Bijlage 3 Omgevingsvisie 2025-2040
Tekst van het document
• •
meer thuis, hebben of willen (vaker) een elektrische auto en kiezen vaker bewust voor een gezonde vervoersvorm (te voet, met de fiets). Omdat jongeren lang(er) ‘thuis’ wonen, groeit de parkeerbehoefte bij woningen (tijdelijk). Vanuit het klimaatakkoord ‘Van Parijs naar Praktijk’ moet de CO2-uitstoot worden gereduceerd. CO2-uitstoot wordt in belangrijke mate veroorzaakt binnen de gebouwde omgeving en het wegverkeer. Hierop heeft de gemeente slechts beperkt invloed. De A2, provinciale wegen worden immers aan Leudal toegerekend.
Wat willen we? Onze dorpen zijn bereikbaar via diverse vormen van vervoer, waarbij een (traditionele) auto niet noodzakelijk is. Tussen de dorpen gaan wij voor een optimale verbinding, dit wil zeggen een goede ontsluiting voor forensen en een goede bereikbaarheid van voorzieningen. In de dorpen gaan wij voor een optimale vorm van veiligheid, dit wil zeggen dat wij meer aandacht besteden aan andere vervoersvormen en de belevingswaarde vergroten. Wij nemen verkeer, vervoer en parkeren daarom in een vroeg stadium mee in de ontwikkeling van ruimtelijk plannen. Hierbij is bewust ruimte voor voetgangers en fietsers, scheiding van langzame- en landbouwverkeersstromen en elektrische en toekomstbestendige vervoersvormen (laadpalen, deelmobiliteit). Wij zetten in op een treinstation in Baexem, omdat dit forensen en studenten toegang biedt tot andere regio’s. Voorgaande ambities op het gebied van mobiliteit versterken onze positie als woongemeente tussen de steden Weert en Roermond en de Brainportregio. Onze voorzieningen zijn veilig bereikbaar en toegankelijk. Dit kan gaan om feitelijke bereikbaarheid of digitale bereikbaarheid. Ons openbaar gebied sluit hierop passend aan. Hierbij is extra aandacht voor de veiligheid van kinderen, jongeren en minder mobiele verkeersdeelnemers.
Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
Pagina 24 van 76
We gaan per deelgebied in op het toekomstbeeld, voor zover dit afwijkt of meer specifiek is dan hiervoor omschreven. Kernen ➢ Nieuwe plannen worden vanuit het perspectief actieve mobiliteit ontwikkeld en ingericht. ➢ Deelmobiliteit is in (enkele) dorpen en wijken beschikbaar. ➢ De (openbare) laadinfrastructuur is op orde. ➢ Er is flexibele parkeerruimte aanwezig in het openbaar gebied. Kernrandzones ➢ Er zijn mobiliteitshubs aanwezig, in ieder geval in kernen aan uitvalswegen. Hier komen
➢
meerdere vervoersbewegingen bij elkaar en ‘overstappen’ is mogelijk. Er is ruimte voor het (veilig) stallen van fietsen en het parkeren van de auto. Na stalling of parkeren wordt overgestapt op bus of om samen te reizen. Nieuwe plannen worden vanuit het perspectief actieve mobiliteit ingericht.
Bedrijventerreinen ➢ Bedrijventerreinen zijn goed ontsloten; enerzijds van- en naar het terrein bezien vanuit het
➢ ➢
perspectief van de ondernemers en anderzijds bezien vanuit de invloed van het verkeer van- en naar het bedrijventerrein voor de omwonenden. Ondernemers werken samen en daarbij is deelmobiliteit een van de speerpunten. Verkeersstromen (langzaam en gemotoriseerd / vrachtverkeer) zijn gescheiden om het woon- werkverkeer en het bezoek aan de bedrijven veilig te laten plaatsvinden.
Buitengebied geheel In dit thema zijn onderstaande doelstellingen voor het gehele buitengebied gelijk, ongeacht het landschappelijk deelgebied: ➢
Verkeersstromen (langzaam en gemotoriseerd) zijn gescheiden om de recreatieve
➢
versterking van het gebied veilig te laten plaatsvinden. Er zijn mobiliteitshubs aanwezig, in ieder geval in kernen aan uitvalswegen; hier komen meerdere vervoersbewegingen bij elkaar en ‘overstappen’ is mogelijk. Er is ruimte voor het (veilig) stallen van fietsen en het parkeren van de auto. Na stalling of parkeren wordt overgestapt op bus of om samen te reizen. Zo bereiken we een onder andere goede aansluiting met A2 en provinciale wegen.
Leudal en omgeving Voor dit deelgebied geldt aanvullend op de doelstellingen voor het gehele buitengebied een extra doelstelling: ➢
Er is voldoende kwalitatieve, groene en veilige parkeergelegenheid bij en rondom het natuurgebied ‘Het Leudal’.
Het Maasdal Voor dit deelgebied geldt aanvullend op de doelstellingen voor het gehele buitengebied een extra doelstelling: ➢
De verbinding tussen het Maasdal (en de rest van Leudal) en Leeuwen (de overzijde van de Maas) wordt gelegd door een nieuwe verkeersverbinding. Hierbij zetten wij, in de basis, in op een fietsbrug ter versterking van de recreatieve en utilitaire verbindingen tussen Leudal, Roermond en Roerdalen.
Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
Pagina 25 van 76
3.3 Voorzieningen Waar staan we nu? In een fijne woonomgeving zijn sociale contacten (nabijheid van familie en vrienden) onmisbaar. Dat is wat mensen bindt aan wijken, dorpen, de gemeente. Leudal heeft betrokken inwoners die naar elkaar omkijken en kent een rijk verenigingsleven. De leefbaarheid staat wel onder druk. Niet alle voorzieningen hebben in elk dorp nog bestaansrecht. Onze 16 dorpen verschillen in omvang, identiteit en behoeften. Dit vraagt om doordachte keuzes zodat belangrijke voorzieningen (zorg, onderwijs, ruimte voor ontmoeting) voor alle inwoners toegankelijk blijven. Wat komt er op ons af? • De bevolkingsgroei neemt af, waardoor scholen minder leerlingen krijgen en verenigingen • •
minder leden. Meer kwetsbare inwoners wonen langer (alleen) zelfstandig. De noodzaak voor sterke sociale netwerken stijgt, als vereiste om langer (alleen,
• •
zelfstandig) thuis te kunnen wonen. Het voorzieningenniveau wijzigt, door andere winkelformules. Inwoners zijn minder vaak lid van een club of vereniging.
Wat willen we? Wij willen dat onze inwoners een veilige en passende woonomgeving hebben. Hierbinnen genieten zij van de mogelijkheid vrienden en familie te ontmoeten, te bewegen en de (preventieve) zorg te kunnen aanspreken waar dat nodig is. Inwoners hebben toegang tot voorzieningen, zonder dat deze voorzieningen altijd fysiek of in ieder dorp aanwezig zijn. Ontwikkelingen rondom samenvoegingen, nieuwbouw en vrijkomende locaties geven kansen voor sterke en toekomstbestendige voorzieningen, duurzame bebouwing en nieuwe invullingen die bijdragen aan onze (andere) opgaven. Kernen ➢ Niet alle voorzieningen bevinden zich noodzakelijkerwijs binnen ieder dorp, maar ze zijn ➢
wel voor iedere inwoner (vervoers-)toegankelijk. Alledaagse basisvoorzieningen blijven makkelijk bereikbaar in dorpen met voorzieningen.
➢
Dit kunnen ook (dorpen of steden met) voorzieningen zijn buiten de gemeente Leudal. Ieder dorp heeft minimaal één gezamenlijke ontmoetingsplek. De vorm en invulling daarvan kan en zal verschillen.
Kernrandzones ➢ Het verenigingsleven, de sportclubs en andere collectieve vormen van vrijetijdsbesteding ➢
maken gebruik van elkaars kwaliteiten. Concentratie van voorzieningen zorgt voor een verhoogde kwaliteit en een sterk, robuust
➢
en vitaal aanbod. Voorzieningen worden goed ontsloten met oog voor het landschap, de gebruikers en de omwonenden.
Bedrijventerreinen ➢ De bedrijventerreinen worden in de basis niet ingezet voor primaire voorzieningen van de inwoners.
Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
Pagina 26 van 76
Buitengebied geheel ➢ Het buitengebied (ongeacht het landschappelijk deelgebied) wordt in de basis niet ingezet voor primaire voorzieningen van de inwoners.
Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
Pagina 27 van 76
4
Ondernemen en werken in Leudal
Ondernemen en werken in Leudal gebeurt op verschillende plekken en op verschillende manieren. In de kernen, de kernrandzones, het buitengebied en de bedrijventerreinen. En in de maakindustrie, agri-business, detailhandel, zorg en vrijetijdseconomie. Wij kiezen er daarom voor dit hoofdstuk op te delen in twee paragrafen: 1) ondernemen en werken in algemene zin en 2) ondernemen en werken in het buitengebied.
4.1 Ondernemen en werken (algemeen) Waar staan we nu? Onze economie omvat een keur aan vooral kleinschalige tot middelgrote bedrijven met een aantal zeer innovatieve bedrijven en wereldspelers. Samen zijn de circa 3.800 bedrijven die Leudal rijk is, goed voor zo’n 15.230 banen (Leudal in cijfers, 2022). Het aantal banen per 1.000 inwoners ligt in Leudal circa 17% onder het landelijk gemiddelde en gelijktijdig heeft Leudal een relatief lage werkeloosheid (2,9% t.o.v. Nederland 3,5%). De meest stuwende clusters zijn de maakindustrie, agri-business, groot- en detailhandel, zorg en de vrijetijdseconomie. Leudal beschikt over zo’n 260 hectare aan bedrijventerreinen waaronder het duurzaam multifunctioneel bedrijvenpark Zevenellen en Bedrijventerrein Ittervoort. Vanwege de centrale ligging ten opzichte van de Brainportregio, de Limburgse campussen, België en Duitsland en de snelle ontsluiting op de A2, zijn onze bedrijventerreinen in trek en is de beschikbaarheid van vrije kavels beperkt. In de kleinere kernen is het winkelaanbod afnemend. Het aanbod concentreert zich vooral in en rondom de centra van Heythuysen en Roggel. De toeristisch-recreatieve en agrarische bedrijvigheid zijn alom in de gemeente aanwezig.
Om (aanstaande) uitdagingen het hoofd te bieden werkt de gemeente samen met haar buurgemeenten, ketenpartners, het bedrijfsleven en de onderwijspartijen aan de uitvoering van de Economische Agenda Leudal. Overall is Leudal economisch vitaal en dat willen we ook zo houden. Wat komt er op ons af? • De economische
ontwikkeling
wordt
beïnvloed
door
de
impact
van
de
grote
•
transitieopgaven op onze stuwende sectoren zoals energiecongestie, reductie stikstof, afvang CO2 en schaarste van grondstoffen. Daarnaast daalt de potentiële beroepsbevolking in Leudal sterk door vergrijzing en
•
ontgroening. Andere uitdagingen die de ontwikkeling remmen zijn de beperkte ruimte voor noodzakelijke
•
en gewenste uitbreiding van onze bedrijven op met name bedrijventerreinen. Het toenemende gebruik van online winkel- en bezorgplatforms heeft een negatief effect op het vestigingsklimaat voor retailers in (vooral kleine) kernen en het bestaansrecht van vooral kleine en ambachtelijke retailers.
Al deze uitdagingen hebben een effect op de economische vitaliteit van Leudal en daarmee ook op de leefbaarheid, aantrekkelijkheid van woon- en leefomgeving, en het onderwijs. Wat willen we? Wij kiezen voor een duurzame ontwikkeling als basis voor een vitale toekomstbestendige economie. Niet alles kan en niet alles kan overal. In 2040 is onze economie in balans met de omgeving en regionale arbeidsmarkt. Hiertoe ondersteunen wij ondernemend Leudal de arbeidsparticipatie te optimaliseren en nieuw gekwalificeerde medewerkers aan te trekken.
Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
Pagina 28 van 76
Bedrijven
zijn
duurzaam:
groen,
energiezuinig,
klimaat-adaptief
en
circulair.
Ze
zijn
(economisch) vitaal omdat ondernemers kunnen omgaan met toekomstige bedreigingen en kansen herkennen en adopteren. Leudal faciliteert bedrijven met focus op lange termijn bestaansrecht, samenwerken en actief sociaal-maatschappelijk betrokken zijn. We wensen schone, moderne en duurzame bedrijfsomgevingen en bedrijventerreinen. Wanneer nodig en mogelijk ondersteunen we bedrijven met een wens of noodzaak om te verhuizen naar een geschiktere locatie om te kunnen innoveren of groeien ter versterking van hun vitaliteit. Samen met onze partners houden wij onze dynamische routekaart “Economische Agenda Leudal” actueel. Hand in hand werken wij in verschillende coalities samen aan innovatieve oplossingen om een goed ondernemingsklimaat voor deze bedrijven te bestendigen. Wanneer nodig helpen we kleine bedrijven bij het verkrijgen en houden van inzicht in hun toekomstperspectief én het versterken daarvan. Kernen ➢ In alle kernen is ruimte voor bedrijven die voorzien in een dagelijkse zorg- en levensbehoefte, aan huis gebonden ondernemerschap en voor horeca en gebouw gebonden verblijfsrecreatie. Aanvullend winkelaanbod concentreert zich vooral in levendige winkelstraten met horecapleinen in Heythuysen dat als aantrekkelijke centrumdorp een groter verzorgingsgebied bediend.
Kernrandzones ➢ Bedrijven met zakelijke aanloop zoals kantoren, aanloop op afspraak zoals garagebedrijven en aanloop op basis van een abonnement zoals sportaccommodaties faciliteren wij in de kernrandzones. Daar is ook ruimte voor landbouw en voor kleinschalige bedrijvigheid met een geringe invloed op de (woon)omgeving. Bedrijventerreinen ➢ In 2040 zijn onze bedrijventerreinen modern en goed bereikbaar met de fiets, ov en
➢
auto. Zowel de private als publieke gronden zijn klimaatadaptief: versteend waar nodig, groen en waterdoorlatend waar mogelijk. Om bedrijvigheid te clusteren zoeken we ontwikkelruimte aansluitend op bestaande
➢
bedrijventerreinen. Onze bedrijventerreinen worden niet ingezet of ontwikkeld voor de logistieke sector
➢
(verstening en verdozing willen we niet). Nieuwbouw of verbouw gebeurt met duurzame materialen, met ruimte voor groene daken
➢
en gevels of voor opwekking van energie voor het eigen bedrijf en het collectief. Om opslag en verdeling te faciliteren zijn onze bedrijventerreinen uitgerust met een energiehub. In alle gevallen is er, in meer of mindere mate, gewerkt aan de opgave voor modernisatie, verduurzaming en vergroening in en rondom de terreinen.
Buitengebied geheel In dit thema zijn onderstaande doelstellingen voor het gehele buitengebied gelijk, ongeacht het landschappelijk deelgebied: ➢
In het buitengebied gaan economische vitaliteit, duurzaamheid en leefbaarheid hand in hand. Waar mogelijk zijn multifunctioneel gebruik van het landschap en gecombineerde bedrijfs- en verdienmodellen welkom, mits passend bij de kernwaarden van Leudal: rust, groen en ruimte.
Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
Pagina 29 van 76
➢
Ruimte voor andersoortige bedrijvigheid, of bedrijven met een gebiedsrelatie, is er op de
➢
daarvoor aangewezen buitengebied locaties beschikbaar. Economische bedrijvigheid die het landschap en natuur negatief beïnvloeden zijn niet wenselijk.
Cultuurgronden westelijk Leudal Voor dit deelgebied geldt aanvullend op de doelstellingen voor het gehele buitengebied een extra doelstelling: ➢
Ruimte voor toeristisch-recreatieve activiteiten rondom het thema gebiedseigen erfgoeden natuurrecreatie.
Het Maasdal Voor dit deelgebied geldt aanvullend op de doelstellingen voor het gehele buitengebied een extra doelstelling: ➢
Groen blauwe recreatieparel met ruimte voor toeristisch-recreatieve activiteiten rondom het thema water, natuur en gebiedseigen natuur- en erfgoedrecreatie.
Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
Pagina 30 van 76
4.2
Ondernemen en werken (agrarische sector)
Waar staan we nu? Leudal is een agrarische plattelandsgemeente. Een kenmerk van het buitengebied is de diversiteit; er is akkerbouw, veeteelt, volle gronds-tuinbouw en intensieve veehouderij aanwezig. In het buitengebied zijn ook burgerwoningen te vinden. Daarnaast is er een beperkt aantal nietagrarische bedrijven. Het grondgebruik is intensief agrarisch. De agrarische sector is een belangrijke economische drager en levert een belangrijke bijdrage aan het beheer van het (agrarische) landschap. Veel agrarische bedrijven stoppen, zijn gestopt of overwegen te stoppen. Dit is een autonome ontwikkeling die al circa 20 jaar gaande is. Dit wordt enerzijds veroorzaakt door de vergrijzing. Anderzijds heeft het ook te maken met de landelijke regelingen die zijn ingesteld om agrarische bedrijven te beëindigen om daarmee de natuur, het klimaat en de waterkwaliteit te verbeteren. De eisen die aan agrarische bedrijven worden gesteld, worden steeds strenger. In de beekdalen is sprake van structurele droogte en diverse beken voldoen niet aan de Kaderrichtlijn Water (KRW). Door klimaatverandering zullen vaker extreem natte, maar ook extreem droge perioden voorkomen. Allerlei functies zoals landbouw, natuur, industrie en drinkwatervoorziening ondervinden hier nadelige gevolgen van.
Er is een tendens gaande waarbij consumenten meer aandacht vragen voor dierwelzijn, maar de betaalbaarheid daarvan staat onder druk (de consument kan of wil de meerprijs (nog) niet betalen RUG.nl 2015). Ook is er een afnemend draagvlak voor de invloed van veebedrijven op het gebied van geur en fijnstof, bij akkerbouw speelt het gebruik van pesticiden. Deze ontwikkeling levert allerlei vraagstukken op met betrekking tot ruimtelijke kwaliteit, waterkwaliteit en kwantiteit, ecologie, sociale (leefbaarheid) en economische vitaliteit. Andere ontwikkelingen leggen ruimteclaims op de beschikbare gronden in het buitengebied. Bijvoorbeeld voor uitbreiding van bedrijventerreinen, grootschalige of collectieve opwekking van hernieuwbare energie, een nieuwe hoogspanningsverbinding, waterveiligheid, zorginitiatieven, nieuwe natuur en recreatie en toerisme. Soms schuren de nieuwe activiteiten met de bestaande en zorgt een nieuwe ontwikkeling voor onrust onder de bestaande bewoners en gebruikers van het buitengebied. Wat komt er op ons af? • Steeds groter wordende aandacht voor een gezonde en duurzame leefomgeving, met een
•
kleinere footprint produceren boeren fatsoenlijke boterham. Strengere landelijke normen voor
•
oppervlaktewater, spuitzones etc. zorgen voor aanscherping van de regels ten behoeve van een gezond leefklimaat. Onder invloed van landelijke beëindigingsregelingen stoppen, in versneld tempo, nog meer
• •
veehouderijen. De ruimtevraag voor nieuwe ontwikkelingen wordt groter. Met name gericht op de visueel minder aantrekkelijke monoculturen. Toename van criminaliteit en ondermijning (drugs etc.). Grotere aandacht van exploitanten voor Leudal als vestigingsgebied voor het houden of
•
trainen van paarden c.q. de paardensport. Klimaatverandering met daardoor groter wordende risico’s op natuurrampen.
Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
gezond
voedsel
luchtkwaliteit,
en
verdienen
fijnstof,
PFAS,
daarvoor
een
grond-
en
Pagina 31 van 76
Wat willen we? Deze trends en ontwikkelingen bieden kansen voor Leudal, waarbij de agrarische sector, als duidelijk element van een plattelandsgemeente, via een goede samenwerking tussen overheid en ondernemers, een innovatieve, maatschappelijk verantwoorde, duurzame en vitale sector kan vormen. In dit thema zijn onderstaande doelstellingen voor het gehele grondgebied gelijk, ongeacht het landschap of gebiedstype:
➢
Het behoud van de agrarische sector. De agrarische sector blijft een belangrijke
➢
economische pijler. We bieden ruimte aan (vitale) agrarische bedrijven die maatschappelijk verantwoord ondernemen. Dit betekent dat ze inzicht hebben in- en rekening houden met de invloed van hun bedrijf op de omgeving. Ze streven ernaar om deze invloed zo klein mogelijk te maken, bedrijfsprocessen te verduurzamen en bij te dragen aan de ruimtelijke kwaliteit van het buitengebied. Om dit te bereiken/behouden zetten we in op landbouw die past bij de gebiedskenmerken van de diverse gebieden. Kwalitatieve groei van bedrijven. We stimuleren kwalitatieve groei van bedrijven
➢
(innovatie, verbreding en duurzaamheid). Dit wil zeggen dat wij bestaande agrarische bedrijven stimuleren om op toekomstbestendige locaties te innoveren, een duurzame en vitale onderneming te bedrijven en mee te denken met stoppende agrariërs. Dit betekent niet dat veehouderijen helemaal verdwijnen maar wel dat we een beweging gaan zien naar combinatiebedrijven, circulariteit en extensivering. De systeemopgaven (natuur, water, bodem) zijn dusdanig dat de beweging naar gecombineerd ruimtegebruik echt nodig is om de milieudruk te verlagen. We sturen op kwaliteit en passen een gebiedsgerichte aanpak met een lokale benadering toe. Een concrete uitwerking vindt plaats in het Uitvoeringsprogramma Landelijk gebied. Aansluiting bij landelijke ontwikkelingen. Voor de toekomst van het landelijk gebied zijn we
➢
deels afhankelijk van de landelijke ontwikkelingen. Deze ontwikkelingen hebben invloed op onze beleidskeuzes in de toekomst omdat landelijke en provinciale regelingen doorwerken in ons beleid. Via gebiedsprocessen, een gebiedsgerichte benadering of een programmatische aanpak zullen we trachten de invloed en effecten van regelingen zoveel als mogelijk goed in te bedden in ons landschap. Kwalitatieve benadering. In alle deelgebieden geldt dat we bij nieuwe ontwikkelingen
➢
inzetten op een kwalitatieve benadering. Nieuwe ontwikkelingen moeten voldoen aan het afwegingskader. Een concrete uitwerking vindt plaats in het Uitvoeringsprogramma Landelijk gebied. Ontwikkelingen sluiten aan bij de kernwaarden van onze deelgebieden, waarbij we als
➢
uitgangspunt de natuurlijke situatie van de bodem en het water hanteren. Vanuit dit principe zijn landschappelijke structuren bepalend voor de draagkracht van het landschap. Voor alle deelgebieden geldt dat we niet alleen oog hebben voor de kernwaarden maar dat altijd sprake is van een bepaalde diversiteit in activiteiten. Wonen, werken en recreëren gaan hand in hand. Focus op de ene activiteit sluit een andere niet uit. De hoofdkoers wordt echter bepaald door een versterking van de kernwaarden van het betreffende gebied. Door te focussen op de kernwaarden geef je bijvoorbeeld op de ene plaats ruimte aan water terwijl op een andere plaats er juist ruimte is om te ondernemen of om te wonen. Omgevingsbewustzijn bij onze ondernemers. Onze ondernemers zijn zich bewust van de effecten van de bedrijfsexploitatie (en eventuele uitbreidingswensen) óp en vóór de omgeving. In het belang van een goede balans in de omgeving kiezen zij voor een passende bedrijfsexploitatie. Bij eventuele bedrijfsuitbreiding wordt het belang van de omgeving en de omwonenden intrinsiek meegewogen.
Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
Pagina 32 van 76
➢
Agrarische bedrijvigheid op duurzame locaties. Bij verplaatsing vestigen onze ondernemers
➢
zich op een bestaande duurzame locatie. Wij stimuleren deze verplaatsing naar een andere locatie om de kwaliteit van een gebied te verbeteren op het gebied van natuur en/of verbetering van het leefklimaat/gezondheid en we werken hier graag aan mee. Herbestemming naar andere bedrijvigheid op passende locaties. We houden het
➢
welvaartsniveau in stand of verbeteren dit door nieuwe economische dragers toe te laten in de kernrandzones en in gebieden of gebouwen waar dit passend is. Aan herbestemming wordt meegewerkt mits het om kleinschalige activiteiten gaat met een geringe invloed op de omgeving zoals startende nieuwe bedrijven of nieuwe concepten. Grootschalige (industriële) bedrijvigheid hoort thuis op een bedrijventerrein. Het verplaatsen van bestaande (industriële) niet-gebiedseigen bedrijven. Bedrijven die
➢
naar aard en omvang niet gebiedseigen/passend in de omgeving zijn mogen niet verder uitbreiden. We faciliteren deze bedrijven bij het verplaatsen naar een bedrijventerrein. We zetten in op bij het gebied passende landbouw en faciliteren ondernemers die daar een bijdrage aan leveren.
De tabel in combinatie met de kaart in hoofdstuk 2 geeft in hoofdlijnen aan welke gebruiksmogelijkheden er zijn voor de diverse landschapstypes. Bestaande bedrijven, met vergunde rechten en -gebruiksmogelijkheden, behouden het recht om dit te blijven uitvoeren. Nieuwe ontwikkelingen moeten in lijn met hun omgeving worden uitgevoerd/gerealiseerd. Ontwikkelingen die een negatieve invloed hebben op de woon- en leefomgeving zijn niet wenselijk vanuit de wettelijke doelstelling ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’. Dit betekent, dat verschillende activiteiten en functies, die met name in het buitengebied heel divers en uiteenlopend zijn (zoals landbouw, veeteelt, andere vormen van bedrijvigheid, wonen, recreatie, natuur) op een gebalanceerde manier verdeeld worden over het (grond- c.q. buiten)gebied. Hierbij moeten wij rekening houden met hun onderlinge effecten om hinder te voorkomen en de kwaliteit van de fysieke leefomgeving te waarborgen. Alle nieuwe ontwikkelingen vragen een nadere beoordeling gericht op de specifieke activiteit op een specifieke plek. Het betreft daarmee een indicatieve, richtinggevende tabel. Gebiedspaspoort /landschapstype zie kaart hoofdstuk 2 Velden
Wat betekent dit voor nieuwe activiteiten en ontwikkelingen
Ruimte voor gewassen zoals gras en intensieve groente teelten Doelstelling/opgave: Bolle akkers respecteren Openheid behouden Kansen: Agrarisch natuurbeheer
Kampen
Ruimte voor teeltondersteunende voorzieningen Ruimte voor gewassen, ruimte voor fruitteelt Doelstelling/opgave: Gewassen volgend aan het landschap en hoogteverschillen Hoogteverschillen respecteren
Beekdal
Ruimte voor niche markten; water vasthoudend/bodem-verbeterend (o.a. voedselbossen) Grasland gewassen zonder of met beperkt gebruik gewasbeschermingsmiddelen
Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
Pagina 33 van 76
Doelstelling/opgave: De aanleg en onderhoud van landschapselementen, van natuurvriendelijke oevers of wandelpaden en dergelijke Minder productie per hectare met aandacht voor bodemkwaliteit verbetering van de biodiversiteit en agrarisch natuurbeheer Droge / natte heide ontginning
Ruimte voor grote bedrijven Ruimte voor (intensieve) gewassen Ruimte voor teeltondersteunende voorzieningen Ruimte voor grootschalige bewerking van percelen
Bos & Mozaïek landschap
Ruimte voor lokaal intensieve gewassen in de kamers van de mozaïek Niche markten op de hoogte verschillen en de cultuurhistorische percelen Ruimte voor teeltondersteunende voorzieningen Kansen: Agrarisch natuurbeheer (grenzend aan bossen)
Het Maasdal
Ruimte voor (intensieve) gewassen Ruimte voor grootschalige bewerking van percelen Doelstelling/opgave: Openheid behouden Kansen: Agrarisch natuurbeheer
Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
Pagina 34 van 76
5
Genieten en recreëren in Leudal
Leudal is een plattelandsgemeente met een uitgestrekt vrijetijdslandschap. Inwoners en bezoekers die willen genieten van rust, groen en ruimte in de vrije natuur, kunnen overal in de gemeente gebruik maken van een uitgebreid aanbod van wandel-, fiets- en ruiterpaden in een gevarieerd landschap. Kenmerkend voor Leudal is ook de aanwezigheid van veel en divers erfgoed. Dit is in veel gevallen nog onvoldoende inzichtelijk en beleefbaar. Waar staan we nu? Het verblijfs-, horeca- en attractieaanbod is kleinschalig en extensief, met uitzondering van Recreatiepark De Leistert. Dit vertaalt zich in de aanwezigheid van bijzondere pareltjes passend bij de kernkwaliteiten van Leudal. Leudal beschikt over relatief weinig attractieaanbod voor inwoners en verblijfsgasten met een behoefte aan intensievere vormen van dagrecreatie. Leudal heeft in de basis een cultuurrijke omgeving en verenigingsleven met veel ruimte om dit breder te etaleren en uit te dragen. Route-gebonden
recreatie
is
gemeentegrens-overstijgend
en
vanuit
Leudal
zijn
tal
van
(dag)recreatieve trekpleisters met de auto bereikbaar, ook over de landsgrens heen. Om de kwaliteit van de recreatieomgeving, en daarmee ook de leefomgeving, voort te zetten geeft de gemeente samen met haar lokale en regionale partners uitvoering aan het beleidsplan Recreatie en Toerisme Leudal en het daarbij behorende uitvoeringsprogramma. ‘Het Leudal’ is momenteel al een populair gebied om te wandelen, te fietsen, te paardrijden. Het gebied heeft vier centrale toegangspunten, deze poorten zijn uitvalsbasissen met parkeren, startpunten van wandelroutes, horeca en informatie over het gebied. Het aandachtspunt / de uitdaging voor dit gebied met Natura 2000 status is de zonering. Sommige gebieden moeten rustig blijven en elders mag het weer wat drukker. De rustige gebieden liggen vooral langs de beek (Neerbeek, Leubeek, Tungelroyse Beek). Zij verdienen extra bescherming. Wat komt er op ons af? • De grote nationale en regionale opgaven en transities zoals klimaatadaptatie, duurzame
•
energie, transitie agro-sector, natuurontwikkeling en -bescherming, claimen ruimte en hebben een effect op de landschappelijke omgeving. Het borgen van de kwaliteit van het vrijetijdslandschap is een aandachtspunt bij de (her-)inrichting van het landschap. Sinds corona is er een sterke toename in natuurrecreatie (blijvende trend). Hierdoor is de
•
druk op natuurgebieden, inclusief kwetsbare gebieden, toegenomen. Een blijvende trend is de groeiende behoefte aan het opdoen van belevingen. Recreanten
•
willen meer weten van de achtergronden en bijzonderheden van de omgeving en omgevingselementen waarin zij recreëren, zodat de belevingswaarde toeneemt. Meer diversiteit in het recreatieaanbod is nodig om te kunnen voorzien in de verschillende
•
recreatiebehoeftes van (toekomstige) inwoners en bezoekers. De economische levensvatbaarheid van publieke recreatieaccommodaties staat onder druk. In de toekomst kan niet meer alles overal.
Wat willen we? We streven naar een divers vrijetijdslandschap met aanbod dat invulling geeft aan de behoeftes van onze inwoners en bezoekers en past bij de omgevingskwaliteiten van Leudal. Het recreatieen cultuuraanbod is verspreid en, waar mogelijk, gecombineerd met andere hoofdfuncties in de omgeving (cross-overs).
Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
Pagina 35 van 76
Ons uitgebreide routenetwerk is een spinnenweb dat beleveniswaardige “points-of-interest”, pleisterplaatsen en horecagelegenheden met elkaar verbindt. Het netwerk is goed bewegwijzerd en grotendeels toegankelijk voor mensen met een beperking. De verhalen en bijzonderheden van aan het routenetwerk gelegen recreatie- en natuurgebieden en erfgoedlocaties zijn ontsloten voor specifieke doelgroepen, zodat zij bijzondere ervaringen kunnen opdoen in Leudal. Ook ambiëren wij één beeldbepalende dag-attractie met een bovenregionale uitstraling, passend bij de identiteit van Leudal. Naast het kwalitatieve route-gebonden recreatieaanbod kunnen inwoners, en bezoekers, jaarrond genieten van een divers aanbod van culturele events. Samen sporten kan bij een aantal sportaccommodaties die voor alle inwoners op fietsafstand bereikbaar zijn. Kernen ➢ Er is ruimte voor een gevarieerd aanbod van eet, drink- en slaapgelegenheden. ➢ Horeca concentreert zich het liefst in winkelgebieden, op locaties met ruimte voor een ➢
terras en geclusterd rondom aantrekkelijke en groene ‘(horeca)pleinen’. Eet-, drink- en slaapgelegenheden zijn bij voorkeur gevestigd in leegstaand of vrijkomend
➢ ➢
erfgoed, zodat het behoud daarvan beter is geborgd en een bijzondere belevingswaarde wordt gecreëerd. Er is voldoende binnen- en buitenruimte voor culturele activiteiten. In kernen met bijzonder erfgoed wordt dit op een levendige manier getoond voor bezoekers.
Kernrandzones ➢ Kinderen kunnen spelen op nabij gelegen natuurlijke speelterreinen. ➢ Sport- en recreatieaccommodaties zijn voor iedereen bereikbaar op fietsafstand. Bedrijventerreinen ➢ De bedrijventerreinen worden in de basis niet ingezet voor doelstellingen op het thema genieten. Buitengebied geheel In dit thema zijn onderstaande doelstellingen voor het gehele buitengebied gelijk, ongeacht het landschappelijk deelgebied: ➢
Het buitengebied wordt toegankelijk vanaf een aantal strategisch gelegen start- en
➢
eindpunten uitgerust met kwalitatieve voorzieningen voor fietsers, wandelaars en ruiters. De start- en eindpunten zijn onderling verbonden door een langeafstand wandel- en
➢
fietsroute met ontsluiting op de ‘groene’ (natuur, water) en ‘rode’ recreatiegebieden (kernen, attracties). Horeca in het buitengebied kan, mits gelegen in de directe nabijheid van het routenetwerk en bewust toeristisch wordt geëxploiteerd.
Cultuurgronden westelijk Leudal Voor dit deelgebied gelden aanvullend op de doelstellingen voor het gehele buitengebied extra doelstellingen en randvoorwaarden: ➢
In noord oostelijk deel ligt de nadruk op natuurrecreatie dat qua omvang en inhoud past
➢
bij de kenmerken en hoofdfuncties in het gebied. Op een aantal locaties is ruimte voor kleinschalige verblijfsrecreatieconcepten waarbij het concept, ter versterking van de belevingswaarde, een connectie maakt met de (natuurlijke) omgeving.
Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
Pagina 36 van 76
➢
Het zuidelijk deel biedt ruimte voor toeristisch-recreatieve activiteiten rondom het thema gebiedseigen erfgoed- en natuurrecreatie.
Leudal en omgeving Voor dit deelgebied gelden aanvullend op de doelstellingen voor het gehele buitengebied extra doelstellingen: ➢
Kwaliteit gaat voor kwantiteit. We beschermen de meest kwetsbare gebieden van onze
➢
natuurparel. In ‘Het Leudal’ zetten we in op: o kwaliteitsverbetering en stimuleren van bewustwording voor natuurontwikkeling en natuurbehoud door bezoekers op een licht educatieve en vermakelijke wijze mee te nemen in het belang daarvan en; het verbeteren van de toegankelijkheid en natuurbelevingswaarde voor mensen
o ➢
met een beperking. Aan de randen van ‘Het Leudal’ is ruimte voor toeristisch-recreatieve activiteiten, mits deze bijdragen aan een optimale natuurervaring, dit kan door middel van bosaanleg en landschapselementen.
Ontginningsgronden van noordelijk Leudal Voor dit deelgebied gelden aanvullend op de doelstellingen voor het gehele buitengebied extra doelstellingen: ➢
Kwetsbare natuurgebieden worden ontzien en in stiltegebieden is er alleen ruimte voor
➢
extensieve recreatie. De nadruk ligt op natuur-recreatie qua omvang en inhoud passend bij de kenmerken en
➢
hoofdfuncties in het gebied. Op een aantal locaties is ruimte voor kleinschalige verblijfsrecreatieconcepten waarbij het concept, ter versterking van de belevingswaarde, een connectie maakt met de (natuurlijke) omgeving.
Het Maasdal Voor dit deelgebied gelden aanvullend op de doelstellingen voor het gehele buitengebied extra doelstellingen: ➢
We
stimuleren
ontwikkelingen
die
leiden
tot
een
bio-divers
en
natuurinclusief
➢
vrijetijdslandschap met een hoge belevingswaarde rondom de thema’s water en gebiedseigen natuur- en erfgoedrecreatie. Daarvoor zetten we in op de ontwikkeling en duurzaam beheer van sterke crossovers
➢
waarin de unieke kenmerken en primaire functies van het gebied centraal staan: akkerbouw, natuur, recreatie en water(bescherming). We ontsluiten de bijzondere wetenswaardigheden van het gebied op een
➢
zintuigprikkelende wijze (belevingswaarde). Ook versterken we de recreatieve functies van de havens in Neer en Buggenum die
➢
tevens dienen als toegangspoort naar het vrijetijdslandschap. Met nieuwe fiets- en wandelverbindingen via een fietsbrug over de Maas verbinden we het Maasdal en ‘Het Leudal’ met Roermond en Nationaal Park De Meinweg.
Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
Pagina 37 van 76
6
Natuurlijk Leudal
Toen de Maas in haar huidige dal ging stromen was het landschap hier in Leudal een vrij vlak plateau waarin de rivier een bochtige bedding heeft uitgeslepen. Door de opheffing van de Ardennen en de Eifel werden ook Zuid- en in beperkte mate ook Midden-Limburg opgetild waardoor de rivier zich kon insnijden in het landschap. Dit gebeurde in enkele stappen waardoor de rivier terrassen heeft gevormd die op verschillende hoogten boven de huidige bedding liggen. Doordat de Maas op een lager niveau kwam te liggen, konden ook de zijrivieren en -beken zich insnijden, zoals de Leubeek. Vandaar dat het midden terras van de Maas door de zijbeekjes als de Uffelsebeek en de Rijdtbeek is aangesneden. De gemeente Leudal kent een lange geschiedenis van menselijke aanwezigheid. In het eerste begin waren het de rondtrekkende groepen jagers en verzamelaars die hun sporen hier nalieten. Later kwamen de eerste boeren, die stukken bos kapten om er akkers en weilanden aan te leggen. Deze eerste bewoning in Leudal centreerde zich met name op het midden terras van de Maas, hier is de originele verkaveling nog op plekken waarneembaar. Als de akkers uitgeput raakten, werden nieuwe stukken bos gerooid. Als een boerderij aan vervanging toe was, werd hij vaak op een andere plek herbouwd. Pas in de middeleeuwen, werd permanent akkerbouw bedreven. De dorpen en buurtschappen kregen een permanent karakter.
In het noordelijke deel van onze gemeente werd het geleidelijk natter door het uitdijende veengebied van de Peel. Wonen en landbouw bedrijven, bleef hier lange tijd onmogelijk en het landschap bestond hier uit veen, moeras, vennen en natte heide. Toen beeklopen werden gegraven voor ontwatering en het landschap door de tijd werd aangepast, zijn ook de jonge ontginningsgronden bewoond geraakt. Menselijk handelen heeft de huidige heide, bossen en natuurterreinen laten ontstaan. Onze gemeente kent een grote diversiteit aan natuurgebieden met een grote biodiversiteit en op sommige plekken ook grote authenticiteit. Dit is van belang voor onze gemeente en onze inwoners om te behouden en te ontwikkelen. Waar staan we nu? Er zijn veel verschillende bos- en natuurterreinen met natuurlijke kwaliteiten en / of hoge biodiversiteit binnen de gemeente. Op de plaatsen waar de minste verstoring is ontstaan, zien we dat de aanwezige natuurkwaliteit het hoogst is. Dit zijn de natuurlijke laagtes en de gebieden met hoogteverschillen waar het landschaps-ecologische systeem niet is aangetast omdat ontginning maar zeek beperkt heeft plaatsgevonden. Daarnaast kennen we veel biodiversiteit en kleine landschapselementen in ons agrarische buitengebied die we willen en moeten beschermen voor de toekomst.
We zien dat verdroging, slechte (grond)waterkwaliteit, stikstofbelasting vanuit de atmosfeer en vanuit grond- en oppervlaktewater, de aanwezigheid van exoten, genetische verarming bij populaties, recreatiedruk en een beperkt areaal zorgen voor een verslechtering van de kwaliteit van de natuurwaarden.
Cultuurgronden van westelijk Leudal Het beekdalenlandschap, samen met de kampen en velden, is beschreven als het meest dominante landschap van dit gebied (hoofdstuk 2). Het gebied kent glooiende lijnen in een kleinschalig gevarieerd landschap van akkers tot weilanden met koeien/ paarden. Hierdoor ontstaan veel gradiënten in het gebied, waar de van nature voorkomende dier- en plantensoorten ook gebruik van kunnen maken. In het westelijk gebied Heioord zien we dit, mede omdat dit gebied nooit is betrokken in de ruilverkaveling, nog zeer goed terug.
Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
Pagina 38 van 76
De beken fungeren als groene/ blauwe verbindingslinten door het landschap, waarlangs soorten kunnen migreren. Het (grotendeels) gemeentelijke Heijkersbroek is een klimaatbuffer, die regenwater als een natuurlijke spons in het gebied weet vast te houden. Er worden zeldzame plantensoorten aangetroffen. Het Keversbroek en Bergheide zijn eveneens natuurgebieden in dit deelgebied. Het netwerk aan kleine landschapselementen in dit gebied is groot, waardoor diersoorten in staat zijn om gebruik te maken van dit landschap. Deze soorten zijn gebonden aan houtwallen, heggen en solitaire bomen. Kenmerkende soorten voor dit landschap zijn o.a.; steenuil, patrijs, haas en das.
Leudal en omgeving Centraal in onze gemeente ligt het Natura 2000-gebied ‘Het Leudal’ met bijzondere ecologische kwaliteiten. Het Leudal is een waardevol beekdalcomplex in de dalen van de Roerdalslenk, door het hoogteverschil heeft het diep ingesneden beekdalen en de stroomsnelheid van het water in de beek is hoog. De kern van het Natura 2000-gebied ‘Het Leudal’ wordt gevormd door twee meanderende beken. De vegetatie rondom de beken is zeer gevarieerd. De afgesneden meanders van de beken herbergen moerasvegetaties. De natte tot vochtige bossen behoren tot het elzenbos, vogelkers-essenbos en haagbeukenbos. Lokaal komen gagelstruwelen en berkenbroekbossen voor. Hoger op de flanken van de beekdalen bestaan de bossen uit eikenbeukenbossen, eikenberkenbossen en naaldbossen. Hier worden met name de beek gebonden soorten en soorten voor vochtige bossen en mozaïek landschap als ecologische representatief gekenmerkt; bittervoorn, kleine modderkruiper, beekdonderpad en bever. Plaatselijk komen matig voedselrijke tot voedselrijke graslanden voor en zijn enkele heideterreintjes aanwezig. Aan de zuidkant van het deelgebied komen nog zandverstuivingen voor, door te intensief gebruik van de heide gronden in het verleden. Ten zuid westen van het Leudal vinden we het boscomplex van de Hornerheide, dit is voornamelijk droger met overwegend grove den.
Voor het totale gebied geldt dat het uitgestrekte netwerk van bossen en landschapskamers vormen een goede verblijfplaats voor planten en diersoorten die gebruikmaken van dit gebied. Bijzonder in dit gebied is de holocene maasmeander het Kloppeven, een van de oudste landschapselementen uit onze gemeente. Leudal en omgeving heeft een bijzondere hoeveelheid (cultuurhistorische) ensembles die bijzonder waardevol zijn.
Ontginningsgronden van Noordelijk Leudal De ontginningsgebieden hebben een open structuur en een sterk landbouw-gedreven karakter waar modernisering en innovatie zichtbaar zijn. Hier bevinden zich concentratiegebieden voor de agri-business (Boerderijweg, Hollander). Er wordt in dit gebied tevens ingezet op de energietransitie. Natuurkwaliteiten zijn hier te vinden in de openheid en soorten die van ruimte en overzicht houden. Diersoorten vinden mogelijk schuilgelegenheid in de laanbeplantingen en/of de bermen van wegen en waterlopen. Om de open structuur heen is het bos- en mozaïeklandschap gelegen. Deze uitgestrekte bossen hebben vanwege de omvang en de variatie in vochtgehalte zeer diverse ecologische kwaliteiten. Hier zijn diverse natuurgebieden gelegen. De droge bossen, zoals Spaanse bos, Ophovensche zandberg, Asbroekerheide en Kirkelsberg zijn reliëfrijk en hebben een zandige ondergrond, met vooral grove den. De Ophovensche zandberg en Asbroekerheide zijn ook twee van de Leudalse stiltegebieden die hoge belevingswaarde hebben vanwege de kwaliteit rust. Deze waarde wordt provinciaal beschermd, doordat nieuwe ontwikkelingen met mechanische geluiden niet zijn toegestaan. De natte natuurgebieden in dit gebied zijn; de grote en de kleine Moost, deze moerasbossen op voormalige hoogveentjes, bevatten ook vennen en heide.
Waterbloem en Weijenhout zijn eveneens moerasbossen met nog zichtbare rabatten, gelegen op en nabij de Peelrandbreuk.
Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
Pagina 39 van 76
In totaal kent het mozaïeklandschap bospercelen en houtwallen, op de plekken waar nog veel hoogte verschillen in het gebied zijn te vinden. Hier vinden we veel biodiversiteit en lijnvormige verbindingen in de onverharde bospaden. De beeklopen in dit gebied zijn deels gegraven voor de ontwatering, maar vormen nu wel groen / blauwe linten door het open landschap waar soorten zich langs bewegen.
Het Maasdal Het Maasdal heeft alle ingrediënten voor water gerelateerde natuurwaarden vooral in de zones met overgangen tussen bijvoorbeeld droog en nat of vruchtbaar en minder vruchtbaar. Vanaf de Maas gezien zijn er de buitendijkse overstromingsgebieden met een hoog dynamische karakter. Dit vormt een ecologische verbinding aan de rivier. De dynamiek van wisselende hoogwaters met erosie heeft steilranden laten ontstaan, een kolonie oeverzwaluwen maakt hier gebruik van door te nestelen in de ongeveer 2 m hoge steilrand bij de Bouxweerd. De Bouxweerd zelf is een oude zand- en grindput in het laagterras van de Maas. Het is één van de oudste ontgrondingslocaties in Limburg en derhalve nog aan de kleine kant. Hier zien we zachthoutbos ontstaan, met een grote variatie aan watervogels. Vanwege waterveiligheid wordt de doorstroom in de Bouxweerd geactiveerd waardoor er andere natuurkwaliteiten gaan ontwikkelen. Soorten als de bever, die hier voorkomt, profiteert hiervan. Door de zand- en grindwinning in het gebied direct aan de Maas wordt er gewerkt aan een kwaliteitsimpuls voor het landschap door de aanleg van nieuwe watergebonden natuurdoeltypen. De populierenlanen die in het gebied staan vormen broedmogelijkheden voor vogels en zijn zomerbiotoop voor enkele vleermuissoorten. Op de plek waar de Neerbeek bij Hanssum uitmond in de Maas is een rijk ontwikkeld natuurgebiedje.
De beek heeft hier een meanderend karakter. In de beek zijn fraaie waterplanten aanwezig en de oever zijn begroeid met vele hoog opschietende plantensoorten. Het
op middenstuk van dit gebied, het Buggenumse Veld, wordt gekenmerkt door openheid en
uitgestrektheid. Het is vooral van belang voor akkervogels zoals; patrijs, peldleeuwerik, kwartel, en gele kwikstaart. De das maakt gebruik van de variatie in het landschap en er zijn enkele burchten in het Maasdal. Ten zuiden en zuidoosten van Buggenum ligt het Buggenumse Broek. Dit gebied ligt in het laagterras van de Maas, onder invloed van grondwater dat hier vrij dicht onder het maaiveld staat. De natuurkwaliteiten moeten nog tot ontwikkeling komen in dit gebied. Tijdens de vogeltrek komen in het hele Maasdal veel vogelsoorten langs.
Wat komt er op ons af? • Voor het stimuleren van biodiversiteit is vanuit het Limburgs Natuurprogramma een groen-
•
blauwe dooradering (water) van het landelijk gebied buiten het Natuur Netwerk Nederland (NNN) voorzien. Rekening houden met water en bodem is het huidige Rijksuitgangspunt voor de
•
ontwikkeling van het landelijk gebied. Nieuwe ontwikkelingen moeten een positieve bijdrage leveren aan deze doelstelling. Rijks- en provinciale doelstellingen; NOVEX, Ontwerpend Onderzoek, transitie van het
•
buitengebied. We zien dat er een verdere afname is van het aantal kleine landschapselementen in het
•
buitengebied. Deze verschraling van het landschap verslechtert de biodiversiteit. Opgaven voor stikstof, water en uitstoot hebben grote invloed op de inrichting van het
•
buitengebied. Het gaat bijvoorbeeld om de transitie van stikstof producerende locaties. Veranderende vraag voor energie, zowel wind als zon en de opkomst van energiehubs.
Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
Pagina 40 van 76
• •
Ruimtelijke initiatieven en de woningbouwopgave (meer woningen) vragen ruimte. Ruimtelijke initiatieven van inwoners en ondernemers die invloed hebben op of ruimte
•
vinden in het buitengebied. Steeds groter wordende maatschappelijke aandacht voor een gezonde en duurzame
•
leefomgeving. Transitie van de agrarische sector (van veehouderijen naar andere sectoren), waardoor
•
agrarische bebouwing vrijkomt en verandering optreedt in het (agrarisch) grondgebruik (andere teelt), en komst van monoculturen. Doordat melkveehouderijen verdwijnen, verdwijnt ook grasland en de daarmee gepaard
•
gaand gevoel van afwisseling, kleinschaligheid en/of biodiversiteit. Meer leegstand in het agrarisch gebied, met mogelijk een toename van criminaliteit en
•
ondermijning. Steeds meer aandacht voor goede gezondheid (meer bewegen, gezonder eten, sociale
•
contacten in relatie tot eenzaamheid). Verstening van tuinen en privé-gronden
•
afwateringsproblemen. De afrastering en omheining van gronden, hetgeen ten koste gaat van de beleving van het
• • •
landschap, de natuur en de openheid. Klimaatverandering; met daardoor meer risico’s op natuurrampen. Toename van natuurrecreatie. Kader Richtlijn Water (KRW) opgave om de kwaliteit van het beekwater te verhogen voor
die
zorgen
voor
meer
hitte-
en
2027. Wat willen we? We streven naar een gevarieerd biodiverslandschap dat bijdraagt aan de natuurlijke kwaliteiten. Wat die kwaliteiten zijn en hoe we ze kunnen ontwikkelen wordt uitgewerkt in het programma landschap. Water, bodem, en luchtkwaliteit vormen het uitgangspunt bij de ontwikkeling van nieuwe initiatieven. Het natuurlijke landschap met zijn, uit verschillende perioden stammende, cultuurhistorische elementen wordt gerespecteerd, waar mogelijk hersteld en beschermd. De verschillende natuurgebieden worden beheerd door de terrein beherende organisaties die streven naar bijhorende natuurdoeltypen. Erfgoed heeft een bijzondere waarde voor de identiteit van onze gemeente en wordt beschermd, behouden, beleefd en gewaardeerd. Het is meer dan de uiterlijke verschijning. Het gaat om uitleg over de ontstaansgeschiedenis, het herstellen van oorspronkelijke functies of de beleving van de elementen. Kernen ➢ In de kernen zetten we in op het klimaat adaptief maken van de openbare ruimte tegen hittestress. ➢ Beleefbaar maken en/of verbeteren van de beeklopen in de kernen. ➢ Het vergroten van de biodiversiteit in het openbaar groen. Kernrandzones ➢ We zetten in op een vergroening van de kernrandzones waardoor de beleving van het landschap in deze zones verhoogd wordt. We willen in de toekomst een groene jas ontwikkelen die om de kern heen ligt.
Deze groene jas wordt op vrijwillige basis ontwikkeld met de grondeigenaren en de inwoners van de kern. De groene jas levert een bijdrage aan de behoefte van in inwoners op het gebied van natuurspelen/ bewegen, biodiversiteit en landschapsbeleving.
Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
Pagina 41 van 76
Bedrijventerreinen ➢ De bedrijventerreinen zijn niet primair bedoeld voor doelstellingen op het thema Natuurlijk Leudal. Cultuurgronden van westelijk Leudal Dit gebied is uniek voor de gemeente Leudal en heeft veel natuurlijke potentie. De nog aanwezige hoogte verschillen in het landschap gecombineerd met de ontwikkelpatronen van de ontginning geven veel natuurlijke kwaliteiten aan het gebied. De natuurterreinen in dit gebied worden gewaardeerd en de biodiversiteit is van belang. In dit landschapstype komen alle vormen van agrarisch ondernemen voor. Centraal gelegen in het gebied zijn de akkercomplexen van de heide ontginningen, hier bieden wij ruimte voor intensieve landbouw, dit is zowel akkerbouw als veeteelt. Dit komt tot uiting in de zichtbaarheid van stallen en intensieve teelt van gewassen, met o.a. de aanwezigheid van teelt ondersteunende voorzieningen - met name in de concentratiegebieden voor zacht-fruit. In de velden en de beekdalen en in gebieden met meer cultuurhistorische waarden stimuleren we ontwikkelingen die in lijn met hun omgeving worden uitgevoerd/gerealiseerd en natuur inclusieve landbouw in de natuurlijke overgangszones. Wij zien agrariërs als partner in het beheer van deze natuurlijke overgangszones en we streven erna om agrariërs te bewegen om naast het eigen verdienmodel open te staan voor natuurbehoud en herstel.
Hiervoor willen we de juiste randvoorwaarden scheppen. De beken en de beekdalen vragen om natuurherstel. ➢
Wij streven naar een gevarieerd beekdalensysteem dat in staat is water vast te houden in
➢
de laagtes, zodanig dat andere functies hier een voordeel van hebben. Het landschap heeft een natuurlijke verkavelingsstructuur waarin landschapselementen zorgen voor het groene raamwerk waarlangs diersoorten hun weg vinden. Op de (bolle) akkercomplexen is ruimte voor landbouw die gebruik maakt van de kwaliteiten uit de bodem. De kernen liggen in een groene jas, waar onder andere ruimte is voor bewegen en recreatie. Dit is ook de plek voor voedselbossen en het ontwikkelen van duurzame lokale initiatieven. In dit landschap zien we fraai ontwikkelde (cultuur) historische elementen die de geschiedenis van het gebied accentueren. De samenhang tussen natuur en cultuur komt hier goed in beeld waardoor het gebied aantrekkelijk is voor wandelaars en fietsers die rust, ruimte en groen zoeken. Wij streven naar aantrekkelijke kampenlandschappen in combinatie met bos- en
➢
natuurgebieden. Halfopen landschappen, kleinschalig door bebouwing. Wij stimuleren een (geïntegreerde) grondgebonden landbouw op de ontginningsgronden als
➢
mede-drager van het aanwezige (agrarische) landschap. Wij versterken de openheid van het gebied en verminderen de hoeveelheid bebouwing in
➢
de velden en op de kop van het beekdal en op de kwetsbare gronden. We maken die kwetsbare, maar thans versteende, gebieden (weer) open door sanering van bebouwing. We versterken waar mogelijk de natuurlijke dynamiek (hoge en lage waterstanden,
➢
meandering, natuurvriendelijke oevers) in het beekdal. We streven ernaar om de randen van het beekdal herkenbaar te maken met beplanting en
➢
maken de beek (weer) zichtbaar. We dragen er aan bij om de ontbrekende schakels in het groen / blauw-netwerk van de rivier- en beekdalen aanéén te koppelen.
Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
Pagina 42 van 76
Leudal en omgeving Het hart van dit gebied ligt in het Natura 2000-gebied ‘Het Leudal’. Dit gebied is een oase van rust en ruimte voor de aanwezige dier- en plantensoorten. Het omliggende gebied van ‘Het Leudal’ is zo ingericht dat het een zowel kwalitatieve als kwantitatieve bijdrage levert aan de waterhuishouding in het gebied. Ruimtelijk betekent dit een natuurlijke overgangszone waar landschap en kleinschalige verkaveling worden gestimuleerd. De bijzondere kwaliteiten van het cultuurlandschap die voortbouwen op de natuurlijke condities van de bodem worden hier gestimuleerd. De watertoevoer uit de beken is van een goede kwaliteit en wordt binnen de gemeente vastgehouden in de beekdalen. ➢
We streven naar een optimale balans in het Natura 2000-gebied. De natuurdoelen gaan
➢
niet langer achteruit en hebben zelfs een lichte groei in omvang en kwaliteit. Omliggende bossen vormen een buffer voor toerisme zodat belangrijke natuurdoelen geen
➢
negatieve effecten ondervinden. Het Natura 2000-gebied ligt centraal in onze gemeente. Het verbeteren van de (water)
➢ ➢
kwaliteit binnen dit gebied, is aangepakt door aanpassing van de bovenstroomse gebieden en waterlopen. Op kwetsbare gronden (direct aan de beek) stimuleren we extensivering en innovatieve vormen van bemesting van de bovenstrooms gelegen landbouwgebieden. Hierin volgen wij de landelijke ontwikkelingen. We houden water langer vast binnen het totale beeksysteem. We stimuleren herstel van de regionale grondwatersituatie en vragen om innovatie bij- en
➢
nieuwe toepassingen van grondwateronttrekkingen door en voor de landbouw. De overige natuurgronden profiteren mee van de kwaliteitsverbetering en dit is zichtbaar
➢
door meer biodiversiteit in de gebieden. Het woonklimaat rondom het Natura 2000-gebied zal door deze ingrepen een positieve ontwikkeling ervaren op het gebied van rust, fijnstof en geur.
Ontginningsgronden van noordelijk Leudal Wij zetten gedeeltelijk in op een open en leesbaar landschap en gedeeltelijk op het versterken en verbinden van de aanwezige boscomplexen. In deze intensieve landbouwconcentratie-gebieden krijgt de landbouwsector door innovatieve wijzigingen van de technische systemen een duurzame toekomst. Het rechte verkavelingspatroon staat ten dienste van de bereikbaarheid van percelen. Daar waar waterlopen of natuurontwikkeling nodig zijn voor een goede ecologische balans is er ruimte voor natuurlijke overgangszones en stimuleren we ontwikkelingen die in lijn met hun omgeving worden uitgevoerd/gerealiseerd. De openbosstructuur wordt als verbindingszone gewaardeerd en ontwikkeld. Het aanwezige stiltegebied wordt gerespecteerd en verder ontwikkeld als waarde in dit gebied. ➢
We versterken het tussenliggende half open bosmozaïeklandschap dat een ecologische
➢ ➢
zone vormt waar waardevolle natuur tot ontwikkeling kan komen. We stimuleren de open agrarische gebieden ten gunste van akkervogels. We versterken de stiltegebieden Asbroekerheide en de Ophovense zandberg met de kernwaarden van rust, ruimte en groen.
Het Maasdal De buitendijkse
natuurkwaliteiten van het Maasdal zijn hoogdynamisch en vangen de grote
verschillen op voor de binnendijkse gebieden. In het Maasdal herleven de kernkwaliteiten openheid en water die tevens een basis bieden voor toerisme en recreatie. Dit gebeurt door de kernkwaliteiten niet alleen te respecteren maar juist te benutten.
Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
Pagina 43 van 76
➢ ➢
We stimuleren de open agrarische gebieden ten gunste van akkervogels. Binnen het Maasdal is daarnaast ruimte voor niche-initiatieven uit de agri-business die een
➢
meer intensief, maar open karakter hebben (zoals biologische of duurzamere landbouw, innovaties in de voedseltechnologie etc.). We zetten in op beleving van de Maas en haar natuurlijke dynamiek in relatie tot de
➢
beekmonding. We koesteren het onbedijkte karakter van de Maasvallei maar hebben ook het besef dat
➢
hoogwaterbescherming in sommige gevallen soms vraagt om dijken. Wij koesteren, het totale ensemble van, landgoederen en historische buitenplaatsen en
➢
behouden deze historie voor de toekomst. We waarderen de aanwezige landschapselementen zoals de terrasranden en oude Maasmeanders die worden geaccentueerd door hoogteverschillen en aan de randen van percelen.
Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
lijnvormige
elementen
op
de
Pagina 44 van 76
7
Duurzaam en toekomstbestendig Leudal
‘Duurzaamheid’ is misschien wel het grootste containerbegrip in deze tijd. Binnen dit hoofdstuk richten wij ons op ‘energie’, ‘circulariteit’ (hergebruik van afval, waardoor nieuwe grondstoffen ontstaan) en ‘klimaatadaptatie’. Waar staan we nu? Leudal is goed op weg als het gaat om de opwek van hernieuwbare energie. Als eerste gemeente in Limburg zijn windturbines gerealiseerd. Ook op onze daken wordt via zonne-energie elektriciteit opgewekt. Met name in de bebouwde omgeving en binnen de industrie zijn nog flinke slagen te maken als het gaat om energiebesparing, schone energie en een toekomstbestendige bedrijfsvoering. Ook is circulaire economie een bekend begrip in onze gemeente waar we op vele gebieden aan werken. Circulariteit in de landbouw en groenreststromen. Voor ondernemers en bewoners is circulair gericht op van afval naar grondstof. Vanuit bedrijvigheid is circulair werken de insteek. We zijn een plattelandsgemeente maar zien toch verstening in onze kernen en op onze bedrijventerreinen ontstaan. Dit kan en moet anders om het woon- en leefklimaat te optimaliseren. We moeten overal rekening houden met de effecten van klimaatverandering. Het ene gebied is soms te droog is en op een ander moment lopen onze straten en huizen onder. Aanpassingen aan klimaatverandering vragen om een intensieve samenwerking tussen overheden onderling. Burgers hebben daar ook een rol in.
Dit maken we duidelijk in hittestresskaarten. Dit zijn kaarten waarop te zien waar kansen en risico’s zich voordoen. Wat komt er op ons af? • Het uitvoeren van het klimaatakkoord van ‘Parijs naar Praktijk’. Dit houdt o.a. in: een flinke •
CO2 reductie en het terugbrengen van aardgasverbruik in de bebouwde omgeving. De elektriciteitsvraag en het elektriciteitsaanbod zullen verdubbelen in de komende jaren.
•
De huidige infrastructuur is hier binnen de bebouwde omgeving onvoldoende op ingericht, we moeten er rekening mee houden dat het aantal trafohuisjes ook fors toeneemt en spanningsnetten verzwaard worden. Een steeds groter wordende vraag naar het opwekken van hernieuwbare energie. Binnen de
•
bebouwde omgeving, met name binnen de bedrijventerreinen, zijn energiegemeenschappen en energiehubs de toekomst. Verzoeken voor veranderende energiebehoefte. Zon- en windenergie opwekking zichtbaar in
• • • •
het landschap. Dit geldt ook voor energie-infrastructuur en -opslagsystemen. Het vestigingsbeleid van het bedrijfsleven word afhankelijk van de beschikbare energie. Klimaat verandering met als gevolg mee extreme weer situaties. Wateroverlast of watertekorten. Hittestress in stedelijke omgeving met als gevolg vermindering van de leefkwaliteit.
Wat willen we? Wij plaatsen kwaliteit voor kwantiteit. Door een duurzame levensstijl leveren we samen een positieve bijdrage aan het verminderen van afval en het minimaliseren van onze ecologische voetafdruk. Onze inwoners, ondernemers en partners denken anders over en kijken anders naar afval: kan het nog een keer mee? Kan het gerepareerd worden? Kan het worden verwerkt of hergebruikt (geheel of in onderdelen)? Is energie terug te winnen uit materialen? Wat niet gemaakt hoeft te worden eindigt ook niet op de afvalberg.
Omgevingsvisie ‘Leudal, Natuurlijk!’
Pagina 45 van 76
Waar mogelijk wordt voedsel lokaal geproduceerd, met korte vervoersafstanden en een transparant productieproces. Onze inwoners zetten zich actief in voor een duurzame leefomgeving en zijn trots op het kleinschalige landschap met de levende bodem die de basis vormt voor ons gezond voedsel. Verduurzaming van de gebouwde omgeving begint bij een optimale energiebesparing, de warmtetransitie en de kleinschalige opwek van duurzame elektriciteit (richtinggevend: 25% meer in 2030 ten opzichte van 2015). Wij verminderen het aardgasverbruik van woningen met 20% in 2030 ten opzichte van 2021. Samen met de gemeenten in de RES regio wekken wij in 2030 met grootschalige zon- en windprojecten (richtinggevend) 1.200 Gigawatt uur (GWh) duurzame energie op. Voor 2050 hebben wij een CO2-neutrale energievoorziening, waarbij alle energie die op het eigen grondgebied wordt gebruikt, duurzaam wordt opgewekt. Wij bieden de ruimte voor netuitbreiding van het hoogspanningscircuit, waarbij de kwaliteit van het landschap gerespecteerd moet worden. Eveneens bieden wij de mogelijkheden voor een verdichting of verzwaring van transportverdeelstations en transformatorhuisjes. Bij de situering en het ontwerp wordt ruimte gelaten voor vlinderstruiken, hagen of andere vormen van aankleding.