Bijlage 1 - Programmabegroting 2026
Tekst van het document
We voldoen aan de jaarlijkse wettelijke taakstelling voor opvang en integratie statushouders en lopen, waar mogelijk, vooruit op de jaarlijkse taakstelling. Jeugdzorg We investeren in basisvoorzieningen en preventie aan jeugdige, ouders en opvoeders met als doel dat kinderen veilig kunnen opgroeien en ontwikkelen in Meierijstad. Normaliseren van de vragen is hierbij het uitgangspunt. Als jeugd, ouders of opvoeders zorg- en hulpvragen hebben kunnen zij hiervoor terecht bij het gebiedsteam. Het gebiedsteam is dichtbij en biedt zelf hulp en zorgt indien nodig voor toeleiding naar gespecialiseerde jeugdhulp. De recente stijgende lijn in het aantal kinderen met jeugdhulp willen we doorbreken door daar interventies op in te zetten. We streven ernaar om de hulpvormen die een grote impact hebben op het leven van kinderen (zoals ondertoezichtstellingen, uithuisplaatsingen en gesloten plaatsingen) terug te dringen.
Wat kost het? In de volgende tabel staan de totale lasten en baten van dit begrotingsprogramma. De totale lasten verminderen we met de totale baten en komen zo tot het geraamd saldo van baten en lasten. Dit saldo verminderen we met het bedrag aan toevoeging reserves en vermeerderen we met het bedrag wat we onttrekken aan reserves. Zo komen we tot het geraamd resultaat van dit begrotingsprogramma. Jaar Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting (Bedragen x 1.000) rekening 2025 2026 2027 2028 2029 2024 Lasten Baten Saldo baten en lasten Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Mutaties in de reserves Geraamd resultaat
-138.739 56.344 -82.395 -8.023 2.735 -5.288 -87.683
-147.926 50.483 -97.443 -1.817 2.595 778 -94.819
-127.860 30.031 -97.829 -32 3.736 3.703 -94.126
-127.115 30.741 -96.374 -140 3.538 3.398 -92.976
-126.082 31.560 -94.522 -140 3.687 3.547 -90.974
-124.430 31.594 -92.836 0 2.587 2.587 -90.248
56
Om toelichtingen op de financiën leesbaar te houden passen we categorieën toe, waarbij de mate van bestuurlijke keuzevrijheid een uitgangspunt was. Voor een nadere uitleg van de categorieën verwijzen we naar hetgeen is vermeld in de leeswijzer onder "Wat kost het". Wanneer er een "min-teken" voor de bedragen in de tabel en de toelichting staat, betekent dit dat er een nadelig effect is op het geraamd exploitatieresultaat. (Bedragen x € 1.000) 2026 2027 2028 2029 Primitieve begroting
-84.408
-84.142
-83.677
-83.015
147
147
147
147
-4.451
-4.477
-4.526
-4.542
0
0
0
0
Geraamd resultaat (startsituatie)
-88.712
-88.472
-88.056
-87.410
Bestaand beleid
-3.693
-3.695
-3.696
-3.732
80
80
80
80
-2.539
-1.525
-168
-97
Investeringen 2026
-8
-8
14
15
Loon- en prijsindexatie
-4
-4
-4
-4
Overige technische aanpassingen
168
73
307
351
Wijzigingen < € 50.000
-24
-30
-57
-57
Ombuigingen 2026-2029
606
606
606
606
Totaal ontwikkelingen
-5.414
-4.503
-2.918
-2.838
Geraamd resultaat programmabegroting 2026
-94.126
-92.976
-90.974
-90.248
(Bedragen x € 1.000)
2026
2027
2028
2029
Bestaand beleid
-3.693
-3.695
-3.696
-3.732
-182
-182
-182
-182
Raadsbesluiten september 2024 tot en met juli 2025 1e bestuursrapportage 2025 2e bestuursrapportage 2025
Nieuw beleid Gemeentefonds
Aanpassing budget Wmo hulpmiddelen
Door de stijging van aantallen van uitstaande Wmo hulpmiddelen en een kostenstijging door het nieuwe contract met hulpmiddelenleveranciers dat per 2025 is ingegaan (hogere prijs per hulpmiddel per maand), is er een structurele verhoging van € 182.000 van het huidige budget nodig. Aanpassing budget Wmo Vervoersvoorzieningen -155 -155 -155 -155 Als gevolg van de vergrijzing stijgen de aantallen voor Wmo vervoersvoorzieningen en er is een structurele verhoging van € 155.000 van het huidige budget nodig. Aanpassing budget Wmo Woonvoorzieningen -300 -300 -300 -300 Als gevolg van de vergrijzing, het beleid dat mensen langer zelfstandig thuis wonen en mogelijk ook door de verhitte huizenmarkt waardoor inwoners vaker hun huidige woning laten aanpassen, zijn de aantallen voor Wmo woonvoorzieningen gestegen. Het budget is niet meer toereikend om deze Wmo voorziening aan inwoners te kunnen garanderen en daarom is een structurele verhoging van € 300.000 van het huidige budget nodig. Bijraming bugetten jeugdzorg ZIN (p*q) -2.370 -2.370 -2.370 -2.370 De afgelopen jaren hebben we te maken gehad met een aantal oorzaken, zoals stijging doorlooptijd jeugdigen in zorg, tarief stijging producten, opbouw kleinschalig verblijf en aanbieders in financiële nood, waardoor er een verhoogde druk op de beschikbare middelen in de jeugdzorg is ontstaan.
Voor deze stijging van kosten, wordt er in de begroting voor 2026 een extra budget gevraagd. Deze bijraming is bedoeld om de juiste kwaliteit van zorg te kunnen continueren en een structurele oplossing te bieden voor de groeiende vraag naar jeugdzorg. De budgetten zijn bijgesteld naar het niveau werkelijke realisatie ZIN 2024.
57
Stijging zorgvraag Wmo specialistische hulp
-600
-600
-600
-600
Door stijging van de zorgvraag de afgelopen jaren als gevolg van verzwaring van problematiek, vergrijzing en landelijk beleid dat mensen langer zelfstandig thuis moeten blijven wonen, zijn de kosten substantieel gestegen en is een forse verhoging van de budgetten nodig. Verhoging exploitatiekosten regiotaxi Wmo -85 -87 -89 -125 Door een stijging van de vervoersbewegingen vanaf 2024, wordt voor 2026 rekening gehouden met hogere exploitatiekosten voor de regiotaxi. Werkbudget Preventie en innovatie sociaal domein 0 0 0 0 We zetten het beleid door om ook in de voorliggende collegeperiode snel en adequaat in te kunnen spelen op actuele ontwikkelingen in het sociaal domein. De ontwikkelingen moeten bijdragen aan de veranderopgave in het sociaal domein. Deze opgave kenmerkt zich o.a. door in te zetten op preventie en innovatie. Een aantal activiteiten die we vooraf kunnen voorzien worden separaat in beeld gebracht. Activiteiten en projecten die niet vooraf te voorzien zijn en waar we snel op in willen kunnen spelen vallen onder de paraplu Preventie en Innovatie in het sociaal domein. Benodigd budget voor de jaren 2028 en 2029 beide jaren € 300.000. Dekking ten laste van de reserve Sociaal Domein. (Budgettair neutraal). Nieuw beleid
80
80
80
80
BIG 5 visie en werkwijze jeugdzorg
0
0
0
0
Conform het bestedingsplan van de bestemmingsreserve Beschermd wonen, wordt voor de jaren 2026 t/m 2029 ieder jaar € 250.000 geraamd voor de visie en werkwijze BIG 5. (Budgettair neutraal). Het Verkennend Gesprek 0 0 0 0 Conform het bestedingsplan van de bestemmingsreserve Beschermd wonen, wordt voor de jaren 2026 t/m 2029 ieder jaar € 50.000 geraamd voor Het Verkennend Gesprek. (Budgettair neutraal). Leergroepen GGZ 0 0 0
0
Conform het bestedingsplan van de bestemmingsreserve Beschermd wonen, wordt voor de jaren 2026 t/m 2029 ieder jaar € 50.000 geraamd voor Leergroepen GGZ. (Budgettair neutraal). Normalisering jeugdhulp 0 0 0
0
Conform het bestedingsplan van de bestemmingsreserve Beschermd wonen, wordt voor de jaren 2026 t/m 2029 ieder jaar € 150.000 geraamd voor Normalisering jeugdhulp. (Budgettair neutraal). Overname jeugdconsulenten Toegang 80 80 80 80 Op 25 februari 2025 is er een voorgenomen besluit genomen om de toegang tot de jeugdhulp te uniformeren door de uitvoering volledig bij de gemeentelijke medewerkers neer te leggen. Het college heeft, op basis van de uitkomsten van het door de stuurgroep uitgevoerde onderzoek en de opgestelde analyse, besloten definitief in te stemmen met de overname van de jeugdconsulenten Toegang van de coöperatie. Preventie en innovatie Beschermd Wonen 0 0 0 0 Conform het bestedingsplan van de bestemmingsreserve Beschermd wonen, wordt voor de jaren 2026 t/m 2029 ieder jaar € 150.000 geraamd voor Preventie en innovatie Beschermd Wonen en voor het jaar 2030 € 195.000. (Budgettair neutraal). Skaeve Huse 0 0 0 0 Conform het bestedingsplan van de bestemmingsreserve Beschermd wonen, wordt voor de jaren 2026 t/m 2030 ieder jaar € 300.000 geraamd voor Skaeve Huse. (Budgettair neutraal). Verslavings- en herstelvoorzieningen 0 0 0
0
Conform het bestedingsplan van de bestemmingsreserve Beschermd wonen, wordt voor de jaren 2026 t/m 2030 ieder jaar € 150.000 geraamd voor Verslavings- en herstelvoorzieningen. (Budgettair neutraal). Versterken uitvoering Sociaal Domein 0 0 0 0 Conform het bestedingsplan van de bestemmingsreserve Beschermd wonen, wordt voor de jaren 2026 t/m 2029 ieder jaar € 250.000 geraamd voor Versterken uitvoering Sociaal Domein. (Budgettair neutraal).
58
Zelfregiecentrum
0
0
0
0
Conform het bestedingsplan van de bestemmingsreserve Beschermd wonen, wordt voor de jaren 2026 t/m 2029 ieder jaar € 50.000 geraamd voor een Zelfregiecentrum. (Budgettair neutraal).
59
Investeringen In de volgende tabel zijn de investeringen voor het jaar 2025 opgenomen met de kapitaallasten per investering. Na de tabel volgt een toelichting per investering. (Bedragen x € 1.000) Investering Kapitaallasten Naam investering Realisatiekrediet nieuwbouw kinderopvangvoorziening De Empel te Erp Realistiekrediet nieuwbouw kinderopvangvoorziening bij Bs Regenboog Wijbosch Voorbereidingskrediet nieuwbouw kinderopvangvoorziening Boerdonk
2026
2027
2028
2029
1.377
0
0
14
14
914
-8
-8
1
1
45
0
0
0
0
Realisatiekrediet nieuwbouw kinderopvangvoorziening De Empel te Erp Gemeente, schoolbesturen en (kinder-)opvangorganisaties streven er naar om een bereikbaar aanbod van kindvoorzieningen te realiseren in IKC’s. De vervangende nieuwbouw van basisschool De Empel te Erp is de unieke gelegenheid om in deze school ook opvangvoorzieningen te integreren. Op basis van de nieuwbouwkostenconfigurator 2025 is berekend dat voor de realisatie van deze opvangvoorziening in 2026, op basis van BENG-normering, een investeringsbedrag van in totaal € 1.376.858 nodig is. Afschrijving start in 2028, na gereedkomen van de nieuwbouw. Conform de afspraken uit het IHP worden de kapitaallasten van deze investering volledig gedekt door een deel van de kostprijsdekkende huur, die het schoolbestuur als huurder van de opvangvoorzieningen aan de gemeente verschuldigd is. Per saldo budgettair neutraal. Realistiekrediet nieuwbouw kinderopvangvoorziening bij Bs Regenboog Wijbosch Gemeente, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties streven er naar om een bereikbaar aanbod van kindvoorzieningen te realiseren in IKC’s. De vervangende nieuwbouw van basisschool De Regenboog te Wijbosch is de unieke gelegenheid om in deze school ook opvangvoorzieningen te integreren. De realisatie van de nieuwbouw heeft vertraging opgelopen en wordt met een jaar uitgesteld naar 2026.
Op basis van de nieuwbouwkostenconfigurator 2025 is berekend dat voor de realisatie van deze opvangvoorziening in 2026 op basis van BENG-normering een investeringsbedrag van in totaal € 913.990 nodig is. Conform de afspraken uit het IHP worden de kapitaallasten van deze investering volledig gedekt door een deel van de kostprijsdekkende huur, die het schoolbestuur als huurder van de opvangvoorzieningen aan de gemeente verschuldigd is. Per saldo dus budgettair neutraal. Voorbereidingskrediet nieuwbouw kinderopvangvoorziening Boerdonk Gemeente, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties streven er naar om een bereikbaar aanbod van kindvoorzieningen te realiseren in IKC’s. De vervangende nieuwbouw van basisschool Nicolaas te Boerdonk is de unieke gelegenheid om in deze school ook opvangvoorzieningen te integreren. Op basis van de nieuwbouwkostenconfigurator 2025 is becijferd dat met de voorbereiding van deze opvangvoorzieningen in 2026, op basis van BENG-normering, een bedrag van in totaal € 44.734 gemoeid is. Start afschrijving in 2029 na gereedkomen van de nieuwbouw. Conform de afspraken uit het IHP worden de kapitaallasten van deze investering volledig gedekt door een deel van de kostprijsdekkende huur, die het schoolbestuur als huurder van de opvangvoorzieningen aan de gemeente verschuldigd is. Per saldo budgettair neutraal.
60
Verbonden partijen • Werkvoorzieningsschap De Dommel (WSD) • Werkvoorzieningsschap Noordoost Brabant • Kleinschalig collectief vervoer • Centrumregeling Jeugdhulp Noordoost Brabant • Centrumregeling ter uitvoering WMO • Samenwerkingsovereenkomst beschermd wonen en maatschappelijk opvang
61
VOLKSGEZONDHEID, MILIEU EN DUURZAAMHEID Wat willen we bereiken? Ambitie De coronacrisis leerde ons dat gezondheid het belangrijkste is in een mensenleven. Dat geldt voor onze lichamelijke én psychische gezondheid. Door gezondheidsbescherming en gezondheidsbevordering, met een focus op leefstijl en leefomgeving, maken onze inwoners bewust gezonde(re) keuzes. Belemmeringen die mensen ervaren om gezond te kunnen leven nemen we weg voor zover dat tot onze competentie behoort. In lijn met de afspraken van Parijs hebben we in 2050 een CO2-neutrale, klimaatbestendige en circulaire leef- en werkomgeving in Meierijstad.
Wat willen we bereiken? Gezondheid Verbetering van factoren in de leefomgeving met een positieve invloed op de gezondheid, waaronder de luchtkwaliteit. Gezondheidswinst door de focus op preventie. Vermindering van alcohol- en drugsgebruik. Herijking van het gezondheidsbeleid.
Duurzaamheid Een fundament voor een klimaatbestendige leefomgeving (met aandacht voor vermindering van hittestress) en de energietransitie, waaronder duurzame opwek met zon en wind met een nadrukkelijke regierol voor de gemeente. Minimaal behoud en waar mogelijk versterking van de biodiversiteit in de leefomgeving. Versnelling van energiebesparing en versnellen van ‘zon op dak’. Naleving afspraken uit de Regionale Energie Strategie (RES) en uitvoering van de tweede tranche zonneparkenbeleid. Eén wijkuitvoeringsplan voor de warmtetransitie (aardgasvrij) met een focus op de uitvoering en het gesprek met bewoners en eigenaren. Tevens start ontwerp energiesysteem van de toekomst, op basis van de leidende principes zoals betaalbaarheid en realiseerbaarheid. Innovatieve duurzaamheidskansen benutten we in samenwerking met onderwijs en bedrijfsleven zoals het mogelijk maken van minimaal 1 waterstoftankstation in onze gemeente. Circulariteit is het nieuwe normaal in het denken en handelen bij bedrijven, inwoners en verenigingsleven.
Beleidsindicatoren In de volgende tabel geven we de verplichte indicatoren vanuit waarstaatjegemeente.nl weer. We hebben hierbij ook een referentiemeting opgenomen. Hiervoor gebruiken wij de gemiddelde waarde van gemeenten in de grootteklasse van 50.000 tot 100.000 inwoners. Indicator
Bron
Jaar Referentie Meierijstad
Jaar Referentie Meierijstad
Omvang CBS-statistiek huishoudelijk huishoudelijk restafval, afval kilogram per bewoner per jaar
2020
167
77
2021
164
72
Hernieuwbare energie, als % van totale energieverbruik gemeente
2021
Geen data
16,0%
2022
32,5%
21,3%
Klimaatmonitor Rijkswaterstaat
62
Wat gaan we daar voor doen? Gezondheid Verbetering van factoren in de leefomgeving met een positieve invloed op de gezondheid, waaronder de luchtkwaliteit. Volgens het Delta Programma Ruimtelijke Adaptatie is een volgende meetronde ‘klimaatstresstest gepland in 2024, dat wij, net als de eerste ronde in 2016 in Regio-verband oppakken. We stellen beleid op voor geur, geluid en externe veiligheid. We voeren het Uitvoeringsprogramma Luchtkwaliteit 2030 uit. Gezondheidswinst door de focus op preventie. De focus op preventie blijft onverminderd van kracht. Voorkomen is beter dan genezen. Met het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) wordt 'focus op preventie' onderstreept. Vermindering van alcohol- en drugsgebruik. Het regionale project ‘denormalisering drugs’, ook wel bekend onder de naam ‘SKIP’, is een (bekend) project dat lopende is en een bijdrage moet leveren aan het verminderen van drugsgebruik. Op de lange termijn moet het de normalisering van drugs tegengaan. Op de korte termijn willen we maatschappelijk draagvlak verkrijgen om met elkaar het gesprek over drugs aan te gaan Herijking van het gezondheidsbeleid. We ontwikkelen het gezondheidsbeleid verder door en voeren het uit. De vier thema’s waar we extra op in gaan zetten zijn: mentale gezondheid, eenzaamheid, leefstijl en leefomgeving.
Duurzaamheid Een fundament voor een klimaatbestendige leefomgeving (met aandacht voor vermindering van hittestress) en de energietransitie, waaronder duurzame opwek met zon en wind met een nadrukkelijke regierol voor de gemeente. We stellen een uitvoeringsagenda klimaatadaptatieplan op. We starten gemeentebreed met de uitwerking van klimaatadaptief beleid. We zetten in op uitbreiding van het energienet en innovatieve oplossingen voor opwek- en afnameschaarste. We blijven aangesloten bij de Regionale Energie Strategie. We voeren de eerste en tweede tranche zonneparken uit en ondersteunen innovatieve opwekvormen als deze kansrijk zijn. We evalueren of we de deelname STILA (stimuleringsregeling Landschap) in 2026 voortzetten. Minimaal behoud en waar mogelijk versterking van de biodiversiteit in de leefomgeving. We voeren het uitvoeringsprogramma biodiversiteit uit.
Versnelling van energiebesparing en versnellen van ‘zon op dak’. We werken aan een samenhangende en overkoepelende aanpak voor het deelprogramma Energiebesparing. We ontwikkelen een aanpak op Energiebesparing breed met daarin: 1.1 Aanpak (door)ontwikkelen op versnellen energiebesparing huurwoningen. 1.2 Aanpak (door)ontwikkelen op versnellen energiebesparing koopwoningen. 1.3 Voortzetten aanpak Energiebesparing Maatschappelijk vastgoed. 1.4 Voortzetten samenwerking met Bedrijven/Doe. 1.5 Ontwikkelen aanpak gericht op organisaties in directe invloedssfeer van de gemeente. Naleving afspraken uit de Regionale Energie Strategie (RES) en uitvoering van de tweede tranche zonneparkenbeleid. We werken in de regio rondom opwek samen in de RES. Voortgang van de RES is afhankelijk van keuzes vanuit de rijksoverheid. We doorlopen daarnaast het traject voor de tweede tranche zoals vastgesteld in het in 2023 vastgestelde beleid.). Eén wijkuitvoeringsplan voor de warmtetransitie (aardgasvrij) met een focus op de uitvoering en het gesprek met bewoners en eigenaren.
Tevens start ontwerp energiesysteem van de toekomst, op basis van de leidende principes zoals betaalbaarheid en realiseerbaarheid We werken verder aan de startwijk De Bunders (Laren en Donken), en pakken dit in participatie op met de inwoners, woningbouwcorporaties, ondernemers en andere belanghebbenden We stellen een Wijkuitvoeringsplan op met onder andere informatie over de kosten voor het realiseren van een alternatief systeem Innovatieve duurzaamheidskansen benutten we in samenwerking met onderwijs en bedrijfsleven zoals het mogelijk maken van minimaal 1 waterstoftankstation in onze gemeente.
63
We stimuleren slimme innovatieve oplossingen voor opwek en opslag (onder andere waterstof / warmtenetten bij nieuwbouwwijken) en geven kaders zodat de uitrol gekopieerd kan worden en niet elk project het wiel uit moet vinden. Circulariteit is het nieuwe normaal in het denken en handelen bij bedrijven, inwoners en verenigingsleven. We zetten een overkoepelende aanpak voor circulariteit op met daarin: een aanpak voor duurzaam bouwen en renoveren, ondersteuning en coördinatie van activiteiten circulariteit binnen het bedrijfsleven, de aanpak voedselverspilling, de transitie huishoudelijk afval, het verankeren van circulariteit in het inkoopproces en het verbreden van de verduurzaming maatschappelijk vastgoed met thema circulariteit.
Wat kost het? In de volgende tabel staan de totale lasten en baten van dit begrotingsprogramma. De totale lasten verminderen we met de totale baten en komen zo tot het geraamd saldo van baten en lasten. Dit saldo verminderen we met het bedrag aan toevoeging reserves en vermeerderen we met het bedrag wat we onttrekken aan reserves. Zo komen we tot het geraamd resultaat van dit begrotingsprogramma. Jaar Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting (Bedragen x 1.000) rekening 2025 2026 2027 2028 2029 2024 Lasten Baten Saldo baten en lasten Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Mutaties in de reserves Geraamd resultaat
-16.357 4.376 -11.981 0 1.502 1.502 -10.479
-33.512 16.212 -17.300 0 4.798 4.798 -12.502
-11.943 1.751 -10.192 0 2.061 2.061 -8.131
-10.934 1.738 -9.197 0 1.008 1.008 -8.189
-10.221 1.738 -8.483 0 -50 -50 -8.533
-8.846 364 -8.482 0 -50 -50 -8.532
Om toelichtingen op de financiën leesbaar te houden passen we categorieën toe, waarbij de mate van bestuurlijke keuzevrijheid een uitgangspunt was. Voor een nadere uitleg van de categorieën verwijzen we naar hetgeen is vermeld in de leeswijzer onder "Wat kost het". Wanneer er een "min-teken" voor de bedragen in de tabel en de toelichting staat, betekent dit dat er een nadelig effect is op het geraamd exploitatieresultaat. (Bedragen x € 1.000) 2026 2027 2028 2029 Primitieve begroting
-12.394
-12.350
-12.652
-12.652
0
0
0
0
-55
-55
-55
-55
0
0
0
0
-12.448
-12.404
-12.707
-12.707
-117
-117
-117
-117
-4
-6
-6
-7
4.182
4.082
4.040
4.042
257
257
257
257
Totaal ontwikkelingen
4.317
4.216
4.174
4.175
Geraamd resultaat programmabegroting 2026
-8.131
-8.189
-8.533
-8.532
Raadsbesluiten september 2024 tot en met juli 2025 1e bestuursrapportage 2025 2e bestuursrapportage 2025 Geraamd resultaat (startsituatie) Bestaand beleid Loon- en prijsindexatie Overige technische aanpassingen Ombuigingen 2026-2029
64
(Bedragen x € 1.000)
2026
2027
2028
2029
Bestaand beleid
-117
-117
-117
-117
Begroting 2026 GGD indexering inwonersbijdrage
-117
-117
-117
-117
De inwonerbijdrage voor de GGD wordt geïndexeerd waarmee de gemeentelijke bijdrage 2026 op € 46,01 per inwoner uitkomt. Dit geeft voor Meierijstad een nadeel van € 116.826 op de begroting 2026. Hiervan komt € 18.542 door groei van het aantal inwoners en € 98.284 door prijsindexering. Dit laatste bedrag wordt daarom gedekt uit de stelpost prijzen (onderdeel 9. financiele informatie programmaplan). Budget 3e tranche lokale aanpak isolatie 0 0 0 0 Via de begroting is voor de lokale aanpak isolatie een budget en rijksbijdrage opgenomen in 2026. Deze bijdrage (3e tranche) is al ontvangen in 2025 en kan dus in de begroting 2026 verwijderd worden. Investeringen Binnen programma 7 Volksgezondheid, milieu en duurzaamheid zijn geen nieuwe investeringen opgenomen voor 2026.
Verbonden partijen • Omgevingsdienst Brabant-Noord • Stadsgewest 's-Hertogenbosch (alleen stortplaats) • Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD) Hart voor Brabant • Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord
65
RUIMTELIJKE ONTWIKKELING EN WONEN Wat willen we bereiken? Ambitie Meierijstad biedt een thuis: een prettige en aantrekkelijke omgeving om te wonen, te werken en te recreëren. Een omgeving die duurzaam en gezond is. We willen een daarbij passende ruimtelijke balans die de woningbouwopgave, de energietransitie, de landbouwtransitie, de transitie naar een circulaire economie en klimaatadaptatie kan verenigen. Deze balans is vastgelegd in een omgevingsvisie en omgevingsplan.
Wat willen we bereiken? Wonen Versnelling van de kwantitatieve en kwalitatieve woningbouwopgave met het ‘actieplan woningbouw’ als leidraad. Daarbij is extra aandacht voor de (leefbaarheid van de) kleine kernen en gaan inbreiding en uitbreiding samen. Welstandsarm werken: alleen beschermen wat we willen beschermen. Dit leggen we vast in een nieuwe welstandsnota. Na herijking van de woonzorgvisie werken we aan de realisatie van de doelstellingen zoals opgenomen in de Woonzorgvisie 2024. Hierbij zetten we in op goede huisvesting van alle mensen in Meierijstad, met extra zorg en begeleiding op de verschillende onderscheiden aandachtsgroepen. Ook dragen we bij aan de verbinding tussen wonen, welzijn en zorg. Hiermee dragen we bij aan vitale leefgemeenschappen. Een divers kwalitatief woningaanbod: koop, huur, meer-generatie-wonen (levensloopbestendig) en zorgconcepten.
Ruimtelijke Ontwikkeling Een omgevingsvisie en omgevingsplan die met participatie tot stand zijn gekomen, waarbij gewenste ontwikkelrichtingen zijn gewogen en vastgelegd. Bedrijventerreinen die zich kenmerken door duurzaam ruimtegebruik, goede ontsluiting en kwalitatief voldoen aan de eisen van de tijd. Ruimte voor andere vormen van economie in het buitengebied, passend bij de aard, schaal en gewenste kwaliteit van het landelijk gebied. Een aantrekkelijk buitengebied met ook ruimte voor veehouderijen. Een landschap met ruimte voor (nieuwe) natuur en bomen, water (groen-blauwe structuren) en mogelijkheden voor recreatie.
Erfgoed Behoud van monumenten en zo mogelijk versterken van cultureel erfgoed.
Beleidsindicatoren In de volgende tabel geven we de verplichte indicatoren vanuit waarstaatjegemeente.nl weer. We hebben hierbij ook een referentiemeting opgenomen. Hiervoor gebruiken wij de gemiddelde waarde van gemeenten in de grootteklasse van 50.000 tot 100.000 inwoners. Indicator
Bron
Jaar Referentie Meierijstad Jaar Referentie Meierijstad
Gemiddelde WOZ-waarde CBS 2024 (bedrag x € 1.000) Statistiek Waarde Onroerende Zaken
361
420 2025
398
450
Nieuw gebouwde woningen, per 1.000 woningen
8,6
12,8 2024
8,4
11,9
BAG Bewerking AFB Research
2023
66
Demografische druk, som CBS 2024 aantal personen 0-20 jaar Bevolkingsen 65+ jaar in verhouding statistiek tot personen van 20-65 jaar
75,3
74,6 2025
70,7
75,6
Gemeentelijke woonlasten COELO eenpersoonshuishouden, per jaar in euro's
2024
897
794 2025
957
863
Gemeentelijke woonlasten COELO meerpersoonshuishouden, per jaar in euro's
2024
978
847 2025
1.050
919
Wat gaan we daar voor doen? Wonen Versnelling van de kwantitatieve en kwalitatieve woningbouwopgave met het ‘actieplan woningbouw als leidraad. Daarbij is extra aandacht voor de (leefbaarheid van de) kleine kernen en gaan inbreiding en uitbreiding samen. We voeren het plan van aanpak woningbouwversnelling uit, monitoren op uitvoerbaarheid en stellen dit desgewenst bij In samenwerking met het lokale bedrijfsleven gaan we met een nieuwe coöperatieve ontwikkelwijze betaalbare huisvesting realiseren voor werknemers, jong talent en expats. We onderzoeken daarbij de combinatie met andere doelgroepen. Welstandsarm werken: alleen beschermen wat we willen beschermen. Dit leggen we vast in een nieuwe welstandsnota. We stellen een nota op voor een welstandsarme gemeente die verder gaat dan het actualiseren van het huidig beleid. De insteek is om te komen naar welstandsbeleid waarin we alleen beschermen wat we echt nodig vinden. Na herijking van de woonzorgvisie werken we aan de realisatie van de doelstellingen zoals opgenomen in de Woonzorgvisie 2024. Hierbij zetten we in op goede huisvesting van alle mensen in Meierijstad, met extra zorg en begeleiding op de verschillende onderscheiden aandachtsgroepen. Ook dragen we bij aan de verbinding tussen wonen, welzijn en zorg.
Hiermee dragen we bij aan vitale leefgemeenschappen Samen met corporaties, zorgorganisaties en marktpartijen stimuleren we het “langer thuis wonen”. In nieuwbouw en transformatie stimuleren we de realisatie van seniorengeschikte woonvormen, zoals geclusterde woonvormen. We ontwikkelen methoden en instrumenten om doorstroming mee te stimuleren en zetten deze waar mogelijk actief in. We onderzoeken daarnaast hoe we het mantelzorgbeleid verder kunnen versoepelen. Dit doen we samen met belanghebbende partijen. We voeren onderzoek en nieuw beleid uit. Dit doen we aan de hand van de Uitvoeringsagenda die voortvloeit uit de Woonzorgvisie 2024 We voeren onderzoek, ontwikkeling en uitvoering uit naar betaalbaarheidsinstrumenten, zoals de inwerking getreden starterslening. We hanteren nieuwe juridische en wettelijke instrumenten wonen, zoals een huisvestingsverordening, urgentieverordening. We concretiseren de realisatie nieuwe woonvormen zoals opgenomen in de woonzorgvisie 2024 We werken aan de uitvoering van de ‘Meerjaren Prestatieafspraken 2025 tot 2030’.
Een divers kwalitatief woningaanbod: koop, huur, meer-generatie-wonen (levensloopbestendig) en zorgconcepten. We gaan aan de slag met een gebiedsgerichte vertaling van de woonzorgvisie en bekijken per kern wat er nodig en mogelijk is. We hebben daarbij aandacht voor een evenwichtige woningvoorraad (spreiding en slaagkansen) en de fysieke eigenschappen van de aanwezige woningvoorraad en ontwikkelopgaven- of mogelijkheden van de kern i.r.t. het betreffende woonmilieu. We maken keuzes om te komen tot een juiste balans tussen inbreiding en uitbreiding en bestaande voorraad en nieuwbouw.
67
We versterken de regionale samenwerking. We zetten verder in op actieve deelname aan de regionale samenwerking volgens het Regionaal Perspectief Wonen en werken in regionaal verband samen aan het verstedelijkingsakkoord en uitwerking van de Regionale Woondeal met het Rijk. Ruimtelijke Ontwikkeling Een omgevingsvisie en omgevingsplan die met participatie tot stand zijn gekomen, waarbij gewenste ontwikkelrichtingen zijn gewogen en vastgelegd. We voltooien de omgevingsvisie. We maken een start in het gebruik van het Omgevingswet-instrument ‘programma’. We maken enkele multisectorale programma’s in plaats van een groter aantal monosectorale beleidsnota’s of gebiedsvisies. Zo werken we de omgevingsvisie gedetailleerder uit. We werken aan 1 omgevingsplan voor het gehele grondgebied van de gemeente Meierijstad. We gebruiken dit moment om onze regels voor de fysieke leefomgeving te harmoniseren en tegen het licht te houden. Bedrijventerreinen die zich kenmerken door duurzaam ruimtegebruik, goede ontsluiting en kwalitatief voldoen aan de eisen van de tijd. We stellen ontwikkelingsrichtingen op voor bedrijventerreinen die zich kenmerken door duurzaam ruimtegebruik, goede ontsluiting en die kwalitatief voldoen aan de eisen van de tijd. Ruimte voor andere vormen van economie in het buitengebied, passend bij de aard, schaal en gewenste kwaliteit van het landelijk gebied.
We stellen ontwikkelingsrichtingen op voor andere vormen van economie in het buitengebied passend bij de aard, schaal en gewenste kwaliteit van het landelijk gebied. Een aantrekkelijk buitengebied met ook ruimte voor veehouderijen. Gemeente Meierijstad gaat samen met de gemeenten Laarbeek en Bernheze en een aantal andere organisaties participeren in het GGA-gebied Aa-dal Noord. We stellen ontwikkelingsrichtingen op voor een aantrekkelijk buitengebied met ook ruimte voor veehouderijen. Een landschap met ruimte voor (nieuwe) natuur en bomen, water (groen-blauwe structuren) en mogelijkheden voor recreatie. We stellen ontwikkelingsrichtingen op voor natuurontwikkeling. Erfgoed Behoud van monumenten en zo mogelijk versterken van cultureel erfgoed. We actualiseren/ harmoniseren de gemeentelijke monumentenlijsten.
68
Wat kost het? In de volgende tabel staan de totale lasten en baten van dit begrotingsprogramma. De totale lasten verminderen we met de totale baten en komen zo tot het geraamd saldo van baten en lasten. Dit saldo verminderen we met het bedrag aan toevoeging reserves en vermeerderen we met het bedrag wat we onttrekken aan reserves. Zo komen we tot het geraamd resultaat van dit begrotingsprogramma. Jaar Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting (Bedragen x 1.000) rekening 2025 2026 2027 2028 2029 2024 Lasten
-7.410
-14.643
-18.145
-10.181
-10.011
-10.065
Baten
5.697
9.149
4.194
4.961
4.961
4.961
Saldo baten en lasten
-1.714
-5.493
-13.951
-5.220
-5.050
-5.104
Toevoegingen aan reserves
0
0
0
0
0
0
Onttrekkingen aan reserves
1.143
3.365
8.168
185
0
0
Mutaties in de reserves
1.143
3.365
8.168
185
0
0
Geraamd resultaat
-571
-2.128
-5.783
-5.034
-5.050
-5.104
Om toelichtingen op de financiën leesbaar te houden passen we categorieën toe, waarbij de mate van bestuurlijke keuzevrijheid een uitgangspunt was. Voor een nadere uitleg van de categorieën verwijzen we naar hetgeen is vermeld in de leeswijzer onder "Wat kost het". Wanneer er een "min-teken" voor de bedragen in de tabel en de toelichting staat, betekent dit dat er een nadelig effect is op het geraamd exploitatieresultaat. (Bedragen x € 1.000) 2026 2027 2028 2029 Primitieve begroting
-2.094
-1.948
-2.125
-2.211
Raadsbesluiten september 2024 tot en met juli 2025 1e bestuursrapportage 2025
75
126
126
126
-9
-9
-9
-9
2e bestuursrapportage 2025
0
0
0
0
-2.029
-1.832
-2.009
-2.095
-263
-263
-263
-263
Nieuw beleid
0
212
213
213
Loon- en prijsindexatie
-9
-9
-9
-9
-3.909
-3.769
-3.743
-3.712
426
626
761
761
Totaal ontwikkelingen
-3.754
-3.202
-3.041
-3.009
Geraamd resultaat programmabegroting 2026
-5.783
-5.034
-5.050
-5.104
Geraamd resultaat (startsituatie) Bestaand beleid
Overige technische aanpassingen Ombuigingen 2026-2029
69
(Bedragen x € 1.000)
2026
2027
2028
2029
Bestaand beleid
-263
-263
-263
-263
Capaciteit beheerdata (3,0 FTE)
-263
-263
-263
-263
Om de actualiteit van onze data te waarborgen vragen we 3FTE aan voor de bijhouding van beheergegevens van de openbare ruimte. Nieuw beleid 0 212 213
213
Masterplan centrum Veghel
213
0
212
213
Voor het Veghelse centrum is een stedenbouwkundig masterplan vastgesteld. Wanneer deze plannen tot uitvoering worden gebracht, draagt dit bij aan: • het saneren van overtollige winkelvloeroppervlak en het realiseren van herkenbare en compacte winkelstructuur (conform het centrumbeleid); • het verbeteren van de ruimtelijke (omgevings)kwaliteit; • het meer klimaatrobuust inrichten van de openbare ruimte; • het toevoegen van woningen voor de juiste doelgroepen nabij voorzieningen. Het masterplan leidt daarmee tot een integraal, samenhangend en uitvoerbaar maatregelenpakket voor het Veghelse centrum. De volgende investeringen worden voorgesteld: • Invoeren betaald parkeren op maaiveld in het centrum per 2027 ad € 235.400 en het realiseren van circa 100 gratis parkeerplaatsen op loopafstand van het centrum ad € 535.000. In totaal € 770.400; • realiseren parkeerhub (inclusief parkeermanagementsysteem) per 2030 ad € 10.716.000; • herinrichten doorgaande weg (Stadhuisplein/ Meijerijstraat) per 2035 ad € 1.383.580. De benoemde investeringen zijn berekend inclusief te verwachten indexering; In de meerjarenbegroting heeft bovenstaande nog een positief effect. Vanaf 2031 slaat dit echter om in een structureel nadeel van € 320.000 omdat vanaf dat jaar de kapitaallasten van de investering van de parkeerhub in de begroting worden opgenomen.
Er is een grondexploitatie opgezet voor het masterplan l. Hierin zijn alle relevante kosten opgenomen, zoals verwervingskosten/ boekwaarden, sloopkosten, bouwkosten, inrichting openbare ruimte, etc. Om het volledige masterplan tot uitvoering te brengen, het centrumbeleid verder uit uitvoering te brengen, de openbare ruimte te vergroenen en meer klimaatbestendig in te richten en de ruimtelijke kwaliteit aanzienlijk te verbeteren is een bedrag (netto contant) benodigd van € 7.935.000. Er wordt de gemeenteraad nog niet gevraagd om een grondexploitatie vast te stellen, maar wel alvast een krediet te openen van € 7.935.000 om uitvoering te geven aan het centrumbeleid en het masterplan centrum Veghel. Het is de bedoeling dat het gevraagde krediet wordt overgezet naar een nog te openen (negatieve) grondexploitatie. Dit betekent dat deze kosten per 2026 ten laste komen van de algemene reserve. De weerstandsratio blijft na deze onttrekking boven de minimale norm. Investeringen Binnen programma 8 Ruimtelijke ontwikkeling en wonen zijn geen nieuwe investeringen opgenomen voor 2026.
Verbonden partijen • Scheifelaar II Beheer B.V. • Scheifelaar II C.V. • N.V. Monumenten Beheer Brabant
70
FINANCIËLE INFORMATIE PROGRAMMAPLAN
71
Financiële informatie programmaplan Algemene dekkingsmiddelen zijn inkomsten van een gemeente waarvoor geen bestedingsdoel is bepaald. Dat betekent dat de gemeente deze vrij kan besteden. Algemene dekkingsmiddelen zijn bedoeld om de programma’s uit te voeren die de gemeenteraad heeft vastgesteld. Uitkeringen gemeentefonds De uitkeringen uit het gemeentefonds zijn voor de begroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029 gebaseerd op de meicirculaire 2025. De meicirculaire 2025 bevestigt het beeld uit de voorjaarsnota van het (demissionair) kabinet: in de komende twee jaar wordt de bezuinigingsopgave voor gemeenten verlicht. Tegelijkertijd zorgt de val van het kabinet voor nieuwe onzekerheden. Omdat het kabinet demissionair is, worden voorlopig geen nieuwe beleidsmaatregelen verwacht. Gemeenten zullen de komende periode moeten blijven opereren binnen de bestaande financiële kaders. In 2026 bedraagt onze uitkering uit het Gemeentefonds € 182 miljoen en is daarmee veruit onze belangrijkste inkomstenbron. De algemene uitkering bedraagt € 164 miljoen. Naast de algemene uitkering ontvangen we nog integratie- en decentralisatie uitkeringen samen € 18 miljoen.
Ten opzichte van de vorige begroting zijn de volgende ontwikkelingen verwerkt: • Ontwikkeling accressen Het accres - de jaarlijkse groei van het gemeentefonds - is sinds 2024 niet meer gekoppeld aan de ontwikkeling van de rijksuitgaven, maar aan de ontwikkeling van de economie (het bruto binnenlands product, BBP). Dit zou voor een stabielere groei moeten zorgen dan de oude systematiek. De normering wordt gesplitst in een volumedeel en een prijsdeel. Het volumedeel is gebaseerd op een achtjaars historisch gemiddelde van het BBP. Het prijsdeel is gebaseerd op de prijsontwikkeling (inflatie) van het BBP van het lopende jaar. • Demping terugval gemeentefonds: Het rijk compenseert de terugval in het gemeentefonds vanaf 2026. • Tekort jeugdzorg voor rekening Rijk Op advies van de deskundigencommissie van Ark is het tekort in het budget voor de terugval in het gemeentefonds gelijk verdeeld over Rijk en gemeenten (50-50). • Groeipad maatregelen Hervormingsagenda Het ingroeipad van de maatregelen van de hervormingsagenda is verzacht voor de jaren 2026 en 2027. • Hervormingsagenda jeugd Voor de jaren 2028 en verder versterkt het kabinet de beheersmaatregelen uit de Hervormingsagenda en worden aanvullende maatregelen uitgewerkt. Vanaf 2028 wordt hiervoor € 835 miljoen uit het gemeentefonds genomen.
Een deel hiervan (eigenbijdrage jeugdzorg en sturen op trajectduur jeugdzorg) is voor de jaren 2028 en 2029 budgettair neutraal in de begroting opgenomen. • Uitstel vervanging abonnementstarief Wmo De invoering van de inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage wordt uitgesteld tot 1 januari 2027. De geplande uitname uit het gemeentefonds van € 225 miljoen in 2026 wordt daardoor in de meicirculaire 2025 teruggedraaid en gaat nu pas in vanaf 2027.
BTW compensatiefonds (BCF) Gemeenten kunnen BTW die betaald wordt op overheidstaken compenseren bij het Rijk ten laste van het BCF (Btw compensatiefonds). Vanaf 2015 zijn het BCF en het Gemeentefonds communicerende vaten. Ontstaat financiële ruimte in het BCF dan komt dit ten gunste van het Gemeentefonds; overtreffen de BTW declaraties het BCF dan vult het Gemeentefonds dit aan. Vanaf 2019 is de afrekensystematiek tussen het BCF en het Gemeentefonds gewijzigd. Gemeenten krijgen nog altijd waar ze recht op hebben, maar het Rijk voegt het geraamde BCF surplus niet meer op voorhand toe aan het Gemeentefonds. Het Rijk, VNG en de provinciale toezichthouders hebben afspraken gemaakt. Dit betekent dat het voor gemeenten is toegestaan om een inkomstenpost op te nemen ter hoogte van maximaal de laatst vastgestelde jaarrekening van het Rijk. Voor 2026 betekent dit dat de inkomstenpost structureel is verlaagd met € 950.000. Vanaf 2026 hebben wij € 1.300.000 als stelpost opgenomen.
72
2026
2027
2028
2029
Algemene uitkering Integratie-uitkeringen: Participatie Decentralisatie- integratie uitkeringen: Decentralisatie provinciale taken vergunningverlening, toezicht en handhaving (DU) Voorschoolse voorziening peuters (DU) Armoedebestrijding kinderen (DU) Jeugdhulp kinderen in een AZC Impulsgelden weerbaar bestuur/Veilig wonen Bibliotheekmiddeln Extra capaciteit Boa's Wet kwaliteitsborging bouw Antodiscriminatie voorzieningen Wet betaalbare huur Work in Nederland Impulsbudget sociale infrastructuur Stelposten
163.057
168.256
168.007
174.197
16.663
16.181
15.564
15.007
267
267
267
267
121 248 33 7 249 44 48 12 50 287 475
121 248 33
121 248 33
121 248 33
44
44
44
28 287 475
22
20
475
475
Onder uitputting BCF (inclusief verhoging) Totaal
1.300 182.861
1.300 187.240
1.300 186.081
1.300 191.712
Uitkeringen gemeentefonds (Bedragen x € 1.000)
Lokale heffingen (waarbij de besteding niet gebonden is) Het belastingplan Meierijstad 2017 heeft als lange termijnvisie een sober, duurzaam en robuust belastingpalet voor de gemeente Meierijstad. Deze visie vertaalt zich concreet in een optimaal te benutten belastingareaal, in stabiele en nauwkeurig voorspelbare belastingopbrengsten, in een afname van fout- en fraudegevoeligheid en dat tegen zo minimaal mogelijke maatschappelijke kosten van het heffen en innen van belastingen (de zogenaamde perceptiekosten). De geraamde opbrengsten kunt u vinden in paragraaf Lokale heffingen. Dividend Jaarlijks ontvangt de gemeente dividend van de BNG. De gemeente Meierijstad beschikt over 120.237 aandelen BNG. De hoogte van het dividend is afhankelijk van de winst en wordt vastgesteld in de Algemene Vergadering van Aandeelhouders BNG. In de begroting nemen we het gemiddelde van het uitgekeerde dividend over de laatste drie jaren als uitgangspunt in dit geval € 287.266.
73
Wat kost het? In de volgende tabel staan de totale lasten en baten van dit begrotingsprogramma. De totale lasten verminderen we met de totale baten en komen zo tot het geraamd saldo van baten en lasten. Dit saldo verminderen we met het bedrag aan toevoeging reserves en vermeerderen we met het bedrag wat we onttrekken aan reserves. Zo komen we tot het geraamd resultaat van dit begrotingsprogramma. Jaar Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting (Bedragen x 1.000) rekening 2025 2026 2027 2028 2029 2024 Lasten
-34.011
-36.881
-37.344
-42.529
-48.261
-53.242
Baten
198.006
207.611
209.019
213.342
213.153
219.520
Saldo baten en lasten
163.995
170.730
171.675
170.813
164.892
166.278
Toevoegingen aan reserves
-11.475
0
0
0
0
0
Onttrekkingen aan reserves
2.222
3.361
1.598
250
0
0
Mutaties in de reserves
-9.254
3.361
1.598
250
0
0
154.741
174.092
173.273
171.063
164.892
166.278
Geraamd resultaat
Om toelichtingen op de financiën leesbaar te houden passen we categorieën toe, waarbij de mate van bestuurlijke keuzevrijheid een uitgangspunt was. Voor een nadere uitleg van de categorieën verwijzen we naar hetgeen is vermeld in de leeswijzer onder "Wat kost het". Wanneer er een "min-teken" voor de bedragen in de tabel en de toelichting staat, betekent dit dat er een nadelig effect is op het geraamd exploitatieresultaat. (Bedragen x € 1.000) 2026 2027 2028 2029 Primitieve begroting
155.466
154.671
154.387
154.952
-84
-84
-84
-84
4.492
4.116
3.964
3.917
6
6
6
6
159.879
158.709
158.273
158.791
69
69
69
69
Nieuw beleid
-222
-222
-222
-222
Gemeentefonds
9.008
8.267
3.002
3.394
Investeringen 2026
-12
-68
-68
-68
Kapitaallasten
10
-241
-424
-226
Loon- en prijsindexatie
29
31
31
32
Overige technische aanpassingen
620
558
316
425
2
0
0
-31
Ombuigingen 2026-2029
3.890
3.961
3.915
4.115
Totaal ontwikkelingen
13.394
12.354
6.619
7.487
Geraamd resultaat programmabegroting 2026
173.273
171.063
164.892
166.278
Raadsbesluiten september 2024 tot en met juli 2025 1e bestuursrapportage 2025 2e bestuursrapportage 2025 Geraamd resultaat (startsituatie) Bestaand beleid
Wijzigingen < € 50.000
74
(Bedragen x € 1.000)
2026
2027
2028
2029
Bestaand beleid
69
69
69
69
Begroting 2026 GGD indexering inwonersbijdrage
98
98
98
98
De inwonerbijdrage voor de GGD wordt geïndexeerd waarmee de gemeentelijke bijdrage 2026 op € 46,01 per inwoner uitkomt. Dit geeft voor Meierijstad een nadeel van € 116.826 op de begroting 2026. Hiervan komt € 18.542 door groei van het aantal inwoners en € 98.284 door prijsindexering. Dit laatste bedrag wordt daarom gedekt uit de stelpost prijzen (onderdeel 9. financiele informatie programmaplan). Begroting VRBN 2026 304 304 304 304 In de programmabegroting 2026 van VRBN is de bijdrage voor Meierijstad gestegen naar € 6.546.356. Dit is een toename van € 378.994 t.o.v. de begroting 2025 en na de wijziging voor de overdracht van het onderhoud van de brandkranen. Toename wordt veroorzaakt door gestegen inwoneraantal (€ 74.981) en loon- en prijsindexatie (€ 304.013). Dekking voor loon- en prijsindexatie komt uit de stelpost prijzen (onderdeel 9. Financiele informatie programmaplan). ICT kosten a.g.v. toegenomen formatie -63 -63 -63 -63 Toename kosten ICT als gevolg van uitbreiding formatieplaatsen 9 FTE x 7.000 Euro. Opleidings- en arbokosten -300 -300 -300
-300
De afgelopen jaren zijn de opleidings- en arbokosten niet in dezelfde mate meegegroeid met de uitbreiding van het personeelsbestand en de veranderende samenstelling van de organisatie. Hierdoor is er een structureel tekort ontstaan op dit budget. Om dit tekort te corrigeren en de middelen weer in lijn te brengen met de huidige behoefte, is een eenmalige inhaalcorrectie noodzakelijk. Met dit aanvullende budget kunnen de opleidings- en arbovoorzieningen weer op peil worden gebracht, zodat alle medewerkers de juiste ondersteuning en ontwikkelmogelijkheden krijgen en de organisatie voldoet aan de wettelijke en kwalitatieve eisen. Verhoging exploitatiekosten regiotaxi Wmo 30 30 30 30 Door een stijging van de vervoersbewegingen vanaf 2024, wordt voor 2026 rekening gehouden met hogere exploitatiekosten voor de regiotaxi. Nieuw beleid -222 -222 -222 -222 Formatie directie
0
0
0
0
In de huidige begroting is één FTE bij de directie incidenteel gedekt. De opgaven van de gemeente nemen toe. Om de continuïteit en slagkracht van de directie structureel te borgen, stellen wij voor deze FTE niet langer incidenteel maar structureel op te nemen in de begroting. Het gaat hierbij niet om een uitbreiding, maar om het voortzetten van een bestaande formatieplaats. De dekking hiervoor wordt gevonden door een verhoging van de taakstelling op inhuur. Overname jeugdconsulenten Toegang -80 -80 -80 -80 Op 25 februari 2025 is er een voorgenomen besluit genomen om de toegang tot de jeugdhulp te uniformeren door de uitvoering volledig bij de gemeentelijke medewerkers neer te leggen. Het college heeft, op basis van de uitkomsten van het door de stuurgroep uitgevoerde onderzoek en de opgestelde analyse, besloten definitief in te stemmen met de overname van de jeugdconsulenten Toegang van de coöperatie. Toegenomen overige personeelskosten en facilitaire -142 -142 -142 -142 kosten a.g.v. formatieuitbreiding Voorheen werd bij formatie-uitbreiding een bedrag van € 7.000,- extra toegekend voor ICT-kosten.
Omdat er als gevolg van formatie-uitbreidingen tekorten zijn ontstaan op de budgetten voor opleidingen, overige personeelskosten en facilitaire zaken is het voorstel om met ingang van de begroting 2026 voor formatie-uitbreiding naast extra kosten voor ICT hiervoor extra middelen op te nemen. Daarbij wordt gerekend met 14% van de loonsom van een nieuwe fte.
75
Investeringen (Bedragen x € 1.000)
Investering Kapitaallasten
Naam investering
2026
Lijst van de vervangingsinvesteringen 2026 Verbeteren werkomgeving gemeentehuis Veghel
601
2027
2028
2029
-12
-52
-52
-52
0
-17
-17
-17
Lijst van de vervangingsinvesteringen 2026 Voor de geinventariseerde vervangingsinvesteringen 2026 worden investeringen gerammd van in totaal € 1.132.600 De lasten bedragen incidenteel € 11.500 Netto kapitaallasten vanaf 2027 € 51.600 een deel wordt doorberekend. Zie lijst vervangingsinvesteringen welke is opgenomen in de begroting 2026 in onderdeel Financiele positie 5.2.3 Na ombuigingen bedraagt het investeringsbedrag voor 2026: € 767.600. Verbeteren werkomgeving gemeentehuis Veghel Er is een budget nodig van € 601.000 om onderstaande zaken te kunnen uitvoeren: • Open balies verbouwen naar gesloten spreekkamers en deze voor het specifieke gebruik inrichten; • Wanden plaatsen bij receptiebalie om een vluchtweg te creëren en het wijzigen van de toegang backoffice naar aanleiding van bevindingen mystery guest onderzoek informatie veiligheid; • Aanschaf en plaatsing van 4 flexibele vergadercabines, inclusief inrichting (stoelen en TV scherm); • De toiletgroepen vernieuwen / verduurzamen en uitbreiden met urinoirs. Gedeeltelijke dekking van € 60.000 + € 320.000 = € 380.000 is aanwezig. € 60.000 uit het krediet Toegankelijkheid openbare (gemeentelijke) gebouwen en € 320.000 uit de voorziening gemeentehuis Meierijstad. Per saldo gaat het om € 601.000 - € 380.000 = € 221.000. De kapitaallasten zijn opgenomen onder 9. Financiele informatie programmaplan.
Bedrijfsvoering Overheadkosten zijn kosten van ondersteunende functies en kosten die niet direct toe te rekenen zijn aan taakvelden (bijvoorbeeld opleidingskosten). Deze begroten we centraal op het taakveld Overhead. Op het centraal begroten is één uitzondering gemaakt namelijk de toerekening van overhead aan grondexploitaties en te activeren investeringen. De reden hiervoor is, dat het niet meer toerekenen van overhead aan dergelijke investeringen zou leiden tot een begrotingstekort. De totale overheadkosten in de Begroting 2026 bedragen netto € 26,6 miljoen (€ 0,8 miljoen wordt toegerekend aan grondexploitaties en te activeren investeringen). De totale exploitatiebegroting van de gemeente Meierijstad bedraagt € 318 miljoen in 2026. De overhead bedraagt circa 8,4% van de totale exploitatiekosten. Vennootschapsbelasting Per 1 januari 2016 zijn de gemeenten vennootschapsplichtig voor activiteiten waarbij wordt opgetreden als onderneming. Vennootschapsbelasting (Vpb) is verschuldigd vanwege fiscale winst die per saldo is gerealiseerd op ondernemingsactiviteiten in het betreffende begrotingsjaar na eventuele verrekening van fiscale verliezen uit eerdere begrotingsjaren. Onvoorzien In de begroting is een bedrag voor onvoorzien opgenomen van € 250.000 per jaar. Het inzetten van deze post is een college-bevoegdheid.
Het college rapporteert bij de bestuursrapportages en de jaarrekening over het verloop en aanwending van deze post. In het kader van de ombuigingen 2026-2029 wordt de raming vanaf 2026 verlaagd naar € 100.000. Het college kan besluiten de post onvoorzien aan te wenden voor het dekken van incidentele tegenvallers in de exploitatie van bestaand beleid en ter dekking van lasten voor activiteiten die van tevoren niet voorzien zijn, maar die gedurende het begrotingsjaar wel belangrijk zijn.
76
PARAGRAFEN
77
LOKALE HEFFINGEN Beleid & ontwikkelingen De gemeente ontvangt van inwoners inkomsten uit lokale heffingen. We maken onderscheid tussen belastingen en rechten. Bij belastingen levert de gemeente geen directe tegenprestatie zoals bijvoorbeeld de onroerendezaakbelastingen (OZB). Bij rechten is dat wel het geval en betalen inwoners een vergoeding voor de gemaakte kosten. Dit zijn bijvoorbeeld leges, afvalstoffenheffing en rioolheffing. De tarieven van alle lokale heffingen passen we aan op basis van de uitgangspunten voor de begroting 2026. Voor de tariefstijging van de belastingen gaan we uit van een trendmatige verhoging conform de CBS-index. Voor deze begroting is dat 2,1%. Verder gaan we voor alle rechten ervan uit dat deze kostendekkend zijn (maximaal 100%). De voorstellen ten aanzien van de belastingen en leges worden afzonderlijk aan de raad voorgelegd. Inwoners die niet in staat zijn de afvalstoffenheffing en de rioolheffing te betalen kunnen in aanmerking komen voor kwijtschelding. Dit geldt bij een inkomen van 100% of minder van de bijstandsnorm. Naast de reeds bekende belastingen en heffingen welke door Meierijstad jaarlijks worden opgelegd en geïnd, zijn er in de loop van 2025 diverse initiatieven ontwikkeld in relatie tot onder meer de Ombuigingen, onderdeel Inkomsten verhogen. Het gaat dan om: -
Opnieuw invoeren hondenbelasting (2027) Invoeren vermakelijkheden retributie (2027) Opzetten Ondernemersfonds via de fiscale weg (2026) BIZ Schijndel vastgoedeigenaren (2026) Verlenging BIZ Veghel vastgoedeigenaren en ondernemers (2026) Verlenging Reclamebelasting Schijndel (2026) Mogelijke wijziging heffingssystematiek Riool (2027)
Echter, op dit moment is hierover nog geen (definitieve) bestuurlijke besluitvorming geweest, maar volledigheidshalve zijn deze initiatieven vooralsnog opgenomen in deze paragraaf lokale heffingen van de meerjarenbegroting.
78
Opbrengsten In onderstaande tabel zijn de opbrengsten van de belastingen, heffingen en retributies weergegeven. Geraamde opbrengsten (bedragen Jaarrekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting x € 1.000) 2024 2025 2026 2027 2028 2029 Baatbelasting
5
0
0
0
0
0
Bedrijven investeringszone (BIZ)
291
297
312
322
332
342
Begraafplaatsrechten Leges omgevingsvergunningen, burgerzaken, overige
89
125
125
125
125
125
5.384
5.039
5.387
5.587
5.587
4.698
62
54
61
61
61
61
22.516
23.203
25.942
26.724
27.521
28.334
Reclamebelasting
80
141
141
141
141
141
Reinigingsheffing
8.643
9.651
9.513
9.910
10.090
10.290
Rioolheffingen
6.935
8.897
9.018
9.130
9.255
9.382
Scheepsvaartrechten
161
150
160
160
160
160
Toeristenbelasting
336
387
487
1.202
1.202
1.202
44.501
47.943
51.145
53.361
54.473
54.734
Marktgelden Onroerende zaakbelastingen
Totaal
Overzicht heffingen Bij lokale heffingen onderscheiden we belastingen, retributies en leges. • • •
Belastingen zijn verplichte bijdragen aan de gemeente zonder dat hier een directe tegenprestatie tegenover staat. Retributies worden geheven als de gemeente één van haar bezittingen ter beschikking stelt, of als de gemeente een dienst verleent aan een individu of onderneming. Leges zijn vergoedingen voor kosten die de gemeente maakt voor administratieve handelingen, zoals het geven van informatie en het verstrekken van vergunningen.
Meierijstad kent de volgende belastingen en retributies • • • • • • • • • • •
Onroerendezaakbelastingen (OZB) Rioolheffing Afvalstoffenheffing Reinigingsrecht Marktgelden Begraafplaatsrechten Toeristenbelasting Scheepvaartrechten Reclamebelasting Bedrijveninvesteringszone (BIZ) Baatbelasting
OZB Eigenaren van woningen en eigenaren en gebruikers van niet woningen betalen onroerendezaakbelastingen (OZB). De hoogte van het belastingbedrag hangt af van de WOZ-waarde van de onroerende zaak en het daarbij van toepassing zijnde OZB-tarief (eigenaren woningen en eigenaren en gebruikers niet woningen). De tarieven worden jaarlijks vastgesteld door de gemeenteraad. Het OZB-tarief is een percentage van de WOZ-waarde van de onroerende zaak. De WOZ-waarde wordt jaarlijks bepaald door taxateurs van de gemeente. De Waarderingskamer controleert of de gemeente de waardering van onroerende zaken conform de Wet WOZ goed uitvoert. Bij het bepalen van de tarieven wordt rekening gehouden met veranderingen in de WOZ-waarden. Als de WOZ-waarden (sterk) stijgen, kunnen tarieven verlaagd worden, zodat het te betalen bedrag niet
79
ook hoeft te stijgen. Uiteindelijk worden de tarieven bepaald door het totale bedrag dat de gemeenteraad in de gemeentebegroting heeft vastgesteld als opbrengsten uit de OZB. Deze opbrengsten worden jaarlijks geïndexeerd. Reinigingsheffing Reinigingsheffingen bestaan uit afvalstoffenheffing en reinigingsrechten. Afvalstoffenheffing is een vergoeding voor de inzameling en verwerking van huishoudelijke afvalstoffen (particuliere huishoudens). Bedrijven, winkels en anderen kunnen eveneens de gemeente verzoeken hun bedrijfsafval op te halen. Daar betalen zijn dan reinigingsrechten voor. In onderstaande tabel is de kostendekkendheid van de reinigingsheffing weergegeven. Deze mogen maximaal 100% kostendekkendheid zijn. Reinigingsheffing Kostendekking (Bedragen x € 1.000) Lasten taakvelden Straatreiniging Kwijtschelding Inkomsten taakveld, exclusief heffingen Netto kosten taakveld Toe rekenen kosten: Kosten heffen en invorderen Overhead BTW Totaal toe te rekenen kosten Totale kosten Opbrengst heffingen Dekkingspercentage
10.275 68 68 -3.242 7.169 93 1.029 1.221 2.343 9.512 9.512 100,0%
Rioolheffing Rioolheffing wordt geheven van eigenaren en gebruikers van woningen en van niet woningen van waaruit water direct of indirect op de gemeentelijke riolering of op een individuele behandeleenheid afvalwater (IBA) wordt afgevoerd. In onderstaande tabel is de kostendekkendheid van de rioolheffing weergegeven. Deze mogen maximaal 100% kostendekkendheid zijn. Rioolheffing Kostendekking (Bedragen x € 1.000) Lasten taakvelden Externe kosten Straatreiniging Kwijtschelding Sloten en stadswateren Inkomsten taakveld, exclusief heffingen Netto kosten taakveld Toe rekenen kosten: Kosten heffen en invorderen Kapitaallasten Overhead BTW Totaal toe te rekenen kosten Totale kosten Opbrengst heffingen Dekkingspercentage
1.236 3.449 445 112 59 -60 5.241 40 1.315 989 1.433 3.777 9.018 9.018 100,0%
80
Reclamebelasting Voor openbare aankondigingen zichtbaar vanaf de openbare weg wordt reclamebelasting geheven. Deze belasting wordt nog geheven voor het centrum van Schijndel. Bezien wordt of de reclamebelasting voor 2026 verlengd moet worden. Dit is onder andere afhankelijk van het al dan niet in te voeren gemeentebreed ondernemersfonds in 2026 of later. Tegelijkertijd wordt opnieuw gepeild of er voldoende draagvlak is onder vastgoedeigenaren in het centrum van Schijndel voor invoering van een BIZ voor de periode 2026-2030. Tevens wordt gepeild of er voldoende draagvlak is voor verlenging van de BIZ Veghel centrum voor vastgoedeigenaren en ondernemers voor de periode 2026-2030. De BIZ voor ondernemers centrum Sint-Oedenrode loopt nog tot en met 2026 en de BIZ Duin Schijndel voor ondernemers loopt nog tot en met 2028. De opbrengsten van zowel de reclamebelasting als ook van de BIZ zijn bij raadsbesluit bestemd voor de hiertoe opgerichte BIZ-stichtingen in de betreffende gebieden. Toeristenbelasting Personen, die niet als ingezetene met een adres in de basisregistratie personen zijn ingeschreven en die tegen vergoeding nachtverblijf houden betalen toeristenbelasting. Dit kunnen recreanten en arbeidsmigranten zijn. De belasting wordt geheven van degene die de gelegenheid tot overnachting tegen vergoeding biedt. De heffing geschiedt na afloop van het belastingjaar.
Marktgelden Onder de naam marktgelden worden rechten geheven voor het tijdens marktdagen innemen van standplaatsen op de weekmarkt of het innemen van een individuele standplaats op andere dagen. Om te komen tot 100% kostendekkendheid (zoals opgenomen in de ombuigingsvoorstellen) zullen de tarieven mogelijk meer stijgen dan het index/inflatie percentage 2026 van 2,1%. Leges Voor een dienst of product van de gemeente betaal je leges. Vraagt u bijvoorbeeld een paspoort, rijbewijs of omgevingsvergunning aan, dan brengt de gemeente leges in rekening. U moet de leges ook betalen als uw aanvraag wordt afgewezen. Want het gaat niet om het eindproduct, maar om een vergoeding voor het in behandeling nemen van de aanvraag. In onderstaande tabel is de kostendekkendheid van Omgevingswet en Burgerzaken weergegeven. Deze mogen maximaal 100% kostendekkendheid zijn. Omgevingswet Burgerzaken Kostendekking (Bedragen x € 1.000) Kosten taakvelden Externe kosten Netto kosten taakveld Toe rekenen kosten: Overhead BTW Totaal toe te rekenen kosten Totale kosten Opbrengst heffingen Dekkingspercentage
2.853 781 3.634
793 820 1.613
2.282
634
2.282 5.916 3.071 52%
634 2.247 1.957 87%
Scheepvaartrechten Scheepvaartrechten betaal je voor het gebruik van de gemeentelijke haven in Veghel. Schippers betalen havengeld of overslaggeld en, als gebruik wordt gemaakt van de bij de gemeentelijke havens beschikbare elektriciteitsafnamepunten, elektriciteitsgeld.
81
Lokale lastendruk De lokale belastingdruk is gebaseerd op OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing. We hebben in het coalitieakkoord 2022-2026 "Thuis in Meierijstad" opgenomen om de gemiddelde belastingdruk zo min mogelijk te laten toenemen. Belastingen worden wel trendmatig aangepast. De tarieven voor afvalstoffenheffing en riolering zijn maximaal 100% kostendekkend. We leggen de vaststelling van de OZB-tarieven, tarieven rioolheffing en tarieven reinigingsheffingen 2025 afzonderlijk aan de raad voor. Leges Voor leges geldt een maximale dekkingsgraad van 100%. Dit wordt conform wetgeving gebaseerd op de cijfers uit de primitieve begroting.
Bron: COELO 2025 atlas van de lokale heffingen
82
Kwijtscheldingsbeleid Indien inwoners de aanslag gemeentebelastingen niet kunnen betalen, bestaat de mogelijkheid om hier kwijtschelding voor aan te vragen. Het kwijtscheldingsbeleid is gebonden aan een aantal rijksregels. Binnen de door het Rijk vastgestelde regels voert de gemeente Meierijstad het kwijtscheldingsbeleid uit. Niet voor alle belastingsoorten wordt kwijtschelding verleend. Kwijtschelding is mogelijk voor de afvalstoffenheffing (uitsluitend het vastrecht), de rioolheffing voor gebruikers, het aanvragen van een gehandicaptenparkeerkaart en gehandicaptenparkeerplaats en in zeer beperkte mate en onder strenge voorwaarden voor de OZB. Kwijtschelding wordt dikwijls vooraf verleend doch kan op verzoek ook achteraf worden verleend.
83
WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING Beleid & ontwikkelingen In deze paragraaf staat informatie over risico's met financiële gevolgen. En in welke mate de gemeente Meierijstad in staat is deze op te vangen zonder direct het beleid aan te passen. De gemeenteraad heeft de beleidsnota weerstandsvermogen en risicobeheersing vastgesteld. De gemeente Meierijstad wil risico’s niet elimineren, maar wil ze aanvaardbaar en beheersbaar houden. Gezond verstand laten we de boventoon voeren bij risicobeheersing, zodat we doen wat we moeten doen. Tweemaal per jaar, bij de begroting en de jaarstukken, beoordelen we ons risicoprofiel. Weerstandscapaciteit & -vermogen Weerstandscapaciteit Om een inschatting te maken van het weerstandsvermogen is het nodig om de benodigde en de beschikbare weerstandscapaciteit te berekenen. Hoe we de benodigde weerstandscapaciteit berekenen op basis van het risicoprofiel is uitgelegd onder "Risico's". De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit structurele en incidentele middelen en mogelijkheden om niet-begrote kosten die onverwacht en substantieel zijn af te dekken. Deze staan in de volgende tabel met daaronder een toelichting.