CConstaterende datLeudal
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Jaarstukken 2025

Raadsvergadering 30 juni 2026, gemeente LeudalBij agendapunt: Raadsvoorstel Jaarstukken 202531.031 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Kosten: Op de afvalinzameling en -verwerking is er een voordeel € 127.000 vooral veroorzaakt door € 108.100 aan hogere opbrengsten dan geraamd van de inzamelvergoedingen PMD en glas. Het voordeel wordt verder verklaard door diverse andere posten elk kleiner dan € 25.000. Inkomsten: Bij de afvalstoffenheffing is er een nadeel van € 64.200 door lagere opbrengsten van € 17.000 in 2025 en lagere opbrengsten € 47.200 diftar uit voorgaande jaren. Toe te rekenen kosten De overhead is lager dan begroot. Er was minder kwijtschelding dan geraamd door de BsGW. In de raming bij de begroting was een te laag bedrag aan BTW meegenomen. De daadwerkelijke btw die wordt toegerekend is daardoor hoger. (bedrag x 1.000) Afvalstoffenheffing

Begroting na Realisatie 2025 wijziging 2025

Kosten

4.600

4.595

Inkomsten (excl. heffingen)

-482

-599

4.118

3.996

Overhead

183

166

Kwijtschelding

80

35

BTW

344

770

Totale kosten

4.725

4.967

Opbrengst heffingen

-3.656

-3.592

77%

72%

Netto kosten Toe te rekenen kosten:

Dekking

86

3.1.6 Toeristenbelasting In artikel 224 van de Gemeentewet is geregeld dat toeristenbelasting kan worden geheven voor personen die niet in de gemeente wonen, maar wel hier verblijven. Deze personen zijn niet als ingezetene in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens ingeschreven. Het gehanteerde tarief per overnachting bedroeg in 2025 € 1,30. In 2025 is een bedrag van € 1.310.181 aan toeristenbelasting ontvangen. De forfaits moeten nog worden opgelegd. Deze zullen in mei 2026 worden opgelegd. Hierdoor zal de opbrengst nog oplopen. (bedrag na 1.000) Begroting na wijziging 2025

Realisatie 2025

Toeristenbelasting

1.310

1.310

Totaal

1.310

1.310

Toeristenbelasting

3.1.7 Baatbelasting Er lopen nog twee baatbelastingen van geringe omvang. Het betreft de baatbelasting aardgas buitengebied sector Napoleonsweg en de baatbelasting riolering buitengebied- fase 1. De opbrengst is stabiel.

3.1.8 Leges De legesopbrengsten voor diensten die de gemeente op verzoek levert, worden verantwoord binnen diverse programma's van de begroting. De gemiddelde kostendekkendheid van alle leges is 83,52%. (bedragen x 1.000) Berekening kostendekkendheid leges 2025

Begroot 2025

Realisatie 2025

Kosten titel 1

1.098

1.013

Kosten titel 2

1.375

1.327

Kosten titel 3

91

32

Kosten totaal

2.564

2.372

Baten titel 1

-893

-864

Baten titel 2

-800

-1.109

Baten titel 3

-20

-7

Baten totaal

-1.713

-1.981

Dekking titel 1 Algemene dienstverlening

81%

85%

Dekking titel 2 Omgevingsvergunningen

58%

84%

Dekking titel 3 Europese dienstenrichtlijn

22%

22%

Totale dekking

67%

84%

87

3.1.9 Begraafrechten Lijkbezorgingsrechten worden geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor het door de gemeente verlenen van diensten voor de begraafplaats. (bedrag x 1.000) Begraafrechten

Begroting 2025 Realisatie 2025

Begraafrechten

Verschil

-7

-6

1

-7

-6

1

3.1.10 Kwijtschelding De BsGW behandelt kwijtscheldingsverzoeken. Voor 2025 zijn hiervoor de volgende uitgangspunten gehanteerd: • Hantering van kwijtscheldingsnorm van 100%. • Kwijtschelding heeft alleen betrekking op de afvalstoffenheffing (basisbelastingbedrag). • Automatische kwijtschelding vindt plaats conform toetsing door Inlichtingenbureau. Over 2025 bedroeg het aantal verzoeken om kwijtschelding 395 (in 2024: 785). Er werd voor een bedrag van € 34.845 kwijtgescholden (in 2024: € 59.369).

3.1.11 Woonlasten Hieronder een overzicht van de ontwikkeling van de woonlasten in de afgelopen jaren. Jaar

OZB* Rioolheffing Afvalstoffenheffing

Totaal eigenaar

Totaal Eigenaar en gebruiker gebruiker

2020

-259,45

-282,51

-190,20

-541,96

-190,20

-732,16

2021

-286,69

-282,51

-225,80

-569,20

-225,80

-795,00

2022

-283,02

-282,51

-233,00

-565,53

-233,00

-798,53

2023

-301,96

-282,51

-256,57

-584,47

-256,57

-841,04

2024

-309,04

-282,51

-288,94

-591,55

-288,94

-880,49

2025

-326,73

-282,51

-299,73

-609,24

-299,73

-908,97

88

3.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 3.2.1 Algemeen Door aandacht te hebben voor het weerstandsvermogen kan worden voorkomen dat substantiële risico's leiden tot een bijstelling van de uitvoering van programma's. We gaan zorgvuldig om met risico's en maken bewuste afwegingen bij het aangaan van risico's en nemen passende beheersmaatregelen. Als een risico zich voordoet kunnen we dit dragen. Een gezond weerstandsvermogen is het vermogen om financiële tegenvallers op te vangen zonder dat de uitvoering van het beleid stagneert. De risicobeheermatrix is het instrument om bovenstaande inzichtelijk te maken. Deze wordt twee keer per jaar geactualiseerd. Op 18 maart 2025 is de Nota risicomanagement en weerstandsvermogen 2025 vastgesteld. Deze paragraaf geeft inzicht in de weerstandscapaciteit, weerstandsvermogen en de financiële kengetallen.

3.2.2 Weerstandscapaciteit Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen: •

De weerstandscapaciteit; dit zijn middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet-begrote kosten te dekken.

•

Alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die materieel van invloed kunnen zijn op de meerjarige financiële positie.

De omvang van het weerstandsvermogen geeft aan hoe toekomstbestendig de begroting is. Dit is van belang bij een financiële tegenvaller. Door alert te zijn op het weerstandsvermogen, voorkomen we dat elke financiële tegenvaller leidt tot bezuinigingen. Inventarisatie weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit is de verzamelterm van alle middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet-voorziene financiële tegenvallers te bekostigen. Het gaat om buffers in het eigen vermogen respectievelijk in de exploitatie, die kunnen worden vrijgemaakt om niet-begrote kosten van optredende risico’s die onverwachts en substantieel zijn te dekken, zonder dat dit gevolgen heeft voor het beleid en de uitvoering van taken. De weerstandscapaciteit en de daarmee samenhangende risico’s worden uitgedrukt in geld. Er is onderscheid tussen incidentele en structurele weerstandscapaciteit. We gebruiken in eerste instantie de incidentele weerstandscapaciteit (begrotingssaldo, budget onvoorzien en algemene reserve) om zowel incidentele als structurele tegenvallers te dekken. Vervolgens zal hiervoor bij de eerstvolgende begroting dekking gezocht worden. Lukt dit niet, dan rest de structurele weerstandscapaciteit (de onbenutte belastingcapaciteit) als dekkingsmiddel. De incidentele weerstandscapaciteit is het vermogen om calamiteiten eenmalig op te vangen.

Het zijn de direct aan te wenden middelen voor tegenvallers. De volgende reserves kunnen worden gerekend tot de incidentele weerstandscapaciteit: • •

algemene reserve post onvoorzien

Met name de algemene reserve bepaalt onze weerstandspositie.

89

De structurele weerstandscapaciteit heeft betrekking op het vermogen om onverwachte tegenvallers structureel in de lopende begroting op te vangen, zonder dat dit ten koste gaat van de uitvoering van bestaande taken. De middelen die dat vermogen bepalen zijn: • de structurele exploitatieruimte • •

de beïnvloedbare ruimte binnen de begroting de resterende (onbenutte) belastingcapaciteit

De beschikbare weerstandscapaciteit is:

(bedrag x 1.000)

Realisatie 2024 Algemene reserve 31-12-

Realisatie 2025 26.266

23.261

23.011

0

0

0

5.755

2.921

7.935

11.974

28.766

26.182

30.946

38.240

Onvoorzien Totaal

Begroting na wijziging 2025

23.011

Algemene reserve 1-1Saldo rekening/begrotingssaldo

Primitieve begroting 2025

Samenvattend bedraagt onze weerstandscapaciteit € 1.159 per inwoner (aantal inwoners 36.109).

3.2.3 Risico's Inventarisatie risico’s Voor de jaarrekening 2025 is de risicobeheermatrix opgesteld en opgenomen in de bijlage. De risico's in de risicobeheermatrix bestaan uit structurele risico's en incidentele risico's. Ook is een berekening gemaakt van het weerstandsratio voor zowel de incidentele als ook de structurele risico's. Dit is opgenomen in deze paragraaf.

3.2.4 Onderlinge relatie Relatie tussen risico's en weerstandscapaciteit Het weerstandsvermogen geeft aan of we in staat zijn negatieve financiële consequenties van risico’s zelfstandig op te vangen. Achterliggend doel hiervan is dat er gestuurd wordt op een weerstandsvermogen dat voldoende dekking geeft voor de risico’s. Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen (BBV art. 11 lid 1): a) de weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken; b) alle risico's waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. Deze relatie komt tot uitdrukking in een ratio die wordt bepaald door de beschikbare weerstandscapaciteit te delen door de benodigde weerstandscapaciteit (de financiële risico's). Wanneer de ratio minder is dan 1, dan zijn er theoretisch niet genoeg middelen beschikbaar om de risico's af te dekken. Daarom wordt minimaal gestreefd naar een ratio van 1,5. Indien de ratio lager uitvalt dan 1 wordt er uiterlijk binnen één jaar een voorstel aan de raad voorgelegd om de beschikbare weerstandscapaciteit te vergroten en/of de benodigde weerstandscapaciteit te verlagen. 90

Onderstaande tabel geeft inzicht in zowel het incidentele als het structurele weerstandsvermogen. Weerstandsvermogen 2025 Algemene reserve stand 31-12-2025

26.266

Gerealiseerd resultaat

11.974

Weerstandsvermogen

38.240

Incidentele risico's

2.305

Structurele risico's

1.560

Totale risico's

3.865

Minimale weerstandsratio Minimaal benodigde weerstandscapaciteit

Weerstandsratio stand 31-12-2025

1,5 5.798 9,9

91

3.2.5 Financiële kengetallen Als gemeente zijn we verplicht de onderstaande vijf financiële kengetallen op te nemen in de jaarrekening en begroting. Deze kengetallen geven samen een beeld van de financiële ontwikkelingen in de gemeente. De samenhang tussen de kengetallen hierin is belangrijk. De kengetallen en beoordeling zijn bedoeld om de financiële positie inzichtelijk te maken en kunnen daarnaast gebruikt worden als vergelijking tussen gemeenten.

Bij ultimo jaar

Netto schuldquote

Begroting na Realisatie wijziging Realisatie 2024 2025 2025 10%

30%

Bandbreedte

Beoordeling Leudal Realisatie jaar

Cat A <90%

8% Cat B >90 < 130%

Cat A

Cat C > 130 % Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

6%

26%

Cat A <90%

3% Cat B >90 < 130%

Cat A

Cat C > 130 % Solvabiliteitsratio

56%

58%

Cat A > 50%

59% Cat B >20 < 50%

Cat A

Cat C <20 % Structurele exploitatieruimte

18%

1%

Cat A > 0%

11% Cat B 0%

Cat A

Cat C < 0 % Grondexploitatie

1%

0%

Cat A <20%

1% Cat B >20 < 35%

Cat A

Cat C > 35% Belastingcapaciteit

82%

85%

Cat A <95%

81% Cat B >95 < 105%

Cat A

Cat C > 105 %

In de tabel wordt per kengetal aangegeven in welke categorie de gemeente Leudal zit. Hierbij wordt alleen het kengetal in het begrotingsjaar als waarde genomen voor de toekenning van de categorie. Categorieën zijn als volgt: A = Goed B = Voldoende C = Onvoldoende

92

Netto schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in de mate waarin de schuldenlast (aflossing en rente) drukt op de exploitatie, met andere woorden hoeveel schuld kan een gemeente dragen. Dit kengetal wordt berekend door het totaal van de geleende gelden te delen door de totale jaarlijkse baten en wordt uitgedrukt in een percentage van de totale jaarlijkse baten. Het kengetal is hiermee gevoelig voor schommelingen in de baten. De signaalwaarden voor de netto schuldquote zijn als volgt: • < 90% gezonde positie • > 100% Vanaf 100% blijft er te weinig leencapaciteit over om financiële tegenvallers op te vangen • > 130% Vanaf 130% is er sprake van een hoge schuld.

93

De netto schuldquote van de gemeente Leudal voor 2025 is 8% en zit ver onder de grens van 90%. Dit betekent dat er voldoende ruimte is om leningen aan te trekken als dit nodig is. Met de te verwachten investeringen binnen onze gemeente is het gunstig dat deze indicator laag is. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Om inzicht te krijgen in hoeverre sprake is van doorlenen, wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven. Hierdoor wordt inzichtelijk wat het aandeel van verstrekte leningen is en wat dit betekent voor de schuldenlast. De netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen van de gemeente Leudal voor 2025 is 3% en zit ver onder de grens van 90%. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële termijn verplichtingen op lange termijn te voldoen. Dit kengetal geeft het eigen vermogen weer als percentage van het balanstotaal. De uitkomst van het kengetal geeft aan welk deel van het gemeentebezit is afbetaald doordat er geen schuld op rust. Hoe lager de ratio hoe meer het bezit met schulden is belast. Gemeenten hebben een vermogensbuffer nodig voor het opvangen van tegenvallers. De maat voor een voldoende solvabiliteit is een ratio groter dan 20% (VNG).

In de Nota Reserves en Voorzieningen gemeente Leudal 2023-2026 wordt een gewenst solvabiliteitsrisico benoemd van circa 40%. Voor 2025 is dit 59% en daarmee ruim voldoende. We zijn in staat om aan onze lange termijnverplichtingen te voldoen vanuit het eigen vermogen. Met het oog op toekomstige grote investeringen is het belangrijk dit kengetal te beoordelen, deze zal dan gaan dalen. Structurele exploitatieruimte Om vast te kunnen stellen of er sprake is van een structureel en reëel begrotingsevenwicht wordt er onderscheid gemaakt in structurele en incidentele lasten. De structurele exploitatieruimte wordt berekend door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan de reserves te delen door de totale baten. Dit wordt uitgedrukt in een percentage. Een percentage waarmee beoordeeld kan worden welke structurele ruimte een gemeente heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Structurele baten en lasten zijn baten en lasten die jaarlijks in de begroting, meerjarenraming en jaarrekening zijn opgenomen. Incidentele baten en lasten zijn posten die het begrotingssaldo incidenteel beïnvloeden. Voor de gemeente Leudal is de ratio in 2025 11% en daarmee positief; de structurele lasten zijn ruim gedekt door structurele baten.

Grondexploitatie Het financiële kengetal grondexploitatie geeft in een percentage weer hoe de waarde van de grond zicht verhoudt tot de totale (geraamde) baten. De boekwaarde van de voorraden grond is van belang, omdat deze moet worden terugverdiend bij de verkoop. Binnen onze gemeente hebben we relatief weinig grote grondexploitaties. Hierdoor lopen we minder risico op grote tekorten als grondposities in waarde dalen.

94

Belastingcapaciteit De belastingcapaciteit geeft aan hoeveel belasting een gemeente jaarlijks kan innen en wordt bepaald door de totale WOZ-waarde van alle woningen en niet-woningen in de gemeente. De onbenutte belastingcapaciteit geeft aan hoeveel ruimte de gemeente heeft om, met inachtneming van de wetgeving, maximale extra inkomsten te genereren uit de gemeentelijke heffingen. Voor de gemeente Leudal is de belastingcapaciteit in 2025 81% en daarmee is er voldoende ruimte om mogelijke toekomstige tekorten op te vangen binnen de begroting. Het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO) presenteert deze lasten ieder jaar in de Atlas van de lokale lasten. Onder woonlasten worden verstaan de OZB en de rioolheffing en reinigingsheffing voor een woning met een gemiddelde WOZ-waarde.

95

3.3 Onderhoud kapitaalgoederen 3.3.1 Algemeen Kapitaalgoederen zijn in dit geval al ons kapitaal in de openbare ruimte. Het gaat hier om alles wat we buiten wel en ook niet zien van de bomen, tot de wegen, de lantaarnpalen en de riolering. Dit betreft over het algemeen grote en structurele bedragen. De uitvoering van het onderhoud en/of vervanging wordt zo veel mogelijk vastgelegd in meerjarige beheer- en onderhoudsplannen. Jaarlijks toetsen we of de meerjarige plannen goed geraamd zijn en of de beheerplannen uitgevoerd zijn. Voor een nadere toelichting inzake onderhoud gemeentelijke gebouwen inclusief sportaccommodaties wordt verwezen naar de paragraaf vastgoed. Ook dit jaar hebben we de beheerplannen van de verschillende disciplines naast en overal elkaar gelegd om tot een zo integraal mogelijke aanpak in de openbare ruimte te komen. Hierdoor kunnen werkzaamheden beter gestroomlijnd en gecombineerd worden. Dit heeft geleid tot onder andere een betere relatie met de nutsbedrijven en minder ad hoc werkzaamheden.

Prgr Omschrijving Wegen 20232 2026 GRP 20228 2026 Kunstwerken 2 2023-2026 Openbare verlichting 2 2023-2026 Groen 20236 2026 Gemeentelijk 2023-2026 1 vastgoed

Vaststelling Volgende Frequentie Voorziening raad actualisatie

Financieel Achterstallig in de onderhoud begroting

2022

1 x p. 4 jaar

2026

Nee

Ja

Nee

2021

1 x p. 5 jaar

2026

Ja

Ja

Nee

2023

1 x p. 4 jaar

2027

Nee

Ja

Nee

2023

1 x p. 4 jaar

2027

Nee

Ja

Nee

2022

1 x p. 4 jaar

2026

Nee

Ja

Nee

2022

1 x p. 4 jaar

2026

Nee

Ja

Nee

3.3.2 Wegen Een belangrijk speerpunt is dat wij insteken op een (meer) data- en plangerichte aanpak voor het onderhoud van de openbare ruimte. Daarbij is extra ingezet op een integrale aanpak van de beheer en onderhoudsmaatregelen. Op basis van weginspecties en de jaarlijkse inspectie van een gedeelte van de rioleringen (jaarlijks circa 10% van het areaal) voeren we steeds meer trendanalyses uit waarmee we het onderhoud en de reconstructies beter kunnen plannen. Zo kunnen verwachtingen beter gecontroleerd worden en combinaties gezocht in de integrale aanpak van de openbare ruimte (bijvoorbeeld naast onderhoud ook verkeersmaatregelen combineren met kabels en leidingen, etc.). In het vastgestelde beheerplan Groen en Wegen 2023-2026 is een eerste aanzet gegeven voor deze bovenstaande aanpak. In het plan is het vastgestelde kwaliteitsniveau B voor het onderhouden van het groen en wegen van toepassing. Voor het beheer en de ontwikkeling van groen geldt daarnaast dat sterk ingestoken wordt op klimaatadaptatie en biodiversiteit.

96

In 2025 zijn op basis van bovengenoemde uitgangspunten onder andere de projecten Reconstructie Eindstraat / Posthuisweg Horn, Herinrichting Kasteellaan Haelen, Vergroenen Herman Meddensplein Nunhem gerealiseerd. Verder is gestart met de reconstructie van Notaris Ruttenlaan en de tramstraat in Roggel. Op diverse plaatsen is onderhoud uitgevoerd aan asfaltverhardingen zoals industrieterrein Ittervoort. Ook is planmatig onderhoud uitgevoerd aan trottoirs in diverse kernen om met name wortelopdruk te verhelpen. Uit de visuele weginspecties blijkt dat met name de wegen in het buitengebied (aanlegjaar begin jaren '70) aan vervanging toe zijn. In het in 2026 vast te stellen nieuwe beheerplan Groen en Wegen zal hierop verder worden ingegaan. De eerste aanzet voor dit beleidsplan zijn al in 2025 opgepakt. (bedrag x 1.000) Begroting na wijziging Realisatie Begroting Begroting Begroting 2025 2025 2026 2027 2028 In begroting opgenomen: Regulier onderhoud wegen

1.446

1.402

1.331

1.328

1.328

Vervangingsinvestering infrastructurele werken

1.971

1.005

1.971

1.971

1.971

3.3.3 Riolering In het Gemeentelijk Rioleringsprogramma (GRP) 2022-2026 is vastgelegd hoe we onze gemeentelijke Watertaken willen en moeten invullen. Zowel nationale als Europese wetgeving maken maatregelen niet vrijblijvend. Hoe beheren wij onze voorzieningen (rioleringen) zo goed mogelijk? Dat is belangrijk voor onze leefomgeving en het milieu. Droge voeten in onze huizen en bedrijven en schoon en helder water zijn de thema’s in het GRP 2022-2026. Deze klimaatambities voor het ‘water- en klimaatbestendig zijn’ zijn tevens vastgelegd in het Waterketenplan 2021-2025, met als doel in 2050 een klimaat robuust Leudal, waar het goed wonen en werken is. Tevens zijn de maatregelen en verbeteringen aan het rioolstelsel, zoals verwoord in het huidige GRP, in de lopende planperiode uitgevoerd en voorbereid. In 2025 zijn onder andere de projecten reconstructie Brigittastraat met een aanhaking naar het Kindcentrum en de waterbuffer Margarethastraat gerealiseerd. Ook is gestart met de realisatie van het afkoppelproject Tramstraat e.o. in Roggel. In samenwerking met Waterschap Limburg zijn meerdere IBA's (Individueel Behandeling Afvalwater) gerenoveerd.

Om een zo goed mogelijk beeld te krijgen van de waterhuishouding gemeentebreed (doelstelling tegengaan verdroging/vernatting) is in samenspraak met onder andere Waterschap Limburg, Waterpanel Noord en de Provincie Limburg gestart met de voorbereiding om te komen tot gezamenlijke uitgangspunten en maatregelen. Dit zal uiteindelijk een onderdeel vormen van het in 2026 vast te stellen nieuwe Wrp (Water en rioleringsprogramma) een verplichting vanuit de Wet milieubeheer. Verder zijn ook in 2025 weer verdere stappen gezet in de Kader Richtlijn Water (KRW) maatregelen. Zo zijn plannen voor afkoppeling van hemelwater en de sanering van overstorten in voorbereiding zodat deze projecten de komende jaren kunnen worden gerealiseerd.

97

(bedrag x 1.000) Begroting na wijziging Realisatie Begroting Begroting Begroting 2025 2025 2026 2027 2028 In begroting opgenomen: Regulier onderhoud riolering

1.463

1.365

1.378

1.386

1.392

Vervangingsinvestering riolering (G.R.P)

1.852

138

1.852

2.376

2.363

3.3.4 Civieltechnische kunstwerken De gemeente Leudal heeft circa 130 bruggen en duikersbruggen in beheer en onderhoud. Het beheerplan civieltechnische kunstwerken 2022-2026 is de basis voor het onderhoud aan onze civieltechnische kunstwerken voor de komende jaren. Ook voor deze asset geldt dat integraliteit in maatregelen van essentieel belang is. Hierdoor is bij vervanging afstemming gezocht met wegen, beheer watergangen, waterprojecten en wetgeving om te komen tot een realistische en verantwoorde uitvoeringsplanning. Dit is onder andere de reden dat in 2025 (nog) niet is gekozen voor vervanging van een tweetal bruggen maar dat deze in de tijd zijn verschoven. Uitstel is hierbij geen risico voor veiligheid en/of bereikbaarheid. (bedrag x 1.000) Begroting na wijziging Realisatie Begroting Begroting Begroting 2025 2025 2026 2027 2028 In begroting opgenomen: Regulier onderhoud civieltechnische kunstwerken Vervangingsinvestering civieltechnische kunstwerken

177

59

177

177

177

300

17

0

0

0

3.3.5 Openbare verlichting In maart 2025 is de voorbereiding en verdere uitwerking van het vervangingsplan 2024 opgepakt. Na een aanbesteding is begin juni opdracht gegeven aan SPIE om 197 armaturen te voorzien van een ledlamp, 118 Armaturen van een led-unit te voorzien en 188 conventionele armaturen vervangen voor een led-armatuur. Deze werkzaamheden zijn afgerond en hierdoor hebben we 98% van het areaal voorzien van een led-armatuur of led-lichtbron. (bedrag x 1.000) Begroting na wijziging Realisatie 2025 2025 Begroting2026 Begroting2027 Begroting2028 In begroting opgenomen: Regulier onderhoud openbare verlichting Vervangingsinvestering openbare verlichting

112

245

112

112

112

40

0

106

496

410

98

3.3.6 Groenvoorziening Openbaar Groen In 2025 is het groen beheerd en onderhouden op basis van het “Beheerplan Groen en wegen 20232026”. Uitgangspunt (ambitieniveau) hierbij is kwaliteitsniveau B. In de maanden juni en september is door Beheeraccent een monitoring uitgevoerd om de beeldkwaliteit van het dagelijks beheer en onderhoud en de technische staat van de openbare ruimte in beeld te brengen. Op basis van beide onderzoeken bleek dat 93,6% van alle metingen aan het gewenste ambitieniveau voldeed. Zoals ook te zien in onderstaande afbeelding.

Afbeelding 1. Percentage score metingen 2025 Uit de monitoring komt naar voren dat het onderhoud van het openbaar groen niet overal en altijd aan het ambitieniveau voldoet. In het buitengebied zijn de gemeentelijke bermen en sloten onderhouden, waarbij rekening is gehouden met onder andere de verkeersveiligheid en de ecologische waarde van de bermen. Ook zijn een aantal sloten uitgediept en duikers vrijgemaakt om zo de waterafvoer te borgen en wateroverlast te voorkomen. Daarnaast draagt het bermbeheer ook bij aan het verhogen van de biodiversiteit. Studiegroep Leudal en IVN monitoren jaarlijks een gedeelte van de gemeentelijke wegbermen. In het najaar en de winterperiode november - december 2025 is de inboet van de bomen en plantsoenen uitgevoerd.

99

In het kader van het vergroenen van (school)pleinen is in 2025, samen met de initiatiefnemers van dit burgerinitiatief, het Herman Meddensplein in Nunhem heringericht. Een groot deel van de verharding is verwijderd en een waterkunstwerk is geplaatst. Daarnaast zijn groene parkeerplaatsen gerealiseerd, 12 bomen geplant en 500 m2 prairiebeplanting aangelegd. Met betrekking tot het burgerinitiatief vergroenen Krekelbergplein in Neeritter is samen met de werkgroep gewerkt aan het verder uitwerken van het herinrichtingsplan voor het plein, de parkeerplaats bij de Breede Rijn en de onderlinge verbinding. Bij de parkeerplaats worden alle toeristische startpunten gerealiseerd. Verder heeft al afstemming plaatsgevonden met de nutsbedrijven. Uitvoering vindt plaats in 2027, hiervoor is in het MIP aanvullend krediet opgenomen van € 480.000. Natuurbescherming en -onderhoud Bosgroep Zuid-Nederland De gemeentelijke bos- en natuurterreinen zijn onderhouden op basis van het Werkplan 2025. In de gemeentelijke bos- en natuurterreinen is de biodiversiteit vergroot en is de toeristisch-recreatieve functie verbeterd. De bosranden langs de N280 tussen Horn en Baexem zijn onderhouden. Daarnaast zijn werkzaamheden uitgevoerd langs wegen en paden in het kader van boomveiligheid.

Landschapsbeheer In 2025 hebben vrijwilligers van de Hakhoutbrigade gemeente Leudal weer verschillende zaterdagen gewerkt in het gemeentelijk bosje gelegen aan de Baexemerweg in Horn, langs de N280. In oktober 2025 hebben de Oud-Prinsen van de Carnavalsvereniging de Kwakkert uit Heythuysen weer gewerkt in de Aod Prinse Bóngerd, gelegen op de hoek Noorderbaan-Vlasstraat in Heythuysen tijdens de jaarlijkse werkdag. In Leudal zijn 2 paddenoverzetgroepen actief. Deze paddenoverzetgroepen helpen jaarlijks in de tijd van de paddentrek, de padden, kikkers en salamanders veilig de wegen over. Elk jaar worden door de gemeente waarschuwingsborden geplaatst en markeringen op de weg aangebracht. In 2025 zijn weer een groot aantal bomen en struiken geplant in het kader van het 37.000 bomenplan. Inmiddels is met ruim 52.120 bomen ruim meer dan de ambitie van 37.000 bomen geplant. Ondanks dat de ambitie ruim gehaald is blijven we in het kader van biodiversiteit en vergroening daar waar het kan en er vraag naar is ook verder bomen planten. Met de Aanplantregeling gemeente Leudal 2025-2026 zijn in 2025 ruim 15 erven aangeplant. Herontwikkeling perceel Strubbe Roggel In december 2025 hebben de kinderen van de Klusklas van basisschool De Zjwiek uit Roggel met veel enthousiasme meegeholpen met het planten van ruim 3.000 bomen in Roggel.

De rand van het perceel is ingezaaid met een inheems kruidenmengsel en aangeplant met struikvormers (vuilboom, wilde lijsterbes, gewone vlier en wilde kardinaalsmuts). Door het aanleggen deze zoom en mantel ontstaat er een geleidelijke overgang van akker naar bos.

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Leudal&id=0e0be49b-3394-4de6-98dc-b2a81a939fac