Bijlage 1 transformatieplan samen in gezondheid
Tekst van het document
Transformatieplan Samen in Gezondheid concept
‘Samen doen’
10 april 2025
Inhoud 0. SAMENVATTING ........................................................................................................................ 3 1. IZA EN HET REGIOPLAN ............................................................................................................. 6 2. SAMEN IN GEZONDHEID (SIG) .................................................................................................... 9 3. ZORGGEBRUIK EN ARBEIDSTEKORT IN MAAT EN GETAL ..............................................................11 4. DE SAMENWERKWIJZE© ...........................................................................................................14 5. INZETTEN OP INTERVENTIES DIE HET VERSCHIL MAKEN ............................................................17 6. TRANSFORMATIE BEGROTING ...................................................................................................23 7. BEREKENDE IMPACT VAN DE INTERVENTIES ..............................................................................26 8. BUSINESSCASE ........................................................................................................................28 9. KPI’S EN UITBETALING ..............................................................................................................29 10.
RANDVOORWAARDEN VOOR DE INDIENING ............................................................................33 11. RANDVOORWAARDEN VOOR DE UITVOERING .........................................................................35 12. RANDVOORWAARDEN VOOR DE VERDUURZAMING .................................................................38 13. COMMUNICEREN EN LEREN TRANSFORMEREN .......................................................................40 BIJLAGE A. INTERVENTIES SAMEN GEZOND ..................................................................................42 BIJLAGE B. INTERVENTIES VITAAL OUDER .....................................................................................42 BIJLAGE C. INTERVENTIES MENTAAL GEZOND ...............................................................................42 BIJLAGE D. SAMENWERKWIJZE .....................................................................................................42 BIJLAGE E. RANDVOORWAARDEN ................................................................................................42 BIJLAGE F. IMPACTTABELLEN EN IMPACTBEREKENINGEN ..............................................................42 BIJLAGE G. KPI OVERZICHT ..........................................................................................................42 BIJLAGE H.
COMMUNICATIEPLAN .................................................................................................42 BIJLAGE I. VISUALISATIE IMPACTBOMEN .......................................................................................42
Pagina | 2
0. Samenvatting
We investeren in de periode 2024-2027 € 41 mln voor de gezondheid van onze inwoners. Dat doen we samen met inwoners en op basis van een gezamenlijke visie en ambitie binnen SiG. Daarmee realiseren we in de komende jaren een impact op de kosten zorg en welzijn van € 103 mln 1. Faciliteren van gezondheid van inwoners De missie van Samen in Gezondheid is het faciliteren van gezondheid van ongeveer 285.000 inwoners in de regio waarbij inwoners zich verantwoordelijk voelen voor de kwaliteit van hun eigen leven en die van hun medemens en directe leefomgeving
2. Transformatieplan met een positieve businesscase We investeren in de periode 2024-2027 ongeveer € 41 mln voor de gezondheid van onze inwoners (waarvan €22 mln. transformatiemiddelen IZA en €19 mln. SPUK transformatiemiddelen). Daarmee realiseren we tm 2027 een impact op de kosten zorg en welzijn van € 103 mln (waarvan € 43 mln. binnen de ZvW). In de periode t/m 2027 verlagen we door de transformatie het arbeidstekort met 587 fte waarvan 256 fte binnen de ZvW.
3. Transformatie als antwoord op prioritaire opgaven Demografische, technologische en maatschappelijke ontwikkelingen zullen in de komende jaren bij ongewijzigd beleid leiden tot een verdere stijging van het aantal hulp- en zorgvragen door inwoners. Krapte op de arbeidsmarkt nu en in de toekomst resulteert in een oplopende spanning tussen vraag en aanbod. In de arbeidsmarktprognose zorg en welzijn wordt het oplopende arbeidstekort in zorg en welzijn in de SiG regio ingeschat op 1.500 fte in 2030 bij ongewijzigd beleid (hoofdstuk 1-3). Dat is niet houdbaar! Dit vraagt om een fundamentele transformatie waarbij naast focus op zorg óók aandacht voor gezondheid, zelfzorg en samenzorg is. Het realiseren van gezonde gemeenschappen moet bijdragen aan oplossingen voor de grote uitdagingen in de regio. Dit vraagt van de organisaties, de professionals en de Pagina | 3
inwoners dat zij hier gezamenlijk de schouders onder zetten.
4. IZA als kans Het Integraal Zorgakkoord (hierna: ‘IZA’) biedt de regio de mogelijkheid om de transformatie naar toekomstbestendige zorg in te zetten. Coalitiepartners binnen SiG werken de visie en ambitie uit in dit integraal transformatieplan voor zorg en welzijn.
5. Inwoner startpunt bij alles wat we doen We ontwikkelen mensgericht. Samen met en vanuit het perspectief van inwoners. Met inwoners werken we aan gezonde gemeenschappen. Dit maakt dat inwoners in staat zijn om veel ondersteuningsvragen zelf op te lossen én te voorkomen dat dit onnodige zorgvragen worden. Tegelijkertijd werken we met elkaar aan passende zorg zodat we zeker weten dat wanneer er een zorgvraag ontstaat er ook daadwerkelijk een passend antwoord is. Door samen in te zetten op gezonde gemeenschappen creëren we een stevig gezondheidszorgsysteem dat de uitdagingen van de toekomst aan kan. In dit transformatieplan is de inwoner bij alles wat we doen het startpunt. Dat is geen loze kreet. We geven dat inhoud door de Samenwerkwijze in de gehele SiG regio als gezamenlijke werkwijze in te zetten (hoofdstuk 4). De essentie van de Samenwerkwijze is blijven luisteren naar de vraag van de inwoner. Het doel is duurzame oplossingen voor de inwoner. Het is een praktische werkwijze waarbij inwoners samen met hun eigen netwerk en met beroepskrachten oplossingen vinden voor hulpvragen (hoofdstuk 4 en bijlage D). De integraliteit waarbij organisaties, professionals en inwoners samen optrekken wordt hiermee vorm gegeven. Dat op zichzelf is een cultuurverandering passend bij de prioritaire opgaven. Met de Samenwerkwijze als gezamenlijke taal in de regio zetten we in op: 1.
(Positieve) Gezondheid;
2. Zelfzorg en samenzorg: de mate waarin inwoners in staat zijn zelf antwoorden te vinden op hun eigen hulp- en zorgvragen, alleen of samen met anderen; 3. Passende zorg en ondersteuning wanneer dat nodig is.
6. Vier beleidsuitgangspunten en drie inhoudelijke lijnen We doen dat vanuit een viertal SiG beleidsuitgangspunten: 1. Gezondheid als beleid bij alle belangrijke beleidsbeslissingen (health in all policies). 2. Persoonsgerichte zorg/hulp passend bij de vraag van de inwoner. 3. De sociale basis als hoofdveld. 4. Passende zorg in één keer goed. We passen dit beleid toe op drie inhoudelijke lijnen: Samen Gezond, Vitaal Ouder en Mentaal Gezond. Voor de periode 20252027 gebruiken we de IZA- en SPUK transformatiemiddelen om binnen deze lijnen te innoveren en op een aantal interventies te verbreden en te versnellen (hoofdstuk 5). Daarbij zetten we in op een cultuur van anders denken en anders doen, werkend vanuit de vraag én kracht van de inwoner en de gemeenschap .
7. Impact, begroting en businesscase De interventies zijn gekozen omdat we daar samen meer impact maken dan alleen. In de bijlagen A-C is per lijn en per interventie uitgewerkt waarom gekozen is voor een interventie, wat de verwachte impact is, welke mensen en middelen we daarvoor inzetten in de komende periode en wat dan de businesscase is. In hoofdstuk 6-9 (en bijlage F-H) is het integrale resultaat weergegeven (totale begroting, impact en businesscase) waarvan de uitkomsten hiervoor in paragraaf 2 zijn samengevat.
8. Randvoorwaarden Realisatie van het transformatieplan stelt eisen aan de SiG coalitie en heeft gevolgen Pagina | 4
voor individuele coalitiepartners. De coalitiepartners onderkennen vier randvoorwaarden die van belang zijn voor een duurzame samenwerking: inwonerparticipatie, governance, financiering, en monitoring & data. Met de coalitiepartijen is bepaald hoe deze randvoorwaarden bij indiening van het plan, bij de uitvoering van het plan en voor de langere termijn ingevuld (gaan) worden (hoofdstuk 10-12 en bijlage E).
9. Communicatie Communicatie is cruciaal bij transformeren. De veranderingen die plaats vinden, vragen veel van alle betrokkenen. In hoofdstuk 13 wordt ingegaan op de korte termijn
communicatie (informeren, involveren en draagvlak). Voor de uitvoering ligt er een communicatieplan op hoofdlijnen (bijlage I). Transformeren is meer dan alleen het implementeren van een aantal belangrijke interventies. Het is een lerend proces dat niet stopt na 2027. Dat we met elkaar moeten vormgeven zodat we naar de toekomst toe een duurzaam gezondheidszorgsysteem organiseren. Waarbinnen gezonde gemeenschappen zich kunnen ontwikkelen én de zorg toegankelijk en betaalbaar blijft. De transformatie binnen SiG zal zich samen met inwoners in de komende jaren voltrekken langs de lijnen van dit lerend systeem.
Pagina | 5
1. IZA en het Regioplan
Zes prioritaire opgaven in de regio Noordoost Brabant en daarmee ook in de subregio Samen in Gezondheid 1.1 Aanleiding: regiobeelden en regioplannen IZA-partijen hebben afgesproken de samenwerking in de regio te bevorderen. Dit begint met het in kaart brengen van de feitelijke situatie in het “regiobeeld”. Op basis van dit regiobeeld zijn door de regionale zorgpartijen “regioplannen” opgesteld. Deze plannen maken inzichtelijk wat de prioritaire regioopgaven zijn. Daarnaast bevatten de regioplannen afspraken over hoe partijen deze regio-opgaven aanpakken en wie daarbij betrokken zijn. De daadwerkelijke transformaties werken betrokken partijen (zorgorganisaties, sociaal werk, gemeenten en zorgverzekeraars) samen uit. Het regiobeeld en regioplan staan daarvoor aan de basis.
1.2 Regiobeeld Noordoost Brabant Uit het regiobeeld Noordoost Brabant (hierna: ‘RNOBB’) van 2023 komen
verschillende knelpunten naar voren. Deze knelpunten vinden hun oorsprong in de demografische opbouw van de regio en de beschikbaarheid en organisatie van hulp en zorg wanneer inwoners in de regio deze nodig hebben. Binnen de regio Oss-Maashorst-Meierijstad, Bernheze en Boekel (hierna: ‘SIG-regio’) wonen meer kwetsbare inwoners ten opzichte van het landelijk gemiddelde. De populatie in de regio is ouder vergeleken met het landelijk gemiddelde. De vergijzing heeft daarmee in de periode tot 2040 naar verwachting meer impact op de hulp en zorgvraag van inwoners dan landelijk. De doorstroom binnen de zorgketen in de regio blijkt een belangrijk knelpunt in het regiobeeld. Deze is niet goed georganiseerd, wat leidt tot inefficiënties waarbij patiënten vaak langer in ziekenhuizen verblijven dan medisch noodzakelijk is, omdat er geen Pagina | 6
beschikbaarheid is in de vervolgzorg (zoals thuiszorg of verpleeghuisplaatsen).
gezamenlijke als een individuele verantwoordelijkheid.
Daarnaast wijst het regiobeeld op een verwachte grotere krapte op de arbeidsmarkt in de zorgsector dan landelijk het geval is. Het huidige personeelstekort in de zorgsector neemt naar verwachting alleen maar toe, doordat veel zorgprofessionals met pensioen gaan en de instroom van nieuwe medewerkers onvoldoende is om de groeiende vraag bij te houden. Dit tekort is het meest acuut in de verpleging en verzorging, maar ook in de geestelijke gezondheidszorg (GGZ), worden aanzienlijke tekorten verwacht.
1.3.2 Veranderde zorgvraag De zorgvraag van ouderen en mensen met een stapeling van problemen neemt toe én verandert. Het ouder worden gaat vaak gepaard met chronische ziekten en ouderdom gerelateerde aandoeningen, waardoor de vraag naar zorg complexer wordt. Daarnaast is er een zorgwekkende toename van mentale problemen bij jongeren, de doelgroep van 18 tot 30 jaar. Dit leidt tot een hogere zorgvraag en een verergerend personeelstekort. Dat zien we nu al terug in de wachttijden voor de GGZ. De focus ligt op het ‘terugdringen’ van deze groeiende en veranderende zorgvraag, zodat benodigde zorg en ondersteuning toegankelijk blijft.
De combinatie van een toenemende zorgvraag en een afnemend zorgaanbod zet de betaalbaarheid en toegankelijkheid van de zorg in de regio onder grote druk. Hoewel de kosten per verzekerde in veel gemeenten in Noordoost Brabant lager liggen dan het landelijk gemiddelde, maken de verdere vergrijzing en de groeiende zorgvraag het een uitdaging om de zorg in de toekomst betaalbaar en toegankelijk te houden. 1.3 Regioplan met zes prioritaire opgaven Naar aanleiding van de knelpunten die uit het regiobeeld naar voren komen, zijn in het regioplan zes prioritaire opgaven geformuleerd. Deze opgaven richten zich op het toegankelijk en betaalbaar houden van de zorg, met bijzondere aandacht voor de kwetsbare groepen in de samenleving en het optimaliseren van de doorstroom in de zorgketen. Samen zijn we verantwoordelijk om ervoor te zorgen dat iedereen die zorg nodig heeft, hierop kan blijven rekenen. Ongeacht de toenemende uitdagingen in de zorgsector. De zes prioritaire opgaven voor de regio zijn: 1.3.1 Cultuurverandering De analyse uit het regiobeeld maakt duidelijk dat we niet op dezelfde manier kunnen doorgaan. In de komende jaren moeten inwoners en zorgorganisaties - samen met het sociaal domein - zich bezinnen hoe het anders kan en anders moet. Dat is zowel een
1.3.3 Verminderen krapte op arbeidsmarkt De zorg- en welzijnssector kampt met personeelstekorten. Deze nemen naar verwachting verder toe, waardoor de druk op de zorg vergroot. Dit betekent dat de zorg zoals inwoners die de afgelopen decennia gewend waren, niet meer vanzelfsprekend is. Natuurlijk leiden we nieuwe mensen op en doen we er alles aan om medewerkers enthousiast te houden en te behouden voor hun vak. We moeten echter ook in de samenwerking tussen zorgorganisaties en tussen zorg en welzijn zoeken naar innovatieve werkwijzen en inzetten op passende zorg en hulpverlening. 1.3.4 Verbeteren van doorstroom in de keten De wachttijden voor vervolgzorg in de thuiszorg, tijdelijk verblijf of Wlz-opname nemen toe, waardoor ziekenhuisbedden te lang bezet blijven zonder medische noodzaak. Ook de wachttijden in de GGZ lopen op. We zetten in op het terugdringen van wachttijden tot onder de treek- of wachttijdnorm, zodat inwoners sneller de juiste vervolgzorg krijgen. 1.3.5 Gezondheidsverschillen Inwoners met een lage Sociaal Economische Status (SES) hebben aantoonbaar vaker een slechtere fysieke en mentale gezondheid en Pagina | 7
een lagere levensverwachting (gemiddeld 7 jaar korter). De impact van gezondheidsverschillen op de samenleving is groot. In lijn met het regioplan richt de inzet zich op maatregelen die bijdragen aan het verkleinen van de zorgkloof. 1.3.6 Meten en monitoren van impact Het is van belang dat we de afspraken en inzet op de regionale overleggen op een objectieve en transparante manier monitoren. Door de impact van de inspanningen te meten, kunnen we beter bijsturen op de gestelde doelen.
1.4 SiG netwerkpartners staan samen voor de prioritaire opgaven In dit transformatieplan formuleren we oplossingen voor de prioritaire opgaven zodat inwoners in de SiG-regio nu en in de toekomst passende zorg kunnen krijgen wanneer dat echt nodig is. Daarvoor werken we in de regio samen met de inwoner en zijn omgeving in netwerken die de grenzen slechten tussen zorg en welzijn, als ware we één team.
Pagina | 8
2. Samen in Gezondheid (SiG)
Zorg, sociaal werk, gemeenten en zorgverzekeraars werken samen met inwoners aan gezonde gemeenschappen en daarmee een gezonde regio 2.1 Samen in Gezondheid Om de zorg in de toekomst toegankelijk en betaalbaar te houden voor inwoners in de SiG-regio is regionale samenwerking tussen de verschillende domeinen nodig. Binnen SiG geven zorg- en welzijnspartijen, gemeenten en zorgverzekeraars samen vorm aan deze samenwerking en werken zij samen aan de transformatie gericht op gezonde gemeenschappen.
2.2 Netwerkpartners binnen SiG Binnen SiG werken de volgende partijen samen: HUMO (huisartsen), Bernhoven, VVTorganisaties (BrabantZorg, Laverhof, Pantein, Interzorg en Breederzorg), GGZ Oost-Brabant, GGD Hart voor Brabant, BrabantFarma, Lentl, Sociaal Werk Meierijstad, Ons Welzijn, gemeenten (Oss-MaashorstMeierijstad-Bernheze en Boekel) en zorgverzekeraars VGZ en CZ. SiG zet zich in voor alle ongeveer 285.000 inwoners in deze gemeenten.
De verschillende zorgpartijen die deelnemen binnen Samen in Zorg (Hierna: ‘SiZ’) werken al meer dan 10 jaar nauw samen aan een gezamenlijke ambitie: ‘toegankelijke, kwalitatief hoogwaardige, integrale en betaalbare zorg en ondersteuning, die bijdraagt aan de kwaliteit van leven van bewoners in Oss, Maashorst, Meierijstad, Bernheze en Boekel’. Begin 2023 is de bestuurlijke netwerksamenwerking van SiZ uitgebreid met welzijnspartijen, gemeenten, GGD en zorgverzekeraars tot Samen in Gezondheid (SiG). SiG is hét samenwerkingsverband om de gezamenlijke ambitie te verwezenlijken, als netwerk te innoveren en daarmee samen impactvolle transformaties -zoals in het Integraal Zorg Akkoord bedoeld- te realiseren.
2.3 Missie SiG De missie van SiG is het faciliteren van gezondheid van inwoners in de regio waarbij ze zich verantwoordelijk voelen voor de kwaliteit van hun eigen leven en die van hun Pagina | 9
medemens en directe leefomgeving. SiG zet zich in voor zelfredzaamheid en preventie. Een belangrijk aandachtspunt hierbij is dat inwoners er voor elkaar zijn en naar elkaar om kijken. De solidariteit en ‘het samen zorgen met elkaar’ is nog onderdeel van het DNA van deze regio. Op veel plekken is er een sterke gemeenschapszin. Als SiG ondersteunen en omarmen we deze kracht en zetten die in om de noodzakelijke transitie tot stand te brengen. Inwoners kunnen met partijen vanuit het sociaal domein en de zorg, de hulpverlening en zorg anders organiseren. Daar waar ondersteuning of zorg nodig is, is deze goed op elkaar afgestemd (met korte lijnen tussen het formele en informele netwerk). Ondersteuning en zorg is toegankelijk en wordt efficiënt en volgens de kwaliteitsnormen geleverd.
2.4 Ambitie SiG De ambitie van SiG is om met dezelfde omvang van personeel te kunnen voldoen aan de groeiende zorgvraag. De juiste zorg en ondersteuning, op de juiste plaats, door de juiste persoon op het juiste moment is daarbij het uitgangspunt.
Eigen regie en zelfredzaamheid van de inwoner, wanneer mogelijk met ondersteuning van het eigen netwerk en de juiste ondersteuning vanuit mantelzorg is een belangrijke voorwaarde. Gezond leven en preventie is de basis van onze aanpak.
2.5 Samenwerkwijze als leidend principe in de SiG-regio In alles wat we doen staat de behoefte van de inwoner centraal. Dit realiseren we door de Samenwerkwijze als leidend principe te implementeren in de gehele regio.
2.6 Transformatie-aanvraag IZA Transformatieplan In lijn met de ambitie van SiG en de doelstellingen van het IZA stelt SiG dit transformatieplan op dat in de hoofdstukken hierna wordt uitgewerkt. Snelle toets Voorafgaande aan dit transformatieplan is op 21-03-2024 de snelle toets goedgekeurd. In dit transformatieplan worden de contouren van de transformatie zoals opgenomen in de snelle toets verder uitgewerkt.
Pagina | 10
3. Zorggebruik en arbeidstekort in maat en getal
Het transformatieplan formuleert een antwoord op de stijgende vraag naar zorg en ondersteuning in de regio en dempt ook het arbeidstekort De analyse van het regiobeeld toont dat in de periode tot 2030 de zorgvraag in alle sectoren stijgt. De grootste groei verwachten we in de VVT (bijna een verdubbeling van het aantal clienten/patiënten). Maar ook het aantal consulten bij huisartsen, het aantal Diagnose Behandel Combinaties (DBC’s) in ziekenhuizen, het aantal contacten in de basis en specialistische GGZ (met en zonder verblijf) en in de gehandicaptenzorg stijgt in de periode tot 2030 met percentages tussen de 5 en 20% op basis van de cijfers in het regioplan. In de periode tot 2030 verwachten we in het sociaal domein een stijging binnen de jeugdzorg van 3-5%. Voor arrangementen Wmo wordt geen prognose afgegeven. Wel zullen we zien dat een deel van de maatregelen die we nemen in de eerste- en tweedelijnsgezondheidszorg om zorg te voorkomen, vraagt om extra inzet binnen het sociaal domein. Dat is de kern van onze integrale aanpak.
3.2 Personele inzet stijgt mee De verwachte groei van de zorgvraag in de komende jaren heeft ook gevolgen voor de inzet van personeel. In 2024 was er in de subregio een tekort aan medewerkers in zorg en welzijn van 739 fte (op basis van de arbeidsmarktprognose Zorg en Welzijn). Wanneer we geen maatregelen nemen, stijgt dit tekort tot 1.093 fte in 2027 en verder door naar 1.542 fte in 2029 (figuur boven). Wet/Domein
• • •
Gemeente/sociaal domein Wlz Zvw
Aantal fte
3.1 Stijging van de zorgvraag en hulpvraag
Figuur 1 Personele tekorten in zorg en welzijn 2024/27
Pagina | 11
Uitgesplitst naar sector ontstaat tm 2027 een tekort in de langdurige zorg van 543 fte, binnen de zorgverzekeringswet van 451 fte en binnen gemeenten is dit 99 fte (figuur 1).
van medewerkers in de zorg verminderen. Maatregelen die we opnemen in het transformatieplan beoordelen we dan ook op de impact op het aantal:
3.3 Transformatie gericht op dempen van zorg- en hulpgebruik en afremmen van de groeiende inzet van personeel
Driver Ondersteunings- en begeleidingsuren individueel en collectief Consulten Verblijfs- en verpleegdagen Behandelingen
De transformatie in de SiG-regio moet een antwoord geven op de stijgende zorg- en hulpvraag en de personele tekorten die daardoor ontstaan. Dat betekent dat de transformatie moet leiden tot een vermindering van die oorzaken (drivers) die van invloed zijn op de zorg- en hulpvraag (prioritaire opgave veranderende zorgvraag en tekorten op de arbeidsmarkt).
En daarmee indirect op de demping van het aantal fte arbeidstekort.
3.5 Drie lijnen waarlangs we de transformatie vormgeven De transformatie geven we vorm langs drie inhoudelijke lijnen. Daarbij zetten we in op een cultuur van anders denken en anders doen, werkend vanuit de vraag én kracht van de inwoner, door het concept van de Samenwerkwijze©. Dit concept, dat zich bewijst in de wijk Ruwaard, breiden we uit naar de gehele regio (prioritaire opgave cultuurverandering). Zie ook hoofdstuk 4. Met de ‘©’ achter Samenwerkwijze© bedoelen we dat er achter het begrip samenwerkwijze een uitgewerkte en bewezen methodiek zit die uniform in de SiG-regio wordt gehanteerd en/of doorontwikkeld via het Leerhuis. Hierna gebruiken we de term zonder ‘©’.
Figuur 2. Transformatie piramide SiG
Lijn A Samen Gezond
Binnen SiG vertalen we dat naar inzet op: 1. (Positieve) Gezondheid; 2. Zelfzorg en samenzorg: de mate waarin inwoners in staat zijn zelf antwoorden te vinden op hun eigen hulp- en zorgvragen, alleen of samen met anderen; 3. Passende zorg en ondersteuning wanneer dat nodig is.
We zetten in op Gezondheid van alle inwoners met extra aandacht voor die groepen waar de gezondheid achterblijft (paragraaf 5.1 en 5.2).
3.4 Impact bepalen van de maatregelen
Specifiek kijken we voor de transformatie naar die groepen waar de inzet van hulp en zorg groot is en in de komende jaren verder zal stijgen zonder extra maatregelen (prioritaire opgave gezondheidsverschillen).
Alle maatregelen bij elkaar moeten er uiteindelijk toe leiden dat het zorggebruik en de drivers die verantwoordelijk zijn voor de inzet
Lijn B Vitaal oud worden We zetten in op inwoners die zoveel als mogelijk zelf de verantwoordelijkheid nemen Pagina | 12
om vitaal oud te worden (paragraaf 5.3). Wanneer er in de loop van de jaren toch een hulpvraag ontstaat, creëren we samen een omgeving waarin inwoners, wanneer mogelijk, zelf hun vraag kunnen oplossen. Of we onderzoeken samen met de inwoner waar passende hulp of zorg voorhanden is. We gebruiken slimme oplossingen en digitale technieken waarmee inwoners zo lang als wenselijk in de eigen omgeving kunnen blijven wonen of zelfstandig kunnen blijven functioneren (prioritaire opgave cultuurverandering, veranderende zorgvraag en tekorten op de arbeidsmarkt en gezondheidsverschillen).
Lijn C Mentaal Gezond We zetten in op mentale gezondheid. Dat start al bij jongeren (paragraaf 5.4). We werken samen in het mentale gezondheidsnetwerk om inwoners die dat nodig hebben van passende hulp en zorg te voorzien. (prioritaire opgave cultuurverandering, veranderende zorgvraag en tekorten op de arbeidsmarkt en gezondheidsverschillen). In de hoofdstukken hierna werken we de Samenwerkwijze en de voornoemde drie lijnen uit. Ook berekenen we de impact die de transformatie heeft op het zorggebruik en de inzet van medewerkers binnen de lijnen (Bijlage A-D).
Pagina | 13
4. De Samenwerkwijze©
‘Wat wil ik? Wat kan ik? Wat heb ik nodig?’ De antwoorden op deze vragen geven richting aan onze innovatie en ons hulp- en zorgaanbod 4.1 Essentie Samenwerkwijze De essentie van de Samenwerkwijze is blijven luisteren naar de vraag van de inwoner. Het is een praktische werkwijze waarbij inwoners samen met het eigen netwerk en met beroepskrachten oplossingen vinden voor hulpvragen. Oplossingsgerichte benadering De wens en behoefte van de inwoner staan centraal. Samen worden kleine, haalbare stappen gezet. Beroepskrachten stellen open vragen, stimuleren zelfregie en laten zoveel mogelijk beslissingen bij de inwoner. Verschillende expertises werken samen om duurzame oplossingen te vinden. Hierbij zijn de sociale wijkteams een belangrijke spil om de behoeften van de inwoner te vertalen naar een passende oplossing. Integrale, krachtgerichte benadering De inwoner wordt als geheel gezien, waarbij niet alleen de hulpvraag, maar ook alle leefgebieden en mogelijkheden van de inwoner in het gesprek worden meegenomen. Het
versterken van de eigen kracht draagt bij aan de regie van de inwoner. Werken vanuit de bedoeling Het doel is duurzame oplossingen voor de inwoner. Daarvoor hebben beroepskrachten handelingsruimte nodig en dienen organisaties gezamenlijk verantwoordelijkheid te dragen, zelfs als dit buiten bestaand aanbod valt. Werken in de natuurlijke omgeving van de inwoner Het Samenwerkoverleg vindt plaats in de directe omgeving van de inwoner, vaak thuis, wat de eigen regie bevordert. Kijken naar maatschappelijk rendement Het gaat om het welbevinden van de inwoner en de maatschappelijke kosten voor en na de oplossing. Er wordt een gedegen afweging gemaakt voor de meest passende oplossing, rekening houdend met maatschappelijke kosten en wet- en regelgeving.
Pagina | 14
4.2 Werkwijze op website Leerhuis De Samenwerkwijze omvat werken vanuit de juiste grondhouding, vijf principes, vijf stappen, gebiedsgericht samenwerken en actie leren. Deze werkwijze is terug te vinden op de website van het Leerhuis.
4.3 We implementeren de Samenwerkwijze in de hele SiG-regio Het Leerhuis zetten we in de komende jaren in om de Samenwerkwijze in de gehele SiGregio gebiedsgericht te implementeren. Daarvoor gaan we drie dingen doen: 1. We vullen de rollen in die horen bij de Samenwerkwijze. 2. We leiden mensen op die werkzaam zijn binnen zorg-, welzijnsorganisaties en gemeenten in de SiG-regio. 3. We introduceren/communiceren de Samenwerkwijze bij/met inwoners. 1. Invullen rollen Voor een succesvolle implementatie is het essentieel dat iedere organisatie en/of werkgebied de volgende rollen invult. Dit zijn geen nieuwe functies, maar rollen en taken die (tijdelijk) worden opgenomen binnen bestaande functies: • • • • •
Ambassadeur per organisatie Casusregisseur Deelnemers samenwerkoverleg Gebiedsaanjager Kwartiermaker
2. Opleiden binnen organisaties We leiden professionals op in de methodiek van de Samenwerkwijze binnen alle zorg-, welzijnsorganisaties en gemeenten die werkzaam zijn binnen de SiG-regio. 3. Communiceren We zetten onze gezamenlijke communicatiekanalen in om inwoners te informeren over de Samenwerkwijze. We zoeken hier steeds naar de verbinding met gelijke initiatieven in
de regio Noord Oost Brabant en Bommelerwaard (RNOBB).
4.4 Samenwerkoverleg Het Samenwerkoverleg is een essentieel onderdeel van de werkwijze en richt zich op het efficiënt en effectief aanpakken van (complexe) hulpvragen. Het overleg brengt professionals vanuit verschillende disciplines en organisaties samen om met de inwoner oplossingen te zoeken die aansluiten bij de behoeften van de inwoner. De focus ligt hierbij op samenwerking en maatwerk. Hierbij maken we gebruik van praktische tools zoals het Leefstijlnetwerk, de Sociale kaart en Wijzer GGZ, die professionals en inwoners helpen bij het vinden van passende hulp, zorg of ondersteuning. Het Samenwerkoverleg heeft als doel: 1. Integraal kijken naar de hulpvraag: vragen van inwoners dat iedere organisatie en/of werkgebied de volgende rollen invult. 2. Efficiëntie verhogen: door directe afstemming tussen professionals voorkomen we onnodige doorverwijzingen en wachttijden. 3. Maatwerk bieden: we creëren een oplossing die past bij de situatie van de inwoner. 4. Kennis en inzichten delen: professionals leren van elkaars expertise en ervaringen, wat bijdraagt aan betere resultaten voor de inwoner. Het uiteindelijke doel is dat we voor iedere inwoner met een hulpvraag werken vanuit een brede vraagverheldering, waarin alle levensdomeinen in ogenschouw genomen worden (de basis van de Samenwerkwijze). Waar nodig plannen we een samenwerkoverleg om tot een oplossing te komen.
Interventies gekoppeld aan het samenwerkoverleg Op de korte termijn zijn er in ieder geval drie concreet omschreven interventies die geschikt zijn (voor een specialisme) van het Pagina | 15
samenwerkoverleg (en waarvoor een bekostigingstitel voorligt). Deze implementeren we in de komende periode in de volle breedte en schalen we op. Dit zijn: • Welzijn op Recept • Sociaal arrangeren • Verkennend Gesprek Met deze interventies voeren we in feite een brede vraagverheldering uit waarin de primaire specialistische blik wordt aangevuld met een bredere maatschappelijke blik, afgestemd op de vraag van de inwoner.
Naar één interventie Samenwerkwijze De titels ‘Welzijn op recept, Sociaal arrangeren en Verkennend gesprek’ delen de vragen van inwoners in categorieën.
Het kan voorkomen dat uit de vraagverheldering blijkt dat er vraagstukken in het leven van de betreffende inwoner zijn, die de aanwezigen niet kunnen beantwoorden. Dan organiseren we als vervolgstap een multidisciplinair samenwerkoverleg met de noodzakelijke expertise. Deze noodzakelijke expertise kan liggen op allerlei gebieden en is afhankelijk van de specifieke situatie van de inwoner. Denk aan o.a. informele hulp, wonen, welzijns-, werk-, inkomens- en participatieondersteuning, ggz-, ouderen-, jeugd- en/of verslavingszorg en de noodzakelijke medische zorg.
Figuur 3 Ontwikkeling in de tijd naar een integrale inzet van de Samenwerkwijze
Individuele titel/aanpak • Verkennend gesprek • Welzijn op recept • Sociaal arrangeren Integrale titel/aanpak • Samenwerkwijze
Nu
toegroei naar Samenwerkwijze als integrale aanpak Wij hebben nodig
Ik heb nodig
In onze visie is dat in de toekomst onnodig wanneer de Samenwerkwijze in de SiG regio is ingebed. De aanpak van de Samenwerkwijze wordt dan ingezet om de vraag van inwoners te verhelderen ongeacht de aanleiding of herkomst. Het samenwerkoverleg en wanneer nodig het multidisciplinaire samenwerkingsoverleg wordt ingezet om tot passende hulp of zorg te komen. Gebiedsgericht verschuift de vraag ook meer van ‘Ik heb nodig’ naar ‘Wij hebben nodig’.
Pagina | 16
5. Inzetten op interventies die het verschil maken
Transformeren vanuit duidelijke beleidsuitgangspunten langs drie inhoudelijke lijnen met daarbinnen interventies die het verschil maken en met de samenwerkwijze als gezamenlijke taal 5.1 Gezondheid als fundament Met de Samenwerkwijze als basis en gezamenlijke taal bouwen inwoners, samen met partners binnen SiG aan een systeem waarin gezondheid het fundament is en een gezonde leefomgeving de norm. Het is vanzelfsprekend dat bij een duidelijke zorgvraag, passende zorg wordt gerealiseerd. We denken echter dat veel vragen die in zorg terechtkomen, niet altijd zorg als de beste oplossing kennen. We zetten daarom stevig in op het begeleiden van inwoners bij het zelf (of samen) vinden van de juiste ondersteuning. Dit betekent dat we bij een hulpvraag niet uitsluitend vanuit een biomedisch model naar deze vraag kijken. Samen met de inwoner verhelderen we wat de vraag exact is en welk aanbod hier het meest passend voor kan zijn, vanuit een holistische en multidisciplinaire zienswijze. We geloven dat we op deze manier de meeste impact maken op de gezondheid van onze inwoners en
daarmee op de uitdagingen waar we in de zorg voor staan. Vier SiG beleidsuitgangspunten We doen dat vanuit een viertal SiG beleidsuitgangspunten: 1. Gezondheid als beleid bij alle belangrijke beleidsbeslissingen (health in all policies) 2. Persoonsgerichte zorg/hulp passend bij de vraag van de inwoner 3. De sociale basis als hoofdveld 4. Passende zorg in één keer goed Dit betekent dat de inwoners in de SiG-regio: • Goed voor zichzelf kunnen zorgen, in een leefomgeving die oog heeft voor wat er nodig is voor haar inwoners om gezond te leven. • Leven in een regio die de behoefte van de inwoner centraal stelt. • Voor- en met elkaar zorgen. Dit vraagt om een sterkte sociale basis met voldoende plekken voor ontmoeting, korte lijnen Pagina | 17
tussen inwoners en professionals en bovenal inzicht in wat er op persoonsniveau kan bijdragen aan welbevinden en gezondheid. • Passende zorg/hulp ontvangen wanneer dat nodig is. Vanzelfsprekend is er in de regio een breed aanbod voor hulp en zorg wanneer dat nodig is. Verregaande samenwerking binnen netwerken en innovatieve oplossingen waaronder digitale toepassingen kunnen verder bijdragen aan passende zorg. De juiste zorg op de juiste plek door de juiste medewerker.
5.2 Samen Gezond Inwoners moeten niet alleen de mogelijkheid hebben om mee te kunnen doen, maar zich ook onderdeel voelen van de maatschappij. De lijn “Samen Gezond” richt zich op het creeren van een veerkrachtige, participerende en gezonde regio waarin inwoners de makers en bewakers zijn van hun eigen gezondheid en welzijn, van de gemeenschap waar ze deel van uitmaken en van de omgeving waarin ze leven en werken. Inwoners blijven samen zo lang mogelijk aan de vitale kant van de samenleving en worden daarin ondersteund als ze dat op eigen kracht minder goed kunnen. Deze aanpak richt zich op: 1. De gezonde keuze als vanzelfsprekende keuze. 2. Bevorderen van gezondheid en zelfzorg/hulp 3. Stimuleren van samenzorg/hulp (sociale cohesie en omkijken naar elkaar); Om deze doelen te realiseren, versterken we de sociale basis op structurele wijze. Hierdoor is het 'hoofdveld' zo ingericht dat een sterke sociale basis het antwoord gaat zijn op meer hulpvragen dan dat nu het geval is. Het doel is om met elkaar te werken aan een samenleving waarin gezondheid,
zelfredzaamheid, preventie en het omzien naar elkaar centraal staan. Dat maakt dat minder snel een beroep wordt gedaan op zorg. Dat leidt op de lange termijn tot een duurzaam model met minder zorggebruik en structurele besparingen. Om deze doelen te bereiken, richten we ons op de volgende interventies (die verder zijn uitgewerkt in bijlage A): A1 Sociale (wijk)teams vormen de kern van de aanpak om hulpvragen dichtbij en efficient op te lossen. Deze teams, samengesteld uit professionals vanuit welzijn, ondersteuning, participatie en zorg, zorgen ervoor dat inwoners sneller en vanuit eigen regie geholpen worden. Door te werken vanuit het sociale domein in plaats van direct vanuit specialistische zorg, ontstaat er een beweging van zorg naar welzijn naar gezondheid. Aan de sociale wijkteams koppelen we de ondersteuning van inwonerinitiatieven, onder de noemer ‘samen doen’, die bijdragen aan gezonde leefgemeenschappen. Binnen samen doen geven we de ruimte aan vijf burgerinitiatieven binnen de gemeenten waarin collectieven van inwoners zelf initiëren en bijdragen aan een gezonde leefomgeving. A2. Welzijn op Recept organiseert de samenwerking tussen huisartsen en sociaal werkers om psychosociale klachten effectief aan te pakken. In plaats van een verwijzing naar de eerste of tweede lijn verwijst de huisarts patiënten door naar een sociaal werker.
Door een nauwe samenwerking tussen huisarts en sociaal werker worden welzijnsvragen sneller herkend en effectief beantwoord. Op een manier die zo licht, informeel en collectief mogelijk is en alleen integraal waar nodig. A3. Leefstijlnetwerk verbindt inwoners met passend aanbod om gezonder te leven, via een laagdrempelig leefstijlnetwerk in de wijk of dorpskern. Dit voorkomt (verergering van) leefstijl gerelateerde aandoeningen zoals diabetes mellitus, hart- en vaatziekten, Pagina | 18
chronische obstructieve longziekte (COPD) en artrose. Door positieve gezondheid en eigen regie te stimuleren, verschuift de focus van zorg naar gezondheid. Het netwerk bundelt bestaande initiatieven en creëert nieuw aanbod op basis van vraag, zoals beweeggroepen. Door samenwerking tussen zorg, welzijn en gemeenten wordt ondersteuning toegankelijker, vermindert de zorgvraag en verbeteren inwoners hun kwaliteit van leven. Informele en formele steun- en trefpunten vormen een essentiële randvoorwaarde voor een effectieve en efficiënte uitvoering van de interventies binnen Samen Gezond (en de andere lijnen), en daarmee het versterken van de sociale basis. Huizen van de wijk (naar analogie van De Haard in Ruwaard), verenigingen, scholen, huisartsen en andere voorzieningen spelen hierbij een centrale rol. Deze fysieke en organisatorische ontmoetingsplekken bieden laagdrempelige toegang tot ondersteuning, activiteiten en verbinding voor inwoners. Ook digitale ondersteuning is een belangrijke randvoorwaarde. Online platforms, zoals een app of website vergelijkbaar met “Mijn Buurtje”, bieden inwoners inzicht in de sociale kaart. Deze digitale tools maken het aanbod van voorzieningen, activiteiten en aanspreekpunten binnen de gemeenschap overzichtelijk en toegankelijk. Dit draagt bij aan een betere samenwerking en benutting van bestaande structuren.
5.3 Vitaal Ouder Vitaal ouder gaat niet alleen over ouderen. Het gaat ook over gezond oud worden en is daarom onlosmakelijk verbonden met de lijn “Samen Gezond”. Inwoners in de regio worden vitaal ouder door een combinatie van gezondheid, sociale verbinding, en betekenisvolle activiteiten. Dit leidt tot minder afhankelijkheid van professionele zorg, minder belasting van mantelzorgers, meer eigen regie en langer zelfstandig thuis wonen. De aanpak legt
nadruk op integrale samenwerking tussen organisaties, waarbij de inwoner centraal staat en wordt gewerkt volgens de methodiek van de Samenwerkwijze. Voor de lijn ‘Vitaal Ouder’ zijn twee overstijgende thema’s benoemd met bijhorende interventies, namelijk: 1. Samen langer thuis 2. Digitalisering 5.3.1 Samen langer thuis Ouderen worden geholpen om langer zelfstandig te wonen met de juiste balans tussen zelfredzaamheid, samenredzaamheid en passende zorg en ondersteuning. Samenwerkingsafspraken tussen organisaties zorgen voor efficiënte zorg, voorkomen overlap en bieden passende ondersteuning. Het motto daarbij is: "Langer gezond, zelf als het kan, digitaal als het kan, thuis als het kan." Inwoners en hun netwerk worden gestimuleerd meer zelf te doen, terwijl professionele zorg beschikbaar blijft voor wie dat echt nodig heeft. Regionale samenwerking tussen gemeenten, zorginstellingen en kenniscentra bundelt bestaande initiatieven en stimuleert innovatie. Met aandacht voor digitalisering en netwerkzorg. Dit draagt bij aan een betere kwaliteit van leven voor ouderen, met meer eigen regie, ondersteuning door een sterk netwerk en toegang tot passende zorg wanneer nodig. Met deze aanpak kunnen ouderen vitaal, zelfstandig en langer thuis blijven wonen als dat passend is. Het gaat er vooral om mensen zo lang mogelijk zelfstandig te laten functioneren in een thuisomgeving.
Dit kan zijn in de eigen woning, maar er zijn ook andere woonvormen mogelijk. Om deze doelen te bereiken richten we ons op de volgende interventies (bijlage B):
Pagina | 19
B1. Acute Nachtzorg richt zich op het bieden van acute ouderenzorg met passende deskundigheid. Door vroegtijdig zorgproblemen te signaleren en samen te werken met eerstelijnszorg, VVT-teams, HAP en SEH/112, wordt acute zorg in ANW-uren zoveel mogelijk voorkomen. We zullen dit altijd doen binnen de wensen van inwoners rondom Advance Care Planning (ACP). B2. Sociaal arrangeren biedt een domein overstijgende aanpak voor inwoners met cognitieve problemen op meerdere leefgebieden. De sociaal arrangeur neemt de rol van regiebehandelaar over van de huisarts of wijkverpleegkundige. Dit ontwikkelen we door naar de rol van casusregisseur volgens de Samenwerkwijze. Daarmee verbreden we naar de somatiek. B3. Samen Zorg biedt een regionale, uniforme aanpak waarin thuiswonende ouderen in hun kracht worden gezet om zo zelfstandig mogelijk dagelijkse activiteiten uit te voeren. B4. Gedragsconsultatieteam thuis biedt expertise bij probleemgedrag in de thuissituatie bij inwoners met dementie en adviseert over passende adviezen aan mantelzorgers en zorgprofessionals. B5. Academie voor zelfzorg in het ziekenhuis en thuis helpt de zelfredzaamheid van inwoners en mantelzorgers te vergroten. Met ADL-trainingen en gerichte verpleegtechnische training worden dagelijkse zorghandelingen aangeleerd.
5.3.2 Digitalisering Door inwoners vroegtijdig kennis te laten maken met digitale zorgtoepassingen en het bestaande aanbod breder bekend te maken, kan zorg effectiever en anders worden ingericht. Het vergroten van kennis en bewustwording rondom eHealth, zowel bij inwoners als professionals, speelt hierin een cruciale rol. Een brede, regionale aanpak is noodzakelijk om dit effectief te implementeren.
Gezamenlijke investeringen en samenwerking tussen zorg- en welzijnsorganisaties en gemeenten maken het mogelijk om bestaande initiatieven breder uit te rollen en nieuwe ontwikkelingen te stimuleren. Individuele initiatieven hebben meer potentie wanneer we ze breed en domein overstijgend inzetten. Om versnippering en dubbele inspanningen te voorkomen, is een B6. gezamenlijk platform nodig voor kennisdeling en besluitvorming. Dit netwerk faciliteert samenwerking, verbindt stakeholders en ondersteunt gezamenlijke (regionale) keuzes. Gegevensuitwisseling is een cruciaal onderdeel van een regionaal samenwerkingsnetwerk. Door een gedeelde digitale infrastructuur te ontwikkelen, kan data en informatie tussen zorgverleners, welzijnsorganisaties en andere betrokken partijen naadloos worden gedeeld. Een Regionale Samenwerkingsorganisatie (RSO) speelt hierin een belangrijke rol. Zorg in huis vraagt vaak om het organiseren en installeren van de juiste hulpmiddelen in huis. Om de logistiek hiervoor te vereenvoudigen en verwijzers te ontzorgen onderzoeken we of een B6. logistieke distributiehub kan worden opgezet. Hiermee zouden fysieke hulpmiddelen efficiënt gedistribueerd en ingezet kunnen worden bij inwoners thuis. Concrete toepassingen schalen we verder op en zetten we domein overstijgend in. Het gaat om: B7. Medicijndispenser voor medicatiebeheer.
Dat doen we op dit moment al breed in de thuiszorg. We breiden dit uit door al eerder in het proces ondersteuning door apothekers bij medicijngebruik in te zetten waardoor inwoners niet in zorg komen vanwege problematisch medicijngebruik en waarbij we de opvolging door naasten laten doen. B8. Beeldzorg voor consultatie en zorg op afstand. Het vergroten van digitale Pagina | 20
vaardigheid, kennis en bewustwording rondom eHealth en digitale zorgtoepassingen bij zowel professionals als inwoners, stelt hen in staat om digitale middelen – waaronder beeldzorg - optimaal te benutten en daardoor inzet van professionals of onnodige reisbewegingen van inwoners of professionals te voorkomen. B9. Thuismonitoring voor zorg en monitoring vanuit huis. Waar wenselijk en mogelijk sluiten we aan bij bestaande regionale initiatieven. Een toekomstbestendige regionale digitaliseringsaanpak vraagt om flexibiliteit en ruimte voor nieuwe ontwikkelingen. Door initiatieven regionaal te bundelen en continu af te stemmen met inwoners en stakeholders, blijven innovaties relevant en effectief. In samenwerking met RSO wordt de gegevensuitwisseling rondom B10. advance care planning (ACP) ingericht als pilot en als concrete eerste stap om te komen tot een bredere uitwisseling van primaire en secundaire data in de regio. In de regio zijn we al enkele jaren bezig met het in kaart brengen van de behandelwensen en grenzen vanuit de huisartsen, VVT en ziekenhuizen. We hebben een transmuraal zorgpad ACP dat we aan het implementeren zijn. Om goede palliatieve zorg te kunnen leveren is digitale uitwisseling van gegevens noodzakelijk.
5.4 Mentaal Gezond Voor inwoners is mentaal welzijn een essentieel onderdeel van een gezond leven. Het doel is om psychische kwetsbaarheid vroegtijdig te herkennen en inwoners passende zorg en ondersteuning te bieden. Samenwerking tussen GGZ, het sociaal domein en ketenpartners staat centraal in deze aanpak. Deze zorg wordt dichtbij georganiseerd, digitaal waar mogelijk, en preventief ingezet. Door de regie bij de inwoner te leggen, volgens de methodiek van de Samenwerkwijze, versterken we de eigen verantwoordelijkheid
en zelfredzaamheid en lossen we zorgvragen op binnen ‘lagere’ lijnen (0e en 1e lijn) De belangrijkste doelen zijn: 1. De hulp- en ondersteuningsvraag wordt snel en op de juiste plek opgepakt. 2. De capaciteit in de regio wordt optimaal benut. 3. De wachttijden nemen op termijn (relatief) af. Om deze doelen te bereiken richten we ons op de volgende interventies: 1. Mentaal gezondheidsnetwerk inclusief Verkennend Gesprek. Het netwerk biedt ondersteuning via vier functies: 1) verkennend gesprek, 2) transfermechanisme, 3) informatie over wachttijden en aanbod en 4) domein-overstijgend casusoverleg. Een basis voor de functies bestaat al via WijzerGGZ: onder andere een platform waar netwerkpartners vragen kunnen stellen over verwijzingen. Er is een overzicht van het aanbod en de wachttijden in de regio en een overlegtafel waarin netwerkpartners een integraal advies uit verschillende disciplines kunnen geven. Wij versnellen en ontwikkelen op de volgende interventies (Bijlage C): C1. Verkennend gesprek. Huisartsen kunnen inwoners met psychische klachten verwijzen naar het Verkennend gesprek waar de vraag van de inwoner centraal staat in een gesprek met een professional uit het sociaal domein en een GGZ-behandelaar. De hulpvraag wordt in dit gesprek vanuit een breder perspectief verkend. C2. Aanpak wachttijden. In de periode dat inwoners op wachtlijsten staan, verergeren klachten.
Door wachttijden aan te pakken, voorkomen we escalaties en extra belasting van de huisarts. Tegelijkertijd bereiden we inwoners in deze wachttijd beter voor op zorg. Dit doen we door de inzet van ervaringsdeskundigheid. De ervaringsdeskundigen stimuleert zelfhulp, wijst op opties en Pagina | 21
laagdrempelige steunpunten. Hiermee voorkomen we dat inwoners van het kastje naar de muur worden gestuurd en steeds bij de huisarts terugkomen omdat de zorgvraag nog bestaat. C3. Diagnostiekpoli. Deze poli is bedoeld voor inwoners met een complexe hulpvraag, waarbij het vermoeden bestaat dat er ADHD, autisme of een lage intelligentie speelt. Een diagnostiekpoli biedt de mogelijkheid om snel inzicht te krijgen in de aard van het probleem en inwoners gericht te verwijzen naar passende zorg of ondersteuning (buiten de GGZ). C4. STORM-aanpak. Deze aanpak richt zich op het verbeteren van de mentale veerkracht van jongeren om psychische problemen te voorkomen. Het programma, dat al succesvol is op scholen, bestaat uit vier interventies: 1. Training van docenten om signalen van mentale problemen te herkennen en te begeleiden. 2. Lespakketten voor jongeren gericht op het versterken van een positief zelfbeeld en veerkracht.
3. Infrastructuur voor samenwerking tussen scholen, GGZ en welzijnspartners. 4. Gerichte interventies voor jongeren die extra ondersteuning nodig hebben. De aanpak wordt uitgebreid naar mboscholen, waar de focus ligt op aanpassingen voor een oudere doelgroep en een andere sociale context. C5. Combinatietrajecten in netwerk zorg en welzijn. Deze trajecten zorgen ervoor dat niet alle hulp in het medisch domein hoeft plaats te vinden, maar dat lichtere onderdelen van een vraag door andere zorg- of welzijnspartners worden opgepakt. Hiermee benutten we de capaciteit in de regio beter. Zorgvragen worden integraal aangepakt door samenwerking tussen zorg- en welzijnspartners. WijzerGGZ speelt (ook) hierbij een belangrijke rol. WijzerGGZ geeft inzicht in bestaande mogelijkheden en wachttijden, terwijl partners een cultuuromslag maken door deze aanpak breder te implementeren.
Pagina | 22
6. Transformatie begroting
SiG zet in de periode 2024-2027 voor € 41 mln. tijdelijke middelen in om samen duurzaam te transformeren en impact te maken 6.1 Transformatiebegroting SiG Om de transformatie die in de vorige hoofdstukken is beschreven te ondersteunen en te versnellen is voor de periode 2024 tot en met 2027 een transformatiebegroting opgesteld. De middelen die SiG aanvraagt over de gehele IZA periode bedragen € 41 mln. Van deze middelen is: • € 22 mln. IZA middelen • € 19 mln. IZA transformatie middelen De begroting is door SiG-partners opgesteld en volgt de uitgangspunten zoals deze in het kader van de landelijke IZA-afspraken zijn vastgelegd. Dat betekent dat de middelen tijdelijk worden aangevraagd en dat dubbele financiering wordt voorkomen.
voor aanpak, initiatie en implementatie van de interventies die in hoofdstuk 5 zijn beschreven en in bijlagen A-C nader zijn uitgewerkt. In de totale kosten zijn opslagen verwerkt, die hierna worden toegelicht. Programmaorganisatie Met de middelen wordt voor de periode 2024-2027 een programmaorganisatie ingericht (tabel 1) die de onderdelen van het transformatieplan aanstuurt en ondersteunt (programmaonderdeel E1). Een cruciaal onderdeel van het programma is de verbreding van de Samenwerkwijze in de gehele SiG -regio (programmaonderdeel D1). Daarnaast is de uitwerking en invulling van de randvoorwaarden onderdeel van het programma (programmaonderdelen F1-F4).
6.2 Totstandkoming en onderbouwing De begroting bestaat uit de bekostiging van een programmaorganisatie en de kosten Pagina | 23
Tabel 1 Begroting programma
De programmaonderdelen zijn cruciaal voor de samenwerking in de SiG-regio (Samenwerkwijze en randvoorwaarden) en noodzakelijk voor de uitvoering (programmaorganisatie). Deze onderdelen hebben als zodanig niet direct impact. Fases interventies Voor iedere interventie die in het voorliggende transformatieplan is opgenomen is met direct betrokkenen in het netwerk bepaald welke werkzaamheden er in de komende periode moeten worden gedaan om de ambitie te realiseren (bijlagen A-C). Op basis daarvan is voor iedere interventie een begroting gemaakt langs vaste lijnen. Wat is er nodig om te komen tot een goed plan van aanpak? Welke onderdelen moeten worden uitgewerkt in de initiatiefase? Wat is er nodig om de interventie te implementeren tot het moment van ‘go live’ of verbreding in de regio? Omdat de interventies in verschillende stadia van ontwikkeling zijn en variëren in complexiteit, verschilt de inzet per fase per interventie.
•
Er is een jaarlijkse inflatie van 5,18% meegenomen op basis van de definitieve OVA 2025.
•
De begroting is gebaseerd op uurtarieven. Deze uurtarieven zijn in lijn met tarieven gebruikt in de andere goedgekeurde transformatieplannen.
•
De transformatiemiddelen zullen op drie manieren worden uitgekeerd. Voor de kosten die ten laste komen van de gemeenten (dus welzijn en sociaal werk) wordt de SPUK-transformatiemiddelen stroom gebruikt. Kosten die ten laste zijn van de Zvw worden uitgekeerd via de zorgverzekeraars en voor kosten bedoeld voor de Wlz organisaties wordt landelijk nog een betaaltitel gezocht.
6.3 Dubbele bekostiging Voor het financieren van de interventies en randvoorwaarden gebruiken we verschillende vormen van financiering. •
IZA transformatiemiddelen: Voor interventies die op korte termijn impact hebben op de zorgverzekeringswet (Zvw). Het is ook mogelijk om interventies op te nemen die aangrijpen in het sociaal domein maar impact maken in de zorgverzekeringswet*.
•
BTW is nu opgenomen voor alle programmabureau brede posten (omdat dit kosten zijn voor diensten die voor meerdere organisaties gedaan worden en die daar een specifieke vergoeding voor krijgen) én voor verwachte externe inkoop.
SPUK IZA/GALA: De SPUK IZA/GALA wordt ingezet in de sub-regio voor de bekostiging van ambtelijke inzet en interventies. De interventies sluiten zowel aan bij de lokale ketenaanpakken vanuit GALA als bij het IZA.
•
Op de totale begroting is SiG-breed een maximaal toegestane post van 1% onvoorziene kosten opgenomen en deze is verdeeld naar individuele interventies o.b.v. impact op voorkomen Fte’s in de Zvw.
ZonMW subsidie: Met name voor de financiering van randvoorwaarden voor een duurzame transformatie rondom governance, co-creatie met inwoners en professionals en koppeling medisch-sociaal domein **.
•
SiG-partners zullen gedurende de gehele transformatie ook participeren vanuit de
Opslagen In de kosten van de interventies zijn enkele opslagen opgenomen. •
•
Pagina | 24
reguliere organisatie en hiervoor inzet in natura leveren. Voor sommige interventies worden meerdere financieringsstromen ingezet, dan wordt dubbele financiering uiteraard voorkomen. Het gaat op dit moment vrijwel altijd om incidentele financiering, daarom is het van groot belang om de komende periode te gebruiken de transformatie stevig te verankeren en ondertussen te kijken hoe deze beweging duurzaam gefinancierd kan worden. *Tot begin oktober waren IZA middelen alleen te gebruiken voor incidentele en project gerelateerde inzet en niet voor het leveren van zorg of ondersteuning. Nu is er een
uitzondering gemaakt waardoor de komende 3 jaar ook 'structurele' inzet in het sociaal domein kan worden gefinancierd met de IZA middelen. Voor de interventies waarvoor extra inzet vanuit het sociaal domein is vereist zijn deze kosten meegenomen. **Specifieke uitkering domein overstijgend samenwerken. [Opmerking: SiG stelt voor aan de beoordelaars om na indiening van het transformatieplan, tijdens de beoordelingsperiode (meijuni) een gezamenlijke sessie te organiseren om het plan door te nemen op mogelijke dubbele bekostiging.
Pagina | 25
7. Berekende impact van de interventies
De transformatie heeft een positieve impact van circa 587 fte op het verwachte arbeidstekort in de komende jaren en dempt de stijgende kosten 7.1 Impact van de transformatie Samenwerking binnen SiG en realisatie van de transformatieplannen heeft een positieve impact op het verwachte arbeidstekort. Het arbeidstekort Aan het einde van de IZA-periode in 2027 is het verwachte arbeidstekort van hoofdstuk 3 gedaald met 587 fte, van 1.093 naar 506 fte (figuur bovenaan hoofdstuk). In de periode daarna loopt in de figuur het arbeidstekort weer op. Dat wordt veroorzaakt doordat er nog geen impactbepaling heeft plaatsgevonden van de doorloop/bijsturing van de interventies na 2027 en het aangaan van nieuwe impactvolle interventies. De opdracht van SiG eindigt immers niet na 2027. In bijlage F is de bijdrage aan de verlaging van het arbeidstekort per interventie weergegeven voor alle sectoren samen en per sector. Demping van stijging kosten zorg en welzijn
Uitgedrukt in Euro bedraagt de verwachte impact in de periode 2024-2027 in totaal € 103 mln. Waarvan € 43 mln. binnen de Zvw, € 33 mln. binnen de gemeente en welzijn en € 27 mln. binnen de Wlz. In bijlage F is de bijdrage aan de demping van de stijgende kosten voor zorg- en welzijn per interventie weergegeven voor alle sectoren voor de ZvW. De personele impact is voor alle sectoren weergegeven. 7.2 Onderbouwing van de impact Systematiek De impactberekening is geen wiskunde. Het betreft een logische en transparante benadering van de impact per interventie. Deze benadering van de impact is opgesteld per interventie door experts uit het bij de interventie betrokken netwerk. Daarbij is in eerste instantie gekeken naar (semi) wetenschappelijke onderbouwing en literatuur. Als deze niet voorhanden was, is gebruik gemaakt van expertopinie en educated guess. Voor de Pagina | 26
gehanteerde broncijfers is zoveel mogelijk gebruik gemaakt van openbare kengetallen.
gekeken op welke vlakken de interventie effect heeft.
Uitwerking Uitwerking van de impact per interventie is weergegeven in bijlage A-C. Er is gebruik gemaakt van een vaste systematiek. Om tot een maatschappelijke businesscase te komen is voor iedere interventie een inschatting gemaakt van de beoogde impact op de Zvw, maar ook de Wlz, Wmo en welzijn. Hiervoor is een model ingericht waarbij gebruik wordt gemaakt van oorzaak-gevolg bomen. Deze zijn per interventie beschreven. De bomen zijn als aparte bijlage H ingevoegd in dit transformatieplan (bijlage A-C). Om tot de totaalimpact per interventie te komen is een aantal stappen gezet.
2. Daarna is geconcretiseerd wat het verwachte effect is in het aantal arbeidsuren of de hoeveelheid geld dat daadwerkelijk wordt bespaard bij een professional of sector door de interventie. Om deze berekeningen te kunnen doen is er gebruik gemaakt van een aantal uitgangspunten:
Allereerst is bepaald de doelgroep van de interventie bepaald, dit is het beginpunt van elke oorzaak-gevolg boom. 1. Vervolgens is samen met het projectteam en professionals uit de regio
●
1 FTE staat gelijk aan 1250 declarabele uren.
●
Het impactbedrag dat gekoppeld is aan 1 FTE in een bepaalde sector wordt berekend door te kijken naar de totale declaratiewaarde van een sector en dit te delen door het aantal professionals dat hierin werkzaam is (denk aan aantal medisch specialisten in Nederland/totale declaratiewaarde medisch specialistische zorg).
Pagina | 27
8. Businesscase
De businesscase binnen de ZVW is na 2027 positief 8.1 Businesscase positief Op basis van de begroting 2024-2027 in hoofdstuk 6 en de berekende impact in hoofdstuk 7 is de financiële businesscase positief met een terugverdientijd vanaf vier jaar binnen de ZvW. In bovenstaande figuur is dat te zien doordat de lichtblauwe kolom (cumulatieve impact in €) na enige jaren de donkerblauwe kolom (cumulatieve begroting in €) overstijgt. Dat geldt zeker wanneer naar de effecten binnen alle wettelijke domeinen wordt gekeken en de totale begroting daartegen wordt afgezet (rechter tabel). Het geldt ook wanneer de totale begroting wordt afgezet tegen alleen de effecten binnen de Zvw (linker tabel).
De cumulatieve impact is dan vanaf 2028 groter dan de ingezette IZA middelen in de begroting. Omdat de tijdelijke IZA middelen na 2027 stoppen maar de effecten structureel zijn, en er beperkt sprake is van structurele meerkosten, wordt de marge na 2027 groter. Zoals in het hoofdstuk ‘Randvoorwaarden voor de verduurzaming’ (Hoofdstuk 12) wordt aangegeven zal een deel van de marge naar verwachting ingezet moeten worden om binnen de reguliere kaders of door nieuwe financieringsvormen te komen tot duurzame financiering van de interventies.
Pagina | 28
9. KPI’s en uitbetaling
Uitbetaling begrotingsbedragen uit het transformatieplan op basis van het realiseren van de afgesproken KPI’s per periode aan de kassiers 9.1 KPI’s en uitbetaling In bijlage G zijn de kritische prestatie indicatoren (KPI’s) opgenomen zoals deze binnen SiG zijn bepaald. In totaal hanteert SiG 80 verschillende KPI’s over de periode 20252027 met in totaal 125 meetmomenten. De KPI’s zijn een vertaling van de doelen van SiG, de aannames van de impact en de acties die nodig zijn om de interventie te laten slagen. Het doel van de KPI’s is tweeledig: • Verantwoording voor transformatiemiddelen. Behalen KPI = uitbetaling van de begrotingsmiddelen • Monitoring & sturing