Bijlage 1 Welstandsnota 2025
Tekst van het document
23
Vergunningvrij
Vergunningplichtig
Eigen beheer
Verkiezingsborden
Rotondes
Uitbesteed
Bouwborden
Abri’s A0-reclame Billboards Lichtmastreclame Informatiesystemen Aankondiging evenementen
2.3 Vergunningsvrije reclame in eigen beheer Verkiezingsborden Definitie Verkiezingsborden zijn tijdelijke borden waarop politieke partijen posters kunnen plakken. De gemeente draagt zorg voor de plaatsing van deze borden. Kwaliteitseisen Uniforme borden door de gehele gemeente. Plakken alleen toegestaan op de daarvoor bestemde ruimte, niet op het frame. Alleen politieke partijen die deelnemen aan betreffende verkiezing mogen maximaal 1 poster per bord aanbrengen. Een poster heeft een maximale afmeting van 60x84 centimeter (A1 formaat). Zonering Ten tijde van verkiezingen worden op de gemeente vastgestelde plaatsen binnen de bebouwde kom borden geplaatst, waar politieke partijen campagne op kunnen voeren. Deze borden worden geplaatst in een periode van 8 weken voor de verkiezingen tot 2 weken na de gemeenteraads-, provinciale- en Tweede Kamerverkiezingen.
2.4 Vergunningplichtige reclame in eigen beheer Rotondes Definitie Om de ruimtelijke kwaliteit van de rotondes te kunnen verhogen, is het voor een bedrijf (of groep van bedrijven) mogelijk om deze rotondes te adopteren. Daarbij verzorgt het bedrijf het onderhoud van de rotonde, in ruil voor beperkte reclame uitingen op de rotonde. Niet geadopteerde rotondes blijven in beheer van de gemeente. Kwaliteitseisen Sponsoring van rotondes is toegestaan. Belangstellenden moeten bij de aanvraag een plan indienen, die door de gemeente wordt getoetst. Hierin moet in ieder geval aandacht zijn voor:
24
Beeldkwaliteit van de rotonde. Het ontwerp moet aanspreken en een plus ten opzichte van de huidige situatie opleveren. Plan van aanpak met betrekking tot plaatsing en onderhoud op de rotonde. Per definitie worden de locaties omgeven door drukke wegen. Het is daarom van belang dat gekwalificeerd personeel de rotondes onderhoudt. Onderhoudsplan van de rotonde. Maximaal 1 reclame uiting per toegangsweg. De reclame-uitingen mogen maximaal 40 x 80 cm groot zijn en 60 cm boven het maaiveld uitsteken. Gebruik van gewasbeschermingsmiddelen is niet toegestaan.
Zonering Uitgangspunt van dit beleid is om adoptie van alle rotondes in de gemeente mogelijk te maken, met uitzondering van rotondes die kunstwerken bevatten. Exploitatie van de rotondes loopt via de gemeente, welke een lijst met beschikbare rotondes voorhanden heeft.
2.5 Uitbestede vergunningvrije reclame Bouwborden Definitie Een bouwbord is een bord die door een projectontwikkelaar wordt geplaatst bij een te ontwikkelen locatie. Op dit bord wordt informatie verschaft over de bouw van het project. Kwaliteitseisen Maximaal 1 bouwbord per perceel, geplaatst op of direct nabij het te bebouwen perceel. Het bord moet verwijderd worden bij afronding van de bouw. Informatie op het bord heeft alleen betrekking op de bouw op het perceel. Zonering Het plaatsen van een bouwbord is in de gehele gemeente toegestaan, mits een geplaatst bord geen overlast geeft.
2.6 Uitbestede vergunningplichtige reclame Abri’s Definitie Een Abri is een bushokje, een constructie van glas en metaal die reizigers comfort biedt bij het wachten op de bus. Voor de inwoners van Meierijstad is het van belang dat de gemeente goed bereikbaar is met het openbaar vervoer. Goede faciliteiten maken daar onderdeel van uit. De aanschaf- en onderhoudskosten voor abri’s zijn vaak hoog. Daarom is in veel gemeenten in Nederland gekozen voor een constructie met exploitanten van reclame in de abri’s, die zorgen voor aanschaf, beheer en onderhoud van de abri’s. In ruil daarvoor kunnen ze (een deel van) de abri verhuren als reclameruimte. Kwaliteitseisen Uniforme uitvoering van abri’s binnen de gemeente, afhankelijk van de vervoersfunctie van het openbaar vervoer (HOV, OV of buurt- bus). Reclame aan we wegrijdzijde van de abri toegestaan, de overige wanden moeten worden uitgevoerd in transparant glas.
25
Reclame op vitrines kan op een rol zijn aangebracht, zodat op een zijde meerdere vlakken getoond kunnen worden. Exploitant draagt zorg voor het beheer en onderhoud van de abri.
Zonering In voormalig gemeente Veghel en Schijndel gebeurde dit al, in Sint-Oedenrode zijn deze abri’s nog in bezit van de gemeente. Het streven van de gemeente is om het eigen bezit van abri’s af te bouwen en een exploitant deze abri’s te laten exploiteren. Het aantal is afhankelijk van ontwikkelingen in het openbaar vervoer. A0-reclame A0-reclame is reclame aangebracht aan de onderkant van (lantaarn)palen, waarin statische reclame posters aangebracht kunnen worden met een oppervlakte van 88 centimeter (b) x 120 centimeter (h). Het display heeft een vaste locatie en wordt aan een door de gemeente aangewezen/ goedgekeurde lichtmast bevestigd. Afhankelijk van de wensen van de exploitant kan gekozen worden voor 2-zijdige of 3-zijdige reclame. Kwaliteitseisen Uniforme stellages door de gehele gemeente, te plaatsen door de exploitant. Frame met een maximumafmeting van 130 bij 50 cm, wind- en stormvast bevestigd op maximaal 40 cm boven het maaiveld. Minimaal 5 meter afstand van oversteekplaatsen en verkeersborden. Exploitant draagt zorg voor invulling van reclame-uitingen. Exploitant draagt zorg voor plaatsing en verwijdering van de frames. Vastgestelde tarieven voor culturele en commerciële evenementen. Landelijke commerciële reclame toegestaan. Maximaal 1 stellage per lichtmast.
Zonering Het plaatsen van A0-reclame is mogelijk in de kernen van Meierijstad, met uitzondering van de kernen Schijndel en Sint-Oedenrode, ter bescherming van het karakter van deze kernen. Verder is plaatsing langs de hoofdinfrastructuur mogelijk. Voor elke locatie moet een vergunning worden aangevraagd. Billboards Definitie Een billboard is een reclame uiting van een groot formaat. Op een billboard is ruimte voor één reclame uiting. Kwaliteitseisen Uniforme uitvoering van de billboards. Verlichting niet toegestaan. Maximale afmetingen van 3,10 bij 1,55 m. Exploitant draagt zorg voor plaatsing en verwijdering van de billboards. Exploitant draagt zorg voor invulling van reclame uitingen Vastgestelde tarieven voor commerciële reclame.
26
Zonering Billboards zijn alleen toegestaan in de kern van Veghel en op de bedrijventerreinen in de gehele gemeente. In totaal is er ruimte voor maximaal 10 billboards, waarvoor een vergunning nodig is. Lichtmastreclame Definitie Een inwendig (verlicht) reclameobject in een lichtmetalen frame dat op hoogte wordt opgehangen aan een lichtmast en waarin plaats is voor één uiting. De onderkant van het bord bevindt zich minstens 4,5 meter boven het maaiveld. Kwaliteitseisen Uniforme uitvoering van de frames. De onderkant van de uiting bevindt zich minstens 4,5 meter boven het maaiveld. Exploitant draagt zorg voor invulling van reclame-uitingen. Exploitant draagt zorg voor plaatsing van de frames. Vastgestelde tarieven voor commerciële reclame. Zonering Het plaatsen van lichtmastreclame is mogelijk in de kernen van Meierijstad, met uitzondering van Schijndel en Sint-Oedenrode. Ook in woonwijken in de andere kernen is plaatsing van deze reclame niet mogelijk. Verder is plaatsing langs de hoofdinfrastructuur moge- lijk. Voor elke locatie moet een vergunning worden aangevraagd. (Digitale) Informatiesystemen Definitie Informatiesystemen zijn primair bedoeld om niet-commerciële boodschappen uit te dragen. Om deze inrichtingen rendabel te houden wordt vaak ook enige vorm van commerciële reclame gemaakt op deze systemen.
Deze informatiesystemen bestaan in zowel digitale als niet-digitale vorm. Kwaliteitseisen Streven naar uniformiteit binnen de gemeente. Ondersteunende commerciële reclame-uitingen toegestaan. Exploitant draagt zorg voor invulling van reclame-uitingen. De gemeente krijgt (deels) toegang tot de LED-verlichting voor het voeren van niet-commerciële reclame. Zonering In de hele gemeente staan diverse niet-digitale informatiesystemen, zoals plattegrondkasten. Daarnaast staan er al een aantal jaar digitale informatiesystemen (5 stuks) bij de toegangswegen naar Schijndel en worden er 8 van deze systemen geplaats in Veghel. Deze aantallen zijn momenteel toereikend voor deze kernen. In de toekomst zal worden onderzocht of deze vorm van reclame ook gewenst is in SintOedenrode. Daarnaast zijn in verschillende kernen schuifborden in beheer van wijk- en dorpsraden. Evenementenaankondigingen Definitie Onder een evenementenaankondiging wordt een aankondiging verstaan, waarop een commercieel of niet commercieel evenement wordt aangekondigd. In de gemeente vinden verschillende evenementen plaats. Vanuit verschillende centrummanagementorganisaties is de wens uitgesproken om een vaste locatie te hebben waar deze activiteiten kunnen worden gepromoot. Het gaat daarbij steeds om tijdelijke promotie.
27
Kwaliteitseisen Locaties zijn maximaal 10 keer per jaar te gebruiken, met een maximumtijd van 2 weken per keer. Beoordeling van aanvragen ligt bij centrummanagementorganisaties. Zonering De komende tijd wordt gezocht naar locaties in het centrum van Schijndel, Sint-Oedenrode en Veghel. Evenementenaankondigingen aan de openbare weg (op particuliere of gemeentegrond) zijn per definitie niet toegestaan.
2.7 Toetsingscriteria nieuwe vormen van buitenreclame In de uitgangspunten van het buitenreclamebeleid wordt vermeld dat buitenreclame de buitenruimte niet mag verstoren. Daarom is terughoudendheid met het aantal uitingen gewenst. De lijst in hoofdstuk 2 geldt als uitgangspunt voor het buitenreclamebeleid in de gemeente. De ontwikkelingen in de reclame- en mediawereld staan echter niet stil. Doordat ook de gemeente zich verder ontwikkeld, kan de behoefte ontstaan aan nieuwe reclameobjecten (denk hierbij bijvoorbeeld aan reclamemasten of mupi’s). Daarom beslist bij de vraag naar nieuwe reclamevormen het college van B&W over vergunningverlening. De aanvrager moet daarbij in ieder geval voldoen aan: Aantonen van de behoefte en waarom de andere reclamemogelijkheden niet voldoen. De centra van Schijndel en Sint-Oedenrode blijven reclamevrij, om geen afbraak te doen aan het dorpse karakter. De nieuwe reclamevorm moet voldoen aan de uitgangspunten genoemd in paragraaf 2.1. Nieuwe reclameobjecten mogen bestaande reclamevormen niet hinderen, zowel in visueel als economisch opzicht. Nieuwe reclamevormen houden rekening met bestaande contracten.
3. Reclame op eigen terrein Naast reclame uitingen in de openbare ruimte bestaat er de mogelijkheid voor derden om reclame te maken op particuliere grond. Hierbij valt bijvoorbeeld te denken aan gevelreclame. Vooralsnog blijft het beleid uit de voormalige gemeente hiervoor gehandhaafd tot het moment dat er een nieuw Meierijstads welstandsbeleid is vastgesteld: Schijndel: Welstand op Maat 2012 Sint-Oedenrode: Welstandsnota Sint-Oedenrode 2014/Reclamenota Veghel: Welstandsnota Veghel
4. Handhaving Regelgeving heeft alleen toegevoegde waarde bij adequate handhaving hiervan. Allereerst is duidelijke informatievoorziening en voorlichting naar de reclamemaker vereist zodat zij de regels kennen. Hiertoe zal dit beleid bekend gemaakt worden bij de Meierijstadse ondernemers, maar vooral ook bij de organisatoren van evenementen. Dit om de huidige ontstane wildgroei van A0 evenementenaankondigingen tegen te gaan.
28
Op 30 januari 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders het VTH beleidsplan Meierijstad 2018-2022 en het VTH uitvoeringsprogramma 2018 vastgesteld. In dit beleid zijn de speerpunten vastgelegd voor de komende periode met betrekking tot vergunningen, toezicht en handhaving. Op basis van een risicoanalyse is een prioritering opgesteld op grond waarvan bijvoorbeeld wanneer het gaat over illegaal geplaatste reclame altijd de eerste insteek zal zijn een inschatting van het risico op een calamiteit. Als dat risico groot is wordt direct handhavend opgetreden. Is het risico gering of is er in het geheel geen risico dan kan handhaving later plaatsvinden. Het proces van toezicht en handhaving zal gevolgd worden zoals beschreven in het VTH beleidsplan Aldus besloten in zijn openbare vergadering van 29 maart 2018 De griffier, A.F.J. Franken
De burgemeester, ir. C.H.C. van Rooij
29
Bijlage 2: Technische toelich ng op het stelsel van welstand Deze bijlage licht toe hoe het stelsel van welstand was ingericht in het oude stelsel en hoe het onder de Omgevingswet is ingericht. Oud stelsel van welstand Hoofdstuk II, afdeling 3 van de Woningwet, in combina e met hoofdstuk 2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, regelde tot 1 januari 2024 de welstand. Dat stelsel hield in dat de gemeenteraad een beleidsnota vaststelde over uiterlijk en plaatsing van bouwwerken. Die nota beva e criteria voor de toetsing van aanvragen omgevingsvergunning ac viteit bouwen. Op basis van deze redelijke eisen van welstand verleende een welstandscommissie of een stadsbouwmeester advies over vergunningaanvragen. De betreffende vergaderingen en adviezen waren openbaar. De raad kon ook gebieden of categorieën van bouwwerken aanwijzen waarvoor geen redelijke eisen van welstand golden. Als verbijzondering van hun algemene welstandsnota hanteerden veel gemeenten een beeldkwaliteitsplan voor een specifiek ontwikkelingsgebied. Daarvan konden er dan per gemeente meerdere vastgesteld worden. Vaak gebeurde dat parallel aan de bestemmingsplanprocedure voor dat gebied. Welstandsnota Meierijstad 2018, Samen de zorg voor omgevingskwaliteit In Meierijstad stelde de raad op 5 juli 2018 de welstandsnota vast.
Die nota verving het welstandsbeleid dat dateerde uit de gemeenten Schijndel, Sint-Oedenrode en Veghel. De gebiedsindeling van het welstandsbeleid, inclusief de beeldkwaliteitsplannen, was online beschikbaar via een kaart. Eén van de technische raadsvragen over het voorstel, hier een vraag vanuit de VVD-frac e, luidde: ‘In welk opzicht betekent deze welstandsnota een strenger regime in vergelijking met de huidige welstandsnota’s van de voormalige gemeenten Sint-Oedenrode en Veghel?’ Daarop antwoordde het college: ‘Doordat de welstandsnota grotendeels is gebaseerd op de overeenkomsten uit de drie welstandsnota’s van de voormalige gemeenten blij het regime vrijwel gelijk. Vanuit dit streven is nu ook het buitengebied van Schijndel, behoudens de geformuleerde uitzonderingen, vrij geworden van welstandstoetsing. In samenhang daarmee wordt wel welstandstoetsing voorgesteld voor nieuwbouw, wat een beperkt effect hee voor Veghel en Sint-Oedenrode. Het effect is beperkt, omdat het begrip nieuwbouw sterk is ingekaderd en alleen van toepassing is buiten de gebieden met een beeldkwaliteitsplan. Het merendeel van de nieuwbouw vindt plaats in dat soort gebieden.’ Bij de raadsbehandeling werd een amendement van Lijst Blanco en VVD om aanvullende criteria voor een (agrarisch) bedrijfsgebouw in het buitengebied te schrappen, verworpen.
Dat amendement was bedoeld als opmaat naar verdere versobering van welstandscriteria. Een amendement van VVD, Team Meierijstad, Lijst Blanco en PvdA om de excessenregeling aan te vullen, werd aangenomen. De inten e was om het zo gewijzigd vastgestelde welstandsbeleid na enkele jaren te herzien, ook in rela e tot de verwachte inwerkingtreding van de Omgevingswet. Nieuw stelsel De Omgevingswet werd, na enkele malen uitstel door de regering, per 1 januari 2024 ingevoerd. Daarbij werd de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en een deel van de Woningwet opgenomen in de overkoepelende wet voor de fysieke leefomgeving. In het nieuwe stelsel is de terminologie veranderd van ‘redelijke eisen van welstand’ naar ‘regels over het uiterlijk van bouwwerken’. Dat biedt op het eerste gezicht minder gelegenheid voor normen over situering van een bouwwerk in zijn omgeving. Welstand ging
30
wel over zowel plaatsing als uiterlijk van bouwwerken. In algemene zin echter, is de scope van de Omgevingswet breder dan die van de Woningwet en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Adviseurs in het oude en het nieuwe stelsel Onder de Omgevingswet kan een adviescommissie opnieuw vorm krijgen. De Woningwet ging uit van een welstandscommissie of stadsbouwmeester die over welstand adviseerde (ar kelen 1 lid 1, 12b en 12c Woningwet). Daarnaast was er een gemeentelijke commissie nodig op het gebied van monumentenzorg (ar kel 15 Monumentenwet 1988). In het nieuwe stelsel is ten minste een adviescommissie nodig voor rijksmonumentenac viteiten, maar die commissie kan een bredere taak krijgen (ar kelen 16.15 lid 2 en 17.9 Omgevingswet). Met een bredere taak wordt een commissie mogelijk die adviseert over de integrale kwaliteit van de fysieke leefomgeving. Misschien meer vrije ac viteiten Het nieuwe stelsel nodigt meer uit om na te gaan of voor ac viteiten zoals ook bouwen en in stand laten van bouwwerken, volstaan kan worden met algemene regels. Of dat er in aanvulling op algemene regels een informa eplicht geldt voor degene die de ac viteit verricht. Of een wat zwaardere meldingsplicht. Of een nog zwaardere vergunningplicht.
De vergunningplicht voor een ruimtelijke bouwac viteit waarbij het uiterlijk van het bouwwerk onderdeel is van de beoordelingsregels, is dus niet meer vanzelfsprekend. Door de inwerkingtreding van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen tegelijk met de Omgevingswet is er een knip tussen de technische bouwac viteit en de ruimtelijke bouwac viteit die in het oude stelsel in één vergunningplicht vervat waren. De vergunningplicht voor de technische bouwac viteit gaat gefaseerd over in eigen verantwoordelijkheid. De vergunningplicht voor de ruimtelijke bouwac viteit is per 1 januari 2024 voorlopig geregeld met ar kel 22.26 en de beoordelingsregels in 22.29 van het omgevingsplan. Dat hoofdstuk 22 in zijn oorspronkelijke vorm is de zogenoemde bruidsschat. Daardoor is de gekende vergunningplicht met de toets aan het eerdere welstandsbeleid nog van kracht, inclusief de welstandsnormen over plaatsing. In aanvulling op de vraag of de vergunningplicht verlicht kan worden tot een meldingsplicht, een informa eplicht of zelfs vrij onder algemene regels, kan het logisch lijken om daar waar geen vergunningplicht technische bouwac viteit meer geldt óok geen vergunningplicht ruimtelijke bouwac viteit meer te laten gelden. Daar is met het vormgeven van het defini eve omgevingsplan antwoord op te geven.
Als de gemeente wil blijven sturen op welstand, dan is de vraag hoe de betreffende normen hun plek krijgen in algemene regels, in beoordelingsregels voor vergunningaanvragen, in vergunningvoorschri en of in maatwerkvoorschri en (dit laatste zijn opgelegde voorschri en anders dan via een verleende vergunning). Excessen In het oude stelsel was er een mogelijkheid om vergunningvrij te bouwen bouwwerken en bestaande bouwwerken met toezicht en handhaving te binden aan de redelijke eisen van welstand (ar kelen 12 lid 1 en 13a Woningwet). Het al genoemde amendement voegde daarvoor in Meierijstad enkele specifieke criteria toe, tegen vooral verwaarlozing van bouwwerken. De excessenregeling van het oude stelsel is deels meegegeven als bruidsschat: ar kel 22.7 omgevingsplan. Die bepaling is echter beperkt tot het uiterlijk van bouwwerken. In Meierijstad is in de prak jk de excessenregeling nauwelijks toegepast. En in de enkele gevallen waarin dat wel aan de orde was, gaf ook veiligheid reden voor een maatregel. Het is voorstelbaar, zeker indien de vergunningplicht wordt beperkt en de gemeente meer vertrouwt op algemene regels, dat de bepaling over repressieve welstand wordt vervangen door een zorgplicht.
31
Opnieuw beleidsregels Zodra we het overgangsrecht achter ons laten en het defini eve omgevingsplan vormgeven, kunnen in dat omgevingsplan regels komen over het uiterlijk van bouwwerken. Die regels kunnen uitgewerkt worden in beleidsregels. Ar kel 4.19 Omgevingswet bepaalt dat de raad die beleidsregels dient vast te stellen. Anders zou voor de hand hebben gelegen dat het college van burgemeester en wethouders die beleidsregels vaststelt, dat is immers het bevoegde gezag voor de vergunningverlening. In dit opzicht sluit de bevoegdheidsverdeling in het nieuwe stelsel dus nog aan bij die van het oude stelsel. Het omgevingsplan kan ook regels beva en over de plaatsing van bouwwerken, maar als daarbij beleidsregels wenselijk zouden zijn ligt voor de hand dat het college die zelf vaststelt. Een volgend aandachtspunt is dat beleidsregels over het uiterlijk of de plaatsing van bouwwerken geen zogenoemd omgevingsdocument vormen dat we kunnen publiceren via planso ware naar het Omgevingsloket. Daarmee lijkt het nieuwe stelsel op het oude, want daar bleven de algemene welstandsnota en beeldkwaliteitsplannen ook los van de op www.ruimtelijkeplannen.nl gepubliceerde bestemmingsplannen. Aan welstand verwant beleid Het beleid van welstand of uiterlijk van bouwwerken is nauw verwant aan ander beleid voor de fysieke leefomgeving.
Op het moment van toetsing van een aanvraag kunnen verwante beleidskaders achtereenvolgens gebruikt worden om die aanvraag te beoordelen. In het oude stelsel werkte dat zo, en daar gold ook dat de kaders onderling wat overlap vertoonden. Zo kon bijvoorbeeld situering genormeerd zijn in het welstandsbeleid maar ook in het bestemmingsplan. In het nieuwe stelsel nodigt de terminologie van uiterlijk van bouwwerken uit tot minder overlap met stedenbouwkundige uitgangspunten. Of in de prak jk de scope inderdaad smaller wordt dan de gekende welstand is nog maar de vraag. Bovendien is in de prak jk het accent verschoven van de fase van formele aanvraag en toetsing daarvan, naar de voorfase van verkenning en overleg. Ini a efnemer, gemeente, ketenpartners, andere adviseurs en actoren in de omgeving zoeken liefst in overleg wat passend is voor een ini a ef vóordat de formele aanvraag wordt ingediend. Aan deze zogenoemde omgevingstafel hoe een welstandsadviseur zich niet strikt te beperken tot haar of zijn beleidsveld maar kan zij of hij makkelijker meedenken ook vanuit erfgoed, stedenbouwkunde, centrumbeleid.
Beleidsonderwerpen waarmee welstand verwantschap vertoont, zijn de volgende: - erfgoed, monumenten, archeologie; - stedenbouwkundige masterplannen, gebiedsgerichte programma’s; - centrum, detailhandel, horeca, reclame, bedrijventerreinen; - ruimtelijke beoordelingskaders voor kruimelgevallen, zonneparken, scootmobielstallingen; - inrich ng openbare ruimte, uitri en, verlich ng, groenbeheer; - landschap en natuur, hoofdgroenstructuur; - provinciale instruc eregels en regionale / gemeentelijke methodieken over kwaliteitsverbetering of landschappelijke inpassing, tal van landschappelijke inpassingsplannen; - toezicht, handhaving. Het startpunt voor alle uitwerkingen van omgevingskwaliteit is in het huidige stelsel de omgevingsvisie. Het college kan programma’s vaststellen om aan de omgevingsvisie inhoudelijke uitwerking te geven indien de omgevingsvisie beperkt was tot hoofdlijnen.
32
Bijlage 3: Over de adviescommissie in Meierijstad Brede commissie voor Meierijstad De raad van Meierijstad hee gebruik gemaakt van de mogelijkheid om niet alleen welstand en monumentenzorg onder te brengen bij één adviescommissie, maar om voor de breedte van de fysieke leefomgeving een adviescommissie in te stellen. In zijn vergaderingen van 3 november en 15 december 2022 hee de raad daarvoor de Verordening Adviescommissie omgevingskwaliteit Meierijstad vastgesteld en de (plaatsvervangende) commissieleden benoemd. Taak van de commissie De taak van de commissie is opgenomen in de ar kelen 2 en 3 van de Verordening Adviescommissie omgevingskwaliteit Meierijstad. Nu in de overgangsfase naar het nieuwe stelsel de vergunningplicht voor ruimtelijke bouwac viteiten nog onverkort geldt, vindt in die situa es die niet waren aangeduid als welstandsvrij nog standaard een toets aan de welstandscriteria plaats en daarbij adviseert de commissie. Zodra het omgevingsplan zijn bedoelde vorm krijgt, is nadrukkelijker na te gaan in hoeverre de commissie zou adviseren over ini a even. Het college van burgemeester en wethouders moet de commissie om advies blijven vragen voor het aanwijzen van en de ac viteiten over monumenten. Het college moet de commissie ook om advies vragen indien dat zo in het omgevingsplan is voorgeschreven.
Verder behoudt de commissie haar brede adviestaak, maar daar hee het college de keuze om al dan niet advies te vragen of om de commissie al dan niet te vragen in overleg te treden met ini a efnemers. Bij het voltooien van het omgevingsplan speelt dus de vraag of de betrokkenheid van de commissie voorgeschreven moet worden dan wel dat haar rol voldoende invulling krijgt als die op oneel is. Zelfevalua e van de adviescommissie De Adviescommissie omgevingskwaliteit Meierijstad is haar werk begonnen per 2023, dus reeds het jaar voordat de Omgevingswet in werking trad. Haar eerste jaar van werking hee de commissie in 2024, na overleg met de betrokken medewerkers, geëvalueerd. De commissie organiseerde haar werk met drie vaste kamers: de welstandskamer, de combineerde welstands- en monumentenkamer en het supervisieteam Veghels Buiten. De commissie kende bij haar start het maximale aantal van vijf leden. De termijn van de voorzi er eindigde na een jaar, maar de commissie liet hem in 2024 het voorzi erschap nog waarnemen. De commissie omva e verder zes van de maximaal zeven reguliere plaatsvervangende leden, en zes surnumeraire (extra) plaatsvervangende leden voor supervisie bij een ontwikkelgebied. Het secretariaat is ingevuld door een vergunningverlener, met het oog op de welstandsadvisering, en door de medewerker erfgoed, ten behoeve van de plenaire commissie en de monumentenzorg.
De portefeuillehouder monumenten en erfgoed is in 2023 bij de commissie op bezoek geweest. In haar eerste jaar vergaderde de plenaire commissie zeven maal. Een doorsnee vergadering kende de terugkoppeling van een reeks zaken die eerder waren behandeld door de gecombineerde welstands- en monumentenkamer, en één of enkele zaken van advies over ingrijpende ini a even. De afzonderlijke kamers vergaderden in 2023 entallen malen. Een ini a ef is gemiddeld tot tweemaal toe besproken, ini a even in Veghels Buiten gemiddeld driemaal. De adviescommissie gee vanuit haar zelfevalua e als aanbevelingen om de betekenis van (historisch) groen een duidelijker plek te geven in de zorg voor omgevingskwaliteit, en om als gemeente meer te doen aan toezicht en handhaving met betrekking tot monumenten, archeologie en inrich ngsplannen. Binnen de ambtelijke organisa e zijn het bestaan en het werk van de adviescommissie meermaals gecommuniceerd. Vanuit de commissie is er ook een keer deelgenomen aan een interne kwartaaldag over de implementa e van de Omgevingswet. De ambtelijke procesbeheerders van de intaketafel en de omgevingstafel zijn bij de commissie te gast geweest om over de aanpak van het werk te spreken.
Het college hee de commissie, voor wat betre grotere gebiedsontwikkelingen en beleid, met name benaderd voor de Ruimtelijke beleidsregel scootmobielstallingen en het bestemmingsplan Veghels Buiten-
33
Noordoost. Voor het woningbouwontwikkelingsgebied Sint-Oedenrode-Noord bereidt de ambtelijke organisa e voor dat ook daar het college de commissie bij betrekt. Tussen de voorbereiding van de toekomstvisie / omgevingsvisie en het werk van de commissie is nauwelijks verbinding ontstaan. Bevindingen in rela e tot omgevingstafel en adviescommissie De Welstandsnota 2025 is het concrete resultaat van een klein project om de knelpunten in het welstandsbeleid aan te pakken. In de loop van dit project zijn bevindingen genoteerd die hun plek niet vinden in de beleidsregels, maar die wel van nut kunnen zijn bij de doorwerking van het project in de gemeentelijke organisa e en bij een vervolg in het defini eve omgevingsplan. Dat zijn met name bevindingen over het werkproces verkennen en begeleiden van ini a even en over de werkwijze van de Adviescommissie omgevingskwaliteit Meierijstad. Deze opbrengst wordt meegegeven aan de organisa e. We verwachten dat onze dienstverlening daarmee verder verbeterd.
34