CConstaterende datlaren
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript Gemeenteraad 08.11.2024

Gemeenteraad 8 november 2024, gemeente larenBij agendapunt: Opening en vaststelling agenda33.895 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Maar wel met de financiering en de risico's voor de gemeente zelf dus dat is de reden waarom wij die tweede motie over de erfpacht hebben ingediend of bij deze indienen. Dank u. De voorzitter: Dank, mijnheer Koldenhof. Het woord is aan de heer Loef. De heer Loef: Ja, dank u, voorzitter. En dank aan het college voor de beantwoording van de vragen van de verschillende fracties in de eerste ronde. Ingaande op de inbreng van de andere fracties valt me inderdaad de toon op van het CDA. En ik ga daar gewoon wel iets over zeggen want het feit dat je hier iets vernieuwends presenteert om vervolgens de deur uit te gaan en niet te wachten op het debat en de antwoorden, dat is ook

een vernieuwende actie. En die kennen we ook uit de landelijke politiek bij een bepaalde partij en als dat de toon is die het CDA hier neerzet, dan vind ik dat er toch nog wel een debatje over mag worden gevoerd. Dus ik neem dit graag mee naar het presidium om daar eens verder over te spreken. Ik ben blij dat de andere partijen er wel zitten. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Vos. De heer Vos: Ja, nee, dan moet ik het toch echt even voor mijnheer Van den Berg opnemen. Kijk, er zijn een hele hoop mensen die volgens mij gewoon volop de tijd hebben. En als mijnheer Van den Berg moet werken, ik vind het een beetje vreemd om iemand de les te lezen die niet aanwezig is. Ik heb daar wat moeite mee want ik acht de heer Van den Berg hoog, dat doe ik ook met u. En ik denk dat als we daar commentaar op elkaar hebben, dat dat in ieder geval in het volle gezicht moet zijn en niet zo achteraf. Ik had u attenter ingeschat. De voorzitter: De heer Loef. De heer Loef: Dat mag, mijnheer Vos, maar ik doe het gewoon in de openbaarheid en niet achteraf dus in die zin is de heer Van den Berg er dus ook. De heer Vos: Nou zegt u het zelf. De heer Loef: Ja, ik zeg hier dat ik dus inderdaad vind dat dat niet kan. Deze vergadering weet je al heel lang dat het is dus ja, dat is wat anders. Maar goed, om op uw inbreng terug te komen, mijnheer Vos.

U had het met name over parkeren en parkeerbeleid. En u komt weer met een garage en met betaald parkeren omdat het ook goed zou zijn voor de inwoners. Ik ga hier niet een hele parkeerdiscussie oprakelen maar we weten dat betaald parkeren misschien in eerste instantie iets oplost, A, heel veel kost, maar vervolgens ook allerlei ellende met zich meebrengt. En ik verwijs alleen maar naar buurgemeente Hilversum waar iedereen in rep en roer is over vergunningsstelsels, parkeerduur, opbrengstkosten, et cetera. Dus wat dat betreft houden wij het dorp graag ook voor de inwoners en kan volgens mij prima met de bestaande zone goed geparkeerd worden. Ook al hebben we inderdaad veel auto’s hier en dat is een andere discussie denk ik. Ik ga graag in op de beantwoording van de vragen van het college. En misschien is het nog wel goed om iets op te merken, ik weet niet welke fractie het zei, over de BEL-organisatie want ik wil daar wel een lans voor breken. We hebben als fractie inmiddels een aantal bijeenkomsten gehad op allerlei gebied en daar zijn tegenwoordig ook medewerkers van de BEL Combinatie bij. Dat is heel iets anders dan een aantal jaren geleden toen het leek dat de BEL-organisatie echt achter gesloten deuren werkte en er niet gecommuniceerd werd met raadsleden.

Wij hebben de ervaring dat we zien dat er veel jongere medewerkers zijn die allemaal klaarstaan om echt vol de schouders eronder te zetten. Dat is ook heel duidelijk door u als college uitgelegd, het is een organisatie in transitie maar ik zie het ook als een organisatie in opbouw. Dus ik wil hier ook een lans breken voor het verdergaan met die opbouw en ik ben ook blij dat in de begroting daar geld voor is opgenomen. Dus vanuit onze kant investeren we graag in de verdere toekomst van wat heel belangrijk is, omdat ook al die extra taken er bij de gemeente liggen, waar ik in eerste termijn het over had. Ik heb nog wel een paar vragen die naar mijn mening niet beantwoord zijn en dat ging eigenlijk over de inkomsten. In de begroting staat dat het bedrag van die 22 miljoen rijksuitgaven, dat staat op pagina 5, dat is zo’n één overzicht, dat is dus één totaal plaatje. Ik ben eigenlijk heel benieuwd of daar nou een trend in zit en wat die trend nou is en hoeveel procent dat minder wordt. Misschien kan de wethouder daar toch een iets duidelijker antwoord op geven? Want ik zie die verder in de meerjarenraming niet echt terugkomen. Is dat dan een korting van 10 procent of hoe moeten we dat zien? Welk bedrag gaan wij straks missen en voor welk bedrag moeten wij nu precies bezuinigen? Ik snap

dat u dat niet wil meenemen in deze ramingen of begrotingen maar ik zou het toch graag horen waar u dan denkt dat wij ongeveer aan moeten denken? En dat we dat dan ook doen via een Auditcommissie, ik ben het eens met de heer Koldenhof dat we dat gewoon moeten doen in de commissie. Waarbij het natuurlijk wel interessant is, ben ik ook heel benieuwd, waar onze inwoners naar kijken? En dat brengt ons eigenlijk op nog iets anders wat niet in de eerste termijn genoemd is, dat is hoe we deze begroting behandelen? Want het is heel fijn dat we onze Vincent altijd op de publieke tribune hebben hier maar ik had ook heel graag bij de vorige ronde insprekers gehad die ons zouden kunnen meegeven waar wij als raad extra of minder aandacht aan zouden moeten of kunnen besteden. Dus dat is misschien iets om aan de voorkant nog beter te regelen en daar gaan we graag ook in het presidium op een andere plek over in discussie. U heeft het gehad over de waarborg op lange termijn, daar heeft u het één en ander over gezegd, hoe gaan we om met? Een vraag over dat Integraal Huisvestingsplan en de sport. Met name de binnensportlocatie, had ik nog niet concreet beantwoord gezien.

Ik zou graag horen of het een logische suggestie is om de verduurzamingsopgave voor de binnensportlocaties mee te nemen in het IHP? Want dan is ook de financiering binnen het IHP geregeld en hoeven we niet apart een krediet voor verduurzaming van het zwembad en de sporthal neer te leggen. Hoeft u die niet neer te leggen want dan past die meteen in dat plaatje en dat lijkt ons een goede optie. Verder de Sportraad, collega Koldenhof zei het al, ik hoorde hem niet in uw beantwoording en naar ons idee zou met name de Sportraad degene moeten zijn, de organisatie moeten zijn of de adviseurs moeten zijn die de integrale visie op de sport met ons delen. En ik hoor eigenlijk de wethouder zeggen van, ja, ik maak een rondje, een behoefterondje langs de sportverenigingen, daar komen een aantal wensen uit. Die wensen gaan we dan weer met u bespreken en dan wordt gekeken hoe we die gaan financieren. En dat is nou precies waar onze fractie zo bang voor is, want dan komt de rekening weer in de volgende meerjarenbegroting raming bij ons terecht. Onze insteek is eigenlijk een andere. Wij zeggen van, wij weten dat die behoeften eraan komen, we weten dat die velden vervangen moeten worden, dat er meer vragen zijn. Wij zouden graag zien dat er iemand is die zegt van, ja, ik ga voor de sport, dat zou een ‘…’ kunnen zijn.

Het is niet zo dat u die moet gaan zoeken maar ik zou willen en wensen dat de sfeer hier zou moeten zijn van, ja, wij zien dat we dat zelf niet kunnen, wat zou het mooi zijn als, en laten we eens kijken of er iemand is die … En als dat gevoel bij ons allen leeft, dan ga ik ook nog even naar de burgemeester en de integriteit. Want we zien dat bij de sport vaak het geld naar boven komt, maar dat niet altijd de juiste investeerders zijn. Ik zou willen dat dat een integere ‘…’ is. Volgens mij zitten ze hier gewoon in het dorp, ze hebben hun geld verdiend, ze houden van een partijtje hockey, voetbal, noem het maar op. En ik denk dat hij of zij hier gewoon is maar wij moeten met elkaar wel uitstralen dat we die ook graag zien als een welkom iemand om de sport ook echt een warm hart toe te dragen. En dat zouden we met elkaar denk ik moeten uitstralen. Verder nog de vraag over de precieze besluitvorming. Ik heb daar nog geen antwoord op gekregen. Ik kijk even nog naar de burgemeester. Hoe gaan we nu een voorstel vaststellen wat rept over begroting versus meerjarenraming en waar een correctie eigenlijk denk ik zou moeten plaatsvinden? Dus even de vraag nog daarover. Verder viel ons op in de beantwoording van de wethouder De Groot over de HBEL, dat het allemaal zorgvuldig werkt en dat de wachtlijsten korter worden maar tegelijkertijd moeten er ook meer mensen worden aangenomen.

Dus de vraag is, hoe rijmt u het aannemen van meer mensen terwijl de HBEL goed draait en het eigenlijk efficiënt gaat worden? Misschien kunt u daar nog iets over zeggen? Nou, dan even ten aanzien van de cultuur. Ja, cultuur is eigenlijk altijd kind van de rekening. Ik vind het een beetje jammer dat de VVD dit hier uitpikt, zeker na de beantwoording van onze voorzitter in zijn rol als portefeuillehouder cultuur die ons duidelijk heeft uitgelegd waar dit toe dient. Ik denk dat het goed is dat we er wel breder naar kijken, maar dan kunnen we ook kijken naar de sport- en beweegcoaches. Er zijn er acht in dit dorp die dezelfde functie hebben, de makelaarsfunctie hebben als de ene cultuurcoördinator. Ik zou heel graag dan ook de rapportage zien wat die sport- en beweegcoördinatoren effectief te werk stellen omdat we daar denk ik veel meer geld aan uitgeven. En ik vind het heel naar om in een discussie sport of cultuur te moeten belanden, volgens mij zijn we allemaal voor en-

en. Maar laten we die doelmatigheidsdiscussie op een ander moment met elkaar voeren dus die motie die zullen wij niet steunen. De motie tweedehands, uiteraard duurzaamheid, heel belangrijk. Grote ergernis hebben we gehad toen we zagen dat de Oekraïners verhuisden naar Blaricum, dat alles in een container verdween en vervolgens er compleet nieuwe besteklades en waterkokers en banken, et cetera, werden neergezet. Overigens op kosten van het Rijk, maar niet vanuit een duurzaamheidsgedachte. Dus die motie zullen we van harte ondersteunen, ik denk dat dat een logische en niet meer dan prima motie is. Maar ik kijk even naar de kant van het college hoe ze daar instaan? Dat was hem. O ja, en als laatste was er de motie van u over de grondexploitatie. Wij zijn het in principe met de VVD eens dat we het liefst zien dat deze woningen op erfpacht worden gebouwd want wij denken dat het verstandig is om je grondpositie te houden. Wij denken ook dat het mogelijk is, we denken dat het ook verstandig is om dat te doen maar we vragen graag de wethouder hoe het daar nu daadwerkelijk mee staat? Ik kan me ook nog voorstellen dat als deze ontwikkelaar volkshuisvester het niet wil, of er niet een andere volkshuisvester is die wel volgens het erfpachtmodel bereid is om zeven woningen te bouwen op die locatie? Dus ik ga nog niet zeggen of we hem steunen.

Ik vind namelijk de motie vrij dwingend van, u moet dit doen en anders niet. Nou, wij vinden eigenlijk dat de motie daar iets genuanceerder in zou moeten zijn. Als u zegt van, nou, wij gaan heel hard aan de slag om te kijken of er een andere aanbieder is die dat wel kan, dan denk ik dat we de strekking begrijpen van wat we hier met elkaar bedoelen. Hou de grondpositie en bouw in ieder geval wel. Dat was het even in deze termijn. Dank u, voorzitter. De voorzitter: Dank, mijnheer Loef. Dan kom ik bij de heer Spaan. De heer Spaan: Ja, even over de opmerking van Bart Vos over eigenlijk de zelfstandigheid van de gemeente want ik zat natuurlijk ook eerst bij D66. Wij hebben natuurlijk altijd gehoopt dat Laren zelfstandig zou kunnen blijven maar de toekomst, en dat zie je ook in heel Nederland wel, zou gevaar kunnen opleveren ervoor. Dat zei ik ook al in mijn stuk. Dus het is niet zo dat wij per se hebben gezegd, we willen zelfstandig. Nee, wij vermoeden dat het die kant opgaat. En ik denk dat jullie dat allemaal misschien eigenlijk wel een beetje begrijpen. De voorzitter: Ik niet hoor. De heer Spaan: Nee, nee, maar dat het zou kunnen. En dat kunnen we misschien pas over tien jaar zeggen. Nee, oké, dus het is niet zo zwart-wit hoor, zo ligt het niet. Het Craibosch hoorde ik hier over de gezamenlijke aanpak.

Ja, kan dat nog, vraag ik me af? Het is natuurlijk best een Craidorpje wordt het, het is inderdaad best een heftige ontwikkeling daar. Ik heb de tekeningen gezien en het is pittig. Maar ik weet niet of dat nog kan in dit stadium dus, en of het juridisch ook kan? Dan nog de verkeersvisie, ik heb daar ooit in gezeten. En toen waren de fietspaden eigenlijk was een beetje de opgave. Om dat weer te gaan aanpakken, nou, ik denk niet dat dat … Ik denk dat we beter de bikes, de fatbikes kunnen aanpakken. En die fietspaden weer alles opnieuw te doen, als we het al over besparingen hebben en ik denk dat we beter kunnen kijken of we geld kunnen besparen en niet dat soort dingen gaan uithalen. Want het is tien jaar geleden misschien geweest dat we het hebben aangepakt en dat is best rigoureus geweest in het dorp dus graag niet zomaar weer kosten gaan maken als het niet nodig is. Dat was even mijn deel. Dank u wel. De voorzitter: Dat was hem, mijnheer Spaan? Oké, dank u. Dank, dank. Dan kom ik bij mevrouw Van Dorst. Ik ben even afgeleid door de fractie van Larens Behoud die … Mevrouw Van Dorst-Brakel: Een derde termijn.

De voorzitter: Ja, ja. Nee, ja, ik zou zetels lekker op een plek laten hoor. Ja, heel goed. Mevrouw Van Dorst. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Dank u wel, voorzitter. Even over die fietspaden op het laatst waar mijn collega het over had. Ik denk dat we twee dingen door elkaar halen. Het is vanuit de MRA en de regio dat men onderzoekt voor inderdaad, ja, hoe noemt men dat, een soort HOV voor fietspaden door de hele regio. Dat is iets anders en dat is iets wat nog vooruitgeschoven wordt waar wel ideeën over zijn, waar reuring over is, noem maar op. Ik heb zelfs gehoord dat Blaricum al voorstelt om gezamenlijk fietspad uit te gaan zoeken via de Noolseweg. Dat zijn allemaal voorbarige activiteiten. Wij wachten op de regio, zij zouden daar het voortouw in nemen. Terugkomend op wat er vanmorgen gezegd is. Eén vraag had ik gesteld en dat is een hele brede, hoe is het met het CO2-neutraal van onze eigen gebouwen, is daar een plan over? Dat vond ik best een belangrijke vraag waar ik geen antwoord op had gekregen. Ik hoor wat aan de linkerkant, ik krijg straks het antwoord. Ik wilde een paar kleine dingen alleen aantrekken en dat is inderdaad twee dingen. Het Gooische Nest, 20 duizend voor Laren meer. Dat is voor het eerst dat ik dat hoor. En ook dat bij Soest ook een extra investering gedaan gaat worden, daar zou ik graag wat meer informatie over hebben, is mij onbekend.

Het andere wat mij onbekend is maar mij heel erg verheugt, dat is het onderzoek naar een skatebaan. Daar zou ik zeker willen vragen om daar wat meer aandacht aan te besteden, want dat zou inderdaad een mooie plek zijn voor de jongeren die we dan wel kunnen aanbieden. Wat de moties betreft, de coördinator cultuur. De uitleg van onze voorzitter vind ik inderdaad heel plausibel. Ik begrijp, 25 duizend of 35 duizend is een groot bedrag, maar ik vind het wel de moeite waard. Cultuur is iets wat op scholen zeker meegegeven kan worden, belangrijk is voor de algehele algemene vorming van kinderen maar ook dat kinderen uit alle culturen hier tegelijkertijd in meegenomen worden. De motie over tweedehands. Ja, beslist. Rolstoelen, liften, zeker belangrijk om daarnaar te kijken. De motie erfpacht diaconiehuizen. Ja, we hebben er ook al over gevraagd. Wij zijn daar ook achter. Het idee een andere aanbieder valt hieronder, want dat is natuurlijk de onderliggende gedachte hier. Want wij weten dat Gooi en Vechtstreek tegen erfpacht is, maar we zouden daar toch graag een oplossing in zien. Dit is, sorry, ik zeg steeds het verkeerde, Gooi en Omstreken. Wat had ik nog meer? Nee, dit zijn dan een beetje mijn vragen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank, mevrouw Van Dorst. Dat was dan de eerste termijn van de zijde van de raad.

Ik kijk naar het college, volgens mij hoeven we niet te schorsen hè? Nee hoor, nee. Dan geef ik als eerst het woord aan de heer Van Midden. De heer Van Midden: Ja, dank u wel, mijnheer de voorzitter. Ik zal allereerst ingaan op de vragen zoals ze Liberaal Laren gesteld zijn. Met name ook als het gaat om het anticiperen op eventuele bezuinigingen na vaststelling van de begroting. Ja, dat klopt inderdaad. Maar wat de heer Koldenhof bijvoorbeeld terecht aangeeft, is dat we voor nu zeg maar het VNG-advies overgenomen hebben. Wat ik nu gedaan heb met de begroting, en dat heb ik geprobeerd uit te leggen in mijn inleiding en ik zal het proberen dat nog op een misschien heldere manier te doen en pakken we even het thema zelfstandigheid mee. Kijk, wij willen als gemeente tot in lengte van jaren zelfstandig zijn. Dat doen wij langs drie lijnen. Dat doen we één, door de basis op orde te hebben, twee, door dicht bij onze inwoners te staan, drie, door flexibel en innovatief te zijn. Nou, één als het gaat om basis op orde hebben, dat zien we terug in de begroting. Daar staan eigenlijk alleen maar dingen in waarmee we de basis op orde hebben, wegenbeheer, riolering, groenbeleidsplan en dat soort zaken en verder niet. Daar ligt op dit moment de focus op dus het lijkt me lastig dat die uiteindelijk weer voorwerp van bezuiniging gaan worden. Tweede thema is dicht bij onze inwoners.

Ja, dat is eigenlijk onze levenslijn. Wij maken gebruik van onze inwoners als het gaat om alle, nou ja, bestuurlijke zaken. We staan op de schouders bestuurlijk van onze inwoners aan de ene kant en we maken ook gebruik van de kennis van onze inwoners om uiteindelijk verder te komen. Nou, om die levenslijn zeg maar in stand te houden vergt een

investering van een ton om via ons Laren gewoon goed contact met onze inwoners te hebben. Met een belangrijk instrument wat we daar willen inzetten is de participatie-infrastructuur. Dus dat is eigenlijk de reden waarom dit opgenomen is en ik begrijp het gevoel van mevrouw Timmermans maar het kan best wel eens zijn dat we, als we dit eruit halen, dat we wel eens penny wise, pound foolish kunnen zijn. Want uiteindelijk zijn de opbrengsten veel hoger dan de investering die we doen. Als laatste, en daar, althans, als het gaat om de wel of niet meenemen in de begroting, de enige echte hele grote investering die op dit moment op ons afkomt en die natuurlijk meer is dan de basis op orde is de investering in de scholen, het Integraal Huisvestingsplan van de scholen. Daar hebben we vandaag geen besluitvorming over. We laten uiteindelijk als het gaat ook om de investeringsplanning voor 2025 hier buiten beschouwing. Maar wij willen wel laten zien wat de impact is van dit besluit vooruitlopend op de verdere discussie en besluitvorming. Nou, dan zie je uiteindelijk dat het een hele grote impact heeft op ook onze financiële situatie, zowel balanstechnisch, solvabiliteit en de schuldquote en uiteindelijk ook eerder male exploitatie.

Alleen dat is iets waarvan we denk ik met zijn allen eerst goed het gesprek moeten voeren van, kijk, is dit een maatschappelijke investering die we moeten gaan doen? Dus dat is het enige wat ik echt zeg maar, wat wij er heel expliciet buiten gelaten hebben. En de rest gaat dan binnen de visies die we uitontwikkeld hebben hopelijk binnen de vaststelde begrotingen voor de andere onderwerpen, wegenbeheersplan, vastgesteld worden. Wat u terecht zegt, ja, uiteindelijk willen we wat uitgaven betreft heel nadrukkelijk kijken naar de dingen waar we echt grip op hebben dus in die zin volg ik meteen uw aanbeveling. U heeft nog geen antwoord op een boekwerk. Ja, ik wil niet minister Faber uithangen, maar u heeft drie keer een antwoord gekregen op de vraag waarom u geen boekwerk heeft. Ik heb ook nadrukkelijk gezegd van, dat er geen boekwerk is betekent niet dat die informatie er niet is. Dus als u zegt in de bestudering van die begroting van, goh, ik heb toch behoefte aan wat extra uitvoeringsinformatie om een goed beeld te krijgen van bepaalde dingen of bepaalde programma's, dan is die informatie beschikbaar. Dat heb ik in de Auditcommissie al aangegeven, heb ik in de commissie aangegeven en dat geef ik ook nu weer aan. Groen Laren vraagt zich af over de plannen met langetermijneffect. Nou ja, dat staat eigenlijk in de begroting.

En vraagt zich ook af waarom er geen OZB-verhoging als optie overwogen wordt? Ja, eigenlijk heel simpel, dat hebben we ook in het collegeakkoord zo afgesproken dat we voor nu de OZB niet verhogen. Dus in die zin is dat een conditie waar we op dit moment van uit moeten gaan. Als het gaat om sportverenigingen, wij kunnen geen sportvereniging dwingen om samen te gaan dus in die zin moet het echt vanuit de sportvereniging komen. Wat we wel doen is in onze gesprekken gewoon een goede challenge hebben op het lange termijn voortbestaan van de vereniging. Op het moment dat daar toch wel twijfels over bestaan om te kijken van, joh, welke oplossingen zijn er voorhanden om, nou ja, voor lange termijn uiteindelijk ook het voortbestaan te borgen? Maar we zullen zeker niemand dwingen. Wat de opmerking van de VVD betreft. De voorzitter: Ho, interruptie van mijnheer Vos. De heer Vos: Ja, graag. Dank u wel, voorzitter. Ja, mijn vraag was eigenlijk over die sportverenigingen, daar wilde ik op inhaken. Heeft u een idee hoe u die verenigingen nou wil verleiden om dat te gaan doen? Want je kan ze niet dwingen, ze zijn zelfstandig, ze zijn autonoom. Maar ik kan me wel voorstellen dat u als wethouder misschien een idee heeft, hoe kan ik nou die onwillige honden toch met een lekker botje verleiden om te gaan praten? Dat was eigenlijk een beetje als ik hem plat maak de achtergrond van mijn vraag.

De heer Van Midden: Ja, mijnheer de voorzitter. De voorzitter: Ja hoor, deze uitspraak even als, om verenigingen nou onwillige honden te noemen, dat is toch een beetje ongepast. Ik begrijp wat u bedoelt. De heer Van Midden: Ja, nou ja, op het moment …

De voorzitter: Het was een hele creatieve metafoor. Ja, maar we doen hem ... De heer Van Midden: Ja, mijnheer de voorzitter, ik ben blij dat u het zegt want ik heb helemaal niet te maken met onwillige honden in dat opzicht. Sterker nog, ik op dit moment ook geen concrete casus waar dat speelt, laat staan dat ik weet welk instrument ik in kan zetten om mensen te stimuleren een bepaalde kant op te bewegen. Dan zit ik, even kijken, heb ik alle vragen van Groen Laren behandeld. Ja, de VVD, ja, terechte opmerkingen dat de bezuinigingen in de commissie besproken worden. In die zin heb ik me misschien niet wat, misschien wat onzorgvuldig uitgedrukt. Maar in de Auditcommissie willen we die bezuinigingsvoorstellen voorbereiden om ze uiteindelijk in de commissie en uiteindelijk in de raadsvergadering te bespreken en vast te stellen. Dus in die zin doen we wat u uiteindelijk wenst. U geeft aan dat u vindt dat de Sportraad niet uit de verf komt. Hetzelfde hoor ik van Liberaal of Larens Behoud. Ik denk het wel, de Sportraad komt wel degelijk uit de verf. Overigens is het zo dat de Sportraad op dit moment bestaat uit mensen die niet gebonden zijn aan verenigingen. Weliswaar een verenigingsverleden hebben en misschien op sommige momenten wat eenzijdig verenigingsleven.

Maar we hebben juist nadrukkelijk de nieuwe Sportraad losgekoppeld van de verenigingen om daar wat meer onafhankelijkheid in te krijgen. We hebben, volgens mij is dat vorig jaar in december geweest, een presentatie gehad van de Sportraad over de nieuwe visie op sport en bewegen. We zijn nu samen met de Sportraad gaan we dat inkleuren. Dat is nog een beetje zoeken van, hoe zien we elkaars rol, wat doet de Sportraad, wat doet het college en de ambtelijke organisatie? Maar we zijn wel degelijk met elkaar in gesprek. Dan meteen even door te gaan over het ‘…’, zoals mijnheer Loef voorstaat. Bijvoorbeeld een van de onderdelen van onze gesprekken is te kijken van, hoe kunnen we inderdaad particulier geld in een soort fonds gaan verzamelen om te gaan investeren in sport? Daar hebben we al een eerste verkenning mee gedaan met iemand van de Sportraad die daar specifieke expertise over heeft of daaruit kijken hoe we verder kunnen gaan. En het is inderdaad mijn ambitie om daar komend jaar wel flinke stappen in te nemen, ik wil dat zeker doen. Als ik me goed kan herinneren of vaag kan herinneren hebben we ook zoiets opgemerkt in het collegeakkoord maar ik weet het niet meer zeker eerlijk gezegd zo uit mijn hoofd. Wat had ik nog meer? O ja, financieren voor extra inkomsten. Laat ik het zo even aan collega De Groot want dat is een economisch onderwerp. Het waken voor naïef gedrag in de BEL.

Het focust dan met name op Tergooi dus dat laat ik ook even bij mijn collega. Laren Behoud, dank voor het breken van een lans voor de BEL-organisatie. Het is mij uit het hart gegrepen. Voor wat betreft de inkomsten, u vraagt zich af welk bedrag wij missen en verwijst naar pagina 5. Volgens mij staat het op pagina 9, maar wij missen in 2026 1,1 miljoen aan algemene uitkering, in 2027 7 ton en 2028 3 ton. Dat is even het verhaal. Voor wat betreft, en die vraag ‘…’, de financiering van het onderwijsprogramma want die vraag had u ook gesteld. Wat ik al zei, de financiering is fors, dat is 33 miljoen. Die zullen wij klassiek financieren dus dat betekent dat we gewoon gaan lenen per school bij de Bank Nederlandse Gemeenten met een bepaald rentepercentage. Dat hebben we al opgenomen in de begroting van, stelt nu als we het ritme volgen van een plan zoals we nu ‘…’ in concept lag, wat betekent dat uiteindelijk voor de begroting? Nou, dan zien we dat de totale investering, het IHP, tot extra kapitaallasten in 2027 leidt van 201 duizend en 2028 518 duizend. Daarna gaat het ook nog doorstijgen. Wij hebben ook even bekeken van, joh, en wat betekent het nou als we het programma niet doen? Dus wat scheelt er dan aan lasten? Nou, dan wordt het structurele saldo van de begroting van 2025 en 2026 veranderen niet omdat de investeringen nog niet in de kapitaallasten vallen.

Maar in 2027 wordt die 648 duizend, 685 duizend moet ik zeggen en 2028 rond de 2 ton. Dus daar zie je uiteindelijk dat uiteindelijk zeg maar het begrotingsresultaat aanmerkelijk gunstiger wordt als we dat programma niet doen. Wat heel belangrijk is te zeggen, en dat bleek ook uit dat gesprek, met name uit het gesprek met de commissaris van de Koning in Noord-Holland. Dat de toezichthouder niet alleen kijkt naar de echte financiële impact van een dergelijk initiatief in termen van solvabiliteit en netto schuldquote, maar ook kijkt naar de maatschappelijke impact van, joh, ben je uiteindelijk in staat om belangrijke maatschappelijke doelstellingen te realiseren? En daarin kan het best wel eens zijn dat

die financiële impact iets op de achtergrond verdwijnt ten faveure van de maatschappelijke impact om die schoolgebouwen, die investering in de schoolgebouwen te kunnen doen. Maar dat is ook de discussie die we uiteindelijk met u als raad willen gaan voeren op het moment dat we verder zijn met de voorstellen. Dan zal ik ook nog even ingaan op de verduurzaming eigen gebouwen, daar zijn we inderdaad druk mee bezig. Zoveel eigen gebouwen hebben we trouwens niet om te verduurzamen. Maar een van de belangrijkste daarin is de brandweerkazerne, dat is eigenlijk de grootste. Daar zijn de plannen van gemaakt, die komen binnenkort in het college en daarna zullen ze in de commissie en de raad komen. Mijnheer de voorzitter, volgens mij waren dat de vragen die voor mijn rekening kwamen. De voorzitter: Dank, mijnheer Van Midden. De heer Rood alstublieft. De heer Rood: Dank u, voorzitter. Ik zal ingaan op nog resterende nieuwe vragen en moties voor zover ze bij mij horen. Ik begin met de fractie van Liberaal Laren. Mevrouw Timmerman die zei, ja, wat gaat u nou doen? U gaat 100 duizend euro uittrekken voor die participatie en dan gaat u in januari weer beslissen om het af te schaffen. Dat is denk ik nadrukkelijk niet de bedoeling, dus wij begroten dat voor niet structureel om ook te blijven uitgeven.

Ik kan natuurlijk niet voorschotten nemen op allerlei beraadslagen in de toekomst en de raad gaat over het geld. Maar het is niet zo dat wij voorstellen om iets heel kort te begroten om het daarna weer uit de begroting te halen. Twee zinnen later heeft u het bijvoorbeeld over veiligheid. Dan zegt u, wat fantastisch dat daar structureel geld bijkomt. Zo kunt u het verhaal over participatie natuurlijk ook benaderen. Wat uw opvatting daarover is, is weer een andere discussie maar technisch zit het natuurlijk zo in elkaar dat wij aangeven waar we prioriteit bij leggen en participatie is daar een onderdeel van. Dan ga ik naar de fractie van Groen Laren. U vroeg, ja, waarom heeft u dat dan niet eerder gedeeld die informatie over wat je zou kunnen maken aan de Eemnesserweg. Ik moet daar nog wel iets over gaan produceren. Eigenlijk een beetje om in uw nieuwsgierigheid en informatiebehoefte te voorzien. Dat doen we met alle liefde, maar er ligt niet iets wat ik nu zou kunnen sturen. Er zijn alleen ideeën uit een informeel rondje marktpartij gekomen van prefab-aannemers. Ik ga u dat met alle liefde sturen, moeten we nog wel even compleet krijgen en een mooi briefje erop. Waarom we dat niet eerder gedeeld hebben is omdat het er gewoon nog niet is dus daar heeft u ... De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Vos.

De heer Vos: Nou, maar nou ben ik u even kwijt hoor eerlijk gezegd. Ik begrijp er helemaal geen klap van want ik vraag u, goh, er is ons onderzoek toegezegd. Zegt u, ja, en als u die wil, en dan moet u anders maar even terugluisteren, als u die graag wil ontvangen dan stuur ik die met alle liefde. Ik heb hier volgens mij voldoende getuigen die mij kunnen bevestigen. En nu komt u met een mededeling, ja, maar ik heb niks. Nou, heeft u het nou wel of heeft u het nou niet? Dat is toch een beetje een … U moet mij echt eventjes, of u zegt, ik heb me in eerste instantie vergist, dat kan. Of u zegt … Ik ben u kwijt dus ik zou graag van u willen horen wat u in eerste instantie heeft gezegd. De heer Rood: Ja, ik zal u exact vertellen wat er gebeurd is en dan begrijpt u het misschien. De voorzitter: De heer Vos of de heer Rood, ja. De heer Rood: Ja, dank u. U heeft met de meerderheid in de raad gevraagd, kijk nou eens wat er op korte termijn mogelijk zou zijn op het veldje aan de Eemnesserweg. Toen ... De heer Koldenhof: Interruptie.

De voorzitter: De heer Koldenhof. De heer Rood: Ja, dat is … De heer Koldenhof: Dank u, voorzitter. Ik vraag mij af of er nou al sprake is van een meerderheid? De heer Rood: Daar was toen sprake van een meerderheid. De voorzitter: Ja. De heer Rood: Sorry. De voorzitter: De heer Koldenhof, wat was de vraag? De heer Koldenhof: Waar haalt de wethouder het vandaan dat hier al een meerderheid voor is? De voorzitter: De heer Rood. De heer Rood: Er lag een eerdere motie al van een tijd terug. En later is bij ik dacht de behandeling van de Kadernota aangegeven, goh, hoe staat het ermee, zou u, ik dacht, ik meen dat het de fractie van het CDA was die die vraag stelde, zou u daar wat vaart mee kunnen maken? Toen heb ik in mijn beantwoording gezegd, dat trek ik me aan, ik ga daarmee aan de slag. Wat ik nu net zojuist probeerde aan te geven is dat wij dus daar acties op hebben ondernomen en dat is in gesprek gaan met een aantal conceptaanbieders, ik meen vier. Als je kijkt naar dit oppervlak, geluid, et cetera, wat zou daar dan mogelijk zijn? Dat is nog niet verzameld of in een rapportje vervat. En dat laatste probeerde ik duidelijk te maken dus dat moeten we dan even doen. Dan gaat dat naar u toe en dan weet u wat er, hoe daartegen wordt aangekeken. Ik heb in mijn eerste termijn daarbij aangegeven dat het wellicht ook enigszins een achterhoedegevecht aan het worden is.

Maar de raad geeft mij opdrachten en kaders mee en daarbinnen probeer ik te bewegen. Als de kaders veranderen, ja, dan verandert natuurlijk ook de opdracht. Dus dat is wat ik probeerde aan te geven. De voorzitter: De heer Vos nog. De heer Vos: Ja, maar nee, nee, nee, nu dreigen we in een moeras te verzuipen en mijn vraag was eigenlijk veel simpeler. Ik vroeg, we hebben toen der tijd, en even naar mijnheer Koldenhof, dat was tijdens de begrotingsvergadering vorig jaar waar die motie een meerderheid haalde. Dus dat is niet de herhaalde motie van enkele weken geleden. Toen is er een meerderheid geweest die heeft gevraagd, wilt u onderzoek gaan doen? Mijn vraag was aan het begin van deze bijdrage, waar is dat rapportje en hoe is het met het onderzoek? Toen sprak u de heldere woorden, dat is er en als ik u daar een plezier mee doe dan komt dat. Maar dat blijkt er dus niet te zijn. Ja, dan is dat een beetje een gekke toezegging om iets mij te gaan beloven wat er nog niet is. Dus daar zit het. En ik begrijp alle dingen daaromheen, maar ik ga even sec terug naar dat u iets belooft wat er niet is en dat is gek. De voorzitter: De heer Rood kan niet delen met de raad wat er niet is.

Dus ik denk dat de heer Rood nu gewoon eens even heel helder moet zijn wat hij, want hij heeft inderdaad een toezegging gedaan in zijn eerste termijn dat hij iets kan delen met de raad, u moet nu even vertellen wat u kan delen. De heer Rood: Wij moeten even samenvoegen waar die marktpartijen mee gekomen zijn, er even goed een nietje doorheen slaan zeg maar en dat kan dan naar de raad wat mij betreft. Er is geen enkele reden om dat

niet naar de raad te sturen. We moeten het wel nog even doen. Dus het is niet zo dat ik al op een rapportje zit of zo, dat wou ik aangeven. De voorzitter: De heer Spaan. De heer Spaan: Ik wil even voor de duidelijkheid of voor mezelf, we hebben twee plannen op de Eemnesserweg, één die bij het sportveld ligt en één van de diaconie. Misschien is het wel goed om al door, ook om het straks terug te vinden over welk plan dit gaat. Er spelen twee Eemnesserweg. De voorzitter: Heel goed. Dank, mijnheer Spaan. De heer Rood. De heer Rood: Dit ging over het veldje bij hockey. De voorzitter: En zo is het. Vervolgt u uw betoog. De heer Rood: Ja. Dus ik kom niet terug op die toezegging in eerste termijn, dat gaan we gewoon netjes in orde maken. De VVD, we constateerden dat er eigenlijk weinig experimenten zijn geweest die je vooruitlopend op het vaststellen van een verkeersvisie zou kunnen doen. Dat onderschrijf ik wel. We hebben natuurlijk wel sinds een jaar ongeveer, iets langer al, de rijrichting, je mag niet meer vanaf de De Rijt richting Brink rijden. Dat experiment kent u. Er is nu of wordt nu geëvalueerd en dat lijkt allemaal goed om het definitief zo in te richten, maar daarover wordt u nog geïnformeerd natuurlijk. Maar heel veel andere experimenten zou ik nu ook zo niet weten.

Ja, als dat ook een experiment is maar de blauwe zone vier uur bij Singer om het parkeerprobleem op te lossen. Dat is ook al in gang gezet voordat ik aantrad maar dat bevalt ook goed. Dan had u het over, dan had de heer Koldenhof het over fatbikes en meer asfalt. Nou, als het over fietsers gaat, kunnen wij het vast heel goed vinden over meer asfalt. Maar u zegt, wordt het daar niet onveiliger van en gaan we niet snelheid accommoderen? Maar juist als je constateert dat er verschillende snelheden ontstaan door accu's en batterijen en motortjes in het fietsen, heb je breedte nodig om die beide snelwegen langs elkaar goed te kunnen afwikkelen. Een ander probleem met de veiligheid van fatbikes zijn de kruisingen natuurlijk. En daar moet je, zal je goed moeten kijken, hoe gaan we om met voorrang, doorrijden, enzovoort? Dan pak ik meteen even door de vraag waar D66 een opmerking over maakte over de doorfietsroutes. Dat is een voorbeeld waarvan je eigenlijk gaat faciliteren dat meer mensen voor langere afstanden met de fiets gaan, bijvoorbeeld ook forenzen. Daar is inderdaad de provincie in nauwe samenspraak met de regio en de regiowethouders druk mee. We doen daar ook serieus geld bij, als daar goede plannen liggen. We zullen in die verkeersvisie dus moeten aangeven hoe we daarmee om willen gaan. Die verkeersvisie die maken we samen met de gemeente Blaricum.

Dat komt goed uit want je wil natuurlijk voorkomen dat de doorfietsroute van Laren niet aansluit op die van Blaricum bijvoorbeeld. Overigens is uw opmerking over Noolseweg wel een beetje prematuur en ga ik daar niet een krulletje bij zetten. Dan de motie van de VVD. Ten eerste de motie over nieuwe materialen. Als het over statushouders gaat waar de motie op ingaat, dan is het zo dat er een landelijke beleidsregel is dat er een beperkt bedrag beschikbaar is gebaseerd op een lijstje van Nibud voor de inrichting van een huis. U moet zich voorstellen, mensen komen misschien uit een asielzoekerscentrum en hebben geen witgoed, geen bank, geen tafel, geen bed, geen matras. Het Nibud heeft berekend dat als je dat dan heel zuinig doet, dat dat tussen de zeven- en achtduizend euro voor een alleenstaande zou betekenen. Daar zit al in de uitkering, dat is geen uitkering maar een lening voor de statushouders, een korting op vanwege tweedehands- en actieprijzen. Dus die korting is 40 procent, dus best aanzienlijk, en dan blijft er iets in de orde van grootte van 4400 of 4500 euro over. Dus daar is gewoon rekening mee gehouden. Het is ook een lening en uw stelling dat dat niet kan worden geïnd of geïncasseerd, daar heb ik geen onderbouwing van. Want dit soort terugbetalingen worden gewoon eigenlijk ingehouden op

een bijstandsuitkering als de statushouder in kwestie geen werk heeft. Dus in die zin zou ik die motie eigenlijk willen ontraden. De andere motie gaat over de grondexploitatie Eemnesserweg. Dat is de Eemnesserweg aan het begin dichtbij het dorp waar de kwekerij was. Ik moet ten eerste rechtzetten dat daar 1 miljoen, dat bedrag kan ik niet thuisbrengen. Ik kan niet uit de grex citeren want die is geheim, maar dat is het zeer zeker niet en ook niet iets in die orde van grootte. Dus dat ten eerste. Ten tweede vraagt u, maak daar nou erfpacht van. Dat betekent eigenlijk dat er een streep gaat door die ontwikkeling. In die zin moet ik die motie echt met klem ontraden. U heeft daar eerder op aangedrongen, ik heb dat gesprek ook echt gevoerd. Maar u moet zich even voorstellen dat Gooi en Omstreken in allerlei grotere gemeenten om ons heen projecten van honderden woningen ontwikkelt die ongeveer even veel tijd en aandacht vergen als een projectje van zeven of acht woningen in Laren. Eenvoudig omdat je hele tijd die onderhandeling met de gemeente moet doen, je moet omwonenden betrekken, je moet al dat soort werkzaamheden, die heb je bij elk project, hoe klein ook. Zij hebben mij gewoon te kennen gegeven, wij doen niet aan erfpacht. Past niet in onze systemen, wij doen er niet aan, willen daar eigenlijk niet over nadenken.

Dus als wij helemaal terug moeten naar vakje één en ik denk dat we ook de illusie moeten relativeren dat er een woningbouwcorporatie bereid zou zijn om in een projectie van zeven of acht woningen in Laren te gaan investeren waar ze verder geen positie hebben. Dus ik wil u echt met klem ontraden deze motie of niet in behandeling te nemen of daar niet in mee te gaan. Ik kan hem eigenlijk ook niet goed uitvoeren. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Loef. De heer Loef: Ja, ik heb eigenlijk een aanvullende vraag. De wethouder zegt dat die zich niet kan voorstellen dat er een andere partij is die niet op erfpacht acht woningen zou willen bouwen in de sociale sector. Ik ben heel benieuwd waar u dat op baseert? En ik zou even los van wel of niet de motie steunen eigenlijk u willen vragen om ons als raad nader daarover te informeren? Omdat ik denk dat het gevoel is bij andere partijen en ook bij de onze partij dat die mogelijk wel er zijn. Staat even los van de procedure rond hoe het nu loopt met de huidige initiatiefnemer, maar ik zou het wel fijn vinden om die exercitie hier terug te zien. En misschien wel een gesprek met een andere corporatie die dat wel of niet kan en welke redenen daar dan wel of niet voor zijn. De heer Rood: Een andere corporatie. Het moet sowieso een woningbouwcorporatie zijn in de praktijk.

In theorie niet, qua regelgeving niet maar in de praktijk moet je huisvestingsvergunningen aanvragen, daar moet je iets voor geregeld hebben. Je moet meedoen aan het woningverdeelsysteem WoningNet dus in de praktijk zijn het altijd eigenlijk woningcorporaties waarmee wij praten voor sociale huur. Dat gezegd hebbend zijn er een aantal woningcorporaties die kunnen investeren in deze woningmarktregio. Dat zijn ze ook niet allemaal maar de Alliantie mag bijvoorbeeld ook investeren in Laren. Ik wil dat best nagaan want de Alliantie die gaat straks bijvoorbeeld op Crailo ook op Larens grondgebied sociale huurwoningen investeren. Maar dit doet natuurlijk wel iets met de relatie die we hebben met Gooi en Omstreken. Daar wil ik wel dan voorzichtig mee omgaan met uw welnemen. De bedenking die ik daarbij wel heb is dat ik dus een gesprek moet hebben ook over erfpacht dan meteen, waar de Alliantie ook misschien niet voor staat te trappelen maar dat zal ik nagaan, en over een heel klein aantal woningen. Ik noem nu wat er in aangrenzende gemeenten gebeurt. Ik vind het eerlijk gezegd al echt fijn en ik ben echt blij dat Gooi en Omstreken meedenkt met onze kleinere aantallen dus daar ben ik wel tevreden over. De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Van Dorst. Mevrouw Van Dorst-Brakel: Ik hoor u zeggen, de Gooi en Omstreken, dat is voor ons een hele belangrijke partner.

Sorry, het heeft niks met de begroting te maken, maar als ik kijk naar de erfgooierswoningen, we

zitten al jaar te wachten op Gooi en Omstreken. Wij horen niks, daar wordt weinig in bewogen. Dus wat dat betreft is het echt geen slecht idee om inderdaad een andere woningbouwvereniging, om daar in ieder geval contacten mee te maken. Dat wou ik even interrumperen. De voorzitter: De heer Rood. De heer Rood: We hebben in de, waar u nu aan refereert, Erfgooiersbuurt, ik hoef eigenlijk helemaal niet geheimzinnig over te doen, hebben wij de afgelopen maanden gewerkt aan het herstel van vertrouwen tussen de buurt zeg maar en Gooi en Omstreken. Dat was best een precair proces, daar zit goede voortgang in. Ik heb eerdaags weer een nieuw gesprek met alle partijen en daarna kunnen we dus die stappen vooruit maken. Dat heeft wel even wat tijd gekost en misschien ook meer dan ik had gehoopt. Want ik had eigenlijk gehoopt dat we daar in september al veel, waar we zijn waar we eigenlijk nu zijn, maar zo is het dan gelopen. En ja, dat zijn processen waarin zorgvuldigheid natuurlijk ook wel een vereiste is. Ik ben blij dat we daar binnenkort met hopelijk goed nieuws over naar u toe kunnen komen. De voorzitter: U heeft twee interrupties van de heer Loef en de heer Spaan. Ik zag daar nog één reactie. De heer Loef: Dat begrijpen we heel goed dat het gaat om een erkende woningbouwcorporatie.

Ik ben ook blij met de toezegging die ik hier hoor van de wethouder dat die graag met een andere corporatie in gesprek wil. Wij zijn niet bang voor dat u zegt dat de relatie met Gooi en Omstreken onder druk zou staan. Want het gaat gewoon over een algemeen principe, zijn er woningbouwcorporaties in de regio die op erfpacht willen bouwen? Even los van het aantal woningen wat mij betreft. Komt u daarmee terug, dan weten wij in ieder geval meer over waarom wel of niet. Dat staat los van dit project wat misschien al loopt of zeker zal lopen en waar een relatie mee is. Maar ik zou heel graag die vergelijking zien. En als er straks een aanbieder is die zegt, wij doen dat wel. Want u kunt mij niet wijsmaken dat een corporatie zegt, past niet in ons systeem, doen we niet. Ik bedoel, dat wekt bij mij wrevel op omdat ik vind dat een corporatie ook moet uitleggen en meebewegen waarom ze dat wel of niet doen. Dus ik ben niet tevreden met het antwoord, via u, van de corporatie. Ik hoor graag naar aanleiding van de toezegging welke corporaties eventueel wel in zo'n erfpachtconstructie op enige manier zouden kunnen willen meegaan en waarom wel of niet? De voorzitter: De heer Spaan nog. De heer Spaan: Ja, ik zou ook willen vragen over onder andere de erfgooierswoningen, dat speelt al vrij lang, om ons misschien iets beter te informeren? Dat we iets beter op de hoogte zijn.

Ik hoor ook om mij heen, we horen niks meer, wat gebeurt er nou? Is het nou weer afgewezen? En ik wist toevallig ook van de woningbouw dat jullie er flink mee bezig zijn. Maar misschien toch beter informeren, dat geeft iets meer rust. De voorzitter: De heer Koldenhof. De heer Koldenhof: Ja, dank u, voorzitter. Ik interrumpeer ook met het idee, dan hebben we waarschijnlijk zometeen niet nog een nieuwe ronde. De voorzitter: Ja, graag. De heer Koldenhof: Ja, want dat is eigenlijk een beetje de twijfel die ik had om een aantal punten. Maar dan deze wil ik niet laten gaan omdat het hier lijkt alsof de wethouder vanuit de kleine positie van een kleine gemeente Laren zijnde bang is om tegen kartelorganisaties als een woningbouwcorporatie op te treden. Want

dat gevoel krijg ik, dat u wegloopt voor de confrontatie. En ik geloof zeker dat u een gesprek hebt gevoerd, ongetwijfeld. Maar nee, doen we niet. O, nou, dan doen we het niet. En dat is het symbool van deze motie en daarom wil ik hem nog een keer beklemtonen hoe belangrijk het is dat deze wel wordt aangenomen. Zodat u daarmee heel duidelijk, en niet alleen u, maar de woningbouwcorporaties deze opdracht heel goed begrijpen. De voorzitter: De heer Rood. En in het licht van de tijd mag ik u vragen wat puntiger, krokantere beantwoording te gaan geven? De heer Rood: Ja, er zijn wel fracties die er weer dossiers bijhalen waardoor er weer nieuwe vragen uit voortkomen. Beter informeren. Ik vind wel, we moeten eerst met de inwoners en de woningcorporatie en in de driehoek, gemeente spreken en daar definitieve resultaten uit hebben voordat u het hier hoort want anders dan doen we dingen niet in de goede volgorde. Zodra er daar witte rook uit enige kerk komt dan hoort u dat direct. Dat is logisch. Dan over de handreiking eigenlijk die ik toch wel beluister van de fractie van Larens Behoud en misschien kan de VVD-fractie daar ook in meegaan. Kijk, dit is een heel klein project dus dat blijf ... Ik wil elke confrontatie aan en wij liggen regelmatig zwaar in de clinch met elkaar, gaat op een zakelijke, stevige manier.

Dat kan best maar het is wel zo, als ik op pad gestuurd wordt met een heel dwingend kader om hier op dit project erfpacht te realiseren, dat er dan eigenlijk misschien gewoon geen overeenstemming zal zijn. Dat is wel heel erg zonde van hoever we nu zijn in het proces. En dan gaat de teller over deze coalitieperiode opgeleverde huurwoningen naar acht en dat is best niet heel veel. Dus ik zou eigenlijk de handreiking die u deed willen omarmen. Dat we gewoon eens gaan kijken naar, is erfpacht een systeem waar in de breedte beter naar gekeken kan worden door woningbouwcorporaties, wat zou kunnen werken? En als we dat de komende tijd gaan doen en bespreken met bijvoorbeeld Gooi en Omstreken en de Alliantie, dan kan ik veel meer met deze uitspraak dan dat ik keihard met gestrekt been erin moet over zeven woningen op de Eemnesserweg. De voorzitter: Duidelijk. En we moeten nu echt even tempo gaan maken, mijnheer Rood, alstublieft. De heer Rood: Ja, nee, maar ik sla even een aantal dingen over, dat helpt ook. Ja, ik heb eigenlijk de vragen voor nu voldoende beantwoord denk ik. De voorzitter: Dat is goed. De heer De Groot. De heer De Groot: Dank u, voorzitter. Kort dat rapport over de verdienmogelijkheden, economische verdienmogelijkheden in Laren, wordt binnenkort in het college besproken. Dus dat zal zijn route vinden naar commissie waar ik dat heel graag met u bespreek.

Basisbeginsel van het evenementenbeleid wat onlangs aangenomen is, is dat de organisator de kosten draagt die samenhangen met het organiseren van het evenement. Dus dat was volgens mij ook een vraag van de VVD dus waarvan akte. Het Gooische Nest. Het Gooische Nest wordt gefinancierd eigenlijk met een soort omslagstelsel van de kosten die berekend worden naar het aantal inwoners. Daar komt een bepaald bedrag uit, dat bedrag is in de begroting opgenomen en dat komt wat hoger uit dan we op dit moment in Soest betalen. Ik heb de kanttekening richting D66 gemaakt dat Soest ook voor herinvesteringen staat, ook niet meer up to date is, ook moet zorgen dat ze aan nieuwe moderne welzijnseisen moeten voldoen. Dus stel dat we de keuze hadden gehad om bij Soest te blijven, dan waren die kosten misschien iets later net zo hoog geworden. De heer Koldenhof: Bij interruptie. De voorzitter: De heer Koldenhof.

De heer Koldenhof: Dank u, voorzitter. U weet mooi om het antwoord heen te fietsen met uw beantwoording maar ik wil gewoon weten, wat kost het meer? Dat heeft u wel gezegd maar staat het in de begroting? De voorzitter: De heer De Groot. De heer De Groot: Ja, het staat in de begroting en ik heb ... Het zit in het programma verwerkt dierenwelzijn en daar vindt u het in terug. De voorzitter: Ik zie dat de heer Koldenhof helemaal tevreden is met ‘…’. Mevrouw …: Ja, en er staat zelfs in de begroting dat de gemeente de kosten draagt hiervoor. Het staat er letterlijk in. Ik ben even opzoek waar het nu precies staat, maar ik heb het wel gelezen. De voorzitter: Ja, nou, duidelijk. Mijnheer De Groot, gaat u verder. De heer De Groot: De vraag over, ja, gebruik, misbruik vanwege echtscheidingen. Deze opmerking, ja, we zien dat inderdaad gebeuren. Het gaat ons zeer aan het hart. Ik denk dat als we kijken naar zeg maar de rode draad van het betoog van de VVD is profijtbeginsel en gebruik c.q. misbruik van voorzieningen. We zien dat we daar op bepaalde onderdelen via de wet weinig mogelijkheden hebben om bijvoorbeeld een profijtbeginsel goed door te voeren. Huishoudelijke hulp lukt deels, maar andere dingen zijn dan weer per wet uitdrukkelijk verboden om dat te doen. Dus, maar waar dat mogelijk is, willen we dat doen en graag daar ook in de commissie een keertje op terugkomen.

Ambtenaren die daarover gaan, die willen graag met u dat gesprek aangaan. Dan Larens Behoud over het aantal ambtenaren bij Huizen wat uitbreidt. Ja, dat is conform de plannen om meer in eigen beheer te gaan doen om zo externe kosten te besparen. Dat betekent dus ook dat we dat moeten gaan zien in de toekomst. Dat vraagt kritisch ook van ons, zullen we zeker hebben, en ook van uw raad. Dus dat zie ik ook als een persoonlijke opdracht om daar fors op te letten. Dank u wel. De heer Koldenhof: Interruptie. De voorzitter: De heer Koldenhof. De heer Koldenhof: Ik mis een antwoord dat wel door de wethouder die gaat over statushouders is gegeven over mijn ingediende motie, maar niet de wethouder duurzaamheid die er misschien wel anders over denkt. De voorzitter: De wethouder duurzaamheid die er anders over denkt. De heer De Groot: Nou, ik heb goed geluisterd naar mijn collega en u ook uiteraard. En juist er is voorzien in die regeling dat er veel tweedehands spullen gekocht worden. Nou, dus de vraag is, en we spreken met één mond natuurlijk dus ik vind dat daar dan voldoende ook in voorzien is. Ik zie niet de mogelijkheid om daar meer aan te doen dan op dit moment gebeurt. De voorzitter: Dan nog de heer Vos in interruptie. O, sorry, excuus. Mijnheer Koldenhof. De heer Koldenhof: Maar als ik even in debat mag met de wethouder? De voorzitter: Ja, gaat uw gang.

De heer Koldenhof: Dan zou er ook niks in de weg staan om de motie aan te nemen omdat het voor een deel gebeurt. En dan is het deel dat in de motie staat waar wij waarde aan hechten, dat u ons daarover rapporteert. Want die toevoeging zit ook in de opdracht van deze motie, dat u dat dan ook eens aantoont dat dat zo is. Tegelijkertijd ook reagerend op de eerdere ontrading, als dat een woord is, van de wethouder over statushouders. Dat dat weliswaar met korting allemaal gekocht kan worden en dat het een lening is. Maar u weet net zo goed dat wij ook hier of ook landelijk bij wijze van spreken kwijtscheldingsbeleid hebben dus als dan hier de lening is, dan is op een ander vlak in dezelfde portemonnee van de statushouder wel kans op een kwijtschelding, waardoor we het alsnog weer betalen. Dus het is niet zozeer dat ik nou elke statushouders hier op de schandpaal wil zetten, helemaal niet. Ik wil ze gewoon bewust laten worden van het feit dat we hier ook met gebruikte spullen nog een heel eind kunnen komen. Dus ik begrijp niet eerlijk gezegd, voorzitter, waarom het college deze motie ontraadt? De voorzitter: De heer De Groot. De heer De Groot: Ja, ik denk dat mijn collega onduidelijk advies heeft gegeven. U vraagt mij op het gebied van duurzaamheid, dan zeg ik, volgens mij is de regeling zo ingericht dat daar gestimuleerd wordt om gebruik te maken van tweedehands goederen.

De heer Koldenhof: Weet u … De voorzitter: Ja, de heer Koldenhof, laatste keer nu. Gaat uw gang. De heer Koldenhof: Ja. Maar er zijn gewoon concrete, mevrouw Van Dorst heeft nog een concreet voorbeeld gegeven ook over wat er allemaal weggegooid wordt als we drie straten verderop gaan wonen. Ik bedoel, daar gaat het natuurlijk ook om, dat is de essentie of de kern van de motie. Het gaat mij niet om die ene persoon aan te wijzen van, jij doet iets niet goed, maar het gaat mij erom om een breder bewustzijn te creëren. En ik snap echt niet dat een wethouder duurzaamheid daar niet voor is. De voorzitter: De heer De Groot. De heer De Groot: Ja, u snapt best dat ik wat dat betreft, het gaat over de algemene teneur van deze motie en of de regeling voorziet in zeg maar tweedehands goederen en zeg maar het bevorderen van het recyclen of hergebruik van zaken. Dat gaat ons zeker aan het hart, is onderdeel van het beleid en gaan we ook de komende jaren met verve tegemoet. De voorzitter: Ik denk dat u voor uw oordeelsvorming dit even voldoende is. Ja. De heer Vos nog. De heer Vos: Ja, even naar mijnheer De Groot. Ik had nog twee vragen openstaan. Ik was in de veronderstelling dat u het woord ging geven aan de voorzitter in het kader van zijn vragen, maar mijn vragen staan nog open. De voorzitter: Gaat uw gang, wat waren die vragen ook alweer? Dan gaan we de wethouder een beetje helpen.

De heer Vos: Dat waren twee dingen. U deed een mededeling over het afval naar aanleiding van de vraag. Ik heb er niets van begrepen. Eén. De voorzitter: Uw microfoon even bij uw mond.

De heer Vos: Neem me niet kwalijk. Ik had de vraag over afval of die werd gesteld, u ging een antwoord geven, ik heb er niets van begrepen. Dus ik zou graag een herkansing hebben met betrekking tot mijn kleine denkraam dat ik het wel begrijp. En u had iets over de leegstand, daar zou u een rode loper hebben als bestrijdingsmiddel tegen de leegstand. Heeft u nog meer ideeën of concrete acties die u onderneemt om de leegstand te bestrijden? Dat waren mijn twee vragen. De voorzitter: Afval, leegstand. En mevrouw Timmerman voegt er waarschijnlijk iets aan toe. Mevrouw Timmerman-Hamers: Dank u wel, voorzitter. Ja, ook even over die afvalstoffenheffing. Wij hebben ook niets van het verhaal eigenlijk begrepen. En u heeft gezegd, desnoods zet ik het op papier, dus daar wachten wij graag op. Dan over dat cijfermatige boekwerk toch nog een keertje terugkomen. De wethouder heeft gezegd, ja, maar die informatie is er wel. Ja, ik zou bijna zeggen dan, dank je de donder want anders ben je stuurloos. Maar het punt is dat het niet zichtbaar is en niet uit de BEL komt en wij zouden het graag zichtbaar hebben voor iedereen. Iedereen heeft het over de open overheid, maar de echte getallen blijven onzichtbaar en daar gaat het ons om. De voorzitter: Dit is eigenlijk wat ik, ik moet ook nog aan het woord komen maar we pakken hem gewoon even zo meteen mee, mevrouw Timmerman.

De heer De Groot, nog even over afval en leegstand. De heer De Groot: Ik zal het letterlijke antwoord zoals ik het antwoord gekregen heb voorlezen. Bij Laren worden iets meer kosten toegerekend dan bij Blaricum. Dit verschil zit in toerekening van de overheid en de afvalstoffenheffing, ongeveer 50 K. Laren heeft meer eenpersoonshuishoudens dan Blaricum, ongeveer 450 huishoudens meer. Daartegenover staat dat ze 450 minder meerpersoonshuishoudens hebben dan Blaricum. Het tarief van eenpersoonshuishoudens is een stuk lager dan meerpersoonshuishoudens dus om de totale kosten te dekken moet het lage tarief bij Laren hoger zijn dan in Blaricum. Dat is het antwoord. We gaan het u ook graag schriftelijk doen toekomen. De voorzitter: En dan de leegstand. De heer De Groot: Ja, de leegstand. Kijk, in principe, de markt, en zeker dit soort markten is door de overheid notoir moeilijk te beïnvloeden. Ik denk dat we dat gegeven zullen moeten aanvaarden. Dat wat we wel kunnen doen is proberen een aangenaam klimaat voor investeringen te creëren. Dat doen we door een mooi centrum te hebben, door te investeren in groen en groenonderhoud. Dat doen we ook om te proberen stromen toeristen die naar Singer komen, ook te doen bewegen om te gaan kopen in Laren. Dat is de bedoeling om de Naarderstraat aangenamer te maken en daarmee ook bezoekers van het Singer te verleiden om in Laren te kopen.

Hoe meer mensen er kopen, des te meer winkels komen er. Dat is mijn antwoord op uw vragen. De voorzitter: Dank, mijnheer De Groot. Heeft u een interruptie op de heer De Groot, mevrouw Timmerman? Mevrouw Timmerman-Hamers: Nogmaals, wij zien graag de zaak op schrift gesteld. De voorzitter: Die komt uw kant op. De heer Mol: Dan zijn er nog een aantal vragen aan mij gesteld. De heer Vos vraagt nog even aandacht voor de aandacht die de heer Van den Berg heeft gevraagd voor femicide. Ja, ik moet u daar echt het antwoord op schuldig blijven want ik kan niet praten voor de heer Van den Berg. Maar in de meest letterlijke zin is femicide vrouwenmoord en er zijn ook andere interpretaties voor het woord femicide mogelijk. Ik ben altijd erg

terughoudend in, nou, laten we zeggen, in Laren is femicide geen ding, ik denk dat we dat allemaal wel snappen. Maar en tegelijkertijd moeten we terughoudend zijn in het feit dat onderdrukking of discriminatie van bepaalde groepen hier niet plaatsvindt of dat je er aandacht voor moet vragen dat bepaalde groepen wat meer voor het voetlicht worden gebracht. Dat hebben we ook gezien in onze aanzet tot een inclusiviteitsbeleid. Hebben we toch ook met veel jongeren gesproken en bleek dat het toch nog best wel wat sprake is van discriminatie in de samenleving. Dat als enige reactie. We zullen toch de heer Van den Berg een keer moeten vragen waarom hij daar specifiek hier aandacht voor heeft gevraagd. Dan kom ik bij de heer Koldenhof, die heeft nog aandacht gevraagd voor aangiftegedrag. Nou, over het algemeen zit het, als we het hebben over fysieke criminaliteit, de aangiftebereidheid in Laren wel goed. Als we het hebben over andere vormen van criminaliteit, met name cyber en digitaal, is dat laag en dat is overal laag. Dat komt omdat mensen het of niet goed weten hoe ze dat moeten doen of ze halen hun schouders op of het meest voorkomende is schaamte. Wij voeren actief campagne om mensen te vertellen hoe ze aangifte kunnen doen en dat ze altijd aangifte moeten doen. Ook onze fysieke wijkagenten weten hoe je daarmee moet omgaan.

Volgens mij heeft u of iemand anders ook nog aandacht gevraagd over zorgfraude. En dat is … De heer Grunwald: Die heb ik aan het begin gesteld in mijn eerste termijn. De voorzitter: Zorgfraude is iets veel breder dan dat mensen fraude plegen met een declaratie. Zorgfraude is iets heel ernstigs. Zorgfraude gaat om bestaande criminelen die met vervalste diploma's of neporganisaties kwetsbare mensen misbruiken of zelfs mishandelen. Dat is echt een groot opkomend probleem. Dat speelt zich in het hele gebied af, in heel midden Nederland. Dat is ook in de criminaliteitsmonitor teruggekomen en daar werken we integraal in samen om dat aan te pakken. Daar hebben we ook onze zorgpartners voor nodig, hoe kan het in godsnaam dat je niet goed controleert op vervalste diploma's? Maar dat is heel terecht dat u hier aandacht voor vraagt. Ik stel voor dat we ook in onze veiligheidspresentatie voor het komend jaar daar wat aandacht aan besteden want het is echt heel ernstig. Nou, de heer De Groot heeft een tipje van de sluier opgelicht over hoe we omgaan met kosten voor veiligheid bij evenementen. Ik kan u echt geruststellen, onze vrijwilligersorganisaties en ook de commerciële doen heel veel om de veiligheid op hun evenementen te garanderen en die nemen die kosten bijna allemaal voor eigen rekening.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14864930/2