CConstaterende datLeiden
Koppel je AI →
Document · PDF

210105 Bijlage 2 Analyse en keuzerichtingen ZKA (bijlage 1 van de visie)

Gemeenteraad 27 januari 2022, gemeente LeidenBij agendapunt: RV 21.0105 Visie op de bezoekerseconomie Leiden 2021-202433.430 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

∙

Meer inspelen op behoefte aan vernieuwende, hybride formules in de horeca (m.n. de doelgroep 25-35 jaar wordt nog onvoldoende bediend), juist ook kansen buiten de binnenstad (in de rafelrandjes/ ontwikkellocaties).

∙

Culturele evenementen die passen bij het DNA van de stad geven extra mogelijkheden om de stad verder op de kaart te zetten passend bij de eerder ingezette strategie.

∙

Cultuurmakers kunnen met broedplaatsen en expositieruimten grote waarde hebben voor Leiden als een levendige en creatieve stad en de rol als cultuurstad verbreden en verdiepen, voor brede lagen van de bevolking.

∙

Mensen die Leiden bezoeken vanwege één primair bezoekmotief (bijvoorbeeld bezoek aan museum, bioscoop of congres) verleiden om ook andere functies te gebruiken (zoals detailhandel, horeca). Met andere woorden, bezoekers die er zijn, langer vasthouden door een meervoudig bezoekmotief te creëren. Dit geeft tevens aanleiding voor herhaalbezoek.

∙

De internationale congresmarkt biedt goede kansen voor Leiden gezien het historische decor en de locaties in de binnenstad i.c.m. de sterke kenniseconomie. Hybride congresvormen (combinatie ‘live’ en digitaal) leiden tot extra kansen. Niet alleen voor deelnemers en de grootte van congressen (aantal deelnemers dat je aankan), maar ook om sprekers digitaal te betrekken via livestreams.

BEZOEKERSECONOMIE LEIDEN, ANALYSE EN KEUZERICHTINGEN

∙

Het Leiden Bio Science Park en de Life Sciences & Health sector staan internationaal in de aandacht (ook met Janssen) waardoor Leiden zich stevig positioneert als stad van Kennis en wat een positief effect heeft op het vermogen om internationale (top) congressen aan te trekken.

∙

Het binnenlands en internationaal toerisme gaat op termijn weer groeien. Met name de Nederlandse, Duitse en Belgische cultuurtoerist zijn zeer kansrijk voor Leiden.

∙

Toeristisch verhuur biedt mogelijkheden voor een meer divers logiesaanbod. Nieuwe wetgeving biedt gemeenten de kans om beleid op toeristische verhuur met lokaal maatwerk vorm te geven, passend bij de stad en lokale markt.

Bedreigingen ∙

Stapeling van meer functies op een zeer klein oppervlak, met groeiende bezoekersaantallen als gevolg, kan tot meer druk op dat gebied leiden. Dit kan een potentiële bron van overlast worden en kan tot aantasting van de kwaliteit van de binnenstad leiden. Het gedrag van een deel van de bezoekers (niet alleen toeristen, maar juist bewoners van de eigen stad en regio) kan ertoe leiden dat het draagvlak voor de bezoekerseconomie afneemt bij bewoners van de binnenstad.

∙

De niet-dagelijkse detailhandel staat landelijk al jaren onder druk. Mede door ligging ten opzichte van Den Haag en Mall of the Netherlands kan de situatie in Leiden verder verslechteren.

∙

Het aantal inwoners in de Leidse stadsregio neemt in de komende jaren toe, dit kan de bereikbaarheid en de leefbaarheid van de binnenstad (verder) onder druk zetten.

∙

Naar verwachting sluit over enkele jaren ECC Leiden, waarmee de grootste locatie voor de congresmarkt wegvalt.

∙

Er is onzekerheid als gevolg van de coronacrisis met betrekking tot de toekomstige zakelijke en congresvraag voor hotels. Tegelijkertijd is de beperkte – en afgenomen – hotelcapaciteit een bedreiging om door te groeien op de congres- en vergadermarkt en in de markt van internationale cultuurtoeristen. (De gemeente staat overigens positief tegenover nieuwe aanbodontwikkelingen en is hier ook qua beleid al klaar voor, maar de snelheid van ontwikkeling en bouw kan een bottleneck zijn).

∙

Hoewel Leiden niet (goed) toegankelijk is voor touringcars, is het karakter en de compactheid van de stad (hoge dichtheid van bezienswaardigheden) in principe aantrekkelijk voor korte bezoeken van grotere (internationale) toeristengroepen. Deze leggen een groot beslag op de openbare ruimte en kunnen daarmee zorgen voor meer druk en overlast.

In de vervolgstappen is het nu de kunst om vanuit de sterktes, zwakten, kansen en bedreigingen de juiste strategische keuzes te maken, voor een toekomstbestendige bezoekerseconomie die bij Leiden past, uiteraard sterk rekening houdend met algemene en sectorale doelstellingen en beleidskeuzes die al eerder gemaakt zijn.

4.3. Toekomstbeeld Waarom komen bezoekers naar Leiden? De redenen waarom potentiële bezoekers overwegen om naar Leiden te komen (of in Leiden blijven als het om eigen inwoners gaat) zijn tweeledig en sluiten goed aan bij de kaders (zie H4.1) en potenties (H4.2):

57

∙

Historische Cultuur en Internationale Kennis. Hier gaat het om het DNA van de stad. Het aanbod hierin (en de verwevenheid hiertussen) maakt Leiden bijzonder en onderscheidend voor de bezoeker. En die bezoeker kan een bewoner zijn van de regio, maar ook iemand van (ver) daarbuiten in Nederland, Europa of elders in de wereld. Zeg maar, de cultuurbezoekers, erfgoedliefhebbers en congres-/zakelijke bezoeker. Het aanbod in de andere deelmarkten heeft een belangrijke, ondersteunende waarde: het geeft een positieve impuls aan de ervaring van de bezoeker (het kan de totaalbeleving versterken door aanbod dat het primaire bezoekmotief versterkt) en het geeft bestedingen in de andere deelmarkten van de bezoekerseconomie. Met andere woorden: de stad profiteert optimaal van de bezoekers die er al zijn (meervoudig bezoekmotief).

∙

Centrumfunctie voor de regio. Voor bewoners van de gemeente Leiden en de regio heeft Leiden ook een belangrijke verzorgingsfunctie; voor hen is dit de belangrijkste reden om de (binnen-)stad te bezoeken. Het complete en compacte aanbod aan horeca, detailhandel, cultuur en evenementen dat onderling sterk verweven is, voorziet in de dagelijkse of dicht-bij-huis behoefte aan recreatie (ontspannen, verdiepen, bewegen, ontmoeten) voor deze groep. Dat dit plaatsvindt in een decor en omgeving van Historische Cultuur en Internationale Kennis, geeft Leiden de bezoekers daarbij veel extra’s, iets bijzonders en iets onderscheidends.

Met welke strategie kan Leiden focussen op deze gewenste bezoekers? Cultuur, erfgoed en congressen: grote groeikansen, sterke focus hierop is logische keuze ∙

Deze deelmarkten zijn sterk verweven met Leiden, Stad van Ontdekkingen en met het DNA (dragen bij aan de trots van de bewoners).

∙

Meer dan alleen een waardevol economisch belang. Ook op maatschappelijk gebied en qua positionering en profilering heel waardevol.

∙

Cultuur en erfgoed biedt ook kansen om iedereen van de (regio)bevolking te betrekken bij Leiden: door niet alleen passief te kijken naar tentoonstellingen en producties, maar ook actief zelf mee te doen (in workshops of interactieve producties waarbij het publiek wordt betrokken), te ontdekken en/of zelf te maken.

∙

Relatie met bezoekreden Historische Cultuur en Internationale Kennis: voor binnenlandse en buitenlandse bezoekers (cultuurtoerist, erfgoedliefhebber, congresbezoeker). Horeca en detailhandel zijn belangrijke ondersteuners die dit bezoekmotief mede mogelijk maken (sterke wisselwerking). Evenementen, waterrecreatie en dagattracties kunnen met aansluitende programmering en productmarktcombinaties dit primaire bezoekmotief nog verder versterken, meervoudig bezoekmotief geven.

∙

Relatie met andere bezoekreden, de centrumfunctie voor bewoners uit stad en regio: het cultuuraanbod is van belang voor de dagelijkse of dicht-bij-huis behoefte aan recreatie (ontspannen, verdiepen, bewegen, ontmoeten). Het historische decor en de kennisomgeving bieden een inspirerend, aantrekkelijk verblijfsomgeving.

Horeca, detailhandel, evenementen: belangrijk bindmiddel waar de stad niet zonder kan

BEZOEKERSECONOMIE LEIDEN, ANALYSE EN KEUZERICHTINGEN

∙

Relatie met bezoekreden centrumfunctie voor bewoners: aanbod is van belang voor de dagelijkse of dicht-bij-huis behoefte aan recreatie (ontspannen, verdiepen, bewegen, ontmoeten). Dit zijn basisvoorzieningen voor (regio)bevolking waar de stad niet zonder kan en wil.

∙

Relatie met Historische Cultuur en Internationale Kennis: verbinding met cultuur, erfgoed en congressen bieden interessante kansen voor gecombineerde bezoekmotieven, langer (deels meerdaags) verblijf en meer bestedingen.

∙

Bestaand beleid voortzetten, heeft oog voor dezelfde kaders en doelen als de visie op bezoekerseconomie en leefbaarheid (zie H4.2).

Waterrecreatie en dagattracties: kansrijke markten als deze kunnen worden ingepast binnen de kaders ∙

Dit zijn deelmarkten waar de gemeente nog geen beleid op heeft. Doordat het echte groeimarkten zijn, is het noodzakelijk om hier beleid op te voeren. Zo kunnen wenselijke ontwikkelingen gestimuleerd worden en ontwikkelingen die niet bij de strategie van Leiden passen of onwenselijke effecten hebben, afremmen. Met andere woorden: groeien onder voorwaarde dat het past binnen de kaders en bijdraagt aan de strategie van Leiden.

∙

Relatie met Historische Cultuur en Internationale Kennis: productmarktcombinaties en arrangementen tussen dit aanbod en de waterrecreatie en dagattracties zijn heel wenselijk en strategisch. Deze versterken het imago, aanbod, meervoudig bezoekmotief. Echter, er is een grens aan wat de binnenstad aankan qua aanbod en bezoekers.

∙

Relatie met centrumfunctie voor bewoners: waterrecreatie en dagattracties zijn ook een belangrijke basisvoorziening voor inwoners. Echter, er is een grens aan wat de binnenstad aankan qua aanbod en bezoekers.

∙

Deze deelmarkten lenen zich uitstekend om het bezoekgebied te vergroten (voorbij de binnenstad, naar randen van Leiden en de regio). Gezien de clustering van het huidige aanbod in de bezoekerseconomie van Leiden is het strategisch maar ook noodzakelijk om hier actief op te sturen.

59

Wat betekent dit voor de deelmarkten en het beleid? Cultuur en erfgoed Gewenst doel of effect:

Aandachtspunten en instrumenten:

∙

∙

Primair bezoekmotief voor binnenlandse en internationale bezoekers.

∙

∙

∙

Onderdeel van de Leidse profilering en

betrekken bevolking bij de stad. ∙

Cultuurmakers die evenementen,

positionering, qua inhoud, locatie én

programma's en openluchtlocaties

decor.

ontwikkelen, dragen ook bij aan

Ook zeer belangrijk voor het

locatieontwikkeling (incl. ‘rafelrandjes’ oftewel

vestigingsklimaat voor bedrijven en

de ontwikkellocaties aan de randen van de

bewoners.

stad) en bredere culturele profilering van de

Draagt bij aan ontmoetingsplek voor inwoners en een leefbare, levendige

∙

Educatieve programma’s inzetten voor breed

stad. ∙

Erfgoedlocaties geven congressen,

binnenstad.

vergaderingen en culturele evenementen

Zorgt ook voor bestedingen in veel andere

extra sfeer en cachet en dit levert hen

onderdelen van de bezoekerseconomie.

anderzijds een interessant verdienmodel als congres- en evenementlocaties. ∙

Free publicity verkrijgen en verzilveren (bijv. European Museum of the Year, European City of Science)

BEZOEKERSECONOMIE LEIDEN, ANALYSE EN KEUZERICHTINGEN

Congresmarkt Gewenst doel of effect:

Aandachtspunten en instrumenten:

∙

∙

∙ ∙

Primair bezoekmotief voor binnenlandse

inhoudelijk de hoeksteen voor congressen en

Onderdeel van Leidse profilering en

vergaderingen/kleinere bijeenkomsten en

positionering.

geven deze extra sfeer en onderscheidend

Ontwikkeling congresmarkt gaat hand in hand met groei horeca (incl. hotelmarkt).

∙

∙

profiel binnen de congresmarkt. ∙

Extra hotelaanbod is belangrijke

Benutten monumenten (musea, kerken,

randvoorwaarde om te kunnen groeien in

schouwburg) als bijzondere

deze markt. Beleid voorziet hier al in, van

congreslocaties

belang is om snelheid van uitvoering te

Free publicity (zoals European City of

bevorderen

Science) heeft groot effect op profilering

∙

Cultuur-, erfgoed- en kennislocaties zijn

en vooral internationale bezoekers.

∙

Beschikbaarheid grote congres-

en positionering van de stad als geheel en

accommodatie aandachtspunt omdat EEC

de congresmarkt in het bijzonder.

vanaf 2023 dicht gaat. Tijdig alternatieven in

Congresmarkt nog meer benutten voor

kaart brengen/ontwikkelen

vormen van cross selling en

∙

herhaalbezoek.

Permanente ondersteuning Leiden Convention Bureau belangrijke randvoorwaarde.

∙

Goed om ook de kleinschaliger markt van seminars, summerschools en meerdaagse vergaderingen in beeld te brengen vanwege kansen en raakvlakken met deze markt

∙

Onderzoeken mogelijkheden voor meer structurele vorm van cofinanciering van congressen i.v.m. concurrentie andere steden die dit reeds doen

∙

Analyse kansen en randvoorwaarden om hybride congres- en werkvormen vast onderdeel te maken van Leidens aanpak

∙

Beleidsuitwerking is wenselijk.

61

Horeca Gewenst doel of effect:

Aandachtspunten en instrumenten:

∙

∙

∙

Draagt bij aan ontmoetingsplek voor

dergelijke ten behoeve van horeca passen bij

binnenstad.

onderscheidenheid aanbod en doelgroepen.

Ondersteunt alle andere deelmarkten,

Kans voor ontwikkeling nieuwe/andere

vooral de cultuur- en congresmarkt, maar

locaties buiten binnenstad. Voorbeeld: Villa

ook de (grote) stadsevenementen. Tevens

Augustus in Dordrecht.

belangrijke factor in het verlengen van

∙

verblijf. ∙

Stadslandbouw, kassen, productiebos en

inwoners en een leefbare, levendige

is niet in alle gevallen een

Belangrijke economische markt en belangrijke bron van werkgelegenheid

Leegstand in binnenstad vullen met horeca toekomstbestendige, gewenste oplossing.

∙

Horeca en dagattracties lenen zich uitstekend voor ontwikkelen van nieuwe of impulsen aan bestaande locaties/gebieden, bijvoorbeeld door bijzondere of nieuwe formules/concepten die publiek trekken naar plekken die deze toeloop goed kunnen gebruiken.

∙

Groene labels voor horecabedrijven (zoals Green Key of een groene Michelinster) geven ondernemer en consument houvast bij het maken van duurzame keuzes en zet de stad ook op een andere manier op de kaart.

∙

Lokale of streekproducten op de kaart leveren belangrijke bijdrage aan duurzaamheid, cohesie en lokale herkenbaarheid.

∙

De groeiende buiten- en terrassencultuur van de horeca blijft continu aandacht vragen op gebied van duurzaamheid en voorkomen overlast.

BEZOEKERSECONOMIE LEIDEN, ANALYSE EN KEUZERICHTINGEN

Detailhandel Gewenst doel of effect:

Aandachtspunten en instrumenten:

∙

∙

∙

Draagt bij aan ontmoetingsplek voor

te maken met beperkte toevloeiing en relatief

binnenstad.

hoge afvloeiing. Reguliere winkels/ketens zijn

Belangrijk om hogere toevloeiing

nodig binnen het totale winkelaanbod voor

regiobezoekers te bevorderen en afvloeiing eigen inwoners af te remmen

∙

Detailhandel heeft extra impuls nodig. Heeft

inwoners en een leefbare, levendige

voldoende trek- en draagkracht. ∙

Extra impuls zit ‘m ook vooral in

(ook vanuit duurzaamheidsgedachte

vernieuwende, duurzame markten: vintage,

belangrijk!).

zelf maken (naaien, breien et cetera) en

Winkels, warenmarkt en horeca zijn sterk

duurzame kwaliteitsmerken (gerecyclede

verweven met elkaar.

stoffen, upcycling). Ook koppeling met wellness (dagattractie) speelt in op huidige ontwikkelingen markt (zie Urban Spa van Rituals bijvoorbeeld). ∙

Locatie en kwaliteit warenmarkt borgen en waar mogelijk nog verder optimaliseren.

∙

Duurzame mobiliteit en parkeren.

Evenementen Gewenst doel of effect:

Aandachtspunten en instrumenten:

∙

∙

Draagt bij aan ontmoetingsplek voor inwoners en een leefbare, levendige binnenstad.

∙

inclusie: beleid voorzetten. ∙

Groeikansen voor culturele en

Tijdige communicatie over plaatsvinden van evenementen bij omwonenden van groot

kennisevenementen, themajaren die ‘on brand’ zijn voor Leiden. Dit soort

Huidig beleid zet in op verduurzaming en

belang om draagvlak te behouden/vergroten. ∙

Kansen en noodzaak van spreiden van

evenementen strategisch inzetten om

evenementen over locaties ook buiten de

cultuur en erfgoed sector en profilering

binnenstad, vooral voor evenementen die niet

van Leiden te ondersteunen en versterken.

‘on brand’ zijn. Dit soort buiten locaties lenen zich ook goed voor evenementen in het kader van bewegen, gezond en actief. ∙

Overleg tussen organisatoren om kennis en ervaring over organisatie, veiligheid en duurzaamheid met elkaar te delen.

∙

Campagne om gedrag bezoekers bij te sturen naar meer omgevingsbewustzijn (rekening houden met bewoners, geen afval, beperking geluidsoverlast). Overigens vallen onder bezoekers niet alleen de mensen van verder weg, maar ook de bewoners van Leiden en de regio.

63

Waterrecreatie Gewenst doel of effect:

Aandachtspunten en instrumenten:

∙

∙

∙

Leiden biedt een unieke combinatie van stad, historische waterwegen en plassen.

variatie, ligplaats en gebruik nauwkeurig in

Water is én faciliteert de regio. Zet het

beeld om zicht te krijgen op díe segmenten

water en de waterrecreatie in om de

die je wilt stimuleren of juist wilt

verbinding met locaties buiten de

ontmoedigen. Idem voor verhuur. Spreiding

binnenstad en met de regio te versterken.

van doelgroepen naar andere delen van de

Rondvaarten en verhuur zijn belangrijke

stad en regio kan congestie verder verlichten.

bouwstenen van de bezoekerseconomie.

∙ ∙

Breng de rederijen, hun product, doelgroep,

∙

Behoud van water als vaarwater is essentieel

Spreek de doelgroepen aan die passen bij

om ook in de toekomst congestie op het

het draagvlak in de binnenstad, door te

water te voorkomen. Beperken van functies

sturen op concepten.

op water ‘die ook op land kunnen’ zorgt hier

Congestie op het water in de binnenstad

mede voor. Ontwikkel beleid voor

beperken.

terrasboten, woonboten en bijboten.

Speel in op regionale ontwikkeling van de

∙

Elektrisch varen is in opkomst. Met name bij

Haarlemmertrekvaart, waar de provincies

verhuur en rondvaarten zijn kansen voor

Zuid- en Noord-Holland beleidsmatig sterk

transitie naar elektrisch varen goed, mits de

op inzetten.

infrastructuur om op te laden op orde is. Ontwikkel laadinfrastructuur in combinatie met stimuleringsbeleid voor transitie naar elektrisch varen. ∙

Een beter bevaarbaar netwerk met meer mogelijkheden (doorgang, diepte, hoogte, toestemming) spreidt de drukte. Daarmee kan toekomstige groei opgevangen worden. Analyseer het netwerk van de stad en omgeving op kleine ingrepen met positieve effecten op bevaarbaarheid.

∙

De omgeving van de Haven zelf vraagt om een kwaliteitsimpuls. Herinrichting van de openbare ruimte, terrassen bij de horeca en verbetering van (fiets)parkeren versterken de relatie met het water en vergroten als het ware de binnenstad.

∙

Overlast wordt vooral ervaren door ‘gedrag van opvarenden’. Toezicht en handhaving is belangrijker dan beperken van ligplaatsen, verhuurcapaciteit, rondvaarten en toeristisch bezoek aan Leiden.

∙

Beleidsuitwerking is wenselijk.

Attracties, sportief en outdoor Gewenst doel of effect:

Aandachtspunten en instrumenten:

BEZOEKERSECONOMIE LEIDEN, ANALYSE EN KEUZERICHTINGEN

∙

In principe een groeimarkt, maar het is

Weinig bekend over deze sector in Leiden.

niet wenselijk/strategisch als het

Het zou waardevol zijn goed te (laten)

zwaartepunt van de ontwikkeling van het

onderzoeken of het pakket aan

aanbod met name in het huidige

vrijetijdsvoorzieningen passend is voor een

concentratiegebied in de binnenstad

stad als Leiden.

plaatsvindt. Dit type aanbod biedt juist

∙

∙

∙

Voer goed, constructief overleg met

ook kansen om (op) andere locaties te

organisatoren van activiteiten in de openlucht

ontwikkelen.

over hun nieuwe ontwikkelingen, trends en

Voorzieningen zijn ook en in veel gevallen

wensen enerzijds en het goed laten passen bij

juist voor eigen en regiobewoners.

locaties in de stad anderzijds met respect voor omgeving/omwonenden). ∙

Singelpark voorziet in grote behoefte, ook van toeristen. Waakzaamheid geboden dat druk en overlast het succes overschaduwen

∙

Bepaalde typen dagattracties bieden (blending) mogelijkheden met detailhandel en/of horeca (zie Urban Spa van Rituals bijvoorbeeld).

∙

Horeca en dagattracties lenen zich uitstekend voor ontwikkelen van nieuwe of impulsen aan bestaande locaties/gebieden.

∙

Beleidsuitwerking is wenselijk.

4.4. Instrumenten en randvoorwaarden Afsluitend wordt een aantal instrumenten/randvoorwaarden geschetst, die van belang zijn om te komen tot een florerende en leefbare stad, waarbij de bezoekerseconomie een belangrijke rol speelt. Achtereenvolgens komen aan de orde: ∙

Datagestuurd bezoekersmanagement (apart uitgewerkt in H4.5)

∙

Hechte samenwerking en sterk draagvlak

∙

Betere ruimtelijke spreiding

∙

Duurzaamheid: een opgave voor burgers, overheid en bedrijven samen

∙

Inclusiviteit: iedereen kan meedoen

∙

Zijn de kosten en baten van de bezoekerseconomie in balans?

Hechte samenwerking en sterk draagvlak De (binnen-)stad van Leiden is een complex ecosysteem opgebouwd uit het DNA van de stad (historisch erfgoed, kennisinstituten, 23 kilometers aan singels en 88 bruggen et cetera), een grote diversiteit aan functies en gebruikersgroepen, vele aanbieders die zich mede of specifiek richten op de bezoekerseconomie (onder andere musea, horeca, winkels) en veel betrokken organisaties. Maar waar een overdekt winkelcentrum of een attractiepark centraal aangestuurd wordt en alles in eigen hand heeft, is

65

hier iedereen van iedereen afhankelijk om de bezoekerseconomie goed te laten functioneren. En dat het grootste deel van die bezoekerseconomie zich ook nog afspeelt op een klein oppervlak in de binnenstad die niet alleen de huiskamer van de stad is maar ook de woonplek van duizenden mensen, maakt het nog complexer. In een dergelijke situatie is het dan ook van eminent belang nauw samen te werken binnen maar ook tussen sectoren/belangengroepen. Op dit moment wordt er op veel plekken al nauw samengewerkt, ook tussen groepen die in andere steden elkaar soms minder goed weten te vinden, het Handelshuis is hiervan een mooi voorbeeld. Deze gezamenlijke huisvesting van onder meer Leiden Marketing, Centrummanagement Leiden, Cultuurfonds Leiden en regionale samenwerking Economie071 is een vorm van organisatie die we nog niet op veel andere plekken in Nederland zien. Ook de wijze waarop bewoners een stem krijgen via monitors, bewonerspanels, een platform als DoeMee en drukbezochte stadsgesprekken, laat zien dat met alle belangen rekening gehouden wordt. Om de bezoekerseconomie ook voor de toekomst te borgen moet voortdurend gewerkt worden aan verbetering van de samenwerking en zal het draagvlak bij bewoners voortdurend gemonitord moeten worden om de stad economisch te laten bloeien én leefbaar te houden.

De Smart City gedachte (zie vorige punt) kan hierbij een belangrijk hulpmiddel zijn maar komt hier niet voor in de plaats. Daarnaast is het belangrijk om bij de uitvoering van de plannen voor de bezoekerseconomie nadrukkelijk rekening te houden met randvoorwaarden op gebied van duurzaamheid en inclusie (zie hierna).

Betere ruimtelijke spreiding Het bezoek aan de stad is nu zeer sterk geconcentreerd in de binnenstad, met accent op het westelijke deel hiervan inclusief het aanloopgebied vanaf het station. Met een verwachte verdere groei van de bezoekerseconomie (alleen al door de groei van het aantal inwoners van Leiden zelf met 17.000) is het goed om de blik te verruimen en te bezien hoe het bezoek in de toekomst ruimtelijk meer gespreid zou kunnen worden. Hiermee kunnen andere plekken meer onder de aandacht/meer tot ontwikkeling komen, wordt toename van de overlast in de binnenstad verkleind en kan meer ingespeeld worden op meervoudige bezoekmotieven. Hiervoor zien we een aantal mogelijkheden: ∙

Locaties binnen de gemeentegrenzen. Hierbij kunnen de bezoekmotieven, accenten en het bereik per locatie/deelgebied sterk wisselen. Denk aan de zone stationsgebied-A44 (zakelijk/congressen, met onder andere Bio SciencePark, Pesthuis), ‘groene’ locaties als Park Matilo, Leidse Hout, Polderpark Cronesteijn en het Energiepark (combinatie erfgoed, cultuur en groen) dat weliswaar niet tot de binnenstad behoort maar nog beperkt ontwikkeld is. Hierdoor ontstaat ook meer uitwisseling tussen de wijken en kan ook de eigen inwoner ervaren dat de stad bijv. veel meer groen heeft dan gedacht

∙

Verbinding met de regio. In de strategie ‘Streek van Verrassingen’ (naast ‘Stad van Ontdekkingen’) wordt hier al aan gewerkt. Door hier nog meer op in te zetten en meer samen op te trekken met de regio (ook Duin & Bollenstreek), vergroot het bereik van de stad en kan ingespeeld worden op andere en meervoudige bezoekmotieven. Hierdoor kan Leiden ook korte vakanties en arrangementen aanbieden met een dagje strand, wandelen door de duinen en varen in het plassengebied

∙

Meer werk te maken van groene fiets- en wandelverbindingen tussen binnenstad, andere wijken en de regio. Hiermee wordt de bezoeker van buiten eerder verleid de auto te laten staan en kan de eigen inwoner ook kiezen voor een wandeling of fietstocht de regio in. Ook in het kader van

BEZOEKERSECONOMIE LEIDEN, ANALYSE EN KEUZERICHTINGEN

duurzaamheid en mensen aanzetten tot meer bewegen liggen ons inziens hier interessante dwarsverbanden. Ook de reeds aanwezige gratis minibus service die vanaf het parkeerterrein aan de Haagweg de verschillende plekken in de binnenstad bedient past goed in dit beeld.

Duurzaamheid: een opgave voor burgers, overheid en bedrijven samen ∙

Duurzame mobiliteit: als duurzaamheid het uitgangspunt is, dan moeten de randvoorwaarden eerst op orde zijn, om vervolgens het gebruik van meer duurzame vervoersmodaliteiten te bevorderen. Denk hierbij aan prijs- en parkeerbeleid voor auto’s (Agenda Autoluwe Binnenstad), smart hubs en overstappunten met OV, fiets en wandelverbindingen. Blijf in gesprek met de grootste publiekstrekkers (inclusief evenementorganisatoren), hoe zij kunnen bijdragen aan meer duurzame alternatieven, onder andere door informatie over bereikbaarheid op websites en OV-arrangementen. Een inspirerend voorbeeld hiervoor is de Zevenheuvelenloop in Nijmegen waar alle deelnemers een goedkope combiticket met OV kunnen kopen en deelnemers die toch met eigen auto komen € 5,00 eigen vervoertoeslag betalen, die vervolgens wordt ingezet om te investeren in duurzame lokale projecten.

∙

Circulaire economie: o

Zwerfafval: samen met ondernemers creatieve en haalbare oplossingen bedenken om zwerfaval tegen te gaan. Denk aan minder single use plastics (wegwerpplastic) in de horeca en evenementen door van andere materialen gebruik te maken (papier, karton, bamboe et cetera), afvalbakken die zo leuk en makkelijk zijn dat je ze wel moét (en wilt) gebruiken in openbare ruimte maar bijvoorbeeld ook in sloepjes, opruim challenges waar een beloning of waardering op online sociale platformen aan gekoppeld is et cetera. Samenwerkings-verbanden, zoals Stichting Duurzame Horeca Leiden, kunnen hierin een belangrijke rol spelen. Een goed voorbeeld van een duurzame de zwerfafvalaanpak is dat de gemeente investeert in de horeca met "statiegeldbekers", waarvan het gebruik verplicht is bij evenementen in de openbare ruimte. Gemeente draagt zorg voor het goed afstemmen van opruimdiensten op locaties en weersomstandigheden (zomers weer, populaire pleinen of parken, et cetera). Kan ook werken met een meldpunt gedurende de zomermaanden voor plotselinge zwerfafval concentraties.

o

Afvalstromen: werk samen met de sector (m.n. detailhandel, horeca en partijen zoals Stichting Duurzame Horeca Leiden) aan haalbare, meer duurzame oplossingen om bedrijfsafval te scheiden en in te zamelen. Denk bijvoorbeeld aan Afvalhelden op de fiets en ondergrondse containers.

∙

Klimaatadaptatie, biodiversiteit en vergroening: in een stad met veel (inheems) groen is het koeler, is de waterhuishouding beter (en is de stad dus meer stressbestendig), zijn er meer insecten en dieren en zijn de mensen gelukkiger. Singapore is een inspirerend en drastisch voorbeeld wat dit kan betekenen voor je stad. Vergroening en bevordering van biodiversiteit zou het uitgangspunt moeten zijn bij (her)inrichting van de openbare ruimte en bij nieuwbouw of verbouw (onder andere inbouwen van nestholten voor bepaalde vleermuis- en vogelsoorten). Met voorlichting, praktische (online) stappenplannen en toolkits kan de bewustwording en kennis onder ondernemers, bewoners en ambtenaren worden vergroot. Iedereen kan zijn steentje bijdragen, soms zelfs letterlijk door stenen uit de stoep of tuin te verwijderen. De behoefte aan een groene, aantrekkelijke of duurzame stad is groot. Er zijn dan ook volop initiatieven van en samenwerkingen met bewoners (de groene boomspiegels is zo’n voorbeeldproject).

67

Inclusiviteit: iedereen kan meedoen ∙

Uitgangspunt en startpunt is altijd: betrek de mensen (of vertegenwoordigers) voor wie je meer inclusief wilt zijn. Zowel bij verkenningen, beleidsvorming als uitwerking in concrete acties en plannen. Praat niet voor of over mensen, praat met mensen. Dit resulteert in haalbare plannen en concrete resultaten die aansluiten bij de behoeften. Dit geldt overigens ook voor het betrekken van de expats bij de stad en de samenleving. Op het Bio Science Park werken veel internationale mensen die wonen en werken in Leiden. Ook zij hebben de behoefte om te recreëren.

∙

Toegankelijkheid is geen extraatje, het is de basis: bij inrichting van openbare ruimte en publieke voorzieningen zou toegankelijkheid standaard het uitgangspunt moeten zijn. Dat is voor een kleine ondernemer in een monumentaal pand niet altijd meteen haalbaar, maar dat is het wel bij nieuwbouw of voor een gemeente die een nieuw voetpad aanlegt of een plein inricht (herontwikkeling Morsstraat is een positief voorbeeld). Voer goed overleg over wat wel en niet haalbaar en realistisch is, uiteraard samen met de mensen voor wie die toegankelijkheid noodzakelijk is.

∙

Bewustwording: over het algemeen is er geen onwelwillendheid om meer inclusief en toegankelijk te zijn, maar is er bij overheid, instellingen en ondernemers vaak nog wel sprake van onwetendheid. Voorlichting, praktische (online) toolkits en campagnes zijn voorbeelden van haalbare instrumenten om de kennis en bewustwording te vergrootten onder ambtenaren, ondernemers, instellingen en organisatoren.

Zijn de kosten en baten van de bezoekerseconomie in balans? Bij het ontwikkelen van specifiek beleid gericht op de bezoekerseconomie kan het nuttig zijn om het inzicht in de opbrengsten van de bezoekerseconomie qua scope nog iets verder te verbreden, hoewel in deze rapportage al heel veel inzichtelijk is gemaakt. Hierbij kan gedacht worden aan bijvoorbeeld een bredere insteek van de maatschappelijke spin off en de mate waarin de bezoekerseconomie bijdraagt/een rol speelt bij het aantrekken van bedrijven, studenten en nieuwe inwoners. Tegelijkertijd roept dit dan ook de vraag op wat de bezoekerseconomie de stad kost, zowel qua eenmalige/incidentele investeringen in bijvoorbeeld parkeergarages, culturele voorzieningen, parken, jachthavenvoorzieningen als qua jaarlijkse kosten (bijvoorbeeld aan onderhoud, toezicht/handhaving, schoonmaak en subsidies). Om hierin een zorgvuldige en complete financiële afweging te kunnen maken, kan gedacht worden aan de uitvoering van een maatschappelijke kosten-baten analyse.

Deze is echter wel erg complex, kostbaar en tijdrovend vanwege afbakenings- en definitievraagstukken, omdat de verdeling van de kosten naar de bezoekerseconomie versus ‘reguliere’ kosten om een stad gewoon goed te laten functioneren (ook als er geen extra bezoekers zouden komen) lastig is te maken en omdat de oorzaak-gevolg relatie tussen input (jaarlijkse kosten) en output/outcome (de geleverde resultaten) lastig is vast te stellen. Een kosten-baten analyse in light variant kan een meer realistische tussenvariant zijn. Hierbij worden niet de formele regels van de MKBA formule gevolgd, maar het zet wel de kosten en baten redelijkerwijs en gestructureerd op

BEZOEKERSECONOMIE LEIDEN, ANALYSE EN KEUZERICHTINGEN

een rij. In ieder geval geldt dat een verbeterde en meer structurele monitoring een mooie eerste aanzet zou kunnen zijn (zie volgende paragraaf).

4.5. Monitoring bezoekerseconomie gemeente Leiden Al een ruime hoeveelheid data beschikbaar Aan de analyse van de impact van de bezoekerseconomie in deze rapportage liggen diverse onderzoeken van de gemeente Leiden ten grondslag. In recente jaren heeft de gemeente Leiden onder meer de volgende onderzoeken uitgevoerd en/of gerapporteerd: ∙

Leidse binnenstad in cijfers;

∙

Veiligheid in cijfers;

∙

Parkeren in cijfers;

∙

De Leidse bezoekerseconomie in cijfers.

Met enkele onderzoeken sluit de gemeente aan op lopende initiatieven die een landelijke oorsprong hebben. Dat geldt onder meer voor “Veiligheid in cijfers”, dat aan de Veiligheidsmonitor van het CBS verbonden is, maar ook voor het Koopstromenonderzoek van I&O Research en Toeristisch Bezoek aan Steden van NBTC-NIPO Research36. Ook in de totstandkoming van de sectorale visies wordt, soms in samenwerking met externe partijen, aandacht besteed aan de stand van zaken in een sector in de gemeente. Soms wordt daarbij gefocust op de gehele gemeente, soms op de binnenstad. Een voorbeeld hiervan is de visie op de horecasector, die is ondersteund door een analyse van de hotelmarkt en de overige, reguliere horeca. De gemeente Leiden beschikt tevens over bronnen die haar in staat stelt de ontwikkeling van de horeca en de detailhandel, twee belangrijke onderdelen van de bezoekerseconomie, in kaart te brengen. Tenslotte voert de gemeente regelmatig panelonderzoeken uit onder haar bevolking (via LeidenPanel en de Stads- en Wijkenquête) om een beeld te krijgen van de opinie van haar bewoners over relevante onderwerpen. Recent zijn de bewoners van Leiden ook gevraagd naar hun ervaringen met betrekking tot de bezoekerseconomie37.

Verkenning nieuwe databronnen uitgevoerd In de eerste helft van 2021 heeft de gemeente Leiden de mogelijkheden op het vlak van externe databronnen verkend. Er is onder meer aandacht geweest voor:

NBTC-NIPO Research heeft in april 2021 haar werkzaamheden gestopt en overgedragen aan een andere partij. Deze inventariseert of voldoende steden belangstelling hebben voor een vervolgonderzoek van “Toeristisch bezoek aan steden”. De gemeente Leiden is van plan het onderzoek ook in de toekomst af te nemen. Hoe het toekomstige onderzoek eruit gaat zien en welke gevolgen dit heeft voor de kwaliteit is echter nog onduidelijk. 37 Nog onduidelijk is of dit onderzoek periodiek zal plaatsvinden. 36

69

∙

Een databron waarbij het motief van een in een hotel overnachtende gast wordt geregistreerd (recreatief/zakelijk), net als de duur van het verblijf en de herkomst van de gast. Op die manier kan de gemeente Leiden meer grip krijgen op het profiel van de bezoeker die meerdere dagen verblijft.

∙

Een databron waarbij bezoekersstromen en druktepatronen worden geregistreerd op een dashboard, aan de hand van een veelvoud van methodieken. Met deze informatie kan de gemeente Leiden op gebiedsniveau inzicht krijgen in onderdelen van de bezoekerseconomie zoals hier gedefinieerd (bijvoorbeeld evenementen) en bezoekers in bredere zin (onder meer studenten, werkenden et cetera).

∙

Een databron waarbij bezoekaantallen van dagattracties maandelijks in een dashboard worden geladen, en worden afgezet tegen bijvoorbeeld weersinvloeden.

Ondanks uitgebreid cijfermateriaal nog ontwikkelpunten om goed sturing aan de bezoekerseconomie te kunnen geven Er is al met al uitgebreid cijfermateriaal (uit bestaande en nieuwe bronnen) binnen de gemeente aanwezig met een relatie tot de bezoekerseconomie. In betreffende bronnen is bovendien aandacht voor de impact op zowel de economie als de leefbaarheid. De meeste van deze bronnen kwamen al samen in de eerste editie van de rapportage “De Leidse bezoekerseconomie in cijfers”, die als voorloper van de analyse in dit rapport heeft gefungeerd. In het voorliggende rapport zijn de cijfers ook meer in perspectief geplaatst en geduid. Hoewel de rapportage “De Leidse bezoekerseconomie in cijfers” dus een stap in de juiste richting was, zijn er nog ontwikkelpunten die vaak onlosmakelijk verbonden zijn met het karakter van de huidige beschikbare data: ∙

Gebiedsgerichte sturing niet eenvoudig op basis van huidige databronnen. Aan de hand van diverse bronnen zijn eerste conclusies over economische aspecten als bezoekmotieven, bezoeken (inclusief herkomst), bestedingen en werkgelegenheid te trekken. Op het vlak van leefbaarheid blijven echter lacunes bestaan. Om als gemeente of als lokale partner sturing te kunnen geven aan de bezoekers-economie, zou bij voorkeur ook de geografische spreiding en de spreiding in tijd inzichtelijk gemaakt moeten worden, want pas dan wordt de bezoekerseconomie tot op zeker niveau planbaar. In deze rapportage is wel een aanzet gedaan op basis van een divers palet aan veronderstellingen, het gebruik van een databron die gericht is op het vaststellen van ruimteclaims in een gebied maakt dit proces eenvoudiger. Sturing blijft echter lastig zolang één van drie aspecten (geografie of bezoekersstroom, tijd, motief) niet beschikbaar, of – beter nog – te voorspellen is. Want om gedrag te beïnvloeden moet duidelijk zijn wie, wanneer, waar en hoe te sturen is. Bij motief maakt het feit dat de meeste bezoekers een meervoudig bezoekmotief hebben het overigens nog lastiger.

∙

Eenvormige, landelijke benchmark ontbreekt. Leiden is niet de enige stad waarin de bezoekerseconomie een belangrijke rol speelt en waar – altijd – een spanningsveld bestaat tussen economische activiteit en rust en ruimte voor de bewoner. De situatie in Leiden is beter te duiden en te sturen als er op landelijk niveau meer cijfers beschikbaar zijn die ook goed met elkaar te vergelijken en benchmarken zijn. Landelijk zijn diverse initiatieven actief om meer richting aan datagedreven management van de bezoekerseconomie te geven: ∙

Data & Development Lab. Met het Data & Development Lab Bestemming Nederland richten

BEZOEKERSECONOMIE LEIDEN, ANALYSE EN KEUZERICHTINGEN

NBTC, het CBS en CELTH zich op de gezamenlijke ontwikkeling van data en inzichten. Hiernaast wordt in het Lab gewerkt aan de onderbouwing van onderzoekbehoeftes, methodieken en visievorming voor een duurzame (door)ontwikkeling van bestemming Nederland. Meer inzicht in bezoekersstromen is één van de richtingen waarop het Data & Development Lab gefocust is. ∙

Data Center Toerisme. NBTC werkt binnen het Data Center Toerisme samen met het CBS in het Data Center Toerisme (DCT). Het DCT richt zich alleen op toeristische vraagstukken en sluit aan bij de maatschappelijke uitdagingen die binnen Perspectief 2030 worden beschreven. Het DCT is vergelijkbaar met de Urban Datacenters, zoals Beleidsonderzoek Leiden.

∙

Landelijke Data Alliantie. De Landelijke Data Alliantie Toerisme (LDA) is een open netwerk waarin kennis, inzichten en waar gewenst data wordt gedeeld over toerisme van, naar en in Nederland. De doelstelling van het netwerk is om te komen tot meer datagedreven beleidsbeslissingen en grotere concurrentiekracht voor toeristische ondernemers. In de LDA hebben onder meer organisaties als het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat, de provinciale overheden, het CBS, NBTC, CELTH, Kenniscentrum Kusttoerisme, Kennisnetwerk Destinatie Nederland en diverse DMO’s zitting.

Alle initiatieven zijn nauw aan elkaar verbonden, vaak ook door de organisaties die een sturende/ stuwende rol in alle drie initiatieven hebben (CBS, NBTC, CELTH). Stap voor stap zorgen deze initiatieven voor een verfijning en verdere standaardisering van de beschikbare methodieken om de impact van de bezoekerseconomie te meten en te sturen. Tot op heden hebben de meeste initiatieven gerelateerd aan bezoekersstromen nog een experimenteel karakter. In de toepasbaarheid voor de gemeente Leiden zijn dus nog stappen te zetten, maar mede door het open netwerk dat aan de initiatieven verbonden is (in de Landelijke Data Alliantie) zijn hiertoe wel kansen. In de toekomst naar een tool Leiden die de bezoekerseconomie in perspectief plaatst en die – bij voorkeur – voorspellend werkt? Met een monitor zijn ontwikkelingen in een stad goed in beeld te brengen, maar vrijwel altijd gebeurt dit (enige tijd) achteraf. Bovendien is het gebruikelijk om hierbij diverse, afzonderlijke informatiebronnen aan elkaar te koppelen. Om goed sturing te kunnen geven is een meer real time en geïntegreerd inzicht in de stand van zaken beter. Maar op stadsniveau een tool ontwikkelen die de datastromen en daarmee diverse onderdelen van de bezoekerseconomie bij elkaar brengt, met elkaar verbindt en duidt, is niet eenvoudig.

Er zijn op dit moment bovendien weinig steden in Nederland die al zo veel data verzamelen en ontsluiten als Leiden. Dat maakt het juist ook lastig, omdat perspectief pas ontstaat als cijfers kunnen worden gebenchmarkt, bijvoorbeeld met andere steden, en als deze gegevens over een reeks van jaren bijgehouden worden. Om die reden adviseren wij de gemeente Leiden om – gezamenlijk met steden van enigszins vergelijkbare omvang en eveneens een focus op de bezoekerseconomie als Haarlem, Delft en Maastricht – aansluiting te zoeken bij de landelijke initiatieven op het vlak van datagedreven management van de bezoekerseconomie. De mogelijkheden om tot een tool te komen die de stand van zaken in Leiden nauwkeurig beschrijft – en bij voorkeur voorspelt – zijn groter als op een hoger schaalniveau samenwerking wordt gezocht, samen met andere vergelijkbare partners. Daarbij kunnen methoden en technieken die in andere sectoren worden gebruikt ook als inspiratie dienen. De ontwikkeling van een dergelijke tool (op landelijk niveau) kost echter tijd. In de tussentijd is het belangrijk op doeltreffende wijze gebruik te maken van de bronnen die de gemeente Leiden zelf verzamelt en inkoopt. Hiertoe doen wij enkele aanbevelingen:

71

∙

Investeer meer tijd in het duiden en benchmarken van de ontwikkelingen in de bezoekerseconomie. De rapportage “De Leidse bezoekerseconomie in cijfers” biedt al een goede basis, maar kan hiermee worden versterkt. Zoek hierin zo mogelijk de samenwerking met steden van enigszins vergelijkbare omvang.

∙

Sluit in de ontwikkeling van de rapportage “De Leidse bezoekerseconomie in cijfers” qua definities en methodieken al zo goed als mogelijk aan bij de landelijke initiatieven op het vlak van datagedreven management van de bezoekerseconomie.

∙

Ga met lokale partners in de gemeente (Centrummanagement Leiden, Cultuurfonds Leiden, Leiden Marketing/Leiden Convention Bureau) periodiek het gesprek aan om ook in wisselwerking met de sector meer grip op de bezoekerseconomie te krijgen, bijvoorbeeld aan de hand van de nieuwe databronnen. Werk daarnaast met hen samen om de kwaliteit van de monitoring op peil te houden of te verbeteren.

∙

Besteed in de monitoring van overlast onder de bewoners expliciete aandacht aan de effecten van concrete maatregelen in opgestelde aanpakken en visies als Programma Binnenstad, Agenda Autoluwe Binnenstad en Aanpak Bezoekerseconomie.

∙

Besteed in de monitoring meer aandacht aan aspecten als duurzaamheid en inclusie, die, bij positieve resultaten, niet alleen tot een betere wereld leiden, maar ook een vliegwielfunctie kunnen hebben voor de economie. Neem deze resultaten ook als basis mee in verdere beleidsvisies die – al dan niet sectoraal – worden opgesteld.

BEZOEKERSECONOMIE LEIDEN, ANALYSE EN KEUZERICHTINGEN

Visie op de bezoekerseconomie - gemeente Leiden Bijlagendocument 1 juni 2021

73

Inhoudsopgave Onderdeel “Erfgoed en cultuur” ....................................................................................................................74 FEITEN EN CIJFERS ........................................................................................................................................................................ 74 BEOORDELING IMPACT .............................................................................................................................................................. 76 Onderdeel “Attracties, sportief en outdoor” ...............................................................................................83 FEITEN EN CIJFERS ........................................................................................................................................................................ 83 BEOORDELING IMPACT .............................................................................................................................................................. 85 Onderdeel “Horeca” ........................................................................................................................................88 FEITEN EN CIJFERS ........................................................................................................................................................................

88 BEOORDELING IMPACT .............................................................................................................................................................. 91 Onderdeel “Detailhandel”...............................................................................................................................96 FEITEN EN CIJFERS ........................................................................................................................................................................ 96 BEOORDELING IMPACT .............................................................................................................................................................. 99 Onderdeel “Evenementen” .......................................................................................................................... 104 FEITEN EN CIJFERS ..................................................................................................................................................................... 104 BEOORDELING IMPACT ........................................................................................................................................................... 107 Onderdeel “Waterrecreatie” ........................................................................................................................

113 FEITEN EN CIJFERS ..................................................................................................................................................................... 113 BEOORDELING IMPACT ........................................................................................................................................................... 115 Onderdeel “Congresmarkt” ......................................................................................................................... 118 FEITEN EN CIJFERS ..................................................................................................................................................................... 118 BEOORDELING IMPACT ........................................................................................................................................................... 121

BEZOEKERSECONOMIE LEIDEN, ANALYSE EN KEUZERICHTINGEN

Onderdeel “Erfgoed en cultuur” FEITEN EN CIJFERS Erfgoed en cultuur in Leiden Leiden is van oudsher een ontmoetingsplaats voor creatieve geesten en academici die naar deze plek komen om in een klimaat van nieuwsgierigheid en vrijheid te werken aan een betere wereld. En hoewel deze mensen vaak zelf weer na korte of langere tijd vertrokken, versterkten ze in de loop der jaren het weefsel van kennis en cultuur dat het Leiden van vandaag de dag zijn onderscheidende karakter geeft. Mede dankzij de eeuwenlange aanwezigheid van de Universiteit en meerdere nationale musea is in Leiden tegenwoordig een uitzonderlijke concentratie te vinden van historische en actuele collecties op het gebied van materiële cultuur, biodiversiteit, kunst en wetenschap. Leiden profileert zich als Stad van Ontdekkingen, van cultuur en kennis. Leiden heeft een uniek weefsel van kennis en cultuur, en doet het met haar cultuur erg goed. De stad neemt, als 21e gemeente, de zesde plaats in op de cultuurindex van 50 grootste steden in de Atlas voor Gemeenten 38. Erfgoed en cultuur hebben daarbij diverse verschijningsvormen. Tabel 1.1. Aanbod erfgoed en cultuur Leiden MUSEA HOFJES EN KERKEN PODIA, THEATERS, BIOSCOPEN, GALERIEËN, ATELIERS EN OVERIGE VOORZIENINGEN TOTAAL

AANTAL LOCATIES 13 25 32 70

Bron: VVV Leiden/ZKA Leisure Consultants. Leiden beschikt over meer hofjes en kerken dan opgenomen in de aanbodlijst (35), maar het bezoek spitst zich volgens VVV Leiden voornamelijk toe op de locaties die in de lijst zijn opgenomen.

Erfgoed en cultuur op de kaart Erfgoed en cultuur is er zoals gezegd in diverse verschijningsvormen in Leiden. De Leidse musea zijn publiekstrekkers van nationale allure en trekken om die reden relatief veel bezoeken van verder weg. Leiden is Stad van Ontdekkingen met de twee pijlers Kunst en Kennis. Die sterke combinatie maakt Leiden uniek. In 2022 is Leiden European City of Science. Aanvullend creëren de Leidse hofjes, kerken en monumenten in de binnenstad een historische setting die de stad onderscheidend vermogen geeft ten opzichte van andere Nederlandse steden, en zijn er diverse andere monumenten (o.a. de Burcht, de Stadsgehoorzaal, molens) en culturele voorzieningen (bibliotheek, bioscopen, poppodia, theaters, galerieën, ateliers). De laatste voorzieningen zijn er overwegend voor de eigen inwoners maar trekken ook bezoek van verder weg. Tenslotte worden het cultuurhistorische en culturele aanbod van Leiden aan elkaar geknoopt via allerlei (begeleide) stadswandelingen. De onderstaande kaart laat de locaties van het aanbod aan erfgoed en cultuur met een bezoekfunctie zien.

38

Bron: Atlas voor Gemeenten/Boekman Stichting, Regionale Cultuurindex, 2018

75

Bron: VVV Leiden/Leiden Marketing, bewerking ZKA

Herkomst bezoek aan erfgoed en cultuur Op basis van meerdere bronnen is een raming gemaakt van de herkomst van bezoek aan erfgoed en cultuur in Leiden39. De diverse onderdelen die samen de sector maken hebben allen een ander karakter: theaters en podia zijn doorgaans meer op de lokale of regiobezoeker gericht, terwijl musea en iconische monumenten het potentieel hebben om bezoekers van verder weg te trekken. Dat blijkt ook uit de cijfers van musea, die naar schatting tussen 80% en 90% van de bezoeken buiten Leiden en de COROP-regio trekken. Het verzorgingsgebied van theaters, podia en bioscopen is veel meer lokaal of regionaal. De onderstaande verdeling betreft het gewogen gemiddelde van de diverse typen instellingen en bezoekgelegenheden. Tabel 1.2. Herkomst bezoeken erfgoed en cultuur Leiden HERKOMST

AANDEEL

BEWONERS LEIDEN

31%

BEWONERS COROP-REGIO

9%

BEZOEKERS VAN VERDER WEG

60%

39

Gehanteerde bronnen voor de Leidse musea zijn de diverse bezoekersonderzoeken die door de musea tot de beschikking van de gemeente zijn gesteld, bij podia, theaters en bioscopen is uitgegaan van informatie uit het Continu Vrijetijdsonderzoek 2018, van NBTC-NIPO Research. Daarbij is rekening gehouden met de omvang van de stad Leiden: bezoekpatronen in grote steden zijn anders dan op andere plaatsen.

BEZOEKERSECONOMIE LEIDEN, ANALYSE EN KEUZERICHTINGEN

Cross-overs met andere typen bezoeken •

Erfgoed en cultuur zijn voor bezoekers die niet in Leiden wonen belangrijke redenen om Leiden te bezoeken40. Met name museumbezoek steekt er als hoofdreden bovenuit, voor 22% van de bezoeken van verder weg aan Leiden. Daarmee is dit motief het belangrijkst van alle motieven om Leiden te bezoeken, en bovendien veel vaker voorkomend dan in andere Nederlandse steden. Soms is het niet de belangrijkste reden voor bezoek, maar vindt het in aanvulling op een andere activiteit plaats.

•

Ook stadswandelingen zijn belangrijk, maar met name als ondersteunende activiteit. Dat is te zien aan het verschil tussen stadswandelingen als belangrijkste reden van bezoek en als ondernomen activiteit.

•

Bezoek aan theaters/concerten en bioscoop komt minder vaak voor onder bezoekers van verder weg, ook in vergelijking met andere steden in Nederland. Het bezoek is bovendien relatief vaak gericht, als belangrijkste reden van het bezoek.

Tabel 1.3. Erfgoed en cultuur tijdens bezoek aan stad BELANGRIJKSTE BEZOEKREDEN GEMIDDELDE LEIDEN NEDERLANDSE STEDEN BEZOEK MUSEUM 22% 8% STADSWANDELING 15% 14% BEZOEK THEATER/CONCERT 1% 2% BEZOEK BIOSCOOP 1% 3%

ONDERNOMEN ACTIVITEIT GEMIDDELDE LEIDEN NEDERLANDSE STEDEN 26% 11% 33% 28% 1% 3% 2% 5%

Bron: NBTC-NIPO Research, Toeristisch bezoek aan steden 2020, gegevens over het jaar 2019

Activiteiten die hiernaast nog vaak ondernomen worden tijdens een bezoek zijn lunchen/dineren (38%), winkelen voor plezier (32%) en op een terras zitten (22%). Deze activiteiten zijn minder vaak dan bijvoorbeeld museumbezoek de hoofdreden van bezoek, maar worden wel regelmatig ondernomen en zorgen voor een verlenging van de bezoekduur. Uit andere onderzoeken komt naar voren dat circa 4% van de museumbezoeken gepaard ging met een overnachting in Leiden, en nog eens 4-5% met overnachtingen elders41.

BEOORDELING IMPACT Economie Bezoeken, bestedingen en werkgelegenheid •

Met o.a. vier Rijksmusea binnen haar gemeentegrenzen (Naturalis, Boerhaave, Oudheden, Volkenkunde) profileert Leiden zich landelijk sterk als museumbestemming. In 2019 was de stad de vijfde museumstad van Nederland, met bijna 1,2 miljoen bezoeken. Daarmee was het aantal bezoeken het hoogst sinds 2013, terwijl Naturalis en Museum de Lakenhal in de eerste 6-8 maanden van het jaar nog gesloten waren voor publiek. Met de recente vernieuwingen en verbouwingen van de musea is er de gegronde verwachting dat het aantal bezoeken in de komende jaren doorgroeit, de ambitie is er

40 41

Bron: NBTC-NIPO Research, Toeristisch Bezoek aan Steden Bron: NBTC-NIPO Research. Rapportages Blockbuster Petra, Wonder in de Woestijn en Blockbuster Carthago

77

om de derde museumstad van Nederland te worden42. De coronacrisis zorgde er echter voor dat de musea in 2020 een pas op de plaats moesten maken. •

De Leidse podia (Leidse Schouwburg, Stadsgehoorzaal, Theater Ins Blau, BplusC, Gebr. De Nobel) trekken in totaliteit minder bezoeken (ca. 314.000 in 2019), maar ontwikkelden zich in de jaren 20132019 sneller. Het effect van de coronacrisis was echter ook groter: grotere groepen bezoekers waren door allerlei restricties aan capaciteit en afstand niet of nauwelijks mogelijk.

•

Het aantal bezoeken aan de Leidse bioscopen is ook fors toegenomen in de afgelopen jaren. In 2019 trokken de bioscopen gezamenlijk ruim 410.000 bezoeken. Over 2020 zijn geen gegevens bekend, maar net als de theaters en podia hadden bioscopen met perioden van sluiting en capaciteitsrestricties te maken.

•

Naast de Leidse musea, bioscopen en podia trekken ook de Leidse hofjes, kerken en andere instellingen bezoeken aan. Zo trekt de Pieterskerk op jaarbasis circa 120.000 tot 130.000 bezoeken met haar culturele en commerciële activiteiten43. Het aantal bezoeken aan de tentoonstellingen in bijvoorbeeld de Hartebrugkerk is veel lager (minder dan 1.000 per jaar). Bezoeken aan de Leidse hofjes zijn onder meer opgenomen in de stadswandelingen die onder begeleiding (Gilde Leiden) en digitaal/op papier (VVV Leiden) beschikbaar zijn.

Figuur 1.1. Ontwikkeling bezoeken musea, bioscopen en podia Leiden (in indexcijfers, 2013=100)

250

211,2

200 136,5

150 100

124,3

50

72,9 28,4

0 2013

2014

2015 Musea

2016 Podia

2017

2018

2019

2020

Bioscopen

Bron: Museumgroep Leiden/Leiden Marketing/gemeente Leiden/opgaven instellingen, bewerking ZKA

Als alle bezoeken aan de musea, podia, kerken, hofjes en overig cultureel aanbod bij elkaar worden opgeteld leidde dit tot circa 2,1 mln. bezoeken in het jaar 2019. We stelden echter ook vast dat de sector in de coronacrisis ernstig te leiden heeft onder het stilvallen van de bezoekerseconomie. Het aantal bezoeken daalde fors, waarmee de exploitaties van deze aanbieders ernstig onder druk zijn komen te staan. De bestedingen in het onderdeel van de bezoekerseconomie erfgoed en cultuur in het jaar 2019 zijn geraamd aan de hand van diverse bronnen, zoals het Continu Vrijetijdsonderzoek 2018 van NBTC-NIPO Research (voor o.m. bioscopen, theaters en podia) en deskresearch (voor de Leidse musea). Op basis daarvan zijn de bestedingen aan het Leidse erfgoed en cultuur geraamd op € 32,3 mln., ofwel € 15,40 per

Bron: Gemeente Leiden, De Kracht van Cultuur, in onze Stad van Ontdekkingen: inclusief, met groot bereik, januari 2020. 43 Bron: Stichting Pieterskerk Leiden, Jaarverslag 2019. Een deel van deze bezoeken is voor congressen, en heeft dus overlap met het onderdeel congressen. 42

BEZOEKERSECONOMIE LEIDEN, ANALYSE EN KEUZERICHTINGEN

bezoek. Hiertoe zijn bestedingen aan entree, consumpties en museumwinkels/merchandise (in geval van musea en theaters) meegerekend. Op basis van een analyse van de werkgelegenheid per SBI-code is de werkgelegenheid in dit onderdeel van de bezoekerseconomie geraamd op 1.250 tot 1.300 banen. Hiervan is bijna 50% in de binnenstad werkzaam44. Daarnaast geldt dat deze sector bekend staat om haar inzet van grote aantallen vrijwilligers. Overige spin-off •

Erfgoed en cultuur maken de stad aantrekkelijk. Erfgoed en cultuur dragen niet alleen door bezoekers en bestedingen bij aan de economie, het cultureel voorzieningenniveau zorgt er ook voor dat Leiden beter op de kaart staat als vestigingslocatie voor inwoners en bedrijven. Met name diverse en kleinschalige culturele activiteiten, die bovendien goed bereikbaar en verspreid over de tijd zijn, dragen hieraan bij45.

•

Kruisbestuiving tussen kennis en cultuur. Leiden is sterk in de koppeling van cultuur aan kennis. De Leidse musea zijn veelal op onderwerpen gericht die sterke raakvlakken hebben met wetenschap, en vervullen daarmee een brugfunctie tussen samenleving en wetenschap. Ook de podiumkunsten dragen hieraan bij, door middel van verbeelding van de collecties, kennis en historie van de stad. De kruisbestuiving stelt de stad in staat om zich nog beter (inter-)nationaal te onderscheiden met haar kennisinstellingen (o.m. Universiteit Leiden, Leids Universitair Medisch Centrum, Leiden Bio Science Park). Dit komt onder andere tot uiting in de vijfde positie die Leiden, qua inwonertal een middenmoter in de G50, op de Nederlandse congresmarkt inneemt.

Leefbaarheid Bezoekintensiteit en -densiteit Erfgoed en cultuur zijn belangrijke aanleidingen voor een bezoeker van verder weg om naar Leiden te gaan. Een bezoek aan een museum wordt zelfs het vaakst als hoofdreden van bezoek genoemd (22%), en ook relatief vaker dan in andere steden (8%) 46. Het zal niet verbazen, gezien het absolute aantal bezoeken, dat museale bezoeken daarmee sterk aan de bezoekintensiteit en -densiteit die de Leidenaar ervaart bijdraagt, al maakt de Leidenaar zelf ook gebruik van het museale aanbod. Dat geldt ook voor de andere culturele voorzieningen. Hoe verhoudt het gebruik van de voorzieningen zich in Leiden tot het gebruik elders in het land, uitgedrukt in intensiteit (aantal bezoeken per dag per 100 inwoners) en densiteit (aantal bezoeken per dag per km2)? Uit de analyse blijkt: •

Per 100 inwoners per dag is het aantal bezoeken aan de Leidse musea hoger dan bijvoorbeeld in de provincie Zuid-Holland. Het bezoekniveau in Leiden blijft wel duidelijk achter op Amsterdam, waarvan de gegevens bovendien enkele jaren oud zijn. In de tussenliggende jaren groeide het museumbezoek stevig door. In het geval van Amsterdam telt mee dat de bezoeken voortvloeien uit de functie van internationale toeristische bestemming. Op het vlak van densiteit eindigt Leiden dichterbij Amsterdam, deels door de structuur van de gemeente Leiden (met weinig buitengebied en deels ingesloten tussen andere stedelijke gemeenten).

SBI staat voor Standaard Bedrijfsindeling. Bron: Werkgelegenheids- en Bedrijvenregister Zuid-Holland, via Gemeente Leiden 45 Marlet, G. (2009). De aantrekkelijke stad, VOC Uitgevers, Nijmegen 46 Bron: NBTC-NIPO Research, Toeristisch Bezoek aan Steden 2020, gegevens over 2019. 44

79

•

Op het vlak van professionele podiumkunsten en bioscopen blijft Leiden het provinciale aantal bezoeken per dag per 100 inwoners iets voor, maar de Leidse cijfers zijn wederom bescheiden in vergelijking met Amsterdam. Leiden bleef qua bezoeken per 100 inwoners per dag bij de podiumkunsten en bioscopen ook duidelijk achter op Utrecht (circa 0,95 en 1,38), Rotterdam (resp. circa 0,72 en 1,3) en Den Haag (resp. circa 0,65 en 1,12) 47.

•

Het totale aantal erfgoed- en cultuurbezoeken per dag per 100 inwoners is volgens deze definitie in Leiden hoger dan gemiddeld, maar aanmerkelijk lager dan in Amsterdam. Op het vlak van densiteit zijn de verschillen iets minder groot tussen beide gemeenten, als gevolg van de structuur van Leiden en Amsterdam.

Tabel 1.4. Bezoekintensiteit en -densiteit erfgoed en cultuur NOORDLEIDEN HOLLAND INTENSITEIT MUSEA 2,6 1,4 PODIUMKUNSTEN 0,5 0,7 BIOSCOPEN 0,9 0,8 TOTAAL 4,0 2,9 DENSITEIT MUSEA 139 10 PODIUMKUNSTEN 27 5 BIOSCOPEN 48 6 TOTAAL 214 20

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10752174/1