CConstaterende datLelystad
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlagen bij de toelichting_Bijlage 2 MER deel A

Commissie Ruimte Ontwikkeling en Bereikbaarheid 16 juni 2026, gemeente LelystadBij agendapunt: 26.289 Vaststelling bestemmingsplan Waterfront Stedelijke Kust Lelystad35.526 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

Waterkwantiteit - Grondwaterhuishouding: als gevolg van het wegbaggeren van de holocene deklaag bij de landaanwinning infiltreert oppervlaktewater in het watervoerend pakket. Hierdoor zal de stijghoogte in het watervoerend pakket onder de deklaag iets toenemen, dit kan leiden tot een zeer geringe toename van kwel in het poldergebied. Er kan meer grondwater worden afgevoerd door het oppervlaktewatersysteem, maar dan moeten de peilregelende en waterafvoerende kunstwerken in het gebied daarop aangepast worden. Daarmee kan het effect gemitigeerd worden. Waterveiligheid en morfologie – Morfologie: de eindsituatie zal tot zeer beperkte uitspoeling van zand leiden, het zand wordt grotendeels vastgehouden door de langsdammen en strekdammen waardoor het geen invloed heeft op de morfologie van het Markermeer. Landschap, cultuurhistorie en archeologie - Historische-geografische patronen, structuren en ensembles en stedenbouwkundige en bouwkundige ensembles, relicten en objecten: in en nabij het plangebied zijn enkele cultuurhistorische waarden aanwezig zoals de Cellnex-toren, het werkeiland en de Oostvaardersdijk. Doordat het gebied toegankelijker gemaakt wordt voor langzaam verkeer en recreatie kan de beleving- en gebruikswaarde toenemen.

Gezondheid - Gezondheidsbescherming (luchtkwaliteit): de ontwikkeling van het Waterfront tot de Houtribweg ligt op 35 meter waarmee voldaan wordt aan de minimale afstand van 25 meter. Duurzaamheid – Energie: met het plan wordt zowel energie opgewekt via duurzame energiebronnen als energie gebruikt door nieuwe functies en woningen. De energiebalans is naar verwachting in evenwicht. Duurzaamheid – Circulariteit: in het Stedenbouwkundig Plan is het uitgangspunt opgenomen om biobased en circulaire ontwerpprincipes te hanteren maar verdere uitwerking ontbreekt. Lichthinder, bezonning en windhinder – Schaduwwerking naar omgeving en bezonning: in de nieuwe woonbuurten wordt in 8 van de 12 maanden van het jaar voldaan aan de lichte TNO-norm voor bezonning. In december is er in sommige woonbuurten sprake van minder zon, ook in de openbare ruimte. In het Bataviakwartier is gedurende het hele jaar sprake van voldoende uren aan zonlicht. Hinder van de gebouwde omgeving – Windhinder: binnen de woonbuurten zijn nagenoeg overal de activiteiten ‘slenteren’ en ‘staan’ mogelijk en op veel locaties is ook ‘zitten’ mogelijk.

22 november 2023

MER WATERFRONT LELYSTAD

BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001

48

5.5

Beschouwing varianten voorlopig voorkeursalternatief

In deze paragraaf is beschreven op welke criteria de varianten afwijkende effecten laten zien ten opzichte van het voorlopig VKA. Het gaat om de volgende criteria: •

•

•

•

•

•

•

•

Waterkwaliteit - Ecologische oppervlaktewaterkwaliteit: bij de varianten ‘zand van de markt’ en ‘zand uit de vaargeul’ is er sprake van een minder grote omvang van natuurontwikkeling. Zoals beschreven in paragraaf 5.4 heeft de natuurontwikkeling positieve invloed op de ecologische oppervlaktewaterkwaliteit, omdat er nieuwe leef- en paaigebieden ontstaan tussen oever- en waterplanten. Omdat er minder natuurontwikkeling is in vergelijking met het voorlopig VKA is er sprake van een neutrale beoordeling. Waterkwantiteit – Grondwaterhuishouding: bij de variant ‘grondverbetering’ wordt de holocene deklaag afgegraven en vervangen door een zandcunet. Het is de verwachting dat dit zandcunet een hydrologische verbinding vormt tussen binnen- en buitendijks gelegen gebied. Lokaal leidt dit tot een toename van brakke kwel. Toename van brakke kwel kan in stedelijk gebied moeilijk worden gemitigeerd. Omdat niet in te schatten wat het effect is, moet er een grondwatermodelstudie worden uitgevoerd voor het projectbesluit. Het effect van deze variant is beoordeeld als sterk negatief (- -). Natuur - Natura 2000: Natura 2000 is per saldo beoordeeld met een sterk negatief effect vanwege een toename van verstoring door recreatie (- -) en een toename van natuurontwikkeling (+).

Bij de varianten ‘zand van de markt’ en ‘zand uit de vaargeul’ is er sprake van een minder grote omvang van natuurontwikkeling, omdat er nieuwe natuur wordt ontwikkeld langs de leidam. De verstoring is niet anders. Het positieve effect van de natuurontwikkeling valt ten opzichte van het voorlopig VKA weg waardoor deze varianten beoordeeld zijn als sterk negatief (- -). Natuur - Natuurnetwerk Nederland (NNN): de beoordeling van NNN is in lijn met die van Natura 2000. Vanwege dezelfde reden (minder natuurontwikkeling) is er in mindere mate sprake van samenhang binnen het NNN behorende tot Natura 2000. De varianten ‘zand van de markt’ en ‘zand uit de vaargeul’ zijn daardoor beoordeeld met een licht negatief effect, in lijn met het alternatief zonder landaanwinning. Natuur - Biodiversiteit: de beoordeling van biodiversiteit is in lijn met die van Natura 2000 en NNN vanwege een minder grote omvang van natuurontwikkeling is er minder sprake van ontwikkeling van biodiversiteit. De varianten ‘zand van de markt’ en ‘zand uit de vaargeul’ zijn daardoor beoordeeld met een licht positief effect, in lijn met het alternatief zonder landaanwinning. Landschap, cultuurhistorie en archeologie - Landschapstype- en structuur, (aardkundige) gebieden en patronen: de inrichtingsvariant ‘zonder strand bij Saerdam’ onderscheidt zich negatief ten opzichte van het voorlopig VKA.

Het strand en bijbehorende natuurontwikkeling vormt een belangrijke schakel in het geheel van de kustzone als structuurdrager, doordat het strand in deze variant ontbreekt vormt de structuur minder een geheel. Daarom is deze variant beoordeeld als licht positief in plaats van sterk positief. Landschap, cultuurhistorie en archeologie - Groenstructuren: de inrichtingsvariant ‘zonder strand bij Saerdam’ onderscheidt zich negatief ten opzichte van het voorlopig VKA. Het strand en bijbehorende natuurontwikkeling zorgen voor versterking van de groenstructuren in het gebied en de dooradering van groen tussen Meerdijkhaven en Bataviakwartier, doordat het strand in deze variant ontbreekt is er in mindere mate van groenstructuren en dooradering. Daarom is deze variant beoordeeld als licht positief in plaats van sterk positief. Gezondheid – gezondheidsbevordering: in de inrichtingsvariant ‘zonder strand bij Saerdam’ zijn er minder mogelijkheden voor (water)sport- en spel. Er worden wel mogelijkheden voor bewegen en ontmoeten gerealiseerd in het Bataviakwartier en Meerdijkhaven. Deze variant is daarom beoordeeld als licht positief in plaats van sterk positief.

22 november 2023

MER WATERFRONT LELYSTAD

BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001

49

5.6

Milieueffecten alternatief zonder landaanwinning

De ontwikkeling van het Waterfront in het alternatief zonder landaanwinning is minder omvangrijk dan in het voorlopig VKA. In het MER is ook onderzocht welke effecten er zijn voor het alternatief zonder landaanwinning. Hieronder is beschreven voor welke criteria de eindsituatie relevant is en tot welke effecten dit leidt. Eerste worden de positieve effecten benoemd, daarna de negatieve en neutrale effecten. Voor de negatieve effecten zijn ook de mitigerende maatregelen benoemd die de effecten mogelijk kunnen beperken. Er is geen sprake van sterk positieve effecten voor het alternatief zonder landaanwinning in de eindsituatie. Licht positieve effecten • Verkeer - Bereikbaarheid per openbaar vervoer: in en nabij het plangebied worden twee extra bushaltes aangelegd, hierdoor wordt het gebied beter bereikbaar met het openbaar vervoer. De beoordeling is gelijk aan het voorlopig VKA. • Verkeer - Bereikbaarheid voor langzaam verkeer: binnen het plangebied wordt een route voor langzaam verkeer (fietsen en wandelen) ontwikkeld die op verschillende locaties aansluit op het bestaande wandel- en fietsnetwerk. De beoordeling is gelijk aan het voorlopig VKA. • Verkeer - Verkeersveiligheid: in het plangebied wordt een structuur voor langzaam verkeer aangelegd dat gescheiden is van gemotoriseerd verkeer. Ook wordt de Oostvaardersdijk autovrij gemaakt ter hoogte van Bataviastad.

De beoordeling is gelijk aan het voorlopig VKA. • Natuur - Biodiversiteit: in Meerdijkhaven is er veel ruimte voor natuur zowel bij de natuurontwikkeling als tussen de woonbuurten (natuurinclusieve woningen). Hier zullen verschillende planten en diersoorten van profiteren. Het groen bij de woonbuurten is toegankelijk voor mensen en kan leiden tot lokale verstoring van biodiversiteit, hier zullen eisen gesteld moeten worden aan toegankelijkheid. Toch leidt de ontwikkeling tot een grote toename aan groene ruimte en natuurontwikkeling ten opzichte van de referentiesituatie. Omdat er in het alternatief zonder landaanwinning sprake is van een kleinere omvang van natuurontwikkeling en woonbuurten is dit alternatief met een licht positief effect beoordeeld ten opzichte van sterk positief bij het voorlopig VKA. • Landschap, cultuurhistorie en archeologie - Landschapstype en -structuur, (aardkundige) gebieden en patronen: verspreid over het plangebied wordt het landschap versterkt, zowel met de natuur als tussen de stad en het water, door natuurontwikkeling en het duinlandschap. De boulevard die door het plangebied loopt wordt ingericht als een parkachtige zone. In tegenstelling tot het voorlopig VKA wordt het strand bij Saerdam niet ontwikkeld.

De gehele ontwikkeling leidt ten opzichte van de referentiesituatie tot een versterking van het landschap, maar in mindere mate dan bij het voorlopig VKA. • Landschap, cultuurhistorie en archeologie - Groenstructuren: verspreid over het gebied worden groene gebieden aangelegd die met elkaar in verbinding staan. De groenstructuren worden met het plan versterkt ten opzichte van de referentiesituatie, maar in mindere mate dan bij het voorlopig VKA. Daarom wordt het alternatief zonder landaanwinning met een licht positief effect beoordeeld ten opzichte van een sterk positief effect bij het voorlopig VKA. • Landschap, cultuurhistorie en archeologie - Historische-geografische patronen, structuren en ensembles en stedenbouwkundige en bouwkundige ensembles, relicten en objecten: in en nabij het plangebied zijn enkele cultuurhistorische waarden aanwezig zoals de Cellnex-toren, het werkeiland en de Oostvaardersdijk, doordat het gebied toegankelijker gemaakt wordt voor langzaam verkeer en recreatie kan de beleving- en gebruikswaarde toenemen. Overall is er sprake van een neutraal effect, het alternatief zonder landaanwinning is niet onderscheidend van het voorlopig VKA. • Duurzaamheid - Klimaat: het plan voorziet in veel groen en water. Bestaande verharding in het Bataviakwartier wordt opengebroken en gedeeltelijk vervangen door groen.

In Meerdijkhaven worden woonbuurten gemaakt met veel groen en ruimte voor water. Het gebied zal hierdoor 22 november 2023

MER WATERFRONT LELYSTAD

BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001

50

klimaatbestendiger worden met het oog op hittestress, droogte en wateroverlast. Het alternatief zonder landaanwinning biedt minder ruimte voor natuur en water in vergelijking met het voorlopig VKA. Sterk negatief effect Voor het alternatief zonder landaanwinning is er voor één criterium sprake van een sterk negatief effect in de eindsituatie. Een sterk negatief effect wil zeggen dat het effect groot is of in een kritisch gebied kan optreden. Het gaat om het volgende criterium: • Natuur - Natura 2000: In het alternatief zonder landaanwinning is er een sprake van verstoring van menselijke activiteiten die vergelijkbaar is met het voorlopig VKA. Met mitigerende maatregelen kan dit effect beperkt worden. Licht negatieve effecten Voor een aantal criteria zijn licht negatieve effecten te verwachten in de eindsituatie. Dit zijn effecten die relatief beperkt of zeer lokaal zijn. Het gaat om de volgende criteria: • Verkeer - Bereikbaarheid per auto: in het alternatief zonder landaanwinning zal de toename van verkeer minder zijn dan bij het voorlopig VKA, dit hangt samen met een beperktere woningbouwontwikkeling. Hierdoor zal er minder verkeersgeneratie zijn op het wegennet. Toch is er sprake van kans op files en congestie, met name rond vier kruispunten (gelijk aan het voorlopig VKA. Dezelfde mitigerende maatregelen worden voorgesteld om het negatieve effect te minimaliseren.

• Geluid - Wegverkeerslawaai: als gevolg van extra verkeer neemt geluidhinder door verkeer toe. Voor het alternatief zonder landaanwinning gaat het om een toename van 3% bij bestaande bouw, dit is minder dan bij het voorlopig VKA (+ 20%). Voor het alternatief zonder landaanwinning geldt, net als voor het voorlopig VKA, dat de voorkeurswaarde voor nieuwe geluidgevoelige bestemmingen wordt overschreden. Voor de bestaande bebouwing kunnen bronmaatregelen genomen worden, bijvoorbeeld geluidreducerend asfalt en verkeersmaatregelen (snelheidsverlaging, vrachtwagenverbod, omleidingsroutes). Voor de nieuwbouw kan een combinatie van stedenbouwkundige oplossingen, bron- en overdrachtsmaatregelen (geluidsschermen/-wallen) geluidhinder verminderen. Het is onduidelijk of het dusdanig afneemt dat er geen effecten optreden. • Geluid - Industrielawaai: Meerdijkhaven ligt gedeeltelijk binnen de geluidzone van het bedrijventerrein Noordersluis. Ondanks een kleinere omvang van woningbouw in het alternatief zonder landaanwinning, bevindt een klein deel van de woningbouw zich precies in de geluidzone. Dit kan leiden tot geluid boven de voorkeurswaarde voor industrielawaai. Door de woningbouw iets op te schuiven verdwijnt het risico. Als alternatief kan er onderzoek worden gedaan naar het verkleinen van de geluidzone zodat de woningen buiten de geluidzone komen te liggen.

In beide gevallen kan de beoordeling wijzigen in ‘geen effect’. • Bedrijven- en milieuzonering - Hinder van en beperkingen voor bestaande bedrijvigheid: de kade ter hoogte van het werkeiland ten zuiden van het plangebied wordt gebruikt voor laden, lossen en opslag. Dit gebruik is slechts in een klein zuidelijk deel van de kade planologisch toegestaan. De mogelijke (geluid)hinder van deze activiteiten op de bestaande en de toekomstige woonbebouwing van het Waterfront is onbekend. Uitgaande van een worst-case beoordeling wordt het effect negatief ingeschat. Als maatregel kan en wil de gemeente de kade-activiteiten beperken tot opslag ten dienste van de aangrenzende bestemming bedrijventerrein, op de daarvoor bestemde gronden. Hiermee wordt hinder voorkomen ter plaatse van de nieuwbouw. Dit betekent een beperking van de bedrijfsactiviteiten ter plaatse tot aan wat planologisch is toegelaten. De beoordeling van het alternatief zonder landaanwinning is gelijk aan die van het voorlopig VKA, omdat de beperktere omvang van dit alternatief geen invloed heeft qua locatie. • Bedrijven- en milieuzonering - Knelpunten met feitelijke bedrijvigheid voor relevante bedrijven: de woningen in Meerdijkhaven liggen op voldoende afstand van bedrijventerrein Noordersluis met het 22 november 2023

MER WATERFRONT LELYSTAD

BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001

51

•

•

•

•

•

oog op de maximale planologische mogelijkheden. Wel ligt de geluidcontour van dit bedrijventerrein gedeeltelijk over Meerdijkhaven. Dit aspect is gericht op industrielawaai, de beoordeling is in lijn met wat er benoemd is onder het criterium industrielawaai. Nautische veiligheid - Vaarverkeerssituatie: de vaarverkeersituatie komt in het alternatief zonder landaanwinning deels overeen met die van het voorlopig VKA. Enige uitzondering is dat Meerdijkhaven geen belemmering vormt. De ontwikkeling van het Waterfront zorgt voor nieuwe gebruikers op het water waarbij nachtelijk vaarverkeer niet is uitgesloten, zoals vaarverkeer vanuit het hotel met passantenligplaatsen. Dit kan voor gevaarlijke situaties zorgen met het continue beroepsvaarverkeer dat in hetzelfde water vaart. De nieuwe cruisehaven aan de buitenkant van de bestaande haven ligt dicht op de hoofdvaarweg Amsterdam-Lemmer waardoor cruiseschepen mogelijk moeten manoeuvreren in de hoofdvaarweg. Als mitigerende maatregel kunnen er eisen gesteld worden aan de pleziervaart dat in het gebied vaart, de pleziervaart van het hotel vervangen door en shuttle-dienst. De genoemde maatregelen zorgen er niet voor dat de negatieve effecten volledig verdwijnen (er zal altijd kruisend vaarverkeer blijven), maar wel verminderen.

Nautische veiligheid - Interactie met het Waterfront: langs het Waterfront zijn er verschillende mogelijkheden voor waterrecreatie. Dit kan op sommige locaties interactie vormen met het vaarverkeer in het gebied wat voor gevaarlijke situaties kan zorgen, bijvoorbeeld zwemmers in combinatie met boten met mogelijke zuigkracht (grotere schepen). De ontwikkelingen in het alternatief zonder landaanwinning liggen op grotere afstand van het de vaargeulen, waardoor er in mindere mate sprake zal zijn van gevaarlijke situaties. Toch kunnen ook hier mitigerende maatregelen genomen worden, zoals met een boeienlijn een zwemgebied scheiden van vaarverkeer. Door steigers en zwemvlonders te plaatsen (o.a. bij Meerdijkhaven) kan recreatie beperkt worden tot deze locaties. Met deze maatregelen is de verwachting dat interactie geminimaliseerd wordt, dat leidt dan tot de beoordeling geen effect. Natuur - Natuurnetwerk Nederland: de beoordeling van NNN is in lijn met die van Natura 2000. Vanwege dezelfde reden (minder natuurontwikkeling) is er in mindere mate sprake van samenhang binnen het NNN behorende tot Natura 2000. Het alternatief zonder landaanwinning is daardoor beoordeeld met een negatief effect. Gezondheid - Gezondheidsbescherming (geluid): door een toename van verkeer kan er slaapverstoring optreden bij bewoners in het gebied.

Voor het alternatief zonder landaanwinning is er sprake van geen toename van slaapverstoring ten opzichte van de referentiesituatie. Wel is er sprake van overschrijding van WHO-normen voor nieuwbouw. Bron- en overdrachtsmaatregelen (zie criterium wegverkeerslawaai) zullen genomen moeten worden om dit te verminderen. Hinder van de gebouwde omgeving – Lichthinder: door een toename van verkeer en nieuwe woningen is er een kans op toename van lichthinder op bestaande woningen en de nieuwe woningen in Meerdijkhaven. Er kunnen mitigerende maatregelen genomen worden om de lichtuitstraling te verminderen, zoals afschermkappen op openbare verlichting, verlichting die aangaat bij aanwezigheid, aarden wal of obstakel tussen woningen en de weg, en het slim plaatsen van verkeersdrempels. Door deze maatregelen te nemen kan de kans op lichthinder geminimaliseerd worden. Het alternatief zonder landaanwinning is niet onderscheidend van het voorlopig VKA.

Neutrale effecten De volgende criteria laten geen positieve of negatieve effecten zien. Veel criteria komen overeen met het voorlopig VKA, deze zijn niet opnieuw beschreven. Aanvullend of onderscheidend ten opzichte van het voorlopig VKA gaat het om: • Luchtkwaliteit – Verandering concentratie luchtkwaliteit: voor luchtkwaliteit is er gekeken naar het effect op de jaargemiddelde concentratie van stikstofdioxide (NO2) en fijnstof (PM10 en PM2.5). Voor het alternatief zonder landaanwinning is er sprake van een geringe toename voor stikstofdioxide. Deze toename blijft binnen de gestelde grenswaarden. 22 november 2023

MER WATERFRONT LELYSTAD

BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001

52

• •

•

Externe veiligheid – Groepsrisico: er worden minder kwetsbare objecten in het plangebied toegevoegd in vergelijking met het voorlopig VKA. Natuur – Beschermde soorten: Bij dit alternatief is er minder ruimte voor ontwikkeling van de groene buitenruimte, oeverzone en is er geen sprake van natuurontwikkeling bij de leidam. Hierdoor is er minder ruimte in het plan om leefgebied te integreren. Voor gebouwbewonende soorten als de huismus is voldoende ruimte in het plan, evenals voor verblijfplaatsen van vleermuizen. Voor de overige broedvogels, grondgebonden zoogdieren en amfibieën is er geen sprake van een duidelijke verbetering van het leefgebied ten opzichte van de huidige en referentiesituatie. Gezondheid – Gezondheidsbevordering: De mogelijkheden voor bewegen en ontmoeten zijn in het alternatief zonder landaanwinning veel beperkter dan in voorlopig VKA. De boardwalk/boulevard wordt niet ontwikkeld, er komen geen duinlandschap en stranden met wandel- en fietspaden. Het gebied wordt alleen ingericht als nieuwe woonwijk.

Vanwege het ontbreken van de landaanwinning zijn er bepaalde criteria die geen effecten laten zien en daarmee onderscheidend zijn van het voorlopig VKA. Het gaat om de volgend criteria: • Externe veiligheid - Plaatsgebonden risico: doordat er geen landaanwinning plaatsvindt zal het plangebied niet binnen de PR10-6 risicocontour komen te liggen van de vaarweg Amsterdam-Lemmer. • Waterkwaliteit – Grondwaterkwaliteit: er vinden geen werkzaamheden plaats die leiden tot wezenlijke veranderingen in de grondwaterhuishouding. • Waterkwaliteit – Chemische oppervlaktewaterkwaliteit: er vinden geen werkzaamheden plaats die leiden tot wezenlijke veranderingen in de chemische oppervlaktewaterkwaliteit • Waterkwaliteit - Ecologische oppervlaktewaterkwaliteit: er vindt geen natuurontwikkeling plaats waardoor er geen sprake is positieve effecten van natuurontwikkeling. • Waterkwantiteit - Waterbergend vermogen: er is geen sprake van landaanwinning en daardoor geen sprake van een afname van het waterbergend vermogen. • Waterkwantiteit - Grondwaterhuishouding: er vinden geen veranderingen plaats die leiden tot verandering van de grondwaterhuishouding. • Waterveiligheid en morfologie – Hydrodynamica: er vinden geen veranderingen plaats die leiden tot verandering van de hydrodynamica van het Markermeer.

• Waterveiligheid en morfologie – Morfologie: er vinden geen veranderingen plaats die leiden tot verandering van de morfologie van het Markermeer • Waterveiligheid en morfologie – Beheerbaarheid: de dijk wordt niet versterkt als onderdeel van dit plan en wordt daarom ook niet beheerd als onderdeel van dit plan. • Nautische veiligheid – ruimte voor de vaarweg: in het alternatief zonder landaanwinning wordt geen persleiding toegepast en wordt de ruimte voor de vaarweg niet beperkt.

22 november 2023

MER WATERFRONT LELYSTAD

BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001

53

6

Effecten van de realisatie

De realisatie van Waterfront zal in totaal naar verwachting ongeveer 15 jaar duren. Tijdens deze periode treden er ook tijdelijke effecten op als gevolg van de aanlegwerkzaamheden. Deze treden niet allemaal gedurende de hele realisatieperiode op, sommige hangen bijvoorbeeld sterk samen met de landaanwinningswerkzaamheden in het eerste jaar, andere kunnen gedurende de hele realisatie optreden, maar niet in de hele periode in dezelfde mate of op dezelfde locatie. In dit hoofdstuk zijn de milieueffecten van de realisatie beoordeeld. De onderbouwing van de effecten is per thema uitgeschreven in Deel B.

6.1

Samenvattende tabel milieueffecten realisatie

De effectbeoordeling van de realisatie is samengevat in. In de tabel staan een groot aantal milieuthema’s met criteria. Tijdens de realisatie eindsituatie treden er sterk positieve, positieve, neutrale, licht negatieve en sterk negatieve effecten op. Voor de criteria die gescoord zijn als negatief effect zijn mitigerende of compenserende maatregelen voorgesteld om deze effecten te verminderen. Uiteindelijk laten de resultaten geen showstoppers zien. In dit hoofdstuk zijn de effecten van de alternatieven en varianten die in de tabel zijn aangegeven kort beschreven. In Deel B staat een uitgebreide onderbouwing van de effectbeoordeling per criterium. Voor verkeer en geluid is er onvoldoende informatie beschikbaar om tot een beoordeling te komen. Onderstaande geldt voor alle alternatieven en varianten. Verkeer: voor verkeer is dit stadium van de planvorming nog niet concreet genoeg om verkeerseffecten voor de realisatie te beschouwen. Hiervoor moeten er uitvoeringsplannen en mobiliteitsplannen van de aannemer zijn met eisen vanuit de betrokken overheden. De realisatie zal in totaal 15 jaar duren, waarbij de werkzaamheden zich in het plangebied verplaatsen en op de gerealiseerde locaties al de eindsituatie zal zijn. Daardoor zullen de verkeers- en bereikbaarheidsvoorzieningen 'meegroeien' met de bouw.

Het is aannemelijk dat hier gaat om negatieve effecten en niet om positieve effecten. • Geluid: Voor bouwlawaai in de realisatiefase dient voldaan te worden aan de eisen uit het Bouwbesluit (Besluit bouwwerken leefomgeving onder de Omgevingswet). Bij de uitwerking van het plan is dit een aandachtspunt, met name het gebied tot 250 meter vanaf woningen, en zeker bij heiwerkzaamheden. Ook de route van (zwaar) bouwverkeer van en naar het plan, zal een aandachtspunt zijn, gezien de lange doorlooptijd van de realisatie. Voor beide alternatieven zal hier rekening mee moeten worden gehouden. Met scheepvaartlawaai dient rekening gehouden te worden bij de uitwerking in het bestemmingsplan. In het MER is uitgegaan van de gelijktijdige ontwikkeling van Bataviakwartier en Meerdijkhaven en Saerdam. Daarmee is cumulatie van effecten van de aanlegwerkzaamheden meegenomen.

22 november 2023

MER WATERFRONT LELYSTAD

BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001

54

Tabel 6-1: Beoordelingstabel milieueffecten realisatie (na m/c betekent inclusief mitigerende en/of compenserende maatregelen, n.v.t. betekent dat de variant niet van toepassing is op het criterium)

Thema

Criterium

Variant zonder strand Saerdam

Voorlopig VKA

Na m/c

Na m/c Bodem

Waterkwaliteit (KRW) Waterkwantiteit

Waterveiligheid en morfologie

Nautische veiligheid

Natuur

Landschap, cultuurhistorie, archeologie Gezondheid

Duurzaamheid

Hinder gebouwde omgeving

22 november 2023

Variant grondverbetering

Variant zand uit de vaargeul

Na m/c

Variant zand van de markt

Na m/c

Na m/c

Alternatief zonder landaanwinning Na m/c

Land- en waterbodemkwaliteit

0

0

0

0

0

0

Grondverzet

-

-

-

-

-

0

Grondwaterkwaliteit

0

0

0

0

0

0

Chemische oppervlaktewaterkwaliteit

0

0

0

0

0

0

Ecologische oppervlaktewaterkwaliteit

-

0

-

0

-

0

-

0

0

0

Grondwaterhuishouding

-

-

-

-

-

-

-

-

0

0

Hydrodynamica

0

0

0

0

0

0

Morfologie

0

0

0

0

0

0

Slibinvang

+

0

+

0

n.v.t.

n.v.t.

Hoogwaterveiligheid

+

+

++

++

++

-

Ruimte voor de vaarweg

--

0

--

0

--

0

--

0

-

0

0

Vaarverkeerssituatie

-

0

-

0

-

0

-

0

-

0

0

Interactie met het Waterfront

-

0

-

0

-

0

-

0

-

0

-

0

Natura 2000

--

0

--

0

--

0

--

0

--

0

--

0

Natuurnetwerk Nederland

-

0

-

0

-

0

-

0

-

0

-

0

Beschermde soorten

-

0/+

-

0/+

-

0/+

-

0/+

-

0/+

-

0

Biodiversiteit

-

0

-

0

-

0

-

0

-

0

-

0

Archeologische (verwachtings)waarden

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

Gezondheidsbescherming (geluid)

-

0

-

0

-

0

-

0

-

0

-

0

Gezondheidsbevordering (leefomgeving en voorzieningen)

+

+

n.v.t.

n.v.t.

-

n.v.t.

Energie

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

Klimaat

-

0

-

0

-

0

-

0

-

0

-

0

Circulariteit

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

Lichthinder

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

MER WATERFRONT LELYSTAD

BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001

55

6.2

Milieueffecten voorlopig voorkeursalternatief

Licht positieve effecten Als gevolg van de aanleg van Waterfront is er sprake van licht positieve effecten tijdens de realisatiefase, namelijk voor de volgende criteria: • Waterveiligheid en morfologie - Hoogwaterveiligheid: door de ontwikkeling van het Waterfront wordt de autonome dijkversterking naar voren gehaald als meekoppelkans voor het gebied. Dit is positief voor de hoogwaterveiligheid van het gebied achter de primaire kering. Daarnaast wordt er (gedeeltelijk) een strand aangelegd voor de primaire kering waardoor golven gebroken worden en minder belastend zijn voor de primaire kering. Dit effect zal al in de realisatiefase optreden zodra de landaanwinning gereed is. De bestaande kering blijft behouden tot de nieuwe kering gerealiseerd is waardoor de waterveiligheid gewaarborgd blijft. Er zijn aandachtspunten voor de uitvoering, deze zijn benoemd in Hoofdstuk 7, deze gaan met name in op de stabiliteit van de dijk en restzetting. • Waterveiligheid en morfologie – Slibinvang: voor de landaanwinning is een zandwinput nodig, deze put heeft een capaciteit van ongeveer 2 miljoen m3. Nadat de zandwinning klaar is zal de put langzaam dichtslibben door slibinvang. Vergeleken met de omvang van de slibinvang van de Marker Wadden is de invloed van de slibinvang voor het Waterfront tien keer zo klein.

Door het volume van de slibvang is de functie ervan naar verwachting na 20-30 jaar grotendeels dichtgeslibd. • Gezondheid - Gezondheidsbevordering: tijdens de realisatie zijn nog niet alle wandel- en fietspaden en sport en spelmogelijkheden toegankelijk. Ook zal de omgeving op het gebied van groen nog niet ver uitgewerkt zijn nabij en tussen de nieuwe bebouwing, zodat het (uit)zicht wat kan verslechteren ten opzichte van de huidige situatie en eindsituatie. Maar na de landaanwinning worden meteen de paden en beplanting aangelegd. De boulevard wordt gerealiseerd en de stranden worden ingericht. Het duinlandschap van Meerdijkhaven en de boulevard van Bataviakwartier zijn dus al snel toegankelijk voor wandelen, fietsen, sporten en spelen. Daarmee wordt voor bestaande omwonenden en de eerste nieuwe bewoners het sociale aspect al bevorderd tijdens de realisatie. Deze gebieden zullen natuurlijk in de loop der jaren verder worden ingericht. Aandachtspunt bij de realisatie is door goede communicatie naar bewoners, aandacht te besteden aan zicht (op groen) en het sociale aspect zodat het ook uitnodigt dat mensen elkaar kunnen blijven ontmoeten op fijn ingerichte plekken gedurende de lange bouwperiode. Sterk negatieve effecten Voor het voorlopig VKA wordt voor één criterium een sterk negatief effect voorzien in de realisatiefase.

Het gaat om ‘ruimte voor de vaarweg’ binnen het thema nautische veiligheid. Een sterk negatief effect wil zeggen dat het effect groot is of in een kritische periode of gebied kan optreden. • Nautische veiligheid - Ruimte voor de vaarweg: voor de aanleg van de landaanwinning wordt zand gewonnen op het Markermeer. Dit zand wordt via een persleiding getransporteerd naar de locatie van de landaanwinning. De persleiding loopt over de bodem van het Markermeer en kruist daarbij de hoofdvaarweg wat kan leiden tot hinder van het scheepvaartverkeer. Dit zeer negatieve effect kan worden gemitigeerd door de persleiding ter hoogte van de hoofdvaarweg op voldoende diepte te leggen, als dit niet mogelijk is kan de persleiding ingegraven worden. Daarmee is er door mitigatie geen effect ten opzichte van de referentiesituatie. • Natuur - Natura 2000: binnen het plangebied is de meervleermuis aanwezig, deze is erg gevoelig voor licht. Lichthinder door werkzaamheden kan negatieve gevolgen hebben voor de meervleermuis. Daarnaast ligt de zandwinlocatie binnen de 25 kilometer grens van Natura 2000-gebied Veluwe. Significant negatieve effecten door stikstofdepositie zijn aan de voorkant niet uit te sluiten. Door fasering van het werk en de uitvoeringsmethode is het in de praktijk meestal mogelijk om significante verstoring en depositiebijdrage te voorkomen.

Het is daarom niet te verwachten dat de alternatieven 22 november 2023

MER WATERFRONT LELYSTAD

BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001

56

na mitigatie significante gevolgen zullen hebben voor Natura 2000-gebied Markermeer & IJmeer en Veluwe Licht negatieve effecten Naast sterk negatieve effecten zijn er voor een aantal criteria licht negatieve effecten te verwachten tijdens de realisatie. Dit zijn effecten die relatief beperkt, tijdelijk of lokaal zijn. Het gaat om de volgende criteria: • Bodem - Grondverzet: voor landaanwinning is in de realisatiefase veel zand nodig die niet binnen het plangebied beschikbaar is, daarom wordt er zand gewonnen in het Markermeer. Dit leidt tot grondverzet. Omdat het zand binnen het plangebied ontoereikend is voor de landaanwinning is aanvoer van zand van buitenaf onvermijdelijk. Er zijn geen mitigerende maatregelen. Voor het bouwrijp maken van de terreinen wordt materiaal uit het gebied gebruikt. • Waterkwaliteit - Ecologische oppervlaktewaterkwaliteit: het aanleggen van zandwinputten in het Markermeer leidt tot verstoring van biologische elementen (zoals vissen). Verstoring treedt op door vertroebeling van het water als gevolg van de winning met een zandzuiger en het transport van materiaal. Vertroebeling en verstoring door werkzaamheden kunnen in beperkte mate worden gemitigeerd door zorgvuldig te werken en zo vertroebeling en verstoring tot een minimum te beperken, daarmee is er door mitigatie mogelijk geen effect ten opzichte van de referentiesituatie.

Door de landaanwinning neemt het oppervlak van het water achter de dam af en kan de invloed van effluentlozing toenemen, dit kan gevolgen hebben voor de kwaliteit van het (zwem)water. Hiervoor zijn geen mitigerende maatregelen benoemd. • Waterkwantiteit - Grondwaterhuishouding: door werkzaamheden in de bodem van het Markermeer, zoals de zandwinning, kan het oppervlaktewater infiltreren in het watervoerend pakket. Hierdoor kan een opwaartse grondwaterstroming ontstaan wat kan leiden tot kwel in de polders. Dit effect is tijdelijk en zal verdwijnen zodra de infiltratie van het oppervlaktewater stopt als de werkzaamheden klaar zijn en de zandwinput dichtslibt. Mitigatie is niet eenvoudig in stedelijk gebied. • Nautische veiligheid - Vaarverkeerssituatie: tijdens de realisatiefase zal materiaal aangevoerd worden via schepen. Ook wisseling van de crew op baggerschepen zal via schepen gebeuren. Het aantal schepen in en rond het plangebied neemt hierdoor toe, mogelijk kunnen bestaande schepen in het gebied tijdelijk niet hun gebruikelijke routes kunnen varen (bijv. veerdiensten, riviercruises etc.). Door vaarverkeer tijdig van informatie en alternatieve routes te voorzien kunnen effecten gemitigeerd worden tot geen effect. Waar de werkzaamheden bestaande functies beperken kan gezocht worden naar het tijdelijk of permanent verplaatsen van deze functies.

• Nautische veiligheid - Interactie met het Waterfront: tijdens de realisatiefase zal een deel van de activiteiten in het plangebied doorgaan (zoals activiteiten van het KNRM, de veerdienst naar de Marker Wadden en riviercruises) en gedeeltelijk zullen voorzieningen voor waterrecreatie verdwijnen. Het gaat om beperkt negatieve effecten die voornamelijk in deelgebied Bataviakwartier voorkomen. Verlies van waterrecreatie kan mogelijk tijdelijk verplaatst worden tijdens de realisatiefase waarmee negatieve effecten gemitigeerd kunnen worden. • Natuur - Natuurnetwerk Nederland (NNN): binnen NNN wordt er onderscheid gemaakt in provinciaal NNN en rijks-NNN. Voor provinciaal NNN zijn er geen negatieve effecten te verwachten. Het rijks NNN sluit aan op de beoordeling van Natura 2000. Door mogelijke verstoring van vogels en de meervleermuis is er sprake van een negatief effect. Door de mitigerende maatregelen zoals beschreven bij Natura 2000 worden de negatieve effecten beperkt. • Natuur - Beschermde soorten: binnen het plangebied komen verschillende beschermde soorten voor. Van vleermuizen, grondgebonden zoogdieren, vogels met een jaarrond beschermd nest en ongewervelden is er sprake van aantasting van het functionele leefgebied door verstoring of vernietiging van vaste verblijfplaatsen, foerageergebied en/of voortplantingsplaatsen (-).

Voor kale grondbroeders en de rugstreeppad is er tijdelijk een verbetering van het functionele leefgebied door 22 november 2023

MER WATERFRONT LELYSTAD

BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001

57

•

•

•

•

•

•

de komst van grote oppervlakten met kaal zand (+). Door rekening te houden met kwetsbare periodes zoals voortplanting- en overwinteringsseizoen kunnen negatieve effecten gemitigeerd worden. Ook kan er gedacht worden aan fasering van werkzaamheden zodat er voldoende rustige gebieden blijven bestaan. Door mitigatie ontstaat een kans voor het geschikt maken van grond voor kalegrondbroeders (zoals de visdief en plevieren), hiermee kan door mitigatie een zeer beperkt positief effect ontstaan (0/+). Natuur - Biodiversiteit: leefgebied van soorten kan verdwijnen door de werkzaamheden. De impact is het grootst bij werkzaamheden die ten koste gaan van het aanwezige groen, zoals de groenstrook bij Meerdijkhaven en Saerdam. Er zijn ook soorten die profiteren van de pioniersituatie in de realisatiefase, zoals de rugstreeppad, maar overall gezien overheerst de verstoring en het verlies aan leefgebied tijdens de realisatiefase. Door de mitigerende maatregelen zoals genoemd onder beschermde soorten kunnen negatieve effecten beperkt worden. Landschap, cultuurhistorie en archeologie - Archeologische (verwachtings)waarden: in de waterbodem zijn archeologische verwachtingswaarden aanwezig en resten van een pleistoceen landschap. Door werkzaamheden in de bodem, zoals zandwinning kunnen deze resten aangetast worden.

Door vervolgonderzoeken uit te voeren kan beter ingeschat worden waar deze waarden zich bevinden en hoe hiermee omgegaan moet worden tijdens de realisatiefase. Gezondheid - Gezondheidsbescherming (geluid): een toename van het aantal verkeersbewegingen (bouwverkeer) kan een toename geven van geluid en daarmee mogelijk slaapverstoring veroorzaken. Dit zal erg lokaal en tijdelijk zijn, maar gezien de lange bouwperiode (10-15 jaar) wordt dit gezien als licht negatief effect. Door mitigerende maatregelen kan dit beperkt worden. Duurzaamheid - Energie: het zware materieel dat ingezet wordt voor het realiseren van het Waterfront is naar verwachting nog niet volledig elektrisch. Dit leidt tot significante uitstoot van fossiele brandstoffen tijdens de realisatiefase. Elektrisch materieel zal een tijdelijke belasting zijn op het elektriciteitsnet. Het effect kan deels gemitigeerd worden door inzet van elektrisch materieel maar de verwachting is dat dit niet volledig beschikbaar is waardoor licht negatieve effecten blijven bestaan. Duurzaamheid - Circulariteit: voor de realisatiefase zijn circulaire principes opgenomen in het stedenbouwkundig plan, maar dit is niet verder uitgewerkt. Er zal materiaal aangevoerd moeten worden van buiten het plangebied. Door circulariteit verder uit te werken voor de realisatiefase kunnen circulaire materialen gebruikt worden.

Het is niet aannemelijk dat al het materiaal circulair zal zijn. Hinder van de gebouwde omgeving - Lichthinder: tijdens de realisatiefase is de kans op lichthinder aanwezig door verlichting op bouwterreinen, verlichting tijdens bouwwerkzaamheden en door aanvoer van bouwmaterialen. Om de kans op lichthinder door bouwwerkzaamheden te minimaliseren wordt aangeraden te onderzoeken of het mogelijk is om (bouw)lampen te vervangen voor natuurvriendelijke verlichting dan wel de lichten te dimmen gedurende de uren dat er niet gewerkt wordt, verlichting af te schermen van omwonenden en de werktijden aan te passen (werken bij daglicht). Daarmee is het de verwachting dat de kans op lichthinder hinder deels voorkomen wordt, maar niet geheel.

Neutrale effecten De volgende criteria laten geen positieve of negatieve effecten zien, het gaat om: • Bodem – Land- en waterbodemkwaliteit: de land- en waterbodem voldoet aan de kwaliteit voor de gewenste functie en het gebruik, door realisatie verandert dit niet. • Waterkwaliteit – Grondwaterkwaliteit: voor de zandwinning die nodig is voor realisatie wordt eerst de holocene deklaag van de Markermeerbodem ontgraven. Hierbij komt oppervlaktewater direct in contact met het watervoerend pakket. Het is niet de verwachting dat er verontreinigingen in het infiltrerende water terecht komt en daarmee zal de grondwaterkwaliteit niet verslechteren. • Waterkwaliteit – Chemische grondwaterkwaliteit: Het wegbaggeren van de holocene deklaag van de Markermeerbodem voor de zandwinning kan leiden tot een verhoogde kweldruk in de polder. Omdat 22 november 2023

MER WATERFRONT LELYSTAD

BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001

58

•

•

•

het grondwater voor zover bekend niet is verontreinigd met prioritaire stoffen is er geen sprake van een negatief effect op de oppervlaktewaterkwaliteit. Waterveiligheid en morfologie – Hydrodynamica: in de realisatie wordt een landaanwinning opgespoten en wordt de waterkering versterkt. Deze werkzaamheden hebben geen invloed op de hydrodynamica van het Markermeer, omdat de aanpassingen worden uitgevoerd op een schaal die te klein is om significante invloed te hebben op het Markermeer. Waterveiligheid en morfologie – Morfologie: door de realisatie van de landaanwinning kan er lokale vertroebeling van het water optreden. Het zand dat mogelijk verloren gaat wordt door de langsdammen en strekdammen vastgehouden en heeft geen invloed op de morfologie van het Markermeer. Waterveiligheid en morfologie – Hoogwaterveiligheid: alleen de variant ‘grondverbetering’ is op dit criterium van toepassing. In deze variant is het risico op restzetting veel minder groot dan in het voorlopig VKA doordat de holocene deklaag wordt vervangen door een stabielere (zand) ondergrond.

6.3

Beschouwing varianten voorlopig voorkeursalternatief

In deze paragraaf is beschouwd op welke criteria de varianten afwijkende effecten laten zien ten opzichte van het voorlopig VKA. •

•

•

•

•

Bodem – Grondverzet: de varianten verschillen onderling in de hoeveelheid te verzetten grond. Voor de variant ‘grondverbetering’ geldt dat er sprake is van meer grondverzet dan in het voorlopig VKA, omdat een deel van de holocene deklaag onder de nieuwe dijk wordt weggehaald en opgevuld met zand. Voor de variant ‘zonder strand’ wordt er iets minder grond verzet. Voor de varianten ‘zand uit de markt’ en ‘zand uit de vaarweg’ is het grondverzet aanzienlijk minder dan in het voorlopig VKA, omdat er geen holoceen materiaal wordt verzet, maar er moet nog steeds een grote hoeveelheid zand van buiten het plangebied worden aangevoerd. De beoordeling is voor alle varianten licht negatief, gelijk aan het voorlopig VKA. Waterkwaliteit – Grondwaterkwaliteit: In de varianten ‘grondverbetering’, ‘zonder strand’ en ‘zand uit de vaargeul’ wordt de holocene deklaag van de zandwinput deels afgegraven, zoals in het voorlopig VKA, waardoor er een hydrologische verbinding ontstaat tussen binnen- en buitendijks gebied. Hierdoor neemt lokaal de brakke kwel in de polder toe. De beoordeling van deze varianten is licht negatief, gelijk aan het voorlopig VKA. Voor de variant ‘zand van de markt’ is het zand afkomstig van elders en is er geen sprake van effecten. Waterkwaliteit - Ecologische oppervlaktewaterkwaliteit: de aanleg van zandwinputten leidt tot de verstoring van biologische kwaliteitselementen.

Voor de variant ‘grondverbetering’ geldt dat er ook brakke kwel optreedt door de grondverbetering. Voor de variant ‘zand uit vaarweg’ geldt dat een oude zandwinput opnieuw geopend wordt, waardoor er mogelijke gevolgen zijn voor de waterkwaliteit. Voor deze varianten geldt dat ze licht negatief zijn beoordeeld, net als het voorlopig VKA. Tenslotte geldt dat voor de variant ‘zand van de markt’ dat deze zich positief onderscheid ten opzichte van het voorlopig VKA. Omdat er geen sprake is van zandwinning in het gebied, is aan deze variant is de beoordeling neutraal gegeven. Waterkwantiteit – Grondwaterhuishouding: de varianten ‘grondverbetering’, ‘zonder strand’ en ‘zand uit de vaargeul’ zijn licht negatief beoordeeld, net als het voorlopig VKA, als gevolg van het risico op lokale toename van brakke kwel als gevolg van de ontgraving van holoceen materiaal en zandwinning. Voor de variant ‘zand van de markt’ is het zand afkomstig van elders en is er geen sprake van effecten. Waterveiligheid en morfologie – Slibinvang: de variant ‘zonder strand bij Saerdam’ is niet onderscheidend van het voorlopig VKA. Voor de variant ‘grondverbetering’ geldt dat er meer zand

22 november 2023

MER WATERFRONT LELYSTAD

BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001

59

•

•

•

•

nodig is onder de dijk en de zandwinput groter is. De slibinvang kan daardoor ook groter zijn. Voor de variant ‘zand uit vaarweg’ geldt dat bestaande putten gebruikt wordt waar al slibinvang plaatsvindt. Deze twee varianten zijn niet onderscheidend beoordeeld ten opzichte van het voorlopig VKA. Voor de variant ‘zand uit de markt’ geldt dat zand op een nog onbekende, maar wel vergunde zandwinlocatie plaatsvindt. De effecten van deze variant kunnen niet worden beoordeeld, slibinvang is hier niet van toepassing. Waterveiligheid en morfologie – Hoogwaterveiligheid: voor de variant ‘zonder strand bij Saerdam’ wordt er geen voorland gemaakt ter hoogte van Saerdam waardoor de dijk op een ander moment versterkt moet worden, hier wordt de waterveiligheidsopgave gedeeltelijk opgelost waardoor deze minder positief scoort dan het voorlopig VKA. Voor de variant ‘grondverbetering’ geldt dat de holocene deklaag wordt afgegraven en vervangen door een stabielere ondergrond van zand. Hierdoor is er minder risico op restzetting. Deze variant scoort gelijk aan het voorlopig VKA. De overige varianten zijn niet onderscheidend. Nautische veiligheid – Ruimte voor de vaarweg: De varianten ‘strand bij Saerdam’ ‘grondverbetering’ en ‘zand uit vaargeul’ zijn net als het voorlopig VKA sterk negatief beoordeeld.

Voor de variant ‘grondverbetering’ geldt dat er een extra persleiding tussen Meerdijkhaven en de nieuwe natuur nodig is die de vaarweg Noordersluis-Oostvaardersdiep kruist. Voor de variant ‘zand uit vaarweg’ ligt er gedurende enige weken een zandzuiger in de hoofdverbinding Amsterdam – Lemmer (Delfzijl). In deze variant komt geen nieuwe natuurontwikkeling langs de leidam, maar wel een persleiding vanuit de vaargeul naar de landaanwinning. De uitvoeringsduur is korter, en daarmee ook de kruisende vaarbewegingen. De variant ‘zand van de markt’ is licht negatief beoordeeld. Voor de variant ‘zand van de markt’ geldt dat zand met schepen wordt aangevoerd, waar genoeg capaciteit voor is in de vaargeul Amsterdam-Lemmer. In deze variant is geen sprake van een persleiding die de vaargeul moet passeren en er komt geen nieuwe natuurontwikkeling langs de leidam. De uitvoeringsduur is korter en daarmee ook de kruisende vaarbewegingen. Voor de varianten gelden dezelfde mitigerende maatregelen als voor het voorlopig VKA. Natuur – Natura 2000: voor de variant ‘grondverbetering’ is meer grondverzet nodig dan in het voorlopig VKA en de uitvoeringsduur is langer. Voor de variant ‘zand uit de vaargeul’ is minder baggerwerk nodig, de uitvoeringsduur is korter en het grondverzet beperkter.

Voor de variant ‘zand van de markt’ wordt het zand aangevoerd waardoor de uitvoeringsduur korter is en het grondverzet beperkter. Desondanks de kleine verschillen is de beoordeling gelijk aan het voorlopig VKA (sterk negatief). Hinder van de gebouwde omgeving – Lichthinder: voor de variant ‘zonder strand bij Saerdam’ zal er geen sprake zijn van bouwverlichting ter hoogte van Saerdam waardoor de kans op lichthinder iets minder is. De varianten zijn niet onderscheidend beoordeeld ten opzichte van het voorlopig VKA (licht negatief).

22 november 2023

MER WATERFRONT LELYSTAD

BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001

60

6.4

Milieueffecten alternatief zonder landaanwinning

Tijdens de realisatiefase van het alternatief zonder landaanwinning, zijn er minder ingrepen in vergelijking met het voorlopig VKA. Toch kunnen er positieve en negatieve effecten optreden. Voor het alternatief zonder landaanwinning zijn er alleen licht negatieve en neutrale effecten voorzien. Er is voor één criterium sprake van een sterk negatief effect, er is geen sprake van licht en sterk positieve effecten. Sterk negatieve effecten • Natuur - Natura 2000: de omvang van de werkzaamheden die zorgen voor uitstoot van stikstof is minder in omvang en duur dan in het voorlopig voorkeursalternatief, of er helemaal geen sprake is van stikstofdepositie moet nog blijken uit stikstofberekeningen. Daarnaast is er mogelijk sprake van hinder op de in het gebied voorkomende meervleermuis. Door fasering van het werk en de uitvoeringsmethode is het in de praktijk meestal mogelijk om significante verstoring te voorkomen. Het is daarom niet te verwachten dat de alternatieven na mitigatie significante gevolgen zullen hebben voor Natura 2000-gebied Markermeer & IJmeer. Licht negatieve effecten • Waterveiligheid en morfologie - Hoogwaterveiligheid: De Oostvaardersdijk moet worden versterkt, maar het alternatief zonder landaanwinning levert geen bijdrage aan de waterveiligheid. De dijk moet worden versterkt op een ander moment.

Dat betekent dat er twee keer in korte tijd werkzaamheden in het gebied plaatsvinden (voor de woningbouw en leisure volgens het alternatief zonder landaanwinning en voor de versterking van de dijk). Het alternatief zonder landaanwinning is daarom licht negatief effect beoordeeld. Bij de gelijktijdige uitvoering kan mogelijk cumulatie van effecten optreden. De werkzaamheden kunnen elkaar ook in de weg zitten. Er zijn geen mitigerende maatregelen van toepassing. • Nautische veiligheid - Interactie met het Waterfront: ondanks dat de bouwopgave minder is in vergelijking met het voorlopig VKA is er wel hinder voor waterrecreatie en bepaalde functies in het gebied. Deze hinder zal wel minder zijn in vergelijking met het voorlopig VKA. Gebieden waar bouwwerkzaamheden zijn zullen afgesloten worden voor waterzijdige activiteiten. Ook hier wordt communicatie gezien als mitigerende maatregel met duidelijke afzettingen tijdens werkzaamheden. • Natuur - Natuurnetwerk Nederland: voor het NNN wordt onderscheid gemaakt in provinciaal NNN en rijks-NNN (deze is gelijk aan Natura 2000). Voor het provinciale NNN is er geen sprake van effecten in de realisatiefase, het rijks-NNN volgt de beoordeling van Natura 2000. • Natuur - Beschermde soorten: binnen het plangebied komen verschillende beschermde soorten voor.

Van vleermuizen, grondgebonden zoogdieren, vogels met een jaarrond beschermd nest en ongewervelden is er sprake van aantasting van het functionele leefgebied door verstoring of vernietiging van vaste verblijfplaatsen, foerageergebied en/of voortplantingsplaatsen. Door rekening te houden met kwetsbare periodes zoals voortplanting- en overwinteringsseizoen kunnen negatieve effecten gemitigeerd worden. Ook kan er gedacht worden aan fasering van werkzaamheden zodat er voldoende rustige gebieden blijven bestaan. • Natuur - Biodiversiteit: ondanks dat er sprake is van een verminderde omvang van de ontwikkeling zijn de effecten op biodiversiteit in het alternatief zonder landaanwinning gelijk aan die van het voorlopig voorkeursalternatief. Dit komt doordat biodiversiteit zich met name op het land bevindt, en de ontwikkelingen hier nauwelijks van elkaar verschillen. Ook voor biodiversiteit kan rekening gehouden worden met kwetsbare periodes zoals voortplanting- en overwinteringsseizoen zodat negatieve effecten gemitigeerd worden. Ook kan er gedacht worden aan fasering van werkzaamheden zodat er voldoende rustige gebieden blijven bestaan.

22 november 2023

MER WATERFRONT LELYSTAD

BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001

61

•

•

•

•

•

•

Landschap, cultuurhistorie en archeologie - Archeologische verwachtingswaarden: in het plangebied zijn archeologische verwachtingswaarden aanwezig. Door zetting van de ontwikkelingen in het buitendijkse gedeelte (Meerdijkhaven) kunnen archeologische waarden in de bodem beïnvloed worden. Met een vervolgonderzoek kunnen waarden beter ingeschat worden. Gezondheid - Gezondheidsbescherming (geluid): een toename van het aantal verkeersbewegingen (bouwverkeer) kan een toename geven van geluid en daarmee mogelijk slaapverstoring veroorzaken voor bewoners in het plangebied. Dit zal erg lokaal en tijdelijk zijn, maar gezien de lange bouwperiode (10-15 jaar) wordt dit gezien als licht negatief effect. Door mitigerende maatregelen kan dit beperkt worden. Duurzaamheid - Energie: het zware materieel dat ingezet wordt voor het realiseren van het Waterfront is naar verwachting nog niet volledig elektrisch. Dit leidt tot significante uitstoot van fossiele brandstoffen tijdens de realisatiefase. Elektrisch materieel zal een tijdelijke belasting zijn op het elektriciteitsnet. Het effect kan deels gemitigeerd worden door inzet van elektrisch materieel maar de verwachting is dat dit niet volledig beschikbaar is waardoor licht negatieve effecten blijven bestaan. In het alternatief zonder landaanwinning zal de totale hoeveelheid werkzaamheden minder zijn in vergelijking met het voorlopig VKA.

Duurzaamheid – Klimaat: tijdens de realisatiefase worden delen van het plangebied opengebroken. Klimaat adaptatie methodes zijn dan beperkt te gebruiken. Ook kan de afvoer van bijvoorbeeld hemelwater tijdelijk verminderd zijn. Duurzaamheid - Circulariteit: voor het alternatief zonder landaanwinning is er minder materiaal nodig dan in het voorlopig VKA. Zowel de vermindering van gebruik bouwmaterialen als de vermindering van zand voor de landaanwinning, verminderen het negatieve effect van de realisatiefase ten opzichte van het voorlopig VKA. Desondanks zal het gehele plan nog steeds een negatief effect hebben gedurende realisatie, dit is ongeacht de landaanwinning. Hinder van de gebouwde omgeving - Lichthinder: tijdens de realisatiefase is de kans op lichthinder aanwezig door verlichting op bouwterreinen, verlichting tijdens bouwwerkzaamheden en door aanvoer van bouwmaterialen. De kans op lichthinder is minder dan in het voorlopig voorkeursalternatief vanwege de omvang en duur van de werkzaamheden. Toch zal de realisatiefase zo’n 10 jaar duren.

Om de kans op lichthinder door bouwwerkzaamheden te minimaliseren wordt aangeraden te onderzoeken of het mogelijk is om (bouw)lampen te vervangen voor natuurvriendelijke verlichting dan wel de lichten te dimmen gedurende de uren dat er niet gewerkt wordt, verlichting afschermen van omwonenden en de werktijden aan te passen (werken bij daglicht). Daarmee is het de verwachting dat de kans op lichthinder hinder deels voorkomen wordt, maar niet geheel.

Neutrale effecten De volgende criteria zijn neutraal beoordeeld voor de realisatie, het gaat om: • Bodem – Grondverzet: er vindt geen landaanwinning plaats en grootschalige aanvoer van zand van buiten het plangebied is niet noodzakelijk. • Waterkwaliteit – Grondwaterkwaliteit: omdat er geen werkzaamheden in de bodem van het Markermeer plaatsvinden is er geen sprake van een wezenlijke verandering van de grondwaterhuishouding. • Waterkwaliteit – Chemische oppervlaktewaterkwaliteit: er vinden geen activiteiten plaats in het Markermeer waardoor er geen sprake is van effecten. • Waterkwaliteit – Ecologische oppervlaktewaterkwaliteit: er vinden geen activiteiten plaats in het Markermeer waardoor er geen sprake is van effecten. • Waterkwantiteit – Grondwaterhuishouding: omdat er geen werkzaamheden buiten de bestaande kering plaatsvinden is de verwachting dat het oppervlaktewater streefpeil niet veranderd.

22 november 2023

MER WATERFRONT LELYSTAD

BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001

62

• • • •

•

Uitgangspunt is dat er grondwaterneutraal ontwikkeld wordt en dat er niet extra gedraineerd zal worden. Waterveiligheid en morfologie – Hydrodynamica: er vinden geen activiteiten plaats in het Markermeer waardoor er geen sprake is van effecten. Waterveiligheid en morfologie – Morfologie: er vinden geen activiteiten plaats in het Markermeer waardoor er geen sprake is van effecten. Nautische veiligheid – Ruimte voor de vaarweg: In het alternatief zonder landaanwinning wordt geen persleiding toegepast, en wordt de ruimte voor de vaarweg niet beperkt. Nautische veiligheid – Vaarverkeerssituatie: In het alternatief zonder landaanwinning zal het vervoer over het water en dus het aantal scheepsbewegingen door werkschepen beperkt zijn tot mogelijk enige aanvoer van bouwmaterialen. Dit zal geen noemenswaardig effect hebben op de vaarverkeersituatie. Gezondheid - Gezondheidsbevordering: tijdens de realisatiefase zijn wandel- en fietspaden en sporten spelmogelijkheden tijdelijk ontoegankelijk. Dit zal het sociale en sportieve aspect van het gebied niet bevorderen. Na een bepaalde tijd kunnen delen van het plangebied gebruikt worden voor sport.

22 november 2023

MER WATERFRONT LELYSTAD

BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001

63

7

Synthese en opgaven voor het vervolg

In dit hoofdstuk zijn de resultaten van de milieueffectbeoordeling, het vervolgproces en de aandachtspunten voor monitoring beschreven.

7.1

Haalbaarheid alternatieven en varianten in het kader van milieu

Uit de effectbeoordeling in Hoofdstuk 5 en Hoofdstuk 6 blijkt dat de ontwikkeling van het Waterfront in de eindsituatie en bij de realisatie positieve en negatieve milieugevolgen zal hebben. Er zit verschil in de milieueffecten die bij de alternatieven en varianten worden verwacht en ook in hoeverre met de alternatieven en varianten de doelen van de gemeente voor het Waterfront worden gehaald (daar wordt verder in paragraaf 7.2 op ingegaan). In het MER zijn mogelijke maatregelen voorgesteld waarmee de negatieve effecten verminderen of zelfs zijn te voorkomen. Dit worden mitigerende maatregelen genoemd. In Tabel 7-1 staan suggesties voor mogelijke mitigerende maatregelen om negatieve effecten in de eindsituatie te beperken en in Tabel 7-2 mitigerende maatregelen voor de realisatie. Het is aan bevoegd gezag om te bepalen welke mitigerende maatregelen worden ingezet. In beide tabellen is in de laatste kolom aangegeven bij welke alternatieven en varianten de maatregelen passen. Als er mitigerende maatregelen worden genomen om de negatieve effecten te beperken, dan zijn de eindsituatie en de realisatie van alle alternatieven en varianten haalbaar binnen milieunormen. In het MER zijn ook aanbevelingen gedaan om de positieve effecten van het Waterfront nog te versterken voor beschermde diersoorten en biodiversiteit.

Het gaat dan onder meer om het maken van waterpartijen en groengebieden met verschillende soorten planten die kunnen dienen als voortplantings-, foerageer- en overwinteringsgebied voor allerlei diersoorten. Ook wordt aangeraden om delen van het gebied ontoegankelijk te maken voor mensen of op zijn minst voor loslopende honden. En er is voorgesteld om netkasten voor vogels en vleermuizen te integreren in de nieuwe gebouwen. Dat werkt vaak beter dan achteraf losse kasten op te hangen. Tijdens de realisatie ligt er een kans om een deel van de landaanwinning ook tijdelijk geschikt te maken voor vogels die op de kale grond broeden, zoals de visdief en verschillende plevieren. Het is dan wel van belang dat het gebied niet toegankelijk is voor mensen en honden. Om vervolgens het gebied wel te kunnen ontwikkelen voor woningbouw zou gewerkt kunnen worden met een ontheffing tijdelijke natuur. Ook kan nog gekeken worden of stortsteen langs de oevers kan worden hergebruikt, zodat er zich korstmossen kunnen ontwikkelen.

22 november 2023

MER WATERFRONT LELYSTAD

BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001

64

Tabel 7-1: Suggesties voor mitigerende maatregelen in de eindsituatie Thema

Criterium

Maatregel

Externe veiligheid

Plaatsgebonden risico

•

•

Ruimte voor de vaarweg

•

•

Vaarverkeersituatie, impact ontwikkeling Bataviakwartier

• •

Nautische veiligheid

• • Vaarverkeer-situatie, impact manoeuvrerende cruiseschepen •

Interactie met Waterfront

22 november 2023

•

Resultaat

Alternatief/variant

Uitsluiten van bebouwing binnen de begrenzingslijn van de PR10-6 per jaar contour van de vaarweg Amsterdam-Lemmer

Sterk negatief effect opgelost

Voorlopig VKA, variant zonder strand

Afspraken over het gebruik en beheer van de vrijwaringszone van de hoofdvaarweg Amsterdam-Lemmer, met name ter hoogte van het Bataviakwartier. Onderdeel van de afspraken zal zijn dat er beperkt gebouwd kan worden in deze zone. Het zal gezien de aanloop naar de sluizen niet mogelijk zijn de vaarweg te verleggen. De vaarweg tussen de Noordersluis en het Oostvaardersdiep zal moeten worden verlegd in de situatie met landaanwinning voor Meerdijkhaven. Hierbij zal rekening moeten worden gehouden met de eisen die er zijn voor het ontwerp van een CEMT II-vaarweg, inclusief check op de benodigde (3,6 meter voor CEMT II) versus de beschikbare waterdiepte, ook inachtnemend eventuele aanzanding in het gebied door stortverliezen bij de realisatie van de landaanwinning.

Sterk negatief effect opgelost

Alle alternatieven

Voorkomen van pleziervaart vanuit Bataviakwartier dat zal interacteren met de hoofdvaarweg, door deze geen gebruik te laten maken van het vaarwegwater. Mogelijk bestaat er (na aanleg ligplaatsen riviercruiseschepen) aan de oostzijde van de hoofdvaarweg voldoende ruimte (tussen de riviercruiseschepen en de vaarweg) om pleziervaart richting Oostvaardersdiep te laten varen, in plaats van ter hoogte van het Bataviakwartier in te mengen/kruisen met de beroepsvaart. Eisen stellen aan de pleziervaart dat hier aanmeert; verlichting voeren, varen enkel met professionele schipper, enkel tijdens daguren varen, etc. De pleziervaart vervangen door een shuttle-dienst, afhankelijk van waar de gasten voor het hotel vandaan komen. De shuttle-dienst varen door professionele schipper, wat de kans op risicovolle interacties met de beroepsvaart zal verkleinen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lelystad&id=245488bd-6a0a-42e2-9e90-92c05ec24d92