CConstaterende datMeierijstad
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1- Toelichting bp Bolst Noord Erp

Raadsvergadering 18 september 2025, gemeente MeierijstadBij agendapunt: Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan ‘Bolst Noord’ en vaststelling beeldkwaliteitsplan 'Bolst Noord' Erp21.306 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Op basis van e Cultuurhistorische Waardenkaart van de provincie Noord-Brabant is de Voorbolst dan ook aangemerkt als een historische geografische lijn van redelijk hoge waarde. In het nog te ontwikkelen deel van de Bolst zijn op basis van de Cultuurhistorische Waardenkaart geen cultuurhistorisch waardevolle objecten of elementen aangetroffen.

NL.IMRO.1948.ERP000BP0012023P-VG01

Pagina: 54 van 66

Datum:22 mei 2025

Afbeelding 14 Uitsnede cultuurhistorische Waardekaart provincie Noord-Braban Het voorliggende bestemmingsplan leidt niet tot aantasting van de voorgenoemde cultuurhistorisch waardevolle kwaliteiten. Monumenten en waardevolle elementen Binnen het voorliggende plangebied is één Rijksmonument aanwezig. Het betreft een kortgevelboerderij met bijgebouwen aan de Voorbolst (nummer 5), daterend uit de achttiende eeuw. Het object is van cultuurhistorisch belang als uitdrukking van een culturele- en sociaaleconomische ontwikkeling. De boerderij is gaaf bewaard en is met name waardevol vanwege het ensemble van gebouwen, onder meer bestaande uit een bakhuis en put. Naast het Rijksmonument aan de Voorbolst zijn in het plangebied enkele gemeentelijke monumenten aanwezig:

De gemeentelijke monumenten zijn beschermd op grond van de gemeentelijke Monumentenverordening. De Rijksmonumenten zijn reeds voldoende beschermd door de monumentenwet. De aanwezige Rijks- en gemeentelijke monumenten zijn voorzien van een passende bestemming. Op de verbeelding is een dusdanige bouwhoogte opgenomen dat de bestaande situering en hoogte gewaarborgd blijft in dit plan. Naast bebouwde monumenten hecht de gemeente Meierijstad ook waarde aan haar natuurlijk erfgoed. Binnen de gemeente komen waardevolle bomen voor die de status van gemeentelijk monument hebben, waaronder ook twee leilinden aan de Voorbolst en een Populier aan het

NL.IMRO.1948.ERP000BP0012023P-VG01

Pagina: 55 van 66

Datum:22 mei 2025

Oudveld.

Deze natuurmonumenten zijn voorzien van de dubbelbestemming ‘Waarde – Natuur’. Ter bescherming en instandhouding van deze bomen is een beschermingszone ter grootte van de kroon van de boom opgenomen waarbinnen het verboden is zonder aanlegvergunning werkzaamheden en werken uit te voeren die de levensduur voor de betreffende bomen kunnen schaden. Conclusie Archeologie De nog te ontwikkelen gronden zijn in het verleden onderzocht op de aanwezigheid van archeologische waarden. Naar aanleiding van dit onderzoek zijn de gronden vrijgegeven voor verdere ontwikkeling. Aanvullend onderzoek is niet benodigd. De gronden waarvoor nog wel een archeologische verwachtingswaarde geldt, zijn in dit bestemmingsplan voorzien van een archeologische dubbelbestemming: “Waarde – Archeologie”. Daarmee zijn eventueel aanwezige archeologische waarden voldoende gewaarborgd. Cultuurhistorie Het voorliggende bestemmingsplan maakt in planologische zin geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk, waardoor de thans aanwezige cultuurhistorische waarden in (de nabijheid van) het plangebied niet worden aangetast. In het nog te ontwikkelen deel van het plangebied zijn bovendien geen cultuurhistorische waardevolle elementen of objecten aanwezig. Derhalve gelden er ook vanuit het aspect cultuurhistorie geen belemmeringen voor dit bestemmingsplan. 4.14

Parkeren en verkeer

Parkeren Om te bepalen hoeveel parkeerplekken er gerealiseerd dienen te worden binnen het plangebied is onderstaande berekening opgesteld. De Nota parkeernormen Meierijstad 2018 is hierbij leidend. Op basis van deze Nota is het aantal benodigde parkeerplaatsen voor het plangebied bepaald. Hierbij is uitgegaan van de stedelijke zone 'rest bebouwde kom'. Binnen deze norm is ook het aandeel parkeerplaatsen voor bezoekers opgenomen. Dit is gesteld op 0,3 parkeerplaatsen per woning. Conform de normen zullen er binnen het plangebied 180 parkeerplekken dienen te worden gerealiseerd. Dit is inclusief het aandeel parkeerplaatsen voor bezoekers. In het plangebied is voldoende ruimte om deze parkeerplaatsen te realiseren. Bij de verdere uitwerking van het stedenbouwkundig plan wordt dit verder uitgewerkt. In de regels van dit bestemmingsplan is vastgelegd dat de omgevingsvergunning pas kan worden verleend mits er sprake is van voldoende parkeergelegenheid conform de geldende parkeernormen. Voor wat betreft parkeren worden geen belemmeringen verwacht.

NL.IMRO.1948.ERP000BP0012023P-VG01

Pagina: 56 van 66

Datum:22 mei 2025

Onderverdeling in plan

Woningtype conform CROW Middel dure Koop, huis, koop twee-onder-e en-kap Dure koop Koop, huis, (senioren) tussen/hoek Goedkope koop Koop, huis, tussen/hoek Sociale huur Huur, huis, sociale huur Vrije sector huur Huur, huis, vrije sector Variabel huur/koop

Percentage

Aantal

Parkeernorm

Aantal

20%

16

2,4

38,4

20%

16

2,2

35,2

10%

8

2,2

17,6

25%

20

2,2

44

15%

12

2,2

26,4

10%

8 80

2,2

17,6 180

Afbeelding 15 Berekening parkeernorm. Verkeer Binnen het plangebied dient de verkeersgeneratie berekend te worden. Hiervoor zijn de CROW richtlijnen leidend, publicatie 381 'Toekomstbestendig parkeren – Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie'. Gelet op de woningbouwontwikkeling en de locatie aan de rand van Erp is er gekozen voor de stedelijkheidsgraad 'niet stedelijk' conform de Nota parkeernormen Meierijstad 2018 en de ligging 'rest bebouwde kom'. De gemiddelde normen zijn gehanteerd voor deze ontwikkeling. Op basis van de normen zal het nieuwbouwplan 620 motorvoertuigen per etmaal genereren voor een gemiddelde weekdag. De ontsluiting van de Bolst vindt plaats op de Wilbert Kerkhofstraat en het Oudveld. Beide wegen kunnen de geplande verkeersbeweging aan. Onderverdeling in plan

Woningtype conform CROW Middel dure Koop, huis, koop twee-onder-e en-kap Dure koop Koop, huis, (senioren) tussen/hoek Goedkope koop Koop, huis, tussen/hoek Sociale huur Huur, huis, sociale huur Vrije sector huur Huur, huis, vrije sector Variabel huur/koop

Percentage

Aantal

Verkeersgeneratie per woning

Verkeersgeneratie

20%

30

7,8

234

20%

14

7,4

103,6

10%

9

7,4

66,6

25%

20

5,6

112

15%

7

6,2

43,4

10%

8 80

7,4

59,2 620

Afbeelding 16 Verkeersgeneratie Conclusie

NL.IMRO.1948.ERP000BP0012023P-VG01

Pagina: 57 van 66

Datum:22 mei 2025

Het voorliggend plan voldoet op het aspect parkeren en verkeer

4.15

Overige belemmeringen

4.15.1 Industrielawaai De locatie is niet gelegen in de nabijheid van een gezoneerd industrieterrein. Daardoor is het uitvoeren van een akoestisch onderzoek naar industrielawaai niet aan de orde. 4.15.2 Hoogspanningslijnen De dichtstbij gelegen hoogspanningslijnen bevinden zich op circa 3 kilometer afstand tot het plangebied en vormen daarom geen belemmering voor de ontwikkeling van de Bolst Noord.

4.15.3 Spuitzones gewasbescherming Hoewel in geen enkele wettelijke regeling in acht te nemen afstanden zijn opgenomen voor spuitzones tussen gevoelige bestemmingen enerzijds en percelen met open teelt waarop gewasbeschermingsmiddelen worden gebruikt anderzijds, dient op basis van het criterium goede ruimtelijke ordening wel te worden beoordeeld of het gebruik van die middelen onaanvaardbare gevolgen heeft voor het woon- en leefklimaat. Uit jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State volgt als vuistregel dat een afstand van 50 meter tussen het perceel waarop de teelt plaatsvindt en te realiseren nieuwe gevoelige functies zoals woningen kan worden gehanteerd. Conclusie Bovenstaande makkt duidelijk dat er onder andere met betrekking tot het wel of niet inzetten van gewasbeschermingsmiddelen, de omliggende akkers, de teelt die daar wel dan niet plaatsvindt en de afstanden tot het plangebied dat er binnen het plangebied een aanvaardbaar woon- en leefklimaat is gewaarborgd. 4.15.4 Radarverstoringsgebied Het plangebied ligt in het radarverstoringsgebied van de vliegbasis Volkel.

Dit houdt in dat, teneinde het ongestoord functioneren van radar- en communicatieapparatuur op de vliegbasis te waarborgen, er rond deze vliegbasis een cirkel met een straal van 15 kilometer geldt, gemeten vanaf de positie van de radar, welke is vastgelegd ingevolge artikel 2.4 e.v. van de Rarro. De maximale bouwhoogte van bouwwerken binnen dit radarverstoringsgebied is afhankelijk van de afstand van het beoogde bouwwerk tot de radar. De maximale bouwhoogte van bouwwerken wordt bepaald door elke denkbeeldige rechte lijn die wordt getrokken vanaf een punt op de top van de radarantenne (dit is voor Volkel 49 meter + NAP), oplopend met 0,25 graden tot een punt gelegen op 15 kilometer vanaf de radarantenne. Conclusie

NL.IMRO.1948.ERP000BP0012023P-VG01

Pagina: 58 van 66

Datum:22 mei 2025

Binnen het plangebied is geen nieuwbouw hoger dan 23 meter boven NAP mogelijk gemaakt (gemiddelde hoogte plangebied is 11 meter boven NAP en de hoogst toegelaten bebouwing is 12 meter). Het voorliggende bestemmingsplan vormt dan ook geen belemmering voor het functioneren van de radar.

NL.IMRO.1948.ERP000BP0012023P-VG01

Pagina: 59 van 66

Datum:22 mei 2025

Hoofdstuk 5

Procedure

In dit hoofdstuk wordt de juridische opzet van het bestemmingsplan beschreven. 5.1

Inleiding

Het bestemmingsplan Kom Erp, Bolst noord is een juridisch bindend plan dat bestaat uit de de verbeelding en de regels.Verder bestaat het plan uit een toelichting. De verbeelding en de regels vormen het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan. De regels bepalen de gebruiks- en bouwmogelijkheden van de gronden. De verbeelding zorgt voor de visualisering van het plan. De toelichting heeft geen bindende werking, maar heeft wel een belangrijke functie bij de weergave en onderbouwing van het plan.

5.2

Plansystematiek

Het bestemmingsplan bestaat uit de juridisch bindende regels en verbeelding. Verder wordt het plan in de toelichting nader toegelicht. De regels bevatten het juridisch kader zoals regels omtrent de toegelaten bebouwing, regelingen betreffende het gebruik van aanwezige en/of op te richten bouwwerken. De verbeelding heeft een ondersteunende rol voor toepassing. Verder is het visualiseren een doel van de verbeelding. Op de verbeelding worden de bestemmingen weergegeven, met daarbij de harde randvoorwaarden. De verbeelding vormt samen met de regels het bindende deel van het bestemmingsplan. De toelichting heeft geen bindende werking maar heeft wel een belangrijke functie bij de weergave en onderbouwing van het plan. Hieronder wordt de systematiek, opbouw en indeling van de regels kort toegelicht. De regels van het plan bestaan uit vier hoofdstukken, waarin respectievelijk de inleidende regels, de bestemmingsregels, de algemene regels en de overgangs- en slotregels aan de orde komen. Hoofdstuk 1: Inleidende regels In artikel 1 wordt een omschrijving van de in de regels gehanteerde begrippen gegeven. Artikel 2 geeft de meet- en rekenwijze aan: Begrippen: In deze regels zijn omschrijvingen gegeven van de in het bestemmingsplan gebruikte begrippen. Deze worden opgenomen om interpretatieverschillen te voorkomen.

Begrippen zijn alleen nodig wanneer die gebruikt worden in de regels en wanneer deze tot verwarring kunnen leiden of op meerdere manieren te interpreteren zijn. Wijze van meten: Om op een eenduidige manier afstanden, oppervlakten en inhoud van gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde, te bepalen wordt in de wijze van meten uitleg gegeven wat onder de diverse begrippen wordt verstaan. Ten aanzien van de wijze van meten op de verbeelding (plankaart) geldt steeds dat het hart van een lijn moet worden aangehouden.

NL.IMRO.1948.ERP000BP0012023P-VG01

Pagina: 60 van 66

Datum:22 mei 2025

Hoofdstuk 2: Bestemmingsregels In het tweede hoofdstuk komt de bestemming aan de orde. De opbouw van de bestemming ziet er als volgt uit: Bestemmingsomschrijving: de omschrijving van de doeleinden. Hierbij gaat het in beginsel om een beschrijving van de aan de grond toegekende functie. Bouwregels: in de bouwregels worden voor alle bouwwerken de van toepassing zijnde bebouwingsregels geregeld. Waar en met welke maatvoering mag worden gebouwd, wordt hier vastgelegd. Indien mogelijk wordt verwezen naar bouwvlakken en aanduidingen op de verbeelding (plankaart). Nadere eisen: in dit artikel wordt een opsomming gegeven van de regels waaraan burgemeester en wethouders nadere eisen kunnen stellen. Alleen daar waar het wenselijk is om bij de vergunningverlening sturend te kunnen optreden, heeft de bevoegdheid tot het stellen van nadere eisen toegevoegde waarde. De bevoegdheid tot het stellen van nadere eisen dient objectief begrensd te zijn en duidelijke criteria te bevatten. Afwijken van de bouwregels: Burgemeester en wethouders kunnen door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning, bepaalde oppervlaktematen van bijgebouwen en herbouw van een woning buiten het bouwvlak, die conform de bouwregels niet zijn toegestaan, toch toestaan. De criteria, die bij toepassing van deze bevoegdheid in acht moeten worden genomen, zijn aangegeven.

Specifieke gebruiksregels: in dit artikel is aangegeven welke vormen van gebruik in ieder geval strijdig zijn met de bestemming. Daarbij zijn niet alle mogelijke strijdige gebruiksvormen genoemd, maar alleen die, waarvan het niet op voorhand duidelijk is dat deze in strijd zijn met de bestemming. Het gaat hierbij in feite om een aanvulling op de in de bestemmingsomschrijving genoemde doeleinden. Afwijken van de gebruiksregels: Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning, bepaalde vormen van gebruik, die conform de bestemmingsomschrijving niet zijn toegestaan, toch toestaan. De criteria, die bij toepassing van deze bevoegdheid in acht moeten worden genomen, zijn aangegeven. Wijzigingsbevoegdheid: Het bevoegd gezag kan onder voorwaarden gebruik maken van de wijzigingsbevoegdheid ten behoeve van het opstellen van een wijzigingsplan. Hoofdstuk 3: Algemene regels In het derde hoofdstuk zijn de regels opgenomen met een algemeen karakter. Ze gelden dus voor het gehele plan. De algemene regels zijn (evenals de inleidende regels) van belang voor een juiste interpretatie van de bestemmingsregels.

Anti-dubbeltelregel: deze regel is opgenomen om te voorkomen dat, wanneer volgens een bestemmingsplan bepaalde gebouwen en bouwwerken niet meer dan een bepaald deel van een bouwperceel mogen beslaan, het opengebleven terrein nog eens meetelt bij het toestaan van een ander gebouw of bouwwerk, waaraan een soortgelijke eis wordt gesteld. Algemene bouwregels: deze regels geven algemene regels voor de bouw van ondergeschikte bouwregels en voor ondergronds bouwen. Algemene gebruiksregels: deze regels geven algemene regels over wat onder een strijdig gebruik wordt verstaan. Algemene afwijkingsregels: in deze regels zijn aan het bevoegd gezag de bevoegdheid gegeven om af te wijken van bepaalde, in het bestemmingsplan geregelde, onderwerpen. De criteria, die bij toepassing van de afwijkingsbevoegdheid in acht moeten worden genomen, zijn aangegeven.

NL.IMRO.1948.ERP000BP0012023P-VG01

Pagina: 61 van 66

Datum:22 mei 2025

Algemene wijzigingsregels: in deze regels is aan burgemeester en wethouders de bevoegdheid gegeven het plan te wijzigen. Het gaat hier om wijzigingsbevoegdheden met een algemene strekking. De criteria, die bij toepassing van de wijzigingsbevoegdheid in acht moeten worden genomen, zijn aangegeven. Hoofdstuk 4: Overgangs- en slotregel(s) In het laatste hoofdstuk zijn respectievelijk het overgangsrecht en de slotregel opgenomen: Overgangsrecht: bouwwerken welke op het moment van inwerkingtreding van het bestemmingsplan bestaan (of waarvoor een bouwvergunning is aangevraagd) mogen blijven bestaan, ook al is er strijd met de bebouwingsregels. De overgangsregel houdt niet in dat het bestaand, illegaal opgerichte, bouwwerk legaal wordt, noch brengt het met zich mee dat voor een dergelijk bouwwerk alsnog een bouwvergunning kan worden verleend. Burgemeester en wethouders kunnen in beginsel dus nog gewoon gebruik maken van hun handhavingsbevoegdheid. Het gebruik van de grond en opstallen, dat afwijkt van de regels op het moment van inwerkingtreding van het plan mag eveneens worden voortgezet. Een hardheidsclausule is opgenomen zodat het bevoegd gezag kan afwijken van het overgangsrecht voor gebruik. Slotregel: deze regel geeft aan op welke manier de regels kunnen worden aangehaald.

5.3

Toelichting op de bestemmingen

Voorliggend bestemmingsplan bestaat uit de volgende bestemmingen. Woongebied De gronden ten behoeve van de ontwikkeling van de 'Bolst Noord' zijn voorzien van de bestemming 'Woongebied'. Deze bestemming heeft een globaal karakter en bevat zodoende veel flexibiliteit. omdat de bouwplannen voor dit gebied nog niet geheel vastliggen. Omdat de toekomstige invulling van het woongebied nog onduidelijk is, wordt enige vrijheid geboden. Er is dan ook gekozen om voor het gebied de bestemming 'Woongebied' toe te passen. Binnen de bestemming 'Woongebied' is ruimte voor zowel vrijstaande, twee-aaneengebouwde en aaneengebouwde woningen. In de bouwregels is verder bepaald dat de goot- en bouwhoogte van woningen niet meer mag bedragen dan respectievelijk 6,5 en 10 meter. Daarnaast zijn maatvoeringseisen opgenomen ten aanzien van de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens. Deze bedraagt in de basis 3 meter. Hoofdgebouwen dienen op een afstand van minimaal 3 meter achter de voorste perceelgrens te worden gebouwd. Verderis de maximale diepte van het hoofdgebouw van de verschillende woningtypologieën opgenomen. Voor bijbehorende bouwwerken is aangesloten bij de gemeentelijke standaard en de landelijke wetgeving voor vergunningsvrij bouwen.

Bijbehorende bouwwerken mogen in principe alleen in het achtererfgebied en het bebouwbaar deel van het zij-erf worden opgericht, met een maximum van 250 m² (afhankelijk van de perceelsgrootte) en 50% van het bebouwingsgebied. Het bebouwingsgebied bestaat uit het achtererfgebied en de grond onder het hoofdgebouw, niet zijnde het oorspronkelijke hoofdgebouw, alsmede het bebouwbaar deel van het zij-erf. In het voorerfgebied mogen uitsluitend erkers en/of entreeportalen worden gebouwd. Voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zoals erfafscheidingen, is een maximale maatvoering

NL.IMRO.1948.ERP000BP0012023P-VG01

Pagina: 62 van 66

Datum:22 mei 2025

opgenomen. Hierbij is bepaald dat erfafscheidingen in het achtererfgebied tot een hoogte van 2 meter mogen worden opgericht. Voor het overige deel van het perceel (voor de voorgevel) geldt dat erfafscheidingen tot 1 meter hoogte mogen worden opgericht. In de gebruiksregels van de bestemming 'Woongebied' is bepaald dat het aantal woningen binnen de bestemming niet meer dan 80 mag bedragen. Voor het publiekrechtelijk borgen van de landschappelijke inpassing is een voorwaardelijke verplichting opgenomen in de regels. Tot slot wordt binnen de bestemming 'Woongebied' ook kleinschalige bedrijvigheid in de vorm van een aan-huis-verbonden beroep toegestaan.

NL.IMRO.1948.ERP000BP0012023P-VG01

Pagina: 63 van 66

Datum:22 mei 2025

Hoofdstuk 6

Uitvoerbaarheid

In artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is bepaald dat een bestemmingsplan vergezeld gaat van een toelichting waarin de inzichten over de uitvoerbaarheid van het plan zijn neergelegd. Dit hoofdstuk gaat in op de uitvoerbaarheid, waarbij eerst de economische uitvoerbaarheid aan bod komt en vervolgens de maatschappelijke uitvoerbaarheid.

6.1 Economische uitvoerbaarheid De gemeente Meierijstad is eigenaar van de gronden binnen het plangebied. De gemeentelijke kosten verbonden aan de planvorming worden verrekend in de verkoopprijs. Dit geldt ook voor de kosten van bouw- en woonrijp maken van het plangebied en eventuele planschade. De kosten verbonden aan de bouw van de woningen komen voor rekening van de ontwikkelende partij.

6.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid Er zijn wettelijke eisen met betrekking tot de voorbereiding en totstandkoming van een bestemmingsplan. Artikel 3.8 Wro bepaalt dat op de voorbereiding van een bestemmingsplan de in afdeling 3:4 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) geregelde uniforme openbare voorbereidingsprocedure (uov) van toepassing is. Dit houdt in dat tussen gemeente en verschillende partijen overleg over het plan moet worden gevoerd alvorens een ontwerpplan ter visie gelegd kan worden. Bovendien is het noodzakelijk dat belanghebbenden de gelegenheid hebben om hun visie omtrent het plan te kunnen geven. Het proces bestaat uit de volgende stappen: Vooroverleg; Inspraak; Vaststellingsprocedure.

6.3 Vooroverleg Het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.1) geeft aan dat burgemeester en wethouders bij de voorbereiding van een bestemmingsplan overleg plegen met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met die diensten van provincie en Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. De partijen die in kennis gesteld moeten worden van dit bestemmingsplan worden geïnformeerd. In voorliggend geval betreffen dit: Het waterschap Aa en Maas, provincie Noord-Brabant, De veiligheidsregio en de Dorpsraad Erp.

6.4 Inspraak De Wro zelf bevat geen bepalingen omtrent inspraak. Dat neemt niet weg dat het de gemeente vrij staat toch inspraak te verlenen bijvoorbeeld op grond van de gemeentelijke inspraakverordening. In relatie daarmee bepaalt artikel 150 van de Gemeentewet onder meer dat in een gemeentelijke inspraakverordening moet worden geregeld op welke wijze en aan wie de mogelijkheid wordt geboden hun mening kenbaar te maken. Dit plan wordt niet voor inspraak in procedure gebracht.

NL.IMRO.1948.ERP000BP0012023P-VG01

Pagina: 64 van 66

Datum:22 mei 2025

6.5 Vaststellingsprocedure De vaststellingsprocedure van het bestemmingsplan zal plaatsvinden volgens artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening. Als onderdeel van deze procedure wordt het bestemmingsplan gedurende een termijn van 6 weken ter inzage gelegd voor zienswijzen. In totaal zijn er drie zienswijzen ingediend. Deze zienswijzen hebben geleid tot onderstaande wijzigingen. Daarnaast zijn er nog enkele ambtelijke wijzigingen doorgevoerd.

6.5.1 Wijzigingen zienswijzen Verkaveling De kaarten met daarop een bouwkavel in plaats van een wadi zijn aangepast. Hierop is nu enkel een wadi te zien. Lagenbenadering De lagenbenadering is toegevoegd en uitgebreid toegelicht in het aangepaste bestemmingsplan. Waterparagraaf Voor de ontwikkeling van de Bolst Noord is een nieuwe waterparagraaf opgesteld. Zowel de nieuwe beleidsuitgangspunten als de feedback van het waterschap Aa en Maas zijn hierin meegenomen. Boringsvrije zone De boringsvrije zone is toegevoegd aan de plankaart en geborgd in de regels van het bestemmingsplan. Landschappelijke inpassing De landschappelijke inpassing is als voorwaardelijke verplichting geborgd in de regels van het vast te stellen bestemmingsplan. Daarnaast is de landschappelijke inpassing nader beschreven in de toelichting van het bestemmingsplan en is er een berekening van 1% norm toegevoegd aan de toelichting van het bestemmingsplan. Regels De regels van het bestemmingsplan Bolst Noord zijn aangepast. Het doel was om de regels meer in lijn te krijgen met het bestemmingsplan 'Kom Erp, herziening Bolst'. Hierdoor ontstaat een woongebied met eenduidige en duidelijke regels. Beeldkwaliteitsplan Het beeldkwaliteitsplan Bolst Noord is aangepast naar aanleiding van feedback door de welstandscommissie. Het beeldkwaliteitsplan is een leidraad waar bouwplannen aan getoetst zullen gaan worden.

6.5.2 Ambtelijke wijzigingen Verbeelding Het aangrenzende bestemmingsplan 'Kom Erp, herziening Bolst' en het ontwerpbestemmingsplan 'Bolst Noord' sloten niet naadloos op elkaar aan. Hierdoor ontstond

NL.IMRO.1948.ERP000BP0012023P-VG01

Pagina: 65 van 66

Datum:22 mei 2025

de situatie waarbij kavels in twee bestemmingsplannen vielen. Dit is juridisch geen wenselijke situatie. Daarom is ervoor gekozen het bestemmingsplan 'Bolst Noord' iets te vergroten waardoor dit probleem is opgelost en deze kavels binnen het bestemmingsplan "Bolst Noord' komen te liggen. Regels De regels van het bestemmingsplan Bolst Noord zijn aangepast. Het doel was om de regels meer in lijn te krijgen met het bestemmingsplan 'Kom Erp, herziening Bolst'. Hierdoor ontstaat een woongebied met eenduidige en duidelijke regels. Beeldkwaliteitsplan Het beeldkwaliteitsplan Bolst Noord is aangepast naar aanleiding van feedback door de welstandscommissie. Het beeldkwaliteitsplan is een leidraad waar bouwplannen aan getoetst zullen gaan worden.

NL.IMRO.1948.ERP000BP0012023P-VG01

Pagina: 66 van 66

Datum:22 mei 2025

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meierijstad&id=4c1d1266-69d0-49f0-be6d-3280bab4eaaa