Bijlage 2. Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de erfgoednota Loon op Zand
Tekst van het document
44
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
Afbeelding 26 Het Witte Kasteel. Foto: Vestigia, 11-07-25.
Afbeelding 27 Oprijlaan het Witte Kasteel. Foto: Vestigia, 11-07-25.
Afbeelding 28 Cirkelvormig element behorende bij het kasteel. Foto: Vestigia, 11-07-25.
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
45
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
5.5
Kerken en begraafplaatsen
In de voorganger van het dorp Loon op Zand, Venloon op ‘s Sant, stond in ieder geval in 1233 al een kerkje. Bij een archeologische opgraving in 2004 werd de locatie van de vermoedelijk Romaanse kerk ontdekt.87 Deze kerk was gewijd aan Willibrord en stond op een locatie die tegenwoordig nog steeds nog steeds Kerkenakker heet, aan de rand van de bebouwde kom van Loon op Zand nabij gehucht Land van Kleef (afbeelding 29). De kerk is in de 16e eeuw gesloopt. Op een kaart uit ca. 1773 is staat de locatie van de inmiddels verdwenen kerk aangegeven (afbeelding 30). Aan de westzijde van de Kerkenakker ligt een stuifzandwal die vermoedelijk is aangelegd ter bescherming tegen het stuivende zand (afbeelding 31). Bij bodemonderzoek in de Kerkenakker is namelijk geen stuifzand aangetroffen, waardoor de theorie van een verstoven dorp hier niet op gaat.88
Afbeelding 29 Land van Kleef. Foto: Vestigia, 11-07-25.
Afbeelding 30 Locatie van de oude kerk op de kaart van Verhees, 1773. Afbeelding: via L. Toorians.
87
Heemkundekring Loon op ’s Sandt, geciteerd uit de Kerkenvisie; Vreenegoor 2006.
88
Toorians 2008, 165/166.
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
46
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
Afbeelding 31 Stuifzandwal bij Kerkenakker. Foto: Vestigia, 11-07-25.
Afbeelding 32 Kunstwerk bij de Sint-Williebrordkerk te Venloon. Foto: Vestigia, 11-07-25.
In 1392 werd opdracht gegeven voor de bouw van een nieuwe kerk, die aan de basis ligt van de huidige St. Jans Onthoofding. In Sprang stond een bijkerk van de Loonse kerk die tot 1610 in functie was. Na de Reformatie konden de katholieken hun geloof niet meer openlijk belijden, en werden de kerkdiensten in het geheim verplaatst naar het kasteel in Loon op Zand.89
89
Sprengers/de Jongh 2023.
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
47
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
De eerste kerk in Kaatsheuvel werd gesticht in 1731, alhoewel dit niet meer was dan een kamer van een boerderij van de heer van Loon op Zand. Vijf jaar later verplaatste de kerk naar een schuurkerk. Pas in 1834 werd de eerste stenen kerk in Kaatsheuvel gebouwd, een Waterstaatskerk die dienstdeed tot 1912/1913 toen de grotere St. Jan de Doperkerk gebouwd. In het westelijke deel van Kaatsheuvel was enkele tientallen jaren eerder, in 1895/96, de H.H. Martelaren van Gorkum gebouwd (afbeeldingen 33 en 34) en in 1936 werd in het oostelijk deel van Kaatsheuvel de St. Jozefkerk gebouwd. Overigens was in 1804 al een kerkgesticht voor de Hersteld Hervormde Gemeente. Ook had Kaatsheuvel een eigen Joodse gemeenschap die in het verleden een eigen begraafplaats heeft gehad. Echter is deze al in de 19e eeuw geruimd.90 In de gemeente staan ook een aantal voormalige kloosters (afbeelding 35), alhoewel deze niet meer in oorspronkelijk gebruik zijn, en een tweetal kapellen. 91 Verder zijn ook nog oude kerkenpaden in de gemeente (afbeelding 36).
Afbeelding 33 Achterzijde pastorie naast de HH. Martelaren van Gorcum kerk. Foto: Vestigia, 11-07-25.
Afbeelding 34 Kerkhof achter de HH. Martelaren van Gorcum kerk. Foto: Vestigia, 11-07-25.
90
91
Sprengers/de Jongh 2023. Van Kuilenburg 2017, 31.
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
48
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
Afbeelding 35 Klooster aan overzijde kerk met beeld, Erastraat 5. Foto: Vestigia, 11-07-25.
Afbeelding 36 Kerkenpad Duikse Hoef. Foto: Vestigia, 11-07-25.
5.6
Verdediging en conflict
In de 80-jarige oorlog maakte het kasteel van Loon op Zand deel uit van de buitenste verdedigingsgordel rondom Den Bosch en op het kasteel werd in 1579 een garnizoen uit eerdergenoemde stad ingekwartierd. In juni 1587 werd het kasteel ingenomen door het Staatse garnizoen van Geertruidenberg. Bij de belegering liep voornamelijk de woontoren van het kasteel zware schade op. De bezetting duurde tot eind juli 1587 en bij vertrek van de bezetters werd het kasteel in brand gestoken.92 Op het kasteelterrein zijn nog elementen van verdedigingswerken uit de 80-jarige oorlog aanwezig.93 Ook de Tweede Wereldoorlog heeft zijn sporen in het landschap nagelaten, zoals zichtbaar op het MAStterrein (Plangebied Munitions Ausgabe Stelle (MASt 8/VI terrein). Begin 1941 is hier een munitiedepot
92
De Tachtigjarige Oorlog in Loon op Zand - Brabants Erfgoed
93
Van Kuilenberg 2017, 12.
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
49
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
voor de Duitse Luftwaffe aangelegd. Over het terrein werden 135 gemetselde opslagbunkers en meerdere opslaglocaties (ca. 30m2 en 3m hoog) aangelegd aan het maaiveld, tezamen met ca. 6 kilometer aan klinkerwegen voor het vervoer van de opslag. Verder werd ook een smalspoorbaan aangelegd, munitiewerkplaatsen, en faciliteiten voor de bemanning. 94 In september 1944 hebben de Duitsers de opslagplek opgeblazen, waarbij gebouwen en een groot stuk bos zijn gesneuveld. De nog aanwezige restanten van de bebouwing en het zwembad zijn verdwenen bij de aanleg van de N261. Tegenwoordig herinneren een aantal grote bomkraters nog aan deze geschiedenis. In de nabijheid van dit gebied bevindt zich ook nog een netwerk van loopgraven, waarvan de functie tot op heden nog niet duidelijk is.95 Op basis van een inventariserend en analyserend onderzoek in 2024 lijkt het terrein nog vrij intact te zijn, met zichtbare en naar verwachting ook onzichtbare sporen. 96 5.7
Publieke voorzieningen
De gemeente Loon op Zand heeft diverse publieke voorzieningen, zoals bibliotheken, vrijetijdshuis de Moer en een brandweerkazerne. Aan de Van Salm-Salmstraat in Loon op Zand staat een voormalige brandweerkazerne.97 In Kaatsheuvel staat de Theresiaschool uit 1927, die tot 2021 in gebruik was.98 In Kaatsheuvel en Loon op Zand waren in ieder geval in de tweede helft van de 19 e eeuw al scholen, terwijl de kinderen in De Moer geen eigen school hadden en de afstand naar de scholen in de omgeving elke dag te voet moesten afleggen. Na een lange strijd kreeg De Moer pas in 1916 een eigen schoolgebouw. 99 5.8
Economie, handel & industrie
Wat economie betreft zijn vanuit het verleden onder andere de aanleg van de turfvaart(en) en de leerlooierijen van groot belang in de gemeente. In opdracht van Paulus van Haastrecht werd vanaf 1397 de zogeheten Loonse Vaart of Turfvaart gegraven voor het vervoer van turf naar Den Bosch, nadat hij toestemming had gekregen voor de aanleg hiervan. Deze vaart liep onder andere door Loon op Zand en Kaatsheuvel. Hier verdienden de heren van Loon op Zand goed aan, met name in de 15e en 16e eeuw. Rond 1500 was de westgrens van de heerlijkheid Loon op Zand bereikt wat vervening betreft en tijdens de 80-jarige oorlog liepen de vaart geregeld schade op door de vernieling van bruggen en sluizen. De vervening nam af en de turfvaart werd halverwege de 17e eeuw onbruikbaar gemaakt. Van de vaart resteren nog enkele delen, zoals de Bossche Sloot bij Landgoed Plantloon.100 De landbouw in de Langstraat was al vroeg gericht op veehouderij. De aanwezigheid van vee maakte dat de Langstraat het centrum van leerlooierijen en schoenenindustrie werd. 101 Hoewel looien in de regio in de wintermaanden al op kleine schaal werd gedaan, werden de werkzaamheden vanaf 1850 o.a. in Kaatsheuvel en Loon op Zand geïndustrialiseerd.102 De nog steeds bekende schoenproducent Van Lier is in 1815 opgericht in de Langstraat in gemeente Loon op Zand. 103
94
Beckers 2025.
95
Toorians 2008, 249/250.
96
Beckers 2025.
97
Van Kuilenburg 2017, 33.
98
https://loon-op-zand.nieuws.nl/nieuws/een-laatste-kijkje-in-de-theresiaschool
99
Boeren et al., 2014, 57. Toorians 2008, 173/174, 192-194.
100
101
Raap 2022a. 102 Toorians 2008, 198/199. 103
https://www.vanlier.nl/over-van-lier
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
50
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
In de gemeente staan ook nog een aantal molens. Molen De Eendracht staat aan de Zuidhollandsedijk, een molenromp van baksteen uit 1849 staat aan de Vaartstraat en ook staat er nog een aan de Molenstraat. Verder zijn er ook diverse locaties van verdwenen molens bekend. 5.9
Bestuur en recht
In 1269 werd het destijdse Loon op Zand als Heerlijkheid uitgegeven aan Willem II van Horne. Hiertoe behoorde onder andere ook het dorp (villam de) Venloene. Door overervingen en verkoop kwam de heerlijkheid in 1383 in handen van Paulus I van Haastrecht. 104 Diverse belangrijke families hebben door de eeuwen heen invloed gehad op het beheer van Loon op Zand. Na familie Haastrecht werden Robbrecht en Maria van Grevenbroek heer en vrouwe van de heerlijkheid Loon op Zand, en daarna erfde zijn zoon Dirk de heerlijkheid. Na de familie van Grevenbroek kreeg familie van Immerseel de heerlijkheid in handen, waarbij de achterkleinzoon van Dirk van Grevenbroek, Engelbrecht II van Immerseel de heerlijkheid in 1640 erfde. Uiteindelijk was Charles van Immerseel de laatste van deze familie die het landgoed in bezit had. Hij was nooit getrouwd geweest, had geen kinderen en stierf in 1741. Hierna werd Albertine van Dongelberghe vrouwe van Loon op Zand, en in 1753 kwam de heerlijkheid in handen van de familie Salm-Salm.105 Tot aan 1811 is Loon op Zand een heerlijkheid gebleven, waarna het in dat jaar overging in een gemeente. Kaatsheuvel is vermoedelijk in de 15e eeuw als lintdorp ontstaan. Kaatsheuvel groeide snel na de opkomst van de schoenindustrie in 1730106 waarop de inwoners van Kaatsheuvel in 1840 de gemeenteraad vroegen om zelfstandig te worden.
In 1852 werd uiteindelijk besloten om een nieuw gemeentehuis te bouwen in Kaatsheuvel (afbeelding 37) en daarmee verplaatste het centrum van de macht in de gemeente. Dit ging gepaard met veel onvrede en in 1853 werd Loon op Zand zelfs in staat van beleg uitgeroepen (dat in datzelfde jaar ook weer werd opgeheven).107
Afbeelding 37 Het Oude Raadhuis (1853-1950) aan de Hoek Hoofdstraat/Peperstraat te Kaatsheuvel. Afbeelding: Heemkundevereniging De Ketsheuvel.
104
Toorians 2008, 168/169.
105
Boeren et al., 2014, 21/27/33.
106
De gemeente Loon op Zand, Heemkundekring Loon op ’t Sandt.
107
Toorians 2008, 245/246.
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
51
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
5.10
Toerisme en vrije tijd
In de jaren voor de Tweede Wereldoorlog nam toerisme in de gemeente steeds meer toe, zoals kamperen op kampeerboerderijen, maar ook dagrecreatie. De Vereniging tot Natuurbehoud had een groot deel van de Loonse en Drunense duinen gekocht, en na de oorlog werden hier fiets- en wandelpaden aangelegd. In de jaren daarna kwamen er steeds meer recreatiemogelijkheden: kamperen op campings, mogelijkheden tot het beoefenen van ruitersporten, mountainbiken op daarvoor aangelegde mountainbikeroutes en watersportactiviteiten. Bij het Witte Kasteel in Loon op zand ligt een voormalige maliebaan, aangelegd in 1640. De sport malie was destijds een deftig spel, waarbij men met een hamer een houten bal over een parcours sloeg.108 Zo zijn er in de gemeente tegenwoordig diverse locaties ontstaan waar inwoners en bezoekers kunnen recreëren zoals attractiepark de Efteling, Experience Island ’t Blauwe Meer met dichte bossen, water en stranden, en het Nationaal Park Loonse en Drunense Duinen (afbeeldingen 38 en 39). Maar ook kan men in de natuur genieten, zoals bij Park Huis ter Heide, Landgoed Plantloon en bijvoorbeeld het landschap van de Langstraat.109
Afbeelding 38 Uitspanning Loonse en Drunense Duinen met oorspronkelijke speeltuin (onder). Foto: Vestigia, 11-0725.
Afbeelding 39 Oorspronkelijke speeltuin Uitspanning Loonse en Drunense Duinen. Foto: Vestigia, 11-07-25.
108
Boeren et al., 2014, 27/69.
109
https://www.loonopzand.nl/vrije-tijd-toerisme/recreatie-en-toerisme
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
52
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
6
Inventarisatie dorpsgezichten in Loon op Zand
Onder stads- en dorpsgezichten worden op grond van de Omgevingswet (bijlage bij artikel 1.1) verstaan: groepen van onroerende zaken, van algemeen belang vanwege hun schoonheid, onderlinge ruimtelijke of structurele samenhang, wetenschappelijke of cultuurhistorische waarde en in welke groepen zich een of meer monumenten bevinden.110 In het buitengebied is niet altijd een zeer scherp onderscheid te maken tussen cultuurlandschappelijke elementen/structuren of een dorpsgezicht. In onze inventarisatie hebben we aangesloten bij de indeling van het bronbestand en bij aanvullingen hebben we een onderscheid gemaakt tussen structuren die een duidelijke gebouwde component kennen (bebouwingslinten) en structuren waarbij deze component niet (meer) duidelijk aanwezig is (toponiemen). 6.1
Huidig beleid
In de Erfgoedverordening 2015 van gemeente Loon op Zand wordt ook ingegaan op de aanwijzing als beschermd gemeentelijk stads- of dorpsgezicht (bijlage 7). Echter liggen in de gemeente Loon op Zand geen beschermde stads- of dorpsgezichten.111 De volgende historische dorpslinten zijn in het handboek ruimtelijke kwaliteit opgenomen en kennen reeds bescherming van beeldkwaliteit: 1) Centrum Kaatsheuvel 2) Lint Zuidhollandsedijk 3) Lint Vaartstraat 4) Lint Gasthuisstraat 5) Lint Marktstraat 6) Lint Erasstraat 7) Lint Rechtvaart 8) Centrum Loon op Zand 9) Lint Kasteellaan 10) De Moer 6.2
Methode: bronnen, kartering en waardering
De volgende bronnen zijn gebruikt voor de inventarisatie van dorpsgezichten: - Rijksinventarisaties: o beschermde gezichten o CultGIS112: lineaire bebouwing - Provinciale inventarisaties: CHW (zie paragraaf 3.3), - Gemeentelijke inventarisaties: (zie paragraaf 4.1), - Aanvullingen klankbordgroep en marktbezoekers. In totaal zijn 35 dorpsgezichten opgenomen in de inventarisatie, waarvan er drie reeds zijn gewaardeerd door de Provincie Noord-Brabant. De overige gezichten hebben op basis van hun kenmerkendheid een voorlopige waardering van 1 (nationale kenmerkendheid), 2 (provinciale kenmerkendheid) of 3 (gemeentelijke kenmerkendheid) meegekregen. Indien ook geen kenmerkendheid was opgenomen is op basis van expert judgement een eerste onderscheid in waardering aangegeven door middel van een A
110
Handreiking voorbeeldregels voor cultureel erfgoed in het omgevingsplan 2023, 109
111
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR490474/1#hoofdstuk_4
112
Cultuurhistorisch GIS (CultGIS) is een landsdekkend datasysteem met informatie over historisch-geografische fenomenen en is ontwikkeld in het Monitoringsprogramma Meetnet Landschap (1992-2006) van het toenmalige ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, nu Economische Zaken. De informatie in CultGIS is gerelateerd aan de rapporten die onder de naam Ontgonnen Verleden zijn gepubliceerd. Het eerste rapport bevatte de selectie van historisch-geografische elementen, patronen en gebieden van nationale betekenis (Baas e.a., 2000). De serie provinciale rapporten verscheen onder dezelfde naam, en bevat regiobeschrijvingen (Haartsen, 2003).
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
53
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
(waardevol voor de gemeente) of B (mogelijk waardevol voor de gemeente) toegekend, met name op basis van herkenbaarheid van de relatie tussen het landschap en de bebouwingsstructuur. Verantwoording kolommen inventarisatietabel. CHI_ID: aanvulling Vestigia voor koppelen gegevens tabel en kaart. Naam: indien aanwezig overgenomen uit bronbestand, anders aangevuld door Vestigia Thema: Aanvulling Vestigia voor thematische benadering kaart Type: indien aanwezig overgenomen uit bronbestand, anders aangevuld door Vestigia Karakteristiek: indien aanwezig overgenomen uit bronbestand Waarde: indien aanwezig overgenomen uit bronbestand, anders aangevuld door Vestigia. Datering: indien aanwezig overgenomen uit bronbestand Opmerkingen: aanvulling Vestigia Bron informatie: meerdere mogelijk Bron contour: verantwoording contour op kaart Op de voorlopige Erfgoedkaart – dorpsgezichten (kaartbijlage 1) zijn alle geïnventariseerde dorpsgezichten weergegeven. In bijlage 9 is het erfgoedregister voor de dorpsgezichten opgenomen waarin in tabelvorm een selectie van de gegevens uit de achterliggende GIS-tabel weergegeven.
De gezichten betreffen over het algemeen bebouwingslinten (met een diverse landschappelijke achtergrond in dekzand- veen-, broek- en heideontginningen), het Sprookjesbos van de Efteling, en het complex van samenhangende rijksmonumenten aan de Erasstraat met kerk, pastorie, begraafplaats en klooster (zie afbeelding 40).
Afbeelding 40 Kaatsheuvel kerk aan Erasstraat met op de achtergrond het klooster. Foto: Vestigia, 11-07-25.
6.3
Instrumentarium voor bescherming
Het instrument van bescherming voor gezichten is aanwijzing tot gemeentelijk beschermd dorpsgezicht. Net als het rijksbeschermde dorpsgezicht heeft dit instrument niet tot doel de huidige situatie te bevriezen. “Nieuwe ontwikkelingen moeten zoveel mogelijk aansluiten bij het karakter (de
kernkwaliteiten) van het gebied. Bescherming betreft het behoud van bestaande karakter van de bebouwde en onbebouwde omgeving, én dat nieuwbouw- en herinrichtingsplannen inspelen op het stedenbouwkundige of landschappelijke karakter van de plek.”
Voor de uitwerking van dit instrument is geen vast stramien aan te geven, opties zijn in algemene zin:
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
54
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
1. Het opstellen van regelgeving in het omgevingsplan met betrekking tot bijvoorbeeld de bebouwingspatronen, bouwhoogten, rooilijnen, zichtlijnen, verhouding bebouwd/onbebouwd en groenaanleg; 2. Het opstellen van een beeldkwaliteitsplan of stedenbouwkundige visie.113 In beide gevallen is het opstellen van een achtergrond-/onderzoeksrapport met daarin de belangrijkste kernkwaliteiten van het dorpsgezicht beschreven een eerste stap. Dit sluit aan bij de toelichting bij artikel 19 van de Erfgoedverordening: “Vanwege het feit, dat een aanwijzing van een gebied slechts strekt
tot een verbod, is het gewenst aan te geven wat de ontwikkelingsmogelijkheden in het gebied zijn. Het geëigende middel daartoe is de opstelling van een beheersverordening, die uitgaat van de bescherming van de beschreven cultuurhistorische waarden.” 6.4
Conclusie en aanbevelingen
In de inventarisatie ontbreken de voor de gemeente kenmerkende thema’s Kastelen en buitenplaatsen en Economie, handel & industrie nog in zijn geheel. Ook is de periode Wederopbouw en Post-65 niet vertegenwoordigd in het thema bewoning en ontginning. Aanbevolen wordt om voor deze thema’s gericht op zoek te gaan naar clusters van karakteristieke objecten die onderling thematische samenhangen of de periode 1950-1980 vertegenwoordigen en daarbij de inventarisatie gebouwd erfgoed, landschap en, in de toekomst, archeologie en immaterieel en roeren, te combineren. Een drietal gezichten zijn opgenomen in de Cultuurhistorische Waardenkaart van de Provincie NoordBrabant. Deze dienen binnen het gemeentelijk beleid te voldoen aan de instructieregel van de provincie om rekening te houden met de cultuurhistorische waarden van deze gezichten en waar mogelijk deze te versterken. Aanbevolen wordt daarom om deze gezichten allemaal te beschouwen als van waarde voor de gemeente (A). Tenslotte bevelen wij aan om, nadat het gemeentelijk waarderingskader is vastgesteld, alle gezichten te waarderen, hieruit een selectie te beschermen en aan te wijzen als gemeentelijk beschermd gezicht en de kernkwaliteiten van deze beschermde gezichten te beschrijven. Hiervoor kan gebruik worden gemaakt van reeds aanwezig materiaal, zoals in het handboek ruimtelijke kwaliteit en de Lintenvisie.
Ook kan eventueel een Beheerplan worden opgesteld, eventueel in samenspraak met bewoners. Hiervoor heeft Platform31 in samenwerking met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed een Stappenplan opgesteld. 114
113
Handreiking voorbeeldregels voor cultureel erfgoed in het omgevingsplan 2023, 109
114
Geef bewoners de ruimte bij beschermd gezicht. Stappenplan voor gemeenten die bewonersinitiatieven in de openbare ruimte willen ondersteunen: https://www.platform31.nl/wp-content/uploads/2025/05/Geef-bewoners-de-ruimte-bij-beschermd-gezichtStappenplan-voor-gemeenten.pdf
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
55
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
7
Inventarisatie gebouwd erfgoed in Loon op Zand
In de Omgevingswet wordt het begrip Monumenten (gebouwd of aangelegd) gehanteerd, dat ruimer gehanteerd wordt dan alleen rijks-, provinciale en gemeentelijke monumenten. Omdat dit voor veel verwarring zorgt, is ervoor gekozen in dit rapport het begrip ‘gebouwd erfgoed’ te hanteren waarvoor in de Omgevingswet ‘Monument’ bedoeld wordt. 7.1
Huidig beleid
In de gemeente zijn 24 gebouwde Rijksmonumenten aanwezig en 45 gemeentelijke monumenten (zie bijlage 14). Voor deze objecten is regelgeving opgenomen in het Omgevingsplan (via de bruidsschat) en via de Erfgoedverordening. De contouren van de monumenten zijn nog niet opgenomen in het Omgevingsplan. De gemeentelijke monumentenlijst is niet up-to-date omdat een aantal monumenten is afgevoerd en er een aantal is toegevoegd. Daarmee is het voor de inwoners onduidelijk voor welke objecten welke regelgeving geldt. 7.2
Methode: bronnen, kartering en waardering
De volgende bronnen zijn gebruikt voor de inventarisatie van het gebouwd erfgoed: - Rijksinventarisaties: o Rijksmonumenten - Gemeentelijke inventarisaties: o Gemeentelijke monumenten o Quickscan cultuurhistorische waarden (zie paragraaf 4.1.2), - Aanvullingen klankbordgroep en marktbezoekers. Diverse panden die gemeentelijk monument waren zijn inmiddels afgeschreven of aangewezen als Rijksmonument. De volgende monumenten staan op oude gemeentelijke monumentenlijsten of hebben een monumentenbeschrijving, maar staan niet op de lijst uit 2025. Het is vooralsnog niet bekend of deze inmiddels afgeschreven zijn: Oranjeplein ong., Hoge Zandschel 11, Kinkenpolder 12, en Kloosterstraat 8. In de ontvangen documenten (Pdf’s) van de gemeentelijke monumenten waren de contouren van de ligging van het monument niet altijd even duidelijk. Waar de contouren op de monumentenbeschrijvingen overeenkomen met BAG, of wanneer de contouren niet bekend zijn, zijn de BAG contouren van het desbetreffende adres aangehouden (bron contour BAG in tabel). Wanneer de contour op de monumentenbeschrijving afwijkt is de contour van de monumentenbeschrijving zoveel mogelijk overgenomen met als onderliggende kaartlaag de BAG panden (bron contour Vestigia in tabel).
In principe geldt hetzelfde voor de objecten uit de quickscan: in verband met het ontbreken van contouren in de inventarisatie is de BAG-contour aangehouden. Bij elementen in of aan een huis is de BAG-contour van het pand opgenomen op de kaart, om te duiden bij welk adres het specifieke element hoort (o.a. Gasthuisstraat 9 en Gasthuisstraat 19). Bij enkele elementen is de perceelsgrens opgenomen (zoals begraafplaats Zuidhollandsedijk, bij 63), of het element ingetekend door Vestigia. In totaal zijn – naast de rijks- en gemeentelijke monumenten – 95 objecten opgenomen in de inventarisatie, waarvan de meeste reeds gewaardeerd zijn volgens het in paragraaf 4.1. opgenomen waardebepalingen. Het advies uit de quickscan opvolgend om de objecten die + of ++ worden gewaardeerd (en hierbij gaafheid leidend te laten zijn) als potentiële monumenten te beschouwen is in eerste instantie opgevolgd en er is dus een indeling aangehouden in ‘potentieel gemeentelijk monument’ en ’van cultuurhistorische waarde’. Onderdelen van gebouwen zijn – tenzij onderdeel van een potentieel of reeds bestaand monument – opgenomen als ‘van cultuurhistorische waarde’. Objecten die in de studie werden afgeschreven of niet meer bestaan hebben de waardering ‘geen cultuurhistorische waarde’ gekregen.
Tenslotte is voor de nog niet gewaardeerde objecten (Tv-toren, Roestelberg en Weteringstraat 17a) op basis van expert judgement een eerste onderscheid in waardering aangegeven en zijn allen als VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
56
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
‘waardevol voor de gemeente’ gewaardeerd, met name vanwege hun architectuurhistorische waarde (Tvtoren) en cultuurhistorische waarde (Roestelberg en Weteringstraat 17a). Verantwoording kolommen inventarisatietabel. CHI_ID: aanvulling Vestigia voor koppelen gegevens tabel en kaart. Naam/adres: indien aanwezig overgenomen uit bronbestand, anders aangevuld door Vestigia Thema: Aanvulling Vestigia voor thematische benadering kaart Type: indien aanwezig overgenomen uit bronbestand, anders aangevuld door Vestigia Karakteristiek: indien aanwezig overgenomen uit bronbestand Waarde: indien aanwezig overgenomen uit bronbestand, anders aangevuld door Vestigia. Architectuurhistorische waarde, cultuurhistorische waarde, ruimtelijke samenhang/ landschappelijke waarde, gaafheid van de bouwmassa en detaillering: indien aanwezig overgenomen uit bronbestand Datering: indien aanwezig overgenomen uit bronbestand Opmerkingen: aanvulling Vestigia Bron informatie: meerdere mogelijk Bron contour: verantwoording contour op kaart Op de voorlopige Erfgoedkaart – Gebouwd erfgoed (kaartbijlage 2) zijn alle geïnventariseerde objecten weergegeven, thematisch en op waardering. In bijlage 10 is het erfgoedregister voor de gebouwde objecten opgenomen. De objecten betreffen onder andere woonhuizen, boerderijen, woon-winkelpanden en losse elementen.
Op afbeeldingen 41 tot en met 46 zijn een aantal panden gebouwd erfgoed weergegeven. Een opvallend element met een ligging op gemeentelijk grondgebied net buiten de gemeentegrens is de televisietoren van Loon op Zand (afbeelding 47).
Afbeelding 41 De voorzijde van de basisschool aan de Gasthuisstraat 9 te Kaatsheuvel met aan de voorgevel een beeld van de Heilige Theresia. Foto: S. van der Meulen 2017, 15.
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
57
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
Afbeelding 42 Voormalige brandweerkazerne aan het Anton Pieckplein 117 te Kaatsheuvel. Foto: S. van der Meulen 2017, 9.
Afbeelding 43 Pastorie uit 1924 aan de Zuidhollandsedijk 61 te Kaatsheuvel. Foto: S. van der Meulen 2017, 46.
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
58
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
Afbeelding 44 Kapel ten zuiden van Loon op Zand. Foto: Vestigia, 11-07-25.
Afbeelding 45 Bakhuis aan de Middelstraat 68 te De Moer. Foto: S. van der Meulen 2017, 51.
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
59
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
Afbeelding 46 Boerderij uit ca. 1900 (gewijzigd 1973) aan de Kraanven 35-37 te Loon op Zand. Foto: S. van der Meulen 2017, 81.
Afbeelding 47 De Televisietoren bij Loon op Zand, gezien vanaf de Midden Brabantweg richting het oosten. Foto: Google Street View, oktober 2024 (geraadpleegd 28-07-25).
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
60
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
7.3
Instrumentarium voor bescherming
Het aanwijzen tot gemeentelijk monument is in de regel de meest effectieve vorm om erfgoed te beschermen. In het omgevingsplan krijgt de locatie van het desbetreffende monument de functieaanduiding ‘gemeentelijk monument’. Zolang er nog geen definitief omgevingsplan is, kunnen monumenten worden aangewezen op grond van de gemeentelijke erfgoedverordening. Wel moet de erfgoedverordening dan op een aantal onderdelen (technische wijzigingen) worden aangepast. Uiterlijk op 31 december 2031 moeten alle gemeentelijke monumenten zijn voorzien van een functie-aanduiding ‘gemeentelijk monument’ en de bepalingen uit de erfgoedverordening die slaan op de fysieke leefomgeving moeten dan uit de erfgoedverordening zijn gehaald. Per monument is het van belang te beoordelen hoe de begrenzing van het monument wordt gelegd. 115 In het tweede lid van de Bkl wordt gevraagd rekening te houden met de omgeving van rijksmonumenten, voorbeschermde rijksmonumenten en monumenten die op grond van het omgevingsplan zijn beschermd, voor zover die monumenten door de aantasting worden ontsierd of beschadigd.
In het omgevingsplan zal moeten worden opgenomen tot hoever de omgeving strekt waarin rekening moet worden gehouden met het beschermde monument.116 De meest basale en op korte termijn eenvoudigste manier is om in eerste instantie rondom de monumenten een standaard beschermingszone (buffer) op te nemen in het omgevingsplan. Deze buffer dient als tijdelijke maatregel om de directe omgeving van het monument te beschermen tegen ongewenste ingrepen. In een vervolgtraject worden deze zones dan verfijnd op basis van monumentspecifieke studies, waarbij onder meer zichtlijnen, historische structuren en landschappelijke samenhang worden meegenomen. Zo ontstaat maatwerkbescherming die recht doet aan de unieke context van elk monument. Deze tweetrapsoptie geeft echter op de middellange termijn meer werk in de beoordeling van vergunningsaanvragen en kan onnodige belemmeringen vormen bij ontwikkeling. In één keer de juiste contour opnemen in het omgevingsplan heeft daarom de voorkeur. Hierbij kan gedacht worden aan het zoveel mogelijk combineren van bij elkaar gelegen monumenten tot dorpsgezichten tot één omgeving en maatwerkcontouren voor ‘losse’ monumenten.
Om tijdelijk – tijdens de uitvoering van de onderzoeken - tóch bescherming van het monument in het omgevingsplan te borgen, kan een algemene regel in de Verordening Fysieke Leefomgeving opgenomen worden, geldend voor het gehele grondgebied van de gemeente, waarin de eis aan initiatiefnemers wordt gesteld wordt dat activiteiten geen afbreuk mogen doen aan de omgevingswaarde van een monument. Deze optie kan ook als definitieve variant worden gekozen. Tenslotte is er nog de optie om te werken met risicoanalyses en specifieke regels in het omgevingsplan, zoals beperkingen voor hoogbouw en aanlegvergunningen binnen beschermde gezichten. 117 Deze laatste twee opties voegen echter regels toe aan het omgevingsplan en werken indirect. 7.4
Conclusie en aanbevelingen
De inventarisatie gebouwd erfgoed omvat gebouwde thema’s, behalve verdediging en conflict en bestuur en recht. Verder is ook het thema toerisme en vrije tijd ondervertegenwoordigd. Het funerair erfgoed
115
Handreiking voorbeeldregels voor cultureel erfgoed in het omgevingsplan 2023, 24-26
116
Handreiking voorbeeldregels voor cultureel erfgoed in het omgevingsplan 2023, 24-26
117
Concreet aan de slag met de Omgevingswet! Lees meer over onze werksessies Erfgoed en Omgevingswet - Steunpunt Cultureel Erfgoed Noord-Holland
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
61
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
werd als onderbelicht thema door één van de klankbordgroep leden genoemd. Wanneer gekeken wordt naar tijdsperiodes is de periode na 1950 nog niet systematisch onderzocht. Voor dit zogenoemde Wederopbouw- en Post-65 erfgoed is een handreiking in de maak binnen het Programma FARO van de RCE118. Geadviseerd wordt om een thematisch vervolgonderzoek uit te voeren. Het erfgoedonderzoek van de Efteling kan voor het thema toerisme en vrije tijd als eerst start worden gezien. De huidige selectie van objecten ‘waardevol voor de gemeente’ en ‘potentiële monumenten’ is te groot (meer dan 40) om allemaal als gemeentelijke monument aan te wijzen. Geadviseerd wordt om, nadat de lijst is uitgebreid met een onderzoek naar de periode wederopbouw en post-65, eenduidig te waarderen via een waarderingskader en deze op te nemen in de erfgoedverordening. Zoals in Hoofdstuk 3 reeds genoemd, heeft de COK op dit moment geen juridisch vastgesteld document ter onderbouwing van haar adviezen met betrekking tot het wel of niet aanwijzen van een object tot gemeentelijk monument, maar gebruikt ze hiervoor een in de gemeente Oirschot ontwikkelde, erfgoedmeetlat om de cultuurhistorische waarden zo objectief mogelijk in beeld te brengen. Dit levert voor het beoordelen van vergunningsaanvragen voor ingrepen geen problemen op.
Echter, voor het beoordelen van de monumentwaardigheid van monumenten mist de commissie een beleidskader vanuit de gemeente. Dit levert in de praktijk juridische problemen op voor de onderbouwing van aan- en afwijzingen van gemeentelijke monumenten. In een gesprek met de leden van de COK in het kader van dit beleidstraject is aangegeven dat zij hiervoor graag een oplossing willen zien in het op te stellen beleid van de gemeente. Voor dit probleem draagt zij twee oplossingen aan: 1. Het overnemen van de waarderingscriteria (bijvoorbeeld die van de RCE) in de erfgoedverordening: hierdoor kan gerichter worden gediscussieerd en gecommuniceerd over de afweging van de beoordeling van monumentwaardigheid; 2. Het opnemen van een oproepbaar commissielid met inhoudelijke expertise met betrekking tot bouwhistorische waarderingen. Deze expertise is op dit moment niet aanwezig in de commissie. Het overnemen van de algemene waarderingscriteria van de RCE zal echter leiden tot een verschraling van het gemeentelijk monumentenbestand, omdat deze niet gespecificeerd is naar de thema’s die voor het verhaal van Loon op Zand van belang zijn. Je krijgt dan alleen landelijk waardevolle objecten in beeld (maar dit is het werk van de RCE) of alleen landelijk minder-waardevolle objecten in beeld (als je de drempel verlaagt) en je hebt geen grip op behoud van lokale identiteit.
Daarom wordt geadviseerd de criteria I-IV naast de sub criteria uit te breiden met een kolom waarin specifiek de aansluiting wordt gegeven voor een verhaallijn van Loon op Zand, waardoor de algemene criteria locatiespecifiek worden. Gedacht kan worden aan de schoenenindustrie bij architectuurhistorische waarde, de lintbebouwing bij de ensemblewaarde, en de dorpsverenigingen of carnaval bij de cultuurhistorische/immateriële waarde. Met betrekking tot de volgorde van aanwijzing, wordt geadviseerd te werken met een beschermingsagenda en bijvoorbeeld programmagestuurd aan te wijzen. Omdat het systematisch waarderen tijd zal kosten, kan gedacht worden aan een top 10, die voorgelegd wordt aan de klankbordgroep en vooruitgeschoven wordt in de aanwijzing. Enkele objecten die hiervoor in aanmerking zouden kunnen komen zijn de televisietoren, de R.K. Basisschool Theresia in Kaatsheuvel (Gasthuisstraat 9), de voormalige brandweerkazerne aan het Anton Pieckplein, de fabrikantenwoning (Rechtvaart 2a), de
118
https://faro.cultureelerfgoed.nl/thoughts/2394?utm_medium=email&utm_source=Platform+Faro#comment_2827
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
62
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
pastorie (Zuidhollandsedijk 61) en de Hervormde Kerk met begraafplaats (Zuidhollandsedijk 63) en het Gerlachusbeeld uit 1926, aangevuld met enkele boerderijen. Tenslotte wordt geadviseerd om de contouren van alle gemeentelijke monumenten na te lopen, omdat deze nu voorlopig op basis van het adres of de BAG zijn ingetekend en hierdoor onderdelen van het monument kunnen zijn gemist. Het nalopen van alle gemeentelijke monumenten is uitstekend te combineren met het opstellen van de onderzoeken die benodigd zijn in het kader van het vaststellen van de omgeving van de monumenten. Geadviseerd wordt om met betrekking tot de vaststelling van de omgeving van de rijksmonumenten een overleg met de adviseur van de RCE in te plannen.
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
63
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
8
Inventarisatie cultuurlandschappen in Loon op Zand
In de Omgevingswet is geen aparte begripsbepaling opgenomen voor cultuurlandschappen. Wel is opgenomen dat cultuurlandschappen onderdeel vormen van cultureel erfgoed. Er is wel een begripsbepaling opgenomen voor landschappen: gebieden zoals die door mensen worden waargenomen en waarvan het karakter wordt bepaald door natuurlijke of menselijke factoren en de interactie daartussen. Hiermee kunnen cultuurlandschappen afgeleid worden als landschappen die deel uitmaken van cultureel erfgoed.119 In onze inventarisatie zijn we uitgegaan van reeds bestaande indelingen en hebben wij landschappelijk elementen en structuren toegevoegd waarbij het karakter nadrukkelijk ook een menselijke component kent. Om deze reden zijn ook de vastgestelde archeologische monumenten (zogenaamde AMK-terreinen) opgenomen op de cultuurlandschappelijke inventarisatiekaart. 8.1
Huidig beleid en regelgeving
De provinciale omgevingsverordening verplicht gemeenten regelgeving in het omgevingsplan op te nemen ten behoeve van het behoud, het herstel of de duurzame ontwikkeling van de cultuurhistorische waarden en kenmerken op de CHW (Cultuurhistorische waardenkaart), waaronder de cultuurlandschappelijke gebieden en elementen. Alleen voor de complexen van cultuurhistorisch belang is daarvoor een specifieke regel opgenomen dat functiewijziging slechts mogelijk is indien deze bijdraagt aan het behoud en de versterking van de aanwezige karakteristieke kwaliteiten (zie ook paragraaf 3.3 Provinciaal erfgoedbeleid). Zoals in paragraaf 3.4.3 (Regelgeving tijdelijk Omgevingsplan) al is vermeld, is op dit moment onduidelijk welke regelgeving in het gemeentelijk Omgevingsplan geldt voor deze cultuurhistorische waarden en kenmerken van de CHW en of en hoe regelingen met betrekking tot voorheen opgenomen cultuurhistorische landschapselementen in bestemmingsplannen op dit moment zijn opgenomen in het omgevingsplan. In het verleden kon een omgevingsvergunning binnen het bestemmingsplangebied Buitengebied Geconsolideerd slechts worden verleend indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de natuurwaarden, landschappelijke waarden en cultuurhistorische waarden.120 8.2
Methode: bronnen, kartering en waardering
De volgende bronnen zijn gebruikt voor de inventarisatie landschappelijke elementen:
119
Handreiking voorbeeldregels voor cultureel erfgoed in het omgevingsplan 2023, 125
120
Toelichting Buitengebied Geconsolideerd NL.IMRO.0809.BPBuitengebiedGC-GC01, 21, 92
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
64
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
-
-
Rijksinventarisaties: Cultuurhistorische GIS (CultGIS)121, HistLand122, De Erfgoedatlas met onder andere de thematische kaart Groen Erfgoed123, en de thematische kaart van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed Leven met Water;124 Provinciale inventarisaties: Cultuurhistorische Waardenkaart (CHW) van Noord-Brabant (zie paragraaf 3.3); Gemeentelijke inventarisaties (zie paragraaf 4.1); Aanvullingen/suggesties klankbordgroep en marktbezoekers.
Indien elementen in meerdere bronnen voorkomen is gekozen voor de bron met een beleidsstatus. In het geval van de Loonse en Drunense duinen is gekozen om meerdere contouren op te nemen omdat er meerdere contouren zijn met een beleidsstatus of waardering. De helft van de elementen en structuren zijn reeds gewaardeerd en deze waarderingen zijn voor de inventarisatie overgenomen: - in de gemeente hebben vijf rijksmonumenten een rijksmonumentale groenaanleg: het betreft de parkaanleg bij het Witte Kasteel (rijksmonument 515256), Molen De Eendragt (rijksmonument 26171), Molen De Couwenberg (rijksmonument 527688), de begraafplaats bij de HH Martelaren van Gorcumkerkhof (Berndijk) (rijksmonument 525703) en de begraafplaats bij de H Johannes de Doperkerkhof (rijksmonument 524402); - in de gemeente liggen 5 archeologische monumenten (terreinen van hoge archeologische waarde). Het betreft de terreinen 4297, 13904, 4295, 4294 en 4291; - er zijn vier cultuurhistorische gebieden van provinciaal belang (zie bijlage 14 en kaart 4): Dijkbaanse Steeg en omgeving, Loonse en Drunense Duinen, Landgoed Huis ter Heide en het Kasteel van Loon op Zand; - tenslotte de volgende cultuurhistorische elementen o 18 monumentale bomen: o.a. enkele bomen bij de Johannes de Doperkerk te Kaatsheuvel en een bruine beuk ten oosten van de St.
Jans Onthoofding Kerk te Loon op Zand; o 5 gewaardeerde historisch geografische vlakken (redelijk hoog, hoog of zeer hoog): o.a. de heideontginningen Duikse Hoef en Landgoed Plantloon; o 8 gewaardeerde elementen groen erfgoed (A/B, A of C). A = zeer waardevol | B = waardevol | C = vrij waardevol (+++ = nagenoeg volledig | ++ = vrij volledig | + = onvolledig): o.a. de Nieuwe Vaart, Galgeneind en Moleneind; o 17 gewaardeerde elementen historisch groen (redelijk hoog, hoog en zeer hoog): o.a. houtwal en laanbeplanting De Moer, Hakhout Plakkeven Loon op Zand, en haag en perceelsrandbegroeiing De Vossenberg in Kaatsheuvel;
121
Cultuurhistorisch GIS (CultGIS) is een landsdekkend datasysteem met informatie over historisch-geografische fenomenen en is ontwikkeld in het Monitoringsprogramma Meetnet Landschap (1992-2006) van het toenmalige ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, nu Economische Zaken. De informatie in CultGIS is gerelateerd aan de rapporten die onder de naam Ontgonnen Verleden zijn gepubliceerd. Het eerste rapport bevatte de selectie van historisch-geografische elementen, patronen en gebieden van nationale betekenis (Baas e.a., 2000). De serie provinciale rapporten verscheen onder dezelfde naam, en bevat regiobeschrijvingen (Haartsen, 2003). 122
Histland is ontwikkeld door Alterra op verzoek van het toenmalige ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit ten behoeve van de Monitoring Kwaliteit Groene Ruimte en bevat gegevens over de ontginning van het Nederlandse landschap en de mate van verandering van het landschap tussen 1850 en 1980. Histland legt relaties tussen het historische landschap van een specifieke plek, de processen die tot dat landschap hebben geleid, de huidige landschapsvormen en de mate waarin het landschap is gewijzigd. Ontwikkelingen vanaf 1980 zijn niet in de kaart verwerkt. Histland | Bronnen en kaarten | Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed 123
Deze thematische kaart bundelt onder meer gebieden met oude boskernen, houtwallen en heggen, rijksbeschermde buitenplaatsen met beschermde groenaanleg, monumentale bomen, nationale parken en gegevens uit de eerste Nederlandse bosstatistiek. Alleen de rijksbeschermde buitenplaatsen met beschermde groenaanleg en de monumentale bomen zijn in de inventarisatie meegenomen. Kaart groen erfgoed | Bronnen en kaarten | Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed 124
Kaart leven met water | Bronnen en kaarten | Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
65
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
o
o o o
9 gewaardeerde historisch geografische lijnstructuren bij naam genoemd (zeer hoog) in de CHW Noord-Brabant: o.a. de Klinkerweg Duikse Hoef, Meerdijk, Turfvaart Bossche Sloot en de stuifzandwallen Loonse en Drunense duinen; 27 historisch geografische lijnstructuren van hoge waarde in de CHW Noord-Brabant; 798 historisch geografische lijnstructuren van redelijk hoge waarde in de CHW NoordBrabant; en het Kasteellandschap van het Witte Kasteel.
De nog niet gewaardeerde elementen (100 in totaal) hebben op basis van expert judgement een eerste onderscheid in waardering per type verkregen door middel van een I (waardevol voor de gemeente) of II (mogelijk waardevol voor de gemeente), met name op basis van hun kenmerkendheid en zeldzaamheid: Wiel: I Dijk: I Beplanting/bebossing: II Perceelrand begroeid: I Regelmatige strokenpercelering of opstrekkende strokenverkaveling: I Overige verkaveling: II Weg: II Gegraven waterloop: II Landgoederen en buitenplaatsen: I Bedrijvigheid: II Vloeiweide: I Veenkolonie: II Kampontginning met plaatselijk essen: II Heideontginning en bossen (sedert 1850): II Bebouwde kom: II Zichtrelatie: I Molenbiotoop: I Tracé tramlijn: II (Modern) gemaal: II Begraafplaats: I Leemafgraving: II IJsbaan: I Bewoningstoponiem: II Turfvaart: I Munitieopslag: II Maliebaan: II Verantwoording kolommen inventarisatietabel. CHI_ID: aanvulling Vestigia voor het koppelen van gegevens uit de tabel en kaart. Naam: indien aanwezig overgenomen uit bronbestand, anders aangevuld door Vestigia Thema: Aanvulling Vestigia voor thematische benadering kaart Type/soort: indien aanwezig overgenomen uit bronbestand, anders aangevuld door Vestigia Waarde/status: indien aanwezig overgenomen uit bronbestand, anders aangevuld door Vestigia.
Kenmerkend: indien aanwezig overgenomen uit bronbestand Datering: indien aanwezig overgenomen uit bronbestand Opmerkingen: aanvulling Vestigia Bron ID: indien aanwezig overgenomen uit bronbestand Bron informatie: meerdere mogelijk Bron contour: verantwoording contour op kaart
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
66
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
Alle elementen in polygoonvorm zijn overgenomen zoals opgenomen in de desbetreffende onlinebron (waarbij alles wat buiten de gemeentegrens ligt niet is opgenomen). Omdat alleen polygonen kunnen worden opgenomen in het omgevingsplan, zijn alle elementen in punt- of lijnvorm overgezet naar een polygoon via een buffer. Dit is gedaan per categorie en niet op elementniveau. Het betreft de volgende categorieën (met daarbij de grootte van de buffer): • Begraafplaatsen 5m buffer • Gemalen 5m buffer • Historische tramwegen 2m buffer • Molens 5m buffer • Monumentale bomen 2m buffer • Verdwenen molens 5m buffer • Verstedelijking (route) 2m buffer De historische lijnen van redelijk hoge waarde en hoge waarde (respectievelijk 798 en 27 elementen) zijn als twee samengestelde polygonen opgenomen. De begrenzing van het kasteellandschap het Witte Kasteel was indicatief in de cultuurhistorische waardebepaling. Het element is door ons ook indicatief op de kaart gezet en niet één op één overgenomen. Op de inventarisatiekaart (kaart 3) zijn alle cultuurlandschappelijke elementen weergegeven. In bijlage 11 is het erfgoedregister voor de cultuurlandschappen opgenomen waarin in tabelvorm een selectie van de gegevens uit de achterliggende GIS-tabel is weergegeven.
De cultuurlandschappelijke elementen betreffen onder andere infrastructurele elementen (zoals dijken, wegen, gemalen en waterlopen), groenelementen (waaronder monumentale bomen en perceelsbegroeiing), bewonings- en ontginningselementen (waaronder kampontginningen, heidebebossing, bebossing en veenontginningen en parkaanleg) en industriële elementen (waaronder (verdwenen) molens).
Afbeelding 48 Zandweg in de gemeente Loon op Zand. Foto: Vestigia, 11-07-25.
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
67
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
Afbeelding 49 De Loonse en Drunense duinen in de gemeente Loon op Zand. Foto: Vestigia, 11-07-25.
8.3
Instrumentarium voor bescherming
Hoewel er al heel lang een roep om bescherming van waardevolle landschappen bestaat, en dit diverse malen in gang is gezet, bijvoorbeeld door middel van aanwijzing van Belvederegebieden, Waardevolle Cultuurlandschappelijk en recentelijk de Nationale Parken Nieuwe stijl, is er nog steeds geen helder instrumentarium voor het beschermen van landschappen. Het meest geijkte middel lijkt daarmee aanwijzing tot archeologisch monument.125 In de handreiking Voorbeeldregels voor cultureel erfgoed in het omgevingsplan is echter, bij gebrek aan een eigen instrumentarium voor bescherming de systematiek, aansluiting gezocht bij die van het beschermd stads- of dorpsgezicht. Daarvoor is het van belang dat de kernkwaliteiten van het beschermd cultuurlandschap ontsloten zijn. Anders dan bij beschermde monumenten, waarbij het bevoegd gezag de aanvrager om een aanvullende waardestelling kan vragen, moeten de kernkwaliteiten van een beschermd cultuurlandschap vooraf kenbaar zijn door middel van bijvoorbeeld een bijlage bij de regels of een toelichting bij het omgevingsplan.126 De RCE is bezig met een pilot om aan de hand van praktijkvoorbeelden inzicht te geven in de toepassing van de voorbeeldregels uit de handreiking.127 8.4
Conclusie en aanbevelingen
Hoewel de contouren van de regio’s uit het Panorama Landschap (De Langstraat en de Meijerij) zijn opgenomen in de inventarisatie (en daarmee de gemeente vlakdekkend opgenomen is in de erfgoedkaart), zijn de belangrijke structuurdragers van deze landschappen nog niet op individueel niveau geïnventariseerd. Sommige elementtypen komen voor in andere inventarisatie (zoals CultGIS), maar nog niet opgenomen is het reliëf van het zandgebied, bijvoorbeeld van de dekzandruggen en de bolle akkers. Een onderzoek dat AHN-, geomorfologische en historische gegevens combineert geeft een grote meerwaarde aan de landschappelijke erfgoedkaart omdat deze daarmee specifieker wordt gemaakt.
125
Baas 2024, 109-115
126
Handreiking voorbeeldregels voor cultureel erfgoed in het omgevingsplan 2023, 125-126
127
https://kennis.cultureelerfgoed.nl/index.php/Omgevingsplan_-_stappenplan_voor_borging_van_cultuurlandschappen
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
68
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
Met betrekking tot het kasteellandschap van het Witte Kasteel wordt geadviseerd in overleg te treden met de RCE of de contour van het huidige rijksmonument kan worden uitgebreid op basis van de cultuurhistorische waardebepaling. Indien dit niet mogelijk is of lang duurt, is een alternatief om de extra contour als gemeentelijk beschermd cultuurlandschap op te nemen. Ook voor de provinciale cultuurhistorisch waardevolle gebieden worden aanbevolen deze als gemeentelijk beschermd cultuurlandschap op te nemen en de kernkwaliteiten te beschermen door middel van regelgeving in het omgevingsplan. Tenslotte bevelen wij aan om, nadat de kennislacunes zijn aangevuld, alle elementen te beschrijven en definitief te waarderen en de meest waardevolle elementen in van het landschap te beschermen en afhankelijk van de aard en omvang aan te wijzen als archeologisch monument of beschermd cultuurlandschap en de kernkwaliteiten hiervan te beschrijven. Omdat het systematisch beschrijven en waarderen tijd zal kosten, kan gedacht worden aan een top 3, die voorgelegd wordt aan de klankbordgroep en vooruitgeschoven wordt in de aanwijzing. Voorbeelden waaraan kan worden gedacht zijn de turfvaart (als archeologisch monument) en de Kerkenakker (is reeds een archeologisch monument, maar in een beschermd cultuurlandschap passen de bovengrondse onderdelen zoals de stuifwal en het kunstwerk/monument beter).
Na het aanvullend onderzoek zouden ook de meest gave bolle akker en dekzandrug(complex) moeten worden toegevoegd om selectief behoud van het landschapsarchief te bewerkstelligen.
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
69
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
9
Conclusie en aanbevelingen bovengronds erfgoed
In dit onderzoek hebben we ons vooral toegespitst op het bij elkaar brengen van reeds bestaand onderzoek dat op veel verschillende locaties aanwezig was. De gemeente beschikt reeds over de instrumenten om erfgoed de juiste bescherming te bieden (register, verordening, omgevingsplan en COK), maar deze zijn verouderd (register en erfgoedverordening), zijn nog niet compleet (omgevingsplan), en missen voor een deel de expertise (COK). Op basis van het voorliggende rapport doen we dan ook de volgende aanbevelingen: 1.
Het zorgen voor een duurzame borging bij de gemeente van de kennis over erfgoed. Dit kan door middel van het opstellen van een erfgoednota: op deze manier wordt een startpunt gecreëerd (basis op orde) om van daaruit te kunnen voortbouwen in de toekomst. De basis bestaat uit twee onderdelen: adequate beschermingsinstrumenten voor de top van het erfgoed en instrumenten om erfgoed ontwikkelingsgericht in te kunnen zetten. Via programmalijnen (uitvoeringsprogramma) kan dit worden opgepakt. Geadviseerd wordt om bij deze nota inwoners te betrekken en ook ná het opstellen van de nota met de klankbordgroep bijeen te blijven komen. Op deze manier kan de klankbordgroep ook betrokken blijven bij de onderdelen in het uitvoeringsprogramma. Een voorstel van Vestigia voor de nota is tijdens dit inventarisatietraject opgesteld in samenwerking met de gemeente: De waarde van Erfgoed. Nota Erfgoedbeleid 2026-2036 gemeente Loon op Zand. Definitieve levering van de nota heeft plaatsgevonden op 25 september 2025.
2.
-
-
-
3.
Het uitvoeren van aanvullend onderzoek met betrekking tot de genoemde kennislacunes om de voorlopige Erfgoedkaart (nu nog gesplitst in dorpsgezichten, gebouwd erfgoed en cultuurlandschappen) aan te vullen. Het betreft: voor de dorpsgezichten de voor de gemeente kenmerkende thema’s Kastelen en buitenplaatsen en Economie, handel & industrie en de periode Wederopbouw en Post-65. Aanbevolen wordt om voor deze thema’s gericht op zoek te gaan naar clusters van karakteristieke objecten die onderling thematische samenhangen of de periode 1950-1980 vertegenwoordigen en daarbij de inventarisatie gebouwd erfgoed, landschap en, in de toekomst, archeologie en immaterieel en roeren, te combineren; voor het gebouwd erfgoed de thema’s verdediging en conflict en bestuur en recht en in mindere mate het thema toerisme en vrije tijd. Het funerair erfgoed is in de vorm van begraafplaatsen wel opgenomen, maar de waarde van individuele graven daarbinnen is nog onbekend. Ook hier de periode na 1950 nog niet systematisch onderzocht. Hiervoor kan worden meegekeken met landelijke ontwikkelingen, om te experimenteren met FARO en een gemeentelijke koers te bepalen. Wellicht kan worden begonnen met hele wijken (Zie ook: Wijkwijzer ) en opvallende (‘iconische’) objecten; voor de cultuurlandschappen is met name het reliëf van het zandgebied nog niet systematisch in kaart gebracht.
Een onderzoek dat AHN-, geomorfologische en historische gegevens combineert kan hier een uitkomt voor bieden. Een thematisch en gemeentespecifiek waarderingskader opstellen voor systematische langetermijn aanpak en een top-10 aanwijzen om snel iets in gang te zetten waarop kan worden voortgebouwd. Gezien de betrokkenheid van de inwoners van de gemeente is het advies om dit tezamen met de klankbordgroep op te pakken. Erfgoedbelang en ontwikkelbelang gaan niet altijd samen. Om een zo breed mogelijk draagvlak te behouden voor erfgoed in algemene zin, is het van belang de gemeente niet op slot te zetten en de te beschermen zaken/objecten zorgvuldig te kiezen. We stellen daarom voor ná het opstellen van de beschermingsagenda
VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2674, definitief, versie 1.0, d.d. 25 september 2025
70
V24-5697: Onderzoeks- en adviesrapport ten behoeve van de Erfgoednota Loon op Zand. Naar een verankering van het bovengrondse erfgoed in het Ruimtelijk Beleid onder de Omgevingswet
haalbaarheidsstudies te doen per object en daarbij de eigenaren van de objecten/ structuren te betrekken. 4.
Het splitsen van een beleidskaart Erfgoed (met regelgeving één-op-één over te nemen in het omgevingsplan) en een Erfgoedkaart, om erfgoed ook erfgoedbreed/thematisch en ontwikkelingsgericht te kunnen inzetten en vaker in een vroeg stadium aan planinpassing te kunnen doen. Thema’s die hiervoor kunnen worden verkend zijn bijvoorbeeld kastelen en buitenplaatsen, de lintbebouwing (in het veen-, broek- én zandgebied), WOII, schoenen/leerindustrie, toerisme en vrije tijd en het kenmerkende (diverse) reliëf van het zandlandschap. Deze tweede kaart heeft dan ‘slechts’ een signaleringsfunctie voor de beleidsambtenaar om erfgoed (en inwoners) vroegtijdig te betrekking. Voor hele grondgebied kan dan een werkingsgebied worden opgenomen in het omgevingsplan met een verwijzing naar de Erfgoedkaart en een procedure, bijvoorbeeld om vroegtijdig in gesprek te gaan met gemeente, die dan op haar beurt kennishoudende partijen kan betrekking, om op deze wijze rekening te houden met de cultuurhistorische waarden en kenmerken en de mogelijkheden te onderzoeken deze te versterken. Deze kaart kan dan regelmatig van een update worden voorzien. De beleidskaart is dan beperkt tot het erfgoed waarvoor directe regelgeving geldt op rijks-, provinciaal en gemeentelijk niveau.