Bijlagen bij de toelichting_Bijlage 2 MER deel A
Tekst van het document
Figuur 3-6: Principe dijkprofiel Bataviakwartier
3.7
Stadsstrand
In het Stedenbouwkundig Masterplan zijn langs de kustlijn van Meerdijkhaven een groot en kleiner stadsstrand voorzien. De gemeente onderbouwt de noodzaak van strand bij Lelystad als volgt: • De zomers worden warmer waardoor er steeds meer behoefte is aan afkoeling; • Lelystad groeit over de komende decennia met 50-100%, waardoor veel meer mensen behoefte hebben aan afkoeling en recreatiemogelijkheden in de buurt; • De binnendijkse stranden kampen met een slechte waterkwaliteit en zijn in de afgelopen jaren ongeschikt geworden (Larserbos, Bovenwater); 22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
23
•
Geschikte zwemstranden liggen voornamelijk ver weg (Almeerderstrand, stranden langs de randmeren en bij Trintelhaven en Houtribhoekstrand) en zijn alleen per auto te bereiken.
De stranden die Lelystad heeft, zijn het Houtribhoekstrand en het watersportstrand waarvan de laatste eigenlijk geen zwemstrand is, omdat het is aangelegd voor de watersporters en de combinatie met badgasten gevaarlijke situaties oplevert. Met 400 meter strandlengte is het Houtribhoekstrand te klein en ligt het ten opzichte van de stad wat ver weg. Het voordeel van het Houtribhoekstrand is dat daar ter plaatse kan worden geparkeerd zodat het altijd voor badgasten die dichtbij willen parkeren, een passende oplossing is. Een stadsstrand ter plaatse van Meerdijkhaven heeft volgens de gemeente de volgende voordelen: • Goede bereikbaarheid met OV (vaste buslijn); • Goede bereikbaarheid met de fiets (meerdere fietsroutes vanuit de stad); • Dicht bij grote woonwijken (veel mensen kunnen lopend het strand bereiken); • Goede waterkwaliteit (mits voldoende wateruitwisseling met het Markermeer is gewaarborgd); • Grote lengte waardoor ruimte is voor meerdere doelgroepen die hun eigen plek vinden; • Het draagt bij aan de kwaliteit/aantrekkelijkheid van de woonomgeving van de bestaande en nieuwe woonwijken, al geldt zeker voor een deel van de bestaande bewoners die rechtstreeks uitkijken op het strand met de daarbij horende drukte dat die dit niet vinden opwegen tegen het risico om overlast te ervaren.
Het is niet te verwachten dat het stadsstrand bezoekers van buiten Lelystad aantrekt, omdat voor alle omliggende plaatsen geldt dat er goed zwemstrand dichterbij te vinden is. Naar aanleiding van participatiesessies is in het Stedenbouwkundig Masterplan gekozen om het grote stadsstrand niet voor Saerdam te positioneren, maar op te schuiven richting Meerdijkhaven en een kwartslag te draaien. Zo wordt het strand geen strook maar een eigenstandig element met ruimte voor sport, spel, zwemmen en cultuur.
3.8
Klimaatadaptatie, energievoorziening en circulariteit
Bij de bouw van woningen staat natuurinclusiviteit voorop. Het Stedenbouwkundig Masterplan geeft aan dat alle woningen en voorzieningen energieneutraal worden en dat zonnepanelen, groene daken, natuurlijke materialen (biobased bouwen) kunnen worden toegepast om invulling te geven aan natuurinclusiviteit. Het Stedenbouwkundig Masterplan stelt voor dat voor natuurinclusiviteit en biobased bouwen aparte strategieën worden opgesteld. Hierin moeten ook de kaders worden uitgewerkt ten aanzien van energieneutraliteit, CO2 neutraal bouwen, minimale milieuprestatie score voor gebouwen en duurzaamheid in gebruiks- en beheerfase. Maatregelen en kaders zijn nog niet geconcretiseerd voor het Waterfront. In het MER zijn voorstellen gedaan om de duurzaamheid en natuurinclusiviteit te borgen.
3.9
Weg te bestemmen en te verplaatsen functies
In en om het Waterfront ligt een aantal functies die ruimtelijk of functioneel niet samengaan met de gewenste invulling van het gebied. Deze worden verplaatst en uit het bestemmingsplan gehaald: • Ligplaatsen binnenvaart (maximaal 3x24 uur). De te verplaatsen afmeervoorzieningen die worden verplaatst naar de overzijde van het vaarwater tegen de strekdam.
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
24
•
•
1
Bunkervoorziening. In Bataviakwartier, net ten noorden van de Bataviahaven, staat het vigerende bestemmingsplan een bunkervoorziening toe waar schepen brandstof kunnen inslaan. Deze voorziening is niet gerealiseerd en vervalt in het nieuwe bestemmingsplan. Loswal. De gemeente wil de loswal op het werkeiland direct ten noorden van de Noordersluis ontmantelen. De bedrijven Hebo en Mineralis hebben een huurcontract met waterschap Zuiderzeeland voor het gebruik van de loswal. Er zijn gesprekken gevoerd met het waterschap om alternatieve locaties te vinden. Een alternatieve locatie buiten het plangebied wordt vóór vaststelling van het bestemmingsplan planologisch mogelijk gemaakt door middel van een afwijkingsbesluit/omgevingsvergunning. 1
De loswal maakt deel uit van de primaire waterkering. Het verplaatsen van de loswal betreft een dijkreconstructie op twee locaties (bestaande en nieuwe locatie). Hierbij moet de infrastructuur (bovengronds en ondergronds) aangepast worden. Voordat de bestaande loswal wordt verwijderd moet de vervangende loswal gerealiseerd te zijn. MER WATERFRONT LELYSTAD 22 november 2023 BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001 25
4
Alternatieven en varianten
Voor de ontwikkeling van het Waterfront zijn verschillende invullingen en uitvoeringen mogelijk. Dit worden alternatieven en varianten genoemd, waarbij alternatieven een eigen complete invulling geven van het plan en varianten op onderdelen van een alternatief van elkaar verschillen. Het voorlopig voorkeursalternatief (voorlopig VKA) is gebaseerd op het concept-Stedenbouwkundig Masterplan. Naast het voorlopig VKA zijn in het MER een alternatief zonder landaanwinning, inrichtingsvarianten met en zonder stadsstrand en verschillende uitvoeringsvarianten met betrekking tot de zandwinning en de bodem onder de nieuwe dijk van Meerdijkhaven onderzocht.
4.1
Totstandkoming alternatieven en varianten
Afbakening van het zoekgebied Lelystad mag circa 80 km kustlijn hebben, maar voor de ontwikkeling van het Waterfront komt slechts zo’n 3 km kustlijn in aanmerking. In het zuidwesten (richting Almere) liggen namelijk de Oostvaardersplassen en het werkeiland Lelystad-Haven, in het noorden (richting Enkhuizen) betreft de kustlijn alleen de beide zijden van de Houtribdijk en in het noordwesten liggen woonwijken, Provinciale en Rijksinfrastructuur en het bedrijventerrein Flevokust. Alleen het gedeelte tussen de aansluiting van de Houtribdijk en het werkeiland Lelystad-Haven biedt ruimte om Lelystad als stad aan het water te positioneren in de vorm van een Waterfront. Voorlopig voorkeursalternatief De gemeente wil voortbouwen op het plan zoals dat in de Ruimtelijke Verkenning en het Stedenbouwkundig Masterplan is neergelegd om haar beleidsambities zo goed mogelijk realiseren. Het Stedenbouwkundig Masterplan vormt daarom de basis voor het voorlopig voorkeursalternatief (voorlopig VKA). In het voorlopig VKA is sprake van landaanwinning in het Markermeer. In het MER zijn voor het voorlopig VKA conservatieve uitgangspunten genomen (qua woningbouw, leisure-ontwikkeling en verkeer aantrekkende werking), waarmee ook de milieueffecten conservatief worden bepaald en het bestemmingsplan voldoende flexibiliteit behoudt voor toekomstige ontwikkelscenario’s.
Alternatief zonder landaanwinning Hoewel de gemeente op het standpunt staat dat de achterliggende belangen van de Kamerbrief Water en Bodem Sturend ook mét een landaanwinning goed behartigd kunnen worden, wil ze rekenschap geven aan de gevoeligheden rondom landaanwinning in het Markermeer. Daarom is naast het voorlopig VKA ook een alternatief zonder landaanwinning onderzocht. Dit alternatief leidt tot een kleiner woon- en leisure programma en geeft daarmee beperkter invulling aan de beleidsambities van de gemeente. Inrichtingsvariant op het voorlopig VKA, zonder stadsstrand bij Saerdam De gemeente wil met een groot stadsstrand meerwaarde geven aan de stad, ook met het oog op de steeds warmere zomers. Naar aanleiding van de participatiesessies is in het Stedenbouwkundig Masterplan al gekozen om het stadsstrand niet voor Saerdam te positioneren, maar op te schuiven richting Meerdijkhaven en een kwartslag te draaien. In de inspraakreacties op de NRD geven de bewoners van Saerdam aan dat ze geen stadsstrand voor de deur willen. Daarom is in het MER ook een variant op het voorlopig VKA zonder stadsstrand bij Saerdam onderzocht.
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
26
Uitvoeringsvarianten voor het voorlopig VKA Voor de uitvoering geldt dat het nog onbekend is hoe deze gaat plaatsvinden ten tijde van het schrijven van dit MER. Daarom is in het MER de breedte van de uitvoeringsmogelijkheden onderzocht, in een aantal uitvoeringsvarianten op het voorlopig VKA. De uitvoeringsvarianten hebben betrekking op de zandwinning en de bodem onder de nieuwe dijk van Meerdijkhaven. Uitvoeringsvarianten met betrekking tot de zandwinning Voor de landaanwinning is zand nodig. Zand wordt gewonnen door zandwinning. Voor de zandwinning zijn meerdere opties, bijvoorbeeld winning op een specifieke locatie in het Markermeer of door zand aan te kopen op de markt. Uitgangspunt voor het voorlopig VKA is zandwinning in een nieuwe winput op het Markermeer. De gemeente heeft de voorkeur voor deze zandwinlocatie, omdat hiermee ook 25 hectare nieuwe natuurontwikkeling langs de leidam mogelijk wordt door de kleiige bovenlaag (holoceen materiaal) van de nieuwe winput te gebruiken. Varianten zijn dat zand wordt gewonnen uit de al vergunde winlocatie in de vaargeul Amsterdam-Lemmer of wordt aangekocht op de markt. Uitvoeringsvarianten met betrekking tot de bodem onder de nieuwe dijk De landaanwinning vindt buitendijks plaats. Langs de nieuwe waterlijn zal een nieuwe dijk worden gemaakt, zodat het woongebied van Meerdijkhaven binnendijks komt te liggen.
Er zijn twee varianten voor de grondslag van de nieuwe dijk. Het uitgangspunt voor het voorlopig VKA is direct op de Markermeerbodem. Als variant wordt onder de nieuwe dijk eerst de kleiige meerbodem (holoceen materiaal) verwijderd en opgevuld met zand (grondverbetering). Onderzochte, maar niet realistische alternatieven en varianten Drijvende woningen of woningen op palen In het voortraject heeft de gemeente nagedacht of drijvende woningen of woningen op palen een alternatief kunnen zijn voor landaanwinning. Dan zou er helemaal geen impact zijn op de zoetwatervoorraad van het Markermeer. De kosten voor woningen op palen of drijvend zijn daarentegen veel hoger dan het bouwen van woningen op een nieuwe landaanwinning, zeker omdat dan ook wegen en de openbare ruimte drijvend of op palen uitgevoerd moeten worden. Daarnaast kunnen er op dezelfde oppervlakte veel minder woningen op palen of drijvend gebouwd worden dan op land, wat maakt dat er veel meer ruimte nodig is om het beoogde woonaanbod te realiseren. Tenslotte is het met het oog op de veiligheid niet gewenst om woningen buitendijks te bouwen. Op basis van deze punten heeft de gemeente besloten woningen drijvend of op palen niet verder mee te nemen in de afwegingen.
Woningbouw op buitendijkse terp en/of regionale waterkering De gemeente heeft ook gekeken naar de variant dat de dijk niet wordt verlegd, maar dat woningbouw plaatsvindt op een buitendijkse terp en/of een regionale waterkering. Dit is niet realistisch, met als voornaamste reden dat dan grote delen van het plan buitendijks komen te liggen, met grotere waterveiligheidsrisico’s. Als variant op de gekozen oplossing voor de nieuwe dijk heeft de gemeente beschouwd of een binnendijkse verlegging van de dijk voordelen heeft. Dit is niet het geval, met als voornaamste reden dat dan grote delen van het plan buitendijks komen te liggen, met grotere waterveiligheidsrisico’s.
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
27
Binnendijks alternatief met woningbouw ter plaatse van bedrijventerrein Noordersluis Het alternatief zonder landaanwinning geeft beperkt invulling aan de beleidsambities van de gemeente. Daarom is ook onderzocht of het realistisch is om de omvang te vergroten door het aangrenzende deel van het bedrijventerrein Noordersluis te betrekken bij de ontwikkeling van het Waterfront, voor het realiseren van het beoogde woon- en recreatielandschap. Door de positionering van de diverse milieucategorieën zouden dan tot op 300 m van de nieuwe woonwijk bedrijven moeten worden uitgeplaatst, waaronder de afvalwaterzuivering. De hiermee gemoeide kosten en het belang van het bedrijventerrein voor de werkgelegenheid van Lelystad maken dit geen realistisch alternatief.
4.2
Overzicht alternatieven en varianten
De onderscheidende kenmerken van de 2 alternatieven, de inrichtingsvariant en de 3 uitvoeringsvarianten zijn in onderstaande tabel aangeven en in de volgende paragrafen uitgewerkt.
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
28
Tabel 4-1: Te onderzoeken alternatieven en varianten in het MER (met licht grijs is aangegeven dat het programmaonderdeel van de variant niet anders is dan het voorlopig VKA)
Onderdelen van het programma Alternatieven
Varianten
Woon- en leisure programma
Natuur-ontwikkeling
Landaanwinning
Waterkering •
• •
Voorlopig VKA
3000 woningen Grootschalige leisurevoorzieningen
• •
25 ha langs leidam 22 ha in Meerdijkhaven
Inrichtingsvariant: Zonder strand Saerdam
Beperkter oppervlak in Meerdijkhaven
Uitvoeringsvariant: Zandcunet waterkering
Groter oppervlak langs de leidam
Uitvoeringsvariant: Zandwinlocatie vaarweg
Niet langs leidam
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
Niet langs leidam 5 ha langs bestaande oever Meerdijkhaven
•
Meer grondverzet (holoceen en zand)
Grondverbetering onder verplaatste waterkering Meerdijkhaven
Stadsstrand en kleiner strand Meerdijkhaven
Geen stadsstrand
Beperkter grondverzet (geen holoceen)
• • •
•
Geen voorland (strand) Saerdam
Niet langs leidam
Beperkter woon- en leisure programma
30 ha Meerdijkhaven 2 ha Bataviakwartier
Beperktere aanwinning Meerdijkhaven
•
Uitvoeringsvariant: Zand van de markt
Alternatief zonder landaanwinning
• •
Verplaatsen en versterken kering Meerdijkhaven Voorland (strand) Saerdam Voorland (kade) Bataviakwartier
Stadsstrand
Beperkter grondverzet (geen holoceen) -Ander materieel
Geen landaanwinning
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
29
Autonome dijkversterking volgens hoogwaterbeschermings-programma
Kleinschalige recreatieve zandstrook bij Meerdijkhaven
4.3
Toelichting voorlopig voorkeursalternatief
4.3.1
Functioneel programma
Er worden 3000 woningen gerealiseerd in 4 nieuwe woonbuurten in Meerdijkhaven en de leisure functies in Bataviakwartier volgens het Stedenbouwkundig Masterplan. Voor de woonbuurten worden de uiterste bouwgrenzen aangehouden. Uitgangspunt is dat het maximale bebouwingspercentage 80% bedraagt. De uitgangspunten voor de woningen, voorzieningen, parkeerplaatsen en nieuwe leisure functies van het voorlopig VKA ten opzichte van de huidige situatie en het alternatief zonder landaanwinning zijn gegeven in Bijlage A1.
4.3.2
Landaanwinning en zandwinning
Er wordt een landaanwinning van 32 hectare gerealiseerd in het Markermeer. Voor de landaanwinning is circa 1,6 tot 2 miljoen m3 zand nodig. Voor de zandwinning wordt uitgegaan van een nieuwe zandwinput op het Markermeer ten noorden van de vaargeul Amsterdam-Lemmer, op circa 2 km afstand van het plangebied. Voor deze locatie moeten op termijn een zandwin- en ontgrondingsvergunning worden aangevraagd door de opdrachtnemer of de gemeente Lelystad. Een nieuwe winput is alleen realistisch (vergunbaar) wanneer er op korte afstand een bovengrondse maatregel voor Toekomstbestendig Ecologisch Systeem (TBES) wordt gerealiseerd. Deze moet tenminste 25 hectare groot zijn. In het voorlopig VKA wordt ervan uitgegaan dat de kleiige (Holocene) bovengrond van de nieuwe zandwinput gebruikt kan worden om een nieuw natuurgebied van tenminste 25 hectare te creëren bij de leidam. Dit wordt overstroombare natuur.
4.3.3
Verleggen en versterken waterkering
De Oostvaardersdijk wordt gelijk met de ontwikkeling van het Waterfront versterkt door stranden en voorland en ter plaatse van Meerdijkhaven verlegd zodat de woonbuurten van Meerdijkhaven binnendijks komen te liggen. De basisfilosofie van het nieuwe ontwerp is dat er voor de dijken stranden en voorland komen waarop de golven uitdoven voordat ze de kruin van de dijk bereiken. Zo kan de dijk relatief laag blijven en ontstaan er in principe mogelijkheden voor medegebruik door andere functies. Voor het voorlopig VKA zijn de uitgangspunten en ontwerptekeningen uit het Stedenbouwkundig Masterplan gebruikt.
4.3.4
Natuurontwikkeling
Langs de leidam wordt een nieuw natuurgebied gerealiseerd met het Holocene materiaal uit de zandwinput. Het gaat om 25 hectare overstroombare natuur (plasdras/zeer ondiep water) die bijdraagt aan de ecologische verbetering van het Markermeer. De ruimte langs het water en tussen de woningen in Meerdijkhaven wordt natuurinclusief ingericht. Dit betekent dat de inrichting van de openbare ruimte ‘ecologisch functioneert’. Het gaat om 4 hectare oeverland (plasdras/ zeer ondiep water) langs het water en 18 hectare natuurlijke landvegetaties (zandige natuur met gradiënten van droog naar nat) in het duinlandschap van Meerdijkhaven.
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
30
Figuur 4-1: Impressie natuurontwikkeling in Meerdijkhaven.
4.3.5
Hoofdlijnen van de realisatie
De manier waarop Waterfront wordt aangelegd en de fasering van de werkzaamheden zijn nog niet precies bekend. Om in het MER toch een goede beoordeling van de milieueffecten van de aanlegwerkzaamheden te kunnen maken, is in deze paragraaf een mogelijke aanpak voor de realisatie van het voorlopig VKA beschreven. In de volgende paragrafen is aangegeven op welke onderdelen de uitvoering van het alternatief zonder landaanwinning en de varianten verschillen van de hier beschreven uitvoering. Deze beschrijving is gebaseerd op ervaring van onder andere de Marker Wadden, woningbouwprojecten en redelijke aannames van de gemeente. Ze is geen blauwdruk voor de daadwerkelijke uitvoering. De marktpartijen zullen te zijner tijd hun eigen uitvoeringsstrategie bepalen. In de figuur is de fasering van de mogelijke uitvoering weergegeven. De realisatie van Bataviakwartier staat in principe los van de ontwikkeling van Meerdijkhaven; maar het uitgangspunt voor het MER is dat de ontwikkelingen in Bataviakwartier gelijktijdig starten met de realisatie van Meerdijkhaven. Naar verwachting gaat de realisatie van het Waterfront ongeveer 15 jaar duren. Voor de effectbepaling in het jaar 2040 wordt uitgegaan van het eindbeeld van het plan. Voor 2030 wordt uitgegaan dat 30% van het programma is gerealiseerd.
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
31
Figuur 4-2: Fasering mogelijke uitvoering Waterfront voor het voorlopig VKA
Uit de figuur blijkt wel dat in de eerste jaren het meeste materieel bezig is, met name voor de aanleg van de landaanwinning. In het MER zijn dit de maatgevende jaren voor de effectbeoordelingen: • Jaar 1: Landaanwinning en bouwrijp maken • Jaar 2: 10% woningbouw in Meerdijkhaven (300 woningen) en 20% horeca en winkels in Bataviakwartier. Landaanwinning en nieuwe waterkering Het ontgraven van holoceen materiaal en zand van de meerbodem kan met hoge producties en relatief weinig uitstoot en vertroebeling onder andere met cutter- of winzuigers en een persleiding. Uitgangspunt voor het MER is dat gebruik wordt gemaakt van een cutterzuiger en persleiding (in dit geval een zinkerleiding over de meerbodem en over de bodem van de vaargeul). Een cutterzuiger verbruikt meer brandstof dan een winzuiger en is daarmee de worst case. Een cutterzuiger is een stationair baggerschip dat een draaiende snijkop gebruikt om het bodemmateriaal los te maken. Het materiaal wordt opgezogen door baggerpompen en via een persleiding naar de locatie van het nieuwe natuurgebied en de landaanwinning verpompt. Tijdens het baggeren zet een spudpaal tot in de meerbodem het cutterschip vast en manoeuvreert het schip door het aantrekken van de ankerkabels. Met een werkschip worden de ankers van de cutterzuiger in de zandwinput verplaatst.
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
32
Op de landaanwinning zorgen een graafmachine, bulldozer en shovel voor het verplaatsen van de persleiding, het maken van perskades waartussen het zand wordt gestort, het profileren van het zandlichaam en uitrijden van het water. De bulldozer en shovel profileren het zand van de nieuwe waterkering en het duinlandschap in de valleien en de toekomstige woonbuurten. Duwbakken en sleepboten zorgen voor de aanvoer van zand voor de aanleg van de zandkade langs het nieuwe natuurgebied en werkschepen zorgen voor het ontgraven en storten van stortstenen en het intrillen van de damwanden op de kop van Meerdijkhaven en Bataviakwartier. Woningbouw in Meerdijkhaven Uitgangspunt is dat het materiaal en materieel voor woningen, leisure en openbare ruimtes via de weg wordt aangevoerd. De hoofdontsluitingsroutes lopen via de Houtribweg en de Visarenddreef en Houtribdreef. Voor de woningbouw in Meerdijkhaven geldt dat meteen in jaar 1 wordt gestart met het bouwrijp maken van de woonbuurten 1,2,3 op het bestaande land van Meerdijkhaven. Het bouwrijp maken betekent dat het terrein met graafmachines en shovels wordt opgeschoond en de faciliteiten voor de bouw worden aangelegd. Uitgangspunt, redenerend vanuit de ‘worst case’ qua effecten, is dat voortvarend wordt gestart met de woningbouw en dat 10% van het programma in Meerdijkhaven in jaar 2 wordt gerealiseerd.
Dit komt neer op 300 woningen in dat jaar. In de jaren daarna ligt het bouwtempo lager. Naar verwachting wordt de laatste woning op het bestaande land van Meerdijkhaven na 10 jaar opgeleverd. Uitgangspunt is dat de nieuwbouw onderheid moet worden. Innovatieve en circulaire bouwmethoden zijn gewenst maar nog onvoldoende geborgd; daarom is uitgegaan van conventionele bouw. Tegelijk met de woningbouw wordt de landschappelijke inrichting en beplanting in de buurten en valleien gemaakt. Ook worden de wegen, paden, openbare ruimtes en voorzieningen aangelegd. Na aanleg moet de landaanwinning zetten totdat er een draagkrachtig land ontstaat. Dat wil zeggen dat het zandlichaam verdicht doordat water en lucht langzaam uit het zandlichaam worden gedrukt en dat de holocene deklaag onder het zandlichaam samendrukt. Natuurlijke zetting neemt enige tijd in beslag. Het zettingsproces kan in principe worden versneld door verticale drainage of overhoogte toe te passen, maar uitgangspunt is dat er geen hulpmiddelen worden toegepast om de zetting te versnellen en dat de zettingsperiode 5 jaar duurt. In deze periode kan er nog niet op de landaanwinning worden gebouwd. Op de landaanwinning is gedurende de zettingsperiode al wel natuurontwikkeling en recreatie mogelijk. Daartoe worden paden en beplanting aangelegd. De boulevard wordt gerealiseerd en de stranden worden ingericht.
Na de zettingsperiode van 5 jaar start de woningbouw op de landaanwinning van Meerdijkhaven. Naar verwachting duurt de woningbouw op de landaanwinning circa 10 jaar. Dat betekent dat de laatste woning circa 15 jaar na de start van de landaanwinning wordt opgeleverd. Ontwikkeling van het leisure programma in Bataviakwartier De ontwikkeling van het leisure programma in Bataviakwartier is niet zo goed te programmeren als woningbouw. Daarom is hier een beste inschatting gegeven vanuit de grondgedachte van de gemeente: “we pakken het voortvarend aan, vanwege het belang voor de stad”. Voor de gedeeltes op het bestaande land wordt meteen met het bouwrijp maken begonnen. Uitgangspunt is dat 20% van de horeca en winkels in jaar 2 wordt gerealiseerd. In de jaren daarna ligt het bouwtempo lager. Op het bestaande land worden de volgende leisure voorzieningen ontwikkeld: verdere ontwikkeling Batavia Stad, Batavialand, nieuwbouw van het waterparkhotel, extreme adventure park en indoor theater. Na een zettingsperiode van 5 jaar kan de bouw van de leisure voorzieningen op de landaanwinning van Bataviakwartier starten. De parkzones die al in de zettingsperiode waren aangelegd worden verder 22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
33
ingericht en de Boardwalk wordt gecompleteerd. Naar verwachting van de gemeente wordt het front van Bataviastad in een jaar na de zettingsperiode gerealiseerd en wordt het hotel met avondentertainment in jaar 10 opgeleverd na twee jaar bouwtijd.
4.4
Alternatief zonder landaanwinning
Naast het voorlopig VKA is een alternatief zonder landaanwinning onderzocht. Dit alternatief leidt tot een beperkter woon- en leisure programma waarmee het alternatief beperkt invulling geeft aan de beleidsambities van de gemeente. Onderstaande figuur geeft de stedenbouwkundige verbeelding van het alternatief zonder landaanwinning.
Figuur 4-3: Stedenbouwkundige verbeelding van alternatief zonder landaanwinning
Er vindt in dit alternatief geen landaanwinning plaats. De dijk wordt niet als onderdeel van het plan verstevigd, maar als autonome ontwikkeling door het waterschap. De versterkte dijk ter plaatse van Meerdijkhaven kan na de autonome dijkversterking te zijner tijd worden benut als kleinschalig strand. Vanwege het kleinere beschikbare landoppervlak is het functionele programma aanzienlijk kleiner, vooral in Meerdijkhaven. In Bijlage A1 staan de uitgangspunten voor de woningen, voorzieningen, parkeerplaatsen en nieuwe leisure functies van het alternatief zonder landaanwinning ten opzichte van de huidige situatie en het voorlopig VKA. Ook de natuurontwikkeling is aanzienlijk geringer: 5 hectare zandige natuur met gradiënten van droog naar nat in Meerdijkhaven. De ruimtelijke opzet van dit alternatief verschilt niet van het binnendijkse deel van het voorlopige VKA. De functies die in het voorlopig VKA binnendijks zijn voorzien, krijgen in dit alternatief op gelijke wijze een plek (inclusief de maximale bouwmogelijkheden). Ook de ontsluiting voor verkeer is gelijk aan het voorlopig VKA, maar met kleinere parkeervoorzieningen aangepast op het kleinere programma.
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
34
Het bouwtempo en de fasering zijn gelijk aan het voorlopig VKA, maar exclusief de landaanwinning. In het jaar 2030 zal in beide alternatieven min of meer hetzelfde zijn gerealiseerd. Voor het alternatief zonder landaanwinning betreft dit een hoger percentage van het eindbeeld dan het uitgangspunt van 30% in het voorlopig VKA.
4.5
Inrichtingsvariant zonder stadsstrand bij de Saerdam
In de inspraakreacties op de NRD geven de bewoners van Saerdam aan dat ze geen stadsstrand voor de deur willen. Daarom is een variant op het voorlopig VKA zonder stadsstrand bij Saerdam onderzocht. Onderstaande figuur geeft de stedenbouwkundige verbeelding van de inrichtingsvariant zonder strand bij Saerdam.
Figuur 4-4: Stedenbouwkundige verbeelding van inrichtingsvariant zonder strand bij de Saerdam
In deze variant is er minder strand en ondiep water en daardoor minder natuurontwikkelingspotentie in Meerdijkhaven. Ook wordt er geen voorland in de vorm van een strand voor Saerdam gerealiseerd. De uitvoering van deze variant is gelijk aan die van het voorlopig VKA, maar er is iets minder zand nodig dan in het voorlopig VKA en er komen geen dammen en plankiers voorlangs de Saerdam. Daardoor is de uitvoeringstijd iets korter dan in het voorlopig VKA.
4.6
Uitvoeringsvarianten voor de zandwinlocatie
4.6.1
Zandwinning uit eigen nieuwe zandwinput (voorlopig VKA)
Voor de zandwinning voor de landaanwinning zijn meerdere opties. In het voorlopig VKA wordt ervan uitgegaan dat het zand voor de landaanwinning afkomstig is van een nieuwe zandwinput op het Markermeer ten noorden van de vaargeul Amsterdam-Lemmer, op circa 2 km afstand van het plangebied. Op deze plek ligt de bodem van het Markermeer op ongeveer NAP – 4 m. De bovenste holocene deklaag bestaat voornamelijk uit klei en loopt tot circa NAP -10 m. Dan begint het pleistocene zandpakket dat kan worden gebruikt voor de landaanwinning. De holocene bovengrond van de zandwinput wordt gebruikt voor de ontwikkeling van 25 hectare nieuwe natuur ten noorden van de leidam in het kader van TBES. De bovenlaag moet met een cutterzuiger worden gewonnen en kan met een zinkerleiding naar de locatie worden verpompt en daar opgespoten. Het zand wordt vervolgens ook met de cutterzuiger gewonnen en met de zinkerleiding naar de landaanwinning verpompt en daar opgespoten.
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
35
4.6.2
Zandwinlocatie vaarweg Amsterdam-Lemmer
Een variant is de al vergunde zandwinlocatie in de vaargeul Amsterdam-Lemmer ter hoogte van het plangebied. Op deze locatie kan zandwinning op dezelfde manier als in het voorlopig VKA met een cutterzuiger of winzuiger plaatsvinden en met een zinkerleiding hydraulisch naar de landaanwinning worden getransporteerd. In deze variant komt er geen holoceen materiaal vrij en daarom is er in deze variant geen natuurontwikkeling langs de leidam. Omdat er geen holoceen materiaal uit de zandwinput wordt ontgraven en het natuurgebied niet wordt gemaakt is de realisatietijd korter en het grondverzet beperkter dan in het voorlopig VKA.
4.6.3
Zand van de markt
Een andere variant is zand dat met schepen wordt aangevoerd van elders en ter plekke vanaf de schepen gestort. Er zijn verschillende zandwinputten in het Markermeer en IJsselmeer waarvan gebruik kan worden gemaakt. In de buurt van het plangebied zijn twee zandwinputten in het Markermeer, op 8,4 km afstand van het plangebied en ten zuiden van de Marker Wadden op 6,8 km afstand. In deze variant is ander varend materieel nodig dan in het voorlopig VKA; zand wordt met zandschepen aangevoerd en ter plekke gelost met een bakkenzuiger of kraan. In deze variant komt geen holoceen materiaal vrij en daarom is er in deze variant geen natuurontwikkeling langs de leidam. Omdat er geen holoceen materiaal uit de zandwinput wordt ontgraven en het natuurgebied niet wordt gemaakt is de realisatietijd korter en het grondverzet beperkter dan in het voorlopig VKA.
4.7
Uitvoeringsvarianten voor de bodem onder de nieuwe dijk
4.7.1
Verlegde dijk op de Markermeerbodem (voorlopig VKA)
Langs de nieuwe waterlijn van Meerdijkhaven zal een nieuwe dijk worden gemaakt. In het voorlopig VKA wordt de nieuwe dijk direct op de Markermeerbodem aangelegd, net als de rest van de landaanwinning. Mogelijk is extra overhoogte nodig om de Holocene deklaag van de meerbodem voldoende te laten zetten, zodat een stabiel grondpakket onder de dijk ontstaat.
4.7.2
Verlegde dijk op grondverbetering
Het waterschap adviseert om de nieuwe dijk op een zandcunet aan te leggen omdat de rest van de dijken destijds ook zo zijn aangelegd (behalve bij de recentere dijkverlegging ter plaatse van Bataviahaven). Elders in het Markermeer (o.a. IJburg en Dijkversterking Markermeerdijken) gebeurt dat niet. Wanneer de nieuwe dijk op een zandcunet wordt aangelegd, moet een deel van de holocene deklaag op de meerbodem worden uitgegraven en worden opgevuld met zand. Dit gebeurt voordat de landaanwinning wordt opgebracht. Het extra uitgegraven holocene materiaal kan worden gebruikt bij de nieuwe natuur langs de leidam.
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
36
Figuur 4-5: Opbouw dijken Flevoland met klei- en zandkern en zandcunet
In deze variant is er meer grondverzet dan in het voorlopig VKA. De Holocene deklaag wordt met een cutterzuiger uitgegraven en met een persleiding naar het nieuwe natuurgebied verpompt. Het nieuwe natuurgebied langs de leidam wordt daardoor in potentie groter dan in het voorlopig VKA. Het ontgraven cunet wordt met extra zand uit de zandwinput opgevuld. Door de extra werkzaamheden is de uitvoeringsduur van de baggerwerkzaamheden langer dan in het voorlopig VKA.
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
37
5
Referentiesituatie en effecten van de eindsituatie
Dit hoofdstuk begint met een korte beschrijving van de referentiesituatie in en om het plangebied. De toetsing van de milieueffecten is uitgevoerd ten opzichte van de zogenaamde referentiesituatie. De referentiesituatie bestaat uit de huidige situatie en toekomstige ontwikkelingen die ook zullen plaatsvinden zonder Waterfront. Na de beschrijving van de referentiesituatie volgt de beoordeling van de milieueffecten in de eindsituatie. Er is voor gekozen om de conclusies van de effectbeoordeling in Deel A van dit MER te vermelden om snel tot de kern van de beslisinformatie te komen. De onderbouwing van de effecten is per thema uitgeschreven in Deel B.
5.1
Referentiesituatie
Bebouwing In Bataviakwartier staat diverse bebouwing van voornamelijk het Batavia Stad Fashion Outlet, Batavialand en Bataviahaven. Langs de havenkom staan enkele woongebouwen met voornamelijk appartementen. Deze woongebouwen vallen buiten het plangebied omdat hier geen aanleiding is de bestemming aan te passen. Direct ten zuiden van het Bataviakwartier ligt een woonwijk (Saerdam/Vliegent Hert) aan de Oostvaardersdijk en het Markermeer, deze woonwijk grenst direct aan het plangebied. Het deelgebied Meerdijkhaven is ooit opgespoten als zanddepot tijdens de aanleg van de dijk en is geleidelijk aan begroeid met duindoornstruiken en grasvlaktes. Ten zuiden hiervan staan twee gebouwen die toebehoren aan de loswal en grenzen aan de bebouwing van het voormalige werkeiland dat buiten het plangebied valt. De delen van het plangebied op het gezoneerde bedrijventerrein Noordersluis liggen momenteel braak of zijn bebost. Weg-, lucht- en vaarverkeer De Houtribdreef en Visarenddreef verbinden het plangebied met de stad en het achterland. De Markerwaarddijk met de Houtribweg (N307) is een transportroute voor gevaarlijke stoffen. Er rijden drie buslijnen naar het plangebied. Het plangebied sluit aan op het fiets- en wandelnetwerk van Lelystad. Het plangebied ligt in de vrijwaringszone van Lelystad Airport, waarvoor een maximale bouwhoogte geldt.
Op de hoofdvaarweg Amsterdam-Lemmer vindt transport van gevaarlijke stoffen plaats en in de vrijwaringszone van de vaarweg is geen nieuwe bebouwing toegestaan. Vanuit Bataviahaven varen pleziervaart- en cruiseschepen, bunkerschepen van OK Marine, de Koninklijke Nederlandse Reddingsmaatschappij (KNRM) en de veerverbinding naar de Marker Wadden. Bedrijvigheid In en ten zuiden van het plangebied ligt het Steunpunt van Rijkswaterstaat, de aangrenzende loskade en het bedrijventerrein Noordersluis met onder andere de afvalwaterzuivering Lelystad-Haven. Voor het bedrijventerrein Noordersluis geldt een geluidzone. Ten zuidoosten van het plangebied ligt de Beviinrichting Valspar B.V. Hier vindt opslag van gevaarlijke stoffen plaats. Water Het plangebied ligt aan het Markermeer. De chemische en ecologische waterkwaliteit van het Markermeer is matig. Belangrijke knelpunten voor de waterkwaliteit van het Markermeer zijn de geringe productiviteit en het gebrek aan natuurlijke land-waterovergangen. Vanuit het Markermeer stroomt grondwater naar het 22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
38
lagergelegen stedelijke watersysteem en het polderland. Ook in het stedelijk watersysteem zijn maatregelen nodig om de gestelde doelen voor waterkwaliteit te halen. De kust wordt afgeschermd door leidammen en de primaire waterkering Oostvaardersdijk. De dijk bestaat heeft een klassieke dijkbekleding van breuksteen en zetsteen en gras. Bodem De bovenste laag van de bodem van het Markermeer bestaat uit kleiig holoceen materiaal. Op een diepte van 6 tot 8 m onder de meerbodem begint het pleistocene zand. Ter plaatse van het tankstation en de opslag van materialen in het Bataviakwartier, bij het maritiem bedrijf HEBO, het steunpunt van Rijkswaterstaat, en het gemaal Wortman kunnen mogelijk bodemverontreinigingen voorkomen. Natuur Sinds de inpoldering zijn rondom de stad bossen aangeplant die zijn uitgegroeid tot volwaardige bosgebieden met hoge natuur- en recreatieve waarden. Het plangebied grenst aan de zuidzijde aan het Nationaal Park Nieuw Land. Het Nationaal Park Nieuw Land omvat de Oostvaardersplassen, de Marker Wadden, de Lepelaarplassen, het Trintelzand aan de Houtribdijk en een groot deel van het Markermeer. Het plangebied ligt deels in het Natura 2000-gebied het Markermeer & IJmeer en op korte afstand van de Natura 2000-gebieden IJsselmeer (noorden) en Oostvaarderplassen (zuiden). Het plangebied is ook onderdeel van het Natuurnetwerk Nederland (NNN) grote wateren.
In de buurt liggen de provinciale NNNgebieden Oostvaarderplassen en het Zuigerplasbos. In en nabij het gebied komen beschermde soorten vleermuizen, zoogdieren, (broed)vogels, reptielen, amfibieën, ongewervelden en vaatplanten voor.
Figuur 5-1: Natura 2000 rondom het plangebied
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
Figuur 5-2: Natuurnetwerk Nederland (NNN) (in het groen). Het NNN grote wateren (Markermeer) is hierop niet aangegeven.
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
39
Landschap, cultuurhistorie en archeologie Veel bouwkundige objecten en landschappelijke structuren in Lelystad verwijzen naar de inpolderings- en ontginningsfase en zijn nog steeds in het landschap zichtbaar. Belangrijke ruimtelijke kwaliteitsdragers zijn het voormalige werkeiland van de inpoldering, de Oostvaardersdijk en het gemaal Wortman, de Cellnextoren en de Cantine. In de diepere ondergrond liggen mogelijk nog archeologische waarden. Buiten de vaargeul kunnen nog scheepswrakken worden aangetroffen. Autonome ontwikkelingen In het MER zijn de volgende autonome ontwikkelingen meegenomen: dijkversterkingen in het kader van het Hoogwaterbeschermingsprogramma, ontwikkeling van nog niet ontwikkelde kavels op bedrijventerrein Noordersluis en rond Bataviahaven, Warande, gebiedsontwikkeling Lelystad centrum (VCP, Hanzepark, rechtbank en Getronics), rondweg zuid (Laan van Nieuwland) inclusief aansluiting op A6, verbreding A6, generieke autonome groei en groei bezoekersaantal Nationaal Park Nieuw Land. Er wordt onderzoek gedaan naar een mogelijke aanleg van een 380 kV verbinding tussen Diemen en Ens. Dit is relevant voor de uitvoering maar niet als autonome ontwikkeling onderzocht in dit MER omdat het nog niet concreet genoeg is.
5.2
Methodiek van de effectbeoordeling
In het MER is onderzocht welke milieueffecten er in de eindsituatie optreden en of het gaat om positieve of negatieve effecten. Voor de beoordeling van de effecten is gewerkt met maatlatten. Daarbij is een vijfpuntsschaal gehanteerd, waarbij de beoordeling van effecten kan variëren tussen een sterk negatief effect (- -) en een sterk positief (++) effect. Tabel 5-1: Gehanteerde vijfpuntschaal voor de beoordeling van de milieueffecten Score
Betekenis
++
Sterk positief effect ten opzichte van de referentiesituatie, groot van omvang of in een kritisch gebied
+
Licht positief effect, relatief beperkt, tijdelijk of lokaal
0
Neutraal, geen effect ten opzichte van de referentiesituatie
-
Licht negatief effect, relatief beperkt, tijdelijk of lokaal
--
Sterk negatief effect, groot effect of in een kritische periode of gebied
Voor het beschrijven van de effecten is de volgende werkwijze gehanteerd: • De effecten zijn getoetst aan wet- en regelgeving, of, als er voor een thema geen specifieke regels van toepassing zijn, op basis van een deskundigen oordeel. • Bij de beschrijving van de effecten is, daar waar dit aan de orde is, onderscheid gemaakt tussen tijdelijk optredende effecten en permanente effecten. • Er is gekeken of er bij de thema’s ’en risico op cumulatie van effecten speelt met andere ontwikkelingen die tegelijkertijd plaatsvinden. Er wordt geen cumulatie verwacht met de autonome ontwikkelingen in de omgeving. • De effectbeschrijving vindt plaats op basis van bestaande en beschikbare gegevens. • Daar waar sprake is van onzekerheden met betrekking tot de te verwachten effecten is een conservatieve benadering toegepast en zijn de leemten in kennis en informatie aangegeven.
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
40
5.3
Samenvattende tabel milieueffecten eindsituatie
De effectbeoordeling van de eindsituatie is samengevat in Tabel 5-2. In de tabel staan een groot aantal milieuthema’s ’et criteria. Per criterium zijn de effecten met plussen en minnen weergegeven volgens de vijfpuntschaal van Tabel 5-1. In de eindsituatie zijn er sterk positieve, positieve, neutrale, licht negatieve en sterk negatieve effecten. Voor de criteria die gescoord zijn als negatief effect zijn mitigerende of compenserende maatregelen voorgesteld om deze effecten te verminderen (in de tabel weergegeven in de kolommen “Na m/c”). Voor enkele criteria zijn ook nog optimaliserende maatregelen bedacht om de effecten nog positiever te laten uitpakken. Uiteindelijk laten de resultaten geen showstoppers zien. In dit hoofdstuk zijn de effecten van de alternatieven en varianten die in de tabel zijn aangegeven kort beschreven. In Deel B staat een uitgebreide onderbouwing van de effectbeoordeling per criterium. Voor stemgeluid is onvoldoende specifieke informatie beschikbaar om dit op effecten te beoordelen. Het is mogelijk dat in de eindsituatie stemgeluid van bijvoorbeeld bezoekers van het strand leidt tot hinder op omwonenden. Dit is een aandachtspunt voor het vervolg.
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
41
Tabel 5-2. Beoordelingstabel milieueffecten eindsituatie (na m/c betekent inclusief mitigerende en/of compenserende maatregelen, n.v.t. betekent dat de variant niet van toepassing is op het criterium)
Thema
Geluid Luchtkwalit eit Externe veiligheid
Bedrijven en milieuzoneri ng
Bodem
Waterkwalit eit (KRW)
22 november 2023
Variant grondverbete ring
Variant zand uit de vaarge ul
Variant zand van de markt
Alternatief zonder landaanwinn ing
Na m/ c
N a m/ c
Na m/c
N a m/ c
N a m/ c
Na m/c
Criterium
Bereikbaarheid per auto
Verkeer
Voorlop ig VKA
Variant zonder strand Saerda m
-
0
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
-
0
Bereikbaarheid per openbaar vervoer
+
Bereikbaarheid langzaam verkeer
+
Verkeersveiligheid
+
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
+
Parkeren
0
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
0
Verkeersleefbaarhei d
0
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
+ +
0
Wegverkeerslawaai
-
0/-
-
0/-
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
0/-
0/-
Industrielawaai
-
0
-
0
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
-
0
0
0
0
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
0
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Verandering concentratie luchtkwaliteit Plaatsgebonden risico (PR)
0
--
Groepsrisico (GR)
0
0 0
--
0
Hinder en beperkingen voor bestaande bedrijvigheid
-
0
n.v.t.
Feitelijke bedrijvigheid
-
0
n.v.t.
0
0 0
-
0
-
0
Land- en waterbodemkwaliteit
0
0
0
0
0
0
Grondwaterkwaliteit
0
0
0
0
0
0
Chemische oppervlaktewaterkw aliteit
0
0
0
0
0
0
Ecologische waterkwaliteit
+
+
+
0
0
0
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
42
Waterkwant iteit
Waterveilig heid en morfologie
Nautische veiligheid
Natuur
Landschap, cultuurhisto rie, archeologie
Waterbergend vermogen
0
0
Functioneren binnendijks watersysteem
0
0
Grondwaterhuishou ding
0
0
Duurzaamh eid
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
--
-
-
-
-
-
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Ruimte voor de vaarweg
--
0
--
0
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Vaarverkeerssituati e
-
-
Interactie met het Waterfront
-
-
-
-
Natura 2000
--
-
--
-
Natuurnetwerk Nederland Beschermde soorten
+ 0/ +
--
+ +
0/ +
+
+
0/+
+
0
0
0
0
--
0 -
-
0
--
-
--
-
--
-
-
0
-
0
-
0
0/ +
+
0/ +
+
0
Biodiversiteit
++
++
++
+
+
+
Landschapstype en -structuur, (aardkundige) gebieden en patronen
++
+
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
+
Groenstructuren
++
+
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
+
Historischgeografische patronen, structuren en ensembles
+0
0
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
0
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
0
-
-
0
0/-
0
Gezondheidsbesch erming (lucht)
0
0
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
0
Gezondheidsbevord ering
++
+
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
0
Energie
0
0
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
0
Klimaat
++
++
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
+
Circulariteit
0
0
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
0
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Lichthinder 22 november 2023
n.v.t.
Beheerbaarheid
Gezondheidsbesch erming (geluid) Gezondhei d
n.v.t.
-
0
MER WATERFRONT LELYSTAD
-
0
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
-
0 43
Hinder gebouwde omgeving
5.4
Schaduwwerking
0
0
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
0
Windhinder
0
0
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
0
Milieueffecten voorlopig voorkeursalternatief
In deze paragraaf zijn de milieueffecten in de eindsituatie van het voorlopig VKA kort toegelicht. Eerst zijn de positieve effecten benoemd, daarna de negatieve en neutrale effecten. In het geval van negatieve effecten zijn er mitigerende maatregelen genoemd, deze zijn verder uitgewerkt in hoofdstuk 7 van dit MER. Sterk positieve effecten Voor het voorlopig VKA worden voor meerdere criteria sterk positieve effecten voorzien in de eindsituatie, namelijk voor de volgende criteria: • Natuur - Biodiversiteit: in Meerdijkhaven is er veel ruimte voor natuur zowel bij de natuurontwikkeling als tussen de woonbuurten (natuurinclusieve woningen). Hier zullen verschillende planten en diersoorten van profiteren. Het groen bij de woonbuurten is toegankelijk voor mensen en kan leiden tot lokale verstoring van biodiversiteit, hier zullen eisen gesteld moeten worden aan toegankelijkheid. Toch leidt de ontwikkeling tot een grote toename aan groene ruimte en natuurontwikkeling ten opzichte van de referentiesituatie. • Landschap, cultuurhistorie en archeologie - Landschapstype en -structuur, (aardkundige) gebieden en patronen: verspreid over het plangebied wordt het landschap versterkt, zowel met de natuur als tussen de stad en het water, door natuurontwikkeling en het duinlandschap. De boulevard die door het plangebied loopt wordt ingericht als een parkachtige zone.
De ontwikkeling leidt ten opzichte van de referentiesituatie tot een versterking van het landschap. • Landschap, cultuurhistorie en archeologie - Groenstructuren: verspreid over het gebied worden groene gebieden aangelegd die met elkaar in verbinding staan. De groenstructuren worden met het plan versterkt ten opzichte van de referentiesituatie. • Gezondheid - Gezondheidsbevordering: er wordt veel aandacht besteed aan wonen in een natuurlijke groene omgeving en veel sport- en spelmogelijkheden. Het gebied wordt zoveel mogelijk autoluw en wordt voorzien van veel wandel- en fietsmogelijkheden. Er is ruimte om de openbare ruimte zo in te delen dat het sociale aspect kan worden versterkt. Bestaande bewoners kunnen hier mogelijk hinder van ondervinden, bijv. in uitzicht. Door goede communicatie met bewoners en het toegankelijk maken van de sport- en spelvoorzieningen voor iedereen kan dit positieve effect versterkt worden. • Duurzaamheid - Klimaat: het plan voorziet in veel groen en water. Bestaande verharding in het Bataviakwartier wordt opengebroken en gedeeltelijk vervangen door groen. In Meerdijkhaven worden woonbuurten gemaakt met veel groen en ruimte voor water. Het gebied zal hierdoor klimaatbestendiger worden met het oog op hittestress, droogte en wateroverlast.
Licht positieve effecten Licht positieve effecten zijn er voor de volgende criteria: • Verkeer - Bereikbaarheid per openbaar vervoer: in en nabij het plangebied worden twee extra bushaltes aangelegd, hierdoor wordt het gebied beter bereikbaar met het openbaar vervoer. • Verkeer - Bereikbaarheid voor langzaam verkeer: binnen het plangebied wordt een route voor langzaam verkeer (fietsen en wandelen) ontwikkeld die op verschillende locaties aansluit op het bestaande wandel- en fietsnetwerk. 22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
44
•
•
•
•
Verkeer - Verkeersveiligheid: in het plangebied wordt een structuur voor langzaam verkeer aangelegd dat gescheiden is van gemotoriseerd verkeer. Ook wordt de Oostvaardersdijk autovrij gemaakt ter hoogte van Bataviastad. Waterkwaliteit - Ecologische oppervlaktewaterkwaliteit: tijdens de realisatie kan er sprake zijn van verstoring van biologische kwaliteitselementen door de werkzaamheden. De negatieve effecten uit de realisatiefase zullen door de tijd heen verdwijnen. Door natuurontwikkelingen (geleidelijke landwaterovergangen) kunnen vestigingsmogelijkheden ontstaan voor oever- en waterplanten wat de paai- en opgroeimogelijkheden voor vissen kan bevorderen. Natuur - Natuurnetwerk Nederland (NNN): de natuurontwikkeling in het plangebied vormt een belangrijke natuurschakel tussen de Lepelaarplassen, Oostvaarderplassen en de Marker Wadden. Dit zorgt voor samenhang binnen het NNN. Natuur - Beschermde soorten: er is sprake van zowel vernietiging van leefgebied van beschermde soorten als ontwikkeling van nieuw leefgebied. De natuurontwikkeling zorgt voor een verbinding met natuurgebieden in de buurt, hierdoor kan de vlieg/migratieroute en het foerageergebied vergroot worden. Daar tegenover staat dat er recreatie bij komt in het gebied wat voor verschillende type verstoringen kan leiden. Overall is er sprake van een licht positief effect.
Voor een onderbouwing per soort wordt verwezen naar deel B van dit MER.
Sterk negatieve effecten Voor het voorlopig VKA zijn voor meerdere criteria sterk negatieve effecten voorzien in de eindsituatie. Een sterk negatief effect wil zeggen dat het effect groot is of in een kritisch gebied kan optreden. Het gaat om de volgende criteria: • Externe Veiligheid - Plaatsgebonden risico: als gevolg van de landaanwinning ter hoogte van het Bataviakwartier komt de nieuwe landsgrens over de bestaande begrenzingslijn van de hoofdvaarweg Amsterdam-Lemmer te liggen. De PR 10-6 contour komt daarmee over het plangebied te liggen. In de worst-case maakt het plan kwetsbare objecten mogelijk binnen deze contour. Als mitigerende maatregel kan bebouwing binnen de PR 10-6 contour worden uitgesloten, daarmee zou de beoordeling veranderen in ‘geen effect’. • Nautische veiligheid - Ruimte voor de vaarweg: de eerder benoemde overlap tussen het plangebied en de hoofdvaarweg Amsterdam-Lemmer heeft ook gevolgen voor dit criteria. De ontwikkelingen vinden gedeeltelijk plaats in de vrijwaringszone van de vaarweg. Het Barro stelt restricties aan ontwikkelingen in de vrijwaringszone. De hoofdvaarweg kan door de beperkte ruimte niet verlegd worden, wel kunnen er als mitigerende maatregel afspraken gemaakt worden over het gebruik en het beheer van de vrijwaringszone, bijv. afspraken over het beperken van bebouwing in het gebied.
Daarnaast vormt Meerdijkhaven een beperking voor de vaarweg tussen de Noordersluis en het Oostvaardersdiep. De vaarweg tussen de Noordersluis en het Oostvaardersdiep zal wel verlegd moeten worden volgens de eisen voor een CEMT-II vaarweg. De nieuwe situatie zal naar verwachting minder gunstig zijn dan in de huidige situatie doordat er minder ruimte is. Met mitigerende maatregelen zou de beoordeling veranderen in ‘geen effect’. • Natuur - Natura 2000: in de eindsituatie zijn er mogelijk negatieve effecten door lichtverstoring en menselijke activiteiten. Verstoring kan worden voorkomen door het treffen van mitigerende maatregelen. Er zijn positieve effecten te verwachten door de natuurontwikkeling op het Toekomstbestendig Ecologisch Systeem (TBES). Licht negatieve effecten Naast sterk negatieve effecten zijn er voor een aantal criteria licht negatieve effecten te verwachten in de eindsituatie. Dit zijn effecten die relatief beperkt of lokaal zijn. Het gaat om de volgende criteria: • Verkeer- Bereikbaarheid per auto: door nieuwe woningen in het gebied neemt de druk op het wegennet toe, er ontstaat druk op de ontsluitingsweg naar de A6 en het centrum via de Houtribweg en 22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
45
•
•
•
•
•
•
de Visarenddreef. Op vier kruispunten neemt de druk zo ver toe dat er sprake is van overbelasting en dat er zonder extra maatregelen congestie en files ontstaan. Er kunnen maatregelen genomen worden om congestie en files te voorkomen. Het gaat dan om het veranderen van een voorrangskruispunt in een (turbo)rotonde (bij kruispunt Houtribweg-Visarenddreef) en bij bestaande rotondes gaat het om het realiseren van vrije afslaande bewegingen. Tenslotte kunnen bestaande rotondes ook opgewaardeerd worden van een enkelstrooksrotonde naar een turborotonde. Geluid - Wegverkeerslawaai: als gevolg van extra verkeer neemt geluidhinder door verkeer toe. Voor het voorlopig VKA gaat het om een toename van 20% bij bestaande bouw. De voorkeurswaarde voor nieuwe geluidgevoelige bestemmingen wordt overschreden. Voor de bestaande bebouwing kunnen bronmaatregelen genomen worden, bijvoorbeeld geluidreducerend asfalt en verkeersmaatregelen (snelheidsverlaging, vrachtwagenverbod, omleidingsroutes). Voor de nieuwbouw kan een combinatie van stedenbouwkundige oplossingen, bron- en overdrachtsmaatregelen (geluidsschermen/-wallen) geluidhinder verminderen. Het is onduidelijk of het dusdanig afneemt dat er geen effecten optreden. Geluid - Industrielawaai: Meerdijkhaven ligt gedeeltelijk binnen de geluidzone van het bedrijventerrein Noordersluis.
Dit kan leiden tot geluid boven de voorkeurswaarde voor industrielawaai. Door de woningen iets op te schuiven verdwijnt het effect. Als alternatief kan er onderzoek worden gedaan naar het verkleinen van de geluidzone zodat de woningen buiten de geluidzone komen te liggen. In beide gevallen kan de beoordeling wijzigen in ‘geen effect’. Bedrijven- en milieuzonering – Hinder van en beperkingen voor bestaande bedrijvigheid: de kade ter hoogte van het werkeiland ten zuiden van het plangebied wordt gebruikt voor laden, lossen en opslag. Dit gebruik is slechts in een klein zuidelijk deel van de kade planologisch toegestaan. De mogelijke (geluid)hinder van deze activiteiten op de bestaande en de toekomstige woonbebouwing van het Waterfront is onbekend. Uitgaande van een worst-case beoordeling wordt het effect negatief ingeschat. Als maatregel kan en wil de gemeente de kade-activiteiten beperken tot opslag ten dienste van de aangrenzende bestemming bedrijventerrein, op de daarvoor bestemde gronden. Hiermee wordt hinder voorkomen ter plaatse van de nieuwbouw. Dit betekent een beperking van de bedrijfsactiviteiten ter plaatse tot aan wat planologisch is toegelaten.
Bedrijven- en milieuzonering - Knelpunten met feitelijke bedrijvigheid voor relevante bedrijven: de woningen in Meerdijkhaven liggen op voldoende afstand van bedrijventerrein Noordersluis met het oog op de maximale planologische mogelijkheden. Wel ligt de geluidcontour van dit bedrijventerrein gedeeltelijk over Meerdijkhaven. Dit aspect is gericht op industrielawaai, de beoordeling is in lijn met wat er benoemd is onder het criterium industrielawaai. Waterveiligheid en morfologie - Beheerbaarheid: het strand dat aangelegd wordt zal onderdeel worden van de primaire kering. Dit wordt gezien als een voorland waardoor golven eerder gebroken worden voor deze de primaire kering bereiken. Het strand leidt onder het weer, stroming en golven en zal door de jaren heen langzaam wegeroderen. Het strand vraagt meer onderhoud dan de huidige kering. Voor het onderhoud zal er eens in de 10 jaar zand bijgestort moeten worden. Door een extra onderhoudsbuffer aan te leggen kan het onderhoud uitgesteld worden, dit is een compenserende maatregel. Het effect zal blijven bestaan ondanks deze maatregel. Nautische veiligheid - Vaarverkeerssituatie: de ontwikkeling van het Waterfront zorgt voor nieuwe gebruikers op het water waarbij nachtelijk vaarverkeer niet is uitgesloten, zoals vaarverkeer vanuit het hotel met passantenligplaatsen.
Dit kan voor gevaarlijke situaties zorgen met het continue beroepsvaarverkeer dat in hetzelfde water vaart. De nieuwe cruisehaven aan de buitenkant van de bestaande haven ligt dicht op de hoofdvaarweg Amsterdam-Lemmer waardoor cruiseschepen mogelijk moeten manoeuvreren in de hoofdvaarweg. Als mitigerende maatregel kunnen er eisen gesteld worden aan de pleziervaart dat in het gebied vaart, de pleziervaart van het hotel vervangen door en shuttle-dienst. De genoemde maatregelen zorgen er niet voor dat de negatieve effecten volledig verdwijnen (er zal altijd kruisend vaarverkeer blijven) maar wel verminderen.
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
46
•
•
•
Nautische veiligheid - Interactie met het Waterfront: langs het Waterfront zijn er verschillende mogelijkheden voor waterrecreatie. Dit kan op sommige locaties interactie vormen met het vaarverkeer in het gebied wat voor gevaarlijke situaties kan zorgen, bijvoorbeeld zwemmers in combinatie met boten met mogelijke zuigkracht (grotere schepen). Bij het Bataviakwartier zijn zogenaamde inkassingen voorzien waar mensen mogelijk gaan zwemmen, dit zorgt voor zeer gevaarlijke situaties met de hoofdvaarweg die daarnaast ligt. Om dit te mitigeren kunnen activiteiten op het water beperkt worden. Verder kan met een boeienlijn een zwemgebied gescheiden worden van vaarverkeer. Door steigers en zwemvlonders te plaatsen (o.a. bij Meerdijkhaven) kan recreatie beperkt worden tot deze locaties. Met deze maatregelen zal het gevaar niet helemaal verdwijnen maar wel beperkt worden. Gezondheid - Gezondheidsbescherming (geluid): door een toename van verkeer kan er slaapverstoring optreden bij bewoners in het gebied. Voor het voorlopig VKA is er sprake van een toename van het risico op slaapverstoring ten opzichte van de referentiesituatie. Bron- en overdrachtsmaatregelen (zie criterium wegverkeerslawaai) zullen genomen moeten worden om de slaapverstoring in het gebied te verminderen.
Hinder van de gebouwde omgeving - lichthinder: door een toename van verkeer en nieuwe woningen is er een kans op toename van lichthinder op bestaande woningen en de nieuwe woningen in Meerdijkhaven. Er kunnen mitigerende maatregelen genomen worden om de lichtuitstraling te verminderen, zoals afschermkappen op openbare verlichting, verlichting die aangaat bij aanwezigheid, aarden wal of obstakel tussen woningen en de weg, en het slim plaatsen van verkeersdrempels zodat verkeerslichten niet in woningen schijnen. Door deze maatregelen te nemen kan de kans op lichthinder geminimaliseerd worden.
Neutrale effecten De volgende criteria zijn wel onderzocht voor de eindsituatie, maar laten geen positieve of negatieve effecten zien, het gaat om de volgende criteria: • Verkeer – Parkeren: de ontwikkeling van het Waterfront leidt tot een toename aan bezoekers, bij het Bataviakwartier worden 1200 extra parkeerplaatsen aangelegd. Voor nieuwe woningen wordt de norm van 1 parkeerplaats per woning binnen 100 meter aangehouden. • Verkeer – Verkeersleefbaarheid: het extra verkeer dat ontstaat door de ontwikkeling van het Waterfront wordt afgewikkeld via de hoofdontsluitingswegen, het plangebied is uitsluitend voor langzaam verkeer. Er ontstaat geen druk op de verkeersleefbaarheid in het gebied. • Luchtkwaliteit – Verandering concentratie luchtkwaliteit: voor luchtkwaliteit is er gekeken naar het effect op de jaargemiddelde concentratie van stikstofdioxide (NO2) en fijnstof (PM10 en PM2.5). Voor het voorlopig voorkeursalternatief is er sprake van een geringe toename voor stikstofdioxide. Deze toename blijft binnen de gestelde grenswaarden. • Externe veiligheid – Groepsrisico: in of nabij het plangebied liggen risicobronnen met een groepsrisico. De ontwikkeling zorgt niet voor dat het groepsrisico met meer dan 10% toeneemt of boven de 1 maal de oriëntatiewaarde komt te liggen.
Het ‘verdwijnen’ van de risicobronnen in de wijk Noordersluis zorgt voor meer afstand tussen (mogelijk te realiseren) risicobronnen en (beperkt) kwetsbare objecten. • Externe veiligheid – Vrijwaringszone luchtvaart: de hoogte van de nieuwe woontorens komt niet boven de 146,3 meter uit, waar de vrijwaringszone van de luchtvaart voor Lelystad Airport begint. • Bodem - Land- en waterbodemkwaliteit: in de eindsituatie voldoet de land- en waterbodem aan het gewenste gebruik en de functie van het gebied. Er is geen sprake van (rest)verontreinigingen in de (water)bodem ter hoogte van de ontwikkelingen
22 november 2023
MER WATERFRONT LELYSTAD
BJ1923-RHD-XX-XX-RP-X-0001
47
•
•
•
•
•
•
•
• •
• •
•
Waterkwaliteit – Grondwaterkwaliteit – de aanleg van een zandwinput voor de landaanwinning zal tijdelijk zorgen voor kweldruk in de polder. Doordat de zandwinput na verloop van tijd afgedicht wordt door sedimentatie verdwijnt dit effect. Waterkwaliteit - Chemische oppervlaktewaterkwaliteit – door het wegbaggeren van de holocene deklaag kan er kwel ontstaan (opkomend grondwater). Het grondwater is niet verontreinigd met prioritaire stoffen, waardoor er geen sprake is van verbetering of verslechtering van de kwaliteit van het oppervlaktewater. Waterkwantiteit - Waterbergend vermogen: door de ontwikkeling van het Waterfront gaat er 38 hectare (32 hectare landaanwinning en 6 hectare overstroombare natuur) van het oppervlak van het Markermeer af (totaaloppervlak van 70.000 hectare), het gaat om 0,05% afname van het waterbergend vermogen. Ten opzichte van het hele IJsselmeergebied (200.000 hectare) gaat het om 0,02% afname van het waterbergend vermogen. Waterkwantiteit - Functioneren binnendijks watersysteem: het totale verharde oppervlak neemt in het plangebied toe als gevolg van de ontwikkelingen. De inrichting van het plangebied, met veel groen, zorgt niet voor een versnelde afvoer van het hemelwater op het binnendijks watersysteem.