CConstaterende datMaasgouw
Koppel je AI →
Document · PDF

152524-BIJLAGE 1 Rapport Toekomstperspectief Clausgebied e.o. (def.)

01. Raadsvergadering 9 juli 2024, gemeente MaasgouwBij agendapunt: Voorstel tot standpuntbepaling over het onderzoeksrapport Toekomstperspectief Clausgebied en omgeving33.612 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

De geleiders zijn bijna net zo dik en zwaar als de huidige geleiders. Het verzwaren van de geleiders MaasbrachtEindhoven is niet verbeeld op de kaarten van de voorkeursvariant van het ontwikkelperspectief. Hier is voor gekozen omdat het tracé en het type verbinding niet wijzigt, (verzwaring van de) geleiders is geen afzonderlijk legenda item. Links met informatie: TenneT website projecten Beter Benutten Maasbracht Eindhoven

56

3e en 4e circuit 380 kV verbinding Maasbracht – Eindhoven. Planning: >2033 (IP2024 TenneT) Naast het beter benutten van het bestaande netwerk is TenneT op dit moment aan het studeren om de verbinding EindhovenMaasbracht uit te breiden met een 3e en 4e circuit. Een circuit is een set van drie fasedraden die samen als een functionerend systeem elektriciteit transporteren. De aanleg van extra circuits, betekent extra masten en extra bovengrondse hoogspanningsverbindingen. De nieuwe Maasbracht-Eindhoven verbinding zal gecombineerd met óf de bestaande Maasbracht-Eindhoven óf de MaasbrachtBoxmeer 380 kV verbinding worden. Het is niet bekend welke van deze twee het wordt. Dit is afhankelijk van de rest van de loop van de nieuwe verbinding door de rest van het zoekgebied. Links met informatie: Investeringsplan Net op land 2022-2031 Maasbracht-Graetheide: Ombouwen 150 kV naar 380 kV Planning: de komende 10 jaar Door de huidige capaciteitsknelpunten op het elektriciteitsnetwerk wordt het 150 kV- netwerk in drie deelnetten opgeknipt. Dit zogenaamde opknippen zorgt ervoor dat er meer capaciteit aanwezig is op het netwerk. Om dit mogelijk te maken wordt een nieuw 380 kV station in Graetheide gebouwd en wordt de 150 kV verbinding tussen Maasbracht en Graetheide hersteld naar 380 kV.

De 150 kV verbinding tussen Maasbracht en Graetheide is aangelegd met de mogelijkheid tot verzwaring naar 380 kV. Maasbracht- Graetheide: Nieuwe verbinding 380 kV Planning: geplande inbedrijfname > 2033 Naast de ombouw van 150 kV naar 380 kV worden verkenningen uitgevoerd naar een 3e en 4e circuit tussen Maasbracht en Graetheide. TenneT verwacht dat de ombouw van 150 kV naar 380 kV niet voldoende is om de stabiliteit

van het netwerk in de toekomst te garanderen, waardoor extra circuits op termijn nodig zouden zijn.

C. Aanlanding wind op zee VAWOZ Converter: aanlanding wind op zee VAWOZ Planning: tussen 2030-2040

B. Ondergrondse buisleidingen Delta Rhine corridor Planning: In gebruikname in 2029

Binnen de Verkenning aanlanding wind op zee 2031- 2040 (VAWOZ) wordt onderzocht hoe de energie van, nog te bouwen, windparken op zee het beste aan land kan worden gebracht. Maasbracht is in beeld als een van de mogelijke aanlandlocaties. Na 2030 zal de elektriciteitsproductie door wind op zee flink toenemen. Nederland heeft de ambitie om het vermogen van wind op zee te laten doorgroeien naar ongeveer 70 GW in 2050. Voor 2030 is 21 GW gepland. Op een gegeven moment is de grootste vraag vanuit de industrieclusters langs de kust voorzien. Daarom worden de diepe aanlandingen via gelijkstroomverbindingen, zoals naar Maasbracht onderzocht. Een gelijksstroomverbinding naar Maasbracht is zowel efficiënt vanuit het perspectief van ruimte als vanuit het energiesysteem. Deze diepe aanlanding is belangrijk voor elektrificatie van de industrie in Chemelot. Deze gelijkstroomverbinding kan (via interconnectie) bijdragen aan de verduurzaming van Duitsland en België. Een ondergrondse gelijkstroomverbinding voorkomt knelpunten op de hoogspanningsinfrastructuur, doordat de geproduceerde elektriciteit niet eerst door heel het land over het reguliere (wisselspannings-) hoogspanningsnet getransporteerd hoeft te worden. Een diepe aanlanding naar Maasbracht is daarom een voorkeursoplossing.

Een diepe aanlanding in de omgeving van Maasbracht en Chemelot betekent aanvullende ruimtevraag voor stations, converters en flexibiliteitvoorzieningen als batterijen en elektrolysers. Het is op dit moment nog onbekend hoeveel GW in Maasbracht wordt aangeland. Op dit moment wordt gesproken over 2 GWh en 4 GW. Een converter van 2 GW heeft een ruimtebeslag van 5,5 hectare.

De Delta Rhine Corridor (DRC) is een initiatief van meerdere internationale bedrijven om gelijktijdig meerdere ondergrondse buisleidingen en gelijkstroomverbindingen aan te leggen. De DRC zal lopen van Rotterdam, via Moerdijk en Chemelot in Geleen. Het tracé is gepland in de nabijheid van Maasbracht met een geplande aftakking richting de Clauscentrale. Voor de locatie van deze aftakking loopt zijn twee verbindingen in beeld. De buisleidingen voor waterstof, CO₂, ammoniak en kabels voor gelijkstroom worden meegenomen in een gemeenschappelijke ruimtelijke procedure (de Rijkscoördinatieregeling). In de kamerbrief van oktober 2023 is beschreven dat de investeringsbeslissing voor de DRC wordt genomen voor 2026. De ambitie voor ingebruikname van de DRC is op moment van schrijven 2029. Links met informatie: Gasunie projecten Delta Rhine Corridor Kamerbrief 5 okt 2023, Delta Rhine Corridor Programma Energiehoofdstructuur Waterstofbackbone Planning: beschikbaar vóór 2030. Gasunie gaat door middel van het nationale waterstofnetwerk alle industriële clusters met elkaar verbinden, met waterstofopslag, productielocaties en het buitenland. Dit netwerk wordt voornamelijk gerealiseerd met bestaande gasleidingen.

In het Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie en Klimaat (MIEK) wordt ervan uitgegaan dat het bestaande tracé beschikbaar wordt gemaakt voor waterstof voor 2030 (MIEK overzichtprogramma 2022). Tussen Susteren en Chemelot wordt een nieuw tracé aangelegd.

Elektrolyser Planning: tussen 2030-2050

Links met informatie: Miek overzicht 2022

Waterstof wordt gezien als een belangrijke energiedrager voor het energiesysteem van

Links met informatie: Programma Energiehoofdstructuur

57

2050 en voor een duurzame industrie. Een elektrolyser zet elektriciteit om in waterstof. Het heeft de voorkeur om grootschalige elektrolyse (>100MWe) te plaatsen nabij voldoende aanbod van elektriciteit zoals bij (diepe) aanlandlocaties van wind op zee. Dit om de afstand van transport van elektriciteit ten behoeve van elektrolysers te minimaliseren. Voor VAWOZ wordt uitgegaan van een 1GW elektrolyser met een ruimteclaim van ca. 10 hectare in Maasbracht. D. Opslag Batterijen Voor het stabiliseren van het energiesysteem zijn batterijen in opkomst. Wanneer er veel aanbod is van hernieuwbare elektriciteitsbronnen, maar weinig vraag kunnen batterijen worden ingezet om deze elektriciteit kortstondig op te slaan. TenneT verwacht dat Limburg in 2030 een behoefte van 200-1000 MW voor batterijopslag heeft. De Integrale Infrastructuurverkenning van de netbeheerders verwacht voor 2050 een flinke groei van batterijopslag in Nederland ten opzichte van 2030. Links met informatie: Kaart Provincies batterijen op het hoogspanningsnet 2030

58

Afbeelding 31. Luchtfoto Clauscentraleterrein (Bron: Provincie Limburg)

59

BIJLAGEN

60

Afbeelding 32. Foto Stuw Linne (Bron: Provincie Limburg)

61

Bijlage 1 Beleidsdocumenten Omgevingsvisie Provincie Limburg Link Omgevingsvisie Gemeente Maasgouw Link RES Noord- en Midden Limburg Link Concept Notitie Reikwijdte en Detailniveau Programma VAWOZ 2031-2040. Link Kamerbrief voortgang DRC 2023 Link MIEK overzichtprogramma 2022 Link Nationaal Plan Energiesysteem Link Programma Energiehoofdstructuur- maart 2024 Link

62

63

Bijlage 2 Ontwikkelrichtingen De in deze bijlage opgenomen drie ontwikkelrichtingen zijn enkel opgenomen als illustratie van het doorlopen proces dat gevolgd is voor de totstandkoming van het toekomstperspectief. Dit zonder hiermee reeds een feitelijke en vanuit de fysieke omgeving aanvaardbare en onderbouwde koppeling van de functies aan concrete locaties te hebben willen presenteren. De navolgende ontwikkelrichtingen, de bijbehorende toelichting en de kaartbeelden zijn daarmee komen te vervallen en zijn vervangen door de toelichting en eveneens illustratieve kaartbeelden van het Toekomstperspectief dat in het eerste deel van dit rapport is opgenomen!

Ontwikkelrichting A: Onafhankelijke werelden De titel van ontwikkelrichting A gaat over de ontwikkeling van de Clauscentrale onafhankelijk van de grote nationale systemen. De regie blijft lokaal, feitelijk lijkt de situatie uit dit ontwikkelpad het meeste op de huidige situatie. Kenmerken energie ontwikkelingen A Dit ontwikkelpad anticipeert slechts beperkt op de ontwikkelingen en behoefte die er ligt voor de energietransitie en voldoet niet als eindbeeld aan alle doelstellingen. Wel voldoet het aan de basis eisen: de centrale kan klimaatneutraal worden door CO₂ af te vangen, dat wordt afgevoerd wordt opgeslagen elders (toch via een CO₂ buisleiding naar CC, of via schepen) of – idealiter – benut, bijvoorbeeld door Chemelot, die een CO₂ behoefte heeft in de productieprocessen. In het uiterste geval zal saldering worden toegepast, door elders meer CO₂ af te vangen en dit te verrekenen met de uitstoot van de Claus. De Centrale kan overstappen op biogas, of blijft op aardgas draaien, en blijft als piekcentrale in gebruik. Daarmee geeft het invulling aan de energiebehoefte op de moment dat er minder zon of wind is in de omgeving.

64

Om een wat grotere bijdrage te leveren aan de balancering van het regionale stroomnet, dat met de ontwikkeling van duurzame energie steeds belangrijker zal worden is een grote (enkele hectares) batterij, die op het RWE terrein geplaatst kan worden. In dit ontwikkelpad is wel uitgegaan van zon op land, dit geeft invulling aan de decentrale energie opwek, en benut de gebieden die in de RES NML (regionale energie strategieën Noord en Midden Limburg zijn aangewezen). Ook op het RWE terrein komen zonnepanelen op het laaggelegen land en deels op het water. Kenmerken omgevingmaatregelen A Hier is (fysieke) ruimte voor andere functies zoals natuur voor omdat de claims (ruimte en milieu) van de energiemaatregelen beperkt blijft. In het ontwikkelpad wordt nu vooral ingezet op de grote blauwgroene verbindingen, zoals de nu al zeer waardevolle Vlootbeek, die mogelijk wat meer ruimte kan krijgen en ook via nieuwe blauwgroene structuren rondom de Claus verbonden wordt richting de Maas. Het mozaïeklandschap dat van oudsher de karakteristiek van het gebied bepaalde zou waar mogelijk versterkt kunnen worden, dit uit zich in relatief kleine lapjes grond voor verschillende soorten akkerbouw, boomgaarden, toegankelijk groen en zonnevelden. Hiertussen liggen hagen en sloten.

De beplanting kan divers zijn, wel zal altijd rekening gehouden moeten worden met de eisen die aan de beplanting worden gesteld onder bovengrondse hoogspanningsverbindingen (geen bomen). Ook kunnen de recreatieve routes worden versterkt en meer aansluiting op de diverse cultuurhistorische en archeologische waardevolle sites in de omgeving (dit is los te zien van de energiemaatregelen). Om de aansluiting van m.n. de centrale op de A2 te verbeteren is een nieuwe oprit naar de A2 geschetst, iets noordelijker dan de huidige.

oonnaaffhhaannkkeelliijjkkeew weerreellddeenn ENERGIE ENERGIE • De • De Clauscentrale Clauscentrale is iseen een piekcentrale piekcentrale die die d.m.v. verbranden van d.m.v.het het verbranden vangroen groengas gas elektriciteit maakt. balanceert elektriciteit maakt.DeDecentrale centrale balanceerthet het regionale regionaleenergiesysteem. energiesysteem.

• De • De RES RESzoekgebieden zoekgebieden opophet hetterrein terreinvan vandede Clauscentrale Clauscentrale enenhet het gebied gebied tussen tussen Brachterbeek enendedeA73 Brachterbeek A73kunnen kunnenworden worden gebruikt voor plaatsen gebruikt voorhet het plaatsenvan vanzonnepanelen: zonnepanelen: • Bij gaat ditditover • BijdedeClauscentrale Clauscentrale gaat overzowel zowelom om zon zon zonopopwater wateralsals zonopopland land

• Bij • Bijhet hetgebied gebied tussen tussenBrachterbeek Brachterbeek enenA73 A73 gaat gaat het hetom omeen eencombinatie combinatievan vanlandbouw landbouw enenzonnepanelen, zonnepanelen,passend passendininhet het landschap. landschap. • Op terrein • Ophet het terreinwordt wordteen eenbatterij batterijgeplaatst geplaatst om omhet hetregionale regionaleelektriciteitsnetwerk elektriciteitsnetwerk tete balanceren. balanceren. • IndiendedeDelta-Rhine Delta-RhineCorridor Corridor gerealiseerd • Indien gerealiseerd wordtzalzaldedeCOCO vrijkomt vrijkomtbijbijhet het wordt 2 die 2 die verbranden van groene verbranden vanhet het groenegas gasworden worden afgevangen; afgevangen; dedeverbinding verbindingnaar naardeze deze corridor corridor kan kanworden wordengerealiseerd gerealiseerd langs langsbestaande bestaande traces. van traces.Zonder Zonderrealisatie realisatie vandedeDelta-Rhine Delta-Rhine corridor corridorzalzalander andertransport transportofofsaldering saldering worden wordentoegepast. toegepast.

Ontwikkelrichting A Onafhankelijke werelden

OMGEVING OMGEVING • Energiefuncties • Energiefuncties worden wordengeclusterd geclusterdopophet het terrein, terrein,extra extra ruimtebeslag ruimtebeslagdaarbuiten daarbuitenblijft blijft beperkt beperkt • Doordatdedeactiviteiten activiteitenvan vandedeClauscentrale Clauscentrale niet • Doordat niet toenemenkan kandedemilieucontour milieucontour gelijkblijven blijvenofof toenemen gelijk zelfs wordenverkleind. verkleind. zelfs worden • De regionalegroengroen-enenrecreatiestructuren recreatiestructuren • De regionale wordenversterkt, versterkt,zodat zodatinwoners inwonersvan van worden Maasbracht,Brachterbeek Brachterbeek Linnemakkelijker makkelijker Maasbracht, enenLinne een‘ommetje’ ‘ommetje’kunnen kunnenwandelen. wandelen. een

• De • De groenverbindingen groenverbindingen van vandedeVlootbeek Vlootbeek richting richting dedeMaas Maaswordt wordtversterkt versterkt • Waterplas • WaterplasdedeMolengriend Molengriend wordt wordttoegankelijker toegankelijker voorrecreatie recreatiegemaakt. gemaakt. voor • Het mozaïeklandschap weerd kasteel • Het mozaïeklandschap bijbijdedeweerd enenkasteel Ravensbergwordt wordthersteld, hersteld,om omdedebiodiversiteit biodiversiteit Ravensberg ininditditgebied teteverbeteren enendede gebied verbeteren aantrekkelijkheidvan vanhet het landschaptete aantrekkelijkheid landschap vergroten. vergroten. • (Halve aansluiting verbindingsweg om • (Halve aansluiting A2A2+)+)verbindingsweg om centrale centrale bereikbaar bereikbaartetehouden houdenenenoverlast overlast tegen tegen tetegaan gaan

VE RV AL

LE

N

Afbeelding 34. Ontwikkelingrichting A knooppunt

Ontwikkelrichting A Onafhankelijke werelden

Afbeelding 33. Ontwikkelingrichting A knooppunt zoom-in

65

Ontwikkelrichting B: Knooppunt van stromen Het knooppunt van stromen slaat op de functie die het gebied inneemt in het energienetwerk, maar ook de accentuering van de Maas als voorkant en de hieruit gevormde hoogteverschillen. De energieactiviteiten worden zoveel mogelijk geconcentreerd op het terrein van RWE. Kenmerken energie ontwikkelingen B In ontwikkelpad B behoudt de centrale zijn functie als piekcentrale, maar stapt wel over op waterstof als brandstof. De centrale maakt d.m.v. het verbranden van waterstof elektriciteit. Daarvoor is de centrale aangesloten op de waterstofbackbone (evt. via de Delta Rhine Corridor, DRC), maar tijdelijk kan ook een oplossing in toevoer van waterstof bijvoorbeeld via het water een oplossing bieden.

Ook wordt het contrast tussen het watervoerend regime, de laaggelegen delen aan de Maas en het hogere het ‘waterveilige’-deel geaccentueerd. Aan de rand van de steilrand is dit goed zichtbaar, met de beschutting van bebouwing en hogere bos beplanting in de rug en het weidse open landschap van de Maas en de Maasplassen voor. Dit kan bijvoorbeeld in de te hanteren beplanting nog extra worden versterkt en voorzien van enkele uitzichtpunten. Om de aansluiting van met name de centrale op de A2 te verbeteren is een nieuwe onderdoorgang onder de A2 geschetst ter hoogte van de huidige Ohestraat die aansluit op de Haverkamp en tussen de bedrijven van het Hazenspoor naar de afrit. De oprit blijft gelijk aan de huidige.

In dit scenario wordt op termijn ook al uitgegaan van VAWOZ, de aanlanding van Wind op Zee, waarschijnlijk ook via het tracé van de DRC, en de aantakking vanaf dit tracé naar de omgeving van de Clauscentrale. De gelijkstroom die hier aankomt zal moeten worden omgezet naar wisselstroom voor het (hoogspannings-) net, dit gebeurt via een converter. Voor deze convertor zal een geschikte locatie moeten worden gevonden in het zoekgebied met een straal van 6 kilometer rondom het 380 kV station Maasbracht. Hier is nog geen locatie voor ingetekend op de kaarten van ontwikkelrichting B, maar er zijn meerdere opties denkbaar, vooral rondom de A73. Kenmerken omgevingmaatregelen B De Maas wordt benadrukt in de oriëntatie van het gebied. Dit is vooral zichtbaar in de recreatieve routes die grotendeels nu ook aanwezig zijn , maar die meer aandacht krijgen, voldoende onderhoud en kwaliteit en de impuls die het waterfront van Maasbracht kan krijgen. Een herstructurering van de bedrijvigheid kan hier op termijn plaats voor maken. Tegelijkertijd kan op het Clausterrein bij de kades/ havenkommen ruimte voor watergebonden bedrijvigheid ontstaan. In dit rivierbed zal eventuele bebouwing op pootjes staan.

66

Afbeelding 35. Ontwikkelingrichting B knooppunt

vvaannssttrroom meenn ENERGIE ENERGIE • Op • Ophet het terrein terreinvan vandedeClausscentrale Clausscentrale is is een een waterstof DitDit is is waterstofenergiecentrale energiecentraleaanwezig. aanwezig. een DeDelocatie van eenpiekcentrale. piekcentrale. locatie vandede Clauscentrale is iseen knooppunt ininhet Clauscentrale een knooppunt het (inter)nationale energiesysteem. (inter)nationale energiesysteem.

OMGEVING OMGEVING

• De • De lineaire lineairecontrasten contrastenworden wordenversterkt. versterkt. DeDe Maasis is eenopen openblauw-groene blauw-groenestructuur. structuur.DeDe Maas een hogergelegen gelegen delenzijn zijnmeer meergesloten geslotenmet met hoger delen groenenenbebouwing. bebouwing.DeDeterrasranden terrasranden worden groen worden geaccentueerdmet metopgaand opgaandgroen. groen. geaccentueerd

• Via Corridor • ViadedeDelta-Rhine Delta-Rhine Corridorkomt komt gelijkstroom van wind zee gelijkstroomafkomstig afkomstig van windopop zee (WOZ) terrein (WOZ)aan aanopophet het terreinvan vandede Clausscentrale. DeDe gelijkstroom Clausscentrale. gelijkstroomwordt wordt omgezet omgezetininwisselstroom wisselstroomenengedistribueerd gedistribueerd naar TenneT naarhet het TenneTstation. station.

• Het waterfrontvan vanMaasbracht Maasbrachtkan kanworden worden • Het waterfront versterkt. Hierbijis is ookaandacht aandachtvoor voordede versterkt. Hierbij ook cultuurhistorischewaarden. waarden. cultuurhistorische • Ophet het Clausterrein terreinkan kanbijbijdedekades/ kades/ • Op Claus havenkommenruimte ruimte voorwatergebonden watergebonden havenkommen voor bedrijvigheid bedrijvigheidterrein terreinontstaan. ontstaan.InInditditrivierbed rivierbed zalzaleventuele eventuele bebouwing bebouwing opop pootjes pootjesstaan staan

• De restwarmte • De restwarmtedie dievrijkomt vrijkomtbijbijdede waterstofcentrale voor het waterstofcentralewordt wordtingezet ingezet voor het verwarmen enenbedrijven inin verwarmenvan vanwoningen woningen bedrijven dededirecte directeomgeving omgevingviaviaeen eenwarmtenet. warmtenet.

• Nieuweonderdoorgang onderdoorgang t.h.v.centrale, centrale, • Nieuwe A2A2t.h.v. aansluitingopopHaverkamp Haverkamp aansluiting

• Het • Het gebied gebied tussen tussenBrachterbeek Brachterbeek enendedeA73 A73 wordt wordtingezet ingezet voor voorhet het plaatsen plaatsenvan van zonnepanelen aan zonnepanelenom omzozobijbijtetedragen dragen aandede regionaleRES RESdoelstellingen. doelstellingen. regionale

• De • De energieactiviteiten energieactiviteitenworden wordenzoveel zoveel mogelijk mogelijkgeconcentreerd geconcentreerdopophet het terrein terreinvan van RWE RWE

Ontwikkelrichting B Knooppunt van stromen

VE RV AL

LE

N

• Waterstofhub(is(is onafhankelijkvan vanwaterstof waterstof • Waterstofhub onafhankelijk Claus) Claus)

Afbeelding 36. Ontwikkelingrichting B knooppunt zoom-in

67

Ontwikkelrichting C: Nationale energie hub Ontwikkelrichting C richt zich op de benutting en versterking van de hubfunctie die het gebied heeft voor energie opwekking en transport in de (internationale) regio. Dit wordt niet verhuld, het landschap reageert hierop als ‘energielandschap’ en de aantrekkende werking voor bedrijvigheid is in de beelden geschetst. Kenmerken energie ontwikkelingen C In deze richting draait de Clauscentrale ook op waterstof (net als bij B), maar als basesloadcentrale (die ook kan functioneren als piekcentrale door vermogen te laten fluctueren). Ontwikkelrichting C gaat uit van aanlanding van 2 GW windenergie aangesloten met een converter en een elektrolyser. De elektrolyser kan vooralsnog een plek krijgen op het RWE terrein en maakt van de gelijkstroom van VAWOZ waterstof. De geproduceerde waterstof kan deels benut worden in de centrale en mogelijk in de clean energy hub (waterstof tankstation voor boten), maar het grootste deel zal via een waterstofbuisleiding terug stromen naar het waterstof netwerk om elders te worden benut of opgeslagen. Hoe groot de aanlanding van VAWOZ is (1 HVDC verbinding - gelijkstroom verbinding - van 2GW of 2 HVDC verbindingen van 4GW tezamen) is niet meegenomen in dit onderzoek. Hoe dan ook is in deze energiehub een grotere rol weggelegd voor de interconnectoren naar België en Duitsland.

Net als bij ontwikkelrichting B zal voor converter zal een geschikte locatie moeten worden gevonden in de omgeving van de Delta Rhine Corridor en aantakking op het huidige 380kV station Maasbracht. Het ligt niet voor de hand om dit op het RWE terrein te doen, niet alles past hier, en de relatie tussen deze twee elementen ligt niet zo voor de hand (RWE zal geen betrokkenheid hebben bij de converter). Hier is nog geen locatie voor ingetekend op de kaarten van ontwikkelrichting B, maar er zijn meerdere opties denkbaar, vooral rondom de A73. Uitgangpunt is dat er een energiecluster (H2) is op het RWE terrein van

68

de Clauscentrale, het cluster van TenneT met de 380 en 150 kV station en een derde (evt. in de buurt van het TenneT cluster) voor de converter.

Kenmerken omgevingmaatregelen C Landschap en natuur versterken elkaar: de groenstructuren volgen de bovengrondse hoogspanningsverbindingen waardoor de lijnen nog duidelijker zichtbaar zijn in het landschap. Linnerweerd blijft behouden en wordt ontwikkeld als de groene huiskamer van Maasgouw, waar mensen rust vinden en elkaar kunnen ontmoeten. De nieuwe energie-elementen zorgen ook voor nieuwe bedrijvigheid. Dat is mogelijk in het Brachterveld. De bedrijven hebben zonnepanelen op het dak. Door de economische aantrekkingskracht van het gebied komen er ook meer mensen wonen. Maasbracht breidt uit aan de zuid kant tot de bovengrondse hoogspanningsverbindingen. De ontsluiting wordt verbeterd door een nieuwe onderdoorgang onder de A2 met een alternatieve route richting de Clauscentrale waardoor verkeer vanaf de A2 niet meer gebruikt maakt van de Voortstraat. Daarnaast wordt er ook een nieuwe oprit richting de A73 gerealiseerd waardoor ook verkeer naar het zuiden een alternatieve route neemt die niet meer door het hart van Brachterbeek loopt.

Afbeelding 37. Ontwikkelingrichting C knooppunt

nnaattiioonnaalleeeenneerrggiieehhuubb ENERGIE ENERGIE

• De • De Clauscentrale Clauscentrale is iseen eenbaseload baseloadcentrale centrale die diedraait draaitopopwaterstof waterstofdie dieook ookkan kan functioneren DeDe centrale functionerenalsalspiekcentrale. piekcentrale. centrale maakt verbranden van maaktd.m.v. d.m.v.het het verbranden vanwaterstof waterstof elektriciteit. piekcentrale draagt bijbijaan elektriciteit.DeDe piekcentrale draagt aan het hetbalanceren balancerenvan vanhet hetnationale nationale energiesysteem. energiesysteem.

OMGEVING OMGEVING • Het • Het gebied gebied wordt wordtingericht ingericht alsalscontrastrijk contrastrijk energielandschap, hetnetwerk netwerk wordtvertaald vertaald energielandschap, het wordt sterkeopen openstructuren structurenwelke welkeworden worden inintottotsterke begrensdmet met dichtegroenstructuren groenstructuren(bos (bos begrensd dichte etc.). etc.). • De milieucontouren nementoe, toe, dooreen een • De milieucontouren nemen door toenamevan vanactiviteiten activiteitenopophet het terreinvan vandede toename terrein Clausscentrale. Clausscentrale.

• Via • ViadedeDelta-Rhine Delta-Rhine Corridor Corridorkomt komt gelijkstroom gelijkstroomafkomstig afkomstigvan vanWOZ WOZaan aanopop het van DeDe hetterrein terrein vandedeClausscentrale. Clausscentrale. gelijkstroom inin gelijkstroomwordt wordtomgezet omgezet wisselstroom naar wisselstroomenengedistribueerd gedistribueerd naarhet het TenneT TenneTstation. station.

• De groenzonetussen tussenBrachterbeek Brachterbeek • De groenzone enendede Clauscentrale wordtversterkt. versterkt. Vlootbeek Clauscentrale wordt DeDe Vlootbeek wordt wordteen eensterkere sterkereverbinding verbindingvanaf vanafdedeMaas Maas richting richtingMontfort. Montfort.

• Wanneer • Wanneer het hetelektriciteitsnet elektriciteitsnet volvol zit,zit,wordt wordt dedestroom stroomafkomstig afkomstigvan vanWOZ WOZomgezet omgezet naar waterstof. waterstof naar waterstof.Deze Deze waterstofkomt komtviavia dedebackbone ininhet backbone hetnationale nationale waterstofnetwerk terecht. waterstofnetwerk terecht.

• De Linneweerdwordt wordtbeschermd beschermdzich zichalsalseen een • De Linneweerd GroeneParel, Parel, waarinwoners inwonersvan vanMaasbracht, Maasbracht, Groene waar Brachterbeek Linneeen eenrondje rondjekunnen kunnen Brachterbeek enenLinne wandelen. wandelen.

• De restwarmte • De restwarmtedie dievrijkomt vrijkomtbijbijdede elektrolyse enenbijbijdede productie elektrolyse productievan van elektriciteit kan voor het elektriciteit kanworden wordeningezet ingezet voor het verwarmen inin verwarmenvan vanwoningen woningenenenbedrijven bedrijven dededirecte warmtenet directeomgeving omgevingviaviaeen een warmtenet indien behoefte indienhier hiereen een behoeftewordt wordt gegenereerd. gegenereerd.

• Het • Het terrein terreintussen tussenBrachterbeek Brachterbeek enendedeA73 A73kan kan t.z.t.doorontwikkelen doorontwikkelentottot(grootschalig) (grootschalig) t.z.t. bedrijventerrein(met (met zonopopdak). dak). bedrijventerrein zon

Ontwikkelrichting C Nationale energie hub

• Nieuweonderdoorgang onderdoorgang t.h.v.centrale, centrale, • Nieuwe A2A2t.h.v. aansluitingopopHaverkamp Haverkamp nieuweoostelijke oostelijke aansluiting enennieuwe toerit toerit

• De • De waterstofbackbone waterstofbackbonewordt wordtook ookgebruikt gebruikt om van omdedepiekcentrale piekcentrale vanwaterstof waterstoftete voorzien. voorzien.

VE RV AL

LE

N

• AansluitingSint Sint Joostt.z.t. t.z.t.belangrijk belangrijkvoor voor • Aansluiting Joost verdere ontwikkeling verdere ontwikkeling

Afbeelding 38. Ontwikkelingrichting C knooppunt zoom-in

69

Bijlage 3 Participatie- en communicatieaanpak Door EMMA Aanpak

Met communicatie en participatie bouwen we aan betrokkenheid bij en vertrouwen in de toekomstvisie voor de Clauscentrale. Dit hebben we gedaan door omwonenden en stakeholders actief te betrekken bij het onderzoek. We hebben zorgen, ideeën en wensen opgehaald en zo in kaart gebracht wat er speelt in de omgeving. Dit hebben we gedaan door inwoners en stakeholders te informeren over de start, het verloop en de resultaten van het onderzoek en hen actief te vragen om input te leveren. Er zijn verschillende middelen en kanalen ingezet om geïnteresseerden op de hoogte te houden van het onderzoek en de mogelijkheid te geven om input te leveren: •

•

•

•

•

Er is een pagina ingericht op de website van gemeente Maasgouw over het onderzoek. Hier is informatie over het onderzoek te vinden en worden nieuwsberichten geplaatst; Via de communicatiekanalen (website, sociale media en informatiekanalen op de Clauscentrale) van gemeente Maasgouw en RWE zijn updates en nieuwsberichten gedeeld; Er is een mailbox van waaruit alle communicatie verloopt en waar mensen terecht kunnen met vragen en opmerkingen; Er zijn straatgesprekken gevoerd om input op te halen bij mensen die doorgaans niet naar inwonersavonden komen; Er zijn verschillende informatie- en participatieavonden georganiseerd om omwonenden op de hoogte te houden van het onderzoek en de mogelijkheid te geven om hun wensen, zorgen en ideeën in te brengen.

In wat volgt delen we de opbrengsten van de verschillende participatiemomenten.

70

Straatgesprekken Begin maart 2023 zijn er in alle kernen rondom de Clauscentrale straatgesprekken gevoerd. Daarvoor zijn plekken bezocht waar veel mensen komen, zoals bij een supermarkt of op de markt. Inwoners uit kernen verder weg van de Clauscentrale hadden relatief vaak een neutrale houding ten opzichte van de centrale. In Brachterbeek gaven mensen aan dat ze relatief weinig overlast hadden van de Clauscentrale. De centrale is een vast deel van ‘het decor’ voor de mensen uit het dorp. Wel hebben mensen incidenteel last van geluid en vrachtverkeer. Tijdens de straatgesprekken geven mensen aan ‘natuur’ de belangrijkste waarde voor de toekomst van het Clausgebied te vinden. Te meer omdat de natuurkwaliteit en leefomgeving de afgelopen jaren achteruit zou zijn gegaan. Mensen vinden dat tegenover industriële ontwikkeling ook ontwikkeling van natuur en leefomgeving moet staan. De initiatieven die al genomen zijn (zoals het bijenhotel en valkenkasten) worden gewaardeerd. Een ander belangrijk thema is ‘verduurzaming’, waarbij een aantal mensen benoemt dat energie die wordt opgewekt in de Clauscentrale in Nederland zou moeten blijven. Bij de mensen die we spaken op straat is er meer animo voor zonne-energie dan windenergie.

Tijdens de gesprekken waarbij het thema ‘recreatie’ aan bod kwam, noemen omwonenden dat de omgeving van de Clauscentrale een populair rondje is om te wandelen of de hond uit te laten. Daarbij is er behoefte aan meer schaduw en bankjes. Een laatste opvallende bijdrage, die we van verschillende mensen horen, is dat de Clauscentrale ‘erbij hoort’. De centrale staat er al lang en roept bij mensen uit het gebied ook een ‘we zijn bijna thuis’-gevoel op.

Eerste inwonersavond | breed ophalen | woensdag 12 april Op woensdagavond 12 april vond de eerste bijeenkomst voor inwoners plaats. De avond werd door ongeveer 85 inwoners bezocht. Tijdens deze eerste bijeenkomst is een toelichting gegeven op het onderzoek en opgehaald wat omwonenden belangrijke waarden vinden die meegenomen moeten worden in de ontwikkeling van mogelijke toekomstscenario’s. De avond startte met een toelichting op het onderzoek en vragen vanuit het publiek. Daarbij uitten verschillende inwoners zorgen over kernenergie in Maasgouw en wilden zij graag meer weten over de samenwerking tussen RWE, gemeente Maasgouw en Provincie Limburg. Na het plenaire deel volgde een gesprek aan vijf verschillende thematafels. Deelnemers kregen na een korte introductie de mogelijkheid om hun ideeën, wensen en zorgen te delen en op te schrijven. Hieronder geven we een overzicht van de belangrijkste opbrengsten per thema:

Landschap, natuur en recreatie: • Linnerweerd en Molengriend worden als zeer waardevol ervaren; • Natuurwaarde en groene kwaliteiten moeten verbeterd worden; • Het geheel van hoogspanningsmasten, het TenneT-station en de Clauscentrale kunnen met meer groen minder zichtbaar gemaakt worden; • Koeltorens vormen voor veel mensen een belangrijk baken en geven een ‘bijna thuis’-gevoel. Impact van de Clauscentrale op de leefomgeving: • Educatieve waarde van de Clauscentrale verhogen; • Mensen willen graag meer te weten komen en betrokken worden over en bij de Clauscentrale; • Zorgen over geluid- en lichtoverlast en uitstoot; • Meer aandacht voor de belevingswereld van omwonenden. Energietransitie en verduurzaming: • Geen duidelijke voor- of afkeur voor diverse manieren van energie-opwek; • Risico’s van verschillende energiebronnen meenemen in vervolgstappen. Directe leefomgeving, verkeer en ontsluiting van het terrein: • Houd voldoende rekening met de direct omwonenden bij alle mogelijke ontwikkelingen; • Bewoners van de Voortstraat ondervinden veel overlast van (bouw)verkeer; • Zorgen over natuur die mogelijk verloren gaat door nieuwe ontsluitingsweg. Overig: • Tegenover investeringen in de zware industrie moeten ook investeringen in de omgeving staan.

Tweede inwonersavond | toetsen van scenario’s | donderdag 28 september Op donderdagavond 28 september vond de tweede bijeenkomst voor inwoners plaats. Ook tijdens deze bijeenkomst waren ongeveer 85 omwonenden aanwezig. Tijdens

Afbeelding 39. Poster participatie avond 1

71

de bijeenkomst is toegelicht op welke manier de ideeën, wensen en zorgen die tijdens de eerste inwonersavond in april zijn opgehaald terugkomen in de verschillende ontwikkelrichtingen.

•

• Tijdens de bijeenkomst is toegelicht op welke manier de ideeën, wensen en zorgen die tijdens de eerste inwonersavond in april zijn opgehaald terugkomen in de verschillende ontwikkelrichtingen (zie bijlage 2). In kleinere groepen konden inwoners vervolgens aangeven wat hen aanspreekt aan de verschillende mogelijkheden, en wat niet. In die gesprekken kwamen telkens de volgende thema’s aan bod: Omgeving: • Er is geen steun voor uitbreiding van de milieucontouren. Met name bij ontwikkelrichting C maken deelnemers zich zorgen over de impact van ontwikkelingen op omwonenden. • Deelnemers zijn vrijwel unaniem positief over het versterken van groenverbindingen en uitbouwen van recreatieve mogelijkheden in het gebied. Met name ontwikkelrichting A geniet veel steun. C wordt als vrij schraal ervaren (‘Linneweerd als doekje voor het bloeden’). • Bij het versterken van groenverbindingen, is het een aandachtspunt deze ook toegankelijk voor mensen te maken. • In verschillende groepen wordt de suggestie gedaan de afvalstort in Montfoort ook bij het plan te betrekken. Zou een deel van de ontwikkelingen hier niet een plek kunnen krijgen? • In het gesprek over ontwikkelrichting C weinig tot geen steun voor de ontwikkeling van een energielandschap en de komst van grootschalige bedrijvigheid (‘verdozing’).

Energie: • Bij ontwikkelrichting C maken deelnemers zich zorgen over de impact van ontwikkelingen op omwonenden. • Veel steun voor zon op het terrein van RWE, zowel op land, als op water. • Beperkte steun/ enige weerstand tegen zon op andere plekken in het gebied (A73, Linnerweerd, energielandschap). • Begrip onder de omwonenden voor het

72

gegeven dat de Clauscentrale zich verder zal moeten ontwikkelen. Positief dat er door de komst van waterstof mogelijk een schone toekomst is voor de Clauscentrale. Zorgen over converter zo dicht bij de woonhuizen van Brachterbeek, waarom kan deze niet op het terrein van de Claus?

Aansluiting A2: • Op basis van de omwonendenbijeenkomst is het niet mogelijk één voorkeursvariant aan te wijzen. • Vraag om een nieuwe ontsluitingsweg is zeer lokaal: omwonenden die niet zelf aan een van de wegen wonen waar veel overlast wordt ervaren, zien minder urgentie voor een nieuwe ontsluitingsweg. • Door verschillende deelnemers wordt benoemd, dat een nieuwe aansluiting op de A2 niet alleen de Voortstraat zou moeten ontlasten, maar ook de Molenweg (winkelstraat) in Maasbracht (zoals in ontwikkelrichting C het geval is). • Een aantal mensen benoemt de behoefte om in beide richtingen een op- en afrit te hebben. Maatschappelijke dynamiek naar aanleiding van inwonersbijeenkomst nr.2. Tijdens de bijeenkomst op 28 september zijn drie ontwikkelrichtingen voor de Clauscentrale en omgeving voorgelegd aan de inwoners van het gebied. Daarbij is de boodschap dat het uiteindelijke richtinggevende toekomstperspectief niet één van deze drie richtingen zou worden (eerder een combinatie van), onvoldoende overgekomen. Als gevolg hiervan ontstond in de lokale gemeenschap maatschappelijke onrust, met name over de ontwikkelrichting C, waarin veel ontwikkelingen zitten met een aanzienlijke ruimtelijke impact. In de periode volgend op 28 september heeft een groep bezorgde en betrokken burgers zich georganiseerd in een bewonerscomité, waarmee de gemeente vrij intensief in gesprek is gegaan.

Ook heeft de maatschappelijke onrust gelegd tot een aanzienlijk grotere opkomst tijdens de laatste bijeenkomst.

Derde inwonersavond | informeren over en toetsen van richtinggevende toekomstperspectief | woensdag 28 februari Eind februari is vond de laatste inwonersavond plaats. De bijeenkomst had een aantal doelen: • De omwonenden meenemen in de concept-resultaten van de studie (het richtinggevende toekomstperspectief). • Terugkoppeling geven over de wijze waarop de opbrengsten van eerdere participatiebijeenkomsten hier een plek in hebben gekregen. • Laatste input ophalen voor de definitieve versie van de studie, of om deze op te nemen in deze bijlage, zodat het kan worden meegenomen in vervolgstappen. Vanwege de eerdergenoemde onrust in de gemeenschap was de opkomst tijdens deze laatste bijeenkomst aanzienlijk groter dan tijdens eerdere bijeenkomsten. Iets minder dan 200 mensen waren aanwezig in het Baekerhoes. Vanwege deze grote opkomst is ervoor gekozen meer ruimte uit te trekken voor het plenaire deel van het programma, zodat iedereen in de gelegenheid was om de belangrijkste onderdelen van de studie tot zich te nemen. Daarna was er gelegenheid om in een aantal kleinere groepen uiteen te gaan, om vragen te stellen en suggesties mee te geven aan de onderzoekers. Hieronder een weergave van de belangrijkste onderwerpen die in deze gesprekken aan bod zijn gekomen. •

•

Zorgen over impact ontwikkelingen op kwaliteit leefomgeving: De dominante teneur tijdens de avond is dat omwonenden zich zorgen maken over de impact van alle ontwikkelingen op de kwaliteit van de lokale leefomgeving. Daarbij is er steun voor de het uitgangspunt om energieindustrie en infrastructuur zo veel mogelijk te concentreren, maar dit kan de zorgen in de lokale gemeenschap niet wegnemen. Een plus voor de gemeenschap/ compensatie: De gemeente Maasgouw zou in gesprekken met het Rijk, Provincie en andere initiatiefnemers actief in moeten zetten op het compenseren van de impact die de ontwikkelingen hebben op de

leefomgeving. Daarbij worden een aantal thema’s genoemd. • Groencompensatie in en rondom de kern van Brachterbeek. • We moeten haast maken met de ontsluitingsweg. Anders zijn allerlei energie ontwikkelingen al in gang gezet, en is het te laat om een ontsluitingsweg een plek te geven in onderhandelingen. • Zo veel mogelijk inzetten op ‘verkabelen’ (het onder de grond plaatsen van bovengrondse hoogspanningsverbindingen). • Gezondheid en welzijn: een tweede onderwerp dat veelvuldig wordt genoemd zijn de gezondheidseffecten van bestaande industrie en infrastructuur, en actuele ontwikkelingen. Dit thema heeft volgens de omwonenden betrekkelijk weinig aandacht gekregen tijdens de participatiebijeenkomsten, terwijl het volgens de omgeving misschien wel het belangrijkste uitgangspunt zou moeten zijn. • Compensatie: Tijdens de bijeenkomsten is er veel steun voor het idee dat de lokale gemeenschap gecompenseerd zou moeten worden voor de ontwikkelingen die in en rondom Maasgouw hun beslag krijgen. Deze compensatie zou inzet moeten zijn van de gemeente Maashouw in gesprekken met initiatiefnemers en andere stakeholders bij deze ontwikkelingen (waarbij het voorbeeld van de Borselse Voorwaarden Groep een aantal keer wordt genoemd).

Tijdens de avond worden diverse onderwerpen genoemd voor deze compensatie, waaronder een korting op de energieprijs, natuur- en recreatiewaarde in het gebied en extra bescherming tegen straling hoogspanningsinfrastructuur. • Converter: Er spelen veel vragen over de mogelijke komst van een converter naar het gebied. Daarbij komen de volgende onderwerpen herhaaldelijk aan bod: • De onduidelijkheid over de omvang/ grootte van de converter voegt toe aan de onzekerheid die mensen ervaren. Verschillende mensen doen de suggestie om de converter deels onder de grond te bouwen. Ook zien we dat

73

•

•

•

•

•

•

veel mensen betwijfelen of de converter ingepast kan worden in zoekgebied M, en spreken veel mensen hun voorkeur uit voor zoekgebied R. Afbreken wat niet meer nodig is: Infrastructuur en gebouwen die niet meer worden gebruikt – bijvoorbeeld op het terrein van RWE - zouden moeten worden afgebroken. Diverse mensen noemen dat dit mogelijk ruimte zou scheppen om nog meer ontwikkelingen in te passen op het terrein van RWE, waardoor de impact op de omgeving verder kan worden beperkt. Verkabelen: Hoogspanningsinfrastructuur zou zo veel mogelijk onder de grond moeten worden aangelegd. Diverse mensen noemen dit ook als onderdeel van eerdergenoemde compensatie. Overzicht van ontwikkelingen: Inwoners van het gebied geven aan door de bomen het bos niet meer te zien. Ze benadrukken het van duidelijke communicatie over de diverse (energie)projecten die spelen in het gebied. Suggesties voor locaties zonnepanelen: Deelnemers doen diverse suggesties voor aanvullende locaties voor zonnepanelen in het gebied. Ze noemen het gebied langs het koelwaterkanaal van de Clauscentrale, de dijk langs het Julianakanaal en benadrukken adermaal dat ze het een goed idee vinden zo veel mogelijke zonnepanelen te plaatsen op het terrein van de Clauscentrale. Zoekgebied converter: Verschillende deelnemers geven aan dat er feitelijk geen ruimte is in zoekgebied ‘M’, vanwege bestaande energie-infrastructuur.

Omgevingswaarde Brachterveld: In het concept-richtinggevende toekomstperspectief wordt met name de omgevingswaarde van de Linnerweerd benadrukt. Voor de inwoners van Brachterbeek is echter ook de open ruimte van het Brachterveld van grote waarde voor de kwaliteit van de omgeving. Dit aspect zou meer aandacht mogen krijgen in de toelichting.

Nieuwsberichten en mailbox Bij de start van het onderzoek is er een pagina ingericht op de website van gemeente

74

Maasgouw. Op deze website is informatie te vinden over het onderzoek, en na elke bijeenkomst een terugkoppeling. Tevens is er een mailbox die gebruikt wordt voor communicatie over de bijeenkomsten. Via deze mailbox konden inwoners ook input delen over het onderzoek. In de mailbox kwamen vooral vragen binnen over het onderzoek en de bijeenkomsten. Deze gingen bijvoorbeeld over zorgen over kernenergie, vragen rondom restwarmte of de impact op de leefomgeving. Per mail zijn na afloop van de laatste inwonersavond enkele reacties binnengekomen op de conceptversie van dit onderzoeksrapport. De inhoudelijke punten die hierin zijn genoemd komen overeen met ze zorgen en wensen die tijdens de bijeenkomsten zelf zijn gedeeld, die we hierboven hebben beschreven. Specifiek werden de volgende zorgen gedeeld per mail: Per mail zijn na afloop van de laatste inwonersbijeenkomst enkele reacties binnengekomen op de concept-versie van dit onderzoeksrapport. De inhoudelijke punten die hierin zijn genoemd komen overeen met ze zorgen en wensen die tijdens de bijeenkomsten zelf zijn gedeeld, die we hierboven hebben beschreven. Specifiek werden de volgende zorgen gedeeld per mail: • Zorgen over grote en geconcentreerde belasting van de leefomgeving in Maasbracht. • De impact van de converter op de leefomgeving, specifiek in het geval voor zoekgebied M wordt gekozen.

• De moeite die inwoners hebben om het overzicht te bewaren, gezien de grote hoeveelheid energie-gerelateerd ontwikkelingen in de gemeente.

Afbeelding 40. Foto Derde pariticpatie avond (Bron: John Peters Fotografie)

75

Bijlage 4 Overzicht Besluitvormingsprocesdures Omgevingswet

Bijlage 4 Overzicht Besluitvormingsprocesdu res Omgevingswet

Door NewGround Law

D o o r Ne w G r o u n d L a w INLEIDING & SAMENVATTING

1)

In opdracht van Gemeente Maasgouw, Provincie Limburg en RWE wordt het toekomstperspectief van de Clauscentrale en het omliggende terrein (“Energie Cluster Maasbracht” of “ECM”) onderzocht. De Clauscentrale is een elektriciteitscentrale in Maasbracht. Voor het toekomstperspectief zijn verschillende ontwikkelkansen bepaald, zie voor de totstandkoming het rapport ‘Toekomstperspectief Clausgebied en omgeving’ (“Toekomstperspectief”). Voor de geschetste ontwikkelingen wordt in dit memo op hoofdlijnen ingegaan op de mogelijke besluitvormingsprocedures. Een zelfstandig leesbare samenvatting van dit memo is separaat opgesteld en onderdeel van het Toekomstperspectief. Voornoemde samenvatting dient altijd in samenhang met dit volledige memo te worden gelezen.

2) Onder de Omgevingswet (“Ow”) vervangt het projectbesluit op basis van de projectprocedure voor energieprojecten de toepassing van de coördinatieregeling en het Rijks- en provinciaal inpassingsplan. Het projectbesluit is een instrument voor de Minister of de Provincies om complexe projecten met een publiek belang mogelijk te maken. Voor het vaststellen van een projectbesluit dient de projectprocedure van afdeling 5.2 van de Ow te worden doorlopen. Het al dan niet aanmerken van een project als zijnde van Rijks- of provinciaal belang kan volgen uit de wet of voorafgaand aan de inzet van de bevoegdheid blijken uit het voornemen van de Provincie of het Rijk tot het realiseren van bepaalde ontwikkelingen. Slechts in sommige gevallen is de toepassing van de projectprocedure wettelijk voorgeschreven en dan dus ook verplicht. Afhankelijk van het in het geding zijnde project, kan het bevoegd gezag worden bepaald. Het Rijk zal voor veel projecten binnen het ECM het bevoegd gezag zijn op basis van wet of bij separaat besluit. Een uitzondering hierop is mogelijk als het Rijk de bevoegdheid overlaat aan Provincie of gemeente. Daarnaast is de gemeente veelal het bevoegd gezag voor de ruimtelijke inpassing van projecten, doordat de wet deze bevoegdheid niet bij het Rijk of de Provincie legt. De uitzondering hierop is als het Rijk of de Provincie toch de bevoegdheid naar zich toe trekken.

Op gemeentelijk niveau kan voor nieuwe projecten die in strijd zijn met het omgevingsplan een omgevingsvergunning buitenplanse omgevingsplanactiviteit worden aangevraagd of het omgevingsplan worden gewijzigd. Indien het gaat om een gemeentelijk project met publiek belang dan kan voor de wijziging van het omgevingsplan tevens de projectprocedure worden doorlopen. 3) De projectprocedure kan worden toegepast indien gemotiveerd kan worden dat sprake is van een publiek belang op gemeentelijk, provinciaal of rijksniveau. Daarnaast is deze procedure bij wet van toepassing op onder meer bepaalde energieprojecten. De voorgeschreven gevallen waarin besluitvorming voor energieprojecten door middel van een projectbesluit plaatsvindt onder de Ow, wijkt niet af van de gevallen waarin de besluitvorming door middel van een coördinatieregeling

76

plaatsvindt onder oud recht. De drempels voor de bevoegdheidsverdeling, zoals die volgen uit de Elektriciteitswet 1998 (“E-wet”), zijn met inwerkingtreding van de Ow gelijk gebleven. 4) Voor zover gewenst kunnen Provincie en gemeente in beleid, zoals een omgevingsvisie of programma, of een omgevingsverordening of een omgevingsplan ter uitwerking van één of meerdere ontwikkelingen kaders opnemen. Met die kaders wordt in ieder geval richting gegeven aan de toepassing van de eigen bevoegdheden. Daarnaast kunnen die kaders meegenomen worden in de besluitvorming van andere overheidslagen, zoals het Rijk. Die overheidslagen zijn mogelijk niet zozeer gebonden aan die kaders, maar zullen daarmee wel rekening houden in de eigen besluitvorming.

5) Hierna wordt in hoofdstuk 2 eerst voor diverse samenhangende ontwikkelingen en de bijbehorende projecten van het ECM een overzicht gegeven van het bevoegd gezag, de wettelijke grondslag voor deze bevoegdheid, welke procedure wordt gevolgd, wie de initiatiefnemer is en voor wanneer de realisatie gepland staat. Wat betreft het bevoegd gezag ten aanzien van ruimtelijke inpassing is of zijn op basis van de wet: • voor de eerste reeks ontwikkelingen (A) het Rijk en de gemeente bevoegd; • voor de tweede reeks ontwikkelingen (B) het Rijk en/ of de gemeente bevoegd; • voor de derde reeks ontwikkelingen (C) het Rijk bevoegd.

6) De opzet van dit memo is als volgt. In hoofdstuk 3 wordt de projectprocedure beschreven voor Rijksen provinciale projecten. In hoofdstuk 4 wordt vervolgens hetzelfde gedaan voor gemeentelijke projecten, al dan niet van publiek belang. Hoofdstuk 5 bevat een overzicht van de grondslagen voor de bevoegdheidsverdeling uit de wet. Dit hoofdstuk bevat aldus een beschrijving van de verschillende bevoegdheden op basis van de wet die relevant zijn voor de ontwikkelrichtingen. In hoofdstuk 6 wordt op hoofdlijnen ingegaan op de mogelijkheid om beleidsmatige kaders op te stellen voor de verdere ontwikkeling van ECM. Vervolgens wordt in hoofdstuk 7 ingegaan op de toepassing van de m.e.r.regelgeving en afrondend in hoofdstuk 8 op de regelgeving omtrent de externe veiligheid.

7) Dit advies is gebaseerd op de verkregen inzichten omtrent de reeks mogelijke ontwikkelingen die hebben geleid tot het Toekomstperspectief en bevat geen uitputtende analyse van de besluitvorming en juridische kaders voor die ontwikkelingen. Hiermee biedt het een basis voor de verdere besluitvorming over het Toekomstperspectief: waar relevant kan uit dit advies worden geput voor de mogelijke procedures en bevoegdheden. Afhankelijk van de verdere te maken keuzen door de opdrachtgevers is waarschijnlijk een nadere analyse nodig van de relevante kaders. Daarbij zijn op dit moment mogelijke milieueffecten van concrete ontwikkelingen niet bekend en dus niet betrokken in de advisering, zodat ook geen uitputtend overzicht kan worden gegeven van mogelijke verplichtingen voor besluitvorming. 1

ONTWIKKELINGEN: ENERGIEBOUWSTENEN

8) Om te komen tot het Toekomstperspectief zijn diverse samenhangende ontwikkelingen voor het ECM onderzocht. In dit onderdeel van het advies wordt voor drie reeksen van ontwikkelingen aangegeven welke bevoegde gezagen daarbij betrokken (kunnen) zijn, de grondslag voor de bevoegdheid daartoe, welke procedure wordt gevolgd, wie de initiatiefnemer is en voor wanneer de realisatie gepland staat. Daaraan voorafgaand wordt eerst specifiek voor de Delta Rhine Corridor (“DRC”) beschreven wat de

77

mogelijke besluitvormingsroute gaat zijn. Reden hiervoor is dat de DRC een autonome ontwikkeling is, waarvan veel van de ontwikkelingen voor het ECM vervolgens afhankelijk zijn.

1.1

Delta Rhine Corridor

9) De DRC is een bundel van ondergrondse buisleidingen en HVDC verbindingen (gelijkstroom verbindingen) die wordt ontwikkeld in de buisleidingenstrook die loopt van Rotterdam via Moerdijk naar Zuid-Limburg. De planning is dat medio 2024 de Concept Notitie Reikwijdte en Detailniveau (“NRD”) voor de DRC gereed is. In die notitie wordt beschreven welke alternatieven worden onderzocht en welke (milieu)onderzoeken uitgevoerd gaan worden. Op basis van het milieueffectrapport, technische onderzoeken, reacties omgeving, toekomstbestendigheid en inzicht in kosten wordt op basis van een integrale effectanalyse (“IEA”) een Voorkeursalternatief (“VKA”) gekozen. Dit VKA vormt de basis voor het ruimtelijke besluit, zijnde projectbesluit, wijziging omgevingsplan of omgevingsvergunning buitenplanse omgevingsplanactiviteit en eventuele overige omgevingsvergunningen. De realisatie is gepland voor 2029. De DRC betreft een autonome ontwikkeling, die losstaat van de ontwikkeling van het ECM. Niettemin is er voor het ECM wel afhankelijkheid van de realisatie van de DRC, doordat bepaalde ontwikkelrichtingen enkel mogelijk zijn met inschakeling op de DRC, zoals verderop duidelijk wordt gemaakt.

10) Op basis van de Maatschappelijke Kosten Baten Analyses (“MKBA’s") en de ondersteuning van projecten door projectpartners is besloten dat de buisleidingen voor waterstof, CO2, ammoniak en HVDC verbindingen (gelijkstroom verbindingen) voor 6 gigawatt (“GW”) gelijkstroom worden meegenomen in een gemeenschappelijke ruimtelijke procedure.[1] Hiervoor zal het Rijk een projectbesluit nemen, zoals aangekondigd in een kamerbrief van 5 oktober 2023.[2] Op de DRC is namelijk de rijkscoördinatieregeling van toepassing verklaard en dat wordt onder de Omgevingswet gecontinueerd met de projectprocedure resulterend in een projectbesluit. Daarbij zal waar nodig vergunningverlening door lagere overheden plaatsvinden, tenzij gebruik wordt gemaakt van de mogelijkheid om in het projectbesluit ook omgevingsvergunningen voor activiteiten op te nemen.[3]

2.1

Uitwerking specifieke ontwikkelingen

11) Er zijn in opdracht van Gemeente Maasgouw, Provincie Limburg en RWE verschillende samenhangende ontwikkelingen uiteengezet voor het ECM, namelijk: A. De eerste reeks ontwikkelingen betreft de transformatie van de Clauscentrale onafhankelijk van de grote nationale systemen, waarbij de Clauscentrale mogelijk wordt verbouwd naar een groen gas gestookte installatie. Voor CO2 geldt dat het kan worden afgevangen, afgevoerd en elders opgeslagen. Ook is ruimte voor batterijen en zon op land (“Ontwikkelingen A”). B. De tweede reeks ontwikkelingen betreft de overstap van de Clauscentrale op waterstof als piekcentrale met een aantakking op de DRC. (“Ontwikkelingen B”). C. De derde reeks ontwikkelingen betreft de versterking en benutting van de hoogspanningsverbindingen Maasbracht-Graetheide en Maasbracht-Eindhoven. Er wordt een aftakking van DRC gerealiseerd en een aanlanding van wind op met de aanleg van een converter, batterijen en een elektrolyser. De converter wordt aangesloten op het huidige 380 kV station Maasbracht of een nieuw station worden gebouwd. (“Ontwikkelingen C”).

78

12) Hierna wordt voor elke reeks ontwikkelingen en de bijbehorende projecten beschreven wie het bevoegd gezag is, de grondslag voor de bevoegdheid, welke procedure wordt gevolgd, wie de initiatiefnemer is en voor wanneer de realisatie gepland staat. Deze omschrijving wordt op hoofdlijnen gegeven en is op basis van huidig beschikbare informatie opgesteld. Het is niet uitgesloten dat hier nog veranderingen in kan optreden. Een nadere uiteenzetting van de bevoegdheidsverdeling is opgenomen in hoofdstuk 5.

3.1

Ontwikkelingen A

13) Onder de eerste reeks ontwikkelingen kan de Clauscentrale overstappen op biogas, of op aardgas blijven draaien als piekcentrale. De centrale kan daarnaast klimaatneutraal worden door het afvangen van CO2, dat wordt afgevoerd en/of wordt opgeslagen elders (Carbon Capture and Storage). Dit kan via schepen of een CO2 buisleiding, of – idealiter – worden benut, bijvoorbeeld door Chemelot, die een CO2 behoefte heeft in diverse productieprocessen.[4] Tot slot bestaat de mogelijkheid batterijen en zon op land te realiseren op het terrein van RWE. CCS buisleiding in DRC – autonoom Bevoegd gezag

Rijk

Procedure

Projectprocedure met projectbesluit

Grondslag

Artikel 5.44 Ow

Initiatiefnemer

DRC consortium (Gasunie e.a.)

Realisatie

2029

Verbinding DRC CCS naar Clauscentrale Bevoegd gezag

Rijk

Procedure

Projectprocedure met projectbesluit

Grondslag

Artikel 5.44 Ow

Initiatiefnemer

DRC consortium + RWE + Chemelot

Realisatie

2030 (doel)

CO2 afvang-installatie Bevoegd gezag

Gemeente

Procedure

Bopa of wijziging omgevingsplan

Grondslag

Artikel 5.1, lid 1, onder a, Ow; Afdeling 16.3.5 Ow; Artikel 5.55 Ow

Initiatiefnemer

RWE

79

Realisatie

1.3.1

2030 (doel)

Onafhankelijke elementen RWE terrein:

Batterijen Bevoegd gezag

Gemeente

Procedure

Bopa of wijziging omgevingsplan

Grondslag

Artikel 5.1, lid 1, onder a, Ow; Afdeling 16.3.5 Ow; Artikel 5.55 Ow

Initiatiefnemer

RWE

Realisatie

Nader te bepalen

Zonneveld op land en water 50 ha

4.1

Bevoegd gezag

Rijk of Gemeente, afhankelijk van omvang 50 MW of meer

Procedure

Projectprocedure met projectbesluit of Bopa of wijziging omgevingsplan

Grondslag

Artikel 9b, lid 1, onder b, E-wet; Afdeling 16.3.5 Ow; Artikel 5.55 Ow

Initiatiefnemer

RWE

Realisatie

Nader te bepalen

Ontwikkelingen B

14) Onder de reeks ontwikkelingen B behoudt de centrale zijn functie als piekcentrale, maar wordt overgestapt op waterstof. Hiervoor dient de Clauscentrale te worden aangesloten op de DRC..

Voor het landelijk transportnet van waterstof is onder de Ow niet voorgeschreven dat er een projectprocedure moet worden doorlopen. Indien gemotiveerd kan worden dat sprake is van een publiek belang van nationaal of provinciaal niveau, dan kan de projectprocedure worden doorlopen door het Rijk of de Provincie. Anders ligt de bevoegdheid hiervoor op het niveau van de gemeente. Door het Rijk is bij besluit van 20 april 2022 besloten om voor het landelijk transportnet voor waterstofgas rijksinpassingsplannen, thans projectbesluiten, vast te stellen.[5] Dit besluit is onder de nieuwe regelgeving niet meer van toepassing, maar niettemin volgt hieruit de intentie van het Rijk om projectbesluiten vast te stellen middels de projectprocedure.

Waterstofbuisleiding in DRC – autonoom

80

Bevoegd gezag

Rijk

Procedure

Projectprocedure met projectbesluit

Grondslag Initiatiefnemer Realisatie

Kamerbrief voortgang Delta Rhine Corridor, 5 oktober 2023. DRC consortium (Gasunie e.a.) 2029

Verbinding DRC waterstof naar Clauscentrale - projectspecifiek Bevoegd gezag Rijk of gemeente Procedure

Projectprocedure met projectbesluit of Bopa of wijziging omgevingsplan

Grondslag

Artikel 5.44 Ow;

Initiatiefnemer Realisatie

DRC consortium en een private partij (mogelijk RWE) Na 2030

Bovenstaande verbinding betreft het transport van waterstof naar de Clauscentrale voor stroomopwek. Voor deze verbinding geldt dat er ook een tweede optie is waarbij stroom wordt omgezet in waterstof (tegenovergestelde richting dus). Deze waterstof komt via de backbone in het nationale waterstofnetwerk terecht. Indien voor laatstgenoemde optie wordt gekozen zal de realisatie mogelijk naar verwachting in 2040 plaatsvinden, wanneer de aanlanding van wind op zee er mogelijk ook is.

Waterstof Backbone Clauscentrale - projectspecifiek Bevoegd gezag Rijk of gemeente Procedure

Projectprocedure met projectbesluit of Bopa of wijziging omgevingsplan

Grondslag

Artikel 5.44 Ow;

Initiatiefnemer Realisatie

DRC consortium en een private partij (mogelijk RWE) 2040

Ombouw Clauscentrale naar waterstof - projectspecifiek Bevoegd gezag Rijk of gemeente Procedure Projectprocedure met projectbesluit of, Bopa of wijziging omgevingsplan Grondslag Artikel 9b, lid 1 en 2, E-wet; Art. 5.1, lid 1, onder a; Afdeling 16.3.5; Art. 5.55 Ow Initiatiefnemer RWE Realisatie Na investeringsbesluit en vergunningverlening of wijziging omgevingsplan (afhankelijk van H2) 15) De ombouw van de centrale naar waterstof geschiedt binnen de huidige installatie. Het is nog onbekend of het aantal MW zal toenemen ten opzichte van de huidige situatie. Indien de capaciteit van een uitbreiding de drempel van 500 MW overschrijdt is het Rijk bevoegd gezag.[6] Voor zover een aftakking van DRC richting ECM volgens de opdrachtgevers gewenst is, is het advies om dit als zodanig beleidsmatig door Provincie en gemeente vast te leggen en waar mogelijk dit standpunt kenbaar te maken in de besluitvorming door het Rijk. Deze strategie is erop gericht de aftakking van een waterstofbuisleiding van de DRC naar de Clauscentrale tijdig te borgen in de besluitvorming door het Rijk.

81

5.1

Ontwikkelingen C

16) De laatste reeks ontwikkelingen (C) richt zich op de benutting en versterking van de hubfunctie die het gebied heeft voor energieopwekking en transport in de (internationale) regio. Hierbij draait de Clauscentrale ook op waterstof (net als bij B. Verder zal ook een aantakking van wind op zee worden gerealiseerd met een converter en een elektrolyser. De elektrolyser maakt van gelijkstroom vanuit wind op zee waterstof. Tot slot is een converter vereist met een aantakking op het huidige 380kV station Maasbracht of een nieuw 380 kV station.

17) Voor elektriciteitsinfrastructuur geldt dat hoogspanning per definitie een rijksverantwoordelijkheid betreft.[7] Het Rijk heeft niettemin de bevoegdheid om af te zien van het vaststellen van een projectbesluit als naar zijn oordeel besluitvorming door een bestuursorgaan van een gemeente of van een Provincie het project kan versnellen of daaraan anderszins aanmerkelijke voordelen zijn verbonden, en het college van burgemeester en wethouders van de betreffende gemeente respectievelijk gedeputeerde staten van de betreffende Provincie daarmee instemmen.[8] Bij een lagere spanning is de gemeente bevoegd, tenzij de Provincie oordeelt dat sprake is van een provinciaal belang.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Maasgouw&id=da551789-ef3e-42a9-b782-259fe48e6d19