Omgevingsvisie Nota van zienswijzen en ambtshalve aanpassingen.pdf
Tekst van het document
Dergelijke deels grootschalige ontwateringen hebben mede geleid tot verlaagde grondwaterstanden in het aangrenzende gebied en het verdwijnen van broedgebieden van weidevogels. Deze “Omgevingsvisie” gaat uw beleid bepalen tot 2040 en dan is het voor ons zeer verontrustend te lezen dat u hier in pnt. 12 van de visie niet uitgaat van het inmiddels breed geaccepteerde waterschapsbeleid van ‘functie volgt peil’ maar blijft uitgaan van contraproductieve uitgangspunt ‘peil volgt functie’. Wij denken dat uw opstelling niet houdbaar zal blijken. Wij verzoeken u om beekdalen en laagten niet zoals in de voorliggende tekst te koppelen maar laagten als een apart landschappelijk fenomeen te benoemen en aan te geven welke toekomstige ontwikkelingen u ziet.
03 februari 2023
29
REACTIE COLLEGE Het aanpassen van de waterhuishouding op de inrichting en het gebruik van de ruimte bereikt zijn grenzen. Met het algemene principe ‘functie volgt peil’ wordt bedoeld dat we zoeken naar een nieuwe balans tussen water vasthouden, bergen en afvoeren. Een balans die zoveel mogelijk recht doet aan alle functies (wonen, werken, recreëren, landbouw, natuur, drinkwatervoorziening). Dit met het besef dat de bediening van de functies vanuit het waterbeheer begrensd is. Niet overal kunnen alle functies en grondgebruik bediend worden wanneer deze niet goed aansluiten bij de natuurlijke kenmerken van het watersysteem. Het algemene principe ‘functie volgt peil’ geldt voor het gehele, onder deze visie vallende, gebied. Na vaststelling van deze ‘Omgevingsvisie’ vindt een nadere uitwerking van dit principe plaats per gebiedstype, op basis van de genoemde gebiedskompassen. ‘Laagtes’ en kleine dalen van zijbeken die met name in het hoge gebied voor komen, worden bij de uitwerking separaat beschreven binnen het betreffende gebiedskompas. In de Omgevingsvisie zal dit in paragraaf 1.3.3 onder 8 nader worden verwoord. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt wel tot aanpassing van de omgevingsvisie. 2.6.19 Zienswijze Wij verzoeken u de tekst “... indien het bestaande (agrarisch) gebruik dat toelaat ...” te heroverwegen. REACTIE COLLEGE Het College neemt deze zienswijze niet over.
Ook in de beekdalen zal een balans moeten worden gevonden tussen verschillende belangen, waaronder de landbouw. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie. 2.6.20 Zienswijze Het ‘wegenbestand’ in het buitengebied is door de maatvoering van landbouwverkeer nauwelijks in staat het huidige gemengde verkeer te dragen. Wij verzoeken u om bij nieuwvestiging van bedrijven aandacht te geven aan de verwachtte verkeersbelasting door zo’n bedrijf. REACTIE COLLEGE Verkeersbelasting, verkeersaantrekkende werking en verkeersveiligheid zijn vaste aandachtspunten bij nieuwvestigingen in het buitengebied. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.
03 februari 2023
30
2.6.21 Zienswijze Er staat een flink aantal natuurgebieden specifiek genoemd. We missen in de opsomming het voor Losser bijzondere gebied “Oelemars”, deze actieve zandafgraving is belangrijk voor watervogels en heeft ook een recreatieve functie. De gebieden worden ook “Aantrekkelijk voor weidevogels” genoemd. Dat waren ze ook, echter na de ontwateringswerkzaamheden in de jaren ’80 van de vorige eeuw hebben ze de aantrekkelijkheid verloren. De aantrekkelijkheid wordt ook door de Provincie niet meer erkend. Wij verzoeken u “de Oelemars” op te nemen en de aanduiding “aantrekkelijk voor weidevogels” te laten vervallen. REACTIE COLLEGE Het eerste deel van de zienswijze is terecht. In de Omgevingsvisie zal consequent worden gesproken over ‘Zandbergen – Oelemars’. De typering ‘aantrekkelijk voor weidevogels’ slaat niet enkel op het gebied ‘Oelemars’ maar ook over het noordoosten en zuidwesten van de gemeente. De bedoelde typering zal dan ook worden gehandhaafd. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt wel tot aanpassing van de omgevingsvisie. 2.6.22 Zienswijze In de tabel op blz. 74 staat onder pnt. 4 het “cascobeleid” genoemd en dat vinden we ook terug in de tabel op blz. 79. Op deze manier lijkt het “Cascobeleid” sturend te worden op heel veel ontwikkelingen in het gebied.
Maar dat beleid bemoeilijkt zeer het behoud en herstel van een aantrekkelijk en kleinschalig landschap omdat het cascobeleid landschapselementen alleen beschermt / mogelijk maakt op de ‘buitengrenzen’ van kadastraal eigendom. Wij verzoeken u om aan te geven op wat de invloed van het “cascobeleid” in de toekomst op de traditionele kleinschaligheid van het landschap zal zijn. REACTIE COLLEGE De komende tijd zal het casco-beleid worden geactualiseerd. Graag gaan we in dat kader nader in gesprek over doel van het beleid (namelijk de bescherming en ontwikkeling van het kleinschalige landschap) versus het beschermingsregime. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.
03 februari 2023
31
2.7
LTO Noord
2.7.1 Zienswijze We merken op dat in paragraaf 1.3.4. de gemeente refereert aan onze Landbouwvisie. Ook geeft u aan dat een verlies aan landbouwareaal ten behoeve van bijvoorbeeld woningbouw of duurzaamheids-opgaven niet altijd voorkomen kan worden. LTO Noord-afdeling Noord-Oost Twente is van mening dat de gemeente Losser juist een proactieve benadering moet kiezen in het behoud van landbouwgrond. REACTIE COLLEGE Het College begrijpt het standpunt van LTO Noord. In de Omgevingsvisie hebben wij echter getracht balans aan te brengen tussen de verschillende belangen. De landbouwsector is belangrijk voor onze gemeente. Daarvoor willen we passende mogelijkheden bieden (die overigens per deelgebied kunnen variëren). Wanneer agrarische bedrijven ruimte nodig hebben om te voldoen aan duurzaamheidsdoelstellingen, dan staan we daarvoor open conform het adagium van de Omgevingswet, ja mits…. Tegelijk zijn er meer belangen: wonen, bedrijvigheid, toerisme, natuur, water, landschap, etc… Ook die sectoren/thema’s zijn belangrijk voor onze gemeente en hebben ruimte nodig. Dat alles vraagt een zorgvuldige koers, gebaseerd op maatwerk. Dat willen we in (en met) de Omgevingsvisie uitstralen. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.
2.7.2 Zienswijze De gemeente schrijft dat zij samen met de landbouwsector verder wil zoeken naar mogelijkheden om verschillende bedrijfsstrategieën binnen de gemeente Losser mogelijk te maken die passen bij de kenmerken van het gebied. LTO Noord-afdeling Noord-Oost Twente wil hier graag verder aan meewerken en wil dan ook graag met u overleggen wat de aanpak hierbij zou kunnen zijn. REACTIE COLLEGE Dit aanbod wordt in dankbaarheid aanvaard. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie. 2.7.3 Zienswijze Kijkend naar de agrarische sector stellen wij vast dat agrarische bedrijven in de gemeente Losser divers van aard zijn en dit zal ook zo blijven. Wij zouden willen vermijden dat ‘de transitie van de sector’, zoals op diverse plekken in deze visie wordt besproken, tot dogma wordt verheven met als achterliggend idee dat je elk agrarisch bedrijf in eenzelfde korset moet duwen. Het zijn de ondernemers die de keuzes maken in de ontwikkeling van hun bedrijf, waarbij op voorhand vaststaat dat ze alleen
03 februari 2023
32
continuïteit van hun bedrijf kunnen bewerkstelligen indien er een inkomen kan worden gerealiseerd. In dit verband denken wij dat de gemeente Losser in haar Omgevingsvisie zou moeten werken vanuit de gedachte dat agrarische ondernemers moeten manoeuvreren tussen wensen en eisen die de markt en de maatschappij aan hen voorleggen. Het enige dat de gemeente zou moeten doen is (voor zover binnen haar vermogen ligt) die ondernemers faciliteren in het nastreven van de ontwikkeling van hun bedrijf. Hierbij kan het adagium van ‘ja-mits’ (ook uit de Omgevingswet) uiterst dienstig zijn. Dat vraagt om meer dialoog met de agrarische sector. REACTIE COLLEGE Hetgeen LTO schrijft sluit helemaal aan bij de visie van het College. In de Omgevingsvisie willen we niet op de stoel van de ondernemers gaan zitten en transitie niet tot dogma maken, maar de koers die het kabinet heeft ingezet heeft ontegenzeggelijk gevolgen voor onze gemeente. Er komen hoe dan ook grote opgaven op ons af en daar kunnen we onze ogen niet voor sluiten. Wat betreft schaalvergroting het volgende. In de Omgevingsvisie wordt dat niet uitgesloten. Tegelijk geven we aan dat we graag verder kijken dan schaalvergroting en vorm en inhoud willen geven aan de transitie naar kringlooplandbouw.
In alle gebieden, inclusief het dal van de Dinkel, geldt dat het wijzigen en aanpassen van de bedrijfsvoering ten behoeve duurzaamheidsverbetering mogelijk moet zijn. In het deelgebied ‘in het dal van de Dinkel’ houden we vast aan de keuze om schaalvergroting (behalve om reden van verduurzaming) niet toe te staan. Overigens merken we daarbij graag op dat de mogelijkheden die er zijn binnen de huidige bouwblokken (zie het bestemmingsplan buitengebied) onaangetast blijven. ; vergroting is ’in het dal van de Dinkel’ is echter niet echter niet mogelijk wanneer er geen redenen van verduurzaming aan ten grondslag liggen. In de Omgevingsvisie zal dit worden verduidelijkt. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt wel tot aanpassing van de omgevingsvisie. 2.7.4 Zienswijze Schaalvergroting wordt door de meeste veehouderijbedrijven gezien als een belangrijke mogelijkheid om de kostprijs te verlagen. In de toekomst zullen er in de landbouwsector minder maar wel grotere bedrijven komen. Dat betekent niet dat Losser gevuld gaat worden met zeer grote bedrijven. Echter, vergroting van de bedrijven is een ontwikkeling die nodig is om de bedrijfsvoering duurzaam en rendabel te maken. Als afdeling Noord-Oost Twente vinden we dat het begrip grootschalig niet voldoende verklaard en uitgelegd is.
We verzoeken de gemeente Losser dit meer te nuanceren en in het perspectief te plaatsen van de huidige transitie van en binnen de landbouw. REACTIE COLLEGE Verwezen wordt naar onze reactie onder 2.7.3. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt wel tot aanpassing van de omgevingsvisie.
03 februari 2023
33
2.7.5 Zienswijze We brengen graag onze kennis, ervaringen en bespiegelingen in bij de uitvoering van deze visie. Verder vragen we de gemeente Losser gebruik te maken van de genoemde bestaande initiatieven en niet overal een eigen programma voor op te stellen. REACTIE COLLEGE Dit aanbod wordt in dankbaarheid aanvaard. De oproep om gebruik te maken van bestaande initiatieven spreekt ons zeer aan. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie. 2.7.6 Zienswijze In Noord-Oost Twente staat het ‘Noaberschap' centraal. Dit betekent dat we oog voor elkaar hebben en elkaar waar dat nodig is helpen. Ook in de Omgevingsvisie benoemt u participatie expliciet. De realiteit is weerbarstiger en verschillende belangen zijn moeilijk met elkaar te vergelijken (bijvoorbeeld woonplezier ten opzichte van economische belangen). We maken ons zorgen over de grote impact van dergelijke trajecten op de sociale cohesie in de gebieden. Het zullen niet de eerste ‘Noaberschappen’ zijn die uit elkaar vallen door dit soort tegenstrijdigheden. We benadrukken dat dit behoort tot de categorie niet direct zichtbaar en meetbare effecten. REACTIE COLLEGE Het College neemt kennis van de zorgen van LTO. Als College vinden we het belangrijk – bij alle ontwikkelingen – met elkaar in gesprek te blijven.
Ook vinden we het belangrijk een transparante afweging te maken en die helder te communiceren. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie. 2.7.7 Zienswijze In de visie gaat de gemeente Losser nader in op de verschillende deelgebieden in onze gemeente. De gemeente benoemt dit als zgn. gebiedskompassen. We zien dat dit verder gaat dan een kompas dat een richting aangeeft. In een aantal gevallen wordt er al duidelijk, heel inhoudelijk voorgesorteerd op inrichting in de toekomst. Als LTO Noord-afdeling Noord-Oost Twente zijn we van mening dat de term gebiedskompas de lading niet dekt. In de omschrijving van de ambities zien we dat er veel wensen zijn die veel vragen van agrarische gronden. We zien dat de gronddruk in ons gebied groot is. REACTIE COLLEGE De Gebiedskompassen (hoofdstuk 2) zijn bedoeld om gebiedsgericht de koers aan te geven. Samen met de algemene visie uit hoofdstuk 1 vormen de gebiedskompassen het hart van de Omgevingsvisie. In die hoofdstukken hebben we de opgaven die op ons afkomen in een integraal kader geplaatst. Een deel van de die opgaven zal landen in het buitengebied. Tegelijk is in
03 februari 2023
34
veel gevallen nadere uitwerking nodig. Daarbij zullen relevante partijen (waaronder de LTO als belangrijke speler in het buitengebied) uiteraard worden betrokken. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie. 2.7.8 Zienswijze In de visie wordt een scala aan kaarten gepresenteerd. Het is wat ons betreft niet duidelijk hoe de status en de doorwerking van deze kaarten gezien moet worden. REACTIE COLLEGE Alle opgenomen kaarten worden vanuit de tekst toegelicht en geduid. Daarmee is de status en doorwerking naar de mening van het College duidelijk. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie. 2.7.9 Zienswijze De visie geeft aan dat er ruimte geboden wordt voor nieuwe vormen van hernieuwbare energie (naast wind- en zonne-energie). We zijn van mening dat we daar als agrarische sector ook een rol van betekenis kunnen hebben. LTO Noord vindt dat zonneparken sowieso wringen met de voedselproductie op landbouwgronden en pleit er sterk voor om zonnepanelen alleen op gebouwen toe te passen. REACTIE COLLEGE Het College neemt kennis van deze zienswijze. Het is verheugend te constateren dat de sector een belangrijke rol voor zichzelf ziet. Vormen van opwek en de locatie daarvan zal onderwerp zijn nadere studie en uitwerking. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.
2.7.10 Zienswijze In paragraaf 1.3.1.3 geeft de gemeente aan een Groenbeleidsplan te willen ontwikkelen. Dit roept vooral veel vragen bij ons op. In onze gemeente hebben we te maken met Natura 2000-gebieden en zijn agrariërs veelal actief met het onderhoud en beheer van houtwallen. We kunnen uit de visie niet opmaken wat de toegevoegde waarde gaat worden van een degelijk plan. We worden als agrarische sector graag betrokken bij de verdere uitwerking. REACTIE COLLEGE De term Groenbeleidsplan is ten onrechte als zodanig gebezigd. Het gaat meer om het groenbeheer van percelen die overal in de gemeente bij de gemeente in eigendom zijn. LTO wordt hierbij t.z.t. betrokken.
03 februari 2023
35
CONCLUSIE Deze zienswijze leidt wel tot aanpassing van de omgevingsvisie. 2.7.11 Zienswijze In de Omgevingsvisie wordt aangegeven dat de gemeente meer wil inzetten op betere verbindingen voor wandelaars. We roepen de gemeente op om ook te beschrijven welke risico’s er zijn. Voor landbouw geldt met name de verstoring (onrust van vee) maar nog veel meer het afval dat achtergelaten wordt (schadelijk voor vee) en de risico’s met betrekking tot honden. We vragen de gemeente om vooral met de terreinbeherende organisaties in gesprek te gaan over geschikte routes en zo veel mogelijke routes langs agrarische gronden te mijden. REACTIE COLLEGE Bij de uitwerking van de recreatieven infrastructuur zal aandacht zijn voor de genoemde onderwerpen. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie. 2.7.12 Zienswijze Op pagina 15 wordt gesteld dat de recreatieve infrastructuur op een veilige en passende manier moet worden aangesloten op infrastructuur. We vinden het belangrijk dat er ook aandacht is voor de verkeersveiligheid en landbouwverkeer in het buitengebied. Zeker met de toenemende aantallen recreanten is het wel van belang dat hier voldoende aandacht voor is. REACTIE COLLEGE Deze zienswijze is terecht. De Omgevingsvisie zal in lijn met de zienswijze worden aangevuld. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt wel tot aanpassing van de omgevingsvisie.
2.7.13 Zienswijze In paragraaf 1.3.3 geeft de gemeente aan dat zij het principe ‘functie volgt peil’ volgt. ‘Peil volgt functie’ is het uitgangspunt van LTO Noord voor beleid en maatregelen omdat het waterpeil, ongeacht de functie van het gebied, altijd volgend is. We zien ook dat dit onderwerp volop discussie met zich meebrengt. LTO Noord wil richting geven voor passende oplossingen voor het landelijk gebied. REACTIE COLLEGE Wij verwijzen naar onze reactie op zienswijze 2.6.18. Conclusie Deze zienswijze leidt wel tot aanpassing van de omgevingsvisie.
03 februari 2023
36
2.8
Overijssels Particulier Grondbezit
2.8.1 Zienswijze In de tekst van de paragraaf De onderdelen van de Omgevingsvisie staat dat in de ‘Gebiedskompassen’ gemeentebrede ambities en keuzes voor negen deelgebieden worden beschreven. In de schematische weergave aan het einde van de paragraaf staan echter maar acht gebieden benoemd. Het Lutterzand ontbreekt in de schematische weergave. Voor de volledigheid zien wij graag dat Het Lutterzand hierbij wordt opgenomen. REACTIE COLLEGE Deze zienswijze is terecht. Het schematische overzicht in paragraaf 0.3 zal worden aangevuld. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt wel tot aanpassing van de omgevingsvisie. 2.8.2 Zienswijze Zoals u terecht opmerkt herbergt de gemeente Losser veel cultuurhistorisch waardevol erfgoed. Dat is een gegeven dat wij als OPG zeker erkennen. Vervolgens geeft u aan in uw beleid meer nadruk te gaan leggen op de bescherming van karakteristieke panden en denkt aan een beschermende regeling in het Omgevingsplan op te nemen. Wij verzoeken u om ook een beschermende regeling voor historische landgoederen en hun omgeving te overwegen: de landgoedbiotoop. REACTIE COLLEGE Deze sympathieke suggestie nemen we graag mee in de vertaling van Omgevingsvisie naar Omgevingsplan. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.
2.8.3 Zienswijze U geeft aan in gesprek te gaan met terreinbeherende organisaties over de toegankelijkheid van natuurgebieden. Een aanzienlijk deel van de natuur- en bosgebieden in de gemeente Losser is in eigendom van en wordt beheerd door particuliere eigenaren. Wij verzoeken u hen ook te betrekken bij deze gesprekken. REACTIE COLLEGE Wanneer wij het gesprek aangaan over de toegankelijkheid van de natuurgebieden, zullen wij daar waar relevant de ook de particuliere eigenaren betrekken. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.
03 februari 2023
37
2.8.4 Zienswijze In relatie tot de thema’s hernieuwbare energie en de energie- en warmtetransitie wijzen wij u graag op de Wegwijzer energie in het Overijssels landschap. In dit visiedocument, dat opgesteld is door Landschap Overijssel, Natuur en Milieu Overijssel, Staatsbosbeheer en OPG wordt aandacht besteed aan de wijze waarop de energietransitie goed kan worden ingepast in het landschap. REACTIE COLLEGE Het College neemt in dankbaarheid kennis van deze tip. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie. 2.8.5 Zienswijze Het stemt ons positief om te lezen dat u trots bent op de fraaie landgoederen die binnen het deelgebied ‘Aan de flank van de stuwwal’ gelegen zijn en dat u via het Omgevingsplan ruime mogelijkheden zult bieden om de economische basis onder de landgoederen te versterken. Hierbij hebben wij de volgende vraag en opmerkingen: •
Gaan de ruime mogelijkheden ook geboden worden voor landgoederen die niet in dit deelgebied gelegen zijn? Dit ligt wat OPG betreft voor de hand, maar staat in de ontwerp-visie niet beschreven.
•
U geeft een voorzet voor activiteiten/functies die de economische basis onder de landgoederen kunnen versterken en noemt hierbij horeca, recreatie en bedrijvigheid. Wij merken op dat functies zoals zorg en wonen ook een – wezenlijke – bijdrage kunnen leveren aan het behoud en de ontwikkeling van de landgoederen. Enkele landgoedeigenaren zijn voornemens deze functies te realiseren en hebben hier concrete plannen voor. Wij zien dan ook graag dat zorg en wonen in het rijtje van activiteiten/functies opgenomen wordt en de eigenaren met concrete plannen in de gelegenheid worden gesteld hun plannen te realiseren.
•
Het OPG wordt graag betrokken bij het actualiseren van het beleid voor landgoederen. REACTIE COLLEGE
De ruimere mogelijkheden gelden voor alle landgoederen binnen onze gemeente. In de Omgevingsvisie zal dit worden verduidelijkt.
In het bijstellen van het landgoederenbeleid maken we de afweging of en in welke mate functies wonen en zorg worden opgenomen.
Het aanbod om te worden betrokken bij het vervolg wordt in dankbaarheid aanvaard.
CONCLUSIE Deze zienswijze leidt wel tot aanpassing van de omgevingsvisie. 2.8.6 Zienswijze We waarderen de aandacht voor landgoed Singraven in het Gebiedskompas - Beuningen, maar vinden het logischer dat dit landgoed een plek krijgt in het Gebiedskompas – In het dal van de Dinkel. De
03 februari 2023
38
ligging van landgoederen in het dal van de Dinkel is typerend voor dat deelgebied en behoren tot de gebiedswaarden. Wij zien graag dat hier aandacht voor is in het gebiedskompas. REACTIE COLLEGE Deze zienswijze is terecht. Landgoed Singraven zal worden beschreven in het Gebiedskompas ‘In het dal van de Dinkel’. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt wel tot aanpassing van de omgevingsvisie.
2.9
Dorpsraad Glane
2.9.1 Zienswijze 1 De Dorpsraad maakt bezwaar op de kwaliteitsimpuls van Glane. Op bladzijde 22 staat omschreven: Deze problematiek kan deels ruimtelijk opgelost worden door de Glanergrensweg fysiek af te sluiten voor ongewenst (doorgaand) verkeer. Deze regel moet uit de kwaliteitsimpuls van Glane worden verwijderd want hier staat de huidige dorpsraad Glane niet achter. Graag zou de Dorpsraad zien dat de gemeente het pand van het voormalige bordeel Eldorado en het pand van dhr. Ter Denge aan de Gronausestraat in de kwaliteitsimpuls van de Glane opneemt voor herontwikkeling woningbouw. REACTIE COLLEGE De Dorpsraad Glane reageert in haar zienswijze niet op de Omgevingsvisie, maar op de Kwaliteitsimpuls Glane. De Kwaliteitsimpuls is via een apart spoor tot stand gekomen. In de Omgevingsvisie is een koppeling gemaakt met de Kwaliteitsimpuls; in hoofdstuk 2.10.2. staat benoemd dat de Kwaliteitsimpuls richtinggevend is. Ook staat in de Omgevingsvisie benoemd dat nog wordt voorzien in een (nog uit te werken) samenhangend en gezamenlijk uitvoeringsprogramma. Met name dat woord ‘gezamenlijk’ vindt het College belangrijk. De te nemen maatregelen moeten kunnen rekenen op breed draagvlak. De opmerking over de Glanergrensweg nemen we dan ook mee in de verdere uitwerking.
Wat betreft de opmerking over de woningbouwlocaties staat in de Omgevingsvisie reeds benoemd dat ruimte moet zijn voor incidentele woningbouw. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
2.10 ProRail 2.10.1 Zienswijze In haar zienswijze vraagt ProRail aandacht voor de volgende zaken:
03 februari 2023
39
1.
ProRail wordt graag nauw betrokken bij eventuele ontwikkelingen in de nabijheid van spoor en stations.
2.
ProRail verzoekt voor de aspect Externe Veiligheid en Geluid in relatie tot Railverkeer gebruik te maken van de meest recente gegevens (Basisnet en Geluidreductieplafonds).
3.
In het kader van de goede ruimtelijke ordening en de zorgvuldige voorbereiding van besluiten raadt ProRail u aan om het aspect trillinghinder af te wegen. ProRail raadt dan ook aan om het aspect trillingen te betrekken bij de Omgevingsvisie en alle in de toekomst daarop gebaseerde ruimtelijke plannen.
4.
In de Omgevingsvisie zijn percelen opgenomen die in eigendom zijn van Railinfratrust B.V./ProRail B.V. (verder te noemen “ProRail”). ProRail merkt in dit kader op dat deze percelen zonder nadrukkelijke schriftelijke toestemming van ProRail - niet mogen worden gebruikt. Deze percelen zijn door ProRail benodigd ten behoeve van de uitvoering van haar wettelijke taken en voor eventuele toekomstige (uitbreidings)plannen.
5.
ProRail verzoekt de gemeente daarom contact op te nemen met ProRail indien de door de gemeente voorgestelde visie en alle in de toekomst daarop gebaseerde ruimtelijke plannen effect kunnen hebben op de bestaande overwegen in uw gemeente.
6.
In verband met het borgen van de stabiliteit van de spoorbaan met bijbehorende voorzieningen mag het waterpeil niet wijzigen. Tevens dient uw gemeente te borgen dat werkzaamheden geen invloed hebben op de stabiliteit van de spoorbaan met bijbehorende voorzieningen, alsmede op het ongehinderd gebruik van de spoorbaan met bijbehorende voorzieningen.
7.
Voor het uitvoeren van werkzaamheden in de nabijheid van de spoorbaan dient rekening gehouden te worden met het bepaalde in artikel 19 van de Spoorwegwet.
8.
ProRail verzoekt u zorg te dragen dat gronden welke momenteel voorzien zijn van de bestemming Spoorwegdoeleinden of Railverkeer, deze bestemming ook in de toekomst zullen behouden.
9.
De binnen het plangebied aanwezige onderstations mogen niet komen te vervallen. Tevens verzoekt ProRail u ervoor zorg te dragen dat de onderstations - net als in de huidige situatie te allen tijde bereikbaar zullen zijn voor onderhouds- en hulpdiensten. REACTIE COLLEGE Door ProRail is een algemene zienswijze ingediend. De gemaakte opmerkingen betreffen hoofdzakelijk aanbevelingen. Deze zijn in de ogen van het College te concreet voor de Omgevingsvisie. De aanbevelingen zullen worden meegenomen bij het opstellen van het Omgevingsplan en bij de vergunningverlening van concrete projecten. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
03 februari 2023
40
2.11 Veiligheidsregio 2.11.1 Zienswijze Op basis van een globale scan is voor de Veiligheidsregio niet duidelijk op welke wijze de fysieke- en externe veiligheidsaspecten zijn geborgd. Aandachtspunten zijn onder andere:
veiligheid rondom risicobronnen;
fysieke veiligheidsaspecten (zoals bluswatervoorziening en bereikbaarheid) bij functiewijzigingen, evenementenlocaties, nieuw te realiseren objecten
of wijzigingen van de infrastructuur;
brandrisico in natuurgebieden;
veiligheidsrisico’s van nieuwe energievormen zoals windmolens, energieopslag, biogas en zonneparken.
Bovenstaande opsomming is niet uitputtend, maar geeft inzicht in de vraagstukken die kunnen gaan spelen wanneer er een initiatief wordt ingediend en een van de afwegingsaspecten is bij de besluitvorming. REACTIE COLLEGE De Veiligheidsregio draagt belangrijke en terechte onderwerpen aan. De genoemde aspecten spelen inderdaad – zoals de Veiligheidsregio zelf ook aangeeft – een voorname rol bij de afweging van initiatieven. Daarmee zijn de genoemde aspecten wat het College betreft te concreet om te worden uitgewerkt in de Omgevingsvisie. Wel zal in hoofdstuk 3 van de Omgevingsvisie een verwijzing worden gemaakt naar de externe veiligheidsaspecten. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt wel tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
2.12 Routenetwerk 2.12.1 Zienswijze Vanuit het Routenetwerk wordt aangegeven dat de basis rondom de routestructuren goed is aangegeven en verankerd. Ter aanvulling wordt gevraagd om bij de koers van het Lutterzand de extensieve recreatieve structuren mee te nemen. REACTIE COLLEGE Het College begrijpt de wens van het Routenetwerk. Als uitvloeisel van de Omgevingsvisie zal een Gebiedsvisie worden opgesteld voor het Lutterzand. De zienswijze van het Routenetwerk zal in dat kader worden meegenomen. In de Omgevingsvisie wordt wel al een aantal uitgangspunten benoemd voor dat Gebiedsvisie-proces. De zienswijze van het Routenetwerk lijkt daarmee op voorhand niet op gespannen voet te staan. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
03 februari 2023
41
2.13 Domijn 2.13.1 Zienswijze Domijn heeft enkele suggesties in de pdf-versie van de Omgevingsvisie geplaatst. REACTIE COLLEGE Domijn begint in de pdf-versie met dit compliment: overall een mooi ambitie document en mooie basis voor het omgevingsplan! Dit compliment wordt in dankbaarheid aanvaard. Voor het overige zijn 11 tekstsuggesties en redactionele opmerkingen in de pdf geplaatst. Waar nodig zijn deze overgenomen in de Omgevingsvisie. In de concept-vaststellingsversie van de Omgevingsvisie zijn aanvullingen deze gemarkeerd met [2.13.1]. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt wel tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
2.14 GGD Twente 2.14.1 Zienswijze GGD Twente is verheugd te lezen dat de gemeente Losser de ambitie heeft een ‘leefbaar en gezond Losser’ te bereiken. Dit sluit aan bij de centrale ambitie van het langjarige programma ‘Gezonde Toekomst voor Twente’ (die de gemeente Losser ook heeft ondertekend) voor 2030 dat inwoners van Twente minimaal net zo lang in gezondheid leven als inwoners elders in Nederland. In de omgevingsvisie lezen we ook wat de gemeente Losser wil doen om dat te bereiken. We missen alleen wat de gemeente Losser definieert als gezond. Wat is de ambitie? Het risico is dat er geen scherpe focus is, waardoor het resultaat van acties minder groot is. GGD Twente adviseert om te definiëren wat de gemeente Losser verstaat onder ‘gezond’ en ‘gezonde leefomgeving’. We adviseren om dit in samenwerking met de ambtenaar Publieke Gezondheid te doen. De GGD adviseert dat gezondheid breed wordt benaderd vanuit zowel gezondheidsbescherming als gezondheidsbevordering. Positieve Gezondheid, dat ook het uitgangspunt is van de kadernota Gezondheid 2019-2022 gemeente Losser, biedt hiervoor mooie aanknopingspunten. Tevens geeft GGD Twente inspiratie en lokale informatie over de gezonde leefomgeving op de Twentse Gezondheidsverkenning. REACTIE COLLEGE Zoals de GGD al constateert is ons gezondheidsbeleid neergelegd in de Kadernota Gezondheid 2019 – 2022.
In de Kadernota is de gezondheidsschets van onze gemeente opgenomen. Vanuit die schets wordt een aantal bouwstenen benoemd en van acties voorzien. De gemeente sluit aan bij het concept van positieve gezondheid, waarbij elk individu baas is over de eigen gezondheid. De gemeente heeft wél opvattingen over een gezonde leefstijl en
03 februari 2023
42
ontwikkelt van daaruit top-down interventies op de onderdelen bewegen, roken, alcohol, voeding, ontspanning. Daarmee is het gezondheidsbeleid van de gemeente verder en concreter uitgewerkt dan in de Omgevingsvisie opgenomen. Dit neemt niet weg dat beleid voortdurend moet worden geëvalueerd en waar nodig bijgesteld. Wij zullen de tekst onder paragraaf 1.3.2 onder 10 aanvullen. CONCLUSIE De Omgevingsvisie wordt wel aangepast. 2.14.2 Zienswijze In de omgevingsvisie lezen we de kansen die toerisme en recreatie biedt voor de gemeente Losser, en hoe de gemeente deze in de komende jaren wil versterken. GGD Twente ziet daar een koppelkans voor de eigen inwoners. Zo wordt er in de omgevingsvisie veel gesproken over het verbeteren van de recreatieve wandel- en fietsinfrastructuur. Dit juichen wij van harte toe. Wij adviseren om deze infrastructuur ook goed beschikbaar te maken voor de inwoners zelf, zodat ook zij worden uitgenodigd om te gaan bewegen. Vorm wandel- en fietspaden zo dat deze uitnodigen om vanuit de kernen een kort ommetje te maken In de Omgevingsvisie staat ook beschreven dat de gemeente geen openbare verlichting bijplaatst in het buitengebied en waar mogelijk verlichting weghaalt. Vanuit het oogpunt van lichtvervuiling is dit begrijpelijk.
Echter, vanuit het oogpunt van verkeersveiligheid/ sociale veiligheid voor actief transport (met name fietsen) is dit niet altijd wenselijk. Bekijk of er tussenoplossingen mogelijk zijn. Denk bijvoorbeeld aan slimme straatverlichting (verlichting die reageert op beweging) REACTIE COLLEGE Beide suggesties neemt het College graag mee. In het kader van de Kwaliteitsimpulsen is echter sowieso aandacht voor de wandel- en fietsinfrastructuur, de dorpsommetjes en de koppeling tussen kern en landelijk gebied. De Omgevingsvisie wordt aangevuld wat betreft de slimme straatverlichting. CONCLUSIE De Omgevingsvisie wordt wel aangepast. 2.14.3 Zienswijze De gemeente Losser vindt de eigen verantwoordelijkheid voor een gezonde leefstijl erg belangrijk. In de visie staat dat het geven van voorlichting (preventie) gezien wordt als de eerste taak en rol als het gaat om gezondheid. Echter, we weten uit veel onderzoek dat voorlichting alleen niet leidt tot gedragsverandering. Preventie is breder dan voorlichting. Veel van onze gedragskeuzes zijn onbewust. We worden voortdurend beïnvloed en verleid tot ongezond gedrag door onze fysieke en sociale omgeving. In het verlengde van ons advies in paragraaf 1 adviseren we de gemeente Losser daarom bewust keuzes te maken in de leefomgeving die gezond gedrag stimuleren.
Juist de inrichting van de leefomgeving is ontzettend belangrijk voor het uitlokken van gezond gedrag!
03 februari 2023
43
REACTIE COLLEGE Het College onderschrijft de zienswijze van GGD Twente. De betreffende passage is genuanceerd en aangevuld. CONCLUSIE De omgevingsvisie wordt wel aangepast. 2.14.4 Zienswijze Concreet hebben we de volgende aanbevelingen. GGD Twente gaat graag met u in gesprek om dit verder uit te werken: 1.
In de visie ontbreken plannen over dat de leefomgeving ook uitnodigt tot gezonde voeding.
2.
We adviseren om in via de omgevingsvisie ook in te zetten op het verminderen van middelengebruik (roken, alcohol, drugs). Denk bijvoorbeeld aan een rookvrije omgeving, waaronder rookvrije sportterreinen.
3.
In de visie wordt wel aandacht besteed aan wandelen en fietsen, maar plannen voor het stimuleren van sporten via de leefomgeving lijken te ontbreken.
4.
We adviseren daarnaast ook na te denken over speelplekken voor kinderen. 20% van de ouders in Losser geven aan dat een gebrek aan speelplekken gezien wordt als belemmering om buiten te spelen.
5.
Mooi dat er wordt gestreefd om de fysieke leefomgeving te laten uitnodigen tot ontmoeten. En dat er aandacht is voor het behoud van kulturhusen. Denk bij voorzieningen in deze kulturhusen ook aan bijv. kinderdagverblijf, muziekles, consultatiebureau, sportverenigingen. Advies is om de manieren van ontmoeten en de stimulering ervan meer te concretiseren. Denk hierbij niet alleen aan de fysieke leefomgeving, maar ook aan aantrekkelijke activiteiten voor verschillende doelgroepen. We vragen daarbij speciale aandacht voor jongeren. Uit onze gezondheidsonderzoeken onder de jeugd blijkt dat 23% van de jongeren in Losser betere plekken om elkaar te ontmoeten wenst.
6.
Als het gaat om gezondheid, wordt ontspannen niet expliciet vermeld. Terwijl een gezonde leefomgeving, waaronder bijv. groen en uitzicht op groen, erg belangrijk is voor de mentale gezondheid en ontspannen. Het zou mooi zijn om dit nog ergens expliciet te benoemen. Zeker i.v.m. de toenemende landelijke aandacht voor mentale gezondheid REACTIE COLLEGE Het College is van mening dat de Omgevingsvisie in haar huidige vorm niet in tegenspraak is met de zes aanbevelingen en adviezen. Graag gaan we het gesprek met GGD Twente aan om de Omgevingsvisie nader te concretiseren. Omdat de Omgevingsvisie een dynamisch document is, kunnen bijstellingen en aanscherpingen eenvoudig worden verwerkt. CONCLUSIE De Omgevingsvisie wordt niet aanpast.
03 februari 2023
44
2.14.5 Zienswijze De GGD is verheugd dat de gemeente Losser in haar omgevingsvisie aandacht vestigt op het verkleinen van gezondheidsverschillen. Er zitten grote verschillen in de sociaaleconomische status van ouders, waardoor kinderen en jongeren al op jonge leeftijd worden geconfronteerd met een verschil in kansen en mogelijkheden. Al op vroege leeftijd kunnen kinderen op achterstand raken met hun gezondheid. Wij adviseren de gemeente Losser om daar nadrukkelijk de samenwerking met het onderwijs te zoeken. REACTIE COLLEGE De gemeente neemt deze suggestie graag over. De Omgevingsvisie bevat reeds een haakje voor samenwerking met onderwijsinstellingen. CONCLUSIE De Omgevingsvisie wordt niet aangepast.
2.14.6 Zienswijze Ook in de gemeente Losser is een flinke woningbouwopgave. In de visie wordt beschreven hoe de gemeente dit voor zich ziet. Bijvoorbeeld met betrekking tot binnenstedelijk bouwen, en de speciale opgave om jongeren te behouden in en voor de gemeente. In de gebiedsaanpak wordt veel gesproken over nieuwe vrijstaande woningen. Hoe hangt dit samen met seniorenwoningen en starterswoningen voor jongeren? Voldoet de nieuwbouw aan de wensen van de inwoners? GGD Twente wil speciale aandacht vestigen op ouderen. Uit ons gezondheidsonderzoek onder ouderen blijkt dat 13% van de 65-plussers in Losser wil verhuizen, omdat hun woning niet geschikt is om ouder in te worden. Probeer ervoor te zorgen dat seniorenwoningen zoveel mogelijk in de buurt van voorzieningen worden gebouwd. Dit is belangrijk voor zelfredzaamheid van senioren. Heb ook aandacht voor het stimuleren van de mobiliteit van senioren d.m.v. de fysieke leefomgeving. Zorg bijv. voor goede kwaliteit stoepen, vrij liggende fiets- en wandelpaden en voldoende bankjes om te rusten. Bekijk voor meer tips de Inspiratietool Leefomgeving Senioren. REACTIE COLLEGE De aandachtspunten van de GGD zijn terecht. Mede om die reden wil het College behoefte en aanbod nauwkeurig afstemmen met ontwikkelende partijen. CONCLUSIE De Omgevingsvisie wordt niet aangepast.
2.14.7 Zienswijze In de visie stelt de gemeente Losser dat de milieukwaliteitseisen van het Rijk het minimale niveau van bescherming zijn. En waar mogelijk wordt de milieukwaliteit verbeterd. GGD Twente wil graag benadrukken dat veel milieukwaliteitsnormen de gezondheid niet beschermen. Dat geldt in het bijzonder
03 februari 2023
45
voor luchtkwaliteit, geluid en geur. Overweeg in het Omgevingsplan om waar mogelijk strengere maatwerknormen op te nemen voor gebieden waar veel mensen wonen. GGD Twente kan u hierover adviseren. REACTIE COLLEGE Rijksregels op het gebied van geluid, geur, trillingen, etc… zijn zodanig wettelijk vastgelegd dat daardoor een aanvaardbaar woon- en leefklimaat wordt gegarandeerd. Die normen vormen voor ons het minimum. De Omgevingswet biedt ons straks de mogelijkheid om (binnen een bepaalde bandbreedte) maatwerk te leveren. Als daarvoor aanleiding bestaat, zullen we maatwerknormen opnemen in het Omgevingsplan. CONCLUSIE De Omgevingsvisie wordt niet aangepast.
2.14.8 Zienswijze GGD Twente is positief over het voornemen om alternatieve vormen van mobiliteit te stimuleren. Dit draagt bij aan een verminderd gebruik van de auto, meer actief vervoer en een betere luchtkwaliteit en geluidbelasting voor de omgeving. Enkele adviezen: -
Focus niet alleen op de verkeersveiligheid van recreatieve infrastructuur, maar ook op die van de utilitaire infrastructuur. Denk er bijvoorbeeld over na om sommige wegen aan te wijzen voor specifieke gebruikers, bijv. fietsstraten. Houdt in de aanleg van fietspaden daarnaast ook rekening met de steeds groter wordende snelheidsverschillen op de fietspaden.
-
Zorg ook voor goede fietsenstallingen en oplaadpunten voor elektrische fietsen bij voorzieningen in de kernen, om zo actief transport te stimuleren. REACTIE COLLEGE De adviezen zullen we meenemen in de verdere uitwerking. CONCLUSIE De Omgevingsvisie wordt niet aangepast.
2.14.9 Zienswijze De komende jaren staat het platteland voor een grote transformatieopgave. Terecht dat de gemeente Losser hier in haar visie veel aandacht voor heeft. GGD Twente wil de gemeente enkele aandachtspunten meegeven: -
In de visie geeft de gemeente aan samen met de agrarische sector op zoek te gaan naar nieuwe bedrijfsstrategieën. Dat is van groot belang voor een vitaal platteland en de leefbaarheid van kernen. GGD Twente wil daarbij opmerken dat sommige functies, zoals kinderopvang en zorg, niet altijd goed samengaan met veehouderij. GGD Twente adviseert de gemeente graag over een goede inpassing van nieuwe functies in het landelijk gebied.
03 februari 2023
46
-
Het debat over stikstof is in volle gang, en er zullen lastige keuzes gemaakt moeten worden. GGD Twente wijst er op dat stikstof, naast gevolgen voor de natuur, ook grote gezondheidseffecten heeft. Bijvoorbeeld een toename in longziekte en hart- en vaatziekte. Wij adviseren om – voor zover mogelijk – gezondheid van omwonenden mee te laten wegen in de keuzes die gemaakt moeten worden om de stikstofuitstoot terug te laten dringen. REACTIE COLLEGE De aandachtspunten zullen wij meenemen in de verdere uitwerking. CONCLUSIE De Omgevingsvisie wordt niet aangepast.
03 februari 2023
47
3
Reacties van inwoners 3.1
Reclamant 1
3.1.1 Zienswijze Ondergetekende heeft als bouwkundige veel ervaring (meer dan 30 jaar) met bouwprojecten in het landelijke buitengebied van Twente. Onlangs is de concept omgevingsvisie Gemeente Losser gepubliceerd, en helaas mis ik in deze visie essentiële ontwikkelingen met betrekking tot “Wonen” en “Agrarisch” wonen in het buitengebied. Al enkele jaren bieden gemeenten en provincie extra ruimte voor duurzaam wonen in het buitengebied, zoals wonen met inwoning, extra inhoud voor verduurzaming van de woning, verbouwen en ruimer bewonen van bestaande boerderijen en agrarische bedrijfswoningen, buitenruimteoverkappingen, levensloopbestendig wonen, etc. Mijn ervaring is thans dat het buitenbied van gemeente Losser (naast de landelijk geldende mogelijkheden tot mantelzorg) weinig extra ruimte bied voor de voorgenoemde mogelijkheden, en dit levert naar mijn ervaring bovengemiddeld veel knelpunten op. Bewoners die graag de woningen en agrarische bedrijven voort willen zetten in de familie met een levensloopbestendige of ruimere woning, krijgen hiervoor zeer beperkte ruimte en de huidige regels worden meestal als zeer beklemmend ervaren. Er wordt voorbijgegaan aan het feit dat deze bewoners vaak al vele eeuwen gebonden zijn met dit gebied, en dat juist zij het buitengebied in belangrijke mate vitaal en leefbaar houden.
Graag zou ik met U, en ook namens de (vergeten groep) bewoners van het buitengebied, willen meedenken over ruimere woon- en leefruimte in het buitengebied. REACTIE COLLEGE De gemeente deelt niet de opvatting dat er onvoldoende ruimte is voor (agrarisch) wonen. In de loop der jaren zijn de normeringen al vergroot en aldus zijn er geen knelpunten. De zienswijze wordt aldus gelezen dat de huidige oppervlaktes en inhoudsmaten te gering zijn. Natuurlijk kan het altijd groter en ruimer, maar daar zijn wel grenzen aan. Er zijn mogelijkheden tot verruiming opgenomen in de beleidsnota Buitengebied met kwaliteit en de gemeente zet dan ook via die weg in op vergroting van de ruimtelijke kwaliteit met tegenprestaties. Het gemeentelijk beleid voorziet in diverse mogelijkheden voor bewoning, zoals inwoning en mantelzorg. Er zijn geen redenen hierin wijzigingen aan te brengen. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.
03 februari 2023
48
3.2
Reclamant 2
3.2.1 Zienswijze In de visie wordt veel gesproken over duurzaamheid, nieuwe verdienmodellen, opgaven rond biodiversiteit, natuurinclusief etc. Dit zijn allemaal behoorlijke containerbegrippen. De gemeente stuurt aan op andere verdienmodellen. Als belanghebbende agrarisch ondernemers willen we ook ruimte voor gezinsbedrijven met in achtneming van ons landelijke beleid. We zien dat de gemeente spreekt over geen ruimte voor schaalvergroting. Willen we als agrarische sector gezinsbedrijven behouden zullen bedrijven zich moeten aanpassen. Dat betekent ook dat er ruimte moet zijn voor groei (grond, duurzame stalsystemen etc. ) REACTIE COLLEGE Het vorige kabinet legde een visie neer voor kringlooplandbouw. De huidige minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit gaat daar verder mee aan de slag. Het leidt in de ogen van het College daarom geen twijfel dat de landbouw er over 20 jaar anders uitziet dan vandaag de dag. De koers die het rijk wil gaan varen, wordt door het College onderschreven. Tegelijk is er nog veel onduidelijk; want hoe ziet die ‘duurzame en toekomstgerichte landbouw’ er precies uit? Duidelijk is dat op landelijk niveau wet- en regelgeving moet worden aangepast. Op veel terreinen zal het rijk in de eerste plaats aan zet zijn.
De gezinsbedrijven zijn altijd van groot belang geweest voor onze gemeente en blijven dat , zowel op economisch, sociaal-cultureel en landschappelijk gebied. Het College ziet de gezinsbedrijven graag behouden voor onze gemeente. Ruimte voor aanpassing zal er dan ook moeten zijn (de Omgevingsvisie straalt dat in de ogen van het College overigens ook uit). Wat betreft groei/schaalvergroting verwijzen wij naar zienswijze en reactie 2.7.3 en 3.15.1. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt wel tot aanpassing van de omgevingsvisie.
3.2.2 Zienswijze Duurzaamheidopgaven; wat doen wij al op ons bedrijf -
Inmiddels is het dak van onze melkkoeienstal voor zien van 900 zonnepanelen en zijn voor200% zelfvoorzienend in onze energievoorziening
-
Onze stallen zijn emissie arm, we gebruiken PROFELX roosters om de uitstoot te verminderen
-
We hebben een investeringsplan op tafel liggen voor een circulair stalsysteem waarin het scheiden waarmee mineraalstromen scheiden en daarmee overgebleven emissies beter kunnen ver waarden.
-
Onze koeien hebben weidegang (lopen dus minimaal 120 dagen buiten) met als doel minder directe scheiding van mest en urine zodat er nagenoeg geen ammoniak vorming op treed, natuurlijk is weidegang ook is een must voor het behoud van inkomen een plus op het melk geld, de koeien, ze vinden het heerlijk!!
03 februari 2023
49
Duurzaamheidsopgaven; wat hebben we hebben we nodig -
Behoud en uitbreiding weidegang, er is grond nodig om de weidegang in de toekomst te behouden, eisen als aantal koe per hectare worden aangescherpt, omschakeling naar bio betekend nog meer grondbehoefte onder onze bedrijven, de visie van de gemeente Losser volstaat hier niet in.
-
Behoud van een koe-vriendelijke omgeving die niet verstoord wordt door recreanten die denken dat alles in de openbare ruimte publieke toegankelijk is. REACTIE COLLEGE Het College neemt met belangstelling en instemming kennis van de duurzaamheidsmaatregelen die op het bedrijf van reclamant zijn doorgevoerd. Wat betreft de aanvullende wensen wil het College het volgende opmerken. In de eerste plaats kan behoud en uitbreiding van de weidegang niet door ons als gemeente worden geregeld of afgedwongen, noch in een Omgevingsvisie, noch in het Omgevingsplan. We zijn, net als u blij met ons fraaie landelijke gebied en laten dat graag zien aan onze inwoners en gasten. Wanneer gasten private eigendommen betreden, zal dat echter via de privaatrechtelijke weg moeten worden geregeld/voorkomen. De Omgevingsvisie, zijnde een publiekrechtelijk beleidsdocument, kan daarin niets borgen of afdwingen. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.
3.2.3 Zienswijze Volgens de plannen van de Gemeente Losser ligt ons bedrijf “aan de flank in de stuwwal” echter in de beschrijving van dit gebied tref ik alleen een visie aan die ten noorden van de A1 ligt en een visie die ten zuiden van de Oldenzaals straat ligt. Ons melkveebedrijf ligt in het groot open weidegebied van de Gemeente Losser namelijk “het grote Lutterveld” Voor dit gebied heb ik geen specifieke beschrijving kunnen ontdekken, maar zoals de naam van het gebied aangeeft is dit gebied uitermate geschikt voor melkveebedrijven ook gelet op de vruchtbare grondslag die ten tijde van droogte altijd voldoende grasgroei garandeert, essentieel om rendabel te kunnen boeren. REACTIE COLLEGE Deze opmerking is terecht. In hoofdstuk 2.2.1. en 2.2.2. zal het zuidelijke deel van dit deelgebied nader worden getypeerd. Wat betreft de koers (hoofdstuk 2.2.3) is in de ogen van het College geen aanvulling nodig. Op die plaats wordt namelijk helder aangegeven dat we willen inzetten op het behoud van de landbouwkundige functie, CONCLUSIE Deze zienswijze leidt wel tot aanpassing van de omgevingsvisie.
03 februari 2023
50
3.2.4 Zienswijze Recreatie en wandelen kan prima in dit gebied, er zijn voldoende paden voorhanden om mooie wandelingen te maken, echter het doorsnijden van huiskavels middels het forceren van nog meer wandelpaden is een aanslag op de levensvatbaarheid van de bedrijven in het grote Lutterveld. Denk aan niet meer kunnen uitvoeren van weidegang, hindering van vrij koe verkeer, verstoring van rust door honden (al dan niet loslopend), in dit specifieke geval gaat het belang van de boer die zijn boterham op deze gronden moet verdienen boven dat van de recreant die tal van alternatieven voor handen heeft. (voor weidegang heb je een aaneengesloten gebied, huiskavel nodig xxx koeien per ha of wel minimaal 35 ha huis kavel voor ons bedrijf REACTIE COLLEGE Zoals eerder aangegeven zijn we trots op ons mooie landelijke gebied. We vinden het belangrijk dat inwoners en gasten het buitengebied kunnen beleven, o.a. door wandelen en fietsen. Waar zich kansen voordoen om de recreatieve routes te verbeteren en uit te breiden, willen we die grijpen. Uiteraard mag dat niet ten koste gaan van het functioneren van agrarische bedrijven. Bij concrete initiatieven zullen daarover dan ook goede afspraken moeten worden gemaakt om hinder te voorkomen. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.
3.2.5 Zienswijze De voorliefde van de gemeente Losser voor zandwegen is enigszins begrijpelijk, echter niet wanneer het een ontsluiting betreft van een agrarisch bedrijf, hier is middels bij de landinrichting afgesproken dat deze bedrijven een verharde ontsluiting krijgen, wij constateren dat we niets over terugzien in de visie van de gemeente Losser. Ons bedrijf aan de [locatie] heeft nog steeds deze noodzakelijke ontsluiting niet, het is zaak dat de gemeente Losser hier haar verantwoording neemt en deze opdracht nakomt voor alle bedrijven die dit betreft. Fijn stof/schadelijk stoffen, toerisme en medegebruik gaan moeilijk samen zie bijlage foto’s dit is een onwenselijk situatie REACTIE COLLEGE Deze opmerking heeft geen betrekking op de inhoud van Omgevingsvisie, maar over de uitvoering van de Landinrichting. De opmerking kan op deze plaats dan ook onbesproken blijven. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.
03 februari 2023
51
3.2.6 Zienswijze In paragraaf 1.3.4. haalt de gemeente de landbouwvisie van de afdeling Noord Oost Twente aan. Ook geeft u aan dat een verlies aan landbouwareaal ten behoeve van bijvoorbeeld woningbouw of duurzaamheidsopgaven niet altijd voorkomen kan worden. Reclamant is van mening dat de gemeente Losser juist een pro actieve benadering moet kiezen in het behoud van landbouwgrond. Verder in de visie geeft u ook aan dat transitie in de landbouw veranderingen met zich mee kan brengen in verdienmodellen. Voor het agrarisch bedrijf is het juist van belang om voldoende grond bij bedrijven te behouden. Immers opgaven rond bijv. biodiversiteit, natuur inclusief kunnen ook grond vragen van het agrarische bedrijf binnen de huidige bedrijfsvoering. Wanneer landbouw een vergaande vorm van duurzaamheid dient te ontwikkelen is grond juist een essentiële voorwaarde. REACTIE COLLEGE Het College begrijpt het standpunt van reclamant. In de Omgevingsvisie getracht balans aan te brengen tussen de verschillende belangen. De landbouwsector is belangrijk voor onze gemeente. Daarvoor willen we passende mogelijkheden bieden (die overigens per deelgebied kunnen variëren). Wanneer agrarische bedrijven ruimte nodig hebben om te voldoen aan duurzaamheidsdoelstellingen, dan staan we daarvoor open.
Tegelijk zijn er meer belangen: wonen, bedrijvigheid, toerisme, natuur, water, landschap, etc… Ook die sectoren/thema’s zijn belangrijk voor onze gemeente en hebben ruimte nodig. Dat alles vraagt een zorgvuldige koers, gebaseerd op maatwerk. Dat willen we in (en met) de Omgevingsvisie uitstralen. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie. 3.2.7 Zienswijze De gemeente schrijft dat zij samen met de landbouwsector verder wil zoeken naar mogelijkheden om verschillende bedrijfsstrategieën binnen de gemeente Losser mogelijk te maken die passen bij de kenmerken van het gebied. Als actieve agrariër wil ik graag hierover meedenken. REACTIE COLLEGE Dit aanbod wordt in dankbaarheid aanvaard. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie. 3.2.8 Zienswijze Als lid van LTO Noord ben ik verheugd dat er een heldere visie is vanuit ons gebied. Ik vraag de gemeente dan ook deze visie meer te benutten bij de verdere uitwerking van de visie.
03 februari 2023
52
REACTIE COLLEGE In paragraaf 1.3.4. wordt over de Landbouwvisie gesteld: Samen met de agrarische sector willen we daarom aan de slag met de uitwerking van de thema’s die passen bij onze ambities. De zienswijze van reclamant ligt daarmee helemaal in lijn met de Omgevingsvisie. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.
3.3
Reclamant 3
3.3.1 Zienswijze Het ontwerp Omgevingsvisie maakt op mij een goede indruk. Veelomvattend maar ook toegespitst op de specifieke situaties die er zijn in de divers samengestelde gemeente die Losser is, met haar verschillende kernen en landschapselementen. Mede de inpassing van reeds lopende concretiseringsvoorstellen in de vorm van kwaliteitsimpulsen e.d. komt sterk over. Daarnaast is de wijze waarop de inspraakprocedure is geregeld, m.n. in de moeizame 'corona tijd', voor mij toegankelijk, meewerkend en vriendelijk gebleken. Nadere uitleg en vragen van mijn zijde zijn vlot en volledig geadresseerd. Reclamant ziet er naar uit om verder betrokken te worden bij de uiteindelijke totstandkoming en realisatie van de Omgevingsvisie. REACTIE COLLEGE De complimenten worden dankbaarheid aanvaard. Dat geldt ook voor het aanbod om betrokken te worden bij de uitvoering van de Omgevingsvisie. Op deze plaats wil het College een aantal algemene opmerkingen maken over de zienswijze van reclamant. In zijn zienswijze doet reclamant een aantal redactionele suggesties. Deze worden in het navolgende niet puntsgewijs besproken. Waar deze leiden tot een verbetering van de Omgevingsvisie, zijn de suggesties overgenomen. In de concept-vaststellingsversie van de Omgevingsvisie zijn die onderdelen zichtbaar en herleidbaar gemarkeerd (met code [3.3.1], het volgnummer van deze zienswijze).
De suggestie om het gebied Zandbergen-Oelemars consequent als één gebied te beschouwen en onder te brengen in het deelgebied ‘In het dal van de Dinkel’ nemen we over. Verder gaat reclamant in zijn zienswijze gedetailleerd in op het gebied Zandbergen-Oelemars. Suggesties worden bijvoorbeeld gedaan om een hekwerk te verwijderen en over te gaan tot wegafsluiting. Deze opmerkingen zijn waardevol bij de uitwerking, maar in de ogen van het College te gedetailleerd voor de Omgevingsvisie. De Omgevingsvisie is immers het strategische kader richting 2040.
03 februari 2023
53
CONCLUSIE Deze zienswijze leidt wel tot aanpassing van de omgevingsvisie.
3.3.2 Zienswijze Er is geen verwijzing naar de ‘Structuurvisie Losser’: waarom niet? REACTIE COLLEGE De Omgevingsvisie vervangt de huidige Structuurvisie. Vanzelfsprekend zijn actuele onderdelen uit de huidige Structuurvisie vertaald in de Omgevingsvisie. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de Omgevingsvisie.
3.3.3 Zienswijze Zijn er ook wegen die (weer) onverhard (kunnen) worden gemaakt? Dit verdient zeker te worden overwogen gezien de versterking van het karakter van de omgeving. REACTIE COLLEGE Onverharde wegen zijn inderdaad een kwaliteit van ons landelijke gebied. Als College zetten we in op het behoud en herstel van landschappelijke waarde. In hoofdstuk 4.8 wordt gesproken over het instellen van een Landschapsfonds, waaruit dergelijke maatregelen kunnen worden gefinancierd. Als College zullen we wat betreft het onverharden overigens geen actief beleid voeren, maar nemen we een faciliterende houding aan. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.
3.4
Reclamant 4
3.4.1 Zienswijze In de visie wordt veel gesproken over duurzaamheid, nieuwe verdienmodellen, opgaven rond biodiversiteit, natuurinclusief etc. Dit zijn allemaal behoorlijke container begrippen. De gemeente stuurt aan op andere verdienmodellen. We zien dat de gemeente spreekt over geen ruimte voor schaalvergroting. Willen we als agrarische sector gezinsbedrijven behouden zullen bedrijven zich moeten aanpassen. Dat betekent ook dat er ruimte moet zijn voor groei (grond, duurzame stalsystemen etc. ) Ons bedrijf doet al veel aan duurzaamheidsopgaven zoals mestvergisting, dan ben je bijna co2 neutraal.
03 februari 2023
54
Ook de vrijkomende agrarische gebouwen aan de Stroothuizerweg 43/45 moeten gesloopt worden en waar anders rood voor rood hergebruikt worden en niet meerdere woningen op deze locatie omdat de grond rondom deze gebouwen moet worden bemest en oogsten. Dat geeft toch overlast. REACTIE COLLEGE Het vorige kabinet legde een visie neer voor kringlooplandbouw. De huidige minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit gaat daar verder mee aan de slag. Het leidt in de ogen van het College daarom geen twijfel dat de landbouw er over 20 jaar anders uitziet dan vandaag de dag. De koers die het rijk wil gaan varen, wordt door het College onderschreven. Tegelijk is er nog veel onduidelijk; want hoe ziet die ‘duurzame en toekomstgerichte landbouw’ er precies uit? Duidelijk is dat op landelijk niveau wet- en regelgeving moet worden aangepast. Op veel terreinen zal het rijk in de eerste plaats aan zet zijn. De gezinsbedrijven zijn altijd van groot belang geweest voor onze gemeente, zowel op economisch, sociaal-cultureel en landschappelijk gebied. Het College ziet de gezinsbedrijven graag behouden voor onze gemeente. Ruimte voor aanpassing zal er dan ook moeten zijn (de Omgevingsvisie straalt dat in de ogen van het College overigens ook uit). Wat betreft de opmerking over schaalvergroting verwijzen wij naar zienswijze en reactie 2.7.3.
CONCLUSIE Deze zienswijze leidt wel tot aanpassing van de omgevingsvisie. 3.4.2 Zienswijze In paragraaf 1.3.4 haalt u de landbouwvisie van de afdeling Noord Oost Twente aan. Daar geeft u aan dat een verlies aan landbouwareaal ten behoeve van bijvoorbeeld woningbouw of duurzaamheidsopgaven niet altijd voorkomen kan worden. Wij zijn van mening dat de gemeente Losser hier een taak heeft om een pro actieve houding te kiezen in het behoud van de landbouwgrond. U schrijft dat u samen met de landbouwsector verder wil zoeken naar mogelijkheden om verschillende bedrijfsstrategieën binnen de gemeente Losser mogelijk te maken die passen bij de kenmerken van het gebied. Als actief landbouwer willen wij graag meedenken hierover. REACTIE COLLEGE Verwezen wordt naar onze reactie bij zienswijze 2.7.1. Het aanbied om actief mee te denken wordt in dankbaarheid aanvaard. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie. 3.4.3 Zienswijze Als lid van LTO Noord ben ik verheugd dat er een heldere visie is vanuit ons gebied. Ik vraag de gemeente dan ook deze visie meer te benutten bij de verdere uitwerking van de visie.
03 februari 2023
55
REACTIE COLLEGE Verwezen wordt naar onze reactie bij zienswijze 3.2.8. CONCLUSIE Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van de omgevingsvisie.
3.5
Reclamant 5
3.5.1 Zienswijze In uw visie wordt veel gesproken over duurzaamheid, nieuwe verdienmodellen, opgaven rond vergroten biodiversiteit, kringlooplandbouw, natuur inclusief, etc. Dit zijn allemaal behoorlijke containerbegrippen. Als agrarisch ondernemer in het Dinkeldal staan wij reeds voor een enorme opgave om aan alle regels die er zijn en die er nog komen gaan vanuit de overheid te kunnen voldoen. De landbouw in het Dinkeldal is de basis in het gebied. Wij agrariërs hebben er voor gezorgd dat dit landschap is ontstaan en wordt onderhouden. Een landschap bestaande uit voldoende natuur, houtwallen, bossen en een ruime keus aan biodiversiteit is reeds aanwezig. U stelt echter in uw visie dat er nog meer natuurontwikkeling en verhoging van de biodiversiteit moet komen, dit zal ten koste gaan van de landbouw. Om de basis zoals hier boven gemeld, de landbouw in het Dinkeldal, te behouden moet er voldoende ruimte worden geboden. Dit betekend dat er groeimogelijkheden moeten blijven, in zowel agrarische- als nevenactiviteiten. Regelmatig wordt er gesproken over nieuwe verdienmodellen, hoe ziet u dit? Wat is in deze zin praktisch? Een vergoeding voor al het natuur en biodiversiteit die wij hebben opgebouwd en onderhouden? REACTIE COLLEGE Het vorige kabinet legde een visie neer voor kringlooplandbouw.