4060 Bijlage 3 Zienswijzennota Omgevingsvisie
Tekst van het document
Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 30/79
Beoogde ontwikkellocaties rondom Stompwijk U geeft hierover aan u dat de hoofdambitie is om de opgave qua woningbouw en werkgelegenheid zoveel mogelijk binnenstedelijk te realiseren. Voor Stompwijk heeft u als ambitie het behoud van de vitaliteit van het dorp, door 190 woningen in de komende 10-15 jaar te realiseren. U voorziet dat het ook noodzakelijk is ruimte te creëren voor woningbouw buiten BSD. Dit is niet in lijn met het provinciale beleid zoals hierboven ook al genoemd. De onbebouwde ruimte moet behouden blijven voor toekomstbestendige landbouw, water-, bodemen klimaatopgaven, natuurherstel, recreatie en voor de energietransitie. In het vigerende beleid zijn deze gronden beschermd met beschermingscategorie 2 voor ruimtelijke kwaliteit, waar alleen “aanpassing” van de structuur is toegestaan en geen “transformaties”. Ruimte creëren voor woningbouw neigt snel naar transformatie van een gebied, waardoor ontwikkeling buiten BSD niet mogelijk is rondom Stompwijk. Wij verzoeken u de visie hierop aan te passen. Reactie De Omgevingsvisie is genuanceerder over het eventueel bouwen buiten het BSD dan in de zienswijze wordt aangegeven. Letterlijk is de volgende passage opgenomen: “De keuze (is) om woningbouw via een combinatie van ontwikkelingsrichtingen waar proberen te maken.
In ieder geval door inbreiding en functieverandering van bestaande bebouwde erven in het lint of percelen in de kern van Stompwijk. Aanvullend via een nog nader te onderzoeken en uit te werken voorstel, waarbij gedacht kan worden aan transformatie van een deel van de sportvelden, beperkte uitbreiding aan de westkant van Stompwijk en/of uitbreiding in de Westeinderpolder. In alle voorstellen wordt behoud van goede sportvoorzieningen voor Stompwijk gewaarborgd.” De Omgevingsvisie beschrijft de mogelijkheden die (nog steeds en in goed overleg met de provincie via het Gebiedsprogramma kern Stompwijk) worden onderzocht, maar wijst geen locaties aan. Op basis van de uitgangspunten van het provinciaal beleid wordt het eventuele bouwen buiten BSD tot een minimum beperkt. Daarbij is het denkbaar dat uiteindelijk een nadere afweging gemaakt zal moeten worden tussen de (daadwerkelijk) aanwezige kwaliteiten van het landelijk gebied en het belang van de leefbaarheid (ook een provinciale doelstelling) van Stompwijk. Het gesprek daarover voeren wij graag de komende maanden met de provincie. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
3.25
Indiener(s) zienswijze 25 Adviesraad Sociaal Domein
Voor het advies van de Adviesraad Sociaal Domein Leidschendam-Voorburg, zie de behandeling in hoofdstuk 4 onder 4.2.
Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 31/79
3.26
Indiener(s) zienswijze 26 gemeente Den Haag
Samenvatting zienswijze 26. De pro-forma zienswijze van de gemeente Den Haag. De inhoudelijke zienswijze wordt onder zienswijze 75 behandeld.
3.27
Indiener(s) zienswijze 27
Samenvatting zienswijze 27. Onjuiste omschrijving Vlietland-Noord In de concept-Omgevingsvisie is Vliet-Noord omschreven als recreatiegebied. De indiener meent dat dit niet correct is en verwijst naar het Ontwikkelperspectief Vlietland en het Ontwerp bestemmingsplan VlietlandNoord, waar Vlietland wordt aangeduid als een watersport-, recreatie- en natuurgebied. De indiener verzoekt de gemeente om Vlietland-Noord aan te duiden als natuur- en recreatiegebied. Reactie Zie reactie onder zienswijze 11.
3.28
Indiener(s) zienswijze 28
Samenvatting zienswijze 28. Onjuiste omschrijving Vlietland-Noord In de concept-Omgevingsvisie is Vliet-Noord omschreven als recreatiegebied. De indiener meent dat dit niet correct is en verwijst naar het Ontwikkelperspectief Vlietland en het Ontwerp bestemmingsplan VlietlandNoord, waar Vlietland wordt aangeduid als een watersport-, recreatie- en natuurgebied. De indiener verzoekt de gemeente om Vlietland-Noord aan te duiden als natuur- en recreatiegebied. Reactie Zie reactie onder zienswijze 11.
Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 32/79
3.29
Indiener(s) zienswijze 29
Samenvatting zienswijze 29. Onjuiste omschrijving Vlietland-Noord In de concept-Omgevingsvisie is Vliet-Noord omschreven als recreatiegebied. De indiener meent dat dit niet correct is en verwijst naar het Ontwikkelperspectief Vlietland en het Ontwerp bestemmingsplan VlietlandNoord, waar Vlietland wordt aangeduid als een watersport-, recreatie- en natuurgebied. De indiener verzoekt de gemeente om Vlietland-Noord aan te duiden als natuur- en recreatiegebied. Reactie Zie reactie onder zienswijze 11.
3.30
Indiener(s) zienswijze 30 stichting Mooi Voorburg
Samenvatting zienswijze 30. Wij onderschrijven centraal gestelde gebiedskenmerken aansluitend bij de kwaliteit van centrum Voorburg. Verdichting in het gebiedstype Historisch Lint (OV-halte (station) Voorburg) vraagt meer dan zorgvuldigheid. Indiener pleit voor: • Voor het centrum van Voorburg een bouwhoogte van 15 meter met enkele uitzonderingen. • In een vroeg stadium van ontwikkeling dienen de spelregels voor de OV-locatie Voorburg bepaald te •
worden gebaseerd op de geschiedenis van de locatie en de visie op de termijn van 2040. Het resultaat van die visie zou volgens indiener kunnen zijn: door de Huygenstunnel nieuw groen door de Hofwijcktuin (25.000m2), vergroting van groenoppervlak op het Hofwijckperceel met 3.000 m2, ondergrondse functies, twee inbreidingskavels op tracé A 12 ter grootte van één voetbalveld, een ondergronds OV-station en verkeersveiligere op- en afritten voor de A 12 aan de Maanweg.
Reactie Het is nog onduidelijk hoe de ambities voor de OV-locatie station Voorburg gerealiseerd kunnen worden. Wellicht is voor een deel transformatie van bestaande gebouwen mogelijk of kan een deel door sloop / nieuwbouw worden gerealiseerd. Duidelijk is wel dat een eventuele ondertunneling van de A12/spoorzone grote kansen biedt voor de stationsomgeving, niet in de laatste plaats voor de tuinen van Hofwijck. De afwegingsleidraad borgt in algemene zin een passende bouwhoogte, aansluiting op bestaande omgeving en het rekening houden met historie bij de beoogde ontwikkeling. Zodra zich kansen voordoen zullen wij de mogelijkheden voor de stationslocatie nader uitwerken en concretiseren wat ‘aansluiten op de bestaande kwaliteiten in de directe omgeving’ betekent voor de ontwikkellocatie. Wij zien geen aanleiding om in de Omgevingsvisie nadere spelregels vast te leggen of de hoogte te beperken tot 15 m. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 33/79
3.31
Indiener(s) zienswijze 31 Bomenbond Rijnland
Samenvatting zienswijze 31. De Bomenbond Rijnland complimenteert uw college met de aandacht voor natuur, biodiversiteit en klimaatadaptatie in de concept Omgevingsvisie 2050. Wij zijn ook positief over het Omgevingseffectrapport (OER). Hierin wordt verhelderd wat de effecten zijn van het uitvoeren van de ontwerp-Omgevingsvisie. Wij hebben tevens enkele opmerkingen op de ontwerp-Omgevingsvisie.
Beschermde natuur Indiener verzoekt dringend de ontwerp-Omgevingsvisie zodanig aan te passen dat er in 2050 minstens een score voldoende kan worden gegeven voor beschermde natuurgebieden en voor soortenbescherming en biodiversiteit, en ook voor klimaatmitigatie. Reactie De Omgevingsvisie heeft duidelijke ambities voor versterking van het groen en de biodiversiteit zoals streven naar 10% meer biodiversiteit in 20235 en 50% meer stadsnatuur in 2050, het hanteren van de 3/30/300richtlijn op grote ontwikkellocaties en natuurinclusief bouwen. Het belangrijkste punt van kritiek in het Omgevingseffectrapport is dat de maatregelen daarvoor nog niet concreet zijn uitgewerkt. Dat is recent voor een deel wel gebeurd in het Bomenbeleidsplan (15 juli 2025) en zullen we verder oppakken bij het aangekondigde programma groen. De Omgevingsvisie lijkt ons niet geschikt voor die uitwerking. Daar waar het gaat om de bescherming van de natuurgebieden binnen het Nationaal Natuurnetwerk (NNN) ligt er een eerste verantwoordelijkheid bij de provincie en het rijk. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
Vlietland-Noord Wij verzoeken u daarom de omschrijving van Vlietland-Noord in de ontwerp-Omgevingsvisie te veranderen in natuur- en recreatiegebied Vlietland-Noord. Reactie Zie reactie op zienswijze 11.
Bomen, biodiversiteit en Vlietland-Noord Wij verzoeken u aan te geven hoe de ambities met betrekking tot bomen en biodiversiteit enerzijds en de plannen voor bebouwing van Vlietland-Noord anderzijds met elkaar in overeenstemming kunnen worden gebracht, zonder dat de leefomgeving achteruit gaat. Reactie Zie reactie op zienswijze nr. 11. Binnen de kaders van het vastgestelde bestemmingsplan en de nog op te stellen plannen zal moeten worden gezocht naar mogelijkheden om de impact op de omgeving zoveel mogelijk te beperken. Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 34/79
Stikstof Wij verzoeken u concreter en ambitieuzer te zijn op het gebied van stikstofemissie, in die mate dat de ambities in de Omgevingsvisie waarneembaar kunnen worden verwezenlijkt. Reactie Het stikstofvraagstuk is complex. En de verantwoordelijkheid om tot oplossingen te komen ligt in belangrijke mate bij het rijk en de provincie in samenwerking met de agrarische sector en andere sectoren. De sturingsmogelijkheden van de gemeente zijn beperkt. Wij committeren ons aan de regelgeving die voor stikstof van toepassing is en zorgen ervoor dat onze projecten daaraan voldoen. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
Recreatiedruk op natuurgebieden Indiener verzoekt de gemeente zich rekenschap te geven van de verstoring van de natuurgebieden door de toename van de recreatiedruk, die weer ontstaat door de toename van het inwonersaantal, en daarna beleid te ontwikkelen om deze verstoring tegen te gaan. Reactie Wij zijn ons bewust van de extra recreatiebehoefte als gevolg van een toename van het aantal woningen en inwoners. Dat is ook een belangrijke reden waarom wij werken aan de recreatieve, historische en landschappelijke waarden in de Duivenvoordecorridor en gaan werken aan uitbreiding van natuur- / recreatiegebied Leidschendammerhout. Daarmee kan een deel van de recreatiedruk worden afgeleid van de meer kwetsbare Natura 2000 gebieden. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
Vlietland-Noord Indiener stelt dat het belang van een toename van arbeidsplaatsen er (in Vlietland-Noord) niet is en dat het belang van extra bedrijvigheid op z’n minst twijfelachtig is. Wij verzoeken u deze tekst te schrappen uit de Omgevingsvisie 2025. Reactie Zie reactie op zienswijze nr 11. Wij hebben de ambitie om het gebied recreatief en toeristisch aantrekkelijk te maken en zien daarin een belangrijke economische waarde in het verder ontwikkelen van de recreatieve mogelijkheden. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
Veiligheid en Vlietland-Noord De hierboven genoemde veiligheidsrisico’s (voor Vlietland-Noord) zouden ook in de Omgevingsvisie moeten worden opgenomen. In de uitwerking van de visie zal de inzet op het verminderen van deze risico’s geconcretiseerd moeten worden. Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 35/79
Reactie Zie reactie zienswijze nr 11. De veiligheid is afgewogen bij vaststelling van het bestemmingsplan en zal nader worden afgewogen bij de vergunningverlening. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
Soortenbescherming en biodiversiteit Indiener verzoekt om een extra inspanning om de ambities ten aanzien van soortenbescherming en biodiversiteit te behalen. Reactie In de Omgevingsvisie hebben wij heldere ambities en richtlijnen opgenomen en een pleidooi gehouden voor het benutten van kansen. Die ambities hebben we recent uitgewerkt in het Groenactieplan 2024-2026 (november 2023) en Bomenbeleidsplan (juli 2025) en zullen we onder andere verder gestalte gegeven via het aangekondigde programma groen. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
3.32
Indiener(s) zienswijze 32 Initiatiefgroep Huygenstunnel
Samenvatting zienswijze 32. Huygenstunnel en de tuin van Hofwijck Indiener stelt dat op termijn de Huygenstunnel wordt gerealiseerd en de tuin van Huygens’ Hofwijck in ere kan worden hersteld. Om die reden alleen al kan er geen verdichting rond het OV Knooppunt station Voorburg plaatsvinden. Daarnaast verdient het aanbeveling om nu al toekomstgericht met de randen van de toekomstige tuin om te gaan en de hoogte voor de omgeving van station Voorburg te beperken tot 15 á 20 m Indiener pleit ook voor uitbreiding van Park Sonnenburgh als overgang naar de herstelde tuin van Hofwijck. Reactie Zie ook de reactie op de zienswijze nr 30. Realisatie van de Huygenstunnel is nog onzeker, maar daar zijn we mee aan de slag. Onder andere via de regionale verkenning ‘Afslag Meerwaarde’ van het Kennis en Innovatieplatform Stedelijke Snelwegen en Ruimtelijke ontwikkeling (SSRO) In de Omgevingsvisie is duidelijk verankerd dat ontwikkelingen in zijn algemeenheid moeten aansluiten op de omgeving. Bij grote ontwikkelingen kan ook een nieuwe omgeving worden gerealiseerd. We zien geen aanleiding om de ontwikkelingsmogelijkheden voor station Voorburg en omgeving op voorhand nader in te perken. Een eventuele uitbreiding van Park Sonnenburgh kan onderwerp van onderzoek zijn bij de uitwerking van een gebiedsvisie voor de ontwikkellocatie station Voorburg. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 36/79
3.33
Indiener(s) zienswijze 33
Samenvatting zienswijze 33 Onjuiste omschrijving Vlietland-Noord In de concept-Omgevingsvisie is Vliet-Noord omschreven als recreatiegebied. De indiener meent dat dit niet correct is en verwijst naar het Ontwikkelperspectief Vlietland en het Ontwerp bestemmingsplan VlietlandNoord, waar Vlietland wordt aangeduid als een watersport-, recreatie- en natuurgebied. De indiener verzoekt de gemeente om Vlietland-Noord aan te duiden als natuur- en recreatiegebied. Reactie Zie reactie onder zienswijze 11.
3.34
Indiener(s) zienswijze 34
Samenvatting zienswijze 34. Onjuiste omschrijving Vlietland-Noord In de concept-Omgevingsvisie is Vliet-Noord omschreven als recreatiegebied. De indiener meent dat dit niet correct is en verwijst naar het Ontwikkelperspectief Vlietland en het Ontwerp bestemmingsplan VlietlandNoord, waar Vlietland wordt aangeduid als een watersport-, recreatie- en natuurgebied. De indiener verzoekt de gemeente om Vlietland-Noord aan te duiden als natuur- en recreatiegebied. Reactie Zie reactie onder zienswijze 11.
3.35
Indiener(s) zienswijze 35
Samenvatting zienswijze 35 Onjuiste omschrijving Vlietland-Noord In de concept-Omgevingsvisie is Vliet-Noord omschreven als recreatiegebied. De indiener meent dat dit niet correct is en verwijst naar het Ontwikkelperspectief Vlietland en het Ontwerp bestemmingsplan VlietlandNoord, waar Vlietland wordt aangeduid als een watersport-, recreatie- en natuurgebied. De indiener verzoekt de gemeente om Vlietland-Noord aan te duiden als natuur- en recreatiegebied. Reactie Zie reactie onder zienswijze 11.
Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 37/79
3.36
Indiener(s) zienswijze 36
Samenvatting zienswijze 36. Bezwaar tegen plannen voor de Vlietzone Als een van de bewoners aan de Vliet is indiener tegen de plannen voor de polder aan de oostzijde van de Vliet, die thans tot volle tevredenheid agrarisch is. In uw visie die de blik richt tot en met 2050 geeft u aan dat de Vlietzone geüpgraded dient te worden en de natuurlijk recreatieve functie versterkt moet worden door o.m. waterpartijen, bossen etc. Nog afgezien van de ontbrekende realiteitszin is er geen duidelijkheid over de beheerskosten w.o. controle / handhaving en onderhoud. Een afweging en prioritering in dit visie document (met juridische waarde) over de vele toekomstige wensen en functieveranderingen en versterkingen ontbreekt ook volledig. De Vlietzone wordt in deze planfase niet bebouwd maar gebruikt als transitiezone. Het thans open en gewaardeerde polderlandschap (historisch bepaald) moet niet verder aangetast worden met ruimtelijke tekentafel ingrepen, die er niet thuishoren. Tot slot het proces. Het is volgens indiener onduidelijk waar de invloed van burgers via participatie stappen heeft doorgewerkt in het plan. Reactie Eén van de uitgangspunten in de Omgevingsvisie is dat de groei in aantal woningen en arbeidsplaatsen gepaard gaat met de groei van de voorzieningen. Dat geldt ook voor de voorzieningen voor recreatie. Daar is onder andere de Leidschendammerhout voor bedoeld.
De plannen voor de Leidschendammerhout zullen nog worden uitgewerkt in de vorm van een gebiedsprogramma. Dan zal er ook meer duidelijkheid moeten ontstaan over de haalbaarheid, de kosten, de beheermogelijkheden et cetera. Pas als daar duidelijkheid over is kunnen helder afspraken worden gemaakt met alle betrokkenen. Behoud van het groene buitengebied is een ander belangrijk uitgangspunt voor de Omgevingsvisie. Maar recreatie en natuur achten wij passende functies binnen dat groene buitengebied. Tenslotte, wij denken dat de Omgevingsvisie wel degelijk prioriteiten aangeeft. De afwegingleidraad in hoofdstuk 5 is daar een concreet voorbeeld van. De resultaten van de participatie hebben we samengevat in de Omgevingsvisie en in een aparte bijlage. De belangrijkste onderwerpen uit die samenvattingen komen volgens ons herkenbaar terug in de Omgevingsvisie. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
3.37
Indiener(s) zienswijze 37
Samenvatting zienswijze 37. Agrarisch gebied behouden • Indieners willen graag terugzien in de Omgevingsvisie dat het Agrarisch gebied langs de Oostvlietweg de •
agrarische bestemming behoud en dat het gebied dus Agrarisch, Authentiek en Open is en blijft. Agrarische gronden van de overheden en TBO s ten goede komen aan de met het bedrijf in dit gebied gevestigde ondernemers, om hiermee de polder en de Leidschendammerhout te versterken.
Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 38/79
•
Natuur- en recreatie uitbreidingen e.d. indien noodzakelijk alleen in het stuk tussen Leidschendam (de
•
Star) en Gemaal Oostvlietweg plaatsvinden, De Omgevingsvisie toeziet dat schade door natuuruitbreiding of drinkwaterwinning of andere nog niet
•
bekende, niet agrarische activiteiten gecompenseerd worden in grond of geld. Indieners willen graag terugzien in de Omgevingsvisie dat de bestaansmogelijkheden voor ons agrarisch bedrijf (en dit geldt ook voor de overige agrarische ondernemers/grondbezitters) behouden blijven.
Reactie In de Omgevingsvisie is met name in paragraaf 6.6 aangegeven wat het belang is van de agrarische sector voor het buitengebied. Op pagina 94 bovenaan is echter ook helder aangegeven dat er mogelijkheden zij voor functieverandering. Via het gebiedsprogramma Leidschendammerhout wordt verkend wat de mogelijkheden zijn om de ruimte voor natuur, recreatie en bos te vergroten. Dit doen we omdat met het groeiende aantal inwoners ook de behoefte aan natuur en recreatie toeneemt. Zodra de interne voorbereiding voor het gebiedsprogramma is afgerond zullen we dit via participatie met de omwonenden en ondernemers bepreken en uitwerken. Meer duidelijkheid kunnen we in de Omgevingsvisie niet geven. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
3.38
Indiener(s) zienswijze 38
Samenvatting zienswijze 38. Ongelijkvloerse kruisingen bij de Mall ln de ontwerp Omgevingsvisie en het Omgevingseffectrapport zet de gemeente de ongelijkvloerse kruisingen met de N14 in als de oplossing om de autobereikbaarheid van de Mall te verbeteren. Indiener stelt dat er geen studie beschikbaar is die dat kan staven. Tevens is het effect op de omliggende wijken (bereikbaarheid en leefbaarheid) niet in ogenschouw genomen in het Omgevingseffectrapport. Tevens is in beide documenten de strekking van de uitspraak van de Raad van State van 7 mei 2025 met betrekking tot het Bestemmingsplan Stedelijk, niet meegenomen. Indiener concludeert dat de gevolgen van de ongelijkvloerse kruisingen niet zijn onderzocht op een manier waarnaar gerefereerd wordt in de RvS uitspraak. Reactie In de Omgevingsvisie is het volgende opgenomen: “Ook blijven we ons inzetten voor ontwikkeling van ongelijkvloerse kruispunten bij de N14.” Dat is gebaseerd op de veronderstelling dat in het algemeen ongelijkvloers kruisingen een bijdrage kunnen leveren aan een betere verkeersafwikkelingen en de capaciteit van een kruispunt kunnen bevorderen. Het OER onderschrijft deze veronderstelling met de mitigerende maatregel ‘Overweeg ook het realiseren van ongelijkvloerse kruisingen over de N14’ bij de beoordeling van de alternatieven (pagina 67 van het OER).
Deze mitigerende maatregel is komen te vervallen bij de effectbeoordeling van het voorgenomen beleid, omdat wij deze maatregel al overwegen. Het Rijk heeft het A4 Haaglanden N14 project op pauze gezet. Wij gaan, zodra het A4 Haaglanden-N14 project weer in gang wordt gezet, in gesprek met het Rijk over actualisering van (onderdelen) van het Milieueffectrapport voor het project.
Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 39/79
3.39
Indiener(s) zienswijze 39
Samenvatting zienswijze 39. Toegankelijkheid buitengebied Indieners zijn onlangs verhuisd naar dit prachtige buitengebied, en zijn fel tegen het beter toegankelijk maken van het landschap in het buitengebied. Wanneer het gebied veel gemakkelijker toegankelijk zou worden met extra fietsbruggen, en opeens toegankelijk wordt voor veel meer en veel grotere groepen recreanten, dan vrezen de indieners dat de kwaliteit van dit natuurgebied onmiddellijk zal dalen, misschien zelfs met onomkeerbare gevolgen van dien. Dit gebied wordt dan waarschijnlijk niet meer met zorg betreden (zwerfafval, afschrikken van vogels, aantasting ecosysteem). Daarnaast voelen zij zich als bewoners van dit gebied ook onveiliger, wanneer er meer directere toegangswegen zullen komen (vandalisme, overlast, diefstal). De conclusie zou moeten zijn, dat dit natuurgebied al toegankelijk genoeg is voor iedereen die er overdag wil zijn; vissers, hardlopers, (lig)fietsers, wielrenners, maatjesfietsers, wandelaars, roeiers, suppers, zwemmers, bootjes, auto's, hondenuitlaters, etc. Reactie Wij zien met u dat er veel behoefte is om te sporten en recreëren in het fraaie buitengebied van onze gemeente.
Dat is ook de reden dat we in de Omgevingsvisie inzetten op verbetering van de toegankelijkheid van het buitengebied via bijvoorbeeld wandel- en fietspaden en in de Leidschendammerhout onder andere inzetten op vergroting van het natuuroppervlak. Om de door u geschetste negatieve effecten zoveel mogelijk te voorkomen, zullen we bij de voorbereiding van concrete projecten overleggen met de omwonenden. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
3.40
Indiener(s) zienswijze 40 Vidomes
Samenvatting zienswijze 40 Stapeling van ambities en haalbaarheid woningbouwopgave Wij herkennen ons in de grote lijn van de ambities die zijn opgenomen. Onze zorg ligt echter bij de optelsom van deze ambities. Hoewel wij de afzonderlijke doelen ondersteunen, constateren wij dat hun gezamenlijke effect dreigt te leiden tot forse belemmeringen bij het realiseren van nieuwe sociale huurwoningen. Een te vergaande stapeling van eisen maakt het financieel, door de hoge bouwkosten, en praktisch steeds moeilijker om sociale woningbouwprojecten te realiseren (stadsnatuur, duurzaamheid, parkeren, geluid). Wij vragen u daarom om in de verdere uitwerking van de visie en bijbehorende uitvoeringsinstrumenten nadrukkelijk oog te houden voor de haalbaarheid van de sociale woningbouwopgave. Ambities volkshuisvesting operationaliseren Ook vragen wij u om in het volkshuisvestelijk plan de ambities ten aanzien van betaalbare en sociale woningbouw gebouwd door corporaties, die in de regio zijn afgesproken in de Regionale Realisatieagenda Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 40/79
Woningbouw Haaglanden nader te operationaliseren. Om te zorgen dat deze daadwerkelijk gebouwd kunnen worden is het van belang om naast aantallen, ook uitspraken te doen over doelgroepen, kwaliteit en het bijpassend instrumentarium waarin we de afspraken met elkaar vastleggen (Verordening Sociale woningbouw, kavelpaspoort, anterieure overeenkomst of prestatieafspraken).
Doorlooptijden nieuwbouw Tot slot is het eveneens van belang dat we gezamenlijk in de gemeente gaan sturen op de doorlooptijden van nieuwbouwprojecten, aangezien deze los van de kwaliteitseisen, ook sterk kostenverhogend werken en dit onuitlegbaar is als professionals aan de woningzoekenden in de huidige wooncrisis. Reactie Wij herkennen de complexiteit van de optelsom van ambities. Echter, wij erkennen ook het nut en de noodzaak van deze afzonderlijke ambities. De afwegingsleidraad en de prioritering voor de verschillende deelgebieden bieden hulp bij een zorgvuldige en vlotte afweging van deze ambities voor concrete projecten. De intentie is om in overleg met indiener te komen tot betaalbare ontwikkelingen die zoveel mogelijk bijdragen aan de ambities uit de Omgevingsvisie. Met het operationaliseren van onze ambities voor volkshuisvesting zijn wij – zoals u weet – gestart. We beschouwen de zienswijze op dat punt als een goede reminder. Wij onderstrepen de noodzaak om de doorlooptijden voor de nieuwbouwprojecten te beperken en hopen dat een heldere Omgevingsvisie en een praktische afwegingleidraad daar een bijdrage aan kunnen leveren. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
3.41
Indiener(s) zienswijze 41 Bewonersplatform Voorburg-Noord
Deze zienswijze is van dezelfde indiener van zienswijze 13 en 55. Zie voor behandeling 3.13.
3.42
Indiener(s) zienswijze 42 Burgerkrachtcentrale (BKC)
Samenvatting zienswijze 42 Keuzes maken De indiener is van mening dat er met de voorliggende Omgevingsvisie geen keuzes gemaakt zijn. Hierdoor blijven veel opties open en dit geeft geen houvast voor inwoners. Keuzes zullen in de toekomst schuren omdat hier nu geen visie is ontwikkeld. De indiener verwacht visie van het bestuur en de gemeenteraad. De indiener doet een oproep om nu keuzes te maken en deze op te schrijven in een kort en bondig document dat door de inwoners ook gebruikt kan worden in de bepaling op wie zij gaan stemmen.
Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 41/79
Reactie De Omgevingsvisie maakt op hoofdlijnen keuzes, zoals de omarming van het STOMP-principe, de keuze om 6.000 woningen te bouwen, ruimte te maken voor passende bedrijvigheid, voorzieningen en de 3-30-300 richtlijn. Een samenvatting is opgenomen aan het begin van de Omgevingsvisie en een publiekssamenvatting wordt voorbereid. Meer specifieke keuzes worden gemaakt in onderliggende programma’s. Voor een stembepaling is de Omgevingsvisie niet geschikt, hiervoor schrijven de deelnemende partijen hun verkiezingsprogramma’s. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
3.43
Indiener(s) zienswijze 43 Gemeente Rijswijk
Samenvatting zienswijze 43 Energietransitie De indiener richt zich in de zienswijze op hetgeen de Omgevingsvisie omschrijft over de energietransitie. De plaatsing van warmtenetten is onduidelijk en in de visie geeft de gemeente aan in te zetten op de elektrificatie van de warmtevraag. De indiener verzoekt het college in te zetten op warmtenetten die tegen de laagst mogelijke maatschappelijke kosten zijn te realiseren. Om beter aan te sluiten op de regio zouden dit dan middentemperatuur warmtenetten moeten zijn. Reactie Op dit moment wordt gewerkt aan het Omgevingsprogramma Warmte als opvolger van de Transitievisie Warmte en Lokale Energiestrategie Leidschendam-Voorburg. In de Lokale Energiestrategie, Transitievisie Warmte en RES 1.0 heeft onze gemeente vanaf het eerste begin van de energietransitie al aangegeven dat de lokale situatie niet helemaal vergelijkbaar is met die van Rijswijk en Den-Haag. In die zin is al jaren duidelijk dat de ondergrond, ruimtelijke verdeling van hoog- en laagbouw, aanwezigheid van archeologie leidt tot hogere maatschappelijke kosten voor grootschalige warmtenetten. In genoemde strategieën is daarom benoemd dat verdere elektrificatie van de warmtevraag in Leidschendam-Voorburg voor de hand ligt.
3.44
Indiener(s) zienswijze 44
Deze zienswijze is van dezelfde indiener van zienswijze 37. Zie voor behandeling 3.37.
Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 42/79
3.45
Indiener(s) zienswijze 45 Wijkvereniging Oud-Voorburg
Samenvatting zienswijze 45. Stedelijke structuur De indiener verwacht dat door het opstellen van een omgevingsplan voor de wijk Oud-Voorburg gecombineerd met het verkrijgen van de erfgoedstatus, het karakter van de wijk in stand kan worden gehouden. Reactie De gemeente hecht waarde aan wijken die de gemeente een eigen karakter geven. Dit unieke karakter willen we behouden. Dat betekent niet dat er helemaal geen ontwikkelingen mogelijk zijn. Dit is uitgewerkt in de afwegingleidraad (hoofdstuk 5) en de beschrijving van de verschillende deelgebieden in hoofdstuk 6. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
Woongebied De indiener pleit voor het bijeenhouden van de huidige groene gebieden, met een hoge recreatieve, gezondheids- en ecologische waarde, en de samenhang in de groenstructuur te versterken. Een verdere verduurzaming van het woongebied moet passen in de historische omgeving. Reactie De Omgevingsvisie onderschrijft het belang van groene verbonden gebieden in de gemeente, als onderdeel van een gezonde leefomgeving. Hier zal in toekomstige programma’s aandacht aan worden besteed. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
Openbare ruimte De indiener wenst reclame-uitingen op monumenten en langs doorgaande wegen worden verboden binnen het historische centrum. Reactie Het historische centrum van het Huygenskwartier en een deel van Damcentrum valt onder het beschermd dorpsgezicht. Dat betekent dat er specifieke richtlijnen gelden voor wat wel en niet is toegestaan op en rondom monumentale panden. Deze regels zijn bedoeld om het karakter en de historische uitstraling van het gebied te behouden. Tegelijkertijd is zichtbaarheid is voor ondernemers cruciaal om te kunnen blijven bestaan. Een algeheel verbod op reclame-uitingen zou ertoe kunnen leiden dat het centrum aan aantrekkingskracht verliest en dat ondernemers moeite krijgen om hun klanten te bereiken. Dat risico willen we voorkomen. De monumentale waarden en historische kwaliteit van monumenten en beschermde gezichten worden afdoende beschermd door de bestaande juridische instrumenten die deze bescherming met zich meebrengt. Voor het aanbrengen van reclame-uitingen zijn passende richtlijnen en is in veel gevallen een vergunning Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 43/79
nodig. Daarbij toetst de Commissie Omgevingskwaliteit ook altijd of de reclame-uiting binnen beschermde gebieden passend wordt bevonden. Er is dus voldoende sturing om negatieve impact van reclame-uiting op de erfgoedwaarden te voorkomen. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
Samen met de buren/ Vlietzone Grensoverschrijdende gebieden en ontwikkelingen in die gebieden moet samen met buren (van andere wijken of gemeenten) worden aangepakt om zo de samenhang te versterken. Reactie Grensoverschrijdende gebieden en ontwikkelingen worden regelmatig besproken met de omliggende gemeenten, regulier en bij de voorbereiding van bijvoorbeeld de Omgevingsvisies en concrete projecten. Ook de provincie speelt daarbij een belangrijke rol, bijvoorbeeld bij de bescherming en ontwikkeling van het gemeentegrens overstijgende Natuurnetwerk Nederland (NNN). Geen aanpassing Omgevingsvisie.
Waardevolle verbindingen De indiener wenst dat deze behouden blijven. Reactie Het belang van groene verbindingen wordt op meerdere plekken in de Omgevingsvisie benadrukt onder andere op pagina 19, 25 en 32. Geen aanpassing Omgevingsvisie
STOMP De wijk Oud-Voorburg wordt belast met het versterken en uitbreiden van het OV-netwerk, dit vraag speciale aandacht. Reactie De Omgevingsvisie beschrijft op hoofdlijnen het belang van openbaar vervoer voor een duurzame mobiliteit. Hier wordt waarschijnlijk gedoeld op de voorbereiding van de Vlietlijn. Daarvoor is een aparte projectorganisatie opgericht die moet zorgen voor een zorgvuldige inpassing. Daarvoor wordt onder andere een Milieueffectrapport (MER) voorbereid. Zie ook www.devlietlijn.nl . Geen aanpassing Omgevingsvisie.
3.46
Indiener(s) zienswijze 46 VOLT Leidschendam-Voorburg
Samenvatting zienswijze 46. Indiener complimenteert het college van B&W met de prachtige ambities in de Ontwerp-Omgevingsvisie. Het is een uitstekende basis om de komende jaren mee aan de slag te gaan. Daarbij heeft indienen een paar vragen en opmerkingen.
Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 44/79
Sturingsfilosofie Hoe wil het College in deze Omgevingsvisie waarborgen dat de ambities voor 2050 daadwerkelijk gehaald worden? Wanneer zou de gemeente volgens deze Omgevingsvisie over moeten gaan tot reguleren en doelen stellen, als faciliteren en stimuleren onvoldoende blijkt? Reactie De sturingsfilosofie van stimuleren, faciliteren en samenwerken sluit doelen stellen en reguleren niet uit. Via de voorgestelde programma's en het Omgevingsvisie zullen de doelen en ambities van de Omgevingsvisie worden uitgewerkt, geborgd en uitgevoerd. Maar ook die producten worden volgens de voorgestane sturingsfilosofie tot stand gebracht. Ook zal na vaststelling van de Omgevingsvisie bepaald worden voor welke onderdelen monitoring nodig is om inzicht te krijgen in ontwikkelingen om daar vervolgens weer gericht op bij te kunnen sturen. Waar nodig kunnen sturende instrumenten ingezet worden zoals actief grondbeleid. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
Energietransitie Wat doet het College om de inhaalslag te maken in de energietransitie, die nodig is om LeidschendamVoorburg daadwerkelijk in de pas te laten lopen met landelijke ontwikkelingen rondom hernieuwbare energie? Reactie In de Omgevingsvisie hebben we onze ambitie op hoofdlijnen voor 2050 beschreven. Bij de realisatie van die doelstellingen wordt regionaal samengewerkt met de MRDH, bijvoorbeeld aan het Milieu-effectrapport (MER) voor de zoeklocaties voor duurzame energie uit de Regionale Energiestrategie (RES). Lokaal werken we onze ambities uit in een Lokale Energiestrategie (LES) en een Warmteprogramma. Wij realiseren ons dat de energietransitie nog een forse inspanning vraagt van onze gemeente. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
Natuurinclusief bouwen Hoe wil het College ervoor zorgen dat projectontwikkelaars daadwerkelijk natuurinclusief gaan bouwen, en groenvoorzieningen aanleggen op het eigen perceel van nieuwbouwwoningen. Reactie De Omgevingsvisie en meer concreet de afwegingleidraad vormt het vertrekpunt voor elk gesprek met initiatiefnemers en ontwikkelaars. We zien nu al dat eenvoudige maatregelen makkelijk geïntegreerd worden, omdat natuurinclusief bouwen ook aantrekkelijk is. Op termijn kunnen we bezien of regulering nodig is, bijvoorbeeld in de vorm van een puntensysteem voor natuurinclusief bouwen in het Omgevingsplan. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 45/79
Wandelaars en fietsers Hoe wil het College nieuwe OV-verbindingen, zoals de Vlietlijn, gebruiken om meer ruimte te creëren voor wandelaars en fietsers, evenals voor nieuw groen en nieuwe buurten, om zo de leefbaarheid in onze wijken te vergroten? Reactie In de Omgevingsvisie hebben we een groot aantal uiteenlopende ambities beschreven die inderdaad ook onderling met elkaar samenhangen. Die onderlinge samenhang komt tot uitdrukking in de afwegingsleidraad. De onderliggende vraag is daarbij: Hoe kan een willekeurig initiatief bijdragen aan zoveel mogelijk ambities? Geen aanpassing Omgevingsvisie.
3.47
Indiener(s) zienswijze 47 Oosterlaan Architecten
Samenvatting zienswijze 47. Behoud dorpse karakter Stompwijk Indiener geeft aan dat ontwerpvisie een goed kader geeft, maar voor Stompwijk is het cruciaal dat de nadruk komt te liggen op het behouden van het dorpse karakter, het versterken van de sociale structuur en het garanderen van bereikbaarheid en voorzieningen. Alleen met spoedige en evenwichtige uitbreiding van de woningvoorraad, blijft Stompwijk een leefbaar dorp waar jong en oud zich thuis voelen. Reactie Dank voor de positieve reactie op de Ontwerp Omgevingsvisie. We kunnen de zienswijze alleen maar onderschrijven. We hebben eerder al geconstateerd dat een extra inspanning nodig is om de vitaliteit van Stompwijk te waarborgen. Daarom zijn we - parallel aan de Omgevingsvisie - al gestart met een Gebiedsprogramma op basis van een woonbehoefte onderzoek. Daarin worden concrete uitspaken gedaan over aantallen woningen voor bepaalde doelgroepen, behoud van voorzieningen en een beperkte groei van de ruimte voor werkgelegenheid. Het Gebiedsprogramma zal waarschijnlijk in de eerste helft van 2026 worden vastgesteld.
3.48
Indiener(s) zienswijze 48 gemeente Den Haag
Dit betreft de pro-forma zienswijze van de gemeente Den Haag (gelijk aan zienswijze 26).
Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 46/79
3.49
Indiener(s) zienswijze 49 Vereniging vrienden van Vlietland
Samenvatting zienswijze 49. Naamgeving Vlietland De Vrienden pleiten met klem voor het vasthouden aan de naamgeving van dit gebied, zoals in eerdere en ook andere documenten werd en wordt toegepast. Ons voorstel luidt daarom in de Omgevingsvisie te spreken van ‘Natuur- en recreatiegebied Vlietland’. Reactie Zie reactie onder zienswijze 11.
Actualisatie Omgevingsvisie Wij stellen voor in de Omgevingsvisie een paragraaf op te nemen waardoor het met een zekere regelmaat mogelijk wordt de Omgevingsvisie te actualiseren. Reactie Wij onderschrijven de zienswijze op dit punt. Op pagina 111 van de Ontwerp-Omgevingsvisie is ook het volgende aangegeven: “Wij zijn van plan de Omgevingsvisie zelf één keer per bestuursperiode te evalueren en actualiseren.” Geen aanpassing Omgevingsvisie.
3.50
Indiener(s) zienswijze 50
Samenvatting zienswijze 50. Onjuiste omschrijving Vlietland-Noord In de concept-Omgevingsvisie is Vlietland-Noord omschreven als recreatiegebied. De indiener meent dat dit niet correct is en verwijst naar het Ontwikkelperspectief Vlietland en het Ontwerp bestemmingsplan VlietlandNoord, waar Vlietland wordt aangeduid als een watersport-, recreatie- en natuurgebied. De indiener verzoekt de gemeente om Vlietland-Noord aan te duiden als natuur- en recreatiegebied. Reactie Zie reactie onder zienswijze 11.
Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 47/79
3.51
Indiener(s) zienswijze 51 Architectenburo Van Vliet
Samenvatting zienswijze 51. Ontwikkelsuggestie Stompwijk Voor u ligt een ontwikkelingssuggestie voor het lint langs de Nieuwe Vaart, het gebied tussen de Nieuwe Vaart en de Veenpolderweg. Een mogelijkheid ter aanvulling op uitbreidingsmogelijkheden voor Stompwijk. Ik stel voor dat deze zone wordt bestemd voor wonen, kleinschalig werken en recreatie, met afwisselend woonerven en open groengebiedjes. Deze optie biedt kans aan betaalbaardere woningen ten opzichte van de kleinschalige inbreidingsopties. Reactie In de Ontwerp-Omgevingsvisie is slechts één globale ontwikkellocatie voor Stompwijk aangewezen. In detail worden de beoogde ontwikkellocaties voor Stompwijk uitgewerkt in het Gebiedsprogramma kern Stompwijk. Het accent ligt daarbij op zuinig ruimtegebruik en zoveel mogelijk inbreiding in het lint en de bestaande kern. We zullen de zienswijze betrekken bij de uitwerking van het Gebiedsprogramma. Dit Gebiedsprogramma wordt naar verwachting eind 2025 of begin 2026 ter visie gelegd.
3.52
Indiener(s) zienswijze 52
Samenvatting zienswijze 52. Onjuiste omschrijving Vlietland-Noord In de concept-Omgevingsvisie is Vliet-Noord omschreven als recreatiegebied. De indiener meent dat dit niet correct is en verwijst naar het Ontwikkelperspectief Vlietland en het Ontwerp bestemmingsplan VlietlandNoord, waar Vlietland wordt aangeduid als een watersport-, recreatie- en natuurgebied. De indiener verzoekt de gemeente om Vlietland-Noord aan te duiden als natuur- en recreatiegebied. Reactie Zie reactie onder zienswijze 11.
3.53
Indiener(s) zienswijze 53
Samenvatting zienswijze 53. Onjuiste omschrijving Vlietland-Noord In de concept-Omgevingsvisie is Vliet-Noord omschreven als recreatiegebied. De indiener meent dat dit niet correct is en verwijst naar het Ontwikkelperspectief Vlietland en het Ontwerp bestemmingsplan VlietlandNoord, waar Vlietland wordt aangeduid als een watersport-, recreatie- en natuurgebied. De indiener verzoekt de gemeente om Vlietland-Noord aan te duiden als natuur- en recreatiegebied. Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 48/79
Reactie Zie reactie onder zienswijze 11.
3.54
Indiener(s) zienswijze 54
Samenvatting zienswijze 54. Onjuiste omschrijving Vlietland-Noord In de concept-Omgevingsvisie is Vliet-Noord omschreven als recreatiegebied. De indiener meent dat dit niet correct is en verwijst naar het Ontwikkelperspectief Vlietland en het Ontwerp bestemmingsplan VlietlandNoord, waar Vlietland wordt aangeduid als een watersport-, recreatie- en natuurgebied. De indiener verzoekt de gemeente om Vlietland-Noord aan te duiden als natuur- en recreatiegebied. Reactie Zie reactie onder zienswijze 11.
3.55
Indiener(s) zienswijze 55 Bewonersplatform Voorburg-Noord
Deze zienswijze is van dezelfde indiener van zienswijzen 13 en 41 en is behandeld onder 3.13.
3.56
Indiener(s) zienswijze 56
Deze zienswijze is van dezelfde indiener van zienswijze 38. Zie voor behandeling 3.38.
3.57
Indiener(s) zienswijze 57 Stichting Horst & Weide
Deze zienswijze is van dezelfde indiener als zienswijze 22. Zie voor behandeling 3.22.
3.58
Indiener(s) zienswijze 58 Hoogheemraadschap van Delfland
Samenvatting van zienswijze 58. Allereerst willen wij u bedanken, dat u ons vroegtijdig bij de Omgevingsvisie betrokken hebt. Desondanks maken wij nog enkele opmerkingen op deze Ontwerp Omgevingsvisie.
Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 49/79
Klimaatadaptatie Indiener geeft aan dat het wenselijk is doelen en maatregelen op dit gebied verder te concretiseren in het programma Milieu en klimaatbestendige leefomgeving. Wij worden graag betrokken bij de uitwerking van dit programma. Reactie Het is gebruikelijk de hoogheemraadschappen in onze gemeente te betrekken bij de programma's die raken aan hun ambities. Dat geldt zeker ook voor het programma Milieu- en klimaatbestendige leefomgeving. De zienswijze is daarvoor een goede reminder. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
Groen en watervoorziening Indiener geeft aan dat in de Omgevingsvisie sterk wordt ingezet op vergroening. Indiener onderschrijft de ambitie maar vraagt aandacht voor toenemende druk op de aanvoer van zoetwater in droge perioden. Indiener adviseert bij de inrichting van openbaar gebied daarom het water-vasthoudend vermogen van groen zoveel mogelijk te benutten en tegelijk de zoetwatervraag te beperken, bijvoorbeeld door te kiezen voor droogtebestendige soorten. Reactie Een integrale benadering van vraagstukken is één van de belangrijkste kenmerken en ambities van de Ontwerp Omgevingsvisie. We zullen bij de uitwerking van de groene ambities, met name in het programma groen, aandacht besteden aan het belang van de inzet op droogtebestendige soorten. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
Beperking drinkwatergebruik Indiener wijst erop dat beperking van het zoetwatergebruik, bijvoorbeeld voor drinkwater, niet alleen een opgave is voor de hoogheemraadschappen, maar een gezamenlijke opgave. Indiener gaat daarom bij de uitwerking van programma's graag in overleg over mogelijke maatregelen. Reactie Zie ook hiervoor, wij gaan graag in overleg met de hoogheemraadschappen. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 50/79
3.59
Indiener(s) zienswijze 59 Wijkvereniging Leidschendam-Zuid
Samenvatting zienswijze 59. Infrastructuur Leidschendam-Zuid Indiener vraagt aandacht voor het feit, dat de infrastructuur in Leidschendam-Zuid ernstig onder druk staat, doordat deze als alternatieve route naar de MalL wordt gebruikt, als de N14 het verkeer niet meer aan kan. Het gevolg voor de buurtbewoners is dat zij de wijk niet in, maar ook niet meer uit kunnen. Ook landt de traumahelikopter op het speelveld bij wijkgebouw "Ons Tolhuis", omdat de doorstroming van het verkeer de uitruktijd van een ambulance te veel vertraagd. Reactie Hert is bekend dat de bereikbaarheid van Leidschendam-Zuid onder druk staat, mede als gevolg van knelpunten in de bereikbaarheid van de Mall. Aan maatregelen voor verbetering van de bereikbaarheid van de Mall wordt gewerkt. En in de Omgevingsvisie is concreet het verlengen van de OV halte LeidschendamVoorburg als maatregel benoemd om de bereikbaarheid van Leidschendam-Zuid te verbeteren. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
Bijlage 3 inschatting aantal woningen Indiener geeft aan dat in bijlage 3 bij de Ontwerp Omgevingsvisie “Tabel inschatting aantal woningen, mogelijk toekomstige projecten blz. 119, het gebied bij wijkgebouw "Ons Tolhuis", de Horre genoemd.” Een idee zou 25 woningen extra zijn. In de digitale versie hebben wij dit onderwerp niet meer terug kunnen vinden. Echter er is naast ons gebouw, achter de Venestraat, een nieuwe speeltuin aangelegd, een mooie groene speelomgeving voor de jeugd en ouderen om te recreëren. Reactie De tabel is bedoeld om een inschatting te maken of de beoogde 6.000 woningen een realistische ambitie vormen. Op basis van de tabel concluderen wij dat dit het geval is. De daadwerkelijke ontwikkelingsmogelijkheden zijn afhankelijk van een nadere verkenning, meestal in het kader van een gebiedsvisie en de ontwikkelingen die zich de komende jaren voordoen. Geen aanpassing Omgevingsvisie
3.60
Indiener(s) zienswijze 60
Samenvatting zienswijze 60. Verduidelijken Trappen (STOMP) en de daarbij behorende verkeersdeelnemers Indiener geeft aan dat de T in STOMP staat voor “Trappen”, maar onvoldoende duidelijk is waar dat voor staat. Evenmin is duidelijk hoe deze doelstelling in de visie in de praktijk wordt uitgewerkt. Het oorspronkelijke onderscheid tussen snelverkeer en langzaam verkeer is niet meer hanteerbaar, want langzaam verkeer is heel divers. Fietsen kan niet als eenduidig onderwerp worden behandeld. Maak een duidelijke keuze in de Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 51/79
Omgevingsvisie welke verkeersdeelnemers vallen onder “Trappen”. De Omgevingsvisie moet voor “Trappen (fietsen)” duidelijk omschrijven waar het om gaat, wat het dan oplevert en een afbakening die in de praktijk werkt, rekening houdend met de volgende punten. Reactie De Ontwerp Omgevingsvisie beschrijft de ambities voor verduurzaming van de mobiliteit op hoofdlijnen. De T van Trappen is inderdaad niet gedetailleerd uitgewerkt en indiener constateert terecht dat er de afgelopen jaren nieuwe modaliteiten zijn ontstaan die vragen om duidelijkheid. Daar ligt echter een eerste verantwoordelijkheid voor de wetgever om te verduidelijken om wat voor modaliteit het gaat, welke regels daarop van toepassing zijn en hoe de betreffende modaliteit gebruik dient te maken van de beschikbare infrastructuur. Als gemeente zullen wij de verduurzaming van de mobiliteit verder uitwerking in het genoemde programma 10 Duurzame mobiliteit en bereikbaarheid en bij de betreffende gebiedsprogramma's / locatieontwikkelingen. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
3.61
Indiener(s) zienswijze 61
Samenvatting zienswijze 61.
Onjuiste omschrijving Vlietland-Noord In de concept-Omgevingsvisie is Vliet-Noord omschreven als recreatiegebied. De indiener meent dat dit niet correct is en verwijst naar het Ontwikkelperspectief Vlietland en het Ontwerp bestemmingsplan VlietlandNoord, waar Vlietland wordt aangeduid als een watersport-, recreatie- en natuurgebied. De indiener verzoekt de gemeente om Vlietland-Noord aan te duiden als natuur- en recreatiegebied. Reactie Zie reactie onder zienswijze 11.
Onderhoud Leidsekade Indiener geeft aan dat de dijk aan de Leidsekade te Leidschendam aan een grote opknapbeurt toe is. Over de gehele kade zijn verschillende sinkholes van soms 40cm diep. Indiener is bang dat de dijk de fundering van de huizen aan de Leidsekade aantast. Graag wil ik een specifieke omschrijving in de Omgevingsvisie dat er iets aan de dijk aan de Leidsekade wordt gedaan. Reactie De verantwoordelijkheid voor het beheer en onderhoud van de dijk aan de Leidsekade ligt bij het Hoogheemraadschap Rijnland / de Provincie Zuid-Holland. Indiener wordt gevraagd zich bij die organisaties te melden. De Omgevingsvisie is niet het geëigende document om knelpunten qua beheer en onderhoud te signaleren en oplossen. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 52/79
3.62
Indiener(s) zienswijze 62 Fietsersbond Leidschendam-Voorburg
Samenvatting zienswijze 62. Waardering voor ambities en beleid Indiener kan zich goed vinden in de Concept Omgevingsvisie 2050. In het bijzonder spreken hierin aan de ambities en het beleid op het gebied van de ruimtelijke ordening en duurzame mobiliteit. Het gaat daarbij met name om het STOMP-principe, de mobiliteitstransitie, het integraal verlagen van de snelheidslimiet van 50 naar 30 - met uitzondering van enkele hoofdwegen – en de 15-minutenstad. En specifiek de aanvullende doorfietsroute langs de centrale as (noord-zuid) door woongebieden is belangrijk voor vlot en veilig fietsverkeer naar belangrijke voorzieningen voor onder andere jongeren, zoals scholen sportcomplexen en winkelcentra. De Fietsersbond ziet uit naar de vaststelling van Omgevingsvisie en de verdere uitwerking hiervan in programma’s. Bij de ontwikkeling hiervan blijft indiener graag betrokken. Reactie Dank voor de waardering voor de ambities en het beleid, zoals dat is verwoord in de Ontwerp Omgevingsvisie. Wij zullen de vaststelling van de Omgevingsvisie voorbereiden en maken graag gebruik van het aanbod van indiener om mee te denken bij de uitwerking van de ambities in programma's. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
3.63
Indiener(s) zienswijze 63
Deze zienswijze is van dezelfde indiener als zienswijze 21. Zie voor de reactie 3.21
3.64
Indiener(s) zienswijze 64
Samenvatting zienswijze 64. Onjuiste omschrijving Vlietland-Noord In de concept-Omgevingsvisie is Vliet-Noord omschreven als recreatiegebied. De indiener meent dat dit niet correct is en verwijst naar het Ontwikkelperspectief Vlietland en het Ontwerp bestemmingsplan VlietlandNoord, waar Vlietland wordt aangeduid als een watersport-, recreatie- en natuurgebied. De indiener verzoekt de gemeente om Vlietland-Noord aan te duiden als natuur- en recreatiegebied. Reactie Zie reactie onder zienswijze 11. Het tweede deel van de zienswijze betreffende sinkholes aan de Leidsekade is identiek aan zienswijze 61. Zie voor de reactie 3.61.
Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 53/79
3.65
Indiener(s) zienswijze 65
Samenvatting zienswijze 65. In het algemeen kan indiener zich voor het stedelijk gebied vinden in de ontwikkelingsrichting die wordt aangegeven, maar heeft wel een aantal zaken die indiener graag aangepast zou willen zien voor de buitengebieden. Leidschendammerhout Indiener vreest dat uitbreiding van het Leidschendammerhout leidt tot verlies van het open karakter van het gebied en verhoging van de onkruiddruk. Reactie Voor de uitbreiding van het Leidschendammerhout zal een gebiedsprogramma worden voorbereid. Waarbij de Omgevingsvisie een aantal uitgangspunten meegeeft, zoals uitbreiding van natuur, bos en recreatie. Het gebiedsprogramma zal net als alle andere initiatieven en projecten een zo groot mogelijk bijdrage moeten leveren aan de ambities uit de Omgevingsvisie. Dit betekent ook dat er een afweging en keuzes gemaakt zullen moeten worden op basis van de afwegingsleidraad, rekening houdende met de bestaande kwaliteiten en belangen zoals openheid en de onrkuiddruk. Inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties zullen ook via participatie worden betrokken bij de uitwerking van het gebiedsprogramma. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
Drinkwaterwinning In de visie wordt ook aangegeven dat er onderzocht wordt of er drinkwaterwinning mogelijk is binnen het plangebied. In recente nieuwsberichten wordt er al aangegeven dat DUNEA (na onderzoek van verschillende locaties) tot de conclusie is gekomen dat winning uit de Vliet moet gaan plaatsvinden. Vestiging van deze industriële installatie in de beschermde Vlietzone / Duin, Horst en Weide gebied en specifiek in het Leidschendammerhout / Starrevaartpolder zou dus moeten worden afgewezen en een beter geschikte locatie langs de Vliet elders moeten worden onderhandeld met DUNEA. Reactie Voldoende drinkwater is net als (duurzame) energie van groot belang voor de toekomst van onze regio en de gemeente. Voor de aangehaalde drinkwaterwinning door Dunea zijn de onderzoeken nog niet afgerond en is er nog geen locatie gekozen. Wij zullen, als dat zich aandient, een eventueel voorstel voor een locatie beoordelen vooruitlopend op de vaststelling van de Omgevingsvisie in de geest van de doelen en ambities van de Ontwerp Omgevingsvisie.
Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 54/79
Waterberging Indiener wijst erop dat in de Ontwerp Omgevingsvisie wordt aangegeven dat er onderzoek wordt gedaan naar waterberging in de "20% laagst gelegen delen van de droogmakerijen" waarbij aanleg van "moeras en veenvorming" inrichtingsmogelijkheden zijn. Waterstandverhoging kan leiden tot het onbruikbaar worden van de omliggende weilanden en er zullen dus maatregelen moeten worden genomen om de waterstanden van de omringende weilanden apart te kunnen beheren om problemen te voorkomen. Reactie Waterberging is van groot belang om de klimaatbestendigheid van onze gemeente te vergroten. Indiener wijst er terecht op dat bij een eventuele aanpassing van de functie en/of inrichting van gebieden rekening moet worden gehouden met de omringende weilanden (en eventuele andere functies). Functiewijziging en inrichting zullen altijd plaatsvinden op basis van zorgvuldig onderzoek en in overleg met grondeigenaren, grondgebruikers, andere belanghebbenden en uiteraard de hoogheemraadschappen, zodat alle belangen zorgvuldig kunnen worden afgewogen. Geen aanpassing Omgevingsvisie
Toegankelijkheid buitengebied Om een beter toegankelijk landschap te creëren wordt er aanleg van fiets-, wandel- en klompenpaden voorgesteld. Indiener geeft aan dat de ervaringen als bewoner van het buitengebied hierbij in acht moeten worden genomen. In de huidige tijd is het helaas moeilijk gebleken voor een grote groep van deze recreanten om met respect voor het landschap en eigenaren gebruik te maken van het gebied. De aanleg van extra paden in het buitengebied zal dus zeer terughoudend moeten plaatsvinden en alleen kunnen plaatvinden als er voldoende veilige ruimte blijft voor de dieren en bewoners van het gebied. Reactie Wij zien dat er veel behoefte is om te sporten en recreëren in het fraaie buitengebied van onze gemeente. Dat is ook de reden dat we in de Omgevingsvisie inzetten op verbetering van de toegankelijkheid van het buitengebied via bijvoorbeeld wandel- en fietspaden. Om de door indiener geschetste negatieve effecten zoveel mogelijk te voorkomen zullen we bij de voorbereiding van concrete projecten overleggen met de omwonenden en andere belanghebbenden. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
Betrokkenheid bij gebiedsplannen Indiener geeft aan dat er op meerdere plaatsen in de visie wordt aangegeven dat participatie van belanghebbende fundamenteel is voor een goede inpassing van nieuwe initiatieven. Bij het verder uitwerken van de gebiedsplannen zouden wij als bewoners van de Oostvlietweg dan ook betrokken moeten worden.
Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 55/79
Reactie Zoals in de Omgevingsvisie en hiervoor op meerdere plekken is aangegeven dat we betrokkenheid van inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisatie belangrijk vinden. Een en ander is ook vastgelegd in de Participatieverordening. De interne voorbereiding van het gebiedsprogramma Leidschendammerhout vraagt meer tijd dan verwacht. Zodra deze is afgerond zullen wij inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties uitnodigen om met ons mee te denken.
Fietsverbindingen over de Vliet Indiener geeft aan dat de plannen wat betreft Recreatiegebied Vlietland wordt gesproken over mogelijk nieuwe fietsverbinding(en) over de Vliet. Tot hun verbazing werd er tijdens het gesprek bij de inloopavond in het gemeentehuis op 24 September 2025 aangegeven dat er ook plannen zijn voor een fietsverbinding over de Vliet vanuit de wijken "het Lien" of "Vliethaven". Door het ontbreken van deze plannen in de visie is het dus niet mogelijk voor belanghebbende om hier hun zienswijze over te geven. Verder zijn extra verbindingen over de Vliet niet gewenst en leiden tot onnodig hoge kosten aangezien er al voldoende verbindingen zijn die (vrijwel) direct toegang geven tot de bestaande fietspaden in het gebied (Sluisbrug, Kniplaan en de fietsbrug bij het haventje in Voorschoten). Een extra fietsverbinding vanuit Vliethaven is voor ons persoonlijk niet gewenst vanwege extra drukte rondom onze manege met mogelijk overlast van recreanten en (hang) jongeren. Reactie Voor de beantwoording van de zienswijzen is de tekst van de Ontwerp Omgevingsvisie leidend.
In de Omgevingsvisie is het volgende opgenomen: “Met de doorfietsroute langs de Vliet naar Voorschoten (langs Vlietland) en een onderzoek naar één of enkele extra verbindingen (zoals een fietsbrug) in het recreatieve netwerk zorgen we hiervoor.” Er zijn dus geen concrete plannen voor één of meerdere fietsbruggen over de Vliet, maar de mogelijkheden worden onderzocht. Zodra de resultaten van het onderzoek bekend zijn zullen deze ook worden gedeeld met omwonenden en andere belanghebbenden. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
Voorkeursrecht/onteigening Voor het uitvoeren van deze visie wordt er in sectie 7.8 aangegeven dat er gebruik kan worden gemaakt van het voorkeursrecht/onteigening. Aangezien de plannen voor het buitengebied betrekking hebben op beperkt aanpassing van de toegankelijkheid dan wel uitbreiding van natuur zou het mogelijk moeten zijn om deze mogelijkheid voor het toepassen van dit voorkeursrecht/onteigening uit te sluiten voor het buitengebied. Reactie De Ontwerp Omgevingsvisie geeft op dit punt niets meer en niets minder aan dat de inzet van instrumentarium mógelijk is. Daadwerkelijke inzet van het voorkeursrecht en /of onteigening is gebonden aan een zorgvuldige procedure, nauw overleg met direct betrokkenen en afzonderlijke besluitvorming. Dat kan ook in het buitengebied aan de orde zijn. Het is dan ook niet wenselijk om een voorbehoud te maken voor inzet van genoemde instrumenten in het buitengebied. Geen aanpassing Omgevingsvisie. Zienswijzennota Omgevingsvisie Leidschendam-Voorburg 2050
Nummer 4060 Pagina 56/79
Karakter buitengebied Als bewoner van de Oostvlietweg is indiener zeer bezorgd over de plannen die de gemeente voor hun leefgebied heeft opgesteld. De voorgestelde veranderingen zullen dus zeer beperkt moeten worden ingepast en alleen als er geen andere oplossing is, zodat deze rust behouden kan blijven. Reactie Er is de afgelopen jaren veel veranderd in onze leefomgeving. En zoals in de inleiding van de Omgevingsvisie is aangegeven om een prettige woon, werk en leefgemeente te blijven zullen we onze leefomgeving voortdurend moeten aanpassen. Dat doen we stap voor stap en zorgvuldig, met oog op de wensen voor de toekomst, met oog voor de aanwezige kwaliteiten en in nauw overleg met alle betrokkenen. Geen aanpassing Omgevingsvisie.
3.66
Indiener(s) zienswijze 66 Burgerinitiatief Vlietland
Samenvatting zienswijze 66. Indiener complimenteert de gemeente Leidschendam-Voorburg met de aandacht voor natuur, biodiversiteit en klimaatadaptatie in de concept Omgevingsvisie 2050. Dit zijn cruciale thema's voor de toekomst. Het Omgevingseffectrapportag (OER) geeft hierin een helder beeld van de te verwachten effecten.