Bijlagen bij de toelichting_Bijlage 2 MER deel A
Tekst van het document
Sterk negatief effect tot licht negatief teruggebracht
Alle alternatieven
De riviercruiseschepen steken (met name bij het uitvaren) de vaarweg over, en draaien aan de westzijde van de vaarweg. Dit beperkt het doorgaande verkeer minder, maar zal nog steeds een negatief effect betekenen. De ligplaatsen voor de riviercruiseschepen zouden anders georiënteerd/geplaatst kunnen worden om het recht in/uit de ligplaats varen minder effect te laten hebben. Met inachtneming van de golf- en windrichting, wat de voornaamste reden is voor de voorgenomen ligplaatsenoriëntatie, zouden de schepen ofwel meer west-oost en meer oostelijk geplaatst kunnen worden, zodat de draai minder is, danwel meer zuid-noord en oostelijk, zodat het in- en uitvaren niet direct conflicteert met de vaarweg. Nadeel zou kunnen zijn dat er relatief meer geluidsoverlast ontstaat voor bewoners van de Saerdam In het gebruik van de ligplaatsen zouden de zuidelijke/oostelijke plaatsen de voorkeur kunnen krijgen boven de westelijke/noordelijke plaatsen, omdat deze meer ruimte laten tussen de ligplaats en de vaarweg. In deze praktijk zal op drukke dagen het effect echter niet minder zijn.
Sterk negatief effect tot licht negatief teruggebracht
Alle alternatieven
Boeienlijn langs de stranden. Dit voorkomt dat zwemmers het vaarwater in zwemmen en ook dat pleziervaart te dicht op de kant komt en gevaar vormt voor zwemmers.
Sterk negatief effect tot licht negatief teruggebracht
Alle alternatieven
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
65
Thema
Criterium
Maatregel •
• • • • Natura 2000, lichthinder meervleermuis
• •
Natuur
Natura 2000, verstoring vogels • • Natura 2000, stikstofdepositie
•
Verkeer
Bereikbaarheid per auto
• •
Geluid
22 november 2023
Wegverkeer lawaai
•
Resultaat
Alternatief/variant
Uitstraling van verlichting op het open water beperken om de gevolgen van verlichting voor meervleermuis te voorkomen en hiervoor een lichtplan op te stellen. Naast openbare verlichting gaat het hier ook om gevelverlichting van (hoge) gebouwen die langs het water staan en de aanlegsteigers van de cruiseschepen. De meervleermuis is minder gevoelig voor amberkleurige verlichting, wat toegepast kan worden op essentiële locaties in het plangebied, zoals vliegroutes.
Negatief effect beperkt
Alle alternatieven
Verstoring van vogels door menselijke activiteiten beperken door delen van het plangebied (van minimaal 5--10 ha) fysiek af te sluiten voor vaarverkeer zoals kano’s. Als ze in de omgeving kunnen rusten en foerageren scheelt dat vliegbewegingen en daarmee energie en moeite om uit te wijken als ze schrikken. Dit geldt met name in een zone rondom de lepelaarkolonie. Voorkomen moet worden dat recreanten zichtbaar en hoorbaar zijn voor vogels. Het nieuwe natuurontwikkelingsgebied nabij de leidam mag niet toegankelijk zijn voor mensen. Ook het aanleggen met bootjes moet voorkomen worden.
Negatief effect beperkt
Alle alternatieven
Stikstofdepositie kan in de eindsituatie gemitigeerd worden door brongerichte maatregelen te treffen die het gasverbruik, verkeers- en scheepvaartbewegingen beperken. Uit een proefberekening in de passende beoordeling blijkt dat ‘geen gasverbruik’ in de eindsituatie ook leidt tot een beperkte depositietoename op de Veluwe. Wanneer bovenstaande maatregelen niet voldoende zijn kan er gekeken worden naar het opheffen van stikstofbronnen buiten het plangebied (externe saldering).
Negatief effect beperkt
Alle alternatieven
Maatregelen om de verkeersafwikkeling op de kruispunten Houtribweg-Visarenddreef, VisarenddreefWestendreef, Visarenddreef-Stationsplein en Ziekenhuisweg-Zuigerplasdreef op orde te krijgen (of te houden). Voor het kruispunt Houtribweg-Visarenddreef ligt het voor de hand dit voorrangskruispunt te wijzigen in een (turbo)rotonde. De andere kruispunten zijn al rotondes. Hier zijn het realiseren van vrije afslaande bewegingen (‘vrije rechtsaffers’) of het opwaarderen van een enkelstrooksrotonde naar een turborotonde mogelijke opties.
Licht negatief naar neutraal teruggebracht
Alle alternatieven
Implementeren van een combinatie van stedenbouwkundige oplossingen, bron- en overdrachtsmaatregelen en gebouwmaatregelen leidt tot een beter akoestisch klimaat voor de nieuwbouw en het leefklimaat.
Licht negatief beperkt
Alle alternatieven
Geen zwemgelegenheden voor kades zoals langs het woongebied Meerdijkhaven (steigers, zwemvlonders) en waterzijdige activiteit actief inperken. Dit kan wel op plaatsen waar meer ruimte bestaat (zoals in het haventje van Meerdijkhaven) en er een veilige zone ingesteld kan worden. Geen voorzieningen plaatsen op de dammen die wateractiviteiten aan de Markermeerzijde faciliteren, zoals zwemsteigers of afmeergelegenheden. Bij de inkassingen in het Bataviakwartier geen activiteiten in/op het water toe staan en daar ook geen voorzieningen voor te plaatsen. Activiteiten bij het haventje Bataviakwartier niet toe staan en daar ook geen voorzieningen voor te plaatsen.
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
66
Thema
Criterium
Maatregel •
Bedrijven en milieu zonering
Hinder van de gebouwde omgeving
Resultaat
Alternatief/variant
Geluidzone bedrijventerrein zo verkleinen, dat de voorgenomen woningbouw buiten de geluidzone komt te liggen, zodat er geen hogere waarden voor industrielawaai vastgesteld behoeven te worden. Beperken van het gebruik van de kade van het werkterrein Lelystad Haven (Steunpunt Rijkswaterstaat) tot de gronden met de bestemming ‘opslag’ ten dienste van de aangrenzende bestemming bedrijventerrein. Dit betekent een beperking van de bedrijfsactiviteiten ter plaatse tot aan wat planologisch is toegelaten.
Licht negatief naar neutraal teruggebracht
Alle alternatieven
Industrielawaai
•
Knelpunten feitelijke bedrijvigheid
•
Beperken van het gebruik van de kade van het werkterrein Lelystad Haven zoals genoemd onder industrielawaai.
Licht negatief naar neutraal
Alle alternatieven
Knelpunten maximaal planologische mogelijkheden
• •
Grenzen van de woongebieden aanpassen zodat overlap met de geluidzone Noordersluis wordt voorkomen. Onbenutte geluidsruimte van de geluidszone wegnemen. Hiervoor is een wijziging van de geluidzone nodig, dit kan alleen via een wijziging van het bestemmingplan voor bedrijventerrein Noordersluis.
Licht negatief naar neutraal teruggebracht
Alle alternatieven
•
Alleen verlichten waar, wanneer en zoveel als nodig is om hinder te voorkomen, energiebesparing, efficiëntie en lichtvervuiling te beperken. Aanbrengen van afschermkappen op openbare verlichting. Toepassen van meer lichtbronnen met een geringer vermogen. Dimbare verlichting toepassen die reageert op aanwezigheid. Afscherming (aarden wal of ander obstakel) tussen autokoplampen en woningen, bijvoorbeeld bij Houtribweg. Slim plaatsen van verkeersdrempels en uitritten, zodat autokoplampen niet richting woningen schijnen.
Licht negatief naar neutraal teruggebracht
Alle alternatieven
Resultaat
Alternatief/variant
De vaarwegkruisende persleiding buiten het minimum vaarwegprofiel houden. Dit is bijvoorbeeld mogelijk door het afzinken en/of ingraven van de leiding, tot onder het niveau van de minimale waterdiepte. Uitvoering zoveel mogelijk buiten de vaarwegbegrenzing te laten plaatsvinden, bijvoorbeeld door landzijdig materieel.
Sterk negatief naar neutraal teruggebracht
Voorlopig VKA en varianten
Opstellen van tijdige communicatie over werkzaamheden aan de vaarweggebruikers, volgens richtlijnen van Rijkswaterstaat, zoals omschreven in het Handboek Communicatie van de Hinderaanpak Vaarwegen. Hierin staan de communicatiekaders voor vaarwegwerkzaamheden beschreven. Gesteld kan worden dat scheepvaartverkeer zich makkelijk schikt naar de (tijdelijke) beperkingen, mits deze voldoende zijn aangegeven en er waar mogelijk alternatieve routes beschikbaar zijn. Ten tijde van de werkzaamheden zal het gebied dat geen beroeps- of pleziervaart toelaat duidelijk aangemerkt moeten zijn, eventueel met betonning en bebording. Zeker pleziervaart kan ondanks tijdige communicatie niet goed op de hoogte zijn, en dient ter plaatse geïnformeerd te worden. Waar werkzaamheden aan het Waterfront bepaalde bestaande functies beperken, zal moeten worden gezocht naar mogelijkheden om de functies tijdelijk te verplaatsen (bijvoorbeeld KNRM, Veerdienst).
Licht negatief naar neutraal teruggebracht
Voorlopig VKA en varianten
Lichthinder
• • • • •
Tabel 7-2: Suggesties voor mitigerende maatregelen voor de realisatie Thema
Criterium
Maatregel •
Ruimte voor de vaarweg
• •
Nautische veiligheid Vaarverkeersituatie
•
•
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
67
Bij werkzaamheden op en in het water dient het gebied ontoegankelijk te zijn voor waterzijdige activiteiten. Communicatie hierover is aanbevolen, tezamen met duidelijke afzettingen in de periode van werkzaamheden. Met toezicht op de bouwplaats kan worden voorkomen dat er ondanks het verbod activiteiten plaatsvinden die (onder andere) de nautische veiligheid beperken.
Licht negatief naar neutraal teruggebracht
Alle alternatieven en varianten
Rekening houden met kwetsbare periodes met grote aantallen beschermde vogelsoorten (broedseizoen, piek van trekvogels). Het werk kan ook gefaseerd worden, zodat er steeds voldoende rustige gebieden beschikbaar blijven. Met de aan- en afvoerroutes rekening houden met de lepelaarkolonie op de leidam, door voldoende afstand te houden.
Licht negatief effect beperkt
Alle alternatieven en varianten
De gevolgen van verlichting voor de meervleermuis kunnen voorkomen worden door lage armaturen te gebruiken, afschermen van het werkterrein en/of geen verlichting tijdens actieve perioden van de meervleermuis waardoor de vliegroute over de Lage Dwarsvaart en Havendiep functioneel blijft en het foerageergebied langs de oevers van het Markermeer niet verstoord wordt.
Licht negatief effect beperkt
Alle alternatieven en varianten
•
Inzet van meer emissiearm en -loos materieel. De komende periode zullen de ontwikkelingen op dit vlak verder doorgaan, zodat het aannemelijk is dat tijdens de realisatie van het Waterfront weer schoner materieel beschikbaar is. Een voorbeeld hiervan is bijvoorbeeld een winzuiger die minder brandstof verbruikt dan een cutterzuiger, waar nu rekening mee gehouden is.
Licht negatief effect beperkt
Alle alternatieven en varianten
•
Er kan gekeken worden naar het gebruik van stortsteen langs de oevers ten behoeve van korstmossen op geschikte plaatsen. Stenen met waardevolle korstmossen moeten zoveel mogelijk teruggeplaatst worden, waarbij rekening gehouden moet worden met de juiste positionering ten opzichte van de zon en waterlijn en dergelijke. Daarnaast kan gekeken worden naar de te gebruiken stenen, om zo verspreiding van de vaak zeldzame soorten te bevorderen.
Licht negatief Effect beperkt
Alle alternatieven en varianten
•
Het aandeel elektrische voertuigen vergroten en deze koppelen aan tijdelijke duurzame elektriciteitsvoorziening om de conventionele uitstoot te verminderen.
Licht negatief effect beperkt
Alle alternatieven en varianten
•
Tijdelijk afvoerwatersysteem integreren tijdens de werkzaamheden om mogelijke wateroverlast door heftige neerslag te verminderen. Kijken of bescherming van bouwplaats medewerkers tegen hitte nodig is.
Licht negatief effect beperkt
Alle alternatieven en varianten
Invulling geven aan de preventieve maatregelen om materiaalgebruik te verminderen en waarde behoud om de levensduur en circulariteit van materialen te vergroten. Door het proactief voorbereiden van hoe de waarde van de gebruikte materialen kan worden behouden, kan al in de realisatiefase worden vastgesteld hoe de circulariteit kan worden gemaximaliseerd. Aanvullend kunnen alvast initiatieven worden opgezet die de vrijkomende materialen lokaal kunnen hergebruiken om het aandeel materiaal dat lokaal waarde behoudt wordt vergroot.
Licht negatief effect beperkt
Alle alternatieven en varianten
Bouwlampen vervangen voor natuurvriendelijke verlichting of de lichten dimmen gedurende de uren dat er niet gewerkt wordt, verlichting afschermen van omwonenden en de werktijden aan te passen (werken bij daglicht).
Licht negatief effect beperkt
Alle alternatieven en varianten
• Interactie met Waterfront • Natura 2000 – verstoring
Natuur
Natura 2000 – verlichting meervleermuis
Natura 2000 – stikstofdepositie
• • •
Biodiversiteit
Energie
Klimaat •
Duurzaamheid
• Circulariteit
Hinder van de gebouwde omgeving 22 november 2023
Lichthinder
•
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
68
7.1.1
Voorlopig VKA
Naast het realiseren van de doelen die de gemeente voor het Waterfront heeft, zullen er in de eindsituatie bij het voorlopig VKA, met mitigerende maatregelen, een paar negatieve gevolgen overblijven. Het gaat om een lichte toename van verkeersgeluid op omliggende wegen, een verandering in het beheer van de waterkering, omdat periodiek zandsuppletie moet worden toegepast en aandachtspunten voor de vaarverkeersituatie, omdat het drukker wordt door pleziervaart en cruiseschepen. Daar tegenover staan positieve verbeteringen van de verkeersveiligheid en de bereikbaarheid van het openbaar vervoer, fietsers en wandelaars, de ecologische waterkwaliteit, het Nationaal Natuurnetwerk, beschermde soorten en biodiversiteit, groen- en landschappelijke structuren, gezondheidsbevordering en klimaatrobuustheid. Tijdens de realisatie wordt in de loop van zo’n 15 jaar een grote gebiedsontwikkeling gemaakt en in die tijd kan hinder optreden door werkverkeer, bouwlawaai en licht. Deze effecten zijn in dit stadium van het project nog moeilijk precies te bepalen, maar het is wel zeker dat ze zich gedurende de realisatie verplaatsen met de werkzaamheden en niet doorlopend op dezelfde plek en met dezelfde intensiteit optreden. Er zijn risico’s benoemd op tijdelijke toename van de kwel door de zandwinning en verstoring van archeologische waarden in de bodem.
Er wordt grond van buiten het gebied over water aangevoerd, en de bouwwerkzaamheden kosten energie en het zal nog niet mogelijk zijn volledig circulair te bouwen. Tijdens de realisatie zijn er ook al positieve effecten voor waterveiligheid, omdat de werkzaamheden voor de noodzakelijke dijkversterking met de gebiedsontwikkeling worden gecombineerd, en voor gezondheid, omdat het nieuwe duinlandschap en de stranden van Meerdijkhaven en de boulevard van Bataviakwartier meteen na realisatie van de landaanwinning (in de zettingsperiode als er nog niet gebouwd wordt) al kunnen worden gebruikt voor wandelen, fietsen, sporten en spelen.
7.1.2
Alternatief zonder landaanwinning
Het alternatief zonder landaanwinning laat in de eindsituatie minder negatieve effecten zien dan het voorlopig VKA. Maar met dit alternatief worden ook veel minder doelstellingen van de gemeente gehaald (in paragraaf 7.2 wordt hier verder op ingegaan). Met mitigerende maatregelen blijven er licht negatieve effecten over ten aanzien van wegverkeerslawaai en de vaarverkeerssituatie. Aan de andere kant laat het alternatief zonder landaanwinning in de eindsituatie ook minder positieve effecten zien dan het voorlopig VKA. De situatie verbetert wel voor de verkeersveiligheid, de bereikbaarheid per openbaar vervoer en voor langzaam verkeer, de biodiversiteit, groen- en landschapsstructuren en klimaatrobuustheid, maar minder sterk dan in het voorlopig VKA. Bij het alternatief zonder landaanwinning kan er tijdens de realisatie ook hinder optreden door werkverkeer, bouwlawaai en licht en zijn er risico’s op verstoring van archeologische waarden. Er is geen grondverzet van buiten het plangebied of risico’s voor tijdelijke toename van kwel. Ook in dit alternatief zullen de bouwwerkzaamheden energie kosten en zal het nog niet mogelijk zijn om volledig circulair te bouwen. Anders dan in het voorlopig VKA zijn er voor het alternatief zonder landaanwinning geen positieve effecten voorzien tijdens realisatie.
De noodzakelijke dijkversterking zal op een ander moment moeten plaatsvinden, waardoor de kans bestaat dat er gelijktijdig of vlak na elkaar flinke werkzaamheden moeten worden uitgevoerd.
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
69
7.1.3
Inrichtingsvariant zonder strand bij de Saerdam
Uit de effectbeoordeling volgt dat de milieueffecten van de inrichtingsvariant zonder strand bij de Saerdam op de meeste thema’s niet anders zijn dan die van het voorlopig VKA. Alleen voor landschap en gezondheidsbevordering wordt in de eindsituatie een iets minder positief effect verwacht voor deze variant. Voor landschap wordt het strand en de bijbehorende natuurontwikkeling als een belangrijke schakel gezien in het geheel van de kustzone als structuurdrager, en omdat het strand in deze variant ontbreekt vormt de structuur minder een geheel. Voor gezondheidsbevordering geldt dat er in deze variant minder faciliteiten komen voor wandelen, fietsen, sporten en spelen. Ook tijdens realisatie zijn de effecten van deze variant voor de meeste thema’s gelijk beoordeeld als die van het voorlopig VKA. Alleen voor hoogwaterveiligheid scoort deze variant minder positief dan het voorlopig VKA. Dat komt omdat er in deze variant geen voorland komt ter hoogte van Saerdam waardoor de dijk hier op een ander moment versterkt moet worden.
7.1.4
Uitvoeringsvarianten voor de zandwinlocatie
Voor de zandwinning van de landaanwinning zijn meerdere opties onderzocht, namelijk zandwinning uit een nieuwe winput op het Markermeer (uitgangspunt van het voorlopig VKA), zandwinning uit de al vergunde winlocatie in de vaargeul Amsterdam-Lemmer of aangekocht van de markt. In de eindsituatie zijn de uitvoeringsvarianten voor de meeste thema’s niet van toepassing, maar op een paar thema’s is er wel verschil in effecten geconstateerd. Dit hangt vooral samen met of bij de zandwinning ook de kleiige bovenlaag (holoceen materiaal) van de meerbodem vrijkomt. Dit is het geval bij een nieuwe zandwinput op het Markermeer (uitgangspunt van het voorlopig VKA). De gemeente wil dit materiaal namelijk gebruiken om 25 ha nieuwe natuur te ontwikkelen langs de leidam als een kleine Marker Wadden. De nieuwe natuurontwikkeling heeft positieve effecten voor de ecologische waterkwantiteit, Natura 2000, Natuurnetwerk Nederland en de biodiversiteit. Als het zand uit de vaargeul of van de markt komt, dan komt er geen holoceen materiaal vrij. In die varianten wordt de 25 ha nieuwe natuur niet ontwikkeld. Tijdens de realisatie leiden de werkzaamheden voor het aanleggen van het nieuwe natuurgebied tijdelijk tot meer beperkingen voor de ruimte van de vaarweg vanwege de persleiding die de vaargeul kruist en de werkschepen.
En zandwinputten op het Markermeer (bij een eigen winput en winning uit de vaargeul) kunnen tijdelijk leiden tot een toename van de kwelsituatie. Als het zand van de markt komt, dan zullen er in korte tijd veel schepen zand komen brengen. De capaciteit van de hoofdvaarweg is echter voldoende om dit te verwerken.
7.2
Uitvoeringsvarianten voor de bodem onder de nieuwe dijk
Er zijn twee varianten voor de grondslag van de nieuwe dijk van Meerdijkhaven onderzocht. Het uitgangspunt voor het voorlopig VKA is direct op de kleiige Markermeerbodem (holoceen materiaal). Als variant wordt eerst het holoceen materiaal onder de nieuwe dijk verwijderd en opgevuld met zand (grondverbetering). Stabiliteit is een aandachtspunt als de nieuwe dijk direct op het holoceen wordt gezet. Er zal dan restzetting optreden. Restzetting leidt tot risico’s op de stabiliteit en vraagt daarom meer onderhoud en beheer. Om restzetting van de nieuwe dijk te beperken zijn maatregelen nodig zoals overhoogte, tijdelijke 22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
70
overhoogte, verticale drainage en monitoring. Als er grondverbetering wordt toegepast, dan wordt de nieuwe dijk op een stabielere ondergrond gezet, waardoor minder restzetting zal optreden. Bij de variant met grondverbetering komt meer holoceen materiaal beschikbaar dan in het voorlopig VKA en daarmee kan in potentie een groter nieuw natuurgebied langs de leidam worden ontwikkeld met positieve effecten voor de ecologische waterkwantiteit, Natura 2000, Natuurnetwerk Nederland en biodiversiteit. Voor de grondverbetering is flink extra baggerwerk nodig dicht bij de kust en dit leidt tot een grotere stikstofdepositie op het Natura 2000-gebied Veluwe, mogelijk meer geluidshinder en een iets langere uitvoeringsduur. Het effect van de variant met grondverbetering is voor grondwater sterk negatief beoordeeld. Het zandcunet zorgt namelijk voor een hydrologische verbinding tussen binnen- en buitendijks gelegen gebied. Lokaal kan dit leiden tot toename van brakke kwel. Toename van brakke kwel kan in stedelijk gebied moeilijk worden gemitigeerd. Omdat nu niet is in te schatten wat het effect is, zal er een grondwatermodelstudie moeten worden uitgevoerd voor het Projectbesluit.
7.3
Wenselijkheid alternatieven in het kader van doelbereik
Zoals beschreven in Hoofdstuk 2 is het hoofddoel van de gemeente voor het Waterfront: Realiseren van een aantrekkelijke stedelijke kustzone die stad, water en natuur verbindt en nieuwe draagkrachtige inwoners en bezoekers aantrekt, die bijdraagt aan een evenwichtige stad die op eigen benen kan staan. Een stad aan het water in plaats van een stad achter de dijk. Daarbij zijn 6 subdoelen gedefinieerd die bijdragen aan het hoofddoel: 1. Aantrekkelijke nieuwe woonlandschappen aan het water. 2. Verleidelijk en economisch krachtig leisure programma. 3. Een uitnodigende openbare ruimte om te verblijven. 4. Integreren van natuurontwikkeling. 5. Een ruimtelijke structuur die kwaliteiten versterkt en verbindt. 6. Borgen van de waterveiligheid. De gemeente heeft het concept-Stedenbouwkundig Plan laten ontwikkelen met het hoofddoel en de subdoelen voor Waterfront voor ogen. Het voorlopig VKA is gebaseerd op het concept-Stedenbouwkundig Plan en met het voorlopig VKA worden de doelen allemaal optimaal ingevuld. De mitigerende maatregelen die in dit MER zijn voorgesteld conflicteren niet met het doelbereik en zouden wat dat betreft moeten kunnen worden geïntegreerd in het Stedenbouwkundig Plan.
Met de inrichtingsvariant zonder strand bij de Saerdam wordt minder bijgedragen aan de subdoelen natuurontwikkeling, ruimtelijke structuur, waterveiligheid en vooral qua uitnodigende openbare ruimte om te verblijven. Daarmee draagt deze variant minder bij aan het hoofddoel van de gemeente voor het Waterfront. Met het ontgraven holoceen van de meerbodem bij zandwinning uit een eigen nieuwe zandwinput en grondverbetering onder de nieuwe dijk, kan meer natuurontwikkeling plaatsvinden dan wanneer zand van de markt of uit de vaargeul wordt gebruikt. Daarmee dragen de uitvoeringsvarianten op verschillende manieren bij aan de invulling van het subdoel natuurontwikkeling.
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
71
Het alternatief zonder landaanwinning leidt tot een beperkter woon- en leisure programma waarmee dit alternatief beperkt invulling geeft aan de doelen van de gemeente voor Waterfront. Niet alleen het functionele programma is beperkter dan in het voorlopig VKA, ook de openbare ruimte, natuurontwikkeling en ruimtelijke structuur worden minder sterk ingevuld. Ook is het borgen van de waterveiligheid niet meegenomen in dit alternatief.
7.4
Leemten in kennis en/of informatie
Op basis van de nu beschikbare informatie zijn de activiteiten in de eindsituatie en de realisatie beschreven en beoordeeld. Bij de effectbeoordeling van verkeer, geluid, externe veiligheid, bodemkwaliteit, grondwater, natuur, archeologie en duurzaamheid zijn kennisleemten geconstateerd. Aanvullend onderzoek moet aantonen of er sprake is van voldoende parkeerplaatsen, bodemverontreinigingen in het plangebied en of deze gesaneerd dienen te worden, grondwaterstromen en archeologische waarden. Voor deze thema’s zijn conservatieve aannames gedaan voor de ontbrekende gegevens, waardoor meer inzicht de effectbeoordeling van het MER niet zal veranderen of mogelijk minder negatief zal uitpakken. Voor natuur moet de geschiktheid van het Markermeer als foerageergebied van de meervleermuis en het voorkomen van beschermde soorten verder onderzocht worden. Voor stikstof kan, zodra er meer duidelijk is over de projectfase, de stikstofdepositiebijdrage nauwkeuriger berekend worden. Uitvoering De manier waarop Waterfront wordt aangelegd en de fasering van de werkzaamheden zijn nog niet precies bekend. Om in het MER toch een goede beoordeling van de milieueffecten van de aanlegwerkzaamheden te kunnen maken, is een mogelijke aanpak voor de realisatie gemaakt die is gebaseerd op ervaring van onder andere de Marker Wadden, woningbouwprojecten en redelijke aannames van de gemeente.
De in het MER beschreven uitvoeringsmethode is geen blauwdruk voor de daadwerkelijke uitvoering; marktpartijen zullen te zijner tijd hun eigen uitvoeringsstrategie bepalen. De in het MER beschreven uitvoeringsmethode voor de landaanwinning gaat uit van een landaanwinning in 1 jaar waarbij het zand vanaf een cutterzuiger wordt aangevoerd met een persleiding en tussen perskades wordt opgebracht. Hierdoor zijn voor wat betreft stikstofdepositie de worst-case effecten in beeld gebracht. Het kan zijn dat marktpartijen te zijner tijd een andere uitvoeringsstrategie kiezen. Bijvoorbeeld doordat ze meer bodemonderzoek doen naar de eigenschappen van het holocene materiaal waarop de landaanwinning wordt aangelegd. Mogelijk kiezen ze er dan voor om de landaanwinning in dunne laagjes op te brengen, zoals dat ook bij o.a. IJburg is gebeurd. Deze manier van landaanwinning zal dan langer duren dan in dit MER is aangenomen. De in het MER beschreven effecten zullen dan wat anders uitpakken, maar naar verwachting is de effectbeoordeling van dit MER wel compleet en voor wat betreft stikstofdepositie worst-case omdat alle stikstofdepositie van de aanleg hier in 1 jaar is geconcentreerd. Afhankelijk van de eigenschappen van het holocene materiaal zou het kunnen dat CO2 en methaan vrij komen bij contact met zuurstof als het materiaal wordt opgebaggerd.
In het kader van de dijkversterking IJsselmeerdijken wordt hier nader onderzoek naar gedaan. Deze resultaten van het onderzoek van IJsselmeerdijk kunnen in vervolgbesluiten worden meegenomen. De landaanwinning kan mogelijk ook van invloed zijn op het hydrodynamisch functioneren van gemaal Wortman. Dit kan leiden tot meer weerstand voor het uitmalen doordat er minder uitstroomruimte is. Dit zou ook meer energie verbruiken en er kan meer uitspoeling zijn van de waterbodem. Voor de landaanwinning moet dit verder onderzocht worden. 22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
72
7.5
Aandachtspunten voor het bestemmingsplan
Het MER is opgesteld ter ondersteuning van de besluitvorming over het bestemmingsplan. Voor de formele procedure gaat het bestemmingsplan gedurende 6 weken ter inzage. In de periode van de ter inzagelegging kan iedereen reageren op de kwaliteit en volledigheid van de documenten. Ook toetst de Commissie m.e.r. of het MER de benodigde milieu-informatie bevat en of deze juist is. Zij brengt hierover een toetsingsadvies uit. Op basis van de informatie in het MER, de ingebrachte zienswijzen en het toetsingsadvies van de Commissie m.e.r. stelt de gemeenteraad het definitieve bestemmingsplan vast. Aandachtspunten voor het bestemmingsplan zijn: • Externe veiligheid: als de bebouwing binnen de PR10-6 per jaar contour en de vrijwaringszone komt te liggen heeft de gemeente Lelystad de verplichting om een afweging te maken en mogelijke maatregelen te treffen ten gevolge van een plasbrand, dit heeft betrekking op de vrijwaringszone. • Bedrijven- en milieuzonering: voor het vaststellen van het bestemmingsplan Waterfront moet nader in beeld gebracht worden wat de feitelijke geluiduitstraling is van de activiteiten op de kade van Lelystad Haven, en welke maatregelen getroffen worden om eventuele knelpunten op te lossen.
• Bodem: om de definitieve bodemkwaliteit en hergebruiksmogelijkheden van de grond vast te stellen, is verkennend bodemonderzoek naar de milieu hygiënische kwaliteit ter plaatse van de te ontwikkelen percelen noodzakelijk. Specifiek aandachtspunt in het bodemonderzoek is de parameter PFAS welke sinds 2019 als stofgroep medebepalend is geworden in het grondverzet. Dit verkennend bodemonderzoek moet worden uitgevoerd als onderdeel van de conditionerende onderzoeken bij het ontwerp en voor de omgevingsvergunning. Het vormt ook de basis voor de bepaling van de hergebruiksmogelijkheden van de grond. • Archeologie: voor grote delen van het Bataviakwartier wordt geadviseerd om vervolgonderzoek in de vorm van een verkennend booronderzoek indien ingrepen gaan plaatsvinden die dieper rijken dan 3 m – NAP (hoogste maaiveldhoogte nabij het plangebied). Geplande werkzaamheden dienen getoetst te worden aan deze NAP-waarde om hun impact op mogelijke archeologische resten te kunnen bepalen. Hoewel de verwachting op het voorkomen van opduikingen van de Wormerafzettingen klein is, kunnen ze op basis van de huidige gegevens niet uitgesloten worden. Vestigia B.V.
adviseert daarom bij bodemroerende ingrepen op de landbodem binnen deze bovengenoemde zones van dieper dan 50 cm beneden maaiveld, en groter dan 100 m2, of bij ophogingen van meer dan 2 m boven huidig maaiveld en groter dan 100 m2 een vervolgonderzoek uit te voeren in de vorm van een inventariserend veldonderzoek. Deze onderzoeksverplichting is alleen relevant voor het oostelijk deel van Bataviakwartier. Voor de waterbodem wordt geadviseerd om eerst een opwateronderzoek uit te voeren op de plaats van daadwerkelijke ingrepen in de waterbodem en gericht op de opsporing van historische scheepsen vliegtuigwrakken. Verder dient rekening gehouden te worden met (onderdelen van) scheeps- of vliegtuigwrakken binnen het gehele plangebied, zowel op het land als onderwater (zie boven). Geadviseerd wordt om een Protocol Toevalsvondsten op te stellen, waarbij de taken en verantwoordelijkheden van alle betrokken partijen uiteen worden gezet in geval in de uitvoeringsfase van de civiele werkzaamheden toch nog een scheeps- of vliegtuigwrak (of een andersoortige archeologische vondst) wordt aangetroffen. • Hoogwaterveiligheid: Qua beheerbaarheid moet de bestaande waterkering tijdens de realisatie altijd bereikbaar zijn voor beheer en onderhoud tot de nieuwe dijk is gerealiseerd.
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
73
7.6
Aandachtspunten voor vervolgbesluiten
Naast het bestemmingsplan zijn vervolgbesluiten nodig voordat het Waterfront kan worden aangelegd. Het gaat onder andere om een water- en ontgrondingvergunning als wordt gekozen voor een nieuwe zandwinput, een Projectbesluit voor het verleggen en versterken van de dijk en omgevingsvergunningen voor werkzaamheden. Bij het besluit over de vergunningen wordt een evaluatieprogramma vastgesteld. Tijdens en na de uitvoering van het project wordt geëvalueerd of de daadwerkelijk optredende milieueffecten binnen de grenzen van de besluiten blijven.
Aandachtspunten voor het Projectbesluit: • Nadere uitwerking van het ontwerp op basis van de studie van het adviesbureau HKV Lijn in Water (HKV, 2023) en toetsing aan de hoogwaterveiligheidseisen. • Stabiliteit van de bestaande dijk tijdens realisatie, met name bij de damwanden voor de kadeconstructie langs Bataviakwartier. • Stabiliteit van de nieuwe dijk en restzetting van het zandlichaam.
7.7
Aanzet tot evaluatie en monitoring
Na vaststelling van een m.e.r.-plichtig besluit moet het bevoegd gezag, de gemeenteraad van Lelystad in dit geval, de daadwerkelijke milieugevolgen van de uitvoering van de voorgenomen activiteit onderzoeken. Het bevoegd gezag stelt daartoe bij het vaststellen van het plan of besluit een monitorings- en evaluatieplan vast waarin is opgenomen welke gevolgen worden gemonitord. In deze paragraaf is een eerste aanzet gegeven voor welke gevolgen dat kunnen zijn. De monitoringsvoorstellen zijn erop gericht om informatie te verschaffen zodat bijgestuurd kan worden als dat nodig is. Voor het monitoren zijn die aspecten relevant waarover onzekerheid bestaat of waarvan mogelijk normen zouden kunnen worden overschreden. Ook kan het relevant zijn de voortgang van het plan bij te houden om te zien of de gewenste ambities en doelen worden behaald. In Tabel 7-3 staat een lijst van monitoringsvoorstellen die gebruikt kunnen worden bij het maken van het monitorings- en evaluatieplan. Het monitoringsplan voor werkzaamheden gerelateerd aan de nieuwe dijk en de landaanwinning worden verder uitgewerkt in het Projectbesluit van het waterschap, de water- en ontgrondingvergunning voor de zandwinning en voorafgaand aan de uitvoering door de aannemer.
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
74
Tabel 7-3: Aanzet monitorings- en evaluatieplan Thema
Wie monitort
Wanneer
Methodiek
Frequentie
0-meting
Bijstuurmogelijkheden
Verkeersveiligheid en -leefbaarheid
Gemeente
Realisatie en eindsituatie
Tellingen hoofdwegen en met name op de 4 grote kruispunten
Eerste jaren 2jaarlijks, daarna afbouwen
Ja
Aanpassen kruispunten zoals beschreven bij mitigerende maatregelen
Parkeerbalans
Gemeente
Realisatie en eindsituatie
Tellingen
2-jaarlijks bij grote evenementen
-
Extra parkeergelegenheid of bewegwijzering
Geluidbelasting verkeerslawaai
Gemeente
Realisatie en eindsituatie
Geluidsmeters woningen langs hoofdwegen
Doorlopend
Ja, als nog niet bekend
Als voorspelde maximale geluidswaarden worden overschreden kunnen geluid beschermende maatregelen op woningen worden aangebracht
Externe veiligheid
RWS
Loopt al
Vervoer gevaarlijke stoffen hoofdvaarweg en hoofdwegen
-
-
-
Omgevingsdienst en gemeente
Realisatie en eindsituatie
Geluidzonebeheer bedrijventerrein Noordersluis, incl AWZI
Periodiek
-
Als voorspelde maximale geluidswaarden worden overschreden geluid beschermende maatregelen op woningen aanbrengen
Omgevingsdienst en gemeente
Realisatie en eindsituatie
Bedrijfsgerichte milieutaken
Doorlopend
Toezicht en handhaving
Omgevingsdienst en gemeente
Realisatie en eindsituatie
Planologisch niet legale activiteiten kade Lelystad Haven
Doorlopend
Toezicht en handhaving
RWS en gemeente
Realisatie en eindsituatie
Onderzoek naar ervaringen beroepsschippers, pleziervaart en sluisbediening met betrekking tot de vaarverkeerssituatie ter hoogte van plangebied
Periodiek
-
Maatregelen om verkeerssituatie te vergroten
Gemeente
Realisatie en eindsituatie
Tellingen/observaties van waterzijdige activiteit langs het Waterfront; in hoeverre vindt deze plaats, wat voor activiteiten vinden er plaats, en tot hoever uit de waterkant komt deze gebruikersgroep (recreanten)? Vindt er interactie plaats tussen de waterzijdige activiteit en het vaarverkeer?
Op zonnige dagen
-
Toezicht en maatregelen
RWS
Realisatie en eindsituatie
Interviews/observaties van riviercruise-manoeuvres; welke manoeuvres zijn gebruikelijk, en waar vinden deze plaats? Heeft dit invloed op de doorstroming in de hoofdvaarweg?
Periodiek
-
Aanwijzing manoeuvres en aanpassing van de steigers
Bedrijven en milieuzonering, geluid en veiligheid
Nautische veiligheid
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
75
Realisatie
Ecologische begeleiding
Locatie specifiek
-
Ecologisch protocol: melding maken en ecoloog bepaald vervolgstappen
Gemeente in samenwerking met lokale werkgroepen en Landschapsbeheer Flevoland
Realisatie en eindsituatie
Aansluiten bij Soort management plan dat al in ontwikkeling is Aansluiten bij lokale natuurverenigingen zoals Landschapsbeheer Flevoland Aansluiten bij de monitoring van het Nationaal Park Nieuw Land.
Periodiek
Ja
Maatregelen uit Soort management plan
Waterkwaliteit
Uitvoerder
Realisatie
Mate van vertroebeling bij de zandwinning (in verband met vergunningverlening)
Locatie specifiek
-
Aanpassen win- en suppletietechniek
Grondwaterstand
Uitvoerder
Realisatie en eindsituatie
Peilbuizen, mate van optreden van extra brakke kwel in stedelijk watersysteem Lelystad
Doorlopend
Ja
Maatregelen in watersysteem of afdichting van zandput
Uitvoerder
Realisatie
Stabiliteit bestaande waterkering Bataviakwartier
Locatie specifiek
Ja
Ander tempo intrillen damwand
Waterschap
Na realisatie strand en dijk
Strand met singlebeam, multibeam echolood vanaf schip
Jaarlijks na hevige storm
Zetting
Uitvoerder
Realisatie
Zakbakens en hellingmeterbuizen op landaanwinning en nieuwe dijk
Locatie specifiek
-
Ander tempo ophoogslagen, aanvullende berekeningen maken
Archeologie
Uitvoerder
Realisatie
Archeologische begeleiding
Locatie specifiek
-
Protocol toevalsvondsten: melding maken en archeoloog bepaalt vervolgstappen
Duurzaam energiesysteem
Gemeente
Eindsituatie
Energiebalans met energievraag en energieaanbod voor elektriciteit en warmte
Jaarlijks
-
Tijdig signaleren risico’s netcongestie
Jaarlijks
-
Maatregelen uit gemeentelijke adaptatiestrategie
Uitvoerder
Natuur
Waterveiligheid
Zandsuppletie
Klimaatrobuustheid
Gemeente
Eindsituatie
Mate dat Waterfront waterbestendig en klimaatrobuust is ingericht met het oog op waterveiligheid, wateroverlast, hitte en droogte als onderdeel van de gemeentelijke adaptatiestrategie
Woon- en leisure programma
Gemeente
Realisatie en eindsituatie
Bij vergunningverlening op toe zien dat aan het programma wordt voldaan
Doorlopend
-
Bijsturen
Gemeente
Realisatie en eindsituatie
Interviews/observaties van het welzijn van de omwonenden en de nieuwe bewoners in het gebied, met daarbij specifieke aandacht aan gezondheid en aantrekkelijkheid leefklimaat
Periodiek
Ja
Maatregelen passend bij de aandachtspunten vanuit de interviews/observaties
Welzijn
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
76
Bronnen • •
Ruimtelijke Verkenning Stedenbouwkundig Masterplan
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
77
A1
Uitgangspunten functioneel programma
Onderstaande tabel geeft weer welke kwantitatieve uitgangspunten voor het voorlopige voorkeursalternatief en alternatief zonder landaanwinning worden gehanteerd voor het functionele programma. De uitgangspunten van de alternatieven betreffen de eindsituatie in 2040. Alternatief met landaanwinning (voorlopig VKA) Netto toevoeging
Alternatief zonder landaanwinning Netto toevoeging
Retail (fashion outlet)
* Detailhandel: 19.862 m2 wvo * Totale leegstand: 3.031 m2 wvo (incl. unit 510/ oude sportmuseum) (Peildatum 27-102022)
± 10.000 m2 bvo extra
± 6.000m2 bvo extra
Horeca
* Horeca: 1.438 m2 wvo (Peildatum 27-102022)
± 7.000 m2 bvo extra
± 1.000m2 bvo extra
Hotel (boetiekhotel)
Niet aanwezig in huidige situatie
* Max. 25 kamers * Onderdeel nederzetting Bataviastad – max. 3-4 verdiepingen
n.v.t.
Leisure (indoor attracties en reuzenrad)
Niet aanwezig in huidige situatie
* ± 4.000 m2 * Avondopening (in beginsel) * Terrassen buiten, ook ruimte binnen
Wel het reuzenrad, t.h.v. Zuidpoort.
Bezoekers
2.800.000/ jr
3.200.000/ jr in totaal
3.200.000/ jr in totaal
Bezoekers
95.000 /jr
± 120.000 bezoekers per jaar in totaal
Gelijk aan VKA
9 ligplaatsen? En 500 afvaarten per jaar.
* Aantal ligplaatsen riviercruises neemt niet toe, andere ligging * Bruine vloot/recreatievaart (overnachtingshaven) komt geen ligplaatsen bij * Locatie aantrekkelijker als vaardoel voor Markermeer, mogelijk meer overnachtingen binnen gelijk aantal ligplaatsen (recreatie) * 700 afvaarten per jaar
Gelijk aan VKA
Functie/ specificatie
Planonderdeel
Huidige aantallen/omvang (gerealiseerd) Bataviakwartier
Bataviastad 1. Opwaarderen Zuidpoort 2. Uitbreiding t.p.v. huidige Bataviawerf (huidige openingstijden Bataviastad) 3. Uitbreiding naar/ verbinding met water (avondopening) (alleen in VKA)
Museum Batavialand 1. Batavia op land 2. Verplaatsing werf 3. Nationaal depot 4. Nieuw entreegebouw
Bataviahaven 1. Overnachtingshaven 2. Bruine vloot 3. Riviercruises
22 november 2023
Leisure
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
78
Planonderdeel
Functie/ specificatie
Huidige aantallen/omvang (gerealiseerd)
Alternatief met landaanwinning (voorlopig VKA) Netto toevoeging
Alternatief zonder landaanwinning Netto toevoeging
Boardwalk/ promenade 1. Groen voetgangersgebied aan weerszijden dijk 2. Gemengd programma
Groen; Leisure – outdoor attracties (buiten); Cultuur.
Niet aanwezig in huidige situatie
* 50.000 bezoekers per jaar (extra tov andere bestemmingen
n.v.t.
Hotel Diner show
Hotel en entertainment
Niet aanwezig in huidige situatie
* 150 kamers * 800 zitplaatsen * Max. 15 verdiepingen
n.v.t.
Hotel Waterpark
Hotel en dagrecreatie (waterpark binnen/subtropisch zwemparadijs)
Niet aanwezig in huidige situatie
* 400 kamers * 15.000 m2 bvo * Max. 8 verdiepingen
Adventurepark / Cellnex (kunnen meerdere voorzieningen zijn, binnen behalve klimmen)
Bedrijventerrein Leisure attractiepark
Grootschalige voorzieningen (binnen)
Leisure (grootschalige voorziening voor bijv. theater/ entertainment show, geen festival/pretpark)
Gelijk aan VKA Niet aanwezig in huidige situatie
* 3.500 m2 bvo * 200.000 bezoekers per jaar
Niet aanwezig in huidige situatie
* Maximaal 20.000 m2 bvo * Max. 600.000 bezoekers (extra)
Gelijk aan VKA
Toegestaan: Max. 10 per jaar op Lelybaan (categorie 2), Havenkom geen max. aantal evenementen. Evenementen
* Meer evenementen (verdubbeling t.o.v. huidig). * HISWA en Oldtimerdag blijven maatgevend
Minder extra evenementen (1/2 van VKA)
Maatgevende evenementen
Maatgevend zijn HISWA en Oldtimerdag: * 20.000 op één dag (oldtimerdag) * HISWA trekt 30.000 bezoekers verdeeld over 5 dgn.
Maaiveld
3.143 parkeerplaatsen
3.200 parkeerplaatsen in totaal
3.200 parkeerplaatsen in totaal
180 parkeerplaatsen
1.100 parkeerplaatsen, waarvan 180 in bestaande parkeergarage en 920 extra in parkeerdekken (4 lagen)
640 parkeerplaatsen, waarvan 180 in bestaande parkeergarage en 460 extra in parkeerdekken (2 lagen)
Parkeren Garage/dek
22 november 2023
Gelijk aan VKA
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
79
Functie/ specificatie
Planonderdeel
Huidige aantallen/omvang (gerealiseerd)
Alternatief met landaanwinning (voorlopig VKA) Netto toevoeging
Alternatief zonder landaanwinning Netto toevoeging
Saerdam, Vliegend Hert en Fortuijn Stadsstrand/ boulevard met lokale functie
Parkeren
Niet aanwezig in huidige situatie
Geen max aantal bezoekers (beoordelen als openluchtzwembad ihkv geluid)
Geen volwaardig strand
Niet aanwezig in huidige situatie
Men kan gebruik maken van de nieuwe collectieve parkeerplaats aan de Visarenddreef of van de parkeerplaatsen in Bataviakwartier
Nvt
Woningen
Niet aanwezig in huidige situatie
* 537 woningen: 48 maisonnette, 75 grondgebonden, 414 appartementen Max hoogte 38 m.
* 220 woningen: 20 maisonnette, 30 grondgebonden, 170 appartementen * Max 11 lagen/ 33 m.
Parkeerplaatsen
Niet aanwezig in huidige situatie
* 1p per woning; * Binnen 500 meter een collectieve parkeerplaats van 500p
* 1p per woning; * Binnen 500 meter een collectieve parkeerplaats van 250p
Voorzieningen
Niet aanwezig in huidige situatie
Geen voorzieningen
Geen voorzieningen
Woningen
Niet aanwezig in huidige situatie
* 731 woningen: 51 maisonnette, 102 grondgebonden, 578 appartementen * Max hoogte 23 m
* 293 woningen: 20 maisonnette, 40 grondgebonden, 233 appartementen * 3 tot 8 lagen
Parkeerplaatsen
Niet aanwezig in huidige situatie
* 1p per woning; * Binnen 500 meter een collectieve parkeerplaats van 500p
* 1p per woning; * Binnen 500 meter een collectieve parkeerplaats van 250p
Niet aanwezig in huidige situatie
Totaal 5005 m2: * Basisschool 400 leerlingen (max) 1600 m2 * Schoolplein 2.000 m2 * Parkeren 280 m2 * Kiss&ride 965 m2 * Fietsen 160 m2 * Gymzaal 600 m2 * Kinderopvang 300 m2
Totaal 2520 m2: * Basisschool 200 leerlingen (max) 800 m2 * Schoolplein 1.000 m2 * Parkeren 140 m2 * Kiss&ride 500 m2 * Fietsen 80 m2 * Kinderopvang 150 m2
Woningen
Niet aanwezig in huidige situatie
* 924 woningen: 185 maisonnette, 185 grondgebonden, 554 appartementen * Max hoogte 26m
* 283 woningen: 75 maisonnette, 75 grondgebonden, 133 appartementen * 7 lagen/ 21 m
Parkeerplaatsen
Niet aanwezig in huidige situatie
* 1p per woning;
* 1p per woning;
Groen/ openbare ruimte
Parkeerplaats
Meerdijkhaven
Buurt 1
Buurt 2
Voorzieningen
Buurt 3
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
80
Alternatief met landaanwinning (voorlopig VKA) Netto toevoeging
Alternatief zonder landaanwinning Netto toevoeging
Binnen 500 meter een collectieve parkeerplaats van 1200p
* Binnen 500 meter een collectieve parkeerplaats van 320p
Niet aanwezig in huidige situatie
Totaal: ca 6000 m2 bvo: * Supermarkt 2500 m2 * Huisarts 950 m2 * Fysio 650 m2 * Tandarts 640 m2 * Verloskundige 63 m2 * Apotheker 280 m2 * Maatschappelijke dienstverlening 53 m2 * Welzijn 800 m2 * Woon-zorg combinatie ntb. * Consultatiebureau ntb.
Totaal: ca 600 m2 bvo: * Huisarts 200 m2 * Fysio 156 m2 * Tandarts 135 m2 * Woon-zorg combinatie ntb. * Consultatiebureau ntb.
Woningen
Niet aanwezig in huidige situatie
* 808 woningen: 162 grondgebonden appartementen, 646 appartementen * Max hoogte 62m
Niet aanwezig in dit alternatief
Parkeerplaatsen
Niet aanwezig in huidige situatie
* 1p per woning; * Binnen 500 meter een collectieve parkeerplaats van 1200p
Niet aanwezig in dit alternatief
Voorzieningen
Niet aanwezig in huidige situatie
Geen voorzieningen
Niet aanwezig in dit alternatief
Functie/ specificatie
Planonderdeel
Voorzieningen
Huidige aantallen/omvang (gerealiseerd)
Buurt 4
Algemene uitgangspunten Landaanwinning
Waterkering
Natuurontwikkeling
22 november 2023
Niet aanwezig in huidige situatie
* 30 ha landaanwinning Meerdijkhaven * 2 ha landaanwinning Bataviakwartier
n.v.t.
Primaire kering cf HWBP (vervangen dijkbekleding + ophogen waar nodig)
* Verlegging over 2.000 m (tpv Meerdijkhaven) * Kademuur 830 m (tpv kop Meerdijkhaven) * Voorland (tpv Saerdam) * Voorland (kade) over 910 (tpv Bataviakwartier)
Geen
Niet aanwezig in huidige situatie
* 4 ha ‘plasdras/zeer ondiep water’ tpv Waterfront * 25 ha ‘plasdras/zeer ondiep water’ aan overzijde leidam * 18 ha zandige natuur met gradiënten van droog naar nat tpv Waterfront (is ook openbare ruimte dus verstoring en vertrapping is aan de orde).
5 ha zandige natuur met gradiënten van droog naar nat
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
81
Planonderdeel
Functie/ specificatie
Huidige aantallen/omvang (gerealiseerd)
Ontsluitingsroutes
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
Alternatief met landaanwinning (voorlopig VKA) Netto toevoeging
Alternatief zonder landaanwinning Netto toevoeging
* Bataviakwartier krijgt 2 gelijkwaardige toegangen waarbij automobilisten direct naar collectieve parkeerplaatsen worden geleid. * Meerdijkhaven krijgt 4 toegangen op de Houtribweg met 1 toegang voor elk cluster.
* Bataviakwartier krijgt 2 gelijkwaardige toegangen waarbij automobilisten direct naar collectieve parkeerplaatsen worden geleid. * Meerdijkhaven krijgt 3 toegangen op de Houtribweg met 1 toegang voor elk cluster.
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
82
A2
HKV notitie
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
83
MEMO Aan:
André Rijsdorp
Van:
Wouter ter Horst, Kris van den Berg, Matthijs Benit
Datum:
2 juni 2023
Projectnummer: 4727.10 Onderwerp:
Hydraulische analyse en concept dijkontwerp t.b.v. Waterfront Lelystad
Gemeente Lelystad is bezig met de herontwikkeling van het stedelijke Waterfront, inclusief het Bataviakwartier en Meerdijkhaven. De primaire waterkering is gelegen binnen het beoogde projectgebied en zal bij uitvoering van het project integraal onderdeel worden van het project. Sinds 2022 wordt samen met Waterschap Zuiderzeeland en provincie Flevoland gesproken over de wijze van inpassing van de waterkering en de spelregels die daarbij horen. Deze memo gaat in op verschillende onderwerpen die bij de inpassing van de waterkering een rol spelen, te weten: 1.
Uitgangspunten
2.
Waterstanden en statistiek op het Markermeer
3.
Golfbelasting en golfdoordringing i.r.t. leidammen
4.
Inschatting van benodigde kruinhoogte van de dijkprofielen
5.
Analyse van uitbreidbaarheid en toekomstig ruimtebeslag
4727.10 • 2 juni 2023
1
1
Uitgangspunten en basisinformatie
1.1
Projectgebied
Het projectgebied Waterfront Lelystad bevindt zich tussen de Houtribsluizen in het noorden en de Noordersluis in het zuiden. Het projectgebied is onderverdeeld in het Bataviakwartier (noordelijke deel), Saerdam (midden) en Meerdijkhaven (zuidelijke deel). De drie deelgebieden hebben een eigen karakter en een andere opgave met betrekking tot inpassing van de waterkering.
Houtribsluizen
Bataviakwartier
Saerdam
Meerdijkhaven
Noordersluis
Figuur 1 Projectlocatie Waterfront Lelystad
1.2
Gebruikt rekenmodel
Ontwerpberekeningen voor de beoogde plannen zijn uitgevoerd met Hydra-NL, een probabilistisch model dat de statistiek berekent van de hydraulische belastingen (waterstand, golfcondities, golfoverslag) voor de beoordeling van de primaire dijken en kunstwerken van Nederland. Voor de berekeningen in dit memo is Hydra-NL versie 2.8.2 (mei 2021) gebruikt.
4727.10 • 2 juni 2023
2
1.3
Hydraulische randvoorwaarden
De hydraulische randvoorwaarden die zijn opgelegd zijn WBI2017_Markermeer_8-2_8-3b_v02, waarbij gebruik is gemaakt van uitvoerlocatie MM_3_8-3b_dk_00043 (x: 156429, y: 502358; zie Figuur 2)
Uitvoerlocatie MM_3_8-3b_dk_00043
Figuur 2: Uitvoerlocatie hydraulische randvoorwaarden t.b.v. waterstand- en golfberekeningen
1.4
Klimaatscenario
Klimaatscenario 2100 W+ is gebruikt voor de berekeningen. Voor het IJsselmeer en Markermeer wordt bij dijkversterkingsprojecten aangenomen dat het meerpeil tot 2050 niet meestijgt met zeespiegelstijging. Dit is een beleidsmatige keuze. Het beleid na 2050 staat nog niet vast, maar er is wel aangegeven dat bij dijkversterkingen rekening kan worden gehouden met een meerpeilstijging van 0,30m tussen 2050 en 2080. In dit geval is er tot 2075 sprake van een meerpeilstijging van 0,25m.
1.5
Overige uitgangspunten en basisinformatie
Overige relevante uitgangspunten die zijn gehanteerd in de berekeningen in deze memo zijn: •
Er wordt gerekend met een kritiek overslagdebiet van 5 l/s/m.
•
In de berekeningen is rekening gehouden met modelonzekerheid.
4727.10 • 2 juni 2023
3
•
De veiligheidsnorm die voor normtraject 8-3, waar het projectgebied onderdeel van is, is 1/30.000 per jaar (signaleringswaarde) en 1/10.000 per jaar (ondergrens).
•
Bij de golfberekeningen is uitgegaan van golfreductie door de leidammen. Deze dammen zijn afgekeurd in de laatste beoordelingsronde, maar zullen ook in de huidige staat hun golfreducerende werking grotendeels uitvoeren. Momenteel onderzoekt Waterschap Zuiderzeeland met een Nadere Veiligheidsanalyse (NVA) de exacte staat van de leidammen en het effect op de veiligheid.
2
Waterstanden en statistiek op het Markermeer
De waterstanden op het Markermeer zijn een combinatie van het meerpeil en windopzet. Het meerpeil wordt gereguleerd, waarbij er voor de zomer en de winter een streefwaarde is afgesproken. Voor de winter is dit -0,4m NAP. Door hevige regenval, een extreem hoge afvoer van de IJssel en/of de onmogelijkheid om te spuien kan het Markermeerpeil toenemen. Daar bovenop kan harde en langdurige wind zorgen voor scheefstand van de waterspiegel. Bij westelijke windrichtingen zorgt dit voor verhoogde waterstanden langs de kust van Flevoland. Deze verhoogde waterstanden worden windopzet genoemd. In Figuur 3 is de waterstandstatistiek weergegeven in termen van terugkeertijd van de verschillende waterstanden. Dit is gedaan voor het huidige klimaat en voor het zichtjaar 2075.
Figuur 3: Terugkeertijden van waterstanden gegeven het huidige klimaat en in 2075 (W+ scenario)
Voor het project zijn de waterstanden bij de terugkeertijden 1/10.000 en 1/30.000 van belang. Deze waterstanden zijn weergegeven in Tabel 1.
4727.10 • 2 juni 2023
4
Tabel 1: inschatting van golfhoogten voor verschillende windrichtingen Waterstanden [m NAP]
Huidig klimaat
Zichtjaar 2075
1/10.000 per jaar
1,535
1,770
1/30.000 per jaar
1,686
1,920
3
Golfbelasting en golfdoordringing i.r.t. leidammen
Het projectgebied Havenfront ligt in een complexe omgeving met verschillende langs- en strekdammen. Extreme waterstanden en golfcondities zullen worden veroorzaakt door wind uit westelijke richting (210 graden t/m 330 graden). Om een inschatting te krijgen van de golfcondities in het project zijn voor deze windrichtingen inschattingen gemaakt van de golfhoogten die het projectgebied zullen bereiken. Figuur 4 geeft met witte pijlen verschillende golfbelastingen op het projectgebied weer. De lengte van de pijl geeft een indicatie van de strijklengte van de golf. In algemene zin geldt dat hoe langer de strijklengte is, hoe groter de golfhoogte zal zijn.
Figuur 4: aanwezige golfbelastingen
4727.10 • 2 juni 2023
5
De verschillende leidammen (in rood) die zich voor de kust bevinden, zullen zorgen voor golfreductie. Golven vanuit het Markermeer zullen niet of beperkt kunnen doordringen. Tussen de leidammen en de waterkering zal sprake zijn van lokale golfgroei, maar het effect hiervan zal relatief beperkt zijn. In Figuur 5 is indicatief aangegeven wat de te verwachten golfhoogte is per gedeelte van de waterkering.
< 0,6m
0,6 – 1,0m
> 1,0m
Figuur 5: inschatting van golfhoogte
Zoals genoemd is het projectgebied door de aanwezigheid van dammen dusdanig complex dat veel golfgerelateerde processen door elkaar spelen. Er is sprake van golfdoordringing, diffractie (verlies van golfenergie door obstakels), lokale opwekking en refractie (veranderen van golfrichting). Figuur 7 laat de bijdrage van verschillende componenten aan de golfhoogte voor DP160, ter hoogte van Saerdam. Vóór de havendammen is de golfhoogte bijna overal nog groter dan 2m (Ingang). Deze golf wordt door de dammen fors gereduceerd tot orde 0,5m (diffractie). Achter de dammen is er sprake van golfgroei door wind (windgroei). Samen vormen deze twee componenten de gecombineerde golfhoogte.
4727.10 • 2 juni 2023
6
Figuur 6: Componenten van golfhoogte per windrichting
Uit de figuur blijkt dat de golven met 50% tot 60% worden gereduceerd tot golven met een golfhoogte van ordegrootte 1,0m. Het is belangrijk om in ogenschouw te nemen dat de golfenergie kwadratisch afneemt ten opzichte van de golfhoogte. Dit betekent dat de golfenergie met 75%85% afneemt.
4727.10 • 2 juni 2023
7
4
Inschatting van benodigde kruinhoogte van de dijkprofielen
Op basis van de waterstandstatistiek en golfbelasting zijn voor zeven verschillende principe dijkprofielen benodigde kruinhoogten afgeleid. In Figuur 7 is een overzicht gegeven van de locaties waar de principe dijkprofielen op van toepassing zijn. Voor de benodigde kruinhoogte wordt gekeken naar de ondergrenswaarde in het zichtjaar 2075.
Figuur 7: Overzicht van verschillende principe dijkprofielen Bataviakwartier (1 t/m 4), Saerdam (5) en Meerdijkhaven (6 en 7)
Basisprincipe dijkprofielen Het basisprincipe van de dijkprofielen is om gebruik te maken van een (zeer) flauw buitentalud dat ervoor zorgt dat de golfbelasting wordt opgevangen door het talud en op deze wijze niet de kruin van de waterkering bereikt. Een van de redenen dat deze werkwijze kan worden toegepast is dat er door de leidammen sprake is van een gematigd golfklimaat in het projectgebied. Hierdoor is het mogelijk om de golven op het buitentalud op te vangen. Dit heeft twee voordelen die voor het project Waterfront gunstig uitpakken: 1.
De kruin van de waterkering kan relatief laag blijven.
4727.10 • 2 juni 2023
8
2.
De waterkering is in de toekomst eenvoudiger aan te passen aan nieuwe inzichten en/of klimaatverandering.
Ad 1: Doordat de golfbelasting door het brede flauwe buitentalud wordt opgevangen, wordt bij de bepaling van de kruinhoogte met name gekeken naar de waterstand. Uiteraard moet er voldoende ruimte zijn om de golfbelasting op te vangen. Er wordt uitgegaan van een talud van 1:25. Dit betekent dat er 50m tot 75m nodig is om een hoogteverschil van 2m respectievelijk 3m te overbruggen. Wanneer deze ruimte er niet is, kan voor een technische oplossing gekozen worden. Zo’n oplossing kan bestaan uit een damwand of een andere golfremmende maatregel. Ad 2: Wanneer de golfbelasting geen rol meer speelt, verdwijnt ook de onzekerheid die hiermee samenhangt. Dit betekent dat de focus ligt op de waterstand en de onzekerheden omtrent de waterstand. Hierbij valt te denken aan de keuze voor een grotere zoetwatervoorraad, waardoor het meerpeil stijgt of versnelde verandering van extreme waterstanden door klimaatverandering. Bataviakwartier In het deelgebied Bataviakwartier is de druk op beschikbare ruimte het grootst. Dit heeft gedeeltelijk te maken met de al bestaande en geplande nieuwe bebouwing. Daarnaast bevindt zich aan de meerzijde de vaargeul richting de Houtribsluizen. Dit vormt een harde grens voor de waterkering. Mede om deze reden is gekozen voor een damwand. De hoogte van de damwand zal dusdanig worden gekozen dat de bovenkant gelijk is aan de waterstand in maatgevende stormsituaties.
In Figuur 8 en Figuur 9 zijn de principe dijkprofielen ten noorden, ter plaatse en ten zuiden van Bataviastad weergegeven.
Figuur 8: Principe dijkprofiel 1: ten noorden en ten zuiden van Bataviastad
4727.10 • 2 juni 2023
9
Figuur 9: Principe dijkprofiel 2: ter plaatse van Bataviastad
Ter plaatse van Bataviastad is door gemeente Lelystad op het buitentalud horeca gewenst, maar in principe komen de dijkprofielen met elkaar overeen. Voor de minimaal benodigde kruinhoogte is 2,0m NAP aangehouden. Voor de ontwerphoogte van de kruin geldt dat er ten opzichte van de benodigde kruinhoogte extra hoogte wordt aangebracht door middel van een overlaging. Hierdoor ontstaat er extra robuustheid. Figuur 10 geeft het dwarsprofiel ter plaatse van Batavialand waar op het buitentalud een hotel is voorzien. Om deze reden blijft het terrein aan de buitenzijde van de kruin over een langere breedte nagenoeg gelijk aan de kruinhoogte.
Figuur 10: Principe dijkprofiel 3: ter plaatse van Batavialand en hotel
Ter plaatse van Batavialand en de bestaande havenkom (Figuur 11) is er minder breedte aanwezig om golven op te vangen. Hier zal nadrukkelijker gebruik moeten worden gemaakt van golfreducerende maatregelen. Ook is het mogelijk om de bovenkant van de damwand op een hoger niveau aan te leggen in combinatie met een neusconstructie.
Figuur 11: Principe dijkprofiel 4: ter plaatse van Batavialand en bestaande havenkom
4727.10 • 2 juni 2023
10
Saerdam In de deelgebieden Saerdam en Meerdijkhaven is er relatief veel ruimte om een flauw buitentalud aan te leggen. Dit maakt het mogelijk om de golfbelasting effectief op te vangen en tegelijkertijd de waterkering goed in het ruimtelijk ontwerp te integreren. Figuur 12 laat het dijkprofiel voor Saerdam zien.
Figuur 12: Principe dijkprofiel 5: ter plaatse van Saerdam
Meerdijkhaven Figuur 13 laat het dijkprofiel ter hoogte van Meerdijkhaven zien. Net als bij het deelgebied Saerdam is er voldoende ruimte voor een breed buitentalud. Het buitentalud zal een breedte van ongeveer 75m hebben.
Figuur 13: Principe dijkprofiel 6: Meerdijkhaven
Aan de zuidkant van Meerdijkhaven zal sprake zijn van een grotere golfbelasting door golven die zich parallel aan de leidammen over een lange strijklengte kunnen ontwikkelen. Het is de verwachting dat hier constructieve maatregelen (steenstorting of andere golfreducerende maatregelen) getroffen moeten worden om de golfenergie op te vangen. Figuur 14 laat de principe oplossing voor de zuidpunt van Meerdijkhaven zien.
4727.10 • 2 juni 2023
11
Figuur 14: Principe dijkprofiel 7: Meerdijkhaven ter plaatse van zuidpunt harde rand
De kruinhoogten (hydraulische belastingniveaus) zijn voor alle profielen hetzelfde. Dit komt door het feit dat de golven op het buitentalud worden opgevangen, waardoor de benodigde kruinhoogte gelijk is aan de waterstand bij de ondergrensnorm. Tabel 3 geeft een overzicht. Tabel 2 Hydraulische belastingniveaus (HBN) voor de principe profielen bij de ondergrensnorm (1/10.000 per jaar)
Profiel
Huidig klimaat
2075
1 (Bataviahaven)
1,54
1,77
2 (Bataviahaven)
1,54
1,77
3 (Bataviahaven)
1,54
1,77
4 (Bataviahaven)
1,54
1,77
5 (Saerdam)
1,54
1,77
6 (Meerdijkhaven)
1,54
1,77
7 (Meerdijkhaven)
1,54
1,77
5
Analyse van uitbreidbaarheid en toekomstig ruimtebeslag
Over het algemeen worden versterkingen van waterkeringen ontworpen met een tijdshorizon van 50 jaar. Wanneer dit wordt aangehouden voor het project Waterfront dan betekent volgens de huidige ontwerpregels dat er een klimaattoeslag van orde 0,25m dient te worden toegepast. Dit is het verschil tussen de ontwerphoogte van het huidig klimaat en het zichtjaar 2075. Tegelijkertijd zijn er veel ontwikkelingen gaande waar de impact op dit moment niet goed te overzien is. Een voorbeeld hiervan is de kamerbrief Water en Bodem Sturend. Een paar elementen die in deze brief worden genoemd hebben betrekking op uitbreidbaarheid en de zorg voor