Bijlage 2 Jaarstukken 2020 SOW
Tekst van het document
Programma Werkleerbedrijf
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
Programma
39
Nieuw beschut Vooral uitkeringsgerechtigden en leerlingen uit het voortgezet speciaal onderwijs en het praktijkonderwijs stroomden in op een beschutte werkplek. Toch loopt de instroom op beschut werk achter op het maximumaantal beschikbare werkplekken dat de ministeriële regeling vaststelde voor de MVSgemeenten. Daarom zocht Stroomopwaarts in 2020 naar alternatieven om instroom naar beschut werk te bevorderen. Een van de oplossingsrichtingen is samenwerking met dagbestedingsorganisaties. Arbeidsmatige dagbesteding zit tenslotte dicht tegen beschut werk aan. Daardoor is het niet ondenkbaar dat daar geschikte kandidaten gevonden kunnen worden, die de overstap naar beschut werk zouden kunnen maken. Dit ‘switchen’ tussen dagbesteding en werk kan ook omgekeerd plaatsvinden. Medewerkers die door de ondergrens zakken en niet langer in staat zijn een arbeidsprestatie te leveren, kunnen daardoor gemakkelijker naar dagbesteding overstappen. De voorbereidingen zijn in 2020 helemaal afgerond. Begin 2021 start een pilot samen met het UWV en de dagbestedingsorganisatie. SOW-route Tot 2020 was de SOW-route alleen toegankelijk voor jongeren vanuit het praktijkonderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs. Het doel was om deze jongeren tijdens de SOW-route te ontwikkelen en te begeleiden naar een baan volgens de Banenafspraak.
In de praktijk bleek de instroom in deze route echter zeer beperkt. Begin 2020 startte daarom een pilot om ook niet-schoolverlaters de SOW-route te laten doorlopen. Het gaat hier om uitkeringsgerechtigden met een indicatie Banenafspraak. Hierdoor zijn inmiddels 48 personen aan het werk, waarvan er 7 uitstroomden naar reguliere werkgevers.
Programma Werkleerbedrijf
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
Programma
40
Wat heeft het programma Werkleerbedrijf gekost? Programma 4,
Primaire begroting 2020
Begroting 2020 na BW4
Werkleerbedrijf
Realisatie t/m
Verschil begroot (t/m BW4)
31 december 2020
en realisatie
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Interne Arbeidsparticipatie
9.078
-23.535
-14.457
8.986
-24.173
-15.188
8.405
-23.875
-15.471
-581
298
-283
- Productie en diensten
6.773
-22.113
-15.340
6.776
-22.750
-15.974
6.548
-22.355
-15.808
-228
394
166
- Uitvoering re-integratie
1.446
-192
1.254
1.391
-194
1.197
1.141
-194
947
-250
0
-250
858
-1.229
-371
818
-1.230
-411
716
-1.327
-610
-102
-97
-199
Externe arbeidsparticipatie
4.140
-11.710
-7.570
2.653
-10.950
-8.297
2.596
-9.327
-6.731
-56
1.623
1.566
- Detachering
3.655
-7.346
-3.691
2.351
-6.751
-4.399
2.287
-6.032
-3.746
-65
718
653
-
-2.703
-2.703
-
-2.703
-2.703
-
-1.790
-1.790
-
913
913
485
-551
-66
301
-301
0
310
-310
-
8
-8
-0
-
-1.110
-1.110
-
-1.195
-1.195
-
-1.195
-1.195
-
-0
-0
Werkleerbedrijf
84
-1.442
-1.358
84
-1.428
-1.344
96
-1.437
-1.340
12
-8
4
- Werkleerbedrijf, algemeen
84
-1.442
-1.358
84
-1.428
-1.344
96
-1.437
-1.340
12
-8
4
13.301
-36.686
-23.385
11.722
-36.551
-24.829
11.097
-34.639
-23.542
-625
1.912
1.287
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
13.301
-36.686
-23.385
11.722
-36.551
-24.829
11.097
-34.639
-23.542
-625
1.912
1.287
- SOW-route
- Loonkostensubsidie * - ID banen - Begeleiding klantgroep 3
Totaal baten en lasten Reservemutaties Gerealiseerd resultaat
* Betreft openeinderegelingen die op basis van realisatie met de gemeente wordt verrekend.
Programma Werkleerbedrijf
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
Programma
41
Analyse afwijkingen begroting na wijziging en realisatie Programma Werkleerbedrijf (voordeel €1.287)
Baat of Last
Omschrijving (bedragen x € 1.000)
(B/L)
Baten
Lasten
Productie en diensten (voordeel € 166) In 2020 ontwikkelde de SW-doelgroep zich verder. De SW-medewerkers konden gedeeltelijk worden ingezet op betere productmarktcombinaties (PMC’s)
B/L
131
-81
B/L
-359
475
B
-250
B/L
-102
97
B/L
-65
718
binnen het Werkleerbedrijf. De afname van de totale omzet komt door de lockdown waardoor het Werkleerbedrijf ruim 6 weken is gesloten en daarna geleidelijk is opgestart. De lagere omzet heeft ook geleid tot lagere productie gerelateerde kosten. De taakstelling van 77 beschutte werkplekken is niet gehaald, omdat Stroomopwaarts niet voldoende personen kreeg aangeboden via het UWV. Uitvoering re-integratie (nadeel € 250) Voor de doelgroep Participatiewet is in de begroting rekening gehouden met 1.000 werkleertrajecten. In de praktijk valt het aantal werkleertrajecten fors lager uit dan begroot (als gevolg van COVID-19). De omzet is lager, doordat minder deelnemers zijn geplaatst (die werk verrichten en omzet realiseren). SOW-route (nadeel € 199) De doorstroom van jongeren uit de scholen liep in 2020 sterk terug. De pilot om ook niet-schoolverlaters de SOW-route te laten doorlopen en zo het aantal deelnemers aan de SOW-route te verhogen, leidde door de COVID-19-crisis niet tot het behalen van het begrote aantal. Detachering (voordeel € 654) Door de COVID-19 crisis zijn minder SW-medewerkers gedetacheerd dan de ambitie was. Hierdoor zijn zowel de salarislasten als de omzet lager dan begroot. De benodigde doorontwikkeling van de SW-doelgroep en het gebrek aan passende vacatures als gevolg van de COVID-19 crisis waren hier debet aan.
Loonkostensubsidie (voordeel € 913) De ontwikkeling van de loonkostensubsidie blijft achter bij de verwachting. Dit geldt zowel voor de banen uit de Banenafspraak als voor beschut
L
913
werk. Dit hangt samen met de grote gevolgen van de COVID-19-crisis voor de arbeidsmarkt. Daardoor konden veel minder nieuwe plaatsingen met loonkostensubsidie worden gerealiseerd. Overige afwijkingen.
B/L
20
-16
-€ 625
€ 1.912
Reservemutaties (geen afwijking) Totaal Programma Participatie
Programma Werkleerbedrijf
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
Programma
42
Algemene dekkingsmiddelen
Algemene dekkingsmiddelen
Primaire begroting 2020
Begroting 2020 na BW4
Realisatie t/m
Verschil begroot (t/m BW4)
31 december 2020
en realisatie
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Bijdrage Algemene Dienstverlening
23.621
-
23.621
24.870
-
24.870
24.870
-
24.870
-
-
-
Bijdrage Werkleerbedrijf
16.925
-
16.925
17.755
-
17.755
17.755
-
17.755
-
-
-
Bijdrage Inkomensvoorziening
80.303
-
80.303
100.851
-
100.851
101.774
-
101.774
923
-
923
Bijdrage Armoedevoorziening
6.304
-
6.304
6.934
-
6.934
6.018
-
6.018
-916
-
-916
Bijdrage Overhead
9.731
-
9.731
9.834
-
9.834
9.818
-
9.818
-15
-
-15
100
-
100
100
-
100
14
-21
-7
-86
-21
-107
136.983
-
136.983
160.344
-
160.344
160.249
-21
160.228
-95
-21
-116
-
-3.717
-3.717
211
-3.717
-3.507
211
-3.717
-3.507
-
-
-
136.983
-3.717
133.266
160.555
-3.717
156.837
160.460
-3.738
156.721
-95
-21
-116
Overige dekkingsmiddelen Totaal baten en lasten Reservemutaties Gerealiseerd resultaat
* Betreft openeinderegelingen die op basis van realisatie met de gemeente wordt verrekend.
Het overzicht van dekkingsmiddelen laat voornamelijk de bijdragen van de gemeenten zien. De lasten voor Inkomensvoorziening en Armoedevoorziening worden per kwartaal afgerekend met de gemeente op basis van realisatie. De lagere dekkingsbijdrage geeft die afrekening van de lagere lasten op de producten Inkomens- en Armoedevoorziening weer. De post overige dekkingsmiddelen bestaat uit ontvangen rente.
Algemene dekkingsmiddelen
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
43
Overhead, vennootschapsbelasting en onvoorzien Het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) schrijft voor dat de overhead, vennootschapsbelasting en de post onvoorzien apart worden opgenomen. Bij Stroomopwaarts is geen vennootschapsbelasting aan de orde. Gezien het verplichtende karakter is deze post wel opgenomen.
Wat hebben de Overhead, Onvoorzien, Vennootschapsbelasting en Taakstelling gekost? Overige onderwerpen
Primaire begroting 2020
Begroting 2020 na BW4
Realisatie t/m
Verschil begroot (t/m BW4)
31 december 2020
en realisatie
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
503
-10.258
-9.755
541
-11.042
-10.501
1.297
-11.076
-9.779
756
-34
722
- Vennootschapsbelasting
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
- Onvoorzien
-
-200
-200
-
-425
-425
-
-
-
-
425
425
- Taakstelling
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
503
-10.458
-9.955
541
-11.467
-10.925
1.297
-11.076
-9.779
756
391
1.147
-
-
-
337
-
337
162
-
162
-175
-
-175
503
-10.458
-9.955
879
-11.467
-10.588
1.460
-11.076
-9.616
581
391
971
- Overhead
Totaal baten en lasten Reservemutaties Gerealiseerd resultaat
Overhead, vennootschapsbelasting en onvoorzien
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
44
Analyse afwijkingen begroting na wijziging en realisatie Overhead, Onvoorzien, Vennootschapsbelasting en Taakstelling (voordeel € 956)
Baat of Last
Omschrijving (bedragen x € 1.000)
(B/L)
Baten
Lasten
Overhead (voordeel € 722) Er zijn 3 personeelsleden gedetacheerd bij MVS-gemeenten (€ 256).
B
213
De suppletie BCF in verband met de compensatie btw 2015-2019 van re-integratiekosten en outplacementkosten is verwerkt in 2020 (€ 543).
B
543
Overige afwijkingen.
L
-34
L
425
Onvoorzien (voordeel € 425) De post onvoorzien is gedurende 2020 niet gebruikt. Reservemutaties (nadeel € 175) Lagere gerealiseerde lasten op MD-traject 25 en vertraging in ICT oplevering (zaaksysteem) 150.
B
Totaal Overhead, Onvoorzien, Vennootschapsbelasting en Taakstelling
-175 € 581
€ 391
In de paragrafen Weerstandsvermogen en risicobeheersing, en Bedrijfsvoering worden bovenstaande onderwerpen nader toegelicht.
Overhead, vennootschapsbelasting en onvoorzien
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
45
Paragrafen De begroting en de jaarstukken bestaan uit programma’s en paragrafen. De programma’s betreffen het beleid en de uitvoering van dit programma. Paragrafen zijn dwarsdoorsneden van de begroting over bepaalde organisatie brede onderwerpen als bedrijfsvoering en financiering. Deze zijn bedoeld om onderwerpen die verspreid in de begroting staan, als een geheel weer te geven. Hierbij gaat het vooral om de aspecten die van belang zijn voor het realiseren van de beleidsvoornemens of de
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Onderhoud kapitaalgoederen
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
financiën. In de financiële verordening Stroomopwaarts MVS is aangegeven dat de volgende paragrafen in ieder geval moeten worden opgenomen: - Weerstandsvermogen en risicobeheersing; - Onderhoud kapitaalgoederen; - Financiering; - Bedrijfsvoering.
Financiering
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
Bedrijfsvoering
46
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing In deze paragraaf wordt een overzicht gegeven van de belangrijkste risico’s voor het primaire proces van Stroomopwaarts. Per risico worden de beheersmaatregelen benoemd. Door de beheersmaatregelen toe te passen - zo is het streven - wordt de impactscore van risico’s lager. Vervolgens wordt het weerstandsvermogen van Stroomopwaarts behandeld in relatie tot de genoemde risico’s. Tenslotte volgt een korte samenvatting van de financiële positie. Risico’s van materieel belang In de volgende tabel zijn de risico’s geïnventariseerd en benoemd. De risico’s zijn beoordeeld aan de hand van een risicotabel. Daarbij is een score 1 tot en met 10 toegekend voor de kans dat een risico zich voordoet en voor de impact van het risico. Het totaal aan risico’s wordt gecalculeerd op € 1,4 miljoen voor de algemene dienstverlening en € 4 miljoen voor de individuele dienstverlening. In de tabel zijn de totaalbedragen gesplitst naar de gemeenten.
Risicomanagement Een belangrijk punt is het risicobewustzijn in de organisatie van Stroomopwaarts. Het managen van risico’s is een integrale verantwoordelijkheid van het management. Om de vinger goed aan de pols te houden, maken de benoemde risico’s onderdeel uit van de interne en externe rapportages. Zo wordt verzekerd dat er continu aandacht voor is. Ook wordt het mogelijk om het tijdig te melden wanneer zich risico’s voordoen, zodat er bijgestuurd kan worden.
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
47
Risico’s bij Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing (bedrag x €1.000)
A. Algemene dienstverlening Kans Impact Score Toelichting
Beheersingsmaatregelen
2
In de begroting wordt uitgegaan van een gemiddelde
• Intensieve werkgeversbenadering
waarde die gebaseerd is op de
loonwaarde. Realisatie hangt af van niveau van de
• Tijdige loonwaardemeting
loonwaarde
instroom, afspraken met klanten en beschikbaarheid
• Begeleiding
van werk en diensten. Genoemd bedrag is gebaseerd
• Ontwikkelen PMC’s die aansluiten op ontwikkeling doelgroep
op achterblijven verwachte opbrengsten PMC’s
en arbeidsmarkt
participatie, beschut en WSW met 10%.
• Juiste, volledige en tijdige inrichting en registratie in drie
Realiseren van de toegevoegde
1,5
3
Bedrag € 88
systemen: Civision, Navision en HR Beroep op Schuldhulpverlening
3
3
9
Naar verwachting leidt de COVID-19-crisis tot
• Beschikbaar stellen extra middelen;
een toename van problematische schulden.
• Procesoptimalisatie,
Daardoor zal een aanmerkelijk groter beroep op
• Samenwerking met maatschappelijke partners
€ 37
de Schuldhulpverlening worden gedaan. De wet Gemeentelijke Schuldhulpverlening legt bovendien een taak bij gemeenten om schulden eerder te signaleren. De wetswijziging geeft gemeenten de mogelijkheid om met woningcorporaties, energieen drinkwaterbedrijven en zorgverzekeraars in een vroeg stadium gegevens van burgers met betalingsachterstanden uit te wisselen. Hierdoor krijgen gemeenten mensen met schulden tijdig in beeld en kunnen zij schuldhulpverlening aanbieden. De personeelsformatie van Stroomopwaarts is niet ingericht op een dergelijke ontwikkeling, die meer werk oplevert.
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
48
Beschikbare capaciteit voor
Kans Impact Score Toelichting
Beheersingsmaatregelen
4
Het ambtelijke ziekteverzuim over 2020 was 6,55
Gezamenlijke verantwoording van Stroomopwaarts en
kwalitatieve dienstverlening
2,5
10
procent (bron: 2e Bestuursrapportage) en lag wat
hosting bedrijfsvoering:
(ziekteverzuim, werkdruk)
hoger dan de ambitie (6 procent) en het landelijk
• Professionaliseren managementinformatie verzuim,
gemiddelde. Ook in 2021 blijft de werkdruk. Dit komt
verlof en analyse.
doordat de formatie door de taakstelling is verlaagd,
• Aanpak ziekteverzuim.
terwijl de randvoorwaarden, zoals het automatiseren
• Samenwerking met arbodienst.
en digitaliseren nog niet zijn afgerond. Daarnaast
• Procesmanagement.
is ook nog sprake van een verlofstuwmeer. Om de
• Flexibele schil.
Bedrag € 47
kwaliteit van de dienstverlening te kunnen verbeteren (doorontwikkeling) is voldoende capaciteit nodig. Harmonisatie beleid en uitvoering
3
2
6
Stroomopwaarts heeft sinds 2015 de opgave om
•G ezamenlijke verantwoording van Stroomopwaarts
efficiënter en effectiever te gaan werken, om binnen
en gemeenten:
een periode van vijf jaar de negatieve reserve in te
• Opvolging aanbevelingen Berenschotrapport.
lopen. 2020 is het laatste jaar van deze periode. Deze
• Regie op beleidsontwikkeling.
opgave wordt ingevuld door harmonisatie van beleid
• Kwaliteit personeel verhogen.
en uitvoering. Vertragingen en intensiviteit om te
• Professionele samenwerking.
€ 125
komen tot harmonisatie van beleid, geven extra druk op de organisatie. Daardoor is er minder ruimte voor innovaties en ontwikkelingen. Ontwikkeling gemiddelde salarissen en sociale premies
3
2
6
Er is geen zekerheid over de ontwikkeling van
• Tijdige actualisatie begroting.
€ 239
de gemiddelde salarissen van het ambtelijk personeel en de WSW-medewerkers. Over de salarisontwikkeling van de WSW-medewerkers wordt nog onderhandeld. De kans is groot, dat er in 2021 een cao Participatiewet komt voor onder meer mensen in garantiebanen. Dit kan een kostenverhogend effect hebben. Het ABP kent momenteel onvoldoende dekkingsgraad voor de pensioenen van ambtenaren. De kans is groot dat dit voor werknemer en werkgever tot een stijging van de pensioenpremie leidt. Bij de berekening van de ontwikkeling van de gemiddelde salarissen en sociale premies is uitgegaan van 2 procent.
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
49
Subsidieregeling Lage Inkomens
Kans Impact Score Toelichting
Beheersingsmaatregelen
1
• Tijdige actualisatie begroting.
€ 27
Stroomopwaarts steunt in haar bedrijfsprocessen in
Gezamenlijke verantwoording van Stroomopwaarts en
€ 175
toenemende mate op ICT-toepassingen. Die dienen
hosting bedrijfsvoering:
daartoe up to date, betrouwbaar, veilig en afgestemd
• Opstellen ontwikkelagenda ICT.
op de primaire processen te zijn. Bij achterblijvende
• Optimale inrichting Procesmanagement.
investeringen bestaat het risico dat er extra
• Optimale inrichting Informatiemanagement.
voorzieningen moeten worden getroffen (bijvoorbeeld
• Tijdelijke middelen beschikbaar stellen (gemeente) voor de
inhuur) om de processen te waarborgen.
uitvoering, doordat de ICT-maatregelen vertragen.
1
1
Voordeel LIV
Het lage-inkomensvoordeel (LIV) is een regeling die
Bedrag
in ging op 1 januari 2017. Deze regeling is onderdeel van de wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl). Het LIV is een jaarlijkse tegemoetkoming voor werkgevers die werknemers met een laag loon in dienst hebben. Hierdoor dalen de loonkosten voor de werkgever. Daardoor neemt de kans op werk voor deze werknemers toe. Het risico bestaat dat deze regeling wordt afgeschaft of afgebouwd.
Tijdig optimaliseren en
3
3
9
vernieuwen systemen
• Regeling aanpassen, waardoor Stroomopwaarts meer mogelijkheden heeft om koppelingen (DKD) te realiseren. • Voldoende middelen (tijd en geld) voor de ontwikkelopgave. Hosting Bedrijfsvoering
3
3
9
De MVS-gemeenten nemen in 2021 een besluit
Gezamenlijke verantwoording van Stroomopwaarts en
over de overdracht van de hostingactiviteiten naar
hosting bedrijfsvoering:
Stroomopwaarts. De door Stroomopwaarts opgestelde
• Transitieplan.
begroting transitie Bedrijfsvoering lijkt hoger dan de
• Sturing op strategische personeelsplanning medewerkers
middelen die de gemeenten in hun huidige begroting
hosting Bedrijfsvoering.
zichtbaar voor hosting begroten. Er bestaat verschil
• Governance afspraken gemeenten/SOW.
tussen de benodigde en de beschikbare kwaliteit.
• Projectorganisatie (voldoende capaciteit) voor de transitie.
€ 312
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
50
Kans Impact Score Toelichting Achterstallig onderhoud panden
3
3
9
Werkleerbedrijf
Beheersingsmaatregelen
Bedrag
Het onderhoud van de panden van het Werkleerbedrijf
• Inventarisatie onderhoudstoestand panden.
is in alle drie de gemeenten een punt van zorg.
• Beschikbaar stellen voldoende middelen voor planmatig en
Door de staat van de panden bestaat het risico op
groot onderhoud.
productieverlies of het tijdelijk moeten stilleggen van
• Op sterkte brengen capaciteit gebouwenbeheer.
€ 350
leerlijnen en re-integratieactiviteiten. Totaal Algemene dienstverlening
(M 228, V 554, S 617)
€ 1.398
B. Individuele dienstverlening
Inkomensvoorziening (uitkeringen)
Kans Impact Score Toelichting
Beheersingsmaatregelen
3
In de begroting 2020 werd uitgegaan van een
• Actieve werkgeversbenadering voor het creëren en/of
verdere daling van het aantal bijstandsuitkeringen
faciliteren van nieuwe plaatsingen.
met 2 à 3 procent. Dat beeld is door de COVID-19-
• Vernieuwende/innovatieve training voor ontwikkeling
crisis veranderd. Het aantal uitkeringen steeg in de
doelgroep.
loop van 2020 al met enige procenten. Ook bij een
• Handhaving/maatregelen.
redelijk optimistische aanname voor het economisch
• Preventie aan de Poort.
herstel, is de verwachting, dat het beroep op
• Aanpak ‘Zo snel mogelijk naar (eenvoudig) Werk.
bijstandsuitkeringen in de loop van 2021 en 2022 nog
• Sluitende aanpak, in samenwerking met onderwijs.
aanmerkelijk zal toenemen (Centraal Planbureau). Veel
• Aanpak statushouders gericht op werk.
mensen kunnen ultimo 2020 nog gebruik maken van
• Inzet voorliggende voorzieningen.
een uitkering bij het UWV. Er dient rekening gehouden
• Flexibiliteit in bemiddeling naar werk (parttime inkomsten
te worden met een toename van het aantal uitkeringen
die verrekend worden met de uitkering).
met ongeveer 12 procent tot eind 2022.
• Werkleertrajecten (ook in samenwerking met het UWV).
3
9
Bedrag € 3.413
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
51
Uitvoering Tozo en bedrijfskredieten
Kans Impact Score Toelichting
Beheersingsmaatregelen
2
Het Rijk stelde via de gemeenten een compensatie
• Reserveren resterende middelen vergoeding
ter beschikking voor de Tozo (levensonderhoud
uitvoeringskosten in bestemmingsreserve;
zelfstandigen), het verstrekken van bedrijfskredieten
• Toetsing rechtmatigheidseisen verantwoording verstrekte
en het uitvoeren van de regelingen. Het gaat om
uitkeringen en kredieten.
3
6
Bedrag € 500
eenmalige bedragen waarvan het niet duidelijk is of deze op langere termijn toereikend zullen zijn om de kosten daadwerkelijk te dekken. Daarnaast is nog niet duidelijk hoe het Rijk de gemaakte kosten gaat afrekenen. Dat geldt met name voor gemaakte kosten voor verstrekkingen en kredieten die niet (geheel) voldoen aan de rechtmatigheidseisen. Ook is nog niet helder hoe zal worden omgegaan met eventuele vorderingen die niet geïnd kunnen worden. Inkomensvoorziening (dubieuze
1
3
3
uitkeringsdebiteuren)
De voorziening dubieuze uitkeringsdebiteuren was
• Vanaf de begroting 2020 is een stijging van de incassoquote
niet voldoende op peil om in de debiteurenvordering
opgenomen als KPI.
te voorzien. De incassoquote lag lager dan de
• Inrichten sturingsproces op het incassoproces, mijlpaal
vordering onder aftrek van de voorziening. In 2020
inbouwen om de methodiek te herzien.
zijn er maatregelen genomen om de incassoquote
• Beoordelen impact van de gewijzigde BBZ-regelgeving op
te verbeteren.
€ 100
de voorziening. • Verminderen terugvorderingen door tijdige signalering. • Inzet op handhaving. * Afboeken oude vorderingen.
Armoede-voorzieningen
2
2
4
€ 45
Begin 2020 hebben de gemeenten nieuw beleid
• Monitoren gebruik voorzieningen.
vastgesteld. Hierin is geen volledige harmonisatie
• Aanpassen proces op verschillende regelgeving
bereikt. De beperkte harmonisatie levert een
per gemeente.
risico op voor de kwaliteit. Het karakter van een openeinderegeling levert een financieel risico op. Met name op de onderdelen bewindvoering. Totaal Individuele dienstverlening
(M 661, V 1.608, S 1.789)
€ 4.058
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
52
Weerstandsvermogen
De stand van de algemene reserve is als volgt:
Het financieel weerstandsvermogen van Stroomopwaarts is het vermogen om niet-structurele financiële risico’s op te vangen, zonder dat het uitvoeren van de taken in het gedrang komt. Het weerstandsvermogen is de relatie tussen de weerstandscapaciteit en de bekende risico’s. Dit zijn risico’s waarvoor niet afdoende stuur- en beheersmaatregelen kunnen worden getroffen of waarvoor geen voorzieningen bestaan. In de begroting is als beheersmaatregel ruimte opgenomen voor onvoorziene ontwikkelingen. Als zich risico’s voordoen, kan dit gevolgen hebben voor de financiën van Stroomopwaarts wanneer de post ‘onvoorzien’ al is benut. Er zijn (nog) geen reserves opgebouwd om de kosten voor risico’s te dekken. Naast de post ‘onvoorzien’, is er geen weerstandsvermogen beschikbaar. Voor het risico op dubieuze handels- en inkomensdebiteuren is een voorziening opgenomen. In de voorziening voor inkomensdebiteuren is een storting en een realisatie geraamd. Voor de handelsdebiteuren wordt de hoogte van de betreffende voorziening geraamd op basis van de uitkomsten van het incassobeleid. Door aanloopkosten in 2015 is een negatieve reserve ontstaan. In de jaren daarna is de reserve geleidelijk aangevuld. In 2020 is een positieve reservepositie ontstaan.
Algemene Reserve (bedragen x € 1.000)
Stand 2020
Stand per 1 januari
-1.132
Resultaat voorgaand boekjaar
211
Afrekening resultaat voorgaand boekjaar met gemeenten
-211
Begrote storting
3.717
Begrote onttrekking
-211
Opheffen Res. Transitie SOW
387 Stand per 31 december
2.761
Stroomopwaarts stelt alles in het werk om te voorkomen dat zich risico’s voordoen. De organisatie focust op beheersmaatregelen en zoekt naar oplossingen binnen de eigen begroting. Pas in laatste instantie wordt er een financieel beroep op de deelnemende gemeenten gedaan.
Financiële positie en kengetallen Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) schrijft voor dat een aantal kengetallen wordt gepresenteerd in de jaarstukken. Deze kengetallen geven, samen met de duiding die eraan gegeven wordt, inzicht in de financiële positie.
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
53
De kengetallen zijn niet bij uitstek geschikt om Stroomopwaarts als opstartende gemeenschappelijke regeling mee te beoordelen. Ze zijn meer geschikt om iets te zeggen over een organisatie met een historie van bezittingen en schulden. Hiervan is bij Stroomopwaarts nog geen sprake. Dit betekent dat scores grillig kunnen verlopen en met enige voorzichtigheid beschouwd moeten worden. Kengetal
Rekening
begroting
Rekening
2019
2020
2020
Netto schuldquote
0,51%
-1,41%
-2,18%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen
0,51%
-1,41%
-2,18%
Solvabiliteitsratio
-3,77%
21,52%
19,18%
Grondexploitatie
-
N.v.t.
-
0,99%
4,93%
195,99%
-
N.v.t.
-
Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit
Bij de start begon Stroomopwaarts met een negatief eigen vermogen. Daardoor moest in de eerste jaren geleend worden om in het verwachte exploitatietekort te voorzien (zie ook de paragraaf financiering). Daarnaast is de balans erg kort, omdat er nauwelijks bezittingen zijn. Dit verklaart het hoge en negatieve percentage van de solvabiliteitsratio in 2019. Dit negatieve percentage is logisch omdat eerst sprake was van een tekort. Met ingang van 2020 is er een overschot op de begroting. De financiële positie is eind 2020 verbeterd ten opzichte van eind 2019. Er zijn weinig bezittingen. Er is een positief eigen vermogen en er is sprake van korte schulden. In vergelijking met de begroting lijkt met name de solvabiliteit slechter. In de begroting zijn meerjarige maatwerken financieringsafspraken en subsidiebaten echter niet als incidenteel aangemerkt. Bij het opstellen van de jaarstukken was de notitie ‘structurele en incidentele baten en lasten’ van de Commissie BBV leidend. Deze schrijft voor dat dergelijke afspraken als incidenteel worden beschouwd. De gemeenten committeerden zich aan de continuïteit van Stroomopwaarts en dienen als vangnet.
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
54
Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen De paragraaf ‘Onderhoud kapitaalgoederen’ is kort, omdat er slechts op beperkte schaal sprake is van vaste activa. De vaste activa zijn opgenomen en toegelicht op de balans. Daarnaast zijn de afschrijvingslasten in de jaarrekening verwerkt. Het afschrijvingsbeleid is vastgelegd in bijlage 1 bij artikel 9 van de Financiële verordening Stroomopwaarts MVS 2018
Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
55
Paragraaf Financiering De paragraaf ‘Financiering’ bevat de verantwoording van activiteiten die vanwege de financierings- of treasuryfunctie zijn uitgevoerd. Dit is het geheel van activiteiten dat zich richt op het sturen en beheersen, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, geldstromen, posities en de hieraan verbonden risico’s. Samengevat In 2020 voerde de treasury in totaal twee geldmarkttransacties uit. Het betrof in beide gevallen korte leningen. In totaal is er in 2020 voor € 18 miljoen afgelost en voor € 13 miljoen aangetrokken voor de financiering van Stroomopwaarts. De rente was gemiddeld genomen negatief, waardoor er ongeveer € 13.500 aan rentebaten ontvangen zijn op de financiering. Bij het uitoefenen van de treasuryfunctie bleef Stroomopwaarts binnen de wettelijke kaders van renterisico en kasgeldlimiet.
Renterisico en kasgeldlimiet De Renterisiconorm bepaalt hoeveel Stroomopwaarts maximaal in een jaar aan aflossingen op langlopende leningen mag hebben. Deze norm is gesteld op 20 procent van de begrotingsomvang. Er zijn in 2020 geen langlopende leningen aangegaan of afgelost. De kasgeldnorm bepaalt hoeveel kasgeld (dat is kort geleend geld) Stroomopwaarts gemiddeld mag hebben geleend in een kwartaal, zoals vastgelegd in de wet. De norm is 8,2 procent van het begrotingstotaal. In het volgende schema zijn de normen opgenomen. Limiet
Kasgeld
Maximalisering
Overschrijding
limiet
financiering met
norm is toegestaan
kortlopende leningen
(maximaal twee
(tot één jaar)
achtereenvolgende
De rente was in 2020 aanhoudend laag. Voor kort geld was deze negatief. Dit leidde tot een klein positief resultaat, zoals eerder gemeld.
Door de geldstromen bij te houden en te werken met prognoses, is in 2020 tijdig voorzien in de liquiditeitsbehoefte van Stroomopwaarts. De liquiditeitsprognose op maandbasis wordt aan de daadwerkelijke geldstromen getoetst. De meerjarige liquiditeitenplanning vormt de basis voor de begroting.
Bijzonderheden
Norm in % van
Bedrag in
begrotings-
€ miljoen
totaal
Ontwikkelingen en rentevisie
Liquiditeitsrisico
Doellimiet
8,2%
12,3
20,0%
30,1
kwartalen) Renterisico
Beheersing renterisico
norm
bij (her)financieringen
Geen
(vanaf één jaar) door spreiding van de financieringsmomenten
Paragraaf Financiering
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
56
Stroomopwaarts bleef binnen deze wettelijke kaders, zoals blijkt uit onderstaande tabel: Overzicht kasgeldlimiet in 2020 per kwartaal (bedragen x € 1.000) Kwartaal
1
2
3
4
Bedrag kasgeldlimiet
12.300
12.300
12.300
12.300
Gebruik kasgeldlimiet
4.000
0
9.000
0
Ruimte onder- of overschrijding
8.300
12.300
3.300
12.300
(-) kasgeldlimiet
Paragraaf Financiering
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
57
Paragraaf Bedrijfsvoering Wat is er bereikt? Ambitie 2020 In 2020 was de bedrijfsvoering binnen Stroomopwaarts ingericht op de ambities van de organisatie. De organisatie wil beschikken over faciliteiten om haar opdracht goed te kunnen uitvoeren. De medewerkers zijn deskundig, gemotiveerd en enthousiast. Zij zijn trots op Stroomopwaarts en dragen dit uit aan opdrachtgevers, ondernemers en inwoners. De kwaliteit van
de dienstverlening is hoog en de manier van werken spreekt inwoners, opdrachtgevers, partners en het bedrijfsleven aan. In onderstaande tabel zijn de beoogde prestatiedoelstellingen van het programma opgenomen en is te zien in welke mate de doelstellingen zijn bereikt.
Prestatie
Indicatie
Stand van zaken
Het percentage bezwaarschriften dat gegrond wordt verklaard bedraagt maximaal:
5%
13,8%
Bij het KCC wordt een telefoongesprek direct afgehandeld.
80%
66%
Cliënttevredenheid onder klanten van de Participatiewet (gemeten door BMC).
7.3
7.4
Medewerkerstevredenheid: de werknemerstevredenheid ligt op of boven de
7.1
Voortgang
landelijke benchmark (BMC-benchmark). Tevredenheid onder ondernemers en/of inwoners over Stroomopwaarts.
7.9
Het ziekteverzuim van het ambtelijk personeel ligt maximaal op het landelijk
6%
gemiddelde voor vergelijkbare organisaties (Divosa 2017).
6,24%
* Ziekteverzuim op basis van gewogen gemiddelde.
Paragraaf Bedrijfsvoering
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
58
Wat is hiervoor gedaan? Kwaliteit Stroomopwaarts geeft in de begroting met twee KPI’s invulling aan het begrip kwaliteit: 1. Besluitvorming op inkomende bezwaarschriften (juistheid, juridisch); 2. Aantal inkomende telefoongesprekken worden direct afgehandeld. Bezwaarschriften We stellen vast dat het aantal gegronde besluiten en ambtelijke herziening nog verlaagd kunnen worden. Stroomopwaarts zal verder investeren in het verhogen van kennis en kunde van consulenten en het bewerkstelligen van het kwaliteitsniveau met een periodieke toets. Het team Kwaliteit zal het kwaliteitsbeeld meer robuust neerzetten bij de businessunits, inclusief advies en termijn. Op lange termijn zullen deze interventies positief van invloed zijn op de kwaliteit van de besluitvorming binnen het primaire proces. KCC In eerdere rapportages is in de voetnoot aangegeven dat de norm van 80% foutief berekend werd, omdat geen rekening werd gehouden met de terugbelverzoeken. De norm hoort 60% te zijn. Hoger is niet mogelijk omdat veel vragen over inkomensinhoudelijke kwesties gaan en persoonsgebonden zijn. De inkomensconsulenten moeten deze vragen beantwoorden. De drukte vanuit de Tozo-klanten nam in het vierde kwartaal af. Toch neemt de druk op het KCC toe en is capaciteit ingehuurd om het behalen van de kwaliteitsnorm dienstverlening te waarborgen.
Ziekteverzuim De COVID-19-crisis heeft effect op de verzuimcijfers in deze periode. Het is de vraag of de medewerker zich ziekmeldt als hij toch thuiszit. In 2020 is het ziekteverzuim 6,24 procent. Dat is lager dan in 2019 (8,42 procent). Deze daling is te verklaren doordat medewerkers thuis minder prikkels en werkdruk ervaren en er een betere balans is tussen werk en privé. Bovendien zijn er als gevolg van de COVID-19-maatregelen minder besmettingen met andere infectieziekten. Deze trend is landelijk te zien. De benchmarkgegevens uit voorgaande jaren laten dit niet zien. De arbodienst en team HRM hebben de indruk dat onder ambtenaren relatief veel psychisch verzuim voorkomt (zowel werk- als privégerelateerd). In iets mindere mate is ook sprake van sociale knelpunten, onder meer door zorgtaken. Deze zijn over het algemeen goed te beïnvloeden, maar leiden tot een langere verzuimduur. HRM Vanuit HRM is veel nieuw beleid geformuleerd gericht op echt contact met de medewerkers, een professionele sturing en strakker ziekteverzuimbeleid. We verwachten hiermee een kwaliteitsimpuls te kunnen geven. Deze is ook noodzakelijk om de werkdruk bij medewerkers weg te nemen. We hebben in het afgelopen jaar via de strategische personeelsplanning en opleiding goed in beeld kunnen brengen dat en waar we de kwaliteit kunnen verbeteren. Daarnaast hebben we sinds 1 januari een nieuwe ARBO dienst.
ICT projecten algemeen Zaaksysteem: Dit systeem wordt nu, binnen Stroomopwaarts, projectmatig ingeregeld. Naar verwachting vindt de oplevering in maart 2021 plaats. Inmiddels zijn de schuldhulpverleningsdossiers gescand en kunnen medewerkers volledig digitaal gaan werken. Voor Civision speelt mee dat Stroomopwaarts een mandaatorganisatie is. Daardoor kan niet met één koppeling gewerkt worden, maar is voor iedere gemeente een eigen koppeling nodig. Dit vraagt een aanpassing in Civision. Voorlopig is het wachten tot deze software-uitbreiding gereed is. Hierdoor loopt dit onderdeel vertraging op.
Paragraaf Bedrijfsvoering
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
59
Navision: Navision moet door de gemeente Vlaardingen (hosting) in beheer genomen worden. De hosting besteedt dit soort werk uit. Er kan echter geen geschikte partij gevonden worden. Nu wordt er gezocht naar de mogelijkheden om het beheer alsnog in de markt onder te brengen. Mogelijk moeten hiertoe nog enkele investeringen gedaan worden. Het CRM systeem is in mei 2020 volledig opgeleverd conform de wensen van het Werkgeversservicepunt van Stroomopwaarts. De leverancier van Navision kwam contractafspraken niet na en voerde benodigde herstelwerkzaamheden niet uit na beëindiging van het contract. Hiervoor claimen Stroomopwaarts en de hosting samen een bedrag van € 0,7 miljoen. I-pa: Om de bijzondere bijstand te kunnen digitaliseren hebben we gekozen om een deel van de inrichting zelf te doen. Applicatiebeheerders worden hiervoor opgeleid. Hierdoor kunnen we in de toekomst eenvoudiger inspelen op veranderingen. PSA In de zomer is er een nieuwe verzuimmodule in gebruik genomen. Deze sluit beter aan bij de wensen van Stroomopwaarts. Daarnaast loopt er inmiddels een onderzoek om de salarisadministratie van Stroomopwaarts en Vlaardingen uit elkaar te halen i.v.m. de complexiteit die dit met zich meebrengt. Daarnaast zal dit bij een ontvlechting van de hosting een onderwerp worden om zelfstandig met de bedrijfsvoering door te kunnen.
Mogelijk gaat dit gepaard met een behoorlijke investering. Tot op heden hebben we hiervoor geen indicatie.
Hosting Inmiddels hebben de ondernemingsraden een positief advies gegeven op het opheffen van de hosting en het overbrengen van de activiteiten en middelen naar Stroomopwaarts. De gemeente hebben een transitiemanager voor de hosting aangesteld welke het proces van de overgang begeleid. Ook het bestuurlijk proces wordt door de transitiemanager begeleid. Formatie Tabel Formatie en bezetting ambtelijk 31 december 2020 (in FTE) Afdeling
Formatie
Bezetting
Vacature
Over-
ruimte
bezetting
Directie
6,68
4,94
1,74
0,00
Instroom
133,60
126,95
12,27
-5,63
O&U
78,13
73,67
8,60
-4,14
Werkleerbedrijf
45,57
42,27
4,28
-0,98
Bedrijfsvoering
57,69
59,24
2,05
-3,59
321,67
307,07
28,94
-14,34
Stroomopwaarts
Tabel Bezetting SW 31 december (in FTE) Afdeling
2020
2019
O&U
157,51
182,34
Productie
312,21
314,84
Diensten
280,09
294,65
Algemeen
-
-
749,81
791,83
Stroomopwaarts
Paragraaf Bedrijfsvoering
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
60
Jaarrekening Overzicht van het gerealiseerd saldo van baten en lasten met toelichting
Programmarealisatie van baten en lasten
Analyse afwijkingen tussen begroting en rekening
Resultaat incidentele baten en lasten
Balans
Toelichting op de balans
Toelichting op de reserves en voorzieningen
SiSa-bijlage 2020
Baten en lasten per taakveld
Wet Normering Topinkomens
Balans met toelichting
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
61
Programmarealisatie van baten en lasten Programma
Primaire begroting 2020
(bedragen x 1.000)
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
Baten
Lasten
Saldo
GEREALISEERD SALDO VAN BATEN EN LASTEN Intake en preventie 287 Inkomensondersteuning 3.068 Ontwikkeling naar arbeid Ontwikkelwerkbedrijf 13.301 Dekkingsmiddelen 136.983 Overige onderwerpen 503
-6.746 -88.583 -7.952 -36.686 -10.458
-6.460 -85.515 -7.952 -23.385 136.983 -9.955
133 3.098 51 11.722 160.344 541
-7.652 -109.675 -7.492 -36.551 -11.467
-7.518 -106.577 -7.441 -24.829 160.344 -10.925
110 5.012 343 11.097 160.249 1.297
-7.586 -112.324 -7.541 -34.639 -21 -11.076
-7.476 -107.312 -7.197 -23.542 160.228 -9.779
154.143
-150.425
3.717
175.890
-172.837
3.053
178.108
-173.187
4.922
TOEVOEGINGEN EN ONTTREKKINGEN RESERVES Intake en preventie Inkomensondersteuning Ontwikkeling naar arbeid Ontwikkelwerkbedrijf Dekkingsmiddelen Overige onderwerpen -
-3.717 -
-3.717 -
116 211 337
-3.717 -
116 -3.507 337
116 211 162
-3.717 -
116 -3.507 162
-
-3.717
-3.717
664
-3.717
-3.053
489
-3.717
-3.229
287 3.068 13.301 136.983 503
-6.746 -88.583 -7.952 -36.686 -3.717 -10.458
-6.460 -85.515 -7.952 -23.385 133.266 -9.955
133 3.214 51 11.722 160.555 879
-7.652 -109.675 -7.492 -36.551 -3.717 -11.467
-7.518 -106.461 -7.441 -24.829 156.837 -10.588
110 5.128 343 11.097 160.460 1.460
-7.586 -110.115 -7.541 -34.639 -3.738 -11.076
-7.476 -107.196 -7.197 -23.542 156.721 -9.616
154.143
-154.143
0
176.554
-176.554
0
178.597
-176.904
1.693
Gerealiseerd saldo baten en lasten:
Mutaties reserves: RESULTAAT VAN BATEN EN LASTEN Intake en preventie Inkomensondersteuning Ontwikkeling naar arbeid Ontwikkelwerkbedrijf Dekkingsmiddelen Overige onderwerpen Gerealiseeerd resultaat:
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Begroting 2020 na BW#4
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
Rekening 2020
62
Analyse afwijkingen tussen begroting en rekening Op grond van artikel 25 van het Besluit Begroting en Verantwoording dient bij de programmarekening een analyse te worden opgenomen van de afwijkingen tussen de begroting na wijziging en de programmarekening. De rechtmatigheid van de uitgaven wordt getoetst aan de hand van de analyse van begrote en werkelijke lasten. Hierbij wordt op programmaniveau getoetst of de werkelijke lasten niet hoger waren dan de begrote lasten. Mocht er sprake zijn van hogere werkelijke lasten dan wordt per product geanalyseerd of er sprake is van een onrechtmatige uitgave. In de kadernota Rechtmatigheid legde de commissie BBV de visie hieromtrent vast.
De analyse is in het jaarverslag per programma opgenomen. In de jaarrekening wordt daarom volstaan met een verwijzing naar de programmaverantwoording in het jaarverslag. Per product is een nadere analyse vermeld. De begrotingsafwijkingen zijn beoordeeld op rechtmatigheid en opgenomen in onderstaande tabel. Er is geen sprake van administratieve onrechtmatigheid van de geconstateerde kostenoverschrijdingen.
Beoordeling kostenoverschrijding per programma
Onrechtmatig
Onrechtmatig
(bedragen x 1.000)
telt niet mee
telt mee
Kostenoverschrijding die passen binnen bestaand beleid, dat ten onrechte niet tijdig is geautoriseerd Kostenoverschrijding die grotendeels wordt gecompenseerd
Programma 1: Intake en Preventie
door directe opbrengsten
Programma 3: Ontwikkeling naar arbeid Programma 4: Werkleerbedrijf
49 -999
Programma Dekkingsmiddelen
Kostenoverschrijding openeindregeling
-66
21
Overige onderwerpen
-391
Programma 2: Inkomensondersteuning
2.648
Programma 4: Werkleerbedrijf
-913
Kostenoverschrijding gecompenseerd door extra inkomsten niet direct gerelateerd Kostenoverschrijding achteraf onrechtmatigheid Totaal
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
-350
0
63
Resultaat incidentele baten en lasten Bedragen in € 1.000 Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording dient bij de programmarekening een analyse te worden opgenomen van het resultaat incidentele baten en lasten. In 2018 publiceerde de Commissie BBV de notitie structurele en incidente baten en lasten. De jaarrekening is materieel in evenwicht. In de begroting 2020 inclusief begrotingswijzigingen, zijn op basis van besluiten, de volgende incidentele lasten en baten opgenomen: a. Het resultaat over 2019 is in 2020 bestemd en toegevoegd aan de Algemene Reserve. Met het oog op de doelstelling dat de Algemene Reserve in 2020 positief is, was de uitkering van de deelnemende gemeenten gelijk aan het resultaat. Deze is aan de Algemene Reserve onttrokken. b. Het inlopen van de Algemene Reserve blijkt ook uit de begrote toevoeging van € 3.717. c. Voor het opvangen van het stijgende aantal aanvragen, inlopen van achterstanden, vervanging langdurig zieke, verbeteren van kwaliteit en beperken van werkdruk is in 2020 incidenteel capaciteit beschikbaar gesteld vanuit de Algemene Reserve € 211 en de Reserve Transitie Stroomopwaarts: € 50. d. Voor de lasten van inzet op vakmanschap en harmonisatie van ICT was € 192 begroot als onttrekking aan de Reserve Transitie Stroomopwaarts. e. Voor maatwerkafspraken zijn zowel lasten als baten in de begroting verwerkt.
Enkele afspraken zijn meerjarig, maar worden als incidenteel beschouwd, omdat ze voor maximaal twee tot drie jaar gelden. f. Stroomopwaarts heeft subsidiebaten begroot voor Lage Inkomensvoordeel (LIV): € 475 en als ambitie € 100 om overige subsidiebaten te genereren.
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Daarnaast is de Compensatieregeling Transitie Vergoeding € 490 opgenomen. Realisatie De realisatie van punt a, b en c was in overeenstemming met de begroting. d. Het ICT-project zaaksysteem kent een langere doorlooptijd en is nog niet afgerond. Dit wordt in 2021 opgeleverd. e. Het maatwerk wordt afgerekend op basis van realisatie. De baten zijn € 29 hoger dan begroot door de inzet van een werkconsulent voor AMIF subsidie-project MVS. f. De overige subsidie bedraagt een subsidie voor Praktijkleren van € 40. g. In 2020 is een extra € 207 toegevoegd is aan de Nog te ontvangen ESF-subsidie 2017-2019. Uit het overzicht incidentele baten en lasten blijkt dat de incidentele lasten worden gedekt door structurele baten.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
64
Overzicht incidentele baten en lasten Stroomopwaarts Incidentele Baten
Begroot
Realisatie
Incidentele lasten
Begroot
Realisatie
Bedragen x € 1.000
2020
2020
Bedragen x € 1.000
2020
2020
Programma Intake en preventie Maatwerk
41
41
Programma Inkomensondersteuning Saldo t.g.v programma
-
28
Programma Ontwikkeling naar arbeid Maatwerk Subsidies SEN
89 25
29 296 17
876
876 5
Dekkingsmiddelen BTW compensatie 2015-2019 Subsidies
100
543 40
Overhead Maatwerk
38
38
1.170
1.913
Programma Intake en preventie Capaciteit Werkstap Programma Inkomensondersteuning Capaciteit
41
41
116
116
-
46
211
211
38 145 192
38 145 17
743
614
3.717
3.717
Programma Werken
Programma Werkleerbedrijf Subsidies Boekwinsten
Programma Werkleerbedrijf SVF Dekkingsmiddelen Deelnemersbijdrage (resultaat 2019) Overhead
Totaal Incidentele baten programma Mutatie reserves Programma Intake en preventie Programma Inkomensondersteuning Programma Werken Programma Participeren Programma Werkleerbedrijf Dekkingsmiddelen Overhead (Begrotings)saldo t.l.v. bestemmingsreserve
Maatwerk Capaciteit Harmonisatie ICT en opleidingen Totaal Incidentele lasten programma Mutaties reserves Programma Intake en preventie Programma Inkomensondersteuning Programma Werken Programma Participeren Programma Werkleerbedrijf Dekkingsmiddelen Overhead (Begrotings)saldo t.g.v. algemene reserve
116
116
211 95 242
211 95 67
Totaal Incidentele baten reserves
664
489
Totaal Incidentele lasten reserves
3.717
3.717
Totaal Incidentele baten
1.834
2.402
Totaal Incidentele lasten
4.460
4.331
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
65
Wet Normering Topinkomens Per 1 januari 2013 is de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) ingegaan. Deze verantwoording is gebaseerd op het algemene WNT-maximum. Het bezoldigingsmaximum in 2020 voor de gemeenschappelijk regeling Stroomopwaarts MVS is € 201.000. Het weergegeven individuele WNTmaximum is berekend naar rato van de omvang (en voor topfunctionarissen tevens de duur) van het dienstverband, waarbij voor de berekening de omvang van het dienstverband nooit groter kan zijn dan 1,0 fte.
Gegevens 2020 (bedragen x € 1)
D.J.N.M. Curfs
Functiegegevens
Directeur
Aanvang en einde functievervulling in 2020
01/01-31/12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1
Dienstbetrekking?
ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
145.352
Beloningen betaalbaar op termijn
20.971 Subtotaal
De leden van het Dagelijks Bestuur en Algemeen Bestuur ontvangen geen beloning.
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
166.324 201.000
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag
N.v.t.
Totale bezoldiging
166.324
Naam
Functie in 2020
S.B. Kuiper
AB en DB lid
Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
N.v.t.
A.F. de Leede
AB en DB lid (voorzitter AB en DB per 1 juli 2020)
Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
N.v.t.
D. Ruseler
AB en DB lid (vanaf 2020-09 vv M. Bregman)
Gegevens 2019 (bedragen x € 1)
M. Bregman
AB en DB lid (voorzitter AB en DB tot 1 juli 2020)
Functiegegevens
Directeur
Aanvang en einde functievervulling in 2019
01/01-31/12
B. Bikkers
AB lid
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1
C. Bronsveld
AB lid
Dienstbetrekking?
ja
F. Minas
AB lid
Bezoldiging
Bezoldiging topfunctionarissen Leidinggevende topfunctionarissen, gewezen topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling.
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
138.744
Beloningen betaalbaar op termijn
20.100 Subtotaal
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
194.000 Bezoldiging
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
158.845
158.845
66
Balans 2020 Balans Gemeenschappelijke regeling Stroomopwaarts MVS ACTIVA (bedragen x 1.000)
31-12-2020
31-12-2019
VASTE ACTIVA
PASSIVA (bedragen x 1.000)
31-12-2020
31-12-2019
VASTE PASSIVA
Materiële vaste activa
333
- Investeringen met economisch nut
333
277 277
Eigen vermogen - Algemene reserve
4.455
-467
2.375
-1.132
- Bestemmingsreserves
387
454
- Gerealiseerd resultaat
1.693
211
Voorzieningen - Voorzieningen voor verplichtingen en verliezen
-
-
en risico's Totaal vaste activa
333
277
87
69
VLOTTENDE ACTIVA
Totaal vaste passiva
4.455
-467
5.580
10.006
VLOTTENDE PASSIVA
Voorraden - Grond- en hulpstoffen
87
Uitzettingen met een rentetypische looptijd
looptijd korter dan 1 jaar
69 19.491
8.229
korter dan 1 jaar - Vorderingen op openbare lichamen
10.716
2.925
- Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een
2.631
820
- Overige schulden
- De van de Europese en Nederlandse
4.485
5.000
5.580
5.006 13.806
2.684
6.727
-
7.078
2.670
-
14
voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel
Liquide middelen (kas, banksaldi)
1.103
1.015
Overlopende activa
2.826
2.633
1.207
1.000
die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren. - Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgende begrotingsjaar
nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan
tot betaling komen, met uitzondering van
door voorfinanciering op uitkeringen met een
jaarlijks terugkerende arbeidskostengerelateerde
specifiek bestedingsdoel
verplichtingen van vergelijkbaar volume
- Overige nog te ontvangen bedragen en de
-
overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen 6.144
- De van Europese en Nederlandse overheidslichamen
- Overige kasgeldleningen
Overlopende passiva
rentetypische looptijd korter dan één jaar - Overige vorderingen
Netto vlottende schulden met een rentetypische
1.619
1.633
- Overige vooruitontvangen bedragen
vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen Totaal vlottende activa
23.507
11.946
Totaal vlottende passiva
19.385
12.690
TOTAAL-GENERAAL
23.840
12.223
TOTAAL-GENERAAL
23.840
12.223
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
67
Toelichting op de balans A. Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling
Balans
Inleiding De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen als zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend waren. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Een uitzondering hierop vormen voorzieningen of schulden vanwege jaarlijks terugkerende arbeidskosten of daaraan gerelateerde verplichtingen. Deze worden toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan doorlopende afspraken voor vakantiegeld en verlof.
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Vaste activa Materiële vaste activa met economisch nut In de Financiële verordening Stroomopwaarts MVS 2018 zijn regels voor waardering en afschrijving vastgelegd. De activa zijn gewaardeerd tegen de oorspronkelijke aanschafwaarde – de prijs om deze te verkrijgen of te vervaardigen bij de gemeenten Maassluis, Vlaardingen en Schiedam. Slijtende investeringen worden vanaf het jaar volgend op ingebruikneming lineair afgeschreven gedurende de verwachte gebruiksduur. Daarbij wordt rekening gehouden met een eventuele restwaarde. In artikel 9 van de Financiële verordening Stroomopwaarts MVS 2018 is het beleid over de waardering en afschrijving vaste activa beschreven. De afschrijvingsmethode is als bijlage 1 bij de verordening opgenomen en luidt als volgt: Afschrijvingsbeleid materiële vaste activa met economisch nut. De volgende materiële vaste activa worden lineair afgeschreven in: a. 40 jaar: (nieuwbouw) kantoren en bedrijfsgebouwen; b. 25 jaar: renovatie kantoren en bedrijfsgebouwen; c. 15 jaar: technische installaties in kantoren en bedrijfsgebouwen; d. 10 jaar: nieuwbouw tijdelijke kantoren en bedrijfsgebouwen; e. 10 jaar: veiligheidsvoorzieningen kantoren en bedrijfsgebouwen; f. 10 jaar: mechanische installaties en machines; g. 10 jaar: kantoormeubilair; h. 10 jaar: aanhangwagens en zware motorvoertuigen; i. 5 jaar: telefooninstallaties; j.
5 jaar: personenauto’s en lichte motorvoertuigen; k. 5 jaar: gereedschappen; l. 5 jaar: automatiseringsapparatuur; m. 5 jaar: software gemeentelijke applicaties;
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
68
n. 5 jaar: software kantoorautomatisering; o. Activa die niet onder a t/m n vallen worden afgeschreven op basis van technische levensduur. Vlottende activa Voorraden Voorraden grond- en hulpstoffen (magazijnvoorraden), halffabricaten, en voorraad gereed product worden niet gewaardeerd. Het betreft voorraad van de afnemer. Voorraden verbruiksartikelen worden gewaardeerd tegen verkrijgingprijs dan wel lagere marktwaarde. Incourante voorraden worden afgewaardeerd tegen verkrijgingsprijs of marktwaarde. De toegepaste regel op de voorraad verbruiksartikelen betreft FIFO (first in first out). Deze waardering is anders beschreven dan in voorgaande jaren. Bij de inrichting van het ERP is deze waardering verwerkt in de processen rond mutaties in verbruiksartikelen. Vorderingen De vorderingen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening voor dubieuze handelsdebiteuren wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. De voorziening voor dubieuze uitkeringsdebiteuren wordt dynamisch bepaald.
De bestemmingsreserve is in 2017 gevormd om de incidentele middelen specifiek beschikbaar te houden voor de transitie en capaciteit. De niet gebruikte incidentele middelen in het lopend kalenderjaar vloeien terug naar de bestemmingsreserve. De maximale doorlooptijd van deze reserve is 4 jaar. Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting of het voorzienbare verlies. De voorziening voor dubieuze debiteuren wordt aan de actiefzijde van de balans in mindering gebracht op de post Overige vorderingen. De voorziening voor de ToZo terugvorderingen is statisch bepaald. Er zijn geen ervaringscijfers over de mate waarin de terugvorderingen succesvol zijn, er is aansluiting gezocht bij de ervaringscijfers van de terugvorderingen op basis van de Participatiewet. De schatting is omgeven met een hogere mate van onzekerheid in vergelijking met de voorziening van terugvorderingen op basis van de Participatiewet. Vaste schuld Stroomopwaarts heeft geen vaste schuld. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarden.
Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Vaste passiva Algemene reserve De algemene reserve is in 2015 gevormd op basis van de begroting, waarmee een negatieve reserve is ontstaan. Met de gemeenten is afgesproken dat Stroomopwaarts de algemene reserve in maximaal 5 jaar na de start van de organisatie terugbrengt naar nul.
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
69
B. Toelichting per balanspost ACTIVA VASTE ACTIVA Materiële vaste activa De materiele vaste activa bestaan uit de volgende onderdelen: Balanswaarde
Balanswaarde
31.12.2020
31.12.2019
Investeringen met een economisch nut Totaal
333
277
333
277
Onderdelen en verloop van de boekwaarde van de overige investeringen met een economisch nut: Balanswaarde
Investering
Desinvestering
Afschrijvingen
31.12.2019
Duurzame
Balanswaarde
waardevermindering
31.12.2020
Vervoermiddelen
135
114
16
34
199
Machines, apparaten en installaties
112
40
39
20
93
Overige materiële vaste activa
30
17
-
6
41
277
171
55
60
Totaal
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
-
333
70
VLOTTENDE ACTIVA Voorraden De in de balans opgenomen voorraden worden uitgesplitst naar de volgende categorieën: Balanswaarde
Balanswaarde
31.12.2020
31.12.2019
Grond- en hulpstoffen
87
69
Onder handen werk
-
-
87
69
Totaal
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar De in de balans opgenomen uitzettingen met een looptijd minder dan 1 jaar kunnen als volgt gespecificeerd worden: Balanswaarde
Boekwaarde
Voorziening
Balanswaarde
31.12.2019
31.12.2020
oninbaarheid
31.12.2020
Vorderingen op openbare lichamen
2.925
10.716
n.v.t.
10.716
820
2.631
n.v.t.
2.631
Handelsdebiteuren
758
942
-1
941
Uitkeringsdebiteuren
3.678
15.875
-10.709
5.166
49
38
0
38
8.229
30.202
-10.710
19.491
Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overige vorderingen:
Overig Totaal
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
71
Voor het afdekken van de risico’s van uitzettingen met een looptijd korter dan 1 jaar, is een voorziening getroffen voor het afschrijven van dubieuze debiteuren. Balanswaarde
Toevoeging
Aanwending
Balanswaarde
31.12.2019 Voorziening dubieuze handelsdebiteuren Voorziening dubieuze inkomensdebiteurendebiteuren
31.12.2020 7
0
6
1
11.707
1.128
2.126
10.709
11.714
1.128
2.132
10.710
(verwerkt onder Overige vorderingen) Totaal
Deze voorzieningen worden in mindering gebracht op de waarde van de posten debiteuren onder de balanspost Overige vorderingen. Toelichting uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Artikel 52c in het BBV schrijft de vermelding van het drempelbedrag voor, waarboven de gemeente overtollige middelen bij de Rijksschatkist aanhoudt. Ook een overzicht met het gemiddelde banksaldo per kwartaal behoort tot de voorgeschreven onderwerpen in de jaarrekening. Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4
(bedragen x € 1.000) Op dagbasis buiten 's Rijks schatkist gehouden middelen Drempelbedrag
744
655
776
1.014
1.324
1.324
1.324
1.324
Ruimte onder drempelbedrag
580
669
548
310
Overschrijding van het drempelbedrag
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
Het drempelbedrag (0,75% van het begrotingstotaal) wordt als volgt berekend: € 176.554 miljoen x 0,75% = € 1.324.000 De drempel is in 2020 niet overschreden.
§ Paragrafen € Jaarrekening
Bijlagen
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 30 april 2021
72
Liquide middelen Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de volgende componenten: Balanswaarde
Balanswaarde
31.12.2020
31.12.2019
Kas
1
9
Bank
1.102
1.006
0
0
1.103
1.015
Kruisposten Totaal