Bijlage 4. BP Hofstad 2a-Schootsedijk ong. - bijlagen
Tekst van het document
HOFSTAD 2A / SCHOOTSEWEG ONGENUMMERD OLLAND
STEDENBOUWKUNDIG EN LANDSCHAPPELIJK VOORSTEL 8 JANUARI 2025
PRIKKELENDE LANDSCHAPSONTWERPEN.
PRIKKELENDE LANDSCHAPSONTWERPEN.
COLOFON Titel document:
HOFSTAD 2A/ SCHOOTSEWEG ONGENUMMERD OLLAND Datum:
8 januari 2025
1 Inleiding 1.1 1.2 1.3
Aanleiding Proces Locatie
2 Kaders
2.1 Planvoornemen 2.2 Beleidskaders
Status:
2.2.1 2.2.2 2.2.3
Interim Omgevingsverordening Herziening bebouwingsconcentraties Landschapsanalyse Meierijstad
2.3.1 2.3.2
Ontwikkeling in de tijd Cultuurhistorische waarden en kenmerken
Stedenbouwkundig voorstel en landschappelijke inpassing Document:
2.3 Cultuurhistorie en landschap
Enkelzijdig A4 liggend Locatie :
2.4 Plangebied huidig
Hofstad 2A Sint-Oedenrode
Auteur/Adviseur: VAN DOOREN LANDSCHAP Derpt 15, 5476 VW Vorstenbosch T 06-26949922 E info@vandoorenlandschap.nl
RELAND Mons. Bekkersstraat 56, 5846 AJ Ledeacker
2
3 3 3 4
T 085-0431949 E info@reland.nl
3 Planvoorstel
3.1 Stedenbouwkundig plan 3.2 Landschappelijke inpassing 3.3 Beplantingsplan Bijlage I Bijlage II
6 6 6 6 7 8 9 9 10 11 13 13 15 17
1 INLEIDING 1.1
Aanleiding
De initiatiefnemers hebben ter plaatse van Hofstad 2A te Sint-Oedenrode een perceel met daarop een woonbestemming liggen. Op het perceel staat momenteel een chalet welke verhuurd wordt. De verhuur van dit chalet is vastgelegd in het bestemmingsplan middels de functieaanduiding ‘specifieke vorm van wonen – persoonsgebonden overgangsrecht 42’. De gemeente Meierijstad heeft aangegeven dat bewoning van het chalet niet langer is toegestaan. De gemeente heeft op een principeverzoek uit 2016 gereageerd dat een Ruimte-voor-Ruimtewoning ter plaatse van Hofstad 2A voorstelbaar is. een
Meierijstad heeft besloten om een
Ruimte-voor-Ruimtewoning is alleen
positieve grondhouding in te nemen
mogelijk via een nieuw bestemmingsplan.
om ter plaatse een nieuwe woning te
Om de ontwikkeling mogelijk te maken
ontwikkelen, mits voldaan wordt aan
dient dan ook een bestemmingsplanpro-
een aantal voorwaarden. Een belangrijk
cedure te worden doorlopen. Hiervoor
onderdeel hiervan is een goed landschap-
wordt een ruimtelijke onderbouwing
pelijk ontwerp gebaseerd op landschap-
opgesteld, die als toelichting aan het
p elijke en r uimt elijk w aar de volle
bestemmingsplan wordt toegevoegd.
elementen en structuren. In het kader
Hofstad 2A/ Schootseweg ongenummerd Olland
Het
3
realiseren
van
van de bestemmingsplanprocedure is Een onderdeel in deze onderbouwing
het plan ter vooroverleg aangeboden
is de landschappelijke en stedenbouw-
a a n , o n d e r a n d e r e d e p r o v in ci e
kundige verantwoording. In dit document
Noord-Brabant. In haar vooroverle-
wordt deze verantwoording toegelicht,
greactie had de provincie 1 opmerking
gemotiveerd en onderbouwd.
ten aanzien van het stedenbouwkundig ontwerp. Deze is besproken en hebben
1.2
Proces
Het college van B&W van de gemeente
geleid tot een aanpassing van het stedenbouwkundig ontwerp.
Figuur 1: Aanduiding plangebied in paars op topografische kaart (bron Topotijdreis.nl)
1.3
Locatie
Het plangebied is gelegen in het buitengebied van de gemeente Meierijstad, op circa 3 kilometer ten noordwesten van het sterk verstedelijkte dorp Sint-Oedenrode en zo’n 500 meter ten oosten van het dorp Olland. Kadastraal staat het plangebied bekend als gemeente Sint-Oedenrode, sectie P, nummer 447, 448 en 647. Het plangebied heeft een totale
Hofstad 2A/ Schootseweg ongenummerd Olland
oppervlakte van circa 10.600 m2.
4
Beeld 1: Buurwoning Hofstad 2 vanuit het landschap gezien
Beeld 2: Chalet ter plaatse van Hofstad 2A Olland (Bron:Google/maps)
2. KADERS
2 KADERS Het landschapsplan voldoet in beginsel aan de kaders vanuit het vigerende beleid met betrekking tot de landschappelijke inpassing, houdt rekening met de visie vanuit de gemeente en aan de eisen/wensen vanuit het planvoornemen.
Hofstad 2A/ Schootseweg ongenummerd Olland
2.1
6
Planvoornemen
2.2
Beleidskaders
wordt ver wijderd. Aan de Schoot-
2.2.1 Interim Omgevingsverordening
sedijk wordt binnen het plangebied
Het plangebied is volgens de Cultuur-
een nieuwe vrijstaande woning met
historische Waardenkaar t van de
bijgebouw opgericht . Rondom de
provincie Brabant aangemerkt als
Figuur 2 (boven):
woning ligt een ruime tuin met uitzicht
‘Cultuurhistorisch waardevol gebied’.
Cultuurhistorische
over het achterland. De woning met
Deze aanduiding is ook opgenomen in
Waardenkaart
bijgebouw zijn landschappelijk ingepast
de Interim Omgevingsverordening. Het
binnen de bestaande structuren van het
gebied dat bekend staat als De Geelders
landschap.
en Gemonde en waarin het plangebied
De chalet met tuininrichting ter plaatse
is gelegen (zie f iguur 2), wordt als waardevol beschouwd. De waarden en kenmerken van dit g ebie d h ouden ver b and m et
Beeld 3 (links): bestaande situatie aan de straat Hofstad met erfafscheiding van coniferen en knotwilgen
bouwkundig erfgoed (langgevelboerderijen), de historische
het meest bepalend is voor de ontwikkelingsmogelijkheden.
groenwaarden in de vorm van bossen en perceelrandbegroeiing, ontginningsgeschiedenis met kleinschalige
Aspecten als openheid, behoud van groene elementen en
percelering en het historisch- geografisch erfgoed. Het
overgangen naar het landschap spelen ook een rol. Voor
doel is om in deze gebieden de cultuurhistorische waarde
bebouwingsconcentraties nabij kernen zijn in principe
te behouden, te beschermen, herstellen of duurzaam
meer hergebruiksmogelijkheden mogelijk. Door de ligging
ontwikkelen. Het is daarom belangrijk deze waarden als
in de invloedssfeer van kernen hebben zich vaak reeds
uitgangspunt te hanteren voor het nieuwe ontwerp.
gebiedsvreemde ontwikkelingen voorgedaan. Het verdient
Hofstad 2A/ Schootseweg ongenummerd Olland
2.2.2 Herziening bebouwingsconcentraties
7
aanbeveling om de relatie met het achtergelegen open landschap door ‘gaten’ in het lint veilig te stellen.
De bebouwingsconcentraties in de gemeente Sint-
Mogelijke geschikte locaties voor toevoeging van een nieuwe
Oedenrode zijn duidelijk als ruimtelijke eenheden
Ruimte-voor-Ruimte-woningen in het buitengebied zijn
herkenbaar. De begrenzing komt voort uit de aanwezige
uitsluitend mogelijk in de bebouwingsconcentraties. Deze
bebouwing en landschappelijke elementen die bepalend
locaties dienen wel verantwoord te worden. De locaties
zijn voor de uitstraling van de plek. De ruimtelijke eenheid
moeten landschappelijk en stedenbouwkundig verantwoord
wordt daarnaast in de meeste gevallen bepaald door een
worden. Hierbij moet gelet worden op waardevolle zichtre-
historische structuur.
laties en aansluiten binnen de huidige concentraties.
Het plangebied vormt onderdeel van bebouwingsconcentratie ‘Roest/Jenneakkers/Schootsedijk. Dit is een bebouwingscluster nabij de kern Olland. Het is een vlakvormige verzameling van meer dan 10-20 gebouwen of bouwvlakken bij een cluster. De ontwikkelmogelijkheden in een bebouwingsconcentratie hangt in sterke mate af van de ligging in en draagkracht van het omringende gebied. Binnen de bebouwingsconcentraties geldt dat behoud en versterking van de karakteristieke historische structuur in relatie tot het buitengebied Uitsnede zoeklocaties voor extra bebouwing en karakter van bebouwingsconcentratie
2.2.3 Landschapsanalyse Meierijstad Gemeente Meierijstad heeft de huidige feiten (kenmerken, k w aliteiten en gevoeligheden) v astgelegd in een landschapsanalyse. Deze feiten kan men gebruiken om een afweging te maken welke ontwikkelingen waar en onder welke voorwaarden mogelijk zijn. Dit vormt het fundament voor de opstelling van de verschillende afwegingskaders. Het landschap is daarbij leidend in plaats van lijdend. Het plangebied vormt onderdeel van het landschapstype ‘De oude ontginningen’. Dit zijn gronden die al voor 1850 door de mens zijn ontgonnen. De hoge en droge gronden waren het meest geschikt voor de agrarische bedrijfsvoering. Het landschap is een halfopen, kleinschalig landschap met een onregelmatig, organisch gevormd wegen en verkavelingspatroon. Het gebied heeft geen grote structuren. Lokaal is er Hofstad 2A/ Schootseweg ongenummerd Olland
verschil in openheid, hoeveelheid aanwezige bebouwing of
8
bosschages, verkaveling en grondgebruik. Karakteristiek zijn de kavelgrensbeplantingen van houtsingels, en de vele diverse erfbeplantingen, met esdoorn, beuken en haagbeukenhagen. De bebouwing liggen aan transparante linten, dan wel in clusters verspreid in het landschap. Het a
Uitsnede kaart ‘oude ontginningen’ uit Landschapsanalyse Meierijstad
2.3 Cultuurhistorie en landschap 2.3.1
Ontwikkeling in de tijd
De basis van het landschap in Sint-Oedenrode wordt gevormd door het beekdal van de Dommel. Deze ligt ten zuiden van het dorp Olland, dat gevestigd is op de dekzandrug parallel aan het beekdal. De eerste agrarische nederzettingen vestigden zich op deze dekzandrug. Op de kaart van 1900 zien we verspreid in het landschap diverse agrarische bebouwing. Rondom de bebouwing zien we een kleinschalig agrarisch landschap met diverse kavelgrens beplanting. De zandwegen waren beplant met laanbomen, vermoedelijk populierenbomen. Naarmate men meer naar het noorden gaat wordt het
Historische kaart 1900, plangebied in paars (Bron PDOK)
Historische kaart 1970, plangebied in paars (Bron: PDOK)
Historische kaart 1980, plangebied in paars (Bron PDOK)
Topografische kaart 2017, plangebied in paars (Bron PDOK)
Hofstad 2A/ Schootseweg ongenummerd Olland
gebied weer natter en meer geschikt als hooi- en gras land
9
en de bosbouw voor populierenhout. De natste delen werden nog niet ontgonnen en bestonden uit woeste gronden van de Schijndelsche Heide. Rond 1960 zien we op de historische kaarten dat door de intrede van kunstmest, landbouwmachines en de gegraven beek Ollandsche Loop de woeste gronden ook zijn ontgonnen voor landbouwdoeleinden. Ook werden veel gronden voor bosbouw vervangen door akkerbouw. Op de dekzandruggen nam de bebouwing toe en ontstonden hier bebouwingslinten en -clusters.
Na de ruilverkaveling rond de jaren 70/80 werden de kleine
open karakter gekregen. Er is samenhang tussen terrein-
kavels vergroot tot grotere percelen. De typische randbe-
gesteldheid en inrichting en gebruik van het gebied en de
planting is op veel plekken verdwenen. Daarnaast is de
relatie tussen de percelering, het wegenpatroon en de
bebouwing aan de bebouwingslinten en -clusters nog meer
beplanting met populieren is waardevol.
toegenomen en hebben de bestaande agrarische bedrijven een aanzienlijke schaalvergroting ondergaan.
2.3.2 Cultuurhistorische waarden en kenmerken
Behoud, herstel, duurzame ontwikkeling van waarden en kenmerken Vanuit de analyse is een aantal cultuurhistorische
Het cultuurhistorisch waardevol landschap vormde het
kenmerken, kwaliteiten en structuren gefilterd die als
hart van de populierenteelt. De kleinschaligheid van toen is
inspiratie dienen en als uitgangspunt zijn genomen voor
uiteraard verminderd, maar het gebied wordt nog steeds
het ontwerp van de nieuwe situatie. De volgende uitgangs-
gekenmerkt door de vele bosjes, perceelrandbegroeiing en
punten zijn in het ontwerp als duurzame ontwikkeling
populierenakkers.
toegepast:
Het is een afwisselend landschap met landbouwgronden
•
Behoud van de huidige percelering;
•
Versterken landschappelijke randbeplanting langs de watergang binnen het plangebied;
Hofstad 2A/ Schootseweg ongenummerd Olland
en bossen. In het agrarische gebied zijn bijzonder veel
10
houtsingels en laanbeplantingen (hoofdzakelijk populieren).
•
Herstel van zandpad binnen het plangebied;
Daarnaast liggen de kleine beekdalen van de Dungensche
•
Bebouwing concentreren nabij bestaande bebouwing.
Loop en de Beeksche Waterloop met beemden, knotbomen en houtsingels. In het gebied tussen de Schijndelse Heide
De huidige waarden worden vastgelegd en kunnen worden
en het beekdal van de Ollandsche Loop is veel perceels-
versterkt door herstel van enkele van de cultuurhistorische
randbeplanting verdwenen. Verspreid in het gebied zijn
waarden die binnen het plangebied hebben gelegen.
waardevolle boerderijen uit de negentiende en het begin van de twintigste eeuw te vinden. De Geelders is een in oorsprong middeleeuws landschap, dat omstreeks 1750 is beplant, grotendeels met eikenhakhout. Sinds 1900 zijn de bossen doorgeschoten (voornamelijk eiken). Op vele plekken in De Geelders wordt nog steeds hakhout gehakt. Het is een zeer vochtig bos, dat grotendeels is aangelegd op rabatten. De paden en zandwegen zijn hoger gelegen. Ondanks de aanwezigheid van relicten van perceelrandbegroeiing heeft het landschap hier en daar een meer
2.4
Plangebied huidig
Het plangebied ligt in de oksel van de kruisende wegen Hofstad
Hofstad en Schootsedijk. De Schootsedijk verbindt het plangebied via de Ollandseweg met Olland en Sint Oedenrode. Zowel Hofstad als Schootsedijk zijn rustige landelijke wegen, die worden gekenmerkt door een populierenlandschap met agrarische percelen, waar afwisselend grasland of mais wordt geteeld. Door het bos en grasland ontstaat een afwisselend open en gesloten landschap. In de omgeving liggen richting het zuiden een aantal woningen in een cluster en richting het noorden en oosten komt men af en toe een boerderij tegen. De chalet is vanaf de straat (zowel Hofstad als Schootsedijk)
Greppel met enkele
2. Hier staat een recent verbouwde boerderij tot villa
knotwilgen
met bijgebouw. De gevels zijn wit met grote raamkozijnen
Weide
en donker pannendak. De voortuin is omgeven door een
coniferenhaag
Sc
Chalet
beukenhaag en achtertuin door een groene coniferenhaag
2A
in combinatie met knotwilgen en leilindes. De inrit voor de auto is ontsloten aan de achterzijde van het perceel via de Schootsedijk.
Bijgebouw Hofstad 2 Achtertuin Hofstad 2
Achter de percelen Hofstad 2 en 2A ligt een weiland. Deze zijn
Woning Hofstad 2
nu in gebruik voor het grazen paarden. Aan de randen liggen
2
greppels met hier en daar randbeplanting van knotwilgen. Achter het weiland ligt een jong broekbos.
s er kk
populierenbomen.
ea
De Schootsedijk en Hofstad zijn ten delen aangeplant met
nn
11
staat. Ten zuiden van het plangebied ligt het perceel Hofstad
Je
Hofstad 2A/ Schootseweg ongenummerd Olland
niet zichtbaar, doordat aan alle zijde een hoge coniferenhaag
Luchtfoto met aanduiding plangebied. (Bron Google/maps.nl)
h
tse oo
k dij
3. PLANVOORSTEL
3 PLANVOORSTEL 3.1
Stedenbouwkundig
plan
Bij een ruimtelijke ontwikkeling is het van belang dat alle ruimtelijke waarden worden meegewogen. Een plan kan immers afbreuk doen aan bestaande landschappelijke of cultuurhistorische waarden. Bij de inpassing wordt rekening gehouden met de ruimtelijke randvoorwaarden. De bestaande en nieuwe
Nieuwe woning
bebouwing wordt op een natuurlijke en verzorgde wijze ingepast
Bestaande bebouwing
en sluit aan op de aanwezige landschapstructuren.
Bouwcluster
Hofstad 2A/ Schootseweg ongenummerd Olland
Bestaande groenstructuur
13
De nieuwe woning voegt zich naar de historische
De woning staat op een gepaste afstand tot de
landschapstructuren die het gebied kenmerken.
weg, zodat de buurwoning (Hofstad 2) vanuit
De Schootsedijk is de hoofdoriëntatie van de
de achtertuin nog volgende zicht heeft op het
lintbebouwing. Als afronding van dit lint wordt
achterland.
achter Hofstad 2 een nieuw kavel toegevoegd, in de geest van de bestaande bebouwingska-
Architectuur
rakteristiek. Dit betreft een nieuwe landelijke
De nieuwe woning heeft een traditionele vorm
woning met een karakteristieke groeninrichting
als Brabantse langgevelboerderij. Deze zijn in de
op het erf. Het bestaande zicht op het achter-
nabije omgeving veel te vinden. Al deze langge-
liggende landschap blijft behouden.
velboerderijen delen de typerende architecto-
Rijbaan Zicht op landschap
nische kenmerken, die een belangrijke stempel Via een nieuwe inrit aan de Schootsedijk is het
drukken op de uitstraling van het buitengebied
erf bereikbaar. Er is voldoende ruimte om auto’s
van Meierijstad.
te parkeren voor het nieuwe bijgebouw. De woning is landelijk en traditioneel, waarbij eigentijdse toevoegingen mogelijk zijn, mits de
Stedenbouwkundig clluster met nieuwe woning
samenhang met de architectuur en ingetogen is toegepast. De hoofdvorm en het voorhuis dient daarbij herkenbaar te blijven als traditionele langgevelboerderij. De materialisering is traditioneel, landelijk en ingetogen met aardse tinten en natuurlijke materialen. De volgende kenmerken zijn leidend: •
Gevels: gemetseld met roodbruine handvorm baksteen, het stalgedeelte kan ook voorzien worden van rabatdelen in de kleuren zwart of antraciet;
•
Vensters: houten vensters, eventueel met luiken in het voorhuis. In het stalgedeelte en achterzijde zijn grotere schuurdeuren voorstelbaar;
•
Dak: het dak kan bestaan uit matte dakpannen in de kleuren antraciet of rood, riet of een combinatie van riet en dakpannen. Vlakke dakpannen zijn niet toegestaan. Zonnepanelen worden geïntegreerd in het dakvlak;
Hofstad 2A/ Schootseweg ongenummerd Olland
•
Dakramen: dakramen zijn opgenomen in het ontwerp, aan de straatzijde is maximaal één ingetogen dakkapel toegestaan in het voorhuis;
evelboerderij in samenhang ontworpen Wolfskap met combinatie • Installaties zoals warmtepompen binnen pannen en riet
Eigentijdse toevoegingen in traditionele boerderijstijl
bouwvolume opnemen, indien niet mogelijk niet
esplitste langgevelboerderij in samenhang ontworpen
Wolfskap met combinatie pannen en riet
zichtbaar vanaf openbare ruimte positioneren.
Eigentijdse toevoegingen in traditionele boerderijstijl
Stedenbouwkundig plan perceelsniveau
nkeping binnen bouwvolume mogelijk Carport in samenhang met architectuur hoofdgebouw Bijgebouwen haakspannen opGesplitste de woning met zadeldak Eigentijdse Gesplitste langgevelboerderij in samenhang ontworpen Wolfskap met combinatie en rietlanggevelboerderij in samenhang toevoegingen ontworpen in traditionele Wolfskap boerderijstijl met combinatie pannen en riet
14
Referentiebeelden langgevelboerderijen
45
bouwvolume mogelijk
Carport in samenhang met architectuur hoofdgebouw
Bijgebouwen haaks op de woning met zadeldak
45
3.2
Landschappelijke inpassing
De verbeelding hiernaast illustreert de landschappelijke inpassing, gevolgd door een argumentatie van de inpassingsmaatregelen. Deze zijn genummerd, wat correspondeert met de illustratie. Voortuin rondom nieuwe woning
2.
Markering inrit met landschapsboom
3.
Nieuwe houtsingel als afscherming achtertuin
4.
Bestaande watergang met knotwilgen
5.
Nieuwe hoogstamfruitgaard
Hofstad 2A/ Schootseweg ongenummerd Olland
1.
15
Referentie hoogstamboomgaard
Voorstel landschappelijke inpassing
1.
Voortuin rondom nieuwe woning
Het erf rondom de nieuwe woning wordt aan de voorzijde afgeschermd door een haag van inheems bosplantsoen. 2.
Markering inrit met landschapsboom
Naast de inrit komt een markante landschapsboom van een streekeigen soort. 3.
Nieuwe houtsingel als afscherming achtertuin
De achtertuin wordt aan de noordzijde afgeschermd door een singel van inheems bosplantsoen. Deze groene wand vormt aan de noordzijde een geleiding voor het zicht vanaf de Schootsedijk richting het achterland. 4.
Bestaande watergang met knotwilgen
De bestaande watergang met knotwilgen blijft gehandhaafd en wordt versterkt met de aanplant van nieuwe knotwilgen.
Referentie knotwilgen als solitaire boom
Referentie knotwilgen op kavelgrens
Referentie lage haag
Referentie hoge haag
Hierdoor wordt de landschappelijke randbeplanting van het Hofstad 2A/ Schootseweg ongenummerd Olland
kavel versterkt.
16
5.
Nieuwe hoogstamfruitgaard
Ter plaatse van het huidige chalet wordt een nieuwe hoogst amfruitgaard aangeplant met streekeigen fruitsoorten. Deze gaard schermt de tuin af van Hofstad 2 en het nieuwe erf.
3.3
Beplantingsplan
In het beplantingsplan worden de nieuw aan te leggen lan d s ch a p s e l e m e nt e n b e n o em d , b e s chr e v en en gemaatvoerd. Er wordt keuzevrijheid gegeven met de aanleg
•
wordt een beschrijving gegeven van het beheer van het element.
NIEUWE HAAG 80 meter – 320 stuks
•
Een knip- of scheerheg is een vrij liggend lijnvormig landschapselement, met een aaneengesloten begroeiing van inheemse bomen en/of struiken, dat wordt geknipt of geschoren.
Inrichtingseisen bij aanleg nieuw element Hofstad 2A/ Schootseweg ongenummerd Olland
•
17
elkaar). Keuze uit de volgende soorten: 1.
Carpinus betulus (Haagbeuk)
2.
Fagus sylvatica (Groene beuk)
3.
Acer campestre (Veldesdoorn)
4.
Ilex aquifolium (Hulst)
•
Het betreft een éénrijig of tweerijig element.
•
Plantafstand: 4 stuks per meter
Beheervoorschriften •
Knip- en/of scheerwerkzaamheden worden alleen verricht in de periode tussen 15 juli en 15 maart.
•
het knippen of scheren heeft de haag een minimale
brandnetel, ridderzuring, jacobskruiskruid en Japanse duizendknoop.
Chemische onkruidbestrijding is niet toegestaan, •
Grondbewerking van aanliggende
driftvrije bestrijding van Japanse duizendknoop.
landbouwgrond mag niet leiden tot schade aan
Grondbewerking van aanliggende landbouwgrond
het element.
Het element mag niet worden beschadigd door vee.
•
Het element mag niet worden beschadigd door vee.
•
Niet branden in of in de directe omgeving van het
•
BOMEN 1 stuks nieuw
Slootmaaisel, bagger, maaisel en tuinafval mogen niet verwerkt worden in de beheereenheid.
•
Het element mag niet worden beschadigd door vee. Een raster ter bescherming mag niet aan
element.
het element bevestigd worden. •
Niet branden in of in de directe omgeving van het element.
Afbakening •
Een solitaire boom is een vrij liggend landschapselement van inheemse loofbomen.
Inrichtingseisen bij aanleg nieuw element •
Aanplant landschapsboom, minimaal maat 10-12 en goed verankeren. Keuze uit de volgende soorten:
1.
Tilia platyphyllos (Linde)
2.
Juglans regia (Okkernoot)
3.
Castanea sativa (Tamme kastanje)
4.
Prunus avium (Kers streekeigen soort)
5.
Carpinus betulus (Haagbeuk)
Beheervoorschriften •
Gedurende de 10 jaar worden de bomen minimaal éénmaal gesnoeid. Na het snoeien beslaat de kroon
De beheereenheid wordt in een cyclus van minimaal eenmaal per 1 jaar gesnoeid (geknipt/geschoren). Na
en driftvrije bestrijding van akkerdistel,
voorgevel.
mag niet leiden tot schade aan het element.
Aanplant 2- en/of 3-jarig inheems bosplantsoen in een rij van één soort of in groepsverband (5 stuks bij
voorgevel en minimaal 0,8 tot 1,8m achter de
•
Afbakening •
m.u.v. pleksgewijze (max. 10% van de oppervlakte)
m.u.v. pleksgewijze (max. 10% van de oppervlakte) en
van verschillende soorten per element. Hiermee kan men later bij aanleg kiezen welke soort het best past. Daarnaast
hoogte van 0,8 meter en maximaal 1,2m voor de
minimaal 50% van de lengte van de boom. •
Chemische onkruidbestrijding is niet toegestaan, Referentie houtsingel
HOOGSTAMFRUITBOMEN
HOUTSINGEL
Beheervoorschriften
8 stuks
100m – 64stuks
•
Afbakening
Afbakening
•
•
Een hoogstamboomgaard is een verzameling van
het element wordt als hakhout beheerd.
lijnvormig en aaneengesloten landschapselement,
hoog, waarvan de onderbegroeiing bestaat uit een
al dan niet groeiend op een aarden wal, met een
grazige vegetatie (geen gazon).
opgaande begroeiing van inheemse bomen en/of struiken.
•
• •
•
Hofstad 2A/ Schootseweg ongenummerd Olland
18
Het doel van het beheer van het element is het
Aanplant inheemse fruitbomen met minimale
behoud van de karakteristieke uitstraling en
maat 8-10. Keuze uit soorten die zijn opgenomen in
natuurlijke waarde door het element als hakhout te
BIJLAGE II in combinatie met de soort Okkernoot
beheren en het periodiek afzetten van het element
(Juglans regia). Planten naar eigen inzicht op
(cyclisch beheer). De cyclus varieert tussen de 10 en
aangewezen locatie in landschapsplan.
25 jaar.
15 meter.
Inrichtingseisen bij aanleg nieuw element
Rond jonge bomen boomkorf aanbrengen indien
•
Acer campestre (Veldesdoorn)
Beheervoorschriften
-
5%
Alnus glutinosa (Els)
•
Appel en peer snoeien dat de kroon open blijft en de
-
15%
Cornus mas (Gele kornoelje)
waterloten verwijderen in de maanden november tot
-
15%
Corylus avellana (Hazelaar)
februari. Zieke en beschadigde takken verwijderen en
-
10%
Ilex aquifolium (Hulst)
afvoeren.
-
20%
Rhamnus frangula (Vuilboom)
Snoeiwerkzaamheden worden in beginsel verricht in
-
15%
Viburnum opulus (Gelderse roos)
de periode tussen 1 november en 15 maart (behalve
•
ruwe berk, zie bovenstaand). Bestrijding van juli en 15 maart plaats vinden. •
Bij versnipperen van het takhout worden de snippers niet in het element verwerkt.
•
Chemische bestrijdingsmiddelen worden niet gebruikt.
•
Bij schade aan het landschapselement wordt de schade hersteld.
(beheereenheden met grotere dikte dienen afgezet te worden). •
Er mag maximaal één overstaander per 100m2
•
Snoeiwerkzaamheden worden uitgevoerd in de
worden behouden. periode tussen 1 november en 15 maart; takken die over aangrenzende percelen hangen mogen het hele jaar worden teruggesnoeid.
opnieuw uit moeten lopen niet schaadt. Als snoeihout versnipperd wordt mogen de snippers
•
niet verwerkt worden in het element. •
Raster minimaal op 1 meter uit de voet van de
Chemische onkruidbestrijding is niet toegestaan, m.u.v. pleksgewijze (max. 10% van de oppervlakte) en driftvrije bestrijding van Japanse duizendknoop.
•
Ongewenste houtsoorten, zoals Amerikaanse vogelkers, Amerikaanse eik, robinia en ratelpopulier mogen mechanisch (uitgraven,
Plantverband van minimaal 1,25 m x 1,25 meter in kruisverband (5 rijen).
Snoeihout mag op stapels of rillen in het element verwerkt worden voor zover het de stoven die
Het volgende assortiment toepassen: 20%
ongewenste houtsoorten kan in de periode tussen 15
maximaal 15 cm op 1 m boven de hakhoutstoof
Aanplant met 2- en/of 3-jarig inheems bosplantsoen.
-
•
behoudens de eventuele overstaanders, is
•
Plantafstand minimaal 8 x8 meter en maximaal 15 x
perceel wordt beweid.
De gemiddelde diameter van het hakhout,
Een houtwal of houtsingel is een vrij liggend
fruitbomen, met een stam van minimaal 1,5 meter
Inrichtingseisen bij aanleg nieuw element
Ten minste 75% van de oppervlakte van
afzagen, uitfrezen) worden bestreden. •
Grondbewerking van aanliggende landbouwgrond mag niet leiden tot schade aan
buitenste rij indien perceel beweid wordt.
het element. •
Slootmaaisel, bagger, maaisel en tuinafval mogen niet verwerkt worden in het element.
KNOTBOMEN 15 stuks Afbakening •
Een knotboom is een inheemse loofboom, waarvan de stam periodiek op een hoogte van minimaal 1,5 meter boven maaiveld wordt afgezet (geknot).
•
Het doel van het beheer van het element is het behoud van de karakteristieke eigenschap van het element. Ten behoeve daarvan worden de knotboom cyclisch geknot.
Inrichtingseisen bij aanleg nieuw element •
Voor wilg kan een 3-jarige onbewortelde stek met een lengte van ca. 2,5 meter gebruikt worden.
•
Plantafstand in de rij minimaal 5 en maximaal 12,5 meter.
•
Rond jonge bomen boomkorf aanbrengen indien
Hofstad 2A/ Schootseweg ongenummerd Olland
perceel wordt beweid.
19
Beheervoorschriften •
Knotwerkzaamheden worden verricht in de periode tussen 1 november en 15 maart.
•
De stam van een knotboom wordt minimaal op een hoogte van 1,5 meter boven maaiveld afgezet (geknot).
•
De knotcyclus varieert tussen de 3 en 5 jaar voor wilg.
•
Grondbewerking van aanliggende landbouwgrond mag niet leiden tot schade aan het element.
•
Het element mag niet worden beschadigd door vee. Een raster ter bescherming mag niet aan het element bevestigd worden.
Bijlage I
Hofstad 2A/ Schootseweg ongenummerd Olland
Landschapsplan op maatvaste ondergrond
20
Bijlage II
Hofstad 2A/ Schootseweg ongenummerd Olland
Lijst met hoogstamfruitsoorten streekeigen
21
GEURONDERZOEK voor een ruimte voor ruimte ontwikkeling aan de
HOFSTAD 2A TE SINT-OEDENRODE
18 juli 2019
Colofon Rapport:
Geuronderzoek voor een ruitme voor ruimte ontwikkeling aan de Hofstad 2a te Sint-Oedenrode
Rapportnummer: Status: Datum:
3962go0219 definitief 18 juli 2019
Opdrachtgever Reland Locatieontwikkeling Burgemeester Verdijkplein 1 5835 AR Beugen
Opdrachtnemer G&O Consult Postbus 12 5845 ZG Sint Anthonis www.go-consult.nl
Burgemeester Wijtvlietlaan 1 5764 PD De Rips
Contactpersoon Adviseur
©JULI 2019
G&O CONSULT, POSTBUS 12, NL-5845 ZG SINT ANTHONIS, TEL: (0493) 597505 FAX: (0493) 597509 WWW.GO-CONSULT.NL
ALLE RECHTEN VOORBEHOUDEN. NIETS UIT DEZE UITGAVE MAG WORDEN VERVEELVOUDIGD DOOR MIDDEL VAN DRUK, FOTOKOPIE, MICROFILM, GELUIDSBAND, ELEKTRONISCH OF OP WELKE ANDERE WIJZE DAN OOK, EN EVENMIN IN EEN GEAUTOMATISEERD GEGEVENSBESTAND WORDEN OPGESLAGEN, ZONDER VOORAFGAANDE SCHRIFTELIJKE TOESTEMMING VAN G&O CONSULT. AAN DE INHOUD VAN DIT RAPPORT KUNNEN GEEN RECHTEN WORDEN ONTLEEND. G&O CONSULT VERWERPT ELKE AANSPRAKELIJKHEID VOOR EEN ANDER GEBRUIK VAN DEZE TEKST DAN VOOR DE SITUATIE WAARVOOR HIJ WORDT UITGEBRACHT. DE INFORMATIE IN DEZE TEKST IS ONDER VOORBEHOUD EN KAN VERANDERD WORDEN ZONDER VOORAFGAANDE KENNISGEVING.
Geuronderzoek Hofstad 2a te Sint-Oedenrode
2
INHOUDSOPGAVE
HOOFDSTUK 1
INLEIDING .............................................................. 4
HOOFDSTUK 2
INFORMATIE EN TOETSINGSKADER ........................ 5
2.1
Informatiebronnen ................................................ 5
2.2
Toetsingskader....................................................... 5
2.3
Gegevens van de berekende agrarische bedrijven . 7
HOOFDSTUK 3
BEREKENINGSSYSTEMATIEK ................................... 8
HOOFDSTUK 4
RESULTATEN EN BEOORDELING ............................. 9
4.1
Geurhinder en woon- en leefklimaat ..................... 9
4.2
Geurhinder en voorgrondbelasting ........................ 9
4.3
Geurhinder en achtergrondbelasting ....................10
4.4
Goed woon- en leefklimaat ...................................11
4.5
Vaste afstanden ....................................................11
4.6
Belangenafweging.................................................11
HOOFDSTUK 5
CONCLUSIE ...........................................................12
Literatuur
.............................................................................13
Bijlage 1: Gegevens veehouderijen binnen 2 kilometer Bijlage 2: Voorgrond berekeningen V-Stacks vergunning Bijlage 3: Achtergrond berekeningen V-Stacks gebied
Geuronderzoek Hofstad 2a te Sint-Oedenrode
3
HOOFDSTUK
1
INLEIDING
In het kader van een ruimte voor ruimte ontwikkeling aan de Hofstad 2a te Sint-Oedenrode is een geuronderzoek uitgevoerd. Ons bureau is verzocht inzichtelijk te maken waar de geurcontouren van de meest bepalende veehouderijen liggen. Aan de hand van deze geurcontouren en de berekende geurbelasting op de hoekpunten van de beoogde bebouwing aan de Hofstad 2a te Sint-Oedenrode zijn de volgende belangenafwegingen gemaakt: • Is ter plaatse een aanvaardbaar woon- en leefklimaat gegarandeerd? (belang geurgevoelig object); • Wordt niet iemand onevenredig in zijn belangen geschaad? (belangen veehouderij en derden).
Figuur 1___________________ Luchtfoto omgeving Hofstad 2a te Sint-Oedenrode (gele cirkel) Bron: PDOK Viewer
Geuronderzoek Hofstad 2a te Sint-Oedenrode
4
HOOFDSTUK
2.1
2
INFORMATIE EN TOETSINGSKADER
INFORMATIEBRONNEN Bij het opstellen van dit advies is gebruik gemaakt van gegevens verstrekt door de opdrachtgever en de via Web-BVB Noord-Brabant op 12 juli 2019 verkregen gegevens over de omliggende bedrijven in een straal van 2 kilometer om de locatie aan de Hofstad 2a te Sint-Oedenrode.
2.2
TOETSINGSKADER Voor de geurbeoordeling van agrarische bedrijven in het kader van de Wet geurhinder en veehouderij geldt een specifiek toetsingsregime. Dit toetsingsregime dient andersom ook te worden toegepast bij de RO-beoordeling van mogelijke nieuwe projectlocaties volgens het principe van de omgekeerde werking. Wettelijk kader Vanaf 1 januari 2007 vormt de Wet geurhinder en veehouderij (hierna: Wgv) het toetsingskader als het gaat om geurhinder afkomstig van dierenverblijven van veehouderijen. De geuremissie is afhankelijk van het aantal en soort dieren dat binnen de inrichting aanwezig is. In de aan de Wgv gekoppelde Regeling geurhinder en veehouderij (Rgv) is per diercategorie een geuremissiefactor vastgesteld, uitgedrukt in Europese odour units per tijdseenheid per dier (ouE/s/dier). De totale geuremissie van een veehouderij is de som van alle geuremissies van de verschillende diercategorieën die binnen de inrichting aanwezig zijn. Voor diercategorieën waarvoor geen geuremissiefactor is vastgesteld, gelden minimaal aan te houden afstanden. Daarnaast zijn minimale afstanden opgenomen vanaf een veehouderij tot een geurgevoelig object behorende bij een (voormalige) veehouderij en vanaf de buitenzijde van een dierenverblijf tot de buitenzijde van een geurgevoelig object. De gemeente Meierijstad is gelegen in een concentratiegebied, zoals geregeld in de Meststoffenwet.
Dit betekent dat de geurnorm voor de geurgevoelige objecten in het buitengebied, waar de te splitsen woonboerderij is gelegen, ingevolge artikel 3, lid 1b van de Wgv 14,0 odour units per kubieke meter lucht (ouE/m3) bedraagt. Gemeentelijke verordening In de Wgv is in artikel 6.1 opgenomen dat gemeenten in een concentratiegebied bij gemeentelijke verordening binnen een bandbreedte van 0,1 tot 14,0 ouE/m3 lucht binnen de bebouwde kom en 3,0 tot 35,0 ouE/m3 lucht buiten de
Geuronderzoek Hofstad 2a te Sint-Oedenrode
5
bebouwde kom kunnen afwijken van de wettelijke standaardnorm. Ter voorbereiding van een dergelijke verordening kunnen gemeenten een aanhoudingsbesluit nemen om vergunningaanvragen aan te houden tot de verordening in werking treedt. Dit tot maximaal een jaar na het in werking treden van het aanhoudingsbesluit. De gemeente Meierijstad heeft niet in een gemeentelijke geurverordening het gebied waarin de locatie aan de Hofstad 2a te Sint-Oedenrode is gelegen aangewezen als gebied waarvoor een andere maximale waarde voor geurbelasting van een veehouderij geldt. Derhalve dient ten aanzien van de voorgrondbelasting te worden aangesloten bij de wettelijke waarde van 14,0 ouE/m3 voor geurgevoelige objecten in het buitengebied. Beoordeling ruimtelijke ordeningsplannen In de Handreiking bij Wet geurhinder en veehouderij, Aanvulling: Paragraaf 3.4, Beoordeling ruimtelijke ordeningsplannen staat het volgende beschreven: De Wgv schrijft voor op welke wijze een bevoegd gezag de geurhinder vanwege dierenverblijven moet beoordelen indien een veehouderij een milieuvergunning aanvraagt. Indirect heeft de Wgv ook consequenties voor de totstandkoming van geurgevoelige objecten en dus voor de ruimtelijke ordening, dit wordt wel de ‘omgekeerde werking’ genoemd.
De reden hiervoor is duidelijk: een geurnorm is bedoeld om mensen te beschermen tegen overmatige geurhinder, omgekeerd moet een bevoegd gezag dan ook niet toestaan dat mensen zichzelf blootstellen aan die overmatige hinder. De ruimtelijke plannen waarvoor de omgekeerde werking moet worden beoordeeld, zijn met name bestemmingsplannen waarin locaties voor woningbouw, zoals een woonwijk of een ruimte-voor-ruimte-woning, of recreatie en toerisme worden vastgelegd. In gevallen dat een bouwplan niet past binnen het bestemmingsplan, bijvoorbeeld bij vergroting van een bouwblok of bij woningsplitsing, kan vrijstelling van het bestemmingsplan worden gevraagd. Bij besluitvorming over deze vrijstelling moet opnieuw de milieutoets op de omgekeerde werking worden uitgevoerd, er wordt immers opnieuw bestemd. Als het bouwblok al bestemd is, behoeft het bestemmingsplan geen aanpassing en is ook geen toets op de omgekeerde werking nodig of mogelijk1. Bij besluitvorming omtrent (wijziging van) een bestemmingsplan moet worden bepaald of sprake is van een goede ruimtelijke ordening en of het plan niet in strijd is met het recht. Ten behoeve van een zorgvuldige besluitvorming moet worden nagegaan of een partij onevenredig in haar belangen wordt geschaad; de rechtspositie van de betrokkenen moet worden gehandhaafd. Dat is tevens van belang voor eventuele planschade.
Er zijn in ieder geval twee relevante partijen: de veehouderij en de toekomstige bewoner of andere ondernemer (bijvoorbeeld recreatie en toerisme). De veehouderij heeft twee belangen: voortzetting van de bestaande bedrijfsactiviteiten en indien hij concrete uitbreidingsplannen heeft (bijvoorbeeld een reeds vergunde uitbreiding), deze ook te realiseren. De toekomstige bewoner heeft belang bij een goed woon- en leefklimaat. Voor wat betreft geurhinder van veehouderijen betekent dit dat de volgende aspecten in ogenschouw moeten worden genomen: • Is ter plaatse een goed woon- en leefklimaat gegarandeerd? (belang geurgevoelig object);
1 Wanneer een locatie eenmaal bestemd is voor woningbouw en hiervoor een aanvraag om een bouwvergunning binnenkomt, dan is de milieutoets op de omgekeerde werking niet meer nodig en ook niet mogelijk, deze heeft immers plaatsgevonden bij het aanwijzen van de bestemming. De bouwvergunning moet verleend worden indien die in overeenstemming is met het geldende bestemmingsplan.
Geuronderzoek Hofstad 2a te Sint-Oedenrode
6
•
Wordt niet iemand onevenredig in zijn belangen geschaad? (belangen veehouderij en derden).
Volgens bestaande jurisprudentie (Oss: ABRvS 200705538/2, d.d. 4-10-2007 en Oisterwijk: ABRvS 200700646/1, d.d. 22-08-2007) geldt dat bouwen binnen stankcirkels niet toelaatbaar is. Bij de oude geurregelgeving moesten geplande geurgevoelige objecten daarom de minimumafstanden tot veehouderijen in acht houden. Als deze lijn wordt doorgetrokken naar de Wgv, is het niet toelaatbaar om geurgevoelige objecten te bouwen binnen de geurcontouren van de geldende norm. Als binnen de contour van de norm al geurgevoelige objecten liggen, wordt de veehouderij niet in alle gevallen in zijn belangen geschaad door nieuwbouw binnen de contour. Als de veehouderij niet in zijn belangen wordt geschaad en tevens een goed woon- en leefklimaat kan worden gegarandeerd, is het toelaatbaar om binnen de contour van de geldende norm geurgevoelige objecten te bouwen (Laarbeek: ABRvS 200900801/1, d.d. 7-10-2009 en Weert: ABRvS 200908940/1, d.d. 28-07-2010). Verordening ruimte 2014 Provinciale Staten van Noord-Brabant hebben in hun vergaderingen van 7 februari 2014 en 14 maart 2014 de Verordening ruimte 2014 vastgesteld. Daarnaast hebben Gedeputeerde Staten in hun vergadering van 18 maart 2014 besloten de Verordening ruimte 2014 op onderdelen te wijzigen. De Verordening ruimte 2014 stelt eisen aan door de gemeenten in Noord-Brabant op te stellen bestemmingsplannen en andere planologische maatregelen.
Blijkens artikel 34, eerste lid, onder a IV geldt de voorwaardelijke bepaling dat de kans op cumulatieve geurhinder (achtergrondbelasting) vanuit veehouderijen op geurgevoelige objecten, in de bebouwde kom niet hoger dient te zijn dan 12% en in het buitengebied niet dan 20%. Volgens tabel A uit de “Handreiking bij Wet geurhinder en veehouderij Aanvulling: Bijlagen 6 en 7” komt in een concentratiegebied een percentage van 12% overeen met een achtergrondbelasting van 10 ouE/m3 en een percentage van 20% met een achtergrondbelasting van 20 ouE/m3.
2.3
GEGEVENS VAN DE BEREKENDE AGRARISCHE BEDRIJVEN Om inzichtelijk te maken hoe de geurcontouren zijn gelegen, is informatie benodigd van de maatgevende veehouderij, in dit geval de veehouderij aan de Nieuwstraat 46 te Sint-Oedenrode. Via de gemeente Meierijstad is van dit bedrijf de vigerende emissie verkregen, welke is weergegeven in bijlage 1 en navolgende tabel.
Tabel 1__________________ Gegevens vigerende milieuvergunningen veehouderijen Nieuwstraat 46 te SintOedenrode Bron: Gemeente Meierijstad
Voor de x- en y-coördinaten van het emissiepunt dient in de berekeningen van de voorgrondbelasting voor de omgekeerde werking uit te worden gegaan van (het meest bepalende punt op) de rand van het bouwblok. Omdat in onderhavig geval reeds een geurgevoelig object (Hofstad 2) is gelegen tussen de veehouderij (Nieuwstraat 46) en de beoogde ontwikkelingen aan de Hofstad 2a is uitgegaan van het werkelijke/vergunde emissiepunt.
Geuronderzoek Hofstad 2a te Sint-Oedenrode
7
HOOFDSTUK
3
BEREKENINGSSYSTEMATIEK
Voor de berekeningen in dit rapport is gebruik gemaakt van het rekenmodel VStacks gebied, versie 2010.1 van 2 april 2010. Dit rekenmodel berekent de geurbelasting op geurgevoelige objecten, welke enkel voor de intensieve veehouderij wordt uitgedrukt in aantallen Europese odourunits per volumeeenheid lucht (ouE/m3). Voor de extensieve veehouderij gelden vaste afstanden. Bij de berekeningen is conform bijlage 3 van de Gebruikershandleiding VStacks vergunning, Versie 2010.1 voor de klimatologische omstandigheden gebruik gemaakt van de gegevens van het meteo-station Eindhoven. Voor het bepalen van de te gebruiken ruwheid bij alle berekeningen is, zoals in § 3.5 van de Gebruikershandleiding V-Stacks gebied wordt voorgeschreven, een bufferzone van ten minste 2 kilometer om de locatie Hofstad 2a te SintOedenrode genomen. Door V-Stacks gebied is de Berekende ruwheid op 0,15 bepaald. Voor een goede vergelijking is deze gebruikt in alle berekeningen. Voor de maatgevende veehouderij aan de Nieuwstraat 46 te Sint-Oedenrode is, op basis van via Gemeente Meierijstad op 16 juli 2019 verkregen gegevens, met het verspreidingsmodel V-Stacks vergunning vanuit de vergunde emissiepunten berekeningen gemaakt van de voorgrondbelasting op de hoekpunten van de beoogde ontwikkeling aan de Hofstad 2a te Sint-Oedenrode. De gebruikte invoergegevens en resultaten hiervan zijn weergegeven in bijlage 2.
Naast de berekende geurbelasting op beoogde bebouwing aan de Hofstad 2a te Sint-Oedenrode, zijn de output bestanden van V-Stacks gebied gebruikt om de geurcontouren in beeld te brengen. Vervolgens zijn alle berekende gridpunten in een GIS-omgeving geïnterpoleerd naar een grid. Op basis van dit grid zijn vervolgens door een GIS-toepassing schematisch de geurcontouren verkregen, welke zijn weergegeven in bijlage 3. Met het verspreidingsmodel V-Stacks gebied is berekend wat de achtergrondbelasting op de hoekpunten van de beoogde bebouwing aan de Hofstad 2a te Sint-Oedenrode is van het vergunde veebestand op 12 juli 2019. Hiervoor zijn 36 veebedrijven binnen een straal van 2 kilometer om de locatie Hofstad 2a te Sint-Oedenrode ingevoerd met de (default-) waarden afkomstig uit Web-BVB van de Provincie Noord-Brabant. Voor de complete lijst met bedrijven wordt verwezen naar bijlage 1. De invoergegevens en resultaten zijn weergegeven in bijlage 4. Daarnaast zijn ook voor de achtergrondbelasting schematisch de geurcontouren door een GIS-toepassing in beeld gebracht in bijlage 5.
Geuronderzoek Hofstad 2a te Sint-Oedenrode
8
HOOFDSTUK
4
4.1
RESULTATEN EN BEOORDELING
GEURHINDER EN WOON- EN LEEFKLIMAAT De gemeente Meierijstad heeft niet in een gemeentelijke geurverordening vastgelegd wat op basis van geurhinderpercentages ten aanzien van de achtergrondbelasting een aanvaardbaar woon- en leefklimaat is. De handreiking bij de Wet geurhinder en veehouderij geeft in bijlage 7 een vijftal methoden hoe dit bepaald zou kunnen worden. Nu dit echter niet door de gemeente is vastgesteld is vooralsnog uitgegaan van de milieukwaliteitscriteria van het RIVM, zoals in navolgende tabel 2 is opgenomen.
Tabel 2__________________ Milieukwaliteitscriteria RIVM concentratiegebied
4.2
Achtergrondbelasting (ouE/m3 98-percentiel)
Mogelijke kans op geurhinder (%) 2
Beoordeling leefklimaat
0-3
<5
zeer goed
3-8
5 – 10
goed
8-13
10 – 15
redelijk goed
13-20
15 – 20
matig
20-28
20 – 25
tamelijk slecht
28-38
25 – 30
slecht
38-50
30 - 35
zeer slecht
50-65
35 - 40
extreem slecht
GEURHINDER EN VOORGRONDBELASTING De gemeente heeft het gebied aan de Hofstad 2a te Sint-Oedenrode ligt, niet aangewezen als gebied waarvoor een andere maximale waarde voor geurbelasting op geurgevoelige objecten van een veehouderij geldt, zijnde 14,0 ouE/m3. Om te bepalen wat de voorgrondbelasting op de hoekpunten van de beoogde bebouwing aan de Hofstad 2a te Sint-Oedenrode is, is met het verspreidingsmodel V-Stacks vergunning vanuit het vergunde emissiepunt van de veehouderij aan de Nieuwstraat 46 te Sint-Oedenrode berekend wat de voorgrondbelas-
2
Dit betekent dat bij bijvoorbeeld 10% geurhinder, 10% van de inwoners in een telefonische enquête heeft aangegeven ‘soms of vaak last van geur van stallen van veehouderijen te ondervinden’.
Geuronderzoek Hofstad 2a te Sint-Oedenrode
9
ting van het vergunde veebestand vanuit de veehouderij aan de Nieuwstraat 46 te Sint-Oedenrode is. Omdat er reeds een geurgevoelig object is gelegen tussen de veehouderij en de beoogde bebouwing is niet uitgegaan van de rand van het bouwvlak van de veehouderij aan de Nieuwstraat 46 omdat het reeds aanwezige geurgevoelig object eerder beperkend is voor de betreffende veehouderij. De resultaten hiervan zijn weergegeven in navolgende tabel 3. Voor de daadwerkelijke outputbestanden wordt verwezen naar bijlage 2. Daarnaast zijn de rekenpunten en de 14,0 ouE/m3 geurcontouren schematisch in beeld gebracht in bijlage 3. Tabel 3__________________ Voorgrondbelasting op de beoogde bebouwing vanuit het vergunde emissiepunt van de veehouderij aan de Nieuwstraat 46.
Toetspunt Nr
Hoekpunt
Norm
V-Stacks vergunning (ouE/m3) Nieuwstraat 46
1
Woning noord
14,0
6,3
2
Woning oost
14,0
7,3
3
Woning zuid
14,0
8,0
4
Woning west
14,0
6,9
5
Bijgebouw noord
14,0
5,6
6
Bijgebouw oost
14,0
6,1
7
Bijgebouw zuid
14,0
6,8
8
Bijgebouw west
14,0
6,1
De beoogde bebouwing aan de Hofstad 2a te Sint-Oedenrode voldoet, met een voorgrondbelasting die, op ten hoogste 8,0 ouE/m3 ligt, op alle toetspunten aan de gemeentelijke norm van 14,0 ouE/m3.
4.3
GEURHINDER EN ACHTERGRONDBELASTING Naast de geurcontouren die de reikwijdte van de geurbelasting kunnen bepalen van één bedrijf is er ook een geurbelasting van alle bedrijven gezamenlijk, de zogenaamde achtergrondbelasting. Wanneer veel (intensieve) veebedrijven zich in de nabijheid van een projectlocatie bevinden kan de achtergrondbelasting zo hoog worden dat van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat niet meer gesproken kan worden. Met het verspreidingsmodel V-Stacks gebied is berekend wat de huidige achtergrondbelasting op de hoekpunten van de beoogde bebouwing aan de Hofstad 2a te Sint-Oedenrode is van het actuele vergunde veebestand van de gemeente Meierijstad op 12 juli 2019. Hiervoor zijn 36 veehouderijbedrijven binnen een straal van 2 kilometer om de locatie Hofstad 2a te Sint-Oedenrode ingevoerd met de (default-) waarden afkomstig uit Web-BVB Noord-Brabant. De resultaten hiervan zijn weergegeven in navolgende tabel 4. Voor de daadwerkelijke outputbestanden wordt verwezen naar bijlage 3. Daarnaast is de achtergrondbelasting in beeld gebracht in bijlage 3.
Op basis van de berekende achtergrondbelasting vanuit 36 veehouderijen binnen een straal van 2 kilometer (maximaal 8,924 ouE/m3) op de hoekpunten van de beoogde bebouwing aan de Hofstad 2a te Sint-Oedenrode kan, aangezien de geurbelasting ruimschoots onder de toetswaarde van 20,0 ouE/m3 ligt, een ‘aanvaardbaar woon- en leefklimaat’ worden gegarandeerd.
Geuronderzoek Hofstad 2a te Sint-Oedenrode
10
Tabel 4__________________ Berekende achtergrondbelasting vanuit 36 veehouderijen binnen een straal van 2km
4.4
V-Stacks gebied (ouE/m3)
Toetspunt Nr
Hoekpunt
Toetswaarde
vanuit 36 veehouderijen
1
Woning noord
20,0
7,815
2
Woning oost
20,0
8,924
3
Woning zuid
20,0
8,879
4
Woning west
20,0
8,084
5
Bijgebouw noord
20,0
7,019
6
Bijgebouw oost
20,0
7,419
7
Bijgebouw zuid
20,0
8,148
8
Bijgebouw west
20,0
7,534
GOED WOON- EN LEEFKLIMAAT Op basis van de berekende voorgrondbelasting vanuit de maatgevende veehouderij aan de Nieuwstraat 46 te Sint-Oedenrode (maximaal 8,0 ouE/m3) op de hoekpunten van de beoogde bebouwing aan de Hofstad 2a te Sint-Oedenrode kan, aangezien de geurbelasting onder de norm van 14,0 ouE/m3 ligt, een aanvaardbaar woon- en leefklimaat worden gegarandeerd. Ook op basis van de berekende achtergrondbelasting vanuit 36 veehouderijen binnen een straal van 2 kilometer (maximaal 8,924 ouE/m3) op de hoekpunten van de beoogde bebouwing aan de Hofstad 2a te Sint-Oedenrode kan, aangezien de geurbelasting onder de gemeentelijke toetswaarde van 20,0 ouE/m3 ligt, een aanvaardbaar woon- en leefklimaat worden gegarandeerd.
4.5
VASTE AFSTANDEN In artikel 5 van de Wgv zijn minimale afstanden opgenomen vanaf de buitenzijde van een dierenverblijf tot de buitenzijde van een geurgevoelig object. Buiten de bebouwde kom dient deze afstand tenminste 25 meter te bedragen. De beoogde ontwikkeling aan de Hofstad 2a te Sint-Oedenrode voldoet hier ruimschoots aan.
4.6
BELANGENAFWEGING De in de omgeving van de te realiseren bebouwing aan de Hofstad 2a te SintOedenrode gelegen veehouderijen hebben twee belangen: voortzetting van de bestaande bedrijfsactiviteiten en indien er concrete uitbreidingsplannen zijn (bijvoorbeeld een reeds vergunde uitbreiding), deze ook te kunnen realiseren. De maatgevende veehouderij aan de Nieuwstraat 46 te Sint-Oedenrode wordt door de beoogde ontwikkeling niet (verder) in zijn belangen geschaad.
Geuronderzoek Hofstad 2a te Sint-Oedenrode
11
HOOFDSTUK
5
CONCLUSIE
Aan de hand van de berekende geurcontouren en geurbelasting op de beoogde bebouwing aan de Hofstad 2a te Sint-Oedenrode zijn de volgende belangenafwegingen gemaakt: • Is ter plaatse een aanvaardbaar woon- en leefklimaat gegarandeerd? (belang geurgevoelig object); • Wordt niet iemand onevenredig in zijn belangen geschaad? (belangen veehouderij en derden). Uit de beoordeling kunnen de volgende deelconclusies worden getrokken: 1. Ter plaatse van de beoogde ontwikkeling aan de Hofstad 2a te SintOedenrode voldoet de voorgrond geurbelasting die onder de 14,0 ouE/m3 ligt, aan de norm. De maatgevende veehouderij aan de Nieuwstraat 46 wordt door de beoogde ontwikkeling niet in zijn belangen geschaad. Tevens wordt een aanvaardbaar woon- en leefklimaat gegarandeerd; 2. Het leefklimaat als gevolg van de achtergrondbelasting voldoet aan de toetswaarde van 20,0 ouE/m3 in het buitengebied, derhalve wordt ter plaatse van de beoogde ontwikkeling een aanvaardbaar woon- en leefklimaat gegarandeerd; 3. Aan de vaste afstanden vanuit de beoogde ontwikkeling aan de Hofstad 2a te Sint-Oedenrode tot aan de meest dichtbij gelegen veehouderij (bouwblok) en aan de gevel-gevel afstand wordt voldaan.
Gelet op bovenstaande kan worden geconcludeerd dat in de omgeving van de beoogde ontwikkeling aan de Hofstad 2a te Sint-Oedenrode niemand onevenredig in zijn belangen geschaad wordt en een aanvaardbaar woon- en leefklimaat gewaarborgd wordt.
Geuronderzoek Hofstad 2a te Sint-Oedenrode
12
LITERATUUR •
Provincie Noord-Brabant, http://bvb.brabant.nl/, geraadpleegd 12 juli 2019;
•
Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer; Wet geurhinder en veehouderij, oktober 2006;
•
Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer; Regeling geurhinder en veehouderij, Staatscourant 28 december 2009;
•
Agentschap NL; Gebruikershandleiding V-Stacks vergunning, 2 april 2010;
•
Agentschap NL; Gebruikershandleiding V-Stacks gebied, 2 april 2010;
•
SenterNovem; Gebruikershandleiding V-Stacks gebied, herziening hoofdstuk 6, 23 mei 2007;
•
SenterNovem; Handreiking bij Wet geurhinder en veehouderij, Aanvulling: Bijlage 6 en 7, 1 mei 2007;
•
SenterNovem; Handreiking bij Wet geurhinder en veehouderij, Aanvulling: Paragraaf 3.4 Beoordeling ruimtelijke ordeningsplannen, 23 mei 2007.
Geuronderzoek Hofstad 2a te Sint-Oedenrode
13
# 0 ' , $ ) & % ( #+ ## #0 #' #, #$ #) #& #% #( 0+ 0# 00 0' 0, 0$ 0) 0& 0% 0( '+ '# '0 '' ', '$ ')
#$%$&% #$%)&# #$%(0( #$&%,+ #$)%+' #$&0#) #$)($) #$&$,% #$&+$$ #$%',% #$%&(0 #$&(0) #$%',' #$%#&+ #$%,'+ #$%',$ #$&)&& #$&+0) #$)(,+ #$%0(( #$&%,& #$&%'' #$&,#) #$))&, #$)&%) #$$(%) #$$$)# #$$(%( #$$(#% #$$)+$ #$),#) #$)$#% #$)'(, #$)'%( #$)'&' #$&'0%
:
: :
:
/ : <: :
: ".
@ :< : :
!A:
:
:
'(('(' '(%)&) '((0)0 '((%)' '((00( '((0$) '(%%), '(%$$$ '((+,+ '(%)0) '(%0#$ '(&&%% '(%)(0 '((0', '((+%# '(&%#% '(%#') '(%$)$ '(%$)+ '(&(() '(%0#% '(&($$ '(%0$' '(%$(( '(%)#$ '((0,% '(($,# '(()#+ '((%$# ,++0($ '(()+& '((,%, '(&&$' '(&)0( '(&$&, '(&#&$
: :; "?:
:
: 4
:
:7 7:
" :"
: " ./:
)*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+
)*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+ )*+
+*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$ +*$
,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+ ,*+
#&#+( + &&$$ + '($$ + %#)0 $%'% %+#+ + %#( #)+0+ #0%+$ %#'#( #%0$ + 0,)$0 + + #0%+% #&+$( #)&(, #'$& + 0#') 0),+( + ,'')# #&+) + + 00&%, + & + +
#&#+( +&&$$ +'($$ +%#)0 $%'% %+#+ +%#( #)+0+ #0%+$ %#'#( #%0$ +0,)$0 ++#0%+% #&+$( #)&(, #'$& +0#') 0),+( +,'')# #&+) ++00&%, +&++-
:#02&20+#(> :
; :
:
:.
< :4 : : :7 7: :< : : :7 7:; . : "" : ?/ : : < :; . : : / : : : : /: : : : <: ":
:
:
:
:; . :
; :
>
: ?: .? : < : ? *: " ./: /: :/ . : : : .? : : :
> : " > " ./ :
:
:
:
: :"
>
:
"
: > > >: !
: "
: :
. :.
:
. :
:
> >
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
! ./ 34 4 34 4 ! . " 5 // ! ./ ! ./ 4 4 6 7
" 4
! ! ! "" "" "" "" "" "" 9: ! 9: ! 6
4 4 4 4 4 4
.
; 4 : " < 4 7 " 4 7 " 4 7 " 4
" " " 8
<
4
! 0# $,(#1 '$'& $,(#1 ,' $,(#1 , $,(#1 % $,(# '+ $,(# ,& $,(# 0% $,(# ,) $,(# ( $,(# $ $,(# ' $,(# 8 # $,(# & $,(# % $,(# #0( $,(# #$' $,(# 7 #%# $,(# 7 #%$ $,(# 7 ##% $,(# #,0 $,(# 0 $,(# ( $,(# # $,(# 5 # $,(# 6 $$ $,(# ( $,(# 0 $,(# 1 % $,(# 1 ( $,(# 1 % $,(# = #+ $,(# #0 $,(0 7 #$ $,(0 7 #& $,(0 7 '( $,(0 -
" 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12 12
7
.? A<
:; . : ? "
: <:
%&':7 .: : A ! : ! 0++,*: :&+>: 7D:4 : "/
: " :
:
:
"
: << 4 : .:
./ :B <: 4 :
:
2! .? :
: <: :
:
: "
.?:B <:
:
C:; . :@
2!
:
" :B@
: "
:
*:
:
/:
:0++0C> :
.C*:
:
:7 7:
C> !"
# $!"
; :
:
:
4
:
2!
*:B ! " . :
/:
.*:
!
:#': < ":
Gegenereerd op: 17-07-2019 met V-STACKS Vergunning versie 2010 (c) KEMA Nederland B.V.
Naam van de berekening: 3962go0219 voorgrondbelasting Gemaakt op: 17-07-2019 Rekentijd:
8:07:28
0:00:02
Naam van het bedrijf: 3962go0219
Berekende ruwheid: 0,15 m Meteo station: Eindhoven
Brongegevens: Volgnr.
BronID
X-coord.
Y-coord.
EP Hoogte
Gem.geb. hoogte
EP Diam.
EP Uittr. snelh.
E-Aanvraag
1
stal A-A
157 086
399 046
5,7
3,8
0,50
4,00
8 544
Geur gevoelige locaties: Volgnummer
GGLID
Xcoordinaat
Ycoordinaat
Geurnorm
Geurbelasting
2
Woning noord
157 049
399 134
14,0
6,3
3
Woning oost
157 053
399 125
14,0
7,3
4
Woning zuid
157 040
399 118
14,0
8,0
5
Woning west
157 035
399 127
14,0
6,9
6
Bijgebouw noord
157 066
399 148
14,0
5,6
7
Bijgebouw oost
157 069
399 143
14,0
6,1
8
Bijgebouw zuid
157 056
399 135
14,0
6,8
9
Bijgebouw west
157 053
399 141
14,0
6,1
Gegenereerd op: 17-07-2019 met V-STACKS Vergunning versie 2010 (c) KEMA Nederland B.V.
3
Bijgebouw noord Bijgebouw oost Bijgebouw west Woning noord Bijgebouw zuid
7
Woning west Woning oost Woning zuid
14
Legenda
Schaal 1:1.000
Emissiepunt Nieuwstraat 46 Toetspunten Voorgrondbelasting 14 OUe/m³ Voorgrondbelasting 7 OUe/m³ Voorgrondbelasting 3 OUe/m³
0 5 10
20
30
40 Meter
Genereerd op: 7-12-2019 met V-Stacks-Gebied Versie 2009 (c) KEMA Nederland B.V.
Naam van de berekening: 3962go0219 achtergrond berekening Gemaakt op: 7-12-2019 Rekentijd:
15:37:18
0:13:27
Naam van het gebied: 3962go0219
Berekende ruwheid: 0,15 m Meteo station: Eindhoven Rekenuren: 20 % Bronbestand: X:\Klanten\R\Reland\Go0219\Vstacks\input\Bronnen_4km_aangevraagd.dat Receptorbestand: X:\Klanten\R\Reland\Go0219\Vstacks\input\GGO_2km.dat Resultaten weggeschreven in: X:\Klanten\R\Reland\Go0219\Vstacks\output
Rasterpunt linksonder x: 155052 m Rasterpunt linksonder y: 397133 m Gebied lengte
(x): 4000 m , Aantal gridpunten: 41
Gebied breedte (y): 4000 m , Aantal gridpunten: 41
! #
$%
0 /
&'
(' - . . - . . 00. 0 . 0. .
-. . /. . -/. - . . - .
. . . . . . . .
1
" ) *+ ./ /. /./ /. /. ./. -/ . -
,
10 20
10
20 10
20
Woning west Bijgebouw west 10
10
Woning zuid
20
10
20
10
10 20
10
Legenda Toetspunten Veehouderijen Achtergrondbelasting 20 OUe/m³ Achtergrondbelasting 10 OUe/m³ 2 kilometer om projectlocatie
Schaal 1:24.000 0 120240 480 720 960 Meter
10
20
20
10
20
Bijgebouw noord Woning west Woning oost Woning noordWoning zuid
10
10
10
Legenda Toetspunten Veehouderijen Achtergrondbelasting 20 OUe/m³ Achtergrondbelasting 10 OUe/m³
Schaal 1:5.000 0 25 50
100 150 200 Meter
Akoestisch onderzoek optredende gevelbelastingen Wegverkeerslawaai Hofstad 2A te Sint Oedenrode Rapportnr. M19 373.401
M19 373.401 versie 2
Opdrachtgever
2
:
Reland locatieontwikkeling Burg. Verdijkplein 1 Postbus 186 Tel: 085 – 0431949
5835 AR Beugen 5830 AD Boxmeer
Contactpersoon:
Adviseur
:
K+ Adviesgroep bv Jodenstraat 6 Postbus 224 Tel: 0475 – 470 470 E-mail: info@k-plus.nl Behandeld door:
Datum
:
22-11-2023
Referentie
:
IF/SL/M19 373.401 versie 2
6101 AS Echt 6100 AE Echt
M19 373.401 versie 2
3
Inhoudsopgave Hoofdstuk
Titel
1
Inleiding
4
2 2.1 2.2 2.2.1 2.3
Uitgangspunten Ruimtelijke gegevens Verkeersgegevens Wegverkeerslawaai Toegepaste rekenmethode
5 5 5 5 6
3 3.1 3.1.1 3.1.2 3.1.3 3.1.4 3.1.5 3.1.6 3.1.7 3.2
Normstelling Wet geluidhinder Wegverkeerslawaai Algemeen Omvang geluidzones langs wegen Aftrek conform artikel 110g Wet geluidhinder Aftrek stille banden Stedelijk en buitenstedelijk gebied Nieuwe situaties Maximaal toelaatbare geluidbelasting Bouwbesluit 2012
7 7 7 7 7 8 8 8 9 9
4 4.1 4.1.1 4.1.2 4.1.3 4.1.4 4.2
Berekeningsresultaten Wegverkeerslawaai Hofstad Schootsedijk Jenneakkers Nieuwstraat Cumulatie en Bouwbesluit
10 10 10 11 11 11 12
5 5.1 5.2 5.2.1 5.2.2 5.2.3 5.2.4 5.2.5
Evaluatie Rekenresultaten Algemeen Wet geluidhinder Algemeen Hofstad Schootsedijk Jenneakkers Nieuwstraat
13 13 13 13 13 13 13 14
Bijlage(n): Bijlage I Bijlage II Bijlage III
Figuren akoestisch model Berekeningsgegevens en –resultaten optredende gevelbelasting Verstrekte verkeersgegevens
Blad
M19 373.401 versie 2
1
4
INLEIDING In opdracht van Reland locatieontwikkeling is in het kader van een nieuwbouwwoning aan de Hofstad 2A te Sint Oedenrode, gemeente Meierijstad , door K+ Adviesgroep een akoestisch onderzoek verricht naar de te verwachten optredende geluidbelastingen vanwege wegverkeerslawaai ter plaatse van de nieuwe situatie Wet geluidhinder. In figuur 1 is een overzicht van de huidige situatie opgenomen, in bijlage I is de situatie opgenomen.
Figuur 1: Situatie (bron: Google maps) Het akoestisch onderzoek is noodzakelijk omdat het plan is gelegen binnen de geluidzone van de Hofstad, Schootsedijk, Jenneakkers en Nieuwstraat. De berekeningen zijn gebaseerd op: - de “Wet geluidhinder”; - het “Reken- en Meetvoorschrift Geluid 2012”; - het “Besluit Geluidhinder”.
M19 373.401 versie 2
5
2
UITGANGSPUNTEN
2.1
Ruimtelijke gegevens Bij het onderzoek is gebruik gemaakt van een door de opdrachtgever verstrekte situatietekening, kaartmateriaal van de Publieke Dienstverlening op de Kaart (PDOK), het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN2) en Google Streetview. In bijlage I is de gehanteerde situatietekening opgenomen.
2.2
Verkeersgegevens
2.2.1
Wegverkeerslawaai De gemeente Meierijstad heeft geen tellingen van de wegen die binnen de geluidzone van de locatie liggen. De kortst bijgelegen weg waar tellingen van beschikbaar zijn is de Pastoor Smitstraat in het naastgelegen dorp Olland. Op deze weg zijn circa 1850 voertuig bewegingen per etmaal (werkdag). Voor de wegen Hofstad, Schootsedijk, Jenneakkers en Nieuwstraat is de schatting dat hier 10 tot 20% rijdt in verhouding met de Pastoor Smitstraat. Voor de verdeling is uitgegaan van een standaardverdeling. In tabel 2.1 is een overzicht opgenomen van de gehanteerde verkeersgegevens. Tabel 2.1: Overzicht verkeersgegevens 2034. Straat
Etmaalintensiteit
Hofstad
500
Schootsedijk
500
Jenneakkers
500
Nieuwstraat
500
Periode verdeling D 6,6% A 3,6% N 0,8% D 6,6% A 3,6% N 0,8% D 6,6% A 3,6% N 0,8% D 6,6% A 3,6% N 0,8%
Verdeling per voertuigcategorie Qlv Qmv Qzv 92,50% 5,50% 2,00% 94,25% 4,00% 1,75% 96,00% 2,50% 1,50% 92,50% 5,50% 2,00% 94,25% 4,00% 1,75% 96,00% 2,50% 1,50% 92,50% 5,50% 2,00% 94,25% 4,00% 1,75% 96,00% 2,50% 1,50% 92,50% 5,50% 2,00% 94,25% 4,00% 1,75% 96,00% 2,50% 1,50%
Snelheid km/h
Wegdek
60
01
60
01
60
01
60
Wv1: 01 Wv2: 80
Hierbij is: Periode: gemiddelde uuraandeel betreffende periode in procenten van de etmaalintensiteit. Qlv: gemiddeld uuraandeel lichte motorvoertuigen voor respectievelijk de dag-, avond- en nachtperiode in procenten. Qmv: gemiddeld uuraandeel middelzware motorvoertuigen voor respectievelijk de dag-, avond- en nachtperiode in procenten. Qzv: gemiddeld uuraandeel zware motorvoertuigen voor respectievelijk de dag-, avond- en nachtperiode in procenten. Snelheid: ter plaatse toegestane maximum snelheid. Wegdek: type 01: Glad asfalt. type 80: Elementenverharding in keperverband (CROW316).
Voor nadere informatie inzake de in- en uitvoerparameters wordt verwezen naar de in bijlage II opgenomen rekenbladen. De verkeersgegevens zijn opgenomen in bijlage III.
M19 373.401 versie 2
2.3
6
Toegepaste rekenmethode De geluidbelastingen zijn bepaald met behulp van “Standaard Rekenmethode II”, zoals deze is beschreven in het “Reken- en Meetvoorschrift geluid 2012”. Bij de modellering van het akoestisch rekenmodel is gebruik gemaakt van het pakket WinHavik als ontwikkeld door dirActivity.