CConstaterende datLeusden
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarverslag en Jaarrekening 2020.pdf

Raadsvergadering 8 juli 2021, gemeente LeusdenBij agendapunt: 8: RV Jaarverslag en Jaarrekening 202038.051 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

Begroting Rekening Primitief Na wijziging 1.223 960 2.055 42.456 44.467 44.882 41.233 43.507 42.827 0 3.281 3.234 632 3.775 3.780 41.865 44.001 43.373

Lasten Baten Begroting Rekening Begroting Rekening Treasury 214 214 229 238 OZB woningen 343 346 4.595 4.611 OZB niet-woningen 0 0 2.811 2.801 Belastingen Overig 0 5 190 195 Algemene uitkering gemeentefonds 0 4 36.500 36.617 Overige baten en lasten 239 1.272 17 282 Vennootschapsbelasting (VpB) 0 32 0 0 Economische promotie 0 0 126 138 Inkomensregelingen 165 182 0 0 Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien 961 2.055 44.468 44.882 Mutaties reserves 3.281 3.234 3.775 3.780 Resultaat na bestemming 4.242 5.289 48.243 48.662

Saldo -1.095 415 -680 47 5 -628

Saldo 9 13 -10 0 113 -768 -32 12 -17 -680 52 -628

Verschillenanalyse Verschillenanalyse taakvelden Hieronder is een analyse opgenomen van de verschillen tussen de begroting en de jaarrekening 2020. Alleen de taakvelden waar het verschil groter is dan € 50.000 nemen we mee in de analyse. Daarbij worden alleen de belangrijkste afwijkingen benoemd. 0.7 Algemene uitkering gemeentefonds € 113.000 (voordeel) Een voordeel van € 75.000 is ontstaan doordat de afrekening 2019 van het btw-compensatiefonds voordeliger uitviel dan begroot. Daarnaast is het positieve effect van de bijstelling van de verdeelmaatstaven € 23.000 hoger uitgevallen. 0.8 Overige baten en lasten € 768.000 (nadeel) Aan de hand van de statische methode is een analyse gemaakt van de (on)inbaarheid van de nog openstaande vorderingen per 31 december 2020. In verband met de te verwachten oninbare bedragen is een bedrag van € 410.000 (nadeel) gedoteerd aan de voorziening dubieuze debiteuren. Deze dotatie heeft voornamelijk betrekking nog niet betaalde huur van het zwembad die we onder voorbehoud van volledige compensatie door de Rijksoverheid, voornemens zijn kwijt te schelden ter compensatie voor het exploitatieverlies over 2020. Het opnemen van de in 2017 verstrekte duurzaamheidsleningen aan schoolinstellingen met betrekking tot MFC Atlas geeft een nadeel van als € 70.000 als gevolg van het corrigeren van in voorgaande jaren ontvangen aflossingen.

Doordat er minder vakantie-uren zijn opgenomen dan normaal (Corona) is dit jaar een eenmalige voorziening voor

49

vakantiedagen opgenomen wat resulteert in een nadeel van € 169.000. In 2020 is de financieringssystematiek van het Bbz vernieuwd wat tot correcties op onze balansposten heeft gezorgd voor een incidenteel nadeel van € 180.000. Het corrigeren van de afwikkeling van de nog te betalen kosten over 2018 met betrekking tot de uitvoeringskosten voor de bijstand geeft een voordeel van € 44.000. 0.10 Mutaties reserves € 52.000 (voordeel) De niet doorgevoerde storting toerekening uren grondexploitatie ten gunste van de algemene bedrijfsreserve geeft een voordeel van € 47.000.

BBV indicatoren De verplichte beleidsindicatoren worden per domein weergegeven. De indicatoren staan op waarstaatjegemeente.nl en zijn daar ook te raadplegen. In onderstaande indicatoren wordt Leusden vergeleken met gemeenten van 25.000-50.000 inwoners. Op de website kunnen ook andere vergelijkingen worden gemaakt. BBV-indicatoren

50

51

Paragrafen Paragraaf A Lokale heffingen Wettelijk kader In de Gemeentewet en in enkele bijzondere wetten is geregeld welke lokale heffingen de gemeente aan inwoners en bedrijven mag opleggen. In deze paragraaf wordt ingegaan op het beleid en de belangrijkste ontwikkelingen in 2020 met betrekking tot de lokale heffingen. Daarnaast wordt ingegaan op de belastingopbrengst, de ontwikkeling van de lokale lastendruk en kwijtscheldingen. Beleidskader Op basis van door de raad vastgestelde verordeningen zijn de volgende heffingen opgelegd: OZB, hondenbelasting, toeristenbelasting, precariobelasting, reinigingsheffingen (afvalstoffenheffing en reinigingsrecht), rioolheffing, rioolaansluitrecht, leges, marktgeld en lijkbezorgingsrechten. De gemeente voert een ruimhartig kwijtscheldingsbeleid. Bij de belastingen en tarieven zijn in 2020 de volgende beleidsuitgangspunten toegepast: a. Aanpassen van tarieven met 2% in verband met de ontwikkeling van de inflatie; b. Doorvoeren van ombuigingstaakstellingen bij de OZB (met een meeropbrengst van € 583.300 op grond van scenario 3 in de Kaderbrief 2020) en bij de leges (meeropbrengst € 80.000 voor het verstrekken van informatie over bouwactiviteiten). Laatstgenoemde taakstelling bleek overigens niet haalbaar en is bij de Voorjaarsnota 2020 als besparingsverlies afgeraamd; c.

Streven naar kostendekkende heffingen, zo nodig met gebruikmaking van een egalisatievoorziening. Uitvoering Het Gemeenschappelijk Belastingkantoor Lococensus Tricijn (GBLT) verzorgt de heffing en inning van de OZB, rioolheffing, reinigingsheffingen, hondenbelasting, en de toeristenbelasting. De overige heffingen int de gemeente Leusden zelf. Het GBLT voert eveneens de taken uit van de wet Waardering onroerende zaken (WOZ). Tarieven In de tabel hieronder worden de belangrijkste belastingtarieven in 2020 vermeld, en de tariefontwikkeling ten opzichte van 2019. Belastingtarieven OZB, % van de WOZ-waarde: - eigendom woningen - eigendom niet-woningen - gebruiker niet-woningen

2019

2020

0,1026% 0,2757% 0,2222%

0,1040% 0,3055% 0,2455%

52

Reinigingsheffingen: - afvalstoffenheffing, vast deel - afvalstoffenheffing, variabel deel inwerptrommel 30 liter inwerptrommel 60 liter mini-container 240 liter - reinigingsrecht bedrijven, vast deel (incl. btw) Rioolheffing, per aansluiting Hondenbelasting, 1e hond Toeristenbelasting, per overnachting: - in hotels, vakantiewoningen, chalets - in overige onderkomens/verblijfaccommodaties

€ 147,00

€ 212,00

€ 0,72 € 1,44 € 5,76 € 177,87 € 117,20 € 77,70

€ 0,79 € 1,58 € 6,32 € 256,52 € 122,50 € 79,20

€ 1,61 € 1,08

€ 1,64 € 1,10

53

Opbrengst

Belastingen: OZB Hondenbelasting Toeristenbelasting Precariobelasting Heffingen en rechten: Afvalstoffenheffing/reinigingsrecht Rioolheffing Rioolaansluitrecht Lijkbezorgingsrechten Leges Totaal

Begroting, primitief

Begr.wijziging

Na wijziging

(bedragen x € 1.000) Opbrengst 2020

7.538 177 167 23

-132

7.406 177 126 10

7.412 176 138 19

3.055 1.577 5 35 890 13.467

28 62

3.083 1.639 5 35 1.031 13.512

3.218 1.667 5 37 1.564 14.236

-41 -13

141 45

Toelichting Bij de afvalstoffenheffing is bij het variabele deel (diftar) van de heffing een meeropbrengst ontstaan. Door het thuiswerken en thuisblijven in coronatijd hebben huishoudens meer restafval afgevoerd. Het positieve resultaat van de reinigingsbegroting is toegevoegd aan de egalisatievoorziening. In verband met het coronavirus daalde in 2020 het aantal zakelijke en toeristische overnachtingen en daarmee de opbrengst van de toeristenbelasting. Daarnaast is besloten om van horecaondernemers geen precario te heffen voor het gebruik van terrassen. Voor de lagere opbrengst bij de toeristen- en precariobelasting is van het Rijk financiële compensatie ontvangen. Bij de leges is een meeropbrengst ontstaan door meer aanvragen om omgevingsvergunningen voor bouwactiviteiten bij grote projecten. De meeropbrengst is toegevoegd aan de egalisatievoorziening.

Ontwikkeling lokale lastendruk Tot de gemeentelijke woonlasten worden de bedragen gerekend die huishoudens betalen aan OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing. In 2020 bedraagt de gemiddelde woonlastendruk in Leusden € 726 voor een meerpersoonshuishouden. Dat is – vooral door de hogere tarieven van de afvalstoffenheffing - een forse stijging ten opzichte van 2019, maar nog wel ruim beneden het landelijk en provinciaal gemiddelde (zie tabel hierna). Op de landelijke ranglijst van bureau Coelo van woonlasten in gemeenten staat Leusden op de 79e positie van de in totaal 355 gemeenten. De tabel geeft een overzicht van de gemiddelde woonlasten van meerpersoonshuishoudens in Leusden en in omringende gemeenten. Ten opzichte van deze gemeenten heeft Leusden relatief lage woonlasten. De cijfers zijn ontleend aan de Coelo Atlas lokale lasten 2019 en 2020.

54

Lokale woonlasten

2019

2020

Leusden Amersfoort Soest Woudenberg Zeist Barneveld Scherpenzeel Gemiddeld in provincie Utrecht Gemiddeld in Nederland

€ 605 € 743 € 652 € 771 € 718 € 775 € 774 € 737 € 740

€ 726 € 773 € 695 € 832 € 772 € 796 € 786 € 793 € 776

Kwijtschelding Voor inwoners met de laagste inkomens is er de mogelijkheid om voor kwijtschelding in aanmerking te komen. Gehele of gedeeltelijke kwijtschelding is mogelijk voor de afvalstoffenheffing, rioolheffing en bij de hondenbelasting voor de eerste en tweede hond. In totaal is er in 2020 voor € 134.600 aan kwijtscheldingen verleend: afvalstoffenheffing € 81.800, rioolheffing € 47.700 en hondenbelasting € 5.100.

55

Paragraaf B Weerstandsvermogen en risicobeheersing Algemeen Het weerstandsvermogen is te omschrijven als ‘de mate waarin de gemeente Leusden in staat is middelen vrij te maken om (incidentele) financiële tegenvallers op te vangen, zonder dat dit ten koste gaat van het bestaande beleid inzake de gemeentelijke dienstverlening’. Het weerstandsvermogen is een financieel vangnet voor optredende gevolgen van risico’s die niet goed kunnen worden afgedekt op basis van het gevoerde risicomanagement. In deze paragraaf geven wij u inzicht in risico’s van de gemeente, het beschikbare en het benodigde weerstandsvermogen.

Beleidskader Het beleid is vastgelegd in de Nota risicomanagement en weerstandsvermogen 2010. Er wordt onderscheid gemaakt in risico’s van de algemene dienst en die van het grondbedrijf. Risicomanagement Bewustwording van risico’s is een belangrijke stap in het beheersen van risico’s. Daarom is het van belang regelmatig stil te staan bij de risico’s die het bereiken van de doelstellingen in de weg staan en het gesprek hierover te organiseren. Onze risico’s worden systematisch in beeld gebracht en op mogelijke consequenties beoordeeld. Tweemaal per jaar wordt een monitor samengesteld waarbij risico’s worden geïnventariseerd dan wel geactualiseerd. Daarnaast zijn risico’s en risicobeheersing een vast onderdeel van de planning en control gesprekken in onze organisatie. Risicomanagement draagt zo bij aan een grotere weerbaarheid en wendbaarheid. En dat is goed voor de continuïteit van de gemeente als het gaat om de uitvoering van taken en verantwoordelijkheden in de samenleving.

Risico’s algemene dienst De belangrijkste risico’s van de algemene dienst zijn meerjarig in beeld gebracht aan de hand van een drietal scenario’s, namelijk het optimistische scenario, het pessimistisch scenario en het midden scenario. Het midden scenario beschouwen we als meest realistisch en wordt in relatie gebracht met het berekende benodigde weerstandsvermogen. Hiervoor nemen we het totaalbedrag aan risico’s voor het jaar 2021 van het midden scenario.

bedragen x € 1.000 Risico

1 Algemene uitkering 2 Jeugdhulp 3 WMO 4 Directe gevolgen Coronacrisis 5 Niet halen ombuigingen en taakstellingen 6 Werk, inkomen & participatie 7 Grote projecten & onderhoud kapitaalgoederen 8 Pensioenen & wachtgelden wethouders 9 Bedrijfsvoeringrisico's 10 Fiscale risico's Overige risico's Totaal

optimistische scenario

midden scenario

pessimistisch scenario

2021 2022 2023 2024 2021 2022 2023 2024 2021 2022 2023 2024 50 300 750 1.200 125 625 1.075 1.525 200 1.015 1.465 1.915 270 320 230 196 530 670 680 770 840 1.080 1.210 1.430 160 395 600 830 345 750 1.100 1.500 530 1.100 1.610 2.200 135 45 35 350 90 70 770 170 140 160 170 190 190 320 350 380 380 475 520 560 560 120 120 120 120 195 195 195 195 295 295 295 295 160 190 205 205 390 450 480 480 620 735 795 795 200 200 200 200 300 300 300 300 400 400 400 400 150 110 110 110 300 280 280 280 400 730 380 380 100 50 50 50 300 120 110 110 840 170 160 160 165 155 155 155 365 325 325 325 600 535 535 535 1.670 2.055 2.645 3.256 3.520 4.155 4.995 5.865 5.970 6.750 7.550 8.670

Wij willen benadrukken dat de uitkomsten van de scenario’s geen voorspelling geeft van de werkelijkheid, maar inzichten geeft wat er gebeurt als er op meerdere onderdelen van de gemeentelijke begroting sprake is van tegenvallende ontwikkelingen en stress (gevoeligheidsanalyse). De uitkomsten moeten daarom ook met enige voorzichtigheid worden geïnterpreteerd en beseft moet worden dat een verkenning van een toekomstige situatie gepaard gaat met inherente beperkingen en onzekerheden.

Benodigd weerstandsvermogen Algemene dienst Het benodigde weerstandsvermogen is genormeerd op 10% van de omzet van de algemene dienst (exclusief sociaal domein), namelijk € 5.560.000,-. Omdat het totaal van de geïnventariseerde risico’s aan de hand van het midden scenario voor het jaar 2021 lager is dan het genormeerd benodigd weerstandsvermogen wordt bij berekening van het weerstandsvermogen uitgegaan van het genormeerd benodigd weerstandsvermogen.

Beschikbare weerstandsvermogen Algemene dienst Het beschikbare weerstandsvermogen voor het afdekken van de risico’s bij de algemene dienst wordt gevormd door het vrij aanwendbare deel van de algemene reserve (basisdeel). Dit bedraagt € 3.416.000,- zijnde het saldo van deze reserve per 31 december 2020.

Ratio weerstandsvermogen Algemene dienst Wij drukken het weerstandsvermogen uit in een ratio.

56

Met behulp van dit verhoudingsgetal wordt bepaald of het weerstandsvermogen toereikend is. De gemeente streeft naar een ratio van 1,0 met als toegestane bandbreedte een bovengrens van 1,2 en een ondergrens van 0,8. Komt de ratio buiten de bandbreedte dan wordt binnen een jaar een voorstel gedaan om het beschikbare weerstandsvermogen te verhogen of te verlagen. De ratio wordt als volgt berekend:

Beschikbare weerstandsvermogen ---------------------------Benodigd weerstandsvermogen

3.416.000 ____________ 5.560.000

0,61

Conclusie: Met de cijfers per 31-12-2020 is de weerstandsratio 0,61. Dit afgezet tegen het gemeentelijke beleid zoals vastgelegd in de Nota risicomanagement & Weerstandscapaciteit, is de weerstandscapaciteit hiermee onvoldoende. Bij de kadernota 2021 is dit reeds geconstateerd en zijn besluiten genomen om het weerstandsvermogen in 2021 te verhogen naar minimaal de ratio 1. Naast dit deel is voor het opvangen van risico’s in het sociaal domein een afzonderlijke reserve sociaal domein is ingesteld. Op 31 december 2020 bedraagt de omvang van deze reserve € 764.000,-. Doordat er toekomstige uitnamen zijn gepland is het verwachte netto saldo € 392.000 per 31-12-2024.

Risico’s grondexploitatie In de Actualisatie van de diverse grondexploitaties zijn de risico’s benoemd (en waar mogelijk gekwantificeerd) die de gemeente loopt met de uitvoering van grondexploitaties.

Benodigd weerstandsvermogen Grondbedrijf In de Nota Risicomanagement en Weerstandsvermogen is beschreven hoe de norm voor het benodigde weerstandsvermogen wordt berekend. Op basis van de grondexploitaties zoals opgenomen in de Actualisatie 2021 wordt het benodigde weerstandsvermogen grondbedrijf voor 2021 genormeerd op € 1.010.000.

Beschikbare weerstandsvermogen Grondbedrijf Het beschikbare weerstandsvermogen grondbedrijf wordt gevormd door het vrij aanwendbare deel van de Algemene Reserve Grondbedrijf. De omvang van deze reserve bedraagt € 1.895.000 per 31 december 2020.

Ratio weerstandsvermogen Grondbedrijf Evenals voor de Algemene Dienst wordt ook voor het Grondbedrijf uitgegaan van een ratio van minimaal 1,0 met als toegestane bandbreedte een bovengrens van 1,2 en een ondergrens van 0,8. Komt de ratio buiten de bandbreedte dan wordt binnen een jaar een voorstel gedaan om het beschikbare weerstandsvermogen te verhogen of te verlagen. De ratio wordt als volgt berekend:

Beschikbare weerstandsvermogen ---------------------------Benodigd weerstandsvermogen

1.895.000 ____________ 1.010.000

1,88

Conclusie: Met een weerstandsratio van 1,88, afgezet tegen het gemeentelijke beleid zoals vastgelegd in de Nota risicomanagement & Weerstandscapaciteit, is de weerstandscapaciteit ruim voldoende.

Kengetallen financiële positie Kengetallen zijn getallen die de verhouding uitdrukken tussen bepaalde onderdelen van de rekening of de balans en kunnen helpen bij de beoordeling van de (ontwikkeling van de) financiële positie. Naast de kengetallen wordt een beoordeling van de onderlinge verhouding van de kengetallen in relatie tot de financiële positie opgenomen. Bij de beoordeling van de kengetallen maken we gebruik van ‘zogeheten ‘signaleringswaarden’ die afkomstig zijn uit

57

onder meer de stresstest voor 100.000+gemeenten en het gemeenschappelijk financieel toezichtskader 2020. In de tabel hieronder is te zien welke waarden bij welke categorie (A, B of C) behoren. Wij zullen de kengetallen opnemen en indelen in onderstaande drie categorieën waarbij categorie A het minst risicovol is en categorie C het meest.

In de hierna opgenomen tabel zijn de voorgeschreven kengetallen vermeld en zijn de berekende waarden alsmede het verloop van deze waarden ingevuld. Daarna volgt per kengetal een korte uitleg en wordt op de uitkomst en situatie voor Leusden ingegaan.

Kengetallen:

Jaarrekening

Begroting

Jaarrekening

2019

2020

2020

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

10% 12%

25% 23%

14% 11%

Solvabiliteitsratio

43%

42%

47%

Grondexploitatie

8%

4%

3%

Structurele exploitatieruimte

-4%

0%

2%

82%

97%

98%

Gemeentelijke belastingcapaciteit

Netto schuldquote De netto schuld weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie en zegt het meest over de financiële vermogenspositie van een gemeente. De netto schuldquote geeft aan of een gemeente investeringsruimte heeft of juist op haar tellen moet passen. Daarnaast zegt het kengetal ook wat over de flexibiliteit van de begroting. Hoe hoger de schuld is, hoe meer kapitaallasten er zijn (rente en aflossing) waardoor een begroting minder flexibel wordt. De netto schuldquote neemt in meerjarenperspectief toe omdat onze liquide middelen sterk afnemen door een aantal investeringsprojecten. Toch blijft onze netto schuldpositie van Leusden laag en financieel gezond.

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Omdat er bij leningen onzekerheid kan bestaan of ze allemaal terugbetaald worden geeft dit kengetal inzicht in wat het aandeel van de verstrekte leningen is en wat dit betekent voor de schuldenlast. De wijze waarop de netto schuldquote gecorrigeerd voor de doorgeleende gelden wordt berekend is gelijk aan de netto schuldquote, met dien verstande dat bij de financiële activa ook alle verstrekte leningen worden opgenomen. Het aandeel doorgeleende gelden is voor Leusden relatief beperkt waardoor de uitkomt van dit kengetal niet of nauwelijks afwijkt van de netto schuldquote. Dit geeft aan dat het ‘terugbetalingsrisico’ gering is.

Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft de mate aan waarmee de gemeentelijke bezittingen zijn betaald met eigen middelen. Anders gezegd: het aandeel van het eigen vermogen in het totaal vermogen. Hoe hoger de verhouding eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen hoe gezonder de gemeente. Normaal bevindt de solvabiliteitsratio van een gemeente zich tussen de 30% en 80%. Leusden bevindt zich met een solvabiliteitsratio van 47% binnen deze bandbreedte. De solvabiliteitsratio heeft als signaleringswaarde B, maar zit net op de grens tussen A en B. Dit wordt mede veroorzaakt door het grote aandeel van o.a. onderhoudsvoorzieningen in onze balans. Wanneer rekening wordt gehouden met onze onderhoudsvoorzieningen, door deze mee te nemen bij onze reserves, dan komt de solvabiliteitsratio uit op 61%. Hieruit blijkt dat Leusden in staat is zeer goed te voldoen aan zijn financiële verplichtingen.

58

Structurele exploitatieruimte Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt het onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. Incidentele baten en lasten betreffen die posten die het begrotingssaldo incidenteel beïnvloeden. Deze posten zijn tijdelijk en/of hebben een eindig doel. Met andere woorden, er is een einddatum bekend. Voorbeelden van structurele baten zijn de algemene uitkering en eigen belastinginkomsten. Bij structurele lasten zijn dat bijvoorbeeld de personeelslasten, kapitaallasten en bijdragen aan gemeenschappelijke regelingen. Een begroting waarvan de structurele baten hoger zijn dan de structurele lasten is meer flexibel dan een begroting waarbij structurele baten en lasten in evenwicht zijn. Het kengetal geeft hiermee aan hoe groot de structurele vrije ruimte binnen de vastgestelde begroting is. Daarnaast geeft dit kengetal ook aan of de gemeente in staat is om structurele tegenvallers op te vangen dan wel of er nog ruimte is voor nieuw beleid.

Kengetal grondexploitatie De afgelopen jaren is gebleken dat grondexploitatie een forse impact kan hebben op de financiële positie van gemeentes. De boekwaarde van de voorraad gronden is van belang, omdat deze waarde moet worden terugverdiend bij de verkoop. Het kengetal geeft weer hoe de waarde van de grondexploitatie zich verhoudt tot de totale baten. Hoe lager het kengetal, hoe beter.

Belastingcapaciteit: Woonlasten meerpersoonshuishouden De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk zich verhoudt ten opzichte van het landelijk gemiddelde. De ruimte die een gemeente heeft om haar belastingen te verhogen om bijvoorbeeld opgetreden risico’s op te vangen wordt vaak gerelateerd aan de totale woonlasten. Onder de woonlasten worden verstaan de OZB, de rioolheffing en de reinigingsheffing voor een woning met gemiddelde WOZ-waarde in die gemeente. Voor de jaarrekening komt het kengetal voor de belastingcapaciteit uit op 98%. De belastingcapaciteit ligt onder het landelijk gemiddelde.

Beoordeling van de onderlinge verhouding van de kengetallen in relatie tot de financiële positie De financiële kengetallen geven aan dat Leusden een sterke financiële positie heeft maar uit de signaalwaarden blijkt dat onze financiële positie wel afneemt. Voor Leusden was in 2020 sprake van structurele vrije ruimte binnen de jaarrekening. De schuldenlast van Leusden ten opzichte van de eigen middelen is relatief laag. Hierdoor is de druk van de rentelasten en de aflossing van geldleningen op de exploitatie laag. Onze solvabiliteitsratio daalt licht, maar wanneer rekening wordt gehouden met onze onderhoudsvoorzieningen blijkt dat Leusden in staat is zeer goed te voldoen aan haar financiële verplichtingen. Ook is onze belastingdruk laag ten opzichte van het landelijke gemiddelde. Het kengetal grondexploitatie geeft aan dat wij nog boekwaarden aan voorraad gronden hebben die door middel van verkopen moeten worden goedgemaakt. In meerjarenperspectief neemt dit sterk af. Ook beschikken we voor onze grondexploitaties over ruim voldoende weerstandsvermogen om eventuele financiële tegenvallers op te vangen. Het weerstandsvermogen van de algemene dienst is per 31-12-2020 lager dan de ondergrens van 0,8. Dit afgezet tegen het gemeentelijke beleid zoals vastgelegd in de Nota risicomanagement & Weerstandscapaciteit, is de weerstandscapaciteit hiermee onvoldoende.

Bij de kadernota 2021 is dit reeds geconstateerd en zijn besluiten genomen om het weerstandsvermogen in 2021 te verhogen naar minimaal de ratio 1. De impact van de uitbraak van COVID-19 (corona) heeft naar verwachting voor veel beleidsterreinen mogelijk nog voor jaren gevolgen. Vooralsnog veronderstellen wij dat er voldoende ruimte is om financiële tegenvallers op te vangen, zonder dat dit ten koste gaat van het bestaande beleid inzake de gemeentelijke dienstverlening..

59

Paragraaf C Kapitaalgoederen en investeringen Algemeen In deze paragraaf wordt weergegeven hoe het gemeentelijk beleid ten aanzien van het groot onderhoud van kapitaalgoederen in het jaar 2020 tot uitvoering is gebracht en welke middelen hiervoor zijn aangewend. Het onderhoud van kapitaalgoederen bestaat uit twee soorten onderhoud; het dagelijks klein onderhoud, waarvan de kosten direct ten laste van de exploitatie komen en daarnaast het groot onderhoud, waarvan de kosten ten laste van de aanwezige onderhoudsvoorzieningen worden gebracht. Levensduur verlengende onderhoudsmaatregelen worden geactiveerd en afgeschreven, daar waar mogelijk gedekt vanuit daartoe gereserveerde bedragen. Kapitaalgoederen in Leusden De gemeente Leusden heeft circa 1.720.000 m2 aan wegen, 227 kilometer aan riolering, 5 hectare aan water, 1.330.000 m2 aan groen en 27.000 m2 aan gebouwen in beheer. De instandhouding van deze kapitaalgoederen vergt circa 20% van de jaarlijkse gemeentelijke lasten.

Ontwikkelingen Actualisatie groot onderhoud Eind 2016 zijn de groot onderhoudsperspectieven voor het laatst geactualiseerd. De geactualiseerde onderhoudsramingen zijn toen vastgesteld voor de vierjaarlijkse periode 2016-2019. De benodigde instandhoudingsuitgaven op het terrein van Openbare Verlichting (binnen de financiële kaders van het beleidsplan Openbare Verlichting) en de vervanging van ondergrondse afvalinzamelings-containers maken nog geen onderdeel uit van de door het college vastgestelde onderhoudsrapportage. De uitgaven op deze twee onderhoudsdisciplines worden geïntegreerd in een volgende actualisatie van het groot onderhoud. In 2021 wordt het groot onderhoud geactualiseerd voor de vierjaarlijkse periode 2021-2024.

Activeren investeringen met maatschappelijk nut Met ingang van 2017 verplicht het BBV (Besluit Begroting en Verantwoording) gemeenten om investeringen met maatschappelijk nut te activeren- en af te schrijven. Als gespaarde middelen worden ingezet voor levensduurverlenging of kwaliteitsverbetering van kapitaalgoederen met maatschappelijk nut, worden gespaarde bedragen ondergebracht in de reserve dekking kapitaallasten met maatschappelijk nut. Kapitaallasten worden hierdoor in beginsel budgettair neutraal in de begroting gemeentelijke begroting gebracht.

Actualiteit van de beheerplannen Voorzieningen die worden gevormd om de (groot) onderhoudslasten van een kapitaalgoed over een aantal jaren te egaliseren kunnen alleen worden ingesteld en gevoed op basis van een beheerplan van het desbetreffende kapitaalgoed. In het beheerplan worden de activiteiten en benodigde middelen voor de instandhouding van de kapitaalgoederen vermeld. Onderstaand wordt per onderhoudsdiscipline het actuele beheerplan en de geplande actualisatie daarvan weergegeven. Zoals eerder vermeld worden vervangingsinvesteringen geactiveerd en daar waar mogelijk gedekt vanuit de binnen de begroting gespaarde middelen.

Discipline

beheerplan

actualisatiejaar

Water

Groot onderhoud 2016-2019

2021

Wegen

Groot onderhoud 2016-2019

2021

Verkeersregelinstallaties

Groot onderhoud 2016-2019

2021

Civiele kunstwerken

Groot onderhoud 2016-2019

2021

Gebouwen

Groot onderhoud 2016-2019

2021

Groenonderhoud

Groot onderhoud 2016-2019

2021

Speelvoorzieningen

Groot onderhoud 2016-2019

2021

Sportterreinen

Groot onderhoud 2016-2019

2021

GRP 2019-2023

2024

Beleidsplan OVL 2015-2024

2021

Collegebesluit mei 2019

2021

Riolering Openbare verlichting Ondergrondse afvalinzameling

60

Budgetten In onderstaande tabel geven wij een overzicht van de totale uitgaven aan het groot- en vervangingsonderhoud van de kapitaalgoederen zoals opgenomen in de diverse programma’s van de begroting. De begroting na wijzigingen is ontstaan door bijstelling van de budgetten bij de Najaarsnota 2020. De bedragen zijn inclusief ‘VAT’. Middels die toerekening worden jaarlijks loonkosten en een aandeel indirecte kosten toegerekend aan de onderhoudsvoorzieningen. Tabel C.1 Uitgaven groot onderhoud kapitaalgoederen per programma Begroting 2020 Primitief

Realisatie 2020

Saldo 2020

na wijziging

Budget inclusief VAT, pp 2020

Domein Leefomgeving 2.260.000

1.223.000

1.216.000

7.000

- civiele kunstwerken

384.000

88.000

19.000

69.000

- openbaar groen

130.000

130.000

130.000

0

- speelvoorzieningen

114.000

114.000

101.000

13.000

- waterbeheer

103.000

103.000

105.000

-2.000

- verkeersregelinstallaties

108.000

14.000

14.000

0

- brandweergarages

69.000

197.000

200.000

-3.000

- bibliotheken

25.000

15.000

18.000

-3.000

- binnensportaccommodaties

150.000

50.000

40.000

10.000

- buitensportaccommodaties

408.000

48.000

39.000

9.000

- onderhoud zwembad

424.000

424.000

0

424.000

- multifunctionele accommodaties

350.000

75.000

112.000

-37.000

- centrum voor Natuur en Milieu

6.000

2.000

0

2.000

- aula en toren begraafplaats

23.000

9.000

26.000

-17.000

- verhuurde panden

30.000

0

7.000

-7.000

- jeugd- en jongerencentra

64.000

15.000

16.000

-1.000

0

5.000

2.000

3.000

- gemeentewerf / milieustraat

119.000

3.000

0

3.000

- renovatie en groot onderhoud riolering

790.000

550.000

462.000

88.000

-

vervanging Openbare Verlichting

105.000

105.000

11.000

94.000

-

ondergrondse afvalinzameling

69.000

69.000

62.000

7.000

131.000

44.000

51.000

-7.000

5.862.000

3.283.000

2.631.000

652.000

- wegen

- parkeeraccommodaties

Overhead - gemeentehuis

Totaal

61

Inclusief de budgetten die beschikbaar zijn voor de instandhouding van de gemeentelijke riolering en de vervanging van de openbare verlichting komen de totaal voor 2020 voorziene investerings-/groot onderhoudsuitgaven neer op ca. € 5,9 mln. (zie bovenstaande tabel). Middels de najaarsnota 2020 zijn de voorziene uitgaven in 2020 neerwaarts bijgesteld. De voornaamste financiële afwijkingen ten opzichte van de bijgestelde uitgavenplanning 2020 (in totaal € 652.000 lagere uitgaven dan in de bijgestelde begroting voorzien) worden hierna kort toegelicht. groot onderhoud civiele kunstwerken, € 69.000 lagere uitgave In de najaarsnota zijn de in 2020 voorziene onderhoudsuitgaven aan civiele kunstwerken tussentijds bijgesteld vanwege fasering van werkzaamheden. Ten opzichte van de bijgestelde planning is de uitvoering van werkzaamheden aan- dan wel de vervanging van een aantal stalen en betonnen bruggen uitgelopen. De gefaseerde werkzaamheden (bruggen Landweg-Noorderinslag, Hamersveldseweg 107, Davelaak – De Boomgaard) worden in 2021 alsnog uitgevoerd. groot onderhoud zwembad, € 424.000 lagere uitgave Ten tijde van het opstellen van de jaarrekening 2020 is er nog niet afgerekend met de SRO over het in 2020 aan het zwembad uitgevoerde groot onderhoud. De afrekening vindt in 2021 plaats.

groot onderhoud multifunctionele centra, MFC de Korf € 37.000 hogere uitgaven De tot nu toe aangehouden groot onderhoudsmaatregelen zijn na het besluit over de toekomst van de Korf in uitvoering gebracht (besluitvorming door de raad in december 2019). De budgetten in de begroting 2020 zijn hier in administratieve zin tussentijds niet op bijgesteld. De onderhoudsuitgaven vinden plaats binnen de kaders van het raadsvoorstel uit december 2019. groot onderhoud Toren begraafplaats, € 17.000 hogere uitgaven Uit de inspectie van de monumentenwacht is gebleken dat verschillende houten constructieve elementen vervangen moesten worden. Dit om verdere houtrot te voorkomen. Daarnaast bleek het noodzakelijk om enkele niet voorziene elektra technische werkzaamheden uit te voeren. renovatie en vervanging riolering, € 88.000 lagere uitgave dan in 2020 begroot In de najaarsnota zijn de in 2020 voorziene uitgaven al neerwaarts bijgesteld. Dit als gevolg van het streven naar een integrale aanpak bij diverse ruimtelijke ontwikkelingen. Aan de laatstgenoemde werkzaamheden is in 2020 prioriteit gegeven. Voorbeelden hiervan zijn de aanpak van meerdere locaties in Leusden Zuid en de Burgemeester de Beaufortweg.

Dit verschijnsel manifesteert zich ook bij het opmaken van deze jaarrekening; een aantal voor 2020 meer kleinschalige verbeteringen, vervangingen en renovaties heeft in 2020 geen doorgang kunnen vinden en schuiven door in de planning. vervanging armaturen openbare verlichting, € 94.000 lagere uitgaven dan in 2020 begroot In het jaar 2019 is een grote slag gemaakt voor wat betreft de vervanging van de armaturen van de openbare verlichting. De grootschalige investeringsuitgaven uit het Beleidsplan Openbare Verlichting zijn allen in 2019 uitgevoerd. In het jaar 2020 zijn slechts enkele kleinschalige aanpassingen gedaan om het lichtniveau op een aantal locaties in de gemeente te verbeteren.

62

Verloop van de onderhoudsvoorzieningen De bekostiging van het groot onderhoud aan de kapitaalgoederen wordt gedekt uit diverse onderhoudsvoorzieningen. Het feitelijke verloop van de voorzieningen in het jaar 2020 wordt in Tabel C2 weergegeven. Het totale saldo van de onderhoudsvoorzieningen neemt met circa € 1,1 mln. toe ten opzichte van de stand per 1 januari 2020 (inclusief de voorziening egalisatie rioolbeheer). Alle uitgaven vanuit de onderhoudsvoorzieningen vinden plaats binnen de kaders van de in 2016 geactualiseerde onderhoudsplanning welke kader stellend in de gemeentebegroting is gebracht. De onderhoudsvoorzieningen worden in het jaar 2021 opnieuw geactualiseerd op basis van een financiële doorrekening van de beheerplannen. De onderhoudsvoorzieningen dienen een dusdanige hoogte te hebben dat de aanwezige kapitaalgoederen voor een periode van 12 jaar in stand gehouden kunnen worden. Indien de actualisatie dit uitwijst zal de raad worden gevraagd om in te stemmen met bijstelling van de in de begroting opgenomen voeding van de diverse onderhouds-egalisatievoorzieningen. Naar verwachting kan hier eind 2021 definitief inzicht in worden gegeven.

Tabel C.2 Saldi onderhoudsvoorzieningen Onderhoudsvoorzieningen

(bedragen x € 1.000)

stand 1-1-2020

Vermeerdering

Vermindering

stand 31-12-2020

mutatie in 2020

Wegbeheer, deklagen

3.452

1.722

900

4.274

822

Wegbeheer, elementen

954

271

33

1.192

238

Waterbeheer

235

90

105

220

-15

Gebouwenbeheer

1.735

649

478

1.906

171

Groenbeheer

1.706

108

69

1.745

39

Rioolbeheer

2.604

204

462

2.346

-258

Sportterreinen

2.457

168

41

2.584

127

Totaal voorzieningen

13.143

3.212

2.088

14.267

1.124

63

Paragraaf D Financiering Treasury-functie De gemeentelijke treasury-functie heeft als doel het financieren van het gemeentelijk beleid (zorgen voor tijdige beschikbaarheid van voldoende geldmiddelen) en het uitzetten van overtollige geldmiddelen. De risico’s en kosten worden daarbij geminimaliseerd en het renteresultaat geoptimaliseerd. De functie wordt uitgevoerd binnen de normen van de Wet FIDO, de ministeriële regeling Ruddo en de Treasury verordening 2016. Financieringsbeleid De (tijdelijke) overtollige liquide middelen worden aangehouden bij het Agentschap (schatkist). Dit gebeurt in een rekening courant-verhouding. De vergoeding hierop in 2020 was 0%. Om het renteresultaat te optimaliseren wordt financiering van investeringen met externe middelen beperkt door eerst de eigen liquide financieringsmiddelen te gebruiken. Als deze laatste ontoereikend zijn kunnen er externe middelen in de vorm van projectfinanciering worden aangetrokken, mede op basis van de liquiditeitsprognose en rentevisie. In 2020 is een langlopende lening voor de renovatie en uitbreiding van MFC Atria en MKC ’t Ronde aangetrokken. Indicatoren Om vooral de financieringsrisico’s (renterisico’s) te beperken, staan in de Wet FIDO twee instrumenten: renterisiconorm en de kasgeldlimiet. Daarnaast is met het schatkistbankieren een drempelbedrag bepaald.

De provincie toetst of de gemeente aan deze normen voldoet. Renterisiconorm Onze verplichte aflossingen langlopende leningenportefeuille zijn € 787.000 en vallen daarmee ruimschoots binnen de norm van € 13.500.000. Kasgeldlimiet Er is in 2020 tweemaal kort geld aangetrokken (kasgeldleningen). Drempelbedrag schatkistbankieren Alle (tijdelijke) overtollige middelen moeten verplicht in de schatkist aangehouden worden. Om het dagelijkse kasbeheer te vereenvoudigen is er een drempelbedrag dat buiten de schatkist mag worden gehouden. Het drempelbedrag is in 2020 niet overschreden.

Rente en beleggingsvolume Ontvangen rente uitgezette leningen en liquide middelen In de programmabegroting is uitgegaan van een opbrengst van € 61.000, hiervan is € 45.900 afgeraamd bij de Najaarsnota. De gerealiseerde opbrengst is € 24.000. Overzicht resultaat uitgezette leningen en liquide middelen Rekening 2019 Opbrengst per saldo Gemiddeld volume Gemiddeld rendement

19 9.266 0,21%

bedragen x €1.000 Rekening 2020 24 10.706 0,23%

Betaalde rente leningenportefeuille (externe projectfinanciering) Voor het project renovatie en uitbreiding van MFC Atria en MKC ’t Ronde is in augustus 2020 een 25-jarige lening aangetrokken bij de BNG van € 3,9 miljoen (looptijd tot en met 11-8-2045). De restant schuld per ultimo boekjaar is € 3,9 miljoen. De rentelast 2020 voor deze nieuwe lening is € 3.717 (0,245%).

64

Leningenportefeuille 2020: (bedragen x € 1.000) Kredietverstrekker – Project

Ingangsdatum

Einddatum

Totaal leninge n

Tarief

Schuld 1-1

Lening 2020

Aflossing 2020

Schuld 31-12

Rente 2020

BNG - MFC Atria

15-7-2015

14-07-2040

€ 6.000

1,705%

€ 5.040

0

€ 240

€ 4.800

€ 84

BNG - Hart van Leusden BNG – IKC Berkelwijk BNG - MFC Atria en MKC ’t Ronde Totaal

11-10-2018

31-12-2042

€ 5.700

1,455%

€ 5.244

0

€ 228

€ 5.016

0

6-2-2019

5-2-2044

€ 4.315

1,278%

€ 4.315

0

€ 345

€ 3.970

€ 76

11-8-2020

11-8-2045

€ 3.900

0,245%

0

€ 3.900

0

€ 3.900

€ 53

€ 14.599

€ 3.900

€ 813

€ 17.686

€ 213

€ 19.915

Renteschema In onderstaand schema wordt uiteengezet hoe de rentetoerekening in 2020 heeft plaatsgevonden:

a. b.

externe rentelasten over korte en lange financiering Externe rentebaten saldo rentelasten en rentebaten c1. rente die aan grondexploitatie wordt doorberekend rente van projectfinanciering die aan betreffe nde c2. taakvelden is doorberekend 213.514 aan taakvelden toe te rekenen rente d1. Rente over eigen vermogen d2. Rente over voorzieningen Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente e. aan taakvelden toegerekende rente Positief renteresultaat op het taakveld treasury

213.514 24.477 189.038

24.477 24.477 24.477

Volume leningen en liquide middelen

Het volume aan uitgezette langlopende leningen en liquide middelen per ultimo boekjaar is als volgt: Overzicht leningen en liquide middelen

bedragen x € 1.000 31-12-2019

Uitgezette leningen, looptijd langer dan 1 jaar Middelen in de Schatkist Bankrekeningen

31-12-2020 1.299 9.605 275 11.179

1.406 7.535 223 9.164

Gemeentegaranties Garantstelling geldleningen Het totaal van door de gemeente geborgde geldleningen bedraagt per eind 2020 € 2,54 miljoen (per eind 2019: € 2,60 miljoen). Het betreft in totaal tien gemeentegaranties. In 2020 zijn geen nieuwe gemeentegaranties verstrekt.

65

Paragraaf E Bedrijfsvoering Doel Paragraaf Wettelijke regel uit BBV De paragraaf betreffende de bedrijfsvoering geeft ten minste inzicht in de stand van zaken en de beleidsvoornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering. Organisatieontwikkeling In 2019 hebben we de zorg- en knelpunten in de organisatie geïnventariseerd. Een oplopend ziekteverzuim, hoge werkdruk bij een substantieel deel van de organisatie, en verminderde integraliteit in de organisatie waren belangrijke zorgpunten. Op een aantal plaatsen in de organisatie was sprake van een formatief knelpunt. Begin 2020 is een plan van aanpak opgesteld en voorgelegd ter besluitvorming in de raad van maart. Er wordt uitvoering gegeven aan het plan van aanpak. Zo zijn In 2020 de organisatiedirecteur en de teammanagers geworven en ingewerkt, is de organisatie opnieuw ingericht in teams, zijn vacatures ingevuld en is de overlegstructuur ingeregeld. Intergemeentelijke samenwerking bedrijfsvoering Per 1 januari 2017 werken de gemeente Bunschoten, Leusden, Nijkerk en Putten samen op het gebied van bedrijfsvoering.

De samenwerking is aangegaan omdat er voordelen en resultaten kunnen worden behaald op de zogenaamde 4K’s:  een betere kwaliteit van dienstverlening;  een minder kwetsbare positie bij een toenemend takenpakket en de eisen die daaraan gesteld worden;  een kostenbesparing door gezamenlijke inkoop, standaardisatie en harmonisatie van werkzaamheden;  een grotere kans voor het personeel in (door-) ontwikkeling en breedte en diepte in het takenpakket. Samenwerking vindt plaats op vier taakvelden waar in 2020 de volgende resultaten zijn gerealiseerd. Financiën In het taakveld financiën wordt er gewerkt vanuit een gezamenlijke financiële applicatie met één rekeningschema. Samenwerking vindt op verschillende vlakken van het financiële taakveld plaats. De focus moet zijn van werken voor één gemeente naar werken voor vier gemeenten. In 2020 zijn onder meer de volgende resultaten behaald.  

De crediteurenadministratie werkt sinds einde 2019 vanuit één team in een gezamenlijk werkproces waardoor onderlinge vervanging bij ziekte en verlof plaatsvindt. Er wordt gewerkt volgens een gezamenlijk interne controle plan waarin controles en reviews bij elkaar worden uitgevoerd. De bevindingen vanuit de managementletters worden met elkaar gedeeld met als doel te verkennen waar een gezamenlijke aanpak mogelijk is of waar we kunnen leren van een best-practice gemeente. Met ingang van 2021 wordt het een taak van het college om zich te verantwoorden over de rechtmatigheid. De invoering van de rechtmatigheidsverantwoording gaan we in BLNP verband oppakken. De gezamenlijke aanpak is eind 2020 vastgelegd in een plan van aanpak dat in 2021 moet worden uitgevoerd. We zijn gestart met het harmoniseren van de processen van het samenstellen van de P&C producten. Een eerste stap is een uniforme werkwijze voor het samenstellen van de financiële begroting.

ICT In het perceel van informatisering is nog steeds leidend het laatste jaar van het vastgestelde beleidsplan. We hebben daaruit de strategische stappen voor de komende tijd aangegeven. We werken samen op meerdere deelgebieden, waarvan de onderdelen veiligheidsbeleid en privacy al geheel BLNP breed worden opgepakt. In 2020 hebben we voor het systeembeheer, ook al zijn we in technische zin nog verschillend, gewerkt vanuit één werkvoorraad. Door uitwisseling van enkele collega’s hebben we een groot migratie project in Putten kunnen ondersteunen. Het afgelopen jaar lag de focus op: 

 

Door de Corona pandemie hebben we versneld moeten inspelen op het faciliteren van het thuiswerken en het digitaal vergaderen. Bovendien hebben we het digitaal vergaderen van de raad- en de commissies moeten neerzetten en ondersteunen. Met de uitrol van Teams hebben we daar grote stappen in gemaakt. Ook hebben we een volgende gemeente kunnen uitrusten met een digitale flexibele werkplek. In juridische zin hebben we met Microsoft, na een intensief traject, voor de vier gemeenten een uniform contract kunnen afsluiten voor de Microsoft licenties voor Office 365. Het proces werd bemoeilijkt omdat we vier verschillende juridische entiteiten hebben. We hebben enkele applicaties kunnen harmoniseren en een aantal applicaties naar de Cloud kunnen brengen. Ons beleid is “ Cloud; tenzij: “ Op het terrein van de veiligheid is de Ensia verklaring met ons vieren afgerond en zijn we gezamenlijk opgetrokken het bewustzijn bij de collega’s voor veilig omgaan met gegevens en de technische weerbaarheid te verhogen. Leidend daarbij zijn de aanbevelingen van de Informatiebeveiligingsdienst (IBD).

66

Er is een gezamenlijk traject opgepakt voor de implementatie van veilige mail in de vier gemeenten. We hebben gekozen voor Zivver dat ook voldoet aan de voorwaarden van veilige uitwisseling van zorgmail.

HRM In 2020 heeft het HRM-team te maken gehad met wisseling van teamhoofden. Eind 2020 is een nieuw teamhoofd benoemd. Mede hierdoor en vanwege Corona is de gewenste teamontwikkeling en deskundigheidsbevordering van het HRM team uitgesteld. Ondanks deze gebeurtenissen heeft het team veel weten te bereiken.  

In het voorjaar van 2020 is de invoering van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren afgerond. De projectgroep Harmonisatie arbeidsvoorwaarden is gestart met fase 1: het in kaart brengen van de lokale regelingen en het effect daarvan op de arbeidsvoorwaarden. Eind 2020 is de routemap verkend met betrekking tot de bestuurlijke besluitvorming en de instemming c.q. overeenstemming met de medezeggenschap. Het is een ingewikkelde puzzel in samenwerking met de vier gemeenten, die in 2021 veel energie zal vragen van alle partijen. Het beoogde onderzoek functiewaarderingsysteem (fase 2) is onlosmakelijk verbonden met de bovengenoemde harmonisatie en is opgeschort (na fase 1). De personeels- en salarisadministratie heeft mooie stappen gezet in 2020. Het team werkt nauw samen, is minder kwetsbaar, biedt elkaar volop kansen en levert een constant gewenste kwaliteit. De inrichting van één e-HRM systeem vraagt meer tijd en inzet van middelen dan voorzien. Samen met de vier gemeenten en Visma|raet worden de oplossingsrichtingen voor de verschillen in processen, rollen en huisstijlen afgestemd en uitgevoerd. Met het generiek, uniform en standaard inrichten van de processen wordt toegewerkt naar het steeds meer samen werken vanuit één workload in één systeem.

De projectgroep Aanbesteding Arbodienstverlening heeft eind 2020 de voorbereidende werkzaamheden voor het uitzetten van de aanbesteding in 2021 naar één arbodienstverlener voor vier gemeenten afgerond.

Juridische zaken In 2020 is door de medewerkers van het juridische team BLNP uitvoering gegeven aan het door het team opgestelde jaarplan. Het team juridische zaken voert de volgende werkzaamheden uit: Juridische advisering:  Advisering aan bestuurders en ambtenaren, hierbij wordt gebruik gemaakt van een digitale applicatie waarin het team benaderd kan worden en waarin een kennisbank wordt opgebouwd;  Coördinatie van WOB-verzoeken;  Ondersteuning bij behandeling van klachten en contact met de gezamenlijke gemeentelijke ombudsman voor Bunschoten, Nijkerk en Putten;  Coördinatie van inzet van externe juridische capaciteit (huisadvocaat) waar nodig.  In 2020 zijn de eerste mogelijkheden voor het ontwikkelen van specialismen en advisering op BLNP-niveau verkend. In praktische zin valt hier nog veel te winnen en dit zal één van de speerpunten zijn voor 2021 Secretariaat commissie bezwaarschriften  Het voeren van het secretariaat en de behandeling van bezwaarschriften.  De ambitieuze plannen van dit cluster zijn nog niet voldoende gerealiseerd. Dat neemt niet weg dat het aantal bezwaren ook in coronatijd grotendeel tijdig en juist zijn afgehandeld. Bovendien zijn de achterstanden succesvol weggewerkt. Er is een aantal scenario’s verkend voor het werken vanuit één workload, maar in praktische zin nog onvoldoende uitgewerkt. Een belangrijke taak voor 2021.

Juridische kwaliteitszorg  JKZ heeft zich het afgelopen jaar succesvol getransformeerd van een fysiek naar online opleidingshuis. Het wist met kwalitatief goede opleidingen adequaat in te spelen op nieuwe actuele generieke wet- en regelgeving, trends en algemeen landelijke ontwikkelingen. Daarnaast verzorgt het cluster periodiek handreikingen en/of nieuwsbrieven, inclusief de borging daarvan (kennisbank). Daarmee droeg dit cluster opnieuw en tot grote tevredenheid van de online deelnemers bij aan de juridische kwaliteit van de BLNPorganisaties. Kengetallen organisatie BBV indicatoren bedrijfsvoering Naast de verplichte BBV indicatoren die zijn opgenomen op waarstaatjegemeente.nl zijn er ook vijf indicatoren voor het onderdeel bestuur en organisatie die door de gemeente uit de eigen gegevens of de eigen begroting overgenomen moeten worden. Deze indicatoren hebben wij opgenomen bij het onderdeel overhead en in deze paragraaf bedrijfsvoering: Leusden Leusden Leusden Indicator Eenheid Rekening Begroting Rekening 2019 2020 2020 Formatie fte per 1.000 inwoners 4,779 fte 4,625 fte 4,886 fte Bezetting

fte per 1.000 inwoners

4,536 fte

4,492 fte

4,752 fte

Apparaatskosten

kosten per inwoner

€ 513,15

€ 465,69

€ 507,92

Externe inhuur

kosten externe inhuur als % van totaal loonsom overhead in % van totale lasten

23,99%

6,92%

20,87%

10,07%

11,47%

9,68%

Overhead Informatieveiligheid

67

Ontwikkelingen Helaas laten voorbeelden in de praktijk zien dat de overheid kwetsbaar is en risico’s in de informatiebeveiliging grote gevolgen kunnen hebben. Zo brachten kwetsbaarheden in Citrix begin 2020 het thuiswerken bij veel Nederlandse overheidsorganisatie tot stilstand. In september werd een veiligheidsregio getroffen door ransomware en werd de kantoorautomatisering lamgelegd. Begin december kreeg het Hof van Twente een zware aanval met gijzelsoftware te verduren, waarbij aanvallers alle data op servers overnamen. In het dreigingsbeeld 2021/2022 gaat de Informatiebeveiligingsdienst voor gemeenten (IBD) specifiek in op de risico’s voor de ambtelijke organisatie, het bestuur, de politiek, de inwoners en de ondernemers. De IBD onderscheidt vier typen dreigingen: • extern en ongericht, bijvoorbeeld grootschalige phishing- en ransomwarecampagnes • intern en onbedoeld, bijvoorbeeld fouten van medewerkers met incidenten als gevolg • extern en gericht, bijvoorbeeld doelgerichte pogingen om geld of informatie buit te maken • intern en gericht, bijvoorbeeld fraude en ondermijnende activiteiten van eigen medewerkers. Beleid en doelstellingen Vanaf 2020 geldt de BIO (Baseline Informatiebeveiliging voor de Overheid) als normenkader voor informatieveiligheid voor de Nederlandse overheid. In BLNP-verband hebben wij op basis van de BIO nieuw strategisch beleid vastgesteld.

Het doel is op termijn te voldoen aan alle normen van de BIO. Informatieveiligheidsbeleid is gebaseerd op risicomanagement. Door periodieke risicoanalyses brengen we in beeld waar op dat moment de grootste dreigingen en risico’s liggen. De uitkomsten van deze analyses vormen de input voor het planmatig implementeren van verbetermaatregelen. Daarnaast voldoen we hiermee aan de doelstellingen en verplichtingen die vanuit diverse audits worden opgelegd. Activiteiten en beheersmaatregelen We hebben een penetratietest (pentest) laten uitvoeren op het netwerk van de gemeentelijke organisatie. Er werden geen kwetsbaarheden met een hoog risico gevonden. Vanzelfsprekend hebben we de aanbevelingen die vanuit de pentest zijn gedaan overgenomen. Om onze digitale weerbaarheid verder te verhogen zijn wij begonnen met de implementatie van actieve netwerkmonitoring (een onderdeel van GGI-Veilig). Daarnaast hebben we in BLNP-verband een (nieuw) continuïteitsplan voor cyberincidenten ontwikkeld. Dit plan zal in 2021 per gemeente verder worden uitgewerkt. Meer dan de helft van alle datalekken is het gevolg van menselijke fouten met e-mail. We gebruiken de veilige emailoplossing ZIVVER waarmee fouten bij het versturen van informatie kunnen worden voorkomen. Wij hebben een (e-mail) phishing test laten uitvoeren op de medewerkers van de gemeente Leusden.

De resultaten van deze test laten zien dat training van medewerkers blijvend aandacht vraagt om de weerbaarheid tegen phishing te versterken. De Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) is onderdeel van onze screeningsprocedure van nieuwe medewerkers. Daarnaast wordt functiescheiding toegepast waar dat nodig en mogelijk is. Resultaten zelfevaluatie ENSIA DigiD

Suwinet

BAG

BGT

BRO

BRP

Reisdocumenten

Elk jaar leggen gemeenten verantwoording af over de kwaliteit van de informatieveiligheid van diverse informatiesystemen. Dit gebeurt volgens de Eenduidige Normatiek Single Information Audit (ENSIA). Deze verplichte zelfevaluatie is gebaseerd op het normenkader van de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO). Het college geeft met de ENSIA-collegeverklaring aan in hoeverre aan de beveiligingsnormen voor het gebruik van DigiD en Suwinet wordt voldaan. De collegeverklaring wordt inclusief bijlagen bij het jaarverslag aangeboden aan de raad. Daarnaast legt het college in aparte rapportages verantwoording af over de kwaliteit van de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG), de Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT) en de Basisregistratie Ondergrond (BRO). Ook de verantwoording over de Basisregistratie Personen (BRP) en Reisdocumenten (PUN en PNIK) maken onderdeel uit van ENSIA. Het resultaat van de zelfevaluatie is dat de gemeente Leusden voldoet aan de normen. Voor de BAG en de BRO zijn de scores ook voldoende, maar voor deze basisregistraties stellen wij toch een aantal verbetermaatregelen vast. Deze maatregelen hebben wij vastgelegd in de betreffende bestuurlijke verantwoordingsrapportages.

Datalekken In 2020 heeft de gemeentelijke organisatie met 7 datalekken te maken gehad waarvan er 1 is gemeld aan de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) Het betrof 5 x verkeerd verzonden e-mail, 1 x teveel persoonsgegevens zichtbaar, 1 x onjuiste gegevensuitwisseling met zorgaanbieder.

68

Paragraaf F. Verbonden Partijen Algemeen Visie op verbonden partijen in relatie tot de doelstellingen uit de begroting De gemeente Leusden wil beoogde doelen uit kadernota’s en programmabegrotingen optimaal realiseren. Een optimale borging van het publieke belang is daarbij essentieel. Soms realiseert de gemeente daarbij zelfstandig taken en resultaten, en in andere gevallen zoekt ze samenwerking met derden (bijvoorbeeld andere gemeenten), of belegt de uitvoering extern via subsidiëring of inkoop. Een specifieke vorm van externe uitvoering is de verbonden partij. Soms volgt dit uit wetgeving, bijvoorbeeld bij de Veiligheidsregio’s en de Regionale Uitvoeringsdiensten. Soms nopen de ontwikkelingen van schaalvergroting en nieuwe gemeentelijke taken tot regionale samenwerking voor de uitvoering van deze taken. Kenmerken van Verbonden Partijen Verbonden partijen zijn derde rechtspersonen waarin de gemeente zowel een bestuurlijk belang als een financieel belang heeft. Dit betreft enerzijds de publiekrechtelijke gemeenschappelijke regelingen en anderzijds privaatrechtelijke deelnemingen in vennootschappen, verenigingen en stichtingen. Onder een bestuurlijk belang wordt verstaan: een zetel in het bestuur van de verbonden partij, of het hebben van stemrecht.

Met een financieel belang wordt bedoeld dat de gemeentemiddelen ter beschikking heeft gesteld die ze kwijt is in geval van faillissement van de verbonden partij of wanneer de financiële problemen bij de verbonden partij verhaald kunnen worden op de gemeente. Als de financiële relatie alleen bestaat uit gemeentelijke bijdragen in de vorm van inkomens- of vermogensoverdrachten zoals een subsidie, dan is er geen sprake van een financieel belang. Deze relaties zijn daarom niet in deze paragraaf opgenomen. Verbonden partijen dienen een publiek, openbaar belang. De raad heeft een kaderstellende en controlerende taak en ziet erop toe dat de verbonden partijen bijdragen aan de doelstellingen in de (beleids)programma’s. De functie van deze paragraaf verbonden partijen is om hier inzicht in te bieden. Lokale en regionale sturing op Verbonden Partijen Het laten uitvoeren van gemeentelijke taken door Verbonden Partijen heeft het risico dat de democratische controle niet optimaal is. Bij de realisering van beoogde gemeentelijke doelen is een optimale borging van het publieke belang echter essentieel. Sinds 2015 is (op initiatief van de Leusdense raad) daarom een regionale werkwijze voor de sturing en controle op verbonden partijen van kracht. Deze werkwijze is ook beschreven in de Nota Verbonden Partijen (2013).

De werkwijze is in 2014 regionaal opgenomen in het Manifest Verbonden Partijen, dat is ondertekend door 10 gemeenteraden uit de regio Zuid-Oost Utrecht. De werkwijze haakt in op de aangescherpte Wet Gemeenschappelijke Regelingen (Wgr) 2015. Krachtens de Wgr dienen verbonden partijen jaarlijks vóór 15 april een kadernota met algemene financiële en beleidsmatige kaders voor het volgende begrotingsjaar aan de raad aan te bieden. Dit is vooral van groot belang bij voorgenomen inhoudelijke of financiële wijzigingen. In de regionale werkwijze worden de verbonden partijen verzocht hun kadernota uiterlijk op 31 januari in te dienen, zodat de raad nog een zienswijze op voorgestelde wijzigingen kan indienen vóórdat het AB van de verbonden partij de conceptbegroting vaststelt. Zo wordt het zwaartepunt van sturing door de raad meer vooraan in de beleids- en begrotingscyclus geplaatst. De raad heeft per verbonden partij twee “rapporteurs” benoemd. Zij volgen namens de hele raad de ontwikkelingen bij de verbonden partij nauwgezet en informeren de raadsfracties. Beheersingsmethodiek voor verbonden partijen De gemeente monitort de verbonden partijen door het beoordelen van management- en bestuursrapportages en de begrotingen en jaarrekeningen van de betreffende instellingen.

Het college rapporteert de raad gedurende het jaar in de P&C-documenten over relevante ontwikkelingen zoals het aangaan of beëindigen van verbonden partijen, wijzigingen in de doelstellingen, nieuwe financiële risico’s en beleidswijzigingen in de uitvoering van de taken.

69

Overzicht verbonden partijen en deelnemersbijdragen 2020 Naam

Programma begroting

1

Veiligheidsregio Utrecht (VRU)

Bestuur

2

GGD regio Utrecht (GGDrU)

Bestuur en Samenleving

3

Afval Verwijdering Utrecht (AVU)

Leefomgeving

4

GBLT (belastingen)

Bestuur

5

Regionale Uitvoeringsdienst (RUD)

Bestuur en Leefomgeving

6 7 8 9 10 11 12 13 14

Regionale Werkvoorziening Amersfoort e.o. (RWA) Amfors Holding BV Vitens VvE Atlas VvE Antares VvE Huis van Leusden VvE De Biezenkamp 29 Inkoopbureau Midden Nederland (IBMN) Samenwerking Bedrijfsvoering BLNP TOTAAL BIJDRAGEN 2020

Samenleving Samenleving Bestuur Leefomgeving Leefomgeving Leefomgeving Leefomgeving Bestuur Bestuur

Juridische rechtsvorm Gemeenschappelijke regeling Gemeenschappelijke regeling Gemeenschappelijke regeling Gemeenschappelijke regeling Gemeenschappelijke regeling Gemeenschappelijke regeling Vennootschap (BV) Vennootschap (BV) Vereniging Vereniging Vereniging Vereniging Stichting Regeling zonder meer

Bijdrage 2020 € 1.568.000 € 1.028.000 € 767.000 € 444.400 € 375.000 € 231.000 €0 €0 € 12.000 € 38.000 € 13.000 €0 € 88.000 €0 € 4.619.000

Financieel belang In totaal is in 2020 door Leusden een deelnemersbijdrage aan de verbonden partijen van € 4,62 miljoen betaald. Dit is circa 7,4 % van de totale gemeentebegroting. Het grootste deel van deze bijdrage is gekoppeld aan afgenomen producten en diensten. Het resterende deel betreft een bijdrage naar rato van het aantal inwoners of woningen. Gegevens en ontwikkelingen per verbonden partij 1.

Veiligheidsregio Utrecht (VRU) Vestigingsplaats:

Utrecht

Juridische rechtsvorm:

Gemeenschappelijke regeling

Deelnemers:

Alle gemeenten in de provincie Utrecht en de Meldkamer Ambulancezorg (MKA). De politie Eenheid Midden Nederland is aan de veiligheidsregio verbonden door een convenant.

Bestuurlijk vertegenwoordiger:

Burgemeester G.J. Bouwmeester

Doel deelname:

Uitvoering brandweerzorg, organisatie van de rampenbestrijding en crisisbeheersing en geneeskundige hulpverlening bij rampen. Noodhulpverlening in de regio Utrecht.

Openbaar belang:

Adequate brandweerzorg, rampenbestrijding en crisisbeheersing.

Bestuurlijk belang:

Alle burgemeesters van de 26 Utrechtse gemeenten hebben zitting in het AB.

Veranderingen in het belang en ontwikkelingen in de Verbonden Partij in 2020: Voor de VRU hebben de ontwikkelingen rond COVID-19 organisatorische consequenties, zoals het treffen van een tijdelijke voorziening in de vorm van een dedicated operationeel team COVID-19 en het organiseren en faciliteren van bestuurlijke overleggen, mede in verband met de opschaling naar GRIP 4. Programma in jaarrekening:

Domein Bestuur – programma veiligheid

Gemeentelijke bijdrage in 2020:

€ 1.568.000

Financieel belang:

Jaarlijkse inwonersbijdrage op basis van verhoudingen van budgetten binnen het gemeentefonds, de zgn. “ijkpuntscores”

70

Financieel belang in %:

1,9%

Resultaat over 2020:

€ 2.511.000 (concept jaarrekening 2020)

Eigen vermogen eind 2020:

€ 18.114.000 (inclusief resultaat 2020)

Vreemd vermogen eind 2020:

€ 46.130.000

Risico’s voor financiële positie gemeente:

- Frictie- en ontvlechtingskosten die door de overgang naar een landelijke meldkamer achterblijven bij de VRU. - Extra loonkosten a.g.v. gelijkwaardige bezoldiging vrijwilligers en beroepskrachten. - Wegvallen opbrengsten OMS aansluitingen.

2. GGD regio Utrecht (GGDrU) Vestigingsplaats:

Zeist

Juridische rechtsvorm:

Gemeenschappelijke Regeling

Deelnemers:

Alle gemeenten in de provincie Utrecht

Bestuurlijk vertegenwoordiger:

Wethouder P. Kiel

Doel deelname:

Het behartigen van de belangen van de deelnemende gemeenten op het gebied van openbare gezondheidszorg. Daartoe voert de dienst (wettelijke) “basistaken” en (op lokaal beleid gebaseerde) “keuzetaken” uit.

Openbaar belang:

- Invulling geven aan de wettelijke rol bij crisis en rampen; - Bevorderen van een goede basisgezondheid en gelijke kansen op gezondheid voor de inwoners, onder meer door preventie. In 2020 heeft dit in het teken gestaan van COVID -19. Als gevolg van Corona is een aantal taken niet uitgevoerd.

Bestuurlijk belang:

Elke gemeente is met een lid vertegenwoordigd in het Algemeen Bestuur (met uitzondering van gemeente Utrecht) en ook in de bestuurscommissie. Het AB benoemt het DB.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeentebestuur.leusden.nl/api/v1/meetings/2963/documents/28555