03 Bijlage 3 - Toelichting
Tekst van het document
Deze ontmoetingsplekken creëren levendigheid en bevorderen de mentale en fysieke gezondheid van bewoners.
• • •
Afweging De gemeente stuurt op 50% sociale huurwoningen en/of betaalbare koopwoningen bij initiatieven vanaf 12 woningen. Hiervan moet minimaal 26% sociale huur zijn. Het initiatief voldoet op dit punt niet aan het actuele afwegingskader 6. In het plan zal geen sociale huur worden gerealiseerd. Met initiatiefnemer zijn afspraken vastgelegd in de anterieure overeenkomst die zijn gebaseerd op het afwegingskader dat toen gold7, en waarin de eis van sociale huurwoningen niet was opgenomen. Wel valt 56% van de woningen binnen de categorie betaalbare koop.
3.5.4 Welstandsnota Medemblik Het welstandsbeleid van de gemeente Medemblik is vastgelegd in Welstandsnota Medemblik 2019. Concrete bouwplannen worden door de Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit Medemblik beoordeelt op ‘passendheid’. Welstandsbeoordeling is ingesteld om te voorkomen dat bouwwerken de openbare ruimte ontsieren. Bij iedere aanvraag voor een vergunning wordt beoordeeld of het betreffende bouwwerk niet in strijd is met ‘redelijke eisen van welstand’. De welstandsbeoordeling is volgens artikel 12 van de Woningwet gericht op het uiterlijk en de plaatsing van een bouwwerk. Het bouwwerk moet zowel op zichzelf als in zijn omgeving worden beoordeeld, waarbij ook verwachte veranderingen van die omgeving een rol kunnen spelen. De Zwaagdijk wordt in de welstandsnota getypeerd als ‘Landelijk lint’. De landelijke linten zijn bijzonder welstandsgebied, waarin met name wordt beoordeeld op de samenhang tussen landschap en bebouwing. De gesloten lintbebouwing vormt binnen dit deelgebied een waardevol geheel met het open landschap. De historische samenhang tussen gebouw en ruimtelijke structuur met smalle weg en vaak een sloot is kenmerkend voor het gebied. Het beleid voor het gebied is gericht op versterking van de cultuurhistorische waarde. Het behoud van de kleinschaligheid en de zorgvuldige architectuur staan voorop bij het beoordelen van plannen.
Daarbij is de stolpboerderij met het hoge schilddak dominerend en is het wenselijk dat de andere bebouwing daar in goot- en nokhoogte ondergeschikt aan blijft. Afweging Het bouwplan sluit aan op deze karakteristiek. De dubbele stolpboerderij met het hoge schilddak is beeldbepalend op de kavel, de andere bebouwing blijft daaraan ondergeschikt (zie paragraaf 4.3). De Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit Medemblik toetst het plan definitief op basis van een omgevingsvergunningaanvraag. 6
Generiek afwegingskader woningbouw voor woningbouwinitiatieven 2023
7
Afwegingskader voor woningbouw initiatieven van 1-100 woningen Toelichting bestemmingsplan De Perenlaan Zwaagdijk-West
28
3.5.5 Parkeernormen Het parkeerbeleid van de gemeente Medemblik is opgenomen in de Nota Parkeernormen 2021, vastgesteld op 28 september 2021. De nota vormt het beoordelingskader voor het verlenen van een omgevingsvergunning voor het bouwen en/of wijzigen van de functie. De parkeeropgave wordt in deze gevallen op basis van deze nota bepaald. Afweging De parkeerbehoefte in het woningbouwplan De Perenlaan wordt bepaald aan de hand van de Nota Parkeernormen 2021. In paragraaf 5.8 wordt ingegaan op het aspect parkeren in relatie tot de voorgenomen woningbouw op de planlocatie. Betekenis van het gemeentelijk beleid voor dit project: Nieuwe woningbouw in Zwaagdijk past binnen de ambities op het gebied van ruimtelijke kwaliteit in de historische linten en het wonen voor iedereen uit de Structuurvisie Medemblik. Het plan sluit aan op de gemeentelijke woonvisie en het gemeentelijke ruimtelijke kwaliteitsbeleid. De planlocatie ligt in welstandsintensief gebied en dient getoetst te worden door de Commissie Monumenten en welstand. Ook toetsing van concrete bouwplannen aan het gemeentelijk parkeerbeleid is aan de orde.
3.6
Conclusie beleidskader
Passend binnen provinciaal omgevingsbeleid Provincie Noord-Holland wil dat er meer ruimte komt voor woningbouw in NoordHolland Noord. De Omgevingsverordening NH 2020 regelt dat in landelijk gebied woningbouwprojecten tot 11 woningen gebouwd kunnen worden aan de rand van kernen en dorpslinten. Grootschalige woningbouw (meer dan 11 woningen) is onder voorwaarden mogelijk in landelijk gebied. Het plan moet dan wel zijn opgenomen in een Woonakkoord, De plannen moeten wel worden opgenomen in een Woonakkoord, de gemeente moet aantonen waarom woningbouw op die locatie nodige is en een goede landschappelijke inpassing is voorwaarde. gemeenten moeten aantonen waarom woningbouw op die locatie nodig is en het goed inpassen in het landschap. Voorliggende locatie is opgenomen in het Woonakkoord 2020-2025. De opzet van het plan sluit aan bij de provinciale ruimtelijk kwalitatieve uitgangspunten zoals vastgesteld in de Leidraad Landschap & Cultuurhistorie. Passend binnen gemeentelijk beleid Op basis van gemeentelijk beleid vindt woningbouw primair plaats binnen het bestaand stedelijk gebied, of daarbuiten indien de noodzaak hiervoor kan worden aangetoond. De gemeente Medemblik heeft een afwegingskader voor woningbouw initiatieven van 1-100 woningen. De gemeente stuurt op 50% sociale huurwoningen en/of betaalbare koopwoningen bij initiatieven vanaf 12 woningen.
Hiervan moet minimaal 26% sociale huur zijn. Het initiatief voldoet op dit punt niet aan het actuele afwegingskader 8. In het plan zal geen sociale huur worden gerealiseerd. Met initiatiefnemer zijn afspraken vastgelegd in de anterieure overeenkomst die zijn gebaseerd op het afwegingskader dat toen gold9, en waarin de eis van sociale huurwoningen niet was opgenomen. Wel valt 56% van de woningen binnen de categorie betaalbare koop. Op basis van hiervan is ontwikkeling van de locatie mogelijk.
8
Generiek afwegingskader woningbouw voor woningbouwinitiatieven 2023
9
Afwegingskader voor woningbouw initiatieven van 1-100 woningen Toelichting bestemmingsplan De Perenlaan Zwaagdijk-West
29
4.
RUIMTELIJKE KADER
4.1
Algemeen
De locatie De Perenlaan (Zwaagdijk-West naast 354), waarbij sprake is van een functiewijziging van agrarisch naar woningbouw, vormt een ingrijpende wijziging van de bestaande ruimtelijke situatie. In voorliggend hoofdstuk wordt onderbouwd op welke wijze het plan zich voegt in de bestaande stedenbouwkundige structuur van Zwaagdijk, en op welke wijze de landschappelijke inpassing verantwoord is.
4.2
Historische en landschappelijke context
In de huidige ruimtelijke structuur van Zwaagdijk is nog steeds de historische ontwikkeling van het dorp en de ontginning van het landschap herkenbaar. De kaarten uit 1925, 1950, 1970 en 2020 laten het ontstaan van de karakteristieke ruimtelijke structuur van Zwaagdijk zien.
afb.15 Topografische kaart 1925 (bron: Topotijdreis.nl)
afb.16 Topografische kaart 1950 (bron: Topotijdreis.nl)
afb.17 Topografische kaart 1970 (bron: Topotijdreis.nl)
afb.17 Topografische kaart 2020 (bron: Topotijdreis.nl)
Toelichting bestemmingsplan De Perenlaan Zwaagdijk-West
30
De Zwaagdijk is een historische ruimtelijke drager in dit gebied. In 1850 waren de landschappelijke verkavelingspatronen al nagenoeg gelijk aan de huidige indeling. De Kromme Leek vormde de begrenzing van de opstrekkende verkaveling vanaf de Zwaagdijk en vanuit Nibbixwoud/Hauwert. De huidige boomgaard is relatief jong, en komt uit de periode rond 1990. De naam van het dorp komt van de in de dertiende eeuw aangelegde dijk die Zwaag moest beschermen tegen de wateroverlast van de veenrivier ‘Kromme Leek’. De dijk is in de jaren 30 van de vorige eeuw afgegraven. De zeer oude veenrivier ‘Kromme Leek’ is een belangrijke afwatering tussen Spanbroek en Wervershoof die bepalend is geweest voor de afwatering, de ontginning en de verkaveling van oostelijk West-Friesland. Langs de Zwaagdijk zijn agrarische bedrijven gevestigd. Boomgaarden, kassen en schapenteelt vormen nog steeds de inkomstenbron voor veel agrariërs. De Balkweiterhoek vormt in de jaren ‘60 en ‘70 van vorige eeuw de eerste planmatige uitbreiding van het dorp. Het wijkje grenst direct aan het lint. Door de seriematige woningbouw verschilt dit deel van het dorp qua sfeer erg van de gevarieerde en gedifferentieerde lintbebouwing. Sinds het voltooien van het tweede nieuwbouwplan, Klokkeweit, in 2008 is er in het dorp niet meer gebouwd.
Aan de rand van de nieuwbouwwijk is onlangs een prachtig groengebied aangelegd met bos, water en wandelpaden. Het dorpsbos vormt de afronding van de bebouwing aan de zuidzijde van de Zwaagdijk.
afb.19 Historische kaart regio ca. 1850
afb.20 Uitsnede overzichtskaart Westfriesland (bron: Leidraad LC 2018)
De karakteristieke ruimtelijke structuur zoals hierboven is toegelicht, is door de jaren heen nauwelijks verandert en vindt haar basis in de bodemgesteldheid en de drooglegging van WestFriesland. West-Friesland is van oorsprong een getijdengebied met wadgeulen en kwelders. De patronen zijn nog steeds in de ondergrond herkenbaar en hebben de structuur van het bovengrondse landschap bepaald. Het hooggelegen kleipolderlandschap van West-Friesland is ontstaan doordat toen het veen in de 10de eeuw begon in te klinken de, met zand gevulde, getijdengeulen hoger kwamen te liggen dan het omringende land. Vanuit deze hoger gelegen ruggen begon men het omringende land te ontginnen. Dit is de oorsprong van de dorpen Nibbixwoud en Zwaag. Natuurlijke waterlopen als de Kromme Leek vormen de scheiding tussen ontginningen. De oude veenrivier ‘Kromme Leek’ is een belangrijke afwatering tussen Spanbroek en Wervershoof die bepalend is geweest voor de afwatering, de ontginning en de verkaveling van dit gebied richting Zuiderzee/IJsselmeer. De Kromme Leek heeft grote landschappelijke en cultuurhistorische waarden. Het is de eerste plek waar de ontginners het veengebied betraden. Daarnaast vormt het een karakteristiek element in een vrij strakke verkaveling. Met de aanleg van de Zwaagdijk en de Westfriese Omringdijk werd het oorspronkelijke getijdenlandschap definitief ingepolderd.
Zwaagdijk is een dijkdorp. In tegenstelling tot de kronkelige wegen op de kreekruggen is de dorpsweg van Zwaagdijk kaarsrecht. Langs deze weg staan bomen met een (enkelzijdige) wegsloot. De Zwaagdijk is een belangrijke route in het gebied. Samen met de lintbebouwing van Zwaag en van Nibbixwoud vormt het een landschappelijke drager in dit gebied. Tussen de linten bevindt zich overwegend open agrarisch gebied. De openheid in het gebied is kostbaar, verdichting wordt tegengegaan. Toelichting bestemmingsplan De Perenlaan Zwaagdijk-West
31
4.3
Ruimtelijke kwaliteit
Landschappelijke inpassing De landschappelijke karakteristieken zijn vertaald in de bouwstenen voor het plan. De bouwstenen sluiten aan bij de provinciale Leidraad Landschap en Cultuurhistorie en de aandachtspunten die door de provincie in ambtelijk vooroverleg zijn benoemd: het nieuwe erf met markant woongebouw aan de Zwaagdijk, het behoud van bestaande doorzichten naar het open landschap, de traditionele erfopbouw. 1. Het plan draagt bij aan het zichtbaar en herkenbaar houden van de landschappelijke karakteristiek De beoogde ontwikkeling voegt zich in het historische kleinschalige landschap in dit deel van West-Friesland. De planlocatie ligt aan de Zwaagdijk, een weg met historische lintbebouwing. De Zwaagdijk maakt onderdeel uit van de karakteristieke Westfriese stolpenstructuur. Binnen een stolpenstructuur is er een waardevolle samenhang tussen historisch lint, de erven en de stolp. Stolpen zijn belangrijke bakens in het landschap. De ‘stolp’ vormt een belangrijke basis voor het plan ‘De Perenlaan’. De nieuwe stolp is een beeldbepalend gebouw langs de Zwaagdijk. In architectuur sluit het woongebouw aan op de sfeer, kleur- en het materiaalgebruik van de lintbebouwing. De naast en achterliggende woningen hebben een ingetogen uitstraling, gebouw is ingetogen. Ruimtelijk heeft het de voorkeur het gebouw, ondergeschikt aan het hoofdgebouw.
Tussen de bebouwing door zijn de achterliggende fruittuinen zichtbaar.
afb.21 Impressie veranderend aanzicht vanaf de Zwaagdijk: huidige situatie (boven) en nieuwe situatie (onder) (bron: HzA stedebouw & landschap)
2. Het plan draagt bij aan het versterken van (de beleving van) openheid Bestaande openheid en zichtlijnen naar het landelijk gebied blijven behouden. De linten met de aangrenzende erven en boomgaarden hebben een dicht karakter. Al zijn er tussen de erven en de boomgaarden zichtlijnen haaks op het lint aanwezig. Deze blijven behouden: tegenover de planlocatie is enige afstand bewaard tot de Klokkeweit, ten noorden van de locatie is er een opening en kan het open landschap van het landschap tot aan Nibbixwoud beleefd worden.
Toelichting bestemmingsplan De Perenlaan Zwaagdijk-West
32
In de dorpskern staat de bebouwing overwegend dicht op elkaar. Door de fruittuinen, die soms tot aan de Zwaagdijk lopen, is er weinig zicht op het open agrarische achterland. Bij de realisatie van de Klokkeweit is rekening gehouden met enige afstand tot de Zwaagdijk, om open zicht vanuit het lint te waarborgen. Op de beoogde planlocatie is op dit moment sprake van beplanting met bomen tot aan de weg. Er is hier geen sprake van open zicht vanuit het lint.
afb.22 Landschappelijke inpassing: nieuw erf met markant gebouw, behoud bestaande doorzichten (bron: HzAstedebouw& landschap’
3. Het plan is helder gepositioneerd ten opzichte van de ruimtelijke dragers De planlocatie ligt ter hoogte van de nieuwbouwwijken, aan de noordzijde van de Zwaagdijk. Er is gekozen voor aansluiting op de samenhangende traditionele ‘erfstructuur’ van de agrarische erven. Zo wordt voorkomen dat een nieuwbouwwijk in het lint ontstaat. Er is sprake van een afgebakend erf met randsloot. Aan de Zwaagdijk staat een markant hoofdgebouw, stolp. Een toegangslaan met beplanting kijkt over het erf heen, naar het achterliggende agrarische gebied (de boomgaarden). Rond de stolp staat in uitstraling ondergeschikte bebouwing. In de terreininrichting is de sfeer van de voormalige boomgaard nog aanwezig. Het nieuwe erf kent een (traditionele) representatieve voorzijde met groen langs de Zwaagdijk, en een functionele achterzijde waarop geparkeerd wordt.
Toelichting bestemmingsplan De Perenlaan Zwaagdijk-West
33
afb.23 Traditionele erfopbouw met nieuwe stolpboerderij (bron: HzAstedebouw& landschap)
Welstandstoetsing De planontwikkeling vindt plaats binnen het deelgebied ‘Landelijk lint’. Voor een verdere beschrijving en gebiedscriteria voor het gebied verwezen naar de Welstandsnota Medemblik 2019. De Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit Medemblik toetst het plan definitief op basis van een omgevingsvergunningaanvraag.
4.4 • •
Conclusie ruimtelijke inpassing in de omgeving Het plan voegt zich in de ruimtelijke structuur van de lintbebouwing langs de Zwaagdijk: het initiatief is een nieuw erf met markant woongebouw aan de Zwaagdijk, met behoud van bestaande doorzichten naar het open landschap, en een traditionele erfopbouw. Het initiatief past binnen de eisen zoals opgenomen in de Welstandsnota Medemblik.
Toelichting bestemmingsplan De Perenlaan Zwaagdijk-West
34
5.
OMGEVINGSASPECTEN
5.1
Algemeen
Een belangrijk onderdeel van de verantwoording vormt de afweging van de milieuaspecten (geluid, luchtkwaliteit etc.) en de omgevingsaspecten (water, natuur, cultureel erfgoed etc.). Op basis van het voorgenomen gebruik en de beoogde planlocatie zijn de volgende omgevingsaspecten nader onderzocht: watercompensatie, bodemkwaliteit, wegverkeerslawaai, flora & fauna, stikstofdepositie, archeologie. De resultaten van het onderzoek zijn in dit hoofdstuk verwoord. Ook de hier nog niet genoemde omgevingsaspecten zoals duurzaamheid, verkeer en parkeren, cultureel erfgoed, externe veiligheid, gebruiksmogelijkheden van omliggende panden en gronden worden beschreven.
5.2
Duurzaamheid
5.2.1 Duurzaam ruimtegebruik Op basis van recente jurisprudentie geldt dat voor woningbouwplannen van 12 of meer woningen er sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Alleen nieuwe stedelijke ontwikkelingen dienen te worden getoetst aan de Ladder voor duurzame verstedelijking. Aangezien het aantal nieuwe woningen 18 bedraagt, is er sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Om deze reden is een toets aan de ladder voor duurzame verstedelijking aan de orde. Er is sprake van duurzaam ruimtegebruik als: 1. de nieuwe stedelijke ontwikkeling in overeenstemming is met de regels die het Barro stelt over het aantonen van nut en noodzaak en het onderzoeken van binnenstedelijke mogelijkheden, en 2. de nieuwe stedelijke ontwikkeling in overeenstemming is met de binnen de regio gemaakte schriftelijke afspraken.
Ad 1. Toets aan de ladder voor duurzame verstedelijking De toets aan de ladder voor duurzame verstedelijking is als volgt (zie bijlage 1): 1. Voorgenomen ontwikkeling betreft 18 nieuwe woningen daardoor is in eerste instantie sprake van een stedelijke ontwikkeling. Dit volgt uit jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (zaaknummer 201306573/1/R6) en artikel 1.1.1, eerste lid, Bro. Met de laatste wordt duidelijk dat een bestemmingsplan dat meer dan 11 woningen mogelijk maakt in beginsel als een stedelijke ontwikkeling wordt aangemerkt. 2. Ten opzichte van het geldende bestemmingsplan wordt met onderhavige bestemmingsplan meer bebouwing mogelijk gemaakt dan voorheen toegestaan. Alsdan is sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. 3. Voor wonen is het ruimtelijke verzorgingsgebied de gemeente Medemblik binnen de woonregio Westfriesland. 4. Bij de onderbouwing van de behoefte wordt in deze paragraaf ingegaan op het toevoegen van 18 woningen. De beschrijving van de behoefte strekt zich uit tot de gemeente Medemblik binnen de woonregio Westfriesland. In april 2020 is de Woonagenda provincie Noord-Holland 2020-2025 (zie ook 3.3.4) vastgesteld. Doelstelling van de woonagenda is dat de provincie Noord-Holland wil zorgen voor voldoende betaalbare, duurzame en toekomstbestendige woningen voor alle doelgroepen.
De provincie wil graag tot versnelde uitvoer van het woningbouwprogramma komen en heeft daarvoor het Masterplan Wonen (zie paragraaf 3.3.4) vastgesteld. Gedeputeerde Staten nemen daarmee een actieve rol in binnenstedelijke grondpolitiek, naast de aanjagende en verbindende rollen die de provincie al heeft.
Toelichting bestemmingsplan De Perenlaan Zwaagdijk-West
35
Bij uitvoer van het woningbouwprogramma zijn de regionale programmeringen en het gemeentelijk beleid de basis. De speerpunten van de woonagenda zijn vertaald in Woonakkoord 2020-2025 regio Westfriesland. Hierin zijn regionale afspraken gemaakt die nodig zijn om de woningmarkt toekomstbestendig te maken waarbij rekening wordt gehouden met demografische trends en ontwikkelingen. De provinciale bevolkingsprognose stelt als indicatieve woningbehoefte 7.150 woningen voor de periode 2019-2030. Hiervoor dienen de komende 5 jaar jaarlijks 800-900 woningen te worden gebouwd. De regio gaat jaarlijks minimaal 900 woningen opleveren. De hiervoor genoemde plannen, programma’s en afspraken zijn gebaseerd op uitgebreide onderzoeken waaronder de ‘Bevolkingsprognose provincie Noord-Holland 2020-2030’ en de ‘Monitor Woningbouw’. Uit deze onderzoeken blijkt dat er een grote behoefte is aan woningen in de regio Westfriesland. De netto bouwopgave in de periode 2021-2029 komt uit op ongeveer 8000 woningen. Het aantal zachte plannen betreft 11100. Het aantal harde plannen betreft 3600 woningen. Uit de cijfers en analyses blijkt dat in regio voldoende plancapaciteit is om aan de indicatieve opgave tot 2030 te voldoen. Het planvoornemen maakt onderdeel uit van de zachte plancapaciteit en is opgenomen in de regionale woningbouwafspraken.
Uit de cijfers blijkt eveneens dat gemeenten moeten streven naar een gevarieerd, volwaardig en betaalbaar woningaanbod voor de toenemende groep senioren. Daarnaast verdient de groep jongeren en starters extra aandacht bij het vinden van een betaalbare woning. Het plan omvat in totaal 18 woningen die als volgt zijn onderverdeeld: 4 vrijstaande woningen, 4 seniorenwoningen (levensloopbestendig) en 10 rug-aan-rug woningen (rijtjeswoningen). Zoals blijkt uit de genoemde plannen, programma’s, afspraken en uitgevoerde onderzoeken is er een grote woningbouwbehoefte in de provincie Noord-Holland, ook voor de regio WestFriesland. Uit de onderzoeken blijkt eveneens dat om te voldoen aan de grote behoefte, er voldoende plancapaciteit in de regio aanwezig is. Het planvoornemen maakt onderdeel uit van deze plancapaciteit en voorziet daarmee in dan aanwezige behoefte. 5. De locatie ligt buiten bestaand stedelijk gebied. In het Bro (artikel 1.1.1 lid 1 onder h) is de volgende definitie opgenomen voor bestaand stedelijk gebied: "bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur".
De beantwoording van de vraag of een plangebied als een bestaand stedelijk gebied kan worden aangemerkt, hangt af van de omstandigheden van het geval, de specifieke ligging, de feitelijke situatie, het bestemmingsplan en de aard van de omgeving. Het begrip is in de jurisprudentie nader ingevuld. Hier moet geconcludeerd moet worden dat het plangebied buiten bestaand stedelijk gebied is gelegen. Het gebied is door de provincie zowel in haar vastgestelde omgevingsverordening 2020 als ook de ontwerp omgevingsverordening 2022 aangemerkt als landelijk gebied. Als de ontwikkeling buiten bestaand stedelijk gebied is gepland, moet volgens artikel 3.1.6 lid 2 Bro gemotiveerd worden waarom niet binnen bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. Daarbij spelen de beschikbaarheid en geschiktheid van locaties binnen bestaand stedelijk gebied een rol. Argumenten dat binnen bestaand stedelijk gebied geen mogelijkheden zijn voor de nieuwe stedelijke ontwikkeling, gaan bijvoorbeeld over: • kwalitatieve aspecten van de behoefte (denk bijvoorbeeld aan woonmilieus die niet binnen bestaand stedelijk gebied passen, zoals waterrijk wonen, grote landgoederen); • andere functies die ter plaatse al aanwezig zijn of volgens ruimtelijk beleid (zoals een structuurvisie) worden beoogd.
Denk aan park, maatschappelijke functies, maar ook andere woonplannen die later worden beoogd; • aanzienlijke investeringen die eerst nodig zijn voor de inbreidingsplaatsen, bijvoorbeeld vanwege milieuaspecten die zich voordoen op inbreidingslocaties. Met het voornemen is sprake van realisatie van een klein woongebiedje van 18 woningen. Hoewel het plangebied is aangemerkt als buiten bestaand stedelijk gebied, ligt het plan binnen de bebouwde kom in het bestaande lint van Zwaagdijk-West en tegenover een gebied met woningen. Er wordt door de realisatie van het beoogde plan een woongebied gecreëerd. Vanuit de dorpsraad is nagedacht over de ontwikkeling van woningbouw in Zwaagdijk-West Toelichting bestemmingsplan De Perenlaan Zwaagdijk-West
36
en naar welke woonvormen behoefte is. Vanwege de ligging naast en tegenover woningen van Zwaagdijk-West sluit de woonuitbreiding aan bij de aanwezige functies in de omgeving. Met de hiervoor genoemde redenen is het aannemelijk dat binnen bestaand stedelijk gebied geen mogelijkheden zijn voor de voorgenomen ontwikkeling.
Ad 2. Toets aan regionale woningbouwafspraken De regio Westfriesland past voor de plattelandsgemeenten het vitale kernenbeleid toe. De opgave in het buitenstedelijk gebied is deels voor de eigen bevolkingsgroei en deels voor de groeiambitie (bron: Woonakkoord 2020-2025). Op basis van de ‘Bevolkingsprognose NoordHolland 2021-2040’ stijgt het aantal huishoudens in de regio in de periode tot 2040 met 8%. Zwaagdijk-West kent op dit moment ca. 230 huishoudens. Met een groei van 8% zou dit betekenen dat de komende jaren minimaal 18 woningen beschikbaar moeten komen voor de eigen bevolking. Rekening houdend met het feit dat de afgelopen jaren jongeren en ouderen uit het dorp zijn getrokken wegens gebrek aan beschikbare woningen, is er een reële behoefte aan de in het plan geprojecteerde 18 woningen. Daarbij wordt nog geen rekening gehouden met een groeiambitie. Het plan is regionaal afgestemd. In het regionaal ’Afwegingskader wonen Westfriesland 2021’ is vastgelegd dat nieuwe plannen worden getoetst aan het afwegingskader. Het afwegingskader bestaat uit twee onderdelen: De Westfriese basis en het Westfries vooruitdenken. Hieronder zijn de onderdelen van het afwegingskader benoemd en is aangegeven in hoeverre met het plan aan de voorwaarden wordt voldaan.
De Westfriese Basis Afweging 1: Ambitie of harde plancapaciteit Het plan draagt bij aan de ambitie van 16.000 woningen aan zachte plancapaciteit in de regio. Op basis van de regionale indicatieve woningbehoefte is er in de gemeente Medemblik voor de periode 2019-2030 een behoefte aan 510 woningen in de kleine kernen. Dit aantal is nog niet als ‘harde’ plancapaciteit beschikbaar. De planlocatie in Zwaagdijk-West is als ‘zacht’ in het regionale woonakkoord meegenomen en is getalsmatig passend. Afweging 2: Krachtige kernen Het plan voldoet aan de voorwaarde dat minimaal 70% van de woningbouw in de grote (krachtige) kernen wordt gerealiseerd. Voor de periode 2017-2030 kunnen in de gemeente Medemblik in totaal 510 woningen in de 14 kleine kernen worden gerealiseerd (regionale afspraak). Voor Zwaagdijk-West is in het programma zoals opgenomen in het Woonakkoord de beoogde locatie opgenomen in de lijst met plannen 2020-2025, met 18 woningen. Met de beoogde ontwikkeling wordt het richtgetal van maximaal 510 woningen in de kleine kernen niet overschreden. Met de gemeente zullen door initiatiefnemer afspraken moeten worden gemaakt over de fasering in de tijd. Afweging 3: Woningbouw binnenstedelijk of landelijk gebied Uitgangspunt is dat woningbouw primair binnenstedelijk plaatsvindt. Voor de Perenlaan is getoetst of de realisatie binnenstedelijk mogelijk is.
Voor de Sint Jacobuskerk in het dorp wordt gezocht naar een alternatieve invulling. Door eigenaar De Heeren van Zorg is bij de gemeente een plan ingediend voor 8 zorgwoningen voor een specifieke doelgroep en vijf startersappartementen. De gemeente wil de maatschappelijke functie op de locatie deels handhaven, bijvoorbeeld als trouwlocatie. Daarnaast worden vraagtekens gesteld bij het aantal zorgappartementen en de combinatie zorg met starterswoningen. Een haalbaar plan is vooralsnog niet van de grond gekomen. Zorgwoningen zijn binnen de maatschappelijke functie denkbaar. Dit gaat niet ten koste van woningbouwcontingent. Naast de voormalige Sint Jacobuskerk zijn er in het dorp geen andere binnenstedelijke verdichtingslocaties of transformatielocaties aanwezig. Het plan ligt binnen de bebouwde kom van Zwaagdijk, maar wel buiten Bestaand Stedelijk Gebied (BSG). Het plan ligt niet provinciale beschermingsregimes als weidevogelleefgebieden,
Toelichting bestemmingsplan De Perenlaan Zwaagdijk-West
37
Natuurnetwerk Nederland (inclusief ecologische verbindingszones), of aardkundig waardevolle gebieden. Het plan zal bij de nadere uitwerking een landelijke en tevens landschappelijke inpassing krijgen. Verder zal het plan bij de uitwerking voldoen aan de Provinciale voorwaarden op het gebied van klimaatneutraal en circulair bouwen. De locatie wordt ontsloten via de Zwaagdijk. De locatie wordt multimodaal ontsloten: er zijn fietsroutes zowel langs het lint als haaks op het lint. Hiernaast loopt er een busroute de Zwaagdijk is een busroute, de ook oprit van de Westfrisiaweg is dichtbij. Station Hoorn en station Hoorn Kersenboogerd liggen als OV - knoopppunt op fietstafstand van de nieuwe woningen. Aanpassing in de wegenstructuur is niet noodzakelijk. De planlocatie is beschikbaar en de realisatie kan op korte termijn beginnen. Het betreft invulling aan de vraag voor Zwaagdijk - West, en extra plancapaciteit voor Zwaagdijk -West. Via regionale makelaars en dorpsraad Zwaagdijk -West is inzicht verkregen in de actuele behoefte naar woningtypologie en differentiatie. Er is een actuele vraag, de Dorpsraad heeft een lijst met namen van potentiële kopers. Het programma past binnen de kwalitatieve en kwantitatieve woningbehoefte, en wordt aansluitend op bestaand stedelijk gebied gerealiseerd. Het plan voorziet in betaalbaar wonen en woningen voor middeninkomens.
Op basis van het bovenstaande wordt geconcludeerd dat wordt voldaan aan alle drie de voorwaarden van de Westfriese basis uit het afwegingskader.
Westfries vooruitdenken Met het Westfries vooruitdenken geeft de regio invulling aan de gezamenlijke ambities uit de regionale woonvisie en het Pact van Westfriesland. De regio wil een kwaliteitsimpuls afgeven. De gemeenten hebben met elkaar de inspanningsverplichting afgesproken om minimaal 4 van de 8 ambities te realiseren. Voorliggend plan voldoet aan de volgende ambities: Ambitie 1. Het plan levert een positieve bijdrage aan betaalbaar wonen 10. Het plan voorziet in totaal 18 koopwoningen. Er worden geen huurwoningen gerealiseerd. Het programma is als volgt: • 45% betaalbare koop, dat is 8 woningen betaalbare koop (85% van de NHG -grens); • 10% goedkope koop (ruim onder de NHG-grens, ); • 45% vrije sector, dat is 8 woningen (4 vrijstaand en 4 seniorenwoningen). Het plan levert een positieve bijdrage aan het betaalbaar wonen omdat 55% van de woningen in dit plan een prijsgrens heeft van 85% van de NHG-grens voor de koopwoningen (regionaal uitgangspunt is minimaal 30%). Ambitie 2. Het plan voorziet in woningen in de vrije huursector voor middeninkomens. In het plan worden geen huurwoningen gerealiseerd. Het initiatief voldoet alleen op dit punt niet aan het afwegingskader. Ambitie 3. Het plan levert een bijdrage aan het langer zelfstandig wonen. Vier woningen (vrije sector) worden specifiek voor senioren gerealiseerd.
De woningen zijn rollatorgeschikt en tevens rolstoeltoegankelijk. Voor de overige woningen moeten bewoners zelf beoordelen of de woning aansluit bij hun wensen. Het initiatief voldoet op dit punt niet aan het afwegingskader (minimaal 30% rollatorgeschiktheid). Ambitie 4. Het plan is circulair en energieneutraal: Zie hiervoor de nadere onderbouwing in paragraaf 5.2.2. Er is sprake van BENG (= bijna energie neutrale gebouwen).
10
Hier worden geen exacte bedragen genoemd, omdat de NHG jaarlijks wordt geindexeerd Toelichting bestemmingsplan De Perenlaan Zwaagdijk-West
38
Ambitie 5. Het plan draagt bij aan klimaatadaptatie, een gezonde leefomgeving en verbetering van de natuur en het landschap: Het woningbouwplan scoort op deze ambitie omdat in het plan een een aantal maatregelen zijn opgenomen die duidelijk aansluiten bij de klimaatstresstest en passen bij de locatie qua landschap en (potentiële) natuurwaarden en bijdragen aan de gezondheid van de bewoners: 1. De ontwikkelaar zal zo veel mogelijk bomen planten in het plangebied. Dit zorgt voor beperking van de hitteschade. 2. Het stedenbouwkundig plan voorziet in een groen plangebied. Naast de bebouwing wordt zo veel mogelijk terrein groen en onverhard gelaten. Hiernaast wordt langs het plangebied water gegraven. Dit zorgt ervoor dat het overtollige water goed in de bodem kan infiltreren en in de boezem om het plangebied kan afvloeien. De ontwikkelaar zet zich, in overleg met de toekomstige bewoners, in voor sociale duurzaamheid o.a. door het creëren van ontmoetingsplekken. Deze ontmoetingsplekken creëren levendigheid en bevorderen de mentale en fysieke gezondheid van bewoners. Het plan wordt op een zorgvuldige manier ingepast in het landschap. Het provinciaal Adviesteam Ruimtelijke Kwaliteit is akkoord met de landschappelijke inpassing van het plan. Ambitie 6. Nieuwe woningbouw wordt zoveel mogelijk gerealiseerd in de nabijheid van een OV knooppunt.
De locatie is goed bereikbaar vanuit omliggende OV-knooppunten. De planlocatie ligt op circa 1, 2 km afstand en op 4 minuten fietsafstand van een bushalte. Met de fiets is het 15 minuten naar het station Hoorn Kersenboogerd (4.1 km) en naar station Hoorn is het 18 minuten fietsen (4,9 km) . Ambitie 7. Het plan draagt bij aan de versnelling van de woningbouwproductie in Westfriesland. Met de ontwikkelaar is een exploitatieovereenkomst afgesloten over de vlotte realisatie van het plan, waarbij de ontwikkelaar verplicht is om: 1. binnen 6 maanden na het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan een ontvankelijke aanvraag omgevingsvergunning in te dienen; 2. binnen 1,5 jaar na het onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning te starten met de bouw van de woningen. 3. binnen 24 maanden na aanvang van de bouwwerkzaamheden, de bouw af te ronden. Ambitie 8. Het plan draagt bij aan de aantrekkingskracht van de regio door het bieden van een aantrekkelijke onderscheidende woonomgeving. Het plan is zowel aantrekkelijk voor woningzoekenden binnen als buiten de regio, omdat het plan wordt gerealiseerd in een landelijke omgeving met diverse soorten woningen. Woningen voor starters, senioren en vrije sectorwoningen . Daarbij is het plangebied multimodaal ontsloten. Dicht ligt een busstation en fietsroutes liggen nabij het plangebied.
De afrit naar de Westfrisiaweg is ook in de nabijheid. Er is voor dit plan op deze plek behoefte en het vormt een toevoeging op type en doelgroep. De bestaande woningvoorraad in Zwaagdijk -West is tamelijk eenzijdig en bestaat overwegend uit vrijstaande koopwoningen en grote eengezinswoningen. Het plan zet in op de realisatie van 4 seniorenwoningen, 10 starterswoningen en 4 vrijstaande woningen. De beoogde ontwikkeling voor met name starters behoudt de leefbaarheid in het dorp. Het dorp kent gemeenschapsvoorzieningen (de Wildebras en de kerk) en een school. Het toevoegen van een substantieel aandeel aan starterswoningen zorgt ervoor dat jongeren in het dorp kunnen blijven wonen, en daarmee een bijdrage kunnen leveren voor draagvlak van de voorzieningen. Het plan heeft een onderscheidend karakter door de diversiteit aan woningtypen, en de ruimtelijke samenhang op het ‘erf’, en sluit daarmee goed aan bij de ambitie om onderscheidend voor de aanwezige behoefte te bouwen.
Toelichting bestemmingsplan De Perenlaan Zwaagdijk-West
39
Afweging Voor het woningbouwinitiatief is de Ladder voor duurzame verstedelijking doorlopen, en is het plan tevens getoetst aan het regionale en gemeentelijke afwegingskader voor woningbouw (zie bijlage 1). Het ingediende plan voldoet aan het afwegingskader. Het plan voldoet aan de 3 afwegingen van de Westfriese basis. Het plan voldoet aan de ambities voor het Westfries vooruitdenken op 6 van de 8 punten (minimaal 4 zijn vereist). Het plan is afgestemd in de regionale werkgroep en besproken in de VVRE op basis van het op dat moment geldende regionale afwegingskader. Zowel in kwalitatief als in kwantitatief opzicht is de behoefte aan de 18 woningen in Zwaagdijk-West aangetoond. In de Westfriese basis is het huidige woningbouwbeleid gericht op het realiseren van ‘onderscheidende en complementaire woonmilieus’. Daarbij wordt vooral ingezet op woningtypen waar meer eigen inbreng van toekomstige bewoners mogelijk is én woningtypen die afwijken van dat wat hier al veel voorkomt. De bestaande woningvoorraad in Zwaagdijk -West is tamelijk eenzijdig en bestaat overwegend uit vrijstaande koopwoningen en grote eengezinswoningen. Het initiatiefplan zet, naast de realisatie van 4 vrijstaande woningen, in op de realisatie van 4 seniorenwoningen en 10 starterswoningen. Het gaat daarbij om:
Toelichting bestemmingsplan De Perenlaan Zwaagdijk-West
40
• • • • • •
betaalbare woningen (Westfries vooruitdenken) goedkopere koopwoningen; woningen die bijdragen aan langer zelfstandig wonen. Er ontstaat ‘noaberschap’ op het erf (Westfries vooruitdenken) samenwonen, gericht op ontmoeting; woningen die een toevoeging vormen vanwege het type woningen waarin het voorziet (rug aan -rugwoningen, seniorenwoningen in stolp (Westfries vooruitdenken); voor Focusdoelgroepen van beleid: starters, startende huishoudens (Westfries vooruitdenken); onderscheidend woonmilieu en programma (Westfries vooruitdenken); creëren van sociale samenhang op het erf, collectieve zelfbouw; het plan draagt bij aan de benodigde versnelling van de woningbouw in Westfriesland en past binnen de woningbehoefte (Westfries vooruitdenken).
In Zwaagdijk-West zijn binnen bestaand stedelijk gebied geen herstructurerings- of transformatielocatielocaties aanwezig. Dit betekend dat de woningbouwlocatie buiten bestaand stedelijk gebied met worden gerealiseerd. Na afweging van potentiële locaties komt de locatie ‘In de Perenlaan’ als voorkeur uit de bus. De locatie ligt binnen de bebouwde kom van Zwaagdijk, en is goed bereikbaar per auto, fiets en openbaar vervoer. De locatie is afgewogen tegen potentiële andere locaties in het dorp en zowel door de Raad van Medemblik als de provincie Noord-Holland (ARK) akkoord bevonden. De planlocatie voor 18 woningen is opgenomen in de lijst met plannen van het regionaal Woonakkoord 2020-2025. De ontwikkeling past binnen het regionaal afsprakenkader woningbouw en het gemeentelijk afwegingskader woningbouwplannen 1-100 woningen in de kleine kernen. Op basis van bovenstaande mag geconcludeerd worden dat het een duurzame ruimtelijke ontwikkeling betreft.
5.2.2 Duurzaamheid en energiebesparing De gemeente Medemblik streeft naar een klimaatneutrale toekomst. Onder het motto 'Duurzaam Medemblik' neemt de gemeente extra maatregelen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen en naar meer klimaatvriendelijke vormen van energie en producten over te gaan. Daarnaast zet de gemeente zich actief in om bewustwording en energiebesparing bij inwoners, bedrijven en instellingen te stimuleren. Het plan zal bij de nadere uitwerking een landelijke en tevens landschappelijke inpassing krijgen. Verder zal het plan bij de uitwerking voldoen aan de provinciale voorwaarden op het gebied van klimaatneutraal en circulair bouwen. De initiatiefnemer is een gerenommeerde ontwikkelaar in de regio en maakt gebruik van de meest recente toepassingen op het gebied van duurzame energie BENG bouwen is voor de ontwikkelaar vanzelfsprekend. Initiatiefnemer heeft de ambitie een plan te realiseren waar duurzaamheid integraal in alle facetten terug zal komen, duurzame materialen, klimaatadaptatie, biodiversiteit en sociale duurzaamheid. Concreet betekent dit: 1. De ontwikkelaar maakt gebruik bij zijn projecten van goede bouwtechnische maatregelen en met hoogwaardige isolatiematerialen zullen hoge Rc -waarden bereikt worden zonder ingrijpende maatregelen in de constructie.
Met duurzame installaties wordt de energievraag zoveel mogelijk beperkt, terwijl de PV-panelen op de daken in de resterende vraag naar energie zullen voorzien. De wettelijke eisen BENG-eis is bijna energieneutraal. Aardgasloos bouwen is vereist. 2. De ontwikkelaar zet in op een klimaatadaptieve en natuurinclusieve gebiedsinrichting. Dit houdt in dat een zo groot mogelijk oppervlak binnen het openbaar gebied als onverhard terrein wordt ingericht. De inrichting met groen en bomen draagt bij aan het voorkomen van hittestress. 3. De ontwikkelaar zet zich, in overleg met de toekomstige bewoners, in voor sociale duurzaamheid o.a. door het creëren van ontmoetingsplekken. Deze ontmoetingsplekken creëren levendigheid en bevorderen de mentale en fysieke gezondheid van bewoners. 4. De ontwikkelaar zet in op een gemixt programma voor starters , senioren en gezinnen, waarbij er rekening gehouden zal worden met flexibiliteit in de seniorenwoningen (levensloopbestendigheid). 5. De ontwikkelaar zet in op het hergebruik van materialen in het openbaar gebied en gebouwen. 6. Het materiaalgebruik van de woningen wordt zorgvuldig afgewogen en legt hij langs de meetlat van de MPG. Toelichting bestemmingsplan De Perenlaan Zwaagdijk-West
41
7. Verharding wordt minimaal toegepast om zo veel mogelijk waterinfiltratie en waterbuffering te bevorderen. Er is overleg geweest met het HHNK. 8. Per 1 april 2021 zijn in het bouwbesluit nieuwe geluidseisen gesteld aan (nieuw te plaatsen) buiten opgestelde installaties voor warmte- of koude opwekking. Het gaat hierbij om warmtepompen en airco’s die worden toegepast bij woningen en woongebouwen. 9. Deze installaties mogen niet meer dan 40 dB geluid veroorzaken bij de buren. De bepalingsmethode van het geluidsniveau is vastgelegd in de aangepaste Regeling Bouwbesluit 2012 (nieuw artikel 3.11). Betekenis voor dit project: Op basis van de toets aan de ladder voor duurzame verstedelijking betreft het een verantwoorde ontwikkeling. Het project past binnen de regionale afwegingskaders woningbouw. Duurzaamheid vormt een belangrijk onderwerp in het sociaal-maatschappelijke debat en is daarmee een belangrijk aandachtspunt in het beleid van de gemeente Medemblik. Het bestemmingsplan staat duurzaamheid niet in de weg, en andersom ook niet. Geconcludeerd wordt dat in onderhavige situatie sprake is van een duurzame stedelijke ontwikkeling.
5.3
Water
De planlocatie valt binnen het beheersgebied van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK). Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier heeft samen met haar partners haar waterbeleid op lange termijn (Deltavisie) en op middellange termijn (Waterprogramma 2016-2021) opgesteld. In het Waterprogramma 2016-2021 (voorheen waterbeheersplan) zijn de programma's en beheerstaken van het hoogheemraadschap opgenomen met de programmering en uitvoering van het waterbeheer. Het programma is nodig om het beheersgebied klimaatbestendig te maken, toegespitst op de thema’s waterveiligheid, wateroverlast, watertekort, schoon en gezond water en crisisbeheersing. Door het veranderende klimaat wordt het waterbeheer steeds complexer. Alleen door slim samen te werken is integraal en doelmatig waterbeheer mogelijk. Bij de ontwikkeling van het Waterprogramma is hieraan invulling gegeven door middel van een partnerproces en de ontwikkeling van gezamenlijke bouwstenen. Keur en Uitvoeringsregels Op grond van de Waterwet is het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier als waterschap bevoegd via een eigen verordening, de Keur, regels te stellen aan handelingen die het watersysteem beïnvloeden.
De Keur geeft vorm aan de inhoud van de Waterwet met concrete doelstellingen, te weten: voorkoming en waar nodig beperking van overstromingen, wateroverlast en waterschaarste, in samenhang met (a) bescherming en verbetering van de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen, en (b) vervulling van maatschappelijke functies door watersystemen. In de Keur 2016 van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier staan de geboden en verboden die betrekking hebben op watergangen en waterkeringen. Voor het uitvoeren van werkzaamheden kan een vergunning nodig zijn. De werkzaamheden in of nabij de watergangen en waterkeringen worden getoetst aan de beleidsregels die op de website van het hoogheemraadschap te vinden zijn (https://www.hhnk.nl/keur).
Toelichting bestemmingsplan De Perenlaan Zwaagdijk-West
42
afb.24 Waterlopen en kunstwerken in omgeving Zwaagdijk naast 354 (bron: legger HHNK)
Watertoets Via de Digitale Watertoets is aan het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) op 2 mei 2022gevraagd een reactie te geven op het plan(zie bijlage 2). Er moet een ‘normale procedure’ worden gevolgd. Voor het plan is de waterhuishoudkundige situatie in het plangebied inzichtelijk evenals de effecten van de voorgenomen ontwikkeling en maatregelen die getroffen moeten worden. In dit kader heeft afstemming plaatsgevonden met het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier. Hieronder zijn de resultaten beschreven(zie bijlage 2). HHNK is d.d. 7 juli 2022 akkoord met de voorgestelde waterhuishouding in het plan. Verharding en compenserende maatregelen De bebouwing- en/of verhardingstoename ten gevolge bedraagt meer dan 2000 m2. Als gevolg van de toename aan verharding, zoals nu opgenomen in het stedenbouwkundig plan, dient circa 500 m² aan oppervlaktewater te worden gegraven 11. Dit vindt plaats door de bestaande watergang aan de westzijde van het plangebied met circa 5,5 meter te verbreden. Bij de terreininrichting zal het principe van ruimtelijke adaptatie voor dit plan nader worden uitgewerkt, bijvoorbeeld door het gebruik van waterdoorlatende verharding bij de aanleg van de parkeerplaatsen, met bijbehorende afvoer vertragende onderlaag, of waterberging in verlaagde groenstroken.
Beheer en onderhoud waterlopen Alle werkzaamheden binnen een zone van 5 meter van de insteek van waterlopen zijn vergunningplichtig, omdat deze invloed kunnen hebben op de water aan- en afvoer, waterberging of het onderhoud. Voorkomen dient te worden dat waterlopen niet meer goed bereikbaar zijn voor zowel regulier als periodiek onderhoud (maaien en baggeren), omdat deze worden ingesloten door de nieuwe ontwikkeling/bebouwing. Dit geldt met name in het stedelijk gebied, waar het hoogheemraadschap de ambitie heeft om het onderhoud van gemeenten over te nemen. Indien
11
Naar aanleiding van het overleg met het Hoogheemraadschap is het stedenbouwkundig plan aangepast. Er zal geen nieuwe (doodlopende) kavelsloot langs het terrein worden gegraven. De bestaande kavelsloot aan westzijde van het plan zal worden verbreed. Toelichting bestemmingsplan De Perenlaan Zwaagdijk-West
43
er ter plaatse geen varend onderhoud wordt uitgevoerd, dient een obstakelvrije zone van tenminste 5 meter aangehouden te worden. In het stedenbouwkundig plan is binnen de zone van 5 meter van waterlopen geen bebouwing voorzien. Varend onderhoud is mogelijk. Binnen het plangebied is de mogelijkheid om de onderhoudsboot te water te laten. Daarnaast dient rekening te worden gehouden met een minimale waterdiepte van 1 meter. Waterkwaliteit en riolering In het plan wordt een gescheiden riolering aangelegd, waarbij het hemelwater wordt afgekoppeld van de riolering. Dit komt overeen met de basisdoelstelling van het hoogheemraadschap om het hemelwater van nieuwe oppervlakken zoveel mogelijk te scheiden van het afvalwater. Voorwaarde is wel dat het hemelwater als schoon kan worden beschouwd. Het afstromend hemelwater van verharde oppervlakken wordt eerst voorgezuiverd door een berm. De waterkwaliteit wordt voor een belangrijk deel bepaald door de kwaliteit van het oppervlaktewater en grondwater in de omgeving. De ontwikkeling heeft geen verslechtering van de waterkwaliteit tot gevolg. Ter voorkoming van diffuse verontreinigingen van water en bodem geldt bij alle bouwplannen een verbod op het toepassen van zink, lood, koper en PAK'shoudende bouwmaterialen. Betekenis voor dit project Beoogde ontwikkeling is afgestemd met het Hoogheemraadschap.
Ten aanzien van het aspect water zijn er geen belemmeringen voor deze ontwikkeling. Er zal 500m2 water worden gecompenseerd door verbreding van de sloot ten westen van de planlocatie. Werkzaamheden binnen 5 meter vanaf de waterlijn zijn vergunningplichtig.
5.4
Bodem
In het kader van de onderzoeksplicht dient onder andere de bodemgesteldheid in het plangebied in kaart gebracht te worden. Een nieuwe bestemming mag pas worden opgenomen als is aangetoond dat de bodem geschikt is voor de nieuwe of aangepaste bestemming. Daarbij is wettelijk bepaald dat een omgevingsvergunningsplichtig bouwwerk niet mag worden gebouwd op een zodanig verontreinigd terrein, dat schade of gevaar is te verwachten voor de gezondheid van de gebruikers en het milieu. Ten behoeve van de bestemmingswijziging is door FMA Nelissen Bedrijfsadviseurs de kwaliteit van de bodem onderzocht (zie bijlage 3).Het bodemonderzoek is uitgevoerd volgens de onderzoeksstrategie voor een onverdachte locatie, niet lijnvormige locatie zoals beschreven in de NEN-5740:2009/A1:2016 (ONV-NL). De grond- en grondwatermonsters zijn geanalyseerd op het nieuwe stoffenpakket (1 juli 2008). De grondmonsters zijn aanvullend geanalyseerd op het voorkomen van PFAS (PFOS, PFOA en overige PFAS). In verband met het mogelijk voorkomen van residu gewasbeschermingsmiddelen zijn de grondmonsters tevens aanvullend geanalyseerd op het voorkomen van OCB’s. Onderzoeksresultaten Asbest Op basis van het vooronderzoek, terreininspectie en veldwaarnemingen kan worden geconcludeerd dat de onderzoekslocatie niet verdacht is op het voorkomen van asbestverontreiniging in de bodem.
Ter plaatse van de onderzoekslocatie is geen sprake van het voorkomen van asbestverdachte puin-bijmengingen en derhalve niet asbest- verdacht. Grond Tijdens het veldwerk is de opgeboorde grond zintuiglijk beoordeeld op de mogelijke aanwezigheid van bodemverontreiniging. Hierbij zijn geen indicaties waargenomen die hierop duiden. In de boven- en ondergrond worden geen verontreinigingen aangetoond.
Toelichting bestemmingsplan De Perenlaan Zwaagdijk-West
44
Alle gemeten PFAS-gehalten bevinden zich beneden de bepalingsgrens (MM4 en MM5) of voldoen aan de tijdelijke landelijke achtergrondwaarden voor PFAS (MM1 t/m MM3). Alle mengmonsters worden indicatief gekwalificeerd als ‘Altijd toepasbaar’. Grondwater In het grondwater ter plaatse van PB1 is sprake van een lichte verontreiniging aan minerale olie. Ter plaatse van PB2 worden geen overschrijdingen aangetoond. Conclusie Op de onderzoekslocatie geen bodemverontreiniging aangetoond is, welke een belemmering zou kunnen vormen bij de voorgenomen aanvraag omgevingsvergunning activiteit bouwen (nieuwbouwlocatie). De streefwaarde overschrijding aan minerale olie in het grondwater heeft geen actuele risico’s in zich die een belemmering zou kunnen vormen bij de voorgenomen aanvraag omgevingsvergunning activiteit bouwen (nieuwbouwlocatie). Er is geen aanleiding tot het uitvoeren van een nader onderzoek. Betekenis voor dit project • Op basis van het verkennend bodemonderzoek en het verkennend asbestonderzoek blijkt dat er met betrekking tot het aspect bodemkwaliteit geen belemmeringen aanwezig zijn voor de voorgenomen functiewijziging. • Bij graafwerkzaamheden op het terrein kunnen er beperkingen in de mogelijkheid tot hergebruik van eventueel vrijkomende grond buiten de locatie bestaan. Voor hergebruik van grond buiten de locatie is het Besluit Bodemkwaliteit van toepassing.
De onderzoeksresultaten vormen geen belemmering voor de beoogde bestemmingswijziging.
5.5
Cultureel erfgoed
Het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) verplicht gemeenten om rekening te houden met cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten archeologische monumenten. Archeologie is sinds 1 juli 2016 geregeld in de Erfgoedwet. De uitgangspunten uit het Verdrag van Valletta (Malta) blijven in de Erfgoedwet de basis van de Nederlandse omgang met archeologie. Onderdelen van de Monumentenwet 1988 die op termijn naar de Omgevingswet over gaan, blijven van kracht tot die wet in werking treedt. Ze zijn opgenomen in het overgangsrecht van de Erfgoedwet. Er staat geen monumentale bebouwing of beplanting op de planlocatie.
5.5.1 Cultuurhistorie Historische ontwikkeling van de locatie De naam van het dorp komt van de in de dertiende eeuw aangelegde dijk die Zwaag moest beschermen tegen de wateroverlast van de veenrivier “Kromme Leek”. De dijk is in de jaren 30 van de vorige eeuw afgegraven. Aan de noordzijde van Zwaagdijk loopt de oude veenrivier “Kromme Leek”. Een belangrijke afwatering tussen Spanbroek en Wervershoof die bepalend is geweest voor afwatering, ontginning en verkaveling van dit gebied richting Zuiderzee/IJsselmeer.Rond 1100 werden de Middenleek (Medemblik) en de Kromme Leek met elkaar verbonden via een gegraven waterloop vanaf het stadhuis in Medemblik, via de Nieuwstraat, naar de Grote – en Kleine Vliet. De zogenaamde Medemblikker Vaart (de vaarverbinding tussen Hoorn en Medemblik) kruiste de Zwaagdijk in het verleden met een zogenaamde overhaal. Al eeuwenlang heet in Zwaagdijk de bebouwde kom “Zevenhuis”. Lange tijd stonden hier namelijk zeven huizen en de naam komt al voor in een akte uit 1460. De bebouwing in Zwaagdijk ligt van oudsher als lintbebouwing lang de dijk. De laatste decennia hebben er planmatige uitbreidingen ten zuiden van de dorpskern plaatsgevonden, o.a. Klokkeweit.
Toelichting bestemmingsplan De Perenlaan Zwaagdijk-West
45
Cultuurhistorische verantwoording Met het bouwplan worden de cultuurhistorische waarden niet onevenredig aangetast. De nieuwe woningen vormen als het ware een nieuw erf aan de Zwaagdijk, met een oprijlaan vanaf de Zwaagdijk, en een markant hoofdgebouw aan de weg. De historische sloot langs het perceel wordt weer herkenbaar. Via de oprijlaan wordt een nieuw doorzicht naar het achterland gecreëerd.
5.5.2 Archeologie Het Verdrag van Malta (1992), beoogt het cultureel erfgoed dat zich in de bodem bevindt beter te beschermen. Op 1 september 2007 is de Wet op de archeologische monumentenzorg (Wamz) in werking getreden. Hiermee worden de uitgangspunten van het Verdrag van Malta binnen de Nederlandse wetgeving geïmplementeerd. De wet regelt de bescherming van archeologisch erfgoed in de bodem, de inpassing ervan in de ruimtelijke ontwikkeling en de financiering van opgravingen: 'de veroorzaker betaalt'. Voor de ruimtelijke ordening is het van belang dat de Wamz uitgaat van de koppeling van archeologische waarden aan de ruimtelijke ordening. Voor bestemmingswijzigingen betekent dit dat de verplichting is neergelegd om bij de vaststelling van de wijziging rekening te houden met in de grond aanwezige, dan wel te verwachten, archeologische waarden. Zo nodig dient door de initiatiefnemer, voorafgaand aan bodemingrepen, archeologisch onderzoek te worden uitgevoerd. De uitkomsten van het archeologisch onderzoek dienen vervolgens volwaardig in de belangenafweging te worden betrokken. Kaders Het plangebied valt binnen het bestemmingsplan Dorpskernen IV van de gemeente Medemblik (vastgesteld 29-09-2016). In het bestemmingsplan kent het plangebied een dubbelbestemming Waarde – Archeologie 3.
Dit betekent dat bij grondroerende werkzaamheden over een oppervlakte groter dan 500 m2 en dieper dan 40 cm rekening dient te worden gehouden met de archeologie. Archeologie West-Friesland heeft een beleidskaart archeologie ontwikkeld voor de gemeente Medemblik. Deze beleidskaart is op 28 februari 2019 vastgesteld. Op de beleidskaart archeologie is aangegeven waar de bekende archeologische waarden zich bevinden en welke archeologische verwachtingen er zijn. De waarden en verwachtingen zijn gecombineerd met een beleidsadvies per zone. Voor de beleidskaart zijn onder andere bodemkaarten gebruikt om de archeologische verwachting voor vindplaatsen uit de prehistorie nader te specificeren. Voor het grootste gedeelte van het plangebied is een vrijstellingsgrens van 1.000 m2 aangehouden (oranje afb. 1). Een klein deel van het plangebied valt binnen een zone waarbij rekening dient te worden gehouden met het aspect archeologie bij plannen groter dan 5.000 m2 (lichtgeel op afb. 1). De geplande ingrepen weergegeven op het schetsplan overschrijden de vrijstellingsgrenzen van 1.000 m2 uit de beleidskaart en 500 m2 uit het bestemmingsplan.
Toelichting bestemmingsplan De Perenlaan Zwaagdijk-West
46
afb.25 Ligging plangebied op de beleidskaart archeologie (zie bijlage 5)
Onderzoek In 2019 is door Archeologie West-Friesland een archeologische quickscan opgesteld (zie bijlage in bijlage 5). Op basis van de geplande nieuwbouw en de hoge archeologische verwachting is een archeologisch onderzoek in het kader van de AMZ-cyclus vereist. Vanwege de aard van de archeologische resten uit de prehistorie (geen vondst- of cultuurdag aanwezig, weinig vondstmateriaal) is booronderzoek niet geschikt voor het opsporen van vindplaatsen. Het archeologisch onderzoek dient daarom te bestaan uit een Inventariserend Veldonderzoek (IVO) in de vorm van proefsleuven. In mei 2022 is door Transect een archeologisch onderzoek uitgevoerd. Dit bestond uit een bureauonderzoek en een verkennend booronderzoek (zie bijlage 4). Het Plan van Aanpak is van tevoren niet voorgelegd aan Archeologie West-Friesland. Het concept-rapport is voorgelegd ter toetsing. Het in hoofdstuk 12 geformuleerde advies wordt deels overgenomen door de adviseur van de gemeente. Archeologie West-Friesland constateert dat de aannames in het bureauonderzoek niet correct zijn en er nog onvoldoende inzicht is in de aan- of afwezigheid van eventueel aanwezige archeologische waarden. Conform de archeologische quickscan uit 2019 dient een Inventariserend Veldonderzoek in de vorm van een proefsleuven te worden uitgevoerd.
De dubbelbestemming Waarde-Archeologie dient te worden gehandhaafd om de eventueel aanwezige waarden te beschermen. Afweging door Archeologie West-Friesland Op basis van de geplande nieuwbouw en de hoge archeologische verwachting is een archeologisch onderzoek in het kader van de AMZ-cyclus vereist. Vanwege de aard van de archeologische resten uit de prehistorie (geen vondst- of cultuurdag aanwezig, weinig vondstmateriaal) is booronderzoek niet geschikt voor het opsporen van vindplaatsen. Het archeologisch onderzoek dient daarom te bestaan uit een Inventariserend Veldonderzoek (IVO) in de vorm van proefsleuven. Als leidraad voor het proefsleuvenonderzoek dient een door het bevoegd gezag goedgekeurd Programma van Eisen te worden opgesteld. De aannames in het bureauonderzoek in bijlage 4 zijn niet correct. Het Programma van Eisen dient te worden opgesteld door een senior-archeoloog met aantoonbare ervaring in de regio. Het kaartmateriaal uit de quickscan dient te worden gehanteerd.
Toelichting bestemmingsplan De Perenlaan Zwaagdijk-West
47
Betekenis voor dit project: Het aspect erfgoed staat de ontwikkeling vooralsnog niet in de weg: • Er staat geen monumentale bebouwing of beplanting op de planlocatie. • De beoogde herontwikkeling past binnen de cultuurhistorische identiteit van de Zwaagdijk als historische route en drager van ontwikkelingen. • Op de locatie heeft een verkennend archeologisch onderzoek plaatsgevonden. Vanwege de aard van de archeologische resten uit de prehistorie (geen vondst- of cultuurdag aanwezig, weinig vondstmateriaal) is booronderzoek volgens opgave van Archeologie West-Friesland niet geschikt voor het opsporen van vindplaatsen. Het archeologisch onderzoek dient daarom te bestaan uit een Inventariserend Veldonderzoek (IVO) in de vorm van proefsleuven. Als leidraad voor het proefsleuvenonderzoek dient een door het bevoegd gezag goedgekeurd Programma van Eisen te worden opgesteld. • Het proefsleuvenonderzoek moet goedgekeurd zijn door Archeologie West-Friesland als voorwaarde voor het verkrijgen van de omgevingsvergunning. • De dubbelbestemming Waarde-Archeologie wordt in dit bestemmingsplan gehandhaafd om de eventueel aanwezige waarden te beschermen. • Indien bij bodemingrepen archeologische resten worden aangetroffen, geldt op grond van artikel 5.10 van de Erfgoedwet een meldingsplicht.
5.6
Natuur
Per 1 januari 2017 is de Wet natuurbescherming in werking getreden. In deze zijn de oude Boswet, Natuurbeschermingswet en de Flora- en faunawet samengevoegd tot één Natuurwet. Uitgangspunt van de wet is dat geen schade mag worden gedaan aan beschermde dieren of planten, tenzij dit nadrukkelijk is toegestaan. In de praktijk betekent dit dat bij een ruimtelijke ingreep of voorgenomen activiteit bekeken moet worden of er sprake is van effecten of beschermde dieren en planten (soortenbescherming) en in bepaalde gevallen op natuurgebieden (gebiedsbescherming).
5.6.1 Toetsing in het kader van de Wet Natuurbescherming Ecologisch onderzoeks- en adviesbureau Groot Eco Advies heeft in mei 2022, ten behoeve van de herontwikkeling van de locatie tot woningbouwlocatie, een quickscan opgemaakt van de aanwezige natuurwaarden op de planlocatie. De op de planlocatie aanwezige natuurwaarden zijn tijdens de quickscan als volgt beoordeeld (zie bijlage 6): Soortenbescherming Op basis van deze quickscan wordt geconstateerd dat de fruittuin geen potenties herbergt voor beschermde soorten. Gebiedsbescherming De locatie ligt op afstand van Natura 2000-gebied(en) en Natuur Netwerk Nederland (NNN, voorheen EHS). Externe effecten op de Natura 2000-gebieden kunnen worden uitgesloten gezien de aard van de werkzaamheden en de grote afstand tot het Natura 2000-gebied.Het Natuurnetwerk Nederland kent geen externe werking. Gebiedsbescherming is met betrekking tot de voorgenomen ruimtelijke ingreep m.b.t. bovengenoemde aspecten niet aan de orde.