3.7 Onderbouwing Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
Tekst van het document
Goede onderbouwing van de Fysieke leefomgeving Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode Gemeente Meierijstad
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
Gemeente Meierijstad
Gemeente Meierijstad
Goede onderbouwing van de Fysieke leefomgeving (GoFlo) Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode Wijziging omgevingsplan (art. 16.30 lid 1 Omgevingswet) Projectlocatie Adres: Postcode: Plaats:
Zwembadweg 43 5491 TE Sint-Oedenrode
Gegevens adviesbureau Naam: Contactpersoon: Adres: Postcode: Plaats: Telefoon: e-mail:
Kastelijn Ruimtelijk Advies D.F.H. Kastelijn Bieslook 21 5491 KE Sint-Oedenrode 06 22786032 kastelijn@ruimtelijk-advies.nl
Naam document
GoFlo Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode´
Versie
Ontwerp: 01 09 2025
Auteur
drs. D.F.H. Kastelijn
-2-
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
Gemeente Meierijstad
Inhoud 1.
INLEIDING
5
2.
HUIDIGE SITUATIE
8
3.
VOORGENOMEN ONTWIKKELING
10
4.
BELEIDSKADER
13
1.1 1.2 1.3 1.4
4.1 4.1.1 4.1.2
4.2 4.2.1 4.2.2
4.3 4.3.1
4.4
Aanleiding Projectgebied Omgevingsplan Leeswijzer
5 5 6 7
Rijksbeleid
13
Nationale omgevingsvisie (NOVI)
13 14
Provinciaal beleid
15
Brabantse Omgevingsvisie Omgevingsverordening Noord-Brabant
Regionaal beleid
15 16
21
Beleid Waterschap De Dommel
21
Gemeentelijk beleid
24
4.4.1 4.4.2 4.4.3
Kansen voor Kwaliteit Handreiking kwaliteitsverbetering Meierijstad -
24 24 25
5.
FYSIEKE EN MILIEUHYGIËNISCHE ASPECTEN
28
5.1 M.e.r.-beoordeling 5.2 Bedrijven en milieuzonering 5.3 Geur 5.4 Gezondheid in relatie tot veehouderijen 5.5 Luchtkwaliteit 5.6 Geluid 5.7 Trillingen 5.8 Bodem 5.9 Omgevingsveiligheid 5.10 Spuitzones 5.11 Hoogspanningslijnen 5.12 Kabels en leidingen 5.13 Flora en fauna 5.14 Water 5.15 Archeologie en cultuurhistorie 5.16 Landschap, stedenbouw en beeldkwaliteit 5.17 Verkeer en parkeren 5.18 Duurzaamheid en gezondheid
-3-
28 29 31 33 38 41 42 42 44 47 48 48 49 53 54 55 57 58
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
6.
6.1 6.2 6.2.1 6.2.2
Gemeente Meierijstad
HAALBAARHEID EN PROCEDURE
60
Economische haalbaarheid Maatschappelijke uitvoerbaarheid
60 60
Omgevingsdialoog Procedure
BIJLAGE 1 BIJLAGE 2 BIJLAGE 3 BIJLAGE 4 BIJLAGE 5 BIJLAGE 6
60 61
VERSLAGFORMULIEREN OMGEVINGSDIALOOG VERKENNEND EN NADER ASBEST IN BODEMONDERZOEK MILIEUPARTNER AERIUS BEREKENING STIKSTOFDEPOSITIE AANLEGFASE AERIUS BEREKENING STIKSTOFDEPOSITIE GEBRUIKSFASE QUICKSCAN FLORA EN FAUNA EXLAN ERFINRICHTINGSPLAN H8 ONTWERP
-4-
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
1.
Inleiding
1.1
Aanleiding
Gemeente Meierijstad
Initiatiefnemer is eigenaar van de agrarische bedrijfslocatie Zwembadweg 43 te Sint-Oedenrode. Op de locatie heeft initiatiefnemer gedurende ruim 20 jaar een varkenshouderij geëxploiteerd. Daar initiatiefnemer niet meer voornemens is deze intensieve veehouderijactiviteiten in de toekomst voort te zetten, wordt gekozen voor een definitieve beëindiging van de varkenshouderij en een wijziging van de Als onderdeel van het plan worden 356 m2 aan varkensstallen gesloopt en wordt de milieuvergunning voor het houden van varkens ingetrokken. Van de resterende 905 m2 aan bedrijfsbebouwing wordt 805 m2 ingezet voor caravanstalling en 100 m2 als bijgebouw bij de bedrijfswoning. Daarnaast wordt mogelijk gemaakt voor initiatiefnemer om via een eierautomaat aan huis de eieren van zijn hobbymatig gehouden vrije-uitloop kippen te verkopen aan particulieren. Het projectgebied is gelegen binnen het Omgevingsplan gemeente Meierijstad. Daar voorliggend initiatief niet mogelijk gemaakt kan worden middels een binnenplanse omgevingsplanactiviteit, wordt gekozen om het initiatief mogelijk te maken middels een wijziging van het omgevingsplan op basis van artikel 16.30 lid 1 van de Omgevingswet. Middels haar brief d.d. 9 september 2024 heeft de intaketafel van de gemeente Meierijstad kenbaar gemaakt voorliggend initiatief tot herbestemming van het projectgebied voorstelbaar te achten.
Vervolgens heeft de omgevingstafel van de gemeente Meierijstad kenbaar gemaakt dat haar algemene houding ten opzichte van het planvoornemen positief is. De gemeente heeft initiatiefnemer uitgenodigd om de zaak, met inachtneming van de opgevraagde adviezen, gereed te maken voor een formele aanvraag. Middels voo rliggende onderbouwing worden de effecten van het initiatief op de fysieke leefomgeving in beeld gebracht en wordt aangetoond dat bij het initiatief sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL) zoals opgenomen in art. 8.0a lid 2 van het Bkl.
1.2
Projectgebied Het projectgebied is gelegen in het buitengebied van de gemeente Meierijstad, ten noorden van de kern Sint-Oedenrode. Het projectgebied staat kadastraal bekend als gemeente Sint-Oedenrode - sectie R - nummers 414 en 415 (gedeeltelijk). In figuur 1.1 is de ligging van het projectgebied nader weergegeven.
-5-
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
Gemeente Meierijstad
projectgebied
Figuur 1.1: Luchtfoto ligging projectgebied (bron: www.kadastralekaart.com).
1.3
Omgevingsplan Middels de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024, heeft de gemeente Meierijstad per direct een omgevingsplan van rechtswege. Het betreft het Omgevingsplan gemeente Meierijstad dat op 1 januari 2024 in werking is getreden. Het omgevingsplan van rechtswege bestaat uit: Bestemmingsplannen, beheersverordeningen, uitwerkingsplannen, wijzigingsplannen & exploitatieplannen; Lokale verordeningen in het tijdelijk deel van het omgevingsplan; Bruidsschat. Onderdeel uitmakend van het Omgevingsplan gemeente Meierijstad is het beSint-Oedenrode, herziening 2 is v.w.b. de verbeelding gelegen binnen genoemd bestemmingsplan en heeft met waarden Landschapswaarden het perceel is een agrarisch bouwvlak aanwezig van ca. 0,76 hectare. Naast genoemde enkelbestemming zijn op de locatie de v vens zijn op de locatie nog de gebi beperking veehouderij en overige zone Figuur 1.2 geeft een uitsnede van de plankaart behorende bij het bestemmingsplan Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening 2, met daarop het agrarische bouwvlak oranje gearceerd weergegeven.
-6-
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
Gemeente Meierijstad
Sint-Oedenrode, herziening 2´.
Voorliggend initiatief is strijdig met het (tijdelijke) omgevingsplan. In de huidige situatie is het ter plaatse van het projectgebied niet toegestaan om de aanwezige agrarische bedrijfsbebouwing in gebruik te nemen voor een hoofdactiviteit in statische opslag in de vorm van caravanstalling. Het voorgenomen gebruik is hiermee strijdig met het omgevingsplan. De wijziging van het omgevingsplan biedt uitkomst om het voorgenomen initiatief mogelijk te maken.
1.4
Leeswijzer In hoofdstuk 2 van voorliggende onderbouwing wordt de huidige ruimtelijkfunctionele situatie van het projectgebied beschreven. Hoofdstuk 3 geeft een beschrijving van de voorgenomen ontwikkeling. Het beleidskader (zowel op Rijks, provinciaal, regionaal als gemeentelijk niveau) dat van toepassing is op het projectgebied en haar directe omgeving wordt in hoofdstuk 4 geschetst. Vervolgens komen in hoofdstuk 5 de betreffende aspecten van het initiatief die relevant zijn voor de fysieke leefomgeving aan bod. Hoofdstuk 6 tot slot bespreekt de economische en maatschappelijke uitvoerbarheid van het initiatief.
-7-
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
2.
Gemeente Meierijstad
Huidige situatie Initiatiefnemer is eigenaar van de agrarische bedrijfslocatie aan Zwembadweg 43 te Sint-Oedenrode en heeft hier jarenlang een varkenshouderij geëxploiteerd. Het bedrijf beschikt over een milieuvergunning (OBM) voor het houden van 600 biggen, 188 zeugen en 2 beren. Binnen het projectgebied zijn een varkensstal en een machineberging aanwezig, met oppervlaktes van respectievelijk 881 m2 en 380 m2. Daarnaast is er een agrarische bedrijfswoning op het perceel aanwezig, waarin initiatiefnemer zelf woonachtig is. De bedrijfsbebouwing is gelegen binnen het ter plaatse aanwezige agrarisch bouwvlak met een oppervlakte van ca. 0,76 hectare. In de huidige situatie staat een gedeelte van de varkensstal leeg en wordt een gedeelte van de stal benut voor de stalling van caravans. In figuur 2.1 is een luchtfoto van de huidige situatie van het projectgebied weergegeven.
Figuur 2.1: Luchtfoto Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode (bron: kadastralekaart.com)
Ruimtelijk-functionele structuur Het projectgebied aan Zwembadweg 43 is gelegen in het buitengebied van SintOedenrode. Ten zuidoosten van het projectgebied is op 350 meter afstand de bebouwde kom van Sint-Oedenrode gen. Het projectgebied grenst daarnaast aan het door de gemeente Meierijstad nehoef met horecagelegenheid De Helden van Kien en Camping bungalowpark
-8-
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
Gemeente Meierijstad
de Kienehoef vormt voor de gemeente Meierijstad één van de drie recreatieve clusters binnen Meierijstad (tezamen met de Vlagheide in Eerde en de Noordkade in Veghel) die verder door ontwikkelt worden. Naast deze recreatieve functies is het projectgebied gelegen in de directe nabijheid van een aantal burgerwoningen, een golfbaan, enkele akkerbouwbedrijven en agrarische gronden die in gebruik zijn voor boomteelt. Gelet op de ligging van het projectgebied, in de directe nabijheid van de bebouwde kom van Sint-Oedenrode en in de directe nabijheid van bovengenoemde niet-agrarische functies waaronder het recrea, is de locatie onvoldoende geschikt voor de verdere doorontwikkeling van het varkensbedrijf.
-9-
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
3.
Gemeente Meierijstad
Voorgenomen ontwikkeling De voorgenomen ontwikkeling ziet toe op een herbestemming van de agrarische bedrijfslocatie aan Zwembadweg 43 te Sint-Oedenrode. Daar initiatiefnemer niet meer voornemens is om in de toekomst ter plaatse nog een agrarisch bedrijf te exploiteren, wordt de voor het projectgebied vigerende bestemming met waarden Landschapswaarden Bedrijf met functieaanduie . Hiervoor wordt aansluiting gezocht bij de wijzigingsbevoegdheid in artikel 4.7.12 (Wijziging naar de Bedrijf ten behoeve van opslag) van het bestemmingsplan ´Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening 4 gemeente Meierijstad. Gezien het feit dat initiatiefnemer reeds een gedeelte van zijn stallen in gebruik heeft ten behoeve van statische opslag en dit als een zinvolle en voldoende rendabele invulling ervaart, wil hij graag de statische opslag tot hoofdinkomstenbron maken. Als onderdeel van het plan wordt 356 m2 aan agrarische bedrijfsbebouwing gesloopt. Het betreft het voorste gedeelte van de direct achter de bedrijfswoning gelegen varkensstal. Daarnaast wordt de milieuvergunning voor het houden van varkens ingetrokken. Van de resterende 905 m2 aan bedrijfsbebouwing wordt 805 m2 ingezet voor caravanstalling en doet 100 m2 dienst als bijgebouw bij de woning. Het nieuwe bestemmingsvlak ´Bedrijf´ heeft een oppervlakte van 3.500 m2. In figuur 3.1 is dit nieuwe situatie nader weergegeven.
Figuur 3.1: Beoogde nieuwe situatie Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode.
- 10 -
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
Gemeente Meierijstad
Daarnaast houdt initiatiefnemer in de huidige situatie hobbymatig reeds een aantal vrije-uitloop kippen (maximaal 250 stuks). De kippen worden gehuisvest in een zogenaamde mobiele ´kippenkar´ (bouwwerk, geen gebouw zijnde). De kar bestaat uit een binnenhok op wielen met aansluitend een kippenren in boogvorm met vrije uitloop. Het geheel is verrijdbaar over het agrarisch perceel. De eieren die deze kippen leggen wil initiatiefnemer graag, eventueel aangevuld met andere kipproducten, rechtstreeks aan de particulier verkopen. Om hier in te voorzien wordt het middels voorliggend plan tevens mogelijk gemaakt om een eierautomaat met een maximale oppervlakte van 15 m2 binnen het projectgebied te mogen plaatsen. Tot slot wordt het initiatief op een goede wijze landschappelijk ingepast, zoals nader toegelicht in hoofdstuk 5.16 van voorliggende onderbouwing. Beoordeling initiatief intaketafel Voorliggend initiatief is door de gemeente Meierijstad vanuit verschillende vakdisciplines beoordeeld aan haar intaketafel. Middels haar brief d.d. 9 september 2024 heeft de gemeente Meierijstad kenbaar gemaakt voorliggend initiatief onder voorwaarden voorstelbaar te achten. Zij heeft hierbij de volgende aandachtspunten geformuleerd: Positief dat er 360 m2 wordt gesloopt en in totaal maar 885 m2 aan bijgebouwen voor statische opslag overblijft. Woning lijkt geen privé bijgebouw te hebben.
Privé bijgebouwen moeten in dit plan worden opgenomen zodat er niet later alsnog 150 m 2 vergunningsvrij kan worden gebouwd. Derhalve dit meenemen in het initiatief. Voorkeur voor gebruik huidige bebouwing en daarmee dus minder statische opslag. Kippen zijn niet meer hobbymatig (RVO) bij meer dan 250 kippen. De 250 kippen zijn in ieder geval geen milieubelastende activiteit, wel is de zorgplicht van toepassing. Kan dus beoordeeld worden als hobbymatig. Graag ontvangen wij een onderbouwing voor de grote van de eierenautomaat: 30m2 vinden wij aan de forse kant. Detailhandel is deze plek in principe niet voorstelbaar, onderschikte detailhandel is wel voorstelbaar. Enkel producten die relatie hebben met de bedrijfsvoering. In dit geval zouden de kippen hobbymatig worden gehouden. Dit dient derhalve nader verklaard te worden. De landschappelijke inpassing aan de zuidzijde zien wij het liefst met beplanting met die een meerwaarde heeft voor het struweelvogelgebied De bestaande erfbeplanting aan de west- en noordzijde is oké en dient gehandhaafd te worden. Voor de huisvesting van de kippen ontvangen wij graag nadere informatie op wat voor manier dit gaat gebeuren en hoe de kippenren er uitkomt te zien. Bij de verdere uitwerking van het initiatief zijn bovenstaande voorwaarden in de acht genomen.
Voorliggende onderbouwing geeft onder meer inzicht in de vierkante meters aan bijgebouwen, de oppervlakte van de eierautomaat, de
- 11 -
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
Gemeente Meierijstad
huisvesting van de hobbymatig gehouden kippen en de landschappelijke inpassing van het initiatief. Beoordeling initiatief omgevingstafel Nadat het initiatief door de intaketafel als voorstelbaar is beoordeeld, is het plan geagendeerd voor de omgevingstafel. Hierbij is het initiatief door de adviseurs van de omgevingstafel beoordeeld en zijn interne en externe adviezen opgevraagd. Middels haar mail d.d. 8 juli 2025 heeft de gemeente Meierijstad kenbaar gemaakt dat de algemene houding van de omgevingstafel ten opzichte van het planvoornemen positief is. Op basis van de adviezen wordt geen aanleiding gezien voor een fysieke behandeling op de Omgevingstafel. De zaak kan, met inachtneming van de uitgebrachte adviezen, gereed worden gemaakt voor besluitvorming door het college van B&W.
- 12 -
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
4.
Gemeente Meierijstad
Beleidskader De voorgenomen ontwikkeling van het projectgebied moet passen binnen het vigerend beleid op zowel nationaal, provinciaal, als gemeentelijk niveau. Het gaat hier om een kleinschalige wijziging. Het Rijk gaat er vanuit dat het beleid dat provincie en gemeenten opstellen past binnen het Rijksbeleid. Het plan wordt primair getoetst aan het provinciaal en gemeentelijk beleid. De belangrijkste bevindingen uit dit beleid worden hieronder beschreven en aangegeven wordt hoe de ontwikkeling van het projectgebied past binnen de bestaande regelgeving.
4.1
Rijksbeleid
4.1.1
Nationale omgevingsvisie (NOVI) Met de Nationale omgevingsvisie (NOVI) geeft het Rijk een langetermijnvisie op de toekomst en de ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. Uitgangspunt in de nieuwe aanpak is dat ingrepen in de leefomgeving niet los van elkaar plaatsvinden, maar in samenhang. Om dit te kunnen bewerkstelligen laat het Rijk de inrichting van de fysieke leefomgeving meer over aan de decentrale overheden en komt de gebruiker centraal te staan. Het Rijk blijft verantwoordelijk voor het systeem de fysieke leefomgeving. Daarnaast kan een rijksverantwoordelijkheid aan de orde zijn indien: een onderwerp nationale baten en/of lasten heeft en de doorzettingsmacht van provincies en gemeenten overstijgt, bijvoorbeeld het reserveren van ruimte voor militaire activiteiten en het stellen van opgaven in de inports, greenports en valleys; over een onderwerp internationale verplichtingen of afspraken zijn aangegaan, bijvoorbeeld het stimuleren van biodiversiteit, duurzame energie, watersysteemherstel of het beschermen van werelderfgoed; een onderwerp provincie- of landsgrensoverschrijdend is een ofwel een hoog afwentelrisico kent ofwel in beheer bij het Rijk is. Bij dit laatste gaat het bijvoorbeeld om de hoofdnetten van weg, spoor, water en energie, maar ook de bescherming van gezondheid van inwoners is op rijksniveau relevant.
Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Die komen samen in vier prioriteiten: 1. ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie 2. duurzaam economisch groeipotentieel 3. 4. toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied.
- 13 -
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
Gemeente Meierijstad
De druk op de fysieke leefomgeving in Nederland is zo groot, dat belangen soms botsen. Het streven is om combinaties te maken en win-win situaties te creëren, dit is echter niet altijd mogelijk. In die gevallen dienen belangen te worden afgewogen. Hiervoor gebruikt de NOVI drie afwegingsprincipes: 1. Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies: in het verleden is scheiding van functies te vaak te rigide gehanteerd. Met de NOVI zoeken we naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van onze ruimte. 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal: wat de optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling, tussen concurrentiekracht en leefbaarheid, verschilt van gebied tot gebied. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere. 3. Afwentelen wordt voorkomen: het is van belang dat onze samenleving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie van inwoners zonder dat dit ten koste gaat van toekomstige generaties. Het projectgebied is niet gelegen in een gebied waarvoor een relevante ruimtereservering geldt. Daarnaast wordt niet in een ontwikkeling voorzien die raakt aan één van de nationale belangen. Voorliggend initiatief sluit hiermee aan bij c.q.
doet geen afbreuk aan de ambities, (beleids)doelstellingen en uitgangspunten zoals verwoord in de Nationale Omgevingsvisie. 4.1.2 Artikel 8.0b, eerste lid, van het Bkl bepaalt dat bij een aanvraag om een buitenplanse omgevingsvergunning de instructieregels in hoofdstuk 5 van het Bkl, de provinciale instructieregels en eventuele instructies het beoordelingskader vormen van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Uit het tweede lid van artikel 8.0b van het Bkl volgt dat de omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit geweigerd wordt als: a. de activiteit zou leiden tot een situatie die niet is toegelaten op grond van instructie(regel)s; b. de omgevingsplanactiviteit betrekking heeft op een voorbeschermingsregel in het omgevingsplan (opvolger van het voorbereidingsbesluit); c. de omgevingsplanactiviteit het uitvoeren van een project waarvoor een projectbesluit is vastgesteld door provincie of Rijk, belemmert. Ladder duurzame verstedelijking In artikel 5.129g Besluit kwaliteit leefomgeving staat de instructieregel dat de Ladder wordt toegepast bij een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Een stedelijke ontwikkeling is de ontwikkeling of uitbreiding van een bedrijventerrein, een zeehaventerrein, een woningbouwlocatie, kantoren, een detailhandelsvoorziening of een andere stedelijke voorziening die voldoende substantieel is.
- 14 -
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
Gemeente Meierijstad
Het doel van de ladder is zorgvuldig en duurzaam ruimtegebruik, met oog voor de toekomstige ruimtebehoefte en ontwikkelingen in de omgeving. De ladder geeft daarmee invulling aan het nationaal ruimtelijk belang gericht op een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij ruimtelijke besluiten. deeld moet dan worden of sprake is van een nieuw beslag op de ruimte. Daarvan is in het beginsel sprake als het nieuwe ruimtelijke besluit meer bebouwing mogelijk maakt dan er op grond van het voorheen geldende planologische regime aanwezig was of kon worden gerealiseerd. Doorwerking projectgebied Onderhavig initiatief betreft de definitieve beëindiging van een agrarische bedrijfslocatie in het buitengebied van Sint-Oedenrode. Er wordt middels het initiatief geen nieuwe bebouwing mogelijk gemaakt. Van de bestaande varkensstal wordt 356 m2 gesloopt. De overige voormalige agrarische bedrijfsbebouwing wordt ingezet ten behoeve van statische opslag in de vorm van caravanstalling, met een oppervlakte van 805 m2 en als bijgebouw bij de woning. De bestaande bedrijfswoning blijft gehandhaafd. Er worden geen woningen toegevoegd. Onderhavige planontwikkeling voldoet hiermee aan de uitgangspunten en doelstellingen van de ladder voor duurzame ontwikkeling.
Het initiatief sluit aan bij en doet geen afbreuk aan de doelstellingen en uitgangspunten, zoals opgenomen in de beleidskaders van de gemeente Meierijstad. Het voorliggende plan is in overeenstemming met de gemeentelijke prioriteiten, beleidsdoelstellingen en uitgangspunten, zoals in hoofdstuk 4.4 van voorliggende onderbouwing nader worden beschreven. Conclusie De voorgenomen activiteit past binnen de kaders van het rijksbeleid.
4.2
Provinciaal beleid
4.2.1
Brabantse Omgevingsvisie In voorbereiding op de inwerkingtreding van de Omgevingswet heeft de provincie de Brabantse Omgevingsvisie vastgesteld (14 december 2018). Deze omgevingsvisie bevat de visie van het provinciaal bestuur op de Brabantse leefomgeving van de toekomst (2050). De Brabantse Omgevingsvisie is een samenhangende visie op de fysieke leefomgeving. De Omgevingsvisie bevat de belangrijkste ambities voor de fysieke leefomgeving voor de komende jaren. Dat gaat om ambities op gebied van de energietransitie, een klimaatproof Brabant, Brabant als slimme netwerkstad en een concurrerende, duurzame economie. De Omgevingsvisie geeft ook aan op welke nieuwe manieren de provincie met betrokkenen wil samenwerken aan omgevingsvraagstukken en welke waarden daarbij centraal staan.
- 15 -
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
Gemeente Meierijstad
Die visie is zelfbindend, dat wil zeggen dat de provincie zich aan haar eigen visie moet houden. Als het nodig is dat ook anderen zich aan het beleid uit de Omgevingsvisie houden, kunnen daarvoor regels worden opgenomen in de Omgevingsverordening. Aan die regels moeten overheden, bedrijven en burgers zich houden. 4.2.2
Omgevingsverordening Noord-Brabant Vanuit de Omgevingswet moet de provincie naast een omgevingsvisie ook een omgevingsverordening vaststellen voor haar grondgebied. In de omgevingsvisie staat wat de provincie wil bereiken en wat ze wil doen om dat te bereiken. Soms vraagt dat om een nadere uitwerking van beleid en maatregelen in een (omgevings)programma, soms zijn er regels nodig om de ambities te realiseren. In de Omgevingsverordening staan regels voor: Initiatiefnemers, inwoners en bedrijven. Dit zijn zogenaamde algemene regels voor activiteiten. Deze regels bevatten voorwaarden om bepaalde activiteiten te verrichten en geven ook aan of je bijvoorbeeld eerst een melding moet doen of een vergunning moet aanvragen voordat je met de activiteit mag beginnen. Bestuursorganen van de overheid. Dit zijn zogenaamde instructieregels. Met deze regels geeft de provincie een opdracht aan gemeenten over onderwerpen die zij in het omgevingsplan moeten opnemen of aan een waterschap over de manier waarop ze hun taken uitvoeren. De provincie heeft vanwege de inwerkingtreding van de Omgevingswet een voorbereidingsbesluit vastgesteld waardoor voorbeschermingsregels in het tijdelijk regelingdeel van het omgevingsplan van gemeenten worden geplaatst.
Dit voorbereidingsbesluit heeft als doel dat bestaande regels, die waren opgenomen in de Wet bodembescherming of de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant, blijven gelden onder de Omgevingswet. Er zijn regels opgenomen om grondwaterverontreiniging te voorkomen bij bouwactiviteiten, regels voor de ontwikkeling van veehouderijen, mestbewerking en grootschalige logistiek. De gemeenteraad dient bij haar besluitvorming de regels uit de Omgevingsverordening te respecteren. Concreet betekent dit dat de verordening de maximale speelruimte bepaalt die een gemeente heeft bij het vaststellen c.q. wijzigen van een omgevingsplan of het verlenen van een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Ongeacht de ontwikkeling, dient in ieder geval zorgvuldig ruimtegebruik als uitgangspunt te worden gehanteerd én het bijdragen aan de ruimtelijke kwaliteit in brede zin. De provincie wil dat de kansen voor functiemenging, inbreiding, herstructurering en zo nodig transformatie in het stedelijk gebied goed worden benut, inclusief de mogelijkheden voor intensivering en meervoudig ruimtegebruik.
- 16 -
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
Gemeente Meierijstad
mogelijkheden. Door meer aandacht te schenken aan beheer en onderhoud van het bestaand stedelijke gebied worden in de toekomst ingrijpende herstructureringen voorkomen. Vanuit zorgvuldig ruimtegebruik en het tegengaan van leegstand in stedelijk gebied, blijft een binnenstedelijke ontwikkeling voorrang hebben boven nieuw ruimtebeslag buiten het bestaand stedelijk gebied.
projectgebied
Figuur 4.1: Uitsnede integrale plankaart Omgevingsverordening Noord-Brabant.
Landelijk gebied In figuur 4.1 is een uitsnede weergegeven van de integrale plankaart van de Omgevingsverordening met daarop het projectgebied aangemerkt. Hieruit blijkt dat het projectgebied is gelegen binnen het Landelijk gebied. In artikel 5.78 van de Omgevingsverordening heeft de provincie Noord-Brabant de kaders vastgelegd voor niet-agrarische activiteiten binnen een bestaand bouwperceel in het landelijk gebied. Hierbij dient een gebiedsgerichte benadering gehanteerd te worden met betrekking tot welke activiteiten en functies passend zijn binnen de specifieke omgeving. Onderstaand wordt nader getoetst of bij voorliggend initiatief aan de in Artikel 5.78 lid 1 t/m 3 gestelde voorwaarden wordt voldaan. Art. 5.78 Niet-agrarische activiteit Lid 1 Een omgevingsplan ter plaatse van Landelijk gebied kan bepalen dat de ontwikkeling van een niet-agrarische activiteit binnen een bestaand bouwperceel mogelijk is als:
- 17 -
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
Gemeente Meierijstad
a. dit past binnen de ontwikkelingsrichting van het gebied, bedoeld in Artikel 5.12; Het projectgebied is gelegen in het buitengebied van Sint-Oedenrode. Ten zuidoosten van het projectgebied is op 350 meter afstand de bebouwde kom van Sint-Oedenrode met gelegen. Het projectgebied grenst daarnaast aan het door de gemeente Meierijstad aannehoef met horecagelegenheid De Helden van Kien en Camping bungalowpark de Kienehoef vormt voor de gemeente Meierijstad één van de drie recreatieve clusters binnen Meierijstad (tezamen met de Vlagheide in Eerde en de Noordkade in Veghel) die verdere doorontwikkeling behoeven. Naast deze recreatieve functies is het projectgebied gelegen in de directe nabijheid van een aantal burgerwoningen, een golfbaan, enkele akkerbouwbedrijven en agrarische gronden die primair in gebruik zijn voor boomteelt. Gelet op de ligging van het projectgebied, in de directe nabijheid van de bebouwde kom van Sint-Oedenrode en in de directe nabijheid van bovengenoemde niet-agrarische functies , is de locatie onvoldoende geschikt voor de verdere doorontwikkeling van het varkensbedrijf.
Gelet op de beperkte aard, omvang en impact van de middels voorliggend plan beoogde statische opslag in de vorm van caravanstalling binnen bestaande bebouwing, wordt deze niet-agrarische activiteit door de gemeente Meierijstad passend geacht binnen de ontwikkelrichting van het hierboven beschreven gebied. b. aanwezige, overtollige bebouwing wordt gesloopt; en Als onderdeel van voorliggend initiatief wordt 356 m2 aan agrarische bedrijfsbebouwing gesloopt. Het betreft het voorste gedeelte van de direct achter de bedrijfswoning gelegen varkensstal. c. dit geen betrekking heeft op: 1. een kantoor met baliefunctie; 2. het toelaten van een nieuwe lawaaisport ; en 3. een toename van de bestaande gebruiksoppervlakte voor mestbehandeling, mestvergisting en mestbewerking. Voorliggend initiatief heeft geen betrekking op bovengenoemde functies. Er is bij voorliggend initiatief sprake van statische opslag in de vorm van caravanstalling, binnen bestaande bebouwing. Lid 2 Het omgevingsplan regelt: a. welke specifieke gebruiksactiviteit is toegestaan; Bij voorliggend initiatief sprake van statische opslag in de vorm van caravanstalling. Deze activiteit wordt als zodanig vastgelegd in de regels van het omgevingsplan. b. een bij de omgeving passende maximale omvang; De omvang van de statische opslag wordt gemaximeerd op 805 m2 en vindt plaats binnen bestaande bebouwing.
In haar omgevingsplan heeft de gemeente Meierijstad voor het buitengebied van Sint-Oedenrode voor de
- 18 -
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
Gemeente Meierijstad
activiteit statische opslag een maximaal toegestane oppervlakte van 1.000 m2 vastgelegd (buiten bebouwingsconcentraties). Hiermee is bij voorliggend initiatief sprake van een passende omvang. c. dat de niet-agrarische activiteit, ook op langere termijn, past binnen de ontwikkelingsrichting van het gebied als bedoeld in Artikel 5.12; De statische opslag vindt plaats binnen reeds aanwezige bebouwing. Er worden geen mogelijkheden geboden om deze bebouwing in de toekomst uit te breiden. De statische opslag heeft een zeer beperkte impact op haar omgeving en past daarmee ook op langere termijn binnen de ontwikkelrichting van het gebied (recreatief cluster Streekpark Kienehoef). d. dat een ontwikkeling naar een functie met grote publieksaantrekkende werking is uitgesloten; Het omgevingsplan biedt geen mogelijkheden voor een ontwikkeling naar een functie met grote publieksaantrekkende werking. e. dat opslag en stalling van voorwerpen of materialen plaatsvindt in gebouwen, behalve als de activiteit de opslag van zand, grond en grind betreft; en De caravanstalling vindt plaats binnen bestaande bebouwing. Er is geen sprake van buitenopslag. Dit wordt tevens als zodanig geborgd in de regels van het omgevingsplan. f. dat de ontwikkeling verplaatst naar een passende locatie als deze niet langer past binnen de toegelaten omvang, bedoeld onder a. Niet van toepassing.
Lid 3 Als uitgangspunt voor een bij de omgeving passende omvang als bedoeld in het tweede lid geldt voor: a. een bedrijfsmatige activiteit, dat deze kleinschalig is en past binnen een gemengde omgeving waardoor het niet doelmatig is om deze te vestigen op een bedrijventerrein; De statische opslag in de vorm van caravanstalling is kleinschalig van aard en vindt plaats binnen reeds bestaand bebouwing. De activiteit past binnen een gemengde omvang. Het is dan ook niet doelmatig om deze te vestigen op een bedrijventerrein. b. een detailhandelsvoorziening, een omvang van het verkoopvloeroppervlak van ten hoogste 200 m²; Niet van toepassing. c. een voorziening ten dienste van vrijetijd en zorg, een omvang van de bebouwing van ten hoogste 1 hectare. Niet van toepassing. De voorgenomen beëindiging van de intensieve veehouderij binnen het projectgebied en de omzetting naar een bedrijfsbestemming ten behoeve van statische opslag in de vorm van caravanstalling, voldoet hiermee aan bovenstaande voorwaarden uit artikel 5.78 van de Omgevingsverordening Noord-Brabant.
- 19 -
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
Gemeente Meierijstad
Cultuurhistorische waarden Tot slot is de voorgenomen ontwikkeling gelegen binnen een gebied met cultuurhistorische waarden. In artikel 5.44 van de Omgevingsverordening heeft de provincie Noord-Brabant de kaders vastgelegd voor ontwikkelingen binnen een gebied met cultuurhistorische waarden. Zoals in het erfinrichtingsplan beschreven ligt het projectgebied binnen de regio Meierij en meer specifiek binnen het cultuurhistorische landschap het Groene Woud. Binnen het Groene Woud is het plangebied gelegen binnen het cultuurhistorisch vlak Schijndelse en Rooijsche Heide. Dit gebied bestaat uit grootschalige heideontginningen met een rationeel patroon van wegen en waterlopen. Het bodemgebruik is bouwland en grasland. Waarden en kenmerken van dit gebied zijn de rastervormige structuur van wegen en waterlopen, het open landschap en de onverharde paden. Binnen het projectgebied zelf zijn geen cultuurhistorische waardevolle objecten aanwezig. Voorliggende ontwikkeling is dermate kleinschalig van aard, dat er geen afbreuk wordt gedaan aan de cultuurhistorische waarden van het Groene Woud en/of de Schijndelse en Rooijsche Heide in (de omgeving van) het plangebied. De bestaande rationele verkavelingsstructuur wijzigt als gevolg van voorliggende ontwikkeling niet.
In het erfinrichtingsplan is rekening gehouden met de aanwezigheid van deze waarden en kenmerken en met het inbrengen van maatregelen ter versterking daarvan. Overige aanduidingen Daarnaast blijkt uit figuur 4
-Brabant strengere regels opgesteld voor de vestiging van of de omschakeling naar een hokdierhouderij. Voor onderhavig initiatief is echter geen sprake van de vestiging van of omschakeling naar een hokdierhouderij, waarmee deze aanduiding niet van invloed is op de voorgenomen ontwikkeling. Uit figuur 4
rojectgebied is gelegen. Deze norm betreft een instructieregel voor het waterschap en bakent de zorgplicht af die de waterbeheerder heeft op het vlak van het voorkomen dan wel beperken van ontoelaatbare wateroverlast door inundatie vanuit oppervlaktewater ten gevolge van neerslag. Voor het projectgebied is waterschap De Dommel de waterbeheerder. Waterschap De Dommel geeft in haar beleid nadere invulling aan bovengenoemde normen. In hoofdstuk 4.3.1 en hoofdstuk 5.14 van voorliggende onderbouwing op het feit dat er geen sprake is van een toename van verhard oppervlak, dat bij onderhavig initiatief voldaan wordt aan zowel het beleid van waterschap De Dommel als het gemeentelijk beleid op het gebied van water. Conclusie Voorliggend initiatief tot beëindiging van de intensieve veehouderij binnen het projectgebied en de omzetting naar een bedrijfsbestemming ten behoeve van statische opslag in de vorm van caravanstalling, past binnen de door de
- 20 -
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
Gemeente Meierijstad
provincie Noord-Brabant vastgestelde beleidskaders, waaronder de Omgevingsverordening Noord-Brabant.
4.3
Regionaal beleid
4.3.1
Beleid Waterschap De Dommel Waterbeheer is een essentieel onderdeel bij ruimtelijke ontwikkelingen. Het plangebied valt onder het beheer van Waterschap De Dommel. Bij ruimtelijke ontwikkelingen hanteert het Waterschap een aantal beleidsmatige uitgangspunten ten aanzien van het duurzaam omgaan met water. In deze paragraaf wordt beschreven op welke wijze bij het project rekening is gehouden met de ruimtelijk relevante aspecten van (duurzaam) waterbeheer Relevante beleidsstukken op het gebied van water zijn het Waterbeheerprogramma 2022-2027 van het Waterschap de Dommel, de Waterschapsverordening van waterschap De Dommel, het Provinciaal Waterhuishoudingsplan van de provincie Noord-Brabant, de Vierde Nota Waterhuishouding, WB21, Nationaal Bestuursakkoord Water en de Europese Kaderrichtlijn Water. Kern van deze beleidsstukken is dat water een belangrijk sturend element is in de ruimtelijke ordening. Waterbeheerprogramma 2022-2027 - Water als basis voor een toekomstbestendige leefomgeving. Het water- en bodemsysteem is onontbeerlijk voor een gezonde en leefbare ruimtelijke inrichting van Noord-Brabant. Meer dan ooit is het belangrijk om rekening te houden met het concept van de lagenbenadering om een toekomstbestendige leefomgeving te waarborgen. Door klimaatverandering en ruimtelijke druk, staat immers de veerkracht van het water- en bodemsysteem onder druk.
De lagenbenadering beschrijft de ruimte in drie lagen. De eerste laag bestaat uit de fysieke ondergrond, het water- en bodemsysteem. De tweede laag bevat netwerken van infrastructuur met onder meer wegen, spoorlijnen en waterwegen. Tot slot de derde laag met de menselijke activiteiten zoals wonen, werken en recreëren en de fysieke neerslag daarvan. Ruimtelijke planning en gebiedsontwikkeling is een proces waarin continu keuzes worden gemaakt. De lagenbenadering helpt in dit keuze- en afwegingsproces en dient als kwaliteitskader voor alle (ruimtelijke) plannen. Elke laag draagt bij aan de ontwikkeling. De lagenbenadering betekent wel dat een onderliggende laag voorwaarden stelt aan andere lagen. Zeker vanuit een perspectief van duurzame ontwikkeling zijn veerkracht en omkeerbaarheid van ingrepen belangrijke gegevenheden. Met het Waterbeheerprogramma 2022-2027 (WBP5) start Waterschap De huishouding. Uiterlijk in 2050 is de waterhuishouding in ons hele beheergebied toekomstbestendig. Dit betekent een waterhuishouding die in een goede waterkwaliteit voorziet. En een waterhuishouding die robuust, wendbaar en in - 21 -
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
Gemeente Meierijstad
balans is met de omgeving. Zowel in het bebouwde als het landelijke gebied en van de beekdalen tot en met de hoge zandruggen. Het grond- en oppervlaktewatersysteem kan de grotere weersextremen opvangen door maximaal gebruik te maken van de dempende sponswerking van de bodem/ondergrond en de natuurlijke hoogteverschillen voor het vasthouden van water. We hanteren drie principes die inhoudelijke sturing geven aan de watertransitie: Elke druppel vasthouden en infiltreren waar deze valt Functies passen zich aan het bodem- en watersysteem aan Wat schoon is moet schoon blijven We moeten ons, nog meer dan voorheen, aanpassen aan de veranderende leefomgeving en op zoek gaan naar nieuwe oplossingen en antwoorden. Juist de voor Midden-Brabant zo karakteristieke verwevenheid van bebouwing, landbouw en natuur is een kans om de wateropgaven slim in te passen. Dit vereist een integrale, gebiedsgerichte aanpak samen met alle partijen. Een gebiedsgerichte aanpak is alleen succesvol als naast de wateropgaven ook de opgaven vanuit natuur, stikstof, economie, landbouwtransitie, energietransitie, biodiversiteit, mobiliteit en woningbouw onderdeel van de aanpak zijn. Niet sectoraal, maar integraal. Alleen dan gaan we oplossingen vinden voor een leefbaar Midden-Brabant met een duurzaam en toekomstbestendig watersysteem dat goed is voor inwoners, bedrijven, landbouw en natuur.
De grote uitdaging zit hem vooral in de vraag hoe we dit gaan bereiken. Meer dan voorheen gaan we daarbij: van beekdalgericht naar gebiedsgericht; onze aandacht gaat naast het beekdal ook uit naar de flanken, de hoge zandruggen en bebouwd gebied. van sectoraal naar integraal; samen met overheden en gebiedspartners maken we keuzes over meerdere opgaven in een gebied. van water afvoeren naar elke druppel telt; maximaal water conserveren, minder grondwater gebruiken en slimmer sturen. Water en Bodem sturend Een voor het waterschap belangrijke hoofdkeuze is dat water en bodem sturend moeten zijn bij de realisatie van woningbouw/verstedelijking. Alleen zo kan , zoals de KRW, 7e Actieprogramma Nitraatrichtlijn (incl. Addendum) en het Hoogwaterbeschermingsprogramma, bij elkaar gebracht. Dit programma maakt inzichtelijk maak wat vanuit het water- en bodemsysteem mogelijk is. Door water en bodem sturend te laten zijn in de ruimtelijke ordening, kunnen we in Nederland ook in de toekomst met een ander en grillig klimaat blijven leven, wonen en werken. In een veilige omgeving, met een gezonde bodem, voldoende en schoon water.
- 22 -
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
Gemeente Meierijstad
Het plangebied is gelegen op de flanken van het Dommeldal, op de overgang van de oudere ontginningen naar de late heideontginningen. De flanken vormen een schakel/gradiënt in het watersysteem tussen de beekdalen en de hoge gronden. In de historische situatie was een groot deel van de flanken kwelgebied. Hier kwam op de hoge gronden geïnfiltreerde grondwater aan de oppervlakte. De gevolgen van de heideontginningen en later de ruilverkavelingen zijn op de flanken het sterkst merkbaar. De kwelmachine, de voeding via het grondwater, is grotendeels tot stilstand gekomen. De eenzijdige inrichting op drooglegging en afwatering maakt van de flanken, nu de klimaatverandering doorzet, een droogtegevoelig gebied. De watertransitie biedt goede kansen voor een nieuwe balans met aandacht voor waterverbruik, vasthouden van water en bergingsruimte voor water in natte tijden. Waterschapsverordening In de Waterschapsverordening staan de regels voor bewoners en bedrijven die activiteiten uitvoeren bij beken, sloten en gemalen. De Waterschapsverordening vervangt de Keur. De Keur was een traditionele verordening met regels en verboden. De Waterschapsverordening is digitaal en de regels zijn verbonden aan de gebieden waar ze gelden. Dus in plaats van algemeen en overal geldig, naar specifiek geldig voor sommige gebieden en activiteiten.
Realisatie van nieuw verhard oppervlak en het afkoppelen van verhard oppervlak moet op grond van de Waterschapsverordening hydrologisch neutraal worden uitgevoerd en optimaal worden ingepast in het bestaande watersysteem. De aanvrager/initiatiefnemer moet daarom voldoende compenserende maatregelen nemen, zodat het oppervlaktewatersysteem na realisatie van de verharding voldoende robuust blijft. Uitgangspunt hierbij vormt de voorkeurstrits -bergenhet infiltreren van water in de bodem. In geval niet of onvoldoende kan worden geïnfiltreerd is een aanvullende voorziening noodzakelijk die het water tijdelijk bergt. Doorwerking projectgebied Bij voorliggend initiatief neemt het totaal verhard oppervlak in het projectgebied af. Als onderdeel van het initiatief wordt het voorste gedeelte van de bestaande varkensstal met een oppervlakte van 356 m2 wordt gesloopt. Als gevolg van het feit dat het verhard oppervlak met minder dan 500 m 2 toeneemt, is het gemeentelijk beleid voor hydrologisch neutraal ontwikkelen van toepassing. Conclusie De voorgenomen activiteit past binnen de kaders van het regionaal beleid.
- 23 -
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
4.4
Gemeentelijk beleid
4.4.1
Kansen voor Kwaliteit
Gemeente Meierijstad
Gemeente Meierijstad is qua oppervlakte de op één na grootste gemeente van Noord-Brabant en bestaat uit 13 kernen en een groot buitengebied. Een buitengebied dat van oorsprong hoofdzakelijk een agrarische functie heeft. Veel agrarische bedrijven hebben zich verspreid in het buitengebied van Meierijstad gevestigd en ontwikkeld. In de afgelopen jaren zijn veel van deze agrarische bedrijven gestopt en ook de komende jaren zullen naar verwachting nog veel bedrijven gaan stoppen. Dit zorgt voor steeds meer vrijkomende agrarische bebouwing. Volgens een onderzoek van Wageningen Environmental Research (WENR) is Meierijstad in Brabant met afstand de nummer één als het gaat om het verwachte aantal vierkante meters vrijkomende agrarische bebouwing de komende 10 jaar. Leegstand van deze vrijkomende bebouwing kan grote gevolgen hebben voor de kwaliteit van het buitengebied, maar biedt ook kansen om het buitengebied leefbaar en vitaal te houden. In het rapport 'Kansen voor Kwaliteit' is gekomen tot een afwegingskader voor de herontwikkeling van vrijkomende (agrarische) bebouwing, waarbij de (directe) omgeving leidend is, een verbetering van de kwaliteit vereist is en de direct omwonenden en andere belanghebbenden worden betrokken.
De gemeente Meierijstad staat open voor nieuwe initiatieven ('nodigt uit'), maar stelt tegelijk eisen aan (het behoud en de versterking van) de omgevingskwaliteit. Hierbij is de uitdaging om een goede balans te vinden tussen (duurzame) economische functies en een veilige en kwalitatieve leefomgeving. De gemeente wil hergebruik faciliteren, daar waar dit passend is, en sloop stimuleren. Doorwerking voorgenomen ontwikkeling projectgebied Voorliggende ontwikkeling sluit aan op bovengenoemde kaders uit het rapport ´. Middels de voorgenomen ontwikkeling wordt een intensieve agrarische bedrijfsfunctie definitief beëindigd. Hierbij wordt een aanzienlijk deel van een bestaande varkensstal met een oppervlakte van 356 m2 gesloopt en wordt binnen de nieuwe bedrijfsbestemming 805 m2 aan bestaande bebouwing ingezet voor statische opslag in de vorm van caravanstalling. Tot slot wordt voorzien in een goede landschappelijke inpassing van het initiatief, wat de kwaliteit van het buitengebied ten goede komt. 4.4.2
Handreiking kwaliteitsverbetering Meierijstad De Gemeente Meierijstad is bezig met het opstellen van de regeling 'HandreiDe kaders uit deze regeling zullen de afzonderlijke regelingen voor kwaliteitsverbetering van de voormalige gemeenten Schijndel, Sint-Oedenrode en Veghel gaan vervangen. De gemeente Meierijstad vindt het belangrijk dat een initiatief bijdraagt aan het versterken van de ruimtelijke kwaliteit van het buitengebied. Daarmee wordt voortgeborduurd op het beleid van de provincie Noord-Brabant, die een belangrijke rol speelt bij de
- 24 -
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
Gemeente Meierijstad
(her)ontwikkeling van het Brabantse buitengebied. Een belangrijk regelinstrument hiervoor is de Omgevingsverordening. Tegelijkertijd heeft de gemeente Meierijstad het afwegingskader ansen voor Kwalitei opgesteld om invulling te kunnen geven aan specifiek de binnen de gemeente vrijvallende Agrarische bebouwing (VAB). Bij voorliggend initiatief wordt, zoals nader uitgewerkt in hoofdstuk 5.16 van voorliggende onderbouwing, aangesloten bij de richtlijnen voor landschappelijke inpassing en de door de gemeente Meierijstad gehanteerde systematiek uit de regeling Kwaliteitsverbetering Landschap Meierijstad. 4.4.3
Sint-Oedenrode, herziening 4 Onderdeel uitmakend van het Omgevingsplan gemeente Meierijstad is tevens Sint-Oedenrode, herziening 4 op 29 maart 2018 door de gemeenteraad van de voormalige gemeente SintOedenrode vastgesteld. Bij voorliggend initiatief wordt aangesloten bij de in Artikel 4.7.12 van het bestemmingsplan Sint-Oedenrode, herziening 4 opgenomen wijzigingsbevoegdheid met waarden Landschapswaarden Bedrijf ten behoeve van opslag. Deze wijzigingsbevoegdBuitengebied Sintwaar bij voorliggend initiatief wordt aangesloten, luidt als volgt: 4.7.12 Wijzigen naar Bedrijf ten behoeve van opslag Burgemeester en wethouders zijn bevoegd deze bestemming te wijzigen in de bestemming 'Bedrijf' ten behoeve van de binnenopslag van statische goederen, met uitzondering van brandgevaarlijke goederen, waarbij moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden: a. De opslag dient zich te beperken tot statische (binnen)opslag in bestaande gebouwen waarbij buitenopslag niet is toegestaan. De opslag vindt plaats binnen de reeds bestaande bebouwing. b. De oppervlakte van het bestemmingsvlak met de bestemming 'Bedrijf' mag ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - groenblauwe mantel' niet meer bedragen dan 5.000 m². Het projectgebied is niet gelegen binnen de groenblauwe mantel. Het bestem3.500 m2, zoals nader weergegeven in figuur 3.1 van voorliggende onderbouwing. c.
Er wordt een bestemmingsvlak en bouwvlak op maat gerealiseerd, rekening houdend met de te slopen voormalige agrarische bedrijfsbebouwing. Er is bij voorliggend initiatief sprake van een bestemmingsvlak en bouwvlak op maat, zoals weergegeven in figuur 3.1 van voorliggende onderbouwing. d. Alleen bedrijven, die voorkomen in categorie 1 en 2 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten (zie Bijlage 1) zijn toegestaan, alsmede bedrijven in categorie 3.1 voor zover deze naar aard en invloed op de omgeving vergelijkbaar zijn met bedrijven in categorie 2.
- 25 -
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
Gemeente Meierijstad
De statische opslag in de vorm van caravanstalling wordt aangemerkt als een bedrijfsactiviteit in categorie 2. e. De oppervlakte aan bedrijvigheid per vrijgekomen agrarische bedrijfslocatie dient door sloop van overtollige bebouwing teruggebracht te worden tot 1.000 m², waarbij cultuurhistorische waardevolle gebouwen gehandhaafd dienen te blijven en opslag in kassen niet is toegestaan. Als onderdeel van voorliggend initiatief wordt 356 m2 van de bestaande varkensstal gesloopt. In de nieuwe situatie resteert 905 m2 aan bebouwing, waarvan 805 m2 wordt ingezet ten behoeve van statische opslag en 100 m2 als bijgebouw bij de woning. f. In afwijking van het bepaalde onder b geldt ter plaatse van de aanduiding 'bebouwingsconcentratie' een maximale oppervlakte van 2.000 m². Niet van toepassing. Het projectgebied is niet gelegen in een g. Opslag ten behoeve van een elders gevestigd niet-agrarisch bedrijf is niet toegestaan. Er vindt als gevolg van voorliggend initiatief geen opslag plaats ten behoeve van een elders gevestigd niet-agrarisch bedrijf. h. Detailhandel is niet toegestaan. Middels de beoogde statische opslag in de vorm van caravanstalling is er geen sprake van detailhandel. i. Het agrarisch bedrijf ter plaatse is beëindigd en agrarisch hergebruik is niet langer mogelijk. Middels voorliggend plan wordt het agrarisch bedrijf definitief beëindigd.
De milieuvergunning wordt ingetrokken het agrarisch bouwvlak wordt van de locatie verwijderd. Agrarisch hergebruik is hiermee niet langer mogelijk. j. Er is geen sprake van onevenredige milieuhygiënische belemmeringen. In hoofdstuk 5 van voorliggende onderbouwing vindt een nadere toetsing plaats aan de fysieke en milieuhygiënische aspecten van het initiatief. Hieruit blijkt dat er voor het initiatief geen sprake is van onevenredige milieuhygiënische belemmeringen. k. De vestiging van het bedrijf leidt niet tot onevenredige aantasting van gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van de naastgelegen percelen. Binnen het projectgebied is in de huidige situatie een intensieve veehouderij in de vorm van een varkensbedrijf gevestigd. De voorgestane caravanstalling heeft een aanzienlijk geringere impact ten aanzien van geur, geluid, luchtkwaliteit etc. op haar omgeving dan het huidige varkensbedrijf. Hiermee worden er dan geen bedrijven beperkt in hun gebruiks- dan wel ontwikkelmogelijkheden als gevolg van voorliggend initiatief. l. De vestiging van het bedrijf mag geen onevenredige publieks- en/of verkeersaantrekkende werking tot gevolg hebben. De voorgenomen statische opslag in de vorm van caravanstalling leidt niet tot een onevenredige publieks- of verkeersaantrekkende werking.
De caravans behoeven slechts enkele malen per jaar verplaatsing, waarmee de verkeersbewegingen gering zijn. m. De wijziging gaat gepaard met een aantoonbare en uitvoerbare fysieke verbetering van de aanwezige of potentiële kwaliteiten van bodem, water,
- 26 -
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
Gemeente Meierijstad
natuur, landschap of cultuurhistorie of van extensieve recreatieve mogelijkheden van het plangebied overeenkomstig de regeling kwaliteitsverbetering landschap Sint-Oedenrode zoals opgenomen in Bijlage 6 van de planregels. Bij de voorgenomen ontwikkeling dient voldaan te worden aan de vereisten van de versterking van de landschappelijke kwaliteit zoals vastgelegd in de Omgevingsverordening NoordMeierijstad nadere invulling gegeven aan de inspanningen die voor niet-planmatige ontwikkelingen (afzonderlijke initiatieven in het buitengebied) van toepassing zijn. De omschakeling zonder vergroting van het bouwvlak, van agrarisch bouwvlak naar Bedrijf, is in regeling opgenomen onder categorie 3. Dit betekent dat hiermee voor het initiatief een basisinspanning geldt in de vorm van het opstellen en uitvoeren van een goed erfinrichtingsplan, aangevuld met een kwaliteitsverbetering van het landschap. In opdracht van initiatiefnemer is door H8 Ontwerp een erfinrichtingsplan opgesteld dat als bijlage is toegevoegd aan voorliggende onderbouwing. n. De in het gebied aanwezige waarden mogen niet onevenredig worden aangetast. Het initiatief betreft de beëindiging van een intensieve veehouderij. Als onderdeel van het plan wordt 356 m2 aan agrarische bedrijfsbebouwing gesloopt. De resterende bebouwing wordt ingezet voor caravanstalling. Middels het plan vinden geen grootschalige ingrepen plaats.
Door middel van de bestemmingswijziging wordt agrarisch hergebruik in de toekomst uitgesloten. Er is dan ook geen sprake van onevenredige aantasting van de in het gebied aanwezige waarden. o. In aanvulling op het bepaalde onder c mag de oppervlakte van het bestemmingsvlak niet meer bedragen dan 5.000 m². 3.500 m2, zoals nader weergegeven in figuur 3.1 van voorliggende onderbouwing. Uit bovenstaande blijkt dat hiermee voldaan wordt aan de voorwaarden zoals gesteld in Artikel 4.7.12 v Buitengebied Sint-Oedenrode, herziening 4 met waarden Landschapswaarden aan Zwembadweg 43 te Sint-Oedenrode. Conclusie De voorgenomen activiteit past binnen de kaders van het gemeentelijk beleid.
- 27 -
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
5.
Gemeente Meierijstad
Fysieke en milieuhygiënische aspecten Bij het opstellen van een onderbouwing is het verplicht om inzicht te bieden in de wijze waarop bij de activiteit rekening is gehouden met diverse aspecten van de fysieke leefomgeving en de evenwichtige toedeling van functies aan locaties (etfal). De aspecten sluiten aan op onderdelen zoals genoemd in artikel 1.2 Omgevingswet. In dit hoofdstuk vindt per aspect een toetsing plaats en wordt beoordeeld of voor dit aspect sprake is van een evenwichtige toedeling van functies.
5.1
M.e.r.-beoordeling De wetgeving omtrent de milieueffectrapportage (m.e.r) is opgenomen in afdeling 16.4 van de Omgevingswet en in hoofdstuk 11 en bijlage V bij het Omgevingsbesluit. In artikel 16.34, tweede lid van de Omgevingswet is aangegeven dat onder een plan of programma, als bedoeld in artikel 2, onder a, van de SMBrichtlijn (richtlijn 2001/42/EG (Strategische milieubeoordeling), in ieder geval wordt verstaan een omgevingsvisie, een programma, een omgevingsplan en een voorkeursbeslissing. Het verschil tussen de formele en vormvrije m.e.r.-beoordeling vervalt, maar de m.e.r.-plicht en de m.e.r.-beoordelingsplicht blijven als verschillende procedures bestaan. Ook is een gelijksoortige lijst met activiteiten (projecten) opgesteld zoals gold onderhet Besluit MER. Afhankelijk van de omvang en impact van het beoogde project kan de uitkomst van de m.e.r.-beoordeling zijn dat een milieueffectrapport (MER) nodig is. Bij voorliggend initiatief is geen sprake van een plan of programma in de zin van de SMB-richtlijn. Dit betekent dat er geen directe plan-m.e.r.-plicht of planm.e.r.-beoordelingsplicht is. Echter is er wel sprake van een project in de zin van de definitie uit de Omgevingswet. Hiervoor dient, als gevolg van artikel 11.6 van het omgevingsbesluit, een milieueffectrapport of m.e.r.- beoordeling opgesteld worden.
Of een besluit over een project project-m.e.r.-(beoordelings)plichtig is, kan worden afgeleid uit bijlage V bij het Omgevingsbesluit. van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkellaten van woningen middels een afwijking van het omgevingsplan moet er dus een m.e.r.-beoordeling plaatsvinden als de woningen onderdeel zijn van een stedelijk ontwikkelingsproject. Bij voorliggend initiatief worden geen woningen toegevoegd. De bestaande agrarische bedrijfswoning wordt omgezet naar een bedrijfswoning. Daarnaast
- 28 -
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
Gemeente Meierijstad
is tevens geen sprake van de toevoeging van nieuwe bedrijfsbebouwing. Middels het plan wordt juist 356 m2 aan voormalige agrarische bedrijfsbebouwing gesloopt. Op basis van jurisprudentie (voordat de Omgevingswet van kracht werd) wordt de ontwikkeling niet gezien als een stedelijk ontwikkelingsproject en is om die reden de wetgeving rond de milieueffectrapportage niet van toepassing en is het voornemen niet m.e.r.-beoordelingsplichtig. Conclusie toedeling van functies.
5.2
.-
Bedrijven en milieuzonering Om tussen bedrijven en woningen een goede ruimtelijke afstemming te maken wordt in de ruimtelijke ordening veelal een milieuzonering gehanteerd. Deze dient er voor te zorgen dat door het in acht nemen van voldoende fysieke afstand tussen bedrijven en gevoelige objecten (zoals woningen), geen overlast, hinder of schade ontstaat. Afhankelijk van het bedrijfstype en sector gelden verschillende afstanden. Wettelijk kader De Vereniging van Nederlandse Gemeenten doet in de publicatie Bedrijven en milieuzonering (editie 2009), een handreiking ten behoeve van de afstemming tussen ruimtelijke ordening en milieu op lokaal niveau. Milieuzonering zorgt ervoor dat nieuwe woningen op een verantwoorde afstand van bedrijven gesitueerd worden en dat nieuwe bedrijven een passende locatie ten opzichte van woningen krijgen. Omgevingstype minder hinder ervaren van een milieubelastende activiteit dan in een rustige woonwijk. De VNG-handreiking hanteert voor de omgevingstypen de volgende omschrijving: Rustige woonwijk en rustig buitengebied Afgezien van wijkgebonden voorzieningen komen vrijwel geen andere functies (zoals bedrijven en kantoren) voor. Langs de randen (in de overgang naar mogelijke bedrijfsfuncties) is weinig verstoring door verkeer.
Een vergelijkbaar omgevingstype qua aanvaardbare milieubelasting is een rustig buitengebied (eventuGemengd gebied woningen komen andere functies voor zoals winkels, horeca en kleine bedrijven.
- 29 -
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
Gemeente Meierijstad
Ook lintbebouwing in het buitengebied met overwegend agrarische en andere Het projectgebied is gelegen in het buitengebied van de kern Sint-Oedenrode. Vanwege de ruime afstanden tot de omliggende bedrijfsactiviteiten kan het projectgebied en haar omgeving worden aangemerkt al rustig buitengebied´. Op basis van de voor het plangebied en haar omgeving vigerende bestemmingsplannen worden in onderhavig hoofdstuk de aanwezigheid van milieubelastende functies in de nabijheid van het plangebied onderzocht. Aangegeven wordt welke afstanden uit de VNG brochure van toepassing zijn en getoetst wordt of hieraan kan worden voldaan. Hiermee wordt inzichtelijk gemaakt of met de beoogde ontwikkeling een aanvaardbaar woon- en leefklimaat kan worden gegarandeerd. Milieuzonering ten opzichte van het projectgebied In onderstaande tabel zijn de hindercontouren van de bedrijfsmatige functies binnen een straal van 350 meter van het projectgebied aangegeven. De hindercontouren komen voort uit de voor de bedrijfsmatige functies van toepassing zijnde richtafstanden uit de VNG handreiking. Betreffende richtafstanden zijn andere milieubelastende functie) rust tot de gevel van de naar bedrijfswoning om te zetten agrarische bedrijfswoning. Bedrijf
Richtafstand in meters
Afstand
Id
Adres
Bestemming Functie
Geur
Stof
Geluid
Gevaar
Feitelijk
1.
Zwembadweg 35
Recreatie - kampeerter-
30
0
50
30
240 m.
rein, vakantiecentrum 2.
Zwembadweg 64
Agrarisch paarden
50
30
30
0
112 m.
3.
Zwembadweg 66
Agrarisch akkerbouw
10
10
30
10
35 m.
4.
Schootsedijk 18
Sport golfbanen
0
0
10
0
240 m.
5.
Schootsedijk 21
Agrarisch IV varkens
200
30
50
0
330 m.
Figuur 5.1: Overzicht en toetsing richtafstanden.
Uit figuur 5.1 volgt dat voor alle omliggende bedrijven wordt voldaan aan de genoemde richtafstanden ten opzichte van de naar bedrijfswoning om te zetten agrarische bedrijfswoning binnen het projectgebied. Hieruit blijkt dat ter plaatse van het projectgebied sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat voor wat betreft de hinder afkomstig van omliggende bedrijven. Milieuzonering ten aanzien van het projectgebied Middels voorliggend initiatief wordt de bestaande agrarische intensieve veehouderijlocatie omgezet naar een reguliere bedrijfslocatie ten behoeve van statische opslag in de vorm van caravanstalling. Opslaggebouwen hebben een milieucategorie 2 met een richtafstand van 30 meter voor het aspect geluid, binrustig buitengebied De daadwerkelijke afstand van de
- 30 -
GoFlo ´Zwembadweg 43 Sint-Oedenrode
Gemeente Meierijstad
aan de dichtstbijzijnde woning van derden, gelegen aan Zwembadweg 66, bedraagt ruim 50 meter. Hiermee is er geen sprake is van hinder en is een aanvaardbaar woon- en leefklimaat gewaarborgd. Conclusie V wichtige toedeling van functies.
5.3
is hiermee sprake van een even-
Geur De vergunningverlener moet bij het beoordelen van het aanvaardbaar geurhinderniveau rekening houden met het omgevingsplan. Zo staat in het omgevingsplan wat de geurgevoelige gebouwen en locaties zijn. Ook kunnen in het omgevingsplan andere regels voor geur staan (of een omgevingswaarde voor geur). Voor een goede ruimtelijke ordening moet worden getoetst of: Bestaande bedrijven door het plan niet worden belemmerd in huidige of toekomstige bedrijfsvoering; Er binnen het projectgebied sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. toegepast. Voor het tweede punt moet worden getoetst of de achtergrondbelasting voldoet aan de Omgevingsverordening Noord-Brabant of het gemeentelijk omgevingsplan, Belemmering bedrijfsvoering omliggende bedrijven Zoals blijkt uit de toetsing in hoofdstuk 5.2 van voorliggende onderbouwing wordt voldaan aan de richtafstanden voor het ten opzichte van omliggende bedrijven. Als onderdeel van voorliggend plan wordt de varkenshouderij binnen het projectgebied definitief beëindigd. Hiervoor in de plaats wordt statische opslag in de vorm van caravanstalling mogelijk gemaakt binnen het projectgebied. De statische opslag betreft een bedrijfsactiviteit in milieucategorie 2 en heeft daarmee een lagere impact op haar omgeving dan de huidige varkenshouderij in milieucategorie 4.1.