Bestemmingsplan herziening tennispark de Krekel
Tekst van het document
Bestemmingsplan
Kom Mariaheide, herziening tennispark De Krekel
Bezoekadres Stadhuisplein 1 5461 KN Veghel Postadres Postbus 10.001 5460 DA Veghel T: 14 0413 E: info@meierijstad.nl W: www.meierijstad.nl IBANnr: NL31 RABO 0171 5811 48
Betreffende
Kom Mariaheide, herziening tennispark De Krekel
Planstatus
vastgesteld
Projectnummer
NL.IMRO.1948.MAR000BP0022017P-VG01
Datum
21 april 2021
Bestemmingsplan ‘Kom Mariaheide, herziening tennispark De Krekel’ Gemeente Meierijstad Vaststelling
Rapportnummer:
211X08309_8
IMRO-code:
NL.IMRO.1948.MAR000BP0022017P-VG01
Datum:
21 april 2021
Opdrachtgever:
Tennispark De Krekel
Projectteam BRO:
JR, JvdA, RT
Concept:
maart 2016, juli 2016
Ontwerp:
augustus 2020
Vaststelling:
april 2021
Trefwoorden:
--
Bron foto kaft:
www.kliknieuws.nl
Beknopte inhoud:
Uitbreiding bouwvlak voor vergroting sportaccommodatie
BRO Hoofdvestiging Bosscheweg 107 5282 WV Boxtel T +31 (0)411 850 400 E info@bro.nl
Toelichting
Inhoudsopgave
pagina
1. INLEIDING 1.1 Aanleiding 1.2 Ligging en begrenzing plangebied 1.3 Vigerend bestemmingsplan 1.4 Leeswijzer
3 3 3 4 5
2. PLANBESCHRIJVING 2.1 Huidige situatie plangebied 2.2 Gewenste situatie 2.3 Landschappelijke inpassing
6 6 7 12
2.3.1 Kenschets Landschap 2.3.2 Landschappelijke inpassing 2.3.3 Stedenbouwkundige inpassing
12 13 14
3. BELEIDSTOETS 3.1 Rijksbeleid
16 16
3.1.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) 3.1.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) 3.2 Provinciaal beleid
16 16 18
3.2.1 Omgevingsvisie ‘De kwaliteit van Brabant’ 3.2.2 Interim Omgevingsverordening 3.3 Gemeentelijk beleid
18 19 21
3.3.1 Structuurvisie Veghel 2030 3.3.2 Bestemmingsplan ‘Kom Mariaheide’ 3.3.3 Beleidsregels internetwinkels
21 22 23
4. MILIEUHYGIENISCHE VERANTWOORDING 4.1 Flora en fauna 4.2 Archeologie en cultuurhistorie 4.3 Waterparagraaf
24 24 25 28
4.3.1 Beleid 4.3.2 Waterhuishoudkundige situatie 4.4 Bodem 4.5 Bedrijven en milieuzonering 4.6 Geurhinder 4.7 Akoestiek (wegverkeer) 4.8 Akoestiek (industrielawaai) 4.9 Luchtkwaliteit 4.10 Externe veiligheid 4.11 Verkeer en parkeren 4.12 M.e.r.-plicht
28 31 33 33 36 38 38 40 40 43 45
Inhoudsopgave
1
5. JURIDISCHE PLANOPZET 5.1 Inleiding 46 5.2 Systematiek van de regels 5.3 Toelichting op de bestemmingen
46
6. UITVOERBAARHEID 6.1 Maatschappelijke uitvoerbaarheid
50 50
46 48
6.1.2 Wettelijk (voor)overleg 6.1.3 Planprocedure: inspraak en zienswijzen 6.2 Financiële uitvoerbaarheid
50 50 51
SEPARATE BIJLAGEN Bijlage 1: Landschappelijke inpassing Bijlage 2: Historische Bodemtoets Bijlage 3: Archeologisch onderzoek Bijlage 4: Geuronderzoek Bijlage 5: Akoestisch onderzoek Bijlage 6: Advies Externe Veiligheid Bijlage 7: Beeldkwaliteitplan Bijlage 8: Omgevingsdialoog Bijlage 9: Reactie vooroverleg Provincie Noord-Brabant
Inhoudsopgave
2
1.
INLEIDING 1.1 Aanleiding Tennispark De Krekel is een middelgrote tennisclub gevestigd in Mariaheide, een plaats gelegen tussen Veghel en Uden. De tennisvereniging, welke het tennispark exploiteert en beheert, heeft circa 1.000 actieve leden, waarvan 150 jeugdleden. Momenteel beschikt De Krekel over 11 buiten-, 2 binnenbanen en enkele padelbanen (buiten). De twee binnenbanen zijn gelegen in de bijbehorende sportaccommodatie. Daarnaast beschikt deze accommodatie over een kantine, kleedruimtes, vergader- en kantoorruimte. De wens van de exploitant en eigenaar, is om het bestaande bouwvlak uit te breiden voor de ontwikkeling van een indoor tennisveld en een multifunctionele (fitness)ruimte. In het winterseizoen kan hier indoor gefitnest worden, waardoor de tennissers hun conditie en niveau op peil kunnen houden. De indoor-tennisbaan is net zoals de andere banen te reserveren door leden en niet-leden. Ook voorziet het plan in de vestiging van een ondergeschikte fysiotherapiepraktijk en een service-/webwinkel in duikbenodigdheden. Daarnaast zal een tweetal aangekochte woonpercelen worden ingezet en herbestemd worden naar de bestemming ‘Sport’ om de ontwikkeling mogelijk te maken.
Een herziening van het bestemmingsplan (ex artikel 3.8 Wro) wordt doorlopen om het initiatief mogelijk te maken, aangezien bovenstaande ontwikkeling niet past binnen de bouw- en gebruiksmogelijkheden van het geldende bestemmingsplan.
1.2 Ligging en begrenzing plangebied Het plangebied Pastoor van Haarenstraat 81, beter bekend als Tennispark De Krekel te Mariaheide is gelegen in het oosten van de kom van Mariaheide. Het tennispark ligt in de gemeente Meierijstad, ten noorden van de A50 en ten westen van Duifhuis (buitengebied gemeente Uden), zie ook figuur 1.1. Het plangebied staat kadastraal bekend als gemeente Veghel, sectie N, nummers 43, 608 en 609.
Figuur 1.1: Ligging plangebied (Bron: ruimtelijkeplannen.nl)
Hoofdstuk 1
3
1.3 Vigerend bestemmingsplan Ter plaatse van het plangebied zijn het bestemmingsplan ‘Kom Mariaheide’ (vastgesteld 3 maart 2011), ‘Buitengebied’ (vastgesteld 22 oktober 2015) en het “Paraplubestemmingsplan parkeren” (vastgesteld 19 januari 2019) vigerend. Bestemmingsplan ‘Kom Mariaheide’ Het plangebied heeft in het vigerende bestemmingsplan de enkelbestemming ‘Sport’, de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie’, een bouwvlak en maatvoeringseisen, de bouw- en goothoogte mag maximaal 5 meter zijn. Voor het noordwestelijke deel van het bouwvlak is een maximum bouwhoogte van 10 meter toegestaan. Rondom het bouwvlak, in het bestemmingsvlak, is een maximum bebouwingspercentage ‘terrein’ van 3% opgenomen. De uitbreidingswens bestaat uit het vergroten van de sportaccommodatie en daarmee het vergroten van het bouwvlak en een klein deel herbestemmen van ‘Wonen’ naar ‘Sport’ (zie figuur 1.2). Beide ontwikkelingen zijn in strijd met het geldende bestemmingsplan omdat het bouw- en gedeeltelijk ook het bestemmingsvlak voor sport niet toereikend zijn. Daarnaast passen de ondergeschikte fysiotherapiepraktijk en service-/webwinkel in duikbenodigdheden niet binnen de gebruiksregels van de bestemming ‘Sport’. Middels onderhavig bestemmingsplan wordt het bestemmingsplan ‘Kom Mariaheide’ op deze punten herzien.
Bestemmingsplan ‘Buitengebied’ Een gedeelte van het tennispark is gelegen in het bestemmingsplan ‘Buitengebied’. Middels dit bestemmingsplan wordt deze omissie gecorrigeerd. Deze strook met de bestemming ‘Groen - Landschapselement’ wordt bij het bestemmingsvlak betrokken en krijgt ook de bestemming ‘Sport’ toegewezen.
Hoofdstuk 1
4
Uitbreiding hal voor indoor tennishal
Uitbreiding multifunctionele ruimte sportcomplex
Figuur 1.2: Vigerend bestemmingsplan (Bron: ruimtelijkeplannen.nl)
Paraplubestemmingsplan parkeren Dit bestemmingsplan voorziet in het opnemen van een koppeling met de actuele parkeernormen voor verschillende functies binnen de gemeente Meierijstad waaraan bij omgevingsvergunning getoetst wordt. Dit plan is opgesteld vanwege het vervallen van de stedenbouwkundige voorschriften uit de Bouwverordening. Hiermee dient toetsing aan de gemeentelijke parkeernormen via het bestemmingsplan plaats te vinden. In onderhavig bestemmingsplan is deze koppeling overgenomen.
1.4 Leeswijzer De toelichting bestaat uit 6 hoofdstukken: 1) een inleiding, 2) beschrijving van het plan, 3) een beleidstoets, 4) een verantwoording op de milieutechnische aspecten en een verantwoording ten aanzien van eventueel aanwezige waarden, 5) een juridische planopzet en 6) financiële en maatschappelijke uitvoerbaarheid. Rapportages van uitgevoerde sectorale onderzoeken zijn als separate bijlage bij deze toelichting gevoegd.
Hoofdstuk 1
5
2.
PLANBESCHRIJVING 2.1 Huidige situatie plangebied De locatie van het plangebied is gelegen aan de noordgrens van de kom Mariaheide, gemeente Meierijstad. Tennispark De Krekel bestaat in de huidige situatie uit één perceel met de bestemming ‘Sport’ met bouwvlak (secretariaat, sectie N, nummer 609). Binnen het plangebied is momenteel een hoofdgebouw aanwezig met intern 2 overdekte tennisvelden. Daarnaast beschikt het terrein over 13 onoverdekte tennisvelden en 33 verharde parkeermogelijkheden. Het plangebied is momenteel ontsloten via 2 inritten vanaf de Pastoor van Haarenstraat, de centrale ontsluitingsweg van Mariaheide. Deze weg heeft een ruim profiel met een brede groenstrook aan beide zijden. De weg wordt begeleid door een dubbele rij pluimessen. Aan de noordzijde wordt het plangebied begrensd door een bosschage, bestaande uit gemengde inheemse beplanting. De oostelijke rand is ingepast met een struweel, welke het zicht op de agrarische velden vanaf de Krekelshofstraat tegengaat. De zuidrand van het plangebied kent een rommelig beeld met diverse soorten erfafscheidingen zoals een coniferenhaag en diverse schuttingen. De verworven woonpercelen zijn nu nog ingericht als tuin, maar zullen voor de mogelijke uitbreiding een andere inrichting krijgen. Westelijk is het perceel van haar omgeving gescheiden door een lage haag en hekwerk.
Hierachter is een groenstrook gesitueerd met coniferen en groenblijvende exoten zoals laurierkers en enkele hoge sparren. Op de verworven woonpercelen is groen aanwezig in de vorm van gazon, groenvakken met hoofdzakelijk coniferen en een aantal solitaire bomen.
Zicht op huidige sporthal vanaf de Pastoor van Haarenstraat
Hoofdstuk 2
Entree met parkeervakken
6
Westzijde met erfafscheidingen(rechts) en aangekochte woonpercelen(links)
Uitbreidingslocatie sporthal aan de Pastoor van Haarenstraat
2.2 Gewenste situatie Gezien de tendens dat de tennissport al enkele jaren afneemt, zijn de eigenaren/exploitanten van het tennispark aan bekijken hoe tennispark De Krekel toekomstbestendig zou kunnen worden geëxploiteerd zodat deze sportvoorziening voor Mariaheide zo goed mogelijk in stand kan worden gehouden. Gezien de trends op sportgebied, is het de exploitanten duidelijk geworden dat dit niet (meer) alleen met tennissen te bereiken is. De belangstelling voor de recreatieve tennissport neemt landelijk af, wat ook effecten kan hebben op het toekomstperspectief voor het onderhavige, commercieel geëxploiteerde tenniscentrum. De combinatie van meerdere sporten en hieraan ondergeschikte, ondersteunende functies verbreedt de exploitatiebasis en versterkt derhalve de continuïteit van het complex De Krekel als laagdrempelige sportvoorziening voor de lokale en regionale bevolking. Vandaar dat een verruiming van de bestemming zowel qua bouw- als gebruiksmogelijkheden nodig is om adequaat op deze trends in te spelen. Uitbreiding bebouwingsmogelijkheden en bestemming ‘Sport’ In de toekomstige situatie zullen twee uitbreidingen van het bestaande gebouw worden gerealiseerd. Ten behoeve van de uitbreiding van de tennishal is vergroting van het huidige bouwvlak noodzakelijk in noordoostelijke richting. Het huidige bouwvlak zal hier met circa 477 m² worden vergroot.
Voor de vergroting is een uiterlijke grens aangehouden welke het verlengde is van de algemeen heersende rooilijn van de Pastoor van Haarenstraat. De nieuwe hal moet minimaal 3 meter achter de voorgevelrooilijn van de naastgelegen woning (nr. 79) komen te liggen. Ter hoogte van de sporthal ligt deze op circa 8,65 meter uit de perceelgrens. Het bouwvlak zal daarmee 8 meter opschuiven richting de Pastoor van Haarenstraat en 1,5 meter naar het noorden. Hierdoor kan de interne ordening van de sporthal optimaal worden ingericht.
Hoofdstuk 2
7
Voorgestelde uitbouw aan de zuidzijde (Bron: Van Houtum Architecten B.V. 20-11-2012)
Naast deze bouwvlakuitbreiding vindt er aan de zuidzijde een beperkte uitbreiding van de bestemming ‘Sport’ plaats. Hiertoe heeft initiatiefnemer 2 percelen met de bestemming ‘Wonen’ (perceelnummers 608 en 43, totaal 750 m2 groot) verworven. Door verwerving van deze percelen ontstaat ruimte voor de realisatie van een gebouw. Er is reeds een vergunning afgegeven voor de realisatie van een multifunctionele ruimte met een maximale bouwhoogte van 5 meter. Waarschijnlijk zal deze de functie krijgen als fitnessruimte. Voor deze uitbreiding is het bouwvlak verruimd met circa 532 m². Daar waar geen gebouw gerealiseerd wordt, wordt de grond in gebruik genomen als grasveldje. Rekening houdend met een minimale afstand van 30 meter vanaf de omliggende woongevels en 5 meter uit de naastgelegen perceelgrens. In totaal zal het bestemmingsvlak met circa 1.000 m² worden verruimd binnen de bestemming ‘Sport’. Verruiming gebruiksmogelijkheden De verruiming in gebruiksmogelijkheden bestaat uit: de mogelijkheid tot vestiging van een aan het totale sportconcept ondergeschikte Duiksport servicewinkel/webwinkel; de mogelijkheid tot vestiging van een ondergeschikte fysiopraktijk; de mogelijkheid tot gebruiken van de gronden van het tennispark voor dagrecreatief medegebruik.
Duiksport servicewinkel/webwinkel Een van de exploitanten/bedrijfsleiders op het tennispark exploiteert een duiksport servicewinkel/webwinkel. Exploitant wil deze functie graag op het tennispark uitoefenen vanwege verschillende redenen.
Hoofdstuk 2
8
In de eerste plaats is er sprake van vaste samenwerking tussen het tennispark en de duiksport servicewinkel/webwinkel. Deze functioneren als één bedrijf met verschillende bedrijfsleiders, die elkaar kunnen aanvullen en ondersteunen waar nodig. Beide willen deze wijze van bedrijfsvoering in de toekomst voortzetten en intensiveren, met name gezien de leeftijd van de bedrijfsleider van het tennispark. Omdat ook landelijk gezien de belangstelling voor de recreatieve tennissport afneemt, kan dit gevolgen hebben voor de exploitatie van het tenniscentrum, dat commercieel wordt geëxploiteerd. Door op één locatie meerdere verschillende sporten te kunnen faciliteren, zijn de economische perspectieven van het (gehele) bedrijf voor de langere termijn aanmerkelijk gunstiger. Daarnaast zijn voor een duiksport servicewinkel/webwinkel nauwelijks geschikte, betaalbare ruimten te vinden in de reguliere winkelcentra. Immers is voor de activiteiten niet alleen een (kleine) showroom benodigd, maar ook opslag- en onderhoudsruimten voor volumineuze materialen. De ruimte op het tennispark is daarvoor ideaal. De belangrijkste activiteiten van de duiksport servicewinkel/webwinkel zijn: Duikschool (activiteiten vinden op diverse locaties plaats); Service en reparaties; Opslag van duikspullen/-attributen; Verhuur van duikmaterialen; Webshop; Internationale duikreizen; Showroom (web based).
Zoals mede uit de opsomming blijkt, is de detailhandelsfunctie nadrukkelijk ondergeschikt aan het totale sport/bedrijfsconcept, dat kan worden omschreven als duikservice en duikschool. De servicewinkel heeft ook beperkte openingstijden (vrijdag en zaterdag, daarbuiten slechts op aanvraag). Ook in de nichemarkt van de duiksport vindt verkoop steeds meer online plaats. Daarom beschikt de duiksport servicewinkel/webwinkel ook over een webwinkel. De detailhandel is dan ook, zeker in ruimtelijk opzicht, ondergeschikt aan de primaire sportfunctie, die het totale sport-/tennispark heeft. Service, reparatie en revisie van duikmaterialen vormen, samen met educatie (duikschool), de kern van de activiteiten op deze specifieke locatie binnen het sport-/tennispark. In de toekomst wil de exploitant van de duiksport servicewinkel/webwinkel, naast het passieve sporten (educatie over duiken en activiteiten op andere locaties), ook op de onderhavige locatie een actieve vorm van sport gaan aanbieden. Hiertoe wordt overwogen om een vijver/bassin aan te leggen op de nu nog onbebouwde locatie op het tennispark. Fysiopraktijk Exploitant heeft daarnaast de wens om als ondergeschikte en deels ondersteunende functie een fysiopraktijk mogelijk te maken.
Een fysiopraktijk heeft namelijk raakvlakken met bewegende en sportende mensen en is in die zin een dienst die kan worden gezien als het verlengstuk van het sporten/bewegen zelf. Het is niet de bedoeling dat er voor de fysiopraktijk meer bebouwd oppervlakte hoeft te worden aangewend dan op grond van het in ontwikkeling zijnde bestemmingsplan is toegestaan. De fysio zal in de bestaande bebouwing of binnen het nieuw toe te kennen bouwvlak worden gerealiseerd. De fysiopraktijk zal uit één behandelkamer (ca. 20-40 m²) bestaan en inclusief wachtkamer (ca. 10-15 m²), kantoor (ca. 10-15 m²) en oefen-/sportruimte (ca. 50-80 m²), zal het gebruiksoppervlak maximaal
Hoofdstuk 2
9
150 m² beslaan. De praktijk zal voornamelijk gericht zijn op het aanbieden van sport- en bewegingsfysiotherapie en is daarmee zowel qua fysieke oppervlakte als functioneel gezien ondergeschikt aan het tennis-/sportpark als geheel. In Mariaheide is een fysiotherapie gevestigd (Pastoor van Haarenstraat 62). Deze praktijk richt zich op Klanten/patiënten met allerlei klachten aan het bewegingsapparaat (zoals nekpijn, artrose, hoofdpijn, schouderklachten, elleboogklachten, rugklachten, bekkenklachten, heupklachten en knieklachten). Mariaheide heeft ongeveer 1.500 inwoners en landelijk is er op 500 inwoners één fulltime fysiotherapeut werkzaam. Gezien het huidige aanbod (1 praktijk met gemiddeld 2 fysiotherapeuten per dag) is er in kwantitatieve, maar gezien de focus op sport en bewegen, zeker ook op kwalitatief gebied, nog ruimte om in extra aanbod te voorzien. Dagrecreatief medegebruik Naast het voorgaande, heeft het tennispark ook de wens om het park en in ieder geval ook het bosperceel aan de noordoostkant van het tennispark voor dagrecreatief medegebruik te kunnen inzetten. Aan de noordoostkant van het terrein is een bosperceeltje aanwezig. De eigenaar/exploitant wil dit perceel, alsmede het gehele sportcomplex, gaan gebruiken voor kleinschalig dagrecreatief medegebruik. Te denken valt aan het geven van kinderfeestjes, workshops, speurtochten en dergelijke.
De initiatiefnemers willen dit voor de toekomst niet incidenteel, maar regulier kunnen gebruiken.
Hoofdstuk 2
10
Figuur 3 Beoogde functionele indeling gebouw en terrein
Juridische vertaling De bovengenoemde functies en activiteiten worden als volgt in de planregels opgenomen: Binnen de bestemming ‘Sport’ mogen sportfuncties van de categorieën 1 en 2 worden uitgeoefend (zie bijlage 1 van de regels). Tevens is de uitoefening van een tennisvereniging zoals opgenomen in de Lijst van sportvoorzieningen onder de categorie 3.1 toegelaten. Er is een functieaanduiding opgenomen voor het gedeelte waar geen lichtmasten en tennisbaan of oefenmuur mogen worden geplaatst. Er is een functieaanduiding opgenomen voor het gedeelte waar feesten en partijen zijn uitgesloten. Dit betreft het uit te breiden gedeelte van het bouwvlak (zie ook figuur 3). In de overige bebouwing blijven feesten en partijen conform het huidige planologische regime toegelaten. Er is een functieaanduiding opgenomen voor de ondergeschikte detailhandel in de vorm van een duiksport servicewinkel/webwinkel, met een maximale oppervlakte van 71 m². Er is een functieaanduiding opgenomen voor de ondergeschikte fysiopraktijk, met een maximale oppervlakte van 150 m²; Er is een functieaanduiding opgenomen voor het gebruik van de meest zuidelijke inrit. Deze is louter bedoeld als calamiteiteninrit.
Hoofdstuk 2
11
2.3 Landschappelijke inpassing 2.3.1 Kenschets Landschap Het plangebied is gelegen op een dekzandvlakte (3K14 op de uitsnede geomorfologische kaart) ten noorden van de kern Mariaheide. De zandvlakten en ruggen in het gebied zijn ontstaan na verstuiving van de zandgronden onder invloed van de wind. Het gebied is gelegen aan de grens van de voormalige heidevelden. Om gebruik van deze gronden mogelijk te maken moesten de woeste, arme gronden sterk worden bemest. Hierdoor is er in de loop van jaren een dikke humeuze bovenlaag ontstaan (zEZ21, enkeerdgronden). Middels deze wijze van ontginnen is er een kleinschalig agrarisch landschap. Ondanks dat het gebied uitmaakt van het oude ontginningslandschap heeft het lang geduurd voordat Mariaheide zich ontwikkeld heeft als dorp. Bewoning vond hoofdzakelijk plaats langs de Pastoor van Haarenstraat. Rond 1960 werd gestart met de uitbreiding van het dorp, welke vooral heeft plaatsgevonden langs de zuidoostzijde van de kern. Door herverkaveling hebben de van oudsher kleinschalige agrarische percelen het kleinschalige karakter verloren.
Uitsnede Geomorfologische kaart (bron: Stichting voor Bodemkartering Wageningen Rijk Geologische Dienst, Haarlem 1977)
Uitsnede Bodemkaart (bron: Stichting voor Bodemkartering Wageningen / Rijk Geologische Dienst, Haarlem 1977)
Situatie rond 1900 (bron: topotijdreis.nl)
Situatie rond 1970 (topotijdreis.nl)
Hoofdstuk 2
12
2.3.2
Landschappelijke inpassing
In de bijlagen is de landschappelijke inpassing voor Tennispark De Krekel opgenomen. Voor de uitbreiding van het bouwvlak is uitgegaan van de normen opgesteld in het bestemmingsplan ‘Kom Mariaheide’. Hierbij geldt een minimale afstand van 30 meter tot naastgelegen woongevels en 5 meter vanaf de perceelgrens. De voorgevel van de nieuwe tennishal ligt minimaal 3 meter achter de voorgevelrooilijn van Pastoor van Haarenstraat 79. Hiermee wordt het zicht voor deze woning niet volledig belemmerd en deze maat sluit aan bij de verdere bebouwing langs de Pastoor van Haarenstraat. De landschappelijke karakteristiek kan op deze locatie kan worden versterkt door het toevoegen van erfbeplantingen langs de perceelgrenzen. Geheel inpakken van het perceel is niet wenselijk in het huidige straatbeeld en het dorpse karakter van het gebied. Daarom is er gekozen voor verzachtende maatregelen ter inpassing en uitvoering van de uitbreiding. Naast het toevoegen van groen langs de randen zal ook de uitbreiding zelf een natuurlijke uitstraling krijgen door het toepassen van reliëf en geleding in de architectonische uitwerken en het gebruik van natuurlijke materialen als hout, glas en baksteen.
De inpassing bestaan uit: De aanplant van een Ligusterhaag aan de westzijde ter inpassing van de omliggende woonpercelen (48 m2); De aanplant van zuilbeuken (Fagus sylvatica ‘Dawyck’) aan de straatkant ter inpassing van de tennishal (6 stuks). De aanplant van een ligusterhaag zal plaatsvinden langs de perceelgrens van de aangrenzende woonpercelen, welke de reeds vergunde uitbreiding aan het zicht zal onttrekken. De haag zal gesnoeid worden afgezet op 2 meter hoogte, in een plantverband van een dubbele rij met 5 stuks de strekkende meter. In totaal 480 stuks. Snoei zal 3 maal per jaar plaatsvinden om een strakke, volle haag te verkrijgen. Uiteindelijk kan de haag onder goede omstandigheden uitgroeien tot 4 - 5m hoogte. Aan de straatzijde zullen 6 zuilbeuken aangeplant worden (plantmaat 14/16), welke de uitbouw van de tennishal visueel verzachten. Beuk is een gebiedseigen soort, welke in deze cultivarvorm ook erg passend is binnen het dorpse karakter van het gebied en daarnaast goed aansluit bij de gewenste uitstraling van de tennishal. De beuken zullen worden geplaatst in de reeds aanwezige groenstrook, met een minimale afstand tot de bebouwing van 7 meter.
Huidige situatie
Hoofdstuk 2
Nieuwe situatie
13
Voorstel landschappelijke inpassing (zie bijlage ‘beeldkwaliteitsplan’ voor schets op schaal)
2.3.3
Stedenbouwkundige inpassing
Om aan te sluiten bij het straatbeeld is het wenselijk dat de uitbouw van de sporthal een voldoende kwalitatieve uitstraling heeft, passend bij het kleinschalige dorpse karakter van de Pastoor van Haarenstraat. Om dit te realiseren zal rekening gehouden moeten worden met de vormgeving van de gevel, het architectonisch beeld en detaillering en de materialisatie. Sporthal De Gentiaan (Son en Breugel) kan hierbij als referentie worden beschouwd. Er is een separaat beeldkwaliteitsplan opgesteld voor deze locatie, welke als welstandsnota voor dit gebied wordt vastgesteld. Het beeldkwaliteitsplan en de daarin opgenomen toetsingscriteria zijn als bijlage bijgevoegd. De hal wordt ingepast aan de rand van de historische lintbebouwing aan de Pastoor van Haarenstraat. De hal zal zoveel mogelijk meedoen in de dorpse uitstraling en zorgen voor een gevarieerd beeld. De hal dient niet als oversized massa aan het bebouwingslint te staan, maar door fragmentatie in de gevel toch het kleinschalige karakter op te zoeken. In de uitstraling wordt een warme en vriendelijk ogende sfeer gezocht, passende bij de dorpse karakteristiek. De traditionele opzet zal op een eigentijdse en frisse manier worden neergezet. Hiermee wordt een mooi visitekaartje afgegeven aan de noordelijke entree van Mariaheide.
Hoofdstuk 2
14
Vooraanzicht Sporthal De Gentiaan
Zijaanzicht Sporthal De Gentiaan
Voorlopig ontwerp Tennispark 'De Krekel' (Bron: Van Houtum Architecten)
Hoofdstuk 2
15
3.
BELEIDSTOETS 3.1 Rijksbeleid 3.1.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Van 20 augustus 2019 tot en met 30 september 2019 heeft de ontwerp Nationale Omgevingsvisie (NOVI) ter inzage gelegen. De ontwerp Nationale Omgevingsvisie (NOVI) geeft het Rijk een langetermijnvisie op de toekomst en de ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. De NOVI biedt een duurzaam perspectief voor onze leefomgeving. Hiermee wordt ingespeeld op de grote uitdagingen die voor ons liggen. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Die komen samen in vier prioriteiten: 1. Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; 2. Duurzaam economisch groeipotentieel; 3. Sterke en gezonde steden en regio’s; 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. De NOVI komt voort uit de Omgevingswet, die naar verwachting in 2021 in werking treedt. Belangrijk uitgangspunt in de nieuwe aanpak is dat ingrepen in de leefomgeving niet los van elkaar plaatsvinden, maar in samenhang. Zodat er in gebieden betere en meer geïntegreerde keuzes worden gemaakt. Doorwerking plangebied De verantwoordelijkheid voor het omgevingsbeleid ligt voor een groot deel bij provincies, gemeenten en waterschappen. Hierdoor kunnen inhoudelijke keuzes in veel gevallen het beste regionaal worden gemaakt.
Het onderhavige plan omvat geen ontwikkelingen die in strijd zijn met de nationale belangen en waar de NOVI op van invloed is. Bovendien wordt de intensivering van bebouwing en verruiming van de functionele mogelijkheden gedaan met samenhangende landschappelijke investeringen en heeft er een omgevingsdialoog plaatsgevonden zodat er een betere en meer geïntegreerde ontwikkeling ontstaat. 3.1.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) geeft richtlijnen voor de inhoud van bestemmingsplannen voor zover het gaat om ruimtelijke ontwikkelingen van nationaal belang. In het SVIR wordt bepaald welke kaderstellende uitspraken zodanig zijn geformuleerd dat deze bedoeld zijn om beperkingen te stellen aan de ruimtelijke besluitvormingsmogelijkheden op lokaal niveau. Het Barro bevestigt in juridische zin die kaderstellende uitspraken. De normering uit het Barro werkt zoveel mogelijk direct door op het niveau van de lokale besluitvorming. Bij besluitvorming over bestemmingsplannen moeten de regels worden gerespecteerd. Het merendeel van de regels legt beperkingen op, daarin is een gradatie te onderkennen. Deze zijn geformuleerd als een 'ja-mits', een 'ja, voor zover', een 'nee-tenzij', een 'nee-als' of een stringente 'nee' bepaling.
Hoofdstuk 3
16
Ladder voor duurzame verstedelijking De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) benoemt een aantal aspecten van nationaal ruimtelijk belang. Via de 'ladder voor duurzame verstedelijking' wordt een zorgvuldige afweging en besluitvorming geborgd bij ruimtelijke vraagstukken in stedelijk gebied of bij stedelijke ontwikkelingen in het buitengebied. Het gebruik van deze ladder is opgenomen in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro, artikel 3.1.6, tweede lid). De ladder richt zich op nieuwe stedelijke ontwikkelingen. Relevantie voor het plangebied Toetsing aan de ladder voor duurzame verstedelijking is noodzakelijk voor stedelijke ontwikkelingen, zoals aangegeven bij de eerste trede. In het Bro (artikel 1.1.1, lid 1, onder i) is voor stedelijke ontwikkeling de volgende definitie opgenomen: ‘ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen’. De beoogde ontwikkeling is te scharen onder ‘andere stedelijke voorzieningen’. Op grond van het vigerende bestemmingsplan is deze uitbreiding in bouwmogelijkheden niet voorzien, maar het is op grond van dat bestemmingsplan wel mogelijk om de gronden bedoeld voor de uitbreiding van de bebouwing te gebruiken voor sportdoeleinden.
In die zin is er dan ook geen sprake van een nieuwe stedelijke voorziening, maar van het anders invullen van een bestaande. Daarnaast vindt een beperkte uitbreiding van de bestemming sport plaats met circa 1.000 m². De functieverruiming met de in aard en omvang gelimiteerde activiteiten voor detailhandel, en dienstverlening is ondersteunend en ondergeschikt van aard. Voor deze functies worden bestaande ruimtes aangewend, waarmee een toets aan de ladder niet noodzakelijk si. Voor de detailhandelsactiviteiten geldt bovendien dat deze zijn beperkt tot een maximum brutovloeroppervlak van 71 m2 , bepaalde openingstijden (vrijdag van 10:00 tot 20:00 uur, zaterdag van 10:00 tot 17:00 uur en op andere dagen uitsluitend op afspraak), een op de planverbeelding vastgelegde zone en gerelateerd moeten zijn aan de duiksport. De fysiopraktijk is ook in oppervlakte gemaximeerd (150 m 2). Hoewel het niet evident is of de ladder formeel gezien doorlopen moet worden, is uit oogpunt van zorgvuldigheid de toets gedaan. Laddertoets: Bepalen behoefte Het Tennispark De Krekel vervult een belangrijke regionale functie. Jeugd en senioren, leden en nietleden uit Veghel, Uden en omgeving maken gebruik van de faciliteiten om te tennissen. De omgeving Uden en Veghel wordt beschouwd als relevante regio voor de beoogde ontwikkeling.
De familie Ketelaars exploiteert het tennispark en is zeer bekend in de tenniswereld. Door de kennis en kunde van de familie is het een geliefd tennispark voor sporters en recreanten uit de brede omgeving. De Krekel vervult dan ook een regionale functie, in tegenstelling tot andere tennisbanen in de omgeving welke vooral lokaal voorzien in behoefte. Om haar klanten te kunnen blijven voorzien in de toekomst en haar leden nog beter te trainen wil de vereniging door middel van dit initiatief een extra indoor tennishal en multifunctionele ruimte realiseren, om onder andere te kunnen fitnessen. Leden van het tennispark kunnen in het winterseizoen fitnessen in de multifunctionele ruimte en zo hun conditie en niveau op peil houden. Daarnaast wordt voldaan aan de extra vraag naar overdekte tennisruimte en kan in het winterseizoen door meerdere mensen indoor getennist worden. Hiermee wordt een extra voorziening aangeboden in de omgeving Uden en Veghel. Ook is de club belangrijk voor Mariaheide zelf. Het tennispark neemt een belangrijke plek in binnen de gemeenschap. De combinatie van deze functies dragen bij aan zowel de aantrekkelijkheid van de kern Mariaheide als de sociale cohesie en maatschappelijke betrokkenheid van de inwoners.
Hoofdstuk 3
17
Laddertoets: Bouwen binnen bestaand stedelijk gebied Het tennispark is binnen bestaand stedelijk gebied gelegen nabij andere sportbestemmingen binnen Mariaheide. In trede 1 gemotiveerd dat de behoefte er is om de aanwezige functies uit te breiden. Financieel en locatie-technisch is het niet wenselijk om de sportlocatie los te ‘trekken’ van de andere sportvoorzieningen in de omgeving. Daarnaast wordt voor slechts een gedeelte nieuwe ontwikkelingsruimte gecreëerd. De overige functies binnen de bestemming blijven onveranderd. Om het herbestemmen van de grond mogelijk te maken is aangrenzende grond aangekocht en is het gebruik van de ruimte al vergund. Hierdoor is gegarandeerd dat het initiatief doorgang kan vinden wanneer het bestemmingsplan vastgesteld is, maar bovenal ook dat ondernemersruimte is gecreëerd om de nieuwe overdekte tennisbaan en multifunctionele ruimte te ontwikkelen. Hiermee wordt de toekomst van tennispark De Krekel veiliggesteld.
3.2 Provinciaal beleid 3.2.1 Omgevingsvisie ‘De kwaliteit van Brabant’ Omgevingsvisie ‘De kwaliteit van Brabant’ Provinciale Staten hebben op 14 december 2018 de Brabantse Omgevingsvisie ‘De kwaliteit van Brabant’ vastgesteld. De Brabantse Omgevingsvisie voegt daar ambities aan toe voor vier hoofdopgaven: de energietransitie, een klimaatproof Brabant, Brabant als slimme netwerkstad en een concurrerende, duurzame economie. Voor elk van deze opgaven geeft de omgevingsvisie aan wat de ambities op lange termijn zijn: wat is er nodig om Brabant in 2050 een gezonde, veilige en prettige leefomgeving te laten zijn? Doorwerking plangebied De provincie wil het gesprek over stedelijke ontwikkeling dat in de afgelopen decennia werd gedomineerd door de vraag: ‘wat moeten we nog toevoegen’, ombuigen naar het gesprek over: ‘welke opgave en kansen liggen er in het bestaand stedelijk gebied en de bestaande gebouwenvoorraad?’ Duurzame verstedelijking De toenemende verschillen binnen Brabant maken het des te belangrijker om op het niveau van het daily urban system goed samen te werken en keuzes te maken. Het daily urban system is het gebied waarin een inwoner zich dagelijks verplaatst vanwege werk, voorzieningen en sociale contacten. Uitbreiding van het bestaande stedelijk gebied in steden en dorpen is alleen wenselijk vanuit kwalitatieve overwegingen en bij een concrete marktvraag.
Herbestemmen is het nieuwe bouwen: Als gevolg van economische, technologische en maatschappelijke ontwikkelingen staan de steden en dorpen van Brabant steeds vaker voor (omvangrijke) herbestemmings- en transformatieopgaven in hun bebouwde gebied. Hier liggen interessante kansen voor het toekomstbestendig maken van het stedelijk gebied en ook voor het creëren van ruimte voor nieuwe economische ontwikkelingen en voor woningbouw. Doorwerking plangebied Met onderhavig planvoornemen kan een bestaande sportlocatie intensiever en toekomstbestendiger geëxploiteerd worden waardoor deze voorziening behouden kan blijven voor het dorp en voor de regio. Dit is in lijn met het gedachtegoed van de omgevingsvisie.
Hoofdstuk 3
18
Daarbij is voor Uden-Veghel door de provincie ingezet op behoud en ontwikkeling van groene geledingszones tussen de grote stedelijke kernen. De geledingszones hebben als doel de openheid tussen de stedelijke gebieden te garanderen. Dit wil de provincie bereiken door in te zetten op de verbetering van de groene en recreatieve kwaliteiten van deze gebieden. Dit draagt bij aan een gezond, schoon en aantrekkelijk vestigings- en leefklimaat van Noord-Brabant. Tennispark De Krekel is een zeer actieve tennisclub gevestigd in Mariaheide. De club heeft circa 1.000 leden, waarvan 150 jeugdleden. Wanneer dit afgezet wordt tegen het inwonersaantal van Mariaheide, 1.600 inwoners, wordt duidelijk hoe belangrijk de tennisclub voor haar omgeving is. Het initiatief voldoet aan de kenmerken van een gemengde plattelandseconomie. Het is een belangrijke functie voor de inwoners van omliggende kernen en draagt bij aan een gezond leefklimaat. 3.2.2 Interim Omgevingsverordening Op 25 oktober 2019 is de Interim omgevingsverordening vastgesteld. De Interim Omgevingsverordening vormt het toetsingskader voor nieuwe ontwikkelingen in de provincie Noord-Brabant. De Interim omgevingsverordening is beleidsneutraal van karakter. Dat betekent dat er geen nieuwe beleidswijzigingen zijn doorgevoerd, behalve als deze voortvloeien uit vastgesteld beleid, zoals de omgevingsvisie.
Zorgplicht voor de ruimtelijke kwaliteit De zorgplicht voor de ruimtelijke kwaliteit omvat dat er zorgvuldig wordt omgegaan met het ruimtegebruik, er rekening wordt gehouden met de omgeving en de ontwikkeling bijdraagt aan het behoud of de versterking van de ruimtelijke kwaliteit. Nieuwe ontwikkelingen bieden een kans voor behoud en ontwikkeling van het landschap. In de verordening is als hoofdregel opgenomen dat ontwikkelruimte bijdraagt aan het versterken van de ruimtelijke kwaliteit. Dit vergt een actieve instelling van iedereen die bij een ontwikkeling betrokken is. Dit principe is van toepassing op zowel het stedelijk als het landelijk gebied.
Hoofdstuk 3
19
Figuur 3.1: Ligging plangebied in Interim Omgevingsverordening, kaart verstedelijking (Bron: ruimtelijkeplannen.nl)
Relevantie voor het plangebied Tennispark De Krekel is gedeeltelijk gelegen in gemengd landelijk gebied (noordzijde) en gedeeltelijk in bestaand stedelijk gebied (zuidzijde). De vraag moet worden gesteld in hoeverre de getrokken contouren recht doen aan de feitelijke en planologische situatie waarbij het gehele tennispark als stedelijke voorziening is opgenomen in het bestemmingsplan voor de kom van Mariaheide. De gemeente Meierijstad zal mogelijk in een later stadium en indien dit vanuit oogpunt van het provinciale belang wenselijk geacht wordt, een verzoek doen tot het ambtshalve aanpassen begrenzing van de aanduiding ‘stedelijk gebied’ (landelijke kern) zodat het gehele tennispark binnen het stedelijke gebied komt te liggen. Hierbij wordt dan gebruik gemaakt van artikel 6.2 van de Interim omgevingsverordening. Met de beoogde wijziging van de begrenzing van de aanduiding ‘stedelijk gebied’ wordt de feitelijke situatie weer met de beleidsmatige en juridisch-planologische situatie in overeenstemming gebracht. Echter kan de ontwikkeling ook vanuit het huidige beleid verantwoord worden. Zoals gesteld ligt de uitbreiding van het bestemmingsvlak en een gedeelte van de bouwvlakuitbreiding aan de zuidzijde binnen de aanduiding ‘stedelijk gebied’ (landelijke kern) waarbinnen gemeenten de afweging kunnen maken over de aanvaardbaarheid van de bestemmingslegging.
Er zijn vanuit de Interim Verordening algemene richtlijnen gericht op de bevordering van de omgevingskwaliteit, het zorgvuldige ruimtegebruik, en meerwaardecreactie op dergelijke plannen van toepassing (vervat in de artikelen 3.5 e.v. van de verordening). Hiervan is in dit geval sprake. Er is sprake van een combinatie van
Hoofdstuk 3
20
en verruiming in functies waardoor een toekomstbestendig sportcomplex, goed voor het creëren van een veilige en gezonde omgeving, ontstaat. De beoogde uitbreiding in bouwmogelijkheden en terreinuitbreiding vindt plaats op een inbreidingslocatie, binnen bestaand stedelijk gebied (nl. achtertuinen bij woningen) en er heeft hiervoor zorgvuldigheidshalve een toets aan de Ladder voor duurzame verstedelijking plaatsvonden. Daarnaast is/wordt het terrein landschappelijk ingepast met oog voor de omgeving. Voor de met onderhavig plan mogelijk gemaakte ontwikkeling is sprake van een beleidspassende ontwikkeling aangezien: de zuidelijke uitbreiding van het bestemmingsvlak ‘Sport’ volledig ligt binnen de contour van ‘bestaand stedelijk gebied’ en deze gebied juist bedoeld zijn voor het accommoderen van stedelijke functies; de bebouwingsmogelijkheden die aan de zuidzijde van het huidige bouwvlak geprojecteerd zijn en wel in binnen de structuur ‘gemengd landelijke gebied’ liggen beperkt zijn en deze extra bouwmogelijkheden geheel binnen de vigerende ‘stedelijke’ sportbestemming liggen. de beoogde ontwikkeling slechts betrekking op een beperkte functionele verruiming voor functies die ondergeschikt zijn aan het totale sportconcept en deze zodanig ondersteunen dat er een toekomstbestendige bedrijfsvoering kan worden uitgeoefend.
In onderhavig bestemmingsplan is geborgd dat de voorziening inclusief de toegelaten bebouwing, kleinschalig blijft. Het bouwvlak waarbinnen is gelegen aan de zijde van het complex dat binnen het stedelijke gebied gelegen is. Aan de zijde waar het complex grenst aan het landelijke gebied, zijn de bouwmogelijkheden beperkt. Ten opzichte van het huidige gebruik zal de extra publieksaantrekkende werking beperkt blijven. Op deze wijze past het initiatief dan ook binnen de ontwikkelingsrichting van het gebied. de uitbreiding van het bestemmingsvlak niet binnen het landelijke gebied plaats vindt en kan worden onderbouwd dat op basis van de vigerende bestemming ‘Sport’ (waar in de huidige situatie ook buiten het bouwvlak maximaal 3% mag worden bebouwd) er sprake is van een bestaand bouwperceel met daarbinnen de mogelijkheid tot het oprichten van gebouwen, waarmee gebruik kan worden gemaakt van artikel 3.73 van de IOV (het vestigen van een niet-agrarische functie in landelijk gebied).
Er wordt immers voldaan aan : o de definitie van ‘vestiging’1 uit de iOV; o is sprake van een gebiedspassende ontwikkeling op een bestaand sportterrein; o vindt versterking van de omgevingskwaliteit plaats door onder meer het bieden van combinatiemogelijkheden voor sport, ontmoeten en verenigingsleven; o zijn er middels onderhavig plan regels opgesteld ter borging van een bij omgeving passende omvang van de ontwikkeling (door aanduiden van een specifiek bouwvlak en specifieke zones/oppervlaktenmaten voor bepaalde functies) en daarmee de publieksaantrekkende werking.
3.3 Gemeentelijk beleid 3.3.1 Structuurvisie Veghel 2030 Op 19 december 2013 is de Structuurvisie Veghel 2030 vastgesteld. In deze structuurvisie worden de gewenste ruimtelijke ontwikkelingen voor de lange termijn (op hoofdlijnen) vastgelegd. Veghel heeft dit voor de periode tot 2030 en voor het hele grondgebied van de oude gemeente Veghel gedaan. In de Vestiging = mogelijk maken van een ruimtelijke ontwikkeling, die op grond van het geldende planologische regime niet is toegelaten, op een bestaand bouwperceel binnen het deel waar het oprichten van gebouwen is toegestaan. 1
Hoofdstuk 3
21
structuurvisie wordt ingezet op het voort bouwen op typisch Veghelse kwaliteiten. Dat betekent dat de inspanningen erop gericht moeten zijn om Veghel als 'werkstad' op de kaart te houden en als 'woondorp(en)' juist meer op de kaart te zetten. Relevantie voor het plangebied Het plangebied is aangeduid als sportvoorziening. De volgende uitgangspunten uit de structuurvisie zijn van belang voor tennispark De Krekel: 1. Stedelijke voorzieningen concentreren; de aanwezigheid van stedelijke voorzieningen op korte afstand vormt een belangrijk deel van de aantrekkelijkheid van Veghel als woongemeente. 2. Dagelijkse voorzieningen in de buurt houden, deze leveren een belangrijke bijdrage aan de sociale cohesie en de maatschappelijke betrokkenheid van inwoners. Het tennispark De Krekel vervult een belangrijke lokale functie. Jeugd en senioren uit Mariaheide en omgeving maken gebruik van de faciliteiten om te tennissen. In de toekomst wil de vereniging door middel van dit initiatief daarbij een multifunctionele ruimte realiseren om onder andere te kunnen fitnessen. Hiermee wordt een extra voorziening aangeboden in Mariaheide. De combinatie van deze functies dragen bij aan zowel de aantrekkelijkheid van de kern Mariaheide als de sociale cohesie en maatschappelijke betrokkenheid van de inwoners.
Figuur 3.2: Ligging plangebied in visiekaart (Bron: Structuurvisie Veghel 2030)
3.3.2 Bestemmingsplan ‘Kom Mariaheide’ De uitbreidingswens bestaat uit het vergroten van de sportaccommodatie en daarmee het vergroten van het bouwvlak en een klein deel herbestemmen van ‘Wonen’ naar ‘Sport’ (zie figuur 1.2). Het huidige bouwvlak heeft een oppervlakte van 2.816 m². Initiatiefnemer heeft recentelijk 2 percelen verworven met de bestemming ‘Wonen’ (perceelnummers 608 en 43). Ten noordwesten wordt de accommodatie uitgebreid voor een nieuwe indoor-tennishal binnen de bestemming ‘Sport’. Ten zuidwesten wordt het pand uitgebreid om een multifunctionele (fitness)ruimte te realiseren en hiervoor worden de twee aangekochte percelen herbestemd naar ‘Sport’. Het totale bouwvlak wordt daarom uitgebreid
Hoofdstuk 3
22
met circa 1.000 m². Beide ontwikkelingen zijn in strijd met het geldende bestemmingsplan omdat het bouw- en gedeeltelijk ook het bestemmingsvlak niet toereikend zijn. Het bestemmingsplan ‘Kom Mariaheide’ wordt op deze punten herzien. 3.3.3 Beleidsregels internetwinkels Het college van de voormalige gemeente Veghel heeft op 18 juni 2013 de “beleidsregels internetwinkels” vastgesteld. De gemeente Meierijstad heeft nog geen integraal beleid met betrekking tot internetwinkels vastgesteld. In de beleidsregel wordt onderscheid gemaakt in 5 verschillende categorieën, die een verschillende ruimtelijke uitstraling hebben: 1. Internetwinkel waar alleen een elektronische transactie tot stand komt; 2. Internetwinkels met een opslag- en verzendfunctie; 3. Internetwinkels met een (beperkte) afhaal- en afrekenmogelijkheid; 4. Internetwinkels met afhaalmogelijkheid en mogelijkheid de goederen ter plaatse te bekijken; 5. Reguliere winkel met webwinkel (cross channel). Internetwinkel die vallen in de categorieën 1 en 2 mogen in beginsel en onder voorwaarden worden gevestigd op locaties met een woon- of bedrijfsbestemming. Voor internetwinkels in de categorieën 3, 4 en 5 zijn locaties met een detailhandelsbestemming aangewezen. De onderhavige locatie heeft geen woon- of bedrijfsbestemming, maar een sportbestemming.
Omdat er wel sprake is van bedrijfsmatige exploitatie, ligt het voor de hand om aan te sluiten bij het beleid ten aanzien van bedrijfsmatige functies. De duikshop exploiteert, naast de servicewinkel, tevens een webshop. Omdat zoals eerder aangegeven ook in de duiksportbranche steeds meer sprake is van online verkopen. In de gewenste situatie is in hoofdzaak sprake van een internetwinkel van categorie 2: goederen zijn via internet te bekijken en bestellen en worden na betaling verzonden. De goederen worden in beginsel ter plekke opgeslagen. Op een bedrijfslocatie is dit acceptabel, wanneer er geen publieksgerichte activiteiten plaatsvinden. Daarvan is geen sprake. Incidenteel, namelijk gedurende de openingstijden van de servicewinkel, is het mogelijk om goederen ter plaatse te bekijken en af te rekenen. Dit is buiten de openingstijden van de servicewinkel niet mogelijk; er is dus geen sprake van een zelfstandige webshop van categorie 4. In het bestemmingsplan kunnen de openingstijden van zowel de servicewinkel als het afhalen worden geregeld. Gezien het voorgaande kan worden gesteld, dat het toestaan van een webshop, naast de servicewinkel ter plaatse, past in de beleidslijn, zoals uitgezet in de “beleidsregels internetwinkels” van de voormalige gemeente Veghel. In de reguliere (representatieve) situatie betreft het een internetwinkel van categorie 2.
Vanwege de aanwezigheid van de servicewinkel, die zeer beperkte openingstijden kent, is er 2 dagen per week tevens sprake van een internetwinkel van categorie 4. Gezien de relatie met de reguliere ondergeschikte en ondersteunende detailhandel en de beperkte mate waarin het afhalen plaatsvindt, zijn de effecten gering te noemen.
Hoofdstuk 3
23
4.
MILIEUHYGIENISCHE VERANTWOORDING 4.1 Flora en fauna De bescherming van de natuur is per 1 januari 2017 in Nederland vastgelegd in de Wet natuurbescherming (Wnb). Deze wet vormt voor wat betreft soortenbescherming en gebiedsbescherming een uitwerking van de Europese Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn. Omtrent houtopstanden is de voormalige nationale Boswet eveneens in de Wet natuurbescherming opgenomen. Daarnaast vindt beleidsmatige gebiedsbescherming plaats door middel van het Natuurnetwerk Nederland (NNN), de voormalige Ecologische Hoofdstructuur (EHS). Voor alle ruimtelijke ontwikkelingen geldt dat deze in overeenstemming met de nationale natuurwetgeving en het provinciale natuurbeleid moeten worden uitgevoerd. Relevantie voor het plangebied Gebiedsbescherming Het plangebied ligt niet binnen de grenzen van een gebied dat aangewezen is als Natura 2000-gebied. Het meest nabijgelegen Natura 2000-gebied, “Kampina & Oisterwijkse Vennen”, bevindt zich op circa 18 kilometer afstand ten westen van het plangebied. Mede gezien de afstand tot het plangebied zijn externe effecten uitgesloten. Daarbij is sprake van een bestaand sportpark. Een significante toename aan stikstofdepositie op een Natura 2000-gebied is hierdoor redelijkerwijs uitgesloten.
Planologische gebiedsbescherming Het plangebied ligt buiten het Natuurnetwerk Nederland (voormalig EHS) en tevens buiten andere beschermde natuurgebieden, zoals het Gelders Natuurnetwerk of Groene Ontwikkelingszones. Gezien de ligging buiten de begrensde planologische gebiedsbescherming en de aard van de ontwikkeling, zal hiervoor in de planvorming verder geen rekening gehouden hoeven te worden. Wettelijke soortenbescherming De bestaande tennishal en sportschool/-gebouw bevatten geen verdachte locaties, zoals openingen (open stootvoegen) in de spouwmuur, openingen langs dakranden of ruimtes achter betimmeringen, waar vleermuizen en vogels kunnen verblijven/nestelen in het gebouw. Het omliggende gebied en de aangekochte tuinpercelen worden intensief gebruikt. De verwachting is dat daar eveneens geen beschermde soorten voorkomen. Binnen het plangebied zijn geen broedende vogels te verwachten. In de bomen aan de randen van het perceel zouden broedende vogels voor kunnen komen. De nesten van de te verwachten vogelsoorten (zoals houtduif) zijn uitsluitend beschermd gedurende de periode dat deze nesten in gebruik zijn, dat wil zeggen de broed- en nestperiode. Het is in de praktijk niet mogelijk om een ontheffing te verkrijgen voor het verwijderen of verstoren van deze nesten in deze periode.
Voor de binnen het plangebied voorkomende vogelsoorten kan de periode tussen half maart en half juli worden aangehouden als broedseizoen. Door de bouwwerkzaamheden – voor zover het hiervoor nodig is bomen of struiken te rooien buiten de broedperiode uit te voeren en/of door inspectie voor aanvang van werkzaamheden op de aanwezigheid van broedende vogels, kunnen negatieve effecten voorkomen worden. Er worden geen nadelige effecten op de vogels in deze bomen verwacht gezien de ruime afstand tot de toekomstige bebouwing.
Hoofdstuk 4
24
Binnen het plangebied zijn verder geen zwaarder beschermde soorten vaatplanten, grondgebonden zoogdieren, vleermuizen en vogels met jaarrond beschermde nesten te verwachten. Daarnaast is het voorkomen van vissen, amfibieën, reptielen en overige ongewervelden (zoals bijv. zeldzame dagvlinders en libellen) binnen het plangebied uit te sluiten, vanwege de afwezigheid van een geschikte habitat. Daar het plangebied geen geschikt habitat of verblijfs- of nestmogelijkheden voor ontheffingsplichtige soorten, heeft het verder raadplegen van de NDFF geen meerwaarde voor dit initiatief. Daarom Negatieve effecten voor deze soortgroepen zijn op voorhand uit te sluiten met in acht name van de zorgplicht. Conclusie Door de voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling aan de Pastoor van Haarenstraat 81 zullen geen belangrijke of (strikt) beschermde natuurwaarden verloren gaan. De ontwikkelingen vinden plaats in bestaand stedelijk gebied. Als gevolg van het plan zijn op basis van de Flora- en faunawet geen belemmeringen aanwezig. Wel wordt aanbevolen om de bouwwerkzaamheden buiten het broedseizoen te laten plaats vinden. Het ruimtelijk plan kan daardoor met betrekking tot natuurwetgeving en natuurbeleid doorgang vinden.
4.2 Archeologie en cultuurhistorie Op grond van het Verdrag van Malta en de daaruit vloeiende Wet op de archeologische monumentenzorg (Wamz), dient bij de opstelling en de uitvoering van ruimtelijke plannen rekening te worden gehouden met bekende archeologische waarden en de te verwachten archeologische waarden. Het uitgangspunt hierbij is dat het archeologisch erfgoed moet worden beschermd op de plaats waar het wordt aangetroffen.
Figuur 4.1: Uitsnede archeologische verwachtingskaart (Bron: gemeente Meierijstad)
Hoofdstuk 4
25
Relevantie voor het plangebied Archeologie De ontwikkelingen in het plangebied zijn op de archeologische verwachtingskaart van de gemeente Veghel (sinds 1 januari 2017 gemeente Meierijstad) aangeduid met een ‘middelhoge verwachting’. In gebieden met een ‘middelhoge verwachting’ dient bij bodemverstoring groter dan 100 m² en dieper dan 30 centimeter beneden maaiveld een archeologisch onderzoek plaats te vinden. In het onderhavig plan wordt de bestaande tennisaccommodatie uitgebreid. Deze uitbreiding bestaat uit twee gedeelten; de multifunctionele ruimte en een derde overdekte tennisbaan. Aeres Milieu heeft in augustus 2016 archeologisch onderzoek binnen het plangebied uitgevoerd. Op basis van het uitgevoerde booronderzoek kan worden gesteld dat de verwachte veldpodzolgronden inderdaad aanwezig zijn binnen het plangebied, maar dat er geen sprake is van esdek. In de zone rond boringen 1, 5, 6 en 10 is de bodem afgetopt en geroerd tot in de C-horizont. Voor resten uit de vroege prehistorie geldt dat deze kwetsbaar zijn, omdat ze verwacht worden in de top van de oorspronkelijke bodem en in de bouwvoor. Vindplaatsen zijn daardoor veelal reeds verstoord door bodembewerkingen.
Omdat hier de oorspronkelijke Ah-, E- en B-horizont zijn opgenomen in de Ap-horizont en tevens de top van de C-horizont is geroerd, wordt voorgesteld om voor deze zone binnen het plangebied de in het bureauonderzoek genoemde middelhoge verwachtingswaarde voor intacte resten uit alle archeologische perioden bij te stellen naar laag. Aan de noordoostzijde en de zuidwestzijde van het plangebied, respectievelijk de zones rond boringen 2, 3 en 5 en rond boring 7- en 8, werd (het restant van) een B-horizont of B/C-horizont aangetroffen. In boring 3 bleek het uitgeloogde zand van de uitspoelingshorizont (E-horizont) nog herkenbaar aan de onderzijde van de A-horizont. De bodem in deze twee zones bestaat uit in ieder geval een deels intacte bodem in laat-pleistoceen dekzand. De middelhoge verwachting uit het bureauonderzoek voor archeologische waarden uit de periode neolithium tot en met de nieuwe tijd blijft daarom gehandhaafd. Geadviseerd wordt om de zone rond boring 2, 3, 4, 7 en 8 waar de intacte resten van een veldpodzol zijn aangetroffen (zie figuur 6 in de bijlage, groen gearceerd) niet vrij te geven voor ontwikkeling. Nabij boring 7 vinden wel graafwerkzaamheden plaats, maar de opdrachtgever en initiatiefnemer geven aan dat hier archeologiesparend gebouwd wordt. Daar waar de multifunctionele ruimte gerealiseerd wordt, wordt het peil 0,5 m opgehoogd.
Daarmee wordt de multifunctionele ruimte op dezelfde hoogte gerealiseerd en gekoppeld aan de al reeds aanwezige kleedruimtes en kantines. Hiermee wordt voorkomen dat daar waar de archeologische resten aanwezig zijn de bodem wordt gespaard en daarmee archeologiesparend gebouwd. De definitieve toets van de activiteit bouwen vindt plaats, wanneer de omgevingsvergunning bouwen voor het initiatief wordt aangevraagd.
Hoofdstuk 4
26
Figuur 4.2: Uitbreiding tennisaccommodatie (bestaande accommodatie rood gearceerd) (Bron: Van Houtum Architecten)
Cultuurhistorie De provincie ziet cultuurhistorie als een belangrijk element van de identiteit van Noord- Brabant. De provincie neemt als uitgangspunt ‘Behoud door ontwikkeling’. In figuur 4.3 is een uitsnede van de cultuurhistorische waardenkaart opgenomen. Deze kaart is opgesteld door Provincie Noord-Brabant. Het plangebied is op de grens van de regio’s Meierij en Peelrand gelegen. Daarnaast zijn de Pastoor van Haarenstraat en Krekelshofstraat aangeduid als een historische geografische lijn met hoge waarden. De initiatieven hebben geen invloed op deze geografische lijnen.
Hoofdstuk 4
27
Figuur 4.3: Cultuurhistorische waarden in omgeving plangebied (Bron: atlas.brabant.nl)
4.3 Waterparagraaf 4.3.1 Beleid Relevante beleidsstukken op het gebied van water is het provinciaal Milieu- en Waterplan 2016-2021 van de provincie Noord-Brabant, het Waterbeheersplan 2016-2021 van Waterschap Aa & Maas, het Nationaal Waterplan, WB21, Nationaal Bestuursakkoord Water en de Europese Kaderrichtlijn Water. Belangrijkste gezamenlijke punt uit deze beleidsstukken is dat water een belangrijk sturend element is in de ruimtelijke ordening. De bekende driestapsstrategieën zijn leidend: Vasthouden-bergen-afvoeren (waterkwantiteit); Voorkomen-scheiden-zuiveren (waterkwaliteit). Daarnaast is de Beleidsbrief regenwater en riolering nog relevant. Hierin staat hoe het best omgegaan kan worden met het hemelwater en het afkoppelen daarvan. Ook hier gelden de driestapsstrategieën. De twee meest relevante beleidsstukken zijn hieronder verder toegelicht. Provinciaal Milieu- en Waterplan 2016-2021 (PMWP), Provincie Noord-Brabant Het Provinciaal Milieu- en Waterplan 2016-2021 integreert de milieu- en wateropgave. Het PMWP geeft richting aan het milieu- en waterbeleid van de provincie, met specifieke nadruk op een aantal thema’s, waaronder grondwaterbeheer, waterveiligheid, klimaat en gezondheid. In het plan hanteert de provincie de principes van de people-planet-profitbenadering. In Noord-Brabant zijn deze uitgangspunten vertaald in de Telos-driehoek.
De drie P’s bepalen het leef- en vestigingsklimaat van Brabant. Het doel van de provincie is om zowel economisch, sociaal als ecologisch vooruitgang te boeken. De drie P’s, ook wel de drie kapitalen genoemd, zijn hierbij in balans.
Hoofdstuk 4
28
In dit PMWP staat het ecologisch kapitaal centraal, en dan vooral de onderdelen water en milieu en de relatie onderling. Daarbij ligt de nadruk op de relatie van Brabant met gezondheid en veiligheid (onderdeel van het sociaal-cultureel kapitaal). Ook wordt aandacht besteed aan groene groei (de relatie met economisch kapitaal). Gezondheid en veiligheid horen bij dit plan omdat die de drijvende kracht zijn achter al het milieu- en waterbeleid. Gezondheid wordt hierbij breed op ingezet; een gezonde leefomgeving voor mens, plant en dier. Economie verdient aandacht omdat economische activiteiten onze fysieke leefomgeving niet alleen sterk beïnvloeden, maar tegelijkertijd ook afhankelijk zijn van onze fysieke leefomgeving. Bijvoorbeeld omdat voor een economische activiteit bepaalde grondstoffen nodig zijn. Door aandacht te geven aan de drie P’s en de relaties daartussen, wordt de provincie duurzamer. In één beweging wordt het economische, ecologische én het sociaal-culturele kapitaal verbeterd. Gelijktijdig, en zonder nadelen of minpunten af te wentelen op andere kapitalen, andere generaties of andere gebieden en landen. Verschillende wet- en regelgeving stellen kaders in de PMWP. Zo worden kaders gesteld door de Wet milieubeheer, Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, Wet bodembescherming, Wet geluidhinder, Waterwet en Kaderrichtlijn Water (inclusief Natura 2000).
Op grond van de Waterwet fungeert het Provinciaal Waterplan tevens als structuurvisie. De ruimtelijke aspecten die in dit plan de status van structuurvisie krijgen, zijn de gebieden voor hoogwaterbescherming, de regionale waterbergingsgebieden, de ruimte voor watersysteemherstel (onder andere hermeanderingszones langs beken en ruimte voor ecologische verbindingszones), de Natte Natuurparels inclusief de attentiegebieden, de beschermingszones voor grondwaterwinningen voor de openbare watervoorziening, de beschermingszones voor innamepunten van drinkwater uit oppervlaktewater en wijstgebieden. Met de inwerkingtreding van de Waterwet is de provincie ook bevoegd gezag voor de vergunningverlening, toezicht en handhaving van de milieunormen die gelden voor bedrijven. Waterschap Aa en Maas: Waterbeheerplan 2016-2021 Het waterbeheerplan maakt inzichtelijk wat Waterschap Aa en Maas in de planperiode van zes jaar gaat doen. Het doel is om het watersysteem en de afvalwaterketen op orde te houden. Het beheer van water door het waterschap bepaalt mede dat mensen en dieren in Noordoost Brabant leven in een veilige, schone en prettige omgeving. Het plan betreft geen grote koerswijziging ten opzichte van het Waterbeheerplan 2010-2015. Voornamelijk de punten waterveiligheid en waterkwaliteit worden verder geaccentueerd.
Strengere eisen worden gesteld aan de dijken langs de Maas om veiligheid van de omgeving beter te waarborgen. Daarnaast is de kwaliteit van het oppervlaktewater een punt van aandacht. Naast de grote hoeveelheid voedingsstoffen, zijn nieuwe stoffen als medicijnresten, drugs(afval) en resistente bacteriën een probleem. Met het waterbeleid streeft Waterschap Aa en Maas naar: Veilig en bewoonbaar gebied Investeren in het verbeteren van dijken zodat de veiligheid tegen overstromingen blijft gewaarborgd. Hiervoor verbetert het waterschap de vijf kilometer primaire waterkering en vijf waterkerende kunstwerken die niet aan de norm voldoen. Daarnaast streeft het waterschap ernaar de grootste knelpunten van wateroverlast op te lossen. Voldoende water en robuust watersysteem Het waterschap wil in dit kader de baggerachterstand verder wegwerken, de knelpunten in agrarisch gebied oplossen door inrichtings- en beheermaatregelen en het aanpakken van de verdroging van natuurgebieden.