CConstaterende datLeudal
Koppel je AI →
Document · PDF

Rapport IOB Zorgcriminaliteit

Commissievergadering Sociaal 15 september 2025, gemeente LeudalBij agendapunt: Rondvraag31.105 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Volgens de schattingen betekent dit dat hier tussen de 1,5 miljoen en 5,3 miljoen euro verdwijnt door zorgfraude en zorgcriminaliteit. Deze bedragen illustreren de noodzaak en het belang van de aanpak van zorgfraude en zorgcriminaliteit. 5.3.2 Meldingen en signalen Een manier om enigszins beeld te krijgen bij de grootte van de problematiek rondom zorgfraude en zorgcriminaliteit is door te kijken naar het aantal meldingen en signalen dat over zorgfraude en zorgcriminaliteit zichtbaar wordt. Op landelijk niveau houden verschillende organisaties zich bezig met het signaleren en aanpakken van zorgfraude. Het Informatie Knooppunt Zorgfraude (IKZ) speelt hierbij een centrale rol door informatie uit diverse bronnen samen te brengen. Het IKZ is een samenwerkingsverband van negen partners die zich gezamenlijk richten op het bestrijden van zorgfraude. Door gegevens te combineren, kunnen de IKZ-partners zorgfraude effectiever opsporen en aanpakken (IKZ, 2023). Het IKZ ontvangt jaarlijks ruim vierhonderd signalen gerelateerd aan zorgfraude.

7

Let op dit is een grove schatting. Onder de begroting van het sociaal domein valt meer dan enkel kosten gemaakt voor WMO en jeugdwet.

In de periode 2020 tot en met 2023 heeft het IKZ in totaal 1.863 signalen over mogelijke zorgfraude geregistreerd. In deze periode hadden 46 signalen betrekking op zorgaanbieders die in de provincie Limburg zijn gevestigd. Afgezet tegen het aantal inwoners betekent dit dat in de provincie Limburg in verhouding minder signalen worden gemeld bij het IKZ dan landelijk. Dit wordt weergegeven in tabel 14. De signalen bij het IKZ voor de provincie Limburg zijn afkomstig van in totaal dertien van de 31 gemeenten. In 2023 waren niet alle Limburgse gemeenten aangesloten bij het IKZ. Dit veranderde per 1 januari 2025, toen het IKZ een rechtspersoon met een wettelijke taak werd. Sindsdien zijn alle gemeenten wettelijk aangesloten en verplicht om vermoedens van zorgfraude bij het IKZ te melden.

Tabel 14: Aantal signalen gemeld bij het IKZ (2020-2023) 2020 Aantal

2021 Aantal

2022 Aantal

2023 Aantal

2020-2023 Aantal

Verhouding/ inwoners

Limburg

17

14

10

5

46

0,004 %

Nederland

630

458

437

338

1863

0,010 %

Ook uit de cijfers van andere organisaties valt op dat Limburg achter blijft in het aantal meldingen en signalen. Zo ontving de FIOD de afgelopen jaren meerdere signalen gerelateerd aan zorgfraude in Nederland. Geen van deze signalen had betrekking op zorgaanbieders in de provincie Limburg. Binnen de Limburgse politiesystemen werden in de afgelopen vijf jaar veertien casussen geregistreerd onder de incidentcode “Fraude in de zorg” (F635). Landelijk werden in dezelfde periode 404 casussen onder deze incidentcode geregistreerd. Mogelijk wordt in Limburg ook onder andere codes gemuteerd. “Bij onze organisatie komen overigens relatief weinig meldingen binnen over zorgfraude in Limburg in

vergelijking met de rest van Nederland. Geen idee wat hier de oorzaak van is”. De Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA) is de organisatie die strafrechtelijk onderzoek doet naar grootschalige fraude met zorggelden. De NLA ontving in de periode 1-1-2023 t/m 1-6-2024 62 meldingen en 228 signalen over zorgfraude of zorgcriminaliteit. Twee van deze meldingen (0,03 procent) en negen signalen (0,04 procent) hadden betrekking op de provincie Limburg8. De NLA maakt onderscheid tussen meldingen en signalen. Een signaal wordt een melding op het moment dat besloten wordt om nader onderzoek uit te voeren. Een opvallende constatering hierbij is dat dat er bijna-landelijk-fenomenen zijn die in meerdere provincies voorkomen, maar niet in Limburg worden gesignaleerd. Een voorbeeld hiervan is de fraude rondom de zorggelden vanuit het Centraal Administratie Kantoor (CAK). Vanuit deze regeling wordt medische zorg vergoed voor asielzoekers.

8

Bij 5 meldingen en 12 signalen is er geen sprake van plaatsnaam/provincie of is dit onbekend. 58

Bij asielzoekerscentra werden vervolgens toekomstige patiënten geronseld. De asielzoekers hoefden in ruil voor een vergoeding alleen maar hun initialen, geboortejaar en land van herkomst achter te laten bij de zorgaanbieder. Dit waren de enige gegevens die nodig zijn om zorg vanuit de Wet Langdurige Zorg (Wlz) voor vreemdelingen te declareren. Hierdoor werden veel zorgaanbieders partij van het CAK waardoor zij kosten van onverzekerbare vreemdelingen konden declareren. Administratie werd op een latere fase in orde gemaakt als er controles kwamen. Zorgaanbieders bleken op grote schaal zorgkosten te declareren voor vreemdelingen zonder zorgverzekering, terwijl de zorg niet of onvoldoende werd geleverd. Op deze manier zou in 2023 landelijk voor 10 tot 15 miljoen euro gefraudeerd zijn. In de interviews noemen professionals verschillende mogelijke verklaringen voor het achterblijven van het aantal meldingen in Limburg. In de eerste plaats wordt gewezen op het gebrek aan kennis van signalen en risico-indicatoren bij zowel de politie als gemeenteambtenaren. In de tweede plaats is ook vaak onbekend waar welke signalen gemeld moeten worden. Tot slot zijn de positie en de bevoegdheden van toezichthouders binnen het sociaal domein vaak onvoldoende bekend bij personen waar signalen terecht komen.

Met als gevolg dat relevante signalen niet terecht komen bij de daarvoor aangewezen toezichthouders. Uit paragrafen 5.1 en 5.2 blijkt er sprake is van een groot aantal vermoedens van zorgfraude en zorgcriminaliteit binnen gemeenten, maar dat slechts weinig vermoedens leiden tot een daadwerkelijke melding, onderzoek en constatering. Hierdoor is de werkelijke omvang veel hoger dan op basis van het aantal meldingen en constateringen kan worden geschat.

5.3.3 Risico analyse Ook het inzichtelijk maken van de aanwezigheid van risicofactoren op provinciaal niveau kan bijdragen aan een beeld over de omvang van zorgfraude en zorgcriminaliteit. Risicofactoren die in dit verband onderzocht zijn, zijn het aantal zorgaanbieders zonder een aan zorg gerelateerde SBI-code, het aantal zorgaanbieders dat activiteiten uitvoert vanuit een kwetsbare branche en het aantal zorgbieders met een crimineel verleden. Belangrijk om hierbij te benadrukken is dat het om kenmerken gaat die wijzen op een verhoogd risico, maar dat hiermee niet direct vastgesteld is dat er daadwerkelijk sprake is van zorgfraude of zorgcriminaliteit. Geen aan zorg gerelateerde SBI-code In het dashboard van Zicht op Ondermijning is onderzocht hoeveel zorgaanbieders in Nederland geen aan zorg gerelateerde SBI-code hebben. Dit zou kunnen betekenen dat er door dit bedrijf ook geen zorg geleverd wordt. Hierbij gaat het om zorgaanbieders die zorg verlenen vanuit pgb binnen de stelselwetten Wlz, de Wmo en de Jeugdwet. De cijfers hebben betrekking op het jaar 2019.

Van het totale aantal zorgaanbieders dat in 2019 zorg verleende via een pgb in de provincie Limburg, hadden 230 zorgaanbieders (13,9 procent) geen enkele aan zorg gerelateerde SBI-code. Dit percentage ligt iets onder het landelijke gemiddelde van 15,5 procent. Het aantal cliënten in de provincie Limburg dat zorg ontving van een pgb zorgaanbieder zonder enige aan zorg gerelateerde SBI-code is gelijk aan 410 (8,1 procent). Het percentage gedeclareerde zorgkosten door zorgaanbieders die zorg leveren via een pgb zonder enige aan zorg gerelateerde SBI-code bedraagt in de provincie Limburg 3,8 procent (3.065.190 euro). SBI-code is een kwetsbare branche Verder ingezoomd op de SBI-codes van zorgaanbieders blijkt dat 210 zorgaanbieders (12,5 procent) in Limburg activiteiten uitvoerde binnen een kwetsbare branche. Hieronder vallen bijvoorbeeld afvalverwerking, juweliers en uitzendbureaus9. Wanneer zorgaanbieders zorg aanbieden vanuit een kwetsbare branche, kan dit aanleiding zijn om het bedrijf nader te onderzoeken. Het Limburgse percentage ligt lager dan het landelijke gemiddelde van 15,3 procent. In de provincie Limburg ontvingen 500 cliënten (9,8 procent) pgb zorg van een zorgaanbieder met een SBI-code in een kwetsbare branche. Het percentage gedeclareerde zorgkosten door pgb zorgaanbieders met een SBI-code in een kwetsbare branche bedraagt in Limburg 7,2 procent (5.843.630 euro).

Zorgaanbieder is veroordeeld of heeft antecedenten Een andere risico-indicator is het aantal zorgaanbieders met strafrechtelijke veroordelingen of antecedenten. Uit eerder onderzoek van het IKZ (2019) blijkt dat een aanzienlijk deel van de bestuurders die verdacht worden van zorgfraude al eerder strafrechtelijk is veroordeeld. Dit beeld wordt bevestigd door onderzoek van het RIEC Oost-Nederland (2023) naar zzp’ers in de zorg, waaruit blijkt dat ongeveer een derde van de zorgaanbieders die in verband werden gebracht met zorgfraude reeds antecedenten had. Wanneer iemand in het verleden veroordeeld is voor een delict, is de kans groter dat die persoon opnieuw verdacht wordt van een delict. Eerdere veroordelingen en antecedenten kunnen in die zin informatie geven over de kans dat zorggelden misbruikt worden voor criminele doeleinden. In het dashboard van Zicht op Ondermijning is onderzocht hoeveel zorgaanbieders die specifiek zorg leveren via pgb veroordeeld zijn voor een delict. Hieruit blijkt dat het percentage zorgaanbieders met een veroordeling in de provincie Limburg gelijk is aan 2,9 procent (300 zorgaanbieders). Dit percentage is lager dan het landelijke gemiddelde (4,1 procent). Het percentage cliënten dat pgb-zorg ontvangt van een zorgaanbieder met een veroordeling ligt in Limburg op 3,2 procent (290 cliënten).

9

Een complete lijst met kwetsbare branches is te vinden via https://www.zichtopondermijning.nl/ -> Zorgaanbieders met opvallende SBI-codes 60

Het percentage gedeclareerde zorgkosten door pgb-zorgaanbieders met een veroordeling bedraagt in Limburg 3,0 procent (5.720.750 euro).

Track-analyse Om een diepgaander beeld te krijgen van deze risico-indicator in de provincie Limburg is een analyse uitgevoerd door de afdeling Toezicht Rechtspersonen, Analyse, Controle en Kennisgeving (TRACK). Het TRACK is een afdeling van Justis (Ministerie van Justitie en Veiligheid) die verantwoordelijk is voor het toezicht op rechtspersonen. Hiervoor toetst Justis de integriteit van een rechtspersoon en die van bestuurders en andere betrokken personen en bedrijven. Door regelmatige toetsing op misbruik van rechtspersonen en het verstrekken van risicosignalen hierover wordt financieeleconomische criminaliteit aangepakt. Voor de analyse van het TRACK zijn Limburgse zorgaanbieders aan de hand van hun SBI-code ingedeeld in drie groepen10. Deze indeling wordt besproken in bijlage 7.1.3. Uit de analyse van TRACK blijkt dat 965 unieke rechtspersonen actief zijn binnen het geselecteerde zorgdomein in provincie Limburg. Verder staan in Limburg 4.509 unieke eenmanszaken ingeschreven met in totaal 4.512 vestigingen met de geselecteerde SBI-codes. In tabel 15 wordt weergegeven hoeveel rechtspersonen en eenmanszaken binnen de verschillende groepen actief zijn.

Tabel 15: Aantal zorgaanbieders binnen SBI-groepen Groep na indeling SBI-codes

Rechtspersonen

Eenmanszaken

Groep 1 - Verpleging, verzorging en

236

243

243

3.265

319

1.727

68511

Eenmanszaken zijn geen rechtspersoon

begeleiding met overnachting Groep 2 - Maatschappelijke dienstverlening zonder overnachting gericht op ouderen en gehandicapten Groep 3 - Maatschappelijke dienstverlening zonder overnachting niet specifiek gericht op ouderen en gehandicapten Meegenomen in analyse (geen samenwerkingsverbanden en

en zijn daarom niet verder meegenomen

buitenlandse organisaties)

in de analyse van TRACK.

In totaal zijn 685 unieke rechtspersonen meegenomen in de analyse. In de analyse is onderzocht hoeveel zorgaanbieders voorkomen in het Justitieel Documentatie Systeem (verder: JDS), hoeveel

Voor de analyse door TRACK is gekozen voor een selectie van SBI-codes omdat het te onderzoeken aantal rechtspersonen anders te omvangrijk zou zijn waardoor technisch en juridisch tegen beperkingen zou zijn aangelopen. Een aantal van de rechtspersonen heeft SBI-codes die in meer dan één van de drie groepen vallen, waardoor bij het optellen van de groepen het aantal 685 wordt overstegen.

10

11

uren taakstraf zijn opgelegd, het aantal dagen gevangenisstraf en de hoogte van de boete. De resultaten worden weergegeven in tabel 16.

Tabel 16: Resultaten TRACK-analyse

Aantal

Percentage

JDS zaken

189

28 procent

Taakstraf

30

4 procent

Gevangenisstraf

37

5 procent

Geldboete

140

20 procent

Uit de analyse komt naar voren dat ruim een kwart (28 procent) van de zorgaanbieders voorkomt in het JDS. Concreet betekent dit dat van deze 189 zorgaanbieders een of meerdere natuurlijke personen achter de organisatie bekend is bij justitie. Het gaat hierbij zowel om lichtere als om zwaardere feiten. Hiervoor kreeg 20 procent van de zorgaanbieders tenminste één geldboete opgelegd. Deze strafrechtelijke boetes varieerden tussen de 100 euro en 11.133 euro. Bij dertig zorgaanbieders is een taakstraf opgelegd variërend tussen de tien uur en 460 uur. Het gaat hier om een totaalsom van uren waarbij het in de praktijk kan zijn dat meerdere natuurlijke personen achter de rechtspersoon een taakstraf opgelegd hebben gekregen. Bij 37 zorgaanbieders is een gevangenisstraf opgelegd variërend tussen de elf dagen en 1.657 dagen. Ook hier gaat het om een totaalsom van aantal dagen gevangenisstraf waarbij het in de praktijk kan zijn dat meerdere natuurlijke personen achter de rechtspersoon een gevangenisstraf heeft moeten uitzitten. In tabel 17 is een overzicht weergegeven per groep. Zorgaanbieders die vallen binnen groep 1 (verpleging, verzorging en begeleiding met overnachting) komen in verhouding het vaakst terug in JDS zaken. Ook het aantal rechtspersonen met een geldboete komt in verhouding het vaakst voor bij groep 1.

Tabel 17: Aantal rechtspersonen met JDS zaken, taakstraf, gevangenisstraf en geldboete per groep Groep 1 - Verpleging, verzorging en begeleiding met overnachting

Groep 2 Maatschappelijke dienstverlening zonder overnachting gericht op ouderen en gehandicapten

Totaal aantal rechtspersonen

233

238

Groep 3 Maatschappelijke dienstverlening zonder overnachting niet specifiek gericht op ouderen en gehandicapten 311

Aantal rechtspersonen met JDS zaken

77 (33,0 procent)

71 (29,8 procent)

77 (24,8 procent)

Aantal rechtspersonen met taakstraf

11 (4,7 procent)

13 (5,5 procent)

13 (4,2 procent)

Aantal rechtspersonen met gevangenisstraf

10 (4,3 procent)

11 (4,6 procent)

12 (3,9 procent)

Aantal rechtspersonen met geldboete

57 (24,5 procent)

53 (22,3 procent)

58 (18,6 procent)

62

Op basis van een aantal grenswaarden12 heeft TRACK berekend dat veertig rechtspersonen (5,8 procent) van de geselecteerde zorgaanbieders opvallend hoog scoren op de onderzochte indicatoren. Hiervan vallen vijftien zorgaanbieders (6,4 procent) in groep 1, vijftien zorgaanbieders (6,3 procent) in groep 2 en negentien zorgaanbieders (6,1 procent) in groep 313. Op de veertig opvallende rechtspersonen is een verdiepende analyse uitgevoerd. In de eerste plaats is gekeken naar de individuele SBI-codes. In tabel 7 wordt de top tien van voorkomende SBI-codes weergegeven.

Tabel 18: Top 10 activiteiten conform SBI-codes veertig geselecteerde rechtspersonen SBI-code

Aantal

Thuiszorg

13

Maatschappelijk werk

9

Lokaal welzijnswerk

7

Jeugdzorg met overnachting en dagverblijven voor jeugdzorg

6

Geestelijke gezondheids- en verslavingszorg met overnachting

5

Maatschappelijk opvang met overnachting

5

Huizen en dagverblijven voor verstandelijk gehandicapten en psychiatrische cliënten

4

Huizen en dagverblijven voor niet-verstandelijk gehandicapten

4

Ambulante jeugdzorg

4

Ondersteuning en begeleiding van gehandicapten

3

Bij de niet zorg gerelateerde bedrijfsactiviteiten vallen in aantallen geen branches op. Er lijkt bij deze veertig rechtspersonen dus geen sterke vermenging zichtbaar met een of meer niet zorg gerelateerde branches. De thuiszorg is de meest voorkomende branche onder deze opvallende rechtspersonen. Aan de veertig rechtspersonen zijn 226 natuurlijke personen in verschillende functies verbonden. Deze 226 personen komen voor in het JDS voor 361 strafbare feiten. In onderstaande tabel wordt een top twintig van gepleegde delicten weergegeven. Hieruit blijkt dat vooral verkeersmisdrijven, drugsdelicten en vermogensdelicten voorkomen. Vooral in het geval van zwaardere antecedenten rijst de vraag of deze zorgaanbieders nog wel met zo’n kwetsbare doelgroep zouden moeten werken.

12 13

Hoeveelheid_dagen_totaal > 0 of Hoeveelheid_uur_totaal >= 80 of Hoeveelheid_euro_totaal >= 2500 Het totaal aantal van veertig wordt overschreden doordat sommige rechtspersonen in meerdere groepen vallen.

Tabel 19: JDS zaken veertig rechtspersonen Delict

Aantal

Rijden onder invloed

29

Eenvoudige diefstal

23

Medeplegen

20

Hennepteelt

21

Oplichting

9

Verkeersovertreding

9

Eenvoudige mishandeling

9

Valsheid in geschrifte

9

Inbraak

9

Gekwalificeerde diefstal door twee of meer verenigde personen

9

Rijden met een ongeldig verklaard rijbewijs

9

Bezit softdrugs

8

Rijden onder invloed beginnende bestuurder

8

Bedreiging

8

Strafbaarstelling van poging tot misdrijf

8

Productie harddrugs

7

Eenvoudige belediging

7

Openlijke geweldpleging

6

Verduistering

6

Gevaarlijk rijgedrag

6

64

5.4 Kenmerken van signalen

Kernbevindingen

•

Opvallende niet- natuurlijke rechtspersonen die zorg aanbieden in Limburg zijn vooral actief in de thuiszorg, maatschappelijk werk en lokaal welzijnswerk.

•

Vanuit de Wmo worden de meeste risico’s gezien in de wijkverpleging en dagbesteding.

•

Gemeenten zien vooral signalen van zorgfraude en zorgcriminaliteit bij zorg die wordt geleverd vanuit de Wmo en Jeugdwet. Het is vaak moeilijk om signalen die betrekking hebben op zorg uit andere stelselwetten op te volgen omdat gemeenten hier niet bij betrokken zijn. Hiermee wordt gedoeld op het feit dat sommige aanbieders zorg leveren vanuit verschillende stelselwetten waardoor gemeenten met een aanbieder te maken kunnen hebben waarbij ze maar deels verantwoordelijk zijn voor het toezicht.

•

Gemeenten zien vaker signalen van zorgfraude bij zorg die wordt aangeboden vanuit gecontracteerde zorg. Gemeenten komen vaker in aanraking met gecontracteerde zorgaanbieders en hebben hier beter zicht op dan op zorg die vanuit een pgb wordt geleverd.

In deze paragraaf wordt ingegaan op de achtergrondkenmerken van signalen van zorgfraude en zorgcriminaliteit in de provincie Limburg. Hierbij wordt ingegaan op het type zorg dat wordt geleverd, vanuit welke stelselwetten de zorg wordt geleverd en vanuit welke financieringsvormen de zorg wordt aangeboden. 5.4.4 Type zorg Uit de besproken verdiepende analyse op risicovolle rechtspersonen in paragraaf 5.3.3 blijkt dat vooral thuiszorg, maatschappelijk werk en lokaal welzijnswerk naar voren komen. Vanuit de interviews blijkt dat het in het kader van de Wmo de meeste risico’s binnen de wijkverpleging en de dagbesteding worden gezien. Ook vanuit landelijke cijfers van het IKZ (2023) blijkt dat de meeste signalen over zorgfraude en zorgcriminaliteit rondom wijkverpleging worden gezien. Daarnaast komen ook individuele begeleiding, mondzorg, beschermd wonen en dagbesteding voor in de top vijf. 5.4.5 Wettelijk kader Zorg in Nederland wordt geleverd op basis van een van de zogenoemde stelselwetten: de Zorgverzekeringwet, de Jeugdwet, de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en de Wet langdurige zorg (Wlz). Een korte introductie over de Wmo en de Jeugdwet wordt gegeven in bijlage 7.3. Het toezicht op rechtmatigheid en kwaliteit van de Wmo en het toezicht op rechtmatigheid van Jeugdzorg is belegd bij de gemeenten. Professionals vanuit gemeenten geven aan dat het moeilijk is

om signalen van zorgfraude en zorgcriminaliteit vanuit andere wetten (Zvw en Wlz) te duiden. Desondanks komen professionals vanuit gemeenten wel in aanraking met aanbieders die vanuit andere stelselwetten zorg leveren. Dit komt doordat sommige aanbieders vanuit verschillende stelselwetten zorg leveren en/of vanuit verschillende financieringsstromen. Ondanks dat relatief veel Wmo uitvoeringsconsulenten de online vragenlijst hebben ingevuld, zijn bij veel fraudetechnieken geen grote verschillen zichtbaar of de zorg wordt verleend vanuit de Wmo of Jeugdwet. De resultaten worden weergegeven in figuur 4.

“Ten aanzien van de Wmo zie je veelal de meeste risico’s in de wijkverpleging, dagbesteding en zorg die geleverd wordt via pgb. Het gaat dan vooral om het declareren maar niet leveren en meer declareren dan leveren. Maar ook bijvoorbeeld om misbruik van personalia of declareren op naam zonder dat cliënt het weet”. “Een casus ging over pgb-fraude bij de Zvw. De zorgvrager kreeg een pgb uitkering van 90 duizend euro per jaar. Ik ben hier toen tegenaan gelopen, omdat ik een IB-signaal kreeg over een dure auto die was aangeschaft. Intern kan ik checken of iemand een pgb bij de Wlz heeft, maar die check kunnen we niet doen bij de Zvw. Dan loop je het gevaar dat je mogelijk onterecht uitkeringen aan het verstrekken bent aan iemand die onbewust fraudeert of iemand die bewust fraudeert. Ik denk dat er hier meer van zijn, maar wij kunnen deze signalen niet goed oppakken”.

66

Figuur 4: Fraudetechnieken naar stelselwet 0

5

3. Zorgaanbieder declareert (strategisch) om de omzet te verhogen.

2

0

1 0 0

9

3

1 2 2

0 0

9. Zorgaanbieder maakt gebruik van onjuiste documenten (zoals zorgindicaties, verwijsbrieven of urenlijsten) met betrekking tot de zorg.

Wlz

22 17 17 16 12

4 6 6

22 21

4 4

1 0 1 0

0

22

5

4

1 1

12. Zorgaanbieder gebruikt zorggelden voor oneigenlijke of onrechtmatige doeleinden.

23

6

0

10. Zorgaanbieder zet onbekwaam of onvoldoende opgeleid personeel in.

23

8

3

1 0 1

11. Zorgaanbieder zet (kwetsbare) cliënten in voor criminele activiteiten zoals drugshandel, knippen van hennep, gedwongen prostitutie etc.

20 9

4

0

8. Zorgaanbieder stimuleert cliënten om over te stappen van gecontracteerde zorg naar pgb.

16

2

3

7. Zorgaanbieder levert en declareert zorg die niet (meer) noodzakelijk is.

17 15

2 2

6. Zorgaanbieder verleent zorg die niet voldoet aan de kwaliteitseisen.

21

4

6

5. Zorgaanbieder verleent zorg die niet voldoet aan de hulpvraag van de cliënt.

25 22

4 3 4

0

4. Met geld dat bestemd is voor zorg wordt huur van de woonruimte van de cliënt betaald.

3

20

11

8

0

2. Zorgaanbieder vraagt zorg aan voor personen die eigenlijk geen hulpvraag hebben.

Wmo

15

3

1. Zorgaanbieder doet inspanningen om de zorgindicaties van cliënten te beïnvloeden.

Weet ik niet

10

2 3

Zvw

4

8 10 Jeugdwet

Anders

5.4.6 Financieringsvormen De zorg in Nederland wordt gefinancierd via verschillende financieringsvormen. Bij ‘Zorg in Natura’ (ZiN) krijgt een zorgvrager zorg of ondersteuning geleverd door zorgaanbieders die een contract hebben met een financierende instantie zoals een gemeente of zorgverzekeraar. Daarnaast kunnen zorgbehoevenden een bedrag ontvangen vanuit een persoonsgebonden budget (pgb) om zelf zorg in te kopen bij zorgverleners. De regie over de zorginkoop ligt in dit geval bij de zorgvrager.

In het geval van beide financieringsvormen bestaan er risico’s op zorgfraude en zorgcriminaliteit. Uit eerdere onderzoeken blijkt dat het grootste risico op fraude, vooral wanneer het gaat om grootschalige fraude, aan de kant ligt van de gecontracteerde zorgaanbieders. In veel gevallen gaat het dan om zorgaanbieders die zorg declareren die niet of gedeeltelijk is geleverd (VNG Naleving, 2020). Daarbij is ook het absolute aandeel van gecontracteerde zorg groter dan dat van pgbgefinancierde zorg (IKZ, 2023), waardoor de kans groter is dat misstanden bij gecontracteerde zorg worden aangetroffen. Ook de Limburgse gemeenten vermoeden en constateren vaker fraudetechnieken bij gecontracteerde zorgaanbieders (figuur 5). Enkel de verschijningsvorm waarbij de zorgaanbieder (kwetsbare) cliënten inzet voor criminele activiteiten, wordt vaker vermoed vanuit pgb. Een mogelijke verklaring die vanuit de professionals wordt gegeven is dat gemeenten veel meer te maken krijgen met gecontracteerde zorg dan met pgb.

“Ik denk dat wij misschien tien tot vijftien pgb-casussen per jaar hebben tegenover 2000 tot 2400 zorg in natura. Dus dat is wel een logische verklaring”. Ook wordt aangegeven dat de gemeenten veel beter zicht hebben op gecontracteerde zorg en dat gecontracteerde zorg veel meer onder de aandacht valt van aanbesteding en contractbeheer. Dit neemt niet weg dat er ook risico’s op zorgfraude bestaan bij pgb zorgaanbieders. Dit komt onder andere doordat pgb zorgaanbieders doorgaans minder onder controle staan dan gecontracteerde zorgaanbieders, doordat er sprake is van complexe regelgeving rond pgb die (on)bewust tot fouten kan leiden en door de lagere drempel om te starten als zorgaanbieder met pgb. “Dat er meer signalen worden gezien binnen gecontracteerde zorg vind ik logisch. Daar zit wel een

lek om het zo te zeggen. Bij pgb zorg heb je vaak helemaal geen contact met de aanbieders. Geen weet van wat ze doen. De wijkteamleden weten dat vaak wel, maar zij hebben ook helemaal niet de taak om te kijken of iemand wel of niet zijn bedrijf op orde heeft. Daar hebben we dus veel minder grip op. Als je meer tijd en capaciteit hebt, dan zou je daar als gemeente ook nog wel echt slagen in kunnen maken”. “Bij pgb is de cliënt de eindverantwoordelijke. Als de cliënt zelf moeilijk de administratie kan uitvoeren, dient er een vertegenwoordiger te zijn. Maar de vraag is of de cliënt dit in de praktijk ook zelf doet. We hebben er bij pgb zorg geen zicht op of mogelijk de zzp’er staat mee te kijken met de cliënt of de cliënt zelfs beïnvloedt. Datzelfde geldt voor de vertegenwoordiger. Een vertegenwoordiger is er ook niet elk moment bij en moet vaak ook uitgaan van wat de cliënt hem zegt. Het staat een beetje op losse schroeven om echt zeker te kunnen zijn hoeveel uur er daadwerkelijk zorg is geleverd en of die zorg van voldoende kwaliteit is”.

68

Figuur 5: Financieringsvormen 0 1. Zorgaanbieder doet inspanningen om de zorgindicaties van cliënten te beïnvloeden.

5

3

16 5

8

20

5

15

10

Weet ik niet

pgb

3

25 23 22

7

10. Zorgaanbieder zet onbekwaam of onvoldoende opgeleid personeel in.

12. Zorgaanbieder gebruikt zorggelden voor oneigenlijke of onrechtmatige doeleinden.

19

19

5

23

11

2

2

30

24

6

7. Zorgaanbieder levert en declareert zorg die niet (meer) noodzakelijk is.

11. Zorgaanbieder zet (kwetsbare) cliënten in voor criminele activiteiten zoals drugshandel, knippen van hennep, gedwongen prostitutie etc.

25

14

2

5. Zorgaanbieder verleent zorg die niet voldoet aan de hulpvraag van de cliënt.

9. Zorgaanbieder maakt gebruik van onjuiste documenten (zoals zorgindicaties, verwijsbrieven of urenlijsten) met betrekking tot de zorg.

20 19

3. Zorgaanbieder declareert (strategisch) om de omzet te verhogen.

6. Zorgaanbieder verleent zorg die niet voldoet aan de kwaliteitseisen.

15

1

2. Zorgaanbieder vraagt zorg aan voor personen die eigenlijk geen hulpvraag hebben.

4. Met geld dat bestemd is voor zorg wordt huur van de woonruimte van de cliënt betaald.

10

17

25

5 5 5

8

12

gecontracteerde zorg

Vanuit de andere bevraagde organisaties (FIU, NLA) werd juist vaker fraude vermoed bij pgb zorgaanbieders. In de jaren 2013 tot en met 2023 zijn er vijftien casussen door de Financial Intelligence Unit (FIU) gesignaleerd waarbij Limburgse particulieren of (zorg)ondernemers te relateren zijn aan verdachte transacties of waarbij vermoedens zijn van oneigenlijke besteding van zorggelden. Van de vijftien casussen is er in het geval van negen sprake van vermoedens dat gelden die in het kader van pgb worden ontvangen niet worden besteed aan zorg gerelateerde activiteiten. Dit blijkt bijvoorbeeld uit lage loonkosten in vergelijking met de omvang van het ontvangen pgb of het feit dat het ontvangen pgb wordt doorgeboekt naar een ogenschijnlijk ongebruikelijke bestemming of contant wordt opgenomen. Niet bij al deze casussen zijn de bedragen die vanuit pgb of klanten worden ontvangen bekend. Daarnaast is het op basis van een verdachte transactie niet af te leiden of het ontvangen (pgb) bedrag deels of volledig aan niet zorg gerelateerde doeleinden wordt besteed. In de kaders hieronder worden een aantal voorbeelden gegeven van verdachte transacties die mogelijk wijzen op fraude met pgb gelden.

Vader ontvangt ten behoeve van de zoon € 83.663 aan pgb. Dit geld wordt vervolgens deels opgenomen en besteed aan levensonderhoud en de aankoop van een stuk grond.

Een onderneming die zorg verleent aan mensen met een functiebeperking en chronisch zieken ontvangt over bijna drie jaar in totaal € 1.900.000 pgb van de SVB waarvan € 1.500.000 wordt doorgeboekt naar de privérekening van de eigenaar.

In de overige casussen die door de FIU gesignaleerd werden, was de financieringsvorm niet duidelijk. Het ging hierbij onder andere om een casus zoals is het kader hieronder beschreven. Een eigenaar van een bouwbedrijf, die betrokken is geweest bij de handel in softdrugs, heeft onder andere gelden ontvangen van zorgaanbieders.

Ook de meldingen en signalen die die de NLA tussen 1 januari 2023 en 1 juni 2024 ontving over zorgaanbieders die mogelijk betrokken zijn bij zorgfraude of zorgcriminaliteit hebben in ruim de helft van de gevallen te maken met pgb fraude.

5.5 Trends en ontwikkelingen

Kernbevindingen

o

De verwevenheid tussen zorg en criminaliteit is de afgelopen jaren steeds vaker zichtbaar.

o

Grotere criminele netwerken zijn actief binnen het zorgdomein om geld te verdienen, zorggelden te misbruiken en criminele activiteiten te verhullen.

o

Er is een professionalisering zichtbaar in de manier waarop criminelen zorgfraude en zorgcriminaliteit aanpakken. Malafide zorgaanbieders zijn steeds beter op de hoogte van geldende wet- en regelgeving en de mogelijkheden en onmogelijkheden van toezicht en handhaving.

o

Er is een verschuiving zichtbaar richting fraude met zorggelden vanuit de Wlz.

De dynamiek binnen de zorgsector maakt het noodzakelijk om voortdurend alert te zijn op ontwikkelingen en veranderende patronen van zorgfraude en zorgcriminaliteit. Waar fraudeurs in het verleden vaak gebruikmaakten van eenvoudige manipulaties binnen declaratiesystemen, worden tegenwoordig complexere constructies ingezet om zorggelden te misbruiken. Daarnaast verschuiven de methoden en doelstellingen van zorgfraudeurs mee met veranderende regelgeving en

70

digitalisering. In deze paragraaf wordt stilgestaan bij recente ontwikkelingen en trends die zijn waargenomen. In het landelijk overzicht van het IKZ wordt jaarlijks beschreven welke ontwikkelingen op het gebied van zorgfraude en zorgcriminaliteit worden gezien. Uit het beeld over 2023 blijken de fraudesignalen in tabel 20 veelvuldig terug te komen.

Tabel 20: Veelvoorkomende fraudesignalen op landelijk niveau Veelvoorkomende fraudevormen

Beschrijving

Doorstartende zorgaanbieders

Wanneer een onderzoek gestart wordt naar zorgaanbieders, beëindigen sommige zorgaanbieders hun activiteiten. Dit gebeurt bijvoorbeeld door het aanvragen van een faillissement of door hun zorgorganisatie uit te schrijven uit het Handelsregister van de Kamer van Koophandel (KvK).

Complexe organisatiestructuren

Vaak is er in deze gevallen sprake van bedrijven die ook werkzaam zijn in een branche buiten het zorgdomein.

Vervalste documenten

Zorgaanbieders maken misbruik van persoonlijke gegevens en documenten van cliënten, zoals DigiD-inloggegevens, om valse of frauduleuze aanvragen, declaraties en machtigingsformulieren in te dienen. Daarnaast neemt het aantal meldingen toe van zorgverleners met vervalste VOG’s of zorgdiploma’s. Deze vervalsingen worden steeds moeilijker te herkennen, met name buitenlandse diploma’s en diploma’s van vóór 2007, die niet bij DUO geregistreerd staan.

Onveilige en ongezonde omgeving

Naast signalen die duiden op fraude, zijn er ook situaties waarbij sprake is van een onveilige en ongezonde omgeving voor cliënten en/of personeel. Hierbij kan het bijvoorbeeld gaan om gebrek aan beleid en protocollen en uitbuiting van zorgverleners met als gevolg een hoog personeelsverloop en ziekteverzuim.

Bron: IKZ, 2024

Ook tijdens de interviews is aan de professionals gevraagd om in kaart te brengen welke trends en ontwikkelingen worden gezien. In de eerste plaats spreken een aantal respondenten over een kentering waarbij de verwevenheid tussen zorg en criminaliteit (zoals drugs, en illegale (vuur)wapens) de laatste jaren steeds vaker voorbijkomt. Er is een verschuiving zichtbaar tussen de ‘gewone’ crimineel die denkt met een zorgonderneming makkelijk geld te kunnen verdienen naar de doorgewinterde crimineel die zich bezighoudt met verschillende vormen van criminaliteit. Dit komt terug in zowel landelijke als Limburgse casuïstiek. Een voorbeeld van een dergelijke casus wordt beschreven in het onderstaande kader. Mensenhandel, drugscriminaliteit en zorgfraude.

In twee gemeenten zijn zorgwekkende signalen ontvangen over een zorgorganisatie die mogelijk betrokken is bij mensenhandel, drugscriminaliteit en zorgfraude. Het bedrijf staat geregistreerd op een ongebruikelijke locatie, koppelt zorg- en huurcontracten, en creëert daarmee afhankelijkheidsrelaties. Panden die te linken zijn aan het bedrijf, blijken bekend in relatie tot thuisprostitutie en drugscriminaliteit. Daarbij wordt vermoed dat onvoldoende zorg wordt geleverd en dat zorggelden worden misbruikt.

De betreffende zorgaanbieder zet verschillende tactieken in om cliënten afhankelijk van het bedrijf te maken. Denk daarbij aan een koppeling tussen zorg- en huurcontracten maar ook aan het bieden van zorg zonder dat de financiering voldoende is gewaarborgd waardoor door de cliënt schulden worden opgebouwd bij het bedrijf. Het vermoeden bestaat dat cliënten op een later moment worden ingezet voor criminele klussen of dat er een hennepkwekerij in hun woning wordt geplaatst.

Daarbij blijkt uit verschillende meldingen dat de zorg die wordt geleverd van minimale kwaliteit is. Bij vragen hierover vanuit de omgeving van cliënten heeft zorgaanbieder verschillende bedreigingen geuit.

Er worden ook steeds vaker grote criminele netwerken gezien die de zorgsector misbruiken om geld te verdienen of als dekmantel gebruiken voor criminele activiteiten. Daarbij is er ook sprake van professionalisering van het misbruik van zorggelden. Deze netwerken richten complexe bedrijfsstructuren op waardoor toezicht en handhaving hierop steeds moeilijker wordt. Een actuele ontwikkeling die daarbij wordt genoemd is dat criminelen hele ‘ketens’ in eigen beheer nemen.

72

“Van een uitzendbureau dat zzp’ers uitleent, tot zorgbedrijven die zzp’ers inhuren, van EVC-bureaus tot aan het administratiebeheer. In die hele keten kan een papieren werkelijkheid worden gecreëerd, op basis waarvan het lijkt dat ook daadwerkelijk (alle) zorg wordt geleverd.” In de Academie podcast “Politiewerk in perspectief” (Politieacademie, 2025) omschrijft een rechercheur deze trend als volgt: “Iedere zichzelf respecterende crimineel heeft wel een zorgbedrijf op naam staan”. De podcast benadrukt hoe criminele netwerken malafide uitzendbureaus oprichten om zzp’ers in de zorg te plaatsen. Vaak ontbreekt het deze zzp’ers aan de juiste diploma’s, is de kwaliteit van hun werk ondermaats, nemen incidenten toe en voelen vaste zorgmedewerkers zich steeds minder op hun plek. De politie constateert daarbij de afgelopen jaren een verdubbeling van het aantal EVC-bureaus. Door vervalsing van EVC’s kunnen criminelen op basis van valse documenten een officieel diploma verkrijgen. Dit ondermijnt de integriteit van het gehele Nederlandse diplomasysteem. Daarop aanvullend merken verschillende respondenten op dat malafide zorgaanbieders steeds vaker goed op de hoogte zijn van geldende wet- en regelgeving en het gehanteerde beleid.

“Het vermoeden is dat in deze netwerkenspelers zitten die specifieke kennis hebben en nieuwe ontwikkelingen [volgen, red.] op het gebied van wet- en regelgeving”. “Men kent de spelregels en mazen van de wet”. Dit blijkt onder andere uit het feit dat malafide zorgaanbieders berekenend en risicomijdend te werk lijken te gaan. Zij houden rekening met bekende risicofactoren en de mogelijkheden van de overheid en proberen hierop in te spelen. Een voorbeeld dat wordt genoemd is dat malafide zorgaanbieders zich er steeds vaker van bewust zijn dat hoge winstpercentages worden gezien als een risicofactor voor zorgfraude waar toezichthouders op kunnen aanslaan. Steeds vaker proberen bedrijven deze percentages te drukken door met name niet operationele kosten op te voeren. Denk aan hoge telefoon-, huur- en energiekosten. Een andere trend die wordt genoemd is een verschuiving richting de Wlz. “Gemeenten gaan hun contracten beter inrichten en gaan meer controleren. Wlz is een moeilijk te

handhaven wet. De Wlz zelf geeft heel weinig inhoud aan kwaliteit van zorg. Wel een beetje aan rechtmatigheid, want declaraties moeten gewoon kloppen en er zitten eisen aan hoe de administratie eruit moet zien. Maar de kwaliteit van de zorg is inhoudelijk lastig te controleren binnen de Wlz. Dus binnen de Wlz moet het al heel ernstig zijn voordat gezegd kan worden dat de zorg van onaanvaardbare kwaliteit is zodat de zorg gestopt wordt. Verder zijn de vergoedingen heel hoog, gaat het om onplanbare zorg en de inspectie staat op afstand. Dus malafide zorgverleners zullen zich het snelst vanuit de Wlz zorg gaan aanbieden, vanwege high-pay en low-risk”.

6. Bibliografie

Informatie Knooppunt Zorgfraude (IKZ). (2024). Rapport: Signalen fraude in de zorg 2023. Geraadpleegd op 28 augustus 2024 via: https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2024/04/30/rapport-signalen-fraude-in-dezorg-2023 Informatie Knooppunt Zorgfraude (IKZ). (2023). Rapport signalen fraude in de zorg 2022. Geraadpleegd op 22-08-2024 via https://www.igj.nl/publicaties/rapporten/2023/07/27/signalenfraude-in-de-zorg2022#:~:text=Het%20rapport%20Signalen%20in%20de,knooppunt%20samen%20met%20andere% 20partijen. Informatie Knooppunt Zorgfraude (IKZ). (2023a). Jaarbeeld 2022. Geraadpleegd op 22-08-2024 via https://www.igj.nl/publicaties/rapporten/2023/07/27/signalen-fraude-in-de-zorg2022#:~:text=Het%20rapport%20Signalen%20in%20de,knooppunt%20samen%20met%20andere% 20partijen. Informatie Knooppunt Zorgfraude (IKZ). (2019). Strafrechtelijke antecedenten bij vermoedens van

zorgfraude. Geraadpleegd op 9-01-2025 via Rapport: Strafrechtelijke antecedenten bij vermoedens van zorgfraude | Publicatie | Informatie Knooppunt Zorgfraude Gemeente Vaals. (2023). Begroting 2023: Publieksversie. Geraadpleegd op 7-01-2025 via https://www.vaals.nl/data/downloadables/9/1/9/begroting-2023-publieksversie-web.pdf Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Domein Limburg. (2022). Limburg Noord: Begroting

sociaal domein 2023-2026. Geraadpleegd op 7-01-2025 via Sociaal Domein Limburg-Noord Ministerie van Sociale zaken en Werkgelegenheid. (2021). Op zoek naar de heilige graal: Aard en

omvang van fraude met zorggelden. Rijksoverheid. https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2021/03/31/op-zoek-naar-de-heilige-graal Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. (z.d.). Zorg vanuit de Wlz. Geraadpleegd via https://www.informatielangdurigezorg.nl/onderwerpen/w/wlz/wat-is-wlz-zorg

74

Politieacademie. (2025, 3 februari). Hoe criminelen de zorg binnendringen (Aflevering 38) [Audiopodcast-aflevering]. In De Academie. Politieacademie. https://www.politieacademie.nl/overons/podcasts/38-hoe-criminelen-de-zorg-binnendringen Regionaal Informatie en Expertise Centrum (RIEC) Limburg (2023). Factsheet zorgcriminaliteit. Geraadpleegd via Factsheet Zorgcriminaliteit.pdf Regionaal Informatie en Expertise Centrum (RIEC) Limburg. (2020). Een verkennend onderzoek naar

de aard en omvang van zorgfraude binnen de provincie Limburg. Intern document. Regionaal Informatie en Expertise Centrum (RIEC) Oost-Nederland. (2023). Criminele zzp'ers in de

zorg: Een fenomeenanalyse. Samen weerbaar (2025). Handboek zorgfraude en zorgcriminaliteit. Intern document. Van der Bent (2024). OM niet in staat om zorgfraude voldoende te bestrijden: 'Jaarlijks wordt er

voor 10 miljard gefraudeerd'. Pointer. Via OM niet in staat zorgfraude voldoende te bestrijden: 'Jaarlijks wordt er voor 10 miljard gefraudeerd' | KRO-NCRV Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). (2023). Proeftuin aanpak zorgfraude: Preventie,

signalering en interventies in het gemeentelijk zorgdomein. VNG. https://vng.nl/sites/default/files/2023-07/proeftuin-aanpak-zorgfraude.pdf

VNG Naleving [Vereniging van Nederlandse Gemeenten]. (2020). Een wereld te winnen. Over

zorgfraude

(Wmo

2015

en

Jeugdwet).

Geraadpleegd

op

29

oktober

2024

via

https://vng.nl/artikelen/een-wereld-tewinnen#:~:text=Het%20rapport%20'Een%20wereld%20te,doen%20voor%20een%20effectieve%20 aanpak.

7. Bijlagen

7.1

Bijlage 1. Methodiek

7.1.1

Online vragenlijst

Voor het kwantitatief onderzoek is in de eerste plaats gebruik gemaakt van een online vragenlijst. Via deze online vragenlijst is rechtstreeks informatie verzameld bij professionals van gemeenten die (in zekere mate) in aanraking kunnen komen met zorgfraude en zorgcriminaliteit. Er is gekozen voor deze methode zodat iedere gemeente de gelegenheid heeft om mee te werken aan dit onderzoek. De vragenlijst is uitgezet onder alle 31 gemeenten. Voor dit onderzoek is een uitgebreide vragenlijst ontwikkeld die bestaat uit drie delen. De vragen die zijn opgenomen hebben betrekking op indicatoren/signalen van zorgfraude die professionals kunnen waarnemen binnen hun werk, fraudetechnieken en verschijningsvormen en knelpunten in de huidige aanpak van zorgfraude en zorgcriminaliteit. 7.1.1.1 Doelgroep De vragenlijst is afgenomen onder professionals werkzaam voor gemeenten in Limburg die (in zekere mate) in aanraking kunnen komen met zorgfraude en zorgcriminaliteit. Hierbij kan gedacht worden aan functies zoals bestuurlijk coördinatoren ondermijning, beleidsmedewerkers (Wmo, Jeugdwet en sociaal domein), uitvoeringsconsulten (Wmo en Jeugdwet), boa’s, sociaal rechercheurs en toezichthouders (Wmo en Jeugdwet).

Aangezien sommige gemeenten bepaalde werkzaamheden hebben belegd bij een derde partij (bijvoorbeeld een andere gemeente of samenwerkingsverband), zijn ook deze personen meegenomen in de uitvraag om deel te nemen aan deze vragenlijst. 7.1.1.2 Werving Aangezien deze online vragenlijst is bedoeld voor een gerichte doelgroep, heeft de werving om deel te nemen niet via openbare kanalen plaatsgevonden. Aan de bestuurlijke coördinatoren ondermijning van de Limburgse gemeenten is gevraagd om naam, emailadres en functie door te geven van relevante respondenten genoemd in eerdergenoemde doelgroep. Dit heeft geleid tot een lijst van 561 unieke personen die vervolgens persoonlijk zijn uitgenodigd om deel te nemen aan de online vragenlijst. De vragenlijst kon worden ingevuld in de periode 27 juni 2024 tot en met 31 juli 2024. 7.1.1.3 Steekproef In totaal zijn 561 unieke personen uitgenodigd om de vragenlijst in te vullen. Met behulp van een steekproefberekening met een betrouwbaarheidsniveau van 95 procent en een foutmarge van 5 procent is berekend dat in totaal 227 respondenten nodig zijn om een representatief beeld te kunnen vormen van de ondervraagde doelgroep in provincie Limburg. Uiteindelijk hebben in totaal 346 76

respondenten de vragenlijst ingevuld. Bij het opschonen van de data zijn 100 respondenten niet meegenomen aangezien zij de vragenlijst niet compleet hebben ingevuld. Uiteindelijk zijn in totaal 246 respondenten meegenomen in de analyse.

Van de 31 gemeenten hebben 30 gemeenten meegewerkt aan de vragenlijst. Daarnaast hebben ook een aantal medewerkers die werkzaam zijn voor GGD Zuid-Limburg en samenwerkingsverbanden zoals het Servicecentrum MER de vragenlijst ingevuld. In onderstaande tabel staat een overzicht vanuit welke functies de vragenlijst is ingevuld. Respondenten die ‘anders, namelijk’ hebben ingevuld hadden vervolgens de mogelijkheid om zelf een omschrijving te geven van hun functie. Een deel van deze omschrijvingen zijn uiteindelijk vooralsnog ingedeeld binnen de bestaande functietitels. Bij de overige 22 omschrijvingen was dit niet mogelijk. Hierbij ging het onder andere om administratieve medewerkers en procesmedewerkers. Relatief veel uitvoeringsconsulenten Wmo hebben de online vragenlijst ingevuld.

Tabel 21: Overzicht aantal respondenten per functie Functie

Aantal

Anders, namelijk

22

Beleidsmedewerker/-adviseur Jeugd(wet)

15

Beleidsmedewerker/-adviseur Openbare orde en veiligheid

9

Beleidsmedewerker/-adviseur Participatiewet

2

Beleidsmedewerker/-adviseur Sociaal Domein

8

Beleidsmedewerker/-adviseur Wmo

14

Bestuurlijk coördinator ondermijning

11

Boa

11

Inkoop/contractmanagement zorg

4

Kwaliteitsmedewerker

7

Sociaal rechercheur

8

Toezichthouder

10

Uitvoeringsconsulent Jeugd(wet)

26

Uitvoeringsconsulent Wmo

95

Zeg ik liever niet

4

Totaal

246

7.1.2 Data van RIEC partners Voor het onderzoek is geregistreerde data opgehaald bij verschillende RIEC-partners. FIU – via politie (art. 8 WPG) De data over de verdachte transacties afkomstig van de Financial Intelligence Unit (FIU). De analyse heeft plaatsgevonden op basis van steekwoorden gerelateerd aan zorgfraude en zorgcriminaliteit die als zoekterm zijn gebruikt. Dit heeft geleid tot hits die handmatig zijn doorgelezen en gescreend. Onterechte hits zijn eruit gefilterd. Voorbeelden van onterechte hits: o

De relatie met Limburg was onbekend of de meldende instantie kwam uit Limburg;

o

Er was geen relatie met (mogelijke) zorgfraude of andere vormen van criminaliteit;

o

Onderzochte was werkzaam in de zorg maar er was geen relatie met (mogelijke) zorgfraude/ ondermijning;

o

Doublures.

Conform de definitie gaat het bij zorgfraude onder andere om geldelijk gewin waarbij geld dat bestemd is voor zorg aan niet zorg gerelateerde doeleinden wordt besteed. Aangezien het hier gaat om verplaatsing van geld is besloten om de verdachte transacties van de FIU te onderzoeken op mogelijke signalen van zorgfraude.

Het opschonen van de resultaten heeft geleid tot een vijftiental casussen waarbij Limburgse particulieren of (zorg)ondernemers te relateren zijn aan ongebruikelijke transacties of waarbij vermoedens zijn van oneigenlijke besteding van zorggelden. Algemene informatie: Transactiejaren Transactiejaar 2013 2016 2018 2019 2020 2021 2022 2023

Aantal 1 2 1 2 2 3 2 2

Relatie Limburg

Gemeente

Aantal

Venlo

5

Maastricht

2

Venray

1

Sittard

1 78

Roermond

2

Horst aan de Maas

1

Geleen

1

Brunssum

1

Heerlen

1

FIOD Landelijk ontvangt de FIOD veel meldingen met betrekking tot zorgfraude. Weinig van deze signalen blijken echter betrekking te hebben op Limburg.

Politie De systemen zijn op steekwoorden gerelateerd aan zorgfraude en zorgcriminaliteit bevraagd. Dit leverde echter geen bruikbaar resultaat op. Binnen de politiesystemen wordt gebruik gemaakt van de MK-code “Fraude in de zorg” (F635). De afgelopen vijf jaar waren in Limburg veertien hits. Landelijk waren in dezelfde periode (19-8-2019 t/m 19-8-2024) 404 registraties op deze incidentcode. In Limburg liggen het aantal mutaties op deze incidentcode vrij laag. Dit kan komen doordat wordt gemuteerd op andere incidentcodes waardoor het beeld voor Limburg niet compleet is. Deze aantallen geven daarom geen representatief beeld.

Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA) o Uitvraag meldingen zorgfraude/zorgcriminaliteit o

De NLA heeft bij opsporing ook een afdeling recherche zorgfraude.

7.1.3 Data van buiten het RIEC convenant

Justis – Toezicht TRACK Justis (afdeling TRACK) voert controles op rechtspersonen uit. Hiervoor toetst Justis de integriteit van een rechtspersoon en die van bestuurders en andere betrokken personen en bedrijven. Door regelmatige toetsing op misbruik van rechtspersonen en het verstrekken van risicosignalen hierover wordt financieel-economische criminaliteit aangepakt.

Voor de analyse van het TRACK zijn Limburgse zorgaanbieders aan de hand van hun SBI-code ingedeeld in drie groepen14. Deze indeling wordt weergeven in tabel 3

Voor de analyse door TRACK is gekozen voor een selectie van SBI-codes omdat het te onderzoeken aantal rechtspersonen anders te omvangrijk zou zijn waardoor technisch en juridisch tegen beperkingen zou zijn aangelopen.

14

Tabel 22: Overzicht verdeling SBI-codes in groepen SBI-code

Groep

86104 Geestelijke gezondheids- en

Groep 1 - Verpleging, verzorging en begeleiding met overnachting

verslavingszorg met overnachting 8710 Verpleeghuizen

Groep 1 - Verpleging, verzorging en begeleiding met overnachting

8720 Huizen en dagverblijven voor

Groep 1 - Verpleging, verzorging en begeleiding met overnachting

verstandelijk gehandicapten 87301 Huizen lichamelijk gehandicapten

Groep 1 - Verpleging, verzorging en begeleiding met overnachting

87302 Verzorgingshuizen

Groep 1 - Verpleging, verzorging en begeleiding met overnachting

87901 Jeugdzorg met overnachting

Groep 1 - Verpleging, verzorging en begeleiding met overnachting

87902 Maatschappelijke opvang (24-

Groep 1 - Verpleging, verzorging en begeleiding met overnachting

uurs) 88101 Thuiszorg

Groep 2 - Maatschappelijke dienstverlening zonder overnachting gericht op ouderen en gehandicapten

88102 Welzijnswerk voor ouderen

Groep 2 - Maatschappelijke dienstverlening zonder overnachting gericht op ouderen en gehandicapten

88103 Ondersteuning van

Groep 2 - Maatschappelijke dienstverlening zonder overnachting gericht op

gehandicapten

ouderen en gehandicapten

88991 Ambulante jeugdzorg

Groep 3 - Maatschappelijke dienstverlening zonder overnachting niet specifiek gericht op ouderen en gehandicapten

88992 Maatschappelijk werk

Groep 3 - Maatschappelijke dienstverlening zonder overnachting niet specifiek gericht op ouderen en gehandicapten

88993 Lokaal welzijnswerk

Groep 3 - Maatschappelijke dienstverlening zonder overnachting niet specifiek gericht op ouderen en gehandicapten

Uit de analyse van TRACK blijkt dat er 696 unieke rechtspersonen15 zijn die actief zijn binnen de drie geselecteerde groepen én mee konden worden genomen in de analyse16. Van deze rechtspersonen vallen er 236 in groep 1, 243 vallen in groep 2 en 319 vallen in groep 3. Een aantal van de rechtspersonen heeft SBI-codes die in meer dan één van de drie groepen vallen, waardoor bij het optellen van de groepen het aantal 696 wordt overstegen. Verder staan in Limburg 4.509 unieke eenmanszaken ingeschreven met in totaal 4.512 vestigingen met de geselecteerde SBI-codes. Op basis van de SBI-codes van deze eenmanszaken vallen er 243 in groep 1, 3.265 in groep 2 en 1.727 in groep 3. Eenmanszaken zijn geen rechtspersoon en zijn daarom niet verder meegenomen in de analyse van TRACK. De analyse is uitgevoerd in juli 2024. Uit de analyse kwamen 965 unieke rechtspersonen met een relevante SBI-code. 269 rechtspersonen konden in verband met regelgeving niet worden meegenomen in de analyse. Het gaat hierbij om samenwerkingsverbanden en buitenlande organisaties. 15

16

80

Voor de analyse heeft TRACK een koppeling gemaakt met JDS-zaken uit het JDS. In de koppeling met JDS-zaken is gekeken naar het aantal uur taakstraf dat is opgelegd, het aantal dagen gevangenisstraf en de hoogte van de boete.

CBS – Zicht op Ondermijning: Zicht op Ondermijning heeft ook cijfers over zorg (pgb).

IKZ Het Informatie Knooppunt Zorgfraude (IKZ) is een samenwerking van negen partners die gezamenlijk fraude in de zorg bestrijden. Door informatie te combineren zijn de IKZ-partners in staat zorgfraude effectiever aan te pakken. Het IKZ heeft signalen aangeleverd die tussen 2020 en 2023 zijn binnen gekomen.

7.1.4 Interviews met professionals Op basis van de resultaten van de vragenlijsten zijn een aantal gemeenten en functies geselecteerd voor een verdiepend interview. Daarnaast zijn ook verschillende niet bestuurlijke partijen gevraagd naar hun visie en ervaringen over zorgcriminaliteit en zorgfraude. Voor de expertinterviews is gebruik gemaakt van semigestructureerde interviews. De interviews duurden ongeveer één uur. Alle interviews zijn met een digitale voice-recorder opgenomen en nadien door de interviewers schriftelijk uitgewerkt. De digitale opnames zijn vervolgens verwijderd. De professionals die zijn geïnterviewd staan benoemd in tabellen 3 en 4.

Tabel 23: Bestuurlijke professionals die zijn geïnterviewd (N=16) Functie

Omschrijving

Adviseur jeugdhulp

Respondent is werkzaam als procesondersteuner en vormt vanwege die functie een spil tussen alle partijen. Intern

ziet

respondent

achtergrond

die

wat

er

respondent

gebeurt

heeft,

en

de

maakt

dat

respondent kritisch is op welke afspraken er liggen en in hoeverre die worden nagekomen. Respondent zit met name op de doelmatigheid en rechtmatigheid. Daar komt respondent wel eens scheve dingen tegen die nader onderzoek verdienen. Medewerker bedrijfsvoering sociaal domein

Binnen deze functie komt respondent niet direct in aanraking met zorgfraude en zorgcriminaliteit, omdat de inkoop van Wmo en Jeugd bij de beheergemeente ligt. Indirect kan dit wel bij respondent terechtkomen wanneer iemand contact met hen opneemt als ze het vermoeden hebben dat er iets niet klopt.

Consulent Jeugd en daarnaast aandachtsfunctionaris

Respondent komt in aanraking met zorgfraude en/of

voor gesloten gemeenschappen

zorgcriminaliteit door het verrichten van analyses, het uitzetten

van

zorgvragen,

pgb-gerelateerde

aanvragen, alsmede vragen en zorgen over jeugd. Adviseur Veiligheid

Respondent

houdt

zich

bezig

met

veiligheidsvraagstukken in de gemeente. Hieronder vallen ook zorgfraude en zorgcriminaliteit. Veiligheidsadviseur

Respondent komt in sommige gevallen in aanraking met zorgbedrijfjes, mensen die werken voor een zorginstelling of mensen die lijnen hebben met zorginstellingen. Dan wordt verder gekeken, hoe zit het in elkaar? Wat voor bedrijf is het? Zo komt respondent in contact met de afdeling die toezicht houdt op de zorgaanbieders.

Coördinator

Respondent is coördinator en heeft daarin het team Inkomen,

Terugvordering,

Bedrijfskredieten

en

Handhaving in portefeuille. Respondent werkt voor verschillende gemeenten die het thema ondermijning wat meer naar voren aan het halen zijn. Respondent heeft vanuit deze functie een overstijgende rol om te kijken hoe de processen en de lijntjes lopen en hoe dat op een betere manier geborgd kan worden. Beleidsadviseur ondermijning

Bij respondent komen verschillende signalen binnen over bepaalde zorgverleners dat er bijvoorbeeld onvoldoende zorg wordt geboden of dat iemand geen vooruitgang maakt in de zorg. Respondent ziet dit 82

steeds vaker gebeuren – het plaatsen van vraagtekens bij een bepaalde zorgaanbieder – maar het is niet altijd makkelijk om een onderscheid te maken wanneer er nu wel

of

geen

sprake

is

van

zorgfraude

of

toezicht

op

zorgcriminaliteit. Toezichthouder Wmo en Jeugdwet

Respondent

houdt

rechtmatigheid.

voornamelijk

Specifiek

met

zorgfraude

en/of

zorgcriminaliteit is respondent nog niet in aanraking gekomen. Er gaan wel wat casussen rond waarvan een onderbuikgevoel is dat er misschien verwevenheid zou kunnen zijn met bijvoorbeeld witwassen. Wmo consulent

Respondent houdt zich bezig met reguliere Wmo vragen (hulp bij het huishouden, woningaanpassingen, hulpmiddelen, begeleiding. bepaalde

vervoersvoorzieningen) Bij

enkele

vermoedens,

en

pgb-aanbieders maar

het

blijft

pgb-

bestaan vaak

bij

vermoedens. Coördinator ondermijningstafel, beleidsmedewerker

Vanuit de ondermijningstafel is de rol van respondent

OOV

het aanpakken van dossiers (concreet in de operatie) en het beleidsmatig proberen mee te denken en creëren van de goede voorwaarden waardoor men in de uitvoering goed zijn werk kan doen. Respondent kan in

aanraking

komen

met

zorgfraude

en/of

zorgcriminaliteit binnen het thema ondermijning, mensenhandel, jeugd en jonge aanwas. Een verdere aanraking

met

dit

thema

komt

tot

stand

via

gesprekken met het sociaal domein over de zaken die spelen en via het Zorg- en Veiligheidshuis. Adviseur veiligheid

Binnen deze functie doorloopt respondent casuïstiek. Respondent krijgt zowel vanuit de interne organisatie als

extern

respondent

signalen

binnen.

uit

daar

en

Die

kunnen

signalen

loopt

signalen

van

zorgfraude bij zijn. Als er ergens vermoedens zijn dat er een bedrijf is dat zich niet helemaal houdt aan de wet- en regelgeving dan acteert respondent daarop. Op die manier kan respondent in aanraking komen met het thema zorgfraude en/of zorgcriminaliteit. Sociaal-rechercheur (op participatiewet en deels

Mensen die een uitkering vanuit de participatiewet

Wmo)

ontvangen krijgen ook zorg vanuit de Wmo. Dan worden er wel eens zaken gezien waar respondent de vinger niet helemaal op kan leggen.

Wmo consulent

Als

Wmo-consulent

is

respondent

betrokken

bij

algemene Wmo vragen, zoals vragen over trapliften,

huishouden, Omnibuzz, maar ook het stukje pgbbegeleiding

en

dagbesteding.

Respondent

doet

onderzoek naar pgb-meldingen die bij hen worden neergelegd.

Vanuit

die

werkzaamheden

kan

respondent in aanraking komen met zorgaanbieders die mogelijk frauderen of misbruik maken van hun positie richting de cliënt. De rol van respondent is vervolgens signaleren. Leveranciersmanager sociaal domein

Respondent kijkt welke leveranciers nodig zouden zijn en aan welke voorwaarden deze zouden moeten voldoen en tevens waar de contracten aan de voorkant aan dienen te voldoen en of deze normen haalbaar zijn. Bij problemen en het uit-contract gaan of de opmaat tot uit-contract gaan dan zit de leveranciersmanager er weer bij. Als leveranciersmanager kijkt respondent aan de voorkant met welke leveranciers het verstandig is om zaken te doen en met welke niet.

Accountmanager/-houder binnen het sociaal domein

Respondent

staat

in

direct

contact

met

de

zorgaanbieder. Ook worden signalen opgehaald bij de periodieke gesprekken met wijkteams. Respondent en collega’s kunnen signalen vervolgens oppakken door het gesprek met de aanbieder aan te gaan. Sociaal rechercheur sociale zekerheid en daarnaast

Als sociaal rechercheur is respondent buitengewoon

toezichthouder voor de PW, Wmo en voor de Jeugdwet

opsporingsambtenaar.

Als

toezichthouder

respondent

voor

de

bevoegd

Algemene

is wet

bestuursrecht. Er komen vanuit zowel intern als extern meldingen binnen. Die worden opgewerkt om te kijken of hier iets mee kan worden gedaan.

84

Tabel 24: Niet bestuurlijke professionals die zijn geïnterviewd (N=11) Functie

Omschrijving

Beleidsmedewerker Openbaar Ministerie

Respondent is vanuit zijn functie intern betrokken bij onderzoeken naar zorgfraude en extern betrokken naar ketenpartners. Zo zit respondent in stuur- en weeggroep zorg; overleg met partners (FIOD, Arbeidsinspectie recherche zorgfraude, de Nederlandse zorgautoriteit en de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) om te kijken wat strafrechtelijk opgepakt kan worden.

Accountmanager bij de Opsporingsdienst (FIOD)

Financiële

Inlichtingen

en

Afgelopen jaar is respondent voor het eerst in aanraking gekomen met zorgfraude bij RIEC-casuïstiek. Voorheen voelde dat als een thema die niet bij de FIOD hoorde. Nu komen steeds meer aan zorg gerelateerde meldingen binnen.

Senior informatierechercheur Zorg bij de recherche Zorgfraude van de Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA)

De afdeling recherche Zorgfraude staat aan de lat voor strafrechtelijk onderzoeken naar grootschalige fraude met zorggelden. Respondent beoordeelt samen met collega’s signalen die wijzen op vermoedens van zorgfraude en weegt deze af met de officier van justitie om te komen tot de beoordeling of er een strafrechtelijk onderzoek wordt opgestart. Verder is respondent het aanspreekpunt voor externe partners en heeft als aanvullende taak om naamsbekendheid te creëren voor het onderwerp zorgfraude en de werkzaamheden van de afdeling recherche Zorgfraude.

Senior inspecteur regio Zuid-Limburg bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ)

Respondent komt in aanraking met zorgfraude en/of zorgcriminaliteit via meldingen van (ex-)-werknemers en cliënten, signalen uit de media, trends en ontwikkelingen, en informatie via Follow the Money.

Senior onderzoeker bij het Informatie Knooppunt Zorgfraude (IKZ) & Accountmanager bij het Informatie Knooppunt Zorgfraude (IKZ)

Respondenten komen in aanraking met zorgfraude en/of zorgcriminaliteit door signalen die IKZ-partners aandragen en via trends en ontwikkelingen in de zorgsector. De ontvangen signalen worden - met van andere partners ontvangen informatie – verrijkt, waarna een terugkoppeling plaatsvindt.

Adviseur naleving Wmo en jeugdwet bij de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG)

Binnen Naleving zitten alle teams van de VNG die betrokken zijn bij ondersteuning van gemeenten op het thema naleving. De Wmo verplicht gemeenten om toezicht te houden op naleving van de gehele wet en alle onderliggende stukken. Binnen Jeugd ligt het toezicht op de kwaliteit bij de IGJ en is dat toezicht niet verplicht gesteld. Deze mogelijkheid bestaat echter wel voor wat betreft het thema rechtmatigheid. Respondent geeft op verzoek individueel advies aan een gemeente door middel van kennisproducten over een bepaald thema en er wordt geprobeerd een landelijk dekkende overlegstructuur te hebben voor toezichthouders Wmo en Jeugd - de regionale toezichthouder overleggen – om kennis en ervaringen uit te wisselen. Verder worden ook trainingen gegeven aan nieuwe toezichthouders.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leudal&id=3c4b8ee9-fb9c-41c0-a747-4401972246b4