CConstaterende datMeierijstad
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 9 Toelichting Weverspad 1 (inclusief bijlagen)

Raadsvergadering 29 september 2022, gemeente MeierijstadBij agendapunt: Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan 'Ontwikkelplan sanering varkenshouderij'25.739 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

4.13.2. Toetsing aan beleid

Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen moeten worden getoetst aan normen vermeld in bovengenoemde regelgeving. Een ontwikkeling is niet toegestaan indien deze leidt tot een overschrijding van de grenswaarden. Van de richtwaarden kan gemotiveerd worden afgeweken. Indien van toepassing moet in het kader van een goede ruimtelijke ordening getoetst worden aan overige wet- en regelgeving met betrekking tot externe veiligheid zoals bijvoorbeeld het Activiteitenbesluit en Publicatiereeks Gevaarlijke Stoffen. Toetsing aan het beleid begint met de inventarisatie van de omgeving van de projectlocatie. In navolgende afbeelding is een uitsnede van de Risicokaart Nederland weergegeven. Uit de kaart blijkt dat op Donte 3 en Donte 9 een bovengrondse propaantank is gelegen. Aan de richtafstanden van het activiteitenbesluit en PR-plafond wordt voldaan. Op de afbeelding is een buisleiding is gelegen deze wordt in deze paragraaf nader toegelicht bij Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb).

Ruimtelijke onderbouwing Weverspad 1 te Sint-Oedenrode

44

Projectlocatie

Afbeelding 23: uitsnede risicokaart (bron: Risicokaart Nederland)

Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) Gezien de aard van de voorgenomen activiteiten (wijzigen naar bestemming wonen) op de projectlocatie is het Bevi niet van toepassing. De werkzaamheden omvatten niet het gebruik, opslag of vervoer van gevaarlijke stoffen. Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) De ontwikkeling ligt niet in het invloedsgebied van zowel het spoortraject als de Rijksweg. Op Donte 3 en Donte 9 zijn bovengrondse propaantanks gelegen. Deze propaantanks dienen bevoorraad te worden. Daarom wordt over een deel van de Lieshoutseweg en de Donte propaan (GF3) vervoerd. GF3 heeft een invloedsgebied van 355 meter. De kruising Lieshoutseweg en Donte is op ongeveer 230 meter van de projectlocatie gelegen. Omdat de afstand meer bedraagt dan 200 meter kan er op grond van de artikelen 7 van het Bevt worden volstaan met een beperkte groepsrisico verantwoording, zie navolgend kader. Verantwoording groepsrisico, artikel 7 De opkomsttijd bedraagt ongeveer 8 minuten. Er is geen sprake van een zorgfunctie en/of zeer kwetsbare objecten. De planlocatie is voldoende bereikbaar voor voertuigen van hulpverleningsdiensten. in het kader van het groepsrisico is sprake van een onveranderde situatie.

Het slopen van de varkensstallen, het uitoefenen van nevenactiviteiten in bestaande bebouwing en het verwijderen van de aanduidingen ‘intensieve veehouderij’ en ‘specifieke vorm van agrarisch met waarden – veehouderij’ leidt niet tot een belemmering.; Het aantal aanwezige en te verwachten personen blijft in de beoogde situatie onveranderd; Voor de aanwezige personen binnen de projectlocatie zijn er voldoende vluchtwegen om bij een calamiteit het plangebied te verlaten. Er is geen sprake van (structurele) aanwezigheid van groepen verminderd zelfredzame personen.

Ruimtelijke onderbouwing Weverspad 1 te Sint-Oedenrode

45

In het geldende bestemmingsplan ‘Buitengebied Sint-Oedenrode’ is in de nabijheid een dubbelbestemming ‘Leiding – gas’ en ‘Leiding – water’ opgenomen. De projectlocatie ligt binnen de 1% letaliteitsgrens van hogedruk-aardgasbuisleiding A-521. Omdat de projectlocatie buiten de 100% letaliteitsgrens van de hogedruk-aardgasbuisleiding A-521 kan er conform artikel 12 Bevb worden volstaan met een beperkte verantwoording van het groepsrisico. Zie navolgend kader. Verantwoording groepsrisico, artikel 12 Groepsrisico: in het kader van het groepsrisico is sprake van een onveranderde situatie. Het slopen van de varkensstallen, het uitoefenen van nevenactiviteiten in bestaande bebouwing en het verwijderen van de aanduidingen ‘intensieve veehouderij’ en ‘specifieke vorm van agrarisch met waarden – veehouderij’ leidt niet tot een belemmering.; Aanwezige en verwachten personen: Het aantal aanwezige en te verwachten personen blijft in de beoogde situatie onveranderd; Bereikbaarheid en bestrijdbaarheid van een ramp: de projectlocatie is over de weg goed bereikbaar voor de hulpdiensten. Er is geen sprake van een zorgfunctie en/of zeer kwetsbare objecten. Het plangebied valt binnen het dekkingsgebied van NL-Alert; Zelfredzaamheid personen: Voor de aanwezige personen binnen de projectlocatie zijn er voldoende vluchtwegen om bij een calamiteit het plangebied te verlaten.

Er is geen sprake van (structurele) aanwezigheid van groepen verminderd zelfredzame personen.

In het kader van verantwoording groepsrisico is de Veiligheidsregio Brabant Noord in de gelegenheid gesteld om te reageren op het initiatief Weverspad 1 te Sint-Oedenrode. Dit advies (Z/140917 Advies Art 7-9) Bevt. is als separate bijlage bijgevoegd aan deze onderbouwing (bijlage 8). De Veiligheidsregio Brabant Noord geeft aan dat de gewenste wijziging niet leidt tot een wijzing in het risicoprofiel, de mate van zelfredzaamheid of bestrijdbaarheid om deze reden ziet de Veiligheidsregio Brabant Noord geen reden voor een advies. Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) In het geldende bestemmingsplan ‘’Buitengebied Sint Oedenrode, herziening 3’ is in de nabijheid een dubbelbestemming ‘Leiding’ opgenomen met een daarbij behorende gebiedsaanduiding ‘veiligheidszonde – leiding’. De projectlocatie ligt binnen deze veiligheidszone. In het bestemmingsplan is het volgende opgenomen: ‘op de gronden ter plaatse van de aanduiding 'veiligheidszone – leiding' geldt dat de bouw van kwetsbare objecten, zoals bedoeld in het Besluit externe veiligheid inrichtingen niet zijn toegestaan. Voorts geldt dat bij het verlenen van een vergunning krachtens de Wet milieubeheer deze veiligheidszone als uiterste grenswaarde in acht genomen moet worden.’ In de beoogde situatie worden geen nieuwe kwetsbare objecten opgericht. Er is sprake van een bestaande situatie.

Het bouwvlak en bestemmingsvlak worden daarbij verkleind waardoor de afstand van vanaf de projectlocatie tot de veiligheidszone wordt vergroot. Daarom is verdere beoordeling aan het Bevb niet van toepassing. Hoogspanningslijnen Op een afstand van ongeveer 80 meter ligt een hoogspanningslijn, zie navolgende afbeelding. In de beoogde situatie worden geen nieuwe kwetsbare objecten opgericht. Deze hoogspanningslijn vormt daarom geen belemmering voor het initiatief.

Ruimtelijke onderbouwing Weverspad 1 te Sint-Oedenrode

46

Projectlocatie

Afbeelding 24: uitsnede hoogspanningsNet Netkaart (bron: HoogspanningsNet) Er kan worden geconcludeerd dat er voor wat betreft het aspect externe veiligheid geen belemmeringen zijn voor het initiatief. 4.14. Technische infrastructuur In of nabij de projectlocatie liggen geen planologisch relevante buisleidingen en lopen tevens geen relevante straalpaden (zoals te zien op de risicokaart in afbeelding 22). Voordat er gebouwd wordt zal er een KLIC-melding gemaakt worden om relevante kabels en leidingen van de projectlocatie in beeld te brengen. 4.15. Volksgezondheid Gezondheidsrisico’s zijn een optelsom van blootstelling, gevaar en impact. Bij blootstelling wordt er gekeken hoeveel ziekteverwerkers een persoon binnen moet krijgen om geïnfecteerd te raken of ziek te worden. Gevaren zijn er in diverse vormen, zoals biologisch (bijv. ziekteverwekkende bacteriën), chemisch (bijv. diergeneesmiddelen of bestrijdingsmiddelen) of fysisch (zoals elektriciteit of ter plaatse gewond raken). Impact staat voor de grootte van het effect dat veroorzaakt wordt. De beoogde ontwikkeling betreft de omzetting van een reeds bestaande bedrijfswoning met varkenshouderij naar een woonbestemming met rijbak en bebouwing voor hobbymatig agrarisch gebruik en/of aan huis gebonden beroep of bedrijf. In zowel de bestaande als beoogde situatie is er sprake van een gevoelig object.

Het plan voorziet niet in de realisatie van nieuwe (beperkt) kwetsbare objecten gericht op verblijf van mensen (langer dan 2 uur). In het kader van volksgezondheid wijzigt de situatie niet en neemt het aantal blootgestelde in te toekomst niet toe. Met het oog op het woon- en leefklimaat kan daarom worden gesteld dat er geen wijziging plaatsvindt die een aanvaardbaar woonen leefklimaat negatief beïnvloed. Daarom kan worden geconcludeerd dat er vanuit het aspect volksgezondheid geen onevenredige nadelige effecten zullen optreden binnen de projectlocatie.

Ruimtelijke onderbouwing Weverspad 1 te Sint-Oedenrode

47

5. Bijlagen Bijlage 1 Kwaliteitsverbetering van het landschap Bijlage 2 Landschappelijk inpassingsplan Bijlage 3 Toelichting Aerius-berekening Bijlage 4 Aerius-berekening Bijlage 5 Quick Scan Flora en Fauna Bijlage 6 Grondmonsters Bijlage 7 Geuronderzoek Bijlage 8 Advies Brandweer

Ruimtelijke onderbouwing Weverspad 1 te Sint-Oedenrode

48

Ruimtelijke onderbouwing Weverspad 1 te Sint-Oedenrode

49

Kwaliteitsverbetering van het landschap Om de kwaliteit van het landschap te versterken hanteert de provincie Noord-Brabant in haar beleid dat met een dergelijke ontwikkeling een bijdrage wordt geleverd aan de kwaliteitsverbetering van het landschap. Een bestemmingsplan met een ontwikkeling buiten bestaand stedelijk gebied dient gepaard te gaan met een fysieke verbetering van het landschap. Daarnaast dient te worden aangetoond hoe deze fysieke verbetering ook financieel, juridisch en feitelijk wordt verzekerd. Een verbetering zoals hierboven beschreven kan o.a. bestaan uit een landschappelijke inpassing, behoud of herstel van cultuurhistorisch waardevolle bebouwing of terreinen, wegnemen van verharding of het slopen van bebouwing. Deze vormen van kwaliteitsverbetering dienen dan ook te worden geborgd in het bestemmingsplan. Over de exacte invulling van de kwaliteitsverbetering zijn in het regionaal ruimtelijk overleg tussen gemeenten en provincie afspraken gemaakt. Binnen de gemeente Meierijstad is de regeling ‘Kwaliteitsverbetering van het landschap gemeente Sint-Oedenrode 2016’ van toepassing.

Hierin is de ontwikkeling ‘wijziging bestemming agrarisch bedrijf in bestemming wonen als categorie 2 ontwikkeling opgenomen, mits: - het bestemmingsvlak wordt verkleind tot maximaal 5.000 m 2; - overtollige voormalige bedrijfsbebouwing wordt gesloopt; en - maximaal 500 m2 voormalige bedrijfsgebouwen resteert. In de beoogde situatie wordt: - het bestemmingsvlak verkleind tot maximaal 5.000 m2; - 3.127 m2 bedrijfsbebouwing wordt gesloopt in het kader van de SRV-regeling; en - blijft maximaal 450 m2 aan voormalige bedrijfsgebouwen (rundveestal) behouden; Het woonhuis (133 m2), autogarage en tuinhuisje als bijgebouwen bij de woning (totaal bestaande bijgebouwen 130 m2) blijven behouden. Omdat er sprake is van omschakeling van agrarisch naar wonen, met in de beoogde situatie een van woonbestemming van 5.000 m2 en 580 m2 bijgebouwen bij een woning, wordt deze ontwikkeling door de provincie aangemerkt als een categorie 3 ontwikkeling. Voor ontwikkelingen in categorie 3 dient een financiële berekening te worden gemaakt. Om te beoordelen of kwaliteitsverbetering van het landschap in verhouding staat tot de geplande ruimtelijke ontwikkeling wordt de omvang van de prestatie berekend. Daarnaast wordt ook een waard toegekend aan de investering die in de kwaliteitsverbetering van het landschap wordt gedaan. Hierna is de financiële berekening weergegeven.

Waardevermeerdering gronden

Oppervlak m²

Huidige situatie Agrarisch bouwvlak

Waarde/m²

Totaal

12041 €

25,00

€

301.025

Agrarisch zonder bouwvlak

0 €

7,00

€

-

Wonen incl. bebouwing

0 €

250,00

€

-

Wonen incl. tuin, exl. bebouwingtot 1000 m2

0 €

125,00

€

-

Wonen incl. tuin, exl. bebouwing tot 2000 m2

0 €

25,00

€

-

Wonen incl. tuin, exl. bebouwing > 2000 m2

0 €

10,00

€

-

€

301.025

25,00

€

-

Totaal

12041

Beoogde situatie Agrarisch bouwvlak

0 €

Agrarisch zonder bouwvlak

7041 €

7,00

€

49.287

Wonen incl. bebouwing

800 €

250,00

€

200.000

Wonen incl. tuin, exl. bebouwing tot 1000 m2

200 €

125,00

€

25.000

Wonen incl. tuin, exl. bebouwing tot 2000 m2

1000 €

25,00

€

25.000

Wonen incl. tuin, exl. bebouwing > 2000 m2

3000 €

10,00

€

30.000

Totaal

12041

€

329.287

€

28.262,00

€

5.652,40

Waardevermeerdering Bijdrage LIR

20%

Kwaliteitsverbetering landschap

Aantal

Eenheid

Prijs per eenheid

Totaalprijs

Tegenpresatie Aanplant landschapsbomen

15

stuk €

76,77 €

1.151,55

Beheerskosten landschapsbomen (5x in 10 jr.)

15

stuk €

75,50 €

1.132,50

Verwijdering erfverharding

515

m2 €

3,00 €

1.545,00

Totaal investering in het landschap

€

3.829,05

Resterende bedrag kwaliteitsverbetering van het landschap

€

1.823,35

Waardevermeerdering gronden In de beoogde situatie wordt het agrarisch bouwvlak terug gebracht van 12.041 m2 naar 5.000 m2 woonbestemming. Daarbij wordt ongeveer 3.127 m2 aan (overtollige) bedrijfsgebouwen gesloopt in het kader van de SRV-regeling. In totaal blijven de woning (133 m2), bestaande bijgebouwen bij de woning (130 m2) en het voormalig agrarisch bedrijfsgebouw (450 m2) dat buiten de SRV-regeling valt behouden. In bovenstaande tabel zijn de gebruikte bedragen weergegeven per m 2. Voor de woonbestemming met bebouwing is een bedrag van € 250- per m2 gehanteerd. Hierbij de hoeveelheid m2 aan gebouwen ruim aangehouden, namelijk 800 m2. In werkelijkheid is dit totaal 713 m2 (133+130+450). Voor het resterende deel van de woonbestemming, zonder bebouwingsmogelijkheden, is een staffel opgenomen naar oppervlakte waarin bebouwing niet mogelijk is. De hoeveelheid bebouwing wordt in de regels en verbeelding van het bestemmingsplan vastgelegd middels de aanduiding ‘maximum bebouwd oppervlak: 580 m2’. In de regels van het bestemmingsplan is tevens vastgelegd dat het aantal woningen niet mag toenemen en waarin de inhoud van woning is gemaximaliseerd. Daarnaast is de landschappelijke inpassing geborgd in de regels van het bestemmingsplan. Hierdoor is het maximum aan bebouwing vastgelegd en geborgd.

Voor het resterende 4.200 m2 van de woonbestemming zijn er geen bebouwingsmogelijkheden opgenomen. Deze gronden in gebruik ten behoeve van landschappelijke inpassing, erf en tuin. De totale waardevermeerdering bedraagt € 28.262,00. Hiervan moet 20% geïnfesteerd worden in het landschap. De totale investering in kwaliteitsverbetering van het landschap komt daarmee op € 5.652,40.

In geval van deze ontwikkeling betekent dat voor 80 m2 extra bebouwing (meer dan 500 m2), een bedrag € 5.652,40 als extra als extra investering in kwaliteitsverbetering van het landschap gevraagd wordt. Dit komt neer op een bedrag van € 70,66 per m 2. Voor de omschakeling van agrarisch naar wonen, woonbestemming van 5.000 m2 en 500 m2 bijgebouwen, wordt enkel een goede landschappelijke inpassing gevraagd (categorie 2). Het bedrag van € 70,66 per m2 (kwaliteitsverbetering), voor het behoud van een 80 m2 bestaand functioneel bijgebouw staat daarmee in verhouding tot de geplande ruimtelijke ontwikkeling. Investeringen kwaliteitsverbetering van het landschap Op het investeringsbedrag mogen in beginsel verschillende posten in rekening gebracht worden. Zoals onder andere de sloop van veestallen, verwijdering van erfverharding, aanplantkosten en beheerskosten. Aanplant en beheer landschapsbomen Als extra investering worden 15 landschapsbomen gerealiseerd binnen de projectlocatie. De kosten voor de aanleg van de bomen (€ 76,77 per boom) en de beheerkosten (€ 75,50 per boom) worden opgevoerd als investeringen kwaliteitsverbetering van het landschap. In totaal € 2.284,05) Deze kosten zijn conform de STILA-normen van de Provincie Noord-Brabant.

Sloop veestallen Omdat projectlocatie deelneemt aan de SRV-regeling en een vergoeding ontvang voor het slopen van de stallen die onderdeel uitmaken van de SRV-regeling, mogen deze kosten niet opgevoerd worden. Met de deelname aan de SRV-regeling wordt een aanzienlijke milieuwinst behaald door de beëindigen van de intensieve veehouderij, afname van het bebouwd oppervlak en daarmee de afname van diverse emissies. Deze kwaliteitswinst is niet meegenomen in de kwaliteitsberekening. Verwijdering erfverharding Naast de sloop van de stallen wordt er ook erfverharding verwijderd. Hiervoor is een normbedrag opgenomen van € 3,00 per m2. In totaal wordt er ongeveer 515 m2 erfverharding verwijderd. Dit is een investering van ongeveer € 1.545,00. De fysieke tegenprestatie komt daarmee op een bedrag van € 3.829,05. Nog te investeren Het totaal bedrag aan investeringen bedraagt € 3.829,05. Dit is minder dan het vereiste bedrag van € € 5.652,40. Het nog te investeren bedrag bedraagt € 1.823,35. Gezien de landschappelijke kenmerken van het gebied is het niet wenselijk is om de projectlocatie verder landschappelijk in te passen. Daarom is gekozen om het resterende bedrag te storen in het Fons kwaliteitsverbetering Buitengebied van de gemeente Meierijstad. Dit bedrag zal door de gemeente Meierijstad geïnvesteerd worden in kwaliteitsverbetering van het buitengebied binnen gemeente Meierijstad.

Er wordt derhalve voldaan aan de regels, zoals gesteld in beleid van de gemeente Meierijstad en de provincie Noord-Brabant.

Landschappelijke inpassing Weverspad 1, Sint-Oedenrode

Gemeente xx

Gemeente Meierijstad

Landschappelijke inpassing Weverspad 1 te Sint-Oedenrode versie 11-08-2022

Aanleiding Op de locatie is een varkenshouderij gevestigd in combinatie met een rundveehouderij. De initiatiefnemer heeft besloten om met zijn bedrijf deel te nemen aan de Subsidieregeling sanering varkenshouderijen (SRVregeling). Voorwaarde is dat de aanduiding ‘intensieve veehouderij’ wordt verwijderd. Dit is de aanleiding van het wijzigen van het bestemmingsplan. Daarnaast moeten de bestaande stallen gesloopt worden waarin de varkens gehouden zijn.

Afbeelding 1: directe omgeving projectlocatie (bron: Qgis)

Landschappelijke inpassing Weverspad 1 te Sint-Oedenrode versie 11-08-2022

De gemeente Meierijstad heeft aangegeven onder voorwaarden mee te willen werken aan de beoogde ontwikkeling. De voorwaarden vanuit de gemeente zijn dat naast sloop van de varkensstallen, de bestemming wordt gewijzigd naar ‘Wonen’, het bouwvlak in omvang wordt aangepast en het project voorzien wordt van een goede landschappelijke inpassing.

Locatie De projectlocatie betreft Heerlijkheidsweg 4, 5491 RD te SintOedenrode. De projectlocatie is kadastraal bekend als gemeente SintOedenrode, sectie K, nummers 535.

Historie De projectlocatie ligt in het buitengebied van de gemeente Meierijstad, ten oosten van de kern Sint-Oedenrode. In de huidige situatie is er een varkenshouderij in combinatie met een rundveebedrijf gevestigd op de projectlocatie. In de nabije omgeving bevinden zich verschillende functies (agrarische bedrijven, woonfuncties en niet-agrarische functies). De omliggende percelen worden veelal gebruikt als grasland of akkerland. Afbeelding 2: jaar 1881 (bron: TopoTijdreis)

Afbeelding 3: jaar 1992 (bron: TopoTijdreis)

Afbeelding 4: jaar 1993 (bron: TopoTijdreis)

Afbeelding 5: jaar 2011 (bron: TopoTijdreis)

Landschappelijke inpassing Weverspad 1 te Sint-Oedenrode versie 11-08-2022

Op de uitsnede van de historische kaarten (afbeelding 2 t/m 5 ) is te zien dat de percelen langs de Lieshoutseweg deels ontgonnen zijn. De eerste bebouwing binnen de projectlocatie dateert van ongeveer 1993 (zie afbeelding 3 en 4). Op de uitsnede van 2011 is te zien dat er nog een tweede stal is bijgebouwd. De projectlocatie is gelegen in een open landschap. De omliggende wegen zijn aan weerskanten voorzien van laanbeplanting.

Landschapstype De projectlocatie is volgens ‘Landschapsanalyse Meierijstad’ (juni 2020) gelegen in het gebied ‘Jonge heide ontginningen’, zie afbeelding 6. De jonge heideontginningen zijn gebieden die lang onontgonnen en onbebouwd zijn gebleven. Het waren nietgecultiveerde terreinen, die werden gebruikt voor het weiden van schapen en het steken van heideplaggen. Vanaf de 18de eeuw tot in de 20ste eeuw zijn deze heidegronden ontgonnen.

Afbeelding 6: uitsnede landschapstypenkaart Meierijstad (bron: gemeente Meierijstad)

Landschappelijke inpassing Weverspad 1 te Sint-Oedenrode versie 11-08-2022

De jonge heideontginningen worden gekenmerkt door een rationele verkavelingsstructuur. Rechthoekige percelen evenwijdig of dwars op de ontsluitingswegen met laanbeplantingen en verspreid liggende erven. Het is een open agrarisch productielandschap. Dit is te danken aan de toepassing van prikkeldraad. Hierdoor zijn houtsingels en houtwallen, als perceel afscheiding, overbodig geraakt. Dit landschap is geheel door mensen gemaakt.

Projectlocatie

De jonge heideontginningen zijn vooral van belang als weidevogelgebied. Weidevogels houden van een open landschap. Kenmerkend voor de jonge heideontginningen zijn landbouwgronden met weinig landschapselementen. Landschappelijke elementen die thuishoren in het landschapstype ‘Jonge heideontginningen’ zijn onder andere: grootschalige rationele verkaveling; rechte wegen voorzien van bomenrijen; lanen en bomenrijen van overwegend eigen; kleine landschapselementen als erfbeplanting, singels, heggen en kleien bosjes, open landschap dat in gebruik is als grasland of bouwland. Op afbeelding 7 is de directe omgeving van de projectlocatie weergegeven. Hierop is de zien dat de locatie in een open landschap is gelegen. De omliggende boerderijen liggen overwegend open in het landschap met siertuin en verder weinig erfbeplanting. Dit is kenmerkend voor boerderijen in weidevogelgebieden.

Afbeelding 7: directe omgeving projectlocatie (bron: kadastralekaart.com)

Landschappelijke inpassing Weverspad 1 te Sint-Oedenrode versie 11-08-2022

Projectlocatie

Op 8 augustus 2021 is de Groene Kaart van de gemeente Meierijstad in werking getreden. Hierop zijn alle bomen en andere houtopstanden opgenomen waarvoor een omgevingsvergunning aangevraagd moet worden bij kap, aantasting of rooien. Naast losse houtopstanden kunnen dit ook bosjes, tuinen of andere groenelementen zijn. Bomen en groenstructuren zijn aan de hand van criteria opgenomen. Deze criteria zijn afkomstig uit het Bomenbeleid Meierijstad 2020. Zoals op afbeelding 8 is weergegeven is de laanbeplanting aan de Lieshoutseweg en Weverspad een belangrijk onderdeel van het landschappelijk raamwerk. Aan de laanbeplanting aan de Lieshoutsteweg zijn tevens de cultuurhistorische waarde, natuurwaarde en recreatieve waarde aan toegeschreven. Binnen de projectlocatie zijn geen bomen of houtopstanden opgenomen met een landschappelijke- dan wel cultuurhistorische-, dan wel recreatieveof andere waarden. De projectlocatie is gelegen in een open gebied met daaromheen wegen met waardevolle laanbeplanting.

Afbeelding 8: uitsnede Groene Kaart met belangrijke groenstructuren (bron: gemeente Meierijstad)

Landschappelijke inpassing Weverspad 1 te Sint-Oedenrode versie 11-08-2022

Bestemmingsplan De voorkomende natuurwaarden in het buitengebied zijn vertaald naar het bestemmingsplan. Het leefgebied van vogelsoorten die voorkomen in opgaande beplanting, struiken en bosranden valt onder de noemer ‘leefgebied struweelvogels’. Het vigerend bestemmingsplan ‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening 2’ is de gebiedsaanduiding ‘ overige zone – leefgebied struweelvogels’ opgenomen voor de projectlocatie zie afbeelding 9). In het bestemmingsplan ‘Buitengebied Sint-Oedenrode, Herziening 4’ zijn regels opgenomen ten behoeve van het behoud, herstel en/of ontwikkeling van de aanwezige natuurwaarden. In artikel 4.6.1 van het bestemmingsplan is een verbodsbepaling opgenomen voor de werken en werkzaamheden binnen het leefgebied van struweelvogels, namelijk: het verwijderen of rooien(vellen) van bos en/of andere grote houtopstanden; het verwijderen of rooien (vellen) van natuur- en landschapselementen en ander opgaand houtgewas zonder agrarische productiefunctie; het verwijderen van perceelsindelingen, zoals tot uiting komend in greppels, sloten, waterlopen of steilranden en het verwijderen van paden en onverharde wegen het aanleggen en/of verharden van wegen, paden, parkeerterreinen of het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen, geen containervelden zijnde en indien meer dan 100 m² per perceel.

Tijdens de uitvoering van dit project worden géén van deze werkzaamheden uitgevoerd. De aanwezige natuur- en landschapswaarden blijven, met de uitvoering van dit project, behouden. Door de uitvoering van de landschappelijke inpassing worden deze natuur- en landschapswaarden verder versterkt.

Afbeelding 9: uitsnede verbeelding ‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening 2’ (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)

Landschappelijke inpassing Weverspad 1 te Sint-Oedenrode versie 11-08-2022

Huidige situatie De projectlocatie, Weverspad 1 te Sint-Oedenrode, is reeds voorzien van een landschappelijke inpassing.

Afbeelding 10: aanzicht projectlocatie vanaf Lieshoutseweg (bron: google maps)

Afbeelding 11: aanzicht projectlocatie vanaf Lieshoutseweg (bron: google maps)

Landschappelijke inpassing Weverspad 1 te Sint-Oedenrode versie 11-08-2022

Aan de noordzijde, vanaf de Lieshoutseweg, is de projectlocatie omsloten door een heg (zie afbeelding 10 en 11). Deze heg is zowel een fysieke als visuele afscheiding tussen de projectlocatie en de openbare weg. Aan de voorzijde van het huis is een siertuin gelegen. In de siertuin staan diverse solitaire bomen en struiken. Het erf is voorzien van verschillende hagen waardoor de bedrijfsbebouwing voor een groot deel uit het zicht gelegen is.

Aan de oostzijde van de projectlocatie is een heg gesitueerd die een groene barriere vormt tussen de agrarische gronden en de projectlocatie. Op het erf staan diverse (hoge) solitaire bomen. Weverspad is een doodlopende weg in het buitengebied van Sint-Oedenrode. De straat is voorzien van laanbeplanting. Op afbeelding 12 is Weverspad weergegeven vanaf de Lieshoutseweg.

Afbeelding 12: aanzicht projectlocatie vanaf Lieshoutseweg (bron: google maps)

Afbeelding 13: aanzicht projectlocatie vanaf Weverspad (bron: google maps)

Landschappelijke inpassing Weverspad 1 te Sint-Oedenrode versie 11-08-2022

Aan de noordzijde is de projectlocatie gelegen aan de Lieshoutseweg. De Lieshoutseweg is een doorgaande weg tussen Nijnsel en Mariahout. De Lieshoutseweg is tevens voorzien van laanbeplanting. Dit is weergegeven op afbeelding 14.

Afbeelding 14: aanzicht projectlocatie vanaf Lieshoutseweg, richting Nijnsel (bron: google maps)

Afbeelding 15: weergave projectlocatie met daarop de inritten aangegeven (bron: google maps)

Landschappelijke inpassing Weverspad 1 te Sint-Oedenrode versie 11-08-2022

In de huidige situatie wordt de locatie ontsloten door drie bestaande in- en uitritten. De meest noordelijke inrit wordt gebruikt ten behoeve van de woning. De twee andere inritten zijn ten behoeve van het bedrijf. De inritten zijn weergegeven in afbeelding 15.

Landschappelijke inpassing Weverspad 1 – Voorstel beplanting De beoogde ontwikkeling betreft de sanering van de intensieve veehouderij en het omschakelen naar de bestemming wonen. Hierbij wordt het bouwvlak teruggebracht van 12.041 m2 naar 5.000 m2. Bij deze ontwikkeling blijven de kwaliteiten/kenmerken van de directe omgeving behouden. Ruimtelijke ontwikkelingen gaan vaak gepaard met goede landschappelijke inpassing. De projectlocatie is volgens ‘Landschapsanalyse Meierijstad’ (d.d. juni 2020) gelegen in het landschapstype jonge heideontginningen. Zoals reeds beschreven zijn de belangrijkste kwaliteiten van het gebied de rechte wegen met laanbeplanting, grootschalige kavelstructuur, kleine lanschapselemeneten en het open landschap. De jonge heideontginningen zijn een belangrijk leefgebied voor weidevolgels vanwege het open landschap. In het gebied wordt gestreeft naar het versterken van een rechtlijnige opbouw. Vaak is er sprake van een rechthoekig bouwblok met voorop het erf met een woonhuis en siertuin. Daarachter zijn grote stallen en schuren gelegen. Ook zijn er vaak grote silo’s en kuilplaten aanwezig. De erven in het gebied vormen vaak een eiland van bebouwing in een open en modern landschap.

Als landschappelijke inpassing kan er vanuit gegaan worden dat het erf omzoomd wordt met transparante bomenrij(en) van bijvoorbeeld zomereik, beuk, Amerikaanse eik, walnoot en hoogstam fruit. Hierdoor zijn stallen en loodsen (gedeeltelijk) in het zicht gelegen. Het agrarisch gebruik mag gezien worden. In het weidevogelgebied is toepassing van erfbeplanting over het algemeen ongewenst omdat roofdieren zoals roofvogels, vossen, hermelijnen, kraaien en roeken die eieren en kuikens van de weidevogels eten zich kunnen verschuilen in de opgaande beplanting. In het bestemmingsplan is de projectlocatie aangeduid als ‘overige zone – leefgebied struweelvogels’, en zijn er regels opgenomen ten behoeve van het behoud, herstel en/of ontwikkeling van de aanwezige natuurwaarden. In het recentere ‘Landschapsanalyse Meierijstad’ (d.d. juni 2020) zijn de specifieke natuur- en landschapswaarden) kenmerken van het gebied beschreven. Hierin is de omgeving van de projectlocatie beschreven als een gebied waar weidevogels voorkomen en waarin het landschap onder andere bestaat uit rationeel verkavelde gebieden met een grootschalig en open karakter daar waar nu graslanden of bouwland ligt. Hier komen kleine landschapselementen voor als erfbeplanting, singels, heggen en kleine bosjes.

De voorgenomen landschappelijke inpassing voorziet in het behoud en versterken van de aanwezige natuur- en landschapswaarden. Tevens blijven alle bomen en andere houtopstanden zoals op genomen in de ‘Groene Kaart’ van de gemeente Meierijstad behouden. In de voorgestelde landschappelijke inpassing wordt aangesloten bij het recente Landschapsanalyse Meierijstad’ (d.d. juni 2020) en de ‘Groene Kaart’ van de gemeente Meierijstad. Zoals reeds beschreven is de locatie al voorzien van een landschappelijke inpassing. De projectlocatie wordt omzoomd door diverse heggen en bomen waardoor er een fysiekeals ook visuele afscheiding is tussen de projectlocatie en agrarische percelen en de openbare weg. Het bedrijfsgebouw is hierdoor grotendeels uit het zicht ontrokken. De siertuin is voorzien van diverse solitaire bomen en struiken. In het voorgestelde ontwerp wordt terughoudend omgegaan met erfbeplanting om zo het belangrijkste kenmerk van het het gebied te behouden, namelijk het open karakter. De toevoeging van een houtwal en/of houtsingel zou het landschap verder verdichten. Dit heeft een negatief effect op het leefgebied van weidevogels en het agrarisch gebruik van de omliggende percelen. In het voorgestelde ontwerp wordt de locatie omzoomd met gebiedseigen beplanting (zie navolgende afbeelding).

Hierbij is gekozen voor een transparante bomenrij (totaal 15 bomen) aan de zuidelijke zijde en westelijke zijde van de projectlocatie. Dit sluit geheel aan bij het bestaande aanzicht van de noord-westelijke zijde van de projectlocatie.

Landschappelijke inpassing Weverspad 1 te Sint-Oedenrode versie 11-08-2022

Maatregelen De landschappelijke inpassing van het project aan Weverspad 1 te Sint-Oedenrode is afgestemd op de kwaliteiten en kenmerken van de omgeving ter plaatse. 4. behouden beplanting 5. realiseren rijbak

6. omzoming erf versterken

2. verkleinen bouwvlak

3. verwijderen 3de inrit

1. slopen gebouwen 13: Landschappelijke inpassing Heerlijkheidsweg 4 te Sint-Oedenrode Afbeelding 16: Weverspad 1 te Sint-Oedenrode (bron:(bron: Qgis) Qgis)

Landschappelijke inpassing Weverspad 1 te Sint-Oedenrode versie 11-08-2022

Concreet worden de volgende ingrepen voorgesteld: 1. Slopen van de voormalige bedrijfsbebouwing intensieve veehouderij; 2. Verkleinen bouwvlak; 3. Verwijderen van de 3de inrit; 4. Behouden bestaande beplanting; 5. Realiseren rijbak; 6. Omzoming erf versterken.

1. Slopen van de voormalige bedrijfsbebouwing intensieve veehouderij De bestaande varkensstallen worden gesaneerd. Een deel van de overige bebouwing blijft bestaan. In totaal wordt er 3.127 m2 aan bedrijfsgebouwen gesloopt. 2. Verkleinen bouwvlak Het huidig bouwvlak wordt verkleind van 12.041 m2 tot de contouren van de woning. Het bestemmingsvlak wordt daarbij verkleind tot maximaal 5.000 m 2 zodat dit passend is bij een woonbestemming in het buitengebied. 3. Verwijderen van 3de inrit Bedrijf wordt nu ontsloten door 3 inritten. De 3de inrit ten zuiden van de projectlocatie wordt opgeheven. De verharding ten behoeve van deze inrit wordt verwijderd. 4. Behouden bestaande beplanting De projectlocatie is in de huidige situatie omsloten door diverse heggen en hagen. De woning en gebouwen worden grotendeels uit het zicht ontrokken door beplanting in diverse hoogtes. Daarnaast is de locatie voorzien van diverse solitaire bomen. Deze beplanting blijft behouden. 5. Realiseren rijbak In de beoogde situatie wordt grenzend aan het bouwvlak, een rijbak gerealiseerd. 6. Omzoming erf versterken De projectlocatie is ontsloten door diverse heggen en hagen. Aan de zuidzijde van de projectlocatie worden 15 solitaire bomen voorgesteld. Hierdoor wordt het voormalige bedrijfsgebouw omzoomd door groene beplanting. In tabel 1 is de plantenlijst weergegeven.

De boomsoorten zijn gebaseerd op inheemse soorten die passen bij het karakter van landschaptype ‘Jonge heide ontginningen’. In de plantenlijst is de soort, plantafstand, plantmaat en aantal weergegeven. Tabel 1: plantenlijst

Onderdeel Solitaire boom

Naam Kan bestaan uit: Quercus robur - Zomereik; fagus sylvatica - Beuk; juglans regia – Notenboom; hoogstamfruitboom divers of/en vergelijkbaar inheems

Plantafstand

Plantmaat

Aantal

10 tot 12 meter

12-14 cm

15

Onderhoud Snoeien in het voorjaar indien noodzakelijk

Beheerplan Het onderhoud is gericht op het behoud van de bestaande bomen en struiken. Bomen worden daar waar nodig i.v.m. aangrenzende functies opgekroond. De de beplanting op het voorerf wordt gesnoeid indien noodzakelijk.

Landschappelijke inpassing Weverspad 1 te Sint-Oedenrode versie 11-08-2022

Invoergegevens AERIUS-berekening Kenmerk:

AvH/920090.008

Datum: 29-03-2022

Deze notitie behoort bij de aanvraag om vergunning Wet Natuurbescherming voor het bedrijf aan de Weverspad 2 te Sint-Oedenrode. In deze notitie wordt een toelichting gegeven op de gebruikte gegevens voor het berekenen van de stikstofdepositie met het rekenprogramma AERIUS Calculator 2021.

Beoogde situatie

De initiatiefnemer wenst het gebouw dat buiten de SRV-regeling valt te gebruiken als bijgebouw ten behoeve van privaat gebruik, (gedeeltelijk) agrarische activiteiten bij wijze van hobby en/of ten behoeve voor een aan huis verbonden beroep of bedrijf. In de beoogde situatie wordt in de voormalige rundveestal 8 paarden gehuisvest.

Gebouwinvloed

In de nieuwste versie van AERIUS calculator kan het effect van een gebouw op de depositie meegenomen worden. Wanneer een emissiebron op een gebouw staat, of dichtbij een gebouw ligt, kan dit gebouw de verspreiding van de emissies beïnvloeden. Er dient in concentratie- en depositieberekeningen rekening te worden gehouden met gebouwinvloed wanneer aan alle onderstaande vier criteria wordt voldaan. Wordt aan al deze criteria voldaan, dan moet gebouwinvloed meegenomen worden in de berekening. Wordt aan een of meerdere criteria niet voldaan dan hoeft geen rekening te worden gehouden met gebouwinvloed. Voor deze situatie geldt dat de bronnen op een afstand van meer dan 3 kilometer van een stikstofgevoelige habitat of leefgebied van soorten in Natura 2000-gebieden liggen. Hierdoor is in deze berekening geen rekening gehouden met de gebouwinvloeden.

Pagina 1 van 3

Invoergegevens beoogde situatie Bron 1- Paarden:

In de huidige situatie is er een vergunning aanwezig in het kader van de Wet natuurbescherming (C2121648). In de beoogde situatie wordt gebruik gemaakt van 1 ventilator i.p.v. 3 ventilatoren in ‘Stal A rundvee’. Hierdoor wijzigt het emissiepunt. De overige kenmerken wijzigen niet.

Bron 2- woning:

Zie toelichting stookinstallaties

Bron 3- Verkeer West:

Zie toelichting invoergegevens verkeersbewegingen beoogde situatie

Bron 4- Veerkeer Oost:

Zie toelichting invoergegevens verkeersbewegingen beoogde situatie

Toelichting invoergegevens verkeersbewegingen beoogde situatie

Alle vervoersbewegingen zijn ingevoerd tot het moment dat deze zijn opgenomen in het ‘heersende verkeersbeeld’. Om deze reden is een afstand op de openbare weg opgenomen tot een kruising met een doorgaande weg. In deze afstand kan het verkeer afremmen of optrekken tot deze de normale snelheid heeft. De Lieshoutseweg is een weg in het buitengebied van Nijnsel die, via de westelijke richting naar Mariahout verbind. Naar schatting zal 50% van de lichte vervoersbewegingen de inrichting aan de Weverspad 1 in westelijke richting verlaten en 50% in oostelijke richting. In de beoogde situatie is gerekend met het houden van 8 paarden in de voormalige rundveestal. Ten behoeve van het houden van paarden in zijn de Aerius-berekening zware verkeersbewegingen meengenomen voor het transport van paarden (auto met aanhanger), aanvoer van voer en de afvoer van mest. Er is uitgegaan van 1 vrachtwagen per maand. Als worstcasescenario zijn er in totaal 2 vrachtwagens per maand opgenomen in de berekening. Deze zijn verdeeld over beide rijrichtingen. Conform de CROW-publicatie toekomstbestendig parkeren is de verkeersgeneratie van een woning in het buitengebied 8,6 voertuigen per dag. Op de locatie is één woning aanwezig. Omdat de initiatiefnemer het voormalige bedrijfsgebouw eventueel wil gebruiken ten behoeve voor een aan huis verbonden beroep of bedrijf zijn er extra verkeersbewegingen opgenomen.

Als worstcasescenario zijn 20 lichte verkeersbewegingen opgenomen.

Toelichting invoergegevens stookinstallaties

Het gasverbruik van de bedrijfswoning is meegenomen in de AERIUS-berekening. Op grond van de emissiewaarden van AERIUS, d.d. 5 juli 2018, dient voor een oudere vrijstaande woning uit te worden gegaan van 3,59 NOx kg per jaar (https://www.aerius.nl/nl/factsheets/ ruimtelijke-plannenemissiefactoren/05-07-2018). De woning is als vlakbron ingevoerd. Daarnaast is de initiatiefnemer eventueel voornemens om het voormalig bedrijfsgebouw te gebruiken voor gebruiken ten behoeve voor een aan huis verbonden beroep of bedrijf. Als worstcasescenario is gerekend met een oppervlakte van 300 m2 dat verwarmd kan worden. Voor het berekenen van het aardgasverbruik is gebruik gemaakt van de energiekengetallen utiliteitsbouw dienstensector van StatLine. Er is uitgegaan van het verbruik van een kantoor ‘overig’ tussen 250 en 500 m 2 vloeroppervlak. In onderstaande afbeelding is een uitsnede van het rapport weergeven. In tabel is de hoeveelheid NOx emissie weergegeven van de beoogde stookinstallatie in het voormalig bedrijfsgebouw. Er is hier uitgegaan van een worstcase scenario.

Pagina 2 van 3

Afbeelding 1: uitsnede Energiekengetallen utiliteitsbouw dienstensector van StatLine Tabel 1: NOx emissie stookinstallatie voormalig bedrijfsgebouw Stookinstallatie Brandstofverbruik:

4500

m3/jaar

invoeren per stal/stookinstallatie

Brandstof:

aardgas

bv: aardgas, propaan

Omrekening aardgasequivalent

1

Omrekening naar GJ

31,6

zie: https://www.infomil.nl/linkaim/tabel/ 1 GigaJoule = 31,6 m3 aardgas equivalent

Totaal warmteverbruik

142,4

GJ/jaar

Emissiefactor NOx

15

g/GJ

Emissie

2,14

kg/jaar

zie pag 4, rapport TNO 2014 R10584 (worst-case 2018)

Pagina 3 van 3

Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.

Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:

www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers

Projectberekening

Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie

Activiteit

Omschrijving Toelichting

Berekening

Van Dun & Van Gerwen Weverspad 1, 5491 RL Sint Oedenrode 920090.008 Beoogd

AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie

RtHkuUbeLU6A 11 augustus 2022, 17:24 Wnb-rekengrid

Totale emissie

Rekenjaar 2022

Emissie NH₃ 40,2 kg/j

Emissie NOₓ 7,1 kg/j

Resultaten

Hoogste depositie -

Hexagon

Gebied

Beoogd - Beoogd

Beoogd - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename van depositie Grootste afname van depositie

RtHkuUbeLU6A (11 augustus 2022)

2/6

Projectberekening

Beoogd (Beoogd), rekenjaar 2022 Emissiebronnen 1 Landbouw | Stalemissies | Paarden 2 Wonen en Werken | Woningen | Woning 5 Wonen en Werken | Kantoren en winkels | Stookinstallatie  Verkeersnetwerk

RtHkuUbeLU6A (11 augustus 2022)

Emissie NH₃ Emissie NOₓ

40,0 kg/j 0,2 kg/j

3,6 kg/j 2,1 kg/j 1,4 kg/j

3/6

Projectberekening

Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.

500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald

Grootste afname van depositie Grootste toename van depositie Hoogste totale depositie

De bronnen op de kaart horen bij de Beoogde situatie. RtHkuUbeLU6A (11 augustus 2022)

4/6

Projectberekening

Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Beoogd" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Totaal

RtHkuUbeLU6A (11 augustus 2022)

Berekend (ha Hoogste totale Met toename Grootste Met afname (ha Grootste gekarteerd) depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol gekarteerd) afname (mol N/ha/jr) N/ha/jr) N/ha/jr)

-

-

-

-

-

-

5/6

Projectberekening

Beoogd, Rekenjaar 2022

1 Landbouw | Stalemissies Naam Paarden Locatie 165137, 395864 Wijze van ventilatie Geforceerd Temporele variatie Dierverblijven

DiersoortRAV-code - Omschrijving

Uittreedhoogte 3,3 m Uittreeddiameter 0,4 m Temperatuur 11,85 °C Emissie Uittreedrichting Verticaal Uittreedsnelheid 4,0 m/s

NH₃

40,0 kg/j

BWL- Aantal Stof Emissiefactor ReductieEmissie code dieren (kg/dier/j)

K1.100 - overige  huisvestingssystemen (Paarden; Overig 8 volwassen paarden (3 jaar en ouder))

NH₃ 5

-

40,0 kg/j

2 Wonen en Werken | Woningen Naam Woning Uittreedhoogte Wijze van ventilatie Niet geforceerd Warmteinhoud Temporele variatie Continue Emissie

1,0 m 0,000 MW

NOₓ

3,6 kg/j

11,0 m 0,014 MW

NOₓ

2,1 kg/j

5 Wonen en Werken | Kantoren en winkels Naam Stookinstallatie Uittreedhoogte Wijze van ventilatie Niet geforceerd Warmteinhoud Temporele variatie Standaard Profiel Industrie

Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2021.1.1_20220705_74979f573b Database versie 2021.1.1_74979f573b Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/

RtHkuUbeLU6A (11 augustus 2022)

6/6

QUICK SCAN FLORA EN FAUNA

Weverspad 1, Nijnsel

Datum

: 14 september 2020

Rapportnummer

: 220-NWe1-nw-v1

Koolweg 64 5759 PZ Helenaveen Tel: 0493-539803 E-mail: mena@m-en-a.nl NL46 INGB 0007735427 KvK: 67445519

Project

: Quick scan flora en fauna in de omgeving Weverspad 1 te Nijnsel

Opdrachtgever

: Dhr. H. van Duijnhoven

Datum rapport

: 14 september 2020

Van toepassing zijnde certificaat Van toepassing zijnde protocollen Nummer certificaat

: NEN-EN-ISO 9001, 2015 : -: EC-KWA-00044

Projectleider Collegiale toets

: Dhr. Ir. W.A. van Aerle : Mevr. Ing. A. van der Vleuten

Voor akkoord: W.A. van Aerle

Voor akkoord: A. van der Vleuten

Weverspad 1, Nijnsel

M&A Omgeving BV

Inhoudsopgave Hfdst.

Titel

Blz.

1.

Inleiding

1

2. 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7

Inventarisatie flora en fauna Algemeen Beschrijving literatuuronderzoek Natuurnetwerk Nederland Veldonderzoek door M&A Informatie door de KNNV Resultaten literatuuronderzoek Potentiële natuursoorten en relatie met ontwikkeling

2 2 3 4 4 5 6 7

3.

Conclusie

10

Bijlagen Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4

: Situatietekening en luchtfoto : Resultaten inventarisatie Natuurloket : Foto’s locatie en omgeving : Natuurgegevens provincie Noord-Brabant

Weverspad 1, Nijnsel

M&A Omgeving BV

1. Inleiding Op 10 juli 2020 is door de heer H. van Duijnhoven aan M&A Omgeving BV opdracht verleend tot het uitvoeren van een quick scan flora en fauna voor de sloop van twee stallen op een perceel aan de Weverspad 1 te Nijnsel. Door de gemeente Sint-Oedenrode is de eis gesteld dat in verband met de sloopmelding op de locatie, wordt aangetoond dat er geen negatieve consequenties gelden voor de natuurwaarden in het gebied. De onderzoekslocatie is gesitueerd in het buitengebied ten zuidoosten van de bebouwde kom van Nijnsel (gemeente Sint-Oedenrode). Dit natuurwaardenonderzoek beschrijft of het voornemen van de sloop consequenties kunnen hebben voor de in het gebied aanwezige beschermde flora en fauna en met name voor huismussen, gierzwaluwen en vleermuizen. De luchtfoto van de locatie is weergegeven in bijlage 1.

1

Weverspad 1, Nijnsel

M&A Omgeving BV

2. Inventarisatie flora en fauna 2.1 Algemeen In dit onderzoek zijn de huidige natuurwaarden onderzocht middels actuele literatuurgegevens. Hiervoor kan op een drietal manieren informatie worden verkregen: 1. Literatuuronderzoek door gegevens op te vragen bij het Natuurhistorisch Genootschappen, de provincie, SOVON, Vlinderstichting, RAVON, FLORON, VZZ en EIS. 2. Literatuuronderzoek middels het nemen van contact met plaatselijke natuur- en milieu instanties als IVN-afdelingen, vogelwachten, kringen van het Natuurhistorisch Genootschap etc. 3. Aanvullende hierop, het uitvoeren van een veldonderzoek. In onderhavige situatie zijn in eerste instantie stappen 1 en 3 uitgevoerd. Het opnemen met plaatselijke natuurverenigingen was ons inziens in dit geval niet noodzakelijk, daar de inventarisatie voldoende duidelijke gegevens opleverde. Algemeen doel van het onderzoek is een beeld te krijgen van de aanwezige flora en fauna. Daarbij is de nadruk gelegd op beschermde, bedreigde en schaarse soorten en soorten die specifieke milieuomstandigheden indiceren.

2

Weverspad 1, Nijnsel

M&A Omgeving BV

2.2 Literatuuronderzoek Bij het literatuuronderzoek zijn de volgende bronnen geraadpleegd; 1. Het Natuurloket (SOVON, De Vlinderstichting, RAVON, EIS Nederland, FLORON, VZZ, BLWG, NMV) 2. Ministerie EZ; Vogel- en Habitatrichtlijngebieden 3. Natuurnetwerk Nederland (natuurbeheerplan Provincie Limburg en Actieplan bedreigde soorten van Peel en Maas en Meerlo-Wanssum) 4. Wet natuurbescherming (van kracht per 1-1-2017) Vervolgens is gekeken naar de status van de waarnemingen binnen de Wet natuurbescherming (Wnb), Commissie van Bern en de Nederlandse Rode Lijst. Voor deze en een aantal extra soorten geldt het “Nee, tenzij” principe als deze soorten in het plangebied voorkomen en bij ingrepen die het leefgebied aantasten. Indien beschermde vogel- en/of zoogdiersoorten voorkomen, gelden binnen de Wet natuurbescherming bij de aanleg van een nieuwe functie in een gebied de voorwaarden van hoofdstuk 3. Hierin wordt voor soorten volgens de Habitatrichtlijn en Vogelrichtlijn het verbod om dieren te doden en verwonden, te verontrusten en de nesten, holen of andere voortplantings- of vaste verblijfplaatsen van deze dieren te verstoren, te beschadigen of weg te nemen. Dit betekent voor permanente nest- en/of verblijfplaatsen van beschermde soorten dat altijd een ontheffing van de Wnb aangevraagd dient te worden bij Gedeputeerde Staten.

Binnen het broedseizoen wordt geen ontheffing verleend voor de verstoring hiervan. Voor beschermde soorten die alleen in het broedseizoen op de locatie nestelen en/of verblijven, betekent dit dat geen bouw- en sloopwerkzaamheden kunnen worden uitgevoerd in deze periode. Over het algemeen betreft deze periode het voorjaar en begin van de zomer, globaal van 15 maart tot 15 juli. Indien binnen deze periode bouw- en / of sloopwerkzaamheden worden verricht, dan moet een ontheffing in het kader van de Wnb bij Gedeputeerde Staten worden aangevraagd.

3

Weverspad 1, Nijnsel

M&A Omgeving BV

2.3 Natuurnetwerk Nederland Natuurnetwerk Nederland (voorheen ecologische hoofdstructuur) is een netwerk van natuurgebieden en verbindingszones. Planten en dieren kunnen zich zo van het ene naar het andere gebied verplaatsen. Op plekken waar gaten in het netwerk zitten, legt de provincie nieuwe natuur aan. In de omgeving van de slooplocatie is een ecologische verbindingszone (Beeksche Waterloop-Zuid, prioriteit hoog) op een afstand van ongeveer 100 meter ten noorden en oosten van de onderzoekslocatie gesitueerd. Op een afstand van ongeveer 630 meter ten westen van de locatie is het Natuurnetwerk gesitueerd. De gronden van de onderzoekslocatie zijn niet aangewezen als gewenste nieuwe natuur of te verwerven percelen in het kader van natuurbeheer. De afstanden tot de EVZ en beschermde natuurgebieden zijn voldoende groot, om te kunnen stellen dat de invloed van de sloopactiviteiten niet relevant is voor genoemde gebieden.

2.4 Vleermuissoorten De meest voorkomende soorten in Nederland volgens de ‘Verspreidingsatlas vleermuizen’, maar ook in het betreffende gebied, zijn de Bruine Grootoorvleermuis, de Gewone Dwergvleermuis en de Ruige Dwergvleermuis. Verder komen in de regio de Laatvlieger, Rosse Vleermuis en Baardvleermuis veelvuldig voor in de bebouwde omgeving.

Gewone Dwergvleermuis

Bruine Grootoorvleermuis

4

Weverspad 1, Nijnsel

M&A Omgeving BV

De vleermuissoorten hebben een divers leefgebied (bossen, begroeide landschappen, nabij open water etc.). Vleermuizen hebben hun habitat (winter-, kraam-, zomer- en paar-verblijfplaatsen) vaak in bebouwing, bomen of opgaande gewassen. Foerageergebieden en vlieg-/migratieroutes zijn afhankelijk van landschappelijke kenmerken zoals water, lijnvormige landschapselementen (kust, dijken, duinen, rivierdalen en waterpartijen) en kleinschalige groenelementen (parken, kleine bossen). Mogelijke verblijfplaatsen van de zoogdieren zijn gebouwen, bomen, grotten, groeves, kelders, bruggen, tunnels of andere objecten met ruimte.

2.5 Veldonderzoek door M&A Op 14 juli 2020 is een veldonderzoek uitgevoerd op de onderzoekslocatie, door W.A. van Aerle. De heer van Aerle heeft deskundigheid op het gebied van flora en fauna en in het bijzonder in inheemse zoogdieren en broedvogels. De buitentemperatuur bedroeg op 14 juli 2020 ongeveer 26 °C, luchtvochtigheid 60% en 1/8 bewolkingsgraad. Er was geen neerslag. In de avondperiode bedroeg de temperatuur nog 17 °C. Tijdens de veldbezoeken is gekeken naar flora en fauna. Daarbij is rondom de te slopen stallen (tot een afstand van 200 m daar buiten) rastermatig het gebied verkend. De afstand van 200 meter is hierbij gekozen op grond van onze ervaringen met het type bebouwing in de omgeving (woningen en agrarische locaties) en de typering van het terrein. De milieuhinder (geluid, geur, luchtkwaliteit, licht etc.), door de sloop van de stallen, zal reeds op een afstand van 100 meter minimaal zijn. Eventuele natuurwaarden op grotere afstand zullen geen enkele invloed meer ondervinden van de werkzaamheden. Tijdens het veldonderzoek zijn een aantal inheemse soorten (Spreeuw, Houtduif, Koolmees, Kouw, Buizerd, Mol) waargenomen. Tijdens het veldonderzoek in de dagperiode zijn geen verblijfplaatsen van Huismussen of Gierzwaluwen waargenomen.

5

Weverspad 1, Nijnsel

M&A Omgeving BV

De stallen zijn onderzocht op eventuele nesten / verblijfplaatsen van vogels en vleermuizen. Hierbij is niets aangetroffen. Bij de inventarisatie is ook speciale aandacht besteed aan andere kenmerken van broedende vogelsoorten, zoals uitwerpselen en achtergelaten nestmateriaal. Kieren gaten in de muren (o.a. spouwontluchtingen) van de stallen en aansluiting op daken zijn met behulp van een camera (Novascope) geïnspecteerd. Hierbij is gelet op aanwezigheid van soorten, nesten en sporen van broedvogels en vleermuizen. Hierbij zijn geen aanwijzingen aangetroffen voor de aanwezigheid van fauna. Bij het veldbezoek op 10 juli in de avondperiode (op wisselende plaatsen van 17.30 uur tot ongeveer 22.00 uur) is gebruik gemaakt van een vleermuisdetector van het type Baton en een laptop met BatScan-software voor het herkennen van vleermuisspectra. Met de detector zijn ter plaatse van het onderzoeksperceel geen waarnemingen van vleermuissoorten gedaan. Andere hulpmiddelen, zoals een mistnetonderzoek of boomcamera zijn niet toegepast omdat met onderhavig onderzoek reeds voldoende informatie is verkregen.

2.6 Informatie door het KNNV Bij het KNNV te Zeist, Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging, een vereniging voor veldbiologie, is navraag gedaan over informatie met betrekking tot natuurdata over de locatie Weverspad 1 in Nijnsel. Uit dit telefonisch contact is duidelijk geworden dat de vereniging van de omgeving geen nadere natuurinformatie heeft.

6

Weverspad 1, Nijnsel

M&A Omgeving BV

2.7 Resultaten literatuuronderzoek 2.7.1 Natuurloket Binnen het kilometerhok 165.000 (X) en 395.000 (Y) zijn volgens het Natuurloket een aantal beschermde flora en fauna geïnventariseerd. Het blijkt dat 2 vleermuizen, 5 landzoogdiersoorten, 10 broedvogelsoorten, 11 wintervogelsoorten, 6 amfibieën, 12 vissen, 5 dagvlinders, 1 micronachtvlinder, 13 libellen en 5 sprinkhanen/krekels in het kilometerhok van de onderzoekslocatie zijn gespot. De inventarisatie van de amfibieën, vissen en libellen wordt als goed beschouwd en voor de overige soorten als redelijk tot slecht. Verder zijn 10 vaatplanten aangetroffen. De inventarisatie kan als slecht beschouwd worden. In bijlage 2 zijn de volledige gegevens opgenomen. In het plangebied is het mogelijk dat er vleermuizen, broed- en wintervogelsoorten de locatie gebruiken als foerageergebied. Voor de overige soorten en soortgroepen leent de locatie zich niet als een juiste habitat, zodat de kans zeer klein is dat deze op de onderzoekslocatie aanwezig zullen zijn. Aangezien het onderzoeksgebied slechts een klein gedeelte van het kilometerhok beslaat is het niet zeker dat de geregistreerde soorten ook daadwerkelijk voorkomen binnen het onderzoeksgebied.

In paragraaf 2.7 zal daarom voor de verschillende natuursoorten worden aangegeven, hoe waarschijnlijk het zal zijn dat deze voorkomen in het onderzoeksgebied en in hoeverre de ontwikkeling op het perceel van invloed is op de betreffende soorten.

7

Weverspad 1, Nijnsel

M&A Omgeving BV

2.7.2 Vogel- en Habitatrichtlijngebieden Via het ministerie van EZ zijn de Vogel- en Habitatrichtlijnkaarten beschouwd en hieruit kan worden geconcludeerd dat er geen Vogel- en Habitatrichtlijngebieden in de omgeving aanwezig zijn. De sloop van de stallen heeft dus geen invloed op beschermde natuurgebieden.

2.8. Potentiële natuursoorten en relatie met ontwikkeling De fysieke ontwikkeling ter plaatse betreft de sloop van twee stallen. Het aantal verkeersontwikkelingen zal door de werkzaamheden uiteindelijk afnemen. De emissie van geluid, geur of stof zal door de nieuwe ontwikkeling ruimschoots binnen de te stellen normering blijven. Per natuursoort zal worden aangegeven wat de invloed van de ontwikkeling is op de mogelijk voorkomende natuursoorten zal zijn. Flora Tijdens het veldbezoek zijn geen beschermde soorten planten aangetroffen. Er is dus geen invloed van de ontwikkeling hierop. Vogels Uit de bevindingen van het veldbezoek blijkt dat het onderzoeksgebied geschikt is als onderdeel van het foerageergebied. Er is weinig begroeiing aanwezig op het perceel, zodat broedplaatsen op het perceel schaars zijn. Er zijn tijdens het veldonderzoek een aantal inheemse soorten waargenomen. Er zijn in de stallen geen broed- / verblijfplaatsen aanwezig. Omdat bij de inventarisatie geen schaarse of bedreigde soorten zijn waargenomen, is het niet waarschijnlijk dat verstoring optreedt bij de werkzaamheden. In de nieuwe situatie blijven de foerageermogelijkheden aanwezig, zodat er netto geen wijzigingen in het gebied optreden. Ook in de omgeving blijven ruimschoots voldoende mogelijkheden over, zodat de invloed op de vogels buiten het broedseizoen te verwaarlozen is.

8

Weverspad 1, Nijnsel

M&A Omgeving BV

Zoogdieren Uit de bevindingen van het veldbezoek blijkt dat het onderzoeksgebied geschikt is voor een aantal grondgebonden zoogdieren (o.a. Konijn en Mol). Tijdens het veldbezoek zijn echter geen sporen aangetroffen van beschermde zoogdieren. Rondom het plangebied zijn geen sporen of mogelijk verblijfplaatsen aangetroffen van vleermuizen. De stallen zijn hierop degelijk onderzocht. Het is wel mogelijk dat het gebied wordt gebruikt als foerageergebied. De werkzaamheden tijdens de sloop zullen dus geen verstoring betekenen van eventueel vleermuizen. Ook hiervoor geldt dat er voldoende mogelijkheden in de directe omgeving resteren, zodat de invloed van de ontwikkeling op genoemde soorten als klein beschouwd kan worden. Ook van de Das, die in het gebied veel voorkomt, zijn geen sporen aangetroffen op het perceel of de directe omgeving. Reptielen en amfibieën Uit de bevindingen van het veldbezoek blijkt dat de omgeving van het onderzoeksgebied niet geschikt is als onderdeel van het leefgebied van zowel reptielen als amfibieën. De voorwaarde hiervoor is de aanwezigheid van water in de onmiddellijke nabijheid en dat is hier niet het geval. Voor reptielen die op droge gronden habiteren is het perceel en omgeving minder geschikt, vanwege het feit dat de wei- en akkerlanden en tuin met enige regelmaat worden bewerkt.

Vlinders en libellen Uit de bevindingen van het veldbezoek blijkt dat het onderzoeksperceel zelf minder geschikt is als onderdeel van het leefgebied van zowel vlinders als libellen, vanwege het ontbreken van waadplanten op het perceel. In de omgeving van het onderzoeksgebied is wel een juiste biotoop voor vlinders en libellen aanwezig. Tijdens het veldbezoek zijn geen soorten geconstateerd. Mieren en kevers of overige ongewervelden Uit de bevindingen van het veldbezoek blijkt dat het onderzoeksgebied niet geschikt is voor beschermde soorten kevers, omdat er geen geschikte biotopen aanwezig zijn. Voor het voorkomen van beschermde soorten mieren is de aanwezigheid van open naaldbossen een voorwaarde. Tijdens het veldbezoek zijn geen soorten geconstateerd. Ook hier geldt dat de ontwikkeling op het perceel geen invloed heeft op de aanwezigheid van mieren, kevers of overige ongewervelden in het gebied. 9

Weverspad 1, Nijnsel

M&A Omgeving BV

Vissen Uit de bevindingen van het veldbezoek blijkt dat in de omgeving van het onderzoeksgebied geen vissen kunnen voorkomen, omdat er geen water in de directe nabijheid aanwezig is.

10

Weverspad 1, Nijnsel

M&A Omgeving BV

3. Conclusie Door het literatuuronderzoek van de inventarisatie is aangetoond dat het mogelijk is dat in het gebied beschermde flora of fauna (voornamelijk vleermuizen, broed- en wintervogels) voor kunnen komen (zie inventarisatie Natuurloket). In de nabijheid van het perceel zijn tijdens het veldbezoek in juli 2020 echter geen waarnemingen gedaan van schaarse soorten. Ook rondom het perceel zijn bij de inventarisaties geen waarnemingen gedaan van beschermde soorten (waaronder Huismussen, Gierzwaluwen en vleermuisssoorten). Het veldonderzoek, uitgevoerd in de dag- en avondperiode op 14 juli 2020, is binnen het broedvogelseizoen uitgevoerd. Desondanks is er speciale aandacht besteed aan andere kenmerken van broedende vogelsoorten. Onder andere uitwerpselen van broedvogelsoorten en hun kuikens, achtergebleven nestmaterialen, vraatsporen en uitwerpselen zijn kenmerken waarop speciaal is gelet. Het veldonderzoek kan daarom als vrij uitvoerig worden beschouwd. Bij de inventarisatie is ook aandacht besteed aan verblijfplaatsen van vleermuizen en nestkasten en -mogelijkheden in het gebied. Bij de inventarisatie van de vleermuizen is extra aandacht besteed aan mestsporen, keutels en vraatsporen. De kieren en openingen in de stallen zijn onderzocht met een camera (Novascope) en hierbij zijn geen aanwijzingen aangetroffen voor verblijfplaatsen van fauna.

Volgens het Natuurnetwerk Nederland zijn er geen ecologische verbindingszones in de nabijheid van het perceel gesitueerd. Ook is het perceel niet gesitueerd in een waardevol gebied qua natuurwaarden.

11

Weverspad 1, Nijnsel

M&A Omgeving BV

Door de sloop van de stallen, wordt het karakter van het gebied positief beinvloed. Het open karakter in de omgeving wordt versterkt door de sloop van de beide stallen. Er verdwijnen geen verblijfs- of broedmogelijkheden. Bij de werkzaamheden dient niettemin aandacht te worden besteed aan eventuele verstoring van natuurwaarden in het algemeen. Door extra zorg hieraan de besteden tijdens de sloopwerkzaamheden, wordt vermeden dat de dieren hiervan teveel hinder zullen ondervinden. Op grond van deze inventarisatie gelden er geen belemmeringen voor de plannen op grond van de natuurwaarden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meierijstad&id=1020bdea-c1a5-42da-aa67-a9f0267e0b49