BIJLAGE 1 - Programmabegroting 2025-2028 - incl erratum
Tekst van het document
Wij werken samen met onze partners in het onderwijs, de huisartsen, de POH-er Jeugd GGZ (Praktijkondersteuning Huisarts Geestelijke Gezondheidszorg) en het lokale team om zo veel als mogelijk niet-geïndiceerde zorg lokaal vorm te geven. 59
5
Bevorderen van het mentaal Ontwikkelen en uitvoeren van een actieplan met welbevinden door het beperken van het het onderwijs, de Jeugdgezondheidszorg, politie middelengebruik door jongeren. en het jongerenwerk
6
Jeugdigen groeien (veilig) in de thuissituatie op en de zorg en ondersteuning worden in de buurt georganiseerd.
7
Kortere wachttijden in de jeugdzorg
8
Lokale vertaling hervormingsagenda
Het regionaal Veiligheidsteam werkt nauw samen met lokale teams. In 2025 gaan we de werkwijze beproeven en implementeren. Jeugdigen met een maatregel worden direct (binnen 5 dagen) geholpen en krijgen een (tijdelijke) jeugdbeschermer, die een plan van aanpak maakt. Een tool/registratiesysteem ontwikkelen, waardoor de wachttijden bij aanbieders van zorg inzichtelijk worden waardoor betere sturing mogelijk is. Aanpassing van het onderdeel jeugdhulp uit de verordening sociaal domein op basis van landelijke wijzigingen in de reikwijdte van de jeugdhulpplicht. Implementatie van de hervormingsagenda naar de lokale situatie in Laren.
Product 5.4 Migratie, integratie en vluchtelingen Speerpunten Vluchtelingen, asiel en integratie We streven ernaar te voldoen aan de taakstelling voor het huisvesten van statushouders. Samen met onze partners, de inburgeringsconsulenten HBEL, vrijwilligers zoals goede Buren in Eemnes, het Taalcafé, bekijken we hoe we mensen zo goed en snel mogelijk kunnen laten integreren. Voor de aan ons toegewezen Oekraïense vluchtelingen houden we de huidige opvang in stand. De opvang tot 1 juli 2026 van 250 asielzoekers met een verblijfsvergunning in het voormalig ziekenhuis Tergooi, nu Craibosch, wordt begeleid door het COA (Centraal Orgaan opvang asielzoekers). We willen de inburgering daar al starten voor de mensen die “gekoppeld” zijn aan de Gooise gemeenten of Eemnes. Doelstellingen Nr Wat willen we bereiken 1 Het formeren van een projectorganisatie asielopvang welke zich inzet voor het samenstellen en uitvoeren van een BEL brede asielaanpak. Hieronder vallen de huidige Oekraïne opvanglocaties alsook de (toekomstige) COA locaties en vooralsnog uitvoering van de spreidingswet.
60
Op welke wijze willen we dit bereiken We formeren een BEL-projectorganisatie asielopvang. De projectorganisatie zal toewerken naar een plan van aanpak om het opvangdossier toekomstbestendig binnen de BEL-gemeenten te verankeren.
Betrokkenheid verbonden partijen BEL Combinatie Door de verbonden partij GR BEL Combinatie worden op basis van een dienstverleningsovereenkomst de uitvoerende en ondersteunende werkzaamheden uitgevoerd. Maatschappelijke zaken HBEL (ondergebracht bij de gemeente Huizen) De Gemeenschappelijke Regeling HBEL is een centrumgemeenteconstructie. Uitvoering van de Jeugdwet, de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), de Participatiewet, het leerlingenvervoer, de inburgering en de schuldhulpverlening vindt plaats door medewerkers van de gemeente Huizen. Regio Gooi en Vechtstreek Door de Regio Gooi en Vechtstreek worden specifieke gemeentelijke taken binnen het sociaal domein uitgevoerd. Binnen de GR regio Gooi en Vechtstreek is de inkoop en het contractbeheer van de individuele Wmo-voorzieningen en Jeugdzorg georganiseerd. Tevens voert de regio Veilig Thuis uit en is Jeugd & Gezin hier ondergebracht als Resultaat Verantwoordelijke Eenheid (samenvoeging van Jeugdgezondheidszorg, het Centrum voor Jeugd en Gezin en het Regionaal Bureau Leerplichtzaken). Tomin De gemeenschappelijke regeling ‘Werkvoorziening Tomingroep’ voorziet in de uitvoering van de Wet sociale werkvoorziening.
De hoofddoelstelling is het aanbieden van werkgelegenheid onder aangepaste omstandigheden aan personen die kunnen en willen werken, maar die door een vorm van beperking of persoonlijke oorzaak geen kans hebben op een baan in het reguliere bedrijfsleven.
Wat mag het kosten? Realisatie 2023
Begroot 2024
Begroot 2025
Begroot 2026
Begroot 2027
Begroot 2028
Lasten 5.1 Maatschappelijke ondersteuning 5.2 Inkomensregelingen en arbeid 5.3 Zorg voor jeugd 5.4 Migratie, integratie en vluchtelingen
991.724 4.498.002 2.532.515 823.330
1.416.895 3.072.834 3.527.935 1.385.827
1.253.029 3.610.618 3.970.543 1.401.372
1.213.996 3.631.322 3.861.710 1.401.372
1.214.078 3.631.352 3.861.790 1.401.372
1.214.042 3.631.339 3.861.755 1.401.372
Totaal lasten
8.845.570
9.403.491 10.235.562 10.108.400 10.108.592 10.108.509
Product
Realisatie 2023
Begroot 2024
Product
Begroot 2025
Begroot 2026
Begroot 2027
Begroot 2028
Baten 5.1 Maatschappelijke ondersteuning 5.2 Inkomensregelingen en arbeid 5.3 Zorg voor jeugd 5.4 Migratie, integratie en vluchtelingen
-48.855 -50.000 -50.000 -50.000 -50.000 -50.000 -1.746.875 -1.667.000 -2.070.250 -2.094.250 -2.094.250 -2.094.250 -2.729 -8.685 -8.685 -8.685 -8.685 -8.685 -1.369.767 -1.341.170 -1.341.170 -1.341.170 -1.341.170 -1.341.170
Totaal baten
-3.168.225 -3.066.855 -3.470.105 -3.494.105 -3.494.105 -3.494.105
Saldo programma 5
5.677.345
61
6.336.636
6.765.457
6.614.295
6.614.487
6.614.404
Toelichting financiële afwijkingen Afwijkingen boven € 10.000 worden hieronder nader toegelicht.
5.1 Maatschappelijke ondersteuning
Lasten WMO Begeleiding en dagbesteding
Huishoudelijke verzorging
De kosten van begeleiding en dagbesteding nemen af doordat de aantallen cliënten afnemen. Het begeleidingsteam is ingezet om deze beweging te realiseren. Het aantal cliënten met huishoudelijke hulp blijft redelijk stabiel. Indexering van de lonen is één van de redenen waardoor de kosten toenemen.
-110.562
27.000
5.2 Inkomensregelingen en arbeid
Lasten Apparaatskosten Huizen
Sociaal domein HBEL (BUIG)
Sociaal domein HBEL (Armoedebeleid)
De apparaatskosten die wij aan Huizen betalen, nemen toe met € 56.190. De stijging komt door een hogere indexering en overhead, terwijl de wijziging van de verdeelsleutels en de doorbelasting van de begeleidingsteams tot een voordeel leidt voor Laren. Dat er € 265.049 moet worden bijgeraamd komt doordat er in de begroting een te laag bedrag (€ 1.532.791) was opgenomen. De verstrekte bijstandsuitkeringen laten t.o.v. 2023 een stabiel beeld zien. De lasten voor 2025 zijn te laag begroot, waardoor er bijgeraamd moet worden.
265.049
279.000
We hebben minder uitgegeven aan armoedebeleid dan begroot.
-10.007
De ontvangsten vanuit het rijk voor de BUIG liggen hoger dan begroot.
252.500
5.2 Inkomensregelingen en arbeid
Baten Sociaal domein HBEL (BUIG)
5.3 Zorg voor jeugd
Lasten Actualisatie subsidies
Sociaal domein HBEL (Jeugdhulp)
Dit betreft de jaarlijkse loon- en prijsstijging van de gemeente. De prijsstijging is conform het vastgestelde indexeringspercentage van 3%. De loonstijging betreft de -25.631 lonen van ambtenaren, college- en raadsleden en is conform CAO. Volgens de prognose vanuit Huizen waar de uitvoering van de jeugdhulp plaatsvindt, nemen de jeugdhulpkosten toe. 385.336 Een deel van deze stijging is het gevolg van indexatie en
62
we hebben ook hogere lasten met betrekking tot de LTA (Landelijk Transitiearrangement). Woon- en vervoersvoorziening
Er is een klein voordeel op de woon- en vervoersvoorzieningen.
-7.000
Dit betreft de jaarlijkse loon- en prijsstijging van de gemeente. De prijsstijging is conform het vastgestelde indexeringspercentage van 3%. De loonstijging betreft de lonen van ambtenaren, college- en raadsleden en is conform CAO.
14.552
5.4 Migratie, integratie en vluchtelingen
Lasten Loon & prijsstijging
63
Programma 6 De algemene inkomsten en uitgaven van Laren Visie De algemene uitkering en de belastingen (in tegenstelling tot bijvoorbeeld de rioolheffing) zijn algemene dekkingsmiddelen voor de gemeente. Dit zijn middelen die geen vooraf gesteld bestedingsdoel hebben. De algemene uitkering is in zekere zin een gegeven welke we ramen op basis van de maatstaven waarop de algemene uitkering wordt gebaseerd. Voor belastingen volgen we zo veel mogelijk de inflatie en voor belastingen met een specifiek doel hanteren we 100% kostendekkendheid als uitgangspunt. We streven naar een financieel gezonde situatie voor nu en in de toekomst en we monitoren hiertoe de solvabiliteit en schuldquote op basis van de richtlijnen van de VNG en provincie. Ook willen we op het gebied van treasury zo min mogelijk renterisico lopen.
Product 6.1 Algemene uitkering Speerpunten De algemene uitkering zijn de middelen die we vanuit het Rijk ontvangen om de gemeentelijke taken uit te voeren. We ramen de algemene uitkering op basis van de maatstaven waarop deze wordt gebaseerd. Er zijn drie belangrijke herijkingsmomenten voor de hoogte van de algemene uitkering: de meicirculaire, de septembercirculaire en de decembercirculaire.
Product 6.2 Belastingen Speerpunten Gemeentelijke belastingen De gemeentelijke belastingen zijn verplichte bijdragen aan de gemeente die we gebruiken als algemene dekking voor uitgaven in de verschillende programma’s. Een uitzondering hierop vormen de riool- en de afvalstoffenheffing. Dit zijn belastinginkomsten met een directe bestemming, deze opbrengsten mogen alleen worden ingezet om de kosten te dekken die de gemeente maakt voor het rioolstelsel en het inzamelen van afvalstoffen. Een inhoudelijke toelichting op de diverse belastingsoorten treft u aan in de paragraaf Lokale heffingen. 64
Vennootschapsbelasting Per 1 januari 2016 is de belastingplicht in de vennootschapsbelasting uitgebreid voor overheidslichamen en daarmee ook voor gemeenten. Deze belastingplicht geldt bij die activiteiten waarbij de gemeente deelneemt aan het economisch verkeer en in concurrentie treedt met private partijen. Het doel van de wijziging van de wet is om een gelijk speelveld te creëren tussen publieke en private partijen. Gemeenten zijn nu belastingplichtig indien en voor zover zij een onderneming drijven, zo luidt het wettelijk criterium. Praktisch gezien betekent dit dat alleen die activiteiten van de gemeente in de heffing worden betrokken die als ‘zelfstandig onderdeel’ kunnen worden beschouwd en die voldoen aan de voorwaarden om als –belaste- onderneming te worden aangemerkt. Doelstellingen Nr 6.2.1
Wat willen we bereiken Waar mogelijk kostendekkendheid van tarieven en leges
Op welke wijze willen we dit bereiken De tarieven en leges waarbij niet wordt vastgehouden aan het principe van kostendekkendheid mogen niet meer stijgen dan de aanpassing voor de inflatiecorrectie en/of aanpassing van wettelijke tarieven
6.2.2
Jaarlijks een correcte aangifte vennootschapsbelasting
We streven naar een correcte aangifte Vennootschapsbelasting en dragen zorg voor een tijdige betaling.
Product 6.3 Overhead Speerpunten Alle lasten op overhead worden aan de BEL combinatie voldaan conform het vastgestelde DVO.
Product 6.4 Treasury en Resultaat Speerpunten Bij de gemeente Laren is treasury een noodzakelijk proces dat ervoor zorgt dat financiële middelen effectief worden beheerd om de gemeentelijke dienstverlening te ondersteunen, financiële stabiliteit te waarborgen en de belangen van de gemeenschap te beschermen. Het is een complexe taak die specialistische kennis en expertise vereist om de financiële gezondheid van een gemeente te waarborgen. Doelstellingen Nr 6.4.1
Wat willen we bereiken Op welke wijze willen we dit bereiken Het beschermen van We beheersen renterisico's met gespreide leningen en gemeentelijke vermogens- waarborgen liquiditeit via actief kasbeheer. Dit monitoren we en (rente-)resultaten tegen door middel van rapportages. ongewenste financiële risico’s zoals renterisico’s, kredietrisico’s en liquiditeitsrisico’s.
65
Betrokkenheid verbonden partijen Belastingsamenwerking (gemeente Huizen) In 2023 is de uitvoering van de belastingheffing voor Laren (en Blaricum) overgegaan naar de belastingsamenwerking binnen de gemeente Huizen.
Wat mag het kosten? Product Lasten 6.1 Algemene uitkering 6.2 Belastingen 6.3 Overhead 6.4 Treasury en resultaat Toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves Totaal lasten
Product
Realisatie 2023
Begroot 2024
Begroot 2025
Begroot 2026
Begroot 2027
Begroot 2028
528.203 6.123.462 597.066
541.127 5.134.533 854.678
724.180 5.447.493 464.439
724.083 5.458.095 407.956
724.322 5.468.860 397.741
724.218 5.464.171 397.831
958.230
-
-
-
-
-
8.206.961
6.530.338
6.636.113
6.590.133
6.590.922
6.586.220
Realisatie 2023
Begroot 2024
Begroot 2025
Begroot 2026
Begroot 2027
Begroot 2028
Baten 6.1 Algemene uitkering 6.2 Belastingen 6.3 Overhead 6.4 Treasury en resultaat Toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves Totaal baten
-24.741.959 -23.946.117 -24.893.676 -23.795.083 -24.207.754 -24.472.820
Saldo programma 6
-16.534.998 -17.415.779 -18.257.563 -17.204.950 -17.616.832 -17.886.600
Saldo begroting
-17.590.320 -17.615.859 -18.323.000 -17.216.000 -17.527.000 -17.741.000 -5.571.519 -5.952.074 -6.021.647 -6.046.409 -6.164.437 -6.302.072 -5.227 -1.185.380 -351.684 -353.232 -341.877 -330.520 -319.291 -389.513
-26.500
-471.070
-
-195.797
195.770
-190.797
1.111.788
-185.797
792.326
-110.457
640.711
Toelichting financiële afwijkingen Afwijkingen boven € 10.000 worden hieronder nader toegelicht. 6.1 Algemene uitkering
Baten Meicirculaire 2024 Septembercirculaire 2023 Decembercirculaire 2023
Bijstelling in de meicirculaire 2024 levert extra inkomsten -240.136 op vanuit het gemeentefonds Bijstelling in de septembercirculaire 2023 levert extra -366.000 inkomsten op vanuit het gemeentefonds Bijstelling in de decembercirculaire 2023 levert extra 101.000 inkomsten op vanuit het gemeentefonds
66
6.2 Belastingen
Lasten Loon & prijsstijging
Uren BEL Combinatie
Dit betreft de jaarlijkse loon- en prijsstijging van de gemeente. De prijsstijging is conform het vastgestelde indexeringspercentage van 3%. De loonstijging betreft de lonen van ambtenaren, college- en raadsleden en is conform CAO. In de begroting 2025 is een nieuwe verdeelsleutel van de uren BEL Combinatie gebruikt, waardoor er meer uren toegerekend zijn aan product 6.2 belastingen
16.234
118.150
6.2 Belastingen
Baten OZB actualisatie Begrotingsopbrengst ondernemersfonds
Dit betreft de actualisatie van de opbrengsten OZB.
41.741 -88.000
6.3 Overhead
Lasten Uren BEL Combinatie
In de begroting 2025 is een nieuwe verdeelsleutel van de uren BEL Combinatie gebruikt, waardoor er meer uren toegerekend zijn aan product 6.3 overhead
330.000
Toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves
Baten Mutaties reserves
-169.297
67
2. Paragrafen
68
Inleiding De voorgeschreven paragrafen geven een “dwarsdoorsnede” van de begroting. Het doel van de paragrafen is de raad in staat te stellen een aantal wezenlijke beleidslijnen vast te stellen en de uitvoering op hoofdlijnen te controleren. De paragrafen richten zich op de (beheers)onderwerpen die vooral belangrijk zijn voor de gemeentelijke bedrijfsvoering. Met de paragrafen heeft de raad een extra instrument (naast de programma's) om de uitvoering te kunnen controleren. De volgende paragrafen zijn opgenomen: Lokale heffingen Weerstandsvermogen en risicobeheersing Onderhoud kapitaalgoederen Financiering Bedrijfsvoering Verbonden partijen Grondbeleid Wet Open Overheid
69
Lokale heffingen Algemeen Het overzicht lokale heffingen heeft betrekking op de belastingen en op de heffingen. De lokale lasten zijn een integraal onderdeel van het gemeentelijk beleid. Een overzicht van de lokale heffingen en daarmee meer inzicht is daarom van belang voor de raad. Geraamde inkomsten De lokale heffingen bestaan uit de OZB-belasting, precariobelasting, baatbelasting, rioolheffing, afvalstoffenheffing, graf- en begraafrechten, toeristenbelasting en verschillende leges. In onderstaande tabel zijn de begrote opbrengsten (baten) van de verschillende heffingen gepresenteerd.
Begr. 2024 na wijziging
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Omschrijving inclusief taakveld
Baten
Baten
Baten
Baten
Baten
Leges paspoorten/rijbewijzen (0.2)
-102.000
-256.000
-256.000
-256.000
-256.000
Leges burgerlijke stand (0.2)
-21.500
-21.500
-21.500
-21.500
-21.500
OZB woningen (0.61)
-4.833.344
-4.838.438
-4.951.200
-5.069.228
-5.206.863
OZB niet-woningen (0.62)
-1.024.730
-998.389
-998.389
-998.389
-998.389
Precariobelasting (0.64)
-20.000
-20.600
-20.600
-20.600
-20.600
Hondenbelasting (0.64)
-74.000
-76.220
-76.220
-76.220
-76.220
Rioolheffing (7.2)
-1.319.080
-1.490.946
-1.527.145
-1.712.666
-1.761.243
Afvalstoffenheffing (7.3)
-1.821.419
-1.889.450
-1.921.998
-1.954.057
-1.960.460
Graf- en begraafrechten (7.5)
-75.000
-70.000
-65.000
-60.000
-60.000
Leges omgevingsvergunning (8.3)
-646.000
-999.870
-999.870
-999.870
-999.870
Overige leges en heffingen
-204.530
-204.530
-204.530
-204.530
-204.530
-10.141.603
-10.865.943
-11.042.452
-11.373.060
-11.565.675
Inkomsten lokale heffingen
Totaal inkomsten lokale heffingen
Beleid lokale heffingen Voor de hoogte van tarieven en leges gelden de volgende uitgangspunten: 1. Waar mogelijk kostendekkendheid van tarieven en leges; 2. De tarieven en leges waarbij niet wordt vastgehouden aan het principe van kostendekkendheid mogen niet meer stijgen dan de aanpassing voor de inflatiecorrectie en/of aanpassing van wettelijke tarieven. Inflatiepercentage Daar waar in deze paragraaf wordt gesproken over het inflatiepercentage is uitgegaan van het bij de kadernota opgenomen percentage van 3%. Leges Leges zijn de heffingen, die de gemeente in rekening brengt voor door haar verleende diensten. De burger betaalt alleen leges als de gemeente daarvoor een specifieke dienst heeft verleend. Omdat de gemeente geen onderneming is met een winstoogmerk mag de opbrengst van alle leges niet meer
70
zijn dan de daarvoor gemaakte kosten. Let wel, dit geldt voor het totaal van alle leges en niet voor iedere individuele post. Voor alle heffingen die worden geëgaliseerd met een voorziening of reserve wordt de individuele kostendekkendheid aangetoond.
Overzicht diverse heffingen op hoofdlijnen Onroerende zaakbelastingen (ozb) De ozb is een belangrijke inkomstenbron voor de gemeente waarmee algemene uitgaven gefinancierd kunnen worden. In de berekening van het ozb-tarief voor 2025 is rekening gehouden met een compensatie voor de verwachte waardeontwikkeling van woningen (+2,5%) en nietwoningen (0%), welke via tariefaanpassing geneutraliseerd wordt, en de inflatiecorrectie ad +3%. In onderstaand overzicht zijn de voorlopige tarieven ten opzichte van het voorgaande belastingjaar gepresenteerd.
Begroting
Begroting
2024
2025
Verschil in percentage
Gebruikersbelasting niet-woningen
0,156409% 0,161092%
2,99%
Eigenarenbelasting woningen
0,093683% 0,094157%
0,51%
Eigenarenbelasting niet-woningen
0,228604% 0,235458%
2,99%
Tarieven onroerendezaakbelasting
Op grond van de Wet Waardering Onroerende Zaken (WOZ) wordt elk jaar alle onroerende zaken binnen de gemeente gewaardeerd. De resultaten van die waardering komen eind 2024 beschikbaar. Zodra de nieuwe taxatiewaarden bekend zijn, zullen de OZB-tarieven definitief worden vastgesteld. Aan bovenstaande percentages kunnen derhalve geen rechten worden ontleend. Afvalstoffenheffing De geraamde inkomsten voor 2025 bedragen € 1.889.450. Bij de tariefberekening van de heffing wordt gestreefd naar een 100% kostendekkendheid. Bij een 100% kostendekkendheid zijn de inkomsten gelijk aan de kosten. De kosten bestaan uit onder andere het ophalen van huisvuil en klein chemisch afval, zwerfafval en de toerekening van de overhead, uren BEL-Combinatie en de btw. Tarief afvalstoffenheffing We zijn genoodzaakt om het tarief verder te laten stijgen dan de in de kosten verwerkte inflatiepercentage om een volledige kostendekkende afvalstoffenheffing te realiseren vanaf 2025. Deze ophoging bedraagt 3,30%. Dit wordt veroorzaakt door een stijging van de GAD lasten en door de toerekening van de BTW op de lasten. Dit heeft onderstaand effect op het tarief voor de afvalstoffenheffing in 2025: Tarieven afvalstoffenheffing
Begroting 2024
Begroting
Verschil in 2025 percentage
Eenpersoonshuishouden
€ 276,40
€ 285,52
3,30%
Meerpersoonshuishouden
€ 406,35
€ 419,76
3,30%
71
Kostendekkendheid afvalstoffenheffing In onderstaand overzicht is het dekkingsoverzicht meerjarig gepresenteerd. Hierbij is reeds rekening gehouden met de hiervoor genoemde tariefsverhoging. Kostendekkendheid afvalstoffenheffing
Lasten afval (7.3)
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Saldo
Saldo
Saldo
Saldo
Saldo
1.327.615
1.441.149
1.468.066
1.494.517
1.499.828
BTW (21%) Netto kosten (excl. uren en overhead) Uren BEL-combinatie (2.1)
278.799
319.243
324.892
330.456
331.567
1.606.414
1.760.392
1.792.958
1.824.973
1.831.395
7.911
-
-
-
-
Uren BEL-combinatie (7.3)
75.481
49.852
49.834
49.878
49.859
Kwijtscheldingen (6.3)
50.000
50.000
50.000
50.000
50.000
Toerekening overhead Totale kosten (incl. uren en overhead) Opbrengsten afvalstoffenheffing (7.3) Overige opbrengsten en leges (7.3)
81.613
29.206
29.206
29.206
29.206
1.821.419
1.889.450
1.921.998
1.954.057
1.960.460
-1.821.419
-1.889.450
-1.921.998
-1.954.057
-1.960.460
-
-
-
-
-
-1.821.419
-1.889.450
-1.921.998
-1.954.057
-1.960.460
Totale inkomsten Resultaat voor egalisatie
-
Tariefegalisatie afvalstoffenheffing
-
-
-
-
-
Resultaat na egalisatie
-
-
-
-
-
100%
100%
100%
100%
100%
Dekkingspercentage na mutatie
Rioolheffing De begrote inkomsten (heffingen en leges) voor 2025 bedragen € 1.490.946. Bij de tariefberekening van de heffing wordt net als bij de afvalstoffenheffing gestreefd naar een 100% kostendekkendheid. De kosten bestaan uit straatreiniging (50%), onderhoud riolering, kapitaallasten (m.n. voortkomende uit project Laren Regenklaar) en de toerekening van de overhead, uren BEL-combinatie en de btw. Tarief rioolheffing Het tarief voor de rioolheffing gaat in 2025 met 11,01% omhoog. Dit heeft met name te maken met het gereedkomen van de grotere investeringen in Laren Regenklaar, hierdoor beginnen de kapitaallasten de komende jaren op te lopen. Daarnaast is er ook een stijging in de onderhoudskosten van de riolering, wat verder zal werken in het tarief. De verwachting is dat de rioolheffing voor de inwoners de komende jaren kan gaan oplopen, zoals ook blijkt uit onderstaand overzichten: Tarieven rioolheffing Eenpersoonshuishouden Meerpersoonshuishouden Niet-woningen
Begroting Begroting 2024 2025 € 162,67 € 180,58 € 278,61 € 309,28 € 278,61 € 309,28
72
Verschil in percentage 11,01% 11,01% 11,01%
Kostendekkendheid rioolheffing In onderstaand overzicht is het dekkingsoverzicht meerjarig gepresenteerd.
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Saldo
Saldo
Saldo
Saldo
Saldo
Lasten straatreiniging (2.1)
118.605
90.477
79.777
79.777
79.777
Kapitaallasten riolering (7.2)
395.067
400.902
441.634
519.674
534.944
Overige lasten riolering (7.2)
261.764
391.084
391.084
466.084
491.084
BTW (21%) Netto kosten (excl. uren en overhead) Uren BEL Combinatie (2.1)
78.092
257.271
263.553
295.751
304.182
853.529
1.139.734
1.176.048
1.361.287
1.409.987
98.462
63.562
63.509
63.638
63.582
Uren BEL Combinatie (7.2)
106.394
103.636
103.574
103.727
103.660
Toerekening overhead Totale kosten (incl. uren en overhead) Opbrengst leges en overige (7.2)
260.695
184.013
184.013
184.013
184.013
1.319.080
1.490.946
1.527.145
1.712.666
1.761.243
-
-
-
-
-
Opbrengsten heffingen (7.2)
-1.319.080
-1.490.946
-1.527.145
-1.712.666
-1.761.243
Totale inkomsten
-1.319.080
-1.490.946
-1.527.145
-1.712.666
-1.761.243
Resultaat voor egalisatie
-
-
-
-
-
Mutatie voorziening (V.93202)
-
-
-
-
-
Resultaat na egalisatie
-
-
-
-
-
100,00%
100,00%
100,00%
100,00%
100,00%
Kostendekkendheid rioolheffing
Dekkingspercentage na mutatie
Leges burgerzaken De geraamde inkomsten voor 2025 bedragen € 277.500,-. Onder de leges worden rechten geheven ter zake van het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten, genoemd in de verordening en de daarbij behorende tarieventabel. Voor het verstrekken van paspoorten, identiteitskaarten en rijbewijzen moet de gemeente aan het Rijk of de RDW een vergoeding afdragen. De leges zijn grotendeels geüniformeerd in BEL-verband. Uitgangspunt is om een redelijke mate van kostendekkendheid te bereiken. Overigens kan door de wettelijke (maximum)tarieven voor paspoorten en rijbewijzen dit lastig bereikt worden. Voorts is er ook sprake van serviceverlening (openingstijden) aan de burgers die niet noodzakelijk één-op-één verband houdt met het aantal klanten. Ook de beveiligingseisen (minimaal twee medewerkers achter de balie) maken het lastig alle kosten in het tarief door te berekenen. Overige belastingen en leges (burgerzaken, WABO-leges) worden zoveel mogelijk kostendekkend berekend. De kostendekkendheid van de WABO leges wordt uitgewerkt volgens de VNG-systematiek. Precario bovengrondse bouwwerken/gebruik openbare ruimte De tarieven precario bovengronds zijn met het inflatiepercentage verhoogd. De tarieven blijven echter na afronding op gehele bedragen gelijk aan voorgaand jaar.
73
Lokale lastendruk Om de lokale lastendruk te berekenen is uitgegaan van de tarieven zoals opgenomen in de paragraaf lokale heffingen. De OZB is berekend op basis van de gemiddelde WOZ-waarde in de betreffende gemeente. De gemiddelde WOZ-waarde in de gemeente Laren bedraagt € 853.425 in 2024. Door daarbovenop de geschatte waardestijging van 2,5% mee te nemen wordt de gemiddelde WOZwaarde geschat op € 874.761 voor belastingjaar 2025. Met deze gegevens kan een reële vergelijking met vorig jaar worden gemaakt. Uit onderstaande grafieken blijkt dat de lokale woonlasten in Laren in 2025 hoger liggen dan het gemiddelde van Nederland, net iets lager dan de lasten in Blaricum maar hoger dan Eemnes (laatste gegevens Eemnes nu nog op basis voorgaand jaar).
Lokale lastendruk eenpersoonshuishouden
Lokale lastendruk meerpersoonshuishouden
NB: Per individueel huishouden kan door verschillende factoren een afwijkend beeld ontstaan. 74
Kwijtscheldingsbeleid De gemeente Laren heeft in de Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen vastgelegd dat de 100% norm wordt toegepast. Bij de opmaak van de gemeentelijke leidraad is aansluiting gezocht bij de leidraad van de Rijksbelastingdienst. Het is echter geen kopie. Daar waar nodig hebben wij bepalingen toegevoegd of aangepast aan de gemeentelijke situatie. Op het moment van vaststellen van deze begroting is het verlenen van kwijtschelding voor de gemeentelijke belastingen alleen nog van toepassing voor particulieren. Het voornemen is om op termijn kwijtschelding voor de privébelastingen ook mogelijk te maken voor zelfstandig ondernemers/zpp’ers die op het bestaansminimum rond komen en niet over vermogen beschikken. Het Inlichtingenbureau (samenwerkingsstichting VNG en SZW) helpt gemeenten bij het toetsen of iemand, aan wie het voorgaande jaar kwijtschelding is verleend, ook dit jaar geen gemeentelijke belastingen hoeft te betalen. Via het BSN vergelijkt het Inlichtingenbureau de gegevens over inkomen en vermogen om te toetsen of iemand voor kwijtschelding in aanmerking komt. Het Inlichtingenbureau doet dit met van de gegevens van het UWV, de RDW en de Belastingdienst. De gemeente maakt gebruik van de mogelijkheid geautomatiseerd kwijtschelding toe te kennen.
Voorwaarde is dat aan de aanvrager in het voorgaande belastingjaar volledige kwijtschelding is toegekend en hij/zij toestemming heeft gegeven aan de gemeente (middels vraag op aanvraagformulier) voor toetsing van de gegevens bij het Inlichtingenbureau. Zolang de toets positief uitvalt, wordt aan belastingschuldige geautomatiseerd kwijtschelding verleend. Het cluster Invordering is verantwoordelijk voor de uitvoering van het kwijtscheldingsproces. Kostendekkendheid leges Jaarlijks wordt voor het begin van het nieuwe jaar een geactualiseerde legesverordening aan de raad voorgelegd ter besluitvorming. In de begroting wordt in de paragraaf lokale heffingen al informatie opgenomen over de heffingen. Een van de onderwerpen waarop ingezoomd wordt in deze paragraaf is de voorcalculatorische kostendekkendheid. Zowel belastingadviseurs als de rechterlijke macht besteden steeds meer aandacht aan de kostendekkingstoets. De afgelopen jaren zijn veel verordeningen onverbindend verklaard, vooral omdat de ramingen van baten en lasten niet aanwezig, of niet inzichtelijk waren. De Hoge Raad geeft aan dat er verzwaarde eisen zijn voor de motivering die de heffingsambtenaar moet geven om te betwisten dat de limiet is overschreden.
Het vereiste inzicht in de ramingen moet worden verschaft op basis van de gemeentelijke begroting, maar ook op basis van andere gegevens, waaronder ook gegevens die niet bekendgemaakt zijn ten tijde van de vaststelling van de verordening. Het gaat hierbij om de posten die bij de vaststelling van de begroting in aanmerking zijn genomen als kosten die een last ter zake vormen. Als de gemeente de inzichtelijkheid niet kan aantonen, dan zal de rechter de belastingverordening onverbindend achten. Een van de belangrijkste eisen van de laatste jaren is die van de herleidbaarheid van de ramingen. Ramingen van baten en lasten dienen te herleiden te zijn tot de begroting. Van een gemeente mag echter niet worden verlangd dat van alle in de verordening en de tarieventabel opgenomen diensten afzonderlijk op controleerbare wijze wordt vastgelegd hoe zij de kosten ter zake daarvan heeft geraamd. De ramingen mogen dus wel enige globaliteit kennen, doch moeten herleidbaar zijn tot de begroting. Samenvattend dienen de inkomsten aan leges in totaal niet hoger te zijn dan de kosten die daarvoor gemaakt zijn. De huidige berekening komt uit op een kostendekkendheidspercentage van 62%. Dit is gebaseerd op het onderzoek van een extern bureau dat de kostendekkendheid in beeld heeft 75
gebracht. In 2023 heeft een eerste onderzoek plaatsgevonden naar de kostendekkendheid. Uit dat onderzoek is een aantal bevindingen naar voren gekomen. In 2024 zijn we daarop voort gaan borduren met de inzet van een extern bureau. De uitkomst daarvan maakt duidelijk dat we qua kostendekkendheid voor 2025 hoger zitten dan voorgaande jaren, maar dat er nog ruimte is om de kostendekkendheid te laten stijgen. De wijzigingen voortkomend uit de Omgevingswet en uit de WKB (Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen) zijn overigens in de huidige legesverordening 2024 al verwerkt. De legesverordening 2025 zal in december aan de raad worden voorgelegd ter besluitvorming. Kostendekkendheid leges Titel 1 Burgerzaken leges Berekening kostendekkendheid van de leges Lasten taakveld(en), incl. (omslag)rente
Begr. 2024
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
na wijziging
2025
2026
2027
2028
Saldo
Saldo
Saldo
Saldo
Saldo
648.074
286.674
286.674
286.674
286.674
Overhead
1.021.752
326.134
326.134
326.134
326.134
BCF - BTW
9.387
124.654
124.654
124.654
124.654
Totaal lasten (A)
1.679.213
737.462
737.462
737.462
737.462
Legesopbrengsten
155.500
227.799
227.799
227.799
227.799
Totaal baten (B)
155.500
227.799
227.799
227.799
227.799
9%
31%
31%
31%
31%
Begr. 2024
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
na wijziging
2025
2026
2027
2028
Kostendekkendheid titel 1 (B / A * 100%)
Titel 2 Bouwleges (wabo) Berekening kostendekkendheid van de leges Lasten taakveld(en), incl. (omslag)rente
Saldo
Saldo
Saldo
Saldo
Saldo
580.227
494.278
494.278
494.278
494.278
Overhead
371.499
501.022
501.022
501.022
501.022
BCF - BTW
37.822
233.923
233.923
233.923
233.923
Totaal lasten (A)
989.548
1.229.223
1.229.223
1.229.223
1.229.223
Legesopbrengsten
692.500
999.870
999.870
999.870
999.870
Totaal baten (B)
692.500
999.870
999.870
999.870
999.870
70%
81%
81%
81%
81%
Begr. 2024
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
na wijziging
2025
2026
2027
2028
Kostendekkendheid titel 2 (B / A * 100%) Titel 3 Overige leges (evenementen en horeca) Berekening kostendekkendheid van de leges Lasten taakveld(en), incl. (omslag)rente
Saldo
Saldo
Saldo
Saldo
Saldo
31.179
12.785
12.785
12.785
12.785
Overhead
13.016
16.398
16.398
16.398
16.398
BCF - BTW
4.284
6.056
6.056
6.056
6.056
Totaal lasten (A)
48.479
35.239
35.239
35.239
35.239
Legesopbrengsten
2.000
13.972
13.972
13.972
13.972
Totaal baten (B)
2.000
13.972
13.972
13.972
13.972
4%
40%
40%
40%
40%
Kostendekkendheid titel 3 (B / A * 100%)
76
Totaal lasten titel 1 t/m 3 (A)
2.717.240
2.001.924
2.001.924
2.001.924
2.001.924
Totaal baten titel 1 t/m 3 (B)
850.000
1.241.641
1.241.641
1.241.641
1.241.641
Totaal saldo titel 1 t/m 3 (A - B)
1.867.240
760.283
760.283
760.283
760.283
31%
62%
62%
62%
62%
Totale kostendekkendheid titel 1 t/m 3 (B / A * 100%)
77
Weerstandsvermogen en risicobeheersing Algemeen Laren voert continue verbeterslagen uit op de weerstandsparagraaf en de hierin voorkomende risicobeheersing. Het college van B&W wil op een gestructureerde wijze risico’s beheersen en is daarbij bereid eventuele risico’s bewust te nemen. Om die reden is het van belang om inzicht te hebben in de omvang van eventuele risico’s/financiële tegenvallers die bij deze risico’s horen, afgezet tegen het beschikbare weerstandsvermogen om deze risico’s op te vangen. In het jaar 2023 is een vernieuwde nota “Nota Risicomanagement en Weerstandsvermogen Blaricum, Eemnes, Laren en BEL Combinatie” vastgesteld door de raad van gemeente Laren welke als basis dient voor deze paragraaf in de jaarrekening en begroting van de gemeente Laren. De mate van flexibiliteit van de baten en lasten in de gemeentebegroting speelt een belangrijke rol bij de bepaling van het weerstandsvermogen: hoe snel kunnen (structurele) tegenvallers worden opgevangen door ombuigingen van bestaand beleid al dan niet in combinatie met belastingverhogingen (het benutten van de onbenutte belastingcapaciteit). Daarnaast kunnen incidentele tegenvallers opgevangen worden door het inzetten van de algemene reserve en/of door het niet-beklemde deel van de bestemmingsreserves anders in te zetten.
Restrisico’s kan de gemeente dus dragen door het achter de hand hebben van voldoende weerstandscapaciteit. Een precies sluitende begroting (zonder enige mate van flexibiliteit) en geen weerstandscapaciteit betekent dat iedere financiële tegenvaller een probleem gaat opleveren als er geen even grote meevallers tegenover staan. Conform het BBV en de nota, komt in deze paragraaf het beleid inzake de weerstandscapaciteit en de risico’s, de inventarisatie van de risico’s, de inventarisatie van de weerstandscapaciteit en tot slot de confrontatie van de risico’s met het beschikbaar weerstandsvermogen aan de orde. Deze paragraaf bevat: 1.2 Beleid inzake weerstandscapaciteit en de risico’s 1.3 Weerstandsvermogen 1.4 Inventarisatie van de weerstandscapaciteit 1.5 Risico’s 1.6 Confrontatie risico’s met beschikbaar weerstandsvermogen 1.7 Kengetallen Beleid weerstandscapaciteit Het beleid inzake risicobeheersing en weerstandscapaciteit is vastgelegd in de “nota risicomanagement en weerstandsvermogen 2022 Blaricum, Eemnes, Laren en BEL Combinatie”. Deze nota kent meerdere aspecten. Enerzijds is dat de wettelijke regelgeving.
Naast deze formele aanleiding vanuit het oogpunt van regelgeving en kaderstelling is er ook een directe relatie tussen de inhoud van deze nota en interne ambitie tot kwaliteitsverbetering van de interne bedrijfsvoering (transparantie, verantwoording en bedrijfsmatig werken). In de vastgestelde nota risicomanagement en weerstandsvermogen is opgenomen dat het weerstandsvermogen het vermogen is om niet-begrote uitgaven te dekken. Dit weerstandsvermogen heeft een relatie met de weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote uitgaven te dekken: alle risico's waarvoor geen 78
maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie en ter dekking van deze risico’s wordt het weerstandsvermogen aangewend. In paragraaf 1.5 zijn de risico’s uiteengezet. Specifiek wordt benoemd de eenmalige lasten die voortkomen uit mobiliteitsmaatregelen, vaststellingsovereenkomsten of loopbaantrajecten van vast personeel. Het vast personeel en personeelslasten zijn in de BEL Combinatie belegd, alle eenmalige lasten m.b.t. dit risico zijn in de programmabegrotingen 2025 van de BEL gemeenten opgenomen. De lasten als dit risico zich voordoet, komen evenredig voor rekening van de BEL gemeenten. Begrippen In deze paragraaf zijn de volgende begrippen gedefinieerd: Begrip Toelichting Weerstandscapaciteit
Risico’s
Weerstandsvermogen Risicomanagement
Beheersmaatregelen
Het geheel aan financiële middelen (met name reserves en voorzieningen) dat beschikbaar is en aangewend kan worden om mogelijke risico’s op te vangen. Een risico is een kans op het optreden van een positieve dan wel negatieve gebeurtenis van materieel belang die niet voorzien is in de begroting van enig jaar. Dit is de relatie tussen de weerstandscapaciteit en de risico’s die zich binnen de gemeente kunnen manifesteren Het identificeren en kwantificeren van risico’s en het bepalen van activiteiten die de kans van optreden van de risico’s en/of de gevolgen van de risico’s beheersbaar houdt. Het stelsel van maatregelen en procedures die worden genomen om de onderkende risico’s te ondervangen dan wel om de opkomende risico’s te signaleren en het effect hiervan te beperken.
Risicoanalyse (operationeel) Vanuit de BEL-organisatie is, naast de strategische analyse van het college, een operationele analyse gemaakt. Voor de beoordeling van de kans worden de volgende 5 klassen met referentiebeelden gehanteerd. Kans Voor de beoordeling van de kans hanteren we 5 klassen met de volgende referentiebeelden. Klasse Referentiebeeld
Percentage
1 2 3 4 5
10% 30% 50% 70% 90%
< of 1x per 10 jaar 1x per 5 – 10 jaar 1x per 2 – 5 jaar 1x per 1 – 2 jaar 1x per jaar of >
Financieel gevolg Voor de beoordeling van de financiële gevolgen van een risico hanteren we onderstaande klassen met bijbehorende bandbreedtes. Klasse Financieel gevolg 1 2
X < € 20.000 € 20.000 > X < € 50.000 79
Klasse Financieel gevolg 3 4 5
€ 50.000 > X < € 100.000 € 100.000 > X < € 200.000 € 200.000 > X
Indien het risico in klasse 5 valt (en dus groter is dan € 200.000), dient voor dat risico ook het maximale gevolg in euro te worden weergegeven. Wanneer dit bekend is, wordt ook het verwachte gevolg van een risico aangegeven. De hoogte van de bedragen zijn gebaseerd op ervaringscijfers van de hoogte van de risico’s vanaf de oprichting van de BEL-gemeenten. Berekenen risicoscore De risicoscore wordt berekend door de kans score te vermenigvuldigen met de gevolgscore. Hoe hoger de uitkomst, hoe groter het risico. Beheersmaatregelen Beheersing vraagt om een heldere verantwoordelijkheidsverdeling en bewuste keuzes ten aanzien van beheersingsmaatregelen. In beeld brengen beheersingsmaatregelen Het is niet voldoende om de geïdentificeerde risico’s jaarlijks op te sommen. Het is belangrijk dat er iets met de risico’s gebeurt. Voor elk risico wordt aangegeven hoe hiermee wordt omgegaan. Hierbij is het van belang vast te stellen of het risico incidenteel of structureel is. Beheersmaatregelen zijn gericht op het beheersbaar maken van een risico. Veelal gaat dit gepaard met het verlagen van de risicoscore (kans x gevolg). Zowel de verlaging van de kans als het verlagen van het gevolg dragen bij aan de beheersing van het risico.
Weerstandsvermogen Rolverdeling De volgende actoren hebben een rol bij risicomanagement: De gemeenteraad stelt het beleid vast en stelt de paragraaf weerstandsvermogen in de begroting en jaarrekening vast; Het college ziet toe op een juiste uitvoering van risicomanagement en de verantwoording daarover; Het management en het ambtelijk apparaat van de gemeente zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van het risicomanagement waarbij het identificeren van de risico's en het uitvoeren van beheersmaatregelen de kern vormt. Om het weerstandsvermogen in relatie tot de risico's te kunnen beoordelen is een ratio weerstandsvermogen gedefinieerd: Ratio weerstandsvermogen =
Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit
De ratio kan ingedeeld worden volgens onderstaande waarderingstabel. Waarderingscijfer
Ratio weerstandsvermogen
Betekenis
A B
≥ 2,0 1,4 ≤ x < 2,0
Uitstekend Ruim voldoende 80
Waarderingscijfer
Ratio weerstandsvermogen
Betekenis
C D E
1,0 ≤ x < 1,4 0,8 ≤ x < 1,0 0,6 ≤ x < 0,8
Voldoende Matig Onvoldoende
F
< 0,6
Ruim onvoldoende
De ratio weerstandsvermogen moet tenminste 1,0 (voldoende) zijn. Dat betekent dat de gekwantificeerde risico's gedekt worden door het aanwezige weerstandsvermogen.
81
Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit structurele weerstandscapaciteit en incidentele weerstandscapaciteit. Structurele weerstandscapaciteit De structurele weerstandscapaciteit (in de exploitatie) bestaat uit de volgende onderdelen: Nr Post 1 Onroerende Zaakbelasting (onbenutte belastingcapaciteit) 2 Rioolrechten 3 Afvalstoffenheffing 4 Leges en andere heffingen 5 Onvoorzien Totaal structureel weerstandsvermogen
Bedrag 3.740.664 0 0 0 10.000 3.750.664
Onroerende Zaakbelasting (OZB) De onbenutte belastingcapaciteit zijn de extra structurele middelen die gegenereerd kunnen worden door de OZB te verhogen. De theoretisch onbenutte belastingcapaciteit wordt berekend door de maximale belastingtarieven te vergelijken met de belastingtarieven in de gemeente. Voor de maximale belastingtarieven wordt gebruik gemaakt van de normen voor het zogenaamde artikel 12beleid. Een gemeente met een artikel 12-status is een Nederlandse gemeente die onder financiële curatele is gesteld door het Rijk vanwege een structureel slechte financiële situatie. Deze gemeenten moeten hun tarieven verhogen tot een “redelijk peil eigen heffingen”, willen zij in aanmerking kunnen komen voor rijkssteun. De actuele normen voor dit artikel 12-beleid staan in de circulaire Gemeentefonds. Voor het jaar 2025 is dit percentage berekend op 0,1595%. Categorie Eigenaren woning
Redelijk peil Opbrengst Onbenutte Tarieven (artikel 12) 2025 belastingcapaciteit 0,1595 0,0942 4.838.438 3.357.775
Eigenaren niet-woningen
0,1595
0,0942
721.396
500.634
Gebruikers niet-woningen Totaal
0,1595
0,2355
364.993
-117.746 3.740.664
Het verschil van de tarieven in de begroting 2024 en het rekentarief voor 2025 geeft voor 2025 een onbenutte capaciteit van circa 3,7 miljoen euro. Theoretisch biedt dit ruimte voor een eventuele tariefsverhoging. De onbenutte belastingcapaciteit zijn de extra structurele middelen die gegenereerd kunnen worden door de OZB te verhogen. Rioolrechten De rioolrechten zijn maximaal 100% kostendekkend. Eventuele tekorten bij de realisatie worden verrekend met de hiervoor ingestelde reserve en overschotten worden gedoteerd in de betreffende voorziening.
82
Afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing is maximaal 100% kostendekkend. Eventuele overschotten en tekorten bij realisatie worden verrekend met de hiervoor ingestelde voorziening. Leges en andere heffingen De tarieven voor de publieksleges zijn maximaal 100% kostendekkend. Onvoorzien In de begroting is een post onvoorzien voor incidentele uitgaven ad € 10.000,- opgenomen. Er mag alleen van de post onvoorzien gebruik gemaakt worden als er sprake is van de drie O’s: Onvoorzien; Onvermijdelijk; Onuitstelbaar.
Incidentele weerstandscapaciteit De incidentele weerstandscapaciteit is het bedrag wat in de reservepositie vrij aanwendbaar is.
Nr. Reserve 1 Algemene reserve 2 Bestemmingsreserves (niet geoormerkt) Totaal reserves 3 Stille reserves Totaal incidenteel weerstandsvermogen
1.
€ 9.656.174 €0 € 9.656.174 € 15.048.797 € 24.704.971
Algemene reserve
Deze reserve is bedoeld voor het opvangen van onvoorziene uitgaven voortvloeiende uit: opkomende verplichtingen, calamiteiten en het opvangen van rekeningtekorten. Over de algemene reserve mag géén rente meer worden toegerekend vanaf 2017 cf. nieuwe Wet en regelgeving vanuit het BBV. Derhalve kan de totale algemene reserve toegerekend worden aan de weerstandcapaciteit. 2.
Vrij besteedbare deel van de bestemmingsreserves
De bestemmingsreserves nemen een bijzondere plaats in de begroting in. De raad heeft de bestemming van deze reserves vastgelegd. In die zin kunnen de saldi niet zondermeer bij het beschikbare weerstandsvermogen worden opgeteld. Anderzijds is de raad bevoegd om de bestemming van reserves te wijzigen. Bij grote calamiteiten, waarbij het vrij aanwendbare deel van de algemene reserve niet toereikend is, kan de raad besluiten ook bestemmingsreserves anders in te zetten. Voor de berekening van het weerstandsvermogen wordt voorgesteld alleen reserves mee te nemen die niet beklemd of geoormerkt zijn. Op basis van de nu bekende gegevens alsmede de beslaglegging vanuit het traject decentralisaties Sociaal Domein vanuit de Rijksoverheid zijn er geen toe te rekenen bestemmingsreserves meer aan te wenden.
83
3. Stille reserves De stille reserves bestaan uit een aantal onroerende zaken die (voor een groot deel) zijn afgeschreven. Per object wordt de WOZ-waarde (peildatum 1 januari 2024) vermeld, eventueel gecorrigeerd met aanwezige boekwaarde(n), of op basis van een eventueel bekend zijnde extra gegeven, namelijk de economische huurwaarde. De laagste van deze waarden wordt in de staat van de stille reserves verwerkt. Deze is op basis van een onderzoek naar de bezittingen van de gemeente Laren verhoogd (jaarrekening 2023).
Risico's De gemeente probeert haar doelstellingen te bereiken maar hierbij kunnen zich risico’s voordoen die er voor kunnen zorgen dat het behalen van die doelstellingen negatief wordt beïnvloed. Voor een groot aantal geïdentificeerde risico’s zijn maatregelen getroffen om de kans en/of het gevolg te verminderen. Voor een aantal risico’s is dit om verschillende redenen (bewust) niet gedaan of kunnen de beheersmaatregelen niet geheel effectief zijn (voor de kans en/of het gevolg): dit zijn de zogenaamde restrisico’s. 84
Restrisico’s De risico’s relevant voor de bepaling van het weerstandsvermogen zijn die risico’s die niet zijn of konden worden ondervangen met beheersmaatregelen (zogenaamde restrisico’s). Er heeft een gemeentebrede risico- inventarisatie plaatsgevonden. De ‘gevonden’ restrisico’s zijn vervolgens voor zover mogelijk gekwantificeerd. Voor de weging van de risico's hanteren wij de volgende tabel: Klasse 1 2 3 4 5
Referentiebeeld < of 1x per 10 jaar 1x per 5 - 10 jaar 1x per 2 - 5 jaar 1x per 1 - 2 jaar 1x per jaar of >
Percentage 10% 30% 50% 70% 90%
Klasse 1 2 3 4 5
Financieel gevolg X < € 20.000 € 20.000 > X < € 50.000 € 50.000 > X < € 100.000 € 100.000 > X < € 200.000 € 200.000 > X
Hierbij is onderscheid gemaakt in structurele financiële gevolgen en incidentele financiële gevolgen. Als het nodig is, kan van dit model worden afgeweken voor zover en als een bepaald risico de maximaal in dit model bereikbare waarde van € 200.000 overstijgt. Dit wordt separaat bij het benoemde risico aangegeven. Gezien de risico’s, die zijn benoemd, alsmede de te verwachten omvang van deze risico's, afgezet tegen de omvang van de reguliere begroting, is niet waarschijnlijk dat een dergelijk risico zich kan voordoen. Bij de inventarisatie van de risico’s zijn 18 risico’s geïdentificeerd waarbij een inschatting is gemaakt van de mate van de kans dat het daadwerkelijk op zal gaan treden. Hieronder worden alle risico’s met een geschat financieel effect van € 20.000 of meer genoemd en toegelicht die tot het moment van aanbieden van de begroting bekend zijn.
Risico
Omschrijving risico
Beheersmaatregel
Risico -score
Financieel effect in € Structureel
Incidenteel
Programma 1 Besturen en diensten verlenen in Laren
Wachtgeld wethouders
Wethouders tot 65 jaar hebben na beëindiging van het wethouderschap recht op wachtgeld. Risico doet zich m.n. voor op moment van eventuele ziekte, collegecrisis en bij het einde van de raadsperiode 2022-2026
85
Voorziening wachtgelden.
3*3 50.000
Te weinig invloed als kleine gemeente op rekening en begroting / plannen van gemeenschappelijke regelingen
Overschrijding kosten als gevolg van ontwikkelingen bij de werkorganisatie.
Rampen
Doordat Laren slechts een beperkt stemrecht heeft, kan zij majeure ontwikkelingen niet tegenhouden. Hierbij is het van belang dat Laren zich sterk blijft profileren in de verschillende Algemene en Dagelijkse Besturen (AB en DB).
De deelnemende gemeenten zijn verplicht om eventuele tekorten bij de BEL Combinatie af te dekken. Veelal zal dit betrekking hebben op hogere inhuur dan begroot of mobiliteitskwesties.
Risico dat op grondgebied van Laren zich een ramp voordoet
Tijdig reageren op begrotingen van gemeenschappeli jke regelingen door gezamenlijk optreden van de Gooise gemeenten. Waar mogelijk gezamenlijk optreden met andere kleine partijen. Extra aandacht voor relatief nieuwe GR-en en wijzigingen, m.n. qua bijdrage en stemrecht. Investeren in P&C cyclus BEL combinatie.
5*5
200.000
300.000
2*5
€ 300.000
Monitoren dat risico’s binnen de BEL worden opgepakt en opgelost. Verzekeringen en adequate crisisbeheersingsorganisatie, waardoor we gevolgen kunnen beperken.
1*5
20.000
Programma 5 Meedoen in Laren
Decentralisatie Jeugdzorg, AWBZ, Regeling onderkant arbeidsmarkt
Op veel gebieden laten deze voorzieningen nog een stijgende trend zien. Tekort 2019 bedroeg circa € 700.000,=. De prognose voor 2022 geeft daarboven nog een toename van circa € 200.000,=. Daarvan is
86
Van het totaal netto-budget ad circa 7,55 miljoen lasten, zoals opgenomen in de begroting 2023, wordt een risico gezien van circa 230; zijnde een bedrag van maximaal € 1.750.000,-
3*5
850.000
1.750.000
Open-einde regelingen
Sociaal Domein Invoering nieuw woonplaatsbe ginse l
Sociaal Domein Niet behalen van de lokale besparingsma atreg elen op sociaal domein.
Sociaal Domein Complexe verblijfszor g sociaal domein.
Adequate monitoring ontwikkeling aanvragen.
Vanuit de economische situatie is in het recente verleden het aantal aanvragen op diverse verstrekkingen toegenomen.
Monitoren of het ministerie SZW de regeling voor het eigen risico niet verder gaat wijzigen.
5*5
Met ingang van 1 januari 2022 is het nieuwe woonplaatsbeginsel jeugdigen van toepassing. Gezien het feit dat nog niet alle gemeenten klaar zijn met inventarisatie van de verplaatsingen, is nog niet geheel in te schatten wat de financiële gevolgen zullen zijn.
Monitoren of de algemene uitkering dekkend is en blijft.
1*5
€ 10.000
In het voorjaar 2021 zijn de lokale bezuinigingsmaatregelen gepresenteerd aan de Raad. Deze maatregelen zijn voortvarend ter hand genomen en een aantal resultaten zijn al zichtbaar. Op een aantal onderdelen dient nog nader onderzoek plaats te vinden. Dat maakt dat er nog geen volledige zekerheid is over de realisatie van het totale bezuinigingspakket.
Periodiek monitoren van de maatregelen en de bijbehorende besparingen.
1*4
20.000
Door kleine gemeenten zijn hoge lasten van complexe en/of dure verblijfszorg niet te dragen. Er wordt voor een aantal zorgvragen onderzoek gedaan of deze naar een andere zorgvorm kunnen worden overgezet. Het is nu nog
Bewaken of de aanvraag wordt gehonoreerd en monitoren zorgkosten
5*4
140.000
87
180.000
niet in te schatten of dit gaat lukken.
Kwijtschelding m.b.t. gemeentelijke belastingen
Wmo verstrekkingen
Door de economische crisis (mede door Corona-pandemie) kan het beroep op kwijtschelding toenemen. Dit risico is gelet op de huidige economische situatie onduidelijkheid rondom werkloosheid wellicht aan het toenemen. De Wmo verstrekkingen betreffen een open einde regeling. De verstrekking van huishoudelijke hulp, vervoermiddelen, rolstoelen, woonvoorziening worden jaarlijks geraamd op basis van de uitgaven van achterliggende jaren. In enig jaar kunnen de lasten echter de begrote bedragen overschrijden, zonder dat de gemeente dit kan beïnvloeden.
Goede inschatting aantal kwijtscheldingen.
5*4
90.000
4*4
140.000
Inzetten op verdere vraaggestuurde gesprekken met de klant waarbij de kracht van de omgeving optimaal benut wordt. Adequate monitoring ontwikkeling van de aanvragen en afgegeven beschikkingen. Monitoren en evt. aanpassen begroting o.b.v. berichtgeving over “Eigen bijdragen”.
88
Programma 3 Duurzaam en prettig wonen in Laren
Planschade
Bodemverontreiniging
Ontwikkeling Crailo noord/zuid
Het risico van planschade is momenteel beperkt. Vooraf wordt op basis van een inschatting bepaald wat de eventueel mogelijke planschade zou kunnen zijn. Deze schade dient verdisconteerd te worden in bijv. de aankoopprijs van de grond door derden. Planschade kan daardoor een financiële risicofactor blijven..
Bij herontwikkeling van “binnenstedelijke locaties” is er kans op het aantreffen van bodemverontreiniging. Daarnaast geeft het stroomgebied van de Gooiergracht extra risico’s. In het buitengebied /bos- wordt de gemeente soms geconfronteerd met illegale stort van gevaarlijke stoffen. De niet te verhalen kosten komen dan voor rekening van de gemeente. Door gemeenten Hilversum, Gooise Meren en Laren (10% aandeel) zijn de genoemde locaties van de provincie Noord Holland overgenomen om deze te ontwikkelen. De koopsom heeft circa 33 miljoen (te betalen over 12 jaar), bedragen. Gronden zijn in 2020 door-geleverd aan GEM Crailo B.V. onder gelijke betaalcondities.
Voor ieder particulier initiatief zal een anterieure overeenkomst worden afgesloten waarin in ieder geval de kosten voor eventuele planschade zijn opgenomen voor rekening van de initiatiefnemer. 1*3
50.000
Voor elke wijziging van een bestemmingsplan moet een inschatting van mogelijke planschade opgenomen worden. Deze inschatting van schade zal in de aankoopprijs van de grond opgenomen moeten worden.
Bodembeleid en bodemkwaliteit kaart moeten up-to-date zijn. Afstemming met betrokkenen over de afhandeling van de verontreiniging van de gronden en Gooiergracht vanuit de GR GVE. Door waterschap wordt verontreiniging ter hand genomen. Er wordt onderzoek gedaan naar stroomgebied Gooiergracht.
Inrichten goed projectmanagement binnen GEM Crailo B.V. Strakke ontwikkel- en verkoopplanning opstellen. Regelmatig beoordelen jaarplannen / GREX.
89
1*4
20.00 0
20.000
PM zie toelichting separaat **
Programma 6 Algemene inkomsten en uitgaven van Laren
Garanties Sociale woningbouw
Algemene Uitkering uit gemeentefonds
Aansprakelijkheid
Na de overdracht van het gemeentelijk woningbedrijf aan de plaatselijke woningbouwverenigingen zijn ook leningen onder dit woningbezit overgenomen door de WbV’s. Deze leningen heeft de gemeente Laren voor 100% als 2e achtervang geborgd. Het betreft, inclusief nieuw aangegane waarborgen een bedrag van circa € 22,71 mln.
De exacte hoogte van de algemene uitkering (AU) wordt pas na afsluiten van het rekeningjaar bekend. Dit houdt in dat wij altijd met ramingen moeten werken, hetgeen inherent een risico inhoudt. Zelfs tussen opeenvolgende officiële bekendmakingen doen zich grote fluctuaties voor. Het bestuur wordt aansprakelijk gesteld voor schade die ontstaat ten gevolge van nalatigheid in de uitvoering van haar publieke taak. Dit kan op verschillende terreinen zich voordoen.
Monitoring van financiële ontwikkelingen aan de hand van jaarrekening en begroting. Risico is als klein aan te merken, 1e achtervang is bij Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) met een omvangrijk vermogen.
50.000 1*3
Bewaking en actualisatie van de parameters die de hoogte van de algemene uitkering bepalen. Berichtgeving uit Den Haag over de ontwikkelingen rond het gemeentefonds nauwlettend volgen.
5*4 140.00 0
Proberen invloed te krijgen op het beleid Den Haag (Rijk) inzake AU, door continue vraag aandacht voor penibele financiële situatie gemeenten. Goede bedrijfsvoering en goede inspectie. Mediation. 1*5 Goede communicatie met de inwoners aan de voorkant. Aansprakelijkheidsverzekering.
90
20.000
Belastingen
Bij de toepassing van de belastingwetgeving (BTW, BCF, Loonheffing (met name WKR) etc.) kunnen verschillen van inzicht en/of interpretatie ontstaan, of kunnen de regels onjuist worden toegepast. Dit kan leiden tot een naheffing van de zijde van de fiscus. Gelet op de steeds wijzigende regels, is het mogelijk dat de gemeente een naheffing krijgt opgelegd (incl. boete)
Afdoende afspraken om de fiscale wetgeving up to date te houden door P&C en P&O. Waar nodig worden specialisten ingehuurd voor specifieke projecten (b.v. grexen, grote subsidies).
2*5
100.000 100.000
Afstemmen met belastingdienst over t.z.t. eventueel regelen van “horizontaal toezicht” o.b.v. met de fiscus te maken afspraken.
Totaal risico's
2.020.000
2.510.000
** Crailo B.V. De gemeente Laren heeft samen met de gemeenten Gooise Meren en Hilversum de gebiedsontwikkeling Crailo met een waarde van grofweg 75 mln. ter hand genomen (lasten plusminus 75 mln., baten iets hoger en hiermee een te verwachten klein winstgevend resultaat). De gemeente Laren is voor 10% aandeelhouder in de uitvoerende besloten vennootschap GEM Crailo B.V.. De gronden en opstallen in het plangebied zijn vanaf 1 januari 2021 in eigendom van de GEM Crailo B.V. De gemeente Laren staat voor 10% (2 mln.) borg voor de door GEM Crailo B.V. bij de BNG aangetrokken kredietfaciliteit.
Risico’s Strikt genomen beperkt het Larense risico zich tot de deelneming in de BV (10%, i.c. 2 mln). Het risico van deze deelneming hangt nauw samen met (het resultaat van) de intergemeentelijke grondexploitatie, de daarin opgenomen risico- en gevoeligheidsanalyse en de door GEM Crailo B.V. ter zake genomen en de beheersmaatregelen incl. de inrichting van de governance structuur: A.
B.
C.
De op 23 januari 2019 door de Algemene Vergadering (van aandeelhouders) als onderdeel van het Jaarplan 2019 vastgestelde geactualiseerde grondexploitatie kent een winstgevende eindwaarde per 31 december 2029 van 1,85 miljoen en een winstgevende contante waarde per 1 januari 2019 van 1,49 miljoen welke nog steeds wordt berekend onder inzet van bijgestelde risico-analyse. In de intergemeentelijke grondexploitatie is een risico- en gevoeligheidsanalyse opgenomen. Op de risico’s (kansen en bedreigingen) is een zogenaamde Monte-Carlo analyse toegepast, waarin aan elk risico een bandbreedte en een kansverdeling is toegekend. De Monte-Carlo analyse is daarmee een integrale simulatie van alle benoemde kansen en bedreigingen. GEM Crailo B.V. beschikt niet over een eigen weerstandsvermogen ter dekking van financiële consequenties van zich manifesterende risico’s. In 2020 is hier aan toegevoegd op verzoek van de gemeenten de “Risman- methodiek” waarmee de risico-analyse verder verdiept is. De verbeterde uitvoering va de risicoberekening blijft voorzien in een positief resultaat van de GREX. De governance-structuur van Gem Crailo B.V. lijkt in overeenstemming met de fase, waarin de operationalisering van GEM Crailo B.V. en planontwikkeling en –uitvoering op 1 januari 2022 verkeren
91
Naast de genoemde risico’s zijn er de volgende kanttekeningen: A. (Fiscale) grondrouting Rekening houdend met de op grond van het nog vast te stellen bestemmingsplan uitgeefbare (rode) gronden en niet uitgeefbare gronden (grijs voor wegen en pleinen etc. en blauw/groen voor plantsoenen en waterpartijen etc.) zijn vele scenario’s denkbaar met betrekking tot de grondrouting. Er is immers sprake van 3 fiscale regimes (BTW, BTW- compensatiefonds en Overdrachtsbelasting) en van diverse partijen (Provincie, gemeenten, GEM Crailo B.V., projectontwikkelaar en eindafnemer/belegger). GEM Crailo B.V. heeft nader overleg gepleegd met de belastingdienst. Dit overleg heeft geleid tot een “ruling” met de Belastingdienst.. B. Beheer gemeentelijke gronden Voor het beheer en onderhoud van de gemeentelijke gronden heeft GEM Crailo B.V. in 2019 een beheersovereenkomst opgesteld. Deze overeenkomst dient zowel rekening te houden met de mogelijke risico’s (fiscaal, juridisch, verzekeringstechnisch etc.) als met de mogelijke lasten en baten die daaruit voortvloeien. Deze lasten en baten van beheer en onderhoud zijn overigens voorzien in de intergemeentelijke grondexploitatie. De risico’s (en beheersmaatregelen) kunnen op basis van het door GEM Crailo B.V. beschikbaar gestelde materiaal niet nader gekwantificeerd worden in termen van kans maal impact.
Om deze reden vermelden wij het totale risico van de deelneming in GEM Crailo B.V. als PM. Confrontatie risico's met weerstandsvermogen In het volgende overzicht worden de hierboven genoemde risico's in verband gebracht met het beschikbare weerstandsvermogen
A Geïnventariseerde risico’s B Beschikbare weerstandscapaciteit C= B- A
Structureel Incidenteel 2,5 mln. 2 mln. 3,75 mln 24,7 mln. +/+ 1,25 +/+ 22,7
De weerstandsratio kan met betrekking tot de incidentele posten als volgt worden berekend: 24,7 miljoen = 12,35 2 miljoen De norm is vastgesteld op groter dan 2. De feitelijke uitkomst is daarmee ruimschoots boven de norm. =
Ratio weerstandsvermogen =
Financiële kengetallen Gemeenten zijn verplicht om financiële kengetallen op te nemen in de begroting. Hieronder staan de kengetallen die voor de gemeente Laren van toepassing zijn.
92
Toelichting Financiële kengetallen Een afzonderlijk kengetal zegt weinig over hoe de financiële positie moet worden beoordeeld. Zo hoeft een hoge schuld geen nadelig effect te hebben op de financiële positie, maar is dat afhankelijk of en wat er aan eigen vermogen en baten tegenover die schuld staat en hoe groot de kans is dat de schuld weer wordt afgelost. Het is dus, met andere woorden, niet mogelijk om een individueel kengetal te gebruiken voor de beoordeling van de financiële positie. De kengetallen zullen altijd in samenhang moeten worden bezien, omdat ze alleen gezamenlijk en in hun onderlinge verhouding een goed beeld kunnen geven van de financiële positie van de gemeente. Netto schuldquote De netto schuldquote is de verhouding van de netto schuld ten opzichte van de totale baten (exclusief mutatie reserves). In het algemeen ligt de netto schuldquote van een gemeente tussen de 0% en 90%. Een netto schuldquote van tussen de 100% en 130% is hoog en wanneer de netto schuldquote boven de 130% uitkomt, bevindt een gemeente zich in de gevarenzone. Voor de gemeente Laren bedraagt de netto schuldquote in 2025 ruimschoots onder de 90%, waarmee geen sprake is van een risico op de korte termijn.