 8 juni 2 0 2 2 ) stand. Conclusies De verkeersintensiteiten afkomstig uit de meest actuele verkeerstellingen (mei 2 0 2 3 ) en het nieuwe verkeersmodel (BBM A 2 0 2 2 ) geven geen aanleiding om de beoordeling en conclusies uit de verkeerstoets (RVR-0 0 1 -TO E-VKR, 2 8 juni 2 0 2 2 ) en het akoestisch onderzoek (RVR0 0 1 -AKO -VL 3 .0 , 2 8 juni 2 0 2 2 ) te wijzigen.
Bijlagen
n.v.t.
Verkeersintensiteit gemotoriseerd verkeer gemiddelde werkdag (mvt/etmaal) Input verkeersonderzoek Nr. Wegvak Werkdag 2021 Factor Werkdag 2021 Groeifactor Werkdag 2032 Werkdag 2032 mvt/etmaal COVID-19 mvt/etmaal 2021-2032 mvt/etmaal mvt/etmaal Afgerond op 10-tallen A Europalaan (Spoorlaan - Orion) 6923 1,24 8585 1,5% p/j 10112 10110 B Europalaan (Spoorlaan - Boogschutte 6754 1,24 8375 1,5% p/j 9865 9870 1 Plein 393 1,17 460 1,5% p/j 542 540 2 Spoorlaan 1629 1,17 1906 1,5% p/j 2245 2250 3 Langstraat (Plein- Bremweg) 1094 1,17 1280 1,5% p/j 1508 1510 4 Langstraat (Venushoek - Heiveld) 920 1,17 1076 1,5% p/j 1268 1270 5 Bremweg 1014 1,17 1186 1,5% p/j 1397 1400 6 Venushoek 667 1,17 780 1,5% p/j 919 920
Verkeersintensiteit gemotoriseerd verkeer gemiddelde weekdag (mvt/etmaal) Input akoestisch onderzoek Nr. Wegvak Weekdag 2021 Factor Weekdag 2021 Groeifactor Weekdag 2032 Weekdag 2032 mvt/etmaal COVID-19 mvt/etmaal 2021-2032 mvt/etmaal mvt/etmaal Afgerond op 10-tallen A Europalaan (Spoorlaan - Orion) 6484 1,24 8040 1,5% p/j 9471 9470 Europalaan (Spoorlaan - Boogschutte 6297 1,24 7808 1,5% p/j 9198 9200 B 1 Plein 323 1,17 378 1,5% p/j 445 450 2 Spoorlaan 1347 1,17 1576 1,5% p/j 1856 1860 3 Langstraat (Plein- Bremweg) 910 1,17 1065 1,5% p/j 1254 1250 4 Langstraat (Venushoek - Heiveld) 815 1,17 954 1,5% p/j 1123 1120 5 Bremweg 878 1,17 1027 1,5% p/j 1210 1210 6 Venushoek 580 1,17 679 1,5% p/j 799 800
Blad 17
Bijlage 1. Overzicht verkeersintensiteiten
Blad 18
Bijlage 3. Invoergegevens kruispuntberekening Ochtendspitsuur (8:00 – 9:00) 2032
Totaal
werkdag PAE
Europalaan (noord) 346 346
Europalaan (zuid) 329 329
Spoorlaan 106 106 Invoer zonder ontwikkeling Zonder ontwikkelingwerkdag
Europalaan (noord)
Europalaan (zuid)
281 64
287 43
55
51 Spoorlaan
Invoer met ontwikkeling Met ontwikkeling werkdag
Europalaan (noord)
Europalaan (zuid)
281 88
287 73
110
120 Spoorlaan
Blad 19
Avondspitsuur (17:00 – 18:00) 2032
Totaal
werkdag PAE
Europalaan (noord) 503 503
Europalaan (zuid) 497 497
Spoorlaan 134 134
Invoer zonder ontwikkeling Zonder ontwikkelingwerkdag
Europalaan (noord)
Europalaan (zuid)
427 76
439 58
67
67 Spoorlaan
Invoer met ontwikkeling Met ontwikkeling werkdag
Europalaan (noord)
Europalaan (zuid)
427 131
439 127
91
97 Spoorlaan
PARKEERBALANS DE GROTE BRAECK Versie 6 april 2023 op basis Nota Parkeernormen 2018 gemeente Meijerijstad en VO april 2023
PARKEERNORMEN type Koop/huur, vrijstaand Koop/huur, 2 onder 1 kap Koop/huur, tussen/hoek Koop/huur, etage midden Koop/huur, etage goedkoop
parkeernorm 2,4 2,3 2,1 2,0 1,8
type enkele oprit lange oprit dubbele oprit dubbele lange oprit (4) dubbele lange oprit (3)
berekeningsaantal 1 1,5 2 3 2,5
TOTAALOVERZICHT MET AANWEZIGHEIDSPERCENTAGE (zie volgende pagina) type benodigde parkeerplaatsen op eigen terrein benodigd in openbare ruimte haaks parkeren in openbare ruimte langsparkeren in openbare ruimte totaal balans (in de plus)
aantal pp 456,2 98,5 357,7 300,0 58,0 358,0 0,3
DEELGEBIED A type vrije kavel (RvR)* vrijstaande woningen tweekappers seniorenwoningen rijwoningen rijwoningen hoekwoningen totaal
segment duur duur duur / duur (beperkt) duur goedkoop sociaal middelduur
type
aantal woningen 3 2 22 13 15 12 8 75
benodigd aantal parkeerplaatsen norm aantal pp op basis van norm 2,40 7,2 2,40 4,8 2,30 50,6 2,10 27,3 2,10 31,5 2,10 25,2 2,10 16,8 163,4
eigen terrein 7,5 5,0 28,5 15,0 0,0 0,0 0,0 56,0
openbare ruimte -0,3 -0,2 22,1 12,3 31,5 25,2 16,8 107,4
aandeel bezoekers 0,9 0,6 6,6 3,9 4,5 3,6 2,4 22,5
type
aantal woningen 1 10 12 4 16 4 48 95
benodigd aantal parkeerplaatsen norm aantal pp 2,40 2,4 2,30 23,0 2,10 25,2 2,10 8,4 2,10 33,6 2,10 8,4 1,80 86,4 187,4
eigen terrein 3,0 10,0 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0 13,0
openbare ruimte -0,6 13,0 25,2 8,4 33,6 8,4 86,4 174,4
aandeel bezoekers 0,3 3,0 3,6 1,2 4,8 1,2 14,4 28,5
type
aantal woningen 9 7 8 4 8 4 40
benodigd aantal parkeerplaatsen norm aantal pp 2,40 21,6 2,30 16,1 2,10 16,8 2,10 8,4 2,10 16,8 2,10 8,4 88,1
eigen terrein 22,5 7,0 0,0 0,0 0,0 0,0 29,5
openbare ruimte -0,9 9,1 16,8 8,4 16,8 8,4 58,6
aandeel bezoekers 2,7 2,1 2,4 1,2 2,4 1,2 12,0
type
aantal woningen 2 1 16 12 31
benodigd aantal parkeerplaatsen norm aantal pp 2,10 4,2 2,10 2,1 2,10 33,6 2,10 25,2 65,1
eigen terrein 0,0 0,0 0,0 0,0 0,0
openbare ruimte 4,2 2,1 33,6 25,2 65,1
aandeel bezoekers 0,6 0,3 4,8 3,6 9,3
eigen terrein 98,5 98,5
openbare ruimte 405,5 357,7
aandeel bezoekers 72,3 72,3
Koop/huur, vrijstaand Koop/huur, vrijstaand Koop/huur, 2 onder 1 kap Koop/huur, tussen/hoek Koop/huur, tussen/hoek Koop/huur, tussen/hoek Koop/huur, tussen/hoek
DEELGEBIED B type vrijstaande woningen tweekappers rijwoningen hoekwoningen rug - aan - rug (tussen) rug - aan - rug (hoek) appartement totaal
segment duur duur goedkoop middelduur goedkoop middelduur sociaal / goedkoop
Koop/huur, vrijstaand Koop/huur, 2 onder 1 kap Koop/huur, tussen/hoek Koop/huur, tussen/hoek Koop/huur, tussen/hoek Koop/huur, tussen/hoek Koop/huur, etage goedkoop
DEELGEBIED C type vrije kavel (RvR)* tweekappers rijwoningen hoekwoningen rug - aan - rug (tussen) rug - aan - rug totaal
duur duur goedkoop middelduur goedkoop middelduur
Koop/huur, vrijstaand Koop/huur, 2 onder 1 kap Koop/huur, tussen/hoek Koop/huur, tussen/hoek Koop/huur, tussen/hoek Koop/huur, tussen/hoek
PLEIN 23 type hoekwoning tussen woning rug - aan - rug (tussen) rug - aan - rug totaal
duur middelduur goedkoop middelduur
Koop/huur, tussen/hoek Koop/huur, tussen/hoek Koop/huur, tussen/hoek Koop/huur, tussen/hoek
TOTAAL type TOTALEN TOTALEN met aanwezigheidspercentages
benodigd aantal parkeerplaatsen aantal woningen 241 241
aantal pp 504,0 456,2
opgenomen in plan met % type aantal pp benodigd 94,4 haaks parkeren 60,0 langsparkeren 35,0 totaal 95,0 balans 0,6
opgenomen in plan met % type aantal pp benodigd 154,1 haaks parkeren 154,0 langsparkeren 0,0 totaal 154,0 balans -0,1
opgenomen in plan met % type aantal pp benodigd 51,5 haaks parkeren 37,0 langsparkeren 15,0 totaal 52,0 balans 0,5
opgenomen in plan met % type aantal pp benodigd 57,7 haaks parkeren 49,0 langsparkeren 8,0 totaal 57,0 balans -0,7
PARKEERBALANS MET AANWEZIGHEIDSPERCENTAGES Versie 6 april 2023 op basis Nota Parkeernormen 2018 gemeente Meijerijstad en VO april 2023
DEELGEBIED A Functie
Normatief
Woningen bewoners Woningen bezoekers Totaal
Werkdag ochtend 23 85 107,4
middag 2 42 44,7
avond 5 42 47,0
Koop avond
nacht 18 76 94,4
0 85 84,9
Zaterdag middag 16 68 83,7
Zondag middag
avond 14 51 64,4
23 68 90,4
16 59 75,2
DEELGEBIED B Functie
Normatief
Woningen bewoners Woningen bezoekers Totaal
Werkdag ochtend 29 146 174,4
middag 3 73 75,8
avond 6 73 78,7
Koop avond
nacht 23 131 154,1
0 146 145,9
Zaterdag middag 20 117 136,7
Zondag middag
avond 17 88 104,6
29 117 145,2
20 102 122,1
DEELGEBIED C Functie
Normatief
Woningen bewoners Woningen bezoekers Totaal
Werkdag ochtend 12 47 58,6
middag 1 23 24,5
avond 2 23 25,7
Koop avond
nacht 10 42 51,5
0 47 46,6
Zaterdag middag 8 37 45,7
Zondag middag
avond 7 28 35,2
12 37 49,3
8 33 41,0
PLEIN 23 Functie
Normatief
Woningen bewoners Woningen bezoekers Totaal
Werkdag ochtend 9 56 65,1
middag 1 28 28,8
avond 2 28 29,8
Koop avond
nacht 7 50 57,7
0 56 55,8
Zaterdag middag 7 45 51,2
Zondag middag
avond 6 33 39,1
9 45 53,9
7 39 45,6
TOTALEN Functie Totaal
Normatief
Werkdag ochtend
405,5
middag
173,8
avond
181,1
Koop avond
nacht
357,7
333,2
Zaterdag middag
317,2
avond
243,3
338,9
Zondag middag
283,9
FIETSPARKEERBALANS DE GROTE BRAECK Versie 6 april 2023 op basis Nota Parkeernormen 2018 gemeente Meijerijstad en VO april 2023
FIETSPARKEERNORMEN type Rij- en vrijstaande woning Appartement (met fietsenberging) Appartement (zonder fietsenberging) Bezoekers
norm per woning 5,5 2,5 0,75 0,75
TOTAALOVERZICHT type voor bewoners op eigen terrein bij appartement bij rug-aan-rug voor bezoek in openbare ruimte benodigde fietsparkeerplaatsen
aantal fietsparkeerplaatsen 732 120 45 181 1077
DEELGEBIED A type Rij- en vrijstaande woning Appartement (met fietsenberging) Appartement (zonder fietsenberging) Rug-aan-rug (zonder fietsenberging) subtotaal Bezoekers totaal
aantal woningen 75 0 0 0 75 75
DEELGEBIED B type Rij- en vrijstaande woning Appartement (met fietsenberging) Appartement (zonder fietsenberging) Rug-aan-rug (zonder fietsenberging) subtotaal Bezoekers totaal
aantal woningen 27 48 0 20 95 95
DEELGEBIED C type Rij- en vrijstaande woning Appartement (met fietsenberging) Appartement (zonder fietsenberging) Rug-aan-rug (zonder fietsenberging) subtotaal Bezoekers totaal
aantal woningen 28 0 0 12 40 40
PLEIN 23 type Rij- en vrijstaande woning Appartement (met fietsenberging) Appartement (zonder fietsenberging) Rug-aan-rug (zonder fietsenberging) subtotaal Bezoekers totaal
TOTAAL type totalen bewoners totalen bezoek TOTAAL
aantal woningen 3 0 0 28 31 31
benodigd aantal fietsparkeerplaatsen norm per woning aantal woningen 5,5 413 2,5 0 0,75 0 0,75 0 413 0,75
56 469
benodigd aantal fietsparkeerplaatsen norm per woning aantal woningen 5,5 149 2,5 120 0,75 0 0,75 15 284 0,75
71 355
benodigd aantal fietsparkeerplaatsen norm per woning aantal woningen 5,5 154 2,5 0 0,75 0 0,75 9 163 0,75
30 193
benodigd aantal fietsparkeerplaatsen norm per woning aantal woningen 5,5 17 2,5 0 0,75 0 0,75 21 38 0,75
23 61
benodigd aantal fietsparkeerplaatsen 896,5 180,75 1077,25
Verkennend bodemonderzoek Grote Braak Schijndel
Verkennend bodemonderzoek Grote Braak Schijndel Aeres Milieu Projectnummer Status rapport Datum
: AM21507A : Definitief (versie 2) : 21 juli 2022
Opdrachtgever
: Kragten Schoolstraat 8 6049 BN Herten
Opgesteld door Paraaf
: :
Gecontroleerd door Paraaf
: :
Aeres Milieu B.V. Noordhoven 4 6042 NW ROERMOND (t) 0475 – 320 000 e-mail: info@aeres-milieu.nl www.aeres-milieu.nl
2001 + 2002
Disclaimer Het onderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden (opzet conform NEN 5740 en interpretatie aan de hand van de Leidraad Bodembescherming). Opgemerkt wordt dat bij een verkennend bodemonderzoek sprake is van een steekproefsgewijze bemonstering en het nemen van een beperkt aantal monsters. De mogelijkheid blijft daarom bestaan dat puntverontreinigingen, welke niet voortkomen uit het historisch onderzoek, niet door het onderzoek worden aangetoond. Daarnaast blijft het mogelijk dat lokale afwijkingen in de samenstelling van het bodemmateriaal voorkomen. Tot slot wordt erop gewezen dat het uitgevoerde bodemonderzoek een momentopname is. Het bovenstaande betekent dat Aeres Milieu op voorhand geen aansprakelijkheid accepteert voor maatregelen of mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Aeres Milieu uitgevoerde bodemonderzoek neemt. Tevens wordt opgemerkt dat Aeres Milieu voor het verkrijgen van de voor het historisch onderzoek noodzakelijke informatie (mede) afhankelijk is van externe bronnen. Voor Aeres Milieu is niet te verifiëren of deze bronnen altijd volledig en zonder fouten zijn. Hierdoor kan Aeres Milieu niet instaan voor de juistheid en volledigheid van de verzamelde historische informatie.
Pagina | 2
AM21507A
INHOUDSOPGAVE 1.
INLEIDING ............................................................................................................................................................................................................4
2.
VOORONDERZOEK ............................................................................................................................................................................................5 2.1
Inleiding ............................................................................................................................................................................................................5
2.2
Topografische beschrijving ........................................................................................................................................................................5
2.3
Historisch overzicht en omgeving ...........................................................................................................................................................6
2.4
Dossieronderzoek ..........................................................................................................................................................................................7
2.5
Bodemopbouw en geo(hydro)logie ...................................................................................................................................................... 10
2.6
Beschrijving van de onderzoekslocatie .............................................................................................................................................. 11
2.7
Asbest ............................................................................................................................................................................................................. 12
2.8
Bodemkwaliteitskaart en Nota bodembeheer gemeente Meijerijstad ................................................................................... 12
2.9
Onderzoekshypothese .............................................................................................................................................................................. 12
3.
ONDERZOEKSSTRATEGIE............................................................................................................................................................................ 13 3.1
Inleiding ......................................................................................................................................................................................................... 13
3.2
Onderzoeksstrategie NEN 5740 ............................................................................................................................................................ 13
4.
VELDWERKZAAMHEDEN.............................................................................................................................................................................. 15 4.1
Algemeen ...................................................................................................................................................................................................... 15
4.2
Grondbemonstering ................................................................................................................................................................................... 15
4.3
Grondwatermonstername ........................................................................................................................................................................ 16
5.
LABORATORIUMONDERZOEK ................................................................................................................................................................... 18 5.1
Algemeen ...................................................................................................................................................................................................... 18
5.2
Grond(meng)monsters NEN 5740 pakket .......................................................................................................................................... 18
5.3
Grondwatermonsters ................................................................................................................................................................................. 21
5.4
Toetsing van de gestelde hypothese .................................................................................................................................................. 23
6.
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN.......................................................................................................................................................... 24
Bijlagen: 1 2 3 4 5 6a 6b 6c 7 8
Topografische en kadastrale overzichtskaart Foto’s onderzoekslocatie Situatietekening onderzoekslocatie met boorpunten Boorprofielen en zintuiglijke waarnemingen Verklaring veldmedewerker Toetsingstabellen en analyserapport grond(meng)monsters Toetsingstabellen en analyserapport grond(meng)monsters PFAS Toetsingstabellen en analyserapport grond(meng)monsters uitsplitsing Toetsingstabellen en analyserapport grondwatermonsters Bodemrapportage Omgevingsdienst
Pagina | 3
AM21507A
1.
INLEIDING
In opdracht van Kragten heeft Aeres Milieu B.V. een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op de locatie: Adres onderzoekslocatie
: Plein-Teeuwishoek-Langstraat te Schijndel
Gemeente
: Meijerijstad
Kadastrale registratie
: sectie M, nrs 9, 75, 81, 487 (ged.)
Oppervlakte
: ca. 3,7 hectare
Huidig gebruik van de locatie
: woonhuis, akker- en grasland en weg
Toekomstig gebruik
: herontwikkeling gebied (wonen met tuin)
Dit bodemonderzoek is uitgevoerd conform de richtlijnen van de NEN 5740. Het verkennend bodemonderzoek bestaat uit een vooronderzoek naar de historie en bodemgesteldheid van de onderzoekslocatie en aanvullend hierop een bodemonderzoek op het perceel.
Aanleiding De aanleiding voor het laten uitvoeren van dit bodemonderzoek is de voorgenomen herontwikkeling van het perceel (bestemmingsplanwijziging tot wonen met tuin).
Doel Het doel van het verkennend onderzoek is, middels een steekproef, het vaststellen van de actuele bodemkwaliteit ter plaatse. Het onderzoek is niet bedoeld om een exacte aard en omvang van een eventuele verontreiniging aan te geven.
Onderzoek Aeres Milieu B.V. heeft geen binding met de opdrachtgever en de onderzoekslocatie anders dan als onafhankelijk onderzoeksbureau. In hoofdstuk 2 is het vooronderzoek en de daaruit volgende onderzoekshypothese beschreven. Naar aanleiding van de opgestelde hypothese wordt in hoofdstuk 3 de onderzoeksstrategie opgesteld. In hoofdstuk 4 worden de veldwerkzaamheden (grond-
en
grondwateronderzoek)
beschreven.
Hoofdstuk
5
beschrijft
de
laboratoriumwerkzaamheden
en
de
onderzoeksresultaten. Het rapport wordt afgesloten met hoofdstuk 6, waarin de conclusies en enkele aanbevelingen staan beschreven. Bemonstering en laboratoriumonderzoek vonden plaats in november-december 2021. De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd conform de protocollen van de BRL SIKB 2000. De chemische analyses zijn uitgevoerd door SGS Environmental Analytics B.V. te Rotterdam. SGS Environmental Analytics B.V. is geaccrediteerd volgens de door de Raad voor Accreditatie gestelde criteria voor Testlaboratoria conform ISO/IEC 17025. Alle analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatie Schema 3000 (AS3000).
Pagina | 4
AM21507A
2. VOORONDERZOEK 2.1
Inleiding
Conform het onderzoeksprotocol NEN 5725 is ten behoeve van de bepaling van de onderzoeksstrategie op onderhavige locatie een vooronderzoek uitgevoerd. De resultaten van dit vooronderzoek zijn opgenomen in voorliggend hoofdstuk. De in paragraaf 2.1 t/m 2.6 opgenomen informatie is afkomstig van/uit: •
de opdrachtgever;
•
het kadaster;
•
topotijdreis.nl;
•
gemeente Meijerijstad;
•
omgevingsdienst Brabant Noord;
•
het dinoloket
•
het bodemloket;
•
terreininspectie.
In principe richt het vooronderzoek zich op alle percelen waarop het onderzoek betrekking heeft én de direct hieraan grenzende percelen. Indien een direct aangrenzend perceel smal (< 10 m breed) is, worden ook de percelen hier weer aan grenzend meegenomen. Indien de aangrenzende percelen groot zijn, wordt alleen het gedeelte van deze percelen binnen 25 meter vanaf de grens van de bodemonderzoekslocatie in beschouwing genomen, tenzij er aanleiding bestaat toch het gehele perceel te onderzoeken.
2.2
Topografische beschrijving
De onderzoekslocatie ligt aan het Plein, de Teeuwishoek en de Langstraat te Schijndel. Kadastraal is de locatie bekend als gemeente Meijerijstad sectie M, nrs 9, 75, 81, 487 (ged.). De coördinaten volgens het R.D. stelsel zijn X = 158631/ Y = 402212. Zie bijlage 1 voor een kadastrale kaart en een topografisch overzicht. Op onderstaande luchtfoto is de globale begrenzing van de huidige onderzoekslocatie weergegeven. De blauwe percelen (boerderij Plein 21 en een gedeelte van het akkerland aan de Teeuwishoek) zijn recentelijk reeds onderzocht. Deze onderzoeken zijn in tabel 2.2 opgenomen.
Pagina | 5
AM21507A
Afbeelding 1: globale begrenzing onderzoekslocatie (Bron luchtfoto: PDOK-viewer)
2.3
Historisch overzicht en omgeving
In het kader van het vooronderzoek is historisch kaartmateriaal bestudeerd. Uit kaartmateriaal van de geraadpleegde historische kaarten is af te leiden dat de onderzoekslocatie sinds 1900 in gebruik is als akkerland. De bestaande bebouwing nabij het Plein is zichtbaar vanaf 1967 welke door de jaren heen ligt toegenomen is. Aan het Plein 21 is enkele jaren tot de jaren 1987 een tuinkwekerij met kas aanwezig geweest.
Pagina | 6
AM21507A
2007
1997
1978
1967
1925
1865
Afbeelding 2: geraadpleegde historische kaarten (Bron kaarten: topotijdreis.nl)
2.4
Dossieronderzoek
Via de website van de omgevingsdienst Brabant Noord is bodeminformatie gedownload van de locatie en directe omgeving. De bodemrapportage is opgenomen in bijlage 8. Uit de rapportage blijkt dat ter plaatse van de boerderij (Plein 21) en een gedeelte van het akkerland aan de Teeuwishoek in het verleden reeds onderzocht is. Deze zijn opgenomen in tabel 2.2. Voor het verkrijgen van historische informatie van de onderzoekslocatie is in november 2021 een informatieverzoek ingediend bij de gemeente Meijerijstad. Gevraagd is naar uitgevoerde bodemonderzoeken en/of bodemsaneringen, verleende hinderwetof milieuvergunningen, bouw- en/of sloopvergunningen, de aanwezigheid van onder- en/of bovengrondse brandstoftanks, gegevens over calamiteiten en eventuele asbestinventarisaties. Tevens is gevraagd of de locatie en de directe omgeving verdacht is op het voorkomen van verhoogde gehalten aan PFAS en/of GenX, of dat er ter plaatse bronlocaties bekend zijn voor PFAS of GENX. De tuinderswoning aan het Plein 23 dateert van 1963. De bestaande boerderij is ook opgericht eind jaren 1960 welke door de jaren heen diverse malen gewijzigd of uitgebreid is. Voor de onderzoekslocatie zijn de in tabel 2.1 weergegeven (relevante) bouw- en milieuvergunningen geraadpleegd. Er zijn geen sloopvergunningen bekend of aangeleverd.
Pagina | 7
AM21507A
Dossiernummer
Datum
Vergunning
Opmerkingen
65/56
7 mei 1967
Bouw kippenhok Plein 21
Voor 200 dieren, houtconstructie met rubber dak en gaas op stampbeton, geen bijzonderheden ten aanzien van bodem
58771
14 januari 1974
Oprichting varkens- en
Geen bijzonderheden ten aanzien van bodem
rundveehouderij 58792
58902
3-10-1980
14 augustus
Uitbreiding mestvarkens- en
Noordelijke stal bijgebouwd met melkstal
rundveehouderij
Geen bijzonderheden ten aanzien van bodem
Uitbreiding jongveestal
Geen bijzonderheden ten aanzien van bodem
1997 58900
26 april 2000
Bouw mestsilo
Geen bijzonderheden ten aanzien van bodem
58845
06 februari 2003
Plein 23 bouw mestvaalt
Vooraan woonhuis zonder bijzonderheden
milieuvergunning
Eternit golfplaten dakbedekking agrarische bijgebouwen Dieselolietank 1200 liter zuidelijk van noordelijke veestal onder werktuigenberging Opslag reiniginsmiddelen nabij melkstal
58932
13-05-2008
Wijziging milieuvergunning
Vergroting veestal en verandering melkstal t.b.v. melkrobots. 1200 liter tank in zuidelijke pand bij werktuigenopslag
58748
22 september
Milieucontrole
2010
1200 liter tank verwijderd met kiwa certificaat. Nieuwe dieseltank in lekbak van 3.000 liter geplaatst.
Tabel 2.1.: Overzicht geraadpleegde (relevante) bouwvergunningen
Binnen het plangebied en in de directe omgeving zijn de in tabel 2.2 weergegeven bodemonderzoeken uitgevoerd. Kenmerk
Bijzonderheden
VBO Plein 41
De onderzoekslocatie is als onverdacht beschouwd. Aanvullend is de bodem op PFAS onderzocht: Op basis van de
21237
resultaten van het onderzoek kan geconcludeerd worden dat de bodem onverdacht is op het voorkomen van
01-11-2021
verontreiniging in de bodem.
Boluwa milieu
In de bovengrond van MM1 zijn geen verhoogde gehalten aangetoond. Er zijn geen verhoogde gehalten PFAS
advies en
gemeten.
onderzoeksbureau
In de bovengrond van MM2 is een licht [>achtergrondwaarde] verhoogd gehalte PCB (som 7) aangetoond. Het aangetroffen licht verhoogde gehalte PCB (som 7) is op basis van de thans bekende gegevens niet exact te verklaren. Er zijn geen verhoogde gehalten PFAS gemeten. In de ondergrond van MM3 en MM4 zijn geen verhoogde gehalten aangetoond. In het grondwater van de peilbuis B01-1-1 is een licht [>streefwaarde] verhoogd gehalte barium aangetoond. Het aangetroffen licht verhoogde gehalte barium is waarschijnlijk van natuurlijke oorsprong. Zware metalen kunnen van nature in de ondergrond aanwezig zijn. In de loop der jaren zijn deze metalen uitgespoeld naar het grondwater. Eindconclusie De resultaten van het uitgevoerde bodemonderzoek geven geen milieuhygiënische belemmeringen voor de bouwplannen op de locatie. De aangetroffen gehalten zijn van lichte aard en geven geen reden tot nader onderzoek.
Second opinion
Voorliggende notitie vat de resultaten en bevindingen van twee onderzoekslocatie binnen het huidige
Sweco
ontwikkelingsgebied samen:
376863
Verkennend bodemonderzoek, Teeuwishoek (ong) te Schijndel, Van Oort Bodemonderzoek, kenmerk THK.316120, 1
15-01-2021
december 2020. Pagina | 8
AM21507A
Kenmerk
Bijzonderheden Zintuiglijk zijn aan de Teeuwishoek tijdens de veldwerkzaamheden in de bodem geen verontreinigingen, bijmengingen of andere bijzonderheden waargenomen. Met laboratoriumonderzoek is aangetoond dat de bovengrond en ondergrond niet verontreinigd zijn (Sw). Aangenomen mag worden dat deze lichte verontreinigingen een natuurlijke oorsprong hebben. Beoordeling: Na bestudering van de rapportage zijn de volgende hiaten geconstateerd: -
er is geen onderzoek gedaan naar PFAS;
-
de droge waterbodems van de kavelsloten zijn niet onderzocht;
-
de toegangsdammen welke toegang geven tot het perceel zijn niet onderzocht
Verkennend bodem- en asbestonderzoek, Plein 21 te Schijndel, Van Oort Bodemonderzoek, kenmerk PLN.315920, 4 december 2020. Zintuiglijk zijn aan het Plein 21 tijdens de veldwerkzaamheden in de bodem en puinfundatie geen verontreinigingen of andere bijzonderheden waargenomen. Op een aantal plaatsen zijn in de boven- en ondergrond bijmengingen van puinresten aangetroffen. Deze zijn beoordeeld als éénduidig en niet asbestverdacht. Met laboratoriumonderzoek is aangetoond dat de licht puinhoudende boven- en ondergrond licht verontreinigd is met enkele zware metalen, PAK en PCB (>Aw). Het zand direct beneden de klinker- en tegelverharding is licht verontreinigd met PCB (>Aw). Voor het overige zijn de boven- en ondergrond geen verontreinigingen aangetoond (Sw). Aangenomen mag worden dat deze verontreinigingen een natuurlijke oorsprong hebben. Het asbestonderzoek heeft aangetoond dat er op de locatie geen sprake is van een (ernstige) asbestverontreiniging. Beoordeling: Na bestudering van de rapportage zijn de volgende hiaten geconstateerd: -
Het asbestonderzoek rond de werkloods is niet conform de BRL 2018 uitgevoerd. Aanbevolen wordt hier extra onderzoek uit te voeren, waarbij gefocust moet worden op de bovengrond onder de graszode (10 cm), omdat hier de hoogste concentraties asbest verwacht worden. Ook is nadere inspectie van de daken en goten van de andere opstallen met asbestdaken noodzakelijk. Als er locaties zijn waar het regenwater van de daken op onverhard terrein afwatert, dienen die locaties ook nader onderzocht te worden. Tevens dient nagegaan te worden of de kolken afwateren op het riool of een lokale sloot. Indien de afwatering op een sloot plaatsvindt, dient de waterbodem ook op asbest onderzocht te worden. Tijdens dit onderzoek kan ook geverifieerd worden of de golfplaten van de jongveestal en tweede melkveestal inderdaad geen asbest bevatten.
-
Het buitenopslag terrein oogt rommelig. Ook zijn hier bodemvreemde bijmengingen en licht verhoogde waarden gemeten. Aanbevolen wordt om dit terrein op asbest te onderzoeken en het grondwater te onderzoeken. Ook de bovengrond van boring 30 en de ondergrond van boring 24 is asbestverdacht en raden wij aan te onderzoeken.
-
Naast deze specifieke verdachte locaties wat betreft asbest in de bodem, maakt de toepassing van asbestdaken het erf asbestverdacht, omdat bij de bouwwerkzaamheden asbest in de bodem terecht kan zijn gekomen. Nagegaan dient te worden of er dempingslocaties van asbesthoudende bouwmaterialen bekend zijn. Aanbevolen wordt de grond op het erf rond de opstallen aanvullend op asbest te onderzoeken (exclusief de puinfundatie).
-
Aan de randen van het perceel bevinden zich droge kavelsloten. Ook loopt er een sloot vanaf de jongveestal richting de sloot langs de noordelijke perceelsgrens. Deze sloot is met onderbrekingen ingetekend. Onduidelijk is of dit een duiker of dam betreft. De sloten zijn niet onderzocht.
-
Er is geen onderzoek gedaan naar PFAS.
-
Er dient geverifieerd te worden dat er geen andere voormalige tanklocaties zijn.
Pagina | 9
AM21507A