Bijlage 1. 2. Regels Hoogstraat 64 Sint-Oedenrode
Tekst van het document
de belangen van derden (omwonenden) worden niet geschaad;
j.
het aan huis verbonden beroep of bedrijf komt voor in de milieucategorie 1 of 2 van de VNG-brochure 'Bedrijven en milieuzonering' of kan, voor wat betreft de aard en omvang van de milieuhinder die het veroorzaakt, gelijk gesteld worden aan een bedrijf behorende tot één van die milieucategorieën;
k. l.
er vindt geen buitenopslag plaats ten behoeve van het beroep of bedrijf aan huis; beroepen of bedrijven aan huis in vorm van detailhandel, uitgezonderd internetwinkels zonder afhaalpunt of showroom en productiegebonden detailhandel als nevenfunctie bij agrarische bedrijfswoningen, of in de vorm van horeca (uitgezonderd ondersteunende horeca als nevenactiviteit bij agrarische bedrijfswoningen) zijn niet toegestaan
3.4.3
Toegestaan gebruik van bedrijfsgebouwen voor productiegebonden detailhandel en statische
opslag Bij agrarische bedrijven zijn nevenfuncties toegestaan in de vorm van productiegebonden detailhandel en statische opslag, niet zijnde opslag in brandgevaarlijke goederen, binnen bestaande bedrijfsgebouwen, met dien verstande dat de totale bedrijfsvloeroppervlakte niet meer mag bedragen dan: a. 50 m² voor productiegebonden detailhandel, met dien verstande dat ter plaatse van een bebouwingsconcentratie productiegebonden detailhandel is toegestaan tot een oppervlakte van 100 m²; b. 1.000 m² voor statische opslag. 3.4.4
(Kikker)poelen
Binnen deze bestemming mogen gronden gebruikt worden ten behoeve van (kikker)poelen, met dien verstande dat de oppervlakte van een (kikker)poel niet meer mag bedragen dan 200 m² en dat de diepte niet meer mag bedragen dan 1,5 m.
ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
25
‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels
3.4.5
Tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen
Binnen deze bestemming mogen gronden worden gebruikt ten behoeve van: a. hoge en lage tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen voor een periode van maximaal 8 maanden per jaar; b. lage tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen met een oppervlakte van maximaal 3 ha per bedrijf; c.
hoge tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen met een oppervlakte van maximaal 3 ha per bedrijf, mits de kortste afstand van de rand van de hoge tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen tot aan het bouwvlak van het bijbehorende bedrijf gelijk aan of kleiner is dan 250 m.
3.5
Afwijken van de gebruiksregels
3.5.1
Gebruik bestaande bedrijfsgebouwen ten behoeve van huisvesting seizoensarbeiders
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd een omgevingsvergunning te verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 3.1 voor het gebruik van bedrijfsgebouwen ten behoeve van de huisvesting van seizoensarbeiders, waarbij moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden: a. Een dergelijke huisvesting is noodzakelijk vanuit een oogpunt van de tijdelijke arbeidsbehoefte op het betreffende agrarisch bedrijf, waarbij de noodzaak van het aantal werknemers aangetoond dient te worden met een advies van de AAB. b. De huisvesting heeft uitsluitend betrekking op arbeiders die alleen werkzaam zijn binnen het bedrijf waar ze tijdelijk zijn gehuisvest. c.
De huisvesting vindt plaats in één of meerdere bedrijfsgebouw(en).
d. De totale oppervlakte in gebruik ten behoeve van de huisvesting van seizoenarbeiders, in bestaande bedrijfsgebouwen en woonunits gezamenlijk, mag niet meer bedragen dan 500 m². e. De huisvesting vindt maximaal gedurende 8 maanden plaats. f.
De huisvesting vindt plaats in binnen het bouwvlak gebouwde bebouwing.
g. Het gebruik mag geen nadelige invloed hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en mag geen onevenredige toename van de parkeerbehoefte veroorzaken. h. Het gebruik mag geen onevenredige beperking opleveren voor de bedrijfsvoering en bedrijfsontwikkeling van omliggende (agrarische) bedrijven. 3.5.2
Nevenfuncties
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd een omgevingsvergunning te verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 3.4.1 voor het toestaan van nevenfuncties bij agrarische bedrijven, waarbij moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden: a. De agrarische functie op het bouwvlak als hoofdfunctie aanwezig en herkenbaar blijft. b. Nevenfuncties mogen uitsluitend worden uitgeoefend binnen het bouwvlak. c.
Detailhandel in het kader van/ten behoeve van de nevenfuncties, anders dan productiegebonden detailhandel, is niet toegestaan.
d. de volgende nevenfuncties zijn toegestaan: 1. Agrarisch technisch hulpbedrijven, agrarische verwante bedrijven tot een maximum gezamenlijke oppervlakte van 600 m². 2. Zorgboerderijen, kinderboerderijen, maatschappelijke en culturele voorzieningen tot een maximum gezamenlijke oppervlakte van 375 m². 3. Dagrecreatie tot een maximum gezamenlijke oppervlakte van 500 m².
ONTWERP
Crijns Rentmeesters bv
26
‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels
4. Niet-agrarische bedrijven in de milieucategorieën 1 en 2 tot een maximum gezamenlijke oppervlakte van 600 m². 5. Ondersteunende horeca met een oppervlakte voor de horecalocaliteit van niet meer dan 30% van het totale overdekte en omsloten brutovloeroppervlak van de hoofdactiviteit met een maximum van 100 m². 6. Een (boeren)terras bij ondersteunende horeca met een maximale oppervlakte van 150 m². e. Bij cumulatie van meerdere vormen van nevenfuncties mag de totale oppervlakte aan nevenfuncties, exclusief statische opslag, niet meer bedragen dan 1.200 m². f.
Buitenopslag ten behoeve van de nevenfunctie is niet toegestaan.
g. De in het gebied aanwezige waarden mogen niet onevenredig worden aangetast. h. Er is geen sprake van een onevenredige verkeersaantrekkende werking. i.
De
omgevingsvergunning
leidt
niet
tot
onevenredige
aantasting
j.
Er is geen sprake van onevenredige milieuhygiënische belemmeringen.
van
gebruiks-
en
ontwikkelingsmogelijkheden van de naastgelegen percelen.
3.5.3
Gebruik bedrijfswoning als plattelandswoning
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 3.4.1 voor het gebruik van een bedrijfswoning, daarbij behorende bijgebouwen en overkappingen en de bijbehorende gronden voor wonen (plattelandswoning), waarbij moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden: a. Uitsluitend de binnen het bouwvlak aanwezige bedrijfswoning mag gebruikt worden als plattelandswoning. b. Het agrarisch bedrijf binnen het agrarisch bouwvlak is in werking. c.
Behalve ten behoeve van agrarisch gebruik, mogen de bijgebouwen en overkappingen uitsluitend worden gebruikt ten behoeve van huishoudelijk gebruik verband houdend met de woonfunctie.
d. Er dient sprake te zijn van een verantwoord woon- en leefklimaat. e. Er is geen sprake van onevenredige milieuhygiënische belemmeringen voor omliggende (agrarische) bedrijven. f.
Na toepassing van de onderhavige afwijkingsregeling kan geen aanspraak worden gemaakt op de oprichting van een extra woning.
g. Eerder verleende vergunningen en /of afwijkingen voor nevenactiviteiten bij het voormalig bijbehorend bedrijf dienen te zijn ingetrokken en de nevenactiviteiten dienen te zijn beëindigd. h. Voor het overige de regels in artikel 3.2.3 en 3.2.4 met betrekking tot een bedrijfswoning en bijgebouwen en overkappingen van toepassing zijn. 3.5.4
Afwijken bewerken agrarische producten
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd een omgevingsvergunning te verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 3.4.1 voor het bewerken van agrarische producten, waarbij moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden: a. De ondergeschikte activiteit past qua aard en omvang in de omgeving. b. Het te bewerken product is afkomstig van het eigen agrarisch bedrijf danwel van de in de, binnen een straal van 20 km, gelegen agrarische bedrijven. c.
Er is geen sprake van een onevenredige verkeersaantrekkende werking.
d. De
omgevingsvergunning
leidt
niet
tot
onevenredige
aantasting
van
gebruiks-
en
ontwikkelingsmogelijkheden van de naastgelegen percelen. e. Er is geen sprake van onevenredige milieuhygiënische belemmeringen. ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
27
‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels
f.
De in de bestemmingsomschrijving aangegeven waarden mogen niet onevenredig worden aangetast.
g. Mestbewerking en -verwerking ten behoeve van andere agrarische bedrijven is niet toegestaan. 3.5.5
Afwijken ten behoeve van aan-huis-verbonden beroepen of bedrijven
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd een omgevingsvergunning te verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 3.4.3 voor het toestaan van een grotere oppervlakte van aan-huis-verbonden beroepen of bedrijven, met inachtneming van de volgende bepalingen: a. De totale oppervlakte voor aan-huis-verbonden beroepen of bedrijven mag niet meer bedragen dan 30% van de gezamenlijke vloeroppervlakte van de bebouwing van de bedrijfswoning en bijgebouwen behorende bij de bedrijfswoning. b. De activiteit mag geen onevenredige beperking opleveren voor de bedrijfsvoering en bedrijfsontwikkeling van omliggende (agrarische) bedrijven. c.
Het gebruik mag geen nadelige invloed hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en parkeren dient op eigen terrein plaats te vinden.
d. Detailhandel is niet toegestaan, met uitzondering van ondergeschikte detailhandel. e. Er is geen sprake van onevenredige milieuhygiënische belemmeringen. f.
Het wonen dient als hoofdfunctie intact te blijven.
g. De activiteit wordt uitgeoefend door een bewoner van de bedrijfswoning. 3.5.6
Buitenopslag
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd een omgevingsvergunning te verlenen voor het afwijken van de regels voor het toestaan van (permanente) buitenopslag, niet zijnde opslag in brandgevaarlijke goederen, waarbij moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden: a. Het toepassen van de afwijking mag geen onevenredige beperking opleveren van de bestaande bedrijfsvoering/bedrijfsontwikkeling van omliggende (agrarische) bedrijven tot gevolg hebben. b. Er is geen sprake van onevenredige milieuhygiënische belemmeringen. c.
Ten minste 10% van de oppervlakte wordt aangewend voor een goede landschappelijke inpassing op basis van een erfbeplantingsplan.
d. De hoogte mag niet meer bedragen dan 5 m. 3.5.7
Productiegebonden detailhandel buiten bedrijfsbebouwing
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel
3.4.3
voor
de
uitoefening
van
productiegebonden
detailhandel
buiten
bestaande
bedrijfsgebouwen, bouwvlak of bestemmingsvlak onder de volgende voorwaarden: a. De activiteit mag niet leiden tot een onevenredige aantasting van het woon- en leefmilieu en/of de in de omgeving aanwezige functie(s). b. De oppervlakte van de demontabele verkoopplek mag maximaal 15 m² bedragen. c.
De bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 3,50 m.
d. De afstand tot bebouwing van derden mag niet minder bedragen dan 50 m. e. De verkoop mag maximaal 6 maanden per jaar plaatsvinden. f.
De activiteit mag niet leiden tot een (naar redelijke verwachting) onevenredige aantasting van de verkeersveiligheid of leiden tot onveilige verkeersituaties.
g. het gebruik mag geen onevenredige beperking opleveren voor de bedrijfsvoering en bedrijfsontwikkeling van omliggende (agrarische) bedrijven. h. Er wordt op eigen terrein, danwel anderszins , voorzien in voldoende parkeergelegenheid.
ONTWERP
Crijns Rentmeesters bv
28
‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels
3.5.8
Afwijken ten behoeve van gebruik van bestaande bebouwing voor een onderneming ten
behoeve van een Zelfstandige Zonder Personeel Burgemeester en wethouders zijn bevoegd, in de situaties waar toepassing is gegeven aan de afwijkingsbevoegdheid als bedoeld in artikel 3.5.2, een omgevingsvergunning te verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 3.1 ten behoeve van het gebruik van bestaande bebouwing voor een onderneming ten behoeve van een Zelfstandige Zonder Personeel waarbij moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden: a. Maximaal 200 m² van de op het perceel aanwezige bebouwing, behorende bij de plattelandswoning, mag worden gebruikt voor de bedoelde onderneming. b. De bebouwingsregeling voor bijgebouwen bij de bedrijfswoning blijft van toepassing. c.
Uitsluitend bedrijven in de milieucategorieën 1 en 2 van de Staat van bedrijfsactiviteiten zijn toegestaan.
d. Buitenopslag en detailhandel zijn niet toegestaan. e. Er is geen sprake van onevenredige milieuhygiënische belemmeringen. f.
Er is geen sprake van onevenredige aantasting van gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van de naastgelegen percelen.
g. Het gebruik van de opstallen heeft geen onevenredige publieks- en/of verkeersaantrekkende werking tot gevolg. h. De ontwikkeling gaat gepaard met een aantoonbare en uitvoerbare fysieke verbetering van de aanwezige of potentiële kwaliteiten van bodem, water, natuur, landschap of cultuurhistorie of van extensieve recreatieve mogelijkheden van het plangebied overeenkomstig de regeling kwaliteitsverbetering landschap Sint-Oedenrode. i.
De in het gebied aanwezige waarden mogen niet onevenredig worden aangetast.
j.
Er wordt op eigen terrein voorzien in voldoende parkeergelegenheid.
3.5.9
Afwijken ten behoeve van stageverblijven
Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 3.4.1 voor het toestaan van stageverblijven, met dien verstande dat: a. de noodzaak dient te worden aangetoond door middel van een advies van een deskundige; b. natuurlijke, landschappelijke en cultuurhistorische waarden en belangen en het aangrenzende woon- en leefmilieu niet onevenredig worden aangetast; c.
maximaal 3 wooneenheden voor in totaal maximaal 6 personen zijn toegestaan;
d. het oppervlak van een wooneenheid maximaal 55 m² bedraagt; e. de stageverblijven binnen bestaande bebouwing worden opgericht en er geen sprake mag zijn van zelfstandige wooneenheden; f.
er geen milieuhygiënische beperking in de agrarische bedrijfsvoering plaatsvindt van nabij gelegen agrarische bedrijven.
3.5.10 Voorwaardelijke verplichting Het gebruiken van de voor 'Agrarisch met waarden - Landschapswaarden' aangewezen gronden en bouwwerken is slechts toegestaan mits: a. Binnen twee jaar na het onherroepelijk worden van onderhavig bestemmingsplan en voor ingebruikname van de gebouwen en gronden overeenkomstig de regels zoals opgenomen in 3.1 dient de landschappelijke inpassing zoals opgenomen in het landschappelijk inpassingsplan in Bijlage 1 bij deze planregels, gerealiseerd te zijn dan wel of een kwalitatief daarmee vergelijkbaar plan dat door het college van burgemeester en wethouders is geaccordeerd. ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
29
‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels
b. Deze landschappelijke inpassing dient na realisatie duurzaam in stand te worden gehouden. c.
Binnen twee kaar na het onherroepelijk worden van dit bestemmingsplan de bedrijfsgebouwen die zijn aangeduid als te slopen bebouwing in bijlage 5 zijn gesloopt.
3.6
Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden
3.6.1
Werken en werkzaamheden
a
Verboden werken en werkzaamheden
Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning navolgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren: a. Het verzetten of vergraven van grond waarbij het maaiveld over meer dan 100 m² of met meer dan 0,50 m wordt gewijzigd of waarbij de maaiveldniveaus van steilranden worden gewijzigd, m.u.v. waterpoelen tot een oppervlakte van 200 m² en een diepte van 1,5 m of indien een ontgrondingvergunning is vereist. b. Het omzetten van grond of uitvoeren van bodemingrepen dieper dan 0,50 m onder maaiveld, m.u.v. de vervanging van ondergrondse leidingen. c.
Het verlagen van de grondwaterstand door het aanleggen, dempen of wijzigen van (oevers, profiel, doorstroom- of bergingscapaciteit van) oppervlaktewateren.
d. Het verwijderen of rooien (vellen) van natuur- en landschapselementen en ander opgaand houtgewas zonder agrarische productiefunctie. e. Het aanleggen of aanplanten van bos-, natuur- en landschapselementen of ander opgaand houtgewas zonder agrarische productiefunctie. f.
Het verwijderen van perceelsindelingen, zoals tot uiting komend in greppels, sloten, waterlopen of steilranden en het verwijderen van paden en onverharde wegen.
g. Het aanleggen en/of verharden van wegen, paden, parkeerterreinen of het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen, geen containervelden zijnde en indien meer dan 100 m² per perceel. b
Uitzonderingen
Het in artikel 3.6.2 vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden welke: a. het normale onderhoud en/of gebruik betreffen, dan wel van ondergeschikte betekenis zijn; b. reeds in uitvoering zijn, dan wel krachtens een vastgesteld projectplan en/of een verleende vergunning reeds mogen worden uitgevoerd op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan; c.
binnen het bouwvlak en/of het differentiatievlak plaatsvinden;
d. het aanleggen en/of wijzigen van (kikker)poelen, zoals genoemd in 3.6.2, betreffen; e. worden uitgevoerd voor aanleg en duurzame instandhouding van het landschappelijk inpassingsplan dat onderdeel uitmaakt van deze regels dan wel een hierop volgend door het bevoegd gezag geaccordeerd landschappelijk inpassingsplan. c
Toelaatbaarheid
a. De in artikel 3.6.2 genoemde omgevingsvergunning kan slechts worden verleend, indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de in de bestemmingsomschrijving genoemde waarden.
ONTWERP
Crijns Rentmeesters bv
30
‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels
b. Voor wat betreft de verdere afwegingsaspecten en beoordelingscriteria geldt de 'Tabel ingrepen / effect BP Buitengebied' (Bijlage 2). 3.6.2
Slopen
a
Sloopverbod
Het is verboden vergunning van het bevoegd gezag (delen van) het beeldbepalend pand ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van waarde - cultuurhistorische waarden' te slopen. b
Uitzonderingen
Het onder 4.5.1 vervatte verbod geldt niet voor de werken of werkzaamheden welke betreffen het normale onderhoud, beheer en gebruik. c Toelaarbaarheid De in 3.6.2 genoemde vergunning kan slechts worden verleend indien door de werken of werkzaamheden, dan wel door de daarvan hetzij direct hetzij indirect te verwachten gevolgen geen onevenredige afbreuk wordt toegebracht aan de te beschermen architectonische of cultuurhistorische waarden. Dienaangaande wordt advies ingewonnen bij de gemeentelijke monumentencommissie.
3.7
Wijzigingsbevoegdheid
3.7.1
Vormverandering bouwvlak
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd deze bestemming te wijzigen ten behoeve van de vormverandering van het bouwvlak, waarbij moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden: a. Ten behoeve van de vormverandering van de aanduiding 'bouwvlak' gelden de navolgende aanvullende voorwaarden: 1. De ontwikkeling is vanuit een goede leefomgeving en gelet op de volksgezondheid, inpasbaar in de omgeving. 2. De totale oppervlakte van het bouwvlak niet mag worden vergroot. 3. De wijziging is noodzakelijk voor (de ontwikkeling van) een reëel agrarisch bedrijf. 4. Er is geen sprake van onevenredige milieuhygiënische belemmeringen. 5. De
wijziging
leidt
niet
tot
onevenredige
aantasting
van
gebruiks-
en
ontwikkelingsmogelijkheden van de naastgelegen percelen. 6. De in het gebied aanwezige waarden mogen niet onevenredig worden aangetast. 7. Ten minste 10% van het bouwvlak wordt aangewend voor een goede landschappelijke inpassing op basis van een erfbeplantingsplan, waarbij de landschappelijke inpassing ook direct aansluitend aan het bouwvlak mag worden gerealiseerd. 3.7.2
Wijziging naar Bedrijf ten behoeve van opslag
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd deze bestemming te wijzigen in de bestemming 'Bedrijf' ten behoeve van de binnenopslag van statische goederen, met uitzondering van brandgevaarlijke goederen, waarbij moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden: a. De opslag dient zich te beperken tot statische (binnen)opslag in bestaande gebouwen waarbij buitenopslag niet is toegestaan. b. Er wordt een bestemmingsvlak en bouwvlak op maat gerealiseerd, rekening houdend met de te slopen voormalige agrarische bedrijfsbebouwing.
ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
31
‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels
c.
Alleen bedrijven, die voorkomen in categorie 1 en 2 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten zijn toegestaan, alsmede bedrijven in categorie 3.1 voor zover deze naar aard en invloed op de omgeving vergelijkbaar zijn met bedrijven in categorie 2.
d. De oppervlakte aan bedrijvigheid per vrijgekomen agrarische bedrijfslocatie dient door sloop van overtollige bebouwing teruggebracht te worden tot 1.000 m², waarbij cultuurhistorische waardevolle gebouwen gehandhaafd dienen te blijven en opslag in kassen niet is toegestaan. e. Opslag ten behoeve van een elders gevestigd niet-agrarisch bedrijf is niet toegestaan. f.
Detailhandel is niet toegestaan.
g. Het agrarisch bedrijf ter plaatse is beëindigd en agrarisch hergebruik is niet langer mogelijk. h. Er is geen sprake van onevenredige milieuhygiënische belemmeringen. i.
De vestiging van het bedrijf leidt niet tot onevenredige aantasting van gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van de naastgelegen percelen.
j.
De vestiging van het bedrijf mag geen onevenredige publieks- en/of verkeersaantrekkende werking tot gevolg hebben.
k.
De wijziging gaat gepaard met een aantoonbare en uitvoerbare fysieke verbetering van de aanwezige of potentiële kwaliteiten van bodem, water, natuur, landschap of cultuurhistorie of van extensieve recreatieve mogelijkheden van het plangebied overeenkomstig de regeling kwaliteitsverbetering landschap Sint-Oedenrode.
l.
De in het gebied aanwezige waarden mogen niet onevenredig worden aangetast.
m. In aanvulling op het bepaalde onder c mag de oppervlakte van het bestemmingsvlak niet meer bedragen dan 5.000 m². 3.7.3
Wijziging naar Bedrijf ten behoeve van agrarisch technische hulpbedrijven en/of agrarisch
verwante bedrijven Burgemeester en wethouders zijn bevoegd deze bestemming te wijzigen in de bestemming 'Bedrijf' ten behoeve van het vestigen van een agrarisch technisch hulpbedrijf en/of een agrarisch verwant bedrijf, waarbij moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden: a. De oppervlakte aan bedrijvigheid per vrijgekomen agrarische bedrijfslocatie dient door sloop van overtollige bebouwing te worden teruggebracht tot 600 m². b. Er wordt een bestemmingsvlak en bouwvlak op maat gerealiseerd, rekening houdend met de te slopen voormalige agrarische bedrijfsbebouwing. c.
Nieuwbouw van de bedrijfsgebouwen is toegestaan, indien aangetoond wordt dat de bestaande bebouwing ongeschikt is voor de uitoefening van de beoogde functie.
d. Alleen bedrijven, die voorkomen in categorie 1 en 2 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten zijn toegestaan, alsmede bedrijven in categorie 3.1 voor zover deze naar aard en invloed op de omgeving vergelijkbaar zijn met bedrijven in categorie 2. e. Buitenopslag en detailhandel zijn niet toegestaan. f.
Het agrarisch bedrijf ter plaatse is beëindigd en agrarisch hergebruik is niet langer mogelijk.
g. Er is geen sprake van onevenredige milieuhygiënische belemmeringen. h. De vestiging van het bedrijf leidt niet tot onevenredige aantasting van gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van de naastgelegen percelen. i.
De vestiging van het bedrijf mag geen onevenredige publieks- en/of verkeersaantrekkende werking tot gevolg hebben.
ONTWERP
Crijns Rentmeesters bv
32
‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels
j.
De wijziging gaat gepaard met een aantoonbare en uitvoerbare fysieke verbetering van de aanwezige of potentiële kwaliteiten van bodem, water, natuur, landschap of cultuurhistorie of van extensieve recreatieve mogelijkheden van het plangebied overeenkomstig de regeling kwaliteitsverbetering landschap Sint-Oedenrode.
k.
De in het gebied aanwezige waarden mogen niet onevenredig worden aangetast.
l.
In aanvulling op het bepaalde onder c mag de oppervlakte van het bestemmingsvlak niet meer bedragen dan 1,5 ha.
3.7.4
Wijziging naar Maatschappelijk
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd deze bestemming te wijzigen in een bestemming 'Maatschappelijk', waarbij moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden: a. De oppervlakte aan bedrijfsbebouwing per vrijgekomen agrarische bedrijfslocatie dient door sloop van overtollige bebouwing teruggebracht te worden tot 600 m². b. Er wordt een bestemmingsvlak en bouwvlak op maat gerealiseerd, rekening houdend met de te slopen voormalige agrarische bedrijfsbebouwing. c.
Nieuwbouw van de bedrijfsgebouwen is toegestaan, indien aangetoond wordt dat de bestaande bebouwing ongeschikt is voor de uitoefening van de beoogde functie.
d. Ondersteunende horeca is na wijziging toegestaan met een oppervlakte voor de horecalocaliteit van niet meer dan 30% van het totale overdekte en omsloten brutovloeroppervlak van de hoofdactiviteit met een maximum van 100 m². e. Buitenopslag en detailhandel zijn niet toegestaan. f.
Het agrarisch bedrijf ter plaatse is beëindigd en agrarisch hergebruik is niet langer mogelijk.
g. Er is geen sprake van onevenredige milieuhygiënische belemmeringen. h. De vestiging van de zorgvoorziening leidt niet tot onevenredige aantasting van gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van de naastgelegen percelen. i.
De
vestiging
van
de
zorgvoorziening
mag
geen
onevenredige
publieks-
en/of
verkeersaantrekkende werking tot gevolg hebben. j.
De wijziging gaat gepaard met een aantoonbare en uitvoerbare fysieke verbetering van de aanwezige of potentiële kwaliteiten van bodem, water, natuur, landschap of cultuurhistorie of van extensieve recreatieve mogelijkheden van het plangebied overeenkomstig de regeling kwaliteitsverbetering landschap Sint-Oedenrode.
k. l.
De in het gebied aanwezige waarden mogen niet onevenredig worden aangetast. In aanvulling op het bepaalde onder l mag de oppervlakte van het bestemmingsvlak niet meer bedragen dan 5.000 m².
3.7.5
Wijziging naar Recreatie ten behoeve van groepsaccommodatie
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd deze bestemming te wijzigen in een bestemming 'Recreatie' ten behoeve van een groepsaccommodatie, waarbij moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden: a. De oppervlakte aan bedrijfsbebouwing per vrijgekomen agrarische bedrijfslocatie dient door sloop van overtollige bebouwing teruggebracht te worden tot 500 m². b. Er wordt een bestemmingsvlak en bouwvlak op maat gerealiseerd, rekening houdend met de te slopen voormalige agrarische bedrijfsbebouwing. c.
Nieuwbouw van de bedrijfsgebouwen is toegestaan, indien aangetoond wordt dat de bestaande bebouwing ongeschikt is voor de uitoefening van de beoogde functie.
d. Buitenopslag en detailhandel zijn niet toegestaan. ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
33
‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels
e. Het agrarisch bedrijf ter plaatse is beëindigd en agrarisch hergebruik is niet langer mogelijk. f.
Er is geen sprake van onevenredige milieuhygiënische belemmeringen.
g. De vestiging van de groepsaccommodatie leidt niet tot onevenredige aantasting van gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van de naastgelegen percelen. h. De
vestiging
van
de
groepsaccommodatie
mag
geen
onevenredige
publieks-
en/of
verkeersaantrekkende werking tot gevolg hebben. i.
De wijziging gaat gepaard met een aantoonbare en uitvoerbare fysieke verbetering van de aanwezige of potentiële kwaliteiten van bodem, water, natuur, landschap of cultuurhistorie of van extensieve recreatieve mogelijkheden van het plangebied overeenkomstig de regeling kwaliteitsverbetering landschap Sint-Oedenrode.
j.
De in het gebied aanwezige waarden mogen niet onevenredig worden aangetast.
3.7.6
Wijziging naar Wonen
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd deze bestemming te wijzigen in de bestemming 'Wonen' voor zover het de voormalige agrarische bedrijfswoning betreft, waarbij moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden: a. Er wordt een bestemmingsvlak en bouwvlak op maat gerealiseerd, waarbij rekening wordt gehouden met de te slopen voormalige agrarische bedrijfsbebouwing en het bestemmingsvlak wordt verkleind tot de voormalige agrarische bedrijfswoning en bijbehorende tuinen, erven en verhardingen. b. De oppervlakte aan bijgebouwen en overkappingen bij de voormalige agrarische bedrijfswoning dient door sloop van overtollige bedrijfsbebouwing teruggebracht te worden tot een oppervlakte van 280 m². c.
De woning dient aanvaardbaar te zijn uit een oogpunt van een milieuhygiënisch verantwoord woon- en leefklimaat.
d. Het agrarisch bedrijf ter plaatse is beëindigd en agrarisch hergebruik is niet langer mogelijk. e. Er is geen sprake van onevenredige milieuhygiënische belemmeringen. f.
De woning leidt niet tot onevenredige aantasting van gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van de naastgelegen percelen.
g. De wijziging gaat gepaard met een aantoonbare en uitvoerbare fysieke verbetering van de aanwezige of potentiële kwaliteiten van bodem, water, natuur, landschap of cultuurhistorie of van extensieve recreatieve mogelijkheden van het plangebied overeenkomstig de regeling kwaliteitsverbetering landschap Sint-Oedenrode. h. Aan de gronden die met toepassing van deze wijziging vallen buiten het bestemmingsvlak wonen, wordt de gebiedsbestemming 'Agrarisch met waarden - Landschapswaarden' toegekend. i.
De in het gebied aanwezige waarden mogen niet onevenredig worden aangetast.
ONTWERP
Crijns Rentmeesters bv
34
‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels
Artikel 4 4.1
Groen
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. groenvoorzieningen; b. het behoud, herstel en ontwikkeling van houtopstanden; c.
behoud, herstel en/of versterking van de waterhuishoudkundige waarden;
d. water en waterhuishoudkundige voorzieningen; e. extensief recreatief medegebruik.
4.2
Bouwregels
Op of in deze gronden mogen geen gebouwen en bouwwerken worden gebouwd.
4.3
Specifieke gebruiksregels
4.3.1
Strijdig gebruik
Onder strijdig gebruik wordt in ieder geval verstaan: a. het gebruiken of laten gebruiken van gronden voor opslag van materialen, behoudens voor zover dit noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de gronden; b. het gebruiken of laten gebruiken van gronden als parkeergelegenheid.
4.4
Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden
4.4.1
Verboden werken en werkzaamheden
Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken en werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren: a. het verwijderen of rooien(vellen) van bos en/of andere grote houtopstanden; b. het verwijderen of rooien (vellen) van natuur- en landschapselementen en ander opgaand houtgewas zonder agrarische productiefunctie. 4.4.2
Uitzonderingen
Het in 4.4.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden welke: a. het normale onderhoud en/of gebruik betreffen, dan wel van ondergeschikte betekenis zijn; b. reeds in uitvoering zijn, dan wel krachtens een vastgesteld projectplan en/of een verleende vergunning reeds mogen worden uitgevoerd op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan. 4.4.3
Toelaatbaarheid
a. De in 4.4.1 genoemde omgevingsvergunning kan slechts worden verleend, indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de in de bestemmingsomschrijving genoemde waarden. b. Voor wat betreft de verdere afwegingsaspecten en beoordelingscriteria geldt de 'tabel omgevingsvergunning werken en werkzaamheden BP Buitengebied' zoals opgenomen in bijlage 2 bij deze regels.
ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
35
‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels
Artikel 5 5.1
Wonen
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen; b. aan-huis-verbonden beroepen of bedrijven; c.
(onverharde) paden en wegen en parkeervoorzieningen;
d. behoud, herstel en/of versterking van cultuurhistorische waarden te ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van waarde - cultuurhistorische waarden'; e. behoud, herstel en/of versterking van de waterhuishoudkundige waarden; f.
water en waterhuishoudkundige voorzieningen;
g. groenvoorzieningen.
5.2
Bouwregels
5.2.1
Algemeen
Voor het bouwen van bouwwerken gelden de volgende bepalingen: a. Per bestemmingsvlak is bebouwing ten behoeve van niet meer dan één half-vrijstaande woning toegestaan. b. De afstand van de woning tot de zijdelingse en achterste perceelsgrenzen niet minder mag bedragen dan 5 m, met uitzondering van de zijde waar de half-vrijstaande woning op de bestemmingsgrens is gerealiseerd. c.
In afwijking van de in de planregels voorgeschreven dakhelling mag, indien een gebouw wordt voorzien van een kap, maximaal 40% van een gebouw worden voorzien van een platte afdekking; in dat geval is de aangegeven goothoogte tevens de maximale hoogte van de platte afdekking.
d. Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - dove gevel' dient de voorgevel van de woning op alle verdiepingshoogten als 'dove gevel' uitgevoerd te worden en in stand te worden gehouden. e. Verbouw van de bedrijfswoning is slechts toegestaan indien de cultuurhistorische waarden van het pand zoals in bijlage 4 genoemd beschermd blijven en duurzaam in stand worden gehouden. 5.2.2
Bouwen van bestaande woningen
Voor het bouwen van woningen gelden de volgende bepalingen: a. Per bouwvlak is één woning toegestaan in de vorm van een half-vrijstaande woning. b. De inhoud van de woning mag niet meer bedragen dan de bestaande inhoud; c.
De goothoogte mag niet meer bedragen dan de bestaande goothoogte;
d. De bouwhoogte mag niet meer bedragen dan de bestaande bouwhoogte; 5.2.3
Bouwen van bijbehorende bouwwerken
Voor bijbehorende bouwwerken bij een woning bestaande uit aangebouwde- en vrijstaande bijgebouwen gelden de volgende bepalingen: a. bijbehorende bouwwerken dienen binnen het bestaande bouwvlak óf, indien er geen bouwvlak aanwezig is, binnen het bestaande bouwperceel opgericht te worden; b. de gezamenlijke bebouwde oppervlakte per woning bedraagt maximaal 365 m²; c.
de goothoogte bedraagt maximaal 3,30 m;
ONTWERP
Crijns Rentmeesters bv
36
‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels
d. de bouwhoogte bedraagt maximaal 6 m; e. de bijbehorende bouwwerken dienen op een afstand van ten minste 1 m achter de voorgevelrooilijn van het hoofdgebouw te worden gebouwd; f.
de afstand van vrijstaande bijgebouwen tot de woning bedraagt maximaal 15 m.
5.2.4
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bij (bedrijfs)woningen gelden de volgende bepalingen: a. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen bedraagt niet meer dan 2 m, met dien verstande dat de bouwhoogte vóór de voorgevelrooilijn niet meer bedraagt dan 1 m; b. de bouwhoogte van transparante toegangspoorten of penanten in de erfafscheiding bedraagt maximaal 3 m; c.
de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 3 m. met uitzondering van: 1. lichtmasten, waarvan de hoogte maximaal 6 meter mag bedragen, mits geplaatst achter de achtergevellijn van de woning; 2. nestgelegenheden voor vogels, waarvan de hoogte maximaal 8 m mag bedragen;
d. voor het bouwen van een overkapping gelden de volgende bepalingen: 1. de bouwhoogte van een overkapping mag niet meer bedragen dan 5 m; 2. een overkapping mag geen grotere oppervlakte hebben 30 m²; e. voor het bouwen van onoverdekte zwembaden bij een (bedrijfs)woning gelden de volgende bepalingen: 1. onoverdekte zwembaden dienen binnen het bouwvlak te worden gebouwd. 2. de oppervlakte mag niet meer bedragen dan 100 m². 3. de afstand tot (bedrijfs)woningen van derden mag niet minder bedragen dan 15 m; f.
de bouwhoogte van antennes voor zendamateurs mag niet meer bedragen dan 12 m, met dien verstande dat: 1. antennes niet mogen worden gesitueerd voor de voorgevel van de woning en het verlengde daarvan; 2. antennes dienen te worden gesitueerd op of aan de woning dan wel op een afstand van maximaal 15 m van de woning;
g. de ondergrondse bouwdiepte van ondergrondse bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt maximaal 3 meter onder peil, met dien verstande dat een voorziening ten behoeve van de waterhuishouding tot maximaal 6 meter onder peil gebouwd mag worden.
5.3
Afwijken van de bouwregels
5.3.1
Verkleinen afstand tot as van de weg
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd een omgevingsvergunning te verlenen voor het afwijken van het bepaalde in 5.2.1 voor het bouwen van gebouwen op een kortere afstand van de as van de weg, waarbij dient te worden voldaan aan de volgende voorwaarden: a. De in het gebied aanwezige waarden mogen niet onevenredig worden aangetast. b. Er is geen sprake van onevenredige milieuhygiënische belemmeringen. c.
De afwijking leidt niet tot onevenredige aantasting van gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van de naastgelegen percelen.
ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
37
‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels
5.3.2
Afwijkingsbevoegdheid voor het toestaan van een grotere afstand tussen (bedrijfs)woning en
bijbehorende bouwwerken Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van 5.2.3 en bijbehorende bouwwerken op een afstand van maximaal 30 meter van de (bedrijfs)woning toestaan als er redenen zijn van stedenbouwkundige, architectonische, cultuurhistorische of bouwtechnische aard.
5.4
Specifieke gebruiksregels
5.4.1
Algemeen
a. bedrijfswoningen en bijbehorende bouwwerken bij bedrijfswoningen mogen, tenzij de regels anders bepalen uitsluitend gebruikt worden voor; 1. wonen conform de definitie 'woning'; 2. het uitoefenen van beroepen en bedrijven aan huis. 5.4.2
Gebruik voor bebouwing voor beroep aan huis
Binnen een (bedrijfs)woning of in bijbehorende bouwwerken bij een woning is een beroep of bedrijf aan huis toegestaan, mits voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: a. het beroep of bedrijf aan huis vindt plaats in de (bedrijfs)woning en/of bijbehorende bouwwerken; b. het beroep of bedrijf aan huis ondersteunt de woonfunctie, dat wil zeggen dat degene die het beroep of bedrijf aan huis in de (bedrijfs)woning en/of bijbehorende bouwwerken uitoefent, tevens de hoofdbewoner van de (bedrijfs)woning is; c.
het aantal werkzame personen bij een beroep of bedrijf aan huis bedraagt maximaal 2 personen, waaronder inbegrepen de eigenaar van de woning;
d. maximaal 40% van de brutovloeroppervlakte van de (bedrijfs)woning en/of bijbehorende bouwwerken is in gebruik ten behoeve van het beroep of bedrijf aan huis, met een absoluut maximum van 100 m²; e. het parkeren ten behoeve van het beroep of bedrijf aan huis vindt plaats op eigen terrein. f.
vanaf de openbare weg zichtbare excessieve reclame-uitingen zijn niet toegestaan, hiervoor gelden de regels van de welstandsnota;
g. het
beroep
of
bedrijf
aan
huis
leidt
niet
tot
een
onevenredige
publieks-
en/of
verkeersaantrekkende werking in relatie tot de functie en aard van de omliggende weg(en); h. het beroep of bedrijf aan huis mag geen onevenredige beperking opleveren voor de bedrijfsvoering en bedrijfsontwikkeling van omliggende (agrarische) bedrijven. i.
de belangen van derden (omwonenden) worden niet geschaad;
j.
het aan huis verbonden beroep of bedrijf komt voor in de milieucategorie 1 of 2 van de VNG-brochure 'Bedrijven en milieuzonering' of kan, voor wat betreft de aard en omvang van de milieuhinder die het veroorzaakt, gelijk gesteld worden aan een bedrijf behorende tot één van die milieucategorieën;
k.
er vindt geen buitenopslag plaats ten behoeve van het beroep of bedrijf aan huis;
l.
beroepen of bedrijven aan huis in vorm van detailhandel, uitgezonderd internetwinkels zonder afhaalpunt of showroom en productiegebonden detailhandel als nevenfunctie bij agrarische bedrijfswoningen, of in de vorm van horeca (uitgezonderd ondersteunende horeca als nevenactiviteit bij agrarische bedrijfswoningen) zijn niet toegestaan.
ONTWERP
Crijns Rentmeesters bv
38
‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels
5.4.3
Landschappelijke inpassing
Het gebruiken van de voor 'Wonen' aangewezen gronden en bouwwerken is slechts toegestaan mits: a. Binnen twee jaar na het onherroepelijk worden van onderhavig bestemmingsplan en voor ingebruikname van de gebouwen en gronden overeenkomstig de regels zoals opgenomen in 5.1 dient de landschappelijke inpassing zoals opgenomen in het landschappelijk inpassingsplan in Bijlage 1 bij deze planregels, gerealiseerd te zijn dan wel of een kwalitatief daarmee vergelijkbaar plan dat door het college van burgemeester en wethouders is geaccordeerd;. b. Deze landschappelijke inpassing dient na realisatie duurzaam in stand te worden gehouden. 5.4.4
Voorwaardelijke verplichting bodemonderzoek
a. Grondverzet (ook voor aanleg van kabels en leidingen) is slechts toegestaan: wanneer ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van waarde - cultuurhistorische waarden'
een
bodemonderzoek,
conform
NEN
5740
uitgevoerd
is
ter
controle
op
bodemverontreiniging en aangetoond is dat de bodemkwaliteit van de locatie geschikt is voor het gebruik als bepaald in 5.1. b. wanneer ter plaatse van de te slopen stal binnen de bestemming 'Wonen' een bodemonderzoek, conform NEN 5740 uitgevoerd is ter controle op bodemverontreiniging en aangetoond is dat de bodemkwaliteit van de locatie geschikt is voor het gebruik als bepaald in 5.1. 5.4.5
Milieuzone
De gronden met de aanduiding milieuzone mogen niet worden gebruikt voor een gevoelige functie zoals wonen, mantelzorg of een andere permanente verblijfsfunctie.
5.5
Afwijken van de gebruiksregels
5.5.1
Afwijken voor uitoefenen van een Bed & Breakfast
Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van 5.4.1 voor het gebruiken van een deel van een woning voor logies in de vorm van een Bed & Breakfast, onder de volgende voorwaarden: a. het betreft maximaal 4 bedden en 2 slaapkamers; b. de Bed & Breakfast dient in bestaande bebouwing gerealiseerd te worden; c.
maximaal 40% van het vloeroppervlak van het hoofdgebouw en de daarbij behorende bijbehorende bouwwerken mag ten behoeve van een Bed & Breakfast in gebruik zijn.
d. de woonfunctie dient als hoofdfunctie behouden te blijven; e. bedoeld gebruik mag geen hinder voor het woonmilieu opleveren en geen onevenredige afbreuk doen aan het woonkarakter van de wijk of buurt; f.
permanente bewoning is niet toegestaan;
g. bedoeld gebruik mag geen belemmering voor de omliggende bedrijven opleveren; h. het gebruik dient de woonfunctie te ondersteunen, dat wil zeggen dat degene die de activiteiten in de woning of een bijbehorend bouwwerk uitoefent, tevens de hoofdbewoner van de woning is; i.
er mag geen duurzame ontwrichting van de evenwichtige opbouw van de voorzieningenstructuur ontstaan;
j.
de ontwikkeling mag niet leiden tot een nadelige beïnvloeding van de normale afwikkeling van het verkeer;
k.
er dient voldoende parkeren ten behoeve van de Bed & Breakfast op eigen terrein gerealiseerd te worden.
ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
39
‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels
5.5.2
Afwijken ten behoeve van aan-huis-verbonden beroepen of bedrijven
Binnen een woning of in bijbehorende bouwwerken bij een woning is een beroep of bedrijf aan huis toegestaan, mits voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: a. het beroep of bedrijf aan huis vindt plaats in de woning en/of bijbehorende bouwwerken; b. het beroep of bedrijf aan huis ondersteunt de woonfunctie, dat wil zeggen dat degene die het beroep of bedrijf aan huis in de woning en/of bijbehorende bouwwerken uitoefent, tevens de hoofdbewoner van de woning is; c.
het aantal werkzame personen bij een beroep of bedrijf aan huis bedraagt maximaal 2 personen, waaronder inbegrepen de eigenaar van de woning;
d. maximaal 40% van de brutovloeroppervlakte van de (bedrijfs)woning en/of bijbehorende bouwwerken is in gebruik ten behoeve van het beroep of bedrijf aan huis, met een absoluut maximum van 100 m²; e. het parkeren ten behoeve van het beroep of bedrijf aan huis vindt plaats op eigen terrein. f.
vanaf de openbare weg zichtbare excessieve reclame-uitingen zijn niet toegestaan, hiervoor gelden de regels van de welstandsnota;
g. het
beroep
of
bedrijf
aan
huis
leidt
niet
tot
een
onevenredige
publieks-
en/of
verkeersaantrekkende werking in relatie tot de functie en aard van de omliggende weg(en); h. het beroep of bedrijf aan huis mag geen onevenredige beperking opleveren voor de bedrijfsvoering en bedrijfsontwikkeling van omliggende (agrarische) bedrijven. i.
de belangen van derden (omwonenden) worden niet geschaad;
j.
het aan huis verbonden beroep of bedrijf komt voor in de milieucategorie 1 of 2 van de VNG-brochure 'Bedrijven en milieuzonering' of kan, voor wat betreft de aard en omvang van de milieuhinder die het veroorzaakt, gelijk gesteld worden aan een bedrijf behorende tot één van die milieucategorieën;
k. l.
er vindt geen buitenopslag plaats ten behoeve van het beroep of bedrijf aan huis; beroepen of bedrijven aan huis in vorm van detailhandel, uitgezonderd internetwinkels zonder afhaalpunt of showroom en productiegebonden detailhandel als nevenfunctie bij agrarische bedrijfswoningen, of in de vorm van horeca (uitgezonderd ondersteunende horeca als nevenactiviteit bij agrarische bedrijfswoningen) zijn niet toegestaan.
5.5.3
Afwijkingsbevoegdheid voor huisvesting in afwijking van het begrip 'woning' (kamerverhuur)
Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 5.2.1 en bewoning in afwijking van het begrip 'woning' toestaan voor kamerverhuur, indien voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: a. de huisvesting vindt plaats in een bestaande woning, die reeds aanwezig is ten tijde van terinzagelegging van dit ontwerpbestemmingsplan; b. bij het gebruik voor de huisvesting van kamerhuurders mogen, indien er een huishouden in de woning woont, naast dit huishouden maximaal 3 kamerhuurders in de woning te worden gehuisvest. Indien er geen huishouden woonachtig is, mogen er maximaal 4 kamerhuurders worden gehuisvest; c.
bij het gebruik voor de huisvesting van kamerhuurders mag huisvesting alleen plaatsvinden op de begane grond en op de eerste verdieping;
d. er mag geen zodanige verkeersaantrekkende werking optreden dat deze leidt of kan leiden tot een nadelige beïnvloeding van de normale afwikkeling van het verkeer dan wel tot een onevenredige parkeerdruk op de openbare ruimte;
ONTWERP
Crijns Rentmeesters bv
40
‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels
e. er ontstaat geen onevenredige aantasting van in het geding zijnde belangen waaronder die van omwonenden en nabijgelegen bedrijven; f.
er dient te worden aangetoond dat er sprake is van een verantwoord woon- en leefmilieu/klimaat;
g. in een straal van 75
meter
wordt voor niet
meer
dan
één
perceel/gebouw
een
omgevingsvergunning verleend voor kamerverhuur. 5.5.4
Afwijken ten behoeve van koffie-/theetuinen
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd een omgevingsvergunning te verlenen voor het afwijken van het bepaalde in 5.1 voor het toestaan een koffie-/theetuin, waarbij moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden: a. De koffie-/theetuin wordt gerealiseerd binnen het bestemmingsvlak 'Wonen'. b. De oppervlakte aan horecalokaliteit van de koffie-/theetuin mag niet meer dan 40 m² bedragen met een boerenterras van maximaal 100 m². c.
De afstand tot woningen van derden mag niet minder dan 50 m bedragen.
d. Het gebruik mag geen onevenredige beperking opleveren voor de bedrijfsvoering en bedrijfsontwikkeling van omliggende (agrarische) bedrijven. e. Het gebruik mag geen nadelige invloed hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en mag geen onevenredige toename vab de parkeerbehoefte veroorzaken. f.
Er wordt op eigen terrein voorzien in voldoende parkeergelegenheid.
g. De koffie-/theetuin wordt voorzien van een goede landschappelijke inpassing op basis van een erfbeplantingsplan. 5.5.5
Verkleinen afstand koffie-/theetuin tot woningen van derden
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd een omgevingsvergunning te verlenen voor het afwijken van het bepaalde in 5.5.4 voor het toestaan een koffie-/theetuin op een kortere afstand tot woningen van derden, waarbij dient te worden voldaan aan de volgende voorwaarden: a. De in het gebied aanwezige waarden mogen niet onevenredig worden aangetast. b. Er is geen sprake van onevenredige milieuhygiënische belemmeringen. c.
De afwijking leidt niet tot onevenredige aantasting van gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van de naastgelegen percelen.
5.5.6
Afwijken van milieuzone
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd een omgevingsvergunning te verlenen voor het afwijken van het bepaalde in 5.4.5 indien middels milieuonderzoek is aangetoond dat er geen sprake is van geur, geluid, fijnstof of gevaar op deze gronden.
5.6
Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden
5.6.1
Sloopverbod
Het is verboden vergunning van het bevoegd gezag (delen van) het beeldbepalend pand ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van waarde - cultuurhistorische waarden' te slopen. 5.6.2
Uitzonderingen
Het onder 5.6.1 vervatte verbod geldt niet voor de werken of werkzaamheden: a. welke betreffen het normale onderhoud, beheer en gebruik.
ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
41
‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels
5.6.3
Toelaatbaarheid
De in 5.6.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend indien door de werken of werkzaamheden, dan wel door de daarvan hetzij direct hetzij indirect te verwachten gevolgen geen onevenredige afbreuk wordt toegebracht aan de te beschermen architectonische of cultuurhistorische waarden. Dienaangaande wordt advies ingewonnen bij de gemeentelijke monumentencommissie.
ONTWERP
Crijns Rentmeesters bv
42
‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels
Artikel 6 6.1
Waarde - Archeologie 1
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Waarde - Archeologie 1' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming, mede bestemd voor het behoud en de bescherming van de hoge archeologische verwachtingswaarden van de gronden.
6.2
Bouwregels
a. Voor het bouwen overeenkomstig de regels voor de andere op deze gronden voorkomende bestemmingen dient de aanvrager van een omgevingsvergunning voor het bouwen, voor bouwwerken met een oppervlakte groter dan 200 m² en dieper dan 0,5 m, een rapport te overleggen waarin de archeologische waarden van de gronden die blijkens de aanvraag zullen worden verstoord, naar oordeel van het bevoegd gezag in voldoende mate zijn vastgesteld. b. Indien uit het in sub a genoemde rapport blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het verlenen van een omgevingsvergunning voor het bouwen zullen of kunnen worden verstoord, kan het bevoegd gezag één of meerdere van de volgende voorwaarden verbinden aan de omgevingsvergunning: 1. De verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden. 2. De verplichting tot het doen van opgravingen. 3. De verplichting de werken of werkzaamheden die leiden tot de bodemverstoring, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van archeologische monumentenzorg die voldoet aan door het bevoegd gezag bij de omgevingsvergunning te stellen kwalificaties. c.
Het bepaalde in sub a en b is niet van toepassing binnen het bouwvlak en binnen de bestemmingsvlakken van de bestemmingen 'Agrarisch met waarden - Landschapswaarden' en 'Wonen'.
d. Het bepaalde onder sub a en b is niet van toepassing indien door middel van een onafhankelijk document kan worden aangetoond dat de beoogde gronden voor het bouwen reeds verstoord zijn.
6.3
Afwijken van de bouwregels
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd een omgevingsvergunning te verlenen voor het afwijken van het bepaalde in 6.2 sub a indien de archeologische waarde van het terrein in andere beschikbare informatie afdoende is vastgesteld.
6.4
Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden
6.4.1
Verboden werken en werkzaamheden
Het is binnen deze bestemming verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken en werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren: a. het verzetten of vergraven van grond waarbij het maaiveld over meer dan 200 m² per perceel en met meer dan 0,50 m wordt gewijzigd of waarbij de maaiveldniveaus van steilranden worden gewijzigd, met uitzondering van de situatie waarin een ontgrondingsvergunning is vereist;
ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
43
‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels
b. het omzetten van grond of uitvoeren van bodemingrepen over meer dan 200 m² en dieper dan 0,50 m onder maaiveld, met uitzondering van de vervanging van aanwezige ondergrondse leidingen; c.
het aanleggen, dempen of wijzigen van (oevers, profiel, doorstroom- of bergingscapaciteit van) oppervlaktewateren.
6.4.2
Uitzonderingen
Het in 6.4.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden welke: a. het normale onderhoud en/of gebruik betreffen, dan wel van ondergeschikte betekenis zijn, zoals boomteeltactiviteiten waarbij de grond niet dieper dan 50 cm onder maaiveld wordt bewerkt danwel wordt verstoord als gevolg van aanplant/ontgraven/wortelontwikkeling; b. reeds in uitvoering zijn, dan wel krachtens een verleende vergunning reeds mogen worden uitgevoerd op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan; c.
binnen het bouwvlak, en/of het differentiatievlak of binnen de bestemmingsvlakken van de bestemmingen 'Agrarisch met waarden - Landschapswaarden' en 'Wonen' plaats vinden;
d. door middel van een onafhankelijk document kan worden aangetoond dat de gronden reeds verstoord zijn en dat als gevolg van de werken/werkzaamheden geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud en de bescherming van de archeologische waarden van de gronden; e. voor zover het werkzaamheden in de bodem betreffen die te maken hebben met het plant- en zaaiklaar maken en oogsten, overeenkomstig het huidig gebruik ten behoeve van de laanboomteelt; f.
voor zover het werkzaamheden in de bodem betreffen die te maken hebben met aanleg en instandhouding van het landschappelijk inpassingsplan dat als bijlage bij deze regels behoort danwel een opvolgend door het bevoegd gezag geaccordeerd landschappelijk inpassingsplan.
6.4.3
Toelaatbaarheid
a. De in 6.4.1 genoemde omgevingsvergunning kan slechts worden verleend, indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud en de bescherming van de archeologische waarden van de gronden. b. Alvorens over de aanvraag wordt beslist, dient de aanvrager een rapport te overleggen waarin de archeologische waarde van het terrein dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord naar het oordeel van het bevoegd gezag in voldoende mate is vastgesteld. c.
Een rapport is niet noodzakelijk indien naar het oordeel van het bevoegd gezag de archeologische waarde van het terrein in andere beschikbare informatie afdoende is vastgesteld. Deze informatie wordt dan als een rapport beschouwd.
d. Voor wat betreft de verdere afwegingsaspecten en beoordelingscriteria geldt de 'Tabel ingrepen / effect BP Buitengebied' (Bijlage 2).
ONTWERP
Crijns Rentmeesters bv
44
‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels
HOOFDSTUK 3 Artikel 7
ALGEMENE REGELS
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
45
‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels
Artikel 8 8.1
Algemene bouwregels
Bestaande maten
Voor een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van dit plan, met inachtneming van het bepaalde in of krachtens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, aanwezig is, dan wel gebouwd mag worden krachtens een omgevingsvergunning, gelden de bestaande maatvoering en situering, met dien verstande dat: a. bestaande maten die meer of minder bedragen dan in dit plan zijn voorgeschreven, ter plaatse van de afwijking als respectievelijk ten hoogste of ten laagste toelaatbaar worden geacht; b. de (onderdelen van) bouwwerken waarvan de maten afwijken van wat in dit plan is bepaald, mogen worden vergroot of verhoogd tot de in het plan opgenomen maten; c.
bij herbouw het bepaalde onder a uitsluitend van toepassing is, indien herbouw op dezelfde plaats (op de bestaande fundamenten) geschiedt;
d. op een bouwwerk als bedoeld onder c, het overgangsrecht niet van toepassing is.
8.2
Ondergronds bouwen
8.2.1
Algemeen
Ondergronds bouwen in de vorm van maximaal één bouwlaag (3,5 m¹ onder peil) is toegestaan binnen de gevelgrenzen van de (bedrijfs)woning en de verder binnen bestemmingsvlakken toegestane gebouwen. De inhoud van wat ondergronds wordt gebouwd telt niet mee bij het bepalen van de maximale toegestane inhoud van een gebouw. 8.2.2
Afwijken van de regeling
Het bevoegd gezag kan met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 8.2.1 voor het toestaan van ondergrondse gebouwen van maximaal één bouwlaag (3,5 m¹ onder peil) buiten de gevelgrenzen van de gebouwen mits voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: a. De oppervlakte mag maximaal 10% van de oppervlakte van het bestemmingsvlak bedragen met een absoluut maximum van 150 m². b. De afstand tot de as van de weg dient minimaal 15 m¹ te bedragen behalve als de bestaande gebouwen dichter op de as van de weg staat; dan is deze afstand bepalend; c.
Het bouwwerk dient geheel onder het maaiveld te worden gebouwd;
d. Afhankelijk van de situatie kan een landschappelijke inpassing worden geëist; e. De inhoud van wat ondergronds wordt gebouwd telt niet mee bij het bepalen van de maximale toegestane inhoud; f.
Verlening van deze vergunning leidt niet tot aantasting van cultuurhistorische waarden.
8.2.3
Ondergrondse bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. Ondergrondse bouwwerken zijn uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak; b. De ondergrondse bouwdiepte van ondergrondse bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt maximaal 3 meter onder peil, met dien verstande dat een voorziening ten behoeve van de waterhuishouding tot maximaal 6 meter onder peil gebouwd mag worden. 8.2.4
Afwijking
Het bevoegd gezag kan in afwijking van het bepaalde in 8.2.3 sub b een omgevingsvergunning ONTWERP
Crijns Rentmeesters bv
46
‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels
verlenen voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met een ondergrondse bouwdiepte van maximaal 10 meter onder peil onder de voorwaarden dat: a. De waterhuishouding niet wordt verstoord; b. Geen afbreuk wordt gedaan aan archeologische waarden.
ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
47
‘Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Hoogstraat 64’ - regels
Artikel 9 9.1
Algemene gebruiksregels
Strijdig gebruik
Onder strijdig gebruik wordt in ieder geval verstaan: a. het gebruiken of laten gebruiken van onbebouwde gronden als opslagplaats voor vaten, kisten, al dan niet voor gebruik geschikte werktuigen en machines of onderdelen daarvan, oude en nieuwe bouwmaterialen, afval, puin, grind en brandstoffen, tenzij dit gebruik noodzakelijk is voor of verband houdt met het op de bestemming gerichte gebruik van de gronden; b. het gebruiken of laten gebruiken van onbebouwde gronden als uitstallings- of opslagplaats van al dan niet voor gebruik geschikte voer- of vaartuigen of onderdelen daarvan, tenzij dit gebruik noodzakelijk is voor of verband houdt met het op de bestemming gerichte gebruik van de gronden; c.
het gebruiken of laten gebruiken van onbebouwde gronden als uitstallings- of opslagplaats, dan wel staan- of ligplaats voor onderkomens, tenzij dit gebruik noodzakelijk is voor of verband houdt met het op de bestemming gerichte gebruik van de gronden;
d. het gebruiken of laten gebruiken van woningen voor enige vorm van detailhandel (uitgezonderd internetwinkels zonder afhaalpunt of showroom in het kader van aan-huis-verbonden bedrijvigheid
en
productiegebonden
detailhandel
als
nevenactiviteit
bij
agrarische
bedrijfswoningen in het buitengebied) en/of horeca (uitgezonderd ondersteunende horeca als nevenfunctie bij agrarische bedrijfswoningen in het buitengebied); e. het gebruiken of laten gebruiken van een gedeelte van een bedrijfsgebouw of bijbehorend bouwwerk bij een (bedrijfs)woning als woonruimte; f.
het gebruiken of laten gebruiken van gronden en/of bouwwerken ten behoeve van een seksinrichting en/of prostitutie.