24.239 INFO Ombuigingsopgave en integrale weging programmabegroting 2025 - 2028
Tekst van het document
Voor alle overige zaken zal, in het tijdsbestek van de programmering (4 jaar), dekking op een andere wijze geregeld moeten worden. Voorbeelden hiervan zijn het gebiedsplan Lelystad Oost en het Stationsgebied West.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Kabels en Leidingen 2. Verkeer, vervoer en waterstaat 2.1 Verkeer en vervoer
32 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 -100 -100 150 150 50 50
2028 -100 150 50
Voor het leggen van kabels en leidingen in Lelystad is in 2017 een (AVOI) Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren Lelystad vastgesteld. Op basis hiervan worden legeskosten in rekening gebracht bij nutsbedrijven. Na het vaststellen van de tarieven in 2017 zijn deze jaarlijks geïndexeerd, maar wijken inmiddels behoorlijk af van omliggende gemeentes. Met de te verwachten ingrepen in de ondergrondse infrastructuur, als gevolg van de energietransitie, in de komende jaren, zou het goed zijn zowel de verordening als de tarieven te actualiseren. We zien nu al een toename in het aantal aanvragen waardoor meer capaciteit nodig is om alle aanvragen af te handelen en toezicht te houden op de correcte uitvoering, conform de vergunning. Daarom heeft dit voorstel een effect op zowel de baten als de lasten. Er kan gekeken worden of er mogelijke subsidieregelingen zijn die kosten voor inzet met betrekking tot de energietransitie kunnen reduceren.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Kwaliteit openbare ruimte 2. Verkeer, vervoer en waterstaat 2.1 Verkeer en vervoer
33 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 75 75 75 75
2028 75 75
De gemeente Lelystad kent voor verschillende deelgebieden verschillende kwaliteitsniveaus. Deze zijn door de raad, als onderdeel van de ICL-evaluatie, op 28 april 2020 vastgesteld. Op hoofdlijnen is het kwaliteitsniveau vastgesteld op C-niveau met uitzondering voor het Centrum (A) en Subcentrums (B). Er bestaat ook een beeldkwaliteit D, maar dit kwaliteitsniveau is alleen bedoeld om in metingen te kunnen bepalen dat niveau C niet gehaald wordt. Lager dan C is als kwaliteitskader dus niet mogelijk. Er zit nog enig bezuinigingspotentieel in het beheer en onderhoud van de openbare ruimte op die locaties waar het kwaliteitsniveau hoger is vastgesteld dan C (Centrum; A en Subcentrums; B). Deze gebieden onderscheiden zich van de rest, ze zijn klein en het aantal bezoekers is er groot. Dit geldt ook voor de impact die het zal hebben als daar de kwaliteit over de volle breedte naar beneden wordt bijgesteld, terwijl het bezuinigingspotentieel er, door de beperkte omvang, relatief laag is. Bij het verlagen van de kwaliteitsniveaus in de A en B locaties zal er ook sprake moeten zijn van herinrichting van het groen. De huidige inrichting (rozen en vaste planten) zal deels vervangen moeten worden door soorten die beter aansluiten bij de nieuwe kwaliteitskaders. Dit vraagt om een extra investering.
Met een gedeeltelijke bijstelling, op alleen verhardingen, door A locaties te verlagen naar B en B locaties te verlagen naar C kan een resultaat behaald worden van €175.000. Het effect van dit besluit is dat de eerste GO maatregel 5 jaar later plaatsvind en verhardingen er in die periode minder vlak en netjes bijliggen. Er is, omdat we binnen de bestaande kwaliteitsambities handelen, geen risico op wettelijke aansprakelijkheid. De grootste bezuiniging die op beheer en onderhoud behaald kan worden is door bij het realiseren van ambities ook goed na te denken over het beheer en onderhoud en de daarbij behorende structurele kosten. Als het er eenmaal ligt zal het ook duurzaam in stand gehouden moeten worden. Dan is bezuinigen op beheer, zonder structuuringrepen, bijna niet mogelijk. Voorgesteld wordt om bij iedere ambitie die wordt voorgesteld meer aandacht te besteden aan de financiële paragraaf en daarin, naast de incidentele middelen, ook de structurele kosten die er aan verbonden zijn in beeld te brengen en te betrekken in de afweging.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Onderhoud regionale fietsverbindingen 2. Verkeer, vervoer en waterstaat 2.1 Verkeer en vervoer
34 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 10 10 10 10
2028 10 10
In de Wet Herverdeling Wegen is aan de hand van verkeersplanologische criteria vastgesteld welke wegen in beheer dienen te zijn bij het Rijk, bij de provincies en bij de gemeenten. Uitgangspunt bij de toenmalige herverdeling was dat het Rijk verantwoordelijk is voor wegen die verbindingen vormen van nationaal belang. Hiertoe werd het Rijkswegenplan 1984 nagenoeg ongewijzigd overgenomen. Vervolgens werden provinciale wegennetten, met wegen die verbindingen vormen van bovenregionaal belang, voor zover niet in beheer bij het Rijk, en regionaal belang vastgesteld. De overige wegen dienden in beheer bij gemeenten te zijn.
Deze lijn zou, in Flevoland, ook gevolgd kunnen worden voor regionale fietsverbinden. Dan zou het beheer van deze fietspaden niet bij de verschillende lagere overheden maar bij de provincie komen te liggen. We zien al jaren dat de provincie met incidentele middelen enorme bedragen investeert in deze regionale netwerken waarbij de lagere overheden opdraaien voor de structurele beheerkosten. De provincie geeft in haar eigen beleidsdocumenten aan dat zij een verantwoordelijkheid hebben voor deze verbindingen. Het wordt tijd dat de provincie die verantwoordelijkheid, wat het beheer betreft tot aan de bebouwdekomgrens, ook gaan nemen en dragen. Het gaat hierbij om de volgende netwerken: -
Hoogwaardige fietsroutes Snelfietsroute MRA (Amsterdam - Lelystad) Regionale utilitaire fietsroutes Regionale recreatieve fietsroutes
De overige fietspaden komen of blijven in beheer en onderhoud bij de lagere overheden. Dit zou ook opgelost kunnen worden met een structurele bijdrage van de provincie, voor het duurzaam in stand houden van deze fietspaden. Net zo als dat de gemeente een structurele bijdrage levert aan de beheerkosten van het Kitesurfstrand. Als gemeente hebben we in het buitengebied nu 126.000m2 fietspad in beheer waarvan een deel onderdeel is van regionale fietsverbindingen. Beheerkosten nu zijn circa €200.000.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Openbare verlichting 2. Verkeer, vervoer en waterstaat 2.1 Verkeer en vervoer
35 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 10 10 10 10 10 10
2028 10 10
Openbare verlichting draagt bij aan de verkeersveiligheid en aan de veiligheid op straat maar het hebben of realiseren van openbare verlichting is geen wettelijke taak. Er zijn binnen de gemeente Lelystad geen heldere kaders over waar openbare verlichting wel of niet wordt toegepast en als het wordt toegepast met welk doel het er staat. Dit wordt keer op keer per te ontwikkelen gebied of locatie opnieuw bepaald. Ditzelfde geldt voor de toepassing van lichtmasten en armaturen. Een helder afwegingskader over wat we wel en niet verlichten kan als uitgangspunt dienen voor beoordeling van de huidige openbare verlichting en voor nieuwe ontwikkelingen. Het gevolg hiervan kan op termijn zijn dat er openbare verlichting wordt verwijderd waar het nu wel staat maar ook openbare verlichting komt waar het nu niet staat. De overstap naar energiezuiniger led verlichting is reeds ingezet en zal in 2024 worden afgerond een mogelijk besparing hierop is dus reeds gerealiseerd. Bij toekomstige vervangingen van armaturen valt hier nog een extra besparing te behalen op de energiekosten door armaturen standaard te voorzien van een dimprotocol. Er wordt op dit moment onderzocht of er mogelijkheid is om de openbare verlichting iedere dag iets korter te laten branden.
Indien wettelijk en technisch mogelijk zou dat een beperkte verlaging op de energiekosten betekenen en eventueel het iets langer kunnen doorbeheren van de armaturen in verband met minder branduren per jaar gedurende de technische levensduur van het armatuur. Er kan onderzocht worden of er locaties zijn binnen Lelystad waar de openbare verlichting op bepaalde tijden geheel uitgeschakeld kan worden of zelfs geheel verwijdert zou kunnen worden. Tevens kan ervoor gekozen worden om de openbare verlichting op de dreven niet op volle sterkte aan te laten branden, maar gebruik te maken van de dimfunctie in het armatuur. In het verleden is er ooit voor gekozen om deze armaturen ongedimd aan te brengen. Het is niet de verwachting dat de verkeersveiligheid hier hinder van ondervindt.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Inperken directieketen (gebouwen) 2. Verkeer, vervoer en waterstaat 2.1 Verkeer en vervoer
36 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 25 25 25 25
2028 25 25
Betreft een besparing op de standplaatsen van toezichthouders op projecten. Er worden tijdens de aanbesteding directieverblijven beschikbaar gesteld om zo toezichthouders te voorzien van een standplaats op het project. Het inzetten van directieverblijven vergroot de betrokkenheid tussen partijen en het project en het draagt bij aan een goede samenwerking tussen aannemer, gemeente en inwoners van een project. De keus ligt voor om de directieverblijven in te perken. Gevolg: Er wordt een keuze gemaakt om langlopende projecten (stedelijke ontwikkeling) wel te blijven voorzien van directieverblijven. En in het aantal verblijven in de grootonderhoud-projecten sterk te beperken. Een toezichthouder is dan genoodzaakt meer tijd te besteden aan reistijd van- en naar de projecten en is minder op het project aanwezig. De foutmarge van het project neem hierdoor toe en ook de tijd om adequaat tot een oplossing te komen zal afnemen. De toezichthouder als vertegenwoordiger van de gemeente is minder zichtbaar op projecten voor vragen van inwoners en als sparringpartner voor de aannemer.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Werkzaamheden niet meer in de nacht 2. Verkeer, vervoer en waterstaat 2.1 Verkeer en vervoer
37 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 70 70 70 70
2028 70 70
Het betreft een besparing op het uitvoeren van projecten in de nachtelijke uren. Op hoofdwegen en belangrijke verkeersaders wordt vaak gekozen voor een uitvoering in de nachtelijke uren. Dit is bevorderlijk voor de doorstroming en beschikbaarheid van het openbaar vervoer en voor de bereikbaarheid van inwoners en bedrijven. Als gevolg van deze bezuiniging zal het overgrote deel van het werk overdag worden uitgevoerd. Ook op de hoofdwegen en drukkere verkeersaders. Dat heeft tot gevolg dat doorstroming van verkeer wordt beperkt en er meer overlast wordt ervaren. Inwoners en bedrijven zijn overdag dus minder tot slecht bereikbaar en er zullen langere omrijdroutes worden ingesteld om het verkeer af te wikkelen. Dit zal leiden tot minder begrip voor de activiteiten en meer klachten van inwoners en openbare vervoerders.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Avondvierdaagse over de dreven 2. Verkeer, vervoer en waterstaat 2.1 Verkeer en vervoer
38 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 23 23 23 23 23 23
2028 23 23
Bezuinigen op dit budget kan gedaan worden door het volledige bedrag niet meer beschikbaar te stellen. Dit heeft tot gevolg dat de laatste etappe van de avondvierdaagse niet meer over de dreven gehouden kan worden. Hiermee wordt gebroken met een Lelystadse traditie en zal de organisatie van de avondvierdaagse de laatste etappe anders in moeten vullen.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Laadpalen elektrisch 2. Verkeer, vervoer en waterstaat 2.1 Verkeer en vervoer
39 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 26 26 26 26 26 26
2028 26 26
Dit budget wordt ingezet voor onderzoek naar de locatie van laadpalen, participatie en het laten plaatsen van laadpalen in het kader van afspraken met MRA elektrisch. Ook worden de laadpalen in de parkeergarages vanaf 2024 vanuit dit budget onderhouden, omdat er geen specifiek budget voor beschikbaar is. Vanuit MRA elektrisch wordt gewerkt aan een aanbesteding hiervoor maar de verwachting is dat dit nog 1 tot 2 jaar duurt. Zolang zal onderhoud aan laadpalen in parkeergarages betaald moeten worden vanuit dit betreffende budget. Via het plaatsen van elektrische laadpalen wordt een bijdrage geleverd aan een duurzamer verkeer. Door te bezuinigen op dit budget zal het niet mogelijk zijn laadpalen te laten plaatsen of te onderhouden.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Bataviahaven 2. Verkeer, vervoer en waterstaat 2.3 Recreatieve havens
40 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 50 50 50 50
2028 50 50
Het beheer en onderhoud van de Batavaiahaven wordt uitgevoerd, in de vorm van een Dienstverleningsovereenkomst (DVO), door de stichting Bataviahaven. Eind 2023 liep de DVO af en deze is met een jaar verlengd. In 2024 vind er een onderzoek plaats naar de organisatievorm welke het beste past bij het beheer en onderhoud van een eigen gemeentelijke recreatieve haven (Bataviahaven). Eén van de geformuleerde uitgangspunten voor dit onderzoek is een kostendekkende exploitatie in de gemeentelijke begroting. In de begroting loopt de exploitatie (uitvoeringskosten en personeel) nu €166.000 negatief. Of een kostendekkende exploitatie, met de huidige doelstellingen mogelijk is, in de huidige of met een andere organisatievorm zal het onderzoek uit moeten wijzen. Vooruitlopend daarop wordt met ingang van 2026 een bedrag van €50.000 ingeboekt.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Haltes en toegankelijkheid 2. Verkeer, vervoer en waterstaat 2.5 Openbaar vervoer
41 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 25 25 25 25 25 25
2028 25 25
In het raadsakkoord is €50.000 structureel beschikbaar gesteld om het gebruik van het openbaar vervoer te bevorderen. Dit geld wordt gebruikt om bushaltes bereikbaar en toegankelijk te houden voor alle gebruikers met voldoende verlichting, beschutting en zitplaatsen. Overweging is om de helft van het beschikbaar gestelde budget weg te bezuinigen. Daarmee kan wel verder worden gewerkt aan dit deel van het raadsakkoord, maar kunnen er minder maatregelen getroffen worden.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Werkbudgetten economie 3. Economie 3.1 Economische ontwikkeling
42 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 32 32 32 32 32 32
2028 32 32
Voor horeca, economie algemeen en acquisitie (alsmede accountmanagement) zijn verschillende werkbudgetten voorhanden. Voorgesteld om in totaliteit een structurele ombuiging ter grootte van €32.000 door te voeren op dit vlak. Horeca Ter uitvoering van het nieuwe horecabeleid is een budget van € 20.900 beschikbaar. Voorgesteld wordt om op dit budget voor €5.900 te bezuinigingen. Economisch beleid algemeen Met het budget ten behoeve van economisch beleid worden de ontwikkelingen in de stedelijke economie gemonitord. Deze middelen stellen de gemeente in staat om onderzoek te doen en in te spelen op actualiteiten. Voorgesteld wordt dit budget terug te brengen van €81.951 tot €65.000. Economische Acquisitie Met ingang van 2025 kan het budget voor economische acquisitie worden teruggebracht van €68.959 tot €60.000.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Onderwijshuisvesting - Uitvoeringsplanning 4. Onderwijs 4.2 Onderwijshuisvesting
43 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 860 560 860 560
2028 575 575
Het IHP meerjarenplan is door de raad vastgesteld en loopt tot 2027. Het merendeel van de projecten is in uitvoering. Dat is of de voorbereidingsfase of de bouwfase, afhankelijk van het project. De laatste projecten die nog opgestart moeten worden zijn de nieuwbouw (NB) van de Albatros en de nieuwbouw
(NB) van het oude gedeelte van de Boeier. De huidige planning is dat deze twee projecten grotendeels zullen overlappen. Voor de uitvoering van de projecten NB Albatros en NB Boeier is vervangende huisvesting nodig. Als wissellocatie voor de nieuwbouwprojecten heeft de gemeente Lelystad de beschikking over een schoolgebouw. Dit schoolgebouw wordt momenteel gebruikt door basisschool de Kring, zij lopen voor in het traject rondom nieuwbouw. Nadat de nieuwbouw van de Kring gereed is, is het gebouw beschikbaar voor de volgende basisschool die tijdelijke huisvesting krijgt. Omdat de NB Albatros en NB Boeier grotendeels overlappen is ook tijdelijke huisvesting nodig. Momenteel is deze tijdelijke huisvesting geraamd voor de Boeier en verwerkt in het IHP als kostenpost. Echter door het aanpassen van de planning, waarbij de projecten NB Albatros en NB Boeier opvolgend zijn in plaats van gelijktijdig kan er aanzienlijk bespaard worden door het niet maken van de kosten voor tijdelijke huisvesting.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Onderwijshuisvesting - Architectuur 4. Onderwijs 4.2 Onderwijshuisvesting
44 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 15 15
2028 21 21
In 2019 is het beleidskader Onderwijshuisvesting p.o. vastgesteld, waarin is bepaald dat nieuw te realiseren schoolgebouwen worden gerealiseerd conform het zogenoemde scenario 'groen en onderscheidend'. Om dit mogelijk te maken heeft de raad een bijbehorend budget per m2 vastgesteld. Het scenario 'groen en onderscheidend' gaat uit van toekomstbestendige, kwalitatief goede gebouwen die energieneutraal en gasloos zijn en met een onderscheidende architectuur. Momenteel worden de nieuwbouwprojecten die zijn opgenomen in het door de raad vastgestelde IHP Meerjarenperspectief voor de periode 2019-2026 uitgevoerd conform dit scenario. Op basis van de uitgangspunten op basis waarvan wordt gebouwd, en met name het kwaliteitsniveau en de flexibiliteit, is besloten deze gebouwen af te schrijven over een periode van 60 jaar. Besparing op kwaliteit en flexibiliteit leidt tot direct hogere exploitatiekosten en heeft consequenties voor de levensduur. Een besparingsmogelijkheid zou eerder gevonden kunnen worden in het toepassen van een meer sobere architectuur. Op basis van een proefproject is berekend dat de bouwkosten hiermee circa 10% lager uitvallen. Op investeringskostenniveau is de besparing ca. circa 4,85%. Het verschil komt doordat kosten voor bijvoorbeeld projectmanagement of een ontwerpteam niet lager worden. Deze kosten in het investeringsbudget blijven hetzelfde.
Op toekomstige projecten kan dus een besparing van circa 4,85% gerealiseerd worden op de kapitaallasten die voor 60 jaar in de begroting zitten. Het effect op de begroting is nu bepaald voor de nieuwbouwprojecten uit het IHP die nog uitgevoerd moeten worden: basisscholen Windroos, oudbouw Boeier, Albatros, Stella Nova en De Pionier. Omdat hier opvolgend meer projecten komen zal de besparing naar verwachting nog wat groter zijn.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Leerlingenvervoer - onderuitputting 4. Onderwijs 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken
45 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 100 100 100 100 100 100
2028 100 100
Door de huidige regels voor leerlingenvervoer en betere controle vooraf, worden er minder beschikkingen afgegeven. Dit maakt dat er op dit moment sprake is van onderuitputting op het beschikbare budget.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
OAB - Logopedie 4. Onderwijs 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken
46 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 100 100 100 100 100 100
2028 100 100
Voor- en vroegschoolse educatie (wettelijke taak) helpt om kinderen gelijke kansen te geven in het onderwijs. Als kinderen een taalachterstand hebben door onderwijsachterstanden, brengt een logopedist dit in beeld door screening op woordenschat en zinsopbouw, daarbij kan een logopedist(e) hen verder begeleiden. Door logopedie voor deze groep anders te regelen, kan het betaald worden uit het geld voor onderwijsachterstandenbeleid van de overheid. Via deze weg kan er €100.000 aan ombuiging worden ingeboekt.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Leerlingenvervoer - vervoersregels en deelnemersaantallen 4. Onderwijs 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken
47 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 20 20 20 20 20 20
2028 20 20
In het vierde kwartaal willen we een nieuwe regeling voor leerlingenvervoer aan de gemeenteraad aanbieden. Dit is nodig vanwege de verandering in de Wet voortgezet onderwijs 2020, die op 1 augustus 2022 is ingegaan. Ook zien we ontwikkelingen richting inclusief onderwijs, waarbij kinderen zo dicht mogelijk bij huis naar school gaan. De nieuwe regeling en deze inclusieve beweging kunnen mogelijk geld besparen.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Lokaal educatieve agenda 4. Onderwijs 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken
48 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 75 75 75 75 75 75
2028 75 75
Binnen de LEA werkagenda hebben verschillende middelen geholpen bij innovatie, kwaliteitsverbetering en uitbreiding van het aanbod. Dit budget is bedoeld voor de ambities van de stad en is geen wettelijke taak. Door concrete afspraken en doelen te maken met alle partners in opvoeding en onderwijs, kunnen we mogelijk de kwaliteit blijvend verbeteren. Door samen te werken (co-creatie) en samen te betalen (co-financiering) met onze partners hopen we ook geld te besparen.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Rebound maatwerk 4. Onderwijs 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken
49 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 75 75 75 75 75 75
2028 75 75
Een rebound-, time-out-, of plusvoorziening is een speciale onderwijsinstelling die tijdelijke opvang en begeleiding biedt aan leerlingen met gedragsproblemen. Daarnaast zijn er de Leerroute op Porteum en de arrangementsklassen bij Aeres. Deze voorzieningen helpen bij de overgang van het primair onderwijs (PO) naar het voortgezet onderwijs (VO) en ondersteunen de ambitie voor inclusief onderwijs. Alle drie de voorzieningen werken aan het voorkomen van voortijdig schoolverlaten en dragen bij aan de landelijke en lokale ambitie voor inclusief onderwijs in 2035. Vanaf 2024 ontvangen scholen meer geld van de rijksoverheid voor kansengelijkheid in het VO. Bovendien krijgen ze middelen als beloning bij het behalen van prestatienormen voor het terugdringen van voortijdig schoolverlaten (VSV). Bezuinigingen zijn niet wenselijk omdat de ontwikkeling van een reboundvoorziening nog niet is afgerond.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Afbouw sportsubsidies 5. Sport, cultuur en recreatie 5.1 Sportbeleid en activering
50 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 107 107 107 107 107 107
2028 107 107
Bezuiniging/anders organiseren: afbouwen/terugbrengen sportsubsidies naar totaal € 80.000. De gemeente kent 6 subsidieregelingen op sport. De regelingen die betrekking hebben op breedtesport en sportevenementen zouden anders gefinancierd kunnen door middelen van het Sport- en beweegakkoord daarvoor aan te spreken. Echter zijn dat incidentele rijksmiddelen. Het opheffen van de regeling watersport lijkt een reële mogelijkheid, omdat er weinig gebruik wordt gemaakt van deze regeling. Tevens sluit de regeling niet aan bij ambities uit de sport- en beweegvisie (watersport is niet gedefinieerd als kernsport). Hetzelfde geldt voor de subsidieregeling investering sportaccommodaties. -
Subsidieregeling breedtesport: €22.854
-
Subsidieregeling evenementen: €27.702 Subsidieregeling watersport: €28.037 Subsidieregeling investering sportaccommodaties: €28.620
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Buitenzwemwater 5. Sport, cultuur en recreatie 5.2 Sportaccommodaties
51 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 125 125 125 125 125 125
2028 125 125
In het raadsakkoord is beschreven onderzoek te doen naar een (tweede) buitenzwemvoorziening. Dat onderzoek is reeds uitgevoerd. Vervolgens zijn er middelen opgenomen om ook over te gaan tot realisatie. Uit het onderzoek is naar voren gekomen dat de oplossingsrichtingen gezocht moeten worden in het realiseren van stranden met waar mogelijk water om te recreëren. Dit wordt niet gezien als een actie die sterk bijdraagt aan de sport- en beweegparticipatie van onze inwoners. Voorgesteld wordt daarom de gereserveerde middelen vrij te laten vallen als bijdrage in de ombuigingsopgave.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Kosten sportaccomodaties meer doorberekenen aan gebruikers 5. Sport, cultuur en recreatie 5.2 Sportaccommodaties
52 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 30 60 90 30 60 90
2028 120 120
Deze ombuiging heeft betrekking op het verhogen van inkomsten. Sportbedrijf Lelystad is verhuurder van buitensportaccommodaties (sportvelden) en verhuurder van binnensportaccommodaties (sporthallen en sportzalen). Vanuit de benchmark blijkt dat gemiddeld 35 tot 45% van de gebruikerskosten door de gebruikers zelf wordt bekostigd. Zowel bij de buitensport als de binnensport liggen deze percentages in Lelystad lager. Dat betekent dat de gebruikerskosten relatief laag zijn. Dat biedt ruimte om de tarieven te verhogen om op die manier meer inkomsten te genereren, wat als compensatie kan dienen voor het verlagen van de begrotingssubsidie aan Sportbedrijf Lelystad. Het voorstel is deze tarievenverhoging in een periode van 4 jaar door te voeren. Dit doen we in afstemming met de gebruikers (sportverenigingen).
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Cultuur - Amateurkunst 5. Sport, cultuur en recreatie 5.3 Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie
53 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 25 25 25 25 25 25
2028 25 25
De Programmasubsidie Cultuur vervangt op grond van de Cultuurvisie 2024 – 2030 vanaf 2024 de voorgaande subsidieregelingen op het gebied van amateurkunst, beeldende kunst, letteren en podiumkunsten. Voor het Domein Amateurkunst is binnen de regeling een subsidiebudget beschikbaar
van € 156.000. De hoogte van dit bedrag is mede gebaseerd op een besluit in de kadernota 2022 2025, waarbij op grond van een amendement €100.000 is toegevoegd aan het reeds aanwezige subsidiebudget voor amateurkunst. Op grond van de subsidieverlening in de afgelopen jaren blijkt dat het beschikbare subsidiebudget voor amateurkunst structureel niet volledig wordt aangevraagd. Dit biedt de ruimte om bij de subsidieverlening een bedrag van €25.000 te besparen zonder dat dit het huidige activiteitenniveau op het gebied van amateurkunst beperkt.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Cultuur - Cultuur in de wijk 5. Sport, cultuur en recreatie 5.3 Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie
54 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 50 50 50 50 50 50
2028 50 50
Op grond van de Cultuurvisie 2024 – 2030 is een budget van €100.000 structureel beschikbaar gekomen voor culturele activiteiten in de wijken. Hiervoor wordt momenteel €50.000 ingezet voor de regeling Cultuur in de Wijk. Dit is geen subsidie in de formele zin, maar een financiële impuls voor culturele initiatieven vergelijkbaar met het buurtbudget van Mensen maken de buurt. Hiervoor worden al diverse projecten in de wijk mee gefinancierd. Een tweede maatregel betreft de functie van een cultuurverbinder die op wijkniveau initiatiefnemers van culturele projecten ondersteunt waardoor de realisatie van deze projecten kansrijker en succesvoller wordt. Hiervoor is in de begroting een bedrag van €50.000 beschikbaar. Deze functie is momenteel nog niet ingevuld. Door de inzet van de functie te revoceren valt dit bedrag vanaf 2025 structureel vrij.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Cultuur - Cultuurinstellingen 5. Sport, cultuur en recreatie 5.3 Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie
55 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 50 100 150 50 100 150
2028 200 200
De culturele basisinfrastructuur vormt zowel in organisatiekracht en in financiële mogelijkheden de kern van het culturele ecosysteem voor Lelystad. Om die reden ontvangen de instellingen en organisaties van de culturele basisinfrastructuur jaarlijks een begrotingssubsidie. Gelijktijdig is hun financiële positie kwetsbaar. Door de diverse taakstellingen in het afgelopen decennium is hun eigen vermogen dermate gedaald, dat de instellingen bijna niet meer niet in staat zijn om financiële tegenvallers of autonome kostenstijgingen zelf op te vangen. In aanvulling op de algemene kostenstijging door inflatie, energie en cao, zien de instelling ook de effecten van het landelijke fair pay beleid op de kosten van culturele producties. De eventuele btw-verhoging komt daar nog bij. Toch is het onontkoombaar dat ook de instellingen uit de culturele basisinfrastructuur een bijdrage zullen moeten leveren aan de taakstelling voor het cultuurbeleid. De grotere culturele instellingen krijgen een gemeenschappelijke taakstelling van €50.000 structureel. In overleg met de gemeente zal worden gekeken op welke wijze de instellingen hier zodanig invulling aan kunnen geven dat de output en de maatschappelijke impact van de instellingen breed zo min mogelijk wordt aangetast.
In overleg met het Centrum voor de kunsten De Kubus zal daarnaast een taakstelling ingeboekt worden van €50.000 in 2026, oplopend tot €150.000 in 2028. Hiervoor wordt een traject ingezet gericht op een duidelijke commitment bij het onderwijs voor de binnenschoolse cultuureducatie, en een innovatieve aanpak voor het stimuleren van actieve cultuurdeelname in o.a. de wijken.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Investereren in bestaande wijken 5. Sport, cultuur en recreatie 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
56 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 500 500 500 500 500 500
2028 500 500
In het raadsakkoord is opgenomen dat we willen investeren in het onderhoud en de leefbaarheid van de bestaande wijken. Onderdeel hiervan is het verhogen van de kwaliteit van de openbare ruimte, onder andere door daar meer elementen aan toe te voegen, zoals (natuur)speeltuinen, bankjes en minder zwerfvuil. De gereserveerde middelen ter grootte van €500.000 worden ingebracht als ombuiging.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Bestrijding invasieve exoten 5. Sport, cultuur en recreatie 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
57 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 50 50 50 50 50 50
2028 50 50
Bestrijding van invasieve exoten is een wettelijke taak. De bestrijding van de Japanse Duizendknoop kost relatief veel geld en is wettelijk niet verplicht. Deze plan komt niet voor op de Unilijst invasieve exoten. Het is een eigen beleidsvrijheid om deze invasieve exoot wel of niet te bestrijden. Door te stoppen met de bestrijding lopen we een risico op verdere verspreiding van de soort, mogelijke schade aan voorzieningen in de openbare ruimte en verdringing van andere plantensoorten.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Bewonersconsulent 5. Sport, cultuur en recreatie 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
58 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 85 85
2028 85 85
Op basis van ambities uit het raadsakkoord 2022 - 2026 heeft er formatie-uitbreiding van bewonersconsulenten (van 3 naar 4) plaatsgevonden. In ieder stadsdeel, als vast aanspreekpunt voor bewoners, een eigen bewonersconsulent. Als in dit bezuinigingsproces (zie andere voorstellen) besloten wordt om verschillende participatiebudgetten samen te voegen en deze in som te reduceren kan er door middel van natuurlijk verloop een formatieplek van bewonersconsulent binnen nu en 2 jaar (uiterlijk 01-01-27) worden afgeraamd. Het niet meer invullen van deze formatie betekent dat niet meer elk stadsdeel een eigen aanspreekpunt voor bewoners vanuit de gemeente heeft.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Participatiebudgetten 5. Sport, cultuur en recreatie 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
59 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 35 35 35 35 35 35
2028 35 35
De gemeente besteedt vanuit verschillende invalshoeken en regelingen budget om bewoners meer te betrekken bij hun leefomgeving: -
Mensen Maken de Buurt €247.650 Buurtbudget €121.570 Ideeënmakelaar €84.906
Binnen het fysieke domein is er, voor Mensen maken de Buurt, €70.000 beschikbaar. De overige budgetten maken onderdeel uit van het sociaal domein. Daarom wordt hier voorgesteld de helft van het budget binnen het fysieke domein af te ramen. In een andere ombuiging wordt daarnaast voorgesteld €100.000 te bezuinigen op de budgetten die onderdeel uitmaken van het sociaal domein. Door van de 3 bestaande regelingen 1 regeling te maken met heldere afwegingskaders en hierover te communiceren via de website kan het uitvoeringsbudget wellicht efficiënter ingezet worden.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Ruiterpaden en moutainbikeroutes 5. Sport, cultuur en recreatie 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
60 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 35 35 35 35 35 35
2028 35 35
Er is in de begroting een bedrag gereserveerd voor het onderhoud van de ruiterpaden en mountainbikeroutes. Dit budget wordt, in afstemming met vertegenwoordigers van beide groeperingen, echter in de praktijk maar moeizaam ingezet. Bovendien is de doelgroep ook relatief beperkt in omvang. Een risico van dit voorstel kan zijn dat er over een aantal jaren meer geïnvesteerd moet worden in het onderhoud van de ruiter- en mountainbike routes.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Steigers 5. Sport, cultuur en recreatie 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
61 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 60 60 60 60 60 60
2028 60 60
Eind 2019 is het beheerplan waterobjecten 2020 - 2024 vastgesteld. Onderdeel van dit beheerplan zijn de houtensteigers die op verschillende plaatsen in de stad zijn gerealiseerd. In een aantal gevallen, zijn ze wel gerealiseerd maar worden hoegenaamd niet gebruikt. In het dagelijks onderhoud zijn de kosten relatief laag (€20.000/ jaar) maar jaarlijks wordt er, op basis van het beheerplan, €123.000 gestort voor vervanging, van steigers, aan het eind van de levensduur. In de besluitvorming van het huidige beheerplan is opgenomen dat als objecten nagenoeg niet worden gebruikt ze na afstemming met
omwonende worden verwijderd. Dit is echter niet financieel gemaakt omdat die zekerheid er pas is aan het eind van de levensduur en na afstemming met de omwonende. In de besluitvorming is een evaluatie van het huidige beheerplan voorzien in 2024. In deze evaluatie kan, ter verwerking in het nieuwe beheerplan, inzichtelijk worden gemaakt welke steigers aan het eind van de levensduur niet vervangen gaan worden. Na positieve besluitvorming zal dit leiden tot een lagere storting in de voorziening.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Mantelzorgcompliment plus uitvoeringskosten 6. Sociaal domein 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
62 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 283 283 283 283 283 283
2028 283 283
Het Mantelzorgcompliment is een erkenning voor de mantelzorger. Iedere gemeente kan op een eigen manier vorm geven aan een mantelzorgcompliment/waardering. Bijvoorbeeld door een waardebon te geven. Of door gratis activiteiten aan te bieden op de dag van de mantelzorg (10 november). De voorwaarden voor het mantelzorgcompliment kunnen per gemeente verschillen. Gemeenten zijn in ieder geval verplicht om dit jaarlijkse blijk van waardering in te regelen. De gemeente Lelystad waardeert de inzet van Mantelzorgers door een jaarlijkse toekenning van het Mantelzorgcompliment in de vorm van een geld bedrag (€180) of een bedrag op de Lelypas (€200). In de begroting is op dit moment jaarlijks structureel een bedrag van €260.000 opgenomen. In het verleden is dit bedrag eens gehalveerd (en later overigens weer verhoogd). Deze verlaging destijds resulteerde in minder aanvragen en toekenningen (van 1.331 in 2020 naar 722 in 2021). In 2022 is er aan 1.379 Mantelzorgers een Mantelzorgcompliment verstrekt. De uitvoering van de aanvraag en toekenning is belegd bij Welzijn Lelystad en zij ontvangen hier een subsidie voor van €51.388. Naast het verstrekken van de waardering biedt dit ook de gelegenheid om het contact te hebben met de Mantelzorger. Wat het college betreft moet er nagedacht worden over een alternatieve vorm van waardering in plaats van een geldbedrag.
Uitgaande van 1.400 aanvragen (en een bedrag van €20) komt dit neer op €28.000. De uitvoering hiervan wordt door de gemeente Lelystad zelf uitgevoerd, waarmee ook bezuinigd kan worden op de uitvoeringskosten die gemaakt worden door Welzijn Lelystad.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Jeugdpreventiewerker ROC 6. Sociaal domein 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
63 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 50 100 100 50 100 100
2028 100 100
Jeugdpreventiewerk in het voortgezet onderwijs (VO) is een effectieve methode van hulp dichtbij die preventief werkt op indicaties in de jeugdzorg. Naast inzet op alle VO scholen in Lelystad is er ook inzet op één ROC in Lelystad. De bezuiniging betreft alleen de inzet op dit ROC. De leeftijd van leerlingen op het ROC varieert van 16 tot 40 + en begeleidingen betreffen ook veel leerlingen die niet uit Lelystad komen en daarmee niet onder de verantwoordelijkheid van de gemeente Lelystad vallen. Het betreft ongeveer 20 trajecten per jaar.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Jongerencoaches 6. Sociaal domein 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
64 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 154 308 308 154 308 308
2028 308 308
De jongerencoach begeleidt jongeren van 17 tot 27 met veelal meervoudige hulpvragen. Het betreft één op één gesprekken gericht op praktische ondersteuning om om te gaan met problemen die vaak langdurig spelen en die niet altijd (eenvoudig) oplosbaar zijn. Er zijn vaak verschillende partijen bij deze jongeren betrokken en/of de jongere staat op een wachtlijst staan voor gespecialiseerde hulp. Stopzetten van deze subsidie raakt 75 (nieuwe) jongeren op jaarbasis.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Mensen maken de buurt 6. Sociaal domein 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
65 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 100 100 100 100 100 100
2028 100 100
Mensen maken de buurt heeft dit jaar €100.000 aan extra middelen ontvangen. Hiervoor zijn nog geen plannen gemaakt. Deze middelen kunnen stopgezet worden zonder consequenties.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Onderbesteding Wmo 6. Sociaal domein 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
66 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 246 246 246 246 246 246
2028 111 111
Binnen verschillende taakvelden van de Wmo begroting zijn een aantal budgetten waarbij er sprake is van onderbenutting. Het gaat daarbij om lagere aanvragen dan begroot en om projecten die niet meer uitgevoerd worden omdat deze bijvoorbeeld een incidentele subsidie toegekend hebben gekregen maar wel in de begroting staan. Het doorvoeren van deze bezuiniging heeft geen negatief effect. De Dementheek (€16.124) is een samenwerking tussen verschillende organisatie waar geen subsidie meer tegenover hoeft te staan. De eerder verstrekte subsidie had betrekking op de opstart van de Dementheek. Het budget voor de Publiekscampagne passend wonen (€ 23.976) wordt niet besteed en kan worden afgeraamd. Dat geldt ook voor het budget voor cultuurparticipatie ouderen (€21.979). Daarnaast is er sprake van een lager aantal aanvragen dan begroot wat betreft de GG inloop De Waterspiegel (€11.209) en de inzet van de ervaringsdeskundige (€37.569) Tot slot wordt het budget voor de versterking ondersteuning sociale Wijkteams (€135.573) niet besteed. Met de herijking van de sociale Wijkteams hebben we als uitgangspunt opgenomen dit budgetneutraal uit te voeren. Voor de jaren 2025, 2026 en 2027 is dit budget opgenomen in de Wmo begroting en loopt per 2028 uit de begroting, wat maakt dat dit deel van de ombuiging incidenteel is.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Nieuwe kijk op het voorveld 6. Sociaal domein 6.1 Samenkracht en burgerparticipatie
67 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 140 280 140 280
2028 280 280
Binnen het sociaal domein worden er verschillende projecten uitgevoerd. Hoewel het doel dat wordt nagestreefd op zich zelf beschouwd van waarde is moeten we constateren dat deze projecten te gefragmenteerd worden ingezet. Soms wordt er weinig gebruik van gemaakt en soms bestaat er op onderdelen ook overlap met andere voorliggende voorzieningen. Voorbeelden van dit soort projecten zijn de individuele begeleiding van jonge mantelzorgers (15 trajecten per jaar), de begeleiding van vrijwilligers voor palliatieve thuisinzet (20 per jaar). Het project ‘samen oplopen’ dat er onvoldoende in slaagt vrijwilligers te koppelen aan gezinnen is een ander voorbeeld. De problematiek te complex is en te langdurig, waarmee er een te zwaar beroep wordt gedaan op de vrijwilligers. Daarnaast zal er gekeken worden naar zaken als de begeleiding van vrijwilligers bij huisbezoeken van ouderen. Van het Boekenfonds MBO wordt geen gebruik meer gemaakt en dat is ook één van de onderwerpen die bij de invulling van deze opdracht een plek zal krijgen. In diverse andere ombuigingen wordt via eenzelfde wijze geprobeerd met minder middelen meer resultaat te bereiken. Denk aan de uitvoering van Lelystad akkoord, waarbij de communicatie voortaan meer door het Werkbedrijf zelf zal worden opgepakt.
In het voorveld is behoefte aan het versterken van de basis en voor het versterken van gezinnen en het eigen netwerk is een omslag noodzakelijk. Er zal nadrukkelijk gekeken worden naar mogelijkheden tot het opnieuw inrichten van activiteiten die elkaar wellicht (deels) overlappen. Niet alleen om de ombuiging binnen de jeugdzorg te realiseren, maar ook omdat een dergelijk voorveld veel robuuster is dan meer op het individu ingerichte ondersteuning. Door hierboven genoemde voorbeelden van activiteiten te herstructureren kan er enerzijds een ombuiging worden gerealiseerd, bijvoorbeeld door bepaalde projecten die te weinig bijdragen stop te zetten. Anderzijds moet het voorveld zodanig worden ingericht dat de basis echt versterkt kan worden. Vanzelfsprekend doen we dit samen met de partners van de maatschappelijke agenda.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Onderbesteding armoedemiddelen 6. Sociaal domein 6.3 Inkomensregelingen
68 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 191 191 191 191 191 191
2028 191 191
Het gaat hier om een bezuiniging van onbestede middelen. Dan gaat het om het teruggeven van de middelen uit het raadsakkoord (€141.000) en het overschot aan structurele middelen voor het preventief armoedebeleid (€50.000). Deze bezuiniging heeft op zichzelf weinig impact, omdat de middelen nog niet aan activiteiten of projecten zijn gekoppeld. Tegelijkertijd zien we dat bestaanszekerheid steeds meer onder druk komt te staan. Door deze bezuiniging wordt ook op dit vlak een bijdrage geleverd aan de ombuigingsopgave. Tegelijkertijd vervalt de mogelijkheid om nieuwe activiteiten op te zetten.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Additionele beschutte werkplekken 6. Sociaal domein 6.4 WSW en beschut werk
69 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 290 290
2028 290 290
Bovenop de taakstelling van de gemeente voor het realiseren van Beschutte werkplekken, is vanaf 2027 een budget gereserveerd voor het realiseren van extra beschutte werkplekken. Tot en met 2026 worden deze extra/additionele beschutte werkplekken ook gerealiseerd en uit de vrijgevallen middelen van de GR gefinancierd. Met deze ombuiging wordt de inzet op dit vlak beperkt.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Wsw bijdrage per werknemer (gemeentelijke bijdrage) 6. Sociaal domein 6.4 WSW en beschut werk
70 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 105 143 176 105 143 176
2028 216 216
De gemeente heeft een wettelijke taak op basis van de Wet sociale werkvoorziening (WSW). We zien een versnelde daling van het aantal mensen met een WSW-indicatie. Daarmee kan de gemeentelijke bijdrage versneld verlaagd worden. Tot 2029 loopt de benodigde financiering naar verwachting terug naar circa €118.000 in plaats van €334.000.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Leerwerkbedrijf Bataviawerf stoppen 6. Sociaal domein 6.5 Arbeidsparticipatie
71 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 214 214 214 214 214 214
2028 214 214
Werkbedrijf Lelystad (WBL) biedt diverse interventies en re-integratie-instrumenten aan voor mensen in de bijstand, waaronder verschillende leerwerkbedrijven. In lijn met beschikbare werkgelegenheid constateren we dat de behoefte aan houtbewerking afneemt en anderzijds een grotere kans op werk in andere branches en werksoorten dan hout. De afgelopen jaren constateren we dat er slechts enkele uitplaatsingen aansluitend bij de werkplekken van Bataviawerf zijn.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
72
Verlonen 6. Sociaal domein 6.5 Arbeidsparticipatie
bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 200 200 200 200 200 200
2028 200 200
Binnen het budget voor Werkbedrijf Lelystad is budget gereserveerd om mensen uit de bijstand die (nog) niet bij een reguliere werkgever aan het werk kunnen, via een verloningsconstructie te plaatsen in regulier werk. Op deze wijze zijn mensen uit de bijstand en doen mee op de arbeidsmarkt. Met deze ombuiging wordt het beschikbare budget gehalveerd.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
73
Algemene kosten 6. Sociaal domein 6.5 Arbeidsparticipatie
bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 50 50 50 50 50 50
2028 50 50
Binnen het totale budget op dit vlak wordt een bezuiniging gerealiseerd op overhead.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Lelystad akkoord 6. Sociaal domein 6.5 Arbeidsparticipatie
74 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 50 50 50 50 50 50
2028 50 50
Lelystad Akkoord is een sociaaleconomisch Lelystads samenwerkingsverband van VNO-NCW, Werkbedrijf Lelystad, gemeente, MBO College Lelystad dat zich inzet om inclusief werkgeverschap en een inclusieve arbeidsmarkt te bevorderen. Hiervoor worden verschillende activiteiten georganiseerd (events, masterclasses, nieuwsbrieven, Leerwerkverkiezing) en kennis en ervaring gedeeld. De benodigde personele inzet (inhuur) wordt afgeschaald en ondergebracht bij de personele inzet van WBL. Advies is een deel van het budget te behouden voor het organiseren van de Leerwerkverkiezing.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Jeugdzorg knoppenplan 6. Sociaal domein 6.72a Jeugdzorg begeleiding
75 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 1.000 2.000 3.000 1.000 2.000 3.000
2028 4.000 4.000
Mede vanuit de bezuinigingsopgave is er in de kadernota 2025 – 2028 aangegeven dat er op het gebied van de jeugdzorg gekeken wordt naar een pakket met maatregelen dat moet resulteren in een ombuiging tussen de € 5 en € 7 miljoen. In deze uitwerking van de ombuigingsopgave – en verder toegelicht in het Knoppenplan Jeugdzorg Lelystad staan maatregelen die bij elkaar richting geven op het meer grip krijgen op de jeugdzorg. Voorgesteld wordt op basis van deze maatregelen uit te gaan van een ombuiging, oplopend tot €5 miljoen per jaar in 2029. We gaan uit van de kracht van onze jeugdigen en hun ouders waarbij we enkel doen wat nodig is en niet meer doen wat kan. We richten ons daarbij op ontwikkeling en perspectief, niet enkel op hulp en zorg. Met de set aan maatregelen verwachten we de geïndiceerde / specialistische jeugdzorg terug te dringen, en daarmee ook de kosten. Dit is niet direct als bezuinigingen te noemen vanuit de gedachte dat we iets niet meer doen en ergens mee stoppen, maar vanuit het anders organiseren en scherper sturen en monitoren. Om de specialistische jeugdzorg terug te dringen is naast een stevige gezinsstructuur met een netwerk daarom heen (community) een stevig voorliggend voorveld nodig.
Hier stellen we vanuit het rapport geen bezuinigingen voor, maar wel maatregelen in onder andere analysevorm om beter te kunnen duiden wat de effectiviteit is van wat we doen in het voorveld en aan preventie. Dit om meer concrete onderbouwen te hebben op wat werkt en wat niet. We moeten ook stoppen met dingen die niet werken. Van knoppenplan naar programma Het Knoppenplan Jeugdzorg Lelystad is gemaakt om handvatten te bieden voor de knoppen waaraan gedraaid kan worden om meer grip te krijgen op jeugdzorg. Dit is nu vertaald in de maatregelen. In deze maatregelen wordt beschreven “wat” we te doen hebben en welke besparingen we denken die dat oplevert. Vanuit die hoedanigheid is het een onderbouwing voor de beoordeling van de bezuinigingsvoorstellen. Hoe we dit daadwerkelijk gaan doen, daarover zal begin vierde kwartaal 2024 een programmaplan aan het bestuur worden aangeboden.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Hogere kostentoerekening afval- en rioolheffing 7. Volksgezondheid en milieu 7.3 Afval
76 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 -68 -68 -68 1.041 1.041 1.041 973 973 973
2028 -68 1.041 973
Als onderdeel van de grondslag voor de riool- en afvalstoffenheffing mogen ook straatreinigingskosten worden doorbelast. Of en de mate waarin deze kosten worden doorbelast is een beleidsvrijheid van de gemeente zelf, maar het moet aan toonbaar een relatie hebben met het werkveld en met de begroting. Bij de afvalstoffenheffing wordt nu een vaste doorbelasting van €125.000 gehanteerd en bij de rioolheffing wordt nu een vaste doorbelasting van €270.000 gehanteerd. Deze vaste doorbelasting zijn afgeleide van wat ooit aan veegkosten in de begroting was opgenomen en worden niet jaarlijks geactualiseerd. Op dit moment is er voor straatreiniging €2.052.000 opgenomen in de begroting. Op basis van een uitspraak van de hoge raad is er de mogelijkheid om 100% van de reinigingskosten door te belasten.
Een kwart tot een derde van de kosten - per heffing - is een meer gebruikelijke doorbelasting. Als er besluitvorming plaatsvindt om standaard een derde deel van de reinigingskosten door te belasten bij zowel de afvalstoffenheffing als voor de rioolheffing heeft dit een positief effect op het begrotingssaldo van €973.000 (bij volledige doorbelasting €1.657.000). Gevolg hiervan is dat de heffingen stijgen en in omvang daarmee ook het bedrag wat niet geint kan worden, omdat een deel van de inwoners in aanmerking komt voor kwijtschelding van heffingen. Het bedrag wat we in de begroting reserveren voor kwijtscheldingen, wat ongeveer 7% uitmaakt van het totaal, zal dus mee moeten stijgen. Ook de kwijtscheldingen worden doorbelast in de heffingen. Op basis van het uitgangspunt van 100% kostendekkendheid, zal dit op zowel de baten als lasten kant aangepast moeten worden in de begroting; €68.000 (bij volledige doorbelasting €116.000).
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Asbestdaken 7. Volksgezondheid en milieu 7.4 Milieubeheer
77 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 100 100 100 100 100 100
2028 100 100
Dit project loopt richting een eind. Deze middelen zijn bedoeld voor het laatste deel van de stad. Door nu te stoppen met de uitvoering van deze ambitie, blijven er inwoners over die niet geholpen kunnen worden. Onder deze inwoners zijn veel kwetsbare gezinnen waar de gemeentelijke hulp het hardst nodig is.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Participatie bij warmtetransitie 7. Volksgezondheid en milieu 7.4 Milieubeheer
78 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 150 150 150 150 150 150
2028 150 150
Met subsidie van het rijk wordt de ambtelijke capaciteit om op technisch en economische aspecten de uitwerking van de Klimaatwet te begeleiden. Door de raad is in haar raadsprogramma aangegeven dat er, naast een betaalbare en haalbare transitie, veel aandacht moet zijn voor de participatie en communicatie naar onze inwoners die meer zorg nodig hebben voor begeleiding in de warmtetransitie. Met deze middelen wordt hier maatwerk geleverd aan kwetsbare inwoners. In de Kadernota 'Op weg naar nieuwe Energie' heeft de raad specifieke aandacht gevraagd om Lelystedelingen actief te betrekken bij de warmtetransitie, deze Kadernota is integraal onderdeel van het Raadsakkoord. Totaal bezuinigen: Het volledig bezuinigen van dit budget betekend dat bewoners niet meer met een doelgroepspecifieke aanpak betrokken worden bij de warmtetransitie. Participatie is een kernwaarde in de Omgevingswet systematiek. Hierin schuilt, naast een draagvlak risico ook een juridisch risico omdat het programma warmtetransitie onder de Omgevingswet een participatieverplichting kent. Voorgesteld wordt om 50% te bezuinigen: de inzet op doelgroep specifieke participatie wordt significant verminderd.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Fysieke leefomgeving 7. Volksgezondheid en milieu 7.4 Milieubeheer
79 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 40 40 40 40 40 40
2028 40 40
Via dit programma wordt deel uitgemaakt van een (provinciale?) versnellingstafel voor klimaat adaptieve maatregelen. Deze middelen voorzien een bijdrage aan regionale samenwerkingen. Met dit geld worden toekomstige investeringen klimaatrobuust gemaakt zodat toekomstige investeringen goed ingezet worden. Deze regionale samenwerking biedt ons ook toegang tot het gezamelijk aanvragen van bovenregionale fondsen. Zodat er een lagere druk op de gemeentefinanciering ontstaat voor de (noodzakelijke) maatregelen. Totaal bezuinigen: Wegbezuinigen zal ertoe leiden dat er geen toegang meer is tot kennis / subsidies en regionale samenwerkingen. Door het missen van rijksbijdrage op ons onderwerp van klimaatadaptatie, zal meer druk op beheer en onderhoud ontstaan om toenemende schade door hittestress, droogte en wateroverlast te herstellen. Een alternatief is 50% bezuinigen: Daarmee behouden we alleen het regionaal samenwerkingswerkingsverband (KAF). Daarmee wordt toegang tot bovenregionale fondsen gehandhaafd.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Voedsel 7. Volksgezondheid en milieu 7.4 Milieubeheer
80 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 40 40 40 40 40 40
2028 40 40
In dit programma worden verschillende projecten op scholen ondersteund. De deelname in de vereniging Flevofood wordt opgezegd en we trekken ons terug uit het MRA programma Voedsel Verbindt en het provinciale programma Duurzaam Door. Totaal bezuiniging: Met het wegvallen van het volledige budget is er geen inzet meer op het bieden van programma’s op scholen waardoor in het basisonderwijs minder aandacht voor lokaal, duurzaam en gezond voedsel en natuureducatie zal zijn. Een alternatief is 50% bezuiniging: Deelname aan regionale netwerken en deelname aan ketensamenwerking kan in dat geval worden gecontinueerd.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Legesinkomsten bouwvergunningen en welstand 8. Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing 8.3 Wonen en bouwen
81 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 1.052 1.052 1.052 1.052
2028 1.052 1.052
Leges mogen maximaal 100% kostendekkend zijn. In de begroting 2024 is de dekking 93%. Grootste deel van legesinkomsten wordt geheven over heel klein aantal grote aanvragen. Als in 2026 de begrote
legesinkomsten bijvoorbeeld een 1 mln lager zijn (dat kan gaan om één aanvraag), zal de dekking ca. 55% bedragen. Afgelopen jaren zijn we meer dan kostendekkend geweest. De Omgevingswet (OW) is 1 januari dit jaar ingevoerd. We weten nog niet in welke mate we kostendekkendheid zullen zijn onder OW. Waar we kosten kunnen toerekenen zullen we dat doen, maar de hoogte van de toekomstige legesinkomsten is nog niet te kwantificeren. Wel is duidelijk dat de ontwikkelambities niet gaan zorgen voor een kleiner volume aan bouwplannen. De aanvragen en de bijhorende legesinkomsten worden in 2024 en 2025 nauwlettend gemonitord. Mochten de legesinkomsten niet op begrotingsniveau uit komen dan zal onderzoek gedaan worden naar oorzaken en mogelijke te nemen maatregelen om inkomsten vanuit leges te vergroten. De inkomsten vanuit leges kan mogelijk vergroot worden door verhoging van de legestarieven. Bij het verhogen wordt dan ook goed gekeken naar de legestarieven van andere gemeenten. De kosten kunnen mogelijk verlaagd worden doordat taken door beleidswijzigingen minder intensief of niet meer uitgevoerd hoeven te worden. Bij eventuele wijzigingen wordt ook goed gekeken naar de kengetallen van BWT Nederland en de landelijk kwaliteitscriteria.
Hier wordt naar gekeken om te zorgen voor voldoende capaciteiten en kwaliteit om onze wettelijke taken ten aanzien van de veiligheid, gezondheid, duurzaamheid en bruikbaarheid van gebouwen uit te voeren.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Huisvestingsverordening 8. Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing 8.3 Wonen en bouwen
82 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 158 158 158 158 158 158
2028 158 158
Dit budget is ingesteld voor het opzetten en naleven van de huisvestingsverordening. In de huisvestingsverordening kunnen instrumenten worden opgenomen die ervoor zorgen dat de woonruimtevoorraad op een bepaalde wijze wordt ingedeeld en woningen worden bestemd voor de juiste doelgroep. Momenteel is alleen de opkoopbescherming opgenomen in de huisvestingsverordening. Een gedeelte van het budget wordt jaarlijks gebruikt voor handhaving op het naleven van de opkoopbescherming. Het resterende budget is gereserveerd voor toekomstige wetswijzigingen waar extra inzet op benodigd zou kunnen zijn. Het opnemen van nieuwe middelen in de huisvestingsverordening zou vanaf 2026 een wettelijke taak kunnen worden (in het kader van het wetsvoorstel Versterking regie op volkshuisvesting). Gezien het feit dat deze middelen op dit moment niet noodzakelijk zijn kan het resterende budget van €158.621 worden wegbezuinigd. Mocht er in de toekomst meer duidelijkheid komen over de verplichte middelen die opgenomen moeten worden in de huisvestingsverordening, zal er een aanvraag voor extra budget worden gedaan.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Kamerverhuur 8. Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing 8.3 Wonen en bouwen
83 bedragen x €1.000,-
Lasten Baten Effect ombuiging op begrotingssaldo
Effect op begrotingssaldo 2025 2026 2027 50 50 50 50 50 50
2028 50 50
Dit budget is bedoeld voor het doen van de leefbaarheidstoets voor een omgevingsvergunning kamerverhuur. Onderdeel van de aanpak is het herzien van de beleidsregels kamerverhuur en woningsplitsing als structurele aanpak illegale kamerverhuur. Het structurele aspect is inmiddels
opgepakt binnen reguliere taken. Dit bedrag van €50.000 kan daarom zonder problemen worden bezuinigd.
Onderwerp: Cluster: Taakveld:
Stedelijke vernieuwing op uitnodiging 8. Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing 8.3 Wonen en bouwen