CConstaterende datMeierijstad
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1.1 Toelichting

Raadsvergadering 27 januari 2021, gemeente MeierijstadBij agendapunt: Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan 'Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Vresselseweg 32'17.930 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Hieruit zijn geen belangrijke nadelige milieugevolgen gebleken, waaruit bovendien geconcludeerd wordt dat er geen noodzaak is tot het opstellen van een MER. Ten aanzien van het tweede criterium inzake een mogelijke MER-plicht, geldt dat er bij onderhavige situatie geen sprake is van een plan waarvoor een passende beoordeling nodig is in verband met een mogelijk significant negatief effect op Natura 2000-gebieden. Onderhavige ontwikkeling heeft met zekerheid geen significant effect op de Natura 2000-gebieden en de Beschermde Natuurmonumenten. Ten aanzien van het derde criterium geldt dat onderhavige activiteit niet is aangewezen als MERplichtig op grond van de Provinciale milieuverordening Noord-Brabant 2010. Er is dus geen sprake van de verplichting tot het opstellen van een MER en het doorlopen van de bijbehorende procedure. Er heeft een vormvrije m.e.r.-beoordeling plaatsgevonden, waarbij alle relevante planologische en milieuhygiënische aspecten zijn getoetst en akkoord bevonden. Er is geen sprake van belangrijke nadelige milieugevolgen. Zoals beschreven is er bij onderhavig plan geen sprake van een verplichting tot het opstellen van een MER en het doorlopen van de m.e.r.-procedure o.g.v. het Besluit m.e.r., de Natuurbeschermingswet 1998 of de Provinciale milieuverordening NoordBrabant 2010.

Uit de vormvrije m.e.r.-beoordeling volgt dat er geen sprake is van belangrijke nadelige milieugevolgen. Er is dus voldaan aan de wettelijke verplichtingen hieromtrent.

42 Toelichting “Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Vresselseweg 32”

5. UITVOERBAARHEID EN PROCEDURE 5.1

Economische uitvoerbaarheid

De voorgestane ontwikkeling aan de Vresselseweg 32 te Sint-Oedenrode betreft een particulier initiatief. De met de ontwikkeling gepaard gaande kosten worden dan ook gedragen door de initiatiefnemer. Hierbij is de economische uitvoerbaarheid voor de gemeente gegarandeerd. Er zijn geen financiële consequenties van het plan voor de gemeente Meierijstad. Dit is vastgelegd in een anterieure overeenkomst, waarin is opgenomen dat eventuele planschade voor rekening komt van de initiatiefnemer. Bovendien worden de eventuele gemeentelijke kosten verhaald via het in rekening brengen van leges. Doordat het verhaal van de kosten van grondexploitatie anderszins is verzekerd, er geen fasering of tijdvak behoeft te worden vastgelegd en er geen sprake is van locatie-eisen (aan openbare ruimte of woningbouwcategorieën) is bovendien geen exploitatieplan benodigd. Door middel van een verkennend bodemonderzoek is aangetoond dat op de planlocatie geen bodemsanering hoeft te worden uitgevoerd. Hierdoor zijn er geen financiële risico’s voor de initiatiefnemer met betrekking tot de aanwezige bodemkwaliteit op de planlocatie. De economische uitvoerbaarheid van het voornemen is hiermee afdoende aangetoond.

5.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

Bij de maatschappelijke uitvoerbaarheid gaat het erom dat er maatschappelijk draagvlak is voor een planvoornemen. Om te peilen of er voldoende draagvlak is voor het onderhavige initiatief zijn de adressen binnen 250 meter van de planlocatie uitgenodigd voor een omgevingsdialoog. Deze is gehouden op 18 april 2018 en het verslag van het dialoog is bijgevoegd in bijlage 5. 5.2.1 Procedure algemeen In artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is opgenomen dat de gemeente bij de voorbereiding van een bestemmingsplan overleg pleegt met de besturen van de bij het plan betrokken provincie en waterschap. Indien nodig dient bovendien overleg plaats te vinden met de besturen van andere gemeenten of met eventuele andere diensten die belast zijn met de behartiging van belangen die in het plan in het geding zijn. Na het vooroverleg kan de gemeente ervoor kiezen het plan als voorontwerp ter inzage te leggen voor inspraak. Dit extra inzagemoment is wettelijk niet voorgeschreven en berust derhalve op gemeentelijke beleidsvrijheid. De formele vaststellingsprocedure van een bestemmingsplan vindt vervolgens plaats volgens artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening. Hierbij wordt o.a. afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing verklaard, met een aantal aanvullende procedurevereisten. Het (ontwerp)plan wordt ter visie gelegd gedurende een periode van zes weken.

Gedurende deze periode wordt een ieder in de gelegenheid gesteld zienswijzen kenbaar te maken omtrent het plan. Na behandeling van de eventueel ingebrachte zienswijzen dient de gemeenteraad binnen twaalf weken na de termijn van terinzagelegging te beslissen omtrent de vaststelling van het bestemmingsplan. Na vaststelling wordt het besluit bekend gemaakt en het plan wederom voor een periode van zes weken ter visie gelegd. Gedurende deze periode kunnen belanghebbenden tegen het vaststellingsbesluit beroep instellen bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS). Indien geen beroep wordt ingesteld, is het plan daags na de inzagetermijn onherroepelijk en treedt het plan in werking. 5.2.2 Zienswijzen Drie ontvankelijke zienswijzen zijn ingediend tijdens de inzagetermijn. De indieners zijn N.V. Rotterdam-Rijn Pijpleiding Maatschappij, Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant en waterschap De Dommel. De afzonderlijke zienswijzen worden inhoudelijk kort toegelicht en de aangebrachte wijzigingen worden uiteengezet. 43 Toelichting “Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Vresselseweg 32”

N.V. Rotterdam-Rijn Pijpleiding Maatschappij (RRP) De RRP verzoekt het bestemmingsplan in de regels te wijzigen, teneinde het nationale belang te borgen van de ondergrondse brandstofleidingen die binnen de planlocatie liggen. De voorgestelde aanvullingen c.q. wijzigingen van de RPP zijn overgenomen in de regels van dit gewijzigde bestemmingsplan. Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant (GS) GS heeft aangedrongen op het opnemen van motivering van de verschillende werkingsgebieden uit de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant (IOV). Daarnaast dient de voorgenomen ontwikkeling te worden gemotiveerd aan de hand van artikel 3.73 van de IOV. De toelichting van de bestemmingsplanwijziging is hierop aangepast en het plan is gemotiveerd aan de hand van de verschillende werkingsgebieden van de IOV. Gedeputeerde Staten heeft ook enkele opmerkingen geplaatst bij de voorgestelde kwaliteitsberekening van het landschap. De verschillende opmerkingen zijn verwerkt in een nieuw landschappelijk inrichtingsplan, waardoor deze voldoet aan de richtlijnen van stika en de regeling ‘Kwaliteitsverbetering van het landschap gemeente Sint-Oedenrode’. Waterschap De Dommel Het waterschap stemt in met het bestemmingsplan in het kader van de watertoetsprocedure. Naar aanleiding van ambtelijk overleg zijn opmerkingen in het kader van vooroverleg in het plan verwerkt.

In het ontwerpbestemmingsplan werd de aanleg van een amfibieënpoel beschreven in het kader van de landschappelijke inpassing. Het plangebied is gelegen in een Keur attentiegebied en vanwege deze gevoelige ligging van het plangebied is het aanleggen van een dergelijke poel vergunningsplichtig. De kans dat deze vergunning niet verleend wordt is aanzienlijk. Om de realisatie van de landschappelijke inpassing voortvarend te laten verlopen wordt afgezien van de amfibieënpoel. Daarnaast worden de regels aangepast en is de toename van verharding duidelijk omschreven in de waterparagraaf van de toelichting. Op verzoek van het waterschap is tevens een omschrijving opgenomen van het omliggende (kwetsbare) watersysteem en de gevolgen van voorliggende ontwikkeling. Alle toename in verharding zal worden afgekoppeld, waarbij hemelwater op het eigen perceel zal infiltreren. Conclusie Aan alle ontvankelijke zienswijzen is tegemoet gekomen middels dit gewijzigde bestemmingsplan. De verwachting is daarom dat voorliggend bestemmingsplan verder op geen bezwaren zal stuiten.

44 Toelichting “Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Vresselseweg 32”

6. CONCLUSIE EN AFWEGING Het onderhavige initiatief tot herbestemming van Vresselseweg 32 te Sint-Oedenrode is beoordeeld op de eisen van ‘een goede ruimtelijke ordening’ en hieruit is gebleken dat het initiatief aan alle vereisten voldoet. Het onderhavige initiatief is getoetst aan geldende sectorale wet- en regelgeving en hieruit is gebleken dat er geen milieuplanologische belemmeringen zijn. Bovendien is gebleken dat er wordt voldaan aan de eisen van een goed woon- en leefklimaat en dat er geen beschermde soorten aanwezig zijn waarvan de leefomgeving wordt verstoord. Hierdoor wordt geconcludeerd dat de ruimtelijke aanvaardbaarheid van het initiatief vanuit het gemeentelijke ruimtelijke belang, het belang van ‘een goede ruimtelijke ordening’ en uit oogpunt van milieuplanologische wet- en regelgeving is aangetoond.

45 Toelichting “Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Vresselseweg 32”

BIJLAGEN Bijlage 1 - Berekening compensatiewaarde Bijlage 2 - Landschappelijk inpassingsplan Bijlage 3 - Brief RRP Bijlage 4 - Rapport verkennend bodemonderzoek Bijlage 5 - Verslag omgevingsdialoog

46 Toelichting “Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening Vresselseweg 32”

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Meierijstad&id=38143425-0035-4b0b-ab93-515c37a37bce