Jaarverslag en Jaarrekening 2021 (32391) (3.0).Pdf
Tekst van het document
0.8 Overige baten en lasten € 296.000 (voordeel) In de voorziening voormalig personeel moest € 48.000 extra worden bijgestort om de voorziening per 31-12 op peil te houden (nadeel).
41
Mutatie voorziening dubieuze debiteuren algemene dienst € 367.000; vorig jaar is een bedrag toegevoegd aan deze voorziening vanwege nog niet betaalde huur van het zwembad. De huur is ondertussen kwijtgescholden maar volledig gecompenseerd door het Rijk. De voorziening kan voor dit deel vrijvallen. Mutatie voorziening dubieuze belastingdebiteuren € 12.000 (nadeel) 0.9 Vennootschapsbelasting VpB € 82.000 (voordeel) De te betalen vennootschapsbelasting door de gemeente wordt bepaald op het totaal van activiteiten die vennootschapsbelastingplichtig zijn. Naar verwachting is de gemeente over haar grondbedrijfsactiviteiten in 2020 en 2021 per saldo € 48.000,- verschuldigd en blijft er dus € 82.000 over. Deze lasten worden gedekt uit de algemene reserve grondbedrijf en vallen dus weg tegen het nadeel bij de reserve mutaties. 6.3 Inkomensregelingen € 53.000 (nadeel) Deze overschrijding wordt veroorzaakt door een toename van het aantal kwijtscheldingsverzoeken en doordat in de begrotingsramingen onvoldoende rekening is gehouden met tariefstijgingen bij de afvalstoffen- en rioolheffing van de laatste jaren. 0.10 Mutaties reserves € 107.000 (nadeel) € 82.000 nadeel; minder betaalde vennootschapsbelasting
BBV indicatoren De verplichte beleidsindicatoren worden per domein weergegeven. De indicatoren staan op waarstaatjegemeente.nl en zijn daar ook te raadplegen. Op de website kunnen ook vergelijkingen worden gemaakt met andere gemeenten.
Omschrijving
2018
2019
2020
2021
Gemiddelde WOZ waarde woningen (x€1.000)
292
321
341
361
Gemeentelijke woonlasten éénpersoonshuishoudens (in euro's)
595
598
707
723
Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishoudens (in euro's)
606
605
726
740
Indicator:
Gemiddelde WOZ waarde woningen (x€1.000)
Toelichting: Bron:
De gemiddelde WOZ waarde van woningen. Centraal Bureau voor de Statistiek – Statistiek Waarde Onroerende Zaken
Indicator:
Gemeentelijke woonlasten éénpersoonshuishoudens (in euro's)
Toelichting: Bron:
Het gemiddelde totaalbedrag per jaar in euro's dat een éénpersoonshuishouden betaalt aan woonlasten. Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO)
Indicator:
Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishoudens (in euro's)
Toelichting:
Het gemiddelde totaalbedrag in euro's per jaar dat een meerpersoonshuishouden betaalt aan woonlasten. Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO)
Bron:
42
Paragrafen Paragraaf A Lokale heffingen Wettelijk kader In de Gemeentewet en in enkele bijzondere wetten is geregeld welke lokale heffingen de gemeente aan inwoners en bedrijven mag opleggen. In deze paragraaf wordt ingegaan op het beleid en de belangrijkste ontwikkelingen in 2021 met betrekking tot de lokale heffingen. Daarnaast wordt ingegaan op de belastingopbrengst, de ontwikkeling van de lokale lastendruk en kwijtscheldingen. Beleidskader Op basis van door de raad vastgestelde verordeningen zijn de volgende heffingen opgelegd: OZB, hondenbelasting, toeristenbelasting, precariobelasting, reinigingsheffingen (afvalstoffenheffing en reinigingsrecht), rioolheffing, rioolaansluitrecht, leges, marktgeld en lijkbezorgingsrechten. De gemeente voert een ruimhartig kwijtscheldingsbeleid. Bij de belastingen en tarieven zijn in 2021 de volgende beleidsuitgangspunten toegepast: a. Aanpassen van tarieven met 2% in verband met de ontwikkeling van de inflatie; b. Bij de OZB doorvoeren van een extra verhoging van de opbrengst met € 60.000 als eerste stap van een gefaseerde verhoging in drie stappen gedurende 2021 t/m 2023 (€ 60.000 - € 120.000 - € 180.000); c. Streven naar kostendekkende heffingen, zo nodig met gebruikmaking van een egalisatievoorziening. In 2021 heeft de raad het besluit genomen om de hondenbelasting met ingang van 2022 af te schaffen.
Uitvoering Het Gemeenschappelijk Belastingkantoor Lococensus Tricijn (GBLT) verzorgt de heffing en inning van de OZB, rioolheffing, reinigingsheffingen, hondenbelasting, en de toeristenbelasting. De overige heffingen int de gemeente Leusden zelf. Het GBLT voert eveneens de taken uit van de wet Waardering onroerende zaken (WOZ). Tarieven In de tabel hieronder worden de belangrijkste belastingtarieven in 2021 vermeld, en de tariefontwikkeling ten opzichte van 2020.
Belastingtarieven OZB, % van de WOZ-waarde: - eigendom woningen - eigendom niet-woningen - gebruiker niet-woningen Reinigingsheffingen: - afvalstoffenheffing, vast deel - afvalstoffenheffing, variabel deel inwerptrommel 30 liter inwerptrommel 60 liter mini-container 240 liter - reinigingsrecht bedrijven, vast deel (incl. btw) Rioolheffing, per aansluiting Hondenbelasting, 1e hond Toeristenbelasting, per overnachting: - in hotels, vakantiewoningen, chalets - in overige onderkomens/verblijfaccommodaties
2020
2021
0,1040% 0,3055% 0,2455%
0,1007% 0,3197% 0,2577%
€ 212,00
€ 217,00
€ 0,79 € 1,58 € 6,32 € 256,52 € 122,50 € 79,20
€ 0,80 € 1,60 € 6,40 € 262,57 € 127,90 € 80,70
€ 1,64 € 1,10
€ 1,67 € 1,12
43
Opbrengst
Begr.wijziging
Na wijziging
(bedragen x € 1.000) Opbrengst 2021
7.838 181*) 140 23
206
8.044 181 140 23
8.025 187 98 1
3.135*) 1.696*) 5 36 782 13.836
80
3.215 1.696 5 36 923 14.263
3.318 1.763 19 39 1.207 14.657
Begroting, primitief Belastingen: OZB Hondenbelasting Toeristenbelasting Precariobelasting Heffingen en rechten: Afvalstoffenheffing/reinigingsrecht Rioolheffing Rioolaansluitrecht Lijkbezorgingsrechten Leges Totaal *) is geraamd bedrag na aftrek van kwijtschelding
141 427
Toelichting Door het coronavirus waren er in 2021 minder zakelijke en toeristische overnachtingen en daardoor een lagere opbrengst toeristenbelasting. Voor de inkomstenderving zal compensatie van het Rijk worden ontvangen (bron: decembercirculaire). Van horecaondernemers is in 2021 geen precariobelasting geheven voor het gebruik van terrassen, als onderdeel van het ondersteunpakket voor lokale ondernemers. Bij de afvalstoffenheffing is bij het variabele deel (diftar) van de heffing een meeropbrengst ontstaan. Door het vele thuiswerken en thuisblijven in coronatijd hebben huishoudens meer restafval afgevoerd. Het positieve resultaat van de reinigingsbegroting is toegevoegd aan de egalisatievoorziening. Bij de leges is een meeropbrengst ontstaan door meer aanvragen om omgevingsvergunningen voor bouwactiviteiten waaronder enkele grote projecten. De meeropbrengst is toegevoegd aan de egalisatiereserve.
Procentuele verdeling opbrengst lokale heffingen 0,3% 0,1% 8,3%
OZB Hondenbelasting
12,1%
Toeristenbelasting Precariobelasting 55,0% 22,2%
Afvalstoffenheffing Rioolheffing Rioolaansluitrecht Lijkbezorgingsrecht Leges
0,0% 0,7%
1,3%
Ontwikkeling lokale lastendruk Tot de gemeentelijke woonlasten worden de bedragen gerekend die huishoudens betalen aan OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing. In 2021 bedraagt de gemiddelde woonlastendruk in Leusden € 740 voor een meerpersoonshuishouden. Dat is ruim beneden het landelijk en provinciaal gemiddelde (zie tabel hierna). Op de landelijke ranglijst van bureau Coelo van woonlasten in gemeenten staat Leusden op de 57 e positie van in totaal 352 gemeenten. De tabel geeft een overzicht van de gemiddelde woonlasten van meerpersoonshuishoudens in Leusden en in omringende gemeenten. Ten opzichte van deze gemeenten heeft Leusden relatief lage woonlasten. De cijfers zijn ontleend aan de Coelo Atlas lokale lasten 2020 en 2021.
44
Lokale woonlasten
2020
2021
Leusden Amersfoort Soest Woudenberg Zeist Barneveld Scherpenzeel Gemiddeld in provincie Utrecht Gemiddeld in Nederland
€ 726 € 773 € 695 € 832 € 772 € 796 € 786 € 793 € 776
€ 740 € 872 € 755 € 932 € 836 € 823 € 834 € 862 € 811
Kwijtschelding Voor inwoners met de laagste inkomens is er de mogelijkheid om voor kwijtschelding in aanmerking te komen. Gehele of gedeeltelijke kwijtschelding is mogelijk voor de afvalstoffenheffing, rioolheffing en bij de hondenbelasting voor de eerste en tweede hond. In totaal is er in 2021 voor € 145.300 aan kwijtscheldingen verleend: afvalstoffenheffing € 89.100, rioolheffing € 50.800 en hondenbelasting € 5.400. Landelijk is naar aanleiding van de kinderopvang toeslagenaffaire besloten dat gedupeerden kwijtschelding ontvangen van openstaande overheidsvorderingen waaronder gemeentelijke belastingen. Men kan zich melden bij de Rijksbelastingdienst (RBD), die vervolgens gaat onderzoeken of sprake is van een gedupeerde. Per eind 2021 is door GBLT € 3.000 kwijtgescholden aan Leusdenaren die door de RBD als gedupeerden zijn aangemerkt.
45
Paragraaf B Weerstandsvermogen en risicobeheersing Algemeen Het weerstandsvermogen is te omschrijven als ‘de mate waarin de gemeente Leusden in staat is middelen vrij te maken om (incidentele) financiële tegenvallers op te vangen, zonder dat dit ten koste gaat van het bestaande beleid inzake de gemeentelijke dienstverlening’. Het weerstandsvermogen is een financieel vangnet voor optredende gevolgen van risico’s die niet goed kunnen worden afgedekt op basis van het gevoerde risicomanagement. In deze paragraaf geven wij u inzicht in risico’s van de gemeente, het beschikbare en het benodigde weerstandsvermogen. Beleidskader Het beleid is vastgelegd in de Nota risicomanagement en weerstandsvermogen 2010. Er wordt onderscheid gemaakt in risico’s van de algemene dienst en die van het grondbedrijf. Risico’s en benodigd weerstandsvermogen Algemene dienst Het benodigde weerstandsvermogen is genormeerd op 10% van de omzet van de algemene dienst (exclusief sociaal domein), namelijk € 5.532.000,-. De belangrijkste risico’s worden in beeld gebracht aan de hand van een drietal scenario’s, namelijk het optimistische scenario, het pessimistisch scenario en het midden scenario. De norm zetten wij af tegen de geïnventariseerde risico’s aan de hand van het midden scenario om te bepalen of de norm niet te laag gesteld.
Hiervoor zijn de belangrijkste risico’s van de algemene dienst meerjarig in beeld gebracht en wordt in relatie gebracht met het berekende benodigde weerstandsvermogen. bedragen x € 1.000 Risico 1 Algemene uitkering 2 Jeugdhulp 3 WMO 4 Niet halen ombuigingen en taakstellingen 6 Grote projecten en onderhoud kapitaalgoederen 5 Werk, inkomen & participatie 7 Bedrijfsvoeringrisico's 8 Pensioenen & wachtgelden wethouders 9 Fiscale risico's 10 Directe gevolgen Coronacrisis Overige risico’s Totaal
2022
2023 350 170 200 320 230 200 250 180 150 90 460 2.600
583 478 300 350 230 210 250 180 150 0 500 3.231
2024 1.050 731 333 380 250 210 250 180 150 0 520 4.054
2025 1.550 1.142 571 380 250 210 250 180 150 0 520 5.203
Omdat het totaal van de geïnventariseerde risico’s voor begrotingsjaar 2022 lager is dan het genormeerd benodigd weerstandsvermogen wordt bij berekening van het weerstandsvermogen uitgegaan van het genormeerd benodigd weerstandsvermogen. Wij willen benadrukken dat de uitkomsten van deze risico inventarisatie geen voorspelling geeft van de werkelijkheid, maar inzichten geeft wat er gebeurt als er op meerdere onderdelen van de gemeentelijke begroting sprake is van tegenvallende ontwikkelingen en stress (gevoeligheidsanalyse). De uitkomsten moeten daarom ook met enige voorzichtigheid worden geïnterpreteerd en beseft moet worden dat een verkenning van een toekomstige situatie gepaard gaat met inherente beperkingen en onzekerheden.
Ontwikkeling risicoprofiel Wij zien ons risicoprofiel in meerjarenperspectief toenemen. Dit wordt vooral veroorzaakt door de verwachte herijking van het gemeentefonds vanaf 2023. Daarnaast is er onduidelijkheid of ook in meerjarenperspectief daadwerkelijk extra rijksmiddelen voor de jeugdhulp toegekend worden. Ook lijken de zorgkosten nog altijd toe te nemen. Oorzaak hiervan is vooral het rijksbeleid rondom het abonnementstarief en autonome factoren als vergrijzing en extramuralisering. Ook in de invloed van inflatie op onze bedrijfsbudgetten nog onduidelijk.
46
Beschikbare weerstandsvermogen Algemene dienst Het beschikbare weerstandsvermogen voor het afdekken van de risico’s bij de algemene dienst wordt gevormd door het vrij aanwendbare deel van de algemene reserve (basisdeel). Dit bedraagt € 5.888.000,- zijnde het saldo van deze reserve per 31 december 2021. Naast dit deel is voor het opvangen van risico’s in het sociaal domein een afzonderlijke reserve sociaal domein is ingesteld. Op 31 december 2021 bedraagt de omvang van deze reserve € 828.000,-. Ratio weerstandsvermogen Algemene dienst Wij drukken het weerstandsvermogen uit in een ratio. Met behulp van dit verhoudingsgetal wordt bepaald of het weerstandsvermogen toereikend is. De gemeente streeft naar een ratio van 1,0 met als toegestane bandbreedte een bovengrens van 1,2 en een ondergrens van 0,8. Komt de ratio buiten de bandbreedte dan wordt binnen een jaar een voorstel gedaan om het beschikbare weerstandsvermogen te verhogen of te verlagen. De ratio wordt als volgt berekend:
Beschikbare weerstandsvermogen ---------------------------Benodigd weerstandsvermogen
5.888.000 ____________
1,06
5.532.000
Conclusie: Met een weerstandsratio van 1,06, afgezet tegen het gemeentelijke beleid zoals vastgelegd in de Nota risicomanagement & Weerstandscapaciteit, is de weerstandscapaciteit voldoende. Risico’s grondexploitatie In de Actualisatie van de diverse grondexploitaties zijn de risico’s benoemd (en waar mogelijk gekwantificeerd) die de gemeente loopt met de uitvoering van grondexploitaties. Benodigd weerstandsvermogen Grondbedrijf In de Nota Risicomanagement en Weerstandsvermogen is beschreven hoe de norm voor het benodigde weerstandsvermogen wordt berekend. Op basis van de grondexploitaties zoals opgenomen in de Actualisatie 2022 wordt het benodigde weerstandsvermogen grondbedrijf voor 2022 genormeerd op € 829.000. Beschikbare weerstandsvermogen Grondbedrijf Het beschikbare weerstandsvermogen grondbedrijf wordt gevormd door het vrij aanwendbare deel van de Algemene Reserve Grondbedrijf. De omvang van deze reserve bedraagt € 876.000 per 31 december 2021 Dit is inclusief het resultaat op de grondexploitaties in 2021. Ratio weerstandsvermogen Grondbedrijf Evenals voor de Algemene Dienst wordt ook voor het Grondbedrijf uitgegaan van een ratio van minimaal 1,0 met als toegestane bandbreedte een bovengrens van 1,2 en een ondergrens van 0,8.
Komt de ratio buiten de bandbreedte dan wordt binnen een jaar een voorstel gedaan om het beschikbare weerstandsvermogen te verhogen of te verlagen. De ratio wordt als volgt berekend:
Beschikbare weerstandsvermogen ---------------------------Benodigd weerstandsvermogen
876.000 ____________
1,07
829.000
47
Conclusie: Met een weerstandsratio van 1,07, afgezet tegen het gemeentelijke beleid zoals vastgelegd in de Nota risicomanagement & Weerstandscapaciteit, is de weerstandscapaciteit voldoende.
Kengetallen financiële positie Kengetallen zijn getallen die de verhouding uitdrukken tussen bepaalde onderdelen van de rekening of de balans en kunnen helpen bij de beoordeling van de (ontwikkeling van de) financiële positie. Naast de kengetallen wordt een beoordeling van de onderlinge verhouding van de kengetallen in relatie tot de financiële positie opgenomen. Bij de beoordeling van de kengetallen maken we gebruik van ‘zogeheten ‘signaleringswaarden’ die afkomstig zijn uit onder meer de stresstest voor 100.000+gemeenten en het gemeenschappelijk financieel toezichtskader 2020. In de tabel hieronder is te zien welke waarden bij welke categorie (A, B of C) behoren. Wij zullen de kengetallen opnemen en indelen in onderstaande drie categorieën waarbij categorie A het minst risicovol is en categorie C het meest.
Signaalwaarden kengetallen
Categorie A Categorie B Categorie C
Kengetallen: Netto schuldquote
< 90 %
90 -130 %
> 130 %
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
< 90 %
90 -130 %
> 130 %
Solvabiliteitsratio
> 50 %
20 – 50 %
< 20%
Grondexploitatie
< 20%
20 – 35%
>35%
Structurele exploitatieruimte
>0 %
0%
<0 %
Gemeentelijke belastingcapaciteit
< 95%
95 – 105 %
> 105 %
In de hierna opgenomen tabel zijn de voorgeschreven kengetallen vermeld en zijn de berekende waarden alsmede het verloop van deze waarden ingevuld. Daarna volgt per kengetal een korte uitleg en wordt op de uitkomst en situatie voor Leusden ingegaan.
Kengetallen:
Jaarrekening
Begroting
Jaarrekening
2020
2021
2021
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
14% 11%
10% 8%
14% 10%
Solvabiliteitsratio
47%
45%
52%
Grondexploitatie
3%
0%
1%
Structurele exploitatieruimte
2%
2%
0%
Gemeentelijke belastingcapaciteit
98%
93%
93%
Netto schuldquote De netto schuld weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie en zegt het meest over de financiële vermogenspositie van een gemeente. De netto schuldquote geeft aan of een gemeente investeringsruimte heeft of juist op haar tellen moet passen. Daarnaast zegt het kengetal ook wat over de flexibiliteit van de begroting. Hoe hoger de schuld is, hoe meer kapitaallasten er zijn (rente en aflossing) waardoor een begroting minder flexibel wordt. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Omdat er bij leningen onzekerheid kan bestaan of ze allemaal terugbetaald worden geeft dit kengetal inzicht in wat het aandeel van de verstrekte leningen is en wat dit betekent voor de schuldenlast. De wijze waarop de netto schuldquote gecorrigeerd voor de doorgeleende gelden wordt berekend is gelijk aan de netto schuldquote, met dien
48
verstande dat bij de financiële activa ook alle verstrekte leningen worden opgenomen. Het aandeel doorgeleende gelden is voor Leusden relatief beperkt waardoor de uitkomt van dit kengetal nauwelijks afwijkt van de netto schuldquote. Dit geeft aan dat het ‘terugbetalingsrisico’ gering is. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft de mate aan waarmee de gemeentelijke bezittingen zijn betaald met eigen middelen. Anders gezegd: het aandeel van het eigen vermogen in het totaal vermogen. Hoe hoger de verhouding eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen hoe gezonder de gemeente. Normaal bevindt de solvabiliteitsratio van een gemeente zich tussen de 30% en 80%. Leusden bevindt zich met een solvabiliteitsratio van 52% binnen deze bandbreedte. De solvabiliteitsratio heeft als signaleringswaarde A. Hieruit blijkt dat Leusden in staat is zeer goed te voldoen aan zijn financiële verplichtingen. Structurele exploitatieruimte Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt het onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. Incidentele baten en lasten betreffen die posten die het begrotingssaldo incidenteel beïnvloeden. Deze posten zijn tijdelijk en/of hebben een eindig doel. Met andere woorden, er is een einddatum bekend. Voorbeelden van structurele baten zijn de algemene uitkering en eigen belastinginkomsten.
Bij structurele lasten zijn dat bijvoorbeeld de personeelslasten, kapitaallasten en bijdragen aan gemeenschappelijke regelingen. Een begroting waarvan de structurele baten hoger zijn dan de structurele lasten is meer flexibel dan een begroting waarbij structurele baten en lasten in evenwicht zijn. Het kengetal geeft hiermee aan hoe groot de structurele vrije ruimte binnen de vastgestelde begroting is. Daarnaast geeft dit kengetal ook aan of de gemeente in staat is om structurele tegenvallers op te vangen dan wel of er nog ruimte is voor nieuw beleid. Kengetal grondexploitatie De afgelopen jaren is gebleken dat grondexploitatie een forse impact kan hebben op de financiële positie van gemeentes. De boekwaarde van de voorraad gronden is van belang, omdat deze waarde moet worden terugverdiend bij de verkoop. Het kengetal geeft weer hoe de waarde van de grondexploitatie zich verhoudt tot de totale baten. Hoe lager het kengetal, hoe beter. Belastingcapaciteit: Woonlasten meerpersoonshuishouden De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk zich verhoudt ten opzichte van het landelijk gemiddelde. De ruimte die een gemeente heeft om haar belastingen te verhogen om bijvoorbeeld opgetreden risico’s op te vangen wordt vaak gerelateerd aan de totale woonlasten.
Onder de woonlasten worden verstaan de OZB, de rioolheffing en de reinigingsheffing voor een woning met gemiddelde WOZ-waarde in die gemeente. Voor de jaarrekening komt het kengetal voor de belastingcapaciteit uit op 93%. De belastingcapaciteit ligt onder het landelijk gemiddelde. Beoordeling van de onderlinge verhouding van de kengetallen in relatie tot de financiële positie De financiële kengetallen geven aan dat Leusden een sterke financiële positie heeft. De schuldenlast van Leusden ten opzichte van de eigen middelen is relatief laag. Hierdoor is de druk van de rentelasten en de aflossing van geldleningen op de exploitatie laag. Onze solvabiliteitsratio geeft aan dat Leusden in staat is zeer goed te voldoen aan haar financiële verplichtingen. Ook is onze belastingdruk laag ten opzichte van het landelijke gemiddelde. Het kengetal grondexploitatie geeft aan dat wij nog boekwaarden aan voorraad gronden hebben die door middel van verkopen moeten worden goedgemaakt. In meerjarenperspectief neemt dit sterk af. Ook beschikken we voor onze grondexploitaties over ruim voldoende weerstandsvermogen om eventuele financiële tegenvallers op te vangen. Ook het weerstandsvermogen van de algemene dienst is voldoende. Wel was er voor Leusden in 2021 geen sprake van structurele vrije ruimte binnen de jaarrekening.
Vooralsnog veronderstellen wij er voldoende ruimte is om financiële tegenvallers op korte termijn (incidenteel) op te vangen, zonder dat dit ten koste gaat van het bestaande beleid inzake de gemeentelijke dienstverlening. Op langere termijn is het beeld minder rooskleurig. Er bestaan grote onzekerheden met betrekking tot onze rijksontvangsten, de invloed van inflatie op onze bestedingen en de ontwikkeling van de zorgkosten. Dit dwingt ons voorzichtig te zijn met het aangaan van structurele verplichtingen.
49
Paragraaf C Kapitaalgoederen en investeringen Algemeen In deze paragraaf wordt weergegeven hoe het gemeentelijk beleid ten aanzien van het groot onderhoud van kapitaalgoederen in het jaar 2021 tot uitvoering is gebracht en welke middelen hiervoor zijn aangewend. Er zijn twee soorten onderhoud; het dagelijks klein onderhoud, waarvan de kosten direct ten laste van de exploitatie komen en daarnaast het groot onderhoud, waarvan de uitgaven ten laste van de onderhoudsvoorzieningen worden gebracht. Kapitaalgoederen in Leusden De gemeente Leusden heeft circa 1.770.000 m2 aan verharding, 250 kilometer aan riolering, 22 kilometer aan watergangen, 1.330.000 m2 aan groen en 30 gebouwen in beheer. De instandhouding van deze kapitaalgoederen vergt circa 20% van de jaarlijkse gemeentelijke lasten. Ontwikkelingen Eind 2021 zijn de groot onderhoudsperspectieven geactualiseerd en vastgesteld door de raad. De geactualiseerde onderhoudsramingen zijn vastgesteld voor de vierjaarlijkse periode 2021-2024 en financieel doorgerekend tot en met het jaar 2032. De benodigde uitgaven voor de Openbare Verlichting en de vervanging van de containers voor ondergrondse afvalinzameling maken voor het eerst ook onderdeel uit van de vierjaarlijkse actualisatie van de beheerplannen. In de onderhoudsactualisatie zijn zowel de uitgaven van groot onderhoud- als de vervangingsinvesteringen inzichtelijk gemaakt.
Prijsontwikkelingen Ten tijde van het opstellen van deze jaarrekening is er sprake van een hoger dan gemiddelde prijsstijging binnen de grond, weg- en waterbouw. Ontwikkelingen in de markt zorgen voor schaarste in bouwmaterialen. Ook is er sprake van stijgende brandstofprijzen- en loonontwikkelingen. Actualiteit van de beheerplannen Voorzieningen die zijn gevormd om de onderhoudslasten van een kapitaalgoed over een aantal jaren te egaliseren kunnen alleen worden ingesteld en gevoed op basis van een beheerplan. De beheerplannen zijn in december 2021 door de raad vastgesteld in het rapport ‘IBOR 2021-2032 – actualisatie uitgaven voor groot onderhoud en vervanging kapitaalgoederen in de openbare ruimte’. In het beheerplan worden de activiteiten en middelen voor de instandhouding van de kapitaalgoederen vermeld. Onderstaand wordt per onderhoudsdiscipline het actuele beheerplan en de geplande actualisatie daarvan weergegeven. Discipline Water Wegen Verkeersregelinstallaties Civiele kunstwerken Gebouwen Groenonderhoud Speelvoorzieningen Sportterreinen Riolering Openbare verlichting Ondergrondse afvalinzameling
beheerplan IBOR 2021-2024 IBOR 2021-2024 IBOR 2021-2024 IBOR 2021-2024 IBOR 2021-2024 IBOR 2021-2024 IBOR 2021-2024 IBOR 2021-2024 GRP 2019-2023 IBOR 2021-2024 IBOR 2021-2024
actualisatiejaar 2024 2024 2024 2024 2024 2024 2024 2024 2023 2024 2024
Budgetten In onderstaande tabel geven wij een overzicht van de uitgaven voor het groot- en vervangingsonderhoud van de kapitaalgoederen. De begroting is in december 2021 bijgesteld naar aanleiding van de door de raad vastgestelde onderhoudsactualisatie. In de tabel is dit de kolom ‘’begroting 2021 na wijzigingen’’. De bedragen zijn inclusief de toerekening van ‘VAT’ (kosten van voorbereiding- administratie en toezicht). Met die toerekening worden jaarlijks loonkosten en indirecte kosten toegerekend aan de onderhoudsvoorzieningen. Tabel C.1 Uitgaven groot onderhoud en vervanging kapitaalgoederen Begroting 2021 Primitief na wijziging
Realisatie 2021
Saldo 2021
1.305.000
314.000
Budget inclusief VAT, pp 2021 - wegen
2.880.000
1.619.000
50
- civiele kunstwerken inclusief parkeerdekken - openbaar groen - speelvoorzieningen - waterbeheer - verkeersregelinstallaties - onderhoud zwembad - overige gemeentelijke panden - buitensportaccommodaties - openbare verlichting - ondergrondse afvalinzameling - riolering Totaal
115.000
727.000
411.000
316.000
146.000 131.000 81.000 236.000 113.000 508.000 412.000 97.000 69.000 658.000
263.000 259.000 660.000 368.000 517.000 234.000 176.000 195.000 69.000 658.000
194.000 105.000 87.000 235.000 379.000 236.000 188.000 113.000 0 138.000
69.000 154.000 573.000 133.000 138.000 -2.000 -12.000 82.000 69.000 520.000
5.446.000
5.745.000
3.391.000
2.354.000
Inclusief de budgetten die beschikbaar zijn voor de instandhouding van de gemeentelijke riolering en de vervanging van de openbare verlichting komen de totaal voor 2021 voorziene investerings-/groot onderhoudsuitgaven neer op ca. € 5,7 mln. De feitelijke uitgaven in 2021 bedroegen in totaal € 3,4 mln. De voornaamste financiële afwijkingen worden hierna kort toegelicht. groot onderhoud wegen, € 314.000 lagere dan geplande uitgaven In 2021 is er voor gekozen om een extra maatregeltoets te doen op de eerder in 2021 uitgevoerde weginspectie. Hierdoor kwam het verwerken van de gegevens later dan gepland op gang en verschoof de uitvoering van maatregelen door naar de laatste periode van het jaar. Een deel van de beoogde onderhoudswerkzaamheden is hierdoor niet in 2021 uitgevoerd en is doorgeschoven naar 2022. Ook de aanpak van de Moorsterweg waar onderhoud en veiligheid aangepakt worden staat nu in de planning voor het jaar 2022. groot onderhoud en vervanging civiele kunstwerken, € 316.000 lager dan geplande uitgaven De uitvoering van werkzaamheden aan- dan wel de vervanging van een aantal houten- en betonbruggen is uitgelopen. De werkzaamheden aan bruggen ad. € 130.000 worden in 2022 uitgevoerd. Het onderhoud aan de kademuren van de Kooijkersgracht en bruggen aan de Kuperssingel. De onderhoudswerkzaamheden aan parkeerdek ‘de Twijnderij’ (ca. € 190.000)zijn doorgeschoven naar 2022.
groot onderhoud en renovatie openbaar groen, € 69.000 lager dan geplande uitgaven In 2021 is het niet gelukt om de uitvoering van de voorgenomen renovatiewerkzaamheden volledig voor te bereiden en uit te voeren. De niet uitgevoerde werkzaamheden schuiven door naar latere jaren. groot onderhoud en vervanging speeltoestellen, € 154.000 lager dan geplande uitgaven In 2021 is, in afwachting tot de besluitvorming over de benodigde instandhoudingsuitgaven, in beperkte mate ingezet op het vervangen van speeltoestellen. Daarnaast bleek dat leveranciers door de Corona crisis te kampen hadden met productie- en leveringsproblemen. In 2022 kan waarschijnlijk een inhaalslag worden gemaakt. groot onderhoud waterbeheer, € 573.000 lager dan geplande uitgaven De baggerwerkzaamheden op gemeentelijk grondgebied worden ingepland en uitgevoerd door het Waterschap. De voor 2021 ingeplande baggerwerkzaamheden zijn pas in de loop van 2021 opgestart. De niet uitgevoerde werkzaamheden zullen alsnog in 2022 worden uitgevoerd. vervanging verkeersregelinstallaties, € 133.000 lager dan geplande uitgaven Het verwijderen van drie verkeersregelinstallaties is doorgeschoven naar 2022. Daarnaast is de vervanging van een aantal VRI automaten nog niet volledig afgewikkeld in het jaar 2021. De financiële verantwoording hiervan vindt plaats in 2022.
Het gaat hierbij om: vervangen automaat kruising Burgemeester van de Postlaan – Groene zoom; vervangen automaat en volledige installatie Fietsoversteek Horsterweg; vervangen automaat en groot deel van de installatie Heiligenbergerweg – Lockhorsterweg. groot onderhoud zwembad, € 138.000 lager dan geplande uitgave Ten tijde van het opstellen van de jaarrekening 2021 is er nog niet afgerekend met de SRO over het in 2021 aan het zwembad uitgevoerde groot onderhoud. De afrekening vindt in 2022 plaats.
51
openbare verlichting, lager dan geplande uitgaven ad. € 82.000 Door de grootschalige vervanging van armaturen in 2019 is er sprake van een stabiel areaal en zijn in 2021 slechts enkele kleinschalige aanpassingen. ondergrondse afvalinzameling, lager dan geplande uitgaven ad. € 69.000 Doordat gewisseld is van leverancier heeft een aantal werkzaamheden tijdelijk stil gelegen. Daarnaast heeft ook de Corona crisis tot vertraging van de uitvoeringsplanning geleid. De investeringsbudgetten zullen in 2022 alsnog worden ingezet. groot onderhoud en renovatie riolering, € 520.000 lager uitgaven dan gepland Werkzaamheden in het noordelijk deel van Leusden-Zuid en aan het Eiberpad zijn in 2021 niet uitgevoerd en doorgeschoven naar het jaar 2022 en 2023. In 2022 kan naar verwachting een start gemaakt worden met het project Burgemeester de Beaufortweg. Verloop van de onderhoudsvoorzieningen De bekostiging van het groot onderhoud wordt gedekt uit diverse onderhoudsvoorzieningen. Het feitelijke verloop van de voorzieningen in het jaar 2021 wordt in Tabel C2 weergegeven. Het totale saldo van de onderhoudsvoorzieningen exclusief de voorziening egalisatie rioolbeheer neemt met circa € 7,3 mln. af ten opzichte van de stand per 1 januari 2021. Dit wordt met name veroorzaakt doordat een incidenteel bedrag ad. € 6,0 mln.
vanuit de onderhoudsvoorzieningen is ondergebracht in de bestemmingsreserve ‘’toekomstbestendige openbare ruimte’’ en € 1,0 mln. is ondergebracht in de reserve vervangingsinvesteringen openbare ruimte. Deze mutaties komen voort uit het in december 2021 vastgestelde raadsvoorstel L286969 ‘actualisatie beheerplan IBOR – uitgaven groot onderhoud en vervanging kapitaalgoederen’. De stand van de onderhoudsvoorzieningen sluiten daarmee aan op de groot onderhoudsuitgaven die de komende jaren in de planning staan. De onderhoudsvoorzieningen exclusief riolering kennen per eind 2021 en dusdanige hoogte dat de in Leusden aanwezige kapitaalgoederen voor een periode van 12 jaar in stand gehouden kunnen worden (periode 2021-2032). De instandhouding van de gemeentelijke riolering wordt bekostigd vanuit de rioolheffing. De vanuit de rioolheffing gespaarde bedragen zijn ondergebracht in de voorziening egalisatie rioolbeheer. Tabel C.2 Saldi onderhoudsvoorzieningen Onderhoudsvoorzieningen
(bedragen x € 1.000)
stand 1-1-2021
Vermeerdering
Vermindering
stand 31-12-2021
mutatie in 2021
wegbeheer, deklagen
4.055
869
3.311
1.611
-2.444
wegbeheer, elementen
1.192
274
1.161
305
-887
220
524
137
607
387
Gebouwenbeheer
1.906
754
1.693
967
-939
Groenbeheer
1.712
46
1.668
90
-1.622
Sportterreinen
2.584
226
2.069
741
-1.843
Onderhoudsvoorzieningen
11.669
2.693
10.039
4.321
-7.348
voorziening rioolbeheer
2.348
337
138
2.547
199
totaal
14.017
3.030
10.177
6.868
-7.149
Waterbeheer
52
Paragraaf D Financiering Treasury-functie De gemeentelijke treasury-functie heeft als doel het financieren van het gemeentelijk beleid (zorgen voor tijdige beschikbaarheid van voldoende geldmiddelen) en het uitzetten van overtollige geldmiddelen. De risico’s en kosten worden daarbij geminimaliseerd en het renteresultaat geoptimaliseerd. De functie wordt uitgevoerd binnen de normen van de Wet FIDO, de ministeriële regeling Ruddo en de Treasury verordening 2016. Financieringsbeleid De (tijdelijke) overtollige liquide middelen worden aangehouden bij het Agentschap (schatkist). Dit gebeurt in een rekening courant-verhouding. De vergoeding hierop in 2021 was 0%. Om het renteresultaat te optimaliseren wordt financiering van investeringen met externe middelen beperkt door eerst de eigen liquide financieringsmiddelen te gebruiken. Als deze laatste ontoereikend zijn kunnen er externe middelen in de vorm van projectfinanciering worden aangetrokken, mede op basis van de liquiditeitsprognose en rentevisie. In 2021 is een langlopende lening voor de bouw van IKC Groenhouten aangetrokken. Indicatoren Om vooral de financieringsrisico’s (renterisico’s) te beperken, staan in de Wet FIDO twee instrumenten: renterisiconorm en de kasgeldlimiet. Daarnaast is met het schatkistbankieren een drempelbedrag bepaald. De provincie toetst of de gemeente aan deze normen voldoet.
Renterisiconorm Onze verplichte jaarlijkse aflossingen langlopende leningenportefeuille zijn € 1.050.600 en vallen daarmee ruimschoots binnen de norm van € 12.835.000. Kasgeldlimiet Er zijn in 2021 geen kasgeldleningen aangetrokken. Drempelbedrag schatkistbankieren Alle (tijdelijke) overtollige middelen moeten verplicht in de schatkist aangehouden worden. Om het dagelijkse kasbeheer te vereenvoudigen is er een drempelbedrag dat buiten de schatkist mag worden gehouden. Het drempelbedrag is in 2021 niet overschreden. Rente en beleggingsvolume Ontvangen rente uitgezette leningen en liquide middelen In de programmabegroting is uitgegaan van een opbrengst van € 17.000. De gerealiseerde opbrengst is € 24.000. Overzicht resultaat uitgezette leningen en liquide middelen Rekening 2020 Opbrengst per saldo Gemiddeld volume Gemiddeld rendement
24 10.446 0,23%
bedragen x €1.000 Rekening 2021 24 13.583 0,18%
Betaalde rente leningenportefeuille (externe projectfinanciering) Voor het project IKC Groenhouten is op 1 juni 2021 een 25-jarige lening aangetrokken bij de Nederlandse Waterschapsbank (NWB) van € 6.350.000 (looptijd tot en met 31-5-2046). Tarief voor deze lening is 0,489% voor de hele looptijd.
53
Leningenportefeuille 2021: (bedragen x € 1.000) Nummer Kredietverstrekker Project
Ingangsdatum Einddatum Hoofdsom Tarief
Aflossing
1
BNG
MFC Atria
15-7-2015
14-7-2040
6.000
1,705% lineair
2
BNG
Hart van Leusden
11-10-2018 31-12-2042
5.700
1,455% lineair
3
BNG
IKC Berkelwijk
6-2-2019
5-2-2044
4.315
1,278% lineair
4
BNG
MKC 't Ronde
11-8-2020
11-8-2045
3.900
0,245% lineair
5
NWB
IKC Groenhouten
1-6-2021
31-5-2046
6.350
0,489% lineair
26.265 Nummer Schuld 1-1 Lening 2021 Aflos 2021 Schuld 31-12 Rente 2021 Verplichte aflos 1
4.800
240
4.560
80
2
5.016
228
4.788
73
3
4.142
173
3.969
51
4
3.900
156
3.744
10
6.350
18
240 228 173 156 254
797
23.411
232
1.051
5
6.350 17.858
6.350
De totale restant schuld per ultimo boekjaar is € 23.411.000. De verplichte aflos voor 2022 is € 1.051.000 De rentelast 2021 voor de totale leningenportefeuille is € 232.000 Renteschema In onderstaand schema wordt uiteengezet hoe de rentetoerekening in 2021 heeft plaatsgevonden:
Volume leningen en liquide middelen Het volume aan uitgezette langlopende leningen en liquide middelen per ultimo boekjaar is als volgt: Overzicht leningen en liquide middelen
bedragen x € 1.000 31-12-2020
Uitgezette leningen, looptijd langer dan 1 jaar Middelen in de Schatkist Bankrekeningen
31-12-2021 1.901 7.535 276 9.712
2.438 14.643 373 17.454
EMU SALDO In het volgende overzicht berekenen we het EMU-saldo. Het EMU-saldo drukt uit welk financieringstekort we hebben. Het EMU-saldo van een land is gelijk aan het saldo van alle inkomsten en uitgaven van de rijksoverheid en de decentrale overheden. De Europese Unie heeft bepaald dat het EMU-tekort van een land niet hoger mag zijn dan 3% van het bruto binnenlands product.
54
De begroting van een gemeente wordt opgesteld conform een stelsel van baten en lasten. Bij de berekening van het EMU-saldo wordt uitgegaan van ontvangsten en uitgaven (het kasstelsel). Dit betekent bijvoorbeeld dat investeringen volledig ten laste komen van het EMU-saldo in het jaar van aanschaf, terwijl bij een stelsel van baten en lasten de investering wordt afgeschreven over de gebruiksduur. Ook bijdragen en onttrekkingen aan voorzieningen worden niet meegenomen in de berekening van het EMU-saldo. Een positief begrotingssaldo hoeft dus niet te betekenen dat het EMU-saldo ook positief is.
Gemeentegaranties Garantstelling geldleningen Het totaal van door de gemeente geborgde geldleningen bedraagt per eind 2021 € 2,55 miljoen (per eind 2020: € 2,54 miljoen). Het betreft in totaal 11 gemeentegaranties. In 2021 is een nieuwe gemeentegarantie verstrekt voor de aanschaf van led-verlichting door MHCL/stichting de Vallei.
55
Paragraaf E Bedrijfsvoering Doel De wettelijke regel uit de BBV schrijft voor; “de paragraaf betreffende de bedrijfsvoering geeft ten minste inzicht in de stand van zaken en de beleidsvoornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering”. Organisatieontwikkeling In 2021 hebben we uitvoering gegeven aan de organisatieontwikkeling zoals door de raad besloten is op 12 maart 2020. In het najaar van 2021 hebben we de raad meegenomen in de resultaten van de monitor organisatieontwikkeling. De belangrijkste conclusies daarvan waren dat we op de goede weg zijn als organisatie maar dat verbetering ook nog nodig is. De organisatie heeft het college en de raad nodig voor het richten van de organisatie. We streven naar standaardisatie en voorspelbaarheid, en willen de balans bewaken met flexibiliteit. We streven naar een goede balans tussen ambities en mensen/middelen. Met de eerste activiteiten in de organisatieontwikkeling hebben we een goede basis gelegd voor volgende stappen. Ook in 2021 hebben we te maken gehad met de coronacrisis. Ontmoeting, en daarmee het vergroten van de sociale cohesie, werd daardoor bemoeilijkt. De coronacrisis leverde ook extra en onvoorziene werkzaamheden op. Hierover hebben we in de voortgang programmabegroting 2021 gerapporteerd.
Intergemeentelijke samenwerking bedrijfsvoering Per 1 januari 2017 werken de gemeente Bunschoten, Leusden, Nijkerk en Putten samen op het gebied van bedrijfsvoering. De samenwerking is aangegaan omdat er voordelen en resultaten kunnen worden behaald op de zogenaamde 4K’s: • een betere kwaliteit van dienstverlening; • een minder kwetsbare positie bij een toenemend takenpakket en de eisen die daaraan gesteld worden; • een kostenbesparing door gezamenlijke inkoop, standaardisatie en harmonisatie van werkzaamheden; • een grotere kans voor het personeel in (door-) ontwikkeling en breedte en diepte in het takenpakket. Het afgelopen jaar zijn wij op onderdelen van de samenwerking tegen de begrenzing van de mogelijkheden aangelopen gelet op de AVG en de Regeling Zonder Meer. Onze Regeling Zonder Meer (die er eerder was dan de AVG) biedt onvoldoende grond om uitwisseling van persoonsgegevens mogelijk te maken. Inmiddels is een traject gestart om te komen tot een oplossing voor de korte termijn. Ook start een verkenning naar een duurzame oplossing voor de langere termijn. Samenwerking vindt plaats op de volgende taakvelden: Financiën In het taakveld financiën wordt er gewerkt vanuit een gezamenlijke financiële applicatie met één rekeningschema. Samenwerking vindt op verschillende vlakken van het financiële taakveld plaats.
De focus moet zijn van werken voor één gemeente naar werken voor vier gemeenten. In 2021 zijn onder meer de volgende resultaten behaald. • Op verschillende processen hebben we procedures en formats geharmoniseerd. Hierdoor kunnen processen van elkaar worden overgenomen en verminderen we kwetsbaarheid. • Vanuit het gezamenlijke interne controle plan is ook in 2021 weer een aantal processen bij elkaar gecontroleerd. De bevindingen van de interim-controle die eind 2021 bij de vier gemeenten door de nieuwe account is uitgevoerd zijn met elkaar vergeleken met als doel om verbeterpunten gezamenlijk op te pakken. • De invoering van de rechtmatigheidsverantwoording door het college is met een jaar uitgesteld. We hebben in 2021 wel een start gemaakt met de uitvoering van ons plan van aanpak voor invoering van deze nieuwe wet. Onder meer is de visie en ambitie met de audit/financiële commissies van de vier gemeenten besproken. • Ook op het gebied van fiscaliteiten werken we samen. In 2021 is een gezamenlijke BTW controle uitgevoerd en is er één loket ingericht voor fiscale vragen vanuit de vier organisaties. ICT In het perceel van informatisering is nog steeds leidend het vastgestelde beleidsplan. We hebben daaruit de strategische stappen voor de komende tijd aangegeven. Het onderdeel veiligheidsbeleid wordt vanaf de start volledig in BLNP opgepakt.
Voor het (deels lopende en) komende jaar ligt onze focus op de volgende punten: • In technische zin hebben we een gezamenlijk BLNP-office 365 omgeving en hebben we dit jaar gezamenlijk de printfaciliteiten en de aanschaf van nieuwe Firewalls opgepakt. Daarnaast hebben we een BLNP brede wachtwoordkluis geïmplementeerd. • Waar het kan maken we gezamenlijke afspraken voor de afname van licenties en/of diensten. • We harmoniseren applicaties tussen de BLNP-gemeenten op basis van het uitgangspunt: “waar liggen kansen en wat levert het meeste op qua efficiency, effectiviteit en kosten”. • We hebben gezamenlijk ingespeeld op de aanpak van nieuwe wetgeving zoals de Wet Open Overheid en Uniforme procedures voor de omgevingswet. • In het kader van de informatieveiligheid zijn audits uitgevoerd, is aandacht geweest voor het vergroten van de digitale weerbaarheid en is het logging beleid BLNP breed uitgewerkt.
56
HRM Het jaar 2021 stond in het teken van verdere intensivering van de samenwerking zowel op het gebied van personeelsen salarisadministratie als HRM advies. • In het project van de harmonisatie van lokale arbeidsvoorwaarden van de vier gemeenten is het afgelopen jaar fase 1a afgerond waarbij de financiële verschillen in kaart zijn gebracht. In deze fase zijn gesprekken gevoerd met de lokale ondernemingsraden en het Lokaal Overleg (met de vakbonden) om tot een werkwijze te komen. Hierbij zijn onder andere gezamenlijke uitgangspunten opgesteld. • In 2021 is het aanbestedingstraject voor een gezamenlijke arbodienst afgerond. Per 1 juli 2021 is Energy de arbodienst voor BLNP. • Eind 2021 is het projectplan betreffende optimalisatie van Youforce (HRM software) vastgesteld. De eerste stappen betreffende de uitvoering van het projectplan zijn gereed (o.a. projectgroep gestart; intensieve contacten en afspraken met leverancier Visma Reat; uitvoering eerste acties m.b.t. optimaliseren van het systeem en processen). Juridisch In 2021 stond het thema ‘van strategie naar operatie’ centraal. Het juridisch team heeft in 2021 op alle onderdelen stappen gezet om te komen tot één systemische benadering, waarmee we als team op structurele wijze de juridische kwaliteit van de vier gemeenten hebben getracht te vergroten.
• Juridische advisering Het juridisch team heeft in 2021 gevraagd en ongevraagd juridisch advies gegeven aan de vakambtenaren en bestuurders van de vier gemeenten. Daarnaast hebben we In 2021 de mogelijkheden vergroot om laagdrempelig advies te vragen en ons gericht op een snelle integrale benadering van advisering. • Juridische kwaliteitszorg Het juridisch team heeft in 2021 een structurele impuls gegeven aan de vergroting en verbetering van de juridische kwaliteit van de organisaties. In 2021 hebben we voor het eerst een complete pakket aan cursussen aangeboden aan de medewerkers van de 4 gemeenten. • Secretariaat commissie Bezwaarschriften Het juridisch team behandelt bezwaren. In 2021 hebben we ons erop gericht om de problematiek hieromtrent meer helder en begrijpelijk in beeld te brengen waardoor het bezwaarproces efficiënter kan verlopen en meer kan bijdragen aan verbetering van de kwaliteit van het besluitvormingsproces en de relatie tussen overheid en burger. • Klachtenbehandeling Het juridische team coördineert de behandeling van klachten tegen ambtenaren en bestuurders. In 2021 hebben we ons gericht op het vergroten van het leereffect van de behandeling van klachten, wat heeft bijgedragen aan de kwaliteit van het gemeentelijk handelen.
Informatieveiligheid Ontwikkelingen Cybercriminaliteit stijgt en zal ook de komende jaren verder toenemen. Onlangs nog werd een ernstige kwetsbaarheid ontdekt in het software component log4j dat wereldwijd door de meeste organisaties, waaronder gemeenten, wordt gebruikt. Gewaarschuwd werd voor mogelijk grote schade en geadviseerd werd voorbereidingen te treffen op een mogelijke aanval. We hebben de kwetsbaarheden opgespoord en samen met onze leveranciers de nodige maatregelen genomen om de risico’s te beperken. We zijn helaas nog niet van de Log4j dreiging af en zullen hierop nog lange tijd alert moeten blijven. Dit voorbeeld uit de praktijk bewijst dat ook gemeenten kwetsbaar zijn en doelwit kunnen zijn van aanvallen. Gemeenten zullen moeten blijven investeren in informatiebeveiliging om hun digitale weerbaarheid op een verantwoord niveau te houden. Beleid en doelstellingen Vanaf 2020 geldt de BIO (Baseline Informatiebeveiliging voor de Overheid) als normenkader voor informatieveiligheid voor de Nederlandse overheid. Het doel is op termijn te voldoen aan alle normen van de BIO. Informatieveiligheidsbeleid is gebaseerd op risicomanagement. Door periodieke risicoanalyses brengen we in beeld waar op dat moment de grootste dreigingen en risico’s liggen. De uitkomsten van deze analyses vormen de input voor het planmatig implementeren van verbetermaatregelen.
Daarnaast voldoen we hiermee aan de doelstellingen en verplichtingen die vanuit diverse audits worden opgelegd. Activiteiten en beheersmaatregelen We hebben ons gericht op de implementatie van een aantal beheersmaatregelen die volgen uit de Baseline Informatieveiligheid voor de Overheid (BIO) en worden benoemd in jaarlijkse actieplannen. We hebben extra geïnvesteerd in het proces om kwetsbaarheden te beheren waardoor configuratiefouten, kwetsbaarheden en andere cyberbeveiligingsproblemen in onze omgeving sneller worden ontdekt en beoordeeld. Daarnaast nemen we via het landelijke project GGI-Veilig deel aan de implementatie van actieve monitoring en response voor het bewaken van gedrag en acties op ons bedrijfsnetwerk. Wij hebben (nieuw) beleid opgesteld met uitgangspunten voor het vastleggen van gegevens over bepaalde gebeurtenissen in systemen (logging). Dit beleid zal na instemming van de Ondernemingsraad worden vastgesteld. We maken gebruik van een veilige e-mailoplossing ZIVVER waarmee fouten bij het versturen van informatie worden beperkt of kunnen worden voorkomen. We hebben een veilige wachtwoordkluis voor alle medewerkers gefaciliteerd en campagne gevoerd om het gebruik ervan te stimuleren.
57
Om de bewustwording rond informatieveiligheid te vergroten hebben wij een onderzoek uitgevoerd in verband met de aanschaf van e-learning modules die wij via Studytube aan iedere medewerker willen aanbieden. De Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) is onderdeel van onze screeningsprocedure van nieuwe medewerkers. Daarnaast wordt functiescheiding toegepast waar dat nodig en mogelijk is. Resultaten zelfevaluatie ENSIA DigiD
Suwinet
BAG
BGT
BRO
BRP
Reisdocumenten
Elk jaar leggen gemeenten verantwoording af over de kwaliteit van de informatieveiligheid van diverse informatiesystemen. Dit gebeurt volgens de Eenduidige Normatiek Single Information Audit (ENSIA). Deze verplichte zelfevaluatie is gebaseerd op het normenkader van de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO). Het college geeft met de ENSIA-collegeverklaring aan in hoeverre aan de beveiligingsnormen voor het gebruik van DigiD en Suwinet wordt voldaan. De collegeverklaring wordt inclusief bijlagen bij het jaarverslag aangeboden aan de raad. Daarnaast legt het college in een aparte rapportage verantwoording af over de kwaliteit van de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG), de Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT) en de Basisregistratie Ondergrond (BRO). De Waardering Onroerende Zaken (WOZ) is daar met ingang van 2021 aan toegevoegd maar daar is (nog) geen score aan verbonden. Ook de verantwoording over de Basisregistratie Personen (BRP) en Reisdocumenten maken onderdeel uit van ENSIA. Het resultaat van de zelfevaluatie 2021 is dat de gemeente Leusden aan de meeste normen voldoet. Voor DigiD staan de normen echter op “rood” (voldoet niet). De reden is de overgang naar een nieuw zaaksysteem met een nieuwe DigiD-aansluiting waarmee de oude aansluiting komt te vervallen. Over de nieuwe aansluiting wordt volgend jaar verantwoording afgelegd.
Met de BGT zijn we van een score van 100% gezakt naar 72% (75% = voldoende). 2021 was een overgangsjaar waarin we zijn overgestapt naar een nieuwe serviceorganisatie voor de BGT. Er volgt een evaluatie van de nieuwe samenwerking en een verbeterplan. Datalekken In 2021 hebben we met 18 datalekken te maken gehad. Het ging om 9 post/e-mail fouten, 6 fouten in gegevensuitwisseling met zorgaanbieder, 1 te ruime autorisatie, 1 openbaarmaking, 1 onvoldoende grondslag. Van de 18 datalekken hebben we er 5 gemeld aan de Autoriteit Persoonsgegevens (AP).
58
Paragraaf F. Verbonden Partijen Visie op verbonden partijen in relatie tot de doelstellingen uit de begroting De gemeente wil beoogde doelen optimaal realiseren. Een optimale borging van het publieke belang is daarbij essentieel. Soms zoekt we samenwerking met derden of beleggen de uitvoering extern via subsidiëring of inkoop. Een specifieke vorm van externe uitvoering is de verbonden partij. Soms volgt dit uit wetgeving, bijvoorbeeld bij de Veiligheidsregio’s en de Regionale Uitvoeringsdiensten. Soms nopen de ontwikkelingen van schaalvergroting en nieuwe gemeentelijke taken tot regionale samenwerking voor de uitvoering van deze taken. Kenmerken van Verbonden Partijen Verbonden partijen zijn rechtspersonen waarin de gemeente een bestuurlijk belang en financieel belang heeft. Dit betreft enerzijds de publiekrechtelijke gemeenschappelijke regelingen en anderzijds privaatrechtelijke deelnemingen in vennootschappen, verenigingen en stichtingen. Onder een bestuurlijk belang wordt verstaan: een zetel in het bestuur van de verbonden partij, of het hebben van stemrecht. Met een financieel belang wordt bedoeld dat de gemeente middelen ter beschikking heeft gesteld die ze kwijt is in geval van faillissement van de verbonden partij of wanneer de financiële problemen bij de verbonden partij verhaald kunnen worden op de gemeente.
Als de financiële relatie alleen bestaat uit gemeentelijke bijdragen in de vorm van inkomens- of vermogensoverdrachten zoals een subsidie, dan is er geen sprake van een financieel belang. Deze relaties zijn daarom niet in deze paragraaf opgenomen. Verbonden partijen dienen een publiek, openbaar belang. De raad heeft een kaderstellende en controlerende taak en ziet erop toe dat de verbonden partijen bijdragen aan de doelstellingen in de (beleids)programma’s. Lokale en regionale sturing op Verbonden Partijen Het laten uitvoeren van taken door Verbonden Partijen heeft het risico dat de democratische controle niet optimaal is. Bij de realisering van beoogde gemeentelijke doelen is een optimale borging van het publieke belang echter essentieel. Sinds 2015 is (op initiatief van de Leusdense raad) daarom een regionale werkwijze voor de sturing en controle op verbonden partijen van kracht. De werkwijze is in 2014 regionaal opgenomen in het Manifest Verbonden Partijen, dat is ondertekend door 10 gemeenteraden uit de regio Zuid-Oost Utrecht. Krachtens de Wgr dienen verbonden partijen jaarlijks vóór 15 april een kadernota met algemene financiële en beleidsmatige kaders voor het volgende begrotingsjaar aan de raad aan te bieden. Dit is vooral van belang bij voorgenomen inhoudelijke of financiële wijzigingen.
In de regionale werkwijze worden de verbonden partijen verzocht hun kadernota uiterlijk op 31 januari in te dienen, zodat de raad nog een zienswijze op voorgestelde wijzigingen kan indienen vóórdat het AB van de verbonden partij de concept begroting vaststelt. Zo wordt het zwaartepunt van sturing door de raad meer vooraan in de beleids- en begrotingscyclus geplaatst. De raad heeft per verbonden partij twee “rapporteurs” benoemd. Zij volgen namens de hele raad de ontwikkelingen bij de verbonden partij nauwgezet en informeren de raadsfracties. Beheersingsmethodiek voor verbonden partijen De gemeente monitort de verbonden partijen door het beoordelen van management- en bestuursrapportages en de begrotingen en jaarrekeningen van de betreffende instellingen. Het college rapporteert de raad gedurende het jaar in de P&C-documenten over relevante ontwikkelingen zoals het aangaan of beëindigen van verbonden partijen, wijzigingen in de doelstellingen, nieuwe financiële risico’s en beleidswijzigingen in de uitvoering van de taken.
59
Overzicht verbonden partijen en deelnemersbijdragen 2021 Programma begroting
Naam
Samenleving Bestuur Leefomgeving Leefomgeving Leefomgeving Bestuur Bestuur
Gemeenschappelijke regeling Gemeenschappelijke regeling Gemeenschappelijke regeling Gemeenschappelijke regeling Gemeenschappelijke regeling Gemeenschappelijke regeling Vennootschap (BV) Vennootschap (BV) Vereniging Vereniging Vereniging Stichting Regeling zonder meer
Leefomgeving
Regeling zonder meer
1
Veiligheidsregio Utrecht (VRU)
2
GGD regio Utrecht (GGDrU)
Bestuur en Samenleving
3
Afval Verwijdering Utrecht (AVU) bijdr begr 22
Leefomgeving
4
GBLT (belastingen)
5
Regionale Uitvoeringsdienst (RUD)
6 7 8 9 10 11 12 13 14
Bestuur
Bestuur Bestuur en Leefomgeving
Regionale Werkvoorziening Amersfoort e.o. (RWA) Amfors Holding BV Vitens VvE Atlas VvE Antares VvE Huis van Leusden Inkoopbureau Midden Nederland (IBMN) Samenwerking Bedrijfsvoering BLNP Centrumregeling afvalwaterketen en grondwater TOTAAL BIJDRAGEN 2021
Juridische rechtsvorm
Samenleving
Bijdrage 2021 € 1.612.000 € 1.090.000 € 714.000 € 429.000 € 347.000 € 211.000 €0 €0 € 13.000 € 31.000 € 13.000 € 74.000 €0 € 5.000 € 4.543.000
Financieel belang In totaal is in 2021 door Leusden een deelnemersbijdrage aan de verbonden partijen van € 4,54 miljoen betaald. Dit is circa 7,25 % van de totale gemeentebegroting. Het grootste deel van deze bijdrage is gekoppeld aan afgenomen producten en diensten. Het resterende deel betreft een bijdrage naar rato van het aantal inwoners of woningen.
Gegevens en ontwikkelingen per verbonden partij 1.
Veiligheidsregio Utrecht (VRU) Vestigingsplaats: Juridische rechtsvorm: Deelnemers:
Bestuurlijk vertegenwoordiger: Doel deelname:
Openbaar belang: Bestuurlijk belang:
Programma in jaarrekening: Gemeentelijke bijdrage in 2021: Financieel belang: Financieel belang in %: Resultaat over 2021: Eigen vermogen eind 2021: Vreemd vermogen eind 2021: Risico’s voor financiële positie gemeente:
Utrecht Gemeenschappelijke regeling Alle gemeenten in de provincie Utrecht en de Meldkamer Ambulancezorg (MKA). De politie Eenheid Midden Nederland is aan de veiligheidsregio verbonden door een convenant. Burgemeester G.J. Bouwmeester Uitvoering brandweerzorg, organisatie van de rampenbestrijding en crisisbeheersing en geneeskundige hulpverlening bij rampen. Noodhulpverlening in de regio Utrecht. Adequate brandweerzorg, rampenbestrijding en crisisbeheersing. Alle burgemeesters van de 26 Utrechtse gemeenten hebben zitting in het AB.
Domein Bestuur – programma veiligheid € 1.612.000 Jaarlijkse inwonersbijdrage op basis van verhoudingen van budgetten binnen het gemeentefonds, de zgn. “ijkpuntscores” 1,9% € 3.102.000 (concept jaarrekening 2021) € 23.237.000 € 62.708.000 - Extra loonkosten a.g.v. gelijkwaardige bezoldiging vrijwilligers en beroepskrachten.
60
2.
GGD regio Utrecht (GGDrU)
Vestigingsplaats: Juridische rechtsvorm: Deelnemers: Bestuurlijk vertegenwoordiger: Doel deelname:
Openbaar belang:
Bestuurlijk belang:
Programma in jaarrekening: Gemeentelijke bijdrage in 2021: Financieel belang:
Financieel belang in %: Resultaat over 2021: Eigen vermogen eind 2021: Vreemd vermogen eind 2021: Risico’s voor financiële positie gemeente:
3.
Zeist Gemeenschappelijke Regeling Alle gemeenten in de provincie Utrecht Wethouder P. Kiel Het behartigen van de belangen van de deelnemende gemeenten op het gebied van openbare gezondheidszorg. De dienst voert wettelijke “basistaken” en op lokaal beleid gebaseerde “keuzetaken” uit. - Invulling geven aan de wettelijke rol bij crisis en rampen; - Bevorderen van een goede basisgezondheid en gelijke kansen op gezondheid voor de inwoners, onder meer door preventie. Elke gemeente is met een lid vertegenwoordigd in het Algemeen Bestuur (met uitzondering van gemeente Utrecht) en ook in de bestuurscommissie. Het AB benoemt het DB.
Domein Bestuur – programma Veiligheid Domein Samenleving – programma Sociaal Domein € 1.090.308 De kosten van de wettelijke basistaken worden bij alle deelnemers in rekening gebracht; keuzetaken alleen bij de gemeenten waarvoor de taken zijn uitgevoerd. ca 2,7% € 565.000 € 4.112.700 (stand ultimo 2021) € 49.258.700 (stand ultimo 2021) De verhouding tussen de vaste (inwoner)bijdrage en de maatwerkopbrengsten moet zodanig zijn, dat de GGDrU in de financieringsstructuur een eventuele daling van maatwerkinkomsten zelf kan opvangen.
Afvalverwijdering Utrecht (AVU)
Vestigingsplaats: Juridische rechtsvorm: Deelnemers: Bestuurlijk vertegenwoordiger: Doel deelname: Openbaar belang:
Bestuurlijk belang:
Programma in jaarrekening: Gemeentelijke bijdrage in 2021: Financieel belang:
Financieel belang in %: Resultaat over 2021: Eigen vermogen eind 2021: Vreemd vermogen eind 2021: Risico’s voor financiële positie gemeente:
Soest Gemeenschappelijke regeling De Utrechtse gemeenten Wethouder W. Vos Zorgdragen voor een goede, reguliere en milieuverantwoorde verwijdering van door de Utrechtse gemeenten ingezamelde huishoudelijke afvalstoffen. Zorgen voor overslag, transport en hoogwaardige verwerking van huishoudelijk afval en grondstoffen; de contractvorming en het -beheer hiertoe; monitoring van de samenstelling van het huishoudelijk restafval; advisering en communicatieve (campagnes) en beleidsmatige ondersteuning van de deelnemende gemeenten Het AB bestaat uit 1 lid uit elke gemeente.
Domein Leefomgeving – programma Duurzaamheid € 713.611 Baten en lasten worden 100% aan de deelnemers doorberekend. De GR heeft een 100% belang in de NV Afvalverwijdering Utrecht (en is zo hoofdelijk aansprakelijk voor eventuele omzetbelastingschulden van de NV), en een minderheidsbelang in de NV Rova Holding. 1,6% € 106.099 € 800.662 (eind 2021) € 20.805.445 (eind 2021) Normale bedrijfsrisico's zoals rente-, krediet, debiteuren- en investeringsrisico's.
61
4.
GBLT (Gemeenschappelijk Belastingkantoor Lococensus – Tricijn)
Vestigingsplaats: Juridische rechtsvorm: Deelnemers: Bestuurlijk vertegenwoordiger: Doel deelname:
Openbaar belang: Bestuurlijk belang:
Zwolle Gemeenschappelijke regeling Vijf waterschappen en zes gemeenten, te weten Bunschoten, Dalfsen, Dronten, Nijkerk, Leusden en Zwolle. Wethouder W. Vos Een efficiënte en effectieve heffing en invordering van gemeentelijke belastingen (en waterschapsbelastingen) en uitvoering van WOZ-taken op een hoog kwaliteitsniveau tegen zo laag mogelijke kosten. Juiste en klantgerichte uitvoering van gemeentelijke belastingverordeningen en kwijtscheldingsregels en waardering onroerende zaken. Elke deelnemer heeft met één bestuurslid zitting in het AB.
Programma in jaarrekening: Gemeentelijke bijdrage in 2021: Financieel belang:
Financieel belang in %: Resultaat over 2021: Eigen vermogen eind 2021: Vreemd vermogen eind 2021: Risico’s voor financiële positie gemeente:
5.
Regionale Uitvoeringsdienst (RUD)