CConstaterende datMeierijstad
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1. 2. Regels Hoogstraat 64 Sint-Oedenrode

Raadsvergadering 23 mei 2024, gemeente MeierijstadBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan 'Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64 Sint-Oedenrode'20.031 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

9.2

Afwijken evenementen

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd een omgevingsvergunning te verlenen voor het afwijken van het bepaalde in 9.1 sub e voor het houden van evenementen, mits voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: a. Afwijking is uitsluitend toegestaan voor gronden gelegen in de bestemming 'Agrarisch met waarden - Landschapswaarden'. b. De duur van het evenement mag niet langer zijn dan 15 dagen, het opbouwen en afbreken van voorzieningen ten behoeve van het evenement hieronder begrepen. c.

Tenten zijn toegestaan, mits noodzakelijk voor het evenement, waarbij 1. de oppervlakte niet meer mag bedragen dan 500 m²; 2. de hoogte niet meer mag bedragen dan 10 m.

d. De totale oppervlakte in gebruik voor een evenement mag niet meer bedragen dan 2 ha. e. Er is geen sprake van onevenredige milieuhygiënische belemmeringen. f.

De in het gebied aanwezige waarden mogen niet onevenredig worden aangetast.

g. De belangen van derden mogen niet onevenredig worden geschaad. h. Er mag geen zodanige verkeersaantrekkende werking optreden dat deze leidt of kan leiden tot een nadelige beïnvloeding van de normale afwikkeling van het verkeer dan wel tot een onevenredige parkeerdruk op de openbare ruimte. i.

Er ontstaat geen onevenredige aantasting van in het geding zijnde belangen waaronder die van omwonenden en nabijgelegen bedrijven.

ONTWERP

Crijns Rentmeesters bv

48

‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels

j.

Er dient te worden aangetoond dat er sprake is van een verantwoord woon- en leefmilieu/klimaat.

k.

In een straat wordt slechts aan één kant tussen twee zijstraten èn binnen een straal van 100 meter voor niet meer dan één perceel/gebouw een omgevingsvergunning verleend voor bijzondere woonvormen.

9.3

Afwijken mantelzorg/afhankelijke woonruimte

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd een omgevingsvergunning te verlenen voor het afwijken van het bepaalde in 9.1 onder e voor het gebruik van aangebouwde en vrijstaande bijgebouwen als afhankelijke woonruimte, mits: a. een dergelijke bewoning noodzakelijk is vanuit het oogpunt van mantelzorg hetgeen aangetoond dient te worden door een verklaring van een door het college van Burgemeester en Wethouders aan te wijzen deskundige of kan worden aangetoond met een verklaring van een huisarts, wijkverpleegkundige of andere door de gemeente aangewezen sociaal-medische adviseur; b. het geen recreatiewoning betreft; c.

op het perceel al een woning aanwezig is;

d. er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van de in geding zijnde belangen waaronder die van omwonenden en (agrarische) bedrijven; e. de afhankelijke woonruimte binnen de vigerende regeling inzake bijgebouwen wordt ingepast waarbij de oppervlakte in gebruik als afhankelijke woonruimte niet meer mag bedragen dan 80 m²; f.

het vrijstaande bijgebouw op een maximale afstand van 20 m van het hoofdgebouw staat;

g. Het bevoegd gezag trekt de omgevingsvergunning, verleend op grond van sub a in, indien de bij het verlenen van de omgevingsvergunning bestaande noodzaak vanuit een oogpunt van mantelzorg niet meer aanwezig is.

ONTWERP Crijns Rentmeesters bv

49

‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels

Artikel 10 Algemene afwijkingsregels Burgemeester en wethouders zijn bevoegd een omgevingsvergunning te verlenen voor het afwijken van: a. De in de regels gegeven maten, afmetingen, percentages tot niet meer dan 10% van die maten, afmetingen en percentages. Deze afwijking is niet van toepassing op de inhoud van woningen en bedrijfswoningen. b. De bestemmingsregels ten behoeve van rijbakken, waarbij moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden: 1. De rijbak wordt gesitueerd direct grenzend aan het bouwvlak of bestemmingsvlak van de functie waarbij de rijbak wordt gerealiseerd. 2. De afstand tot woningen van derden mag niet minder bedragen dan 50 m. 3. De oppervlakte niet meer mag bedragen dan 1.200 m². 4. De bouwhoogte van lichtmasten mag niet meer bedragen dan 9 m. 5. Het aantal lichtmasten per rijbak mag niet meer bedragen dan 4. 6. Lichtmasten mogen niet worden gerealiseerd binnen een afstand van 100 m van gronden met de bestemming 'Bos', 'Natuur' en 'Groen'. 7. De bouwhoogte van overige bouwwerken ten behoeve van de rijbak, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 2 m. 8. De belangen van derden niet onevenredig worden geschaad. 9. De in het gebied aanwezige waarden mogen niet onevenredig worden aangetast. 10. Er is geen sprake van onevenredige milieuhygiënische belemmeringen. 11.

Deze bevoegdheid mag alleen worden toegepast mits dit gepaard gaat met een aantoonbare en uitvoerbare fysieke verbetering van de aanwezige of potentiële kwaliteiten van de bodem, water, natuur, landschap of cultuurhistorie of van extensieve recreatieve mogelijkheden van het plangebied overeenkomstig de regeling kwaliteitsverbetering landschap Sint-Oedenrode zoals opgenomen in Bijlage 3 van de planregels. c.

De bestemmingsregels voor het verkleinen van de afstand tot de zijdelingse en achterste perceelsgrenzen mits: 1. Dit voor een doelmatige bedrijfsvoering en/of ontwikkeling noodzakelijk is danwel uit oogpunt van een optimalisering van de inrichting van het bouwperceel; 2. De bouw geen onevenredige afbreuk doet aan de ter plaatse aanwezige landschappelijke waarden, die van de aangrenzende gronden daaronder begrepen; 3. De belangen van de eigenaren en/of gebruikers van betrokken en nabijgelegen gronden niet onevenredig worden geschaad; 4. Het straat- en bebouwingsbeeld, de verkeersveiligheids- en brandveiligheidsbelangen niet onevenredig worden geschaad.

d. De bestemmingsregels ten behoeve van stapmolens: 1. De stapmolen wordt gesitueerd direct grenzend aan het bouwvlak of bestemmingsvlak van de functie waarbij de stapmolen wordt gerealiseerd. 2. De afstand tot woningen van derden mag niet minder bedragen dan 50 m. 3. De doorsnede van de stapmolen mag niet meer bedragen dan 15m. 4. De bouwhoogte van de stapmolen mag niet meer bedragen dan 3 m. 5. De stapmolen mag niet worden voorzien van een dak. 6. De belangen van derden mogen niet onevenredig worden geschaad.

ONTWERP

Crijns Rentmeesters bv

50

‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels

7. De in het gebied aanwezige waarden mogen niet onevenredig worden aangetast. 8. Deze bevoegdheid mag alleen worden toegepast mits dit gepaard gaat met een aantoonbare en uitvoerbare fysieke verbetering van de aanwezige of potentiële kwaliteiten van de bodem, water, natuur, landschap of cultuurhistorie of van extensieve recreatieve mogelijkheden van het plangebied overeenkomstig de regeling kwaliteitsverbetering landschap Sint-Oedenrode zoals opgenomen in Bijlage 3 van de planregels. e. De bestemmingsregels ten behoeve van longeercirkels: 1. De longeercirkel wordt gesitueerd direct grenzend aan het bouwvlak of bestemmingsvlak van de functie waarbij de longeercirkel wordt gerealiseerd. 2. De afstand tot woningen van derden mag niet minder bedragen dan 50 m. 3. De doorsnede van de longeercirkel mag niet meer bedragen dan 15 m. 4. De bouwhoogte van de longeercirkel mag niet meer bedragen dan 3 m. 5. De longeercirkel mag niet worden voorzien van een dak. 6. De belangen van derden niet onevenredig worden geschaad. 7. De in het gebied aanwezige waarden mogen niet onevenredig worden aangetast. 8.

Deze bevoegdheid mag alleen worden toegepast mits dit gepaard gaat met een aantoonbare en uitvoerbare fysieke verbetering van de aanwezige of potentiële kwaliteiten van de bodem, water, natuur, landschap of cultuurhistorie of van extensieve recreatieve mogelijkheden van het plangebied overeenkomstig de regeling kwaliteitsverbetering landschap Sint-Oedenrode zoals opgenomen in Bijlage 3 van de planregels. f.

De bestemmingsregels ten behoeve van één tennisbaan, waarbij moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden: 1. De tennisbaan wordt gesitueerd direct grenzend aan het bouwvlak of bestemmingsvlak van de functie waarbij de tennisbaan wordt gerealiseerd. 2. De afstand tot woningen van derden mag niet minder bedragen dan 50 m. 3. De bouwhoogte van lichtmasten mag niet meer bedragen dan 9 m. 4. Het aantal lichtmasten per tennisbaan mag niet meer bedragen dan 4. 5. Lichtmasten mogen niet worden gerealiseerd binnen een afstand van 100 m van gronden met de bestemming 'Bos', 'Natuur' en 'Groen'. 6. De bouwhoogte van hekwerken mag niet minder bedragen dan 3 m. 7. De bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde mag niet meer bedragen dan 2 m. 8. De belangen van derden niet onevenredig worden geschaad. 9. De in het gebied aanwezige waarden mogen niet onevenredig worden aangetast. 10. Deze bevoegdheid mag alleen worden toegepast mits dit gepaard gaat met een aantoonbare en uitvoerbare fysieke verbetering van de aanwezige of potentiële kwaliteiten van de bodem, water, natuur, landschap of cultuurhistorie of van extensieve recreatieve mogelijkheden van het plangebied overeenkomstig de regeling kwaliteitsverbetering landschap Sint-Oedenrode zoals opgenomen in Bijlage 3 van de planregels.

g. De bestemmingsregels ten behoeve van hooibergen, geen gebouwen zijnde, waarbij moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden: 1. De afstand tot bebouwing van derden mag niet minder bedragen dan 50 m. 2. De bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 8 m. 3. De belangen van derden niet onevenredig worden geschaad. 4. De in het gebied aanwezige waarden mogen niet onevenredig worden aangetast.

ONTWERP Crijns Rentmeesters bv

51

‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels

h. De bestemmingsregels en toestaan dat bestemmingsgrenzen worden overschreden met een maximum van 5 meter; i.

De bestemmingsregels ten aanzien van de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, en toestaan dat de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, wordt vergroot: 1. Ten behoeve van kunstwerken, geen gebouwen zijnde, tot maximaal 20 m; 2. Ten behoeve van windmolens tot maximaal 15 m; 3. Ten behoeve van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, tot maximaal 10 m;

j.

De bestemmingsregels ten behoeve van het toestaan van kleinschalig kamperen bij woningen, waarbij moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden: 1. De totale omvang niet meer mag bedragen dan 25 kampeermiddelen, waarbij de oppervlakte niet meer mag bedragen dan 5.000 m². 2. Het kleinschalig kamperen is niet toegestaan ter plaatse van de bestemmingen Bos en Natuur. 3. Het kleinschalig kamperen wordt gesitueerd op en/of direct grenzend aan het bouwvlak of bestemmingsvlak van de functie waarbij het kleinschalig kamperen wordt gerealiseerd. 4. Het kleinschalig kamperen mag geen onevenredige publieks- en/of verkeersaantrekkende werking tot gevolg hebben. 5. Sanitairgebouwen en/of recreatieruimten moeten binnen het bouwvlak worden gerealiseerd. 6. Er wordt op eigen terrein voorzien in voldoende parkeergelegenheid, waarbij geldt dat het aantal parkeerplaatsen niet minder mag bedragen dan 110% van het aantal standplaatsen. 7. Deze bevoegdheid mag alleen worden toegepast mits dit gepaard gaat met een aantoonbare en uitvoerbare fysieke verbetering van de aanwezige of potentiële kwaliteiten van de bodem, water, natuur, landschap of cultuurhistorie of van extensieve recreatieve mogelijkheden van het plangebied overeenkomstig de regeling kwaliteitsverbetering landschap Sint-Oedenrode zoals opgenomen in Bijlage 3 van de planregels.

k.

De bestemmingsregels ten behoeve van kleinschalig logeren bij 'Wonen', waarbij moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden: 1. Het aantal logeerplaatsen mag niet meer bedragen dan 5 eenheden en 10 slaapplaatsen. 2. De gezamenlijke oppervlakte mag niet meer bedragen dan 400 m². 3. Het gebruik mag geen onevenredige beperking opleveren voor de bedrijfsvoering en bedrijfsontwikkeling van omliggende (agrarische) bedrijven. 4. Het gebruik mag geen nadelige invloed hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en mag geen onevenredige toename van de parkeerbehoefte veroorzaken. 5. Er wordt op eigen terrein voorzien in voldoende parkeergelegenheid. 6. Ten minste 10% van het bouwvlak wordt aangewend voor een goede landschappelijke inpassing op basis van een erfbeplantingsplan.

l.

De onder a tot en met k genoemde afwijkingen kunnen uitsluitend verleend worden mits er op het bestaande bouwvlak aantoonbaar echt geen ruimte is voor deze voorzieningen en er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: 1. Een samenhangend straat- en bebouwingsbeeld; 2. De verkeersveiligheid; 3. De sociale veiligheid; 4. De milieusituatie; en 5. De gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.

ONTWERP

Crijns Rentmeesters bv

52

‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels

m. De afwijkingen van de bestemmingsregels kunnen slechts worden verleend als de totale gezamenlijke oppervlakte van de kleinschalige voorzieningen niet meer bedraagt dan 1.000 m². n. De bestemmingsregels ten behoeve van zonnepanelen onder de volgende voorwaarden: 1. de bestemmingsregels ten behoeve van zonnepanelen onder de volgende voorwaarden: Situering direct grenzend aan het bouwvlak of bestemmingsvlak van de functie waarbij de zonnepanelen worden gerealiseerd. 2. Binnen het bouwvlak of bestemmingsvlak, waaronder op aanwezige daken, is geen ruimte aanwezig voor het plaatsen van zonnepanelen. 3. De bouwhoogte van de voorziening mag niet meer bedragen dan 1,50 m. 4. De oppervlakte mag niet meer bedragen dan 50 m². 5. De belangen van derden mogen niet onevenredig worden geschaad. 6. De in het gebied aanwezige waarden mogen niet onevenredig worden aangetast. 7. Er is sprake van een zorgvuldige landschappelijke inpassing op basis van een erfbeplantingsplan. o. De bestemmingsregels ten behoeve van een windmolen, geen gebouwen zijnde, tot maximaal 15m onder de volgende voorwaarden: 1. Eén windmolen per bestemmingsvlak/bouwvlak, gericht op individueel gebruik. 2. De afstand tot woningen van derden mag niet minder bedragen dan 100 m. 3. De tiphoogte van windmolens mag niet meer bedragen dan 15 m. 4.

Windmolens mogen niet worden gerealiseerd binnen een afstand van 100 m van gronden met de bestemming ‘Bos’, ‘Natuur’ en ‘Groen’. 5. De belangen van derden niet onevenredig worden geschaad. 6. De in het gebied aanwezige waarden mogen niet onevenredig worden aangetast. 7. Er moet sprake zijn van een samenhangend straat- en bebouwingsbeeld. p. De bestemmingsregels ten behoeve van het gebruik van een weegbrug binnen een bestemmingsvlak

'Agrarisch

met

waarden

-

Landschapswaarden

onder

de

volgende

voorwaarden: 1. De exploitatie van de weegbrug mag niet leiden tot een onevenredige aantasting van het woon- en leefmilieu en/of de in de omgeving aanwezige functie(s). 2. De exploitatie van de weegbrug mag niet leiden tot een (naar redelijke verwachting) onevenredige aantasting van de verkeersveiligheid of leiden tot onveilige verkeersituaties. 3. De exploitatie van de weegbrug mag geen onevenredige afbreuk doen aan of beperkingen opleggen voor omliggende bedrijven. q. De bestemmingsregels voor het aanleggen van een inrit ten behoeve van de bestemming 'Wonen', of 'Agrarisch met waarden - Landschapswaarden, mits: 1. Het stedenbouwkundig beeld niet in onevenredige mate wordt geschaad; 2. De voorziening noodzakelijk is uit een oogpunt van bereikbaarheid; 3. De aanleg van de voorziening geen onevenredige nadelige invloed heeft op de desbetreffende bestemming en de gebruiksmogelijkheden ervan niet in overwegende mate worden beperkt; 4. Er rekening wordt gehouden met de gevolgen voor de waterhuishouding (waterkwaliteit en kwantiteit); 5. Geen onevenredige schade wordt toegebracht aan de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken;

ONTWERP Crijns Rentmeesters bv

53

‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels

6. Geen sprake is van onevenredige aantasting van de natuurwaarden en /of de landschappelijke, ecologische, cultuurhistorische of archeologische waarden.

ONTWERP

Crijns Rentmeesters bv

54

‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels

Artikel 11 Overige regels 11.1

Verwijzing naar andere wettelijke regelingen

Waar in dit plan wordt verwezen naar andere wettelijke regelingen, wordt geduid op de regelingen zoals die luidden op het tijdstip van de terinzagelegging van het ontwerp van het bestemmingsplan.

11.2

Hydrologisch neutraal ontwikkelen

a. Alle gronden binnen het plangebied zijn mede bestemd voor het behoud, herstel en/of versterking van de waterhuishoudkundige waarden; b. Regenwater dient bij voorkeur op eigen terrein te worden opgevangen en verwerkt; c.

Bij het toepassen van de flexibiliteitbepalingen (afwijken en wijzigen) vindt een toets plaats aan de eis

dat

er

sprake

moet

zijn

van

hydrologisch

neutraal

ontwikkelen

conform

het

Toetsinstrumentarium Hydrologisch Neutraal Ontwikkelen van de betrokken waterschappen; d. Het bevoegd gezag wint het advies in van het betrokken waterschap.

11.3

Parkeren

11.3.1 Voorwaardelijke verplichting parkeren a. bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor het bouwen of uitbreiden van een gebouw en/of voor het veranderen van de functie van een gebouw of bouwperceel, dient voldoende parkeergelegenheid op eigen terrein of op openbaar gebied aanwezig te zijn of gerealiseerd te worden, dan wel in stand te worden gehouden. b. Voor de sub a genoemde voldoende parkeergelegenheid dienen de normen zoals bedoeld in de beleidsregel 'Nota Parkeernormen Meierijstad 2018' als vastgesteld op 18 december 2018, in acht genomen te worden. c.

Indien deze beleidsregels of de bijlagen gedurende worden gewijzigd door het bevoegd gezag, dient rekening gehouden te worden met deze wijziging. De parkeernormen uit de beleidsregels en/of bijlagen zoals die gelden ten tijde van de ontvangst van de aanvraag worden toegepast.

11.3.2 Afwijkingsbevoegdheid parkeernorm Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 11.3 indien: a. er in voldoende parkeer- of stallingruimte wordt voorzien op een andere wijze, of; b. het ruimtelijk gezien niet wenselijk is de nodige parkeer- of stallingruimte op eigen terrein te voorzien en er voldoende openbare parkeerplaatsen binnen een acceptabele afstand aanwezig zijn; en 1. er een parkeertelling aanwezig is die aantoont dat er voldoende parkeerplaatsen in de openbare ruimte aanwezig zijn die benut kunnen worden,of; 2. aangetoond kan worden dat volstaan kan worden met een lagere parkeernorm.

ONTWERP Crijns Rentmeesters bv

55

‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels

HOOFDSTUK 4

OVERGANGS- EN SLOTREGELS

Artikel 12 Overgangsrecht 12.1

Overgangsrecht bouwwerken

a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. Het

bevoegd

gezag

kan

eenmalig

in

afwijking

van

het

bepaalde

onder

a

een

omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het bepaalde onder a met maximaal 10%. c.

Het bepaalde onder a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

12.2

Overgangsrecht gebruik

a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. b. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het bepaalde onder a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. c.

Indien het gebruik, bedoeld in het bepaalde onder a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten.

d. Het bepaalde onder a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

ONTWERP

Crijns Rentmeesters bv

56

‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels

Artikel 13 Slotregel Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64'.

ONTWERP Crijns Rentmeesters bv

57

‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels

Bijlagen bij regels Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4

Beplantingsplan Tabel omgevingsvergunning werken en werkzaamheden omgevingsvergunning werken en werkzaamheden Regeling kwaliteitsverbetering landschap Sint-Oedenrode Redengevende omschrijving cultuurhistorie

ONTWERP

Crijns Rentmeesters bv

58

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meierijstad&id=f6409425-50c2-4562-8443-763dd968f7b8