CConstaterende datLeudal
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Jaarstukken 2025

Raadsvergadering 30 juni 2026, gemeente LeudalBij agendapunt: Raadsvoorstel Jaarstukken 202531.031 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Deze activiteiten varieerden van cursussen en sportlessen bij een sportschool tot informatieve bijeenkomsten en andere ontmoetingsmomenten. De jaarlijkse waarderingsactiviteit voor mantelzorgers werd dit jaar zeer positief ontvangen. Synthese gaf dit jaar een mooie én vernieuwende invulling aan deze succesvolle middag en avond. Hulp bij het huishouden en begeleiding volwassenen De invoering van het abonnementstarief per 1 januari 2019 blijft een aanzuigende werking hebben op maatwerkvoorzieningen binnen de Wmo. Ook zien we dit terug in het afgelopen jaar en het aantal indicaties.

57

In 2025 had Leudal gemiddeld 3% meer cliënten (11 personen) voor begeleiding in zorg in natura dan in 2024. Het aantal PGB bleef gelijk t.o.v. 2024. Daarnaast waren er gemiddeld 5% meer cliënten (47 personen) met een indicatie voor hulp bij het huishouden in zorg in natura vergeleken met het jaar ervoor. Bij het aantal PGB's zien we sinds 2022 ieder jaar een lichte afname. Opvang en beschermd wonen volwassenen De Noord -en Midden Limburgse gemeenten hebben voor de voorzieningen beschermd wonen en maatschappelijke opvang een gezamenlijke regionale beleidsagenda opgesteld, inclusief regionale uitvoeringsafspraken die in 2026 verder worden uitgerold. Op basis van deze beleidsagenda en afspraken blijven de kwaliteit en continuïteit van de dienstverlening binnen alle gemeenten gewaarborgd. Afgelopen jaar hebben we daarnaast geïnvesteerd in het verkennen van nieuwe mogelijkheden om jongeren beter en passender te ondersteunen. Dit heeft onder andere geleid tot een succesvolle pilot in Roggel, gericht op jongeren met een (zware) ondersteuningsbehoefte. Binnen deze pilot wordt onder meer gewerkt aan het ontwikkelen van vaardigheden die bijdragen aan zelfstandig wonen. De pilot wordt als een succesvol voorbeeld gezien en heeft ook de aandacht getrokken van andere gemeenten in Noord- en Midden-Limburg.

Daarnaast is het MIKMak-huis gecontinueerd als effectieve interventie, waarmee jongeren in een laagdrempelige setting ondersteuning krijgen die aansluit bij hun behoeften. Verder hebben we onderzocht welke kansen er zijn om de complexe en zorgmijdende doelgroep beter te bereiken en te ondersteunen, zodat ook zij een zo goed mogelijke kans krijgen op terugkeer en deelname aan de maatschappij. Kinderopvang De kinderopvang kent twee onderdelen: het peuterprogramma en de Sociaal Medische Indicatie (SMI). In 2025 is een daling zichtbaar in het aantal peuters dat gebruikmaakt van het peuterprogramma. Daarentegen is er een stijging te zien in het aantal kinderen dat op basis van een SMI gebruikmaakt van kinderopvang. Het aantal kinderen met een SMI-indicatie is toegenomen van 18 naar 24. Daarnaast zijn in het afgelopen jaar bij 12 gezinnen de indicaties met minimaal zes maanden verlengd. Deze ontwikkeling kan worden verklaard doordat in veel gevallen blijkt dat een langere indicatieperiode noodzakelijk is. De SMI is bedoeld voor ouders die vanwege ziekte, psychische problematiek of gezinsproblemen tijdelijk niet of onvoldoende in staat zijn om voor hun kinderen (tot en met 12 jaar) te zorgen. In de praktijk blijkt een maximale periode van zes maanden vaak onvoldoende om gezinnen daadwerkelijk te ontlasten en om te werken aan een structurele oplossing.

Gezien deze ontwikkeling heeft de VNG eind 2025 een handreiking voor gemeenten ontwikkeld om beleid aan te passen en is het Rijk voornemens middelen vrij te maken voor deze doelgroep.

58

Wat heeft dat gekost?

Sociaal domein

(bedrag x 1.000) Primitieve Begroting na begroting wijziging 2025 2025

Geboekt 2025 t/m periode

Realisatie begroting

Lasten Samenkracht en burgerparticipatie Toegang en 1e lijnsvoorziening Wmo Toegang en 1e lijnsvoorziening Jeugd

4.087

5.963

4.866

-1.097

90

157

164

7

1.848

1.993

1.968

-25

Inkomensregelingen

6.838

7.868

8.117

249

WSW en beschut werk

3.459

3.567

3.584

17

Arbeidsparticipatie

1.941

1.812

1.961

149

Hulpmiddelen en diensten (Wmo) Huishoudelijke hulp (Wmo)

1.215

1.216

1.234

18

4.099

4.194

4.148

-46

Begeleiding (Wmo)

3.513

2.462

1.741

-721

0

0

624

624

Jeugdhulp ambulant regionaal

7.823

5.742

5.942

201

Jeugdhulp ambulant landelijk

125

104

76

-28

Jeugdhulp met verblijf regionaal Jeugdhulp met verblijf landelijk

2.050

2.777

2.557

-220

125

46

28

-18

PGB Wmo

0

732

641

-91

PGB Jeugd

0

252

309

57

Beschermd wonen (Wmo)

58

146

128

-18

Maatschappelijke- en vrouwenopvang (Wmo)

19

3

4

1

Jeugdbescherming

1.259

890

866

-24

Jeugdreclassering

14

0

0

0

Coördinatie en beleid Wmo

1.569

1.497

1.751

254

Coördinatie en beleid Jeugd

434

362

325

-37

0

0

1.065

1.065

40.564

41.783

42.099

316

Dagbesteding (Wmo)

Mutaties reserves P7 Totale Lasten

59

Baten Samenkracht en burgerparticipatie Toegang en 1e lijnsvoorziening Wmo Toegang en 1e lijnsvoorziening Jeugd

-721

-2.580

-2.603

-23

0

-2

-2

0

0

-169

-169

0

-5.405

-6.522

-6.589

-67

WSW en beschut werk

0

0

0

0

Arbeidsparticipatie

0

-77

-94

-17

-11

-11

-12

-1

-220

-295

-297

-2

Begeleiding (Wmo)

0

0

0

0

Dagbesteding (Wmo)

0

0

0

0

Jeugdhulp ambulant regionaal

0

0

0

0

Jeugdhulp ambulant landelijk

0

0

0

0

Jeugdhulp met verblijf regionaal Jeugdhulp met verblijf landelijk

0

0

0

0

0

0

0

0

PGB Wmo

0

0

0

0

PGB Jeugd

0

0

0

0

Beschermd wonen (Wmo)

-1.289

-1.796

-1.967

-171

Maatschappelijke- en vrouwenopvang (Wmo)

-430

-579

-628

-49

Jeugdbescherming

0

0

0

0

Jeugdreclassering

0

0

0

0

Coördinatie en beleid Wmo

-54

-70

-74

-4

Coördinatie en beleid Jeugd

-54

-70

-74

-4

0

-154

-154

0

Totale Baten

-8.184

-12.326

-12.663

-337

Resultaat

32.380

29.458

29.437

-21

Inkomensregelingen

Hulpmiddelen en diensten (Wmo) Huishoudelijke hulp (Wmo)

Mutaties reserves P7

Samenkracht en burgerparticipatie Evenementensubsidie Bij de evenementensubsidie is er een voordeel van € 28.500. In de regeling evenementensubsidies staat opgenomen dat het budget gelijk wordt verdeeld over de twee periodes, januari t/m juni en juli t/m december. Vanwege de vele aanvragen in het begin van 2025, was het subsidieplafond van de eerste periode bereikt voor het aflopen van die periode. In juli 2025 heeft de gemeenteraad daarom besloten tot structurele verhoging van het budget met € 58.000 voor evenementensubsidies. Conform de regeling is dit gelijk verdeeld over de twee periodes. In de periode juli t/m december zijn minder aanvragen ontvangen waardoor er een restant van € 28.500 is op dit budget. 60

Inburgering Bij de inburgering is er een voordeel van € 10.000 veroorzaakt door verschillende posten: Met betrekking tot inburgering worden twee specifieke uitkeringen ontvangen voor inburgering en onderwijsroute. De restant middelen uit 2024 zijn toegevoegd aan de uitgaven budgetten. Ten opzichte van de raming zijn de lasten 2025 met betrekking tot deze twee uitkeringen € 158.000 lager. Bij het opstellen van de jaarstukken wordt bepaald of we rijksmiddelen moeten terugbetalen of ontvangen. Dit wordt verwerkt via de balans waardoor op de baten een verschil is ontstaan van € 158.000 lagere baten. Deze middelen mogen in 2026 worden ingezet. Opvang vluchtelingen Oekraïne Bij opvang vluchtelingen Oekraïne is er een voordeel van € 1.067.400 veroorzaakt door verschillende posten: Voor opvang van de vluchtelingen uit Oekraïne wordt een specifieke uitkering ontvangen die voornamelijk gebaseerd is op normbedragen. De exacte baten en lasten zijn vooraf niet te begroten, waardoor er een afwijking is ontstaan. De totaal nog te ontvangen rijksuitkering is hoger dan de daadwerkelijke kosten die zijn gemaakt in 2025 aan de opvang, zorg, onderwijs, leefgelden en buitengewone kosten van ontheemden uit Oekraïne en de uitvoeringskosten bij de gemeente. Zoals bij de jaarrekening 2024 is besloten, worden de restant middelen van opvang vluchtelingen Oekraïne gestort in de reserve Oekraïne.

Voor 2025 gaat dit om een bedrag van € 1.065.100. Kinderopvang Bij de kinderopvang is er een voordeel van € 21.400 veroorzaakt door verschillende posten. De uitgaven voor kinderopvang (peuteropvang en sociaal-medische indicaties) zijn per saldo € 33.600 lager uitgevallen dan begroot. Bij de tweede raadsrapportage was reeds € 30.000 aan budget afgeraamd op basis van de toenmalige prognose. Achteraf blijken de werkelijke uitgaven nog lager uit te vallen. Dit wordt mede veroorzaakt door een afname in deelname aan het peuterprogramma in de reguliere opvang (€ 11.100). Door deze ontwikkelingen zijn de subsidieaanvragen over 2025 per saldo lager uitgekomen dan verwacht. Het voordeel wordt verder verklaard door posten elk kleiner dan € 25.000 Mantelzorg Bij mantelzorg is er een voordeel van € 34.700 veroorzaakt door verschillende posten: Abusievelijk is in de begroting de afwikkeling van de subsidie 2024 van € 56.050 dubbel geraamd. Het voordeel wordt verder verklaard door posten elk kleiner dan € 25.000 Inkomensregelingen Gemeentelijk armoedebeleid Bij het gemeentelijk armoedebeleid is er een voordeel van € 1.400 veroorzaakt door verschillende posten: Voor het project Doe meer met taal is een subsidie ontvangen vanuit de Provincie in voorgaande jaren.

De restant middelen 2024 van € 28.700 zijn opgenomen als uitgavenbudget in 2025, omdat toen nog niet duidelijk was of een gedeelte van de ontvangen subsidie terugbetaald moest worden.

61

In 2025 zijn geen uitgaven geweest op dit project waardoor er een voordeel is op de lasten van € 28.700. In 2025 is de subsidie verantwoord en is deze € 11.200 lager vastgesteld dan oorspronkelijke toegekend (lagere baten). Per saldo een effect van € 17.500 voordeel in 2025 ten opzichte van de begroting. Het voordeel wordt verder verklaard door posten elk kleiner dan € 25.000. WWB, Loonkostensubsidie, IOAW en IOAZ Op deze posten is per saldo een voordeel van € 29.100. In september wordt de rijksbijdrage altijd definitief vastgesteld. Ten opzichte van de begroting is € 188.500 meer ontvangen dan begroot. Met betrekking tot de sociale uitkeringen en de loonkostensubsidie is er een nadeel van € 147.800. Dit komt voornamelijk doordat het aantal mensen dat aan de slag is gegaan met loonkostensubsidie, hoger is dan geraamd. Bij de tweede raadsrapportage is het budget voor de loonkostensubsidies reeds bijgesteld op basis van een prognose van het aantal loonkostensubsidies. Achteraf blijkt dit nog hoger te zijn geweest. Het voordeel wordt verder verklaard door posten elk kleiner dan € 25.000. BBZ niet starters Bij de BBZ niet starters is er een nadeel van € 29.600 door verschillende posten die kleiner zijn dan € 25.000.

Tijdelijke regeling ondernemers Op de tijdelijke regeling ondernemers is er een nadeel van € 47.400 veroorzaakt door verschillende posten: De ontvangsten met betrekking tot deze oude regeling moeten volledig worden terugbetaald aan het Rijk. Vooraf is niet in te schatten wat de ontvangsten in enig jaar zijn. Het verschil wordt voornamelijk veroorzaakt doordat in 2024 abusievelijk de terugbetaling aan het Rijk niet als verplichting is opgenomen. Deze is in 2025 terugbetaald waardoor dit in 2025 tot een verschil van € 29.500 heeft geleid ten opzichte van de begroting. Het nadeel wordt verder verklaard door posten elk kleiner dan € 25.000. Eenmalige uitkeringen minima Op de eenmalige uitkeringen minima is er een nadeel van € 28.700. Dit komt doordat er meer is uitgegeven aan eenmalige uitkeringen dan in de tweede raadsrapportage was verwacht. Bij de tweede raadsrapportage is € 16.000 afgeraamd waardoor er nu een overschrijding is op dit budget. Toegang en 1e lijnsvoorziening Jeugd Centrum Jeugd en Gezin Bij centrum voor jeugd en gezin is er een voordeel van € 25.300. Het verschil wordt volledig verklaard door de afronding van de subsidievaststelling 2024 in oktober. Dit heeft geleid tot een terugvordering van € 25.300. Bij het opstellen van de tweede raadsrapportage was dit nog niet bekend.

62

Hulpmiddelen en diensten (Wmo) Woningaanpassingen Op de woningaanpassingen is er een voordeel van € 34.400 veroorzaakt door verschillende posten: Bij de tweede raadsrapportage is een prognose gemaakt van de totaal verwachte woningaanpassingen op basis van ervaringsgegevens. Achteraf blijken de totale uitgaven € 39.600 lager uit te vallen dan begroot door minder (dure) woningaanpassingen dan eerder verwacht. Het voordeel wordt verder verklaard door posten elk kleiner dan € 25.000. Hulpmiddelen Bij de hulpmiddelen is er een nadeel van € 48.600. Bij de tweede raadsrapportage is een prognose gemaakt van de totaal verwachte uitgaven op basis van ervaringsgegevens. In het 2e half jaar hebben we te maken gehad met meer indicaties en inzet van complexe en dus duurdere hulpmiddelen. Dit was niet te voorzien. Huishoudelijke hulp (Wmo) Bij de huishoudelijke hulp is er een voordeel van € 48.400. Bij de tweede raadsrapportage is een prognose gemaakt van de totaal verwachte uitgaven op basis van declaraties eerste half jaar en is het budget verhoogd met € 243.200. Achteraf blijken de totale uitgaven € 46.400 lager uit te vallen dan de actuele raming. Dit heeft te maken hebben met de laatste omzet van profielen naar product. Het voordeel wordt verder verklaard door posten elk kleiner dan € 25.000.

Begeleiding en dagbesteding (Wmo) Bij de begeleiding en dagbesteding is per saldo een voordeel van € 101.100. Bij de tweede raadsrapportage is een prognose gemaakt van de totaal verwachte uitgaven op basis van declaraties eerste half jaar en het budget verlaagd. Achteraf blijken de totale uitgaven € 101.200 lager uit te vallen dan de actuele raming. Dit heeft te maken hebben met de laatste omzet van profielen naar product. Jeugdhulp (ambulant, met verblijf, jeugdbescherming en -reclassering) Bij jeugdhulp (totaal van de onderdelen ambulant, met verblijf, jeugdbescherming en reclassering) is er een voordeel van € 90.400. Dit wordt veroorzaakt door diverse over- en onderschrijdingen op de verschillende budgetten. Bij de tweede raadsrapportage wordt jaarlijks op basis van de declaraties van het eerste half jaar een prognose gemaakt voor het totale jaar. De grootste afwijkingen betreffen ambulante jeugdhulp en jeugdhulp met verblijf regionaal, per saldo een voordeel van € 20.400. Op de post jeugdhulp ambulant regionaal is een nadeel (hogere uitgaven) van € 200.500. Dit is een beweging waar de afgelopen jaren op gestuurd is; jeugdhulp zo dichtbij mogelijk organiseren. Tegenover de hogere ambulante uitgaven staat dat bij jeugdhulp met verblijf regionaal er een voordeel (lagere uitgaven) is van € 220.900.

63

De landelijk ingekochte jeugdhulp betreft zeer dure jeugdhulp. Ook dit bestaat uit een ambulant stuk en jeugdhulp met verblijf. Ten opzichte van de begroting is de landelijke ingekochte jeugdhulp per saldo € 46.300 lager (voordeel) uitgevallen. Tot slot is er een voordeel van € 23.700 op de posten jeugdbescherming en -reclassering. PGB Wmo Bij de PGB Wmo is er een voordeel van € 91.000. Bij de 2e raadsrapportage 2025 is het budget verhoogd met € 57.700 op basis van de tot dan toe gedeclareerde bedragen door de SVB. Begin maart 2026 is een concept afrekening van de SVB ontvangen over 2025 waaruit bleek dat de voorschotten te hoog zijn en er dus een voordeel is op dit budget van € 107.000. Tevens is toen een actualisatie ontvangen van de afrekening 2024. Dit heeft geleid tot een nadeel van € 16.000 ten opzichte van de verwachte afrekening in de jaarstukken 2024. PGB Jeugd Bij de PGB Jeugdzorg is er een nadeel van € 56.800. Bij de 2e raadsrapportage 2025 is het budget verlaagd met € 115.000 op basis van de tot dan toe gedeclareerde bedragen door de SVB. Begin maart 2026 is een concept afrekening van de SVB ontvangen over 2025 waaruit bleek dat de voorschotten te laag zijn en er dus een nadeel is op dit budget van € 52.800. Tevens is toen een actualisatie ontvangen van de afrekening 2024.

Dit heeft geleid tot een nadeel van € 4.000 ten opzichte van de verwachte afrekening in de jaarstukken 2024. Beschermd wonen, maatschappelijke- en vrouwenopvang (Wmo) Bij beschermd wonen, maatschappelijke- en vrouwenopvang is er een voordeel van € 238.000 veroorzaakt door verschillende posten: De baten zijn € 195.900 hoger dan begroot door de bijdrage van de MGR. De MGR heeft in december een aanvullend voorschot verstrekt vooruitlopend op het verwachte surplus bij de jaarrekening. De definitieve afrekening vindt plaats via de jaarstukken 2025 in 2026. Het voordeel wordt verder verklaard door posten elk kleiner dan € 25.000.

2.7.2 Reserves (bedrag x 1.000) Begroting Realisatie 2025 2025

Verschil 2025

Saldo 2025 Opvang Ontheemden Oekraïne

1.065

-1.065

Totaal toevoegingen

1.065

-1.065

T/O Reserve

I/S Omschrijving

T

I

O

Opvang Ontheemden Oekraïne

Gecommitteerde reserve

I

Overhev. budgetten

-154

-154

Totaal onttrekkingen

-154

-154

64

2.7.3 Investeringen (bedrag x 1.000) Totaal krediet Realisatie 2025 t/m 2025

Investeringen

Restantkrediet 2025

Zorgboulevard Leudal

100

65

35

Totaal investeringen

100

65

35

Afvoeren

2.1.3 Verplichte indicatoren Verplichte indicatoren per Eenheid programma

Bron

Waarde Waarde Waarde Waarde Limburg 2022

2023

2024

2025

actueelste

70,8

71,7

72,3

72,6

69,5

151,4

144

144,4

116,3

270,5

143,6

135

145,9

145,9

192,8

CBS

610

630

690

650

808

% kinderen in uitkeringsgezin %

CBS

3

3

3

% werkloze jongeren

%

CBS

1

2

2

Jongeren met jeugdhulp

% van alle jongeren CBS tot 18 jaar

16,1

15,7

15,9

%

CBS

geen data

geen data

0,2

%

CBS

1,6

1,7

1,6

%

CBS

76,9

77,4

78,4

P7 Sociaal domein Netto arbeidsparticipatie Bijstandsuitkeringen Lopende reïntegratievoorzieningen Wmo-cliënten met een maatwerkarrangement

Jongeren met jeugdreclassering Jongeren met jeugdbescherming Demografische druk

% CBS per 10.000 inw 18 jr CBS eo per 1.000 inw 15CBS 65jr per 10.000 inw

geen data geen data geen data geen data geen data

15,6

80,1

76,8

6 2

0,4 1,4

De indicatoren zijn op 7 april 2026 gedownload van de site www.waarstaatjegemeente.nl (Besluit Begroting en Verantwoording). Indien er "geen data" staat, dan is vanuit deze site geen gegevens voor dat jaar bekend. Voor actuelere gegevens wordt verwezen naar de vermelde site.

Verbonden partijen ● Westrom ● Omnibuzz ● Modulaire gemeenschappelijke regeling sociaal domein Limburg-Noord (MGR)

65

2.8 Volksgezondheid en milieu Wat hebben we bereikt? De basis van een gezonde en veilige leefomgeving is een goede balans tussen bescherming en ontwikkeling. In vaktermen gezegd 'een evenwichtige toedeling van functies aan locaties'; niet alles kan overal en niet tegelijkertijd. Het bereiken van een goede balans is één van de hoofdonderdelen van de beoordeling van ruimtelijke plannen en het uitvoeren van onze wettelijke taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving. Concreet hebben wij het volgende bereikt. • •

De Omgevingsvisie Leudal, Natuurlijk! 2025-2040' is vastgesteld. Zes Intensieve Veehouderijlocaties zijn door toepassing van een landelijke subsidieregeling

•

en wijziging van het Omgevingsplan beëindigd. Een Plan van Aanpak voor Grenzeloos Meten is opgesteld en een specifiek meetprogramma

•

luchtkwaliteit rondom Zevenellen is opgezet. Nieuwe beleidsregels voor geluid zijn geformuleerd om de kwaliteit van de leefomgeving te verbeteren.

Deze resultaten lichten wij hierna verder toe.

Wat hebben we ervoor gedaan? Omgevingsvisie 'Leudal, Natuurlijk! 2025-2040' Eind 2025 werd de Omgevingsvisie 'Leudal, Natuurlijk!' vastgesteld. Deze visie schetst een beeld van de lange termijn doelen en ambities voor onze gemeente, waarbij de doorkijk wordt gemaakt naar 2040. Met deze Omgevingsvisie geven wij richting aan ruimtelijke, sociale en economische ontwikkelingen en bieden wij een kader voor een leefbare, duurzame en gezonde gemeente vanuit onze kernwaarden; Rust, Ruimte en Groen. De visie biedt antwoorden op uitdagingen als de energietransitie en klimaatverandering. Tegelijkertijd bieden trends en ontwikkelingen ook kansen voor Leudal. De steeds verder groeiende regio Eindhoven ondersteunt onze woningbouwambitie, waarbij een treinstation in onze gemeente goed zou aansluiten. Het buitengebied geeft ruimte aan onder andere een vitale agrarische sector en uitnodigende recreatieve parels. Bij de realisatie van ruimtelijke ontwikkelingen vinden wij het belangrijk dat onze 16 dorpen hun eigen identiteit behouden en dat kenmerkende landschappelijke waarden in ons uitgestrekte buitengebied beschermd worden. De Omgevingsvisie gaat ook over sociale, culturele en maatschappelijke waarden en hoe deze in een juiste verhouding met elkaar samengaan met de ruimtelijke leefomgeving. Een visiedocument bevat meestal veel tekst en is daarom niet zo sprekend.

Wij hebben ervoor gekozen onze visie ook uit te laten tekenen (een visualisatie). Deze visualisatie is een hulpmiddel om onze omgevingsvisie op een eenvoudige manier te presenteren. De samenleving verandert en onze gemeente verandert mee. Deze Omgevingsvisie is daar een voorbeeld van: een brede en integrale visie op de toekomst en een raamwerk voor allerlei ontwikkelingen. De Omgevingsvisie laat kort, bondig én beeldend zien waar wij samen met onze inwoners, ondernemers en partners aan willen werken.

66

Uitvoering van de Landelijke Beëindigingsregelingen Veehouderijlocaties (LBV, LBV+) In het kader van de stikstofproblematiek zijn subsidieregelingen voor stoppende veehouderijen in het leven geroepen. Dit zijn de Landelijke Beëindigingsregeling Veehouderijlocaties (Lbv en Lbvplus). Met deze regelingen wordt beoogd de stikstofuitstoot te verminderen en de stikstofneerslag op kwetsbare natuur in Natura 2000-gebieden snel naar beneden te brengen. Of een bedrijfslocatie in aanmerking komt voor een van de beëindigingsregelingen, is afhankelijk van de stikstofdepositie op een Natura 2000-gebied. Ook in Leudal zijn diverse agrarische ondernemers die meedoen aan de Lbv en Lbv-plus. Om te voldoen aan hun plichten en uiteindelijk de subsidie te kunnen ontvangen, is het nodig dat het op de stoppende bedrijfslocatie niet meer mogelijk is om een veehouderij uit te oefenen en bedrijfsmatig dieren te houden. Dit kan alleen geregeld worden door het omgevingsplan te wijzigen. Dit is in 2025 gebeurd voor zes locaties. Schone Lucht Akkoord (SLA): Grenzeloos Meten 2.0 en Citizen Science Zevenellen Door deelname aan het regionale burgermeetnetwerk luchtkwaliteit Grenzeloos Meten 2.0 krijgen we inzicht in de lokale luchtkwaliteit en daarmee handelingsperspectief voor inwoners, ondernemers en overheid.

Dit sluit naadloos aan bij het onderdeel Participatie/citizen science van het Schone Lucht Akkoord (SLA). In 2025 is een plan van aanpak vastgesteld dat tot stand is gekomen door intensieve samenwerking van de gemeenten Venray, Horst aan de Maas, Peel en Maas, Venlo, Nederweert, Roermond en Leudal, de provincie Limburg, RIVM, GGD, Omgevingsdienst Zuid-Limburg, Connection Agri & Food, Louis Bolk Instituut, Wageningen University & Research en Fontys Hogeschool. In 2026 begint de uitvoering en starten de luchtkwaliteitsmetingen. Aanvullend op het project Grenzeloos Meten 2.0 hebben wij in 2025 besloten om een specifiek meetprogramma luchtkwaliteit rondom Zevenellen op te zetten. Ook de provincie heeft eind 2025 besloten een bijdrage te leveren aan het meetprogramma door de inzet van de mobiele meetwagen van de Omgevingsdienst Zuid-Limburg. Met deze luchtkwaliteitsmetingen wil de gemeente samen met de inwoners een goed beeld krijgen van de luchtkwaliteit rondom Zevenellen.

Beleidsregels geluid gemeente Leudal Nieuwe beleidsregels zijn ten eerste nodig om de kwaliteit van de leefomgeving op het gebied van geluid te verbeteren. Ten tweede wordt, ten opzichte van de oude beleidsregels geluid, meer ruimte geboden voor de realisatie van passende woningen, waarbij het geluid wel nog aanvaardbaar is voor de bescherming van de gezondheid en het milieu. Ten derde, is van de gelegenheid gebruik gemaakt om oude afzonderlijke beleidsregels over geluid te bundelen in één overzichtelijk document. Deze nieuwe beleidsregels voldoen aan de bepalingen van de Omgevingswet en hebben een bredere werking. Zo zijn er regels opgenomen voor: • milieuhinderlijke activiteiten (bedrijven en instellingen); • het bouwen van geluidgevoelige functies, zoals woningen; • de aanleg of wijziging van gemeentelijke wegen; • wijzigingen in het omgevingsplan op het gebied van bedrijventerreinen, evenementen en festiviteiten en terreinen voor traditioneel schieten; • Specifieke onderwerpen zoals stiltegebieden, cumulatie van geluid en helikoptergeluid.

67

Wat heeft dat gekost?

Volksgezondheid en milieu

(bedrag x 1.000) Primitieve Begroting na begroting wijziging 2025 2025

Geboekt 2025 t/m periode

Realisatie begroting

Lasten Volksgezondheid

1.894

1.906

1.865

-41

Riolering

3.745

3.864

3.625

-239

Afval

4.286

4.611

4.605

-6

Milieubeheer

2.308

5.017

3.043

-1.974

Begraafplaatsen en crematoria

32

108

88

-20

Mutaties reserves P8

0

0

0

0

12.265

15.507

13.226

-2.281

-204

-212

-153

59

Riolering

-4.957

-5.026

-5.093

-67

Afval

-3.874

-4.138

-4.191

-53

-672

-3.484

-1.515

1.969

Begraafplaatsen en crematoria

-7

-7

-9

-2

Mutaties reserves P8

-4

-4

-13

-9

Totale Baten

-9.717

-12.870

-10.974

1.896

Resultaat

2.548

2.637

2.252

-385

Totale Lasten Baten Volksgezondheid

Milieubeheer

Volksgezondheid Kansrijke Start Bij de posten van kansrijke start is er een nadeel van € 84.000. Dit wordt voor € 64.200 veroorzaakt doordat 10% van de rijksuitkering 2025 mag en is meegenomen naar 2026. Het nadeel wordt verder verklaard door diverse andere posten elk kleiner dan € 25.000. Met betrekking tot de brede spuk ontvangt de gemeente op vijftien thema's middelen vanuit het rijk. De thema's vallen onder de programma's 6 (sport, cultuur en recreatie), 7 (sociaal domein) en 8 (volksgezondheid en milieu). De rijksmiddelen worden als eerste ingezet voor een aantal specifieke projecten. Indien op het einde van het jaar blijkt dat de rijksmiddelen niet volledig zijn besteed, wordt beoordeel of in reguliere gemeentelijke budgetten uitgaven zijn geweest die ook toegerekend mogen worden aan de brede spuk. Op deze manier is ervoor gezorgd dat niets aan rijksmiddelen terugbetaald hoeft te worden.

68

In 2025 is de regeling gewijzigd. Pas in het 4e kwartaal van 2025 is over de wijzigingen meer duidelijkheid ontvangen. Zo is o.a. losgelaten dat per deelgebied verantwoord moet worden. Voor 2026 geldt een korting vanuit het Rijk van 10% op de brede spuk. Om dit op te vangen is vanuit het budget 2025 het maximale van 10% (€ 64.200) van de uitkering doorgeschoven naar 2026 (nadeel op baten). Op de verschillende onderdelen van de brede spuk zijn diverse afwijkingen elk kleiner dan € 25.000. Riolering Beheer riolering Er is weliswaar een voordeel doordat er minder exploitatielasten waren dan geraamd. Echter door de toerekening van extra comptabele kosten, BTW en rente ontstaat er een tekort. Hiervoor is er een onttrekking gedaan uit de voorziening van € 163.000. Voor verdere informatie zie paragraaf lokale heffingen. Rioolheffing Bij de rioolheffing is er een voordeel van € 30.100. Dit wordt verklaard doordat er € 26.300 meer is ontvangen voor de rioolheffing woningen in 2025 dan geraamd. Dit komt omdat er meer woningen zijn dan in de prognose van de BsGW meegenomen waren (nieuwe woningen). Afvalinzameling en -verwerking Op de afvalinzameling en -verwerking is er een voordeel € 127.000 vooral veroorzaakt door € 108.100 aan hogere opbrengsten dan geraamd van de inzamelvergoedingen PMD en glas. Het voordeel wordt verder verklaard door diverse andere posten elk kleiner dan € 25.000.

Afvalstoffenheffing Bij de afvalstoffenheffing is er een nadeel van € 64.200 door lagere opbrengsten van € 17.000 in 2025 en lagere opbrengsten € 47.200 diftar uit voorgaande jaren. Milieubeheer Aanpak energiearmoede Bij Aanpak energiearmoede is er een nadeel van € 197.000. Door het Rijk is een specifieke uitkering (SPUK) verstrekt voor de aanpak energiearmoede. Het restant van niet uitgegeven middelen wordt overgeheveld naar 2026 ter besteding. Een gedeelte van de kosten is verantwoord onder de personele kosten, dit is een bedrag van € 197.000. Capac. klimaat en energie (CDOKE) Bij Capaciteit klimaat en energie is er een nadeel van € 67.700. Door het Rijk is een specifieke uitkering (SPUK) verstrekt voor capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE). Er is een extra bijdrage CDOKE ontvangen van het Rijk na verwerking in de 2e raadsrapportage van € 76.500 en daarmee niet begroot. Het restant van niet uitgegeven middelen wordt overgeheveld naar 2026 ter besteding. Een gedeelte van de kosten is verantwoord onder de personele kosten, dit is het bedrag van € 67.700.

69

Beheer begraafplaatsen Bij beheer begraafplaatsen is er een voordeel € 33.900. Er is in 2025 incidenteel een extra bedrag geraamd voor de inrichting van het middenterrein van de algemene begraafplaats in Horn, vanwege uitval van grote vakken planten. Deze werkzaamheden zijn in 2025 niet uitgevoerd. Het voordeel wordt verder verklaard door diverse andere posten elk kleiner dan € 25.000.

2.8.2 Reserves (bedrag x 1.000) T/O Reserve

I/S Omschrijving

Begroting Realisatie 2025 2025

Verschil 2025

-9

9

T Totaal toevoegingen O

Bedrijfsvoering

I

Dekking inhuur

O

Dekkingsreserves

S

Afschrijvingen

-4

-4

Totaal onttrekkingen

-4

-13

9

70

2.8.3 Investeringen (bedrag x 1.000) Totaal krediet 2025

Realisatie t/m 2025

Restantkrediet 2025

-2

-65

63

Voorbereidingskrediet diverse reconstructies 2023

100

97

3

Uitvoering diverse rioleringswerken

85

100

-15

Renovatie pompgemaal Aziëstraat Ittervoort

115

80

35

Reconstructie Winterstraat e.o. Neer

1.325

1.157

168

Bijdrage DPRA impulsregeling

-202

-202

Reconstructie Winterstraat e.o. Neer

1.123

955

Voorbereidingskrediet diverse projecten 2024

125

125

GRP 2022-2026 Raamkrediet milieumaatregelen (MIP 2024)

17

Voorbereidingen Kaderrichtlijnen Water Maatregelen

160

195

-35

Reconstructie Brigittastraat Ittervoort

887

780

107

Bijdrage DPRA impulsregeling

-120

-120

Reconstructie Brigittastraat Ittervoort

767

660

GRP 2022-2026 Raamkrediet Vrijvervalriolen MIP 2025

373

373

GRP 2022-2026 Raamkrediet gemalen MIP 2025

79

79

GRP 2022-2026 Raamkrediet persleiding MIP 2025

128

128

GRP 2022-2026 Raamkrediet BRP maatregelen MIP 2025

676

676

Reconstructie Eindstraat-Poststraat Horn

200

182

18

Uitvoering KRW maatregelen Ittervoort

250

237

13

1.413

138

1.276

Investeringen Projecten regionale samenwerking (overheveling GOML)

Reconstructie Tram-Maassen en Groenstraat Roggel Bijdrage DPRA impulsregeling

17

-133

Reconstructie Tram-Maassen en Groenstraat Roggel

168

107

-133

1.280

138

1.142

Vernieuwing rioolgemalen Haelen en Heythuysen

83

28

55

Voorbereiding geluidsanering N 280

17

9

8

-17

-18

1

-8

8

2.724

2.835

Bijdrage rijk Voorbereiding geluidsanering N 280

5.559

Totaal investeringen

2.1.3 Verplichte indicatoren Verplichte indicatoren per programma

Eenheid

Bron

Waarde Waarde Waarde Waarde Limburg 2022

2023

2024

2025

actueelste

77

76

76

geen data

111

P8 Volksgezondheid en Milieu Huishoudelijk restafval

kg

CBS

71

De indicatoren zijn op 7 april 2026 gedownload van de site www.waarstaatjegemeente.nl (Besluit Begroting en Verantwoording). Indien er "geen data" staat, dan is vanuit deze site geen gegevens voor dat jaar bekend. Voor actuelere gegevens wordt verwezen naar de vermelde site.

Verbonden partijen ● Reinigingsdienst Maasland ● Bodemzorg Limburg ● Regionale Uitvoerings Dienst (RUD) Limburg-Noord

72

2.9 Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing Wat hebben we bereikt? Het is fijn wonen in Leudal. Dit willen wij zo houden en verbeteren. Fijn wonen in Leudal is meer dan alleen het juiste dak boven het hoofd hebben. Het gaat ook om elkaar ontmoeten, voor elkaar zorgen en een gevoel van verbondenheid ervaren. Wij streven naar actieve gemeenschappen met een passende mix van woonvormen, voorzieningen en bedrijvigheid. Daarnaast gaat het om versterking van groen, natuur en het levendig houden van het (agrarische) buitengebied. Concreet hebben wij het volgende bereikt •

Het Omgevingsplan Woonkernen nieuwe stijl is opgesteld, als eerste in Limburg. Hiermee bieden we binnenplans meer ruimte voor woningaanpassing, woningsplitsing en

•

transformaties. Er zijn 96 nieuwe woonruimten gerealiseerd en onze portefeuille is goed gevuld met

•

plannen voor 1300 woningen. Een subsidieregeling met financiële impuls voor betaalbare woningbouw is geopend.

•

Onze inwoners zijn geadviseerd over en (financieel) gestimuleerd en ontzorgd bij de verduurzaming van hun woning.

•

Meer starters werden gefaciliteerd door lokale verruiming van de maximale koopsom voor startersleningen.

Ten aanzien van de woningbouwcijfers geven wij graag een iets uitvoerigere toelichting op het bereikte resultaat. Realisaties komen op gang Wij zien nog steeds dat de voortgang van de bouw en de oplevering van woningen achterblijft bij onze ambities. Dit is een landelijk probleem. Structurele knelpunten, zoals verplichte afstanden tot agrarische percelen waar gewasbeschermingsmiddelen mogen worden gebruikt (spuitzones) en de stikstofproblematiek, maken nieuwe ontwikkelingen complexer. Daarnaast lopen geplande realisaties vertraging op door stijgende bouwkosten, personeelstekorten, lange wachttijden voor aansluitingen op het energienet of langdurige beroepsprocedures bij de Raad van State. Het aantal opgeleverde woningen in 2025 ligt wel iets hoger dan vorig jaar. Wij bieden met de Versnellingsagenda Wonen veel beleidsruimte voor de bouw van nieuwe woningen. Voor veel woningen geldt een planologische bouwtitel of realisatieovereenkomst. In lijn met landelijke problematiek, blijven daadwerkelijke realisaties achter. Toch zijn 96 nieuwe woonruimten gerealiseerd. Het gaat om 37 nieuwbouwwoningen en 29 woningen door inpandige verbouwingen, waaronder 6 mantelzorgwoningen. Ook zijn 30 wooneenheden voor ouderen met een specifieke zorgvraag opgeleverd. Verder zijn 23 woningen gesloopt voor vervangende nieuwbouw en is 1 mantelzorgwoning onttrokken.

Per 1 januari 2026 zijn 134 woningen en 47 woonzorgeenheden vergund. Het merendeel daarvan is in aanbouw (zie ‘bouwactiviteiten in grotere projecten’ hierna). Daarnaast hebben we in 2025 diverse vergunningen verleend waarmee de tijdelijke huisvesting van 98 internationale werknemers mogelijk wordt. Deze (seizoensgebonden) arbeidskrachten zijn onmisbaar voor onze agrarische sector.

73

Onze inspanningen om bewust te sturen op betaalbare woningbouw zijn opnieuw zichtbaar. Driekwart van de gerealiseerde woningen valt binnen het betaalbare segment. Dat zijn huurwoningen met een sociale of midden huurprijs tot maximaal € 1.185 en koopwoningen tot maximaal € 405.000 (prijspeil 2025). De grootste opgeleverde woningbouwplannen zijn: - 6 projectmatige huurwoningen en 2 zelfbouw koopwoningen aan Vluchtpadenhof in Buggenum, - 9 projectmatige koopwoningen aan Huskenshof in Grathem (op voormalige bedrijfslocatie), - 4 huurwoningen aan de Roggelseweg in Haelen (inpandige transformatie naar wonen), - 4 huurwoningen aan de Meerkamp in Heythuysen (inpandige transformatie bedrijf naar wonen), - 4 huurwoningen aan de Rijksweg in Horn (nieuwbouw op voormalige horecalocatie), - 12 aanleunwoningen en 30 zorgeenheden in het huursegment bij een nieuw woonzorgcentrum aan de Bergerweg in Horn (inpandige verbouwing). Verder gaat het om kleine ontwikkelingen van enkele woningen en realisaties in lopende projecten waaronder Steenenbampt in Ell en CPO Grasheim in Grathem. Forse impuls vanuit het rijk voor betaalbare woningbouw Met de nieuwe realisatiestimulans maakt het rijk de bouw van betaalbare woningen haalbaarder. De komende 5 jaar ontvangen alle gemeenten een vast bedrag van € 7.000 per betaalbare woning waarvan de bouw het voorgaande jaar is gestart.

De verantwoording verloopt automatisch via de jaarlijkse Sisa-rapportage (J17). Start bouw meldingen gaan via de BAG. Doordat we bij nieuwe ontwikkelingen werken met anterieure overeenkomsten, kan de betaalbaarheid van woningen eenvoudig worden aangetoond. In 2025 is de bouw van 49 betaalbare woningen gestart (zie ‘bouwactiviteiten in grotere projecten’ hierna). Dat betekent een realisatiestimulans van € 343.000, uitgekeerd in het najaar van 2026. Via ons Herstructureringsfonds Bebouwde Omgeving zetten we de ontvangen rijksbijdrage gericht in om opnieuw betaalbare woningbouw te stimuleren in lokale projecten. Per jaar schommelt het aantal woningen dat in aanmerking komt, het is een momentopname. Bouwactiviteiten in grotere projecten De volgende projecten komen in aanmerking voor de realisatiestimulans 2025: - 3 betaalbare koopwoningen aan de Kloosterstraat in Heythuysen boven een nieuwe fietsenwinkel, - 6 middenhuur appartementen op een voormalige horecalocatie aan de Napoleonsweg in Neer, - 34 sociale huurwoningen in het gebied Beeklaan/Pietersplein in Roggel. Verder is de bouw gestart van 6 individuele woningen (kavelsplitsing en mantelzorg). Aanvullend hierop volgt een korte beschrijving van andere projecten die in aanbouw zijn. Deze vallen niet onder de realisatiestimulans omdat de bouw al eerder is gestart of omdat de woningen buiten het betaalbare segment vallen.

Aan Vluchtpadenhof in Buggenum zijn 3 levensloopbestendige woningen (zelfbouw kavels) in aanbouw. Het plan CPO Grasheim in Grathem, bestaande uit in totaal 12 koopwoningen, nadert volledige oplevering. Ook de herontwikkeling van de voormalige gemeentehuizen in Haelen en Hunsel is bijna gereed. Hier wordt gewerkt aan de realisatie van respectievelijk 7 en 4 huurappartementen. De eerste koopwoningen (zelfbouw kavels) in het plan Den Hoek in Heythuysen zijn vergund en in aanbouw. Daarnaast hebben alle dorpen lopende plannen en/of zicht op nieuwe ontwikkelingen.

74

Wat hebben we ervoor gedaan? Het Omgevingsplan Woonkernen is opgesteld Iedere Nederlandse gemeente is verplicht in 2032 voor het totale grondgebied een omgevingsplan vast te stellen. Bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet in 2024 heeft iedere gemeente van rechtswege een tijdelijk omgevingsplan 'ontvangen'. Dit bestaat uit de voormalige bestemmingsplannen en enkele verordeningen alsmede uit rijksregels in de vorm van een Bruidsschat. Wij bouwen dit tijdelijk omgevingsplan tot 2032 om tot ons nieuwe omgevingsplan. Dit doen we stap voor stap. Wij begonnen in 2024 met de vaststelling van het omgevingsplan voor de Beeklaan in Roggel en pasten tussentijds wijzigingen toe (zie paragraaf 2.8 met betrekking tot LBV-regeling). In 2025 hebben wij het Omgevingsplan Leudal, deelgebied Woonkernen vormgegeven. Ons doel is om de regels eenvoudiger te maken. Ons nieuwe (concept) Omgevingsplan Woonkernen draagt daarom bij aan makkelijkere binnenplanse bouwmogelijkheden voor nieuwe woningen. Dit betekent snellere procedures en meer flexibiliteit om als inwoner of ontwikkelaar in te spelen op veranderende situaties. Voorbereiden Volkshuisvestingsprogramma Samen met de regiogemeenten doorlopen wij het traject om lokale Volkshuisvestingsprogramma’s op te stellen.

Dit is straks verplicht als onderdeel van de Wet versterking regie volkshuisvesting en vormt een uitwerking van onze gemeentelijke omgevingsvisie. Wij treffen nu alle inhoudelijke voorbereidingen, zodat wij - zodra de wet in werking treedt (verwachting 1 juli 2026) - snel het Volkshuisvestingsprogramma kunnen vaststellen. In het kader van participatie zijn in regionaal verband digitale radensessies en een stakeholderbijeenkomst gehouden. De lokale bijeenkomsten vinden in 2026 plaats. Actief inzetten op vergroting planvoorraad Eén van de belangrijkste opgaven in de Omgevingsvisie is een passend thuis voor iedere inwoner. Afgelopen jaar hebben wij opnieuw stevige stappen gezet richting een goed gevulde portfolio met passende woningbouwplannen. Daarbij kiezen wij bewust voor een actievere aanpak. Onze focus richt zich op het benutten van eigen grondposities en het ontwikkelen van prominente locaties die vrijkomen in een dorp. Ook zetten we ambitieus in op enkele grootschalige uitbreidingslocaties. Dit doen we in samenwerking met (lokale) ontwikkelaars, woningcorporaties en inwoners. De Versnellingsagenda Wonen vormt ons afwegingskader. Hiermee zorgen we dat bouwen in alle dorpen mogelijk blijft en vooral gericht is op de betaalbare segmenten, huur en koop. In reactie op signalen uit de markt hebben we de instandhoudingstermijn voor nieuwe betaalbare woningen verkort.

Dit is gunstiger voor potentiële kopers en vergroot de bereidheid van ontwikkelaars om nieuwe plannen te ontwikkelen. In 2025 hebben we meer dan 550 nieuwe woningen aan de planvoorraad toegevoegd, verspreid over de hele gemeente. Daarmee hebben we nu ruim 1.500 nieuwe woningen in de pijplijn. Deels gaat het om nieuwbouw, deels om inpandige transformaties. Ook als kerken hun oorspronkelijke functie verliezen, behoort een nieuwe invulling met woningen tot de mogelijkheden. De komende jaren staan veel bouwplannen op de rol. Hier volgt een korte beschrijving van de belangrijkste (nieuwe) ontwikkelingen. Voor de invulling van de voormalige voetbalvelden in Hunsel en Kelpen-Oler zijn marktconsultaties afgerond en de verkoop-en realisatieovereenkomsten getekend. In beide plannen wordt een mix van diverse woningtypen en prijsklassen gerealiseerd (sociaal, betaalbaar en enkele kavels). In totaal gaat het om 61 woningen. Voor onze grondposities in Horn (voormalige sportvelden) en Heythuysen (voormalige schoollocaties Ortholaan en Ursula) werken we aan ontwikkelkaders voor woningbouw. Hier zien wij kansen voor de realisatie van zo’n 110-130 woningen. 75

Samen met de corporatie kijken we ook naar de mogelijkheden om ons vrijkomend maatschappelijk vastgoed in Heibloem, Ittervoort en Nunhem via Bouwstroom Limburg een woonfunctie te geven. Naar schatting kunnen zo’n 30 woningen onder de regeling worden uitgewerkt. In Ell ontwikkelen we met betrokken grondeigenaren een gebiedsvisie voor de gehele noordkant van het dorp, waaronder de voormalige voetbalvelden. Naar schatting gaat het om 100-150 woningen in verschillende typologieën. Een andere grote uitbreidingslocatie ligt in Baexem. Initiatiefnemers werken plannen uit voor circa 70 woningen aan de Salmenhofweg. In Haelen/Nunhem wil de eigenaar van het Corubona-terrein de bedrijfslocatie transformeren naar woningbouw, met indicatief 90-140 woningen. Aan de zuidkant van Roggel (Kikveld) is een ontwikkelaar bezig met een gefaseerd bouwplan van zo’n 100 woningen voor verschillende doelgroepen. Ook aan de noordkant van Roggel zien we kansen voor een uitbreiding. Wij nemen daar het voortouw om met diverse geïnteresseerde particulieren in overleg te treden over een totaalontwikkeling voor dit gebied. Een visie voor dit project moet nog nader worden uitgewerkt. Naast de grote projecten bieden wij ook ruimte voor individuele plannen en kleinere transformaties.

Stimuleren van betaalbare woningbouw via herstructureringsfonds en subsidieregeling Het Herstructureringsfonds Bebouwde Omgeving is dit najaar ingericht. Vanuit het nieuwe Programma Omgevingskwaliteit kunnen wij compensatiebijdrages vragen bij plannen in het duurdere segment. De nieuwe subsidieregeling ‘herstructurering bebouwde omgeving’ is een belangrijk instrument waarmee we vervolgens projecten kunnen stimuleren waar juist wordt gebouwd voor betaalbare woningen. Het is vaak financieel uitdagend om dit soort projecten haalbaar te krijgen, terwijl de vraag ernaar groot is. Inwoners, ontwikkelaars en woningcorporaties kunnen een bijdrage ontvangen van € 15.000 of € 30.000 per woning, afhankelijk van de situatie. We hebben nog geen lopende aanvragen. Wel hebben we iedere initiatiefnemer waarbij wij het vermoeden hebben van een onrendabele top actief benaderd en geïnformeerd over het fonds. Via het Herstructureringsfonds Bebouwde Omgeving leveren we niet alleen bijdragen aan de onrendabele top van woningbouwprojecten, maar zijn ook strategische grondaankopen mogelijk en kunnen we een duurzame, groene herinrichting van de openbare ruimte stimuleren. Ondersteunen van woningaanpassingen om energieverbruik te verminderen We hebben niet alleen oog voor het bouwen van nieuwe woningen. Het afgelopen jaar is opnieuw geïnvesteerd in verduurzaming van de bestaande woningvoorraad.

Onze Energiebespaar Brigade adviseert en ondersteunt inwoners om hun energieverbruik te verminderen. In 2025 hebben de energiecoaches 104 woningadviezen gegeven. Daarnaast heeft de klusbus 182 adressen bezocht om concrete, kleine maatregelen uit te voeren. Zij hebben 963 uur geklust, daarbij 3.442 lampen vervangen, 511 meter tochtband aangebracht en 228 enkele ramen voorzien van plexiglas voorzetramen. Dankzij deze aanpassingen besparen de bewoners in totaal zo’n 67.000 kWh en 9.900 m3 gas per jaar. Verder is bij circa 30 slecht geïsoleerde koopwoningen van eigenaren met een laag inkomen een spouwmuurisolatie uitgevoerd. Voor eigenaren met een iets hoger inkomen, is de subsidieregeling voor het uitvoeren van ‘doe-het-zelf’ isolatiemaatregelen gestart. In 2025 zijn 25 subsidies verstrekt.

76

Tot slot is in RESNML-verband samen met tien andere gemeenten het project Meerjarig collectief isoleren gestart voor het grootschalig isoleren van koopwoningen met een energielabel <D. Het doel is voor 2030 ongeveer 2.000 woningen in Leudal te voorzien van één of meer isolatiemaatregelen. Verruimen van de mogelijkheden voor startersleningen Steeds vaker hebben starters ondersteuning nodig bij de koop van hun eerste woning. Daarom bieden wij startersleningen aan samen met de provincie. Tot eind 2025 betaalt de provincie 75% van elke starterslening en de gemeente 25%. Vanaf 2026 wijzigt dat naar ieder 50%. In maart 2025 hebben we, met toestemming van de provincie, besloten de maximale koopsom in Leudal te verhogen naar € 310.000 in plaats van de Limburgse norm van € 280.000. Zo bleven met de stijgende huizenprijzen voldoende woningen beschikbaar voor een starterslening. Dankzij onze verruiming hebben 10 starters hun gewenste eerste woning kunnen kopen. In totaal hebben we 29 startersleningen verstrekt. Dat is meer dan in voorgaande jaren (gemiddeld 20-25 per jaar). Mede dankzij onze lobby heeft de provincie per 1 januari 2026 haar voorwaarden verruimd. In heel Limburg zijn startersleningen voortaan mogelijk voor woningen tot € 345.000, ook in Leudal. We ondersteunen niet alleen onze eigen starters, maar trekken ook jongeren uit de regio (terug) naar Leudal. Wat heeft dat gekost?

Volkshuisv., leefomgev.+ sted. vernieuw.

(bedrag x 1.000) Primitieve Begroting na begroting wijziging 2025 2025

Geboekt 2025 t/m periode

Realisatie begroting

Lasten Ruimte en leefomgeving

2.567

3.692

2.681

-1.011

Grondexploitatie (nietbedrijventerrein)

1.457

1.951

1.513

-438

Wonen en bouwen

1.753

1.916

1.787

-129

0

423

1.611

1.188

5.778

7.982

7.592

-390

-38

-347

-343

4

Grondexploitatie (nietbedrijventerrein)

-1.377

-1.377

-116

1.261

Wonen en bouwen

-1.103

-1.005

-1.657

-652

-98

-1.974

-2.574

-600

Totale Baten

-2.615

-4.703

-4.690

13

Resultaat

3.163

3.279

2.902

-377

Mutaties reserves P9 Totale Lasten Baten Ruimte en leefomgeving

Mutaties reserves P9

77

Ruimte en leefomgeving Ruimtelijke plannen Bij ruimtelijke plannen is er een voordeel van € 167.900. De (concept)aanvragen, intakeverzoeken en verzoeken tot wijziging van omgevingsplan zijn vooraf lastig in te schatten. Dit is vooral lastig, omdat per 1 januari 2024 de Omgevingswet in werking is getreden, waardoor aanvragen niet of later zijn gedaan en bepaalde instrumenten zijn vervallen. Een realistische aanname voor de opvolgende jaren, in zowel baten als lasten, wordt in het kader van ZBB gepoogd. Per saldo lagere baten in 2025 van € 57.200. Er is een provinciale subsidie verstrekt van € 67.500 voor woningstimulans. In 2025 is hier een bedrag van € 7.900 op uitgegeven. Het restant van € 59.600 wordt in 2026 besteedt. Voor de voorbereidingskosten woningbouw is er een voordeel op de projectkosten van € 217.200. Deze gaan mee in de gecommitteerde reserve naar 2026. Omgevingswet Bij de Omgevingswet is er een voordeel van € 513.800. De implementatie van de Omgevingswet duurt nog tot 2032. Afgelopen jaar is de Omgevingsvisie afgerond, zijn enkele kleine wijzigingen van het Omgevingsplan vastgesteld en is het ontwerp voor het deelgebied Woonkernen afgerond. Daarnaast is een Europese Aanbesteding doorlopen voor het deelgebied Buitengebied en Bedrijventerreinen. De komende jaren wordt hieraan gewerkt in diverse fasen.

Daarnaast verwachten we één of meer thematische wijzigingen door te voeren. De totale kosten daarvoor worden begroot op ruim € 1 miljoen. Het restantbedrag van € 513.800 is meegenomen in de gecommitteerde reserve. Buitengebied Bij buitengebied is er een voordeel van € 176.800. Er zijn minder uitgaven gedaan in 2025 dan begroot. Dit heeft grotendeels te maken met de gewijzigde politieke koers van het Rijk en Provincie als het gaat om de inzet van middelen voor verplaatsing of beëindiging van intensieve veehouderijen. De gebiedsgerichte aanpak is daarom nog niet gestart. Na vaststelling van de Omgevingsvisie en het Uitvoeringsprogramma Landelijk Gebied, wordt opnieuw ingezet op het actief inspelen op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Reden waarom het restantbedrag van € 177.500 naar de gecommitteerde reserve gaat. Het voordeel wordt verder verklaard door posten elk kleiner dan € 25.000. Handhaving R.O Bij handhaving R.O is er een nadeel van € 65.000. Er zijn twee grote handhavingsdossiers lopende met juridische procedures waardoor er hogere kosten zijn dan geraamd. Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer Bij Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer is er een voordeel van € 200.000. Door de provincie zijn de beschikkingen voor agrarisch natuur en landschapsbeheer verleend. Hierdoor is het voor 2025 gereserveerde bedrag niet benut.

Het bedrag van € 200.000 uit 2025 is gestort in de reserve kwaliteitsfonds.

78

Grondexploitatie (niet bedrijventerrein) Grondexploitatie woningen Voor de toelichting grondexploitatie wordt verwezen naar de paragraaf grondbeleid. Faciliterend grondbeleid Voor de toelichting grondexploitatie wordt verwezen naar de paragraaf grondbeleid. Wonen en bouwen Omgevingsvergunning Bij omgevingsvergunning is er een voordeel van € 296.400. Aan leges titel 2 is een bedrag van € 310.500 meer aan baten ontvangen dan begroot. De realisatie is afhankelijk van aanvragen die worden ontvangen. Het voordeel wordt verder verklaard door diverse andere posten elk kleiner dan € 25.000. Woonruimteverdeling Bij de omgevingsvergunningen is er een voordeel van € 365.700. In 2025 is gestart met de bouw van 49 betaalbare woningen. Volgens de Spuk realisatiestimulans woningbouw ontvangen wij hiervoor in 2026 € 7.000 per gestarte bouw in 2025 van het Rijk. Volgens het BBV moeten wij dit bedrag als nog te ontvangen bedrag opnemen in het boekjaar 2025. Hierdoor ontstaat er een voordeel van € 343.000. Het voordeel wordt verder verklaard door diverse andere posten elk kleiner dan € 25.000. Beheer woonwagencentra Bij beheer woonwagencentra is er een voordeel van € 56.900. Bij de Zomernota 2023-2026 is een projectbudget van € 350.000 geoormerkt voor de inhuur van expertise voor het geschikt maken van de woonwagenlocaties voor overdracht aan de woningbouwverenigingen.

Van dit totale bedrag is € 47.500 nog niet gerealiseerd. Er wordt een bedrag van € 47.500 meegenomen naar 2026 via de gecommitteerde reserve. Het voordeel wordt verder verklaard door diverse andere posten elk kleiner dan € 25.000.

79

2.9.2 Reserves (bedrag x 1.000) T/O Reserve

I/S Omschrijving

T

Fondsvorming Wijnaerden

I

Bijdrage gebiedsontwikkeling Wijnaerden

T

Gecommitteerde reserve

I

T

Grondexploitatie

T

Begroting Realisatie 2025 2025 120

Verschil 2025

119

1

Overheveling budgetten

956

-956

I

Resultaatbestemming 2024

454

-454

Grondexploitatie

I

Positief resultaat Gruttostraat Haler

83

-83

T

Herstructureringsfonds

I

Kwaliteitsbijdrage

45

45

T

Kwaliteitsfonds (vh. Groenfonds)

I

Kwaliteitsbijdragen diverse projecten

258

408

-150

Totaal toevoegingen

423

2.065

-1.642

-61

61

O

Bedrijfsvoering

I

Dekking inhuur

O

Dekkingsreserves

S

Afschrijvingen

-82

-82

O

Egalisatiereserve Gemeentefonds-taakmutaties

I

Taakmutatie Kerkenvisie

-5

-5

O

Gecommitteerde reserve

I

Overheveling budgetten

-1.079

-1.079

O

Grondexploitatie

I

Herontwikkeling Beeklaan

-493

-493

O

Grondexploitatie

I

Tekort Heukske Kelpen

O

Grondexploitatie

I

Prijsbepaling gronden 2025

O

Herstructureringsfonds

I

T

Kwaliteitsfonds (vh. Groenfonds)

I

-279

279

-7

-7

Dekking diverse projecten grex

-275

-563

289

Dekking diverse projecten

-33

-4

-29

-1.974

-2.574

600

Totaal onttrekkingen

80

2.9.3 Investeringen (bedrag x 1.000)

Investeringen

Totaal krediet 2025

Realisatie t/m 2025

Restantkrediet 2025

Uitbreiding locatie Molenzicht met 3 woonwagens

520

778

-258

Uitbreiding locatie Molenzicht met 4 standplaatsen

284

540

-256

Realisatie standplaats WWC Roggel

100

57

43

Realisatie standplaats WWC Bosrand Haelen

335

362

-27

Realisatie standplaats WWC Ell

100

30

70

Overdracht woonwagenzaken

1.000

204

796

197

182

15

Regeling ruimte voor ruimte (HE) Bijdrage provincie Regeling ruimte voor ruimte (HE) Centrumvisie Heythuysen

-40

-40

157

182

-25

1.327

1.321

6

-75

75

Bijdrage provincie Centrumvisie Heythuysen

1.327

1.247

80

Invoering startersleningen

1.375

1.675

-300

Bijdrage provincie

-1.375

Invoering startersleningen

Totaal investeringen

3.824

-1.375 1.675

-1.675

5.074

-1.250

Uitbreiding Molenzicht met 3 woonwagens Per 1 september 2020 is een drietal nieuwe huurwoonwagens op de locatie Molenzicht aan de betreffende bewoners/huurders ter beschikking gesteld. Enkele weken na aanvang van de huur werden er diverse klachten gemeld met betrekking tot deze woonwagens. De gemeente Leudal heeft de bouwers gevraagd deze gebreken op te lossen. Eén van de bouwers bleek hier niet toe bereid en bestreed de ernst van de gebreken. Gelet hierop zijn juridische stappen gezet. Vooruitlopend op de afhandeling hiervan is in 2023 besloten tot herstel van die gebreken. De kosten van deze herstelactie dienen verhaald te worden op de betrokkenen in het juridisch geschil. Indien de kosten niet (volledig) verhaald kunnen worden, dan komen deze voor rekening van de gemeente. Voor de tot nu gemaakte herstelkosten was geen budget beschikbaar waardoor het voor de aanschaf van de betreffende woonwagens beschikbaar gestelde budget drastisch is overschreden.

81

Uitbreiding Molenzicht met 4 standplaatsen Juridische procedure is nog niet afgerond en gelet hierop dient het krediet gehandhaafd te worden. Zie toelichting hierboven. Realisatie standplaats WWC Roggel 2023 We zijn voornemens in 2026 de voorbereidingen af te ronden m.b.t. de overdracht van de woonwagenstandplaatsen naar woningbouwcorporaties. Naar verwachting dienen hiervoor nog uitgaven gedaan te worden voor een nulmeting van de standplaatsen en woonwagens. Realisatie standplaats WWC Bosrand Haelen 2023 We zijn voornemens in 2026 de voorbereidingen af te ronden m.b.t. de overdracht van de woonwagenstandplaatsen naar woningbouwcorporaties. Naar verwachting dienen hiervoor nog uitgaven gedaan te worden voor een nulmeting van de standplaatsen en woonwagens. Realisatie WWC Ell 2023 We zijn voornemens in 2026 de voorbereidingen af te ronden m.b.t. de overdracht van de woonwagenstandplaatsen naar woningbouwcorporaties. Naar verwachting dienen hiervoor nog uitgaven gedaan te worden voor een nulmeting van de standplaatsen en woonwagens. Overdracht woonwagens We zijn voornemens in 2026 de voorbereidingen af te ronden m.b.t. de overdracht van de woonwagenstandplaatsen naar woningbouwcorporaties.

2.1.3 Verplichte indicatoren Verplichte indicatoren per Eenheid programma

Bron

Waarde Waarde Waarde Waarde Limburg 2022

2023

2024

2025

actueelste

P9 Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing Nieuwbouw woningen

aantal per 1.000 woningen

ABF Systeem Woningvoorraad

5,9

2,9

2,8

geen data

4,7

Hernieuwbare elektriciteit

%

RWS

67,8

geen data

geen data

geen data

19,1

De indicatoren zijn op 7 april 2026 gedownload van de site www.waarstaatjegemeente.nl (Besluit Begroting en Verantwoording). Indien er "geen data" staat, dan is vanuit deze site geen gegevens voor dat jaar bekend. Voor actuelere gegevens wordt verwezen naar de vermelde site.

Verbonden partijen ● ICT Noord- en Midden-Limburg

82

3 Paragrafen

83

3.1 Lokale heffingen 3.1.1 Algemeen De gemeenteraad heeft de bevoegdheid om te bepalen welke belastingen een gemeente heft, welke heffingsmaatstaven worden gehanteerd en welke tarieven daarbij gelden. De gemeente is daarbij beperkt in de soorten belastingen die ze mag heffen. Deze zijn limitatief opgesomd in de gemeentewet. Naast de belastingen, heft de gemeenten rechten en leges voor individuele dienstverlening aan haar burgers. De tarieven van deze rechten en leges dienen zodanig vastgesteld te worden dat de geraamde opbrengsten, de geraamde kosten voor het verlenen van diensten niet overschrijden. De uitvoering van de meeste belastingen van de gemeente Leudal wordt uitgevoerd door de gemeenschappelijke regeling Belasting Samenwerking Gemeenten en Waterschappen (BsGW). Belastingen

Rechten

Onroerendezaakbelasting

Afvalstoffenheffing

Toeristenbelasting

Rioolheffing Leges

3.1.2 Beleid en tariefstelling Voor het heffen van de lokale heffingen hanteert de gemeenteraad enkele algemene uitgangspunten. De uitgangspunten hebben betrekking op: - de heffingen zijn zoveel als mogelijk 100% kostendekkend; - mutaties in de WOZ-waarden worden verrekend in het tarief; - kwijtschelding is enkel van toepassing voor de afvalstoffenheffing. (bedrag x 1.000) Begroting na wijziging 2025

Realisatie 2025

Verschil 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

Begroting 2028

OZB

-7.792

-7.875

83

-8.334

-8.598

-8.990

Rioolheffing

-4.873

-4.904

31

-4.883

-4.885

-4.885

Afvalstoffenheffing

-3.656

-3.592

-64

-4.824

-5.039

-5.039

Toeristenbelasting

-1.310

-1.294

-16

-1.489

-1.489

-1.737

-4

-4

0

-4

-4

-4

-1.959

-1.959

0

-1.816

-1.816

-1.816

-7

-6

-1

-7

-7

-7

-19.601

-19.634

33

-21.357

-21.838

-22.478

Heffing

Baatbelasting Leges Begraafrechten Totaal

84

3.1.3 Onroerende-zaakbelastingen De onroerendezaakbelastingen (OZB) worden in Leudal geheven bij eigenaren van woningen en niet-woningen en bij gebruikers van niet-woningen. Als grondslag voor deze belastingen wordt de waarde in het economische verkeer bepaald van elke onroerende zaak (de WOZ-waarde). De WOZwaarde wordt jaarlijks door de BsGW vastgesteld op basis van de voorhanden zijnde verkoopcijfers en marktinformatie. Jaarlijks ontvangen de belastingplichtigen een WOZ-beschikking met daarop de WOZ-waarde. Deze WOZ-waarde dient als heffingsmaatstaf voor de onroerendezaakbelasting.

OZB belasting

Begroting na wijziging 2025

(bedrag na 1.000) Realisatie 2025

OZB woningen

5.300

5.336

OZB niet woningen eigenaar

1.439

1.464

OZB niet woningen gebruiker

1.053

1.053

Totaal

7.792

7.853

3.1.4 Rioolheffing In Leudal wordt de rioolheffing opgelegd aan de eigenaar van een perceel door middel van een vast bedrag per zelfstandig gedeelte. Er vindt een beperkte differentiatie in het tarief plaats, waarbij voor alle percelen, die onderdeel uitmaken van een omsloten terrein bestemd voor verblijfsrecreatieve doeleinden, een tariefstelling van maximaal 60% wordt toegepast. Met het vaststellen van het Gemeentelijk Rioleringsplan 2022-2026 (GRP) zijn ook de kaders voor de tariefstelling van de rioolheffing voor 2025 vastgesteld. Het tarief voor 2025 bedraagt net als voorgaande jaren € 282,51 per perceel of zelfstandige gedeelte daarvan. Voor de verblijfsrecreatieve doeleinden bedraagt het tarief € 169,50. Voor percelen met een WOZ-waarde minder dan € 30.000 bedraagt het tarief € 141,25. Zoals vastgelegd in het gemeentelijk rioleringsplan 2022-2026 worden positieve exploitatieresultaten toegevoegd aan de voorziening riolering voor de financiering van toekomstige vervangingsinvesteringen riolen en tekorten onttrokken aan de voorziening. In 2025 is er sprake van een gerealiseerd exploitatie tekort van € 162.993 ten opzichte van de ramingen. Dit bedrag wordt dan ook onttrokken uit de voorziening riolering. Het tekort is te verklaren door een hogere (markt)rente de extra comptabel moet worden toegerekend aan de kosten. (bedrag x 1.000) Rioolheffing Kosten taakveld

Begroting na Realisatie 2025 wijziging 2025 3.767

3.612

37

-163

-107

-26

3.697

3.423

Overhead

432

444

Marktconforme rente

331

653

BTW

181

370

Totale kosten

4.872

4.890

Opbrengst heffingen

-4.933

-4.891

99%

100%

Storting in(+) / Onttrekking uit (-) de voorziening Inkomsten taakveld (excl. heffingen) Netto kosten Toe te rekenen kosten:

Dekking

85

3.1.5 Afvalstoffenheffing Sinds 2022 wordt er op basis van een nieuwe inzamelsystematiek ingezameld. Het huishoudelijk afval binnen de 16 kernen wordt ingezameld volgens de diftar-systematiek waarbij de differentiatie bepaald wordt door het volume van de restafvalcontainer (vastrecht) in combinatie met het aantal ledigingen. De inzameling van huishoudelijk afval wordt uitgevoerd door de Reinigingsdienst Maasland. In het kader van de tariefstelling afvalstoffenheffing worden de volgende uitgangspunten gehanteerd: • kostendekking van 100%; • verdeling van de kosten in vaste en variabele kosten, waarbij de differentiatie plaatsvindt op basis van de verwerkingskosten van het rest- en gft-afval • vastrecht wordt opgelegd in het lopende belastingjaar 2025; • het aantal ledigingen wordt na afloop van het belastingjaar 2025 opgelegd, deze staan op de Belastingaanslag van belastingjaar 2026. Bij het vaststellen van de tarieven voor de afvalstoffenheffing gaan we uit van 100% kostendekkendheid. Veel factoren zijn van invloed op de werkelijke kosten in dat jaar. De gerealiseerde kostendekkendheid in 2025 bedraagt 72%. Dit percentage is lager dan de 100% kostendekkendheid door de € 60 euro korting voor alle inwoners van Leudal in 2025 die via de afvalstoffenheffing loopt. De totale kosten waren in 2025 hoger dan geraamd. Dit verschil is vooral te verklaren door onderstaande aspecten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leudal&id=0e0be49b-3394-4de6-98dc-b2a81a939fac