Printversie transcript
Tekst van het document
bestemmingsplan want daar hebben we het nu over gewoon een aantal wegen/paden gewoon puur het openbaar ruimte geven in de zin van verkeer en wegen dus dat je eroverheen mag wandelen. Dus dat moet haalbaar zijn om dat hard op papier te krijgen. Dat brengt mij ook nog even bij de terrasfunctie, die was ook nog een beetje even blijven hangen. Maar ik kan me voorstellen dat in de hoeveelheid van vragen dat ingewikkeld is. We kennen allemaal de situatie bij het ‘…’ complex waar wij zeer dure appartementen en daaronder een plint was met horeca. Alleen daar was niet voorzien in een terrasfunctie. En dat heeft jarenlang en volgens mij nog steeds altijd de ontwikkeling daar beneden van een beetje gezonde horeca en levendigheid beperkt. Dus ik zou wel heel erg benadrukken dat wij ook volgende week ons realiseren als daar horeca komt en dan zegt de wethouder ja elf uur of tien uur of acht uur. Ik kan me namelijk herinneren dat er eerst ook over gesproken werd dat het daghoreca was. Nou dan moet je om zes uur volgens mij gewoon de tent dicht doen. Hoe gaan we met die bestemmingen precies om? En als die bestemming er eenmaal op ligt kun je daar niet zomaar wat mee gaan schuiven. Want dan moet die bestemming er ook op liggen. Dat wil ik u nog wel meegeven dat dat volgens mij heel belangrijk is dat we dan weten waar we over beslissen. Even los van of je voor of tegen bent.
Dan nog even uw vraag over die plint. Ik heb bedoeld te zeggen wij hebben een Brinkhuis, dat kost ons ieder jaar behoorlijk wat geld. Dat lijken wij niet rendabel te kunnen krijgen of in ieder geval de kosten niet naar beneden te kunnen krijgen. En nu gaan we eigenlijk een concurrerende ontwikkeling in een derde ontwikkeling faciliteren door opnieuw daar ruimte ter beschikking te stellen straks voor kunstenaars, nou ja ik noemde het al allerlei sociaalmaatschappelijke voorzieningen terwijl we in ons eigen Brinkhuis dat al niet geplooid krijgen. Dat was mijn vraag over die plint waarom als je een paar honderd meter verderop in het dorp van onszelf van de gemeente een dure investering hebt waar dat al ingewikkeld is waarom je dan diezelfde bestemming een eindje verder geeft. Dat is een vraag en daar komen we anders met een amendement. Ik denk dat dat niet goed is. Maar dat is de vraag wat de wethouder ‘…’ zijn visie ‘…’. Dan nog even het is duidelijk een aantal vragen waren ook wel duidelijk. Nou daar komen we dan ook op terug. En de vragen die duidelijk waren waren over een bouwlaag af of sociale woningen meer et cetera. Nou dat is helder, dat is ook politiek. Uitstel van niet doorgeleiden heb ik dat komt nog. Openbaarheid bestemming terras hebben we gehad. Maar u had het ook nog over dat kunstwerk. En dan zegt u van nou daar kunnen we het dan nog wel een keer over hebben.
Aan de andere kant denk ik, waarom niet nu boter bij de vis? Doordat wij als raad zeggen van hoe belangrijk vinden we het dat die bestemming daar verandert, dat daar mensen gaan wonen et cetera om dat kunstwerk daar bij de entree van het dorp ook gewoon op die plek te laten. Dat lijkt me wel het uitgelezen moment om dit te doen. Om te voorkomen dat we straks ergens in het Hertenkamp opnieuw ruimte moeten maken. En straks Damherten om het kunstwerk heen lopen. Ik snap u best dat u zegt van daar ga ik niet over. Maar wij gaan er hier wel over. Dus ik ga een heel warm pleidooi houden in de raad om dat gewoon ook af te dwingen. Als je die locaties ontwikkelt mag er ook best iets tegenover staan en dit is maar zo een van die dingen. Maar er blijft nog genoeg over om nog over te discussiëren. U zegt die maquette die vindt u eigenlijk nu niet meer nodig. Ja kijk even los van de inhoud of u voor of tegen bent. Maar als dat soort dingen dat wordt bij majeure projecten en zeker bij zo'n miljoenenproject is het natuurlijk niet raar en ik vind het trouwens een waardeloos antwoord of een slecht antwoord, laat ik maar netjes uitdrukken, slecht antwoord dat dat Covid is waardoor de maquette niet gemaakt kan worden. Ja dat vind ik een beetje te ver gaan. En daarom maar u herhaalt ook dat die maquette ja dat zei daar kom ik zo meteen nog op terug. Daarom is het belangrijk wie wat gezegd heeft.
U zegt die maquette dat vindt u ook nu niet meer nodig. Ja ik denk eigenlijk dat dat gewoon heel waardevol was geweest. En nog steeds is. Want dan komen we nog even bij die opmerkingen. U zegt van ja wat er in de krant geschreven staat daar kan ik natuurlijk niet allemaal verantwoording voor afnemen. Nou op zichzelf heeft u daar natuurlijk een punt. En dat snap ik ook. Maar waar het om gaat is en dat gaat om beeldvorming en waar wij als je dat krantenartikel leest dan is dat een hele entourage dat na een moment werk waar wij het heir vanavond over hebben en alles wat er in dat artikel staat is ook door de architect nog eens een keer in de inbreng ingebracht waarom het allemaal zo goed is. En
zo prima is wat die ontwikkeling is. En dan kom je op het punt u heeft het niet zeg maar als wethouder verdeelt dus daarom wil ik u erin nou eigenlijk in dwingen zeg maar dat wat dan ingebracht wordt hier toch wel ook gewoon een mening van het college is. Ik bedoel wat er gezegd wordt het Rabobankgebouw is pompeus, is poreus, is niet mooi. Dat wordt allemaal wel ingebracht waarom het afgebroken moet worden en herontwikkeld moet worden. En dan kom je dus op dat spanningsvlak dat ik toch eigenlijk vind dat u misschien niet in het woord van een detailwoord maar het beeld wat daar geschetst wordt en ook wat door de architect hier ingebracht is als waar ook we nog even naar moesten luisteren dat dat toch ook wel de woorden van het college zijn. Ik zeg niet eens van u alleen want dat is collegiaal bestuur. Dat dit de woorden van het college zijn. Dat is ook een beetje politiek. Maar daar ging mijn opmerkingen over en de vraag over of u de woorden vanuit de krant en door de architect uitgesproken kan staven. Nou die van de Gooi- en Eemlander heeft u al op gereageerd. Ik hoor graag nog of u de woorden die door de architect zijn ingebracht wel onderschrijft. Nou voorzitter ook gelet op de tijd het is helder. U gaat nog een conclusie trekken denk ik.
Maar om te voorkomen dat we dan nog een derde ronde moeten doen mijn voorstel zou zijn vanuit het CDA om het en dat is niet alleen omdat we tegen zijn want dat mag wel duidelijk zijn denk ik maar nog wel best wel veel vragen ook open liggen en als wij als raad een goed voorstel... het verkavelingsplan ligt er al. Dus daar kunnen we ook niet meer omheen om er toch nog eens een keer even goed over door te debatteren, is dat in ieder geval de mening van het CDA voorzitter. De voorzitter: Ik neem aan dat de wethouder nog wil repliceren na aanleiding van de vragen die gesteld zijn. Mag ik een moment mijn voorzitterspet afzetten en als woordvoerder van de fractie D66 meedelen dat deze fractie met zeer veel belangstelling uitziet naar de politieke behandeling van dit onderwerp volgende week in de raad. Dat gezegd zijnde is het woord opnieuw aan de wethouder. Dank u wel. De heer ...: Ja laat ik even laat ik maar achteraan beginnen met nogmaals met meneer Van den Berg meneer de voorzitter. Ik heb ik ben niet benaderd. Ik zou het ook niet hebben gedaan als de Gooi- en Eemlander mij zou hebben gevraagd om een interview te geven voordat ik in deze commissie ben. Ik zou dat zeer ongepast vinden. En het is natuurlijk aan de Gooi- en Eemlander om uit te nodigen wie ze willen uitnodigen. En aan de mensen die worden geïnterviewd om te zeggen wat ze willen.
En dus in die zin voel ik me daar niet bij betrokken anders dat ik net als u heb genomen van dat artikel. Wat betreft de vraag wat de architect vandaag hier heeft gemeld ja dat is kijk het is niet voor het eerst dat we hierover praten. Het is heeft een langere periode achter de rug. Je kunt daarover praten wat je wil. Maar we hebben daar in ieder geval in de afgelopen jaren uitgebreid over gepraat zowel in allerlei praatgroepen, in klankbordgroepen en een aantal keren ook in de raad met een verkavelingsplan, met commissie uitgebreide discussie over geweest. Ik heb hier een enorme stapel bij me van datgene wat allemaal aan de orde vandaag is. Maar daarvan is 90% of 95% onveranderd. We hebben er eigenlijk een paar kleine dingen aan veranderd na aanleiding van gesprekken die we ook met bewoners hebben gehad. En we hebben een aantal dingen nog toegevoegd zoals het vleermuizenverhaal en dat soort zaken. Dus je kunt dan niet zeggen van ja we nemen nu een besluit wat ineens uit de lucht komt vallen. Dat is ook mijn reden dat ik zeg laten we dit ook afhandelen en behandelen in de raad van komende week. Het kunstwerk waar ik het over heb gehad ja kijk ik het is formeel geloof ik zelfs vermoedelijk door natrekking zelfs en is het eigendom van de nieuwe eigenaar van de Rabobank. Want het is ooit eens aangeboden door de Rabobank en op eigen terrein geplaatst.
Ik heb alleen de afspraak gemaakt dat het kunstwerk of daar of op een andere plek in het dorp waarvan de raad ik ga daar niet een hele harde uitspraak over doen maar ik kan me voorstellen dat we met een aantal raadsleden zouden kunnen zeggen wat vindt u ervan als dat kunstwerk daar komt te staan of elders komt te staan. Ik vind dat niet iets wat nou per se onderdeel hoeft te zijn van deze discussie. Maar ik ben graag bereid voor zowel partij het mij nog dat mogelijk maakt om te kijken naar de mogelijkheden om het kunstwerk een mooiere plek te geven, een betere plek te
geven. En als het een goede plek is om het te laten staan voor het Rabobank. Dat komt het waarschijnlijk op openbaar gebied terecht. Nou dan is dat maar een goede plek. Dus ik ben aan alle kanten bereid om daar over te praten. Dan ja de vraag over is het de concurrentie van datgene wat we willen in de plint nou concurrerend met datgene wat we bijvoorbeeld in het Brinkhuis doen, ik denk zelf van niet. Ik denk zelf van niet. Ik denk zelf dat we afgesproken hebben dat de horeca mits het gewoon als dat geen vernieuwende horeca is daar hebben we ook nog een aparte afspraak over gemaakt ooit eens in de raad, als het gewoon een-op-een het vervangen is van de horeca zoals gebeurd is natuurlijk met De Chinees als restaurant. Maar die besloten hebben om daar niet door te gaan. Hebben gezegd dan zou je elders een soortgelijke of een andersoortige maar wel op een andere manier een restaurant kunnen treffen. Dan heb je in ieder geval niet meer restaurants in het dorp. En je voegt er wel een aan toe maar er valt er ook een uit. En ik denk zelf niet dat dat heel concurrerend hoeft te zijn met het Brinkhuis. Ik denk zelfs dat dat helemaal het geval ook niet is. En wat dat betreft deel ik uw opvatting ook niet, we kunnen daar nog misschien volgende week want ik denk dat... u kondigt wat amendementen aan of in ieder geval voorstellen dan zullen we daar nog uitgebreid over kunnen praten.
Maar ik zie niet in dat dat elkaar concurreert. De even kijken ja de terrasfunctie daar heb ik eigenlijk daar zullen we ook laat ik er dit van afspreken, ik heb er eigenlijk geen hele uitgesproken opvatting over. Want dat is op zichzelf niet zo aan de orde gekomen. Wel in deze discussie maar eigenlijk niet in de planontwikkeling. Laat ik in ieder geval afspreken dat ik een afspraak dat ik daar in ieder geval een antwoord in de raad voor heb voordat de discussie daarover zal starten als u dat tenminste goed vindt. Dan vraagt meneer Loeff zo heb ik hem nou maar even... De heer Van den Berg: Voorzitter. De voorzitter: Meneer Van den Berg. Interruptie van de heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Voorzitter, want dan kan ik namelijk niet meer mijn mond houden. Ja in de eerste termijn wethouder had ik nog gevraagd naar die dat actuele lijst van overzicht van die woningen. Toen heeft u even uit uw hoofd zeg maar gereproduceerd van nou de aantallen woningen. Krijgen we dat overzichtje nog gewoon zeg maar even op papier wat we al eens een keer een jaar of twee geleden ook hebben gehad of moet ik het doen met wat u nu mondeling uit het hoofd heeft opgelepeld? Want dan heb ik daar nog een vraag over. Want u zegt op het Ervendorenspark gaan we tien sociale of betaalbare woningen, sociale woningen bouwen. Maar dat is volgens mij heel erg gericht op de Sherpawoningen.
Dus dat is niet voor de gemiddelde Larense inwoner met 30 tot 40 of 50.000 euro inkomen. En tegelijkertijd zegt u het kweekplan wat zeg maar in de lucht is gekomen maar ook dat is een doelgroepenbewoning die niet vrij toegankelijk is voor de gemiddelde Larense woningzoeker vanuit de sociale woningbouw. Maar die getallen noemde u wel wethouder. Dus mijn vraag is gewoon nog even, krijgen we het overzicht nog of moet ik het doen met deze optelling? De voorzitter: Wethouder, het woord is aan u. De heer ...: Nee ik wil met alle plezier een opstelling maken. Kijk de moeilijkheid toen ik bezig was dat nog eens voor mezelf op te schrijven, niet even uit mijn hoofd maar... dan kom je op de vraag telt nou bijvoorbeeld het ontwikkeling bij het zusterhuis tel ik dat nou mee of was dat eigenlijk van het vorige college? Ik heb maar even nu beperkt tot datgene wat in de bouwnota stond. En wat en ik heb dat aangevuld met de meest actuele ontwikkeling op bijvoorbeeld op dat stukje tegenover het raadhuis. Ik laat ik het zo afspreken dat ik de raad... sorry? Ja het staat ook op pagina 21 laat mijn geachte de geachte ambtenaar mij weten. Maar ik als dat verduidelijking nog vraagt dan zal ik dat nog aan de raad toesturen. Wat ik geprobeerd heb te zeggen kijk in de discussie die we hebben gevoerd over sociale woningbouw heb ik indertijd ook als standpunt ingenomen dat
als je twintig mensen onderdak geeft in tien woningen die op het Van Ervendorenspark dan is dat in mijn definitie ook sociale woningbouw. En daar kun je een hele beperkte definitie aan koppelen door te zeggen nee dat moet eigenlijk dat past alleen bij de woningbouwvereniging. Ik vind dat nogal een enge definitie. Want het is wel degelijk een groep waarvan je kunt zeggen en ik herinner me ook dat ook bij monde toen van de toenmalige fractievoorzitter van Larens Behoud ook dat standpunt is gedeeld en gezegd is dat accepteren we ook. Dat is ook sociale woningbouw. En natuurlijk is het zo dat je op het moment dat je bijvoorbeeld dat stukje tegenover het raadhuis meeneemt, die zeven woningen waar we in principe van hebben gezegd dat zou daar ook kunnen komen. Ja dat is weliswaar alweer voor een zekere doelgroep maar de hele manier waarop je in sociale woningbouw in het algemeen in woningbouw praat dan praat je altijd over doelgroepen. Dus ik vind mijn opvatting daarover in ieder geval is dat we wel degelijk in dat in de manier zoals ik ernaar kijk in ieder geval de sociale woningbouw wel degelijk een derde van de totaal te bouwen woningen te ontwikkelen woningen mee mag tellen. Dus dat is in antwoord op de vraag die u daarover stelt. Ik zal in ieder geval de meest actuele cijfers u nog doen toekomen per memo aan de raad.
In ieder geval dat iedereen die cijfers nog eens op een rijtje heeft. Dan het punt van meneer Loeff. Ik zal voor de komende raad inderdaad ook een notitie laten aan de raad doen toekomen over de het openbaar gebied en de doorgang. Wat mij betreft de doorgang is niet in discussie. De vraag is natuurlijk wel of in welke mate je en ik dacht dat het wel zo was dat je op een gegeven moment het openbaar het gebied openbaar kunt maken terwijl het toch privaat is. Want dat is het natuurlijk wel. En tegelijkertijd heb ik dan ook te maken met het feit dat mensen ook hun eigen private bezit wensen te beschermen als het blijkt dat er iets dat er dingen gebeuren die niet in de haak zijn. Dus je zou je ook kunnen voorstellen dat maar ik zal daar een notitie van maken voor komende week en zorgen dat dat voor de discussie van komende week bij u is. De heer Van den Berg: Voorzitter, het is volgens mij vrij simpel met u welnemen. Je hebt het Sint Jansterrein, daar zijn appartementen en daar is een openbaar gebied. En volgens mij is niet alles van de gemeente. En je hebt ook het ‘…’ terrein en daar is een doorgang en een stuk tuin. En ook dat is openbaar gebied. Dus volgens mij zijn er gewoon voorbeelden in het dorp te vinden waar dat geregeld is. Ik zou ook willen voorstellen dat u daar nog even naar kijkt.
De voorzitter: Zeker, ik neem aan de uitnodiging van de wethouder om hier dit debat over te gaan voeren op de juiste wijze lijken en wat wordt door de heer Loeff onderstreept dat de hele commissie daarbij kan aansluiten. De heer Calis ter zake, de heer Calis, wethouder. De heer Calis: Pardon, over het kunstwerk voorzitter. Ongeacht wie de eigenaar is de Rabobank of de nieuwe eigenaar van het complex. Uit gesprekken met de maakster Marianne Houtkamp maak ik in elk geval op dat zij zich tenminste intellectueel eigenaar vindt van de beeldengroep. Dus ik zou aan de commissie of aan de raad willen meegeven om bij besprekingen van een eventuele locatie of andere locatie zeker mevrouw Houtkamp daarin te betrekken. De voorzitter: Dank u zeer. Dat lijkt een zeer relevante opmerking in dit kader. Hebt u nog een opmerking zijde van de wethouder? Zo niet... wethouder de heer Stam. De heer Stam. De heer Stam: Ja nou ja mevrouw Timmerman heeft een aantal conclusies getrokken dus daar hoef ik denk ik niet op in te gaan. Er volgen nog amendementen. Die wachten we met belangstelling af. En de VVD had geen aanleiding tot vragen. En GroenLinks had helemaal geen vragen. Dus ik heb geloof ik dan de beantwoording gedaan. De voorzitter: Mevrouw ‘…’ wil nog iets toevoegen. Mevrouw ‘…’.
Mevrouw ...: Ja sorry, het antwoord op het terras wilde ik nog even... Als je op de verbeelding kijkt van ruimtelijke plannen, voor het centrumgebouw is de terrasmogelijkheid. Dat is ook opgenomen dus op de plankaart verbeelding en in de regels van het bestemmingsplan. En dan wil ik nog even reageren op mevrouw Timmermans die zegt de raad heeft zestien weken om het bestemmingsplan vast te stellen. De wet zegt dat dat slechts twaalf weken is. Dat is ook de reden waarom wij ja maar dat is ook de reden waarom wij als ambtenaren heel veel vaart moeten maken als het bestemmingsplan ter inzage heeft gelegen en dit bestemmingsplan het ontwerp bestemmingsplan heeft tot 25 november ter inzage gelegen. En dan gaat die twaalf weken in. De voorzitter: Oké dank u zeer. Dan denk ik dat voordat we kunnen concluderen eerst de mogelijkheid moet geboden worden aan de insprekers om nog iets toe te voegen. Zij het niet meer dan twee minuten per inspreek. Wie kan ik... kan ik mevrouw Koet uitnodigen heeft zij behoefte aan om nog een nadere toevoeging? De heer Lagerweij. Het woord is aan u. De heer Lagerweij: Kort dus. Ja ik word een beetje zenuwachtig als ik te horen krijg van het heeft nu allemaal wel lang genoeg geduurd en laten we nu maar een keer een beslissing nemen. Dat ten eerste.
Ik bedoel ik doe enorm mijn best iedereen hier om er wat van te vinden om meningen te delen, te bespreken, te beargumenteren. En dan nu moeten we opschieten. Dat snap ik niet helemaal. Wij komen ook met positieve punten. We proberen samen met jullie allemaal na te denken over hoe we het een beetje beter kunnen maken voor ons allemaal. Ik vind ook dat een aantal mensen hier aan tafel nu ook delen van kan er niet een verdieping af. En ik vind het antwoord dan van nee dat kan niet denk ik van ja waarom niet? Uiteindelijk is het de ontwikkelaar die dat volgens mij moet bepalen en niet de gemeente. Of tenminste wel de gemeente en de ontwikkelaar moet dan maar kijken hoe hij dat binnen die kaders doet. Als het argument is ja dan kunnen er minder mensen wonen. Ja dan zou ik zeggen maak er dan kleinere appartementen van. Kunnen er denk ik evenveel mensen wonen. Maar minder vierkante meters. Dus ik ja laten we het er even doorjassen vind ik eigenlijk echt niet passen bij nou ja alle tijd en moeite die we erin hebben gestoken. Dat wou ik nog even zeggen. De voorzitter: Dank u zeer. Het woord is aan de heer ‘…’. De heer ‘…’. De heer ...: Volgens mij staat hij nog aan ja. Nou ik was eigenlijk nog even druk aan het tikken. Ik heb nog twee vragen aan de wethouder. Naar aanleiding van het punt wat de heer Loeff noemt over het openbaar toegankelijk maken van onder andere de groenstrook.
Want volgens mij doelt hij erop, grenzend aan de tuinen van de Dammaat. Het openstellen van die groenstrook is uiteraard voor de omwonenden niet wenselijk. Onder andere gezien de problematiek rondom de hangjongeren en de drugsdealers die zich nu vaak ophouden op het parkeerterrein van de Stationsweg. Er wordt in de nota van zienswijzen kort op gereageerd. Er staat letterlijk reclamanten wijzen op de mogelijkheid van overlast door bijvoorbeeld hangjongeren, de drugsdealers worden even weggelaten, echter er is echter geen reden om aan te nemen dat dit bouwplan tot onaanvaardbare overlast zou leiden die noopt tot wijziging van het plan. En verdere onderbouwing blijft uit. Meneer Stam, tijdens ons gesprek bij mij thuis hebben we het destijds ook gehad over deze openstelling van die groenstrook. En u gaf daarop aan dat het een merkwaardige stelling was om het gebied openbaar toegankelijk te maken. Aangezien alleen de Vereniging van Eigenaren daarover zou moeten beslissen. En dat deze inperking van eigendomsrecht niet aan de politiek is. Afsluiten van het terrein vond u daarmee zeer verdedigbaar. Nou ik ben dat volledig met u eens. En sta daar volledig achter. Maar ik begrijp dus van de heer Loeff dat er dus wel degelijk wellicht mogelijkheden zijn om dat vast te leggen in een bestemmingsplan of enig aanverwant document. Ja dat stemt mij natuurlijk niet gerust.
Als dat zo is dan heb ik eigenlijk ook de vraag als
de politiek hierover gaat besluiten dan zou ik eigenlijk wel willen vragen om een uitgebreidere onderbouwing ook waarom de gemeente denkt dat die drugsdealers en die hangjongeren niet tot meer overlast leidt. Want zelf denk ik namelijk dat ze wel degelijk gebruik gaan maken van de meer verhullende plekken straks. De voorzitter: Zou misschien de wethouder als u daar behoefte hebt kunt u daarop reageren? De heer Stam: Zeker, ik heb of ik dat nou letterlijk allemaal zo gezegd heb dat ga ik maar vanuit dat u mij goed parafraseert of citeert. Kijk de vraag ik heb aan meneer Loeff toegezegd dat ik dat we zullen komen met een notitie daarover. Ik aarzel in die zin dat ik te maken dat de angst die de achterburen hebben als dat kijk ze hebben de ervaring met het Hertenkamp om het maar eventjes heel plastisch te maken. En het Hertenkamp daar wordt tot onze schrik wordt daar nog weleens een keer daar wordt weleens wat gedeeld om het nou zo eventjes onparlementair te zeggen. En dat is niet iets wat makkelijk onder de knip krijgen. Wat de angst is van de bewoners ook van de Dammaat en de omringende straat daar en ik kan me ook voorstellen toekomstige bewoners dat die openheid van het terrein wat natuurlijk toch een bepaalde mate van beslotenheid in zich heeft dat dat leidt tot op zichzelf ongewenste consequenties.
Dat neemt niet weg dat van de kant van de raad is gezegd ja maar kan dat niet open op een bepaalde manier, kunnen we dat niet bekijken of daar een mouw aan is te passen. Nou daar heb ik nu van gezegd ik zal proberen die vraag te beantwoorden voordat de raad van komende week aan de orde is. En de beantwoording zal moeten leiden zal moeten leiden tot een oordeel van de raad daarover. En ik heb dus wat dat betreft twee dingen die ik moet afwegen. Aan de ene kant zie ik het punt wat door de inspreker inderdaad wordt gemaakt zie ik heel goed. En tegelijkertijd begrijp ik ook wel dat er voorbeelden zijn in het dorp waar die openheid aanwezig blijft. Waarbij je in ieder geval als het al open zal blijven je in ieder geval moet afspreken onder welke voorwaarden er eventueel dat ding weer dicht moet als het uit de hand zou lopen. Maar oké daar zal ik me over moeten beraden. En ik zal ik heb beloofd dat ik voor de raad van komende week daar een antwoord op zal geven. De voorzitter: Dank u zeer. Het woord is aan de heer Oomkens als u daar behoeft aan hebt meneer Oomkens bent u welkom. De heer Oomkens: Ja waar moet ik beginnen? Laat ik beginnen bij wat de wethouder net zei over het moment waarop is besloten om verder te gaan met de sloop van het gebouw. Hij zei letterlijk dat dat is gezegd na de verslaglegging vanuit de klankbordgroep.
Ik wil de wethouder even herinneren aan de eerste bijeenkomst in ‘…’. Die was volgens mij een stuk eerder. Toen heeft u letterlijk gezegd, het college heeft besloten tot sloop van het gebouw. Letterlijk ja. Dus als u nu zegt dat er pas over sloop heb gesproken nadat de klankbord... De voorzitter: Gaat u door meneer Oomkens, het woord is aan u. De heer Oomkens: Voor degene die het graag wil weten, ik heb het verslag van die bijeenkomst nog. Dus u kunt het nakijken. Er wordt makkelijk kort door de bocht gezegd, een maquette is onnodig en niet nuttig. Wij vragen erom, wij vragen om het inzicht. Niet alleen voor ons, maar voor alle raadsleden. Het is nu onduidelijk, niet helder, en dat is inmiddels denk ik voldoende vastgesteld. Ten aanzien van de vleermuizen, ik heb daar straks gezegd dat het niet klopt. De wethouder zegt wij nemen aan dat het rapport juist is. Het is aantoonbaar onjuist. Het voldoet niet aan wettelijke voorschriften. Vleermuizen zijn letterlijk heel streng beschermd. Hiermee neemt de gemeente een enorm risico om straks snoeihard op de vingers te worden getikt. Bent u bereid om dat risico te nemen? Tot slot wij hebben gevraagd om een onderzoek naar de te verwachte overlast van de verlegde uitrit van de parkeergarage. Daarover wordt gezegd we denken dat het wel meevalt. Terwijl ook aantoonbaar van het verkeerde uitgangspunt is uitgegaan.
Er wordt heel makkelijk aan voorbijgegaan. Er wordt niks onderbouwd, maar we denken dat het wel meevalt. Nou wij denken het tegenovergestelde, en wij
verzoeken u heel vriendelijk om daar serieus mee om te gaan. U weet dat wij als omwonenden bepaald ongelukkig zijn met het voorliggende plan. En wij zijn geen onredelijke mensen. Als u goed kijkt naar het Rabokantoor dan kunt u zien dat de architect destijds zorgvuldig is geweest met de aansluiting op de omliggende bebouwing. In de richting van het parkeerterrein loopt de daklijn nokhoogte af waarmee deze aansluiting wordt gerealiseerd. Dit plaatje kregen wij toen wij als mosterd na de maaltijd eindelijk bij de wethouder werden uitgenodigd toen het ontwerp bestemmingsplan ter inzage was gelegd. U ziet die aflopende nokhoogte. Nee u kent het plaatje niet, maar wij hebben dit gekregen. De hoogtes zijn niet leesbaar, maar hier ziet u die aflopende noklijn. En hier ziet u dat er rekening mee is gehouden. De voorzitter: Wilt u afronden? De heer Oomkens: Bijna. Maar ik vind het fijn dat ik nog even de tijd krijg. De foto in de Gooi- en Eemlander van vanmorgen geeft dit ook weer. Heel duidelijk volgens mij. En daarom het is eerder genoemd geven wij u een alternatief ter overweging. De twee gebouwen op het parkeerterrein zouden in plaats van twee bouwlagen en een kap één bouwlaag en een kap moeten krijgen. Gelijk aan de omliggende woningen en de kantoortjes aan de Stationsweg. En in plaats van de twee-onder-een-kap Bij den Toren zet daar nou eens vier of vijf betaalbare koopwoningen.
We hebben net gehoord dat er inmiddels ruimschoots voldoende sociale huurwoningen. Betaalbare koopwoningen voor jonge mensen die dolgraag in het dorp willen blijven wonen. En nu gedwongen zijn om bij hun ouders thuis te blijven zouden zij ook heel graag een koophuis willen hebben. Perfecte plek daarvoor. Dan... De voorzitter: Laatste, u moet echt afronden meneer Oomkens. U krijgt twee minuten normaal, u bent nu al aan vier minuten toe. De heer Oomkens: Dan doe ik er nog twintig seconden bij. De voorzitter: Gaat uw gang. De heer Oomkens: Op deze manier doe je recht aan deze prominente plek in het dorp en bovendien doe je dan echt iets voor de eigen bevolking. De voorzitter: Dank u zeer. Het woord aan de heer Ten Kroode als u daar behoefte aan heeft. De heer Ten Kroode, twee minuten. De heer Ten Kroode. De heer Ten Kroode: Ja fijn dat er nog een tweede ronde is. De maquette daar zou ik toch nog een lans voor willen breken. Ik vraag me namelijk af hoe de wethouder een oordeel gaat vormen of dit nou een leuke straat gaat worden. Dat is toch wel als je het dorp binnenkomt wel belangrijk dat naast of alles mag en juridisch klopt of het ook leuk is. We hebben onze mond vol van behoud van het dorpsgezicht. Daar heb je een soort romantisch beeld bij. Nou ik denk dat Bij den Toren bij uitstek een straat wat aan het Larense ideaalbeeld voldoet.
Hoe weten we nou of deze straat leuk gaat worden? Ja hoe bepaal je dat? Hoe bepaal je dat op basis van wat er nu is? Ja dan zal je toch iets van een schets moeten maken of een maquette of een 3D-animatie. Nou ik zou daar een lans voor willen breken. Dan nog even de sociale woningbouw. Ik herinner mij in het kader van de Rabo uitspraken van de wethouder van de economische werkelijkheid verzet zich hier tegen. Nou dat kan de wethouder misschien zeggen, maar wie dat bepaalt is natuurlijk de projectontwikkelaar. En die schreef vanochtend in de krant dat hij had ook bij de twee-onder-een-kap vier woningen, vier sociale woningen kunnen bouwen. Maar dat heeft hij niet gedaan. Hij heeft gekozen voor een alternatief waar het hele dorp wat aan heeft. De plint dus. Hij zegt zelf het had gekund. En dan denk ik van ja zeg dan doe man,
want het is een probleem om plekken voor sociale woningbouw te vinden. En er hangen nog wel wat problemen aan om de plint gevuld te krijgen. Dan ja detailhandel in de plint dat botst op de parkeernormen. Maar er is recent een andere bank in het dorp de ABN in detailhandel overgegaan. En ik vraag me af hoe de parkeernormen daar geregeld waren. Wat heeft Pauw straks wel extra parkeerplekken gecreëerd? Hoe gaat dat dan? En het zou leuk zijn om nu een aantal parkeerplaatsen op de Stationsweg zijn verhuurd zal ik maar even zeggen aan de bouwer bij De Chinees om te kijken of dat nou echt enorme problemen gaat geven in het dorp. Dat zijn er een stuk of twaalf, dertien. Nou dat lijkt me wel toereikend voor de klanten van detailhandel in De Plint. Dus ik zou willen kijken van er is een soort ongelijkheid wat er bij de ABN gebeurt en bij de Rabo. En je hebt nu er zijn parkeerplekken even uit beeld een jaar. Ga eens kijken of dat kan waar problemen ontstaan. Als ze niet ontstaan dan kun je detailhandel in de plint doen. Dat was het. De voorzitter: Oké, dank u zeer. Dan zijn we daarmee aan het einde denk ik van het debat voor vanavond. Ik denk dat ik mag concluderen dat er geen consensus is met betrekking tot de vraag of men van mening is dat dit dossier rijp is voor definitieve besluitvorming volgende week. De meningen zijn daarover verdeeld als ik het goed zie.
En ik denk dat het dan ook maar de bedoeling is om dat als zodanig aan de raad voor te leggen dat er geen consensus is met betrekking tot de vraag om dit document volgende week voor besluitvorming te behandelen. Het is natuurlijk al geagendeerd voor de raad. En het is volgende week bij de vaststelling van de agenda dan aan de orde of we inderdaad dit punt op de agenda laten voor besluitvorming. Dit staat geagendeerd. Het is volgende week aan de raad gegeven het gebrek aan consensus vanavond in de commissie dat zal ik ook volgende week aan de meedelen dat hier geen consensus is bereikt en dat is volgende week is dan de raad om dan haar agenda definitief vast te stellen. De heer De Bondt: Voorzitter, deze conclusie van u verbaast me ten zeerste. Enerzijds omdat bij een raadsagenda dat altijd geldt. Wij kunnen altijd bij elk punt van de agenda kunnen wij een voorstel van orde indienen. En het tweede is, het is absoluut geen vereiste om consensus te hebben in deze commissie of een agendapunt wel of niet wordt behandeld. De voorzitter: Dat heb ik ook niet gezegd. Ik stel alleen vast dat hier vanavond vastgesteld werd door een paar fracties dat ze dachten dat er uitstel nodig zou zijn. Daar neem ik kennis van. En het is dat gegeven dat volgende week een rol mag spelen bij de vraag of de raad haar agenda arresteert zoals die op dit moment is voorzien.
Het is geen consensus, het is geen voorwaarde voor die agenda. Dat is volgende week aan de raad. Het is geagendeerd. Ik doe mededeling volgende week van de conclusie van deze avond. Namelijk dat er verschillende meningen bestaan over de raad of er voor besluitvorming volgende week rijp is. Dat is de situatie. En volgende week is aan de raad om uit te maken of ze de besluitvorming wenst te handhaven. De heer Vos: Mag ik daar iets over zeggen voorzitter? De voorzitter: De heer Vos. De heer Vos: Ik sluit me erg aan bij meneer De Bondt. Bovendien ligt er het verzoek van de heer Van den Berg om hierover te praten of we het door zullen geleiden of niet. En ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat ik niet begrijp waarop u baseert dat hier geen consensus over bestaat. Ik heb eigenlijk niemand er expliciet over gehoord behalve mevrouw Timmerman en de heer Van der Berg. Dus ik het verrast mij zeer uw conclusie. De voorzitter: Nou ik stel vast dat er geen consensus is. Dat is alles. Ik daar verder geen mening over. En er zijn dus verschillende meningen over. En ik denk dat het goed is dat de raad volgende week wordt geïnformeerd over het feit dat er verschillende meningen bestaan over de vraag of dit punt volgende week rijp is voor
besluitvorming. Zet toe, zet toe en het is volledig aan de raad om volgende week een besluit te nemen. Daar kunnen wij niet op vooruitlopen. Dat is de verantwoordelijkheid van de raad volgende week. De heer Van den Berg. De heer Van den Berg: Niet om het nodeloos verder ingewikkeld te maken, maar de vraag van mij om het wel of niet door te geleiden heeft de volgende achtergrond. Wij hebben namelijk afgelopen jaar een paar keer meegemaakt op het moment dat het op die raadsagenda staat en we zouden onverhoopt besluiten aan de voorkant om het eraf te halen dan is het er ook echt af. En dan moet het dat is in de voorgaande ronde zo gegaan. Het college neemt het dan ook dan is het ook gewoon weg. Dat is er geen plan meer. Dat lijkt me uiterst ongewenst omdat we net gehoord hebben dat er een twaalf weken termijn vanaf november is gaan lopen. De enige reden om uit te stellen om zeg maar niet door te geleiden naar de raad maar bij wijze van spreken uitstellen naar een raad later is alleen maar om nog ruimte te geven aan een wethouder, college om nog wat laatste details. Dat kan niet in een week. Dat was mijn aanleiding om niet vertragend in de zin van het moet van de agenda af. Maar meer dat je ruimte geeft binnen de context van wet- en regelgeving. De voorzitter: Perfect, dat kan volgende week allemaal nog nader ‘…’ worden. Ik stel vast dat het is geagendeerd.
En volgende week zullen we zien wat de raad besluit met betrekking tot de definitieve vaststelling van de agenda. Zet toe. De heer Sakkers. De heer Sakkers: Voorzitter zou ik daar even op mogen reageren. Ja uw bevinding zal wel heel erg juist zijn. Maar wat ik er dan aan zou willen toevoegen is de vraag aan het college, de wethouder, die zette het ten slotte op de agenda. En als je nou veel wethouder Stam, als je nou zoveel weerstand en onrust hoort. En er wordt gevraagd om een maquette, zou je dan gewoon niet zelf willen bedenken om dit voorstel verder te verbeteren en meer inzicht te geven? De voorzitter: Ja dat is allemaal interessant, maar dan gaan we opnieuw de discussie voeren. Dat is niet meer aan de orde. Ik stel de feitelijkheid vast dat er vanavond verschillen van mening bestaat over de mate van rijpheid van dit dossier. Zet toe. En volgende week is het aan de raad om haar agenda definitief vast te stellen. En daar speelt het college overigens geen rol in. Dat is een volledige exclusieve verantwoordelijkheid van de raad als zodanig. De heer Loeff, Larens Behoud. De heer Loeff: Voorzitter, mag ik u daar toch nog iets op meegeven. Want ik ben eigenlijk toch heel verbaasd over de wijze waarop u de conclusie trekt. En daar wil ik toch ook de heer De Bondt in ondersteunen. Kijk wij hebben hier een avond waarin we vragen stellen, technische vragen.
En we kunnen er van alles van vinden of dit wel of niet rijp is voor. Dat zullen we volgende week zien op het moment dat daar een vraag naar is. Ik denk niet dat u dat als voorzitter hoeft te concluderen. Het enige is wat in dit gremium hier gebeurt is dat wij aanvullende vragen kunnen stellen aan de wethouder. De wethouder doet daarop toezeggingen. Die worden door de griffier hier genoteerd. Wij hebben een duidelijke toezegging gekregen nou dat is helder. Mevrouw Timmerman heeft een aantal zaken geopperd. Er zijn geen toezeggingen gedaan. En dat is hoe het politieke werk in elkaar zit. Niets meer en niets minder. En we kunnen allerlei meningen daarover aanhouden wat we vinden. De heer Van den Berg heeft zelfs aangekondigd met een amendement te komen. Dus in die zin is het bij hem naar mijn gevoel rijp voor politieke besluitvorming. Dus in die zin ik vind dat u volgende week wel eigenlijk het gewoon aan de voorzitter moet laten hoe dit verder wordt behandeld. De voorzitter: Maar dat is vanzelfsprekend meneer Loeff, vanzelfsprekend is het aan de voorzitter volgende week van de raad. Het enige wat ik probeerde te doen is een objectieve weergave te geven van de meningen die vanavond geordend zijn. Zet toe, en daar is tenminste een fractie die van mening was dat het prematuur is
om volgende week besluit te nemen. Ik begrijp de nuance van de zijde van de CDA en dat is het. Daarmee kunnen we dit punt afsluiten denk ik. En wachten we volgende week de raadsvergadering af onder bijzondere dankzegging natuurlijk aan mevrouw ‘…’. Die ook vanavond weer haar wijsheid heeft gedemonstreerd. Maar vooral natuurlijk alle insprekers die een moeilijke avond moeten hebben gehad. Want het moet niet eenvoudig zijn om daar op afstand te moeten luisteren drie uur lang naar commissieleden en die ook nog meningen verkondigen die voor een deel niet uw mening zijn. Dat is allemaal helemaal niet leuk. Maar ik bewoner u op het geduld wat u hebt willen betrachten en de constructieve wijze waarop u aan het debat hebt vanavond deelgenomen. Op zich is dat lijkt mij een bewijs van een kwaliteit van onze democratie. We zouden graag die communicatie nog verder versterken. Dat is een moeilijke zaak om dat in werking te stellen. Maar vanavond hebben we in ieder geval gezien dat we op een zeer constructieve wijze met elkaar van mening zijn verschild. Dat gezegd zijnde dank ik u bijzonder hartelijk. En komen we bij het volgende punt van de agenda waarbij ik zo vrij wil zijn om dan het voorzitterschap over te dragen aan college Van den Berg die zo vriendelijk is om dit punt voor te zitten. Te weten de MRA, dat punt te weten verstedelijkingsagenda MRA.
Het woord is aan de voorzitter van de commissie, de heer Van den Berg. 6.2 Verstedelijkingsstrategie MRA De voorzitter: Collega's, de vertrekkende bewoners tot ziens. Mevrouw Timmerman gaat u weer aan de tafel zitten want we gaan door. We gaan door met de vergadering. De heer Wegter die heeft voorzitterschap aan de ondergetekende Erwin van den Berg overgedragen. En de reden daarvoor is dat het onderwerp verstedelijkingsstrategie MRA een punt is waar de heer Wegter als D66 heel graag het woord over wil voeren. Niet dat ik dat niet wil. Maar soms moet je als kleine fractie en voorzitter een keuze maken. En ik meende zeg maar in deze laatste ronde want de heer Wegter zal ook denk ik niet meer terugkeren in de raad, dat hij vanavond zijn inbreng moet kunnen geven. Dat brengt mij op de behandeling van dit onderwerp. We hebben geen insprekers. De heer ...: We missen een fractie voorzitter. De voorzitter: Dan kijk ik naar wethouder Calis die een toelichting geeft op het voorstel. De heer Calis: Ja dank u wel voorzitter. Deze voorzitterswisseling houdt hopelijk niet in dat dit onderwerp van een even grote controverse zou kennen als het vorige punt. Maar ik zou het wel graag even willen inleiden. De verstedelijkingsstrategie Metropoolregio Amsterdam. Ja verstedelijking dat zou dan vooral over wonen gaan.
Maar vanuit de Metropoolregio zoals u gezien heeft is het een document van 120 bladzijden is dit een zeer uitgebreide poging, analyse om wonen, werken, mobiliteit, omgeving, klimaat integrale visie op te ontwikkelen. En eigenlijk nog wel in twee stappen namelijk 2030 en 2050 met een wat langere horizon. En de regio heeft zich toegespitst op zeven deelregio's voor deze nota. En dat zijn de knooppunten in en om Amsterdam. De stadsharten van Almere, Haarlem, Hilversum, Hoofddorp, Lelystad, Purmerend en Zaanstad. De versnelling van grote locaties zoals Almere-Pampus. Haarlemmermeer, Hoofddorp, Zaanstad polder, Amsterdam-Zuidoost. Dan aandacht voor de vernieuwingsgebieden in Amsterdam, Lelystad en Zaanstad. Extra aandacht voor ruimte voor bedrijventerreinen in het Noordzeekanaalgebied. En dan ten slotte ook aandacht voor Gooi en Vecht. En in de Gooi en Vecht de beschrijving en de ambities die neergelegd zijn in dit document zullen u ongetwijfeld bekend voorkomen want die lijken heel erg veel op strategische visies en natuuragenda die wij in regionaal verband ook in het Gooi met elkaar gemaakt hebben. Dus het gaat hier vooral bij deze ontwikkeling over het stadshart, station Sportpark en het Mediapark in Hilversum. Dan een belangrijk aspect is ook de waterhuishouding van het Gooi en de mogelijke verbinding met de natte gedeeltes van bijvoorbeeld waterland in Flevoland.
Er is aandacht voor de A1 en de A27 zoals we al herhaaldelijk hebben gevraagd. En wat
een extra aandachtspunt is voor Gooi en Vecht is behoud van de werkgelegenheid voor praktijkgeschoolden. En dus eigenlijk als we naar het totale document kijken dan denk ik als we specifiek naar het Gooi kijken, als we specifiek naar Laren kijken, dan herkennen wij alle mooie zaken die wij onszelf voorhouden en waarvan wij denken dat die een hele belangrijke rol spelen in het ontwikkelen van plannen en visies voor de toekomst. En ingepast in het totale visie van de Metropoolregio. De voorzitter: Wethouder Calis, dank u wel voor deze toelichting. Dan gaan we het onderwerp in bespreking geven. Mocht u vragen hebben naar aanleiding van de inleiding van de wethouder dan kan u dat in uw ronde meenemen. En ik kijk naar de overkant naar de fractie van Liberaal Laren om ofwel Diederik Sakkers of mevrouw Timmerman. Meneer Sakkers, u krijgt het woord voor de behandeling van dit onderwerp. De heer Sakkers: Ja hij doet het. Ja dank u wel voorzitter. Ja het zijn nogal veel pagina's tekst weer. En deze versie 3 die voor ons ligt wordt ons in het voorstel 6.2 voor de raad volgende week gevraagd om dit voorstel te onderschrijven. Ik kan u vertellen dit voorstel onderschrijven wij niet. En dan komt met name doordat er in zijn algemeenheid en ik zal er in detail nog wel verder op ingaan enorm wollig en vaag wordt gesproken over wat er bereikt moet gaan worden.
Ten tweede, Laren en de regio Gooi- en Vechtstreek krijgt niet wat we gevraagd hebben in onze ogen. En ten derde financiële onderbouwing of een financiële strategie wordt naar achteren geschoven met de opmerking dat komt nog wel. En ook de opmerking dat er geen impact is op onze budgettering lijkt mij heel erg naïef. Als ik het heb over deze de zienswijzeronde die is geweest, en ik kijk bijvoorbeeld naar de A1, dan wordt er wel gezegd van het blijft belangrijk en dat wordt opnieuw genoemd. Maar er staat ook de A1 komt echter niet terug in de fasering. En dan staat er de relatieve, de relatie van de opgave op de A1 wordt benoemd. En de beschrijving is aangepast. Maar er staat nergens een toezegging wat er nou precies voor ons wordt gedaan. Terwijl het toch wel een van de belangrijkere punten is geweest in de zienswijze die Gooi- en Vechtstreek heeft ingebracht. Zodat je gaandeweg ziet waar we ook voor gewaarschuwd hebben is dat de invloed van Laren in Gooi- en Vechtstreek al klein is. Maar dat ook de invloed van Gooi- en Vechtstreek in dit hele MRA-concept steeds verder verdwijnt met vage toezeggingen die eigenlijk als je hiermee instemt voor ons niks gaan betekenen. Ja het is opnieuw genoemd. We zullen er aandacht voor hebben. Maar daar waar we ferme maatregelen willen om dit mooie gebied hier om ons heen goed te houden wordt geen enkele toezegging op gedaan.
Dan staan er zo ontzettend veel wazigheden in waar ik gewoon echt niet goed van wordt. Bijvoorbeeld over de waterhuishouding. We streven naar geen nadelige effecten te hebben op het watersysteem. Blablablabla. Als dat niet mogelijk is streven we naar een andere oplossing. Dit soort teksten doen mij het idee geven dat stem nou maar in met die 175.000 woningen tot 2030. 325.000 woningen tot 2050. Voor wie bouwen we eigenlijk? Beter zou het signaal naar het rijk zijn laat eens wat minder immigratie toe. Want dan heb je ook minder woningen nodig. Maar goed de achterstand moet worden ingelopen. Maar 11.500 woningen in onze regio dat is me nogal een aantal. En als ik dan bijvoorbeeld teruggrijp op geen nadelige effecten voor het watersysteem dan denk ik van nou dat moet ik nog zien en dat zou ik weleens een keertje concreet gemaakt willen hebben. Want al deze verstening kan ik me niet bij voorstellen dat onze waterhuishouding en onze watersystemen zeker gezien de geplande zeespiegelstijging enzovoort nog haalbaar zijn. Dus de vaagheden waarmee dit alles is omgeven, de mate waarin onze regio niet ferm krijgt toegezegd waar wij echt om vragen, bijvoorbeeld de als je de relatie tussen de A1 en de N201 het herontwerp wordt onderzocht. Ja dat zegt me helemaal niets. Zo liggen er ook de opmerking 325.000 woningen en evenveel banen. Ik zie geen enkele onderliggende berekening.
Daarbij komt, als je nu al bij het UWV dat er 46.000 mensen niet gevonden kunnen worden voor technische en bouwbanen lijkt het me heel sterk als daar geen als daar helemaal niet aan gekomen wordt en dat het allemaal hele rooskleurige projectering is. Ook de nadelige effecten op het GNR, de nadelige effecten van de toename van de recreatie. Het is nu al zo zwaar. Amsterdam trekt zijn geld ervan af maar krijgt wel de zeggenschap over dit gebied via
deze verstedelijkingsvisie. Nog een andere opmerking en dat is ook wel typisch iets waar ik dan de wethouder voor aankijk is een vraag over de HOV. Er wordt gesteld hoe zit het met de Amsterdam-Zuidverbinding van het HOV en er wordt doodleuk geantwoord, ja er is wat tussen Almere en Utrecht opgenomen in het toekomstbeeld. Er is iets opgenomen in het toekomstbeeld. Dus ook over de recreatie. We zullen aansluiting zoeken bij de rijksdoelen. Alleen maar vage dingen ook stikstof, er zal meer aandacht voor stikstof moeten zijn. En zo kan ik wel doorgaan. Dus op diverse pagina's wordt er enorm wazig en vaag taalgebruik gebezigd, toezeggingen aan ons worden niet gedaan. En ik denk dan ook dat onze instemming hiermee heel duidelijk er niet is. Maar waar ik me het meeste zorgen nog over heb is de financiële effecten hiervan. En dan beëindig ik. Laren staat nu gepland dat wij dalen naar ik meen 5,5% solvabiliteit. En met deze plannen en al deze verstening en watersysteemhuishouding en recreatiedoelen zou geen geld gemoeid zijn? Ik denk dat we eerst daar maar eens duidelijkheid over moeten hebben en dan pas terug naar zo'n plan. Dank u wel. De voorzitter: Meneer Sakkers dank u wel. Dan ga ik door en dan passeer ik wethouder Stam die daar aan tafel zit. Wethouder Calis passer ik en dan kom ik bij de fractie van Larens Behoud, Karel Loeff of Hans van Goozen.
Wie mag ik het woord geven? De heer Loeff. De heer Loeff: Dat ben ik, dank u wel voorzitter. Ja de MRA is inderdaad een bijzondere structuur die in no time is opgezet. En dat bewijst ook het aantal pagina's dat hier wordt geleverd. En we hebben in de voorfase natuurlijk al het een en ander gezien over de richting die de MRA uit wil. Stevige ambities, veel geld. Naar wij hebben begrepen internationaal geld. Maar het interessante is dat in deze notitie ook heel veel gevraagd wordt om rijksgeld. En wij waren eigenlijk wel een beetje verbaasd over een aantal vragen die de MRA stelt aan het rijk. Met name als het gaat over de Gooise natuur waar ze vinden dat er meer door het rijk betaald zou moeten worden in tegenstelling tot het feit dat nu zelf de gemeente Amsterdam en de provincie NoordHolland, toch belangrijke partners in dat gebied, eruit zijn gestapt. Dus we hebben nogal wat vraagtekens bij de financiering en sluiten ons daarbij aan op Liberaal Laren. Al is het alleen maar op dit hele kleine onderdeeltje natuur wat wel heel groots als landschap wordt weergegeven. Voor wat betreft Laren is het natuurlijk een eigenlijk een heel eenvoudige opgave want die verstedelijkingstrategie is hier eigenlijk niet aan de orde. Je ziet ook op alle kaartjes dat Laren wordt ontzien. Eigenlijk zie je in alle beschrijvingen dat Laren vooral wordt gezien als een belangrijke groene parel.
Dat we daar zuinig op moeten zijn op deze flank in het Gooi. Dat het een brugschakel richting de Utrechtse Heuvelrug. En weer een contrast met het laagveen aan de andere kant. En je ook dat er allerlei pogingen worden gedaan om haakjes naar de overkant naar Flevoland uit te gooien. Maar dat dat allemaal nog niet zo lukt. Dus ja samenvattend denk ik ja dat is de realiteit van de dag en daar blijven we als kleine gemeente volgens mij ook ja de een zou zeggen insteken en de ander zegt nou prima het gaat goed. De zorg die wij eigenlijk hebben zit hem met name in de verstedelijkingsstrategie als het gaat over de ruim 10.000 woningen die in Hilversum gerealiseerd moeten worden gecombineerd met die campusformule die men heeft, de hightech mediaopleiding die daar zou moeten komen of althans voorzieningen die daar moeten komen om dat een aantrekkelijke stad te houden. De vraag is natuurlijk wat dat voor effect heeft op de bereikbaarheid. En als je praat over de bereikbaarheid dan kom je weer op de bereikbaarheid vanuit de A1 en het dorp uit. Dus dat is wel een risico. En in die zin ja kun je inderdaad vraagtekens stellen. Maar als we kijken naar de reactie van de regio dan kunnen wij ons in principe maar dat zal volgende week ook nog aan de orde komen vinden in de reactie zoals die is opgesteld.
En hebben we eigenlijk voor nu geen vragen maar het is een stuk waar we volgens mij lang over kunnen discussiëren. En ja bij dit soort hele grote hoog over visies moet je ook altijd maar bedenken in hoeverre die valide blijken en wat daaruit wordt geplukt. Dat is een beetje het moeilijke maar terugkijkend in alle andere grootschalige visies en nota's, ruimtelijke ordening zie je eigenlijk een beetje dezelfde jargon ook vaak voorkomen. Dus ja het is interessant om te lezen. We halen er een paar dingen uit. De bereikbaarheid, de kwaliteiten van het dorp die
worden geborgd. En ja de wens van de A1 zit erin opgenomen. Dus dat is een hele belangrijke die we zeker hier verder mee kunnen stimuleren. En wat dat betreft verder geen vragen van technische aard op dit moment aan de wethouder. Dank u. De voorzitter: Dank u wel de heer Loeff. Op dit moment maar mag ik... dat is voor deze termijn heeft u geen vragen. De heer Loeff: Voor deze termijn. Laten we het bij een termijn houden zou ik voorstellen wat ons betreft. De voorzitter: Dat ga ik afwachten of dat aan mij gegeven is. Maar ik kom nu bij de heer Wegter van D66. En die gaat zijn inbreng geven. Aan u het woord. De heer Wegter: Het is duidelijk denk ik dat de relevantie van de MRA ook voor de gemeente Laren aan de orde is. Ik herinner me een eerdere discussie bij een vorige behandeling. Nou dat is het dus blijkbaar wel. Zoals onder andere de collega van de Liberaal Laren aangeeft er zijn een heleboel vragen die ook voor Laren wel degelijk van belang zijn maar waar hij het antwoord niet op heeft. En dat begrijp ik. Kijk dit is niet meer dan een eerste raamwerk van op grond waarvan men verder aan de slag moet om daar nadere uitvoering aan te geven. Dan moet er fasering aan toegevoegd worden.
Dat gaan we op grond van deze uitgangspunten in de komende jaren hoe gaan we dat nu implementeren? Welke criteria leggen we daarbij aan? En dan natuurlijk en daar heeft meneer Sakkers gelijk in, wat gaat het uiteindelijk allemaal kosten? En hoe kunnen we dat allemaal betalen? Want het is allemaal voorzien als volgende stappen in dit proces. Dit is niet meer dan een raamwerk op grond waarvan de verdere implementatie kan volgen. En dat lijkt mij een hele zinnige aanpak. Dat het dus nog niet heel duidelijk wordt hoe het nou verder gaat met die ondertunneling van de A1. Dat is volgens mij duidelijk. Want dat is nu nog niet uitgewerkt. Dat zal nader bekeken moeten worden. Er moet nader overleg plaatsvinden tussen de MRA en het rijk om te kijken in de komende jaren welke middelen zullen ter beschikking komen. Dat is juist een zaak die de komende jaren zal moeten blijken. Op grond van wat nu door dit nieuwe kabinet aan de orde is gesteld en op grond van wat Brussel aan de orde stelt. Dan hebben we meer de inzichten in de financiële kaders. En kan er meer concreet geïmplementeerd worden. Dus de vragen die de heer Sakkers stelt zijn volstrekt terecht. Maar die kunnen op dit moment niet beantwoord worden. Daarvoor moet nog verder gewerkt worden.
Maar wel is duidelijk dat de eerder de strategie zoals die was voorgelegd de tweede versie die overigens hier al aan de orde is geweest is nu nader geamendeerd op grond uitdrukkelijk van verzoek van de regio die daar met name aandacht vraagt voor het landschap en ook voor de infrastructuur. En de kern van de strategie zoals die nu is geformuleerd betekent dat we een meerkernige regio krijgen, een meerkernige regio waarin dus niet Amsterdam alleen rol speelt. Maar waarin bijvoorbeeld de campus van Hilversum een belangrijke rol gaat spelen. Dat was in de eerdere versie niet zo duidelijk, niet zo geprofileerd weergegeven. Dus ik denk dat deze aanpak zoals die gekozen is een juiste concept is. Maar het is niet meer dan een concept wat inderdaad de waarheid moet worden in de komende jaren. Dus u mag kritiek hebben op onderdelen dat het vaag is. Maar het is opzettelijk vaag gehouden om nog voldoende handvaten te vinden om dat in de komende jaren te kunnen uitwerken. En ik denk dat ook Laren en de regio Gooi- en Vechtstreek daar een belangrijke rol in de komende jaren in moet spelen. Om met elkaar te kijken hoe we tot een regionale aanpak kunnen komen die ook het rijk overtuigd om hier voldoende middelen ter beschikking te stellen. Dank u wel. De voorzitter: En na dit vlammende betoog van wethouder sorry excuses... Excuses.
Na dit vlammende betoog van raadslid Wegter, maar hij krijgt applaus. Dank voor uw inbreng. Gaan wij door passeren we Antoinette en dan komen we bij Bart Vos van Groen Laren uit.
De heer Vos: Ja dank u wel voorzitter. Het is een enorme pak papier. Dat ben ik eens. En als je dat doorworstelt dan blijft bij mij eigenlijk maar een ding hangen. Er is enorm goed nagedacht over wat we willen over nou een kleine dertig jaar, iets minder zelfs. Normaal gesproken hier aan deze tafel wordt gezegd nou we zijn een beetje terughoudend, ik neem een achterhoede in. Hier hoor ik de wethouder heel enthousiast over zijn. En dat is zo opmerkelijk. Want het is vooral volgens mij heel erg economisch ingestoken. En het gaat over groei. En het gaat over het dogma dat we alsmaar meer moeten bouwen. En meer moeten doorgroeien. En ik vind het eigenlijk een beetje een raar vertrekpunt. Als je kijkt wat er en dan spits ik het even toe want we moeten het natuurlijk niet alleen over Laren hebben. Dat is maar een zandkorrel in een heel groot verhaal waar dit hele plan over gaat. Het vertrekpunt dat we het niet hebben over een langetermijnvisie waarin we het eventjes niet over groei gaan hebben maar over het behoud en dan misschien wat meer waarde toekennen aan dingen die misschien niet met economische waarde te maken hebben. Dat maakt me wel een beetje zorgelijk. Als ik dan een toekomstvisie dan zou ik denken dan ga eens nadenken over mobiliteit inderdaad. Dus ga eens nadenken over Schiphol en dergelijke zaken. Dat zou volgens mij een toekomstvisie zijn.
Als ik dit lees dan zeggen ze nou laten we daar maar even meer doorgaan want dat is een enorme economische motor. Kortom, ik vind dit niet zo'n goed plan eerlijk gezegd. Want het vertrekpunt is een beetje merkwaardig. Het dogma van de groei daar moeten we eens een keertje vanaf. Want dat gaat ons niet verder brengen. De voorzitter: De heer Vos dank u wel. Dan kom ik bij de laatste fractie, de heer De Bondt of de heer Faas. Maar dat wordt de heer De Bondt. Aan u het woord. De heer De Bondt: Dank u wel voorzitter. Ik kan me in grote lijnen aansluiten bij de woorden van de heer Wegter. We hebben hier al eerder gesproken over met name onze inbreng in de regio Gooi- en Vechtstreek. En je kunt eigenlijk zien dat dat in grote lijnen is overgenomen. De concentratie van woningbouw zal ja globaal gezegd maar dat heeft de wethouder ook al aangegeven de uitlopers van Amsterdam, de grote steden en het Noordzeekanaal. Maar dan heb je ongeveer de ontwikkeling te pakken. Ik ben het niet met de heer Wegter eens als hij zegt ja het is maar een concept. Nee eenmaal vastgesteld binnen de MRA is het wel degelijk het uitgangspunt voor de onderhandelingen met het rijk. En daarvoor heeft in feite de heer Sakkers ongelijk als hij zegt geef kom maar eerst met geld en dan maken we wel een plan. Want zo werkt het niet. Zo krijg je... De heer ...: Interruptie voorzitter.
De voorzitter: Excuses, even voor de goede orde. In de eerste termijn wordt er niet geïnterrumpeerd. Dus de heer De Bondt die voert zijn woord verder. De heer De Bondt: Het is degelijk van groot belang als je iets wil met de regio als je woningbouw wil realiseren voor de enorme aantallen woningzoekenden. Als je daar ook nog werkgelegenheid voor wil. En nog een aantal andere aspecten dat je dan met een strategisch plan komt. En dat is dit. En in die zin kan ik ook de ontwikkelingen zoals die geschetst worden onderschrijven. En natuurlijk ik ben het met de opmerking van de heer Loeff eens als hij zegt dat is leuk als we zeggen behoud en verder ontwikkelen van het natuurgebied en dan moet het rijk maar bijspringen dat het tactisch wel een enorme zet is geweest van de provincie en de gemeente Amsterdam om dus uit met name het Goois Natuurreservaat te stappen. Voorzitter, dus in zeer grote lijnen onderschrijven wij wat in de verstedelijkingsstrategie is geschreven. Wat we eigenlijk vorige keer toen we daarover spraken hadden kunnen constateren maar op dat moment niet deden wil ik toch een vraag stellen. Met name over het onderwijsaspect. Want behalve de visie op de verdere uitbouw en ontwikkeling van het Mediapark onderschrijven we volledig. Hele belangrijke werkgever voor onze regio. En daar staat ook wel iets over dat er dan onderwijs behoort plaats te vinden.
Maar dat zal veel zwaarder aangezet kunnen
worden. Je zou zelfs het onderwijs in het Mediapark of daarbij ik zou haast zeggen op in ieder geval nationale schaal maar ook op internationale schaal een enorme push kunnen geven. En vandaar de vraag aan de wethouder die je kan stellen, heeft eigenlijk de regio Gooi- en Vechtstreek wel een goede visie op en een ambitieuze visie op het onderwijs in onze regio? Ik kan me niet herinneren dat ik iets van gelijke strekking heb gezien. En als dat niet het geval is dan is het misschien toch verstandig om dat op niet al te lange termijn te ontwikkelen. En het zou dus dan aanbevelenswaardig zijn als onze vertegenwoordiger in het bestuur van de Gooi- en Vechtstreek dat zo vriendelijk zou willen zijn om dat dan in te brengen. Voorzitter, ik zal niet in detail treden over het plan. Heeft geen enkele zin. Dat moet Laren ook niet willen. Moet Laren ook niet doen. Daarvoor zijn wij te klein en hebben we te weinig betekenis voor deze strategische visie. Maar laat ik u vertellen dat mijn fractie in zeer grote lijnen dit plan onderschrijft. De voorzitter: Heb ik alleen nog een vraag aan u de heer De Bondt. U heeft een vraag aan de wethouder gesteld over het onderwijs.